Jaarstukken 2025 (incl controleverklaring)_25 juni 2026
Tekst van het document
Zorg en ondersteuning 0 tot 100 jaar Jeugdhulp We hebben in 2025 samen met ONS Welzijn plannen gemaakt voor de doorontwikkeling van ONS Welzijn. We hebben de wens om naar “voren te bewegen”: een beweging naar voren door meer zichtbaar en aanspreekbaar te zijn in de wijken en vindplaatsen waar nodig. Hierbij leggen we de
pagina 26
nadruk op preventie en vroegtijdige signalering van problemen. Het ontwikkelen van preventieve activiteiten die de (pedagogische) basis in de wijk versterken draagt bij aan normaliseren. Bovenstaande beweging vraagt een verschuiving in de manier waarop het huidige CJG (Centrum voor Jeugd en Gezin) georganiseerd is. CJG is een hele week bereikbaar en dichtbij. Vanaf januari 2026 heeft ‘CJG-centraal’ beperktere openingstijden, waardoor de CJG’ers meer aanwezig en bereikbaar zijn in de wijken van Bernheze.
Visie op (kleinschalig) verblijf ontwikkelen In de jeugdhulpregio hebben we met aanbieders waar kinderen kunnen verblijven gewerkt aan het afbouwen van het aantal kinderen op de verblijfsgroepen. Dit betreft maatwerk. Met de aanbieders zijn afspraken gemaakt over deze afbouw. Het afgelopen jaar zijn we ook in gesprek geweest met zorgaanbieders over het 'doorplaatsen’ van jeugdigen. We bedoelen hiermee dat de jeugdige soms een aantal keer naar een andere locatie moeten verhuizen of van zorgaanbieder moeten wisselen omdat bijvoorbeeld de zorg niet meer passend is of er crisissen of veiligheidsissues spelen. We willen doorplaatsingen van jeugdigen vermijden en een betere passende woonvoorziening organiseren. Het gaat hierbij ook om jeugdigen die nu nog in JZ+ voorzieningen geplaatst wordt. Hiermee willen we zorgen dat de inzet van JZ+ afneemt. Dit jaar is de inkoop van deze nieuwe zorgvorm voorbereid en in 2026 start de werkelijke inkoop.
Lokale toegang en teams verder ontwikkelen. We hebben dit jaar vooral geïnvesteerd op uitbreiding van de capaciteit van het CJG. Door de extra formatie kan de bereikbaarheid gedurende de hele dag en week worden verzekerd en is het ook mogelijk dat de medewerkers van het CJG aanwezig zijn in de wijken. We hebben dit jaar ook geïnvesteerd op scholing over het toepassen van het stappenplan van de Centrale Raad van beroep, eigen kracht en pgb. We zijn hier in november 2024 mee gestart en heeft in 2025 een vervolg gekregen. Deze training was voor alle jeugdprofessionals, maar ook voor de backoffice jeugd, kwaliteitsmedewerker en beleidsmedewerker.
Ontwikkelingen Wmo-voorzieningen Centrumregeling Wmo De samenwerking is formeel vastgelegd in de Centrumregeling Wmo Brabant Noordoost-Oost 2024-2028, waarbij Oss als centrumgemeente optreedt. Deze regeling omvat gezamenlijke inkoop, toezicht en innovatie, inclusief het ontwikkelen van een regionaal vangnet voor kwetsbare inwoners. Ook is afgesproken om beleid en verordeningen zoveel mogelijk gelijk te trekken en gezamenlijk te monitoren. Regionale beleidsafstemming en monitoring In het Beleidskader Wmo 2024-2028 voor Brabant Noordoost-Oost is vastgelegd dat gemeenten samenwerken op het gebied van inkoop, contractmanagement én monitoring. Dit betekent dat er
pagina 27
afspraken zijn gemaakt over gezamenlijke dataverzameling en kwaliteitsbewaking van Wmoondersteuning. Gezamenlijke uitvoering van cliëntervaringsonderzoeken Gemeenten in de regio Noordoost-Brabant Oost (waar Bernheze deel van uitmaakt) hebben in 2024 het Wmo-cliëntervaringsonderzoek gezamenlijk laten uitvoeren door onderzoeksbureau ZorgfocuZ. Dit betrof gemeenten Bernheze, Boekel, Land van Cuijk, Maashorst, Meierijstad en Oss. Het onderzoek richtte zich op zowel toegang (aanvraagproces) als kwaliteit en effect van ondersteuning. De resultaten zijn beschikbaar via een regionale online rapportagetool, zodat gemeenten kunnen benchmarken en trends volgen. Uniforme vragenlijst en methodiek Er is gewerkt met een gestandaardiseerde vragenlijst die de verplichte thema’s (toegang, kwaliteit, effect) bevat. Dit zorgt voor vergelijkbare data tussen gemeenten en maakt regionale analyses mogelijk.
Ontwikkelingen Beschermd Wonen en vergroten weerbaarheid inwoners Door-decentralisatie van het regionale beleid betekent dat het uitvoeren van onderzoek voor het toetsen aan toegangscriteria voor maatschappelijke opvang en beschermd wonen een lokale verantwoordelijkheid is geworden. De landelijke ontwikkelingen rondom door-decentralisatie liggen momenteel stil. Zo is de Wet Aanpak Meervoudige Problematiek, die nodig is voor verbeterde samenwerking tussen zorg- en veiligheidspartners, opnieuw uitgesteld. Sinds 1 januari 2025 werken we met het AVE-model (Aanpak Voorkoming Escalatie). Dit model ondersteunt professionals in de samenwerking in onveilige situaties vanuit het principe: één plan, één gezin, één regie en geeft aan wanneer er opgeschaald moet worden. Het koersplan ‘Veilig in Afhankelijkheidsrelaties’ (huiselijk geweld en kindermishandeling) is in 2025 herijkt en zal begin 2026 ter besluitvorming worden aangeboden. Voor de implementatie hiervan wordt aansluiting gezocht bij de ontwikkeling van ‘Sterke Lokale Teams ontwikkelingstraject tot 2028’.
Stichting Rechtswinkel De initiatiefnemer van de rechtswinkel Bernheze beëindigde de werkzaamheden in mei 2025. De overgebleven betrokken vrijwilligers van de rechtswinkel hebben zich na de zomer tot de gemeente gewend met het verzoek om een Bernhezer Rechtswinkel te kunnen starten. In oktober is de Bernhezer rechtswinkel gestart en iedere dinsdagavond is er spreekuur voor inwoners van Bernheze in SCC de Pas. De belangstelling is groot, inwoners weten de rechtswinkel goed te vinden.
pagina 28
Gelijke kansen op onderwijs Evaluatie Het onderwijskansenbeleid is in 2025 geëvalueerd; verbeterpunten worden meegenomen in het beleid 2026-2028. NPO middelen De inzet van NPO-middelen is deels beoordeeld. Deze middelen gingen naar een familiecontactpersoon en een aansluitfunctionaris op scholen. De familiecontactpersoon heeft afgelopen jaar 22 gezinnen ondersteund. De inzet van de aansluitfunctionaris was beperkter (capaciteitsvraagstuk). De volgende verbeterpunten zijn benoemd: duidelijke taakafspraken, meer preventief groepsaanbod inzetten voor ouders/ leerlingen en kortere lijnen tussen school en lokale toegang. Dit nemen we mee om nieuwe afspraken te maken voor de ondersteuning van leerlingen op scholen. Extra taalondersteuning In 2025 is een voltijdse taalklas gestart voor kleuters die geen Nederlands spreken. Kinderdagverblijven kregen ondersteuning via themacollecties van de bibliotheek. Ook is regionale afstemming gestart om NT2-leerlingen sneller naar passend onderwijs te leiden. Bereik voorzieningen: 37 leerlingen in taalklassen (december 2025), 32 NT2-leerlingen en 18 leerkrachten zijn ondersteund. Acht kinderopvangorganisaties gebruikten themacollecties. Verbinding onderwijs-jeugdhulp Er is een protocol ontwikkeld voor doorstroomroutes, met lokale afspraken.
Daarnaast loopt een regionale pilot ‘zorg in de klas’ op twee scholen voor speciaal onderwijs, waarbij leerlingen met dezelfde zorgvraag collectief worden ondersteund Positieve gezondheid In 2025 hebben we een aanbestedingstraject gelopen om te komen tot een uitvoeringsorganisatie valpreventie. Het Sport Expertise Centrum (SEC) is hierna aangesteld tot uitvoeringsorganisatie. Zij zijn in september 2025 van start gegaan met het opzetten van de keten. Daarnaast heeft er begin 2025 een eerste meetweek plaatsgevonden in alle kernen waarin inwoners over de Smartfloor konden lopen en zij advies kregen over hun valrisico. Daarnaast startte in september de pilot Welzijn op recept. In twee huisartsen prakijken in Heesch en Heeswijk Dinther liepen in 2025 10 trajecten. We stelden het sub regionale Transformatieplan Samen in gezondheid op met vijf gemeenten (Bernheze, Boekel, Oss, Maashorst en Meierijstad) en zorgpartijen. Intentie is een betere verbinding van zorg, welzijn en preventie. Het plan werd goedgekeurd door zorgverzekeraars VGZ en CZ, maar door gebrek aan middelen is alleen onderdeel mentale gezondheid goedgekeurd. Hiervoor heeft de sub regio opnieuw een plan ingediend en worden middelen verleend. De
pagina 29
gemeenten werken nu samen aan een aanpak voor mentale gezondheid en koppelen dit aan lokale initiatieven zoals Welzijn op Recept en Kansrijke Start. Bernheze werkt samen met de gemeente Oss in een Kansrijke Start coalitie. In 2025 is het aanbod om gezinnen te ondersteunen bij een goede start gelijkgetrokken met het aanbod van de gemeenten Oss en Meierijstad, waardoor ouders uit Bernheze ook gebruik kunnen maken van het kinderwensspreekuur en de groepsondersteuning van verloskundigen en de babyspullenbank. De Zorgpadentool is in 2025 gelanceerd om professionals beter te laten doorverwijzen en samenwerken rond gezinnen. Daarnaast is geïnvesteerd in deskundigheidsbevordering en onderlinge samenwerking via periodiek overleg en trainingen zoals regievoering en cultuursensitief werken. We hebben subsidie aangevraagd bij Divosa om gelzorgen bij jonge gezinnen beter aan te kunnen pakken. Deze subsidie is toegekend.
Sport en bewegen Bewegen in de openbare ruimte stimuleren Bij nieuwe ontwikkelingen is sport en bewegen een steeds vaker terug kerend thema. Een concreet voorbeeld is het GGS plan (Gezonde groene structuren) waarin als bijlage het BOSS plan is meegenomen om bewegen, spelen, sporten en ontmoeten in de gemeente naar een hoger niveau te tillen. Ambities Sportakkoord Bernheze realiseren In 2025 is het budget van het Sportakkoord uitgegeven aan initiatieven welke aansluiten bij de ambities uit het Sportakkoord. Daarnaast is er in maart een overleg geweest met betrokken verenigingen rondom het sportakkoord. De verantwoordelijk wethouder is hierbij aangesloten. Gezamenlijk sportpark Heeswijk-Dinther In 2025 is een haalbaarheidsonderzoek opgestart. In Q1 2026 zal besluitvorming over het verdere proces van het gezamenlijk sportpark plaatsvinden.
Uitstel Stelselwijziging van de lokale omroep In maart is de Stichting Omroep Maasland (Dtv Bernheze-Oss) opnieuw aangewezen als lokale publieke omroep voor de gemeenten Bernheze en Oss voor de periode 2025-2030. Dit vooruitlopend op de landelijke stelselwijziging om lokale omroepen tot grotere streekomroepen te laten samengaan per 2027. Ook in 2025 (evenals in 2023 en 2024) verleenden we aanvullend € 25.000,- voor het behoud van de professionaliteit en journalistieke kwaliteit, en om de overgang naar een streekomroepmodel soepel te laten verlopen.
pagina 30
Subsidiebeleid niet-professionele instellingen In 2025 is onderzocht of een vergelijking van de subsidiesystematiek haalbaar was. Uit deze inventarisatie is gebleken dat de benodigde tijd en inspanning niet in verhouding staan tot de mogelijke opbrengsten. Daarom is besloten om deze vergelijking niet uit te voeren.
Verbonden partijen Hier geven we weer in hoeverre onze verbonden partijen bijdragen aan de doelstelling van dit programma. De verbonden partijen hebben we ook toegelicht in de paragraaf Verbonden partijen.
Regionaal Bureau Leerplicht en Voortijdig Schoolverlaten Brabant Noordoost (RBL BNO) Het RBL BNO voert voor gemeente Bernheze en de regio de wettelijk verplichte taken rond leerplicht en RMC (Regionale Meld- en coördinatiefunctie) uit. Het voorkomen en terugdringen van ongeoorloofd schoolverzuim, voortijdig schoolverlaten en langdurig thuiszitten is haar kerntaak.
Werkvoorzieningschap Noordoost-Brabant Het Werkvoorzieningschap is opdrachtgever voor IBN als uitvoeringsorganisatie van de Wet sociale werkvoorziening (Wsw). Het Werkvoorzieningschap is namens zes gemeenten enig aandeelhouder en eigenaar van IBN.
Centrumregeling WMO en Wvggz Brabant Noordoost-Oost Gemeente Oss is centrumgemeente voor de inkoop van Wmo-ondersteuning (voor de taken die vanaf 2015 door de gemeente worden uitgevoerd). De centrumgemeente koopt in namens de deelnemende gemeenten. Tevens kopen we in de regio gezamenlijk de uitvoerende taken vanuit de Wvggz (Wet verplichte Ggz) sinds 2020 samen in. Regionale inkoop leidt tot minder administratieve lasten voor de aanbieders, meer eenheid in de regio en een sterkere positie in het gesprek met aanbieders.
Centrumregeling Jeugdhulp Noordoost-Brabant In Noordoost Brabant kopen we gezamenlijk de jeugdhulp in. Daarvoor is een gemeenschappelijke regeling met een centrumgemeente ('s-Hertogenbosch). Gezamenlijke inkoop leidt tot minder administratieve lasten voor aanbieders, efficiëntere inkoop en een betere positie in de onderhandeling met aanbieders. Een aantal taken (bijvoorbeeld gesloten jeugdzorg) moeten gemeenten verplicht gezamenlijk inkopen.
Kleinschalig Collectief Vervoer Brabant Noordoost (KCV) Elf gemeenten zijn opdrachtgever voor het WMO-personenvervoer. Samen vormen zij het KCV. Met vervoer op maat dragen zij bij aan bereikbaarheid voor iedereen, en daarmee aan de participatie ook voor mensen met een beperking.
pagina 31
Gemeentelijke Gezondheidsdienst Hart voor Brabant (GGD) De GGD voert taken uit voor ruim 1,1 miljoen inwoners, waarvan ongeveer 200.000 jeugdigen. De GGD bewaakt, beschermt en bevorderd de gezondheid van alle inwoners, met speciale aandacht voor kwetsbare inwoners en de jeugd. Het doel van de GGD is ‘gezondheid vanzelfsprekend maken’. Dat hoopt zij te bewerkstelligen via de volgende pijlers: 1. Voorkomen als het kan, 2. Iedereen verschillend, allemaal gelijk, 3. Zelf, maar niet allen, 4. Overal om ons heen, binnen en buiten.
Regionale Ambulancevoorziening Brabant Midden, West en Noord (RAV) De gemeenschappelijke regeling van de RAV Brabant MWN) omvat het werkgebied van twee veiligheidsregio’s. Dat betekent dat het werkgebied van de RAV bestaat uit in totaal 35 gemeenten in Brabant, waaronder Bernheze. Bij de RAV staat de patiënt centraal. Kwaliteit van zorg en patiëntveiligheid staan hoog in het vaandel. Uitgangspunt hierbij zijn drie hoofddoelstellingen: kwalitatief hoogwaardige ambulancezorg, optimale spreiding & beschikbaarheid en bedrijfsvoering binnen de budgettaire kaders. Deze GR wordt nog in stand gehouden vanwege de door personeel omgebouwde rechtszekerheid; die mag niet worden aangetast. Maar er is geen sprake van gemeentelijke bijdragen.
Beleidsindicatoren In de volgende tabel geven we de verplichte indicatoren vanuit waarstaatjegemeente.nl weer. Om de cijfers van Bernheze te kunnen plaatsen hebben we daarnaast een referentiemeting opgenomen. We gebruiken hiervoor de gemiddelde waarde van gemeenten in de grootteklasse van 25.000 tot 50.000 inwoners. Beleidsindicator
Jaar realisatie
Referentie
Bernheze
Absoluut verzuim
2020
2,1
2,4
(aantal leerplichtigen per 1.000 leerlingen 5-18 jr)1
2021 2022 2023 2024
2,0 4,2 6,0 5,6
1,1 8,0 10,1 9,2
Relatief verzuim (aantal leerplichtigen per 1.000 leerlingen 5-18 jr )2
2020 2021 2022 2023 2024
17 18 21 23 25
7 11 13 11 18
Vroegtijdig schoolverlaters zonder startkwalificatie (vsv-ers) (% deelnemers aan het VO en MBO onderwijs)3
2020 2021 2022 2023 2024
1,4 1,6 2,1 2,0 2,0
1,1 1,0 1,9 1,8 1,7
Niet wekelijkse sporters (%) >19 jaar
2020
50,7
41,4
pagina 32
Beleidsindicator
Jaar realisatie
Referentie
Bernheze
2021 2022 2024
Geen data 47,9 44,7
Geen data 43,8 37,2
2020 2021
701,6 706,9
595,4 611,8
2022 2023 2024
725,9 739,0 750,5
624,2 626,4 640,0
Jongeren met een delict voor de rechter (% 12 t/m 21
2020
1%
0%
jarigen)
2021 2022 2023 2024
1% 1% 1% Geen data
1% 0% 1% Geen data
Kinderen in uitkeringsgezin dat van een bijstandsuitkering moet rondkomen (% kinderen tot 18 jaar)
2020 2021 2022 2023 2024
4% 4% 4% 4% 4%
3% 3% 3% 3% 3%
Werkloze jongeren (% 16 t/m 22 jarigen)
2020 2021 2022 2023 2024
2% 1% 1% 1% 2%
1% 2% 2% 1% 1%
Netto arbeidsparticipatie (% van de werkzame beroepsbevolking t.o.v. de beroepsbevolking)
2020 2021 2022 2023 2024
70,1 71,0 72,5 73,4 73,5
72,2 73,9 74,7 75,4 75,8
Personen met een bijstandsuitkering (aantal per 10.000 inwoners 18 jaar en ouder)
2021 2022 2023 2024 2025
277,7 239,4 230,3 232,1 233,8
169,7 148,0 141,2 135,7 142,5
Lopende re-integratievoorzieningen (aantal per 10.000 inwoners van 15 – 64 jaar)
2020 2021 2022 2023 2024
194,0 Geen data 192,0 196,1 207,1
116,1 136,2 120,1 123,6 123,2
Jongeren met jeugdhulp (% van alle jongeren tot 18 jaar) 4
2020 2021 2022 2023 2024
11,7 13,4 13,6 13,9 14,2
10,3 13,1 13,6 14,0 13,4
Jongeren met jeugdbescherming (% van alle jongeren tot 18 jaar)
2020 2021 2022 2023
1,2 1,3 1,2 1,1
0,8 0,8 0,9 0,9
Aantal banen (aantal per 1.000 inwoners in de leeftijd 15 – 64 jaar)
pagina 33
Beleidsindicator
Jaar realisatie
Referentie
Bernheze
2024
1,0
0,8
Jongeren met jeugdreclassering (% van alle jongeren van 12 tot 23 jaar)
2021 2022 2023 2024
0,3 0,3 0,3 0,3
Geen data Geen data Geen data Geen data
Cliënten met een maatwerkarrangement WMO (aantal per 10.000 inwoners)
2021 2022 2023 2024
687 690 685 706
590 610 640 670
2025
664
620
1) Het aantal leerplichtigen dat niet staat ingeschreven op een school. 2) Het aantal leerplichtigen dat wel staat ingeschreven op een school, maar ongeoorloofd afwezig is. 3) Het percentage van het totaal aantal leerlingen (12 – 23 jaar) dat voortijdig, dat wil zeggen zonder startkwalificatie, het onderwijs verlaat. 4) In de indicator jongeren met jeugdhulp zijn per 2021 veranderingen doorgevoerd in de verzameling en verwerking van de data, die leiden tot een trendbreuk in de uitkomsten over 2020 en 2021. Hierdoor zijn de uitkomsten over de jeugdhulp over de jaren 2021 en later niet goed te vergelijken met de uitkomsten over de jaren 2018 t/m 2020.
Wat heeft het gekost? Taakveld 4.1 OPENBAAR ONDERWIJS 4.3 ONDERWIJSBELEID EN LEERLINGZAKEN 5.1 SPORTBELEID EN ACTIVERING 5.3 CULTUURPRESENTATIE, CULTUURPRODUCTIE EN 5.6 MEDIA 6.1 SAMENKRACHT EN BURGERPARTICIPATIE 6.21 TOEGANG EN EERSTELIJNSVOORZIENINGEN WMO 6.22 TOEGANG EN EERSTELIJNSVOORZIENINGEN JEUGD 6.23 TOEGANG EN EERSTELIJNSVOORZIENINGEN INTEGRAAL 6.3 INKOMENSREGELINGEN 6.4 BEGELEIDE PARTICIPATIE 6.5 ARBEIDSPARTICIPATIE 6.60 HULPM. EN DIENSTEN (WMO) 6.711 HUISHOUDELIJKE HULP (WMO) 6.712 BEGELEIDING (WMO) 6.713 DAGBESTEDING (WMO) 6.714 OVERIGE MAATWERKARRANGEMENTEN (WMO) 6.751 JEUGDHULP AMBULANT LOKAAL 6.752 JEUGDHULP AMBULANT REGIONAAL 6.753 JEUGDHULP AMBULANT LANDELIJK 6.761 JEUGDHULP MET VERBLIJF LOKAAL 6.762 JEUGDHULP MET VERBLIJF REGIONAAL 6.763 JEUGDHULP MET VERBLIJF LANDELIJK 6.791 PGB WMO 6.792 PGB JEUGD
Primitieve begroting 5.249 1.714.414
Begroot na wijzigingen 5.405 1.411.022
Werkelijk Lasten 5.405 1.465.478
Primitieve begroting
Begroot na wijzigingen
Werkelijk baten
401.539
502.994
500.907
423.967 528.050
510.288 571.802
330.247 553.298
186.024 24.337
193.986 27.424
126.388 27.424
932.727 3.761.194
1.172.714 7.950.050
1.166.166 7.024.039
11.271 926.095
150.547 5.230.581
150.548 4.540.846
1.904.072
2.086.127
2.066.448
20.000
20.835
27.226
1.867.182
1.897.985
2.073.919
73.577
226.809
241.964
244.536
248.383
198.284
-
-
-
8.527.881 4.709.420 552.495 1.066.803 2.883.500 2.280.609 598.455 -
9.156.268 5.115.126 895.226 821.659 2.807.909 2.752.641 556.923 -
9.378.993 5.113.058 685.088 776.678 2.710.741 2.732.302 591.630 -
5.442.569 2.000 9.544 46.035 -
6.306.730 5.360 5.437 75.000 23.620 -
6.351.507 55.969 11.620 1.611 85.960 -
17.281 4.694.663 640.531 227.773 1.329.016
217.011 5.660.824 302.367 702.948 1.685.478
284.499 5.287.582 306.772 711.475 2.104.754
-
-
-
-
-
35.823
-
-
-
198.023 636.680
240.143 298.574
251.120 262.575
-
-
-
pagina 34
Taakveld 6.811 BESCHERMD WONEN (WMO) 6.812 MAATSCHAPPELIJKE- EN VROUWENOPVANG (WMO) 6.82A JEUGDBESCHERMING 6.82B JEUGDRECLASSERING 6.91 COORDINATIE EN BELEID WMO 6.92 COORDINATIE EN BELEID JEUGD 7.1 VOLKSGEZONDHEID 0.10 MUTATIE RESERVES Totaal
Primitieve begroting 325.960 44.785 149.956 94.115 1.773.342 42.132.679
Begroot na wijzigingen 429.762 -
Werkelijk Lasten 58.930 -
Primitieve begroting
445.154 438.450 73.514 66.135 152.417 131.962 95.660 89.647 1.934.424 1.810.517 4.625.954 4.931.219 54.823.758 53.643.233
102.904 216.486 7.462.381
-
Begroot na wijzigingen 1.808.571 -
Werkelijk baten 1.501.375 -
106.454 132.416 3.374.816 2.923.512 18.059.164 16.679.274
Financiële toelichting Alle programma’s bestaan uit diverse taakvelden, welke op hun beurt weer bestaan uit verschillende kostenplaatsen. We voorzien de taakvelden van een financiële toelichting als hier een bepaalde mate van afwijking is ontstaan tussen geraamd na wijziging 2025 en werkelijk 2025. Indien het taakveld een afwijking heeft van meer dan € 50.000 geven wij een financiële toelichting, waarbij ook wordt ingezoomd op de kostenplaatsen die deel uit maken van het betreffende taakveld. Taakveld 4.1 OPENBAAR ONDERWIJS 4.3 ONDERWIJSBELEID EN LEERLINGZAKEN 5.1 SPORTBELEID EN ACTIVERING 5.3 CULTUURPRESENTATIE, CULTUURPRODUCTIE EN 5.6 MEDIA 6.1 SAMENKRACHT EN BURGERPARTICIPATIE 6.21 TOEGANG EN EERSTELIJNSVOORZIENINGEN WMO 6.22 TOEGANG EN EERSTELIJNSVOORZIENINGEN JEUGD 6.23 TOEGANG EN EERSTELIJNSVOORZIENINGEN INTEGRAAL 6.3 INKOMENSREGELINGEN 6.4 BEGELEIDE PARTICIPATIE 6.5 ARBEIDSPARTICIPATIE 6.60 HULPM.
EN DIENSTEN (WMO) 6.711 HUISHOUDELIJKE HULP (WMO) 6.712 BEGELEIDING (WMO) 6.713 DAGBESTEDING (WMO) 6.714 OVERIGE MAATWERKARRANGEMENTEN (WMO) 6.751 JEUGDHULP AMBULANT LOKAAL 6.752 JEUGDHULP AMBULANT REGIONAAL 6.753 JEUGDHULP AMBULANT LANDELIJK 6.761 JEUGDHULP MET VERBLIJF LOKAAL 6.762 JEUGDHULP MET VERBLIJF REGIONAAL 6.763 JEUGDHULP MET VERBLIJF LANDELIJK 6.791 PGB WMO 6.792 PGB JEUGD 6.811 BESCHERMD WONEN (WMO) 6.812 MAATSCHAPPELIJKE- EN VROUWENOPVANG (WMO) 6.82A JEUGDBESCHERMING 6.82B JEUGDRECLASSERING 6.91 COORDINATIE EN BELEID WMO 6.92 COORDINATIE EN BELEID JEUGD 7.1 VOLKSGEZONDHEID
Lasten -0 54.456 -180.041 -18.504 -6.548 -926.011 -19.679 175.934 -50.099 222.725 -2.068 -210.138 -44.981 -97.168 -20.339 34.707 0 67.488 -373.242 4.405 8.527 419.276 35.823 10.977 -35.999 -370.832 0 -6.704 -7.379 -20.455 -6.013 -123.907
Baten 0 2.087 67.598 0 -1 689.735 -6.391 -15.155 0 -44.777 -55.969 -6.260 3.826 -10.960 23.620 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 307.196 0 0 0 0 0 -25.962
Totaal -0 56.543 -112.444 -18.503 -6.549 -236.276 -26.070 160.779 -50.099 177.948 -58.037 -216.398 -41.156 -108.128 3.281 34.707 0 67.488 -373.242 4.405 8.527 419.276 35.823 10.977 -35.999 -63.636 0 -6.704 -7.379 -20.455 -6.013 -149.869
pagina 35
0.10 MUTATIE RESERVES 2 GEZONDE ZORGZAME GEMEENTE - Totaal
305.265 -1.180.525
451.304 1.379.890
756.569 199.365
Lasten: Een + saldo betekent dat er meer kosten zijn gemaakt dan geraamd. Een - saldo betekent dat de uitgaven in werkelijkheid lager zijn dan geraamd. Baten: Een + saldo betekent dat er minder inkomsten zijn ontvangen dan geraamd. Een - saldo betekent meer ontvangen inkomsten dan geraamd. Samen zorgt dit voor het saldo per taakveld, waarbij een + bedrag een nadelig saldo is voor het taakveld en een – bedrag een voordelig taakveld saldo
4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken In de eerste en tweede tussentijdse rapportage hebben we het beschikbare budget naar beneden bijgesteld op basis van extrapolatie van de op dat moment gerealiseerde uitgaven. De werkelijke kosten zijn afhankelijk van de ingediende aanvragen. De hoogte van de aanvragen zijn vooraf niet exact in te schatten. De definitieve kosten zijn € 35.000,- hoger dan ingeschat. De specifieke uitkering onderwijsachterstandenbeleid van € 397.420,- hebben we volledig benut.
5.1 Sportbeleid en activering Ultimo 2024 was voor de realisatie van het Regionaal motorcrosscircuit een budget beschikbaar van € 86.000,-. Gemeente Oss heeft voor 2025 € 25.000,- aan kosten doorberekend. Hierdoor resteert nog een saldo van € 61.000,-. Het project heeft vertraging op gelopen door het participatietraject en het creëren van draagvlak. Inmiddels is de ruimtelijke procedure gestart Daarnaast zijn er als gevolg van vacatures € 51.000,- minder kosten gemaakt.
6.1 Samenkracht en burgerparticipatie Op deze post worden o.a. de kosten voor het mantelzorgcompliment verantwoordt. Mantelzorgers zijn belangrijk. Daarom verrassen we mantelzorgers elk jaar met de mantelzorgwaardering (een cadeaubon van € 50,-). De aanvraagperiode was van 1 oktober tot 31 december 2025. Hierdoor vallen een gedeelte van de kosten in 2026 wat leidt tot een onderschrijding van € 32.000,- van het budget 2025. Gemeenten ontvangen een vergoeding voor de kosten voor de opvang van vluchtelingen uit Oekraïne. De vergoeding valt lager uit dan eerder ingeschat. Het overschot op de rijksbijdrage van € 424.802,- voegen we toe aan de reserve vluchtelingen. De post Wet inburgering laat een overschot van € 29.000,- zien vanwege te declareren personele inzet op de specifieke uitkering. De personele kosten worden op een andere post verantwoord waardoor de post inburgering een overschot laat zien. Vanaf 2023 ontvangen we middelen via de brede specifieke uitkering GALA/IZA. We hebben hier bestaande activiteiten uit bekostigd waarvoor budget beschikbaar was binnen de begroting. Dit leidt tot een voordeel van € 468.000,-.
Met vaststelling van de tweede tussentijdse rapportage besloot uw raad het overschot op de SPUK GALA/IZA toe te voegen aan de reserve Transities Het positieve saldo van € 63.000,- op de post lokale voorzieningen en diensten is het gevolg van hogere toerekening van de rijksmiddelen SPUK GALA aan deze post In de tussentijdse rapportages 2025 stelde de gemeenteraad middelen beschikbaar voor locatieonderzoek van een AZC. De kosten zijn € 40.000,- hoger uitgevallen dan ingeschat. Het pagina 36
locatieonderzoek voor een mogelijk AZC is breed opgepakt. Samen met het COA is er een longlist van 30 locaties opgesteld. Op basis van een aantal criteria zij we tot een shortlist met vijf locaties gekomen die intensief zijn beoordeeld. Uiteindelijk is Zevenbergen 10 als beste voorkeurslocatie uit de bus gekomen. Daarnaast is veel tijd gestoken in het creëren van draagvlak. Zo is een draagvlakonderzoek uitgevoerd onder onze inwoners, is er een reflectiebijeenkomst georganiseerd. De kosten voor het uitgebreide locatieonderzoek en de extra inspanningen om draagvlak te creëren waren hoger dan in voorzien Het positieve saldo van € 34.000,- op kernnetwerken is het gevolg van hogere toerekening van de rijksmiddelen SPUK GALA aan deze post.
6.22 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen jeugd Het nadelig saldo op deze post betreft een € 52.000,- lagere bijdrage van de SPUK IZA dan eerder ingeschat werd. De kosten die voortvloeien uit de hulp aan gedupeerden van de toeslagenproblematiek worden gedeeltelijk vergoed via normbedragen van het aantal uitgewerkte plannen van aanpak en gedeeltelijk o.b.v. werkelijke kosten. Voor 2025 heeft dit tot gevolg dat de werkelijke kosten € 146.000,- hoger zijn dan de vergoeding.
6.3 Inkomensregelingen Met ingang van 2025 zijn nieuwe afspraken gemaakt over de kostprijsberekening van de uitvoeringskosten voor sociale zaken. Dit leidde tot een hogere bijdrage, die we verwerkt hebben in de tweede tussentijdse rapportage. De bijdrage is gebaseerd op een pxq-systematiek (aantallen x normtijden). De bijstelling in de tussentijdse rapportage was gebaseerd op de aantallen 2024. De aantallen voor 2025 zijn hoger waardoor de definitieve bijdrage € 98.000,- hoger is dan geraamd. De kosten voortvloeiende uit de inkomensregelingen zijn openeinde regelingen. Deze stellen we gedurende het boekjaar voortdurend bij door middel van de tussentijdse rapportages. De kosten zijn afhankelijk van de in- en uitstroom van cliënten. De werkelijke kosten zijn € 106.000,- hoger dan ingeschat (loonkostensubsidie (€ 68.000,- en minimabeleid € 51.000,- en overige kleinere afwijkingen -/- € 13.000,-).
6.4 Begeleide participatie In 2016 is door het Werkvoorzieningsschap besloten om een egalisatiereserve Wsw te vormen voor het verrekenen van de financiële gevolgen van over- en onder realisatie Wsw in onze regio. Hierbij is wel besloten dat het saldo van deze reserve niet hoger mag zijn dan 2,5% van het totale regionaal fictieve Wsw-budget. Jaarlijks wordt bezien of dit percentage aanpassing behoeft. Deze bovengrens heeft eind november 2025 geleidt tot een terugbetaling uit deze reserve aan de regiogemeenten. Gemeente Bernheze ontving € 56.000,-.
pagina 37
6.5 Arbeidsparticipatie In de tweede tussentijdse rapportage stelden we het budget bij op basis van extrapolatie van de uitgaven over de eerste drie kwartalen van 2025. De werkelijke kosten over 2025 zijn € 205.000,lager dan ingeschat.
6.711 Huishoudelijke hulp (Wmo) Voor hulp bij het huishouden is een verrekening systematiek van toepassing. Indien een aanbieder in een gemeente voor een aaneengesloten periode van drie kalendermaanden de norm van 1 uur voor de Algemene voorziening en 2 uur voor de Maatwerkvoorziening met 10% of meer onderschrijdt geldt een terugvordering. Bij de tweede tussentijdse rapportage hebben we inschatting gemaakt over de hoogte van de terugvorderingen op basis van de terugvorderingen over het 1ste kwartaal. De verwachting is de werkelijk terug te vorderen bedragen hoger zijn dan eerder ingeschat. De terug te vorderen bedragen voor het 3de en 4de kwartaal waren op het moment van het opstellen van de jaarrekening nog definitief. Hiervoor hebben we een aanname gedaan op basis van de voorlopige cijfers over het 3e kwartaal.
6.751 Jeugdhulp ambulant lokaal en 6.752 jeugdhulp ambulant regionaal en 6.762 jeugdhulp met verblijf regionaal De jeugdzorg is een openeinde regeling waardoor de kosten moeilijk in te schatten zijn. We hebben in de tweede tussentijdse rapportage de geraamde kosten bijgesteld op basis van extrapolatie van de kosten over het eerste halfjaar 2025. De werkelijke kosten zijn ongeveer € 86.000,- hoger dan verwacht. De kosten voor 2025 laten wederom weer een forse stijging (€ 1,56 mln) zien ten opzichte van 2024. De stijging is o.a. het gevolg van een toename van excessieve casuïstiek, een toename van dure trajecten (> € 200.000) en een toename van maatwerkovereenkomsten.
6.811 Beschermd wonen (wmo) We hielden rekening met de externe uitvoering van een normtijdenonderzoek voor team Wegwijzer. Dit onderzoek hebben we intern uitgevoerd.
7.1 Volksgezondheid Voor de ketenaanpak valpreventie hebben we een budget beschikbaar van € 86.000. De ketenaanpak wordt echter gefaseerd over meerdere jaren uitgevoerd, wat leidt tot een overschot van € 68.000,- in 2025. Daarnaast heeft er hogere toerekening plaatsgevonden van de SPUK GALA van € 26.000. Voor lokaal gezondheidsbeleid is een structureel budget beschikbaar wat niet volledig is benut in 2025.
0.10 Mutatie reserves De hogere dotatie is het gevolg van de dotatie van het overschot op de ontvangen specifieke uitkering GALA/IZA (€ 544.000,-) op besluit besluitvorming in de 2de tussentijdse rapportage en de lagere dotatie van het overschot specifieke uitkering Oekraïne (€ 239.000,-) pagina 38
De lagere onttrekking is het gevolg van een aantal afwijkingen in de geraamde onttrekkingen. De grootste afwijkingen betreffen: lagere onderschrijding budget jeugdzorg (€ 284.000,-), ketenaanpak valpreventie (€ 68.000,-) en overige afwijkingen (€ 103.000,-)
pagina 39
Programma 3: Klimaatbestendig, biodivers en circulair Aan klimaatverandering is sinds onze vorige begroting geen eind gekomen. Het klimaat verandert nog steeds. En met de grote veranderingen, van afname van biodiversiteit en een stijging van de zeespiegel tot een grotere kans op langdurende hittegolven en verdroging, zullen de verwachtingen en eisen vanuit het Rijk óók toenemen. In het kader van duurzaamheid moeten we op een andere manier onze huizen bouwen: beter bestand tegen extreme weersomstandigheden, zonder gasaansluiting en gebouwd met duurzame materialen en bouwmethoden. In 2050 hebben we een circulaire economie. Er ligt een opdracht om zuiniger om te gaan met energie en duurzame energie op te wekken (energie- en warmtetransitie). We voorkomen en bestrijden energiearmoede. De afweging tot plaatsing van windturbines of zonneparken horen bij die opdracht. In 2050 zijn we energieneutraal. Verduurzaming pakken we ook op met het klimaatadaptief inrichten van onze openbare ruimte. Wateropvang, hitte en droogte worden een steeds groter vraagstuk. Hoe voeren we water af in tijden dat er meer neerslag valt? En tegelijkertijd: hoe houden we het langer vast voor periodes van droogte? Onze dorpen worden groener en beter bestand tegen bijvoorbeeld, enerzijds, droogte en, anderzijds, juist meer wateroverlast.
Leefbaarheid en gezondheid lopen als een rode draad door deze thema’s heen. Waar mogelijk faciliteren wij een andere manier van ondernemen door agrariërs. We denken mee met onze ondernemers en werken samen met diverse partijen in en aan de Transitie Landbouw. Ook kijken wij naar onze eigen openbare ruimte en de tuinen van onze inwoners die sterk versteend zijn. De biodiversiteit loopt mondiaal terug. Aangezien insecten onze voedselgewassen bestuiven is dat een probleem dat nog veel verder reikt dan alleen het verliezen van de intrinsieke waarden van natuur. Ook de gemeente Bernheze pakt een rol in deze uitdaging. We maken werk van de versterking van de biodiversiteit. Dat doen we met de vergroening van de kernen én, waar mogelijk, in het buitengebied. Aan klimaatverandering is sinds onze vorige begroting geen eind gekomen. Het klimaat verandert nog steeds. En met de grote veranderingen, van afname van biodiversiteit en een stijging van de zeespiegel tot een grotere kans op langdurende hittegolven en verdroging, zullen de verwachtingen en eisen vanuit het Rijk óók toenemen. In het kader van duurzaamheid moeten we op een andere manier onze huizen bouwen: beter bestand tegen extreme weersomstandigheden, zonder gasaansluiting en gebouwd met duurzame materialen en bouwmethoden. In 2050 hebben we een circulaire economie.
Er ligt een opdracht om zuiniger om te gaan met energie en duurzame energie op te wekken (energie- en warmtetransitie). We voorkomen en bestrijden energiearmoede. De afweging tot plaatsing van windturbines of zonneparken horen bij die opdracht. In 2050 zijn we energieneutraal.
pagina 40
Verduurzaming pakken we ook op met het klimaatadaptief inrichten van onze openbare ruimte. Wateropvang, hitte en droogte worden een steeds groter vraagstuk. Hoe voeren we water af in tijden dat er meer neerslag valt? En tegelijkertijd: hoe houden we het langer vast voor periodes van droogte? Onze dorpen worden groener en beter bestand tegen bijvoorbeeld, enerzijds, droogte en, anderzijds, juist meer wateroverlast. Leefbaarheid en gezondheid lopen als een rode draad door deze thema’s heen. Waar mogelijk faciliteren wij een andere manier van ondernemen door agrariërs. We denken mee met onze ondernemers en werken samen met diverse partijen in en aan de Transitie Landbouw. Ook kijken wij naar onze eigen openbare ruimte en de tuinen van onze inwoners die sterk versteend zijn.
Wat hebben we bereikt? -
De energietransitie in Bernheze versterkt met voortzetting van energiebesparende stimulerings- en ondersteuningsmaatregelen. De lokale beleidskeuzes die bijdragen aan de transitie naar een circulaire economie, gaan deel uitmaken van het omgevingswetprogramma Vitale landbouw en duurzame economie. Er zijn diverse klimaat adaptieve maatregelen uitgevoerd.
Wat hebben we daarvoor gedaan? Energie- en warmtetransitie Besparen op energie In 2025 hebben we de inzet van stimulerende en ondersteunende maatregelen zoals energieloket Brabant Woont Slim en de gemeentelijke duurzaamheidslening gecontinueerd en zijn er 25 nieuwe openbare laadpalen geplaatst (dit is inclusief de huidige cyclus die nog in procedure is). Vanuit de aanpak voor energiearmoede hebben de vrijwillige energiecoaches bij 70 huishoudens gesprekken gevoerd, waarvan 25 huishoudens ook gebruik hebben gemaakt van de witgoedregeling. In samenwerking met energiecoorporatie BECO is eind 2024 een isolatieaanpak opgezet voor onze minima-woningeigenaren. In 2025 is vanuit dit project bij 117 huishoudens een gratis isolatiemaatregel toegepast. Opwekken van duurzame energie De opwekopgave vanuit de RES hebben we verder ingevuld en 59 % van de opwekopgave is gerealiseerd. In samenwerking met Rijkswaterstaat en gemeente 's-Hertogenbosch is afgelopen jaar de planfase voor zonne-energie langs de A59 van start gegaan (OERA59). Overgaan naar een aardgasvrije warmtevoorziening In 2025 hebben we de meerjarige isolatieaanpak voor koopwoningen met slechte energielabels en lage woningwaarde voortgezet. Sinds 2024 hebben 196 huishoudens hier gebruik van gemaakt. Voor de isolatieopgave zijn we aan de slag met een soortenmanagementplan. In 2025 heeft
pagina 41
hiervoor het veldonderzoek plaatsgevonden. Als vervolg op de Transitievisie Warmte hebben we vervolgonderzoeken laten uitvoeren naar alternatieve warmtebronnen en zijn we gestart met het opstellen van nieuw beleid, een Warmteprogramma.
Afval, circulariteit en schone lucht Nadat de raad in september het Grondstoffenplan vaststelde startten de planvorming en voorbereiding van de vervanging van restafval-rolcontainers bij hoogbouw door GFE-cocons en ondergrondse restafvalcontainers. Onderdeel van die voorbereidingen is het aanbestedingsproces voor de aanschaf van ondergrondse containers en GFE-cocons. Bij nieuwbouwappartementencomplexen die opgeleverd worden vóór de afronding van de aanbesteding wordt een ondergrondse container tijdelijk gehuurd. Het onderzoek naar de CO2-prestatieladder wees uit dat implementatie van de CO2prestatieladder een geschikt instrument is om de CO2-reductie te monitoren en te bevorderen. De organisatie heeft besloten de CO2-prestatieladder vanaf 2026 te implementeren. Tijdens de implementatie zal de meerwaarde van certificering verder onderzocht worden. De lokale beleidskeuzes die bijdragen aan de transitie naar een circulaire economie, gaan deel uitmaken van het omgevingswetprogramma Vitale landbouw en duurzame economie. De regionale samenwerking op het gebied van het Schone Lucht Akkoord komt moeizaam tot stand. In 2025 zijn er geen gezamenlijke projecten opgepakt. De resultaten van de bewustwordingscampagne worden voor de gemeenteraadsverkiezingen gedeeld met de raad.
Klimaat en water In het Programma water en Riolering 2024 t/m 2027 zijn per jaarschijf activiteiten op het gebied van beheer, onderhoud en aanleg van nieuwe riool en watervoorzieningen. In het Operationeel programma van 2025 wordt de voortgang van deze activiteiten inhoudelijk met het college gedeeld en ook als notitie ter informatie naar de Raad gestuurd. Naast regulier beheer en onderhoud zijn onderstaande maatregelen om klimaat adaptief te worden het benoemen waard: -
Openstellen subsidieregeling voor afkoppelen particuliere terreinen 2025 in samenwerking met waterschap Aa en Maas Tuinvergroeningsacties bij inwoners (Watersamenwerking As50+) Tuinvergroeningsactie bij inwoners (In samenwerking met Woningbouwcorporatie Mooiland) Deelname NK tegelwippen (3e plaats middelgrote gemeenten in Nederland!) Vergroeningsacties meest versteende wijken Scholenproject “Spraakwater” Met educatieprogramma over riolering, water en klimaat en opname Spraakwater-rap. Afkoppelen regenwater Traverse Heeswijk-Dinther
pagina 42
-
Afkoppelen regenwater Burgemeester Woltersstraat Groot onderhoud watersysteem Nistelrode, De Meuwel (I.s.m. visvereniging) Groot onderhoud watersysteem Nistelrode, omgeving Loo en Menzel (I.v.m. wateroverlast '23/'24)
Verbonden partijen Hier geven we weer in hoeverre onze verbonden partijen bijdragen aan de doelstelling van dit programma. De verbonden partijen hebben we ook toegelicht in de paragraaf Verbonden partijen.
Omgevingsdienst Brabant Noord (ODBN) De ODBN voert als verlengd lokaal bestuur wettelijke taken uit op het gebied van milieuadvisering bij vergunningverlening en voert voor Bernheze integraal de WABO-toezichtstaken uit. Daarnaast houdt de ODBN zich bezig met gezamenlijke taken op het gebied van milieucriminaliteit en ketenaanpak rondom asbest en bodemkwaliteit. ODBN voert voor ons een opdracht uit gericht op handhaving van de energiebesparingsverplichting voor de bedrijven die vallen in de categorie midden gebruikers. Dit gebeurt op grond van bepalingen in de wet Milieubeheer.
Beleidsindicatoren In de volgende tabel geven we de verplichte indicatoren vanuit waarstaatjegemeente.nl weer. Om de cijfers van Bernheze te kunnen plaatsen hebben we daarnaast een referentiemeting opgenomen. We gebruiken hiervoor de gemiddelde waarde van gemeenten in de grootteklasse van 25.000 tot 50.000 inwoners. Beleidsindicator
Jaar realisatie
Referentie
Bernheze
2020 2021
138 133
Geen data 75
2022 2023 2024
120 118 116
Geen data 71 70
2020 2021
Geen data Geen data
19.0 26,1
2022 2023 2024
Geen data Geen data Geen data
38,4 Geen data Geen data
Omvang huishoudelijk afval (restafval) (kg/inwoner)
Hernieuwbare elektriciteit (%)1
1) Hernieuwbare elektriciteit is elektriciteit die is opgewekt uit wind, waterkracht, zon of biomassa
Wat heeft het gekost? Taakveld 7.2 RIOLERING 7.3 AFVAL 7.4 MILIEUBEHEER
Primitieve begroting 2.194.961 3.265.631 2.636.622
Begroot na wijzigingen 2.148.779 3.403.050 4.425.689
Werkelijk Lasten 1.994.797 3.296.016 2.462.983
Primitieve begroting 2.906.132 4.111.048 621.515
Begroot na wijzigingen 2.887.775 3.929.000 1.969.761
Werkelijk baten 2.920.578 3.955.253 562.815
pagina 43
0.10 MUTATIE RESERVES Totaal
244.465 8.341.679
9.977.518
525.042 8.278.838
17.854 7.656.549
441.656 9.228.192
24.439 7.463.086
Financiële toelichting Alle programma’s bestaan uit diverse taakvelden, welke op hun beurt weer bestaan uit verschillende kostenplaatsen. We voorzien de taakvelden van een financiële toelichting als hier een bepaalde mate van afwijking is ontstaan tussen geraamd na wijziging 2025 en werkelijk 2025. Indien het taakveld een afwijking heeft van meer dan € 50.000 geven wij een financiële toelichting, waarbij ook wordt ingezoomd op de kostenplaatsen die deel uit maken van het betreffende taakveld. Taakveld 7.2 RIOLERING 7.3 AFVAL 7.4 MILIEUBEHEER 0.10 MUTATIE RESERVES 3 KLIMAATBESTENDIG, BIODIVERS EN CIRCULAIRE - Totaal
Lasten -153.982 -107.034 -1.962.706 525.042 -1.698.680
Baten -32.803 -26.253 1.406.946 417.217 1.765.106
Totaal -186.785 -133.288 -555.760 942.259 66.426
Lasten: Een + saldo betekent dat er meer kosten zijn gemaakt dan geraamd. Een - saldo betekent dat de uitgaven in werkelijkheid lager zijn dan geraamd. Baten: Een + saldo betekent dat er minder inkomsten zijn ontvangen dan geraamd. Een - saldo betekent meer ontvangen inkomsten dan geraamd. Samen zorgt dit voor het saldo per taakveld, waarbij een + bedrag een nadelig saldo is voor het taakveld en een – bedrag een voordelig taakveld saldo
7.2 Riolering De kosten van Jansen Bouwontwikkeling a € 52.000 met betrekking tot herontwikkeling van de locatie tussen de Achterstraat en Delst in Nistelrode hadden we niet in de begroting 2025 opgenomen. We hebben € 28.000,- minder kosten aan subsidieregeling klimaatadaptatie Waterschap Aa en Maas. De software DG-Dialog is niet meer van toepassing, waardoor €28.000,- teveel is geraamd.
7.3 Afval We hebben € 12.000,- euro minder kosten aan lediging/transport van incontinentie materiaal gehad en 6.480 euro minder kosten aan inkoop van zakken. We hebben daarnaast de factuur over aansluitkosten containermanagement 2024 niet meer ontvangen van gemeente ’s-Hertogenbosch, wat resulteert in € 36.000,- minder kosten. Het aantal ledigingen van huisvuil wijkt af van de begroting wat per saldo meer inkomsten oplevert: •
2.912 meer ledigingen REST gehad, dit leidt tot € 57.000 meer inkomsten.
•
2.344 minder ledigingen GFT gehad, dit leidt tot € 4.000 minder inkomsten.
We hebben minder snoeihout ingezameld in het buitengebied Wat resulteert in €28.000,- minder kosten.
pagina 44
Strategische uitwerking toekomst milieustraatfunctie en voorbereidingskosten verbetering inzameling hoogbouwloca (projectbegel en aanbesteding) á € 45.000,- worden doorgeschoven naar 2026, werkzaamheden nog niet uitgevoerd.
7.4 Milieubeheer Besluitvorming over het wettelijk kader geurverordening heeft vertraging opgelopen, daarmee heeft de uitvoering in 2025 ook vertraging opgelopen en wordt gestart in 2026. Hierdoor zijn de kosten circa € 62.000 lager dan voorzien. Ook laat de bijdrage aan de ODBN voor 2025 laat een voordeel zien van € 50.000 als gevolg van de afrekening 2025 voor overige verzoektaken. Circulaire economie - opstellen visie en uitvoeringsagenda circulaire economie a € 20.000 en Duurzaamheid - Integrale monitoringsmethodiek op laten stellen a € 20.000 zijn incidentele kosten die in 2026 uitgevoerd worden. De bewustwordingscampagne inwoners verbetering luchtkwaliteit a € 30.000 zijn incidentele kosten die in 2026 uitgevoerd worden. Het krediet DU Klimaatmiddelen is nog niet volledig benut en daardoor starten de afschrijvingen later. Met als gevolg € 301.000,- minder afschrijvingslasten.
0.10 Mutatie reserves De hogere dotatie is het gevolg van de dotatie aan de reserve riolering waar mee begrotingstechnisch geen rekening was gehouden (€ 438.000,-) en een dotatie aan de egalisatiereserve afval (€ 86.000,-).
pagina 45
Programma 4: Duurzame landbouw en economie De bijzondere positie van agrarische bedrijven binnen de gemeente Bernheze is de afgelopen jaren op meerdere momenten benadrukt. Die positie heeft een lange historie en we voorzien dat dergelijke bedrijven altijd een dergelijke positie zullen blijven innemen. Het toekomstperspectief van en voor veel agrarische ondernemers is de afgelopen jaren tegelijkertijd, onder invloed van steeds strenger wordende regelgeving, ook behoorlijk veranderd. Om ons samen met onze agrarische ondernemers over deze problemen te buigen, hebben we het programma ‘Transitie Landbouw’ opgezet. De transitie van de landbouw is complex. Er komen veel vraagstukken bij elkaar. Het is belangrijk dat we deze vraagstukken zo weten te verbinden dat we tot een duurzame, economische ontwikkeling in Bernheze komen. Ook is het belangrijk dat we in onze aanpak voldoende aandacht hebben voor de sociale impact van de transitie van ons buitengebied. De transitie van landbouw slaagt alleen wanneer alle betrokken (maatschappelijke) partijen waaronder ZLTO, Waterschap Aa en Maas, regiogemeenten, provincie Noord-Brabant en VABimpuls de handen ineenslaan en we in gezamenlijkheid toewerken naar een vitaal buitengebied. Naast landbouw is bedrijvigheid en de daaraan gekoppelde werkgelegenheid van groot belang voor een vitale en duurzame economie.
We leggen steeds meer verbindingen tussen ondernemers in de kernen en over de kerngrenzen heen.
Wat hebben we bereikt? -
-
Er zijn 30 agrarisch ondernemers met een ontwikkelwens (stoppen, doorgaan, transformeren) begeleid. De beleidsnota buitenkansen is vastgesteld door de gemeenteraad waardoor het voor stoppende agrarische bedrijven duidelijk is welke mogelijkheden er liggen voor herontwikkeling van hun bedrijf. Het kwaliteitsfonds is vastgesteld door de gemeenteraad waardoor we als gemeente sloop van overtollige bebouwing kunnen gaan subsidiëren. Er heeft een gespreksavond plaatsgevonden over de diverse transitiepaden die bestaan richting een toekomstbestendig landbouw- en voedselsysteem. In de omgeving van landgoed Zwanenburg is een doorbraak gerealiseerd in de gebiedsgerichte aanpak van het Aa dal. Er is beleid ontwikkeld voor de realisatie van bepaalde functies rondom geitenhouderijen, naar aanleiding van het RIVM onderzoek naar de risico's van geitenhouderijen.
Bereikte resultaten op het gebied van vitale economie en arbeidsmarkt Actieprogramma & Speerpunten - Actualisatie en vaststelling van het actieprogramma Economie 2021-2026 (nu: uitvoeringsagenda ’25-’26) met vijf speerpunten.
pagina 46
Verbinden & Aanjagen - Organisatie van ondernemerssessies (o.a. aanbestedingsbeleid, BIZ, toekomstbestendigheid kernen). - Zes bedrijfsbezoeken met het college. - Communicatie via nieuwsbrieven, columns en Dag van de Ondernemer. - Uitvoering MKB-vriendelijke gemeenteonderzoeken. Kernen & Centra - Bijeenkomsten over toekomst winkelcentrum Heesch (3D-visualisaties). - Gesprekken over bedrijvigheid kleine kernen (koppeling Regiodeal). - Opzet weekmarkt Loosbroek. Buitengebied - Ontwikkeling beleid ‘buitenkansen’. - Voortzetting samenwerking Brabantse Juweeltjes en Brabant Partners. Bedrijventerreinen - Start planontwikkeling uitbreiding ’t Retsel; - Herstelbesluit na STAB-advies voor Heesch West. - Wijziging omgevingsplan ’t Runneke vastgesteld; beroepsprocedures bij RvS. - Regionaal initiatief voor organisatiegraad en verduurzaming bedrijventerreinen. - Her-certificering behaald KVO-B voor drie bedrijventerreinen. Crossovers - PSO-her-certificering (trede 3) voor gemeente; gesprekken met ondernemers. - Aandacht voor betaalbare woningen (2/3 betaalbaar, 30% sociale huur). - Publicatie verkeersbesluiten voor 38 nieuwe laadpalen. Regionale samenwerking (RNOB) - Oplevering Regionale Economische Position Paper. - Uitvoering 30 acties Programmering Bedrijventerreinen. - Regiodeal ’t Goeie Leven bekrachtigd. - Lancering Elevate-X (startup-programma AgriFood Capital).
Wat hebben we daarvoor gedaan? Buitengebied en Transitie landbouw We hebben gewerkt langs de vijf actielijnen van het programma transitie landbouw en buitengebied. 1. Begeleiding agrariërs: We hebben agrariërs begeleid bij het stoppen of omvormen van hun bedrijf. Hiertoe voerden we per bedrijf meerdere keukentafelgesprekken en wezen we hen op oplossingsrichtingen. 2. Planologische ondersteuning en beleid: We hebben op casusniveau de planologische opvolging van initiatieven ondersteund. Daarnaast is flankerend beleid ontwikkeld voor boerenbedrijven die willen stoppen en een nieuw perspectief zoeken voor de ontwikkeling
pagina 47
van hun locatie, en het kwaliteitsfonds opgezet om sloop te faciliteren. Dit is gebeurd op basis van een ruimtelijke verkenning die we hebben uitgevoerd in het buitengebied. Ook is in samenwerking met de omgevingsdienst gewerkt aan het intrekken van niet actieve vergunningen. 3. Gebiedsgericht werken: Met de inzet van een gebiedsregisseur hebben we samen met het waterschap en agrariërs gezocht naar synergiën in het Aa dal om beekherstel te realiseren in combinatie met extensieve landbouw, nieuwe invullingen voor agrarische bedrijven. Zo is een doorbraak gerealiseerd in de grondverwerving voor het beekherstel, ruimte gecreëerd voor extensieve landbouw en het beëindigend van een intensieve veehouderij in het beekdal. 4. Innovatie: Er heeft in september een gespreksavond plaatsgevonden over de diverse transitiepaden die bestaan richting een toekomstbestendig landbouw- en voedselsysteem. Deze avond zal in 2026 opvolging krijgen. Ook heeft een ambtelijke bijeenkomst plaatsgevonden in samenwerking met acteurs over het werken in de landbouwtransitie. 5. Strategie en regie: We hebben ingezet op het verwerven van middelen voor de gemeente voor de uitvoering van onze projecten via de Regio Deal. Daardoor zijn er nu middelen beschikbaar via het programma Boeren voor de Toekomst en het programma Complexe Gebiedsprocessen.
Economie: In 2025 is, na evaluatie van de Economische Visie en het Actieprogramma ’21–’26, samen met de klankbordgroep van SOB het uitvoeringsprogramma ’25–’26 opgesteld en vastgesteld. Dit programma bevat vijf speerpunten en circa twintig acties, waarbij ‘Verbinden en Aanjagen’ als belangrijkste speerpunt is gekozen. Daarnaast: -
-
-
MKB-vriendelijke gemeente: uitvoering van een breed extern onderzoek naar MKBvriendelijkheid (input verwacht Q1 2026), als vervolg op rekenkameronderzoek en amendement. Resultaten worden gebruikt voor het programma Vitale Landbouw en duurzame Economie. Regionale samenwerking (RNOB): versterkt vanwege complexe opgaven die bovenlokale aanpak vereisen. Samenwerking biedt voordelen zoals bundeling van middelen, kostenbesparing, grotere projecten en betere toegang tot subsidies (Provincie, Rijk, EU). Belangrijke initiatieven: Regionaal Economisch Position Paper Regiodeal ’t Goeie Leven SPUK-regeling organisatiegraad bedrijventerreinen
pagina 48
Verbonden partijen Hier geven we weer in hoeverre onze verbonden partijen bijdragen aan de doelstelling van dit programma. De verbonden partijen hebben we ook toegelicht in de paragraaf Verbonden partijen.
Regio Noordoost-Brabant (RNOB) Er zijn uitdagingen die te groot zijn om als gemeente of waterschap alleen aan te gaan. Bijvoorbeeld omdat ze grenzen overschrijden, te ingewikkeld zijn of te duur zijn. Die opgaven vragen om een gezamenlijke aanpak. RNOB is daarvoor het platform. De regio heeft daarvoor een samenwerkingsagenda vastgesteld, van de samenwerkende overheden, zestien gemeenten en twee waterschappen. De agenda focust zich op mobiliteit en ruimte, leefomgeving (onder andere klimaat en energie) en vestigingsklimaat. Onze opgaven vragen om een gezamenlijk handelingsperspectief en een opgavegerichte benadering, waarbij verschillende overheden op wisselende schaalniveaus samenwerken. Ook is de samenwerking met ondernemers en kennisinstellingen hierbij van groot belang. Deze agenda sluit aan op de strategische agenda’s voor de stichting AgriFood Capital en die van Regio Noordoost-Brabant Werkt! (en vice versa). Dit zijn de agenda’s ter versterking van de economische structuur en het innovatievermogen van de regio en de arbeidsmarktaanpak.
Heesch West De gemeenschappelijke regeling Heesch West heeft als doel het ontwikkelen van een nieuw regionaal bedrijventerrein. In een ambitieuze, toekomstgerichte ontwikkeling biedt Heesch West ruimte aan middelgrote tot zeer grootschalige bedrijven, die elders in de regio geen passende huisvesting (meer) vinden. In belangrijke mate zijn dit bedrijven die nu al een regionale binding hebben en zich binnen onze regio willen door ontwikkelen. Heesch West versterkt het vestigingsklimaat voor Noordoost-Brabant door in te spelen op deze specifieke kwaliteiten. Het nieuwe terrein biedt vestigingsmogelijkheden voor nieuwe regionale en (inter)nationale ruimtevragers én biedt uitbreidingsmogelijkheden voor het bedrijfsleven uit onder andere onze gemeente. Heesch West richt zich op doorstroming van (regionale) bedrijven die door omvang, ontwikkeling of omgevingseffect niet meer passen op de huidige locatie. Heesch West zorgt zo voor directe en indirect werkgelegenheid voor de regio.
Beleidsindicatoren In de volgende tabel geven we de verplichte indicatoren vanuit waarstaatjegemeente.nl weer. Om de cijfers van Bernheze te kunnen plaatsen hebben we daarnaast een referentiemeting opgenomen. We gebruiken hiervoor de gemiddelde waarde van gemeenten in de grootteklasse van 25.000 tot 50.000 inwoners.
pagina 49
Beleidsindicator
Jaar realisatie
Referentie
Bernheze
Functiemenging (%)
2020 2021 2022 2023 2024
49,7 49,7 50,2 50,6 50,8
48,2 48,7 49,2 49,2 49,2
Het aantal vestigingen van bedrijven (aantal per 1.000 inwoners in de leeftijd van 15 t/m 64 jaar)
2020 2021 2022 2023 2024
153,3 159,0 167,3 174,6 182,5
152,9 160,4 172,2 178,0 186,7
1) De functiemengingsindex (FMI) weerspiegelt de verhouding tussen banen en woningen, en varieert tussen 0 (alleen wonen) en 100 (alleen werken). Bij een waarde van 50 zijn er evenveel woningen als banen.
Wat heeft het gekost? Taakveld 3.1 ECONOMISCHE ONTWIKKELING 3.2 FYSIEKE BEDRIJFSINFRASTRUCTUUR 3.3 BEDRIJVENLOKET EN BEDRIJFSREGELINGEN 0.10 MUTATIE RESERVES Totaal
Begroot Begroot Primitieve na Werkelijk Primitieve na Werkelijk begroting wijzigingen Lasten begroting wijzigingen baten 507.935 658.709 510.207 6.797 11.978 3.775 218.221 100.515 117.571 305.221 111.515 145.571 145.442 148.813 135.121 27.035 27.035 34.074 87.000 11.000 28.000 75.000 38.694 958.598 919.037 790.899 339.053 225.528 222.114
Financiële toelichting Alle programma’s van 1 tot en met 7 bestaan uit diverse taakvelden, welke op hun beurt weer bestaan uit verschillende kostenplaatsen. We voorzien de taakvelden van een financiële toelichting als hier een bepaalde mate van afwijking is ontstaan tussen geraamd na wijziging 2025 en werkelijk 2025. Indien het taakveld een afwijking heeft van meer dan € 50.000 geven wij een financiële toelichting, waarbij ook wordt ingezoomd op de kostenplaatsen die deel uit maken van het betreffende taakveld. Taakveld 3.1 ECONOMISCHE ONTWIKKELING 3.2 FYSIEKE BEDRIJFSINFRASTRUCTUUR 3.3 BEDRIJVENLOKET EN BEDRIJFSREGELINGEN 0.10 MUTATIE RESERVES 4 DUURZAME LANDBOUW EN ECONOMIE - Totaal
Lasten -148.502 17.056 -13.692 17.000 -128.138
Baten 8.203 -34.056 -7.039 36.306 3.414
Totaal -140.300 -17.000 -20.730 53.306 -124.724
Lasten: Een + saldo betekent dat er meer kosten zijn gemaakt dan geraamd. Een - saldo betekent dat de uitgaven in werkelijkheid lager zijn dan geraamd. Baten: Een + saldo betekent dat er minder inkomsten zijn ontvangen dan geraamd. Een - saldo betekent meer ontvangen inkomsten dan geraamd. Samen zorgt dit voor het saldo per taakveld, waarbij een + bedrag een nadelig saldo is voor het taakveld en een – bedrag een voordelig taakveld saldo
3.1 Economische ontwikkeling In de meicirculaire hebben we € 62.000,- ontvangen met betrekking tot beëindigingsregelingen veehouderijen. Dit wordt doorgeschoven naar 2026. Daarnaast hebben we € 14.000,- minder kosten uitvoering transitie landbouw en buitengebied en € 24.000,- minder kosten aan onderzoeken/producties/bijeenkomsten dan begroot in 2025.
pagina 50
0.10 Mutatie reserves De lagere onttrekking is het gevolg van het niet volledig benutten van het budget uitvoeringskosten transitie landbouw (€ 36.306)
pagina 51
Programma 5: Weerbare en veilige samenleving In het belang van de veiligheid van onze ondernemers en inwoners blijven we onverminderd aandacht houden voor de aanpak van ondermijning. Waar criminaliteit zich vroeger voornamelijk concentreerde in de grote steden, zien we al een aantal jaren een toename van ondermijnende activiteiten in meer landelijke gebieden. Bernheze is alert op signalen van ondermijning en werkt regionaal alsook multidisciplinair samen om de veiligheid in de regio zo goed mogelijk te borgen en ondermijning tegen te gaan. Naast ondermijning is de link tussen zorg én veiligheid een van de belangrijkste aandachtspunten om Bernheze veilig te houden. Het kan gaan om huiselijk geweld, kindermishandeling of, bijvoorbeeld, incidenten rondom verwarde personen. Ook hier is met name een multidisciplinaire en integrale benadering nodig. Weerbaarheid, waaronder ook digitale weerbaarheid, neemt een steeds prominentere plek in bij de benadering van het thema veiligheid. We blijven inzetten om robuust en weerbaar te blijven.
Wat hebben we bereikt? -
De digitale weerbaarheid van inwoners is versterkt. De leefbaarheid en veiligheid in Bernheze versterkt met inzet van de Boa’s. De samenwerking rond onveilige thuissituaties versterkt. In 2025 is de aanpak en weerbaarheid tegen ondermijning versterkt Richting gegeven aan hoe we samen met partners, ondernemers en inwoners werken aan een veilige en veerkrachtige gemeente. Het Bibob-proces is verder geprofessionaliseerd
Wat hebben we daarvoor gedaan? In 2025 hebben we verder uitvoering gegeven aan de geprioriteerde thema's in het Uitvoeringsprogramma Integrale Veiligheid 2023-2026.
Digitale Veiligheid In 2025 heeft Bernheze actief ingezet op het vergroten van de digitale weerbaarheid van inwoners, met speciale aandacht voor ouderen. In verschillende kernen zijn bijeenkomsten georganiseerd waarin praktische tips en adviezen werden gedeeld om slachtofferschap van cybercrime te voorkomen. Tijdens deze bijeenkomsten kwamen onderwerpen aan bod zoals het herkennen van phishing, het veilig gebruik van wachtwoorden en het melden van incidenten. De samenwerking met lokale seniorenorganisaties, waaronder de KBO en Seniorenbonden, speelde hierbij een belangrijke rol. Daarnaast werd verwezen naar bestaande hulpinstanties, zoals de bibliotheek, waar inwoners terecht kunnen voor extra ondersteuning bij digitale vaardigheden.
pagina 52
Bernheze sloot zich aan bij het regionale project ‘De Bewuste Brabander’, dat zich richt op bewustwording en preventie van cybercrime. In dit kader is lokaal promotie gevoerd via radio, abri’s en online kanalen. Ook vond een regionale bijeenkomst plaats om inwoners te informeren en te stimuleren om actief aan de slag te gaan met digitale veiligheid. Om deze activiteiten duurzaam te maken, zijn vrijwilligers geworven die samen met de veiligheidsmedewerker presentaties verzorgen. Het doel is dat zij op termijn zelfstandig bijeenkomsten kunnen organiseren en uitvoeren, zodat de continuïteit gewaarborgd blijft. Daarnaast is een meldwijzer voor Bernheze ontwikkeld en gepubliceerd. Deze geeft inwoners duidelijkheid over waar zij terecht kunnen wanneer zij slachtoffer worden van cybercrime.
Boa’s In 2025 zijn de Boa’s ingezet om de leefbaarheid en veiligheid in de gemeente te versterken. De focus lag op het aanpakken van kleine ergernissen in de openbare ruimte. Om hun effectiviteit te vergroten, zijn Boa’s in 2025 voorzien van aanvullende bevoegdheden. Deze uitbreiding stelde hen in staat om zelfstandig op te treden bij specifieke overtredingen. Daarnaast zijn er gedurende het jaar meerdere gezamenlijke controles uitgevoerd, zowel in samenwerking met de politie als zelfstandig. Deze integrale aanpak heeft geleid tot een versterkte handhavingsketen. Het wijkgericht werken van de Boa’s blijf belangrijk. Door nauwe samenwerking met wijkteams en het inspelen op lokale signalen konden Boa’s gericht aanwezig zijn op plekken waar de leefbaarheid onder druk stond.