Concept OER.pdf
Tekst van het document
Autonome situatie: trends en ontwikkelingen Zoals eerder reeds vermeld, zal de vergrijzing van de bevolking nog enige tijd toenemen, met een stijgende vraag naar woningen die levensloopbestendig zijn en woningen waar (mantel)zorg verleend kan worden. Een andere uitdaging is de betaalbaarheid van woningen in relatie tot inkomensontwikkelingen. Dit geldt zeker ten aanzien van het behouden van starters en eenpersoonshuishoudens binnen de gemeente. Verder is de verwachting dat de bevolkingsgroei na 2030 afvlakt waardoor de totale vraag naar woningen minder snel zou kunnen stijgen dan in de periode voor 2030. De veranderende vraag naar het type woningen zal doorzetten.
80
Enerzijds door veranderingen in bevolkingssamenstelling en in woonwensen, anderzijds ingegeven door de diverse transities als klimaatcrisis, circulaire economie en modulair bouwen. Hierdoor is nu nog niet te voorspellen wat in de toekomst nodig is om vraag en aanbod van woningen in evenwicht te laten zijn. Voor de toekomst van de woningbouw is de prognose van de bevolkings- en huishoudensontwikkeling van belang. Volgens de meest recente prognose van de provincie Noord Brabant blijft de omvang van de bevolking en huishoudens in Bernheze ook de komende decennia groeien. Dat betekent een blijvende opgave voor de gemeente Bernheze voor het toevoegen van woningen: van circa 12.800 nu naar 14.600 in 2031 en 15.400 in 2040. In de komende 10 jaar dienen 1.800 woningen aan de voorraad toegevoegd te worden (inclusief circa 100 woningen die in de afgelopen jaren te weinig zijn gebouwd.
Beoordeling referentiesituatie Voor het beoordelen van de referentiesituatie wordt uitgegaan van: -
De huidige situatie waarin het aspect woonbehoefte wordt beoordeeld als ‘slecht’. De ambitie van de gemeente Bernheze in de Woonvisie 2022-2026 om in tien jaar 1.800 nieuwe woningen bij te bouwen. Het feit dat een aantal plannen voor woningbouw geaccordeerd is. De beschreven trends en ontwikkelingen.
beoordeling criterium Matig
Referentiesituatie Binnen de gemeente Bernheze wordt hard gewerkt aan het aspect woningbouw. Gelet op de grote opgave om voldoende en passende woningen te realiseren, de vele transities, demografische ontwikkelingen en mondiale gebeurtenissen is het belangrijk de vinger goed aan de pols te houden ten aanzien van woonbehoefte. Ondanks de realisatie van nieuwe woningen, blijft de woningmarkt in de toekomst gespannen.
Beoordeling toekomstige scenario’s De drie toekomstscenario’s zijn als volgt beoordeeld op het aspect woonbehoefte. Scenario 1: Innovatief Bernheze
Scenario 2: Coöperatief Bernheze
Scenario 3: Duurzaam Bernheze
- Inbreiding in de bestaande gebouwde omgeving met innovatieve en compacte bouwmethodes (flexwoningen, generatiewoningen, kangoeroe-woningen, splitsing van grotere woningen en ‘ruimte voor ruimte’ inzetten voor kleinere woningen). - Modulair bouwen (bijvoorbeeld door een extra laag op bestaande bebouwing) en diversifiëren van de woningmarkt om doorstroming te stimuleren en andere doelgroepen aan te trekken. - Meer passende woningen voor ouderen die doorstroming op woningmarkt op gang brengen.
++
- Het realiseren van diversiteit in woningaanbod (woon-zorgconcepten, jong/oud, tiny houses, (tijdelijke) startersunits, mantelzorgwoningen). Vijfhonderd woningen in vijftien jaar. - Prioriteit geven aan starterswoningen voor jongeren. - Stimuleren van coöperatief wonen (grote woningen waarbij meerdere mensen als individu bij elkaar wonen en elkaar helpen (dertig woningen extra in 2030). - (Kleinschalige) zorgconcepten en bijzondere (samen)woonvormen in het buitengebied (bijvoorbeeld farm-communities waar oud en jong elkaar ondersteunt). - In alle kernen ruimte bieden aan verschillende typen woongroepen die zelfvoorzienend zijn in zorg en vermaak. Deze zorgconcepten bieden Loosbroek en Vorstenbosch de mogelijkheid om uit te breiden met zorgvoorzieningen en woningen voor verzorgend personeel. Dit past in de nieuwe behoefte aan groene zorgvoorzieningen voor ouderen. De andere kernen groeien niet in grootte.
++
- In het hele beekdallandschap van Aa en Leijgraaf zijn activiteiten als bouwen niet meer mogelijk.
-
81
Scenario 4: Ontwerp-omgevingsvisie
Scenario 1 is significant positief. Dit scenario werkt aan diversificatie van de huidige woningmarkt om woningen te realiseren voor verschillende doelgroepen binnen de gemeente. Nieuwe woonconcepten zoals flexwoningen en mantelwoningen dragen bij aan de diversificatie van de woningmarkt en hebben de potentie om doorstroming binnen het bestaande woningaanbod mogelijk te maken. Bouwmethodes, zoals optoppen, zijn een efficiënte en werkzame methode om extra woningen te realiseren binnen de bestaande bebouwde gebieden (de kernen). Het tweede scenario zet eveneens in op diversificatie van de woningmarkt. Daarnaast zorgt het realiseren van verschillende type woningen voor een woningaanbod voor alle leeftijden binnen de gemeente. Dit heeft de potentie tot het verbeteren van de gemeenschapszin binnen de dorpskernen en daarbuiten. Deze ambities resulteren in een significante positieve beoordeling. Het laatste scenario, duurzaam Bernheze, benadrukt dat activiteiten als bouwen niet meer mogelijk zijn in het beekdallandschap. De gemeente beperkt zichzelf, in het inzetten van middelen die tot de beschikking zijn, door uitbreiding van de kernen Vorstenbosch en HeeswijkDinther op slot te gooien voor het realiseren van nieuwe woningen in uitleggebieden, als hier juist behoefte aan is. Dit resulteert in een significant negatief effect op het woningaanbod.
82
4.2.2
Kwaliteit bestaand woningaanbod in relatie tot duurzaamheidseisen (Mate waarin het woningaanbod voldoet aan de duurzaamheidseisen (biobased bouwen, energie, CO2-uitstoot, stikstofuitstoot, klimaatadaptief en natuurinclusief)
Informatiebronnen en kwaliteitsniveaus Voor de kwalitatieve beoordeling van de kwaliteit van het bestaand woningaanbod in relatie tot duurzaamheidseisen is gebruik gemaakt van de volgende informatiebronnen en kwaliteitsniveaus. Beoordelingscriterium Gebruikte informatie en status
Beschikbare referentiewaarden Schaallat kwaliteitsniveau Goed
Kwantitatief • Woonvisie 2016-2021, Companen • Allecijfers.nl • Benchmark 2022, Aedes Expert judgment Energielabel woningen is A, A+, A++(+)(+) Het gasverbruik per woning is 1.169 m3 of lager
Matig
Energielabel woningen is B, C of D Het gasverbruik per woning ligt tussen 1.169 m3 en 1.363 m3
Slecht
Energielabel woningen is E, F of G Het gasverbruik per woning ligt hoger dan 1.363 m3
De huidige situatie Inleiding Duurzaamheid is een ruim begrip. Veelal wordt bij het verduurzamen van woningen gedacht aan zonnepanelen, isolatie en dubbele beglazing. In het Duurzaamheidsakkoord 2022-2026 heeft de gemeente aandacht voor het verduurzamen van (huur) woningen door inwoners te stimuleren energiebesparende en klimaatadaptieve maatregelen te treffen in, aan of rondom de woning, bij renovatie- of verduurzamingsplannen. Duurzaamheid ten aanzien van woningen gaat echter verder dan energiebesparende maatregelen. Nieuwe woningen worden standaard energiezuinig gebouwd, maar er komt ook steeds meer aandacht voor modulair bouwen, klimaatadaptief bouwen en het gebruik van bio-based en circulaire bouwmaterialen. Daarnaast worden steeds meer levensloopbestendige huizen gebouwd die inspelen op de behoefte aan woningen waar tot op hoge leeftijd zelfstandig in gewoond kan worden. Hierdoor zijn minder grondstoffen nodig om aanpassingen te doen of te verbouwen. Beschikbare gegevens De gegevens waarop we onze beoordeling bepalen hebben betrekking op -
Het energielabel Het isolatieniveau De stikstofuitstoot uit gasverbruik
83
Energielabel
Afbeelding 47
Energielabels woningen Bron: allecijfers.nl
Het totaal aantal woningen met energielabel A t/m A++++ bedraagt 27,4%. Energielabel B, C of D is toegekend aan 56% van de woningen en de overige 16,6% van de woningen hebben een energielabel van E, F of G (bovenstaande afbeelding). Omdat het merendeel van de woningen energielabel B, C, D of lager heeft, wordt dit aspect als ‘matig’ beoordeeld. Het isolatieniveau Het isolatieniveau wordt beoordeeld op basis van de netto warmtevraag van woningen in kWh/m2 per jaar. Door het ministerie van Binnenlandse Zaken is een standaard bepaald, een gemiddelde van de jaarlijkse netto warmtevraag van woningen in kWh/m2 per jaar. Deze bedraagt 73,1kWh/m2 (Bron: Rapportage Aedesbenchmark 2022). Bij de isolatieprestatie wordt de gemiddelde afstand van de netto warmtevraag ten opzichte van de Standaard gemeten. Met maatregelen op het gebied van isolatie, ventilatie en kierdichting kan de netto warmtevraag verminderen. Huishoudens hebben dus minder warmte nodig om hun huis behaaglijk warm te maken. Uit afbeelding 49 blijkt dat de warmtevraag voor de gebouwde omgeving in Bernheze 760 TJ per jaar is. Dit komt overeen met 21.112 KWh aardgas per jaar.
Afbeelding 48
Warmtevraag gebouwde omgeving Bron: RES Regio Noordoost Brabant
Er is geen onderzoek gedaan naar de bestaande woningen in Bernheze en hun gemiddelde netto warmtevraag. Om de isolatiewaarde in de toekomst te monitoren zou hier nader onderzoek naar gedaan moeten worden. Hierom kan dit aspect niet beoordeeld worden. Stikstofuitstoot door gasverbruik Een Nederlands huishouden verbruikt jaarlijks gemiddeld 1.169 kuub gas voor woningen met een aardgasaansluiting (Bron: milieucentraal.nl). Hierbij zijn alle woningen en gezinssamenstellingen meegenomen. Het grootste deel van de huizen in de gemeente Bernheze zijn naoorlogs gebouwd. Van de 14.663 adressen zijn 13.212 adressen na 1950 gerealiseerd. In de beschouwing van de warmtevraag van woningen wordt een knip gemaakt tussen woningen die voor 1945 zijn gebouwd en woningen die na 1945 zijn gebouwd omdat voor de vaststelling van het gasgebruik gerekend moet worden met verschillende aansluittemperaturen (Bron: Rapport standaard en streefwaardes bestaande woningbouw, Nieman Raadgevende Ingenieurs). Huizen die na 1945 zijn gebouwd verbruiken minder gas. Anderzijds beschikt Bernheze over relatief veel huizen en weinig appartementen. Bewoners van huizen verbruiken meer gas dan bewoners van appartementen.
84
Afbeelding 49
Typen woningen in Bernheze Bron: Woonvisie 2016-2021, Companen
De gezinssamenstelling in Bernheze is als volgt.
Afbeelding 50
Gezinssamenstelling Bernheze Bron: huispedia.nl
Dit betekent dat 76% of meer van de huishoudens uit twee of meer personen bestaat. 24% bestaat uit éénpersoonshuishoudens. Rekening houdend met bovenstaande gegevens ten aanzien van de bouwjaren van de woningen, het type woningen en de samenstelling van de gezinssituatie is, komt het gemiddeld gasverbruik per jaar uit op 1.363 kuub gas. Bij deze berekening is gebruik gemaakt van de gemiddelde gasverbruiken per jaar per type woningen van milieucentraal.nl. Uit onderstaande afbeelding blijkt dat het gemiddelde gasverbruik per woning in 2020 1.400 m3 bedroeg. In verband met de lockdowns als gevolg van de Covid-19 crisis was het gasverbruik in 2021 hoger. De verwachting is dat dit verbruik is gedaald in 2022. Dit aspect beoordelen we als ‘slecht.
85
Afbeelding 51
Energielabel per woning en buurt Bron: allecijfers.nl
Conclusie De huidige kwaliteit van het bestaand woningaanbod in relatie tot duurzaamheidseisen is beoordeeld op basis van de energielabels van bestaande woningen, het isolatieniveau en de stikstofuitstoot als gevolg van gasverbruik. Omdat er geen gegevens bekend zijn ten aanzien van het isolatieniveau van woningen is dit aspect buiten beschouwing gebleven. Beoordeling criterium Matig Slecht
Huidige situatie Het merendeel van de woningen heeft energielabel B, C, D of lager, waardoor dit aspect als ‘matig’ beoordeeld wordt. Het gemiddelde gasverbruik per woning bedroeg in 2020 1.400 m3. Daarmee wordt dit aspect als ‘slecht’ beoordeeld.
Regelgeving, beleid en geaccordeerde plannen Regelgeving Aan het (ver)bouwen en gebruik van woningen en andere gebouwen zijn bouwregels verbonden. In het Bouwbesluit 2012 staan de minimale bouwtechnische voorschriften waaraan gebouwen moeten voldoen. Dit zijn voorschriften op het gebied van veiligheid, gezondheid, bruikbaarheid, energiezuinigheid en milieu. De overheid stimuleert het verduurzamen van woningen middels regelingen en subsidies. Beleid De Provincie Brabant stelt zich als doel een 100% energie neutrale Brabantse woon- en werkomgeving in 2050. Om dat einddoel te halen, zet de provincie in op projecten die duurzame energie en energiebesparing in de gebouwde omgeving bevorderen. De duurzame energieagenda hanteert meerdere strategische doelen voor 2050. Eén doel is dat alle woningen in de gemeente energieneutraal zijn. Woningen gaan zelf energie opwekken en reserve-energie opslaan. Deze doelstelling is ook opgenomen in het Duurzaamheidsakkoord van de gemeente. In de Woonvisie beschrijft de gemeente haar beleid ten opzichte van de bouw van nieuwe woningen in de jaren 2022 tot 2026. De visie kent vijf onderscheidende thema's, waaronder toekomstbestendig en duurzaam. Acties die hieruit voortvloeien zijn dat woningbouwcorporaties in 2030 alle woningen geïsoleerd en voorzien van zonnepanelen (met energielabel A) willen hebben.
Daarnaast dient de woningvoorraad van Bernheze in 2050 energieneutraal en volledig van het gas af te zijn.
86
Met de Prestatieafspraken committeren gemeente Bernheze en woningcorporaties zich tot het verkrijgen van voldoende woningen voor de primaire doelgroepen, het duurzaam huisvesten van bijzondere doelgroepen en het realiseren van een duurzame woningvoorraad en woonomgeving. De Doelgroepenverordening benoemt verder de concrete doelen die voortvloeien uit de Woonvisie en de Prestatieafspraken. Deze zijn vertaald naar acties in het Uitvoeringsprogramma. De Verordening duurzaamheidsleningen van de gemeente Bernheze geeft het beleid weer ten aanzien van financiële leningen voor de bekostiging van duurzaamheidsinvesteringen voor (particuliere) huishoudens met een vastgestelde permanente woonfunctie. Er kan een aanvraag voor een duurzaamheidslening worden ingediend voor de isolatie, warmte terugwinning, duurzame energieopwekking, energie en water (infiltratie voorziening voor hemelwater en vegetatiedak). Geaccordeerde plannen Er zijn geen geaccordeerde plannen die van invloed zijn op de kwaliteit van bestaande woningen in relatie tot duurzaamheidseisen.
Autonome situatie: trends en ontwikkelingen Duurzaam wonen is al bijna geen trend meer te noemen. Nieuwe woningen, onafhankelijk van de locatie, moeten voldoen aan de eisen voor Bijna Energieneutrale Gebouwen (BENG). Met verschillende groene leningen en subsidies wordt gestimuleerd woningen duurzamer te maken. Ook het interieur wordt steeds duurzamer. Door bijvoorbeeld gebruik te maken van eerlijke en duurzame materialen. Deze ingeslagen weg zal voortgezet en het nieuwe normaal worden. De overheid neemt middels de Regionale Energie Strategie initiatieven om woningen te isoleren. Ingegeven door de energiecrisis is in 2022 een groot aantal woningen voorzien van zonnepanelen. Wat dit precies betekent voor de gemeente Bernheze is nog niet inzichtelijk. Nieuwe technieken en een andere manier van bouwen zullen geïntroduceerd worden, zoals modulair bouwen, bouwen met natuurlijke materialen als hout en klei, maar ook huizen van gerecycled plastic en geprinte woningen behoren tot de mogelijkheden.
Beoordeling referentiesituatie Voor het beoordelen van de referentiesituatie wordt uitgegaan van: -
-
De huidige situatie die we beoordelen als ‘matig tot slecht’. De bewustwording van de noodzaak tot verduurzamen van woningen door onder andere de energieen klimaatcrisis, regelingen en subsidies van overheden, de ontwikkelingen van nieuwe technieken en bouwmogelijkheden en het beleid van de Gemeente Bernheze. De beschreven trends en ontwikkelingen.
Beoordeling criterium Matig
Referentiesituatie De verwachting is dat meer woningen geïsoleerd worden en dat bestaande woningen van het gas af gaan. De gemeente heeft hierin een verantwoordelijkheid en een actieve rol. In hoeverre de doelstellingen worden bereikt, is onzeker.
87
Beoordeling toekomstige scenario’s De drie toekomstscenario’s zijn als volgt beoordeeld op het aspect kwaliteit bestaand woningaanbod in relatie tot duurzaamheidseisen. Scenario 1: Innovatief Bernheze
- Omschakeling naar modulaire bouwen met duurzame (bouw)materialen, ook om inbreiding op slimme wijze te realiseren. - Stimuleren van biobased bouwen. - Stimuleren van dak- en gevelgroen (ten minste 5% in 2030). - Een nieuwbouwwijk ten westen van Heesch wordt ruim en innovatief opgezet (natuurinclusief bouwen en inrichten als ecologische wijk in Boekel). - Op alle nieuwbouw wordt de aanleg van zonnepanelen en/of warmteopslag verplicht. - In 2030 is 40% van alle woningen van het gas af. - In woonwijken wordt collectieve warmteopslag en een warmtenet gefaciliteerd. In 2030 zijn de eerste drie wijken voorzien. In 2050 heeft elke wijk/buurt een collectieve warmte opslag.
Scenario 2: Coöperatief Bernheze
- Nieuwe gebouwen worden gerealiseerd met gebruik van lokale en gebiedseigen materialen.
Scenario 3: Duurzaam Bernheze
- Regenwater van daken worden geïnfiltreerd in tuinen en zaksloten of wordt bewaard als grijswater. - In huishoudens wordt in 2050 enkel nog grijswater gebruikt voor het doorspoelen van het toilet. - De ambitie is energieneutraal wonen en modulair en circulair bouwen. - Nieuwe duurzame innovaties krijgen ruimte, zowel bij nieuwbouw als bij renovaties. Zonnepanelen, warmtepompen, waterstofpanelen worden verplicht bij nieuwbouw en renovatie. - In de woningen wordt CO₂ opgeslagen via biobased materialen. Bij nieuwbouw en renovaties wordt gekozen voor houtbouw en biobased isolatiemateriaal, dat (uiteindelijk) grotendeels binnen de eigen gemeente wordt verbouwd. In 2030 bestaat nieuwbouw voor 50% uit houtbouw.
+
+
++
Scenario 4: Ontwerp-omgevingsvisie
Scenario 1 vermeld van het gas af te willen, maar de centrale doelstelling moet het reduceren van de CO₂ emissies zijn. Het isoleren van de woningen is hiermee de eerste stap. Daarnaast kan met creatieve (en innovatieve) maatregelen de duurzaamheidstandaarden van de woningen verbeterd worden. Resulterend is een positieve (+) beoordeling. Scenario 2 wordt eveneens beoordeeld als positief. Nieuwe gebouwen worden gerealiseerd met lokale materialen wat bijdraagt aan een duurzamere lokale productie. Dit kan eveneens de bewustwording verbeteren van de inwoners omtrent duurzaam wonen en bouwen door middel van het uitwisselen van ideeën. Scenario 3, duurzaam Bernheze, wordt beoordeeld als significant positief. Dit scenario zet in op het verduurzamen van zowel het bestaande woningaanbod (renovatie) als nieuw te realiseren woningen. Diverse maatregelen voor verduurzaming worden naar voren gebracht.
88
4.2.3
Inrichting kernrandzones (Verhouding tussen inbreiding binnen de bestaande kern versus uitbreidingen in de kernrandzones)
Informatiebronnen en kwaliteitsniveaus Voor de kwalitatieve beoordeling van de inrichting van de kernrandzones is gebruik gemaakt van de volgende informatiebronnen en kwaliteitsniveaus. Beoordelingscriterium Gebruikte informatie en status Beschikbare referentiewaarden Schaallat kwaliteitsniveau Goed
De kernrandzones zijn veelal ingericht als een rustige overgang naar de landelijke omgeving, met een hoge mate van natuurlijke beleving. Uitbreiding van de kernen is moeilijk landschappelijk in te passen.
Matig
De kernrandzones zijn niet overal ingericht als een rustige overgang naar de landelijke omgeving, met een hoge mate van natuurlijke beleving. Uitbreiding van de kernen is alleen bij de rommelige kernrandzones goed landschappelijk in te passen.
Slecht
De kernrandzones zijn veelal rommelig ingericht met een beperkte mate van natuurlijke beleving. Uitbreiding van de kernen is op veel plaatsen goed landschappelijk in te passen
De huidige situatie Inleiding De kernrandzones vormen de overgang van stedelijk naar landelijk gebied. In deze zone aan de dorpsrand is veelal een mix aan functies, zoals woningen, (agrarische) bedrijven, sportvelden, begraafplaatsen en volkstuinen. De dorpsrand is de te herkennen rand van een dorp waar deze grenst aan het landschap. Ze zijn bepalend voor de beleving van het landschap, maar kunnen door de verschillende functies en grotere schaal van de bebouwing rommelig ogen. Door toenemende druk op het landschap én op de kernen komen ook de kernrandzones meer onder druk te staan. Tegelijkertijd worden ze steeds belangrijker voor de leefbaarheid in de kern: ze vormen belangrijke recreatieve uitlopers vanuit de kern, spelen een rol in het samenkomen van burgers en brengen voedselproductie dicht bij de mens. Maar de kernrandzones herbergen nog meer kansen en mogelijkheden. Meervoudig ruimtegebruik, flexibiliteit in snel veranderende omstandigheden, klimaatadaptatie, energietransitie en het behoud van het waardevolle cultuurlandschap zijn centrale maatschappelijke thema’s die van toepassing zijn op de zones direct rondom de woonkernen. Om de kwaliteit van de kernrandzones te behouden of vergroten, dient aandacht te zijn voor toekomstige ontwikkelingen, draagkracht en toegankelijkheid van het gebied en een visie op de borging en uitvoerbaarheid.
Hoe hoger de kwaliteit van een kernrandzone, hoe zorgvuldiger daar mee omgegaan dient te worden, omwille van behoud van landschappelijke, cultuurhistorische, recreatieve of ecologische waarden. Daarom is het mínder wenselijk een dorpsuitbreiding in een kwalitatief hoogwaardige kernrandzone te realiseren, omdat deze zone dus al hoge landschappelijke, cultuurhistorische en/of recreatieve waarden bevat. Door het realiseren van een dorpsuitbreiding in een kwalitatief matige of zelfs slechte kernrand kunnen juist landschappelijke en/of recreatieve waarden worden toegevoegd, of kan een probleem van ongewenste verrommeling worden opgelost.
89
Beschikbare gegevens Onderstaande afbeelding geeft (indicatief) de kernrandzones in de gemeente Bernheze weer.
Afbeelding 52
Kernrandzones Bernheze Bron: Gebiedsvisie bebouwingsconcentraties Bernheze
Op dit moment telt Bernheze 31.715 inwoners. Uit de website allecijfers.nl blijkt dat de verdeling van deze inwoners als volgt is: Kern Heesch Kern Heeswijk-Dinther Kern Nistelrode Kern Loosbroek Kern Vorstenbosch
12.720 6.575 5.510 1.010 1.450
Dat betekent dat 27.265 woonachtig zijn in een kern en 4.450 mensen in het buitengebied. Omgerekend woont 14% van de inwoners in het buitengebied en 86% van de inwoners in de kernen. Ieder van deze vijf kernen ligt in een gebied met unieke landschappelijke kenmerken en structuren. De eigenheid van deze ligging en daarmee de leesbaarheid van het landschap, kan in meer of mindere mate tot uitdrukking komen in de kernrandzone. Hierna is beknopt per kern een beoordeling van de ruimtelijke kwaliteit van de huidige kernrandzones geformuleerd. Heesch Heesch ligt op de overgang van drie landschapstypen, met het oudste gebruikslandschap (dekzandlandschap) aan de noordzijde en het jonge ontginningslandschap in het zuiden. In oost-westelijke richting is een hoogteverschil van de hoge Peelhorst in het oosten naar de lagere slenk in het westen. Belangrijk is de autosnelweg A59 die direct ten noorden van Heesch door het oude dekzandlandschap loopt. Deze doorsnijdt het van oorsprong halfopen landschap met historische wegenpatronen. De zone direct ten noorden van Heesch is hierdoor een kleinschalig dorpslandschap verworden dat direct aan de historische woonlinten van de kern grenst. Door de A59 is hier weinig relatie met het daarachter liggende landschap. De oostzijde van het dorp grenst aan het bosrijke besloten landschap van de Maashorst.
Hier komen de natuurlijke en recreatieve waarden goed tot hun recht. In de westzijde grenst de kern juist aan het open landschap waar een overheersende agrarisch gebruik overheerst. Ook het bedrijventerrein van Heesch ligt in deze zone nabij de A59. In het westen vormen rationele wegenpatronen met lanen het raamwerk waardoor groene landschapskamers ontstaan. De nieuwste dorpsuitbreidingen zijn in dit gebied gerealiseerd en gepland (De Nieuwe Erven). De relatieve openheid van het landschap maken de kernrandzones hier kwalitatief kwetsbaar. Het zuiden van de kern grenst aan het jonge ontginningenlandschap met enkele historisch waardevolle wegen- en laanstructuren. Hier is een heldere overgang van de rafelige kernrand naar het landschap met onregelmatige blokverkaveling. In deze zone vinden veel van de functies plaats die vaak te vinden zijn in kernrandzones: de sportvelden, een manege, agrarische bedrijven en wonen, ieder in hun eigen maat, schaal en uitstraling. 90
Afbeelding 53
Visie dorpsranden Heesch Bron: Gebiedsvisie bebouwingsconcentraties Bernheze
In de gebiedsvisie bebouwingsconcentraties Bernheze wordt ten aanzien van Heesch geconcludeerd dat kleinschalige inbreiding mogelijk is in buurtschap de Lage Wijst indien dit bijdraagt aan de landschappelijke inpassing van het buurtschap, zie gele cirkel. Uitbreiding van de kern kan plaatsvinden in het westelijke deelgebied De Groese Bunders tot maximaal de Bunderstraat. Kwalitatief is de kernrandzone van Heesch aan de oostzijde, tegen het boscomplex van de Maashorst, als ‘goed’ te classificeren. De overige kernrandzones zijn ‘matig’, vanwege verrommeling, een door (agrarische) bedrijfsbebouwing gedomineerd landschapsbeeld en het ontbreken van een goede landschappelijke inpassing. Over het algemeen kan gesteld worden dat de kernrandzones van Heesch als ‘matig’ moeten worden geclassificeerd. Nistelrode Nistelrode maakt deel uit van een reeks van oude ontginningen op de Peelhorst, die langs de Peelrandbreuk liggen. De structuur wordt bepaald door lintbebouwing in een noord-zuidrichting, evenwijdig aan de Peelrandbreuk. Evenals bij Heesch is hier de ligging van een autosnelweg, de A50, bepalend voor de beleving van de oostelijke rand van de kern. De relatie met de buurtschap Loo en het landschap van de Maashorst is hierdoor verstoord. In het zuiden ligt een historisch esdek met een aantal historische bebouwingslinten die aansluiten op de kern.
Door schaalvergroting en intensivering van de landbouw is het landschap hier genivelleerd en staat de kwaliteit onder druk. Westelijk van de kern bestaat het gebied uit een laaggelegen dekzandvlakte met van nature nattere omstandigheden waar enkele landschappelijke kamers zijn ontstaan. Bij de buurtschap Donzel is het historische landschap met kronkelige wegen nog redelijk goed bewaard gebleven, al staat dit ook onder druk doordat de buurtschap tegen de kern aan dreigt te groeien. In het noorden grenst Nistelrode aan het bosgebied van de Maashorst met een golfbaan. De noordzijde van Nistelrode bestaat uit bedrijventerrein en gemengde bebouwing. Hier is sprake van een wat rommelige entree tot de kern.
91
Afbeelding 54
Visie dorpsranden Nistelrode Bron: Gebiedsvisie bebouwingsconcentraties Bernheze
In de ‘Gebiedsvisie bebouwingsconcentraties Bernheze’ wordt ten aanzien van Nistelrode geconcludeerd dat het open gebied ten westen van de A50 en ten oosten van Nistelrode (De Mortel) kansen biedt voor een planmatige afronding van de dorpsrand. Ten zuiden van Nistelrode is beperkt nieuwe bebouwing toegestaan, ter versterking van de landschappelijke kwaliteit. Ten westen van Nistelrode, in Het Broek, is versterking van de dorpsranden en het landschappelijk verdichten van lintbebouwing op de dekzandruggen met landschapselementen voorzien evenals een dorpsuitbreiding tussen de Donzel en Dobbestraat. Aan de westzijde van Nistelrode is de kernrandzone kwalitatief ‘goed’ door de directe relatie tussen het historische lint en Donzel met het landschap. Wel moet hier aandacht zijn voor verrommeling. De kwaliteit van de kernrandzone aan de noord-, oost- en zuidzijde moet als ‘matig’ worden geclassificeerd. Dit vanwege de rommelige zone met bedrijventerreinen in de noordzijde, de onleesbare zone tussen de kern en de A50 en het door agrarische bebouwing overheerste landschapsbeeld in de zuidzone. Er kan derhalve gesteld worden dat voor de kern Nistelrode de kernrandzones in het algemeen als ‘matig’ geclassificeerd moeten worden. Heeswijk-Dinther Heeswijk en Dinther zijn ontstaan op de oeverwal die tussen de beekdalen van de Aa en de Leijgraaf is gelegen.
Door uitbreidingen zijn de kernen aan elkaar gegroeid. De ruimtelijke structuur wordt bepaald door de aaneengesloten lintbebouwing van de voormalige kernen parallel aan het dal van de Aa. Uitbreidingen van de kern liggen met name aan de noordkant. Het beekdal van de Aa ten zuiden van Heeswijk-Dinther is een zeer oud landschap met cultuurhistorische relicten in de vorm van kasteeltjes, watermolens en steilranden. Op sommige plekken is storende bebouwing in het beekdal gerealiseerd. Hier ligt de nadruk op het herstellen van het landschap ten behoeve van ecologische, recreatieve en waterhuishoudkundige waarden. In het westen lopen enkele historische bebouwingslinten vanuit de kern het landschap in. Hier is het oorspronkelijke landschap nog goed leesbaar. In het noorden, in het gebied tussen de kern Heeswijk en de Leijgraaf, zijn oude esdekken met kronkelende wegen, bolle akkers en (agrarische) linten. Er is sprake van een overwegend attractieve dorpsrand met de abdij van Berne en zicht op de kerk van Heeswijk. Ten noorden van de kern Dinther is het landschap grootschaliger en rationeler van karakter. Deze gronden zijn door de lage ligging en natte omstandigheden pas later in gebruik genomen. Kenmerkend is de relatieve openheid. In het oosten ligt het bedrijventerrein tegen de kern Dinther aan. Ook in de linten in het buitengebied domineert de bedrijvigheid.
Het zicht op het bedrijventerrein is hier storend door het ontbreken van een goede landschappelijke inpassing. Wel staan er richting het buitengebied enkele fraai verbouwde hoevewoningen in een groene setting.
92
Afbeelding 55
Visie dorpsranden Heeswijk-Dinther Bron: Gebiedsvisie bebouwingsconcentraties Bernheze
In de ‘Gebiedsvisie bebouwingsconcentraties Bernheze’ wordt ten aanzien van Heeswijk-Dinther geconcludeerd dat stedelijke uitbreidingen op enkele plekken en onder voorwaarden van stevige landschappelijke kwaliteitseisen mogelijk zijn. De kern Heeswijk-Dinther heeft een recreatief en landschappelijk zeer waardevolle ligging tussen de twee beekdalen in. Door een rijke nog aanwezige historie is deze kern en het landschap daaromheen kwalitatief goed. Met name aan het beekdal van de Aa en nabij de grotere agrarische bedrijven rondom de kern kan ruimtelijk nog kwaliteitswinst worden behaald. Er kan gesteld worden dat voor de kern Heeswijk-Dinther de kernrandzones in het algemeen als ‘goed’ geclassificeerd kunnen worden. Vorstenbosch Vorstenbosch ligt op een dekzandrug bij het beekdal van de Leijgraaf. Het is een relatief jonge ontginningskern bestaande uit een herkenbaar webvormige wegenstructuur met linten die uitwaaieren naar het buitengebied. Om de kern heen liggen nog enkele oude akkercomplexen met bolle akkers. Ten zuiden van Vorstenbosch loopt de Leijgraaf. Het beekdal is hier nauwelijks herkenbaar doordat de beek hier als een lange en rechte watergang door de mens is gegraven. Op enkele plekken staat agrarische bebouwing dicht op de beek zelf. Het gebied aan de oostzijde van de kern bestaat uit laaggelegen land dat regelmatig overstroomde.
Van oudsher was hier een kleinschalige verkaveling met veel houtsingels en sloten. Door schaalvergroting is het grootschaliger en opener geworden. Van oudsher is dit geen logische bebouwingsplek. Hier wordt ingezet op landschapsversterking. Aan de noordzijde liggen twee essencomplexen met bolle akkers en grenst de kernrandzone aan de uitlopers van de Bedafse bergen. In deze zone bevinden zich ook de sportvelden en een manege. Tenslotte grenst de westzijde van de kern aan een relatief open en grootschalig agrarisch landschap. Even verderop ligt de buurtschap Dintherse Hoek. De open zone tussen de kern en dit buurtschap is waardevol en belangrijk.
93
Afbeelding 56
Visie dorpsranden Vorstenbosch Bron: Gebiedsvisie bebouwingsconcentraties Bernheze
In de ‘Gebiedsvisie bebouwingsconcentraties Bernheze’ wordt ten aanzien van Vorstenbosch geconcludeerd dat er slechts beperkt stedelijke uitbreiding mogelijk is, ter afronding van de kern en versterking van de dorpsrand. Door de ligging tussen het beekdal enerzijds en Bedafse Bergen anderzijds ligt Vorstenbosch zowel recreatief als ecologisch gezien interessant. Het karakter van het oude esdorp is nog goed afleesbaar in de kernrandzones en de relatie tussen kern en landschap is sterk. Aan de noordoostzijde is de kwaliteit door verrommeling ‘matig’. Er kan gesteld worden dat voor de kern Vorstenbosch de kernrandzones in het algemeen als ‘goed’ geclassificeerd kunnen worden. Loosbroek Loosbroek is een relatief jonge ontginningskern in het open agrarische landschap, centraal in de gemeente Bernheze. Het karakter is zeer landelijk en de relatie met het omliggende cultuurlandschap is sterk. Eromheen liggen natte en jonge ontginningen met een rationele verkaveling. De kern bestaat uit een dorpslint van oost naar west met ten zuiden daarvan een planmatige dorpsuitbreiding. Aan de noordzijde grenst het historisch lint direct aan het buitengebied. Het open landschap met sloten, maar weinig opgaande beplanting, vertelt het verhaal van de ontginningen. Vanuit het landschap is een mooi dorpssilhouet met zicht op de kerk.
De agrarische bebouwing in het lint ligt soms erg open in het landschap. Aan de zuidzijde grenst het dorp aan een kleinschaliger, groener en meer besloten gebied dan aan de noordzijde. Dit komt door de aanwezigheid van hogere dekzandruggen hier. Wel is de laatste decennia veel opgaande beplanting verwijderd waardoor het landschap grootschaliger wordt. Behoud van beplanting is een belangrijk uitgangspunt.
94
Afbeelding 57
Visie dorpsranden Loosbroek Bron: Gebiedsvisie bebouwingsconcentraties Bernheze
In de gebiedsvisie bebouwingsconcentraties Bernheze wordt ten aanzien van Loosbroek geconcludeerd dat stedelijke uitbreiding mogelijk is, ter afronding van de kern en versterking van de dorpsrand aan de zuidzijde. De sterke relatie met het historische bebouwingslint en het landschap dient behouden te blijven en versterkt te worden. De ligging van de noordzijde van Loosbroek in het open landschap in combinatie met enkele grote agrarische bedrijven maakt dat hier sprake is van een kwalitatief ‘matige’ kernrandzone. Aan de zuidrand is het landschap meer besloten, maar zijn de nieuwe dorpsuitbreidingen op diverse plekken niet goed landschappelijk ingepast. Ook hier bepalen grote (agrarische) bedrijven het beeld. Er kan gesteld worden dat voor de kern Loosbroek de kernrandzones in het algemeen als ‘matig’ geclassificeerd moeten worden. Naast informatie uit de Gebiedsvisie bebouwingsconcentraties Bernheze, wordt bij deze beoordeling ook uitgegaan van informatie uit de Woonvisie 2022-2026. Hieruit blijkt dat de opgave is om tot en met 2026 1.160 woningen te bouwen in Bernheze. Uit onderstaande tabel, afkomstig uit de Woonvisie 2022-2026, blijkt dat 254 woningen gerealiseerd kunnen worden door inbreiding en 296 door uitbreiding. Voor de overige 550 woningen moet een oplossing gezocht worden, evenals voor de toenemende woningbehoefte na 2026.
Door de verruiming van regelgeving voor woningsplitsing kan de woningvoorraad deels uitgebreid worden. Daarnaast ligt er een opgave voor het vinden van extra bouwmogelijkheden, met name in de kernen Heesch en Nistelrode.
Afbeelding 58
Opgave woningbouw tot en met 2026 Bron: Woonvisie 2022-2026
95
De gemeente gaat uit van het principe: eerst inbreiden (opvullen van lege locaties), dan uitbreiden. Voor inbreidingslocaties is alleen gekeken naar plekken waar minimaal vijf huizen gebouwd kunnen worden. Ook kleinere locaties kunnen later mogelijk nog een positieve bijdrage leveren, maar ze zijn vooralsnog buiten beschouwing gebleven. Conclusie In onderstaande tabel is een samenvatting weergegeven van de beschikbare gegevens. Tabel 16 Samenvatting inbreiding, uitbreiding en kwaliteit kernrandzones
Heesch
Inbreiding
Uitbreiding
Kleinschalige inbreiding in buurtschap de Lage Wijst indien dit bijdraagt aan de landschappelijke inpassing.
Uitbreiding van de kern kan plaatsvinden in het westelijke deelgebied De Groese Bunders tot maximaal de Bunderstraatl. De nieuwste uitbreidingen zijn gepland en gerealiseerd in De Nieuwe Erven. Beperkte uitbreiding ten zuiden van Nistelrode en dorpsuitbreiding tussen de Donzel en Dobbestraat.
Nistelrode
Loosbroek Vorstenbosch HeeswijkDinther Totaal
254 woningen door inbreiding
Uitbreiding zuidzijde. Beperkte uitbreiding, ter afronding van de kern en versterking van de dorpsrand. Op enkele plekken noordkant met stevige landschappelijke kwaliteitseisen. 296 woningen door uitbreiding 550 woningen nog oplossen evenals woningbehoefte na 2026
Kwaliteit kernrandzone Matig
Matig
Matig Goed Goed
Daarnaast ligt er een opgave voor het vinden van extra bouwmogelijkheden, met name in de kernen Heesch en Nistelrode. Beoordeling criterium Matig
Huidige situatie
Het is moeilijk één kwalitatief oordeel te geven ten aanzien van alle kernrandzones, omdat sommige zones echt zeer sterk zijn en sommige zeer zwak. Gemiddeld genomen wordt dit beoordelingscriterium als ‘matig’ beoordeeld. De kernrandzones die niet zijn ingericht als een rustige overgang naar de landelijke omgeving, met een hoge mate van natuurlijke beleving kunnen bij uitbreiding van de kernen verbeterd worden.
Regelgeving, beleid en geaccordeerde plannen Regelgeving Er zijn geen wettelijke bepalingen ten aanzien van de inrichting van kernrandzones. Beleid De visie Bebouwingsconcentraties Bernheze beschrijft voor de vijf kernrandzones, de gebieden direct om de dorpen heen gelegen, de algemene uitgangspunten voor nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen die in acht genomen zouden moeten worden. Er zijn specifiekere uitgangspunten bepaald voor de deelgebieden van elke kernrandzone vanwege de unieke terreinen met ieder zijn eigen cultuurhistorische identiteit. Daarnaast beschrijft de visie de sterke en zwakke punten voor alle dorpsentrees in de kernrandzones zodat deze behouden en versterkt kunnen worden. In het Beeldkwaliteitsplan Ruimte voor Ruimte woningen zijn ruime woningen van maximaal 1.000 m3 op riante percelen van rond de 1.000 m2. Deze woningen kunnen niet zomaar en overal gebouwd worden. Tegenover een nieuwe woning staat de sloop van een stal en moeten er milieurechten worden ingeleverd. Hiermee wordt bereikt dat het buitengebied wordt verfraaid en leefbaar blijft. 96
Ook wordt intensieve veehouderijen op kwetsbare plekken de mogelijkheid geboden te stoppen. In de notitie Bouwen voor de toekomst zijn inbreidings- en uitbreidingslocaties geïnventariseerd voor woningbouw. Geaccordeerde plannen Aan de zuidzijde van de A59 tussen ’s-Hertogenbosch, Heesch en Oss, wordt regionaal bedrijventerrein Heesch West gerealiseerd, met ruimte voor logistieke bedrijven, innovatieve concepten (bouw en circulaire economie) en regionale verplaatsers. Het bedrijventerrein is gelegen aan de A59. Bedrijventerrein Retsel bevindt zich in het oosten van Heeswijk-Dinther en is bereikbaar via de N279. Het bedrijventerrein wordt uitgebreid.
Autonome situatie: trends en ontwikkelingen De volgende trends en ontwikkelingen kunnen invloed hebben op de landschappelijke kwaliteit van de kernrandzones in de komende 25 jaar: Toenemende bevolkingsgroei en daardoor toename in ruimtevraag en een woningnood voor starters en senioren. Verduurzaming leefomgeving, inpassing energietransitie. Veranderende voedselproductie – van intensief en wereldwijd naar extensiever/biologisch en nationaal/regionaal. Meer ruimte voor water en het langer vasthouden daarvan.
Beoordeling referentiesituatie Voor het beoordelen van de referentiesituatie wordt uitgegaan van: -
De huidige situatie waarin de inrichting van de kernrandzones beoordeeld is als ‘matig’. De algemene uitgangspunten uit de ‘Visie Bebouwingsconcentraties Bernheze’ voor nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen die in acht genomen zouden moeten worden ten aanzien van de vijf kernrandzones. De beschreven trends en ontwikkelingen.
Beoordeling criterium Matig
Referentiesituatie De druk op de kernrandzones zal alleen maar toenemen door de bevolkingsgroei en de diverse transities. Tenzij de kernrandzones zorgvuldig ontwikkeld worden, blijft de beoordeling in de referentiesituatie ‘matig’.
Beoordeling toekomstige scenario’s De drie toekomstscenario’s zijn als volgt beoordeeld op het aspect inrichting kernrandzones. Scenario 1: Innovatief Bernheze
Scenario 2: Coöperatief Bernheze
- Groen wordt nadrukkelijk ingezet om de verbinding met het buitengebied te versterken. Hierdoor ontstaan groene mogelijkheden en ontwikkelingen voor de kernrandzones. - Door in te zetten op inbreiding binnen de bestaande dorpskernen wordt een gezonde ontwikkeling van de kernrandzone mogelijk zonder het teveel uitdijen van al bestaande gebouwde omgeving.
+
- Realiseren van een natuurlijke, biodiversiteitsrijke verbinding van dorpskern met het buitengebied, bos en natuurgebieden met mogelijkheden om te wandelen, fietsen, sporten, vissen en kanoën. - Realiseren van groen-ecologische wandelpaden te realiseren van de kern Dinther naar Kasteel Heeswijk.
++
97
- In 2030 zijn honderd kilometer van dergelijke groene verbindingen gefaciliteerd door routeaanduidingen en het aantrekkelijk inrichten van de verbindingen. Ontbrekende schakels in deze verbindingen zijn in 2030 voor 50% aangepakt. - In Loosbroek en Vorstenbosch mogen kernen uitbreiden met zorgvoorzieningen en woningen voor verzorgend personeel. De andere kernen groeien niet in grootte. Scenario 3: Duurzaam Bernheze
- Dit scenario doet geen uitspraken die van invloed zijn op de inrichting van de kernrandzones.
Scenario 4: Ontwerp-omgevingsvisie
Het nadrukkelijk inzetten van groen in scenario 1 is goed en zelfs wenselijk. Het uitbreiden van kernen verplaatst de kernrandzones juist weer. Dit is niet per se onwenselijk of wenselijk. De bestaande situatie is leidend voor het effect. Een rommelige kernrandzone kan door een ruimtelijke ontwikkeling juist een impuls krijgen voor het gebied. Daarnaast kunnen ruimtelijke ontwikkelingen ook de bestaande kwaliteit aantasten, dat is niet wenselijk en negatief. Dit scenario wordt licht positief beoordeeld aangezien wel nadrukkelijk op groen wordt ingezet onder alle omstandigheden. Scenario 2 realiseert groen-ecologische verbindingen tussen kernen en buitengebied. Dit biedt meerdere mogelijkheden om grotere gebieden te bereiken. Een heel positief effect wordt verwacht door de combinatie natuur en recreatie. Wandelpaden dragen hier aan bij. Het herstellen van de overgang tussen kernen en het buitengebied wordt zeer positief beoordeeld. Scenario 3 doet geen uitspraken die van invloed zijn op de inrichting van de kernrandzones.
98
4.2.4
Werken – bedrijvigheid Kwalitatieve beschrijving en gewenst economisch profiel (typologie bedrijvigheid) en beschikbare en bereikbare ruimte voor bedrijvigheid)
Informatiebronnen en kwaliteitsniveaus Voor de kwalitatieve beoordeling van het aspect werken in relatie tot bedrijvigheid is gebruik gemaakt van de volgende informatiebronnen en kwaliteitsniveaus. Beoordelingscriterium Gebruikte informatie en status Beschikbare referentiewaarden Schaallat kwaliteitsniveau Goed
De gevestigde bedrijven passen bij het gewenste economische profiel. Er is voldoende beschikbare en bereikbare ruimte voor bedrijvigheid. De gevestigde bedrijven passen niet helemaal bij het gewenste economische profiel. Er is soms onvoldoende beschikbare en bereikbare ruimte voor bedrijvigheid.
Matig
Slecht
De gevestigde bedrijven passen niet bij het gewenste economische profiel. Er is onvoldoende beschikbare en bereikbare ruimte voor bedrijvigheid.
De huidige situatie Inleiding Bedrijven en bedrijvigheid zorgen voor werkgelegenheid en dus voor leefbaarheid. Bernheze is een landelijke gemeente in een economisch dynamische regio. De combinatie van het groene, landelijke karakter met de geringe afstand naar de omliggende stedelijke gebieden, maakt Bernheze aantrekkelijk als woongemeente binnen de regio. Maar de economische activiteiten in Oss, ’s-Hertogenbosch, Uden en Meierijstad, de krachtige regionale samenwerkingsverbanden in Noordoost-Brabant waaronder Agrifood Capital en de aanwezigheid van goede infrastructuur zoals de A50 en A59, maken Bernheze ook interessant als vestigingsgebied voor bedrijven. Beschikbare gegevens Bereikbare en beschikbare ruimte voor bedrijvigheid Voor het in kaart brengen van de huidige situatie is gebruik gemaakt van de Economische visie Bernheze 20212026 ‘Van meer naar beter’. In de periode 2013 – 2019 is het aantal bedrijven in Bernheze sterk gegroeid, zowel ZZP’ers als bedrijven met personeel. Kenmerkend voor Bernheze is dat de aanwezigheid en groei van bedrijvigheid en werkgelegenheid niet alleen op de bedrijventerreinen sterk is, maar ook daarbuiten.
Afbeelding 59
Percentage jaarlijkse groei aantal vestigingen Bron: Lisa, 2019
99
Om aan de vraag naar ruimte om te ondernemen te voldoen, zijn de afgelopen jaren diverse planontwikkelingen in gang gezet voor de realisatie van nieuwe bedrijventerreinen, namelijk: ’t Retsel (circa 1,5 ha), De Vismeerstraat (circa 4,5 ha), ’t Runneke (circa 0,8 ha) en Heesch West (circa 80 ha). De planontwikkelingen hebben in de procedures (forse) vertraging opgelopen. Uit gebleken interesse en inschrijvingen blijkt dat met name lokale bedrijven interesse hebben in de kavels en dat de vraag het aanbod overstijgt. Om aanbod van laagdrempelige huisvesting voor starters en ZZP’ers te vergroten, worden bij planontwikkelingen en marktinitiatieven ideeën voor bedrijfsverzamelgebouwen gestimuleerd. Ondanks deze inzet is er, op basis van signalen van ondernemers, nog niet voldoende aanbod van passende huisvesting voor starters, ZZP’ers en kleine ondernemingen. Economisch profiel De gemeente Bernheze is een landelijke woongemeente en wil de voorzieningen voor de inwoners op peil houden. Het is niet de wens meer banen te creëren dan dat er mensen wonen. De gemeente richt zich niet op één sector, maar wil met name ruimte bieden aan lokale bedrijven en de lokale ondernemer faciliteren. De lokale bedrijventerreinen zijn bedoeld voor de lokale mkb. Regionaal bedrijventerrein Heesch-West is bestemd voor grootschalige logistiek.
De huidige gevestigde bedrijven passen in het economisch profiel. Onderstaande afbeeldingen geven inzicht in het soort gevestigde bedrijven.
Afbeelding 60
Verdeling soort bedrijven 2022 Bron: Provincie Noord Brabant
Afbeelding 61
Bedrijvigheid verdeeld over gemeente Bron: Provincie Noord Brabant en OpenStreetMap 2022
100