CConstaterende datBernheze
Koppel je AI →
Document · PDF

Oude Veghelsedijk 22, Vorstenbosch_Toelichting

Commissie Ruimtelijke Zaken 8 mei 2024, gemeente BernhezeBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan Oude Veghelsedijk 22, Vorstenbosch28.317 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

3. (a) Geur, toetsen aan aanvaardbaar woon-/leefklimaat a.d.h.v. het wettelijk kader: op grond van de Wet geur- en veehouderij kan er sprake zijn van overbelasting voor wat betreft geur. Er dient een acceptabel geurbelasting met betrekking tot de voorgrond- en achtergrondbelasting te zijn en er moet worden voldaan aan het principe ‘vaste afstanden’. Zie voor een nadere onderbouwing de geurparagraaf van deze toelichting. Op basis van de ‘vaste afstanden’ en achtergrondbelastinggeur kan worden geconcludeerd dat er sprake is van een aanvaardbaar woon-/leefklimaat.

(b) Ten aanzien van het aspect geur kan ook worden gekozen voor gezondheidskundige uitgangspunten: De GGD hanteert het standpunt dat het onderzoek van Geelen et al. (2015) het best beschikbare beeld van de relatie tussen achtergrondbelasting geur van veehouderij en mate van geurhinder geeft. Bij de beoordeling van de geurbelasting hanteert de GGD het uitgangspunt dat maximaal 12% van de woonkern geurgehinderd. Voor de achtergrondbelasting houdt dit dat een norm van 5 ouE/m³ in. In het buitengebied geldt 20% geurgehinderden en een norm van 10 ouE/m³. Daarnaast geldt voor diersoorten zonder wettelijke geuremissiefactor een aan te houden afstand vanaf de rand van een bedrijf tot de dichtstbijzijnde gevoelige bestemming van 100 meter. Zie wederom de geurparagraaf voor een nadere onderbouwing. De dichtstbijzijnde stallen liggen binnen 100 meter van de gevoelige functies. Echter zijn er in de geurparagraaf diverse redenen genoemd dat dit niet leidt tot onevenredige gezondheidsrisico’s. Ook de achtergrondbelasting ter plaatse van de planlocatie ligt in de buurt van de gezondheidskundige uitgangspunten van de GGD wat betreft achtergrondbelasting in het buitengebied. Tevens kan worden benadrukt dat de overwegende winrichting in Nederland vanuit het zuidwesten komt.

De geurbelasting van de meest bepalende veehouderij in de nabijheid van het plangebied zal met deze overwegende windrichting juist uit de richting van het plangebied waaien, wat dus voor het gros van het jaar positief is voor de gezondheidskundige situatie ter plaatse van het plangebied. Initiatiefnemers zullen zelf gaan wonen op locatie en zijn op de hoogte van de geursituatie in het gebied. Er heerst een dus een niet te rooskleurig beeld bij de toekomstige bewoners. Tot slot wordt opgemerkt dat de trend op het gebied van geuremissie bij veehouderijen is dat de regelgeving steeds meer wordt aangescherpt. De geuremissie van veehouderijen en daarmee de geurbelasting in en naar de omgeving zal derhalve de komende jaren steeds meer afnemen. De verwachting is dan ook dat de geurbelasting in de omgeving van het plangebied zal afnemen, wat een positieve ontwikkeling is. Gelet op de kleinschaligheid van

Bestemmingsplan – Oude Veghelsedijk 22, Vorstenbosch

63

het initiatief en dat er al sprake is van één bestaande woonfunctie, is er geen sprake van onevenredige gezondheidsrisico’s op basis van het aspect geur. Als eerst worden in onderstaande tabel de resultaten gegeven van de voor- en achtergrondbelasting geurberekeningen in het kader van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat.

Tabel 4: berekening percentage geurgehinderden

1 2 3 4

Voorgrondbelasting (Oue/s)

Achtergrondbelasting (Oue/s)

Meest bepalende belasting

Percentage geurgehinderde

Milieukwaliteit

7,0 3,4 3,7 6,8

11,50 9,28 9,30 11,42

Voorgrond Achtergrond Achtergrond Voorgrond

16% 11% 11% 15%

Matig Redelijk goed Redelijk goed Matige

Blijkens het GGD-advies wordt een voorgrondbelasting van 5 OUE/m3 en een achtergrondbelasting van 10 OUE/m3 op een geurgevoelig object aanvaardbaar geacht. Uit bovenstaande tabel blijkt dat niet op alle punten van het plangebied voldaan kan worden aan de norm van 5 OUE/m3 en 10 OUE/m3. Hieronder wordt door middel van afbeeldingen duidelijk inzichtelijk gemaakt dat er, ondanks het GGD-advies, wel sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Daarnaast accepteert initiatiefnemer een eventueel gezondheidsrisico en neemt hier volledige verantwoordelijkheid voor. Tevens zal initiatiefnemer eventuele opvolgende koper(s) op dit risico attenderen door een kettingbeding in de koopovereenkomst op te nemen.

Figuur 28: Resultaten voorgrondbelasting

Gekeken naar de voorgrondbelasting valt op te merken dat conform de geurverordening van de gemeente Bernheze de grens van de geurbelasting ligt op 8 OUE/m3 in plaats van 5 OUE/m3 zoals gesteld in het GGD-advies. De grens van het GGD-advies is aanzienlijk strenger dan de gemeentelijke norm. Hierbij valt nog op te merken dat de gemeente is gelegen in een concentratiegebied. De norm van het advies van de GGD is voor bijna geen enkele veehouderij haalbaar binnen een concentratiegebied. De eis van de gemeentelijk geurverordening is al een strenge norm voor de veehouderijen binnen de gemeente.

Bestemmingsplan – Oude Veghelsedijk 22, Vorstenbosch

64

In bovenstaande afbeelding is te zien dat het gehele plangebied, gekeken naar de gemeentelijke normen, wel voldoet aan de geurbelasting van 8 OUE/m3. Dit betekend dat de woningen kunnen worden gerealiseerd in een aanvaardbaar woon- en leefklimaat conform de gemeentelijke eisen. Gekeken naar de achtergrondbelasting ter plaatse van het plangebied blijkt dat punten 1 en 4, zie onderstaande figuur, gelegen zijn in een matig woon- en leefklimaat conform het GGD-advies. De grens van 10 OUE/m3 is duidelijk weergegeven met de rode lijn binnen de figuur. Echter wordt er doorgaans uitgegaan van een grens van 20% cumulatieve geurhinder als grens voor een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Dit is de grenswaarde uit de Interim omgevingsverordening. Hier wordt aan voldaan binnen het gehele plangebied.

Figuur 29: Resultaten achtergrondbelasting

Gezien het bovenstaande kan worden geconcludeerd dat ten alle tijden kan worden voldaan aan de geurverordening van de gemeente Bernheze. Er kan echter niet worden voldaan aan de GGD-advies normen, maar wel aan de gemeentelijke eisen. Er wordt derhalve verzocht aan de gemeente om het GGD-advies (deels) los te laten en uit te gaan van de eigen opgestelde regels uit de geurverordening. Op dit moment heeft de locatie een agrarische bestemming met functieaanduiding ‘intensieve veehouderij’, dit wordt herbestemd naar een woonbestemming. Daarmee is planologisch geborgd dat er in de toekomst geen veehouderij meer gevestigd of herstart kan worden op locatie. Daarnaast voorkomt het dat de stallen die er momenteel staan jarenlang leeg zullen blijven staan, deze worden met de omzetting naar woonbestemming namelijk gesloopt. Dit zorgt voor een aanzienlijke verbetering gekeken naar het woon- en leefklimaat van de omgeving. Dit komt doordat de (potentiële) emissies van de intensieve veehouderij verdwijnen en tevens vindt er een kwaliteitsverbetering plaats doordat leegstand wordt voorkomen. In algemeen gezondheidsbelang is dat dus een erg positieve ontwikkeling die zwaarder weegt dan het net niet voldoen aan de geurnormen van de GGD. Kortom is het woon- en leefklimaat ter plaatse van het plangebied aanvaardbaar gekeken naar de Wet- en regelgeving en de geurverordening van de gemeente.

De geurverordening van de gemeente Bernheze beschrijft namelijk dat zolang de achtergrondbelasting geur geclassificeerd als ‘onvoldoende’ dan is er in beginsel geen sprake van een ‘aanvaardbaar woon- en leefklimaat’. Conform de

Bestemmingsplan – Oude Veghelsedijk 22, Vorstenbosch

65

gemeentelijke beleidsregel wordt de ontwikkeling juist aangemerkt als ‘voldoende’ en is daarmee als aanvaardbaar te kwalificeren. Tevens kan worden opgemerkt dat initiatiefnemers zelf gaan bouwen en wonen op locatie en zich volledig bewust zijn van het feit dat ze in het landelijke gebied gaan wonen in de nabijheid van agrarische bedrijven en met het desbetreffende woon- en leefklimaat.

4. De aanwezige diersoort(en) binnen een veehouderij: Het gecombineerd houden van dieren kan van invloed zijn op eventuele risico’s op de volksgezondheid. Dit heeft te maken met een verhoogde infectiedruk en het risico op vermenging van bacteriën / virussen. Nieuwe situaties met gemengde dieren zijn vanuit volksgezondheid niet gewenst. Het voorgaande kan ook gelden als een varkensbedrijf en pluimveebedrijf dicht bij elkaar liggen. De minimaal gewenste onderlinge afstand tussen de inrichtingsgrenzen van veehouderijen bedraagt 100 meter. Het planvoornemen maakt geen nieuwe veehouderij mogelijk. Er is geen sprake van de aanwezigheid van bedrijven in de omgeving, waar een combinatie van deze dieren wordt gehouden.

5. (a) Geitenhouderijen: binnen een afstand van 2 kilometer liggen woon- en verblijfsruimten van derden? In de omgeving van de planlocatie, aan de Langenbergsestraat 9 te Heeswijk-Dinther, ligt een geitenhouderij. De kortste afstand tussen het bouwvlak van de geitenhouderij aan Langenbergsestraat 9 en de planlocatie bedraagt circa 1,35 km. Hiertussen liggen echter reeds bestaande woningen, alsmede de gehele kern van Vorstenbosch. Ook hebben er de laatste jaren meer woningbouwontwikkelingen (o.a. De Helling en Bergakkers 3) plaatsgevonden op kortere afstand van de geitenhouderij dan onderhavige planlocatie. Bij deze plannen heeft de gemeente de afweging gemaakt om medewerking te verlenen en af te wijken van het advies van de GGD voor wat betreft woningbouw binnen 2 kilometer van een geitenhouderij. Aangezien niet aan stap 5a kan worden voldaan, luidt het advies om advies bij de GGD op te vragen.

(b) Pluimveebedrijven: binnen een afstand van 1 kilometer liggen woon- en verblijfsruimten van derden? In de omgeving van de planlocatie, aan de Driehuizen 8 te Veghel, is een pluimveehouderij gelegen. Deze pluimveehouderij ligt op circa 900 meter van het plangebied. Uit het onderzoek Veehouderij en Gezondheid Omwonenden (VGO) bleek dat in de jaren 2009-2013 er sprake was van een verhoogd voorkomen van longontstekingen onder omwonenden die binnen een straal van één kilometer van een pluimveehouderij woonden. In de jaren daaropvolgend (2014-2016) werd dat verband niet meer gevonden. Ook in het aanvullende, recente onderzoek in de regio Utrecht/Gelderland/Overijssel werd een dergelijk verband niet meer gevonden. Dit in tegenstelling tot het verband tussen het verhoogd voorkomen van longontsteking bij omwonenden nabij een geitenhouderij (tot een afstand van twee kilometer). In de handreiking veehouderij en volksgezondheid, opgesteld door het Ondersteuningsteam, wordt aangegeven dat het wonen nabij een pluimveehouderij (binnen een straal van één kilometer) leidt tot het advies om een advies bij de GGD op te vragen. In het ondersteuningsteam zijn de laatste onderzoeksresultaten recent besproken en is besloten dat er geen advies meer wordt gegeven om een GGD advies op te vragen op grond van het criterium ‘wonen binnen een straal van 1 kilometer van een pluimveehouderij’.

(c) Overige veehouderijen: binnen een afstand van 250 meter liggen woon- en verblijfsruimten van derden? Tot slot kan worden geconcludeerd dat het plangebied binnen 250 meter is gelegen van een overige veehouderij, namelijk de schapenhouderij aan de Oude Veghelsedijk 45. In paragraaf 4.8 is een uitgebreide omschrijving opgenomen dat deze veehouderij kleinschalig is en niet leidt tot onevenredige gezondheidsrisico’s ter plaatse van het plangebied. Tevens kan worden benadrukt dat er voldaan wordt aan de richtafstand van 30 meter voor het milieuaspect ‘stof’ (overigens ook geluid en

Bestemmingsplan – Oude Veghelsedijk 22, Vorstenbosch

66

gevaar) uit de publicatie ‘Bedrijven en Milieuzonering’, welke geldt voor de schapenhouderij. Stofhinder kan schadelijk zijn voor de gezondheid. Hieraan wordt dus voldaan, waardoor het niet bezwaarlijk is dat de schapenhouderij binnen 250 meter van het plangebied is gelegen. Er is sprake

van bewerking of verwerking van mest of als zelfstandige activiteit.

Het planvoornemen maakt geen activiteiten met betrekking tot het bewerken of verwerken van mest mogelijk.

6. Bij omwonenden is sprake van ongerustheid over de volksgezondheid. Er zijn geen signalen die duiden op een (significante) ongerustheid met betrekking tot de volksgezondheid in de omgeving van het plangebied.

Bestemmingsplan – Oude Veghelsedijk 22, Vorstenbosch

67

5. Juridische planbeschrijving In dit hoofdstuk wordt een toelichting gegeven op de juridische regeling van dit bestemmingsplan. 5.1. Juridische achtergrond De Wet ruimtelijke ordening (Wro) verplicht gemeenten bestemmingsplannen op te stellen. In de Wro en het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is nader uitgewerkt uit welke onderdelen een bestemmingsplan (ook: wijzigingsplan) in ieder geval moet bestaan. Het gaat om een verbeelding met planregels en een toelichting daarop. Daarnaast biedt zowel de Wro als het Bro opties voor een nadere juridische inrichting van een bestemmingsplan. Hierbij moet worden gedacht aan de toepassing van afwijkingsmogelijkheden en wijzigingsbevoegdheden en het toepassen van nadere eisen. Uitgangspunt is dat het bestemmingsplan moet voorzien in een passende regeling voor de komende tien jaar. Dat is in principe de geldigheidsduur van een bestemmingsplan. Het juridisch bindende onderdeel van het bestemmingsplan bestaat uit de verbeelding en regels. De regels bevatten het juridisch instrumentarium voor het regelen van het gebruik van de gronden en gebouwen en bepalingen betreffende de toegelaten bebouwing. De verbeelding heeft een ondersteunende rol voor de toepassing van de regels evenals de functie van visualisering van de bestemmingen. De verbeelding vormt samen met de regels het voor de burgers bindende onderdeel van het bestemmingsplan.

Bij bestemmingsplannen gaat het om de belangen van burgers en bedrijven. Zij dienen zich snel en op eenvoudige wijze een juist beeld te kunnen vormen van de planologische mogelijkheden en beperkingen op één of meerdere locatie(s). Daarnaast is de vergelijkbaarheid van ruimtelijke plannen van belang voor degenen die deze plannen in grotere samenhang wensen te bezien. Hierbij kan gedacht worden aan degenen die betrokken zijn bij de planvoorbereiding, de planbeoordeling en het monitoren van beleid. De SVBP maakt het mogelijk om bestemmingsplannen te maken die op vergelijkbare wijze zijn opgebouwd en op eenzelfde manier worden verbeeld. De SVBP geeft bindende standaarden voor de opbouw en de verbeelding van het bestemmingsplan, zo ook voor de regels. Voor bestemmingsplannen zoals dit plan, is het verplicht de regels van de SVBP te volgen. 5.2. Toelichting verbeelding Op de verbeelding zijn de bestemmingen van de in het plan begrepen gronden aangewezen en begrensd.

Op de verbeelding zijn de volgende bestemmingen en aanduidingen opgenomen: - Enkelbestemming ‘Agrarisch’ - Dubbelbestemming – Archeologie 2’; - Bouwvlak (2x); - Functieaanduiding ‘wonen’; - Functieaanduiding ‘specifieke vorm van wonen – ruimte voor ruimte’; - Functieaanduiding ‘specifieke vorm van groen – landschappelijke inpassing’; - Functieaanduiding ‘geen gevoelige objecten toegestaan’; - Gebiedsaanduiding ‘groenblauwe mantel’; - Gebiedsaanduiding ‘wro-zone – woonwerkontwikkelingsgebied’. - Gebiedsaanduiding ‘vrijwaringszone – molenbiotoop’. Voor de benaming van de bestemmingen en aanduidingen is aangesloten bij het moederplan bestemmingsplan ‘Buitengebied Bernheze’, aldus vastgesteld op 10-09-2014. Voor het overige wordt aangesloten bij het SVBP. 5.3. Toelichting regels De regels behorende bij dit bestemmingsplan bestaan uit inleidende regels, bestemmingsregels, algemene regels en overgangs- en slotregels. De regels bij dit bestemmingsplan worden gewijzigd ten opzichte van het geldende bestemmingsplan. Echter waar het mogelijk is wordt aangesloten bij de regels van het bestemmingsplan ‘Buitengebied

Bestemmingsplan – Oude Veghelsedijk 22, Vorstenbosch

68

Bernheze’. De regels hebben betrekking op de in de verbeelding opgenomen bestemmingen en aanduidingen. Wijziging ten opzichte van het moederplan is dat middels een voorwaardelijke verplichting de aanleg en instandhouding van de landschappelijke inpassing wordt verzekerd. Hiervan kan alleen worden afgeweken mits er voldaan blijft worden aan het regionale afsprakenkader voor kwaliteitsverbetering van het landschap. Om de sloop van de overtollige agrarische bedrijfsbebouwing te verzekeren is een voorwaardelijke sloopverplichting in de algemene gebruiksregels opgenomen.

Bestemmingsplan – Oude Veghelsedijk 22, Vorstenbosch

69

6. Uitvoerbaarheid In dit hoofdstuk wordt de financiële en maatschappelijke uitvoerbaarheid van het plan uiteengezet. 6.1. Financiële uitvoerbaarheid De voorgestane ontwikkeling aan de Oude Veghelsedijk 22 betreft een particulier initiatief. De met de ontwikkeling gepaard gaande kosten worden dan ook gedragen door de desbetreffende particuliere initiatiefnemer. Hiermee is de financiële haalbaarheid voor de gemeente gegarandeerd. Dit plan heeft geen financiële consequenties voor de gemeente. Dit is vastgelegd in een anterieure overeenkomst, waarbij de eventuele planschade voor rekening komt voor de initiatiefnemer. De economische uitvoerbaarheid is hiermee voldoende aangetoond. 6.2. Maatschappelijke uitvoerbaarheid De maatschappelijke uitvoerbaarheid heeft als doel aan te tonen dat het plan maatschappelijk draagvlak heeft. In dat kader is de gelegenheid tot inspraak geboden. Ook heeft vooroverleg plaatsgevonden met de daartoe aangewezen instanties en heeft er een omgevingsdialoog plaats gevonden.

6.2.1. Vooroverleg en omgevingsdialoog

In het kader van artikel 3.1.1 Bro zal overleg worden gevoerd over het voorontwerp bestemmingsplan met de gebruikelijke overlegpartners, Waterschap Aa en Maas en provincie Noord- Brabant. De uitkomsten van dit vooroverleg zal worden toegevoegd aan het bestemmingsplan. Naar aanleiding van het vooroverleg met Waterschap Aa en Maas is het nieuwe beleidskader verwerkt in de toelichting. Dit heeft verder niet geleidt tot inhoudelijke aanpassingen aan het plan. Provincie Noord-Brabant gaf aan dat de economische berekening kwaliteitsverbetering ontbrak. Deze berekening was per abuis vergeten in de stukken van het vooroverleg. De berekening is toegevoegd, waarbij ook wordt voldaan aan de overige opmerkingen/aanbevelingen die de provincie daarbij stelt. Onder de nieuwe toetsing voor ruimte voor ruimte woningen is een nadere onderbouwing opgenomen waarom er sprake is van een bebouwingsconcentratie/bebouwingslint. Over het ontbreken van de locatie in de nieuwe visie op bebouwingsconcencentraties is contact geweest met de gemeente Bernheze. Een aanvulling hierop is opgenomen in paragraaf 3.3.2 van deze toelichting. Daarmee wordt voldaan aan de reactie van de provincie. In het kader van een goede maatschappelijke uitvoerbaarheid hebben initiatiefnemers een omgevingsdialoog uitgevoerd.

Initiatiefnemers hebben het voorgenomen plan betreffende herontwikkeling Oude Veghelsedijk 22 persoonlijk gepresenteerd door middel van keukentafelgesprekken. De uitkomsten van deze dialoog zijn toegevoegd in de bijlagen van dit plan. Er zijn naar aanleiding van de dialoog geen reden en om het plan aan te passen.

6.2.2. Zienswijzen en beroep

De vaststellingsprocedure van het bestemmingsplan vindt plaats volgens artikel 3.1 van de Wet ruimtelijke ordening. Het ontwerp wordt in dit kader ter visie gelegd gedurende een periode van zes weken. Gedurende deze periode wordt een ieder in de gelegenheid gesteld zijn zienswijzen kenbaar te maken tegen het plan. De ingebrachte zienswijzen zijn behandeld in de zienswijzenota, zie Bijlage 14. Na vaststelling wordt het bestemmingsplan voor de tweede maal zes weken ter visie gelegd. Gedurende deze periode kunnen belanghebbenden tegen het vaststellingsbesluit beroep instellen bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State. Tevens kan er beroep worden ingesteld tegen de eventueel gewijzigde onderdelen. Indien geen beroep wordt ingesteld, is het plan na deze beroepstermijn onherroepelijk en treedt het plan in werking. Gezien een ieder de mogelijkheid heeft om te reageren op het bestemmingsplan door het kenbaar maken van zienswijzen, wordt na afloop van de hierboven beschreven procedure het plan als maatschappelijk uitvoerbaar beschouwd.

Bestemmingsplan – Oude Veghelsedijk 22, Vorstenbosch

70

7. Bijlagen 7.1. Landschapsplan Oude Veghelsedijk en Economische berekening kwaliteitsverbetering 7.2. Invoergegevens en AERIUS berekening gebruiksfase 7.3. Invoergegevens en AERIUS berekening sloop en bouwfase 7.4. Ecologische Quickscan Brabant Eco 7.5. Archeologisch Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek 7.6. Archeologisch proefsleuvenonderzoek 7.7. Verkennend bodemonderzoek 7.8. Aanvullend asbest en PCB onderzoek 7.9. Voorgrondberekening geur 7.10.

Achtergrondberekening geur

7.11.

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai

7.12.

Verslag van de omgevingsdialoog

7.13.

Ruimte voor Ruimte titel

7.14.

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen

Bestemmingsplan – Oude Veghelsedijk 22, Vorstenbosch

71

Bestemmingsplan – Oude Veghelsedijk 22, Vorstenbosch Van Dun Ontwerp en Planologie is een handelsnaam van Van Dun Advies BV

72

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Bernheze&id=6c0b0a58-0a0e-4a7b-9537-d1c8ff500ea4