CConstaterende datBernheze
Koppel je AI →
Document · PDF

bestemmingsplan 'Achterstraat-Delst' - Bijlage T5 vooronderzoek NGE, gemeente Bernheze

Raadsvergadering 23 mei 2024, gemeente BernhezeBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan ‘Achterstraat-Delst, Nistelrode’27.943 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Figuur 64: Uitsnede 7 oktober 1944 uit het boek Bericht van de Tweede Wereldoorlog in Heeswijk, Dinther en Loosbroek (Bron: DRI 133).

Dat een groot gebied binnen de gemeente Bernheze werd beschoten, blijkt tevens uit de munitieruimrapporten van ruimingen die hier binnen zijn opgesteld door de EOD, zie Figuur 65. Binnen de gemeente hebben er meer dan 85 munitieruimingen plaatsgevonden waarbij geschutmunitie is gevonden dat gerelateerd kan worden aan de artilleriebeschietingen. Uit de gevechtsverslagen in de literatuur en het archiefmateriaal en de munitieruimingen van de EOD blijkt dat het kleinste kaliber geschutmunitie, ingezet te gemeente Bernheze, de Duitse 2 cm brisantgranaat was. Dit kaliber werd verschoten door Duits luchtafweergeschut. Het is niet in te schatten waar granaten van luchtafweergeschut zijn neergekomen, omdat het luchtafweergeschut meebeweegt met de overvliegende vliegtuigen. Granaten kunnen tot vele kilometers van het afweergeschut neerkomen. Uit het bronnenmateriaal blijkt verder dat 2 cm geschut enkele keren is ingezet tegen gronddoelen, zoals bij de gevechten om de Laverdonk. Wanneer dit het geval was en de locatie van het inzetten van dit geschut tegen gronddoelen achterhaald kon worden, is dit opgenomen in de analyse van de grondgevechten, zie paragraaf 6.3.1. Hetzelfde geldt voor kleinere kalibers mortiergranaten, zoals de Duitse 5 cm mortiergranaten.

Omdat de kleinere kalibers mortiergranaten werden gebruikt door infanteristen bij grondgevechten, worden deze kalibers enkel verwacht ter plaatse van gebieden waar ook grondgevechten hebben plaatsgevonden. Het kleinste kaliber geschutmunitie, niet zijnde mortiergranaten, dat grootschalig te Bernheze is ingezet is de 7,5 cm/75 mm granaat. Deze granaten werden onder andere afgevuurd door Sherman-tanks, waarvan bekend is dat deze tijdens de bevrijding van Heesch zijn ingezet.. De Amerikaanse 155 mm granaat is het zwaarste kaliber granaat dat binnen de gemeente is geruimd. Afgezien van dat dit kaliber ingezet werd door Amerikaanse troepen, is het bekend dat Amerikaanse M59 ‘Long Tom’ 155 mm kanonnen bij verschillende Britse artillerie-eenheden werden ingedeeld en zijn ingezet.

74047 / RO-210306 versie 0.1

NGE-Risicokaart Bernheze

Pagina 91 van 373

Figuur 65: Munitieruimingen door de EOD waarbij granaten zijn geruimd die mogelijk gerelateerd kunnen worden aan artilleriebeschietingen (Bron: ondergrond: ESRI).

Uit de MORA’s blijkt dat er in een groot gebied van de gemeente Bernheze munitieruimingen hebben plaatsgevonden. Aan de hand van analyse van luchtfoto’s na de bevrijding in 1944 is getracht om te analyseren waar de granaten precies binnen de gemeente Bernheze zijn neergekomen. Hiervoor zijn verschillende luchtfoto’s van zo kort mogelijk na de bevrijding bij diverse luchtfoto-instanties aangevraagd. Van nagenoeg de gehele gemeente zijn luchtfoto’s van na de grondgevechten in september 1944 aanwezig gebleken. De artilleriebeschietingen op sommige locaties duurden echter tot eind oktober 1944. Van laat in de oorlog zijn slechts in het noordelijke gedeelte van de gemeente luchtfoto’s gemaakt. Wel is getracht om zo laat mogelijk in oktober voor de overige delen van de gemeente luchtfoto’s te raadplegen. Op de beschikbare luchtfoto’s van eind september, oktober en november 1944 zijn luchtfoto-analyses uitgevoerd. In het onderstaande figuur is een voorbeeld tussen Rukven en Kaathoven zichtbaar waarop kraters naar aanleiding van artilleriebeschietingen zichtbaar zijn. Hierbij dient opgemerkt te worden dat mortiergranaten over het algemeen direct aan het oppervlak detoneren en hierdoor amper kraters veroorzaken.

Geschutgranaten van diverse kalibers veroorzaken voornamelijk kraters wanneer deze waren uitgerust met een ontsteker met een vertraagde werking of wanneer het kaliber groot genoeg was. Daarbij zijn op verschillende luchtfoto’s panden met schade naar aanleiding van artilleriebeschietingen waarneembaar. Dit valt voornamelijk op door het ontbreken van daken van huizen. Een voorbeeld hiervan is in Figuur 67 weergegeven.

74047 / RO-210306 versie 0.1

NGE-Risicokaart Bernheze

Pagina 92 van 373

Figuur 66: Kraters (rood omlijnd) naar aanleiding van beschietingen tussen Rukven en Kaathoven op een luchtfoto d.d. 6 oktober 1944 (Bron: NCAP).

Figuur 67: Huizen met schade aan daken met rood weergegeven op een luchtfoto van 25 november 1944 (Bron: NCAP).

74047 / RO-210306 versie 0.1

NGE-Risicokaart Bernheze

Pagina 93 van 373

Ter aanvulling van de luchtfoto’s is het Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN) geraadpleegd. Ten zuiden van Loosbroek kunnen bijvoorbeeld via het AHN vele kraters worden waargenomen. Op de luchtfoto van 6 oktober 1944 kunnen alhier geen kraters worden waargenomen. Uit het bronnenmateriaal blijkt tevens dat na deze datum ook nog enige beschietingen ter plaatse van Loosbroek hebben plaatsgevonden. De effecten hiervan zijn tot op heden nog op het AHN in weinig geroerde grond zichtbaar. Vanwege de nauwkeurigheid van deze ingemeten laag zijn tevens de kleinere kraters zichtbaar. Deze kunnen veelal niet of nauwelijks op luchtfoto’s worden waargenomen. In Figuur 68 en Figuur 69 is een vergelijking van de luchtfoto en de AHN laag weergegeven. Op de laag van het AHN is te zien dat de percelen direct ten noordwesten van het gebied waarop kraters zichtbaar zijn volledig is omgeploegd. Dit geploegde perceel wordt al jaren gebruikt als akkerland, kraters zijn hier derhalve via het AHN niet meer zichtbaar. Ditzelfde geldt voor de gehele gemeente Bernheze.

Figuur 68: Luchtfoto d.d. 6 oktober 1944 van perceel aan de Heibloemsedijk te Loosbroek (Bron: NCAP).

74047 / RO-210306 versie 0.1

NGE-Risicokaart Bernheze

Pagina 94 van 373

Figuur 69: Kraters zichtbaar via het AHN op bovengenoemde perceel (Bron: AHN).

Aan de hand van de beschikbare luchtfoto’s en het AHN, zijn alle zichtbare kraters en oorlogsschade naar aanleiding van artilleriebeschietingen binnen de gemeentegrens in GIS ingevoerd. Deze zijn weergegeven in Figuur 70.

Figuur 70: Kraters en oorlogsschade ingetekend naar aanleiding van luchtfoto-analyse en analyse van het AHN (Bron ondergrond: ESRI).

74047 / RO-210306 versie 0.1

NGE-Risicokaart Bernheze

Pagina 95 van 373

Verder is uit het archiefmateriaal van de voormalige gemeenten gebleken dat er verschillende meldingen van oorlogsschade zijn opgenomen. Zo zijn bijvoorbeeld overzichtslijsten van ontstane oorlogsschade in de voormalige gemeente Heeswijk op 1 september 1945 opgesteld. Deze is weergegeven in Figuur 71. Hieruit blijkt dat er 12 percelen geheel verwoest of zeer zwaar beschadigd waren (A-schade). 225 andere panden zijn op een of andere manier ook beschadigd.

Figuur 71: Overzichtslijst van ontstane oorlogsschade in de gemeente Heeswijk op 1 september 1945 (Bron: BHIC, toegang 7611, inv. 342).

Ook zijn verschillende exacte locatiemeldingen aangetroffen. Deze zijn echter allen aangegeven met toenmalige wijknummers (zoals bijvoorbeeld A.6 in het onderstaande figuur). In het gemeentearchief van zowel Dinther, als Nistelrode zijn geen omnummeringslijsten beschikbaar gebleken. Ook de lokale Heemkundekringen Nistelvorst als De Wojstap (Heeswijk, Dinther en Loosbroek) zijn niet in het bezit van deze lijsten. Hierdoor is niet na te gaan welke huizen of percelen zijn beschadigd tijdens de bevrijding in 1944 in de gemeenten Dinther en Nistelrode. Voor de gemeente Heesch en Heeswijk zijn deze wel beschikbaar gebleken. Hieruit blijkt dat er 114 schademeldingen met specifieke locatievermeldingen als gevolg van artilleriebeschietingen beschikbaar zijn.

74047 / RO-210306 versie 0.1

NGE-Risicokaart Bernheze

Pagina 96 van 373

Figuur 72: Schademeldingen met precieze locatieaanduiding uit het archiefmateriaal (Bron ondergrond: ESRI).

In de gemeentearchieven en het archief van de MMOD zijn meldingen aangetroffen van niet-gedetoneerde munitie. De meeste hiervan hebben betrekking op Dinther en Nistelrode. Hiervan ontbreken specifieke locatiegegevens of omnummeringslijsten.

Figuur 73: Opsomming van enkele panden te Dinther waarbij munitie is aangetroffen in 1945 (Bron: Archief MMOD).

74047 / RO-210306 versie 0.1

NGE-Risicokaart Bernheze

Pagina 97 van 373

Ter plaatse van verschillende delen van de huidige gemeente Bernheze worden naar aanleiding van Duitse en geallieerde artilleriebeschietingen NGE-Risicogebieden afgebakend. Dit wordt geconstateerd vanwege de grote hoeveelheden aangetroffen NGE, de vele meldingen van artilleriebeschietingen, de meldingen en waarnemingen van schade en de hoeveelheid kraters die te zien zijn op de luchtfoto’s en AHN. De grenzen van het NGE-Risicogebied worden bepaald op basis van de naoorlogs aangetroffen munitie (munitieruimingen van de EOD), informatie uit de War Diaries en After Action Reports, waargenomen kraters en andere beschikbare locatieomschrijvingen. Om deze locaties wordt een buffer van 150 meter aangebracht ter ondervanging van de onnauwkeurigheid van het ingezette geschut. Aan de hand van het geraadpleegde bronnenmateriaal met betrekking tot de ingezette kalibers en naoorlogs geruimde NGE wordt verwacht dat binnen deze NGE-Risicogebieden NGE van geschutmunitie is achtergebleven (Duits en geallieerd) met kalibers vanaf 7,5 cm/75 mm tot en met 155 mm. Voor de tussengelegen gebieden zijn geen directe aanwijzingen aangetroffen in het bronnenmateriaal dat deze specifiek zijn beschoten. De NGE-Risicogebieden worden in het onderstaande figuur aangegeven.

Figuur 74: NGE-Risicogebieden naar aanleiding van de artilleriebeschietingen binnen de huidige gemeente Bernheze in september en oktober 1944 (Bron ondergrond: ESRI).

Conclusie Naar aanleiding van geallieerde en Duitse artilleriebeschietingen in de gemeente Bernheze, is een NGERisicogebied afgebakend waarbinnen geallieerde en Duitse geschutmunitie van de kalibers 7,5 cm/75 mm tot en met 155 mm kunnen worden aangetroffen.

74047 / RO-210306 versie 0.1

NGE-Risicokaart Bernheze

Pagina 98 van 373

7

ANALYSE MILITAIRE INFRASTRUCTUUR

Naar aanleiding van de geallieerde landing in Normandië op 6 juni 1944 en de daaropvolgende opmars naar Nederland is binnen de gemeente Bernheze op verschillende plekken Duitse militaire infrastructuur aangelegd. Ter voorbereiding op een geallieerde aanval werden op verschillende locaties wapenopstellingen, geschutopstellingen en andere militaire werken aangelegd. Deze worden in de tekst hieronder verder geanalyseerd. Uit de literatuur en het andere bronnenmateriaal blijkt dat er in de omgeving van bijvoorbeeld Bernheze enkele stellingen zijn opgeworpen. Veelal zijn de beschrijvingen van de locaties van deze stelling te summier om een specifieke locatie af te bakenen. Derhalve is getracht met behulp van luchtfoto’s deze exacte locaties aan te wijzen. Wanneer dit niet mogelijk is gebleken en de beschrijving van een locatie te summier bleek, kan er geen NGE-Risicogebied worden afgebakend. In dit hoofdstuk zijn de verschillende soorten militaire infrastructuur beoordeeld en geanalyseerd om vast te stellen of mogelijk NGE zijn achtergebleven. De volgende paragrafen geven een overzicht van de militaire infrastructuur in de gemeente en of er al dan niet NGE worden verwacht naar aanleiding van de militaire infrastructuur. 7.1

WAPENOPSTELLINGEN

Een wapenopstelling is een opstelling van handvuurwapens, machinegeweer of andere (semi)automatische wapens, niet zijnde onderdeel van een verdedigingswerk. De locatie van de wapenopstelling is verdacht op mogelijk achtergebleven NGE van KKM, hand- en geweergranaten en munitie voor granaatwerpers. Deze typen munitie worden hier verwacht omdat bekend is dat deze zijn ingezet tijdens de bevrijding van de gemeente Bernheze. Hierbij dient rekening gehouden te worden met de cartografische onnauwkeurigheid van 5 meter van de betreffende luchtfoto. In de gemeente Bernheze zijn op een luchtfoto van 6 oktober 1944 ter plaatse van een perceel onder Nistelrode meerdere wapenopstellingen bij elkaar zichtbaar. Over het algemeen werden wapenopstellingen met elkaar verbonden door middel van zigzaggende loopgraven. In het voorliggend geval zijn dergelijke loopgraven aangebracht, echter is wel enige vorm van verbinding aangelegd. Uit de luchtfoto of het andere bronnenmateriaal is niet op te maken of dit een weg, een loopgraaf of iets anders betrof. Derhalve wordt enkel ter plaatse van de waargenomen wapenopstellingen afgebakend. De locaties zijn in het onderstaande figuur weergegeven.

74047 / RO-210306 versie 0.1

NGE-Risicokaart Bernheze

Pagina 99 van 373

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Bernheze&id=da7fdede-fd1f-449e-ba4d-4048c59c074b