CConstaterende datBernheze
Koppel je AI →
Document · PDF

Segment 00009 of Bijlage 4 Toelichting inclusief bijlagen bij Herstelbesluit bestemmingsplan Heesch West

Raadsvergadering 8 mei 2025, gemeente BernhezeBij agendapunt: Herstelbesluit bestemmingsplannen Heesch West *35.600 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Ja

B19

EVA, Tauw, kenmerk: R0034585144, d.d. 6 januari 2009.

Dossier is vernietigd door Gemeente Bernheze. Betreft evaluatierapport m.b.t. gronddepot A59.

Nee

B20

MF, Tauw, kenmerk: 4585144, d.d. 29 januari 2009.

Dossier is vernietigd door Gemeente Bernheze. Betreft meldingsformulier saneringsverslag m.b.t. gronddepot A59.

Nee

B21

VO, RMB, kenmerk: 75021098, d.d. 2 februari 2009.

Locatie: Voorste Groes 12 Grond bevat geen verhoogde gehalten (<AW). Het grondwater bevat maximaal licht verhoogde concentraties.

Nee

B22

VO, RMB, kenmerk: 75021099, d.d. 6 februari 2009.

Locatie: Voorste Groes 20 Aanleiding is voorgenomen aankoop door de gemeente. Een tweetal boringen (1A en 1B) bevat zwak tot matig puinhoudende grond in het traject 0,5 – 1,0 m –mv. Bij de overige boringen zijn geen bijzonderheden waargenomen. In de grond zijn geen verhoogde gehalten waargenomen. Het grondwater bevat licht verhoogde concentraties aan chroom en koper. Er is geen onderzoek op asbest uitgevoerd naar aanleiding van de bijmengingen met puin.

Ja

B23

VO, RMB, kenmerk: 75021130, d.d. 20 juli 2009.

Locatie: Zoggelsestraat 122 Aanleiding voorgenomen aankoop van de onderzoekslocatie door de gemeente in het kader van ontwikkeling plangebied Heesch West, deel Groene Bufferzone. Ter plaatse van aanwezige halfverharding is puin aangetroffen. Analytisch is de bovengrond licht verontreinigd met cadmium, lood, zink, PAK en minerale olie en de ondergrond plaatselijk licht verontreinigd met PCB’s. Het grondwater ter plaatse van de voormalige sheds van de nertsenfarm is sterk verontreinigd met zink en licht verontreinigd met arseen, cadmium, chroom en 1,2-dichloorethenen. Inzake zink is vermoedelijk sprake van natuurlijk verhoogde waarde en is vervolgonderzoek niet zinvol geacht. Het puin is niet onderzocht op asbest.

Ja

B24

NO, RMB, kenmerk: 75021291, d.d. 15 april 2011.

Betreft nader onderzoek naar de aanwezigheid van asbest. Aanleiding is rapport zoals beschreven in B16. Op het oostelijke terreindeel (RE7) is asbest bóven de restconcentratienorm aangetroffen. Het betreft een verontreiniging met een omvang van circa 180 m3. In RE8 en RE5 welke grenzen aan RE7 op het zuidelijke terreindeel is géén asbest aangetroffen. In de andere RE’s is wel asbest aangetroffen maar niet boven de restconcentratienorm. Formeel hoeven deze niet gesaneerd te worden,

Ja

Blad 20 van 28

Rapport historisch onderzoek Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 419174 11 februari 2019 revisie 00

Tabel 2.1: Voorgaande bodemonderzoeken (in bijlagen 4 en 5 zijn de onderzoekscontouren weergegeven van de rapporten die zijn ingezien) Nummer

Rapport titel

Resultaten

Vervolg

maar in het kader van de herontwikkeling van het terrein is aangeraden om de aangetroffen asbesthoudende materialen in de bodem af te graven en ter plaatse te zeven. Vermoedelijk kan de uitgezeefde zandfractie na keuring worden hergebruikt. De sanering is niet spoedeisendheid, omdat het gebied is afgedekt met klinkers. B25

VO, RMB, kenmerk: 75021366, d.d. 20 april 2012.

De aanleiding is de aankoop van de onderzoekslocatie door gemeenten Bernheze en Maasdonk, ten behoeve van de toekomstige ontwikkeling industrieterrein Waalbos. Het betreft de kadastrale percelen: gemeente Geffen, sectie E, nummers 57 en 283 + gemeente Heesch, sectie F, nummers 710 en 711. Zeer lokaal (1 boring) zijn zintuiglijk sporen baksteen aangetroffen. De bovengrond is maximaal licht verontreinigd met PCB’s en lood. In de ondergrond zijn geen verhoogde gehalten waargenomen. Het grondwater is licht verontreinigd met diverse zware metalen en plaatselijk matig tot sterk verontreinigd met nikkel.

Nee

B26

VO, Van Oort Bodemonderzoek BV, kenmerk: RAK.342012, d.d. 1 juni 2012.

Locatie: percelen gemeente Heesch, sectie F, nummers 383 en 385 (Zoggelsestraat ong.) De aanleiding is de ontwikkeling van het regionale bedrijventerrein Heesch-West. Zintuiglijk zijn geen bijzonderheden waargenomen. De bovengrond is licht verontreinigd met PCB’s en in de ondergrond zijn geen verhoogde gehalten gemeten. In het grondwater zijn een matig verhoogd concentratie aan nikkel en licht verhoogde concentraties aan arseen, barium, chroom en koper aangetoond (is gebleken uit aanvullend grondwateronderzoek met kenmerk RAK.342012A).

Nee

B27

VO, RMB, kenmerk: 75021374, d.d. 11 juni 2012.

De aanleiding is de aankoop van de onderzoekslocatie door de Gemeente Bernheze ten behoeve van toekomstige woningbouw. Betreft perceel kadastraal bekend als gemeente Heesch, sectie F, nummer 713. Zeer lokaal zijn sporen baksteen aangetroffen. De grond bevat geen verhoogde gehalten. Het grondwater bevat licht verhoogde concentraties aan diverse zware metalen.

Nee

B28

ASB, NIPA, kenmerk: 13306, d.d. 30 november 2012.

Locatie Zoggelsestraat 120 De aanleiding is de voorgenomen transactie. Ter plaatse van een puinpad is geen asbest aanwezig gebleken. Ter plaatse van de open hooischuur zijn op een oppervlakte van circa 45 m2 een vijftiental stukjes asbestverdacht materiaal op het maaiveld aangetroffen. Hierin is 52,5 mg/kg d.s. aan asbest analytisch waargenomen. Dit is verwijderd van de locatie (ten behoeve van de analyses). Achter de schuur is een stapel asbestplaten aangetroffen. Deze dienen te worden verwijderd (onbekend of dit inmiddels is gebeurd). Formeel is geen sprake van asbestverontreiniging.

Nee

B29

VO, Van Oort Bodemonderzoek BV, kenmerk: ZOG.344912, d.d. 3 december 2012.

Locatie: Zoggelsestraat 120 Aanleiding is de voorgenomen transactie van het perceel. Reden voor de aankoop is de voorgenomen ontwikkeling van bedrijventerrein Heesch-West. Zintuiglijk zijn geen bijzonderheden waargenomen. Analytisch zijn maximaal licht verhoogd gehalten aan minerale olie en PCB’s in de bovengrond aangetoond. De ondergrond bevat geen verhoogde gehalten aan de geanalyseerde parameters. In het grondwater zijn licht verhoogde concentraties aan diverse zware metalen waargenomen.

Nee

B30

VO, RMB, kenmerk: 75021393, d.d. 11 maart 2013.

Locatie: Raktstraat (kadastraal bekend gemeente Heesch, sectie F, nummer 3666) Aanleiding wordt gevormd door de voorgenomen aankoop van het perceel. Zintuiglijk en analytisch zijn in de grond geen bijzonderheden waargenomen. Het grondwater bevat licht verhoogde concentraties aan barium, molybdeen en naftaleen.

Nee

B31

ASB, Nipa Milieutechniek bv, kenmerk: 13622, d.d. 2 juli 2013.

Locatie: Bosschebaan 108 Aanleiding is het aangetroffen asbestverdachte materiaal tijdens sloop ter plaatse van het perceel. Op het maaiveld is sporadisch asbesthouden materiaal aangetroffen. In de (tijdens het uitgevoerde onderzoek) actuele contactzone is maximaal 31,86 mg/kg d.s. asbest aangetroffen. Op basis hiervan is er geen saneringsverplichting. Tevens is op het perceel een gronddepot aanwezig gebleken.

Nee (indien depot is verwijderd)

Blad 21 van 28

Rapport historisch onderzoek Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 419174 11 februari 2019 revisie 00

Tabel 2.1: Voorgaande bodemonderzoeken (in bijlagen 4 en 5 zijn de onderzoekscontouren weergegeven van de rapporten die zijn ingezien) Nummer

Rapport titel

Resultaten

Vervolg

Hierbij is vastgesteld (op basis van de hoeveelheid aanwezige asbestplaten en visuele inspectie) dat hier de restconcentratienorm van 100 mg/kg d.s. wordt overschreden. Het gronddepot dient dan ook naar een erkende verwerker te worden afgevoerd. B32

VO, Verhoeven Milieutechniek B.V., kenmerk: B14.5614, d.d. 6 maart 2014.

Zie DB44

B33

NUL, RSK-EMN, kenmerk: 512537.001, d.d. 11 november 2014

Locatie: Shell station ‘Hanenberg’ Rijksweg A59 Betreft nulsituatieonderzoek ter hoogte van het nieuw te plaatsen opslag- en afleveringspunt voor Ad-Blue. Er is een peilbuis geplaatst. Uit de analyseresultaten blijkt dat in de grond geen verhoogd gehalte aan ammonium is aangetoond. In het grondwater is geen ureum en/of ammonium aangetoond.

Toelichting bij de tabel: HO = Historisch onderzoek VO = Verkennend onderzoek OO = Oriënterend onderzoek IO = Indicatief onderzoek AO= Aanvullend onderzoek

NO = Nader onderzoek ASB = Asbestonderzoek SP = Saneringsplan SE = Saneringsevaluatie

EVA = Evaluatie MF = Meldingsformulier BSB = Bodemsanering Bedrijfsterreinen

DB = Den Bosch en locatienummer B = Bernheze en locatienummer

Milieugegevens na 2012 Bij beide gemeenten is nagevraagd of er nog milieugegevens bekend zijn van na 2012 met betrekking tot aanwezige tanks, dempingen, ophopingen en eventueel plaatsgevonden calamiteiten ter plaatse van de onderzoekslocatie. Op maandag 3 september heeft mevrouw J. van Gaal van de gemeente Bernheze gereageerd dat er binnen het archief van de gemeente geen gegevens bekend zijn. Op basis van informatie van de heer H. Tuinhof van de gemeente ’s-Hertogenbosch is gebleken dat geen aanvullende gegevens met betrekking tot aanwezige tanks, dempingen, ophogingen, etc. bekend zijn. Bodemkwaliteitskaart (BKK) en bodemfunctiekaart Uit de bodemkwaliteitskaart regio Noordoost Brabant blijkt dat zowel de bovengrond als de ondergrond voldoet aan kwaliteitsklasse Landbouw en Natuur (AW2000). Het gebied heeft op de bodemfunctiekaart van de regio noordoost Brabant de functieklasse Industrie.

2.6

Locatiebezoek Op 12 september is er door ons bureau een locatiebezoek uitgevoerd. Tijdens het bezoek zijn er foto’s genomen. Deze foto’s zijn te vinden in bijlage 6. Tijdens het locatiebezoek is gebleken dat er op een aantal plaatsen sprake is van verdachte locaties. Op een aantal erven zijn daken en/of puinpaden waargenomen die mogelijk als asbestverdacht dienen te worden beschouwd. Specifiek betreft het de locaties waar de volgende foto’s zijn genomen:  Foto 4: dak paardenstal / schuurtje Koksteeg nr. 4  Foto 11: puinpad Koksteeg nr. 10  Foto 24: dakbedekking loods, Koksteeg / Zoggelstestraat nr. 25  Foto 27: puinpad Zoggelsestraat nr. 122  Foto 28 en 30: dakbedekking schuur Zoggelsestraat nr. 120  Foto 37: asbestverontreiniging Bosschebaan 53

Blad 22 van 28

nee

Rapport historisch onderzoek Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 419174 11 februari 2019 revisie 00

In meer en mindere mate zijn dergelijke verdachtmakingen ook waargenomen op andere percelen, maar was het niet mogelijk om dit visueel duidelijk vast te leggen middels foto’s. De bevindingen stroken met de eerdere waarnemingen zoals gedaan in het genoemde rapport van Van Vleuten waar tevens een locatiebezoek is uitgevoerd.

2.7

Geohydrologie Als basis van de geohydrologische beschrijving is gebruik gemaakt van eerdere onderzoeken die zijn uitgevoerd ter plaatse van het plangebied. Nabij het onderzoeksgebied is de Peelrandbreuk gelegen. Voor zowel de oost- als de westzijde van de breuk is de geohydrologische opbouw weergegeven in onderstaande tabellen. Tabel 2.2: Geohydrologische opbouw onderzoeksgebied ten westen van breuklijn Diepte (m NAP)

Grondsoort

Geohydrologie

Formatie

+5 tot -55/-60

Zand, tot -5 m NAP fijn, daarna matig/sterk grof

1e watervoerende pakket

Veghel en Sterksel

-60 tot -110

Zand, fijn kleiïg

Scheidende laag

Kedichem en Tegelen

-110 tot -190

-

2e watervoerende pakket

-

Tabel 2.3: Geohydrologische opbouw onderzoeksgebied ten oosten van breuklijn Diepte (m NAP)

Grondsoort

Geohydrologie

Formatie

+5 tot -40

Zand, tot -5 m NAP fijn, daarna matig/sterk grof

1e watervoerende pakket

Veghel en Sterksel

-40 tot -65

Zand, fijn kleiïg

Scheidende laag

Kedichem en Tegelen

-65 en dieper

-

2e watervoerende pakket

-

Freatisch grondwater Het grondwater stroomt noordwestelijk in de richting van de Maas. Doordat de locatie nabij de Peelrandbreuk is gelegen, is het mogelijk dat lokaal de grondwaterstromingsrichting afwijkt.

2.8

Resultaten vooronderzoek Uit de verzamelde informatie komen geen locaties met een vermoeden van een geval van ernstige bodemverontreinigingen naar voren. Locaties waar in het verleden sterke grondverontreinigingen aanwezig waren, zijn gesaneerd tot onder de interventiewaarde. Op diverse locaties is asbest in de grond aanwezig, waarbij op enkele locaties de restconcentratienorm van 100 mg/kg d.s. wordt overschreden (Bosschebaan 53 en 108, Koksteeg 20). Ter plaatse van het gehele gebied komen licht tot sterk verhoogde concentraties zware metalen in het grondwater voor. Deze zijn veelal te relateren aan lokale, van nature verhoogde achtergrondconcentraties in de regio.

Blad 23 van 28

Rapport historisch onderzoek Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 419174 11 februari 2019 revisie 00

Voor diverse locaties geldt dat vervolg onderzoek noodzakelijk is. De ligging van de te onderzoeken deellocaties is weergegeven op de tekening in bijlage 5. Hierbij is vooralsnog alleen uitgegaan van de locaties waarvan op basis van de resultaten van voorgaand onderzoek een vervolg noodzakelijk is. De locaties die wel zijn onderzocht maar waarvan de resultaten zijn verouderd zijn niet weergegeven op de tekening. Als uitgangspunt wordt een houdbaarheidstermijn van 5 jaar aangehouden. Ook het gebruik van de locatie speelt een belangrijke rol, zo is er een verschil tussen het gebruik als landbouwgrond (onverdacht) of benzine-service-station (verdacht). De beoordeling of een onderzoek is verouderd, is uiteindelijk aan het bevoegd gezag. Te onderzoeken locaties Het meest noordelijke gedeelte van de onderzoekslocatie is grotendeels nog niet onderzocht of zijn de onderzoeken verouderd. Om deze reden wordt geadviseerd om dit gedeelte van de locatie te onderzoeken. Daarnaast zijn er veel gebouwen aanwezig waar asbesthoudende materialen in zijn toegepast. Uit voorgaande onderzoeken is gebleken dat er locaties zijn waar asbest in de grond aanwezig is. Geadviseerd wordt om asbestonderzoek uit te voeren ter plaatsen van de percelen waar nog geen asbestonderzoek is uitgevoerd. Het slooparchief is niet geraadpleegd en informatie omtrent sloopvergunningen is niet opgevraagd.

Ook wordt geadviseerd om ter plaatse van de locaties waar asbest is/wordt aangetoond vervolgonderzoek uit te voren. Uit het grootschalig onderzoek van Van Vleuten blijkt dat ter plaatse van twee dempingen licht tot sterk verhoogde gehalten aan zink, cadmium, koper, lood en nikkel zijn aangetroffen. Vervolgonderzoek werd toen geadviseerd. Uit het historisch onderzoek is gebleken dat sinds 2013 geen bodemonderzoeken bekend zijn over deze twee dempingen. Geadviseerd wordt om alsnog deze locaties nader te onderzoeken.

Blad 24 van 28

Rapport historisch onderzoek Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 419174 11 februari 2019 revisie 00

3

Conclusie Uit het uitgevoerde historisch onderzoek is aan de hand van de NEN 5725 informatie verzameld over de mogelijke aanwezigheid van bodembedreigende activiteiten binnen het plangebied. Uit de bekende bodemonderzoeken volgt dat in de grond over het algemeen maximaal licht verhoogde gehalten aan diverse parameters zijn gemeten. In het grondwater zijn licht tot sterk verhoogde concentraties aan hoofdzakelijk zware metalen gemeten. Vermoedelijk te relateren aan regionaal verhoogde achtergrondwaarden. Op diverse locaties zijn tijdens eerdere onderzoeken asbestverdachte materialen aangetroffen. Analytisch blijkt de grond op een aantal locaties asbesthoudend. In het verleden hebben op drie locaties bodemsaneringen plaatsgevonden. De aangetroffen grondverontreinigingen ter plaatse van het voormalige en huidige benzineservicestation zijn gesaneerd tot onder de streefwaarde. De grondwaterverontreiniging ter plaatse van het voormalig benzinestation is gesaneerd tot gehalten lager dan vijf keer de streefwaarde. De grondverontreiniging met PAK ter plaatse van het voormalig gronddepot (Bosschebaan 104-106) is gesaneerd tot BGW-I waarde. Ter plaatse van het voormalige benzineservicestation en het gronddepot zijn restverontreinigingen aanwezig.

Ter plaatse van het gronddepot betreft het een licht verhoogd gehalte aan PAK waarvan de oorzaak niet eenduidig te relateren is aan het gesaneerde geval van bodemverontreiniging. Op basis van de verzamelde informatie zijn diverse locaties onderscheiden waar (aanvullend) bodemonderzoek noodzakelijk is. Dit betreft locaties die enerzijds nog niet eerder zijn onderzocht en anderzijds locaties waar sprake is van resultaten van voorgaand onderzoek die aanleiding geven voor vervolgwerkzaamheden (onderzoek en/of sanering). In onderstaande tabel staan de locaties beschreven. De locaties staan ook weergegeven in figuur 3.1 en figuur 3.2. Daarnaast wordt geadviseerd om alle percelen met bebouwing waar nog niet voldoende onderzoek naar asbest in bodem is verricht alsnog te onderzoeken op asbest. Tabel 3.1: (verdachte) locaties waarvoor bodemonderzoek geadviseerd wordt Nummer

Locatie

reden

1

Rijksweg 3

Komt als verdachte locatie uit HO Register, niet onderzocht tijdens onderzoek van Van Vleuten

2

Koksteeg 3

Komt als verdachte locatie uit HO Register, niet onderzocht tijdens onderzoek van Van Vleuten

3

Koksteeg 7

Asbest aanwezig, niet duidelijk of het ook onder de bebouwing aanwezig is

4

Koksteeg 8

Laatste onderzoek heeft in 2008 plaats gevonden

5

Koksteeg 10

Asbestgolfplaten aanwezig en puinlaag onder de met grind verharde oprit

6

Koksteeg 12

Laatste onderzoek heeft in 2007 plaats gevonden

7

Koksteeg 14a

Puinsporen aangetroffen, maar niet onderzocht

8

Koksteeg 14

Asbestgolfplaten aanwezig en puinsporen aangetroffen, maar niet onderzocht

Blad 25 van 28

Rapport historisch onderzoek Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 419174 11 februari 2019 revisie 00

Tabel 3.1: (verdachte) locaties waarvoor bodemonderzoek geadviseerd wordt Nummer

Locatie

reden

9

Koksteeg 19

Laatste onderzoek heeft in 2008 plaats gevonden

10

Koksteeg 22-24

Laatste onderzoek heeft in 2008 plaats gevonden

11

Bosschebaan 53

Asbest in grond

12

Bosschebaan 112

Puin aangetroffen, maar nog niet onderzocht

13

Bosschebaan 106

Asbest onderzoek ter plaatse van puinwal

14

Zoggelsestraat 122

Nader bodemonderzoek naar zinkverontreiniging in het grondwater

15

Zoggelsestraat 118

Puin aangetroffen, maar nog niet onderzocht

16

Voorste Groes 20

Er is geen onderzoek op asbest uitgevoerd naar aanleiding van de bijmengingen met puin

Figuur 3.1: Ligging locaties waarvoor bodemonderzoek geadviseerd wordt. Weergegeven zijn locaties die beschreven staan in tabel 3.1 (1 t/m 10), slootdemping ‘g’ en noordelijk gedeelte onderzoekslocatie (gemeente ’s-Hertogenbosch)

Blad 26 van 28

Rapport historisch onderzoek Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 419174 11 februari 2019 revisie 00

Figuur 3.2: Ligging locaties waarvoor bodemonderzoek geadviseerd wordt. Weergegeven zijn locaties die beschreven staan in tabel 3.1 (11 t/m 16), slootdemping ‘m’ en noordelijk gedeelte onderzoekslocatie. (gemeente Bernheze)

Verder wordt geadviseerd om het noordelijke gedeelte van de onderzoekslocatie vanaf afslag 51 ‘Nuland’ aan de westzijde tot afslag 52 ‘Oss’ aan de oostzijde te onderzoeken. Dit gedeelte van de onderzoekslocatie is onvoldoende onderzocht. Daarnaast blijkt uit het rapport van Van Vleuten dat voor dempingen ‘g’ en ‘m’ aanvullend / nader onderzoek noodzakelijk is. Deze onderzoeken hebben voor zover bekend sinds 2013 niet plaatsgevonden. Geadviseerd wordt om deze alsnog te onderzoeken. Oostelijke gedeelte onderzoekslocatie (‘bureauonderzoek uitbreiding bedrijventerrein Vismeerstraat te Heesch’, Antea Group, kenmerk: 434270, d.d. 14 september 2018) Afhankelijk van het gebruik van de locatie worden de resultaten van een bodemonderzoek voor een periode van vijf jaar representatief geacht. Uitgezonderd de onderzoeken op de locaties Middelste Groes 11 en Vismeerstraat ong. zijn de binnen het plangebied uitgevoerde bodemonderzoeken ouder dan 5 jaar. Op basis van de in het voorliggende onderzoek verzamelde informatie zijn er in principe geen belemmeringen voor de voorgenomen bestemmingswijziging. Voor de aanvraag van een omgevingsvergunning voor een bouwinitiatief of de aanleg van een ontsluitingsweg zal te zijner tijd een verkennend bodemonderzoek volgens de NEN 5740 nodig zijn.

Bij het aantreffen van bijmengingen aan puin dient te worden opgeschaald naar een asbestonderzoek volgens NEN 5707. Geadviseerd wordt om met de uitvoering van de geadviseerde bodemonderzoeken rekening te houden met wanneer de werkzaamheden gaan plaats vinden. Zoals eerder genoemd worden de resultaten van een bodemonderzoek voor een periode van vijf jaar representatief geacht voor onverdachte locaties en korter voor verdachte locaties. Het is aan het bevoegd gezag om dat te beoordelen. Daarnaast wordt geadviseerd om ter plaatse van de bebouwing bodemonderzoek te laten uitvoeren na sloop van de bebouwing, aangezien het niet duidelijk is of de bodem onder de huizen verontreinigd is.

Blad 27 van 28

Rapport historisch onderzoek Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 419174 11 februari 2019 revisie 00

Geadviseerd wordt om voorafgaande van de uitvoering van het bodemonderzoek, in overleg met het bevoegd gezag, de uiteindelijke onderzoeksopzet vast te stellen. Voorgenoemde conclusies zijn gebaseerd op het uitgevoerde vooronderzoek.

Antea Group, Oosterhout, februari 2019

Blad 28 van 28

Rapport historisch onderzoek bestemmingsplan regionaal bedrijventerrein Heesch projectnummer 419174

Bijlage 1 Kwaliteitsaspecten van het onderzoek, toegepaste methoden en strategieën en betrouwbaarheid/garanties

Blad 2 van 5

Rapport historisch onderzoek Regionaal bedrijventerrein Heesch West projectnummer 419174

Bijlage 1:

Kwaliteitsaspecten van het onderzoek, toegepaste methoden en strategieën en betrouwbaarheid/garanties Certificatie/accreditatie Antea Group is gecertificeerd volgens NEN-ISO 9001. Ons bureau is lid van de Vereniging Kwaliteitsborging Bodemonderzoek (VKB). De naleving van de kwaliteitseisen en -procedures wordt periodiek getoetst door interne auditors en externe auditors, onder toezicht van de Raad voor Accreditatie. Betrouwbaarheid/garanties De voor het historisch onderzoek geraadpleegde bronnen zijn niet altijd zonder fouten en volledig. Voor het verkrijgen van historische informatie is Antea Group wel afhankelijk van deze bronnen, waardoor Antea Group niet kan instaan voor de juistheid en volledigheid van de verzamelde historische informatie. Het vorenstaande betekent dat Antea Group op voorhand geen aansprakelijkheid accepteert ten aanzien van mogelijke beslissingen die de opdrachtgever naar aanleiding van het door Antea Group uitgevoerde onderzoek neemt. In een voorkomend geval adviseren wij u altijd contact op te nemen met uw aanspreekpunt binnen Antea Group.

Rapport historisch onderzoek bestemmingsplan regionaal bedrijventerrein Heesch projectnummer 419174

Bijlage 2 Rapport ‘Gebiedsgericht historisch onderzoek Heesch-West’, Register, kenmerk: B02037/NA9/1M5/000065a, d.d. 11 november 2009

Blad 4 van 5

GEBIEDSGERICHT HISTORISCH ONDERZOEK HEESCH-WEST

GEMEENTE 'S HERTOGENBOSCH, NAMENS GEMEENTEN MAASDONK, BERNHEZE, OSS EN 'S HERTOGENBOSCH

11 november 2009 B02037/NA9/1M5/000065a 111001.000065

GEBIEDSGERICHT HISTORISCH ONDERZOEK HEESCH-WEST

Inhoud 1 Inleiding____________________________________________________________________ 4 1.1 Aanleiding ______________________________________________________________ 4 1.2 Onderzoeksvraag_________________________________________________________ 4 1.3 Leeswijzer_______________________________________________________________ 4 2 Onderzoeksopzet ___________________________________________________________ 5 2.1 Voorbereidingen _________________________________________________________ 5 2.2 Luchtfoto- en kaartonderzoek ______________________________________________ 5 2.3 Quickscan archeologische waarden__________________________________________ 6 2.4 Archief- en dossieronderzoek_______________________________________________ 6 2.4.1 Bodembedreigende activiteiten _______________________________________ 6 2.4.2 Bodemonderzoeken ________________________________________________ 6 2.5 Locatiebezoek ___________________________________________________________ 6 2.6 Rapportage _____________________________________________________________ 6 3 Onderzoeksresultaten _______________________________________________________ 6 3.1 Algemeen_______________________________________________________________ 6 3.2 Verdachte activiteiten _____________________________________________________ 6 3.2.1 Bedrijfsmatige activiteiten ___________________________________________ 6 3.2.2 Ondergrondse

huisbrandolietanks ____________________________________ 6 3.2.3 Dempingen, stort en ophogingen _____________________________________ 6 3.2.4 Oorlogshandelingen ________________________________________________ 6 3.2.5 Asbest ___________________________________________________________ 6 3.2.6 Verontreiniging oppervlaktewater door Kemps’ zeemlederfabriek __________ 6 3.3 Bodemonderzoeken en saneringen __________________________________________ 6 3.3.1 Resultaten bodemonderzoeken_______________________________________ 6 3.3.2 Resultaten saneringen ______________________________________________ 6 3.4 Archeologische waarden __________________________________________________ 6 4 Conclusies en aanbevelingen _________________________________________________ 6 4.1 Conclusies ______________________________________________________________ 6 4.1.1 Verdachte locaties: bedrijfsactiviteiten _________________________________ 6 4.1.2 Verdachte locaties: overige activiteiten_________________________________ 6 4.1.3 Asbest ___________________________________________________________ 6 4.1.4 Archeologische waarden ____________________________________________ 6 4.2 Aanbevelingen___________________________________________________________ 6 5 Onderzoeksstrategie ________________________________________________________ 6 5.1 Algemeen_______________________________________________________________ 6 5.2

Specifieke locaties ________________________________________________________ 6 Bijlage 1

Kaart verdachte locaties: bedrijfsactiviteiten_________________________________ 6

B02037/NA9/1M5/000065

ReGister

2

GEBIEDSGERICHT HISTORISCH ONDERZOEK HEESCH-WEST

Bijlage 2

Kaart Dempingen, ontgrondingen en afvoer afvalwater_______________________ 6

Bijlage 3

Kaart Puin, onverharde wegen en gesloopte gebouwen_______________________ 6

Bijlage 4

Kaart Onderzoekslocaties________________________________________________ 6

Bijlage 5

Kaart Locatiebezoeken __________________________________________________ 6

Bijlage 6

Tabel verdachte deellocaties _____________________________________________ 6

Bijlage 7

Tabel brandstoftanks ___________________________________________________ 6

Bijlage 8

Tabel locatiebezoeken __________________________________________________ 6

Bijlage 9

Locatieraporten ________________________________________________________ 6

Bijlage 10 Boor- en analysestrategie ________________________________________________ 6 Bijlage 11 Quick-scan archeologie Heesch-west ______________________________________ 6 Bijlage 12 Luchtfoto’s en kaarten __________________________________________________ 6

B02037/NA9/1M5/000065

ReGister

3

GEBIEDSGERICHT HISTORISCH ONDERZOEK HEESCH-WEST

HOOFDSTUK

1.1

1

Inleiding

AANLEIDING De gemeenten ’s-Hertogenbosch, Oss, Maasdonk en Bernheze zijn van plan een bedrijventerrein te ontwikkelen in het gebied Heesch-West. Momenteel worden hiervoor de voorbereidende werkzaamheden uitgevoerd. Een belangrijk onderdeel daarbij is het in beeld brengen van de kwaliteit van de bodem in het gebied. Als voorbereiding daarop is een historisch onderzoek nodig waarbij informatie wordt verzameld over wat al bekend is over de bodemkwaliteit en de verdachte locaties in beeld worden gebracht. De gemeente ’s-Hertogenbosch heeft, namens de gemeenten Maasdonk, Bernheze, Oss en ’sHertogenbosch, aan ReGister Historisch onderzoeksbureau, onderdeel van ARCADIS Nederland BV, opdracht gegeven voor het uitvoeren van een gebiedsgericht historisch onderzoek in het gebied Heesch-west.

1.2

ONDERZOEKSVRAAG Het historisch onderzoek heeft als doel alle verdachte locaties met betrekking tot bodemverontreiniging in beeld te brengen en ook andere mogelijke obstakels bij de ontwikkeling van het gebied te signaleren. Verder is het van belang de archeologische waarden van het gebied te benoemen en de betekenis daarvan voor het ontwikkelen van het gebied aan te geven. Het te onderzoeken gebied ligt ten westen van Heesch en wordt grofweg begrensd door de A59, De Weerscheut, de Zoggelsestraat en de Rijtsche Loop. Het westelijk deel van het onderzoeksgebied ligt in de gemeente Maasdonk en het oostelijk deel van het onderzoeksgebied ligt in de gemeente Bernheze.

1.3

LEESWIJZER In hoofdstuk 2 is de te volgen werkwijze voor het historisch onderzoek uitgewerkt. In hoofdstuk 3 zijn de resultaten van het historisch onderzoek samengevat. Op basis van de onderzoeksresultaten worden er in hoofdstuk 4 conclusies getrokken en aanbevelingen voor eventuele vervolgstappen gedaan. Tot slot wordt in hoofdstuk 5 de onderzoeksstrategie toegelicht. De onderzoeksstrategie zelf is als bijlage toegevoegd. Evenals de locatierapporten van de onderzochte locaties in het onderzoeksgebied Heesch-west. Verder zijn in de bijlagen overzichtskaarten en tabellen met verdachte locaties en onderzochte locaties toegevoegd.

B02037/NA9/1M5/000065

ReGister

4

GEBIEDSGERICHT HISTORISCH ONDERZOEK HEESCH-WEST

HOOFDSTUK

2.1

2

Onderzoeksopzet

VOORBEREIDINGEN Als voorbereiding op het onderzoek zijn de volgende werkzaamheden verricht: § Met de gemeente ’s-Hertogenbosch en de gemeente Maasdonk zijn afspraken gemaakt over de aanlevering van een digitale ondergrond met daarop de perceelsgrenzen, bebouwing, straatnamen, huisnummers en de kadastrale aanduiding. § Op basis van de digitale ondergrond en de topografische kaart is een overzicht gemaakt van de in het gebied voorkomende adressen, percelen, watergangen, streeknamen, et cetera om tijdens het onderzoek gericht naar informatie te kunnen zoeken. § Met de provincie Noord-Brabant, de gemeente Maasdonk en de gemeente Bernheze zijn afspraken gemaakt over het raadplegen van hun archieven, systemen en bestanden die relevant zijn voor het onderzoek. In overleg met de gemeente ’s-Hertogenbosch zijn de eigenaren van de locaties in het gebied benaderd voor een locatiebezoek.

2.2

LUCHTFOTO- EN KAARTONDERZOEK Voor het luchtfoto- en kaartonderzoek is gebruik gemaakt van de volgende jaargangen. Een deel is geraadpleegd in de bij ReGister beschikbare atlassen en een deel is aanvullend besteld bij het Kadaster te Emmen (de voormalige Topografische Dienst). Tabel 1: luchtfoto’s die zijn gebruikt tijdens het onderzoek Jaar van

Soort (Schaal)

Nummer(s)

Bron

Kaart 1:50.000

Bladzijde 22

Grote Historische atlas

(Blad 45)

Zuid Nederland

570 en 589

Grote Historische Atlas

opname/uitgave 1838-1857 1899

Kaart 1:25.000

Noord-Brabant 1925

Kaart 1:25.000

570 en 589

Kadaster

1947

Luchtfoto

45 VII-371

Kadaster

1956

Kaart 1:25.000

Blad 45E

Kadaster

1964

Luchtfoto

45 III-117

Kadaster

1978

Kaart 1:25.000

Blad 45E

Kadaster

1983

Luchtfoto

45 415

Kadaster

1996

Kaart 1:25.000

Bladzijde 20

Grote Provincie atlas

(Blad 45E)

Noord-Brabant/Oost e

2 editie 2002

B02037/NA9/1M5/000065

Luchtfoto

45 403

Kadaster

ReGister

5

GEBIEDSGERICHT HISTORISCH ONDERZOEK HEESCH-WEST

Alle jaargangen luchtfoto’s en kaarten zijn met elkaar vergeleken. Als hulpbestand is tevens gebruik gemaakt van de satellietfoto’s op maps.google.nl en van de door de gemeente Maasdonk geleverde Grootschalige Basiskaart Nederland (GBKN). De luchtfoto’s en kaarten die zijn gebruikt tijdens het onderzoek, zijn als bijlage 12 bijgevoegd. Op de topografische kaarten en luchtfoto’s is gezocht naar de volgende elementen: § Gedempte sloten, watergangen en poelen. § Afgebroken bebouwing en infrastructurele werken (fundamenten). § Stortplaatsen en ophogingen in het terrein. § Halfverharde en onverharde wegen. § Baggerdepots. § Overige zaken die mogelijk tot bodemverontreiniging kunnen hebben geleid. Alle verdachte locaties zijn op de digitale ondergrond ingetekend.

2.3

QUICKSCAN ARCHEOLOGISCHE WAARDEN Door middel van de quickscan Archeologische Waarden kan in een vroeg stadium worden bepaald of het aspect archeologie meegewogen moet worden in de planontwikkeling en of een hoofdstuk archeologie (in een ruimtelijke onderbouwing van een plan) aanwezig moet zijn. De quickscan bestaat uit: § het raadplegen van de archeologische database Archis II waarin de Indicatieve Kaart van Archeologische Waarden (IKAW) en de Archeologische Monumenten Kaart (AMK) zijn opgenomen; § bepaling ligging en grootte plangebied; § vaststellen aanvullende gegevens (indien voldoende informatie over plangebied en bodemingrepen aanwezig is). In de rapportage zal worden toegelicht wat de betekenis is van de verschillende deelgebieden voor de ontwikkeling van het gebied tot bedrijventerrein.

2.4

ARCHIEF- EN DOSSIERONDERZOEK Tijdens het archief- en dossieronderzoek is aanvullende informatie gezocht over verdachte locaties die tijdens het luchtfoto- en kaartonderzoek naar voren zijn gekomen en is ook naar nieuwe locaties gezocht. De volgende bronnen zijn geraadpleegd: § Verleende Hinderwet- en Milieuvergunningen, zowel vervallen als vigerende vergunningen. § Tankbestanden. § Sloop- en bouwvergunningen. § Overzicht ontgrondingen. § Bodemrapporten. § Dossiers over stortplaatsen, dempingen, ophogingen e.d. § Dossiers over milieuverontreiniging

B02037/NA9/1M5/000065

ReGister

6

GEBIEDSGERICHT HISTORISCH ONDERZOEK HEESCH-WEST

§ Dossiers over oorlogshandelingen § Dossiers over ruilverkaveling De geraadpleegde bronnen waren aanwezig op 4 verschillende locaties: § De provincie Noord-Brabant. § De gemeente Maasdonk. § De gemeente Bernheze § Brabants Historisch Informatie Centrum (BHIC).

2.4.1

BODEMBEDREIGENDE ACTIVITEITEN De provincie Noord-Brabant beschikt over een Historisch Bodembestand (HBB) waarin informatie is opgenomen over historische bedrijfsactiviteiten die in het verleden mogelijk bodemverontreiniging hebben veroorzaakt. Met behulp van de dossierverwijzing in het HBB zijn de relevante dossiers opgevraagd en geraadpleegd. Tijdens het raadplegen van de dossiers in het archief zijn voor de verdachte locaties in ieder geval de volgende gegevens genoteerd: § NAW-gegevens. § Bodembedreigende activiteiten § tanks § locatiecontour. § Dossierverwijzingen van de geraadpleegde en voor het onderzoek relevante vergunningen. § Eventuele bijzonderheden in het opmerkingenveld, zoals:

2.4.2

-

aanvullende informatie over het adres of de ligging indien relevant;

-

informatie over asbest indien aanwijzingen worden aangetroffen in de vergunning;

-

informatie over klachten of calamiteiten.

BODEMONDERZOEKEN In het provinciale bodeminformatiesysteem (Globis) zijn de gegevens opgenomen van de bij de Provincie bekende locaties waar sprake is van bodemverontreiniging. Dit systeem geraadpleegd om te bepalen welke bodemonderzoeken al binnen het onderzoeksgebied zijn uitgevoerd. Daarnaast zijn bodemonderzoeken bij de gemeenten opgevraagd. De bodemrapporten zijn geraadpleegd en de inhoud daaruit is samengevat.

2.5

LOCATIEBEZOEK Het locatiebezoek is in overleg met de gemeente ’s-Hertogenbosch uitgevoerd. De eigenaren en bewoners van de locaties in het onderzoeksgebied zijn schriftelijk geïnformeerd over het locatiebezoek. De telefoonnummers van de eigenaars/gebruikers van de te bezoeken locaties zijn opgezocht in digitale telefoongidsen. Door de beheerder van panden in het gebied die reeds aangekocht zijn door de gemeenten, is toestemming verleend voor het betreden van deze locaties.

B02037/NA9/1M5/000065

ReGister

7

GEBIEDSGERICHT HISTORISCH ONDERZOEK HEESCH-WEST

Niet op alle locaties in het onderzoeksgebied is een locatiebezoek uitgevoerd. De ontwikkelingen van het gebied tot bedrijventerrein en de daarmee gepaard gaande onteigening van de percelen in het gebied, ligt gevoelig. Een deel van de bewoners weigerde dan ook hun medewerking te verlenen aan een locatiebezoek. Daarnaast is het niet gelukt om contact te leggen met alle bewoners, of doordat geen telefoonnummer gevonden kon worden of doordat meerdere malen gebeld is maar zonder gehoor. In bijlage 8 is een overzicht opgenomen van alle locaties in het onderzoeksgebied waarbij is aangegeven of er al dan niet een locatiebezoek is afgelegd. Deze informatie is ook op de kaart Locatiebezoeken weergegeven, die als bijlage 5 is toegevoegd. Het locatiebezoek dient om informatie uit het dossieronderzoek te verifiëren en aanvullende informatie te verkrijgen omtrent verdachte deellocaties m.b.t. bodemverontreiniging en andere mogelijke obstakels bij het bouwrijp maken van het terrein. Tijdens het locatiebezoek is een gesprek gevoerd met de eigenaar of bewoner van de locatie, waarbij mogelijke bodembedreigende activiteiten die op de locatie hebben plaatsgevonden zijn besproken (dempen gaten, ophogen grond, storten puin, aanwezigheid tanks, et cetera). Ook het verwerken van asbest op de locatie is een aandachtspunt.

Bij personen die de oorlog hebben meegemaakt, is expliciet gevraagd naar oorlogshandelingen in het gebied (bominslagen, gevechtshandelingen, opslag explosieven, et cetera).

2.6

RAPPORTAGE De rapportage bestaat uit de volgende onderdelen: § Een beknopt samenvattend rapport met een beschrijving van de uitgevoerde werkzaamheden en een overzicht van de gevonden informatie, conclusies en aanbevelingen met betrekking tot eventueel vervolgonderzoek. § Overzichtskaarten met daarop ondermee de verdachte en de onderzochte locaties. § Locatierapporten (bijlage 9) Via een locatienummer of letter zijn de locaties gekoppeld aan de kaart.

B02037/NA9/1M5/000065

ReGister

8

GEBIEDSGERICHT HISTORISCH ONDERZOEK HEESCH-WEST

HOOFDSTUK

3.1

3

Onderzoeksresultaten

ALGEMEEN Uit het foto- en kaartonderzoek blijkt dat het gebied van het toekomstige bedrijventerrein Heesch-West altijd in gebruik is geweest als landbouwgebied. In het gebied staan meerdere boerderijen en losstaande huizen omringd door bouw- en weiland. Aan de noordzijde wordt het gebied begrensd door de A59, tot voor kort N59. In de jaren ‘60 is deze weg gewijzigd van tweebaans- naar vierbaansweg. De weg is toen in zuidelijke richting verbreed. Hier is toen ook parkeerplaats De Lucht aangelegd, deze valt buiten het onderzoeksgebied. In het gebied komen nu minder wegen voor dan in het verleden. De wegen die zijn verdwenen betreffen echter volgens de informatie op de topografische kaarten allemaal onverharde wegen. In het gebied zijn volgens de informatie op de kaart geen halfverharde wegen aanwezig geweest (bijvoorbeeld puinpaden). De nu nog aanwezige wegen zijn grotendeels verhard, alleen enkele opritten naar boerderijen zijn nog onverhard. Op een aantal plaatsen in het gebied zijn in het verleden gebouwen afgebroken en zijn er geen nieuwe teruggeplaatst. Ondermeer bij het verbreden van de Rijksweg in de jaren ’60 zijn een reeks gebouwen gelegen aan de zuidzijde van deze weg afgebroken. Aangezien de weg in zuidelijke richting is verbreed toen, liggen deze locaties op de rand van het onderzoeksgebied. Meerdere boerderijen zijn in de loop der jaren ook flink uitgebreid.

3.2

VERDACHTE ACTIVITEITEN De locaties waar verdachte activiteiten hebben plaatsgevonden worden weergegeven op de overzichtskaarten die als bijlage 1 en 2 zijn toegevoegd. De locatienummers die in de tekst worden genoemd, corresponderen met de locatienummers op de kaart. In bijlage 6 is een tabel opgenomen met alle verdachte deellocaties die uit het onderzoek naar voren zijn gekomen.

3.2.1

BEDRIJFSMATIGE ACTIVITEITEN Heesch-West is een landelijk gebied, met veelal agrarische bedrijven. Alleen in het noorden van het onderzoeksgebied, langs de Rijksweg A59 en de Bosschebaan hebben ook andere bedrijfsmatige activiteiten plaatsgevonden. Het betreft de volgende: •

Benzineservicestations (3x)

•

Opslagplaats/gronddepot Rijkswaterstaat

•

Veetransportbedrijf

B02037/NA9/1M5/000065

ReGister

9

GEBIEDSGERICHT HISTORISCH ONDERZOEK HEESCH-WEST

•

Houtbewerking/houthandel

Benzineservicestations (locatienummer 1, 2 en 9) Tot 1958 was aan de Rijksweg - in de noordwestelijke punt van het onderzoeksgebied - net voor deze kruist met de Weerscheut, een benzineservicestation gevestigd (locatienummer 1). De oudste Hinderwetvergunning die is aangetroffen dateert van 1946, maar dit betreft een uitbreidingsvergunning, dus het benzineservicestation is al eerder opgericht. Er hebben in totaal 4 ondergrondse tanks gelegen met een inhoud van 6.000 liter elk (totaal 24.000 liter). In deze tanks werd benzine en diesoline opgeslagen. Verder was er op deze locatie nog een herstelwerkplaats voor auto’s aanwezig. In verband met de reconstructie van de kruising Rijksweg-Weerscheut, zijn de activiteiten op deze eerste locatie in 1958 beëindigd. Iets verderop, ca. 60 meter in oostelijke richting, eveneens langs de Rijksweg is toen een nieuw benzineservicestation opgericht (locatienummer 2). Naast benzine en dieseloline, werden nu ook de brandstoffen superbenzine en mengsmering verkocht. Vanaf 1968 werd op deze locatie in totaal 72.000 liter brandstof opgeslagen in ondergrondse tanks. (1x 30.000 liter en 7x 6.000 liter). Begin jaren ’80 is het benzineservicestation opnieuw verplaatst. De bebouwing op deze locatie is gesloopt. Of de ondergrondse tanks hierbij ook direct zijn verwijderd, is niet bekend.

In 1982 is de eerste Hinderwetvergunning verleend voor het huidige benzineservicestation langs de Rijksweg A59 (locatienummer 9). Deze locatie heeft tegenwoordig het adres Bosschebaan 116. Er werd superbenzine, diesel, normaalbenzine, huisbrandolie en afgewerkte olie opgeslagen in ondergrondse tanks. De gezamenlijke inhoud van deze tanks was 190.000 liter (2x 50.000 liter en 3x 30.000 liter). Daarnaast waren er nog twee ondergrondse propaantanks aanwezig (2x 20.000 liter). In 1995 is het benzineservicestation gereviseerd, waarbij alle tanks zijn vervangen en de bestaande bebouwing is gesloopt en vervangen door nieuwbouw. Hierbij heeft eveneens een sanering van de bodem plaatsgevonden.

opslagplaats/gronddepot Rijkswaterstaat (locatienummer 5) Aan de Rijksweg was in het verleden een opslagplaats van Rijkswaterstaat gevestigd. Het betreft de locatie tussen de huidige adressen Bosschebaan 104 en Bosschebaan 106 (locatienummer 5). In het Historisch Bodembestand van de provincie Noord-Brabant is geen Hinderwetvergunning aanwezig voor deze opslagplaats. Er is ook geen informatie aangetroffen over deze opslagplaats in de gemeentelijke archieven. De opslagplaats zou in gebruik zijn geweest in de jaren ’60 tijdens de aanleg van de Rijksweg. Toen deze opslagplaats niet meer nodig was, is door Rijkswaterstaat een gronddepot ingericht op de locatie (1973). De herkomst van de grond die opgeslagen werd, is niet bekend. Mogelijk betrof het grond die vrijkwam bij de aanleg van de Rijksweg. Sinds 1975 is de locatie niet meer in gebruik bij Rijkswaterstaat.

houtbewerking/houthandel (locatienummer 3) Op de locatie Bosschebaan 53 (locatienummer 3) is sinds de eerste helft van de jaren ’90 een inrichting voor houtbewerking aanwezig. Later is ook sprake van een houthandel. Tijdens

B02037/NA9/1M5/000065

ReGister

10

GEBIEDSGERICHT HISTORISCH ONDERZOEK HEESCH-WEST

het onderzoek zijn geen aanwijzingen gevonden voor verduurzaming van hout op de locatie, wel werd op de locatie verduurzaamd hout opgeslagen. Dit heeft enige tijd zonder de juiste voorzieningen plaatsgevonden (zonder vloeistofdichte vloer en zonder afdak). Bij een controle door de gemeente in juni 1996 blijkt een overkapping te zijn gerealiseerd.

Veetransportbedrijf (locatienummer 12) Op de locatie Koksteeg 3 (locatienummer 12) is een transportbedrijf voor vee gevestigd. In 1983 wordt een Hinderwetvergunning verleend voor het oprichten van een garage t.b.v. dit transportbedrijf. In de garage is een ruimte voor het stallen van veetransportwagens aanwezig en een werkplaats met inspectieput. Verder zijn er in de inrichting een dieselpompinstallatie met een ondergrondse tank van 10.000 liter en een autowasplaats aanwezig. De transportwagens worden ontsmet met het biologisch afbreekbare desinfecteermiddel Halamid (verdunning 2%). Huisbrandolie en afgewerkte olie wordt opgeslagen in bovengrondse tanks (resp. 1.200 en 700 liter). In 2000 wordt de oliegestookte installatie t.b.v. de verwarming vervangen door een gasgestookte installatie. De ondergrondse dieseltank is in 2002 gesaneerd. De tank is gereinigd, verwijderd en afgevoerd naar een tankverschrotingsbedrijf. Het leidingwerk is eveneens gereinigd maar voor een deel blijven liggen. Bij de sanering van de tank is geen verontreiniging aangetroffen.

Agrarische bedrijven In het onderzoeksgebied zijn meerdere agrarische bedrijven actief of actief geweest (ca. 15 tot 20 bedrijven). In bijna alle gevallen gaat het om veehouderij of een gemengd bedrijf, op 1 locatie was een nertsenfokkerij gevestigd (locatienummer 37). Het uitoefenen van een agrarisch bedrijf op zich is geen bodembedreigende activiteit, vaak worden er echter wel nevenactiviteiten uitgeoefend die wel een bedreiging voor de bodem kunnen zijn. De belangrijkste bodembedreigende nevenactiviteiten bij een agrarisch bedrijf zijn de brandstofpompinstallaties voor eigen gebruik. Daarnaast werd regelmatig een herstel- en onderhoudswerkplaats ingericht voor eigen materieel. Uit het dossieronderzoek betreffende de agrarische bedrijven zijn geen brandstofpompinstallaties naar voren gekomen waarbij de tank ondergronds was geplaatst. Bij 8 (voormalige) agrarische bedrijven in het onderzoeksgebied was sprake van een dieselpompinstallatie, maar in al deze gevallen werd de diesel opgeslagen in een bovengrondse tank. Een aantal van deze dieselpompinstallaties zijn nog in gebruik. In tabel 2 wordt een overzicht gegeven van de betreffende locaties. Tabel 2: Locaties met een dieselpompinstalatie (bovengrondse tank) Locatienr.

Adres

14

Koksteeg 6

15

Koksteeg 7

17

Koksteeg 9

24

Koksteeg 18

25

Koksteeg 20

26

Koksteeg 19-21

34

Weerscheut 8

37

Zoggelsestraat 122

B02037/NA9/1M5/000065

ReGister

11

GEBIEDSGERICHT HISTORISCH ONDERZOEK HEESCH-WEST

3.2.2

ONDERGRONDSE HUISBRANDOLIETANKS Op een viertal locaties zo blijkt of uit het dossieronderzoek of uit de gesprekken bij het locatiebezoek, heeft een ondergrondse brandstoftank gelegen. In twee gevallen is de tank gebruikt voor de opslag van huisbrandolie en in de andere twee gevallen is brandstof die werd opgeslagen niet genoemd. In tabel 3 wordt een overzicht gegeven van de locaties die het betreft. Tabel 3: Locaties met een ondergrondse huisbrandolietank locatienr.

adres

soort brandstof

status tank

27

Koksteeg 23

onb.

verwijderd

31

Raktstraat 8

huisbrandolie

gesaneerd/gevuld met zand 1994

36

Zoggelsestraat 120

onb.

verwijderd

37

Zoggelsestraat 122

huisbrandolie

gesaneerd/verwijderd 1996

In het verleden werd de opslag van huisbrandolie in ondergrondse tanks niet geregistreerd. Het is daarom niet uit te sluiten dat er op meer dan de vier bovengenoemde locaties ondergrondse huisbrandolietanks aanwezig zijn geweest. In bijlage 7 is een tabel opgenomen met alle brandstoftanks die in het onderzoeksgebied in gebruik zijn geweest of nog in gebruik zijn.

3.2.3

DEMPINGEN, STORT EN OPHOGINGEN Uit het luchtfoto- en kaartonderzoek blijkt dat er in loop van de 20e eeuw enkele sloten zijn gedempt in het onderzoeksgebied. Ook is er een poel gelegen aan de Koksteeg (nabij huisnummer 20) gedempt; deze demping heeft plaatsgevonden tussen 1996 en 2002 (demping l). Verder is tijdens het locatiebezoek gebleken dat op de locatie Zoggelsestraat 122 eveneens een poel is gedempt (locatienummer 37). Deze demping heeft ca. 20 jaar geleden plaatsgevonden en is uitgevoerd met grond en puin van de locatie. Ten zuiden van de Rijksweg is tussen 1964 en 1978 een parallelweg aangelegd (de Bosschebaan), hiervoor is de loop van watergang De Kleine Wetering verlegd. Deze watergang die eerst ter plaatse van de Bosschebaan liep staat nu op de kaarten vermeld als Rijtsche Loop. De voormalige loop is als demping aangegeven tijdens het onderzoek (demping a). In tabel 4 wordt een overzicht gegeven van alle dempingen in het onderzoeksgebied. De dempingen worden eveneens weergegeven op de kaart Dempingen, ontgrondingen en afvoer afvalwater die als bijlage 2 is toegevoegd. Tijdens het archiefonderzoek is geen informatie gevonden over het materiaal waarmee de dempingen zijn uitgevoerd. Wel is informatie aangetroffen over een ruilverkaveling die in het onderzoeksgebied heeft plaatsgevonden: de ruilverkaveling Midden-Maasland.

Deze ruilverkaveling speelde in de jaren ’70 en ’80. Op de kaarten in het dossier is aangegeven dat de dempingen e en h uit het luchtfoto- en kaartonderzoek in het kader van deze ruilverkaveling zijn gedempt. In de dossiers wordt niet over dempingsmateriaal gesproken,

B02037/NA9/1M5/000065

ReGister

12

GEBIEDSGERICHT HISTORISCH ONDERZOEK HEESCH-WEST

maar in het algemeen geldt dat bij ruilverkavelingen met een gesloten grondbalans werd gewerkt. Er wordt dan ook geen (ernstige) verontreiniging verwacht in het dempingsmateriaal van deze twee sloten. Gezien de geldende milieuregels en het groeiende milieubewustzijn, wordt ook bij de dempingen die zijn uitgevoerd tussen 1983 en 1996 en 1996 en 2002, geen (ernstige) verontreiniging verwacht (demping i, d en l). Voor de overige 7 dempingen, uitgevoerd tussen 1964 en 1978 en 1978 en 1983, kan niet worden uitgesloten dat er verontreinigingen in het dempingsmateriaal voorkomen (demping b, c, g, k, m, n en f). Tijdens de locatiebezoeken aan het gebied werden de gedempte sloten niet meer waargenomen in het landschap. Tabel 4: Overzicht dempingen in het onderzoeksgebied Loc.letter

Soort

Periode

Materiaal

a

sloot

1964-1978

onbekend

b

sloot

1964-1978

onbekend

c

sloot

1964-1978

onbekend

d

sloot

1996-2002

onbekend

e

sloot

1978-1983

f

sloot

1978-1983

onbekend

g

sloot

1964-1978

onbekend

h

sloot

1978-1983

i

sloot

1983-1996

onbekend

k

sloot

1964-1978

onbekend

l

poel

1996-2002

onbekend

m

sloot

1964-1978

onbekend

n

sloot

1964-1978

onbekend

o

poel

ca. 20 jaar geleden

grond/puin

onbekend

Bijzonderheden

gedempt tijdens ruilverkaveling

onbekend

gedempt tijdens ruilverkaveling

Zoggelsestraat 122 (loc.nr. 37)

Zowel tijdens het luchtfoto- en kaartonderzoek als tijdens het archiefonderzoek is geen informatie over het storten van vuil of het ophogen van terreinen aangetroffen. Wel blijkt uit informatie van de provincie Noord-Brabant dat er in het onderzoeksgebied op twee plaatsen een ontgronding heeft plaatsgevonden. Helaas ontbreekt verder alle informatie over deze ontgrondingen, zodat niet duidelijk is of de grond slechts is afgegraven ter verbetering van de waterhuishouding op de locatie of dat er zand is afgegraven en het daardoor ontstane gat later weer is volgestort. Ook is niet bekend wanneer de ontgronding heeft plaatsgevonden. De twee ontgrondingen worden weergegeven op de kaart Dempingen, ontgrondingen en afvoer afvalwater die als bijlage 2 is toegevoegd.

B02037/NA9/1M5/000065

ReGister

13

GEBIEDSGERICHT HISTORISCH ONDERZOEK HEESCH-WEST

3.2.4

OORLOGSHANDELINGEN Uit het onderzoek zijn twee plaatsen naar voren gekomen waar tijdens de 2e Wereldoorlog oorlogsmaterieel is neergekomen. Bij het locatiebezoek aan Zoggelsestraat 120 (locatienummer 36) werd verteld dat er in de boomgaard ter hoogte van Raktstraat 8 (locatienummer 31) in de oorlog een Duitse bom is neergekomen en ontploft (v1). Verder werd in het bodemrapport dat betrekking heeft op de locatie Koksteeg 4 vermeld dat er vermoedelijk op het noordwestelijke deel van het naastgelegen perceel een vliegtuigongeluk heeft plaats gevonden in 1945. In de dossiers betreffende oorlogshandelingen uit de gemeentelijke archieven, die overigens zeer summier zijn, kon geen bevestiging worden gevonden van bovenstaande.

3.2.5

ASBEST In boerderijen is veel asbest verwerkt, vooral in de periode 1960-1993. Het meest bekend zijn de asbestcementen golfplaten die als dakbedekking voor schuren en stallen zijn gebruikt. Maar asbestcementen platen werden ook veelvuldig als stalafscheiding gebruikt, met name in de intensieve veehouderij. Daarnaast waren er allerlei andere asbesthoudende bouwmaterialen in omloop, zoals afvoerkanalen, ventilatiekokers, gevelplaten, vensterbanken, regenpijpen en plafonds. Het asbest kan op twee manieren in de bodem terechtkomen. Ten eerste als het verwerkt wordt in een bouwwerk op de locatie (op maat zagen, gaten boren, etc.) en ten tweede als een bouwwerk waarin asbest is verwerkt, wordt afgebroken. In het verleden werd het harde bouwafval (steen, beton, maar ook asbest) vaak gebruikt om gaten te dichten, in- en opritten te verharden en laaggelegen gedeelten op te hogen. Locaties waar bouwwerken zijn gesloopt in het verleden hebben daarom een vergroot risico op het aantreffen van asbest in de bodem, zeker als in dezelfde tijd in de directe omgeving sloten, greppels of putten zijn gedempt. Voor de locaties in het onderzoeksgebied zijn de bouwvergunningen bekeken die aanwezig zijn in de gemeentearchieven. Bij de helft van de (voormalige) boerderijen in het gebied was expliciet sprake van het gebruik van asbestcementen golfplaten op schuren en stallen die werden bijgebouwd.

Bij enkele locaties was sprake van asbest ventilatiekanalen (locatienummer 3, 30 en 31), asbestleidingen (locatienummer 30) en een plafond van asbestboard (locatienummer 3). Waarschijnlijk is er op veel meer locaties in het onderzoeksgebied asbesthoudend bouwmateriaal gebruikt. Via de bouwvergunningen wordt namelijk maar een deel van het gebruik zichtbaar, enerzijds omdat de bouwvergunning primair gericht is op de constructie van het bouwwerk, en anderzijds omdat de gebruikte materialen niet specifiek genoeg benoemd worden. Daarnaast worden voor interne verbouwingen veelal geen vergunning aangevraagd. De locaties waarbij uit het dossieronderzoek is gebleken dat er sloop heeft plaatsgevonden of dat er brand is geweest zijn weergegeven op de kaart Puin, onverharde wegen en gesloopte gebouwen die als bijlage 3 is toegevoegd. Dit geldt ook voor de gesloopte

B02037/NA9/1M5/000065

ReGister

14

GEBIEDSGERICHT HISTORISCH ONDERZOEK HEESCH-WEST

gebouwen die uit het luchtfoto-onderzoek naar voren zijn gekomen en de locaties waar tijdens het locatiebezoek aanwijzingen over puin zijn verkregen.

Onverharde wegen Onverharde wegen en onverharde inritten worden veelal onderhouden door het dichten van de ontstane gaten met puin. Daarmee zijn ze mogelijk verontreinigingen in de bodem gekomen. Met gebruik van de luchtfoto’s en het kaartmateriaal zijn daarom zowel de huidige als de verdwenen onverharde wegen en inritten in het onderzoeksgebied geïnventariseerd. In tabel 5 wordt een overzicht gegeven van alle huidige en voormalige onverharde wegen in het onderzoeksgebied. De onverharde wegen worden eveneens weergegeven op de kaart Puin, onverharde wegen en gesloopte gebouwen die als bijlage 3 is toegevoegd. Tabel 5: Overzicht van de zandwegen in het onderzoeksgebied

3.2.6

Loc_letter

Soort

Periode verdwenen

A

onverharde weg

1978-1983

B

onverharde weg

huidig

C

onverharde weg

huidig

D

onverharde weg

1983-1996

E

onverharde weg

1978-1983

F

onverharde weg

huidig

G

onverharde weg

huidig

H

onverharde weg

1956-1964

I

onverharde weg

huidig

K

onverharde weg

1956-1964

L

onverharde weg

1983-1996

M

onverharde weg

1964-1978

N

onverharde weg

1956-1964

O

onverharde weg

1996-2002

VERONTREINIGING OPPERVLAKTEWATER DOOR KEMPS’ ZEEMLEDERFABRIEK In de jaren ’50 en ’60 is ten westen van het onderzoeksgebied een zeemlederfabriek actief geweest. Deze fabriek loosde haar afvalwater ongezuiverd op de sloot langs de Rijksweg, die voor haar terrein langs liep. Dit leidde indertijd tot veel klachten van omwonenden over de “viezigheid” in de sloten en de enorme stankoverlast die dat veroorzaakte. In een bezwaarschrift uit 1973 betreffende de ruilverkaveling Midden-Maasland wordt door betrokkenen gerefereerd aan “deze veel vuil water afvoerende zeemleerindustrie,” die overigens op dat moment haar activiteiten al gestaakt had. Ook tijdens de locatiebezoeken wordt deze verontreiniging van het oppervlaktewater veroorzaakt door de zeemlederfabriek door enkele bewoners van het onderzoeksgebied genoemd. De N.V. Kemps Zeemlederfabriek bevond zich op een afstand van ongeveer 700 meter van het onderzoeksgebied. De afwatering van de sloot waarop het afvalwater werd geloosd vond plaats in westelijke richting, en verliep dus via het onderzoeksgebied. Via de sloot langs de voormalige Rijksweg en huidige Bosschebaan, kwam het water in de Rijtsche Loop terecht. De vraag is nu: Bevatte dit afvalwater bodembedreigende stoffen? En in welke mate

B02037/NA9/1M5/000065

ReGister

15

GEBIEDSGERICHT HISTORISCH ONDERZOEK HEESCH-WEST

zijn deze stoffen in het slib van de sloten en mogelijk ook in het grondwater van het onderzoeksgebied terechtgekomen?

Productieproces zeemleer In de fabriek werd zeemleer geproduceerd. In 1986 is een historisch onderzoek uitgevoerd waarbij informatie over het productieproces en de daarbij gebruikte stoffen, is verkregen van de voormalig technisch directeur van Kemps Zeemlederfabrieken N.V. De volgende stappen bij het produceren van zeemleer werden genoteerd: 1.

aanvoer van schapenvachten, nog voorzien van een woldek (na 1955 werden de vellen kaal aangevoerd, zodat de processtappen 1 t/m 3 kwamen te vervallen);

2.

ontharen van de vellen met natriumsulfaat;

3.

vellen ontzouten en vervolgens pekelen;

4.

neutraliseren met natriumcarbonaat;

5.

zuivering met behulp van het enzym enzylon-C;

6.

vellen pekelen met natriumchloride en zwavelzuur;

7.

vergroten van het opnamevermogen met calciumcarbonaat;

8.

fermentatieproces door verzadiging met levertraan;

9.

uitwassen van levertraan met gecalcineerde soda, hierbij ontstaat residu;

10. drogen en polijsten. Verder vermeldt het historisch onderzoek dat er geen speciale voorzorgsmaatregelen waren genomen voor het gebruik van chemicaliën en dat het water dat vrijkwam tijdens het productieproces via een bedrijfsriool en later via open gemetselde geulen werd geloosd op de sloot aan de voorzijde van het terrein. Pikant detail is dat de vloeren in de fabriek die bestonden uit trottoirtegels regelmatig moesten worden vervangen omdat ze werden aangetast door de gebruikte chemicaliën. De gebruikte chemicaliën bij de productie van zeemleer vormen echter niet direct een ernstige bedreiging voor de bodem in het onderzoeksgebied. Arseen en chroom, de potentieel verontreinigende stoffen die worden verwacht bij een leerfabriek, worden niet genoemd. Uit de al uitgevoerde bodemonderzoeken in het onderzoeksgebied, blijkt ook nergens een ernstige verontreiniging met deze stoffen. Daarmee lijkt de invloed van ongezuiverd afvalwater op de bodem in het onderzoeksgebied niet zo groot. Zwavelzuur kan overigens wel hebben geleid tot een (tijdelijke) PH-daling van de bodem, waardoor zware metalen wat mobieler worden. En wellicht heeft de combinatie van zwavelzuur en natriumsulfaat geleid tot een wat verhoogd sulfidegehalte in de bodem.

Nog een bron van afvalwater: open riool In een rapport uit 1971 van de werkgroep Kemps waarin verslag wordt gedaan van een onderzoek naar het leefmilieu rond de zeemleerfabriek wordt tevens gewag gemaakt van een andere bron van afvalwater. “In een groot deel van deze buurt wordt echter het reukorgaan nog onaangenamer getroffen door een heel andere waterloop: een uit Heesch afkomstig riool blijkt namelijk hier als een open sloot vrij moeizaam haar weg te vinden.” Riolering was hier nog niet aangelegd in 1971, wat betekende dat zowel de huishoudens als de bedrijven hun afvalwater loosden op nabijgelegen sloten. Omdat de afwatering verliep

B02037/NA9/1M5/000065

ReGister

16

GEBIEDSGERICHT HISTORISCH ONDERZOEK HEESCH-WEST

via het onderzoeksgebied, is mogelijk het slib in de sloten in het onderzoeksgebied hierdoor verontreinigd geraakt. In het rapport van de werkgroep Kemps is een kaartje toegevoegd waarop de sloten waarlangs het afvalwater van de zeemleerfabriek en het ongezuiverde rioolwater werden afgevoerd, zijn ingetekend. Deze afvalwaterstromen zijn overgenomen op de kaart Dempingen , ontgrondingen en afvoer afvalwater die als bijlage 2 is toegevoegd.

3.3

BODEMONDERZOEKEN EN SANERINGEN Op veel locaties in het onderzoeksgebied zijn al bodemonderzoeken uitgevoerd. Veelal naar aanleiding van de voorgenomen aankoop van de percelen door de gemeente Maasdonk of de gemeente Bernheze. Het betreft 25 locaties. Er zijn drie locaties in het onderzoeksgebied waar naar aanleiding van een vermoeden van verontreiniging bodemonderzoeken zijn uitgevoerd. Op al deze drie locaties heeft ook een sanering plaatsgevonden. Verder is er nog de locatie Koksteeg 3, waar op deellocaties bodemonderzoeken zijn uitgevoerd in het kader van BOOT en naar aanleiding van een bouwvergunning. De onderzochte locaties worden weergegeven op de overzichtskaart die als bijlage 4 is toegevoegd. De locatienummers die in de tekst worden genoemd, corresponderen met de locatienummers op de kaart.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Bernheze&id=8c6aa5e4-a6e0-471c-b584-d8ec538340bd