Segment 00005 of Bijlage 4 Toelichting inclusief bijlagen bij Herstelbesluit bestemmingsplan Heesch West
Tekst van het document
667
Reclamant stelt dat zware bedrijven (categorie 4.1 en in de plannen van Den Bosch zelfs categorie 5.1) tot een onaanvaardbare aantasting van het woon- en leef klimaat leiden en niet zouden moeten worden toegestaan op korte afstand van woningen. Reclamant geeft aan dat er een grotere af stand van dergelijke bedrijven tot woonbebouwing in acht moet worden genomen. Reclamant geeft aan dat geurbelasting zich niet laat belemmeren door inwaartse zonering. Onder verwijzing naar concrete voorbeelden uit de omgeving, stelt reclamant dat, afhankelijk van het soort bedrijvigheid, geur zich vele honderden meters tot wel kilometers kan verplaatsen. De af stand van plan Heesch-West tot omwonenden is dusdanig klein dat geurhinder onmogelijk voorkomen kan worden. 'Geborgd middels het toepassen van inwaartse zonering' is niet realistisch aangezien het type bedrijvigheid op het moment van opstellen van het ontwerpbestemmingsplan niet bekend is. Concluderend stelt reclamant dat mede om deze redenen milieuklassen hoger dan 3 nooit en te nimmer aanvaard mogen worden. 123
-
1443
Overlast laat zich niet begrenzen door inwaartse zonering. In de optelsom van overlastveroorzakende bedrijven (geluid, grote toename verkeer, geur, licht etc.) is het onbestaanbaar dat, door er lokaal wat minder hinderlijke gebouwen omheen te zetten, de effecten minderen. Vanuit Vinkels perspectief grenst categorie 4.2 en 5.1 tot aan de stedenbouwkundige contour. Aansluitend is wateropvang gepland, wat de ef f ecten niet zal verminderen, in tegendeel. Overlast veroorzaakt door hoge milieuklasse bedrijven reikt daardoor veel verder richting kom Vinkel dan louter op basis van de inwaartse zonering verwacht mag worden. Inpassing door middel van robuuste groenstroken is, gezien de tijd die nodig is voor aanplant om volwassen te worden en dus voor camouflage en af name van effecten te zorgen, pas na minimaal 30(!) jaar effectief. Reclamant merkt ook op dat het plan (volgens de GR) volledig gevuld kan worden met categorie 3 bedrijven; zelfs gezien de vraag het aanbod dubbelt, kan het plan best zonder logistieke bedrijvigheid. De daaraan gekoppelde overmatige groei van verkeer en 24-uurs economie wordt dan tegengegaan.
Concluderend stelt reclamant dat, gezien de gigantische optelsom van effecten, en de gestelde bovenmatige interesse vanuit lagere categorieën bedrijven, milieuklassen hoger dan 3 nooit en te Zie thema's Milieucategorie, Geur, Ruimtelijke kwaliteit en nimmer aanvaard mogen worden. Duurzaamheid. Zie ook het antwoord onder rij 1242.
668
Ook stelt reclamant dat, aangezien de gemeente zich presenteert als 'groene en duurzame gemeente' en dit een 'duurzaam bedrijventerrein' zou moeten worden, een milieucategorie van 4.1 of zelfs 5.1, volstrekt onbegrijpelijk is. Reclamant verzoekt dan ook om de milieucategorie te verlagen en de verhogingsmogelijkheid te schrappen in algemene zin. Daarnaast merkt reclamant op dat het plan voorheen gericht was op categorie 3.2 bedrijven ten behoeve van plaatselijke zelfstandigen. Reclamant ziet bedrijven verder weg dan Vinkel, Nuland, Geffen en Heesch niet meer als lokale bedrijven.
669
123
123
123
-
-
-
1444
1445
1446
Reclamant stelt dat de bouwhoogte (20 tot 25 meter) veel te hoog is. Volgens reclamant wordt uit de regels (art. 5.2.3 onder c) niet duidelijk wat onder hoogteaccenten tot 30 meter hoog moet worden verstaan. Reclamant stelt dat een goede landschappelijke inpassing noodzakelijk is maar bij een dergelijke bouwhoogte volstrekt onmogelijk is. Geen enkele vorm van inpassing door middel van nog aan te planten groene buffers zal dit soort bouwwerken enigszins kunnen camoufleren, zelfs als na 40 jaar inheemse boomsoorten bij volwassenheid een maximale hoogte van zo'n 15 m bereiken. Tevens wordt op het noordwestelijke punt van het plan nog beoogd een nog hogere 'landmark' te plaatsen, om een zichtlocatie te kunnen realiseren. Het aansluitende halfopen buitengebied aan de overzijde van de Weerscheut leent zich volgens reclamant niet voor inpassing van een landmark. Reclamant stelt dat volgens de planregels ook datacenters zijn toegestaan. Datacenters gebruiken enorm veel energie. De elektriciteitsnetwerken kunnen dat niet aan omdat ook bestaande bedrijven, burgers en overheden de komende jaren massaal moeten omschakelen naar duurzame vormen van energie. Daarom horen er geen datacenters meer bij te komen, zeker niet als ze niet zelf volledig hun eigen energie kunnen opwekken.
De vestiging van datacenters gaat volgens reclamant volledig in tegen de ambitie om het 'meest duurzame bedrijventerrein van Brabant' te maken. Tevens bieden datacenters volgens reclamant geen enkele bijdrage aan de regionale werkgelegenheid en de regionale economische ontwikkeling. Reclamant, maar ook de provinciale en landelijke bestuurders, pleiten er al langer voor dat zonnepanelen niet op kostbare grond - zoals naast het bedrijventerrein - maar zoveel mogelijk op daken worden gerealiseerd. De tekst in artikel 5.4.4 van de planregels (voorwaardelijke verplichting) is goed tot aan het woord 'tenzij'. In plaats van een komma moet daar een punt komen. En de uitzondering op de planregel moet vervallen: 'tenzij een andere duurzame maatregel dit onmogelijk maakt of als het bedrijfsproces duurzaam dakgebruik verhindert' levert alleen maar onmogelijke discussie op. Er horen volgens reclamant alleen maar bedrijven te komen met bedrijfsgebouwen waarop zonnepanelen en sedumdaken kunnen worden aangebracht. Dit zorgt voor meer koelte in het bedrijfsgebouw, en dus minder energieverbruik, dus uit oogpunt van klimaat dubbele winst.
Zie thema Ruimtelijke kwaliteit.
Zie thema's Duurzaamheid, Behoefte en Werkgelegenheid en arbeidsmigranten.
Zie thema's Ruimtelijke kwaliteit en Duurzaamheid.
670
123 192 1447
123 192 1448
Reclamant stelt dat het industrieterrein de woonomgeving drastisch verandert en een gezonde en prettige leefsituatie onmogelijk maakt. Een ambitie, zoals het meest duurzame circulaire bedrijventerrein van Brabant te willen worden, heeft volgens reclamant altijd een zwarte kant. De lasten zullen gedragen worden door de (toekomstige) omwonenden die hier al jarenlang wonen. Reclamant is ervan overtuigd dat geen van de planmakers ook maar enigszins in de buurt van het beoogde bedrijventerrein woont. Reclamant vraagt zich af waarom de ambitie niet is om een bedrijfsterrein te creëren dat ongemerkt aanwezig is en dat niet alleen lasten geeft, maar ook lusten voor omwonenden. Het huidige plan wordt ervaren als een wezenlijk gevaar voor de gezondheid door de eerder genoemde extra onzekere en ongewenste ef f ecten en maakt de omwonenden permanent bezorgd. Het plan draagt niet bij aan het behoud en de bevordering van de ruimtelijke kwaliteit, en er is zeker geen sprake van een goede landschappelijke inpasbaarheid of enige maatschappelijke meerwaarde. Ook is geen toepassing gegeven Zie thema's Woon -en leef klimaat, Gezondheid, Geluid, Geur, Licht, aan het principe van zorgvuldig ruimtegebruik. Ruimtelijke kwaliteit en Locatiekeuze en zorgvuldig ruimtegebruik.
Deze zienswijze is deels gegrond op een aantal onderdelen: groene buffer minder in het midden maar meer aan de randen en tips/suggesties landschapspark (rijen 1422-1424), landschappelijke inpassing zonnepark (rijen 1421 en 1425), suggesties voor horecapunt aan de Koksteeg (rij 1426), foutief opgenomen passage over tankstation in noordoosten plangebied (rij 1430), afsluiting Koksteeg (rij 1432), landschappelijke inpassing kavels Zoggelsestraat en Koksteeg (rij 1431) en suggesties voor de nieuwe weg tussen Koksteeg en Weerscheut (rij 1433). Naar aanleiding daarvan is het landschapsplan (incl. nieuwe weg) verder uitgewerkt, is een voorwaardelijke verplichting opgenomen ter realisatie van de landschappelijke inpassing voor het zonnepark, is de verkeerbestemming Koksteeg gewijzigd naar bestemming Groen, is de passage over het tankstation aangepast en is de groene buffer aan de zijde Zoggelsestraat in het landschapsplan vergroot en zijn hier tevens beeldkwaliteitseisen voor opgesteld (zie thema's Ruimtelijke kwaliteit en Mobiliteit). Voor het overige is de zienswijze ongegrond.
671
124
-
1449
124
-
1450
124 91 1451
125 92 1452
Reclamant beweert dat het verkeersplan van het bestemmingsplan leidt tot een onaanvaardbare toename van files, sluipverkeer en onveilige situaties voor omwonenden, fietsers en wandelaars/hardlopers. Het is bovendien gebaseerd op onjuiste aannames en rekenmodellen, en niet op f eiten. Er zijn geen waarborgen ingebouwd voor aanpassing of handhaving voor het geval de doorstroming en verkeersveiligheid achterblijven bij de verwachtingen. Ervaringen met distributiecentra elders in het land laten zien dat deze voor grote maatschappelijke problemen kunnen zorgen (denk bijvoorbeeld aan huisvesting van arbeidsmigranten), waar in het plan geen rekening mee wordt gehouden. Zie thema’s Mobiliteit en Werkgelegenheid en arbeidsmigranten. Op basis hiervan verzoekt reclamant om de plannen af te keuren en de bescherming van burgers op de eerste plaats te stellen. Reclamant behoudt zich tevens het recht voor om, na verdere bestudering van de plannen, nieuwe zienswijzen en aanvullende bezwaren in te dienen. Zie thema's Proces en participatie en Woon -en leef klimaat. Deze zienswijze is ongegrond en geeft geen aanleiding tot aanpassing van het bestemmingsplan. Reclamant stelt dat het plan de gezondheid aantast en dat de gevolgen hiervan onvoldoende zijn onderkend en meegenomen in de planvorming.
Gezondheidsschade wordt volgens reclamant veroorzaakt door toename van gecumuleerd lawaai (verstoort de rust en leidt tot meer stress en slecht slapen), stank, stof en gevaarlijke stoffen (risico op calamiteiten, longproblemen en beperken de bewegingsvrijheid). Daarnaast wordt ook de nachtrust en het woongenot aangetast door lichthinder, het verdwijnen van vrij uitzicht, en toename van geluidsoverlast. Ook in de concept beleidsregel 'Toekenning stikstofruimte bedrijventerrein Heesch West' wordt met de belangen van aan- en omwonenden geen rekening gehouden en wordt sec gekeken naar de benodigde stikstofemissieruimte voor de nieuw te vestigen bedrijven.
Zie thema's Gezondheid, Geur, Stof, Externe veiligheid, Milieucategorie, Licht, Ruimtelijke kwaliteit, Geluid, Woon -en leef klimaat en Natuur. Wat betref t de geluidsbelasting op de woning van reclamant het volgende. De geluidsbelasting door de activiteiten op het bedrijventerrein Heesch-West bedraagt 47 dB(A). Deze geluidsbelasting is lager dan de voorkeursgrenswaarde van 50 dB(A) zodat een hogere waarde niet aan de orde is. De geluidsbelasting door wegverkeer bedraagt na realisatie van het plan 53 dB van alle wegen samen zonder de reductie van 2 dB ex artikel 110g Wgh. Deze geluidsbelasting wordt bepaald door het verkeer op de A59 en is hoger dan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB. Door de planontwikkeling neemt de geluidsbelasting van wegverkeerslawaai toe met 1 dB. De toename wordt veroorzaakt door het verkeer op de lokale wegen (Bosschebaan en interne wegen op Heesch West). De toename van 1 dB is voor het gemiddeld menselijk oor niet hoorbaar. De toename van de cumulatieve geluidsbelasting door de planontwikkeling bedraagt afgerond 2 dB en wordt met name door de toename van industrielawaai veroorzaakt ook al vindt deze toename onder de voorkeursgrenswaarde plaats.
672
Omdat de cumulatieve geluidsbelasting met 1,5 dB of meer toeneemt wordt beoordeeld of de geluidwering van de gevels van de woning van reclamant voldoet. Als input wordt de cumulatieve geluidsbelasting van 53 dB na de realisatie van Heesch-West als uitgangspunt aangehouden. Getoetst wordt aan de binnenwaarde die ook voor nieuwbouwwoningen wordt gebruikt. Als uit dit onderzoek blijkt dat de vereiste binnenwaarde niet wordt gehaald, dan worden (in overleg met bewoner) aanvullende gevelmaatregelen getroffen. Hiervoor zijn f inanciële middelen gereserveerd. Daarmee blijft sprake van een aanvaardbaar woon -en leef klimaat. Uit het voorgaande blijkt dat alleen sprake is van een geluidsbelasting die de voorkeursgrenswaarde door wegverkeerslawaai overschrijdt. Een overschrijding van de voorkeurgrenswaarde is aan de orde op de 1e verdieping van de noord- en de oostgevel van de woning. Op de zuidgevel van de woning wordt de voorkeursgrenswaarde niet overschreden zodat aan die zijde sprake is van een geluidsluwe situatie. Door de ligging van de woning is niet eenvoudig na te gaan aan welke zijde van de woning de buitenruimte is gelegen. Om deze reden is een aanvullende berekening uitgevoerd op een beoordelingshoogte van 1,5 m. Uit deze berekening blijkt dat aan de drie zijde van de woning waar een buitenruimte gepositioneerd kan zijn de voorkeursgrenswaarde niet wordt overschreden.
Deze zijden zijn de noord-, de oost- en de zuidgevel. De geluidsbelasting is maximaal 50 dB zonder de reductie ex artikel 110g Wgh op de noordgevel op een boordelingshoogte van 1,5 m. Inclusief deze reductie, die minimaal 2 dB bedraagt wordt de voorkeursgrenswaarde van 48 dB niet overschreden. Ook ter plaatse van de buitenruimte van de woning is daarom sprake van een geluidsluwe situatie. Omdat sprake is van een geluidsluwe gevel en een geluidsluwe buitenruimte en omdat de plandrempel van 60 dB, die in het Actieplan geluid van de gemeente ‘s-Hertogenbosch is vastgelegd (en die in dit plan ook voor grondgebied Bernheze wordt gehanteerd), is geen sprake van een onaanvaardbaar woon- en leef klimaat. Daarnaast worden zo nodig maatregelen aan de gevel getroffen om in de verblijfsruimten aan de binnenwaarde van nieuwbouw te voldoen zodat ook in de woning sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat.
673
125
125
125
125
-
-
-
-
1453
1454
1455
1456
Reclamant beweert dat het verkeersplan van het bestemmingsplan leidt tot een onaanvaardbare toename van files, sluipverkeer en onveilige situaties voor omwonenden, fietsers en wandelaars/hardlopers. Het is bovendien gebaseerd op onjuiste aannames en rekenmodellen, en niet op f eiten. Er zijn geen waarborgen ingebouwd voor aanpassing of handhaving voor het geval de doorstroming en verkeersveiligheid achterblijven bij de verwachtingen. Ervaringen met distributiecentra elders in het land laten zien dat deze voor grote maatschappelijke problemen kunnen zorgen (denk bijvoorbeeld aan huisvesting van arbeidsmigranten), waar in het plan geen rekening mee wordt gehouden. Reclamant stelt dat het plan in strijd is met de dringende behoefte aan meer natuur, onder andere om in te recreëren. Het plan vormt een directe bedreiging voor omliggende natuur- en recreatiegebieden en vormt een barrière voor de ontwikkeling van ecologische verbindingen tussen bestaande natuurgebieden. Dit klemt temeer omdat een landschappelijke inpassing van het plan nog niet is geborgd. Een goede landschappelijke inpassing (die geluidoverlast, lichtvervuiling en aantasting van het uitzicht moet beperken) is volgens reclamant een absolute voorwaarde voor een goede ruimtelijke ordening.
Reclamant stelt ook grote vraagtekens bij de waarde van de concept beleidsregel 'Circulair Kwaliteitsplan Heesch West', omdat deze niet in overeenstemming is met de plankaart en de daarbij behorende voorschriften. Reclamant stelt dat een stedelijke ontwikkeling met daarop enorme distributiedozen die 20 tot 30 meter hoog worden, niet passend is voor dit gebied. Volgens reclamant is het geenszins zeker dat voldaan kan worden aan de bepalingen uit de Interim Omgevingsverordening NoordBrabant (artikel van 5.3 lid 4). De noodzaak van het industrieterrein is volgens reclamant niet aangetoond en de aanvaardbaarheid van de gewenste uitbreidingsrichting is niet gemotiveerd. Verwijzend naar onderzoek van platform Eerlijk over Heesch West (mei 2021) stelt reclamant dat het participatieproces heeft gefaald. Er is geen sprake geweest van een dialoog en burgers voelen zich genegeerd. Betrokkenen worden geconfronteerd met onleesbare, onbegrijpelijke teksten gecombineerd met digitale (des)informatieve (promotie)bijeenkomsten. Pas na twee jaar zijn de zienswijzen in een onleesbaar rapport beantwoord. Individuele burgers is het onmogelijk gemaakt om zich in de reactie zienswijzen te herkennen.
Zie thema's Mobiliteit en Werkgelegenheid en arbeidsmigranten.
Zie thema's Natuur, Woon -en leefklimaat en Ruimtelijke kwaliteit.
Zie thema's Behoefte en Locatiekeuze en zorgvuldig ruimtegebruik.
Zie thema Proces en participatie.
674
125
-
1457
125
-
1458
125 92 1459
126 93 1460
Reclamant heef t het gevoel zich machteloos tegen een veelkoppig monster te moeten verweren. Reclamant noemt dat herhaaldelijk verzoek voor budget om onafhankelijke expertise in te kunnen huren, vanuit Eerlijk over Heesch West en van de Stichting Strijdbaar voor Leef baarheid, door de gemeente is afgewezen. Specialisten van de GGD en de Omgevingsdienst geven aan niets voor individuele burgers te kunnen betekenen. Daarnaast stelt reclamant dat de termijnen geen rekening houden met de hoeveelheid werk om alles te lezen en te begrijpen. Het planproces is verdeeld over een zeer lange periode en verschillende besturen en daarnaast veel verschillende belanghebbenden en bevoegdheden. Zie thema Proces en participatie. Op basis hiervan verzoekt reclamant om de plannen af te keuren en de bescherming van burgers op de eerste plaats te stellen. Reclamant behoudt zich tevens het recht voor om, na verdere bestudering van de plannen, nieuwe zienswijzen en aanvullende bezwaren in te dienen. Zie thema's Proces en participatie en Woon -en leef klimaat. Deze zienswijze is deels gegrond op het onderdeel ‘Circulair Kwaliteitsplan niet volledig in overeenstemming met de verbeelding en planregels’.
Dit deel is niet alleen een zienswijze op het bestemmingsplan, maar betreft ook tegelijkertijd een inspraakreactie op de concept beleidsregels Circulair Kwaliteitsplan (zie Eindverslag inspraak beleidsregels Circulair Kwaliteitsplan). Mede naar aanleiding van deze zienswijze is het Circulair Kwaliteitsplan verder uitgewerkt en zijn een aantal planregels daarop aangepast (zie thema Ruimtelijke kwaliteit). Voor het overige is de zienswijze ongegrond. Reclamant stelt dat het plan de gezondheid aantast en dat de gevolgen hiervan onvoldoende zijn onderkend en meegenomen in de planvorming. Gezondheidsschade wordt volgens reclamant veroorzaakt door toename van gecumuleerd lawaai (verstoort de rust en leidt tot meer stress en slecht slapen), stank, stof en gevaarlijke stoffen (risico op calamiteiten, Zie thema's Gezondheid, Geur, Stof, Externe veiligheid, longproblemen en beperken de bewegingsvrijheid). Daarnaast wordt ook Milieucategorie, Licht, Ruimtelijke kwaliteit, Geluid, Woon -en de nachtrust en het woongenot aangetast door lichthinder, het verdwijnen leef klimaat en Natuur. Wat betreft de geluidsbelastingen op de woning van vrij uitzicht, en toename van geluidsoverlast. Ook in de concept van reclamant. Voor deze woning is géén hogere waarde nodig voor beleidsregel 'Toekenning stikstofruimte bedrijventerrein Heesch West' industrielawaai en/of wegverkeerslawaai.
Daarnaast is geen sprake van wordt met de belangen van aan- en omwonenden geen rekening een wezenlijke toename (>1,5 dB) voor wegverkeerslawaai en/of de gehouden en wordt sec gekeken naar de benodigde stikstofemissieruimte cumulatieve geluidbelasting. Dit is ook per woning terug te vinden in voor de nieuw te vestigen bedrijven. bijlage 7 van het akoestisch onderzoek.
675
126
126
126
126
-
-
-
-
1461
1462
1463
1464
Reclamant beweert dat het verkeersplan van het bestemmingsplan leidt tot een onaanvaardbare toename van files, sluipverkeer en onveilige situaties voor omwonenden, fietsers en wandelaars/hardlopers. Het is bovendien gebaseerd op onjuiste aannames en rekenmodellen, en niet op f eiten. Er zijn geen waarborgen ingebouwd voor aanpassing of handhaving voor het geval de doorstroming en verkeersveiligheid achterblijven bij de verwachtingen. Ervaringen met distributiecentra elders in het land laten zien dat deze voor grote maatschappelijke problemen kunnen zorgen (denk bijvoorbeeld aan huisvesting van arbeidsmigranten), waar in het plan geen rekening mee wordt gehouden. Reclamant stelt dat het plan in strijd is met de dringende behoefte aan meer natuur, onder andere om in te recreëren. Het plan vormt een directe bedreiging voor omliggende natuur- en recreatiegebieden en vormt een barrière voor de ontwikkeling van ecologische verbindingen tussen bestaande natuurgebieden. Dit klemt temeer omdat een landschappelijke inpassing van het plan nog niet is geborgd. Een goede landschappelijke inpassing (die geluidoverlast, lichtvervuiling en aantasting van het uitzicht moet beperken) is volgens reclamant een absolute voorwaarde voor een goede ruimtelijke ordening.
Reclamant stelt ook grote vraagtekens bij de waarde van de concept beleidsregel 'Circulair Kwaliteitsplan Heesch West', omdat deze niet in overeenstemming is met de plankaart en de daarbij behorende voorschriften. Reclamant stelt dat een stedelijke ontwikkeling met daarop enorme distributiedozen die 20 tot 30 meter hoog worden, niet passend is voor dit gebied. Volgens reclamant is het geenszins zeker dat voldaan kan worden aan de bepalingen uit de Interim Omgevingsverordening NoordBrabant (artikel van 5.3 lid 4). De noodzaak van het industrieterrein is volgens reclamant niet aangetoond en de aanvaardbaarheid van de gewenste uitbreidingsrichting is niet gemotiveerd. Verwijzend naar onderzoek van platform Eerlijk over Heesch West (mei 2021) stelt reclamant dat het participatieproces heeft gefaald. Er is geen sprake geweest van een dialoog en burgers voelen zich genegeerd. Betrokkenen worden geconfronteerd met onleesbare, onbegrijpelijke teksten gecombineerd met digitale (des)informatieve (promotie)bijeenkomsten. Pas na twee jaar zijn de zienswijzen in een onleesbaar rapport beantwoord. Individuele burgers is het onmogelijk gemaakt om zich in de reactie zienswijzen te herkennen.
Zie thema's Mobiliteit en Werkgelegenheid en arbeidsmigranten.
Zie thema's Natuur, Woon -en leefklimaat en Ruimtelijke kwaliteit.
Zie thema's Behoefte en Locatiekeuze en zorgvuldig ruimtegebruik.
Zie thema Proces en participatie.
676
126
-
1465
126
-
1466
126 93 1467
127
94 1468
Reclamant heef t het gevoel zich machteloos tegen een veelkoppig monster te moeten verweren. Reclamant noemt dat herhaaldelijk verzoek voor budget om onafhankelijke expertise in te kunnen huren, vanuit Eerlijk over Heesch West en van de Stichting Strijdbaar voor Leef baarheid, door de gemeente is afgewezen. Specialisten van de GGD en de Omgevingsdienst geven aan niets voor individuele burgers te kunnen betekenen. Daarnaast stelt reclamant dat de termijnen geen rekening houden met de hoeveelheid werk om alles te lezen en te begrijpen. Het planproces is verdeeld over een zeer lange periode en verschillende besturen en daarnaast veel verschillende belanghebbenden en bevoegdheden. Zie thema Proces en participatie. Op basis hiervan verzoekt reclamant om de plannen af te keuren en de bescherming van burgers op de eerste plaats te stellen. Reclamant behoudt zich tevens het recht voor om, na verdere bestudering van de plannen, nieuwe zienswijzen en aanvullende bezwaren in te dienen. Zie thema's Proces en participatie en Woon -en leef klimaat. Deze zienswijze is deels gegrond op het onderdeel ‘Circulair Kwaliteitsplan niet volledig in overeenstemming met de verbeelding en planregels’.
Dit deel is niet alleen een zienswijze op het bestemmingsplan, maar betreft ook tegelijkertijd een inspraakreactie op de concept beleidsregels Circulair Kwaliteitsplan (zie Eindverslag inspraak beleidsregels Circulair Kwaliteitsplan). Mede naar aanleiding van deze zienswijze is het Circulair Kwaliteitsplan verder uitgewerkt en zijn een aantal planregels daarop aangepast (zie thema Ruimtelijke kwaliteit). Voor het overige is de zienswijze ongegrond. Reclamant stelt dat het plan de gezondheid aantast en dat de gevolgen hiervan onvoldoende zijn onderkend en meegenomen in de planvorming. Gezondheidsschade wordt volgens reclamant veroorzaakt door toename van gecumuleerd lawaai (verstoort de rust en leidt tot meer stress en slecht slapen), stank, stof en gevaarlijke stoffen (risico op calamiteiten, Zie thema's Gezondheid, Geur, Stof, Externe veiligheid, longproblemen en beperken de bewegingsvrijheid). Daarnaast wordt ook Milieucategorie, Licht, Ruimtelijke kwaliteit, Geluid, Woon -en de nachtrust en het woongenot aangetast door lichthinder, het verdwijnen leef klimaat en Natuur. Wat betreft de geluidsbelastingen op de woning van vrij uitzicht, en toename van geluidsoverlast. Ook in de concept van reclamant. Voor deze woning is géén hogere waarde nodig voor beleidsregel 'Toekenning stikstofruimte bedrijventerrein Heesch West' industrielawaai en/of wegverkeerslawaai.
Daarnaast is geen sprake van wordt met de belangen van aan- en omwonenden geen rekening een wezenlijke toename (>1,5 dB) voor wegverkeerslawaai en/of de gehouden en wordt sec gekeken naar de benodigde stikstofemissieruimte cumulatieve geluidbelasting. Dit is ook per woning terug te vinden in voor de nieuw te vestigen bedrijven. bijlage 7 van het akoestisch onderzoek.
677
127
127
127
127
-
-
-
-
1469
1470
1471
1472
Reclamant beweert dat het verkeersplan van het bestemmingsplan leidt tot een onaanvaardbare toename van files, sluipverkeer en onveilige situaties voor omwonenden, fietsers en wandelaars/hardlopers. Het is bovendien gebaseerd op onjuiste aannames en rekenmodellen, en niet op f eiten. Er zijn geen waarborgen ingebouwd voor aanpassing of handhaving voor het geval de doorstroming en verkeersveiligheid achterblijven bij de verwachtingen. Ervaringen met distributiecentra elders in het land laten zien dat deze voor grote maatschappelijke problemen kunnen zorgen (denk bijvoorbeeld aan huisvesting van arbeidsmigranten), waar in het plan geen rekening mee wordt gehouden. Reclamant stelt dat het plan in strijd is met de dringende behoefte aan meer natuur, onder andere om in te recreëren. Het plan vormt een directe bedreiging voor omliggende natuur- en recreatiegebieden en vormt een barrière voor de ontwikkeling van ecologische verbindingen tussen bestaande natuurgebieden. Dit klemt temeer omdat een landschappelijke inpassing van het plan nog niet is geborgd. Een goede landschappelijke inpassing (die geluidoverlast, lichtvervuiling en aantasting van het uitzicht moet beperken) is volgens reclamant een absolute voorwaarde voor een goede ruimtelijke ordening.
Reclamant stelt ook grote vraagtekens bij de waarde van de concept beleidsregel 'Circulair Kwaliteitsplan Heesch West', omdat deze niet in overeenstemming is met de plankaart en de daarbij behorende voorschriften. Reclamant stelt dat een stedelijke ontwikkeling met daarop enorme distributiedozen die 20 tot 30 meter hoog worden, niet passend is voor dit gebied. Volgens reclamant is het geenszins zeker dat voldaan kan worden aan de bepalingen uit de Interim Omgevingsverordening NoordBrabant (artikel van 5.3 lid 4). De noodzaak van het industrieterrein is volgens reclamant niet aangetoond en de aanvaardbaarheid van de gewenste uitbreidingsrichting is niet gemotiveerd. Verwijzend naar onderzoek van platform Eerlijk over Heesch West (mei 2021) stelt reclamant dat het participatieproces heeft gefaald. Er is geen sprake geweest van een dialoog en burgers voelen zich genegeerd. Betrokkenen worden geconfronteerd met onleesbare, onbegrijpelijke teksten gecombineerd met digitale (des)informatieve (promotie)bijeenkomsten. Pas na twee jaar zijn de zienswijzen in een onleesbaar rapport beantwoord. Individuele burgers is het onmogelijk gemaakt om zich in de reactie zienswijzen te herkennen.
Zie thema's Mobiliteit en Werkgelegenheid en arbeidsmigranten.
Zie thema's Natuur, Woon -en leefklimaat en Ruimtelijke kwaliteit.
Zie thema's Behoefte en Locatiekeuze en zorgvuldig ruimtegebruik.
Zie thema Proces en participatie.
678
127
-
1473
127
-
1474
127 94 1475
128
95 1476
Reclamant heef t het gevoel zich machteloos tegen een veelkoppig monster te moeten verweren. Reclamant noemt dat herhaaldelijk verzoek voor budget om onafhankelijke expertise in te kunnen huren, vanuit Eerlijk over Heesch West en van de Stichting Strijdbaar voor Leef baarheid, door de gemeente is afgewezen. Specialisten van de GGD en de Omgevingsdienst geven aan niets voor individuele burgers te kunnen betekenen. Daarnaast stelt reclamant dat de termijnen geen rekening houden met de hoeveelheid werk om alles te lezen en te begrijpen. Het planproces is verdeeld over een zeer lange periode en verschillende besturen en daarnaast veel verschillende belanghebbenden en bevoegdheden. Zie thema Proces en participatie. Op basis hiervan verzoekt reclamant om de plannen af te keuren en de bescherming van burgers op de eerste plaats te stellen. Reclamant behoudt zich tevens het recht voor om, na verdere bestudering van de plannen, nieuwe zienswijzen en aanvullende bezwaren in te dienen. Zie thema's Proces en participatie en Woon -en leef klimaat. Deze zienswijze is deels gegrond op het onderdeel ‘Circulair Kwaliteitsplan niet volledig in overeenstemming met de verbeelding en planregels’.
Dit deel is niet alleen een zienswijze op het bestemmingsplan, maar betreft ook tegelijkertijd een inspraakreactie op de concept beleidsregels Circulair Kwaliteitsplan (zie Eindverslag inspraak beleidsregels Circulair Kwaliteitsplan). Mede naar aanleiding van deze zienswijze is het Circulair Kwaliteitsplan verder uitgewerkt en zijn een aantal planregels daarop aangepast (zie thema Ruimtelijke kwaliteit). Voor het overige is de zienswijze ongegrond. Reclamant stelt dat het plan de gezondheid aantast en dat de gevolgen hiervan onvoldoende zijn onderkend en meegenomen in de planvorming. Gezondheidsschade wordt volgens reclamant veroorzaakt door toename van gecumuleerd lawaai (verstoort de rust en leidt tot meer stress en slecht slapen), stank, stof en gevaarlijke stoffen (risico op calamiteiten, Zie thema's Gezondheid, Geur, Stof, Externe veiligheid, longproblemen en beperken de bewegingsvrijheid). Daarnaast wordt ook Milieucategorie, Licht, Ruimtelijke kwaliteit, Geluid, Woon -en de nachtrust en het woongenot aangetast door lichthinder, het verdwijnen leef klimaat en Natuur. Wat betreft de geluidsbelastingen op de woning van vrij uitzicht, en toename van geluidsoverlast. Ook in de concept van reclamant. Voor deze woning is géén hogere waarde nodig voor beleidsregel 'Toekenning stikstofruimte bedrijventerrein Heesch West' industrielawaai en/of wegverkeerslawaai.
Daarnaast is geen sprake van wordt met de belangen van aan- en omwonenden geen rekening een wezenlijke toename (>1,5 dB) voor wegverkeerslawaai en/of de gehouden en wordt sec gekeken naar de benodigde stikstofemissieruimte cumulatieve geluidbelasting. Dit is ook per woning terug te vinden in voor de nieuw te vestigen bedrijven. bijlage 7 van het akoestisch onderzoek.
679
128
128
128
128
-
-
-
-
1477
1478
1479
1480
Reclamant beweert dat het verkeersplan van het bestemmingsplan leidt tot een onaanvaardbare toename van files, sluipverkeer en onveilige situaties voor omwonenden, fietsers en wandelaars/hardlopers. Het is bovendien gebaseerd op onjuiste aannames en rekenmodellen, en niet op f eiten. Er zijn geen waarborgen ingebouwd voor aanpassing of handhaving voor het geval de doorstroming en verkeersveiligheid achterblijven bij de verwachtingen. Ervaringen met distributiecentra elders in het land laten zien dat deze voor grote maatschappelijke problemen kunnen zorgen (denk bijvoorbeeld aan huisvesting van arbeidsmigranten), waar in het plan geen rekening mee wordt gehouden. Reclamant stelt dat het plan in strijd is met de dringende behoefte aan meer natuur, onder andere om in te recreëren. Het plan vormt een directe bedreiging voor omliggende natuur- en recreatiegebieden en vormt een barrière voor de ontwikkeling van ecologische verbindingen tussen bestaande natuurgebieden. Dit klemt temeer omdat een landschappelijke inpassing van het plan nog niet is geborgd. Een goede landschappelijke inpassing (die geluidoverlast, lichtvervuiling en aantasting van het uitzicht moet beperken) is volgens reclamant een absolute voorwaarde voor een goede ruimtelijke ordening.
Reclamant stelt ook grote vraagtekens bij de waarde van de concept beleidsregel 'Circulair Kwaliteitsplan Heesch West', omdat deze niet in overeenstemming is met de plankaart en de daarbij behorende voorschriften. Reclamant stelt dat een stedelijke ontwikkeling met daarop enorme distributiedozen die 20 tot 30 meter hoog worden, niet passend is voor dit gebied. Volgens reclamant is het geenszins zeker dat voldaan kan worden aan de bepalingen uit de Interim Omgevingsverordening NoordBrabant (artikel van 5.3 lid 4). De noodzaak van het industrieterrein is volgens reclamant niet aangetoond en de aanvaardbaarheid van de gewenste uitbreidingsrichting is niet gemotiveerd. Verwijzend naar onderzoek van platform Eerlijk over Heesch West (mei 2021) stelt reclamant dat het participatieproces heeft gefaald. Er is geen sprake geweest van een dialoog en burgers voelen zich genegeerd. Betrokkenen worden geconfronteerd met onleesbare, onbegrijpelijke teksten gecombineerd met digitale (des)informatieve (promotie)bijeenkomsten. Pas na twee jaar zijn de zienswijzen in een onleesbaar rapport beantwoord. Individuele burgers is het onmogelijk gemaakt om zich in de reactie zienswijzen te herkennen.
Zie thema's Mobiliteit en Werkgelegenheid en arbeidsmigranten.
Zie thema's Natuur, Woon -en leefklimaat en Ruimtelijke kwaliteit.
Zie thema's Behoefte en Locatiekeuze en zorgvuldig ruimtegebruik.
Zie thema Proces en participatie.
680
128
-
1481
128
-
1482
128 95 1483
129 96 1484
Reclamant heef t het gevoel zich machteloos tegen een veelkoppig monster te moeten verweren. Reclamant noemt dat herhaaldelijk verzoek voor budget om onafhankelijke expertise in te kunnen huren, vanuit Eerlijk over Heesch West en van de Stichting Strijdbaar voor Leef baarheid, door de gemeente is afgewezen. Specialisten van de GGD en de Omgevingsdienst geven aan niets voor individuele burgers te kunnen betekenen. Daarnaast stelt reclamant dat de termijnen geen rekening houden met de hoeveelheid werk om alles te lezen en te begrijpen. Het planproces is verdeeld over een zeer lange periode en verschillende besturen en daarnaast veel verschillende belanghebbenden en bevoegdheden. Zie thema Proces en participatie. Op basis hiervan verzoekt reclamant om de plannen af te keuren en de bescherming van burgers op de eerste plaats te stellen. Reclamant behoudt zich tevens het recht voor om, na verdere bestudering van de plannen, nieuwe zienswijzen en aanvullende bezwaren in te dienen. Zie thema's Proces en participatie en Woon -en leef klimaat. Deze zienswijze is deels gegrond op het onderdeel ‘Circulair Kwaliteitsplan niet volledig in overeenstemming met de verbeelding en planregels’.
Dit deel is niet alleen een zienswijze op het bestemmingsplan, maar betreft ook tegelijkertijd een inspraakreactie op de concept beleidsregels Circulair Kwaliteitsplan (zie Eindverslag inspraak beleidsregels Circulair Kwaliteitsplan). Mede naar aanleiding van deze zienswijze is het Circulair Kwaliteitsplan verder uitgewerkt en zijn een aantal planregels daarop aangepast (zie thema Ruimtelijke kwaliteit). Voor het overige is de zienswijze ongegrond. Reclamant stelt dat het plan de gezondheid aantast en dat de gevolgen hiervan onvoldoende zijn onderkend en meegenomen in de planvorming. Gezondheidsschade wordt volgens reclamant veroorzaakt door toename van gecumuleerd lawaai (verstoort de rust en leidt tot meer stress en slecht slapen), stank, stof en gevaarlijke stoffen (risico op calamiteiten, Zie thema's Gezondheid, Geur, Stof, Externe veiligheid, longproblemen en beperken de bewegingsvrijheid). Daarnaast wordt ook Milieucategorie, Licht, Ruimtelijke kwaliteit, Geluid, Woon -en de nachtrust en het woongenot aangetast door lichthinder, het verdwijnen leef klimaat en Natuur. Wat betreft de geluidsbelastingen op de woning van vrij uitzicht, en toename van geluidsoverlast. Ook in de concept van reclamant. Voor deze woning is géén hogere waarde nodig voor beleidsregel 'Toekenning stikstofruimte bedrijventerrein Heesch West' industrielawaai en/of wegverkeerslawaai.
Daarnaast is geen sprake van wordt met de belangen van aan- en omwonenden geen rekening een wezenlijke toename (>1,5 dB) voor wegverkeerslawaai en/of de gehouden en wordt sec gekeken naar de benodigde stikstofemissieruimte cumulatieve geluidbelasting. Dit is ook per woning terug te vinden in voor de nieuw te vestigen bedrijven. bijlage 7 van het akoestisch onderzoek.
681
129
129
129
129
-
-
-
-
1485
1486
1487
1488
Reclamant beweert dat het verkeersplan van het bestemmingsplan leidt tot een onaanvaardbare toename van files, sluipverkeer en onveilige situaties voor omwonenden, fietsers en wandelaars/hardlopers. Het is bovendien gebaseerd op onjuiste aannames en rekenmodellen, en niet op f eiten. Er zijn geen waarborgen ingebouwd voor aanpassing of handhaving voor het geval de doorstroming en verkeersveiligheid achterblijven bij de verwachtingen. Ervaringen met distributiecentra elders in het land laten zien dat deze voor grote maatschappelijke problemen kunnen zorgen (denk bijvoorbeeld aan huisvesting van arbeidsmigranten), waar in het plan geen rekening mee wordt gehouden. Reclamant stelt dat het plan in strijd is met de dringende behoefte aan meer natuur, onder andere om in te recreëren. Het plan vormt een directe bedreiging voor omliggende natuur- en recreatiegebieden en vormt een barrière voor de ontwikkeling van ecologische verbindingen tussen bestaande natuurgebieden. Dit klemt temeer omdat een landschappelijke inpassing van het plan nog niet is geborgd. Een goede landschappelijke inpassing (die geluidoverlast, lichtvervuiling en aantasting van het uitzicht moet beperken) is volgens reclamant een absolute voorwaarde voor een goede ruimtelijke ordening.
Reclamant stelt ook grote vraagtekens bij de waarde van de concept beleidsregel 'Circulair Kwaliteitsplan Heesch West', omdat deze niet in overeenstemming is met de plankaart en de daarbij behorende voorschriften. Reclamant stelt dat een stedelijke ontwikkeling met daarop enorme distributiedozen die 20 tot 30 meter hoog worden, niet passend is voor dit gebied. Volgens reclamant is het geenszins zeker dat voldaan kan worden aan de bepalingen uit de Interim Omgevingsverordening NoordBrabant (artikel van 5.3 lid 4). De noodzaak van het industrieterrein is volgens reclamant niet aangetoond en de aanvaardbaarheid van de gewenste uitbreidingsrichting is niet gemotiveerd. Verwijzend naar onderzoek van platform Eerlijk over Heesch West (mei 2021) stelt reclamant dat het participatieproces heeft gefaald. Er is geen sprake geweest van een dialoog en burgers voelen zich genegeerd. Betrokkenen worden geconfronteerd met onleesbare, onbegrijpelijke teksten gecombineerd met digitale (des)informatieve (promotie)bijeenkomsten. Pas na twee jaar zijn de zienswijzen in een onleesbaar rapport beantwoord. Individuele burgers is het onmogelijk gemaakt om zich in de reactie zienswijzen te herkennen.
Zie thema's Mobiliteit en Werkgelegenheid en arbeidsmigranten.
Zie thema's Natuur, Woon -en leefklimaat en Ruimtelijke kwaliteit.
Zie thema's Behoefte en Locatiekeuze en zorgvuldig ruimtegebruik.
Zie thema Proces en participatie.
682
129
-
1489
129
-
1490
129 96 1491
Reclamant heef t het gevoel zich machteloos tegen een veelkoppig monster te moeten verweren. Reclamant noemt dat herhaaldelijk verzoek voor budget om onafhankelijke expertise in te kunnen huren, vanuit Eerlijk over Heesch West en van de Stichting Strijdbaar voor Leef baarheid, door de gemeente is afgewezen. Specialisten van de GGD en de Omgevingsdienst geven aan niets voor individuele burgers te kunnen betekenen. Daarnaast stelt reclamant dat de termijnen geen rekening houden met de hoeveelheid werk om alles te lezen en te begrijpen. Het planproces is verdeeld over een zeer lange periode en verschillende besturen en daarnaast veel verschillende belanghebbenden en bevoegdheden. Zie thema Proces en participatie. Op basis hiervan verzoekt reclamant om de plannen af te keuren en de bescherming van burgers op de eerste plaats te stellen. Reclamant behoudt zich tevens het recht voor om, na verdere bestudering van de plannen, nieuwe zienswijzen en aanvullende bezwaren in te dienen. Zie thema's Proces en participatie en Woon -en leef klimaat. Deze zienswijze is deels gegrond op het onderdeel ‘Circulair Kwaliteitsplan niet volledig in overeenstemming met de verbeelding en planregels’.
Dit deel is niet alleen een zienswijze op het bestemmingsplan, maar betreft ook tegelijkertijd een inspraakreactie op de concept beleidsregels Circulair Kwaliteitsplan (zie Eindverslag inspraak beleidsregels Circulair Kwaliteitsplan). Mede naar aanleiding van deze zienswijze is het Circulair Kwaliteitsplan verder uitgewerkt en zijn een aantal planregels daarop aangepast (zie thema Ruimtelijke kwaliteit). Voor het overige is de zienswijze ongegrond.
683
130
97 1492
130
-
1493
Reclamant stelt dat het plan de gezondheid aantast en dat de gevolgen hiervan onvoldoende zijn onderkend en meegenomen in de planvorming. Gezondheidsschade wordt volgens reclamant veroorzaakt door toename van gecumuleerd lawaai (verstoort de rust en leidt tot meer stress en slecht slapen), stank, stof en gevaarlijke stoffen (risico op calamiteiten, longproblemen en beperken de bewegingsvrijheid). Daarnaast wordt ook de nachtrust en het woongenot aangetast door lichthinder, het verdwijnen van vrij uitzicht, en toename van geluidsoverlast. Ook in de concept beleidsregel 'Toekenning stikstofruimte bedrijventerrein Heesch West' wordt met de belangen van aan- en omwonenden geen rekening Zie thema's Gezondheid, Geur, Stof, Externe veiligheid, gehouden en wordt sec gekeken naar de benodigde stikstofemissieruimte Milieucategorie, Licht, Ruimtelijke kwaliteit, Geluid, Woon -en voor de nieuw te vestigen bedrijven. leef klimaat en Natuur. Wat betref t de geluidsbelastingen op de woning van reclamant. Voor deze woning is géén hogere waarde nodig voor industrielawaai en/of wegverkeerslawaai. Daarnaast is geen sprake van een wezenlijke toename (>1,5 dB) voor wegverkeerslawaai en/of de cumulatieve geluidbelasting. Dit is ook per woning terug te vinden in bijlage 7 van het akoestisch onderzoek.
Reclamant beweert dat het verkeersplan van het bestemmingsplan leidt tot een onaanvaardbare toename van files, sluipverkeer en onveilige situaties voor omwonenden, fietsers en wandelaars/hardlopers. Het is bovendien gebaseerd op onjuiste aannames en rekenmodellen, en niet op f eiten. Er zijn geen waarborgen ingebouwd voor aanpassing of handhaving voor het geval de doorstroming en verkeersveiligheid achterblijven bij de verwachtingen. Ervaringen met distributiecentra elders in het land laten zien dat deze voor grote maatschappelijke problemen kunnen zorgen (denk bijvoorbeeld aan huisvesting van arbeidsmigranten), waar in het plan geen rekening mee wordt gehouden. Zie thema's Mobiliteit en Werkgelegenheid en arbeidsmigranten.
684
130
130
130
130
-
-
-
-
1494
1495
1496
1497
Reclamant stelt dat het plan in strijd is met de dringende behoefte aan meer natuur, onder andere om in te recreëren. Het plan vormt een directe bedreiging voor omliggende natuur- en recreatiegebieden en vormt een barrière voor de ontwikkeling van ecologische verbindingen tussen bestaande natuurgebieden. Dit klemt temeer omdat een landschappelijke inpassing van het plan nog niet is geborgd. Een goede landschappelijke inpassing (die geluidoverlast, lichtvervuiling en aantasting van het uitzicht moet beperken) is volgens reclamant een absolute voorwaarde voor een goede ruimtelijke ordening. Reclamant stelt ook grote vraagtekens bij de waarde van de concept beleidsregel 'Circulair Kwaliteitsplan Heesch West', omdat deze niet in overeenstemming is met de plankaart en de daarbij behorende voorschriften. Reclamant stelt dat een stedelijke ontwikkeling met daarop enorme distributiedozen die 20 tot 30 meter hoog worden, niet passend is voor dit gebied. Volgens reclamant is het geenszins zeker dat voldaan kan worden aan de bepalingen uit de Interim Omgevingsverordening NoordBrabant (artikel van 5.3 lid 4). De noodzaak van het industrieterrein is volgens reclamant niet aangetoond en de aanvaardbaarheid van de gewenste uitbreidingsrichting is niet gemotiveerd.
Verwijzend naar onderzoek van platform Eerlijk over Heesch West (mei 2021) stelt reclamant dat het participatieproces heeft gefaald. Er is geen sprake geweest van een dialoog en burgers voelen zich genegeerd. Betrokkenen worden geconfronteerd met onleesbare, onbegrijpelijke teksten gecombineerd met digitale (des)informatieve (promotie)bijeenkomsten. Pas na twee jaar zijn de zienswijzen in een onleesbaar rapport beantwoord. Individuele burgers is het onmogelijk gemaakt om zich in de reactie zienswijzen te herkennen. Reclamant heef t het gevoel zich machteloos tegen een veelkoppig monster te moeten verweren. Reclamant noemt dat herhaaldelijk verzoek voor budget om onafhankelijke expertise in te kunnen huren, vanuit Eerlijk over Heesch West en van de Stichting Strijdbaar voor Leef baarheid, door de gemeente is afgewezen. Specialisten van de GGD en de Omgevingsdienst geven aan niets voor individuele burgers te kunnen betekenen. Daarnaast stelt reclamant dat de termijnen geen rekening houden met de hoeveelheid werk om alles te lezen en te begrijpen. Het planproces is verdeeld over een zeer lange periode en verschillende besturen en daarnaast veel verschillende belanghebbenden en bevoegdheden.
Zie thema's Natuur, Woon -en leefklimaat en Ruimtelijke kwaliteit.
Zie thema's Behoefte en Locatiekeuze en zorgvuldig ruimtegebruik.
Zie thema Proces en participatie.
Zie thema Proces en participatie.
685
130
-
1498
Op basis hiervan verzoekt reclamant om de plannen af te keuren en de bescherming van burgers op de eerste plaats te stellen. Reclamant behoudt zich tevens het recht voor om, na verdere bestudering van de plannen, nieuwe zienswijzen en aanvullende bezwaren in te dienen.
130 97 1499
131
98 1500
131
-
1501
Reclamant stelt dat het plan de gezondheid aantast en dat de gevolgen hiervan onvoldoende zijn onderkend en meegenomen in de planvorming. Gezondheidsschade wordt volgens reclamant veroorzaakt door toename van gecumuleerd lawaai (verstoort de rust en leidt tot meer stress en slecht slapen), stank, stof en gevaarlijke stoffen (risico op calamiteiten, longproblemen en beperken de bewegingsvrijheid). Daarnaast wordt ook de nachtrust en het woongenot aangetast door lichthinder, het verdwijnen van vrij uitzicht, en toename van geluidsoverlast. Ook in de concept beleidsregel 'Toekenning stikstofruimte bedrijventerrein Heesch West' wordt met de belangen van aan- en omwonenden geen rekening gehouden en wordt sec gekeken naar de benodigde stikstofemissieruimte voor de nieuw te vestigen bedrijven. Reclamant beweert dat het verkeersplan van het bestemmingsplan leidt tot een onaanvaardbare toename van files, sluipverkeer en onveilige situaties voor omwonenden, fietsers en wandelaars/hardlopers. Het is bovendien gebaseerd op onjuiste aannames en rekenmodellen, en niet op f eiten. Er zijn geen waarborgen ingebouwd voor aanpassing of handhaving voor het geval de doorstroming en verkeersveiligheid achterblijven bij de verwachtingen.
Ervaringen met distributiecentra elders in het land laten zien dat deze voor grote maatschappelijke problemen kunnen zorgen (denk bijvoorbeeld aan huisvesting van arbeidsmigranten), waar in het plan geen rekening mee wordt gehouden.
Zie thema's Proces en participatie en Woon -en leef klimaat. Deze zienswijze is deels gegrond op het onderdeel ‘Circulair Kwaliteitsplan niet volledig in overeenstemming met de verbeelding en planregels’. Dit deel is niet alleen een zienswijze op het bestemmingsplan, maar betreft ook tegelijkertijd een inspraakreactie op de concept beleidsregels Circulair Kwaliteitsplan (zie Eindverslag inspraak beleidsregels Circulair Kwaliteitsplan). Mede naar aanleiding van deze zienswijze is het Circulair Kwaliteitsplan verder uitgewerkt en zijn een aantal planregels daarop aangepast (zie thema Ruimtelijke kwaliteit). Voor het overige is de zienswijze ongegrond.
Zie thema's Gezondheid, Geur, Stof, Externe veiligheid, Milieucategorie, Licht, Ruimtelijke kwaliteit, Geluid, Woon -en leef klimaat en Natuur. Wat betreft de geluidsbelastingen op de woning van reclamant. Voor deze woning is géén hogere waarde nodig voor industrielawaai en/of wegverkeerslawaai. Daarnaast is geen sprake van een wezenlijke toename (>1,5 dB) voor wegverkeerslawaai en/of de cumulatieve geluidbelasting. Dit is ook per woning terug te vinden in bijlage 7 van het akoestisch onderzoek.
Zie thema's Mobiliteit en Werkgelegenheid en arbeidsmigranten.
686
131
131
131
131
-
-
-
-
1502
1503
1504
1505
Reclamant stelt dat het plan in strijd is met de dringende behoefte aan meer natuur, onder andere om in te recreëren. Het plan vormt een directe bedreiging voor omliggende natuur- en recreatiegebieden en vormt een barrière voor de ontwikkeling van ecologische verbindingen tussen bestaande natuurgebieden. Dit klemt temeer omdat een landschappelijke inpassing van het plan nog niet is geborgd. Een goede landschappelijke inpassing (die geluidoverlast, lichtvervuiling en aantasting van het uitzicht moet beperken) is volgens reclamant een absolute voorwaarde voor een goede ruimtelijke ordening. Reclamant stelt ook grote vraagtekens bij de waarde van de concept beleidsregel 'Circulair Kwaliteitsplan Heesch West', omdat deze niet in overeenstemming is met de plankaart en de daarbij behorende voorschriften. Reclamant stelt dat een stedelijke ontwikkeling met daarop enorme distributiedozen die 20 tot 30 meter hoog worden, niet passend is voor dit gebied. Volgens reclamant is het geenszins zeker dat voldaan kan worden aan de bepalingen uit de Interim Omgevingsverordening NoordBrabant (artikel van 5.3 lid 4). De noodzaak van het industrieterrein is volgens reclamant niet aangetoond en de aanvaardbaarheid van de gewenste uitbreidingsrichting is niet gemotiveerd.
Verwijzend naar onderzoek van platform Eerlijk over Heesch West (mei 2021) stelt reclamant dat het participatieproces heeft gefaald. Er is geen sprake geweest van een dialoog en burgers voelen zich genegeerd. Betrokkenen worden geconfronteerd met onleesbare, onbegrijpelijke teksten gecombineerd met digitale (des)informatieve (promotie)bijeenkomsten. Pas na twee jaar zijn de zienswijzen in een onleesbaar rapport beantwoord. Individuele burgers is het onmogelijk gemaakt om zich in de reactie zienswijzen te herkennen. Reclamant heef t het gevoel zich machteloos tegen een veelkoppig monster te moeten verweren. Reclamant noemt dat herhaaldelijk verzoek voor budget om onafhankelijke expertise in te kunnen huren, vanuit Eerlijk over Heesch West en van de Stichting Strijdbaar voor Leef baarheid, door de gemeente is afgewezen. Specialisten van de GGD en de Omgevingsdienst geven aan niets voor individuele burgers te kunnen betekenen. Daarnaast stelt reclamant dat de termijnen geen rekening houden met de hoeveelheid werk om alles te lezen en te begrijpen. Het planproces is verdeeld over een zeer lange periode en verschillende besturen en daarnaast veel verschillende belanghebbenden en bevoegdheden.
Zie thema's Natuur, Woon -en leefklimaat en Ruimtelijke kwaliteit.
Zie thema's Behoefte en Locatiekeuze en zorgvuldig ruimtegebruik.
Zie thema Proces en participatie.
Zie thema Proces en participatie.
687
131
-
1506
Op basis hiervan verzoekt reclamant om de plannen af te keuren en de bescherming van burgers op de eerste plaats te stellen. Reclamant behoudt zich tevens het recht voor om, na verdere bestudering van de plannen, nieuwe zienswijzen en aanvullende bezwaren in te dienen.
131 98 1507
132
132
99 1508
-
1509
Reclamant stelt dat het plan de gezondheid aantast en dat de gevolgen hiervan onvoldoende zijn onderkend en meegenomen in de planvorming. Gezondheidsschade wordt volgens reclamant veroorzaakt door toename van gecumuleerd lawaai (verstoort de rust en leidt tot meer stress en slecht slapen), stank, stof en gevaarlijke stoffen (risico op calamiteiten, longproblemen en beperken de bewegingsvrijheid). Daarnaast wordt ook de nachtrust en het woongenot aangetast door lichthinder, het verdwijnen van vrij uitzicht, en toename van geluidsoverlast. Ook in de concept beleidsregel 'Toekenning stikstofruimte bedrijventerrein Heesch West' wordt met de belangen van aan- en omwonenden geen rekening gehouden en wordt sec gekeken naar de benodigde stikstofemissieruimte voor de nieuw te vestigen bedrijven. Reclamant beweert dat het verkeersplan van het bestemmingsplan leidt tot een onaanvaardbare toename van files, sluipverkeer en onveilige situaties voor omwonenden, fietsers en wandelaars/hardlopers. Het is bovendien gebaseerd op onjuiste aannames en rekenmodellen, en niet op f eiten. Er zijn geen waarborgen ingebouwd voor aanpassing of handhaving voor het geval de doorstroming en verkeersveiligheid achterblijven bij de verwachtingen.
Ervaringen met distributiecentra elders in het land laten zien dat deze voor grote maatschappelijke problemen kunnen zorgen (denk bijvoorbeeld aan huisvesting van arbeidsmigranten), waar in het plan geen rekening mee wordt gehouden.
Zie thema's Proces en participatie en Woon -en leef klimaat. Deze zienswijze is deels gegrond op het onderdeel ‘Circulair Kwaliteitsplan niet volledig in overeenstemming met de verbeelding en planregels’. Dit deel is niet alleen een zienswijze op het bestemmingsplan, maar betreft ook tegelijkertijd een inspraakreactie op de concept beleidsregels Circulair Kwaliteitsplan (zie Eindverslag inspraak beleidsregels Circulair Kwaliteitsplan). Mede naar aanleiding van deze zienswijze is het Circulair Kwaliteitsplan verder uitgewerkt en zijn een aantal planregels daarop aangepast (zie thema Ruimtelijke kwaliteit). Voor het overige is de zienswijze ongegrond.
Zie thema's Gezondheid, Geur, Stof, Externe veiligheid, Milieucategorie, Licht, Ruimtelijke kwaliteit, Geluid, Woon -en leef klimaat en Natuur. Zie verder het antwoord onder 1514r.
Zie thema's Mobiliteit en Werkgelegenheid en arbeidsmigranten.
688
132
132
132
132
-
-
-
-
1510
1511
1512
1513
Reclamant stelt dat het plan in strijd is met de dringende behoefte aan meer natuur, onder andere om in te recreëren. Het plan vormt een directe bedreiging voor omliggende natuur- en recreatiegebieden en vormt een barrière voor de ontwikkeling van ecologische verbindingen tussen bestaande natuurgebieden. Dit klemt temeer omdat een landschappelijke inpassing van het plan nog niet is geborgd. Een goede landschappelijke inpassing (die geluidoverlast, lichtvervuiling en aantasting van het uitzicht moet beperken) is volgens reclamant een absolute voorwaarde voor een goede ruimtelijke ordening. Reclamant stelt ook grote vraagtekens bij de waarde van de concept beleidsregel 'Circulair Kwaliteitsplan Heesch West', omdat deze niet in overeenstemming is met de plankaart en de daarbij behorende voorschriften. Reclamant stelt dat een stedelijke ontwikkeling met daarop enorme distributiedozen die 20 tot 30 meter hoog worden, niet passend is voor dit gebied. Volgens reclamant is het geenszins zeker dat voldaan kan worden aan de bepalingen uit de Interim Omgevingsverordening NoordBrabant (artikel van 5.3 lid 4). De noodzaak van het industrieterrein is volgens reclamant niet aangetoond en de aanvaardbaarheid van de gewenste uitbreidingsrichting is niet gemotiveerd.
Verwijzend naar onderzoek van platform Eerlijk over Heesch West (mei 2021) stelt reclamant dat het participatieproces heeft gefaald. Er is geen sprake geweest van een dialoog en burgers voelen zich genegeerd. Betrokkenen worden geconfronteerd met onleesbare, onbegrijpelijke teksten gecombineerd met digitale (des)informatieve (promotie)bijeenkomsten. Pas na twee jaar zijn de zienswijzen in een onleesbaar rapport beantwoord. Individuele burgers is het onmogelijk gemaakt om zich in de reactie zienswijzen te herkennen. Reclamant heef t het gevoel zich machteloos tegen een veelkoppig monster te moeten verweren. Reclamant noemt dat herhaaldelijk verzoek voor budget om onafhankelijke expertise in te kunnen huren, vanuit Eerlijk over Heesch West en van de Stichting Strijdbaar voor Leef baarheid, door de gemeente is afgewezen. Specialisten van de GGD en de Omgevingsdienst geven aan niets voor individuele burgers te kunnen betekenen. Daarnaast stelt reclamant dat de termijnen geen rekening houden met de hoeveelheid werk om alles te lezen en te begrijpen. Het planproces is verdeeld over een zeer lange periode en verschillende besturen en daarnaast veel verschillende belanghebbenden en bevoegdheden.
Zie thema's Natuur, Woon -en leefklimaat en Ruimtelijke kwaliteit.
Zie thema's Behoefte en Locatiekeuze en zorgvuldig ruimtegebruik.
Zie thema Proces en participatie.
Zie thema Proces en participatie.
689
132
-
1514
Op basis hiervan verzoekt reclamant om de plannen af te keuren en de bescherming van burgers op de eerste plaats te stellen. Reclamant behoudt zich tevens het recht voor om, na verdere bestudering van de plannen, nieuwe zienswijzen en aanvullende bezwaren in te dienen. Reclamant geeft aan dat de gemeente Bernheze in december 2003 bij de vaststelling van StructuurvisiePlus Bernheze op Koers heeft vastgesteld dat er maximaal 60 hectare bruto (dus incl. groen en ontsluiting) aan bedrijventerrein op het grondgebied van Bernheze mag worden ontwikkeld. Reclamant verzoekt aan te tonen dat hieraan voldaan wordt.
132
132
132
-
1514a
99 1514b
-
1514c
Reclamant blijft zich zorgen maken over zijn/haar toekomstig leefklimaat en vreest voor milieuhinder zoals geluidsoverlast, geur- en stofhinder, trillingshinder en een aantasting van de leefomgeving en de natuurwaarden. Nu heef t reclamant nog zicht op een landelijke, kleinschalige omgeving, maar na voltooiing van de plannen, heeft reclamant slechts zicht op de enorme bouwmassa van het industrieterrein. Dit is een grote inbreuk op de bestaande situatie en voor reclamant een onaanvaardbare beperking. Reclamant stelt dat bij de ontwikkeling van het plan onvoldoende rekening is gehouden met de (individuele) belangen van omwonenden, terwijl zij juist de ergste ongemakken moeten ervaren.
Zie thema's Proces en participatie en Woon -en leef klimaat. Sinds 2003 zijn de visie en uitgangspunten op diverse momenten gewijzigd. In de doelomschrijving van de Gemeenschappelijke Regeling Heesch West, vastgesteld door de gemeenteraden in 2014, is een capaciteit genoemd van circa 100 hectare netto uitgeefbaar terrein. Op basis van het nadien overeengekomen regionale afspraken wordt nu een regionaal bedrijventerrein van 80 hectare netto ontwikkeld. Het terrein, deels op grondgebied van Bernheze, deels op grondgebied ’sHertogenbosch voldoet aan de actuele kaders, en wijkt daarmee enigszins af van de niet meer actuele visie uit 2003 waar reclamant aan ref ereert. Zie thema's Woon -en leef klimaat, Ruimtelijke kwaliteit, Proces en participatie, Geluid, Geur, Stof, Trillingen en Natuur. Aanvullend daarop, ook al hebben wij zoveel mogelijk rekening gehouden met de belangen van reclamant door het houden van afstand tot de aanwezige woningen, door een goede landschappelijke inpassing en een beperking van de hoogte van de bebouwing aan de randen, toch zal de omgeving en dus ook het zicht vanaf de woning van reclamant wijzigen. We begrijpen dat dit een wezenlijke verandering is voor reclamant, maar uit vaste jurisprudentie blijkt ook dat er geen blijvend recht op uitzicht is.
Wij vinden het belang om te voorzien in de behoefte aan het bedrijventerrein en de voordelen daarvan voor de werkgelegenheid en de economie in dit geval prevaleren boven het belang van reclamant bij een ongewijzigd uitzicht.
Reclamant heef t geen voordelen van het bedrijventerrein en wordt slechts geconfronteerd met de nadelen. De onzekerheid en spanningen over de planvorming hebben in de loop der jaren een zware wissel getrokken op het gezin van reclamant. De gemeente zou als hoogste prioriteit het beperken van de impact voor omwonenden moeten hebben. Na de vele inspraakreacties op het voorontwerp bestemmingsplan zijn teleurstellend genoeg weinig aanpassingen doorgevoerd, een duidelijk signaal. De huidige locatie van het bedrijventerrein vormt een erfenis uit het verleden. Zie thema's Proces en participatie, Woon -en leef klimaat, Locatiekeuze In de huidige tijd zou er nooit meer gekozen worden om een en zorgvuldig ruimtegebruik, Duurzaamheid en Ruimtelijke kwaliteit.