CConstaterende datBernheze
Koppel je AI →
Document · PDF

Programmanbegroting 2022-2025

Commissie Bestuur en Strategie 18 oktober 2021, gemeente BernhezeBij agendapunt: Vaststellen Programmabegroting 2022-2025 gemeente Bernheze30.326 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Overzicht en beleidsuitgangspunten ten aanzien van de lokale heffingen Het algemeen te voeren financieel beleid doen wij op basis van evenwichtige keuzes. Wij letten hierbij op de taken en de daarvoor beschikbare middelen. Uiteraard met het doel om het gemeentelijk huishoudboekje kloppend te houden. Ten gevolge hiervan kijken wij bij het belastingen tarievenbeleid naar de kosten van het in stand houden van de algemene voorzieningen en de OZB-prijs die daar redelijkerwijs voor betaald zou moeten worden. Dit kan betekenen dat wij ons bij onze keuzes laten leiden door de wens om voorzieningen te houden/te realiseren en daarvoor de prijs doorberekenen. Voor het uitvoeren van taken op het gebied van afval, riool en diverse andere diensten gaan wij uit van het doorberekenen van de kostprijs. Wij doen dit vanuit de gedachte dat deze voldoen aan het profijtbeginsel. De gemeente Bernheze kent een aantal belastingen en heffingen die kunnen worden onderscheiden in algemene dekkingsmiddelen (ozb) en heffingen waarvan de besteding is gebonden (afvalstoffenheffing, rioolheffing, leges, etc.). De huidige verordening is verdeeld in drie titels, namelijk: 1. Titel 1: Algemene dienstverlening; 2. Titel 2: Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning; 3. Titel 3: Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn.

Kruissubsidiëring binnen deze titels is mogelijk, maar niet meer tussen titels. pagina 93

Op basis van onderzoek hebben wij geconstateerd dat (zie hiervoor ook de raad van 16 december 2010) dat een 100% kostendekkend niveau voor Titel 1 en 3 niet haalbaar is. Voor Titel 1 worden wij geconfronteerd met de door het Rijk gemaximeerde tarieven, terwijl bij Titel 3 het kostendekkend maken zou leiden tot onacceptabele tariefstijgingen. Daar waar mogelijk streven wij om de tarieven naar een kostendekkend niveau te brengen. Voor Titel 2 geldt een 100% kostendekkendheid als uitgangspunt evenals voor de zogenaamde retributies van afval en riool.

Landelijke ontwikkelingen Onroerende zaakbelasting (OZB) Met ingang van 2020 is een landelijke benchmark woonlasten ingevoerd om jaarlijks de ontwikkeling van de lokale lasten inzichtelijker te maken. De macronorm om de onroerende zaakbelasting te monitoren is daarmee komen te vervallen. Met de benchmark is een vergelijking mogelijk van de gemeentelijke woonlasten en de tariefontwikkeling met landelijke en provinciale gemiddelden.

Belastingvoorstellen 2022 De gemeenteraad stelt de verordeningen vast, waarin de tarieven voor de gemeentelijke belastingen en heffingen zijn opgenomen. In de raadsvergadering van 16 december 2021 leggen wij uw raad een afzonderlijk raadsvoorstel met belastingvoorstellen ter besluitvorming voor. In dat voorstel wordt uitgebreid ingegaan op de diverse belastingen en heffingen. Hieronder volgt een korte samenvatting van de belangrijkste voorstellen.

Onroerende zaakbelasting Wij houden rekening met een tariefsaanpassing van 3,3%. Deze stijging van 3,3% is opgebouwd uit de trendmatige prijsontwikkeling van 1,3% en daarnaast een aanpassing van 2%. Deze extra stijging is ons inziens noodzakelijk vanwege onze ambities. De bijgestelde prijsindex is gelijk aan de recente meicirculaire 2021. In de kadernota 2022-2025 gingen we nog uit van 1,4% ter compensatie van de inflatie en een extra verhoging van 2%. Voor 2022 gelden de WOZ-waarden met waardepeildatum 1 januari 2021. Deze waarden zijn tot stand gekomen op basis van de geactualiseerde taxaties van het geïnventariseerde onroerend goed inclusief areaaluitbreiding (nieuwbouw, verbouw en sloop). Wij verwachten op basis van de landelijke marktontwikkeling over de periode van 1 januari 2020 tot 1 januari 2021 een waardestijging voor woningen van 9% en waardedaling voor niet-woningen van 0,5%. Om een gelijkblijvende opbrengst te kunnen blijven genereren worden de tarieven gecorrigeerd met deze waardenaanpassingen. Bij de behandeling van de belastingvoorstellen

pagina 94

zullen de dan beschikbare lokale cijfers aan u worden voorgelegd voor de vast te stellen OZBtarieven 2022.

Afvalstoffenheffing Het afvalbeleid stelde de raad op 15 december 2016 vast. De rode draad hiervan is dat het restafval zoveel mogelijk wordt gescheiden van andere afvalstromen. Door maatregelen die betrekking hebben op de wijze van inzameling van het GFT, PMD, luiers, textiel en de effecten van tariefprikkels willen we onze doelstellingen halen. Voor 2022 profiteren we van een gunstigere doorberekening van de PMD-kosten en -opbrengsten dan waar we aanvankelijk van uitgingen. Sinds jaar en dag hanteren we daarvoor een tarief naar gewicht en ledigingsfrequentie. In verband met de nieuwe aanbesteding voor de inzameling ziet het er naar uit dat het wegen niet meer mogelijk is of slechts tegen erg hoge kosten. We gaan om deze reden uit van een vastrecht met een variabel ledigingstarief dat uitgaat van een gemiddelde aantal kg’s per lediging. We denken dat dit gedifferentieerd afvaltarief nog voldoende prikkels biedt als middel om mede onze afvaldoelstellingen te bereiken. De gemiddelde kosten zullen in 2022 ten opzichte van vorig jaar dalen met € 13,- per aansluiting en komt daarmee op € 228,-. Daarnaast zullen we per aansluiting € 6,- restitueren in verband met de in 2021 gefactureerde containerlediging GFT. Dit door het feit dat over de invoering van het ledigingtarief voor gftcontainers onvoldoende is gecommuniceerd.

De restitutie is gebaseerd op de aanname van zes ledigingen gedurende het eerste halfjaar van 2021. We zullen bij de belastingvoorstellen hiertoe een voorstel doen. De kosten brengen we ten laste van de afvalreserve

Rioolheffing Op basis van het Gemeentelijk Rioolplan 2020-2023 passen wij de tarieven aan met de trendmatige prijsindex van 1,3%.

Ontwikkeling woonlasten en lokale lastendruk Onder woonlasten verstaan wij: OZB, afvalstoffenheffing en rioolheffing. Bij vergelijking van de woonlasten over 2021 en 2022 moet er rekening mee worden gehouden dat er voorlopige inschattingen voor de nieuwe WOZ-waarden per 1 januari 2021 zijn gebruikt en daarvan afgeleid de OZB-tarieven. De berekening voor 2022 is gebaseerd op een gemiddelde waarde van een woning van € 360.772,- (2021: € 331.401,-) en een gemiddelde waarde van een niet-woning van € 338.929,(2021: € 340.033,-).

pagina 95

Overzicht lastendruk

OZB Tarief

2021

Woningen

Eigenaar

2021

Woningen

Gebruiker

2021

Woningen

Eigenaar-gebruiker

2021 2021

Afvalstoffenheffing Bedrag

0,1129%

Bedrag

Rioolheffing Tarief

374,15

Totaal

Bedrag

0,0531%

175,97

0,0531%

175,97

791,12

0,0531%

180,56

1.207,12

0,0531%

180,56

2.023,20

ntb

179,66

565,33

ntb

179,66

793,33

ntb

168,79

1.230,99

241,00 0,1129%

374,15

Niet-woningen Eigenaar

0,3019%

1.026,56

Niet-woningen Gebruiker

0,2400%

816,08

2021

Niet-woningen Eigenaar-gebruiker

0,5419%

1.842,64

2022

Woningen

Eigenaar

ntb

385,67

2022

Woningen

Gebruiker

2022

Woningen

Eigenaar-gebruiker

2022

241,00

241,00

816,08

228,00 ntb

385,67

Niet-woningen Eigenaar

ntb

1.062,20

2022

Niet-woningen Gebruiker

ntb

844,61

2022

Niet-woningen Eigenaar-gebruiker

ntb

1.906,81

Overzicht ontwikkeling gemiddelde lokale lastendruk

2021 Bedrag

550,12

228,00

228,00

844,61 ntb

2022 Bedrag

168,79

2.075,60

Wijziging ten opzichte van 2021 (%)

Woningen

Eigenaar

550,12

565,33

2,76%

Woningen

Gebruiker

241,00

228,00

-5,39%

Woningen

Eigenaar en gebruiker

791,12

793,33

0,28%

Niet-woningen

Eigenaar

1.207,12

1230,99

1,98%

Niet-woningen

Gebruiker

816,08

844,61

3,50%

Niet-woningen

Eigenaar en gebruiker

2.023,20

2.075,60

2,59%

De afvalkosten vallen voor 2022 voordelig uit. Dit heeft tot gevolg dat voor de gebruikers van woningen een lagere lastendruk ontstaat. Voor de eigenaar/gebruiker levert als resultaat op dat het tarief bijna gelijk is aan dat van vorig jaar. Voor de niet-woningen heeft het afvaltarief geen invloed.

De geraamde inkomsten De opbrengsten van de (belangrijkste) belastingen en heffingen worden in onderstaande tabel weergegeven: Belastingen en heffingen

Geraamde inkomsten

Onroerende zaakbelasting (OZB)

7.861.947

Afvalstoffenheffing (restfractie, GFT en milieustraat)

2.990.727

Rioolheffing

2.524.460

Toeristenbelasting

94.384

Reclamebelasting

29.200

Kwijtscheldingsbeleid Op basis van artikel 26 van de invorderingswet geven wij uitvoering aan de kwijtschelding van belastingen. De gemeente Bernheze hanteert een zo ruim mogelijk kwijtscheldingsbeleid. Op 27 juni 2019 besloot uw raad in het kader van de harmonisatie van het kwijtscheldingsbeleid BSOB, dat:

pagina 96

-

voor de kosten van bestaan een percentage van 100% van de bijstandsnorm te hanteren voor personen jonger dan de AOW-gerechtigde leeftijd; de norm voor de kosten van bestaan voor AOW-gerechtigden te baseren op de toepasselijke netto AOW-bedragen in de plaats van op de toepasselijke bijstandsnorm; bij het bepalen van het netto-besteedbare inkomen voor kwijtschelding rekening wordt gehouden met de kosten van kinderopvang; de kwijtschelding voor natuurlijke personen die een bedrijf of een zelfstandig beroep uitoefenen (kleine ondernemers) in stand wordt gehouden.

Voor kwijtschelding komen de volgende heffingen in aanmerking: - Onroerende zaakbelasting eigenaar woning en niet-woning en gebruik niet-woning. - Afvalstoffenheffing tot het vastgesteld maximum van € 135,- o.b.v. Verordening op de heffing en invordering van afvalstoffenheffing Bernheze 2019. - Rioolheffing.

Kostendekkendheid tarieven In het Besluit begroting en verantwoording is bepaald dat alleen kosten worden opgenomen die betrekking hebben op het primaire proces. Dit betekent dat het niet zondermeer mogelijk om vanuit de taakvelden volledig inzicht te krijgen in alle kosten die maximaal kostendekkend mogen zijn. Kosten van overhead worden centraal geraamd, maar dienen wel in verband gebracht te worden met de integrale kostprijs. Om deze reden is het van belang dat op een andere wijze uit de begroting blijkt hoe de tarieven worden berekend en welke (beleids)keuzes bij die berekening zijn gemaakt. Deze paragraaf verschaft deze informatie. In verband met de invoering van de omgevingswet per 1 juli 2022 zal met ingang van deze datum voor de kostendekkendheid van ruimtelijke plannen opnieuw een berekening gemaakt worden.

Rioolheffing Goede riolering is nodig voor de bescherming van de volksgezondheid, het milieu en het tegengaan van wateroverlast. Als gemeente hebben we de taak om voor die riolering te zorgen: we hebben de zorgplicht voor stedelijk afvalwater, voor afvloeiend hemelwater en voor grondwatermaatregelen. Met het nieuwe, meer adaptieve, GRP willen wij verder gaan door: - nog nadrukkelijker te kijken naar ontwikkelingen die in de stedelijke omgeving plaatsvinden rond water, grondstoffen, energie en ruimtelijke ontwikkelingen; - de zorgplicht nog breder in te bedden in de interne en externe processen, waardoor betere afstemming plaatsvindt op andere processen in de (openbare) ruimte. - Het projectmatig klimaatadaptief inrichten van de openbare ruimte.

pagina 97

De beleidsambities die hierbij horen zijn: - adaptief en risicogestuurd beheer; - klimaatadaptatie; - samenwerking in As50+-verband; - inspelen op maatschappelijke ontwikkelingen. Om alle kosten te kunnen dekken, heffen we rioolheffing. We heffen van eigenaren op basis van de WOZ-waarde Hierbij wordt onderscheid gemaakt in: - onroerende zaken die in hoofdzaak tot woning dienen, en - onroerende zaken die niet in hoofdzaak tot woning dienen. Het grootste deel van de lasten is bedoeld voor het opvangen van de vervanging en relining van de riolering. Gezien het feit dat er nogal wat onzekerheden zijn over het exacte tijdstip van de vervangingspiek (na 2040) en de ontwikkeling van nieuwe (goedkopere) renovatietechnieken is het niet verstandig om per direct een theoretisch op lange termijn kostendekkend tarief te hanteren. De huidige heffing ligt onder het op lange termijn kostendekkende tarief. Er zijn vele scenario’s mogelijk om naar een kostendekkend niveau te groeien. In wezen is het een vraagstuk van verdeling in de tijd: hoe langzamer we naar een kostendekkend niveau groeien, hoe hoger we uiteindelijk uitkomen. Het zwaartepunt van de uitgaven komt na 2040. Daarom passen wij het tarief de komende jaren niet (behoudens inflatiecorrectie) aan. Vanaf 2030, rekening houdend met de verwachtte vervangingspiek, gaan we de tarieven verhogen.

De reden hiervoor is gelegen in het feit dat de noodzaak tot stijging ontbreekt. Een tariefstijging hoeft namelijk pas na drie planperiodes (2030) te worden doorgevoerd om vanaf die periode te gaan sparen voor de (theoretische) vervangingspiek die na 2040 zal gaan optreden. De komende jaren zal duidelijk worden of die piek ook daadwerkelijk gaat optreden. In de tussenliggende periode zal de strategie vervangen versus relinen verder worden geoptimaliseerd. Deze benadering is tevens in overeenstemming met de aanbeveling van de Commissie BBV om ten behoeve van het tarief een horizon van 10 jaar te hanteren. Kosten taakveld Riolering, excl. onderhoud incl. (omslag)rente 1 Inkomsten taakveld(en), excl. heffingen Netto kosten taakveld Riolering

2.120.256 -45.541 2.074.715

Toe te rekenen kosten: Overhead BTW2 Totale kosten

257.239 200.554 2.532.508

pagina 98

Overige opbrengsten beschikking reserves Opbrengst heffingen

2.524.460

Totaal opbrengsten

2.524.460

Dekkingspercentage

99,68%

1) 2)

Geen omslagrente a.g.v. ontbreken van boekwaarde activa. De BTW zoals opgenomen in de tabel betreft de kostprijsverhogende compensabele BTW over de gemaakte kosten. Voor deze compensabele btw is een korting toegepast op de algemene uitkering.

Afvalstoffenheffing De focus ten aanzien van afval ligt tegenwoordig op het maximaal hergebruiken van producten en grondstoffen: de circulaire economie. Afval zien als grondstof is goedkoper, duurzamer en milieuvriendelijker. De richting die we op moeten is het denken en handelen van inwoners (nog) verder om te schakelen van afval naar grondstof, zodat het hergebruik stijgt en de hoeveelheid restafval daalt. De volgende ambities zijn in het beleidsplan opgenomen: - De milieuambitie: Bernheze moet er naar streven om in 2030 afvalloos te zijn (dat wil zeggen dat er geen huishoudelijk afval meer vrijkomt dat als restafval verwerkt moet worden). - De kostenambitie kan omschreven worden als “een goede kwaliteit tegen een redelijke prijs”. Bij voorkeur gaan de kosten voor afvalbeheer niet omhoog, maar een stijging is bespreekbaar als daar wat tegenover staat. - De serviceambitie: gemak voor de burger. Inwoners moeten hun afval zo veel mogelijk kwijt kunnen op het moment dat zij dat willen en zij zich dus ook weinig zorgen hoeven te maken over opslagruimte in huis (niet méér opslagmiddelen dan noodzakelijk). - Aandacht voor werkgelegenheid (als vierde element aan de afvaldriehoek): preventie, hergebruik en recycling van afval kan lokale (sociale) werkgelegenheid opleveren.

Denk hierbij aan nieuwe werkgelegenheid door sortering en vermarkting van afvalstromen, kringloopwinkels en repair-cafés. Dit aandachtspunt hanteren we als secundaire ambitie. De fysieke inzamelstructuur is opgebouwd uit een haalsysteem (huis-aan-huis), een decentraal brengsysteem en een centraal brengsysteem (milieustraat en twee groendepots). De financiële inzamelstructuur is opgebouwd uit: - een belasting per perceel (vastrecht), - een belasting voor het ledigen van een kliko fijn huishoudelijk restafval (fHRA), - een belasting voor het aangeboden gewicht aan fijn huishoudelijk restafval, - een belasting voor het aanleveren van bepaalde afvalstromen op de milieustraat (poorttarief). Daarnaast zijn kosten verbonden aan het gebruik maken van de haalservice voor grof tuinafval binnen de bebouwde kom. Dit geheel van de afvalstoffenheffing is maximaal 100% kostendekkend.

pagina 99

Kosten taakveld Afval, excl. onderhoud incl.(omslag)rente

2.806.159

Inkomsten taakveld (afval), excl. heffingen

-362.570

Netto kosten taakveld afval

2.443.589

Toe te rekenen kosten: Overhead

90.848

BTW1

455.736

Totale kosten Overige opbrengsten beschikking reserves:

2.990.173 -18.279

Opbrengst heffingen

2.990.727

Totaal opbrengsten

2.972.448

Dekkingspercentage

99,41%

1)

De BTW zoals opgenomen in de tabel betreft de kostprijsverhogende compensabele BTW over de gemaakte kosten. Voor deze compensabele is een korting toegepast op de algemene uitkering.

Grafrechten Grafrechten zijn retributies die de gemeente kan heffen op grond van artikel 229, eerste lid, onder a en b, van de Gemeentewet. Zij worden geheven voor het gebruik van de gemeentelijke begraafplaats of het gemeentelijke crematorium en voor het genot van in verband daarmee door de gemeente verleende diensten. De activiteiten binnen het taakveld Begraafplaatsen en crematoria gebaseerd op de Wet op de lijkbezorging hebben vooral een administratief karakter en zijn de volgende: - toewijzen van nieuwe graven/urnen; - begraven en cremeren; - reserveren van een bestaand of nieuw graf; - verlengen en beëindigen van grafrechten; - opgraven en/of herbegraven of cremeren; -

contacten met rechthebbenden, grafdelvers en uitvaartdiensten.

Daarnaast worden kosten gemaakt voor de instandhouding van onze gemeentelijke begraafplaats. Kosten die wij maken voor de instandhouding particuliere begraafplaats en oorlogsgraven laten wij buiten beschouwing. Bovenstaande activiteiten zijn volledig toe te rekenen aan de kostendekkendheid grafrechten, met als uitgangspunt maximaal 100% kostendekkende tarieven. Kosten taakveld Begraafplaatsen en crematoria, incl. (omslag)rente1

74.054

Kosten taakveld Begraafplaatsen en crematoria dotatie voorziening

17.470

Inkomsten taakveld(en), excl. heffingen Netto kosten taakveld Begraafplaatsen en crematoria

91.524

pagina 100

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Bernheze&id=6b63a0c5-8d13-4d90-a384-a655922fe88e