Segment 00004 of Bijlage 4 Toelichting inclusief bijlagen bij Herstelbesluit bestemmingsplan Heesch West
Tekst van het document
183
41
41
-
-
Volgens reclamant dient er binnen de bestemming groen, met de aanduiding water, oppervlaktewater met een minimale bergingscapaciteit te worden aangelegd en in stand gehouden. Volgens reclamant zit de voorgenomen waterberging echter precies op een breuklijn met kwelwater. De breuk zal als een spons werken, en aan de overzijde van de Weerscheut zal het water omhoog komen. Dit heeft volgens reclamant tot gevolg dat de landbouwgronden van reclamant nat worden, niet meer bewerkt kunnen worden en al hun waarde verliezen (onder verwijzing naar f oto's van de huidige situatie, waarop de gronden 462 nu al nat zijn na regenval). Ten aanzien van het water, merkt reclamant op dat de g ronden binnen het plangebied ijzerrijk zijn. Het water dat wordt opgevangen zal volgens reclamant binnen korte tijd helemaal bruin worden als gevolg van het ijzer in de grond, waardoor er in dit water geen leven mogelijk is en het water ernstig zal gaan stinken. Naar opvatting van reclamant dient hier Zie het antwoord in rij 450. grondig onderzoek naar te worden gedaan, alvorens het Verder wordt kwelwater, gerelateerd aan breuklijnen, in het bestemmingsplan vast te stellen. landschapspark nu expliciet benut voor natuurkansen. Volgens reclamant is op dit moment de voorgenomen ontwikkeling in Het is juist dat op het moment van schrijven, de provincie nog moet strijd met de provinciale verordening.
Een deel van het bedrijventerrein instemmen met het verzoek. Door middel van het verzoek, wordt aan de bevindt zich buiten de provinciale aanduiding ‘verstedelijking provincie gevraagd in te stemmen met de wijziging van de begrenzing af weegbaar’. Volgens reclamant hebben de gemeenten weliswaar de ‘Verstedelijking afweegbaar’. Op die manier wordt het besluit van de 463 provincie verzocht deze aanduiding te verleggen, maar is dit verzoek provincie genomen voordat het bestemmingsplan wordt vastgesteld nog niet door de provincie ingewilligd. Vaststelling van het door de raad. Het verzoek is inmiddels door de gemeente ingediend. bestemmingsplan kan dan volgens reclamant ook enkel plaatsvinden, Zie ook thema Locatiekeuze en zorgvuldig ruimtegebruik. nadat de provincie het verzoek heeft ingewilligd.
184
41 197
41
-
Reclamant is van mening dat het onnodig en onevenredig is om bedrijven uit milieucategorie 5.1 toe te staan binnen het plangebied. Onnodig, vanwege het feit dat er voldoende bedrijven tot en met categorie 4.2 zijn die zich binnen het plangebied willen vestigen en onevenredig vanwege de gevolgen voor het woon- en leefklimaat die dit voor reclamant meebrengt. Reclamant maakt zich ernstig zorgen over de luchtkwaliteit, geluidshinder en lichthinder. Het is reclamant onduidelijk welke maatregelen worden getroffen om de luchtkwaliteit te waarborgen en 464 geluid- en lichthinder te voorkomen. Daarnaast merkt reclamant op dat er in de omgeving sprake is van het hoogste aantal burgers met Qkoorts, alsmede veel covid patiënten en covid-gerelateerde sterf gevallen. Naar opvatting van reclamant is het geen toeval dat dergelijke ziekten veel voorkomen in de omgeving en reclamant is dan ook van mening dat er onafhankelijk onderzoek dient te worden gedaan naar de oorzaken hiervan, mede met het oog op een verdere verslechtering van de luchtkwaliteit als gevolg van de komst van het bedrijventerrein waarin ook vestiging van milieucategorie 5.1 bedrijven mogelijk is. Zie thema's Milieucategorie, Behoefte, Luchtkwaliteit, Geluid en Licht. De bedrijfsactiviteiten zullen volgens reclamant ontegenzeggelijk negatieve gevolgen hebben voor de luchtkwaliteit, als gevolg van het uitstoten van fijnstof.
De huidige fijnstof, die onder andere afkomstig is van de A59, wordt gedeeltelijk geabsorbeerd door de aanwezige 465 landbouwgronden. Deze landbouwgronden veranderen in een bedrijventerrein, waardoor deze fijnstof niet meer wordt geabsorbeerd. Dit betekent volgens reclamant dat de toename van stikstof tweeledig is: enerzijds een toename als gevolg van de bedrijfsactiviteiten en anderzijds als gevolg van het wegnemen van landbouwgronden. Zie thema's Luchtkwaliteit en Natuur.
185
41
-
41
-
41
-
De komst van het bedrijventerrein leidt volgens reclamant tot een toename van stikstof op de directe omgeving, alsmede de nabij gelegen natura-2000 gebieden. Uit het bestemmingsplan vloeit volgens reclamant voort dat de gevolgen van de toename van stikstof zijn gebaseerd op een AERIUS-berekening. AERIUS-calculator is volgens reclamant echter ongeschikt om de toename van stikstof te berekenen 466 bij bestemmingsplanwijzigingen. Reclamant verwijst hierbij naar de conclusie van de Commissie-Hordijk van juni 2020. Nu er gebruik is gemaakt van de AERIUS-calculator, is er volgens reclamant geen sprake van zorgvuldig onderzoek naar de gevolgen van de vrijkomende stikstof op de omgeving en de nabijgelegen natura-2000 gebieden. Dit aspect van het bestemmingsplan voldoet volgens reclamant dan ook niet aan artikel 3:2 Awb. Zie thema Natuur. Volgens reclamant zal het plan, naast fijnstof en stikstof, ook leiden tot een toename van PFAS. Verwijzend naar het RIVM, stelt reclamant dat PFAS in het milieu terecht komt via de lucht of via afvalwater van bedrijven. 467 Het bestemmingsplan beperkt zich tot milieucategorieën en niet tot specifieke bedrijven, waardoor niet op voorhand kan worden vastgesteld of er een toename gaat ontstaan van PFAS. De planregels diende volgens reclamant te borgen dat deze toename wordt voorkomen. Zie thema PFAS.
Volgens reclamant wordt voor het perceel van reclamant niet alleen een Vooropgesteld, met dit bestemmingsplan worden voor deze gronden groenbestemming gerealiseerd, maar ook twee woonbestemmingen. Op met twee woonbestemmingen ten zuidwesten van het bedrijventerrein grond van het plan zijn de voor 'wonen' aangewezen gronden bestemd geen noemenswaardige wijzigingen aangebracht ten opzichte van het voor wonen. Wonen is volgens reclamant echter niet nader gedefinieerd, geldende bestemmingsplan. Daarin zijn al burgerwoningen toegestaan, met als gevolg dat het criterium 'één huishouden per woning' niet kan ook zonder de definitie van wonen zoals gevraagd door reclamant. 468 worden gehandhaafd. Reclamant vreest als gevolg daarvan dan ook Niettemin is naar aanleiding van deze zienswijze een aanpassing huisvesting van arbeidsmigranten op deze woonbestemming. Reclamant doorgevoerd in het bestemmingsplan, om tegemoet te komen aan de verzoekt een definitiebepaling voor 'wonen' in de planregels op te zorgen van reclamant. In de bestemmingsomschrijving van bestemming nemen. Wonen wordt in 11.1, a ‘woningen’ opgenomen in plaats van ‘wonen’ en in de begripsbepalingen is een begrip van ‘huishouden’ toegevoegd.
186
41
-
469
Volgens reclamant zal er als gevolg van de bestemmingsplanwijziging Zie thema Mobiliteit (kopje Doorstroming incl. sluipverkeer) en zie het een toename zijn van het aantal verkeersbewegingen op de antwoord in rij 442. Weerscheut. Volgens reclamant betekent deze toename een toename Wat betref t de geluidsbelasting op de woning van reclamant, het van geluidsoverlast en een onveiligere situatie voor de woning van volgende. De toekomstige geluidsbelasting van het bedrijventerrein reclamant. Het is reclamant onduidelijk in hoeverre de Weerscheut in (industrielawaai) ligt met 45 dB(A) onder de waarde van 50 dB(A), die staat is deze toename van verkeer te verwerken. Daarnaast vraagt toelaatbaar is op grond van de Wet geluidhinder. reclamant zich af of er onderzoek is gedaan naar mogelijk sluipverkeer Uit de resultaten volgt verder dat de geluidsbelasting door over de Weerscheut en welke gevolgen het heeft als dit sluipverkeer zich wegverkeerslawaai met 0,9 dB toeneemt tot maximaal 51,0 dB. Deze daadwerkelijk zal voordoen. toename is in een belangrijke mate een gevolg van de berekende toename van de geluidsbelasting van de Rijksweg A59 (maatgevende geluidbron), doordat in de situatie met realisatie van Heesch-West rekening is gehouden met een akoestisch verhard bedrijventerrein waar in de ref erentiesituatie sprake is van een akoestisch zachte bodem (akkers).
Hierdoor wordt het geluid van de A59 in de berekening met het bedrijventerrein minder gedempt. De verwachting is overigens dat deze toename in de praktijk niet zal optreden, omdat de te realiseren bedrijfsbebouwing het geluid van de A59 naar de woning zal af schermen. Het afschermende effect van de bebouwing is in het onderzoek niet meegenomen. Uit de resultaten blijkt dat sprake is van een hoorbare toename van de cumulatieve geluidsbelasting van hoger dan 1,5 dB, de toename van de cumulatie geluidsbelasting bedraagt namelijk 2 dB en de absolute waarde van de geluidsbelasting 52 dB. Dit is ruimschoots onder de plandrempel van 60 dB, die in het Actieplan geluid van de gemeente ‘sHertogenbosch is vastgelegd. Deze waarde wordt in dit plan ook gehanteerd voor het grondgebied van de gemeente Bernheze. In verband met deze significante verandering van de cumulatieve geluidsbelasting wordt een nader onderzoek uitgevoerd om vast te stellen of de geluidsbelasting binnen de woning voldoet aan de wettelijke binnenwaarde. Als uit dit onderzoek blijkt dat de vereiste binnenwaarde niet wordt gehaald, dan worden (in overleg met bewoner) aanvullende gevelmaatregelen getroffen. Hiervoor zijn financiële middelen gereserveerd. Daarmee blijft sprake van een aanvaardbaar woon -en leef klimaat.
187
41
-
41 197
41 197
Reclamant stelt dat er binnen de bestemming ’bedrijventerrein’ een voorwaardelijke verplichting dient te worden opgenomen voor het realiseren van de inf rastructuur van de nutsvoorzieningen. Reclamant We begrijpen de zorg van reclamant, maar de permanente 470 vreest voor een ontwikkeling van een bedrijventerrein, waarbij veel nutsvoorzieningen op het terrein staan los van de materialen en bedrijven gedurende langere tijd gebruik zullen maken van diesel nutsvoorzieningen die nodig zijn tijdens de bouw. Hierin zullen de slurpende aggregaten, met alle overlast {geluidsoverlast en normale bouwmethodes met gebruikelijke veiligheid en milieunormen luchtverontreiniging) van dien. worden gehanteerd. Door de verkeersbewegingen van/naar de bedrijven, de bedrijfsprocessen en weerkaatsing en daarmee geluidversterking van snelweg- en industriegeluid door zonnepanelen zal reclamant veel (cumulatieve)geluidsoverlast ondervinden. Reclamant vreest hierdoor voor een onleefbare situatie in en rond de woning. De toename van de cumulatieve geluidsbelasting in en rond het plangebied is volgens reclamant onaanvaardbaar en in strijd met een goede ruimtelijke 470a ordening. Na juni 2019 was besloten tot het aanscherpen van de vestigingsvoorwaarden / toegelaten bedrijvencategorieën, uitgaande van omgeving (geluid, geur), volgens de toelichting.
Maar onder paragraaf 9.2 staat dat 'grote lawaaimakers' mogelijk worden gemaakt. De plannen hinken kennelijk op twee gedachten. Vanuit het oogpunt van gezondheid hoort in het bestemmingsplan geregeld te worden dat de geluidssituatie voor omwonenden niet verslechtert door het plan. Zie thema’s Geluid en Gezondheid, en zie het antwoord onder rij 469. Reclamant verwijst naar de memorie van toelichting op de Omgevingswet ten aanzien van het vooroverleg en de milieugebruiksruimte. Reclamant merkt op dat uit de planregels blijkt dat het bevoegd gezag waarde hecht aan het vooroverleg maar dat er geen verplichting is opgenomen om hieraan uitvoering te geven. Reclamant vindt dat een dergelijke verplichting wel opgenomen moet worden. Reclamant geeft daarnaast aan dat het maximaliseren van vrij 470b beschikbare gebruiksruimte het uitgangspunt moet zijn en getuigt van een goede ruimtelijke ordening. Reclamant geeft aan dat een initiatiefnemer echter vooral belang heeft bij weinig beperkingen ten aanzien van de bedrijfsvoering. Reclamant vraagt zich dan ook af hoe op dit moment geborgd is dat ondernemers bereid zijn te investeren in geluidreducerende behuizing voor de beoogde activiteiten op hun bedrijfsperceel en er zo min mogelijk aanspraak wordt gemaakt op de beschikbare gebruiksruimte. Zie thema Geluid.
188
41 197
41 197
In de planregels ontbreken voor reclamant belangrijke maatregelen voor geluid, zoals behuizingsmaatregelen, het voorkomen van geluid doorlatende openingen in gebouwen of, indien dit onmogelijk is het toepassen van geluidabsorptie en het dichten van kieren. Daarnaast is niet geborgd dat de geluidbronnen zover mogelijk van geluidgevoelige omgeving moeten worden geplaatst en dat bedrijfsgebouwen voorzien worden van toereikende geluidsisolerende gevels en daken. Ook ontbreken regels waarmee een open bedrijfsterrein en zicht op geluidmakende bedrijfsactiviteiten wordt voorkomen en die, als een open 470c bedrijfsterrein onontkoombaar is, voorzien in een gasdichte aaneengesloten geluidreducerende terreinafscheiding van voldoende hoogte. Geluidhinder op woningen kan volgens reclamant worden voorkomen door geluidmakende activiteiten te laten plaatsvinden in goed geluidsisolerende compartimenten. Reclamant vraagt zich verder af hoe zwaardere maatregelen bij uitbreiding van activiteiten bij de initiële vergunningverlening worden geborgd. Ook algemene beleidsregels ontbreken waar het gaat om geluid. Ook daarop kan volgens reclamant niet worden teruggevallen. Zie thema Geluid. Reclamant stelt dat het huidige ontwerp later gegarandeerd voor problemen gaat zorgen.
Reclamant geeft aan dat het van belang is om planregels op te nemen om tot afgewogen goede ruimtelijke ordeningsmaatregelen te komen waarmee de minimaal toe te kennen geluidsafstand kan worden bepaald. Dat is wat vooroverleg volgens reclamant betekent als bedoeld in de memorie van toelichting van de Omgevingswet. Voor alle partijen zou dan op basis van de ingediende aanvragen om een omgevingsvergunning voor bouwen en de aangevraagde bedrijfsvoering alsmede de voorschriften concreet zichtbaar zijn waaraan moet worden voldaan. Volgens reclamant mist de 470d planwetgever een kans om een goede ruimtelijke ordening voor omwonenden te garanderen, doordat vooroverleg in het licht van de Omgevingswet niet is voorgeschreven. Tevens wijst reclamant erop dat concrete planregels in het bestemmingsplan ontbreken die houvast geven ten aanzien van borging van het beperken van geluidhinder. Het hanteren van indicatieve afstanden in de Staat van Inrichtingen ontleend aan de VNG-brochure biedt volgens reclamant onvoldoende zekerheid. Individuele ondernemers zullen volgens reclamant aansluiting zoeken bij de normen van het Activiteitenbesluit milieubeheer. Dit leidt volgens reclamant tot een overschrijding van de toegekende gebruiksruimte met als gevolg langdurige procedures waarin initiatiefnemers en Zie thema Geluid.
189
omwonenden, in het kader van vergunningverlening en handhavingsprocedures, recht tegenover elkaar komen te staan. Reclamant stelt dat er een plicht bij de planwetgever ligt om voorgaande te voorkomen. Reclamant is van mening dat in de huidige regels over geluid geen verplichtingen voortvloeien om een goede ruimtelijke ordening te borgen. Hierdoor is volgens reclamant sprake van onaanvaardbare 'symboolregelgeving'.
41 197
41 197
Reclamant mist in de planbeschrijving en in het MER het ref erentieniveau van het omgevingsgeluid waarin woningen zich nu bevinden en waaraan een zeker geluidbeschermingsrecht kan worden toegekend. Met het referentieniveau moet volgens reclamant rekening worden gehouden bij de vraag of een toename van geluid zich wel verhoudt tot een goede ruimtelijke ordening. Onder verwijzing naar artikel 2.19a en 1.1 van het Activiteitenbesluit geeft reclamant in zijn/haar zienswijze aan hoe dit referentieniveau normaliter tot stand 470e komt en hoe dit moet worden gezien. Reclamant stelt dat, nu in het plan het bepalen van het referentieniveau is nagelaten, de graadmeter of gekomen kan worden tot een goede ruimtelijke ordening, ontbreekt. Ook mist reclamant in het plan aandacht voor het feit dat de verandering van geluiddempend 'agrarisch' bodemoppervlak naar verhard oppervlak (het bedrijventerrein) invloed heeft op de geluidstoename. Het plan voorziet niet in een regeling waarbij deze waarneembare toename (van naar schatting maximaal 4 dB) wordt gereduceerd. Reclamant stelt dat dit zich slecht verhoudt met een goede ruimtelijke ordening. Zie thema Geluid. Reclamant stelt dat het plan de gezondheid aantast en dat de gevolgen hiervan onvoldoende zijn onderkend en meegenomen in de planvorming.
Gezondheidsschade wordt volgens reclamant veroorzaakt door toename van gecumuleerd lawaai (verstoort de rust en leidt tot meer stress en slecht slapen), stank, stof en gevaarlijke stoffen (risico op calamiteiten, longproblemen en beperken de bewegingsvrijheid). Daarnaast wordt ook 470f de nachtrust en het woongenot aangetast door lichthinder, het verdwijnen van vrij uitzicht, en toename van geluidsoverlast. Ook in de concept beleidsregel 'Toekenning stikstofruimte bedrijventerrein Heesch West' wordt met de belangen van aan- en omwonenden geen rekening Zie thema's Gezondheid, Geur, Stof, Externe veiligheid, gehouden en wordt sec gekeken naar de benodigde Milieucategorie, Licht, Ruimtelijke kwaliteit, Geluid, Woon -en stikstofemissieruimte voor de nieuw te vestigen bedrijven. leef klimaat en Natuur.
190
41
-
41
-
41
-
Reclamant beweert dat het verkeersplan van het bestemmingsplan leidt tot een onaanvaardbare toename van files, sluipverkeer en onveilige situaties voor omwonenden, fietsers en wandelaars/hardlopers. Het is bovendien gebaseerd op onjuiste aannames en rekenmodellen, en niet op f eiten. Er zijn geen waarborgen ingebouwd voor aanpassing of 470g handhaving voor het geval de doorstroming en verkeersveiligheid achterblijven bij de verwachtingen. Ervaringen met distributiecentra elders in het land laten zien dat deze voor grote maatschappelijke problemen kunnen zorgen (denk bijvoorbeeld aan huisvesting van arbeidsmigranten), waar in het plan geen rekening mee wordt gehouden. Zie thema's Mobiliteit en Werkgelegenheid en arbeidsmigranten. Reclamant stelt dat het plan in strijd is met de dringende behoefte aan meer natuur, onder andere om in te recreëren. Het plan vormt een directe bedreiging voor omliggende natuur- en recreatiegebieden en vormt een barrière voor de ontwikkeling van ecologische verbindingen tussen bestaande natuurgebieden. Dit klemt temeer omdat een landschappelijke inpassing van het plan nog niet is geborgd. Een goede 470h landschappelijke inpassing (die geluidoverlast, lichtvervuiling en aantasting van het uitzicht moet beperken) is volgens reclamant een absolute voorwaarde voor een goede ruimtelijke ordening.
Reclamant stelt ook grote vraagtekens bij de waarde van de concept beleidsregel 'Circulair Kwaliteitsplan Heesch West', omdat deze niet in overeenstemming is met de plankaart en de daarbij behorende voorschriften. Zie thema's Natuur, Woon -en leefklimaat en Ruimtelijke kwaliteit. Reclamant stelt dat een stedelijke ontwikkeling met daarop enorme distributiedozen die 20 tot 30 meter hoog worden, niet passend is voor dit gebied. Volgens reclamant is het geenszins zeker dat voldaan kan worden aan de bepalingen uit de Interim Omgevingsverordening Noord470i Brabant (artikel van 5.3 lid 4). De noodzaak van het industrieterrein is volgens reclamant niet aangetoond en de aanvaardbaarheid van de gewenste uitbreidingsrichting is niet gemotiveerd. Zie thema's Behoefte en Locatiekeuze en zorgvuldig ruimtegebruik.
191
41
-
Verwijzend naar onderzoek van platform Eerlijk over Heesch West (mei 2021) stelt reclamant dat het participatieproces heeft gefaald. Er is geen sprake geweest van een dialoog en burgers voelen zich genegeerd. Betrokkenen worden geconfronteerd met onleesbare, onbegrijpelijke 470j teksten gecombineerd met digitale (des)informatieve (promotie)bijeenkomsten. Pas na twee jaar zijn de zienswijzen in een onleesbaar rapport beantwoord. Individuele burgers is het onmogelijk gemaakt om zich in de reactie zienswijzen te herkennen. Zie thema Proces en participatie.
41
41
-
-
41 197
Reclamant heef t het gevoel zich machteloos tegen een veelkoppig monster te moeten verweren. Reclamant noemt dat herhaaldelijk verzoek voor budget om onafhankelijke expertise in te kunnen huren, vanuit Eerlijk over Heesch West en van de Stichting Strijdbaar voor Leef baarheid, door de gemeente is afgewezen. Specialisten van de 470k GGD en de Omgevingsdienst geven aan niets voor individuele burgers te kunnen betekenen. Daarnaast stelt reclamant dat de termijnen geen rekening houden met de hoeveelheid werk om alles te lezen en te begrijpen. Het planproces is verdeeld over een zeer lange periode en verschillende besturen en daarnaast veel verschillende belanghebbenden en bevoegdheden. Op basis hiervan verzoekt reclamant om de plannen af te keuren en de bescherming van burgers op de eerste plaats te stellen. Reclamant behoudt zich tevens het recht voor om, na verdere bestudering van de plannen, nieuwe zienswijzen en aanvullende bezwaren in te dienen. 470l
471
Zie thema Proces en participatie.
Zie thema's Proces en participatie en Woon -en leef klimaat. Deze zienswijze is deels gegrond op het onderdeel landschappelijke inpassing zonnepark en lichthinder zonnepark in rij 460, het onderdeel parkeerplaatsen in landschapspark (rij 461), het onderdeel def initiebepaling wonen (rij 468) en op het onderdeel ‘Circulair Kwaliteitsplan niet volledig in overeenstemming met de verbeelding en planregels’ (rij 470f ). Dit laatste deel is niet alleen een zienswijze op het bestemmingsplan, maar betreft ook tegelijkertijd een inspraakreactie op de concept beleidsregels Circulair Kwaliteitsplan (zie Eindverslag inspraak beleidsregels Circulair Kwaliteitsplan).
192
Naar aanleiding daarvan is een voorwaardelijke verplichting voor een ref lectieonderzoek opgenomen voor de realisatie van een zonnepark (zie thema Licht), is een voorwaardelijke verplichting opgenomen voor de landschappelijke inpassing van het zonnepark, is een aanpassing op de planregels doorgevoerd in de bestemming Groen wat betreft parkeren (zoals beschreven in rij 461) en is de definitie van wonen beperkt aangepast in bestemming Wonen in artikel 11.1 en is een begripsbepaling toegevoegd in artikel 1.53 zoals in rij 468 beschreven. Ook is het Circulair Kwaliteitsplan verder uitgewerkt en zijn een aantal planregels daarop aangepast (zie thema Ruimtelijke kwaliteit). Voor het overige is de zienswijze ongegrond.
42
-
Reclamant heef t geen bezwaren tegen het invoeren van een vrachtwagenverbod, maar het bedrijf van reclamant moet wel bereikbaar blijven ter bevoorraading. Uit de toelichting van het plan wordt duidelijk dat de gemeente(n) voornemens is een vrachtwagenverbod in te voeren op de Weerscheut. Het bedrijf van reclamant is precies op het deel van de Weerscheut gevestigd waar het vrachtwagenverbod zal worden toegepast. Er zal volgens reclamant een voorziening moeten worden getroffen om de bereikbaarheid van reclamant te waarborgen, bijvoorbeeld door het vrachtwagenverbod niet van toepassing te verklaren op vrachtwagens die reclamant bevoorraden, dan wel 472 bestemmingsverkeer in het algemeen. Indien de bereikbaarheid van reclamant volledig wordt weggenomen Het vrachtwagenverbod op de Weerscheut zal een uitzondering krijgen door het vrachtwagenverbod, heeft dit volgens reclamant voor bestemmingsverkeer. Daarmee blijft het bedrijf van reclamant vanzelf sprekend grote gevolgen voor de continuïteit van reclamant. bereikbaar voor bevoorrading. Het is niet nodig een voorwaardelijke Sterker, zonder bevoorrading kan reclamant de werkzaamheden niet verplichting op te nemen voor het vrachtwagenverbod. Dit is onderdeel langer voortzetten. Het is dus van belang dat de voorgenomen van het planvoornemen en uitgangspunt van het akoestisch onderzoek.
verkeersmaatregelen, waaronder het vrachtwagenverbod, worden geborgd in de planregels middels een voorwaardelijke verplichting, om te Indien dit niet wordt doorgevoerd, ontstaan er ongewenste effecten. Daarnaast zal deze maatregel via een verkeersbesluit rechtskracht voorkomen dat het vrachtwagenverbod niet kan worden afgedwongen. verkrijgen en niet via het bestemmingsplan.
193
42
-
Reclamant merkt op dat de afwikkeling van het gegenereerde verkeer door het bedrijventerrein te belastend is voor de omgeving. Hierdoor slibben volgens reclamant de wegen sneller vol, met als gevolg een 473 langere reistijd van werknemers op werkdagen. Reclamant is dan ook van mening dat een rechtstreekse afrit dient te worden gerealiseerd op de A59, zoals in het oorspronkelijke plan Waalboss’ ook het geval was. Zie thema Mobiliteit.
42
-
43 155
43
-
474 Reclamant maakt zich als naaste bewoner zorgen over de aantasting van de woon-/leefomgeving met milieuhinder, geluidsoverlast en de aantasting van het uitzicht en het landschap. Reclamant woont nu in een landelijke omgeving en heeft na voltooiing van het industrieterrein zicht op een 30 meter hoog gebouw. Volgens reclamant gaat opnieuw een stuk Brabants landschap verloren en er ontstaat verdozing van het 475 landschap. De positie van het landschapspark is volgens reclamant nog niet duidelijk. Onder verwijzing naar een wandeling met Kruit Kok blijkt deze wandeling de aftrap en kennismaking voor de uitwerking van het landschapspark. Reclamant stelt het recht te behouden om tegen onderdelen van de landschappelijke inpassing op een later moment in rechte op te komen, nu volgens reclamant verzuimd is om deze stukken ter inzage te leggen.
Deze zienswijze is ongegrond en geeft geen aanleiding tot aanpassing van het bestemmingsplan.
Zie thema's Woon -en leef klimaat, Geluid en Ruimtelijke kwaliteit.
Reclamant roept op de oproep van Hoogleraar landschapsarchitectuur Adriaan Geuze te gebruiken, die een halt toeroept aan verdozing van het landschap. Reclamant stelt voor om het landschapspark te gebruiken om het zicht op de gebouwen te beperken, om het bedrijventerrein af te 476 schermen en geluidwallen en hoogteverschillen toe te passen. Reclamant verzoekt om te borgen dat er voldoende hoog en dicht af geschermd groen wordt gerealiseerd. Zie thema Ruimtelijke kwaliteit.
194
Reclamant merkt op dat de geluidsbelasting op de woning door het industrielawaai toeneemt. Daarnaast nemen volgens reclamant de verkeersbewegingen per etmaal toe (onder verwijzing naar de locatie van de woning t.o.v. huidige en toekomstige geluidsscherm en industrieterrein).
Zie thema's Geluid en Mobiliteit. Het bedrijventerrein Heesch West is een gezoneerd industrieterrein zoals bedoeld in de Wet geluidhinder. Om het industrieterrein ligt een zone. Buiten deze zone mag de geluidbelasting van alle bedrijven samen op woningen niet hoger zijn dan 50 dB(A). Binnen de zone liggen bestaande woningen waarvoor een hogere waarde geluid Reclamant verwijst naar het toetsingsadvies van de Commissie m.e.r. industrie is vastgesteld. Voor de woning van reclamant is een hogere waarin aandacht wordt gevraagd voor oplossingen met minder geluid en waarde van 52 dB(A) vastgesteld. Uit het hogere waarde besluit blijkt minder invloed op het landschap, zoals ook beschreven in de doelen dat de vast te stellen hogere waarde van 52 dB(A) door de activiteiten voor Heesch West. Reclamant stelt zowel geluidoverlast van de A59 als op het industrieterrein Heesch-West geen nadelige invloed hebben op Heesch West te gaan ondervinden. Dit brengt volgens reclamant een het woon- en leef klimaat bij deze woning. De belangrijkste reden daarbij cumulatie van effecten teweeg. is dat het verkeer op de A59 een zodanig hoge geluidsbelasting veroorzaakt dat de geluidsbelasting vanwege industrielawaai wordt gemaskeerd.
43 155
477
Omdat de woning ook ligt in de geluidzone van de A59 is ook onderzoek gedaan naar de cumulatieve geluidsbelasting. Deze komt op 70 dB. Deze hoge geluidbelasting is het gevolg van de A59. Het industrieterrein heeft daar geen invloed op. Omdat de (cumulatieve) geluidsbelasting niet wijzigt, is er geen sprake van een (significante) verslechtering van het woon -en leefklimaat. In verband met het opleggen van de hogere waarde, wordt wel een nader onderzoek uitgevoerd om vast te stellen of de geluidsbelasting binnen de woning voldoet aan de wettelijke binnenwaarde. Als uit dit onderzoek blijkt dat de vereiste binnenwaarde niet wordt gehaald, dan worden (in overleg met bewoner) aanvullende gevelmaatregelen getroffen. Hiervoor zijn f inanciële middelen gereserveerd. Daarmee blijft sprake van een aanvaardbaar woon -en leef klimaat. Dit neemt niet weg dat reclamanten geluidoverlast ervaren. Rijkswaterstaat heeft een saneringsprogramma opgesteld en zal de geluidbelasting op de woning van reclamanten conform dat programma verlagen tot 65 dB op de gevel van de woning van reclamanten door de toepassing van stil asfalt. De gemeente heeft geen rol bij de saneringsmaatregelen die Rijkswaterstaat neemt. Dit is een bevoegdheid van RWS en hiervoor wordt door RWS een eigen procedure gevolgd. Wel heeft de gemeente contact met reclamant over zijn verzoek.
195
Het aanvullende advies van de Commissie MER is opgenomen in bijlage 5 van de toelichting van het bestemmingsplan. Daarbij is ingegaan op hoe dit advies verwerkt is c.q. nog verwerkt zal worden in het vervolg.
196
Reclamant voorziet aan de overzijde van het beoogde industrieterrein een geluidszone door middel van het doortrekken van de geluidsschermen of door een nieuw initiatief (afscherming met zonnepanelen), ook van invloed op gemeentelijk beleid met betrekking tot CO2-reductie. Reclamant en bewoners aan de Heikestraat, Weverstraat en Sassendreef kunnen hier volgens reclamant profiteren van de aanpassingen. Reclamant stelt voor de aanwezige ca. 6 meter brede berm van de A59, noordzijde, te beplanten. Het beplanten van deze strook zou volgens reclamant, naast een verbetering / afscherming van de snelweg, ook kunnen dienen in de beperking van CO2. Daarnaast helpt uitzicht op groen mee aan een gevoel van welzijn en hinderbeperking en heeft het invloed op de geluidsbeleving. 43 155
Reclamant doet een dringend beroep op de partijen om als project 478 Heesch West de belangen, plannen en ambities van de betrokken gemeenten en Rijkswaterstaat bij elkaar te brengen met betrekking tot o.a. de energietransitie en doelen, om een optimale inbedding van Heesch west in de bestaande omgeving vorm te geven. Rijkswaterstaat en gemeenten zijn volgens reclamant in het land actief met ontwikkelingen, gericht op de toekomst (verwijzend naar specifieke projecten). Daarnaast is het beleid van de gemeenten Den Bosch, Bernheze, en Oss volgens reclamant gericht op energietransitie, waarbij het college inzet op technische vernieuwing maar ook op technieken die inmiddels bewezen ef fectief zijn gebleken en op een goede samenwerking tussen overheid, bedrijfsleven, bewoners en instellingen.
43 155
479
Uit het akoestisch onderzoek blijkt dat het aanleggen of doortrekken van een geluidsscherm vanwege Heesch West niet doelmatig of ef f ectief is. De berm van de snelweg is grondeigendom van Rijkswaterstaat en ligt buiten de invloedssfeer van dit plan. Zie verder het antwoord in rij 477. Wat betref t de inpassing, zie verder thema Ruimtelijke kwaliteit. De suggestie van reclamant om de snelwegzones te benutten voor duurzame energie is interessant. Dit ligt echter buiten de invloedssfeer van dit plan. Deze zienswijze is ongegrond en geeft geen aanleiding tot aanpassing van het bestemmingsplan.
197
Reclamant stelt dat het plan de gezondheid aantast en dat de gevolgen Zie thema's Gezondheid, Geur, Stof, Externe veiligheid, hiervan onvoldoende zijn onderkend en meegenomen in de planvorming. Milieucategorie, Licht, Ruimtelijke kwaliteit, Geluid, Woon -en Gezondheidsschade wordt volgens reclamant veroorzaakt door toename leef klimaat en Natuur. van gecumuleerd lawaai (verstoort de rust en leidt tot meer stress en Wat betref t de geluidsbelasting op de woning van reclamant het slecht slapen), stank, stof en gevaarlijke stoffen (risico op calamiteiten, volgende. De geluidsbelasting door de activiteiten op het longproblemen en beperken de bewegingsvrijheid). Daarnaast wordt ook bedrijventerrein Heesch-West bedraagt 48 dB(A). Deze de nachtrust en het woongenot aangetast door lichthinder, het geluidsbelasting is lager dan de voorkeursgrenswaarde van 50 dB(A) verdwijnen van vrij uitzicht, en toename van geluidsoverlast. Ook in de zodat een hogere waarde niet aan de orde is. concept beleidsregel 'Toekenning stikstofruimte bedrijventerrein Heesch De geluidsbelasting door wegverkeer bedraagt na realisatie van het West' wordt met de belangen van aan- en omwonenden geen rekening plan 48 dB van alle wegen samen. Door de planontwikkeling neemt de gehouden en wordt sec gekeken naar de benodigde geluidsbelasting van wegverkeerslawaai toe met 1 dB.
De toename stikstofemissieruimte voor de nieuw te vestigen bedrijven. wordt veroorzaakt door het verkeer op de A59 als gevolg van het verharde oppervlak ter plaatse van Heesch-West. De toename van 1 dB is voor het gemiddeld menselijk oor niet hoorbaar. De toename van de cumulatieve geluidsbelasting door de planontwikkeling bedraagt afgerond 4 dB en wordt met name door de toename van industrielawaai veroorzaakt.
44 21
480
Omdat de cumulatieve geluidsbelasting met 1,5 dB of meer toeneemt wordt beoordeeld of de geluidwering van de gevels van de woning van reclamant voldoet. Als input wordt de cumulatieve geluidsbelasting van 52 dB na de realisatie van Heesch-West als uitgangspunt aangehouden. Getoetst wordt aan de binnenwaarde die ook voor nieuwbouwwoningen wordt gebruikt. Als uit dit onderzoek blijkt dat de vereiste binnenwaarde niet wordt gehaald, dan worden (in overleg met bewoner) aanvullende gevelmaatregelen getroffen. Hiervoor zijn f inanciële middelen gereserveerd. Daarmee blijft sprake van een aanvaardbaar woon -en leef klimaat. Uit het voorgaande blijkt dat geen sprake is van een geluidsbelasting die de voorkeursgrenswaarde voor industrie- of wegverkeerslawaai overschrijdt zelfs zonder de toepassing van de reductie ex artikel 110g Wgh. Ter plaatse van alle gevels van de woning is daarom sprake van een geluidsluwe situatie. Ook ter plaatse van de buitenruimte is daarom sprake van een geluidsluwe situatie. Omdat de voorkeursgrenswaarde nergens wordt overschreden en omdat de plandrempel van 60 dB, die in het Actieplan geluid van de gemeente ‘s-Hertogenbosch is vastgelegd (die in dit plan ook voor grondgebied Bernheze wordt
198
gehanteerd), niet wordt overschreden, is geen sprake van een onaanvaardbaar woon- en leef klimaat. Daarnaast worden zo nodig maatregelen aan de gevel getroffen om in de verblijfsruimten aan de binnenwaarde van nieuwbouw te voldoen zodat ook in de woning sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat.
44
-
Reclamant beweert dat het verkeersplan van het bestemmingsplan leidt tot een onaanvaardbare toename van files, sluipverkeer en onveilige situaties voor omwonenden, fietsers en wandelaars/hardlopers. Het is bovendien gebaseerd op onjuiste aannames en rekenmodellen, en niet op f eiten. Er zijn geen waarborgen ingebouwd voor aanpassing of 481 handhaving voor het geval de doorstroming en verkeersveiligheid achterblijven bij de verwachtingen. Ervaringen met distributiecentra elders in het land laten zien dat deze voor grote maatschappelijke problemen kunnen zorgen (denk bijvoorbeeld aan huisvesting van arbeidsmigranten), waar in het plan geen rekening mee wordt gehouden. Zie thema's Mobiliteit en Werkgelegenheid en arbeidsmigranten.
199
44
44
-
-
Reclamant stelt dat het plan in strijd is met de dringende behoefte aan meer natuur, onder andere om in te recreëren. Het plan vormt een directe bedreiging voor omliggende natuur- en recreatiegebieden en vormt een barrière voor de ontwikkeling van ecologische verbindingen tussen bestaande natuurgebieden. Dit klemt temeer omdat een landschappelijke inpassing van het plan nog niet is geborgd. Een goede landschappelijke inpassing (die geluidoverlast, lichtvervuiling en 482 aantasting van het uitzicht moet beperken) is volgens reclamant een absolute voorwaarde voor een goede ruimtelijke ordening. Reclamant stelt ook grote vraagtekens bij de waarde van de concept beleidsregel 'Circulair Kwaliteitsplan Heesch West', omdat deze niet in overeenstemming is met de plankaart en de daarbij behorende voorschriften.
Zie thema's Natuur, Woon -en leefklimaat en Ruimtelijke kwaliteit.
Reclamant stelt dat een stedelijke ontwikkeling met daarop enorme distributiedozen die 20 tot 30 meter hoog worden, niet passend is voor dit gebied. Volgens reclamant is het geenszins zeker dat voldaan kan worden aan de bepalingen uit de Interim Omgevingsverordening Noord483 Brabant (artikel van 5.3 lid 4). De noodzaak van het industrieterrein is volgens reclamant niet aangetoond en de aanvaardbaarheid van de gewenste uitbreidingsrichting is niet gemotiveerd. Zie thema's Behoefte en Locatiekeuze en zorgvuldig ruimtegebruik.
44
-
Verwijzend naar onderzoek van platform Eerlijk over Heesch West (mei 2021) stelt reclamant dat het participatieproces heeft gefaald. Er is geen sprake geweest van een dialoog en burgers voelen zich genegeerd. Betrokkenen worden geconfronteerd met onleesbare, onbegrijpelijke 484 teksten gecombineerd met digitale (des)informatieve (promotie)bijeenkomsten. Pas na twee jaar zijn de zienswijzen in een onleesbaar rapport beantwoord. Individuele burgers is het onmogelijk gemaakt om zich in de reactie zienswijzen te herkennen. Zie thema Proces en participatie.
200
44
44
-
Reclamant heef t het gevoel zich machteloos tegen een veelkoppig monster te moeten verweren. Reclamant noemt dat herhaaldelijk verzoek voor budget om onafhankelijke expertise in te kunnen huren, vanuit Eerlijk over Heesch West en van de Stichting Strijdbaar voor Leef baarheid, door de gemeente is afgewezen. Specialisten van de 485 GGD en de Omgevingsdienst geven aan niets voor individuele burgers te kunnen betekenen. Daarnaast stelt reclamant dat de termijnen geen rekening houden met de hoeveelheid werk om alles te lezen en te begrijpen. Het planproces is verdeeld over een zeer lange periode en verschillende besturen en daarnaast veel verschillende belanghebbenden en bevoegdheden.
-
Op basis hiervan verzoekt reclamant om de plannen af te keuren en de bescherming van burgers op de eerste plaats te stellen. Reclamant 486 behoudt zich tevens het recht voor om, na verdere bestudering van de plannen, nieuwe zienswijzen en aanvullende bezwaren in te dienen.
44 21
487
45 22
Reclamant maakt zich zorgen over het toekomstig leefklimaat, met grote aantasting van de woonomgeving door milieuhinder, zoals geluidoverlast, geur- en stofhinder, trillinghinder en een aantasting van de leef omgeving en natuurwaarden. Volgens reclamant wordt er volstrekt onvoldoende rekening gehouden met individuele belangen en gezondheid van omwonenden, terwijl juist de omwonenden de ergste 488 ongemakken ervaren van het bedrijventerrein. Zeker wat betreft gevaarlijke stoffen (categorie industrie 5.1) heeft reclamant grote bezwaren. Het gaat er volgens reclamant sterk op lijken dat ook de plannen van de gemeente(n) worden gevoed door het ''grote geld" wat gaat bepalen wat er wel of niet wordt toegestaan en wat dus ten koste gaat van de gezondheid en leefkwaliteit van reclamant.
Zie thema Proces en participatie.
Zie thema's Proces en participatie en Woon -en leef klimaat. Deze zienswijze is deels gegrond op het onderdeel ‘Circulair Kwaliteitsplan niet volledig in overeenstemming met de verbeelding en planregels’. Dit deel is niet alleen een zienswijze op het bestemmingsplan, maar betreft ook tegelijkertijd een inspraakreactie op de concept beleidsregels Circulair Kwaliteitsplan (zie Eindverslag inspraak beleidsregels Circulair Kwaliteitsplan). Mede naar aanleiding van deze zienswijze is het Circulair Kwaliteitsplan verder uitgewerkt en zijn een aantal planregels daarop aangepast (zie thema Ruimtelijke kwaliteit). Voor het overige is de zienswijze ongegrond.
Zie thema's Proces en participatie, Gezondheid, Woon -en leefklimaat, Geluid, Geur, Stof, Trillingen, Externe veiligheid, Milieucategorie en Natuur. Wat betref t de geluidsbelastingen op de woning van reclamant. Voor deze woning is géén hogere waarde nodig voor industrielawaai en/of wegverkeerslawaai. Daarnaast is geen sprake van een wezenlijke toename (>1,5 dB) voor wegverkeerslawaai en/of de cumulatieve geluidbelasting. Dit is ook per woning terug te vinden in bijlage 7 van het akoestisch onderzoek.
201
Reclamant verwijst naar een citaat van de NOS over Tata Steel, over het hogere ziektebeeld door een slechte luchtkwaliteit in de omgeving van dit bedrijf. Het is volgens reclamant bekend en bewezen dat de overheid het niet zo nauw neemt met het welzijn van de omwonenden. Geld is veel belangrijker dan het welzijn van burger, zo stelt reclamant. De overheid zal volgens reclamant echter stellen dat de toekomstige bedrijven moeten voldoen aan de wettelijke eisen. Helaas heeft het onderzoek door journalisten en eigen ervaring volgens reclamant anders bewezen, waardoor het vertrouwen in overheidsbeleid en toezeggingen zeer zwaar, zo niet onherstelbaar, is beschadigd.
45
-
Verwijzen naar een bericht van de m.b.t. Tata Steel en de Dorpsraad aldaar, stelt reclamant dat de overheid kiest voor het economisch belang en zich niet sterk maakt voor wat de overheid eigenlijk dient te doen: het 489 behartigen van het belang van de burgers. Reclamant stelt dat de overheid dit is vergeten: indien de overheid wel het belang van de burgers zou behartigen had ze nimmer een dusdanig plan ontwikkeld als nu voor Heesch West is gedaan. Volgens reclamant kiezen de Zie thema's Proces en Participatie, Gezondheid en Milieucategorie. gemeenten voor cat 5.1. en hebben maling aan de gezondheid van Aanvullend daarop het volgende. Wij willen benadrukken dat een burgers. f inancieel belang niet boven een ander belang gaat. Het is altijd een gebalanceerde afweging van alle belangen. Daarin is het belang van Reclamant verwijst naar de Dorpsraad (IJmond) die weergeeft dat er betreffende Tata Steel geheime afspraken zijn gemaakt over milieueisen het woon -en leef klimaat van omwonenden een prominent belang. Voorliggend plan leidt niet tot een onaanvaardbaar woon -en om investeerders tegemoet te komen. Reclamant trekt hieruit de conclusie dat de overheid, dus ook deze gemeente, gaat voor het grote leef klimaat. Wij kunnen niet oordelen over de casus die reclamant noemt maar wel weerleggen dat bij Heesch West overheden enkel oog geld en niet staat voor het belang van burgers.
Reclamant stelt dat hebben voor economisch belang. Het is daarnaast niet de verwachting wanneer de gemeenten de plannen voor Heesch West doorzetten, het dat gezondheidsschade zoals in de IJmond wordt geconstateerd bij bovengenoemde wordt bevestigd. Heesch West zal optreden.
202
Volgens reclamant wordt er tot in den treure gekeken of er geen beschadiging wordt berokkend aan de biodiversiteit, indien een burger een vergunning aanvraagt. Nu wordt er volgens reclamant door de gemeente(n) een gebied van meerdere hectaren opgeofferd aan bebouwing en zou er minimale beschadiging aan de biodiversiteit worden gedaan.
45
-
45 22
Reclamant stelt, hoe de gemeente(n) het ook wendt of keert, dat er leef gebied wordt afgenomen van de natuur waardoor o.a. vogels, 490 insecten en zoogdieren een andere leefomgeving moeten gaan zoeken. Bij dit plan is ook uitvoerig beschouwd in hoeverre dit de huidige ecologische waarden aantast. Dit is uitgebreid onderzocht in het bij het Reclamant gaat ervan uit dat de gemeente(n) op de hoogte is dat dit een bestemmingsplan horende Ecologisch onderzoek. Daaruit blijkt dat er stap terug is voor de natuur en stelt de vraag hoelang de mens hiermee inderdaad ook bepaalde, huidige ecologische waarden negatief worden door kan gaan. De overheid stelt dat iedereen zuinig moet zijn op de beïnvloed door dit plan. Dit wordt echter gemitigeerd en leef omgeving en natuur, maar vervolgens kiest de gemeente het gecompenseerd volgens de daarvoor geldende regels. Daarnaast wordt economisch belang boven het natuurbelang, waardoor onze kinderen in met het landschapspark ingezet op een grote versterking van de de toekomst alleen nog maar via afbeeldingen van de natuur kunnen huidige biodiversiteit. Zie ook thema Natuur en paragraaf 2.3.3 van de genieten. Toelichting van het bestemmingsplan. Wat betreft de suggestie over belangen, verwijzen we naar het thema Proces en participatie. Volgens reclamant gaat de realisatie van het plan voor veel verkeershinder zorgen.
Verwijzend naar de documenten leest reclamant dat het bedrijventerrein leidt tot ca. 7.900 (vracht)verkeersbewegingen per etmaal. Dit zal volgens reclamant betekenen dat: • het aantal f iles en opstoppingen op de A59 en toegangswegen nog verder toenemen; • sluipverkeer nog meer in de hand wordt gewerkt op wegen die daar 491 niet voor geschikt zijn; • een goede bereikbaarheid van de woningen in gevaar komt en een waardedaling van de woning(en); • de gezondheid van omwonenden zal verslechteren (toename van f ijnstofgehalte en geluidsoverlast). • geluidsoverlast en trillinghinder in de woning proportioneel zullen Zie thema's Mobiliteit, Kosten en baten en planschade, Gezondheid, toenemen. Geluid, Trillingen, Luchtkwaliteit en Geluid.
203
45
-
45 22
45 22 46
-
46
-
46
-
46 23
Volgens reclamant komen er, door de proportionele toename van (sluip)verkeer, onder andere logistieke bedrijven en zal de verkeersveiligheid van kinderen minder kunnen worden gewaarborgd. De basisschool is gelegen in het centrum van Vinkel en heeft op de doorgaande wegen diverse oversteekplaatsen naar de woonwijken. 492 Omdat er volgens reclamant geen verkeerslichten of andere hulpmiddelen beschikbaar zijn bij deze oversteekplaatsen is het wachten op het eerste slachtoffer (met dodelijke afloop). Eventuele hulpmiddelen kunnen volgens reclamant nooit de toename van verkeersonveiligheid door drukker verkeer compenseren. Zie thema Mobiliteit. Concluderend stelt reclamant dat de komst van het industrieterrein de woonomgeving en een gezonde en prettige leefsituatie drastisch zal veranderen/aantasten. Volgens reclamant is dit plan een wezenlijk gevaar voor de gezondheid door de effecten van het industrieterrein (stof, geluid, stank). Volgens reclamant draagt het plan niet bij aan het behoud en de bevordering van de ruimtelijke kwaliteit van het betrokken 493 gebied en is er zeker geen sprake van een goede landschappelijke inpasbaarheid of maatschappelijke meerwaarde. Het landelijke karakter van het gebied verandert volgens reclamant compleet met dit plan.
De plannen zijn een grote inbreuk op de bestaande situatie en zullen een onaanvaardbare blijvende beperking geven in de toekomst, volgens Zie thema's Woon -en leef klimaat, Gezondheid, Stof, Geluid, Geur en reclamant. Ruimtelijke kwaliteit. 494 Reclamant maakt zich druk over de verkeersoverlast en 495 verkeersbewegingen die het industrieterrein teweeg brengt op de Weerscheut van en naar Vinkel. Reclamant verwacht straks ook een waardevermindering van het huis 496 dat aan de Weerscheut staat. Reclamant vindt categorie 4.2 en 5.1 nogal zwaar omdat het industrieterrein in de bebouwde kernen ligt van Vinkel Heesch, Geffen 497 en ook Nuland, en een gevaar kan vormen voor de bevolking die daar leef t en woont. 498
Deze zienswijze is ongegrond en geeft geen aanleiding tot aanpassing van het bestemmingsplan. Zie thema Mobiliteit en het antwoord in rij 442. Zie thema Kosten en baten en planschade.
Zie thema's Milieucategorie en Externe veiligheid. Deze zienswijze is ongegrond en geeft geen aanleiding tot aanpassing van het bestemmingsplan.
204
47 24
47 24
Reclamant woont nu vrij rustig en groen in Geffen en geniet van de natuur in zijn/haar buurt. Reclamant blijft zich zorgen maken over zijn/haar toekomstig leefklimaat en vreest een grote aantasting van de 499 woonomgeving door milieuhinder zoals geluidsoverlast, geur- en stofhinder, trillingshinder en een aantasting van de leefomgeving en de Zie thema's Woon -en leef klimaat, Geluid, Geur, Stof, Trillingen en natuurwaarden. Natuur. Volgens reclamant leidt het bedrijventerrein met o.a. logistieke bedrijven tot een groot aantal verkeersbewegingen: reclamant leest in de stukken: circa 7.900 (vracht)verkeersbewegingen per etmaal. De toch al overvolle wegen zullen nog voller komen te staan. Door toedoen van het plan zal: • Het aantal f iles en opstoppingen op de A59 en toegangswegen nog 500 verder toenemen; • De gezondheid van omwonenden verslechteren (toename fijnstof en geluidsoverlast). Zie thema's Gezondheid, Mobiliteit, Luchtkwaliteit en Geluid. Reclamant zal meer geluidsoverlast ondervinden als deze plannen tot realisatie komen. Reclamant ervaart nu al geluid van de A59 en de wind staat vaak de kant van reclamant op. Een toename van geluid zal leiden tot een vervelende situatie in en rond de woning. Ook het geplande zonnepark zal het geluid van de snelweg en het beoogde industrieterrein versterken.
47 24
Zie thema's Geluid en Gezondheid. Reclamant vreest voor veel (cumulatieve) geluidhinder van verkeer op De geluidsbelasting door industrielawaai van Heesch-West bedraagt op 501 en rond het bedrijventerrein en van bedrijven op korte afstand van de de woning van reclamant 47 dB(A). Deze geluidsbelasting is lager dan woning. Geluidhinder zorgt voor gezondheidsschade blijkt uit onderzoek. de voorkeursgrenswaarde van 50 dB(A). Na juni 20219 had de gemeente besloten tot het aanscherpen van de De geluidsbelasting door wegverkeer bedraagt voor en na realisatie van vestigingsvoorwaarden en toegelaten bedrijvencategorieën, uitgaande het plan 59 dB en wijzigt dus niet. Cumulatief is sprake van een van omgeving (geluid, geur). Maar onder paragraaf 9.2 staat dat 'grote geluidsbelasting van 60 dB na planrealisatie. De toename van de lawaaimakers' mogelijk worden gemaakt. Vanuit een oogpunt van cumulatieve geluidsbelasting bedraagt 0,2 dB. Omdat de maximale gezondheid hoort in het bestemmingsplan te worden geregeld dat de toename 0,2 dB bedraagt en niet hoorbaar is voor het menselijk oor, geluidssituatie voor omwonenden niet verslechtert door dit plan. leidt het aspect geluid niet tot een verslechtering van het woon- en leef klimaat.
205
47
-
Reclamant merkt op dat het plan nadelige gevolgen heeft voor de gezondheid vanwege de toename van fijnstof. Door het extra verkeer van de bedrijven en de bedrijfsprocessen zal de hoeveelheid fijnstof toenemen. Nu wordt een deel van de huidig aanwezige fijnstof geabsorbeerd door zachte ondergronden, zoals de aanwezige gewassen op de landbouwgronden. Het merendeel hiervan wordt straks echter verhard terrein. Vooral het fijnstof dat neerslaat op de 502 zonnepanelen wordt door het gladde oppervlak en de open structuur van de installaties, waar de wind onder en boven de panelen vrij spel heeft, minder goed vastgehouden en zal zich door de overheersende westenwind gemakkelijker verspreiden over de woning van reclamant. Daarnaast vindt reclamant dat het bedrijventerrein met de daarmee gepaard gaande uitstoot van stikstof een uitermate ongunstige invloed zal hebben op de omgeving en dat de plannen op dit punt onvoldoende zorgvuldig zijn voorbereid en onderbouwd. Zie thema's Gezondheid, Luchtkwaliteit en Natuur.
206
Reclamant stelt dat zware bedrijven (categorie 4.1 en in de plannen van Den Bosch zelfs categorie 5.1) tot een onaanvaardbare aantasting van het woon- en leef klimaat leiden en niet zouden moeten worden toegestaan op korte afstand van woningen. Reclamant geeft aan dat er een grotere af stand van dergelijke bedrijven tot woonbebouwing in acht moet worden genomen.
47
-
Reclamant geeft aan dat geurbelasting zich niet laat belemmeren door inwaartse zonering. Onder verwijzing naar concrete voorbeelden uit de omgeving, stelt reclamant dat, afhankelijk van het soort bedrijvigheid, geur zich vele honderden meters tot wel kilometers kan verplaatsen. De af stand van plan Heesch-West tot omwonenden is dusdanig klein dat geurhinder onmogelijk voorkomen kan worden. 'Geborgd middels het toepassen van inwaartse zonering' is niet realistisch aangezien het type 503 bedrijvigheid op het moment van opstellen van het ontwerpbestemmingsplan niet bekend is. Concluderend stelt reclamant dat mede om deze redenen milieuklassen hoger dan 3 nooit en te nimmer aanvaard mogen worden. Reclamant wijst op een grote brand die recent bij recyclebedrijf A.V.I. te 's-Hertogenbosch heeft gewoed. Reclamant vreest voor zijn/haar gezondheid als dit op Heesch West gebeurt. Tot slot stelt reclamant dat, aangezien de gemeente zich presenteert als 'groene en duurzame gemeente' en dit een 'duurzaam bedrijventerrein' zou moeten worden, een milieucategorie van 4.1 of zelfs 5.1, volstrekt onbegrijpelijk is. Reclamant verzoekt dan ook om de milieucategorie te verlagen en de verhogingsmogelijkheid te schrappen in algemene zin.
47
-
Zie thema's Milieucategorie, Woon -en leef klimaat, Gezondheid, Externe veiligheid, Geur en Duurzaamheid.
Reclamant verzoekt om bij het landschapspark als hoofddoel het af schermen van het bedrijventerrein van de omgeving te hebben. Op dit 504 moment kijkt reclamant vanaf de rijksweg op een groene buffer. Zie thema's Ruimtelijke kwaliteit en Licht. Aanvullend daarop merken Reclamant wordt niet blij van grote dozen van circa 30 meter hoog en we op dat de groene buffer aan de noordzijde van het terrein reclamezuilen met scherpe verlichting die vanaf de A59 te zien zijn. onaangetast blijft.
207
47 24
Reclamant stelt dat het industrieterrein de woonomgeving drastisch verandert en een gezonde en prettige leefsituatie onmogelijk maakt. Dit plan betekent een wezenlijk gevaar voor de gezondheid door de effecten van het industrieterrein (geluid, stank, licht). Het plan draagt niet bij aan 505 het behoud en de bevordering van de ruimtelijke kwaliteit, en er is zeker geen sprake van een goede landschappelijke inpasbaarheid of enige maatschappelijke meerwaarde. Ook is volgens reclamant geen toepassing gegeven aan het principe van zorgvuldig ruimtegebruik. Zie thema's Woon -en leef klimaat, Gezondheid, Geluid, Geur, Licht, Ruimtelijke kwaliteit en Locatiekeuze en zorgvuldig ruimtegebruik.
47 24
506
48 25
48
-
Deze zienswijze is ongegrond en geeft geen aanleiding tot aanpassing van het bestemmingsplan.
Reclamant stelt dat het plan de gezondheid aantast en dat de gevolgen hiervan onvoldoende zijn onderkend en meegenomen in de planvorming. Gezondheidsschade wordt volgens reclamant veroorzaakt door toename van gecumuleerd lawaai (verstoort de rust en leidt tot meer stress en slecht slapen), stank, stof en gevaarlijke stoffen (risico op calamiteiten, Zie thema's Gezondheid, Geur, Stof, Externe veiligheid, longproblemen en beperken de bewegingsvrijheid). Daarnaast wordt ook Milieucategorie, Licht, Ruimtelijke kwaliteit, Geluid, Woon -en leef klimaat en Natuur. 507 de nachtrust en het woongenot aangetast door lichthinder, het Wat betref t de geluidsbelastingen op de woning van reclamant. Voor verdwijnen van vrij uitzicht, en toename van geluidsoverlast. Ook in de concept beleidsregel 'Toekenning stikstofruimte bedrijventerrein Heesch deze woning is géén hogere waarde nodig voor industrielawaai en/of West' wordt met de belangen van aan- en omwonenden geen rekening wegverkeerslawaai. Daarnaast is geen sprake van een wezenlijke toename (>1,5 dB) voor wegverkeerslawaai en/of de cumulatieve gehouden en wordt sec gekeken naar de benodigde geluidbelasting. Dit is ook per woning terug te vinden in bijlage 7 van stikstofemissieruimte voor de nieuw te vestigen bedrijven. het akoestisch onderzoek.
Reclamant beweert dat het verkeersplan van het bestemmingsplan leidt tot een onaanvaardbare toename van files, sluipverkeer en onveilige situaties voor omwonenden, fietsers en wandelaars/hardlopers. Het is bovendien gebaseerd op onjuiste aannames en rekenmodellen, en niet op f eiten. Er zijn geen waarborgen ingebouwd voor aanpassing of 508 handhaving voor het geval de doorstroming en verkeersveiligheid achterblijven bij de verwachtingen. Ervaringen met distributiecentra elders in het land laten zien dat deze voor grote maatschappelijke problemen kunnen zorgen (denk bijvoorbeeld aan huisvesting van arbeidsmigranten), waar in het plan geen rekening mee wordt gehouden. Zie thema's Mobiliteit en Werkgelegenheid en arbeidsmigranten.
208
48
48
-
-
Reclamant stelt dat het plan in strijd is met de dringende behoefte aan meer natuur, onder andere om in te recreëren. Het plan vormt een directe bedreiging voor omliggende natuur- en recreatiegebieden en vormt een barrière voor de ontwikkeling van ecologische verbindingen tussen bestaande natuurgebieden. Dit klemt temeer omdat een landschappelijke inpassing van het plan nog niet is geborgd. Een goede landschappelijke inpassing (die geluidoverlast, lichtvervuiling en 509 aantasting van het uitzicht moet beperken) is volgens reclamant een absolute voorwaarde voor een goede ruimtelijke ordening. Reclamant stelt ook grote vraagtekens bij de waarde van de concept beleidsregel 'Circulair Kwaliteitsplan Heesch West', omdat deze niet in overeenstemming is met de plankaart en de daarbij behorende voorschriften.
Zie thema's Natuur, Woon -en leefklimaat en Ruimtelijke kwaliteit.
Reclamant stelt dat een stedelijke ontwikkeling met daarop enorme distributiedozen die 20 tot 30 meter hoog worden, niet passend is voor dit gebied. Volgens reclamant is het geenszins zeker dat voldaan kan worden aan de bepalingen uit de Interim Omgevingsverordening Noord510 Brabant (artikel van 5.3 lid 4). De noodzaak van het industrieterrein is volgens reclamant niet aangetoond en de aanvaardbaarheid van de gewenste uitbreidingsrichting is niet gemotiveerd. Zie thema's Behoefte en Locatiekeuze en zorgvuldig ruimtegebruik.
48
-
Verwijzend naar onderzoek van platform Eerlijk over Heesch West (mei 2021) stelt reclamant dat het participatieproces heeft gefaald. Er is geen sprake geweest van een dialoog en burgers voelen zich genegeerd. Betrokkenen worden geconfronteerd met onleesbare, onbegrijpelijke 511 teksten gecombineerd met digitale (des)informatieve (promotie)bijeenkomsten. Pas na twee jaar zijn de zienswijzen in een onleesbaar rapport beantwoord. Individuele burgers is het onmogelijk gemaakt om zich in de reactie zienswijzen te herkennen. Zie thema Proces en participatie.
209
48
48
-
Reclamant heef t het gevoel zich machteloos tegen een veelkoppig monster te moeten verweren. Reclamant noemt dat herhaaldelijk verzoek voor budget om onafhankelijke expertise in te kunnen huren, vanuit Eerlijk over Heesch West en van de Stichting Strijdbaar voor Leef baarheid, door de gemeente is afgewezen. Specialisten van de 512 GGD en de Omgevingsdienst geven aan niets voor individuele burgers te kunnen betekenen. Daarnaast stelt reclamant dat de termijnen geen rekening houden met de hoeveelheid werk om alles te lezen en te begrijpen. Het planproces is verdeeld over een zeer lange periode en verschillende besturen en daarnaast veel verschillende belanghebbenden en bevoegdheden.
-
Op basis hiervan verzoekt reclamant om de plannen af te keuren en de bescherming van burgers op de eerste plaats te stellen. Reclamant 513 behoudt zich tevens het recht voor om, na verdere bestudering van de plannen, nieuwe zienswijzen en aanvullende bezwaren in te dienen.
48 25
48 25
Zie thema Proces en participatie.
Zie thema's Proces en participatie en Woon -en leef klimaat. Reclamant woont al lange tijd op het adres en maakt zich grote zorgen dat door het plan de gezondheid schade oploopt. Ook door de verkeerstoename (dag- en nacht vrachtverkeer, meer files, ongelukken en sluipverkeer) zal het woongenot veel minder worden. Reclamant 514 maakt zich ook zorgen om de natuur. Reclamant stelt dat de huizen in de buurt enorm dalen in waarde. Reclamant stelt dat niemand dicht in de Zie thema's Gezondheid, Mobiliteit, Woon -en leefklimaat, Natuur, buurt van een industrieterrein wil wonen (geluidsoverlast, getril en stof, Kosten en baten en planschade, Geluid, Trillingen, Stof, Externe brandgevaar en stank van zware industrie). veiligheid en Geur. Deze zienswijze is deels gegrond op het onderdeel ‘Circulair Kwaliteitsplan niet volledig in overeenstemming met de verbeelding en planregels’. Dit deel is niet alleen een zienswijze op het bestemmingsplan, maar betreft ook tegelijkertijd een inspraakreactie op de concept beleidsregels Circulair Kwaliteitsplan (zie Eindverslag 515 inspraak beleidsregels Circulair Kwaliteitsplan). Mede naar aanleiding van deze zienswijze is het Circulair Kwaliteitsplan verder uitgewerkt en zijn een aantal planregels daarop aangepast (zie thema Ruimtelijke kwaliteit). Voor het overige is de zienswijze ongegrond.