CConstaterende datBernheze
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4a RES 1.0 Handreiking afwegingskader landschap deel 2

Commissie Ruimtelijke Zaken 23 juni 2021, gemeente BernhezeBij agendapunt: Opiniërende bespreking Startnotitie Windenergie in Bernheze12.137 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Land van Maas

De P

Maasvallei

Uiterwaarden

Rivierloop Maas

Het Aa-dal

Vesting

Zuiderwaterlinie

Bos

Peelkern ontginningen

De Peelkern

Jonge heideontginningen

Bos

Jonge heideontginningen Hertogswetering Bos

Maashorst Oude ontginningen

Oude ontginningen Historische stad aan Maas

Zandwinplas Bos

Bos

ZandwinplasOverige waterlopen

Zandwinplas Overige waterlopen Overige waterlopen

Maaskant

Peelrandbreuk nevenbreuken Heten Groene Woud

Natte natuurparel Komgronden Maasheggengebied

Peel-

Bos

Maashors

Zandwinp

Zandrug: Traverse overlaten Wijstgrond Hoofdwaterloop Aa-dal / inundatievlakten

Oeverwallen Het Groene Woud Maasterrasvlakte ontginningen

De P Zandrug: Het Aa-dal Fort / Lunet / Redoute Peelrand: jonge ontginningen Ven

Maasterrasrand ontginningen

Uiterwaarden

De Zandrug Vesting Peelrand: oude ontginningen

De Peelrand Zuiderwaterlinie Rivierloop Maas Hoofdwaterloop Dommeldal

Maaskant Het Dommeldal Rivierdal en Maas

Maasvallei

Naad van

Zandwinplas

Bos

Oude Hertogswetering ontginningen

Overige waterlopen

JongeBos heideontginningen

Historische stad aan Maas Overige waterlopen

Maasheggengebied

De Peel

Natte Zandwinplas natuurparel

Maasterrasvlakte ontginningen

Bos Meijerij, Dommel en Aa

Ven Oeverwallen Komgronden Het Groene Woud

Maasterrasrand ontginningen

Uiterwaarden Hoofdwaterloop Dommeldal

Rivierloop Maas Het Dommeldal Rivierdal en Maas

De

Meijerij, Dommel en Aa Maaskant

Land van Maas

Bos

Zandwinplas

Overige waterlopen

Maasheggengebied

Maasterrasvlakte ontginningen

Maasterrasrand ontginningen

Rivierdal en Maas

Maasvallei

Land van Maas

Land van Maas

58

Land van Maas Het Land van Maas is het landschap gevormd door de Maas. Een landschap met twee gezichten, dat van de Maasvallei en dat van de Maaskant. Elk met hun eigen karakter maar onlosmakelijk met elkaar verbonden door de Maas.

Maas, Maasdal en uiterwaarden

Het stroomdal van de Maas

WIND. De Maas en de directe omgeving van de Maas (Maasdal en de uiterwaarden) ontlenen een deel van hun landschappelijke kwaliteit aan hun dimensie en aan hun continuïteit. Het is een van meest krachtige regionaal landschappelijke structuren in Noordoost-Brabant. Het plaatsen van windturbines in de directe nabijheid van de Maas tast deze kwaliteiten sterk aan. Daarnaast vormt de rivier een continue lijn door het landschap van Nederland die recreatief erg geliefd is en op nationale schaal een ‘vide’ of ongerept panorama (gebied waarin duurzame opwek niet nadrukkelijk aanwezig is) kan zijn.

Windenergie is wel mogelijk in grote, water gerelateerde industriegebieden langs de Maas, omdat de windturbines hier geassocieerd worden met het industriële landschap en niet met de rivier (bijvoorbeeld bij de Haven van Cuijk). Hier is een aangepaste maatvoering (tot 150m) van turbines wenselijk. Ook is hier een kleine afwijking van het minimum van 5 turbines denkbaar. ZON: zonneweiden binnen de directe invloedssfeer (uiterwaarden) van de rivier zijn onwenselijk. Het Maasdal met zijn uiterwaarden vormt een belangrijke bovenregionale recreatieve structuur waar een landschap ervaren kan worden zonder dominante invloed van zonneweiden. Het vormt een van de ongerepte panorama’s. Bovendien vraagt inpassing van zonnevelden in de relatief open uiterwaarden veel aandacht, aangezien we het landschap voornamelijk vanaf de hoger gelegen dijk beleven. In het kleinschalige, besloten Maasheggenlandschap zijn gezien de hoge cultuurhistorische, ecologische en recreatieve waarden zonneweiden onwenselijk. Op de grote plassen (Lithse Ham, Kraaijenbergseplassen) langs de Maas zijn drijvende zonnevelden voorstelbaar indien deze niet conflicteren met de recreatieve en ecologische functies. Hierbij is nadrukkelijk aandacht nodig voor de vorm en kleurstelling van de drijvende zonneparken (zie de verkenning Zon op Recreatiewater)

Bouwstenen - Drijvende zonnevelden

Maaskant

Jonge rivierkleilandschap met hoger gelegen, zanderige oeverwallen en lager gelegen open komgronden Komgronden (o.a. Lithsepolder) WIND. De komgronden tussen Den Bosch en Oss zijn open. Het is een rationeel en grootschalig landschap gericht op landbouwproductie. Het is een gebied dat zich vanwege zijn maat en schaal leent voor windenergie. De voorkeur gaat hierbij uit naar óf enkele lijnopstellingen die de openheid van de polder benadrukken óf naar een of enkele grote opstellingen die het landschap een nieuwe identiteit verschaffen als energielandschap. In gebieden met weidevogels moeten de effecten van windturbines onderzocht worden. ZON. De open en vruchtbare komgronden lenen zich landschappelijk veel minder goed voor zonne-energie. De beleving van de openheid en weidsheid van de polder komt onder druk te staan met de plaatsing van zonnepanelen en hun benodigde infrastructuur van hekken en transformatorhuisjes. Bovendien is de rijke rivierklei geschikt als landbouwgrond, vooral in verhouding tot de meer droogtegevoelige hogere zandgronden. Daarbij is de polder een weidevogelgebied en functie die zich moeizaam verhoudt tot zonneweiden. Hier is wel een autonoom ontwerp denkbaar in het kader van een algehele transformatie van het gebied tot een energielandschap waarin ook beplantingstructuren, recreatie en vernatting een plek krijgen.

Dan is ook een combinatie met wind mogelijk. In dit geval wordt niet meer geprobeerd de zonnepanelen in te passen in de bestaande landschapskarakteristiek. Daarmee wordt het een ontwerpopgave. Aandachtspunten: - cultuurhistorisch waardevolle elementen en structuren: o.a. eendenkooien, Beersche overlaat, dijken, weteringen, sluizen en gemalen, oude Maasmeanders en wielen, verdedigingswerken - open landschap - behoud landschappelijke contrasten komgronden oeverwallen - weidevogelgebied

59

ACHTERGRONDDOCUMENT LANDSCHAP

In tegenstelling hiermee is het denkbaar de gehele Maas te begeleiden met windturbines; als moderne bakenbomen. De Maas wordt dan een energierivier. Voorwaarde is dat de gehele Maas, continue en met regelmatige tussenafstanden begeleid wordt door windturbines. Gezien de technisch-juridische beperkingen een onhaalbare kaart. Bovendien maken de meanders een helder lijnvoering lastig en wordt het geheel moeilijk leesbaar.

Aandachtspunten: - Maasheggen landschap: UNESCO biosfeerstatus - cultuurhistorische elementen en structuren. o.a. pleistocene Maasmeanders, maasheggen met zandpadenstelsel - Overstromingsrisico

bouwstenen windenergie

windakker

bouwstenen zonne-energie

60

zon op dak

zon groot dak (bedrijven)

zon groot dak (agrarisch)

zon op infrastructuur & parkeren

zon op water

zon aansluitend op industrie

zon op land grootschalig

zon op land kleinschalig

Bouwstenen: - windakkers 20 – 80 turbines (4MW)

Oeverwallen

WIND. Het kleinschalige en gevarieerde landschap van de oeverwallen leent zich niet voor windenergie. Het landschap staat niet in verhouding tot de maat van een windturbine en een landschapsversterkende opstelling is moeilijk te implementeren. Indien er windenergie opgewekt wordt in de komgronden is het bovendien zeer onwenselijk dat ook te doen op de oeverwallen, omdat daarmee het contrast tussen de twee gebieden verdwijnt.

Aandachtspunten: - behoud contrasten tussen de kernen (besloten) en buitengebied (halfopen/open) - cultuurhistorische elementen en structuren - gebiedspassende inpassing Bouwstenen: - kleinschalige zonneweiden

Maasvallei

Insnijdingslandschap van de Maas, gekenmerkt door de Maasterrassen met ruggen en vlakten, oude stroomgeulen en de maasheggen Maasterrasrug WIND. De maat en schaal van de Maasterrasrug leent zich niet voor de toepassing van windenergie. Het relatief kleinschalige landschap staat niet in verhouding tot de maat van een windturbine en een landschapsversterkende opstelling is moeilijk te implementeren. ZON. In het kleinschalige, halfopen landschap van de Maasterrasrug is de kleinschalige toepassing van zonne-energie denkbaar. Het liefst nabij de kernen of in de bebouwingslinten om het contrast met de open akkerbouwcomplexen tussen de kernen te behouden. Randvoorwaarden zijn hier dat het gaat om kleine oppervlakten (gelijk aan of kleiner dan de gemiddelde kavelmaten) die bovendien met groen worden ingepast en dat het recreatieve uitloopgebied niet wordt belemmerd. Zonneweiden met passende randbeplanting kunnen helpen het contrast tussen de Maasterrasrug en de Maasterrasvlakte aan te zetten. Hierbij dient steeds rekening gehouden te worden met de

Bouwstenen: - kleinschalige zonneweiden

Maasterrasvlakte

WIND. De Maasterrasvlakte is grootschaliger en opener dan de Maasterrasrand. Vooral op de plekken waar de akkerbouwcomplexen aansluiten op de jonge heideontginningen van de Peelrand. In die gebieden is windenergie mogelijk. De maat en schaal van deze gebieden past min of meer bij de maat van een windturbine. Goed geplaatste clusters of rijen kunnen de structuur van het landschap hier benadrukken (bijv. de ontginningslijnen) en het contrast met de Maasterrasrug versterken. In combinatie met strategische aanvullingen van kavel -en wegbeplanting kan hier een nieuwe landschapsbeleving vorm krijgen. Er zal goed gekeken moeten worden of de moderne grote 4MW (>200m tiphoogte) turbine nog wel in maat aansluit bij dit landschap. De beleving vanaf de snelweg is een aandachtspunt. ZON. Een grootschaligere toepassing van zonne-energie passend bij de kavelmaten van de Maasterrasvlakte is mogelijk. Goed gekozen locaties en aanvullende randbeplantingen verzachten het beeld voor omwonenden en passanten. Behalve voor inpassing als strategie kan er ook voor aanpassing of transformatie gekozen worden. Bijvoorbeeld een langgerekt zonneveld dwars over de kavels als een energie-as; zoals vroeger de eerste ontginningsassen als fremdkörper in de woeste gronden lagen.

Vaak houdt de autonome strategie de landschappelijke structuren beter leesbaar, bovendien kan deze nieuwe kwaliteit en identiteit aan het gebied verlenen. Hierbij dient ontworpen te worden vanuit de beleving van passanten. Aandachtspunten: - beleving van de Maasvallei vanaf de A73 en de A77 - cultuurhistorische elementen en structuren: de oude en jonge zandontginningen op het hoogterras Bouwstenen: - windakkers - wind in lijn - grootschalige zonneweiden

61

ACHTERGRONDDOCUMENT LANDSCHAP

ZON. Het kleinschaligere landschap met bosschages en ander opgaand groen maakt een inpassing van kleinschalige zonneweiden mogelijk. Het liefst nabij de kernen of in de bebouwingslinten om het contrast met de open stukken tussen de kernen te behouden. Randvoorwaarden zijn hier dat het gaat om kleine oppervlakten (minder dan de aanwezige kavelmaten) die met groen worden ingepast en dat het recreatieve uitloopgebied niet wordt belemmerd.

recreatieve beleving van het gebied. Aandachtspunten - micro reliëf: oude geulen en steilranden - bodemarchief en archeologische waarden - cultuurhistorische elementen en structuren: o.a. dorpen en akkercomplexen op het middenterras; kastelen en kasteelplaatsen; Pleistocene Maasmeanders. - waardenbeleving van de Maasvallei vanaf de A73 en de A77

Meijerij

De Peelrand

Het Dommeldal

Maasvallei

Maashorst Bos

Natte natuurparel Overige waterlopen Oude ontginningen Jonge heideontginningen

Maasheggengebied Overige waterlopen Zandwinplas

Het Aa-dal De Peelrand

Het Dommeldal Uiterwaarden

Maasvallei

Maashorst Bos Bos

Natte natuurparel Historische stad aan Maas Overige waterlopen Hertogswetering Oude ontginningen Bos Jonge heideontginningen

Maasheggengebied Overige waterlopen Zandwinplas Bos

Uiterwaarden

Rivierloop Maas

Het Aa-dal Traverse overlaten / inundatievlakten

Fort / Lunet / Redoute

Bos Vesting

Zuiderwaterlinie

Peelrandbreuk en nevenbreuken Oude ontginningen

Het Groene Woud Zandwinplas

Maasterrasvlakte ontginningen

Maaskant

Wijstgrond Overige waterlopen

Ven Komgronden

Maasterrasrand ontginningen

Peelkern ontginningen

De Peelkern

Zandwinplas Jonge heideontginningen

Peelrand: ontginningen Het Groenejonge Woud

Hoofdwaterloop Dommeldal Oeverwallen

Rivierdal en Maas

Peelrand: oude ontginningen Hoofdwaterloop Aa-dal

De Peel

Meijerij, Dommel en Aa Rivierloop Maas

Land van Maas

Maaskant

Bos

Peelrandbreuk en nevenbreuken

Het Groene Woud

Maasterrasvlakte ontginningen

Bos

Wijstgrond

Ven

Maasterrasrand ontginningen

Bos

Zandwinplas Linie Maashorst

Peel-Raamstelling

Zandrug: jonge ontginningen

Zandrug: oude ontginningen Bos

Naad van Brabant De Peelkern De Zandrug Peelkern ontginningen

Zandwinplas

Peelrand: jonge ontginningen

Hoofdwaterloop Dommeldal

Rivierdal en Maas

Peelrand: oude ontginningen

De Peel

Meijerij, Dommel en Aa

Land van Maas

62 Peelrandb

Duits Lijntj

Kernen

Spoorweg

Provinciale

Snelwege

Zuid-Wille

Onder- en

Bos

Maashorst

Zandwinpl

Zandrug: j

Zandrug: o

De Zandrug

Naad van

De Meijerij, beekdalen van Dommel en Aa Kleinschalig mozaïeklandschap van oude en jonge ontginningslandschappen en woeste gronden aan de benedenlopen van Dommel en de Aa. Brabants mozaïek.

Algemeen

De Meijerij, en meer specifiek Het Groene Woud, heeft een belangrijke functie als groene buffer en als uitloopgebied voor de inwoners van de stedendriehoek Den Bosch-Tilburg-Eindhoven: het groene hart van Brabant. Het is een kleinschalig, zeer gevarieerd landschap met een rijke cultuurhistorie. Het toepassen van duurzame energie is mogelijk en nodig, maar voorzichtigheid is geboden. Ook vanuit nationaal perspectief blijkt nu dat de hogere zandgronden op dit moment nog ‘vides’ zijn; er staan nog weinig windturbines. Een differentiatie op nationale schaal die we moeten koesteren.

WIND. De maat en schaal van de oude (zand)ontginningen leent zich niet voor de toepassing van windenergie. Het relatief kleinschalige landschap staat niet in verhouding tot de maat van een windturbine en een landschapsversterkende opstelling is moeilijk te implementeren. ZON. In het kleinschalige, half-open landschap van de oude (zand)ontginningen is de kleinschalige inpassing van zonne-energie denkbaar. Met name in het kader van de verbrede landbouw als gebiedsdrager. Het liefst nabij de kernen of in de bebouwingslinten om het contrast tussen de verspreid liggende kernen/bebouwingslinten te behouden. Een locatie specifieke benadering is belangrijk gezien de ruimtelijke verschillen tussen de verschillende ontginningen. Met passende randbeplantingen en landschapselementen kan het kleinschalige karakter verder versterkt worden. Hierbij dient rekening gehouden te worden met de recreatieve waarden van het gebied. Aandachtspunten - vervagend onderscheid tussen stad en land - vervagende onderscheidende identiteiten tussen de kernen - Groene Woud, Van Gogh nationaalpark - bodemarchief en archeologische waarden - cultuurhistorische elementen en structuren: o.a.

oude agrarische cultuurlandschappen met akkercomplexen, beemden, broekgebieden; dorpen en buurtschappen met langgevelboerderijen; woeste gronden met heidevelden, vennen en zandverstuivingen; kastelen, kloosters, landgoederen en buitenplaatsen; populieren Bouwstenen: - kleinschalige zonneweiden

WIND. De jonge heide- en broekontginningen zijn grootschaliger en opener dan de oude (zand)ontginningen. Waar deze gebieden een grote maat hebben is windenergie mogelijk (o.a. het gebied tussen Vorstenbosch-Berlicum-Heesch). De maat en schaal van deze gebieden past min of meer bij de maat van een windturbine. Goed geplaatste clusters of rijen kunnen de structuur van het landschap hier benadrukken (bijv. de ontginningslijnen) en het contrast met de kleinschalige oude (zand)ontginningen versterken. Door de openheid is het verband tussen windturbies in een opstelling leesbaar. In combinatie met strategische aanvullingen van kavel -en wegbeplanting kan hier een nieuwe landschapsbeleving vorm krijgen. Er zal per locatie gekeken moeten worden of de betreffende ontginning inderdaad voldoende maat en schaal heeft om windturbines te plaatsen. Sommige jonge heidontginningen zijn relatief klein(schalig) en/of van cultuurhistorische waarde (o.a. Schijndelsche Heide) hier zal gekeken moeten worden of windenergie passend is. In algemene zin zal voor alle jonge heideontginngen onderzocht moeten worden of de moderne, grote turbines (tiphoogte >200m) nog in maat aansluiten het landschap. ZON. Een grootschaligere toepassing van zonne-energie aansluitend bij de kavelmaten van de jonge heide- en broekontginningen is mogelijk.

Goed gekozen locaties en aanvullende randbeplantingen verzachten het beeld voor omwonenden en passanten. Aanpassing en transformatie zijn passende strategieën aangezien deze landschappen qua maat en schaal geschikt zijn voor concentratie van zonne-energie. Zo voorkomen we een ‘hagelslag’ van zonneweiden en houden we de landschappelijke structuren beter leesbaar. Bovendien kan met deze strategieen nieuwe kwaliteit en identiteit aan het gebied gegeven worden. Aandachtspunten - vervagend onderscheid tussen stad en land - landbouwtransitie - cultuurhistorische elementen en structuren: jonge heideontginningen met hun stelsel van lanen en zandpaden Bouwstenen: - windakkers - grootschalige zonneweiden

63

ACHTERGRONDDOCUMENT LANDSCHAP

Oude (zand)ontginningen

Jonge heide- en broekontginningen

bouwstenen windenergie

windakker

windbos

bouwstenen zonne-energie

64

zon op dak

zon groot dak (bedrijven)

zon groot dak (agrarisch)

zon aansluitend op industrie

zon op land grootschalig

zon op land kleinschalig

zon op infrastructuur & parkeren

Beekdalen

We hebben de beekdalen gedefinieerd als de beek en de direct aangrenzende, laaggelegen kavels aan weerszijden. Eventuele dode meanderarmen, rabatbossen en andere percelen die landschappelijkerwijs bij de beek behoren vallen ook onder de hier gehanteerde definitie van het beekdal. WIND. De maat en schaal van de beekdalen en beekdalontginningen leent zich niet voor de toepassing van windenergie. Het kleinschalige landschap staat niet in verhouding tot de maat van een windturbine: turbines zouden de beleving van het beekdal die bestaat uit subtiele verschillen in hoogtes, grondgebruik en beplantingen, gaan domineren.

Oude bossen

WIND. Oude bossen zijn vanuit cultuurhistorisch, landschappelijk, ecologisch en recreatief oogpunt zeer waardevol. Het toepassen van windenergie in oude bossen tast deze waarden onherroepelijk aan en voegt nauwelijks waarde toe. ZON. idem.

65

ACHTERGRONDDOCUMENT LANDSCHAP

ZON. De toepassing van zonne-energie in de beekdalen en de beekdalontginningen is op de meeste plekken ongewenst. De beekdalen zijn een zeer belangrijke en continue landschappelijke structuur voor Noord(oost)-Brabant. Op veel plekken is het beekdallandschap zeer kleinschalig, zelfs idyllisch en heeft het een hoge recreatieve en ecologische waarde. De continue structuur van de beekdalen is erg belangrijk voor de waterhuishouding van het gebied en zorgt voor de ecologische en recreatieve dooradering en verbinding van de Meijerij. Zonneweiden in de directe nabijheid van de beken beïnvloeden de beleving van meanderende water en het landschap negatief, en conflicteren met de in de nabije toekomst steeds belangrijker wordende rol als robuust systeem voor water (klimaatadaptatie, ecologie en recreatie). In bepaalde gebieden, op afstand van de beek en zijn directe invloedssfeer zijn goed ingepaste, kleinschalige zonneparken denkbaar. Zij kunnen hier mogelijk een rol spelen in de waterhuishouding van het gebied door water vast te houden en de afvoer te vertragen.

De Peel

Bos

Overige waterlopen Oude ontginningen Jonge heideontginningen

Overige waterlopen Zandwinplas Bos

Maashorst Jonge heideontginningen Bos Bos

Natte natuurparel Zandwinplas Overige waterlopen Historische stad aan Maas Oude ontginningen Hertogswetering Jonge heideontginningen Bos

Maasheggengebied

Overige waterlopen

Zandwinplas

Bos

Uiterwaarden

Rivierloop Maas

Het Aa-dal Fort / Lunet / Redoute

Vesting

Zuiderwaterlinie

Bos

Peelrandbreuk en nevenbreuken Overige waterlopen

Het Groene Woud Komgronden

Maasterrasvlakte ontginningen

Maaskant

HetWijstgrond Groene Woud

Ven Oeverwallen

Maasterrasrand ontginningen

Peelkern ontginningen

De Peelkern

Zandwinplas Oude ontginningen

Peelrand: jongeAa-dal ontginningen Hoofdwaterloop

Hoofdwaterloop Dommeldal Uiterwaarden

Peelrand: oude ontginningen Het Aa-dal

De Peelrand

De Peel Bos

Maashorst

Natte natuurparel

Meijerij, Dommel en Aa

Peelrandbreuk en nevenbreuken

Het Groene Woud

Maasterrasvlakte ontginningen Maasheggengebied

Maaskant Het Dommeldal Rivierloop Maas

Wijstgrond

Ven

Maasterrasrand ontginningen

Maashorst Linie Bos

Peel-Raamstelling

Zandwinplas

BosZandrug: jonge ontginningen

Zandrug: oude ontginningen Peelkern ontginningen

Zandrug DeDePeelkern

Naad van Brabant

Zandwinplas

Peelrand: jonge ontginningen

Hoofdwaterloop Dommeldal

Rivierdal en Maas

Rivierdal en Maas

Maasvallei

Land van Maas

De Peelrand

Het Dommeldal

Maasvallei

Peelrand: oude ontginningen

De Peel

Meijerij, Dommel en Aa

Land van Maas

66 W R b

Provinciale wegen Spoorwegen

Peelrandbreuk en nevenbreuken

Duits Lijntje

Kernen

N Zuid-Willemsvaart

Peelrandbre

Duits Lijntje

Kernen

Spoorwege

Provinciale

Snelwegen

Zuid-Willem

Onder- en

Snelwegen

Onder- en overliggende structuren

Bos

Maashorst

Zandwinplas

Zandrug: jonge ontginningen

Zandrug: oude ontginningen

De Zandrug

Naad van Brabant

De Peel

De Peel is het landschap van de Peelhorst en de Peelrandbreuk. Een ontginningslandschap in twee fasen: eerst de kleinschaligere ontginningen van de Peelrand en later de grootschalige ontginning van de Peelkern.

Peelrand

Oud ontginningslandschap op de flanken van de Peelhorst. Oude (zand)ontginningen WIND. De maat en schaal van de oude (zand)ontginningen leent zich niet voor de toepassing van windenergie. Het relatief kleinschalige landschap staat niet in verhouding tot de maat van een windturbine en een landschapsversterkende opstelling is moeilijk te implementeren.

Aandachtspunten - wijstgronden (aardkundig monument) - Peelrandbreuk en bijbehorende reliëfsprong - cultuurhistorische elementen en structuren - landbouwtransitie Bouwstenen: - kleinschalige zonneweiden - zon op dak Jonge heideontginningen WIND. De jonge heideontginningen zijn grootschaliger en opener dan de oude (zand)ontginningen. Waar deze gebieden een grote maat hebben is windenergie mogelijk (o.a. Broek St. Anthonis, Sambeekse Broek (Stevensbeek)). De maat en schaal van deze gebieden past min of meer bij de maat van een windturbine. Goed geplaatste clusters of rijen kunnen de structuur van het landschap hier benadrukken (bijv. de ontginningslijnen) en het contrast met de kleinschalige oude (zand)ontginningen versterken. Dit behoeft in de Peelrand extra aandacht aangezien de ontginningsrichtingen niet overal even eenduidig zijn en de overgangen naar oudere ontginningen zijn vervaagd door opeenvolgende landinrichtingsprojecten. In combinatie met strategische aanvullingen van kavel -en wegbeplanting kan hier echter een nieuwe landschapsbeleving vorm krijgen. Er zal goed onderzocht moeten worden of de moderne

ZON. Een grootschaligere toepassing van zonne-energie aansluitend bij de kavelmaten van de jonge heideontginningen is mogelijk. Goed gekozen locaties en aanvullende randbeplantingen verzachten het beeld voor omwonenden en passanten. Behalve voor inpassing als strategie kan er ook voor een autonoom ontwerp gekozen worden. Vaak houdt de autonome strategie de landschappelijke structuren beter leesbaar, bovendien kan deze nieuwe kwaliteit en identiteit aan het gebied verlenen. Oude ontginningsstructuren bieden mogelijk een aanleiding hiervoor. Aandachtspunten - Peelrandbreuk en bijbehorende reliëfsprong - cultuurhistorische elementen en structuren - landbouwtransitie: kringlooplandbouw en de toenemende noodzaak van grondgebondenheid voor intensieve veehouderij in relatie tot zonneweiden Bouwstenen: - windakkers - grootschalige zonne-weiden - zon op dak Jonge bossen WIND. Jonge bossen met aangetoonde lage ecologische waarde kunnen in zeer uitzonderlijke gevallen kansen bieden voor windenergie. De impact van het bouwen van windtubines in bosgebieden (onder andere het aanleggen van infrastructuur) op ecologische -en recreatieve waarde dient afwogen te worden tegen het belang van duurzame energie. Het plaatsen van windturbines in deze gebieden kan aanleiding bieden om samen met grondeigenaren het monotone karakter van deze bossen te transformeren tot een rijker en interessanter bos.

Boscompensatie is nodig en kan eventueel strategisch ingezet worden om natuurgebieden te vergroten of te verbinden. De aanplant van nieuw bos in combinatie met windenergie kan op een zelfde manier ingezet worden en is vele malen minder ingrijpend voor het bestaande bos. ZON. De jonge bossen zijn een belangrijk deel van de Peelrand. Mede aan de hand van deze bossen is de landschappelijke ontstaansgeschiedenis van het gebied af te lezen. Bovendien vormen zij ondanks de soms monoto-

67

ACHTERGRONDDOCUMENT LANDSCHAP

ZON. In het kleinschalige, half-open landschap van de oude (zand)ontginningen is de kleinschalige inpassing van zonne-energie denkbaar. Met name in het kader van de verbrede landbouw als gebiedsdrager. Het liefst nabij de kernen of in de bebouwingslinten om het contrast tussen de verspreid liggende kernen/bebouwingslinten te behouden. Met passende randbeplantingen en landschapselementen kan het kleinschalige karakter verder versterkt worden. Hierbij dient steeds rekening gehouden te worden met de recreatieve beleving van het gebied.

grote 4MW molen in maat aansluit bij dit landschap, vooral omdat de jonge heideontginningen in de Peelrand relatief klein zijn.

bouwstenen windenergie

windakker

windbos

bouwstenen zonne-energie

68

zon op dak

zon groot dak (bedrijven)

zon groot dak (agrarisch)

zon aansluitend op industrie

zon op land grootschalig

zon op land kleinschalig

zon op infrastructuur & parkeren

ne samenstelling belangrijke ecologische en recreatieve structuren in het gebied. Kappen van bos om zonneweiden te faciliteren is daarmee onwenselijk. Aandachtspunten - Peelrandbreuk en bijbehorende reliëfsprong - cultuurhistorische elementen en structuren: naaldhoutplantages - ecologische en recreatieve waarden Bouwstenen: - windbos

Peelkern Grootschalig ontginningslandschap.

Algemeen De Peelkern is een weids landschap; bovendien een voormalig energielandschap (turfwinning). Het is een rationeel en grootschalig landschap gericht op landbouwproductie. Het is een gebied dat zich vanwege zijn maat, schaal en historie leent voor energieproductie. WIND. Windenergie past bij de maat en schaal van het landschap. De vliegfunnel van Volkel en de radarcontour maakt de toepassing van windenergie echter nagenoeg onmogelijk.

Aandachtspunten - cultuurhistorische elementen en structuren: landgoederen in de Peel; jonge ontginningen met lanen; plantages met naaldhout; ontginningsdorpen met dorpsbosjes; Peel-Raamstelling met Defensiekanaal - ecologische en recreatieve waarden

69

ACHTERGRONDDOCUMENT LANDSCHAP

ZON. Een grootschalige toepassing van zonne-energie in de Peelkern is goed mogelijk. Er kan gekozen worden voor een inpassingsstrategie waarbij de zonneweiden perceelsgewijs worden verdeeld en ingepast met aanvullende randbeplantingen om het beeld voor omwonenden en passanten te verzachten. Passender bij het landschap en haar historie is een autonoom ontwerp. Één groot zonneveld, één stoer gebaar, dat de Peelkern op de kaart zet als energielandschap. Bijvoorbeeld een langgerekt zonnepark langs de Middenpeelweg. Dit past bij de maat van het totale landschap en biedt de mogelijkheid het gebied een nieuwe identiteit te geven.

De Peelrand

Het Dommeldal

Maasvallei

Bos

Overige waterlopen

Oude ontginningen

Jonge heideontginningen

Overige waterlopen

Zandwinplas

Uiterwaarden

Rivierloop Maas

Maaskant

Het Aa-dal

Bos

Maashorst

Natte natuurparel

Maasheggengebied

Naad van Brabant

Peelrandbreuk en nevenbreuken

Het Groene Woud

Maasterrasvlakte ontginningen

Bos

Wijstgrond

Ven

Maasterrasrand ontginningen

Peelkern ontginningen

De Peelkern

Zandwinplas

Peelrand: jonge ontginningen

Hoofdwaterloop Dommeldal

Rivierdal en Maas

Peelrand: oude ontginningen

De Peel

Meijerij, Dommel en Aa

Land van Maas

Bos

Maashorst

Zandwinplas

Zandrug: jonge ontginningen

Zandrug: oude ontginningen

De Zandrug

Naad van Brabant

70 Weidevogelgebieden RWS beheergebieden beekdalen

Provinciale wegen Spoorwegen

Peelrandbreuk en nevenbreuken

Duits Lijntje

Kernen

NNB Zuid-Willemsvaart Snelwegen

Onder- en overliggende structuren

Naad van Brabant

Kwelrijke overgangszone tussen de hoger gelegen zandrug en het lagergelegen rivierkleigebied.

Algemeen

De Naad vormt een bijzondere en belangrijke landschappelijke overgang tussen de hogere zandgronden en het lagere rivierkleilandschap; het is de fysieke grens tussen hoog en laag Nederland. Om deze grens herkenbaar en leesbaar te houden dient er voorzichtig te worden omgegaan met het toepassen van wind- en/of zonne-energie. De spaarzame open ruimte slibt al snel dicht, met als gevolg dat verstedelijking en infrastructuur dominant worden en Den Bosch en Oss aan elkaar kitten tot een bandstad.

Indien door provincie en gemeenten echter geaccepteerd wordt dat de verstedelijking langs deze rand vorm krijgt, is de toepassing van windenergie denkbaar. Deze is dan onderdeel van het verstedelijkte landschap en zijn grootschalige infrastructuur (A59). Landschappelijk heeft dat niet de voorkeur omdat de Naad daarmee een volledig technisch en verstedelijkt karakter krijgt. ZON. Een kleinschalige toepassing van zonne-energie is denkbaar. Een zorgvuldige locatiekeuze is essentieel om te zorgen dat de kernen onderling, of de kernen en de snelweg niet aan elkaar groeien. Hierbij speelt naast de beleving van bewoners en recreanten ook de beleving van de automobilist op de A59 een belangrijke rol. Met passende randbeplantingen en landschapselementen kan het kleinschalige karakter versterkt worden. Aandachtspunten: - contrast tussen stad en land - cultuurhistorische elementen en structuren - aaneengroeien kernen tot stedenband Den Bosch-Oss - beleving vanaf de A59 Bouwstenen: - kleinschalige zonneweiden aansluitend op bebouwingsranden

71

ACHTERGRONDDOCUMENT LANDSCHAP

WIND. De maat en schaal van het landschap van de Naad van Brabant leent zich niet voor de toepassing van windenergie. Het relatief kleinschalige landschap staat niet in verhouding tot de maat van een windturbine en een landschapsversterkende opstelling is moeilijk te implementeren.

bouwstenen windenergie

bouwstenen zonne-energie

72

zon op dak

zon groot dak (bedrijven)

zon groot dak (agrarisch)

zon aansluitend op industrie

zon op land grootschalig

zon op land kleinschalig

zon op infrastructuur & parkeren

73

ACHTERGRONDDOCUMENT LANDSCHAP

Peelrand: jonge ontginningen

Wijstgrond

Peelrandbreuk en nevenbreuken

Zandwinplas

Maashorst

Het Groene Woud

Natte natuurparel

Overige waterlopen

Oude ontginningen

Het Aa-dal

Bos

Jonge heideontginningen

Peelkern ontginningen

De Peelkern

Bos

onder- en overliggende structuren

Peelrand: oude ontginningen

Ven

De Peelrand

Het Dommeldal

Hoofdwaterloop Dommeldal

De Peel

Meijerij, Dommel en Aa

Bos

Maashorst

Zandwinplas

Zandrug: jonge ontginningen

Zandrug: oude ontginningen

De Zandrug

Naad van Brabant

Weidevogelgebieden RWS beheergebieden beekdalen

Snelwegen Provinciale wegen Spoorwegen

Peelrandbreuk en nevenbreuken

Duits Lijntje

Kernen

NNB

Zuid-Willemsvaart

Onder- en overliggende structuren

74

Snelwegen vormen een laag in het landschap die over het algemeen los staat van de onderliggende landschappelijke structuur. Het is modern en dynamisch netwerk waarmee velen ook wind- en zonne-energie associëren. Vaak met de achterliggende gedachte: ‘hinder bij hinder’. Op veel plekken is dit een aannemelijke strategie. Met name daar waar infrastructuur tot op grote afstand reeds dominant is in de beleving: bij bundels van infrastructuur, knooppunten en op plekken waar infrastructuur en bedrijvigheid samen komen. Op andere plekken zijn snelwegen slechts ijle lijnen in het landschap waarlangs we vaak dagelijks het landschap zien en beleven. Lijnen die vanuit de omgeving gezien beter niet benadrukt kunnen worden. En anderzijds met uitzichten vanaf de weg die beter niet geblokkeerd kunnen worden met zonnepanelen.

Bos

Jonge heideontginningen

Linie

ZON. Zonne-energie langs infrastructuur kan vele vormen hebben. - Lijnvormig: de zonnepanelen liggen in een strook parallel aan de weg. Deze strategie kan succesvol zijn als een (lang) tracé consequent op deze manier begeleid wordt. De betreffende snelweg wordt dan in zijn geheel een eigen energielandschap (zie bijvoorbeeld de uitwerkingen voor de A37). Nadelen zijn dat een smal lijnvormig park leidt tot een beperkt oppervlak en grote lengte nodig heeft. Deze lengte beïnvloed vervolgens langdurig de wegbeleving. Indien consequente begeleiding niet mogelijk is, is deze strategie onwenselijk. Kleine secties leiden tot een rommelig en inconsequent beeld en doen afbreuk aan de beleving vanuit de snelweg. Enkel in bebouwd gebied zijn korte segmenten denkbaar.

Oude ontginningen

Overige waterlopen

Peel-Raamstelling

WIND. Windenergie is denkbaar in lijnopstellingen langs snelwegen die reeds bestaande landschapsstructuren volgen en langs bundels van snelwegen en andere structuren. In alle gevallen dient de maat in verhouding staat tot de maat van een windturbine (geen zeer hoge turbines langs een slank wegprofiel). Op deze manier lezen we de turbines als onderdeel van het infrastructurele landschap. Op plekken waar dit niet het geval is, daar waar snelwegen als een relatief dunne en doorsnijdende lijn in het landschap liggen, is niet de snelweg leidend in de opstelling, maar de structuur van het omringende landschap. Rond knooppunten en dan met name knooppunten met een clustering van bedrijven en industrie zijn clusters van windturbines mogelijk. De turbines hebben eventueel een aangepaste maat.

Het Groene Woud

Bos

Snelwegen

-

-

Invulling van knooppunten: De restruimtes in en rond knooppunten zijn goed te benutten voor het opwekken van zonne-energie. Welke delen precies ingevuld worden is afhankelijk van de beleving vanuit de snelweg in relatie tot het omliggende landschap. Grootschalige zonneweiden: denkbaar bij geschikte landschapseenheden(zie landschapseenheden), waarbij de snelweg door de zonneweide snijdt.

Aangezien veel mensen het Nederlandse landschap vooral ervaren vanuit de auto en de snelweg is het belangrijk de landschappelijke beleving vanaf de weg mee te nemen in de overweging zonnepanelen te plaatsen langs snelwegen. Aandachtspunten: contrast tussen stad en land cultuurhistorische elementen en structuren beleving vanaf de snelweg barrierewerking zonne-panelen Bouwstenen: windturbines langs infrastructuur windturbines bij knooppunten/bedrijventerreinen zonnepanelen in geluidschermen zonnepanelen in asfalt kleinschalige zonneweiden grootschalige zonneweiden

Provinciale wegen

WIND. Windturbines sluiten in maat een schaal niet aan bij de maat en schaal van provinciale wegen. Positionering langs provinciale wegen an sich is onwenselijk. Plaatsing nabij provinciale wegen in daartoe geschikte landschapseenheden – bijvoorbeeld jonge heideontginningen – is denkbaar indien de weg de landschappelijke structuur volgt, dan wel bepaalt (bijvoorbeeld als ontginnings-as). ZON. N-wegen lenen zich vanwege hun smallere tracé en daarmee kleinere landschappelijke impact nauwelijks als landschappelijke structuur waaraan zonne-energie gekoppeld kan worden. Knooppunten uitgezonderd.

75

ACHTERGRONDDOCUMENT LANDSCHAP

Hoofdwaterloop Aa-dal

Onder- en overliggende structuren

bouwstenen windenergie

langs infrastructuur

windakker

windbos

zon op dak

zon groot dak (bedrijven)

zon groot dak (agrarisch)

zon op knooppunten

zon aansluitend op industrie

wind bij industrie- en havengebieden

bouwstenen zonne-energie

76

zon op infrastructuur & parkeren

Spoorwegen

WIND. Windturbines sluiten in maat een schaal niet aan bij de maat en schaal van een spoorlijn. Positionering langs spoorlijnen an sich is onwenselijk. Plaatsing nabij spoorwegen in daartoe geschikte landschapseenheden – bijvoorbeeld jonge heideontginningen – is denkbaar indien het spoor aansluit bij de landschappelijke structuur.

Kanaal: Zuid-Willemsvaart

WIND. Windturbines sluiten in maat een schaal niet aan bij de maat en schaal van de Zuid-Willemsvaart. Met hun hoogte hebben de turbines een sterk verkleinend en daarmee onwenselijk effect op het kanaal. Daar waar het kanaal geschikte landschappelijke eenheden voor de plaatsing van windturbines snijdt, is plaatsing denkbaar. Dit is bijvoorbeeld het geval bij het Wijboschbroek, een rationele broekontginning met productiebos haaks op het kanaal. ZON. Het kanaal biedt geen aanleiding voor zonneweiden direct gerelateerd aan het kanaal. Eventuele zonneweiden langs het kanaal zijn gerelateerd aan de doorsneden landschappelijke eenheden.

77

ACHTERGRONDDOCUMENT LANDSCHAP

ZON. Zonne-energie langs het spoor is lokaal denkbaar binnen de gebouwde omgeving gekoppeld aan geluidschermen. In het buitengebied waar het spoor een dunne lijn vormt is zonne-energie gekoppeld aan het spoor onwenselijk. De autonome ligging van het spoor laat het landschap in zekere zin ongemoeid. Dit maakt de ervaring van het Nederlandse landschap vanuit de trein puur, ongefilterd en uniek. Het is dan ook zaak de spoorlijnen zo dun en autonoom mogelijk te houden. De helderheid, leesbaarheid en identiteit van het onderliggende landschap is daar het meest bij gebaat. De spoorlijn is als ware te gast en gaat geen verdere relaties aan met het landschap. In visueel en functioneel opzicht vormt het spoor zo min mogelijk een barrière.

78

05. bijlage

79

ACHTERGRONDDOCUMENT LANDSCHAP

80

RES Noord-Oost Brabant regionale landschapsanalyse

Foto omslag: Het Groene Woud. Bron: http://www.landschapscanonhetgroenewoud.com/welkom

Inhoud Inleiding

1

Ontstaansgeschiedenis

3

Landschappen

4

Land van Maas

7

De Meijerij, beekdalen van Dommel en Aa

11

De Peel

13

Naad van Brabant

17

Overliggende structuren

19

Conclusies

20

Bronnen

21

Inleiding Noordoost Brabant heeft een kenmerkende landschappelijke structuur. Deze is in de loop van de tijd ontstaan in een voortdurende wisselwerking tussen natuurlijke processen en bewerking door de mens. Dit heeft een bijzondere variatie in landschappen opgeleverd die de identiteit van de regio mede bepaalt. Met de energietransitie zal het landschap veranderen. De plaatsing van windmolens, zonnevelden en de kweek van biomassa voegt een nieuwe laag toe aan het landschap. Dat biedt kansen voor nieuwe landschappen, maar zet ook gewaardeerde kwaliteiten van bestaande landschappen onder druk. Deze regionale landschapsanalyse beschrijft beknopt de landschappen van Noordoost-Brabant en benoemt hun kenmerken. Dit biedt handvatten voor de toepassing van duurzame opwek. Als uitgangspunt voor de analyse zijn twee eerder opgestelde landschappelijke analyses gebruikt: -

groenblauwe structuren Noordoost-Brabant (MUST stedebouw) gebiedspaspoorten Provincie Noord-Brabant (Provincie Noord-Brabant)

en een workshopsessie met de betrokken bij het opstellen van de RES Noordoost-Brabant. Voor de kaartbeelden zijn de kartografie van de groenblauw structuren en die van de gebiedspaspoorten gecombineerd tot een nieuwe kaart.

1

Kaart van de belangrijkste tektonische structuren in de ondergrond van zuidwestelijk Nederland, noordoostelijk België en het westen van Noordrijn-Westfalen. Bron: Wikipedia, Woudloper. De breuken zijn vereenvoudigd weergegeven, in werkelijkheid zijn er vele neven- en zijbreuken.

2

Ontstaansgeschiedenis Het basis van het Noordoost-Brabantse landschap komt voort uit oude geologische gebeurtenissen. Door het zeer langzaam opdrukken van gebergten als de Eiffel en Ardennen ontstonden breuken in de flauw hellende aardkorst. Langs de breuken verschoof de aardkorst naar boven – horsten – en naar beneden – slenken. De bekendste breuk is de Peelrandbreuk met de hoger gelegen Peelhorst of Peelblok en de lager gelegen Roerdalslenk. De hogere Peelhorst vormt zo de waterscheiding waaraan de beken Dommel en Aa hun zuidoost-noordwestelijke stroomrichting danken. Deze geologische basis werd in de daaropvolgende twee miljoen jaar bedekt met slib van de Rijn en met een dikke laag dekzand tijdens de laatste IJstijd. Het dekzand werd in langgerekte ruggen opgeblazen. Omdat het dekzand ook leem bevatte, stagneerde het water in de lager gelegen dekzandvlakten en ontstonden hier natte, venige gebieden. De hogere delen raakten gebroeid met bos. Door drukverschillen en de vorming van een ondoorlatende laag ijzeroer kon het water niet voorbij de Peelrandbreuk wegstromen. Het water stagneerde, het gebied vernatte en een uitgestrekt hoogveenpakket vormde zich boven op de horst: De Peel.

Toen de mens zich vestigde in Brabant kapte deze veel bossen om op die plek akkers en weiden aan te leggen. Het landschap werd langzaam ontgonnen. De bossen veranderden door kap en intensieve begrazing in heidevelden, waarin plaatselijk door overbegrazing stuifzanden ontstonden. Met het verstrijken van de tijd ontgonnen en gebruikten de Brabanders steeds meer gronden. Ook de lagere, natte gebieden langs de beken werden omgevormd tot gras- en hooilanden. De invloed van de mens op het landschap groeide en in de jaren ‘30 van de vorige eeuw werden zelfs de beken deels gekanaliseerd. Uiteindelijk moesten ook de heidevelden (of woeste gronden) aan ontginning geloven net als het hoogveen van de Peel, dat op grote schaal veranderde in akkerland. De stuifzanden werden vastgelegd door de aanplant van dennen. In de afgelopen eeuw groeiden de woonkernen, ontwikkelde de industrie zich en werden er snelwegen aangelegd. Deze volgen ten dele de historische structuren in het landschap - zo volgt de A73 de rivierterrasvlakte en de A59 de Naad van Brabant. Ten dele zijn het ook structuren die los staat van de onderliggende landschappelijke structuur en een eigen ruimtelijke sturende kracht vormen.

Ondertussen sneed de Maas zich in de oostelijk gelegen Venlo-slenk en vormde daar terrassen, steilranden en terrasvlakten. Eenmaal in een vlakkere en rustige bedding aangekomen, net na de kenmerkende wijde bocht naar het westen, stopte de insnijding en zette de Maas haar sediment van grind, zand en klei af. Hier ontstond een rivierenlandschap van oeverwallen en komgronden. De afgezette kleipakketten hinderden de doorstroom van het water vanuit de hogere dekzandgronden naar de Maas en een nat kwelgebied ontstond op de grens tussen hoog en laag Nederland: De Naad van Brabant.

3

Landschappen

MAASBOMMEL

OSS

HEESCH GEFFEN

HEUSDEN ‘s-HERTOGENBOSCH ‘s-HERTOGENBOSCH ‘s-HERTOGENBOSCH ‘s-HERTOGENBOSCH DRUNEN

VUGHT ST.MICHIELSGESTEL

Land van Maas Maasvallei

De Peel

Naad VE va

Het Dommeldal

SCHIJNDEL De Peelrand

De Zandrug

Rivierloop Maas

Hoofdwaterloop Dommeldal

Peelrand

Maasterrasrug

Ven

Middenpeelweg

Maasterrasvlakte

Het Groene Woud

Overige historische ontginningslijnen

Maasheggen

Natte natuurparel

Wijstgrond

Overige waterlopen

Overige waterlopen

Peelrandbreuk en nevenbreuken

Oude ontginningen Land van Maas

Zandwinplas Meijerij, Dommel en Aa

HAAREN

Zandwinplas

Jonge heideontginningen

Bos

Maasvallei

Maaskant Rivierloop Maas

BOXTEL

Jong bos Rivierloop Maas Oud bos Maasterrasrug

Maashorst ST.OEDENRODE ST.OEDENRODE

Het Dommeldal

Jong bos Hoofdwaterloop Dommeldal

De Peelkern Ven

Het Aa-dal Maasterrasvlakte

Uiterwaarden

4

Meijerij, Dommel en Aa

Braba

De Peel

De Peelrand

Peelrand

Midden

Peelkern Het Groene Woud

Overige

Oeverwallen

Maasheggen Hoofdwaterloop Aa-dal

Overige historische ontginningslijnen Natte natuurparel

Wijstgro

Komgronden

Overige waterlopen Het Groene Woud

Jong bos Overige waterlopen

Peelrand

Zandwinplas

Zandwinplas Overige waterlopen

Oude ontginningen Peel-Raamstelling

Zandwin

Historische stad aan Maas

Bos Oude ontginningen

Hertogswetering

Jonge heideontginningen

Maaskant

Jonge heideontginningen Linie Jong bos

Maasho

Jong bo

Land van Maas

Bos Meijerij, Land van Maas Dommel en Aa

Jong bos Land Meijerij, van Dommel De Maas Peel en Aa Rivierloop Maas

Oud bos Meijerij, De Peel Dommel Naad van en Brabant Aa

De Naad Peelva De Peelkern

Maasvallei

Zuiderwaterlinie Het Dommeldal Maasvallei

Oud bos Het Dommeldal Maasvallei De Peelrand Uiterwaarden

Het Dommeldal Aa-dal De Zandrug De Peelrand

De Peelrand Zandrug Peelkern De

Rivierloop Maas

Rivierloop Vesting MaasHoofdwaterloop Dommeldal

Rivierloop Maas Peelrand Hoofdwaterloop Dommeldal Oeverwallen

Brabantse Peelrand Hoofdwaterloop Dommeldalzandrug Hoofdwaterloop Aa-dal

Braban Overige Peelrand

Maasterrasrug

Maasterrasrug Fort / Lunet / Redoute Ven

Maasterrasrug Ven Middenpeelweg Komgronden

Ven Middenpeelweg Het Groene Woud

Jong bo Midden

Maasterrasvlakte

Het/Groene Woud Maasterrasvlakte Traverse overlaten inundatievlakten

Het Groene Woud Overige historische ontginningslijnen Maasterrasvlakte Zandwinplas

Het Groene Woud ontginningslijnen Overige historische Overige waterlopen

Maasheggen

Maasheggen

Natte natuurparel Wijstgrond Maasheggen Historische stad aan Maas

Natte natuurparel Wijstgrond Oude ontginningenEINDHOVEN

Overige waterlopen

Overige waterlopen Overige waterlopen

Overige Overige waterlopen waterlopen Peelrandbreuk en nevenbreuken Hertogswetering

Overige waterlopen Peelrandbreuk en nevenbreuken Jonge heideontginningen

Wijstgro Linie Peelrand

Natte natuurparel

Overige

Peel-Raamste

Zandwinplas

Zandwinplas

Oude ontginningen

Zandwinplas Oude ontginningen Zandwinplas Bos

Oude ontginningen Zandwinplas Jong bos

Zandwin

Bos

Bos

Jonge heideontginningen

Jonge heideontginningen Bos Maashorst

Jonge heideontginningen Maashorst Oud bos

Maasho

Maaskant

Maaskant

Jong bos

Jong bos

Jong Jongbos bos

Jong bo

Oud bos DeMaas Rivierloop Fort / Lunet /Peelkern Redoute

Oud bos

De Peelkern

De Peelkern

Peelkern Het Aa-dal

Peelkern

Jong bos

Zuiderwaterlinie Maaskant Vesting

Rivierloop Maas

Oud bos Rivierloop Maas

Uiterwaarden

Het Aa-dal Uiterwaarden

Oeverwallen

Oeverwallen

Hoofdwaterloop Aa-dal

Oeverwallen HoofdwaterloopOverige Aa-dal historische ontginningslijnen

Overige historische ontginningslijnen Hoofdwaterloop Aa-dal

Komgronden

Komgronden

Het Groene Woud

Jong bos Komgronden Het Groene Woud

Jong bos Woud Het Groene

Jong bo

Zandwinplas

Zandwinplas

Overige waterlopen

Zandwinplas Overige waterlopen Peel-Raamstelling

Overige waterlopen Peel-Raamstelling

Peel-Raamste

Historische stad aan Maas

Historische stad Oude aan Maas ontginningen HertogsweteringJonge heideontginningen

Historische stad aan Maas Oude ontginningen Linie Hertogswetering Jonge heideontginningen

Oude ontginningen Linie

Hertogswetering Bos

Bos

Jong bos

Bos Jong bos

Jong bos

Zuiderwaterlinie

Oud bos

Oud bos

Oud bos

Zuiderwaterlinie

Peelkern Het Aa-dal Uiterwaarden Traverse overlaten / inundatievlakten

Zuiderwaterlinie

Jonge heideontginningen

Overige

Linie

NIJMEGEN

BATENBURG

MEGEN

RAVENSTEIN

GRAVE

CUIJK

GENNEP

MILL

UDEN

BOXMEER

an Brabant

EGHEL

ST.ANTHONIS

Onder- en overliggende structuren

g

antse zandrug

Zuid-Willemsvaart

NNB

Snelwegen BOEKEL

Weidevogelgebieden

Provinciale wegen

RWS beheergebieden

Spoorwegen

beekdalen

Kernen Lijntje NaadDuits van Brabant

Onder- en overliggende structuren OVERLOON

Napoleonsbaan De Zandrug

d

Peelrandbreuk en nevenbreuken Brabantse zandrug

Zuid-Willemsvaart

NNB

npeelweg

Snelwegen

Weidevogelgebieden

e historische ontginningslijnen

Provinciale wegen

RWS beheergebieden

ond

Spoorwegen

beekdalen

dbreuk en nevenbreuken

Kernen

nplas

Duits Lijntje

orst

Napoleonsbaan

d

os

VENRAY

Peelrandbreuk en nevenbreuken

anOnderBrabant en overliggende structuren Naad Onder-van enBrabant overliggende structuren

dgn

Onder- en overliggende structuren

De Zandrug

ntse zandrug Zuid-Willemsvaart edhistorische ontginningslijnen

Brabantse Zuid-Willemsvaart zandrug

NNB

NNB Zuid-Willemsvaart

NNB

Snelwegen os npeelweg

Snelwegen

Weidevogelgebieden

Snelwegen Weidevogelgebieden

Weidevogelgebieden

Provinciale wegen e historische ontginningslijnen

Provinciale wegen

RWS beheergebieden

Provinciale wegen RWS beheergebieden

RWS beheergebieden

beekdalen

beekdalen Spoorwegen

beekdalen

elling

ond

Spoorwegen

dbreuk enKernen nevenbreuken

HELMOND

Spoorwegen Kernen

Kernen Duits Lijntje

nplas

Duits Lijntje

Duits Lijntje

orst

Napoleonsbaan

Napoleonsbaan

Napoleonsbaan

os

Peelrandbreuk en nevenbreuken

Peelrandbreuk en nevenbreuken

Peelrandbreuk en nevenbreuken

n

e historische ontginningslijnen

os

elling

5

NIJMEGEN

MAASBOMMEL BATENBURG

MEGEN

RAVENSTEIN

OSS

GRAVE

CUIJK

HEUSDEN ‘s-HERTOGENBOSCH DRUNEN

Land van Maas Rivierloop Maas

Maasvallei

Maasvallei

Het Dommeldal

De Peel GENNEP

Hoofdwaterloop Dommeldal

Peelrand

Maasterrasrug

Ven

Middenpeelw

Maasterrasvlakte

Het Groene Woud

Overige histo

Maasheggen

Natte natuurparel

Overige waterlopen

Overige waterlopen

Zandwinplas

Oude ontginningen

Bos

Jonge heideontginningen

Maashorst

Jong bos De Peel

Jong bos v Naad

Meijerij, Dommel en Aa Maaskant

Wijstgrond BOXMEER

Peelrandbreu

Zandwinplas

Oud bos

De Peelrand

Uiterwaarden Hoofdwaterloop Dommeldal

De Zandru De Peelkern

Het Aa-dal Peelrand

PeelkernBrab

Maasterrasrug

Oeverwallen Ven

Middenpeelweg Hoofdwaterloop Aa-dal

Overige histo

Maasterrasvlakte

Komgronden Het Groene Woud

Overige historische ontginningslijnen Het Groene Woud

Jong bos

Maasheggen

Zandwinplas Natte natuurparel

Overige Wijstgrond waterlopen

Overige waterlopen

Overige waterlopen Historische stad aan Maas

Peelrandbreuk en nevenbreuken Oude ontginningen

Zandwinplas

Hertogswetering Oude ontginningen

Zandwinplas Jonge heideontginningen

Bos

Meijerij, Dommel en Aa

Maaskant Het Dommeldal EINDHOVEN

Bos

De Peel

Peel-Raamstellin VENRAY

Naad van Brabant

Jonge heideontginningen

Jong bosMaashorst

Jong bos

bos Oud bosJong De Zandrug

Zuiderwaterlinie De Peelrand HELMOND Oud bos

De Peelkern

Brabantse zandrug

Rivierloop Maas Hoofdwaterloop Dommeldal

Vesting

Maasterrasrug

UiterwaardenVen

Het Fort /Aa-dal Lunet / RedouteMiddenpeelweg

Peelkern

Overige TraverseHoofdwaterloop overlaten / inundatievlakten Aa-dalhistorische ontginningslijnen

Overige historische ontginningslijnen

Peelrand

Maasterrasvlakte

Oeverwallen Het Groene Woud

Maasheggen

Komgronden Natte natuurparel

Wijstgrond Het Groene Woud

Overige waterlopen

Zandwinplas Overige waterlopen

Peelrandbreuk en nevenbreuken Overige waterlopen

Zandwinplas

Oude Historische stad aanontginningen Maas

Zandwinplas Oude ontginningen

Bos

Jonge heideontginningen Hertogswetering

Maashorst Jonge heideontginningen

Rivierloop Maas

Bos

Zuiderwaterlinie

Jong bos

Jong bos

Oud bos

Oud De bos Peelkern

Jong bos

Uiterwaarden

Het Aa-dal Vesting

Peelkern

Oeverwallen

Fort / Lunet /Hoofdwaterloop Redoute Aa-dal

Overige historische ontginningslijnen

Komgronden

Traverse overlaten / inundatievlakten Het Groene Woud

Jong bos

Zandwinplas

Overige waterlopen

Historische stad aan Maas

Oude ontginningen

Hertogswetering

Jonge heideontginningen

Bos

Jong bos

Zuiderwaterlinie

Oud bos

Vesting Fort / Lunet / Redoute Traverse overlaten / inundatievlakten

De Peelrand

Rivierloop Maas

Rivierloop Maas

Maaskant

6

Meijerij, Dommel en Aa

Rivierloop Maas Het Dommeldal

Maasvallei

Land van Maas

Land van Maas

Peel-Raamstelling Linie

Jong bos

Peel-Raamstelling Linie

Linie

Land van Maas De Maas verandert binnen Noordoost-Brabant van een insnijdingsrivier naar een sedimentatierivier. Dit gebeurt om en nabij Grave, waar het land vlakker wordt en de stroomsnelheid van de Maas afneemt. Hierdoor heeft het landschap van de Maas twee gezichten in Noordoost-Brabant: dat van de Maasvallei en dat van de Maaskant.

Maasvallei: De Maas als insnijdingsrivier rivier; terrassen en heggen Insnijdingslandschap van de Maas, gekenmerkt door de Maasterrassen met ruggen en vlakten, oude stroomgeulen (o.a. de Vilt) en de maasheggen.

Kenmerken De Maasvallei is van oost naar west te verdelen in het rivierdal, Rivierdal Maasterrasrug en de Maasterrasvlakte. Het rivierdal wordt - Maasheggen gekenmerkt door de Maasheggen, die zich hier op een uniekleinschalige landbouwpercelen ke schaal voordoen. OpBrabant de Maasterrasrug vestigden Naad van Onder-mensen en overliggende-structuren - ontzandingsplassen (Kraaijenbergse Plassen) zich al vroeg, De zoZandrug was Cuijk in de Romeinse Tijd een belangrijke - oude stroomgeulen nederzetting. Dit isBrabantse terugzandrug te zien aan een relatief hogeZuid-Willemsvaart bebouNNB Maasterrasrug wingsgraad van de rug; hier ligt, gescheiden door akkerbouwWeidevogelgebieden Snelwegen weg - oude bebouwingslinten van afzonderlijke dorpen en buurtRWS beheergebieden Provinciale wegen complexen, een bebouwingslint van afzonderlijke dorpen. Elk orische ontginningslijnen beekdalen Spoorwegen schappen met hun eigen formaat en karakteristiek. Op de vlakkere en open uk en nevenbreukenMaasterrasvlakte is de bebouwingsgraad veel lagerKernen - afwisseling van open akkerbouwcomplexen en bosschages en liggen Duits Lijntje s - relatief hoge graad (stedelijke) dynamiek de dorpen als afzonderlijke eilanden in het landschap.

In deze Napoleonsbaan - micro-reliëf met steilranden terrasvlakte ligt ook het beekdal van de veelal gekanaliseerde Peelrandbreuk en nevenbreuken van BrabantRaam, die in het noorden Onder- en Maasterrasvlakte bijoverliggende Grave in destructuren Maas uitmondt. De ug - lagere bebouwingsgraad van kleine kernen terrasvlakte wordt doorsneden door de A73 en de spoorlijn bantse zandrug Venlo-Nijmegen. De belangrijkste Zuid-Willemsvaart - relatief vlak en half-open landschap recreatieve ontwikkelingenNNBzijn orische ontginningslijnen Snelwegen - landbouw belangrijke drager buitengebied gekoppeld aan de Maas (o.a. het Maasheggengebied en deWeidevogelgebieden RWS beheergebieden Provinciale wegen Kraaijenbergse plassen). beekdalen Spoorwegen ng Aandachtspunten Kernen - behouden contrast stad-land tussen de kernen Duits Lijntje - beleving van de Maasvallei vanuit de A73 en A77 Onder- en overliggende structuren Napoleonsbaan - behouden contrasten tussen de kernen Peelrandbreuk en nevenbreuken - microreliëf Zuid-Willemsvaart

NNB

Snelwegen

Weidevogelgebieden

Provinciale wegen

RWS beheergebieden

Spoorwegen

beekdalen

Kernen Duits Lijntje Napoleonsbaan Peelrandbreuk en nevenbreuken

7

Maaskant. De Maas als sedimentatie rivier; oeverwallen en kommen Jonge rivierkleilandschap met hoger gelegen, zanderige oeverwallen en lager gelegen open komgronden. Langs dit deel van het Maasgebied heeft de Maas haar sediment afgezet. Direct langs de rivier het grovere, zanderige materiaal en verderop het fijne, kleiige materiaal: de oeverwallen en de komgronden. Vanaf de middeleeuwen zijn de komgronden systematisch bedijkt. De ruimte van de Maas werd hierdoor beperkt. Om toch droge voeten te houden bij piekafvoeren is er een complex stelsel van overlaten (o.a. de Beerse Overlaat) ontwikkeld. De van oorsprong slecht ontwaterde en extensief gebruikte gronden werden na WOII ontgonnen voor de landbouw. Hier heeft zich de moderne, grootschalige veehouderij ontwikkeld. Het landschap is open en weids. De open rivierkleipolders worden geflankeerd door het halfopen landschap van de oeverwallen. Op de oeverwal liggen de meer besloten, kleinschalige oeverwaldorpen met een gevarieerder landgebruik dan in de kommen. Tussen de dorpen is het landschap open. Kenmerkend is het defensiestelsel van de Zuiderwaterlinie. De vroegere scheidslijn tussen de Noordelijke en de Zuidelijke Nederlanden. Het vormt een kralensnoer van vestingsteden (Den Bosch, Grave, Ravenstein en Megen), forten, stellingen en inundatievlaktes.

De buitendijkse gebieden, de uiterwaarden, zijn nog steeds in gebruik voor landbouw, maar worden steeds belangrijker voor natuurontwikkeling (o.a. De Keent), klimaatadaptatie en recreatie (De Lithse Ham). Rond de havens van ‘s-Hertogenbosch, Oss, Cuijk heeft zich havengebonden bedrijvigheid ontwikkeld. Verspreid langs de Maas liggen verschillende plezierhavens.

8

Kenmerken Komgronden - (dwars)dijken - open en weids landschap - rationeel, grootschalig landschap - systeem van overlaten - oost-west georiënteerde weteringen (o.a. Hertogswetering) - eendenkooien - grootschalige landbouw als belangrijke drager Oeverwallen - dijken - half-open landschap - gevarieerd landgebruik - wielen - kleinschalige oeverwaldorpen Uiterwaarden - open landschap - nauwelijks buitendijkse bebouwing - landbouw, natuurontwikkeling en recreatie Aandachtspunten - weidevogelgebieden - behouden contrast oeverwallen en komgronden

-

9

HEESCH

‘s-HERTOGENBOSCH DRUNEN

VUGHT ST.MICHIELSGESTEL

Land van Maas

Meijerij, Dommel en Aa SCHIJNDEL

Het Dommeldal

Maasvallei HAAREN

De Peel

Naad van Brabant

De Peelrand

De Zandrug Brabantse zandrug

Onder- en

Zuid-Will

Rivierloop Maas

Hoofdwaterloop Dommeldal

Peelrand

Maasterrasrug

Ven

Middenpeelweg

Snelwege

Maasterrasvlakte

Het Groene Woud ST.OEDENRODE

Overige historische ontginningslijnen

Provincial

Maasheggen

Natte natuurparel

Wijstgrond

Spoorweg

Overige waterlopen

Overige waterlopen

Peelrandbreuk en nevenbreuken

Kernen

Zandwinplas

Oude ontginningen

Zandwinplas

Duits Lijntj

Bos

Jonge heideontginningen

Maashorst

Napoleon

Jong bos

Jong bos

Peelrandb

Maaskant

BOXTEL

Meijerij, Dommel en Aa Rivierloop Maas

Oud bos De Peel

Het Dommeldal Uiterwaarden

Het Aa-dal De Peelrand

Naad van Brabant De Peelkern De Zandrug Peelkern

Onder- en overliggende structuren

Hoofdwaterloop Dommeldal Oeverwallen

Peelrand Hoofdwaterloop Aa-dal

Brabantse zandrugontginningslijnen Overige historische

Zuid-Willemsvaart

N

Ven Komgronden

Middenpeelweg Het Groene Woud

Jong bos

Snelwegen

W

Het Groene Woud Zandwinplas

Overigewaterlopen historische ontginningslijnen Overige

Provinciale wegen

R

Natte natuurparel Historische stad aan Maas

Wijstgrond Oude ontginningen

Spoorwegen

b

Overige waterlopen Hertogswetering

Peelrandbreuk en nevenbreuken Jonge heideontginningen

Kernen

Oude ontginningen Bos

Zandwinplas Jong bos

Duits Lijntje

Jonge heideontginningen

Maashorst Oud bos

Napoleonsbaan

Jong bos Vesting Oud bos Fort / Lunet / Redoute

Jong bos

Peelrandbreuk en nevenbreuken

Zuiderwaterlinie

Het Aa-dal Traverse overlaten / inundatievlakten

De Peelkern Peelkern

Hoofdwaterloop Aa-dal

Overige historische ontginningslijnen

Het Groene Woud

Jong bos

Overige waterlopen Oude ontginningen Jonge heideontginningen Jong bos Oud bos

10

VEGHEL

Peel-Raamstelling Linie

Peel-Raamstelling Linie

De Meijerij, beekdalen van Dommel en Aa Kleinschalig mozaïeklandschap Kleinschalig mozaïeklandschap van oude en jonge ontginningslandschappen en woeste gronden aan de benedenlopen van de Dommel en de Aa. De Meijerij is onderdeel van het dekzandplateau bestaande uit verschillende min of meer oost-west georiënteerde dekzandruggen met daartussen dekzandlaagten. Door de plaatselijke leemrijke samenstelling van de bodem stagneerde in de laagten water en vormde zich veen: de woeste gronden en broekgebieden.

De eerste boeren vestigden zich op de hogere gronden langs de beekdalen. Vanuit hier ontgonnen zij het omliggende landschap ongepland en min of meer organisch. De beekdalen werden gebruikt als weide- en hooiland, hoger op ontstonden bolle akkercomplexen door continue bemesting en het opbrengen van plaggen en strooisel van de beweide heidegebieden of woeste gronden. Her en der ontstonden stuifzanden als gevolg van n overliggende structuren overbeweiding. Langs de loop van de Dommel en de Aa en hun zijstromen vormden zich zo linten, dorpen en gehuchten in een NNB lemsvaart afwisselend en kleinschalig landschap. Daartussen liggen verWeidevogelgebieden en schillende kastelen, abdijen, kloosters en later ook landgoederen RWS beheergebieden le wegen en buitenplaatsen met uitgestrekte bebossing.

gen

beekdalen

Later werden de woeste gronden grootschaliger en gepland ontgonnen en ontstonden de open, jonge heideontginningen. Tijdens nsbaan de ruilverkaveling verdwenen in het oude ontginningslandschap breuk en nevenbreuken veel bosschages en zijn delen van Dommel en Aa gekanaliseerd.

je

Kenmerken Oud ontginningslandschap: essen en kampen - kleinschalig landschap - onregelmatig gevormde kavels - esdorpen en gehuchten met een eigen karakter - kleinschalige, verbrede landbouw als drager - bosschages en houtwallen Jong ontginningslandschap: jonge heideontginningen - vlak en half-open landschap - rationele verkavelingsstructuur - grootschalige landbouw als belangrijke drager Beekdalen - kleinschalig besloten/half-open landschap - meanderende stromen - verkavelingen haaks op de beek - broekbossen en houtwallen - populieren teelt Aandachtspunten - vervagend onderscheid tussen stad en land - vervaging onderscheidende identiteiten tussen de verschillende kernen - Groene Woud: Landschap van Allure - Dommeldal deels aardkundig waardevolgebied - bodemarchief

Het afwisselende landschap heeft een belangrijke recreatieve functie gekregen voor het stedelijke gebied van Den Bosch. De Weidevogelgebieden landbouw is meegegroeid met deze ontwikkeling en heeft zich RWS beheergebieden verbreedt met activiteiten op het gebied van recreatie, zorg, beekdalen landschapsbeheer, streekproducten en educatie. De bedrijfsvoering is hiermee sterk gericht op de grondgebonden veehouderij afgestemd op natuur en landschap. Daarnaast is de regio bekend om zijn boomteelt. Enkele gebieden hebben zich ontwikkeld tot grote, rationeel ingerichte en ontsloten landbouwenclaves. De oorspronkelijke en kenmerkende teelt van populieren heeft veel van zijn oorspronkelijke omvang verloren.

NNB

Enkele kernen in Meijerij zijn uitgeroeid tot middelgrote steden of industriekernen, zoals Veghel en Schijndel. Het snelwegennetwerk tussen de grote steden is verbonden met een dicht netwerk van lokale wegen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Bernheze&id=73b97187-e611-4c54-9fb1-13f45709dd54