Programmabegroting 2023-2026_definitief
Tekst van het document
Openbaar groen biodiverser inrichten en beheren In het eerste kwartaal van 2023 stellen we een groenstructuurplan en groenbeheerplannen vast waarin de mogelijkheden voor ecologische inrichting en beheer van ons openbaar groen terugkomen. De financiële behoefte hiervan zal uit die plannen blijken.
pagina 32
Duurzaam verpachten van onze landbouwgronden We verpachten onze landbouwgronden op duurzame wijze zodat op die plekken de biodiversiteit verhoogt, de bodemkwaliteit verbetert en de bodem meer vocht vasthoudt. Dit doen we door onder andere bloemrijke randen verplicht te stellen, het gebruik van bestrijdingsmiddelen te reguleren en door teeltsturing. Dit levert minder pachtopbrengsten op, omdat pachters niet meer betalen voor de oppervlakte bloemenrand. Met bonuskortingen stimuleren we pachters om een stap extra te doen op het gebied van klimaat en biodiversiteit.
Energie- en klimaatneutraal In 2050 is Nederland energieneutraal. Om dit te bereiken moeten wij als Bernheze verschillende maatregelen treffen, namelijk besparen op energieverbruik, opwekken van duurzame energie en overgaan op een aardgasvrije warmtevoorziening.
Besparen op energieverbruik De Regionale Energie Strategie Noordoost Brabant (RES NOB) geeft voor de regio Noordoost Brabant vorm aan de taakstelling van 49% CO2-reductie in 2030. In het concept RES bod heeft RES NOB afgesproken om 11% energiebesparing te realiseren. Dit doen we onder andere door het uitvoeren van activiteiten uit de Duurzame Energieagenda 2021-2025, het inzetten van stimulerende en ondersteunende maatregelen en het opzetten van een integrale aanpak energiearmoede.
Opwekken van duurzame energie Naast de besparingsopgave, heeft RES NOB afgesproken om 1,6 TWh aan duurzame energie op te wekken in 2030. De resterende opwekopgave voor Bernheze voor 2030 is 0,02 TWh. Er zijn al een aantal kansrijke initiatieven voor grootschalige zonne-energie, waarmee we verwachten onze opgave te kunnen realiseren (of zelfs al meer). We zorgen hierbij voor tijdige vergunningverlening (voor 2025). De netwerkcongestie zet echter een rem op de realisatie van initiatieven. Relevante notities in dit verband zijn: Beleidsnota Zonne-energie, Ruimtelijk Beleid Zonneparken en Beleidsregels voor kleinschalige zonneparken.
Overgaan naar een aardgasvrije warmtevoorziening In 2050 moet de gebouwde omgeving aardgasvrij zijn. In het Klimaatakkoord is afgesproken dat in 2030 al 1,5 miljoen woningen en gebouwen in Nederland verduurzaamd zijn. Wij zetten in op de ‘no-regret maatregelen’: isoleren, aanleg van zonnepanelen op daken en elektrisch koken. En gaan in vervolg op de Transitievisie Warmte in de ‘kansrijke buurten’ aan de slag om te bepalen wanneer de buurt aardgasvrij wordt en wat daarvoor nodig is (wijkuitvoeringsplan).
Circulaire economie Het Rijksbrede programma Nederland Circulair in 2050 omschrijft wat nodig is om zuiniger en slimmer om te gaan met grondstoffen, producten en diensten. Als gemeente zetten we in op het
pagina 33
verminderen van huishoudelijk restafval en stimuleren we het hergebruik van materialen en grondstoffen. Op deze manier werken we toe naar een economie zonder afval in 2050.
Verminderen huishoudelijk restafval Om verder invulling te geven aan deze doelstelling is het tarief voor het ledigen van de restafvalcontainer verhoogd. Hiermee wordt “de gebruiker betaalt” beter tot uiting gebracht. Daarnaast zetten we communicatie in voor bewustwording van inwoners omtrent afvalscheiding en professionaliseren we de afvalinzameling door samenwerking met lokale partner Afvalstoffendienst ‘s-Hertogenbosch.
Stimuleren hergebruik materialen en grondstoffen We zitten in de transitie van een lineaire economie naar een circulaire economie. In de landelijke lijn van de VANG-doelstelling (van Afval naar Grondstof) zetten we in op volledig circulair in 2050. Er is al een samenwerking op het gebied van textiel met kringloopbedrijf Oss, waarbij de afspraak ligt om de hoeveelheid textiel in het restafval minimaal te halveren.
Verbeteren van lucht-, bodem- en waterkwaliteit Bernheze is deelnemer aan het Schone Lucht Akkoord waarmee we inzetten op de thema’s landbouw en houtstook. We onderzoeken of certificering in het kader van de CO2-prestatieladder hierop van toegevoegde waarde kan zijn. Daarnaast onderzoeken we samen met de omgevingsdienst Brabant Noord (ODBN) wat we op het gebied van lucht-, bodem- en waterkwaliteit nog meer kunnen doen.
Verbonden partijen Hier geven we weer in hoeverre onze verbonden partijen bijdragen aan de doelstelling van dit programma. De verbonden partijen hebben we ook toegelicht in de paragraaf Verbonden partijen.
Omgevingsdienst Brabant Noord (ODBN) De ODBN voert als verlengd lokaal bestuur wettelijke taken uit op het gebied van milieuadvisering bij vergunningverlening en voert voor Bernheze integraal de WABO-toezichtstaken uit. Daarnaast houdt de ODBN zich bezig met gezamenlijke taken op het gebied van milieucriminaliteit en ketenaanpak rondom asbest en bodemkwaliteit. ODBN voert voor ons een opdracht uit gericht op handhaving van de energiebesparingsverplichting voor de bedrijven die vallen in de categorie midden gebruikers. Dit gebeurt op grond van bepalingen in de wet Milieubeheer.
Beleidsindicatoren In de volgende tabel geven we de verplichte indicatoren vanuit waarstaatjegemeente.nl weer. Om de cijfers van Bernheze te kunnen plaatsen hebben we daarnaast een referentiemeting
pagina 34
opgenomen. We gebruiken hiervoor de gemiddelde waarde van gemeenten in de grootteklasse van 25.000 tot 50.000 inwoners. Beleidsindicator
Jaar realisatie
Referentie
Bernheze
Omvang huishoudelijk afval (restafval) (kg/inwoner)
2018 2019 2020 2021
144 129 Geen data Geen data
89 68 Geen data Geen data
Hernieuwbare elektriciteit (%)1
2018 2019 2020 2021
Geen data 25,2 Geen data Geen data
7,2 10,7 19,4 Geen data
1) Hernieuwbare elektriciteit is elektriciteit die is opgewekt uit wind, waterkracht, zon of biomassa
Wat mag het kosten? De middelen voor de projecten Realisatie EVZ's en duurzame pacht zijn ondergebracht onder programma 1, leefbare kernen.
Beleidsintensiveringen 2023-2026 In onderstaande tabel is per voornemen aangegeven wat de bron van de uitgaven is. Hieronder een korte toelichting op de diverse bronnen: - MJB : opgenomen in de meerjarenbegroting 2023-2025 - NIEUW : toevoeging ten opzichte van de meerjarenbegroting 2023-2025 Onderwerp
Bron
Jaar
Investeringen water & riolering
MJB MJB Nieuw Nieuw MJB MJB
2023 2024 2025 2026 2023 2024
344.000 605.000 605.000 605.000 -344.000 -605.000
Investering Investering Investering Investering Investering Investering
Nieuw Nieuw
2025 2026
-605.000 -605.000
Investering Investering
MJB MJB
2023 2024
50.000 44.000
Investering Investering
MJB Nieuw
2025 2026
40.000 75.000
Investering Structureel
Uit voorziening riolering
Energieagenda 2021-2025
Energieagenda 2026 e.v.
Bedrag (in €)
Incidenteel/ Structureel/ Investering
pagina 35
Lasten en baten 2021-2023 Lasten
Baten
Nr.
Omschrijving taakveld
2021
2022
2023
2021
2022
2023
7.2
Riolering
2.301.980
2.139.612
2.118.215
2.633.362
2.589.357
2.614.616
7.3
Afval
2.593.336
2.813.902
2.951.595
3.969.980
3.365.740
3.517.028
7.4
Milieubeheer
2.346.380
1.863.087
1.693.180
462.532
6.510
6.692
0.10
Mutatie reserves programma 3
878.760
18.279
5.814
217.831
340.621
21.073
8.120.456
6.834.880
6.768.804
7.283.705
6.302.228
6.159.409
Totaal
Lasten en baten 2023-2026 Lasten
Baten
Nr.
2023
2024
2025
2026
2023
2024
2025
2026
7.2
2.118.215
2.192.461
2.244.101
2.337.094
2.614.616
2.695.995
2.754.876
2.854.492
7.3
2.951.595
3.045.113
3.140.041
3.226.412
3.517.028
3.618.704
3.721.918
3.816.318
7.4
1.693.180
1.748.335
1.804.217
1.856.271
6.692
6.903
7.117
7.313
0.10 Totaal
5.814
803
-4.279
-8.477
21.073
21.073
21.073
21.073
6.768.804
6.986.712
7.184.080
7.411.300
6.159.409
6.342.675
6.504.984
6.699.196
Brondocumenten -
Gemeentelijk riolering programma 2020-2023 (mei 2020) Afvalbeleid 2017-2021 (oktober 2016) Duurzame Energieagenda 2021-2025 (januari 2021) Watervisie As50 ‘’netwerken in de afvalwaterketen” Deltaplan ‘’ruimtelijke adaptatie’’ 2018
pagina 36
Programma 4: Duurzame landbouw en economie Agrarische bedrijven hebben een bijzondere positie binnen de gemeente Bernheze. Dat is altijd zo geweest en dat blijft ook in de toekomst zo. Het toekomstperspectief voor veel agrarische ondernemers verandert onder invloed van steeds strenger wordende regelgeving. Zij moeten op zoek gaan naar nieuwe kansrijke businessmodellen. Tegelijkertijd heeft de landbouw een belangrijke opgave bij het realiseren van een duurzame en gezonde leefomgeving voor onze inwoners. Leegstand van agrarische bebouwing (VAB’s) is onwenselijk. De kwaliteit van het landschap staat daarmee onder druk en ondermijnende activiteiten liggen op de loer. Om juist samen met onze agrarische ondernemers oplossingen te bedenken, hebben we het programma ‘Transitie Landbouw’ opgezet. De transitie van de landbouw is complex. Er komen veel vraagstukken bij elkaar. Het is belangrijk dat we deze vraagstukken zo weten te verbinden dat we tot een duurzame, economische ontwikkeling in Bernheze komen. Ook is het belangrijk dat we in onze aanpak voldoende aandacht hebben voor de sociale impact van de transitie van ons buitengebied. Vanuit zowel de provincie als het Rijk wordt gestuurd op de transitie van landbouw. Er zijn vele initiatieven en vele belanghebbenden.
De transitie van landbouw kan alleen slagen als alle partijen elkaar goed weten te vinden en als partners samen optrekken om een nieuwe toekomst te creëren voor een vitaal buitengebied en voor de agrariërs. Naast landbouw is bedrijvigheid en de daaraan gekoppelde werkgelegenheid van groot belang voor een vitale en duurzame economie. We willen binnen onze gemeente meer verbinding leggen tussen het binnen- en het buitengebied en tussen de ondernemers onderling. We werken verder aan meer ruimte om te kunnen ondernemen maar gaan daarnaast focus aanbrengen op de kwaliteit van het ondernemerschap en de gebieden om ze te versterken. Daarin nemen we kansen om grote maatschappelijke opgaven te realiseren mee. Dan hebben we het over o.a. het vergroenen en het ontstenen van de centra zodat het aantrekkelijker en klimaatadaptiever wordt en waar mensen prettiger en langer kunnen verblijven. En de opgave om iedereen mee te laten doen op een meer inclusieve arbeidsmarkt.
Wat willen we bereiken? -
Onze agrarische ondernemers faciliteren bij de transitie in de landbouw; Het waarborgen van de leefbaarheid in het buitengebied; Het waarborgen van de (ruimtelijke) kwaliteit in het buitengebied; Een sterk economisch buitengebied; Een vitale en duurzame economie en arbeidsmarkt
pagina 37
Dit programma draagt bij aan de volgende global goals:
Wat gaan we daarvoor doen? De transitie die de landbouw doormaakt heeft grote impact op onze samenleving en het werk voor ons als gemeente. Daarbij kiezen wij voor een maximaal faciliterende rol. Dat alles is gericht op perspectief voor agrarische bedrijven, op kansen voor bedrijven die willen doorgaan, omschakelen, of willen stoppen, op een schone leefomgeving en op een kwalitatief hoogwaardig buitengebied. Dit gaan we op de volgende manier aanpakken:
Agrarische ondernemers faciliteren bij de transitie in de landbouw Om te beginnen voeren wij keukentafelgesprekken bij agrariërs die contact zoeken met de gemeente in hun zoektocht naar een transitierichting. In 2023 wordt perspectievenbeleid vastgesteld voor de verschillende ontwikkelrichtingen. Vanuit onze bedrijfscontactfunctie wijzen wij waar mogelijk agrariërs op beschikbare regelingen en subsidies. Daarnaast verschaffen we helderheid over welke functies in welk gebied het meest kansrijk zijn, starten wij gebiedsprocessen op die bijdragen aan het inzichtelijk maken hoe kansrijk welke ontwikkelrichting is en/of duurzame landbouw kan plaatsvinden. Zo nodig wordt hiervoor aanvullend onderzoek gedaan. Het bestaande programmateam ‘Transitie Landbouw’ komt structureel in de begroting. Omdat de transitie van de landbouw nog vele jaren onze inzet zal vergen, is het noodzakelijk het incidenteel geformeerde programmateam structureel in de begroting op te nemen en te versterken.
Het waarborgen van de leefbaarheid in het buitengebied Zowel vanuit het oogpunt van de volksgezondheid, veiligheid als vanuit het toekomstperspectief voor de agrariër, werken we integraal aan het waarborgen van de leefbaarheid van het buitengebied. Bedrijven die doorgroeien naar natuurinclusieve- en/of circulaire landbouw, faciliteren wij daar planologisch bij. Waar nieuwe functies in het buitengebied kansrijk lijken, worden deze integraal opgepakt en worden aspecten als verkeersveiligheid; landschappelijke inpassing e.d. gelijk in de (gebieds)plannen meegenomen.
pagina 38
Het waarborgen van de (ruimtelijke) kwaliteit in het buitengebied De integrale gebiedsprocessen hebben naast het bevorderen van de leefbaarheid ook tot doel de ruimtelijke kwaliteit van het buitengebied te waarborgen. Door gebiedsgericht te werken ontstaan zo logische gebieden voor nieuwe vormen van landbouw, geclusterde gebieden voor andere bedrijvigheid en/of woonvoorzieningen. Hierbij vindt ook nauwe afstemming plaats m.b.t. de (provinciale) bossenstrategie en onze klimaatopgave.
Een sterk economisch buitengebied -
-
We stellen perspectieven en beleid op voor ondernemingen in het buitengebied. Naast het hierboven genoemde kansenbeleid/ handelingsperspectief, wordt vraag en aanbod van o.a. stalruimte met elkaar in verband gebracht, zodat gezonde en toekomstbestendige agrarische bedrijven de ruimte krijgen om op een goede locatie voedsel te kunnen produceren. Voor nieuwe nevenfuncties of omschakeling naar bijvoorbeeld toeristische bedrijfsvoering bieden we ruimte in ons ruimtelijk beleid. Omdat ook agrarische bedrijven steeds vaker andere vormen van economische activiteiten ontplooien, is extra inzet van de bedrijfscontactfunctionaris voorzien.
Een vitale en duurzame economie en arbeidsmarkt -
-
-
We gaan verder uitvoering geven aan de economische visie Bernheze 2021-2026 ‘Van meer naar beter' en het bijbehorende actieprogramma. Hierin gaan we meer verbindingen leggen tussen gebieden, bedrijfstakken en ondernemers in onze gemeente. Denk hierbij aan het organiseren van thema- en inspiratieavonden bijvoorbeeld: De centra vergroenen (klimaatadaptief maken) zodat het aantrekkelijk is om langer te verblijven en om de productie en promotie van streekproducten te stimuleren. We blijven ook starters en ZZP’ers ondersteunen bij het professionaliseren van hun onderneming (starterssucces) door bijvoorbeeld de coaching. Daarnaast streven we naar het beperken van leegstand van commerciële ruimtes, door commerciële ruimtes te concentreren in de centra en versnippering daarbuiten tegen te gaan. We werken verder aan ruimte om te ondernemen, zoals het (her)ontwikkelen van duurzame bedrijfsterreinen zoals Heesch West, Cereslaan West en 't Runneke. Verder zetten we ons in om gebiedskwaliteiten te benutten en te versterken: Zo verkennen we mogelijkheden in winkelgebieden en in het buitengebied bijvoorbeeld door het ondersteunen van eerdergenoemde ‘keukentafelgesprekken’ met agrariërs. Ook gaan we op zoek naar kansen voor duurzame ontwikkeling van de arbeidsmarkt en werken we naar een ‘inclusieve arbeidsmarkt’. We blijven ondernemers stimuleren om hun PSO-certificering te behalen.
Het is een instrument dat inzicht geeft in de mate waarin organisaties meer dan gemiddeld sociaal ondernemen, gericht op de arbeidsparticipatie van kwetsbare groepen op de arbeidsmarkt
pagina 39
Verbonden partijen Hier geven we weer in hoeverre onze verbonden partijen bijdragen aan de doelstelling van dit programma. De verbonden partijen hebben we ook toegelicht in de paragraaf Verbonden partijen.
Regio Noordoost-Brabant (RNOB) Er zijn uitdagingen die te groot zijn om als gemeente of waterschap alleen aan te gaan. Bijvoorbeeld omdat ze grenzen overschrijden, te ingewikkeld zijn of te duur zijn. Die opgaven vragen om een gezamenlijke aanpak. RNOB is daarvoor het platform. De regio heeft daarvoor een samenwerkingsagenda vastgesteld, van de samenwerkende overheden, zestien gemeenten en twee waterschappen. De agenda focust zich op mobiliteit en ruimte, leefomgeving (onder andere klimaat en energie) en vestigingsklimaat. Onze opgaven vragen om een gezamenlijk handelingsperspectief en een opgavegerichte benadering, waarbij verschillende overheden op wisselende schaalniveaus samenwerken. Ook is de samenwerking met ondernemers en kennisinstellingen hierbij van groot belang. Deze agenda sluit aan op de strategische agenda’s voor de stichting AgriFood Capital en die van Regio Noordoost-Brabant Werkt! (en vice versa). Dit zijn de agenda’s ter versterking van de economische structuur en het innovatievermogen van de regio en de arbeidsmarktaanpak.
Heesch West De gemeenschappelijke regeling Heesch West heeft als doel het ontwikkelen van een nieuw regionaal bedrijventerrein. In een ambitieuze, toekomstgerichte ontwikkeling biedt Heesch West ruimte aan middelgrote tot zeer grootschalige bedrijven, die elders in de regio geen passende huisvesting (meer) vinden. In belangrijke mate zijn dit bedrijven die nu al een regionale binding hebben en zich binnen onze regio willen doorontwikkelen. Heesch West versterkt het vestigingsklimaat voor Noordoost-Brabant door in te spelen op deze specifieke kwaliteiten. Het nieuwe terrein biedt vestigingsmogelijkheden voor nieuwe regionale en (inter)nationale ruimtevragers én biedt uitbreidingsmogelijkheden voor het bedrijfsleven uit onder andere onze gemeente.
Beleidsindicatoren In de volgende tabel geven we de verplichte indicatoren vanuit waarstaatjegemeente.nl weer. Om de cijfers van Bernheze te kunnen plaatsen hebben we daarnaast een referentiemeting opgenomen. We gebruiken hiervoor de gemiddelde waarde van gemeenten in de grootteklasse van 25.000 tot 50.000 inwoners.
pagina 40
Beleidsindicator
Jaar realisatie
Referentie
Bernheze
Functiemenging (%)
2018 2019 2020 2021
49,6 50,0 49,8 49,9
47,7 48,1 47,9 48,4
Het aantal vestigingen van bedrijven
2018
141,6
139,7
(aantal per 1.000 inwoners in de leeftijd van 15 t/m 64 jaar)
2019 2020 2021
146,7 152,5 158,5
145,6 152,4 160,9
1) De functiemengingsindex (FMI) weerspiegelt de verhouding tussen banen en woningen, en varieert tussen 0 (alleen wonen) en 100 (alleen werken). Bij een waarde van 50 zijn er evenveel woningen als banen.
Wat mag het kosten? Beleidsintensiveringen 2021-2023 In onderstaande tabel is per voornemen aangegeven wat de bron van de uitgaven is. Hieronder een korte toelichting op de diverse bronnen: - MJB : opgenomen in de meerjarenbegroting 2023-2025 - NIEUW : toevoeging ten opzichte van de meerjarenbegroting 2023-2025 Onderwerp
Bron
Jaar
Bedrag (in €)
Incidenteel/ Structureel/ Investering
Actualiseren recreatievisie Uit reserve nog nader te bestemmen
Nieuw Nieuw
2024 2024
17.500 - 17.500
Incidenteel Incidenteel
Starterssucces Bernheze / initiatief ondersteunen voor (startende) ondernemers
Nieuw
2023
20.000
Structureel
Transitie landbouw – personele uitbreiding – 2 fte
Nieuw
2023
150.000
Structureel
Transitie landbouw – onderzoeken/producties/bijeenkomsten
Nieuw
2023
27.500
Structureel
Transitie landbouw – externe inhuur t.b.v. regiodeals en gebiedsregie en processen Uit specifieke uitkering regiodeals
Nieuw
2023
120.000
Incidenteel
Nieuw
2023
- 90.000
Incidenteel
pagina 41
Lasten en baten 2021-2023 Lasten 2021
Nr.
Omschrijving taakveld
3.1
Economische ontwikkeling
58.945
70.731
311.731
5.552
6.086
6.256
3.2
Fysieke bedrijfsinfrastructuur
265.139
188.253
188.204
258.139
202.253
190.595
3.3
Bedrijfsloket- en -regelingen
107.069
111.086
112.620
26.109
24.207
24.884
0.10
Mutatie reserves programma 4
0
14.000
2.391
7.000
0
0
431.153
384.070
614.946
296.800
232.546
221.735
Totaal
2022
Baten 2023
2021
2022
2023
Lasten en baten 2023-2026 Lasten
Baten
Nr.
2023
2024
2025
2026
3.1
311.731
292.772
303.998
314.931
6.256
6.453
6.653
6.836
3.2
188.204
193.018
195.756
198.468
190.595
193.018
195.756
198.468
3.3
112.620
116.046
119.530
122.945
24.884
25.668
26.464
27.191
601.836
619.284
636.344
221.735
242.639
228.873
232.495
0.10
2.391
Totaal
614.946
2023
2024
2025
2026
17.500
Brondocumenten -
Economische visie Bernheze “Van meer naar Beter” 2021-2026 (april 2021) Richting 2030: Samenwerkingsagenda overheden Noordoost-Brabant (maart 2020) Visie recreatie en toerisme Bernheze 2018-2022 (juli 2018) MaashorstManifest 2010 Natuurplan De Maashorst 2010
pagina 42
Programma 5: Weerbare en veilige samenleving Een veilige woonomgeving is een belangrijke voorwaarde voor prettig wonen en leven in Bernheze. Waar criminaliteit zich vroeger voornamelijk concentreerde in de grote steden, zien we tegenwoordig ook juist in ‘landelijke’ gemeenten als Bernheze een toename van ondermijnende activiteiten. Het is belangrijk om als overheid alert te zijn op signalen en toe te zien op naleving van wet- en regelgeving. In de strijd tegen ondermijning is het belangrijk samen op te trekken vanuit diverse disciplines binnen de gemeente, met externe partners én inwoners. De link tussen ondermijning, het integraal veiligheidsbeleid en andere beleidsonderwerpen kan binnen de gemeente Bernheze meer inhoud en vorm krijgen. Vertrouwen van inwoners en ondernemers in gemeente en politie is hierbij het sleutelwoord. Vertrouwen in de gemeente is mede afhankelijk van ervaringen die inwoners en ondernemers hebben met de overheid op andere beleidsvelden, zoals het aanvragen van vergunningen, een bezoek aan de gemeentebalie, deelname aan een participatietraject of het bijwonen van een gemeenteraadsvergadering. Eén van de onderwerpen die verder van belang is betreft de verbinding tussen zorg en veiligheid: veiligheid op het terrein complexe zorgcasuïstiek. Het gaat dan bijvoorbeeld om huiselijk geweld, kindermishandeling, incidenten rondom verwarde personen, etc.
De gemeente speelt hierin een belangrijke en zichtbare rol op momenten met impact voor betrokken bewoners. Naast ondermijning zien we dat ook op andere terreinen bedreiging en intimidatie toeneemt. Er dreigt een groeiende kloof tussen inwoners en de overheid. Een deel van de inwoners voelt zich niet meer betrokken. Tegelijkertijd verwachten inwoners dat een krachtig bestuur de goede keuzes maakt. Om weerbaar te zijn, is een integer en transparant besluitvormingsproces en een goede dialoog met de samenleving noodzakelijk. Een weerbare gemeente heeft zijn uitwerking op de samenleving; het verstrekt het vertrouwen van de inwoner in de overheid.
Wat willen we bereiken? -
Veilige leefomgeving Vermindering/ tegengaan van ondermijning van het gezag Bewustwording over risico en uitingen van ondermijning Versterken van vertrouwen van inwoner in gemeente / bestuur Veiligheid bij complexe zorgcasuïstiek
pagina 43
Dit programma draagt bij aan de volgende global goal:
Wat gaan we daarvoor doen? Veilige leefomgeving Uit de peiling veiligheid en leefbaarheid blijkt dat onze inwoners zich over het algemeen veilig voelen in Bernheze. Dit willen we graag zo houden en dat vraagt inspanning van alle veiligheidspartners en van onze inwoners. De komende jaren stellen we hierin de volgende prioriteiten: 1. aanpak woonoverlast 2. aanpak complexe casuïstiek 3. aanpak jeugdoverlast 4. doorontwikkeling bevolkingszorg en lokale crisisorganisatie 5. ondermijnende criminaliteit 6. maatschappelijke onrust radicalisering en polarisatie 7. aanpak van cybercrime Een punt van aandacht hierbij is de toegenomen behoefte aan meer zichtbare handhaving op straat en aan professionalisering van die inzet. Vanuit de VNG is naar aanleiding van de behoefte aan professionalisering een gezamenlijk actieprogramma 2022-2025 opgesteld. Stip op de horizon is een professioneler handhavings- en toezichtapparaat met een duidelijke taak en goede (operationele) samenwerking met in- en externe veiligheidspartners, met name politie. Om hier invulling aan te kunnen geven zetten we in op uitbreiding van 2 fte van onze boa’s in 2023. Hun taken zijn gericht op het bewaken van de leefbaarheid en veiligheid in de gemeente. Parallel aan deze uitbreiding van de boa’s onderzoeken we de mogelijkheid voor een intensieve samenwerking op het gebied van boa-capaciteit met de gemeente Oss.
Door middel van deze, eventuele, professionaliseringsslag voor ons boa-toezicht kunnen we de veiligheid en leefbaarheid van onze gemeente nog verder vergroten en samen met de gemeente Oss invulling geven aan het actieprogramma 2022-2025 van de VNG.
pagina 44
Vermindering / tegengaan van ondermijning van het gezag Waar criminaliteit zich vroeger voornamelijk concentreerde in de grote steden, zien we tegenwoordig juist in ‘landelijke’ gemeenten ook een toename van ondermijnende activiteiten. Het is belangrijk om als overheid alert te zijn op signalen en toe te zien op de naleving van wet- en regelgeving. Om het buitengebied veiliger en weerbaarder te maken is het actieplan ondermijning buitengebied 2021- 2023 vastgesteld. Dit plan heeft als doel om a) meer zicht te krijgen op en verbinding te leggen met hetgeen zich afspeelt in het buitengebied en b) om structurele vitalisering van risicovolle locaties te stimuleren. Een schone en verzorgde omgeving waar de overheid zichtbaar aanwezig is en het contact tussen inwoners en overheid goed is, is minder aantrekkelijk voor ondermijnende activiteiten. Onze inwoners vormen een belangrijke schakel (oor- en oogfunctie). Een hogere meldingsbereidheid is essentieel. Voor die hogere meldingsbereidheid is verbinding met onze inwoners en bedrijven noodzakelijk. Met meer verbinding ontstaat meer vertrouwen. En vertrouwen is gebaat met zichtbaarheid van de overheid in de woonomgeving. Een uitbreiding van de boa’s draagt bij aan die zichtbaarheid en het maken van verbinding.
Bewustwording over risico en uitingen van ondermijning Een weerbare overheid is van belang om structureel tegendruk te bieden aan ondermijning. In de strijd tegen ondermijning is het belangrijk samen op te trekken vanuit diverse disciplines binnen de gemeente, met externe partners én onze inwoners Het is belangrijk dat inwoners weten wat de mogelijke risico’s zijn, waar ze op kunnen letten en ‘niet-pluis-gevoelens’ melden bij de autoriteiten. Om signalen van ondermijning te herkennen en daarop adequaat te reageren is bewustwording belangrijk. De Taskforce- RIEC helpt vanuit het programma Weerbare Overheid alle organisaties binnen het samenwerkingsverband om het beoogde weerbaarheidsniveau te bereiken. Hiervoor is de handreiking Brabantse norm weerbare overheid ontwikkeld. Deze handreiking heeft tot doel om in gezamenlijkheid de weerbaarheid van de Brabantse overheden te versterken. Dit gezamenlijke basisniveau zorgt ervoor dat criminelen in Brabant en Zeeland overal dezelfde behandeling krijgen, oftewel dat de dijken even hoog zijn en waterbedeffecten worden voorkomen. Het streven is om vóór 1 januari 2025 volledig te voldoen aan de Brabantse norm. De voortgang wordt tussentijds getoetst, met als peildatum 1 juli 2023.
Versterken van vertrouwen van inwoner in gemeente / bestuur Om weerbaar te zijn als organisatie is het van belang dat we als overheid doen waar we voor staan en het besluitvormingsproces integer en transparant verloopt en een dienstverlening waar inwoners op kunnen vertrouwen. Met het oog hierop gaan we de dienstverlening rondom Evenementen, Horeca en overige APV-onderdelen verbeteren. We willen de kwaliteit van de
pagina 45
aanvragen verhogen. Hierdoor kan het doorlopen van het volledige proces sneller plaatsvinden en zijn de te nemen besluiten van ho(o)g(ere) kwaliteit. Daarnaast gaan we een professionaliseringsslag maken binnen het VTH-domein door het inzetten van een juridisch kennisbank.
Zorg en Veiligheid Complexe zorgcasuïstiek leidt in sommige gevallen tot gevoel van onveiligheid of overlast in de directe woonomgeving. De wijze waarop de overheid intervenieert is passend bij de mate van complexiteit van de problematiek. Het beoogde resultaat is om onze inwoners zorg op maat en toekomstperspectief te bieden en tegelijkertijd de overlast voor de omgeving zo veel mogelijk in te perken. Om deze doelen te bereiken is samenwerken en het inzetten van de juiste hulpmiddelen essentieel. Een verbetering van de samenwerking binnen de gemeente en met externe partners is nodig. Daar zetten wij de komende jaren op in. Denk hierbij aan Wegwijzer, de gemeentelijke teams, zorg- en veiligheidshuis, politie, Ons Welzijn en andere zorgprofessionals. We werken aan de verdere professionalisering van onze aanpak en samenwerkingen. Dit doen we door het toepassen van de Aanpak Voorkomen Escalatie, inzetten van de gemeentelijke procesregisseur en veiligheidscoördinator en het benutten van de expertise en procesregie van het Zorg- en Veiligheidshuis. Een aantal specifieke onderwerpen waarop de komen jaren meer moet worden samengewerkt zijn: huiselijk geweld en kindermishandeling, langer veilig en verantwoord thuis wonen en aanpak complexe casuïstiek/
Verbonden partijen Hier geven we weer in hoeverre onze verbonden partijen bijdragen aan de doelstelling van dit programma. De verbonden partijen hebben we ook toegelicht in de paragraaf Verbonden partijen.
Veiligheidsregio Brabant-Noord De Veiligheidsregio Brabant-Noord omvat Brandweer Brabant-Noord, de Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio (GHOR) en Bevolkingszorg. In de veiligheidsregio werken zij met de 11 gemeenten en de GGD samen op het gebied van brandweerzorg, rampenbestrijding, crisisbeheersing, geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen en bevolkingszorg. Ook de Nationale Politie, de Meldkamer Oost-Brabant, het Waterschap Aa en Maas, het Waterschap De Dommel en het Regionaal Militair Commando-Zuid werken samen binnen de veiligheidsregio.
pagina 46
Zorg- en Veiligheidshuis Brabant Noordoost Het Zorg- en Veiligheidshuis Brabant Noordoost is een netwerksamenwerking waarin veiligheid, zorg en lokaal bestuur samenkomen voor de integrale aanpak van complexe problematiek. Het doel van de samenwerking is het terugdringen van overlast en recidive, waarbij wordt ingezet op gedragsverandering en verbetering van kwaliteit van het leven van de betrokkene(n).
Beleidsindicatoren In de volgende tabel geven we de verplichte indicatoren vanuit waarstaatjegemeente.nl weer. Om de cijfers van Bernheze te kunnen plaatsen hebben we daarnaast een referentiemeting opgenomen. We gebruiken hiervoor de gemiddelde waarde van gemeenten in de grootteklasse van 25.000 tot 50.000 inwoners. Beleidsindicator Verwijzingen halt (aantal per 1.000 inwoners, 12 t/m 18 jaar)
Winkeldiefstallen (aantal per 1.000 inwoners)
Geweldsmisdrijven (aantal per 1.000 inwoners)
Diefstallen uit woningen (aantal per 1.000 inwoners)
Vernielingen en beschadigingen (in de openbare ruimte) (aantal per 1.000 inwoners)
Jaar realisatie
Referentie
Bernheze
2018
10
7
2019 2020 2021
11 9 6
13 4 1
2018
1,0
1,5
2019 2020 2021
1,0 1,0 1,0
1,1 1,6 1,4
2018
3,3
2,0
2019 2020 2021
3,4 3,2 3,0
3,1 1,6 1,9
2018 2019
1,9 1,9
1,6 2,8
2020 2021
1,4 1,1
1,8 1,3
2018 2019
4,1 4,5
2,8 3,1
2020 2021
4,8 4,7
2,9 2,4
Wat mag het kosten? Beleidsintensiveringen 2023-2026 In onderstaande tabel is per voornemen aangegeven wat de bron van de uitgaven is. Hieronder een korte toelichting op de diverse bronnen: - MJB : opgenomen in de meerjarenbegroting 2023-2025 - NIEUW : toevoeging ten opzichte van de meerjarenbegroting 2023-2025
pagina 47
Onderwerp
Bron
Jaar
Bedrag (in €)
Incidenteel/ Structureel/ Investering
Uitbreiding fte boa’s - 2 fte
Nieuw
2023
150.000
Structureel
VTHV - Juridische capaciteit - ½ fte
Nieuw
2023
37.500
Structureel
Bedrijfsvoertuig t.b.v. handhaving (lease) all-in
Nieuw
2023
7.126
Structureel
Boa’s - Dienstkleding en - uitrusting
Nieuw
2023
5.000
Structureel
Aanschaf juridische kennisbank (jaarlijks abonnement)
Nieuw
2023
10.000
Structureel
Aanschaf en beheer/onderhoud RxLaunch
Nieuw Nieuw
2023 2023
15.000 13.000
Incidenteel Structureel
Lasten en baten 2021-2023 Lasten
Baten
Nr.
Omschrijving taakveld
2021
2022
2023
1.1
Crisisbeheersing en brandweer
1.917.639
1.976.076
2.085.282
0
0
0
1.2
Openbare orde en veiligheid
604.387
724.816
918.788
8.388
3.252
3.343
0.10
Mutatie reserves programma 5
0
0
0
0
0
0
2.522.026
2.700.892
3.004.070
8.388
3.252
3.343
Totaal
2021
2022
2023
Lasten en baten 2023-2026 Lasten
Baten
Nr.
2023
2024
2025
2026
1.1
2.085.282
2.150.953
2.217.613
2.278.745
0
0
0
0
1.2
918.788
954.569
1.001.015
1.036.449
3.343
3.448
3.555
3.653
0.10
0
0
0
0
0
0
0
0
3.004.070
3.105.522
3.218.628
3.315.194
3.343
3.448
3.555
3.653
Totaal
2023
2024
2025
2026
Brondocumenten -
Beleidskader Integrale Veiligheid 2019-2022 (september 2018) Regionaal Beleidsplan Veiligheidsregio Brabant Noord 2020-2023 (mei 2019) Beleidsplan Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving Bernheze 2019-2022 (januari 2019) Beleid inzake bestuurlijk handhaving van art. 13B Opiumwet (december 2016) Algemene Plaatselijke Verordening Bernheze 2018 (maart 2018) Beleidsregel Wet Bibob gemeente Bernheze 2015 incl. eerste wijziging (januari 2019) Verordening wet gemeentelijke anti-discriminatievoorzieningen 2011 (september 2011)
pagina 48
Programma 6: Dienstverlening en sterke organisatie Om het goede te kunnen doen voor en met de samenleving is een sterke organisatie nodig. Een gemeentelijke organisatie die in verbinding staat met haar omgeving, waarbij (digitale) dienstverlening centraal staat, we informatiegericht en proces- en datagestuurd werken en we tegelijkertijd samen een aantrekkelijke werkplek creëren. Om mee te ontwikkelen met onze inwoners en ondernemers is het noodzakelijk om continu te blijven werken aan de kwaliteit van dienstverlening. Technologische ontwikkelingen kunnen hierbij helpen. Via een goede digitale informatievoorziening en informatiestructuur kunnen we de dienstverlening aan inwoners en ondernemers optimaliseren. Het is belangrijk daarbij in breed perspectief naar de hele keten te kijken: wat kunnen klanten zelf (selfserviceportals) tot het uitbesteden van taken aan andere organisaties. De digitalisering van onze samenleving en organisatie roept tegelijkertijd nieuwe vragen op over hoe we om gaan met de nieuwe technologieën en de gevolgen daarvan. Vanuit dat perspectief grijpt de gemeente de kansen die digitalisering biedt en werken we aan de mogelijke keerzijden ervan. Om alle ambities te verwezenlijken is het noodzakelijk om gedreven werknemers te hebben die met passie werken aan de opgaven van onze gemeente. Echter, de krappe arbeidsmarkt mogen we niet uit het oog verliezen.
Dit maakt dat we als organisatie moeten werken aan het zijn én blijven van een aantrekkelijke werkgever. We richten ons daarbij - zowel in het aannamebeleid als in de ontwikkeling van onze medewerkers - met name op houding, gedrag, competenties en vaardigheden.
Wat willen we bereiken? -
We leveren een dienstverlening die als kwalitatief goed wordt ervaren Fijne werkplek, waar onze medewerkers graag wil werken
Dit programma draagt bij aan de volgende global goal:
pagina 49
Wat gaan we daarvoor doen? Kwaliteitsverbetering dienstverlening Vanuit het programma Terug naar de Kern gaan we verder met de doorontwikkeling van onze organisatie. We werken verder aan een toekomstbestendige organisatie, in verbinding met de samenleving, waarbij onze dienstverlening en onze processen geoptimaliseerd zijn. Het optimaliseren van onze dienstverlening richten we programmatisch in. Onze visie op dienstverlening en de daarbij behorende functie-eisen zijn hierbij leidend. In het najaar van 2022 zijn we gestart met het opstellen van een programmaplan Kwaliteit Dienstverlening. Begin 2023 willen we de uitgangspunten voor dit programma en onze dienstverlening voorleggen aan de gemeenteraad. We verkennen tevens of het nodig is om in eerste kwartaal van 2023 een voorstel voor te leggen aan de gemeenteraad voor incidentele stimuleringsmiddelen om de kwaliteit van onze dienstverlening een impuls te geven de komende jaren. Met het programma Kwaliteit Dienstverlening werken we continu aan het verbeteren van de dienstverlening voor onze inwoners en ondernemers. We gaan onder andere aan de slag met competenties, houding en gedrag van onze medewerkers en we starten met het optimaliseren van onze dienstverlening en processen, mede aan de hand van Klantroutes.
We verkennen mogelijkheden van digitalisering voor het verbeteren van de dienstverlening en we implementeren de wettelijke kaders voor digitale dienstverlening. Daarbij hebben we oog voor (verdere) ontwikkeling van een vangnet voor diegene die ondersteuning nodig hebben bij onze dienstverlening. We introduceren verschillende serviceformules voor verschillende processen en servicenormen waar we als organisatie op aanspreekbaar zijn. Gezien het grote aantal producten en diensten die wij leveren is dit een lange termijnplan dat meerdere jaren duurt voordat dit gerealiseerd is. We doen dit ook in een tempo dat behapbaar is voor de organisatie. De komende jaren vraagt dit in ieder geval een investering in een instrumentarium voor het optimaliseren van processen. Daarbij gaan we ook aan de slag met mogelijkheden om onze interne dienstverlening te verbeteren. Zo gaan we onderdelen van onze HR-dienstverlening uitbesteden en krijgen we een selfservice eHRM systeem daarvoor in de plaats. Parallel hieraan breiden we – om de kwaliteit van onze dienstverlening te verbeteren - op een aantal plekken in de organisatie onze formatie uit. Zo is er behoefte aan meer formatie op gebied van (advisering) communicatie en participatie. Daarnaast vragen we voor de komende twee jaren incidentele middelen voor het team burgerzaken.
Zodat wij onze dienstverlening op peil kunnen houden en tegelijkertijd kunnen voldoen aan onze verplichting om de verkiezingen komende jaren te organiseren.
pagina 50
Verdere digitalisering van de organisatie De maatschappelijke ontwikkelingen op het gebied van digitalisering gaan snel. Mede daarom is in onze visie op dienstverlening een prominente plek ingenomen voor een verdere digitalisering van onze dienstverlening en organisatie. Door middel van het programma Kwaliteit Dienstverlening en het traject Bernheze van Automatisering naar Informatisering (Bernheze van A naar I) geven we hier invulling aan. In het traject Bernheze van A naar I zijn al een paar jaar bezig met een migratie richting de Cloud van ons interne informatiesysteem. In 2022 zijn we gestart met de vervanging van onze vaste werkplekken, van vaste medewerkers, door laptops. Vanuit beveiligingsoogpunt gaan we ook de flexibele schil voorzien van deze apparatuur. Zo kunnen we garanderen dat medewerkers de informatie van onze organisatie alleen vanuit een door ons gecontroleerde toegang kunnen benaderen. Aanvullend hierop gaan we invulling geven aan de wettelijk vereiste maatregelen in het kader van monitoring van cyber aanvallen. Met de toename van digitalisering, wordt ook het cybersecurity-aspect steeds belangrijker. Gezien de hoeveelheid en veelal gevoelige aard van de informatie waar wij als organisatie mee te maken hebben verdient informatiebeveiliging een continue en prominente plaats op het netvlies.
Tevens werken we, in het kader van het op orde brengen van de informatieorganisatie, aan een versterking van de zogeheten informatiefuncties. Dit doen we gefaseerd over de periode 2019 – 2024. De voor 2023 gevraagde formatie-uitbreiding richt zich met name op de invulling van proces en data gestuurd werken binnen onze organisatie. Daarnaast vragen de huidige digitale en technische ontwikkelingen dat we blijven investeren in onze informatieorganisatie. Dit is sterk verweven met de veranderingen die we vanuit het programma Kwaliteit Dienstverlening in gang zetten. Verder gaan we onze dienstverlening en ons beleid meer data gestuurd richten. Belangrijk hierbij is om te beseffen dat data gestuurd werken in Bernheze nog in de kinderschoenen staat. Een eerste actie is dat we beleid vaker vorm gaan geven op basis van beschrijvende analyses. We starten hiervoor in 2023 met een onderzoek naar de wijze waarop we invulling gaan geven aan data gestuurd werken, de daarvoor benodigde technische en organisatorische randvoorwaarden en het hiertoe in te zetten instrumentarium. De verwerving van de benodigde middelen zal vervolgens in 2024 plaats vinden.
Werken aan personeel dat voorbereid is op huidige en toekomstige ontwikkelingen Met Terug naar de Kern is een organisatieontwikkeling ingezet en dat betekent wat voor onze huidige en toekomstige medewerkers. Dit vraagt op dit moment dat we (doorgaan met) op een andere manier te kijken naar ons personeel(beleid). Gezien de huidige arbeidsmarkt signaleren wij een aantal kwetsbaarheden in de manier waarop we nu ons personeelbestand kunnen vormgeven. Deze kwetsbaarheden zorgen ervoor dat de dienstverlening in het gedrang kan komen als we hier niet tijdig en structureel een oplossing voor organiseren. Hierbij gaat het bijvoorbeeld over het invullen van (kritische) vacatures en het inspelen op vervangingsvraagstukken. We willen dus heel bewust aan de slag met de strategische opbouw van onze personele organisatie. pagina 51
We gaan werken aan een opbouw die de benodigde flexibiliteit heeft. Bijvoorbeeld door bij een vervangingsvraagstuk een startende medewerker aan een senior medewerker te koppelen die hem inwerkt. Zodat op den duur het werk overgedragen kan worden of door deel te nemen aan regionale leerwerktrajecten of trainees in dienst te nemen. Daarnaast zorgen we dat zittend personeel de mogelijkheden en de ruimte krijgt om zichzelf te ontwikkelen passend bij de ontwikkelingen in het dagelijks werk. Hierbij hebben we zowel aandacht voor persoonlijke als professionele ontwikkeling.
Werken aan bedrijfsmiddelen zodat we voorbereid zijn op huidige en toekomstige ontwikkelingen In 2022 zijn we reeds gestart, samen met het bestuur van gemeenschapshuis de Pas en de bibliotheek, met het optimaliseren van de huisvesting op de Misse 2,4 en 6 in Heesch. Hier bevinden zich de Bibliotheek, gemeenschapshuis De Pas en het gemeentehuis. In deze panden is ruimteoverschot, zijn er wensen tot herinrichting en zijn zowel de techniek als de inrichting deels aan vervanging toe. Mede ingegeven door Corona en de organisatieontwikkeling van de gemeente is het gemeentehuis niet meer passend. Het is te groot en slechts in beperkte mate ingericht voor hybride werken. Door de drie gebouwen in onderlinge samenhang te bezien is een efficiënte verbeterslag, kostenreductie en/of inkomstenverhoging mogelijk. Immers, door het benutten van de gedeeltelijke leegstand en multifunctioneel gebruik van ruimten ontstaan besparingen, verhuuren/of verkoopmogelijkheden. Met dit project kan een vernieuwd integraal samengesteld pand ontstaan, dat beter aansluit bij het beoogde gebruik en worden de structurele kosten gereduceerd. In 2023 zal het ontwerp worden uitgewerkt, op basis waarvan in 2024 en 2025 verbouwd kan worden. Naast dit huisvestigingstraject zijn er ook een aantal geplande vervangingstrajecten in het kader van het op orde houden van onze bedrijfsmiddelen.
Zo starten we in 2023 vervanging van de audiovisuele middelen in de raadzaal. Daarnaast gaan we een aantal auto’s voor onze beheer taken in de openbare ruimte vervangen.
Verbonden partijen Hier geven we weer in hoeverre onze verbonden partijen bijdragen aan de doelstelling van dit programma. De verbonden partijen hebben we ook toegelicht in de paragraaf Verbonden partijen.
Brabants Historisch Informatiecentrum (BHIC) Het Brabants Historisch Informatiecentrum (BHIC) voert voor Bernheze en de andere deelnemende gemeenten en waterschappen wettelijk verplichte taken uit op het gebied van archiefbeheer, ordening, controle en –ontsluiting. Binnen de mogelijkheden werkt het BHIC aan het beleidsdoel ‘meer publiek, meer divers publiek’. Dit sluit aan bij onze doelstelling om cultuur, in dit
pagina 52
geval het papieren en digitale erfgoed van de gemeente, gemakkelijk toegankelijk te maken voor belangstellenden. Het BHIC gaat actief aan de slag met het e-depot. Over de verhoging van de kosten per inwoner is overeenstemming. Het BHIC is landelijk een van de koplopers in de digitaal ontsloten historische naslag.
Wat mag het kosten? Beleidsintensiveringen 2023-2026 In onderstaande tabel is per voornemen aangegeven wat de bron van de uitgaven is. Hieronder een korte toelichting op de diverse bronnen: - MJB : opgenomen in de meerjarenbegroting 2023-2025 - NIEUW : toevoeging ten opzichte van de meerjarenbegroting 2023-2025 Onderwerp
Bron
Jaar
Bedrag (in €)
Incidenteel/ Structureel/ Investering
Inhuur backofficemedewerker Burgerzaken
Nieuw
2023
47.000
Incidenteel
Inhuur backofficemedewerker Burgerzaken
Nieuw
2024
47.000
Incidenteel
Uitbreiding subteam communicatie (0,82 fte)
Nieuw
2023
61.500
Structureel
Flexibiliteit/inventiviteit in stand houden/opbouwen goed personeelsbestand: - 4 fte - 6 fte
Nieuw Nieuw
2023 2024
300.000 450.000
Structureel Structureel
I.v.m. uitbreiding fte aanschaf laptops etc.
Nieuw Nieuw
2023 2024
57.500 30.000
Structureel Structureel
Mogelijke outsourcen HR onderdelen (bv. salarisadministratie
Nieuw
2023
BN
Structureel
Gefaseerde invulling I-functie
MJB MJB
2023 2024
125.000 125.000
Structureel Structureel
Prijsstijging Microsoft
Nieuw
2023
20.000
Structureel
Invulling data gestuurd werken
Nieuw
2024
50.000
Structureel
Instrumentarium proces gestuurd werken
Nieuw Nieuw Nieuw Nieuw
2023 2024 2023 2024
5.000 5.000 12.500 12.500
Incidenteel Incidenteel Structureel Structureel
Robotisering processen
Nieuw Nieuw Nieuw Nieuw
2023 2024 2023 2024
7.000 7.000 2.500 2.500
Structureel Structureel Incidenteel Incidenteel
Monitoring cyberattacks
Nieuw Nieuw
2023 2023
15.000 15.000
Structureel Incidenteel
pagina 53
Onderwerp
Bron
Jaar
Bedrag (in €)
Incidenteel/ Structureel/ Investering
Optimaliseren huisvesting de Misse 2,4 en 6 te Heesch: - Ontwerpteam en projectbegeleiding - Bouwen en projectbegeleiding - Bouwen en projectbegeleiding
MJB MJB MJB
2023 2024 2025
400.000 1.500.000 600.000
Investering Investering Investering
Vervanging AV en discussiesysteem raadszaal
MJB
2023
140.000
Investering
Vervanging overige AV
MJB
2023
70.000
Investering
Vervanging 2 vrachtwagens
MJB
2025
150.000
Investering
VW Up auto
MJB
2025
13.000
Investering
Doorontwikkeling organisatie – post onvoorzien
MJB
2023
50.000
Incidenteel
Lasten en baten 2021-2023 Lasten
Baten
Nr.
Omschrijving taakveld
2021
2022
2023
0.1
Bestuur
1.558.332
2.003.363
2.116.297
38.831
0
0
0.2
Burgerzaken
1.000.557
950.997
1.022.403
424.971
485.083
484.770
0.4
Overhead
8.693.463
9.659.613
10.007.951
350.314
75.728
127.010
0.10
Mutatie reserves programma 6
221.358
222.432
126.840
1.240.628
896.185
18.471
11.473.710
12.836.405
13.273.491
2.054.744
1.456.996
630.251
2025
2026
Totaal
2021
2022
2023
Lasten en baten 2023-2026 Lasten
Baten
Nr.
2023
2024
2025
2026
2023
2024
0.1
2.116.297
2.132.893
2.176.736
2.256.334
0
0
0
0
0.2
1.022.403
1.053.856
1.038.840
1.070.220
484.770
500.040
515.541
529.719
0.4
10.007.951
11.016.202
11.397.548
11.752.332
127.010
169.765
133.213
137.548
0.10
126.840
132.167
137.586
142.952
18.471
18.471
18.471
18.471
Totaal
13.273.491
14.335.118
14.750.710
15.221.838
630.251
688.276
667.225
685.738
Brondocumenten -
Uitwerking positionering & visie dienstverlening Bernheze (april 2021)
pagina 54
Programma 7: Financiën De haalbaarheid van onze beleidsambities in het kader van prettig wonen en leven in Bernheze hangt af van de betaalbaarheid ervan. De financiële vooruitzichten voor de komende jaren zijn onzeker, mede door landelijke en mondiale economische ontwikkelingen zoals de inflatie. We dienen dan ook verantwoord te begroten en tegelijkertijd te kijken hoe we onze middelen zo optimaal mogelijk inzetten voor het realiseren van de gewenste maatschappelijke effecten. Dit vraagt om flexibiliteit en keuzes om te komen tot een evenwicht in ambities en begrotingsruimte. Door meer op hoofdlijnen te budgetteren komt er ruimte en flexibiliteit in onze begroting om snel in te spelen op actualiteiten en daarnaast stimuleert dit het integraal werken.
Wat willen we bereiken? -
Verantwoord begroten, financieel gezond en stabiel; Ambities en financiële middelen in balans; Lastendruk voor inwoners en ondernemers die past bij voorzieningenniveau van onze gemeente (niet onnodig verhogen).
Dit programma draagt bij aan de volgende global goal:
Wat gaan we daarvoor doen? Evenwicht en flexibiliteit De belangrijkste middelen verkrijgen we uit rijksmiddelen en de lokale heffingen. Dit gegeven is uitgangspunt voor het in standhouden van onze voorzieningen en de mate van het realiseren van onze ambities. Ook de omvangrijke opgaves met financiële consequenties zoals woningbouw, omgevingswet, sociaal domein, infrastructuur en organisatieontwikkeling vragen ruimte in de begroting. We hanteren het principe dat de structurele uitgaven gedekt dienen te zijn met structurele middelen. Op basis hiervan beoordeelt onze toezichthouder de provincie de begroting positief en krijgen we repressief toezicht. Hoe kunnen we het hoofd bieden aan schaarste van middelen? We realiseren dat we daarvoor dienen te manoeuvreren tussen wat we willen en wat we daarvoor willen en kunnen betalen. We kijken daarvoor steeds terug wat bijgesteld kan worden en focussen op de uitvoering die komen
pagina 55
gaat. Keuzes maken op basis van effectieve beginselen helpen ons daarbij. Wat is nodig, wat kan getemporiseerd worden en hoe komen we tot een doelmatige uitvoering? We streven naar meer flexibiliteit in toepassing van de beschikbare middelen. We proberen daarin een goede balans te vinden tussen het budgetrecht van de raad, verantwoordelijkheden van het college en de voorschriften (Besluit begroting en verantwoording). De planning en controlcyclus helpt met het plannen, monitoren en verantwoorden hiervan. We zorgen in dat kader voor de kadernota, begroting, jaarrekening en tussentijdse rapportages. De gemeenteraad kan hierop steunen om haar kaderstellende en controlerende taken uit te voeren.
Betaalbaarheid Voor de aangeboden diensten vragen we een prijs die maximaal de kostprijs is, maar bij de leges passen we dit niet in alle gevallen toe. De reden is dat dit zou leiden tot onaanvaardbare hoge leges. Hierdoor bereiken we voor algemene dienstverlening (titel 1) een dekking van circa 40% en voor de leges met betrekking tot maatschappelijk belangen zoals evenementen en overige vergunningen in het kader van de APV een dekking van circa 6%. In beginsel passen we voor vergunningen met betrekking tot de omgevingswet (titel 2) een dekking van 100% toe. Voor de OZB passen we de indexering toe. Het tarief voor riool en afval leiden we af van de geraamde kosten. Voor afval geldt dat we kunnen beschikken over de afvalreserve. Voor zover mogelijk zetten we deze in voor restitutie aan onze inwoners. In het begrotingsjaar zorgt de restitutie voor een positief effect op de lastendruk voor de gebruikers van woningen
Verbonden partijen Hier geven we weer in hoeverre onze verbonden partijen bijdragen aan de doelstelling van dit programma. De verbonden partijen hebben we ook toegelicht in de paragraaf Verbonden partijen.
Belastingsamenwerking Oost-Brabant (BSOB) De BSOB is een regionaal samenwerkingsverband dat zich richt op het gezamenlijk waarderen, heffen en innen van belastingen. Het doel is de kwaliteit, dienstverlening, efficiency en continuïteit van de waardering, heffing en inning van lokale belastingen te verbeteren.
Beleidsindicatoren In de volgende tabel geven we de verplichte indicatoren vanuit waarstaatjegemeente.nl weer. Om de cijfers van Bernheze te kunnen plaatsen hebben we daarnaast een referentiemeting opgenomen. We gebruiken hiervoor de gemiddelde waarde van gemeenten in de grootteklasse van 25.000 tot 50.000 inwoners.
pagina 56
Beleidsindicator
Jaar realisatie
Referentie
Bernheze
Gemiddelde WOZ waarde van woningen (x duizend euro)
2018 2019 2020 2021
Geen data 250 Geen data Geen data
Geen data 307 327 333
Nieuw gebouwde woningen (aantal per 1.000 woningen)
2018
7,5
16,4
2019 2020 2021
8,5 8,6 7,8
24,0 8,0 12,3
2018
77,4
76,7
2019 2020 2021 2022
77,8 78,2 78,3 78,8
76,9 77,0 77,4 76,9
Gemeentelijke woonlasten eenpersoonshuishouden (in €)
2018 2019 2020 2021 2022
666 682 720 Geen data Geen data
648 677 720 751 825
Gemeentelijke woonlasten meerpersoonshuishouden (in €)
2018 2019 2020 2021 2022
740 756 797 Geen data Geen data
693 724 772 802 878
Demografische druk (%)1
1) De som van het aantal personen van 0 tot 20 jaar en 65 jaar of ouder per 100 personen van 20 tot 65 jaar
Wat mag het kosten? Lasten en baten 2021-2023 Lasten Nr.
Omschrijving taakveld
0.5
Treasury
0.61
OZB woningen
0.62
2021
2022
Baten 2023
2021
2022
2023
4.466
66.104
90.221
38.159
36.038
105.736
492.651
463.471
438.303
4.658.904
4.852.498
4.957.314
OZB niet-woningen
0
0
0
2.869.152
2.891.704
2.937.307
0.63
Parkeerbelasting
0
0
0
0
0
0
0.64
Belastingen overig
0
0
0
30.887
29.200
29.200
0.7
Algemene uitkering en overige uitkeringen gemeentefonds
0
0
0
46.582.746
45.919.072
51.165.338
0.8
Overige baten en lasten
0
485.845
2.206.221
71
0
0
0.9
Vennootschapsbelasting (Vpb)
679.566
0
0
0
0
0
3.4
Economische promotie toeristenbelasting
0
0
0
237.830
94.384
139.384
0.10
Mutatie reserves programma 7
1.371.800
55.218
121.844
1.619.531
534.249
400.000
Totaal
2.548.483
1.070.638
2.856.589
56.037.280
54.357.145
59.734.279
pagina 57
Lasten en baten 2023-2026 Lasten Nr.
2023
2024
Baten
2025
2026
2023
2024
2025
2026
0.5
90.221
83.273
76.320
69.334
105.736
98.344
90.952
83.560
0.61
438.303
452.110
466.125
478.944
4.957.314
5.219.075
5.437.607
5.636.896
0.62
0
0
0
0
2.937.307
3.035.442
3.135.325
3.227.490
0.63
0
0
0
0
0
0
0
0
0.64
0
0
0
0
29.200
29.200
29.200
29.200
0.7
0
0
0
0
51.165.338
52.423.087
55.018.695
52.215.348
0.8
2.206.221
1.853.092
2.865.778
721.781
0
0
0
0
0.9
0
0
0
0
0
0
0
0
3.4
0
0
0
0
139.384
139.384
139.384
139.384
0.10
121.844
158.063
172.341
178.200
400.000
Totaal
2.856.589
2.546.538
3.580.564
1.448.259
59.734.279
60.944.532
63.851.163
61.331.878
Brondocumenten -
Financiële verordening gemeente Bernheze (art. 212 gemeentewet) (10 december 2020) Controleverordening (art. 213 gemeentewet) (16 december 2010) Nota reserves en voorzieningen (24 september 2020)
pagina 58
Algemene dekkingsmiddelen, overhead, vennootschapsbelasting en onvoorzien Binnen de begroting bestaat er onderscheid tussen specifieke dekkingsmiddelen en algemene dekkingsmiddelen. Specifieke dekkingsmiddelen (bijvoorbeeld opbrengsten voor het ophalen van afval, het verstrekken van vergunningen, het onderhouden van het riool en het verstrekken van reisdocumenten), hangen samen met een concreet beleidsveld en staan opgenomen in de desbetreffende programma’s. Deze dekkingsmiddelen verlagen het saldo van lasten en baten op de betreffende programma’s in de begroting. Specifieke dekkingsmiddelen zijn niet vrij besteedbaar. Anders dan de specifieke dekkingsmiddelen, zijn de algemene dekkingsmiddelen en de post onvoorzien. Algemene dekkingsmiddelen zijn middelen, die geen vooraf bepaald bestedingsdoel hebben. Deze middelen zijn daarmee vrij besteedbaar. De algemene dekkingsmiddelen leveren de financiële dekking van de bestedingen van de programma’s 1 tot en met 7 en zijn ingedeeld naar de voorgeschreven categorieën en onvoorzien.
Overzicht algemene dekkingsmiddelen In de tabel wordt een overzicht gegeven van de algemene dekkingsmiddelen. Onder de tabel worden de onderdelen kort toegelicht. 2021
2022
2023
2024
2025
2026
Onroerende zaakbelasting
7.501.915
7.707.805
7.858.224
8.218.120
8.536.535
8.827.989
2.
Algemene uitkering uit het gemeentefonds
46.582.746
45.919.072
51.165.338
52.423.087
55.018.695
52.215.348
3.
Dividend
38.119
34.538
34.538
34.538
34.538
34.538
54.122.780
53.661.415
59.058.100
60.675.745
63.589.768
61.077.875
1.
Lokale heffingen waarvan de besteding niet gebonden is:
Totaal
Lokale heffingen 1. Onroerende zaakbelasting (OZB) Bij lokale heffingen treffen we de heffingen aan, waarvan de besteding niet is gebonden. Dit betreft de onroerende zaak belasting. In totaliteit gaat het voor 2023 om een geraamd bedrag van circa € 7,9 miljoen aan opbrengsten uit “algemene dekkingsmiddelen. Lokale heffingen, waarvan de besteding wel gebonden is, bijvoorbeeld afvalstoffenheffing, rioolrechten en diverse leges, worden op de desbetreffende taakvelden verantwoord. Voor een overzicht van de opbrengsten van de belangrijkste heffingen en in welke beleidsvelden deze zijn opgenomen verwijzen wij u naar de paragraaf ‘Lokale heffingen’ in deze begroting.
pagina 59
Er bestaat een relatie tussen de OZB en de algemene uitkering uit het gemeentefonds. De belastingcapaciteit is een van de verdeelmaatstaven die de hoogte van de algemene uitkering bepalen. Zo wordt rekening gehouden met de mogelijkheid die een gemeente heeft om belastinginkomsten te verkrijgen. De belastingcapaciteit is een afgeleide van de waarde van onroerende zaken. Voor bepaling van de hoogte van de algemene uitkering wordt de waarde van woningen voor 80% meegerekend, van de waarde van niet-woningen (bedrijven) 70%. Hierop wordt het zogenaamde rekentarief toegepast. Dit rekentarief is het gemiddelde tarief van alle gemeenten. Het rekentarief wordt berekend naar een percentage van de waarde van de onroerende zaak. Het resulterende bedrag wordt gekort op de algemene uitkering. Het feitelijk OZB-tarief dat de gemeente heft, heeft geen effect op deze korting op de algemene uitkering. De geraamde opbrengsten OZB laten jaarlijkse een stijging zien als gevolg van de areaalontwikkeling en de voorgestelde OZB-aanpassingen.
2. Algemene uitkering uit het gemeentefonds Jaarlijks ontvangt elke gemeente volgens een bepaald verdeelstelsel een uitkering uit het Gemeentefonds. De uitkering is bestemd voor de bekostiging van autonome taken van de gemeente, taken die veelal dicht bij de burger liggen. Het verdeelstelsel is opgenomen in de Financiële verhoudingswet. In de verdeling wordt rekening gehouden met onderlinge verschillen in de kosten waar de gemeenten voor staan en met de draagkracht van de gemeenten (de belastingcapaciteit). Karakteristiek voor de algemene uitkering is dat elke gemeente vrij is in de besteding. De omvang van de algemene uitkering is voor de gemeenten een gegeven, maar de gemeente kan zelf bepalen aan welke voorzieningen zij haar geld besteedt. De groei of afname van het gemeentefonds is gekoppeld aan de ontwikkeling van de rijksuitgaven. Eenvoudig gezegd: bij een stijging van de rijksuitgaven ontvangen gemeenten vanuit Den Haag meer geld in het gemeentefonds en bij een daling van de rijksuitgaven ontvangen gemeenten vanuit Den Haag minder geld in het gemeentefonds. De jaarlijkse ontwikkeling van de algemene uitkering staat verder toegelicht in deel III: Financiële begroting. De voeding van het gemeentefonds (normeringssystematiek c.q. accres) is gekoppeld aan het Totale netto uitgavenkader van het Rijk.
Door deze bredere basis groeit de Algemene uitkering ook mee met de zorguitgaven en sociale zekerheidsuitgaven van het Rijk. Herverdeling gemeentefonds per 1 januari 2023 De verdeling van het gemeentefonds sloot niet meer aan bij de huidige tijd, het verdeelmodel was te ingewikkeld en ondoorzichtig geworden. Vanaf 1 januari 2023 wordt daarom een nieuw verdeelmodel ingevoerd met het doel dat dit model stabieler en goed aansluit bij de kosten van de gemeenten. De Raad voor Open Bestuur (ROB) en de VNG vinden dat het nieuwe verdeelmodel een verbetering is, maar dat het model nog voor verbetering vatbaar is. Hiervoor is inmiddels aanvullend onderzoek uitgevoerd. Omdat bij het uitkomen van de meicirculaire 2022 de resultaten van de aanvullende onderzoeken nog niet bekend waren is besloten het ‘ingroeipad’ – het pad waarmee gemeenten naar de nieuwe verdeling ingroeien – te beperken tot drie jaar en het pagina 60
herverdeeleffect te maximeren voor het eerste jaar 2023 op € 7,50 per inwoner, 2024 maximaal € 22,50 per inwoner en 2025 maximaal € 37,50 per inwoner. Het nieuwe verdeelmodel zal tevens tijdig geëvalueerd worden en aan de hand van deze evaluatie zal besloten worden over het traject 2026 en verder. In de notitie ter informatie ‘Financieel perspectief 2023-2026’ hielden we op basis van de voorlopige berekeningen rekening met een korting van ± € 1,2 miljoen (o.b.v. € 36,- per inwoner). Uit de meicirculaire 2022 blijkt echter, geheel onverwachts, dat dit is omgeslagen naar een voordeel van € 19,50 per inwoner of terwijl € 604.000,-. Door het gebruik van het ingroeipad wordt dit voordeel echter over de periode 2023-2024 gefaseerd doorgevoerd (2023: € 236.000,-; 2024: € 604.000,-). Of het totaal van het herverdeeleffect overeind blijft is onzeker. Er vindt immers nog een evaluatie plaats voor het traject 2026 en verder. ‘Ravijnjaar 2026’ In het coalitieakkoord van december 2021 kondigde het kabinet een nieuwe financieringsystematiek met ingang van 2026 aan, waarbij de mogelijkheid voor een groter eigen belastinggebied voor gemeenten wordt betrokken. Omdat deze nieuwe financieringssystematiek nog uitgewerkt moet worden, heeft het kabinet er voor gekozen vanaf 2026 het gemeentefonds niet volgens de afgesproken normeringssystematiek (samen de trap op en af) te berekenen.