CConstaterende datBerg en Dal
Koppel je AI →
Document · PDF

Sterke werkwoorden

Gemeenteraad 10 februari 2022, gemeente Berg en DalBij agendapunt: Voorstel om in te stemmen met het rapport en aanbevelingen van de evaluatie WerkBedrijf Rijk van Nijmegen23.855 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Bouwteam Werk www.transitieregionijmegen.nl November 2013

sterke werkwoorden we rk b o e k

Millingen a/d Rijn

Millingen a/d Rijn

Groesbeek

Groesbeek

Mook en Middelaar

Mook en Middelaar

Ubbergen Ubbergen

Nijmegen

Nijmegen

Heumen

Heumen

Beuningen Beuningen

Wijchen

Wijchen

Druten

Druten

een definitief besluit over regionale samenwerking op het domein Werk in de regio Rijk van Nijmegen

Het bouwen van een nieuw werkbedrijf voorwoord Verbinden is een sterk werkwoord: de verleden tijd en het voltooid deelwoord wijken af van de regelmaat. En afwijking, dat is precies waar het nieuwe Werkbedrijf voor staat. Het nieuwe Werkbedrijf wordt echt anders, wijkt af van de werkwijze van de huidige afdelingen Werk van de gemeenten. Door haar externe oriëntatie, bedrijfsdienstverlening en kandidaatsbenadering en nieuwe bedrijfscultuur. Door hoe het nieuwe bedrijf mensen verbindt aan bedrijven. In de chemie staat verbinden voor “samen overgaan in een nieuwe stof”. Een verbinding is een stof die bestaat uit twee of meer elementen, in een vaste verhouding weergegeven met een formule. Het nieuwe Werkbedrijf is G9B1. Negen gemeenten en Breed zijn de elementen, het nieuwe Werkbedrijf is de chemische verbinding. In deze nota wordt beschreven wat het bestaansrecht is van het nieuwe Werkbedrijf. Wat houdt de chemische verbinding bij elkaar? Wat gaat het nieuwe Werkbedrijf doen en welke stappen moeten nog worden gezet? Uiteindelijk blijft de verbinding alleen bij elkaar als er voor iedereen voordelen aan verbonden zijn; als het nieuwe Werkbedrijf robuust is en toegevoegde waarde levert voor kandidaten en bedrijven. Als het Werkbedrijf kandidaten en bedrijven aan elkaar verbindt.

Op 1 januari 2015 moet het nieuwe Werkbedrijf in bedrijf zijn. Daarvoor moet nog veel gebeuren. Sommige onderdelen van de huidige sociale diensten en Breed gaan naar het nieuwe Werkbedrijf, andere blijven achter. Per 1 januari 2014 komt de organisatorische verantwoordelijkheid hiervoor te liggen bij een kwartiermaker, die dit proces zorgvuldig inricht. Want dat nieuwe Werkbedrijf is ook echt iets nieuws en lijkt niet op een sociale dienst. De blik is naar buiten gericht en het werk gebeurt niet van achter een bureau of loket. Bij dit bedrijf werken netwerkers, die mensen en bedrijven direct met elkaar in contact brengen. Vanaf het moment dat de kwartiermaker aan de slag gaat, is de regio ruim twee jaar bezig met het bouwen van het nieuwe Werkbedrijf. Niet omdat de rijksoverheid de spelregels steeds verandert, maar omdat de ontwikkelingen binnen het domein Werk te belangrijk zijn om onbesproken te laten. Bovendien doen veel partijen mee aan deze klus: bedrijven, klanten, AWBZ-instellingen, gemeenteraden, medezeggenschapsorganen, UWV, onderwijsinstellingen en Breed. Zij hebben mede het fundament gelegd en spelen ook weer een rol bij de verdere realisatie van het Werkbedrijf.

voorwoord — sterke werkwoorden pagina 2

inhoud pag 2 Voorwoord pag 3 Inhoudsopgave pag 4 Het nieuwe regionale Werkbedrijf in 10 punten pag 5 Het proces tot op heden pag 6 Waar de regio staat dee l 1 — Het nieuwe Werkbedrijf

pag 9 Hoofdstuk 1 – Missie, visie en kernwaarden pag 11 Hoofdstuk 2 – Bedrijfsdienstverlening pag 14 Hoofdstuk 3 – Kandidaatsbenadering pag 20 Hoofdstuk 4 – Verbindingsfunctie pag 22 Hoofdstuk 5 – Dienstverlening pag 25 Hoofdstuk 6 – Secundaire processen pag 28 Hoofdstuk 7 – De begroting van het Werkbedrijf dee l 2 — De transformatie

pag 36 Hoofdstuk 8 – Uitgangspunten pag 38 Hoofdstuk 9 – Van tien naar één pag 44 Hoofdstuk 10 – Transitiekosten en risico’s dee l 3 — Aansturing van het Werkbedrijf

pag 48 Hoofdstuk 11 – De eerste module van de MGR dee l 4 — Het vervolgproces

pag 51 Hoofdstuk 12 – Vervolg inhoudsopgave — sterke werkwoorden pagina 3

Het nieuwe regionale Werkbedrijf in 10 punten

1 . B ed r i j ve n o n t z o r g e n Bedrijven zijn “de klant” van het nieuwe Werkbedrijf. Bedrijven creëren de werkgelegenheid die nodig is om kandidaten aan het werk te helpen. Het nieuwe Werkbedrijf gaat ervoor zorgen dat bedrijven ontzorgd worden. Door de verschillende instrumentele benaderingen van gemeenten en Breed te harmoniseren, echt contact te hebben (één aanspreekpunt), risico’s weg te nemen, goed te adviseren en bedrijven rechtstreeks in contact te brengen met kandidaten. In hoofdstuk 2 wordt de impuls in de nieuwe bedrijfsdienstverlening beschreven. Deze impuls is hard nodig om de groeiende groep werkzoekenden aan de onderkant van de arbeidsmarkt kansen te geven op werk. De arbeidsmarkt is veranderd en de diversiteit aan regelgeving is te groot.

b

De regio Sterke werkwoorden bouwt één nieuw regionaal Werkbedrijf, met als kerntaak arbeidsbemiddeling. Dit nieuwe Werkbedrijf levert dienstverlening aan bedrijven, benadert kandidaten en brengt verbindingen tot stand door deze kandidaten direct in contact te brengen met bedrijven.

dienstverleni s f j ng ri ed

indingsfunctie b r ve

sbenad eri idaat d n ng ka

acquireren

samenwerken

ontwikkelen

bemiddelen

screenen

diagnosticeren

adviseren

profileren

begeleiden

monitoren

activeren

controleren

2 . K a n didat e n m e n s g e r i c h t be n ade r e n Niet iedereen is in staat om zelfstandig werk te vinden. Sommige mensen hebben “net dat Het nieuwe regionale Werkbedrijf in 10 punten — sterke werkwoorden pagina 4

Het nieuwe regionale Werkbedrijf in 10 punten laatste zetje” nodig, anderen moeten intensief begeleid worden. Het nieuwe Werkbedrijf doet dit en gaat daarbij altijd uit van wat kandidaten wél kunnen en van direct contact tussen bedrijf en kandidaat. Dit contact wordt tot stand gebracht door de vakmensen die werken bij het nieuwe Werkbedrijf, die weten wanneer ze welke instrumenten uit de regionale gereedschapskist moeten inzetten. Daarbij werkt het nieuwe Werkbedrijf mensgericht. In hoofdstuk 3 wordt de kandidaatsbenadering nader beschreven, in hoofdstuk 4 de verbindingsfunctie.

3 . I n n o vat ie e n c u lt u u r ve r a n de r i n g De nieuwe Participatiewet voegt een aantal bestaande wetten (onder andere de WSW, WWB en Wajong) samen en het is aan de regio om een – aan bedrijven en kandidaten – logische gereedschapskist met instrumenten aan te bieden. Dit is een complexe ontwikkelopgave die vraagt om een deskundige blik en integrale invalshoek. En om de bereidheid te innoveren. Daarnaast wordt ook opnieuw vormgegeven aan wat verstaan moet worden onder vakmanschap. De cultuur van het nieuwe Werkbedrijf is flexibel en gericht op direct contact. Het werk vindt vooral plaats buiten de muren van overheidsgebouwen.

4 . E e n r o b u u s t e o r g a n isat ie Bovenbeschreven veranderingen kunnen alleen plaatsvinden als de gemeenten in de regio Sterke werkwoorden echt samenwerken. Als de regio bereid is een uniform instrumentarium te ontwikkelen om bedrijven te ontzorgen en kandidaten te helpen. Samenwerking heeft ook nog andere voordelen: “één instrumentarium ontwikkelen kost minder energie dan negen instrumentaria ontwikkelen.” Daarnaast is het nieuwe Werkbedrijf robuust. Robuust genoeg om flexibel in te spelen op ontwikkelingen en innovaties. Robuust genoeg om garant te staan voor een stabiele bedrijfsvoering.

5 . D e i n t e g r at ie va n B r eed Het nieuwe Werkbedrijf is een arbeidsbemiddelingsbedrijf en heeft geen productiefunctie. Deze koers komt overeen met de koers die op dit moment gevaren wordt binnen Breed, en waarin de regio fors geïnvesteerd heeft. Deze investering moet renderen en delen van Breed zullen ook geïntegreerd worden in het nieuwe Werkbedrijf. Onder regie van het bestuur van Breed vindt het opstellen van een scenario voor deze integratie plaats.

6 . D e p o si t i o n e r i n g va n de a r beids m at i g e da g bes t edi n g e n he t bes c h u t t e we r k Het nieuwe Werkbedrijf voert de regie over het nieuwe beschutte werk en de arbeidsmatige dagbesteding, maar zal deze taken in de

toekomst niet zelf uitvoeren. In 2014 wordt bepaald – in overleg met Breed en de huidige AWBZ-partijen – welke partijen deze taken in de toekomst organiseren. Deze partijen zullen nauw samenwerken met het nieuwe Werkbedrijf. Om mensen die deze vormen van ondersteuning nodig hebben goed te kunnen helpen en om bedrijven maar één keer te benaderen.

7 . H e t r e g i o n aa l j o n g e r e n lo ke t i n t e g r ee r t i n he t n ie u we W e r kbed r i j f Op dit moment is er een regionaal jongerenloket, waarin Nijmegen als centrumgemeente dienstverlening levert. Het jongerenloket wordt een onderdeel van het nieuwe Werkbedrijf.

8 . Mi n de r g e l d Het ambitieniveau dat de regio met het nieuwe Werkbedrijf heeft, is hoog. Tegelijkertijd krimpt het participatiebudget (zie paragraaf 7.2), wordt het voor gemeenten steeds moeilijker om extra te investeren in re-integratie (op dit moment regionaal nog ongeveer € 5,6 miljoen, zie hoofdstuk 10) en zit de economische situatie niet mee. Toch ontslaat dit de regiogemeenten niet van de verplichting de nieuwe Participatiewet zo adequaat mogelijk uit te voeren en een moderne, efficiënte organisatie te bouwen die bedrijven ontzorgt en kandidaten verder helpt.

9 . B asis pakke t e n m aat we r k Het Werkbedrijf is de eerste module van de modulaire gemeenschappelijke regeling (MGR). Iedere gemeente sluit afzonderlijk een dienstverleningsovereenkomst (DVO) af. In deze DVO worden afspraken gemaakt over het basispakket en het maatwerkpakket. Onder het basispakket valt het bedrijf an sich, de gemeenschappelijke prioriteiten. Ook voor deze onderwerpen worden onderlinge afspraken gemaakt, bijvoorbeeld over de lokale toegankelijkheid van het Werkbedrijf. Door maatwerkafspraken te maken, kan een individuele gemeente zelf lokale kleur geven aan de uitvoering van het Werkbedrijf, bijvoorbeeld door het Werkbedrijf meer aandacht te laten geven aan een specifieke groep kandidaten.

1 0 . Ja z e g g e n t e g e n di t bes l u i t ? Instemmen met dit Werkbedrijfsplan, betekent dat er vanaf 1 januari 2014 concreet gewerkt gaat worden aan de bouw van het nieuwe Werkbedrijf. Dat betekent niet dat het Werkbedrijf er meteen is: een kwartiermaker gaat alle concrete stappen die gezet moeten worden daadwerkelijk zetten. Zodat er een nieuw bedrijf ontstaat, dat in 2015 operationeel is.

Het nieuwe regionale Werkbedrijf in 10 punten — sterke werkwoorden pagina 5

Het proces tot op heden

ke Va W ur e st in st rkw gs el be lin oo r sl d g ui W en t er kb ed ri jfs pl an

II tie

toekomst

Go

ed

fe re n

ad Ra

kk

ke

lA

er

aa ci

AWBZ/ Jeugdzorg

2013 (vervolg)

gs tin ch ri In in nd rV er bi

Integratie BREED

td

oo

Reorganisatieproces

Implementatie Kracht door Verbinding

Implementatie Kracht door Verbinding

Samenhang Transities Borgen samenhang sociaal domein

2013

2011 2014

Naar 1 Werkbedrijf

Kr ac h

Ve r do or ht ac Kr

Kwartiermaker

Tr an s

bi

Integratie BREED

BREED

Reorganisatieproces

Redesign Werk, Regionaal Traject

g

Naar 1 Werkbedrijf

nd in g

Kwartiermaker

iti ep la Va n st Tr st an e sf lli or ng m Re er vi en ta en lis er In te in g gr er en

Afdelingen Werk

design Werk, Regionaal Traject

In ri c

ht

in

gs

pl

pl

an

St

So

m Sa

sc on

su sc on ad Ra

r ke er St en

* et w P-

werking. De WWNV kondigde de samenvoeging van de wet- en regelgeving aan de onderkant van de arbeidsmarkt aan. Tegelijkertijd werd duidelijk dat gemeenten ook andere taken op het sociaal domein overgeheveld zouden krijgen. Na de val van het kabinet Rutte I, werd de WWNV medio 2012 controversieel verklaard.

Regievoering Regionalisering

rd

Ra

Ko

ad

ep

lta

fe re n

sc on

el *

* W N W N

an I nt en tie ve rk la ri ng

ke er St

tie

tie

I

Va W ur e st in st rkw gs el be lin oo rd sl g ui W en t er kb ed ri jfs pl an

II Go

ed

ad

Ra

Ra oo

Regievoering Regionalisering

kk lA aa ci So

Participatiewet

het borgen van de continuïteit van de dienstverlening, het ontwikkelen van een voor bedrijven en kandidaten herkenbaar dienstverleningsconcept en het verhogen van de effectiviteit. De komst van de Wet Werken naar Vermogen (WWNV) en de verlaging van de budgetten waren aanleiding om na te denken over samen-

toekomst

ke

sc on

fe re n

tie lta su sc on ad

verleden

Regionale Samenwerking

rd

r ke er St en m Sa

tie

I tie fe re n sc on Ra

ad

el *

ep

0 . 1 I n t e n t ie o ve r ee n k o m s t e n S a m e n S t e r ke r Eind 2011 hebben de gemeenten in de regio Sterke werkwoorden1 de intentie uitgesproken om regionale samenwerking op domein Werk te onderzoeken. De intentieovereenkomst bevatte een achttal uitgangspunten, waaronder

oo

Waar de regio staat

Borgen samenhang sociaal domein

2012 2015

2013

Afkortingen *P-wet = Participatiewet *NWNW = Niet gelijk, wel gelijkwaardig & niet gelijk, wel geleidelijk *Koepel = Een koepel voor regionale zuilen

2013 (vervolg)

2014

2015

Afkortingen *P-wet = Participatiewet *NWNW = Niet gelijk, wel gelijkwaardig & niet gelijk, wel geleidelijk *Koepel = Een koepel voor regionale zuilen

het proces tot op heden — sterke werkwoorden pagina 6

Het proces tot op heden Toen het nieuwe kabinet aantrad, werd de Participatiewet geïntroduceerd. Ook de Participatiewet is een samenvoeging van de wetgeving aan de onderkant van de arbeidsmarkt (WWB, WSW en Wajong). Naast de wetswijziging zijn er ook andere redenen voor de gemeenten in de regio om meer toenadering tot elkaar te zoeken. Werkgevers vragen om betere facilitering en ontzorging bij het aannemen van werkzoekenden met minder arbeidsvermogen. Daarnaast liggen er kansen voor integrale sturing op het sociaal domein. In februari 2013 is deze ambitie nader geconcretiseerd in het regionale werkdocument ‘Samen Sterker’. In dat werkdocument spreken de colleges in de regio het voornemen uit om één regionaal Werkbedrijf te bouwen. Met het nieuwe Werkbedrijf heeft de regio nieuwe ambities: betere bedrijfsdienstverlening (samenwerking, facilitering en transparantie), een meer integrale en mensgerichte kandidaatsbenadering en meer verbinding met het accent op wat mensen wél kunnen. Tevens vermindert de samenwerking in één regionaal Werkbedrijf de organisatorische kwetsbaarheid van gemeenten. Dit werkboek is een nadere concretisering van genoemde ambities.

Naast de inhoudelijke argumentatie om meer samen te doen in de regio, stuurt de Rijksoverheid al een aantal jaren aan op meer regionale * Nu nog negen gemeenten: Beuningen, Druten, Groesbeek, Heumen, Millingen aan de Rijn, Mook en Middelaar, Nijmegen, Ubbergen en Wijchen. Straks – na de herindeling van de MUG-gemeenten - nog zeven gemeenten.

samenwerking. Niet alleen via de Wet SUWI, maar ook via het ministerie van Binnenlandse Zaken, recent nog in de decentralisatiebrief van begin 2013. Het ministerie heeft een coördinerende rol en moet zorg dragen voor een integrale implementatie van de transities. Gemeenten ontvingen in februari een decentralisatiebrief, waarin criteria werden gesteld voor samenwerking, met congruentie en integraliteit als belangrijkste punten.

Een andere lijn in het rijksbeleid, is dat werkgevers steeds meer verantwoordelijkheden krijgen. Het rijk heeft met werkgevers in het Sociaal Akkoord afgesproken dat zij meer mensen met een arbeidsbeperking in dienst nemen. Dat maakt het Werkbedrijf een belangrijke partner voor bedrijven in onze regio. Zij zullen in de toekomst meer in de rol kruipen van opdrachtgever van het Werkbedrijf en zijn dus primair onze klant.

0 . 2 Pa r t i c i pat iewe t e n S o c iaa l A kk o o r d Het wetsvoorstel Participatiewet (voorheen WWNV) is nog niet openbaar. De verwachting is dat het wetsvoorstel in het vierde kwartaal van 2013 aan de Tweede Kamer wordt aangeboden. De verwachte invoeringsdatum is 1 januari 2015. De geschiedenis van het wetsvoorstel is dynamisch: Na de eerste aanpassing – na de controversieelverklaring van de WWNV en het coalitieakkoord van kabinet Rutte II – werd in april 2013 een Sociaal Akkoord afgesloten tussen het rijk en de sociale partners. De belangrijkste wijzigingen in het wetsvoorstel Participatiewet ten opzichte van de huidige wet- en regelgeving, zijn: - de invoering van het instrument loonkostensubsidie (in plaats van loondispensatie, zoals beschreven in de WWNV); - de invoering van het instrument beschut werken en het beëindigen van de instroom in de WSW per 1 januari 2015; - de overdracht van Wajongers met arbeidsvermogen naar gemeenten.

het proces tot op heden — sterke werkwoorden pagina 7

Het proces tot op heden 0 . 3 P o si t i o n e r i n g W e r kbed r i j f Het nieuwe Werkbedrijf wordt verantwoordelijk voor de regie over de hele participatieketen en heeft drie functies: - Bedrijfsdienstverlening (hoofdstuk 2) - Kandidaatsbenadering (hoofdstuk 3) - Verbinden (hoofdstuk 4) De regie voeren over de participatieketen (van arbeidsmatige dagbesteding tot werken in regulier verband) is nadrukkelijk iets anders dan het ook zelf uitvoeren van de activiteiten in die participatieketen. Het Werkbedrijf maakt afspraken met AWBZ-partijen, UWV, onderwijsinstellingen, regiogemeenten en andere partijen, over wie wat doet, en kan daar zelf verschillende rollen in vervullen: bijvoorbeeld die van inkoper, coördinator of uitvoerder. Het Werkbedrijf sluit allianties met partijen in de regio, stelt samenwerking centraal en is zelf uitvoerder van de drie hierboven genoemde functies.

0 . 4 D e k o e r s va n B r eed De positie van ons SW-bedrijf Breed verdient in dit plan specifieke aandacht. In 2012 is uitgesproken dat Breed een arbeidsbemiddelingsbedrijf moet worden. Een arbeidsbemiddelingsbedrijf is beter in staat om mensen buiten de muren van het SW-bedrijf aan het werk te krijgen dan een SW-bedrijf dat gericht is op productie. Om de koerswijziging te realiseren is een transitieproces gestart. Dit transitieproces is nog niet afgerond.

SW-bedrijf Breed heeft de ambitie om haar organisatie optimaal te integreren in de arbeidsmarkt: er moet werk op de arbeidsmarkt gezocht worden bij de medewerker in plaats van andersom, het liefst buiten de muren van Breed en indien nodig met begeleiding. Detachering is hierbij een belangrijk instrument. Breed verbetert haar marktbenadering en gaat op zoek naar werkgevers die groepen SW-medewerkers werk bieden. Interne leerwerkbedrijven hebben geen toekomst. Vanwege de negatieve financiële resultaten, maar zeker ook vanwege de overtuiging dat zoveel mogelijk mensen zo regulier mogelijk moeten werken. Het nieuwe Werkbedrijf en Breed hebben vergelijkbare kernfuncties, namelijk arbeidsbemiddeling. Er zijn ook verschillen. Zo bedient het Werkbedrijf de gehele onderkant van de arbeidsmarkt. Met een belangrijk deel van de

groep mensen die op het Werkbedrijf afkomt, namelijk mensen met een arbeidsbeperking (voorheen Wsw en Wajong), hebben de gemeenten nog geen ervaring. Breed heeft dit wel. Het Werkbedrijf maakt gebruik van de expertise die Breed heeft. Harmonisatie van diensten, methoden en instrumenten is het uitgangspunt. Het Werkbedrijf neemt zoveel mogelijk de plaatsingssystematiek, marktbenadering en detacheringsfaciliteit van Breed over. Zelf krijgt het Werkbedrijf geen productiefunctie. De regio hoeft voor verschillende onderdelen het wiel niet opnieuw uit te vinden. Er is immers al veel geïnvesteerd in de transitie van Breed en het rendement daarvan wordt optimaal gebruikt. Dit betekent ook dat Breed ten opzichte van de gemeentelijke afdelingen Werk een status aparte heeft in het traject van integratie. Het proces borgt de realisatie van de ambities die (de regio met) Breed heeft.

0 . 5 T r a n s fo r m at ie e n aa n s t u r i n g Om tot een ondernemend en extern georiënteerd Werkbedrijf te komen, moet een complexe transformatie plaatsvinden waarbij negen afdelingen Werk en Breed zijn betrokken. Dit proces wordt in deel 2 beschreven. In het verleden is uitgesproken dat in onze regio geen lappendeken van samenwerkingsverbanden mag ontstaan. In de regio wordt een Modulaire Gemeenschappelijke Regeling (MGR) opgericht waar het nieuwe Werkbedrijf de eerste module (afdeling) van is. In dit document wordt uitsluitend stilgestaan bij hoe de Module Werkbedrijf in de toekomst aangestuurd wordt binnen de MGR (deel 3). Een toelichting op de (aansturing van de) MGR is niet opgenomen in dit document, maar wordt separaat aangeboden.

0 . 6 Leeswi j z e r Deel 1 beschrijft het nieuwe Werkbedrijf, van missie tot meerjarenbegroting. Deel 2 beschrijft de transformatie naar één nieuw Werkbedrijf. Deel 3 beschrijft de aansturing van het nieuwe Werkbedrijf, de eerste module binnen de MGR. Deel 4 beschrijft de vervolgstappen.

het proces tot op heden — sterke werkwoorden pagina 8

missie, visie en kernwaarden deel 1 > hoofdstuk 1 1 . 1 O n t wikke l i n g e n Het nieuwe Werkbedrijf opereert in een zeer dynamische omgeving. De economie, de arbeidsmarkt, opleidingen en maatschappelijke uitdagingen veranderen. Dit betekent dat het Werkbedrijf flexibel moet kunnen inspelen op veranderingen. Het nieuwe Werkbedrijf moet een open organisatie zijn met oog voor de buitenwereld: het moet op zoek naar partnerships, vernieuwende interventies plegen en innovaties opzoeken.

zijn. Het Werkbedrijf is in dit opzicht een partner van bedrijven.

Het Werkbedrijf anticipeert op maatschappelijke ontwikkelingen. Dus wordt er steeds meer gekeken naar wat mensen wél kunnen. Dit doet het Werkbedrijf op een arbeidsmarkt die steeds flexibeler wordt. Uit analyses van SER en CPB blijkt dat steeds minder mensen een vast contract krijgen en dat het aantal zelfstandigen stijgt. Het Werkbedrijf moet meedenken met tijdelijke oplossingen voor mensen en met mensen die als zelfstandige aan de slag kunnen. Deeltijdwerk, tijdelijke contractering en werk tegen een gereduceerd tarief tellen mee in de nieuwe werkwijze.

De laatste ontwikkeling die voor de bouw van een Werkbedrijf relevant is, is digitalisering. Mensen hebben internet en verwachten goede digitale dienstverlening. Het Werkbedrijf geeft prioriteit aan digitalisering, voor kandidaat- en bedrijfscontacten en voor interne processen.

Iedereen in de samenleving doet mee en de overheid bemoeit zich niet met problemen die mensen zelf – of in hun netwerk – kunnen oplossen. Dit heeft ook consequenties voor de werkwijze van het Werkbedrijf. Als maatwerk noodzakelijk is, levert het nieuwe Werkbedrijf maatwerk. Maar als het Werkbedrijf op afstand kan blijven, doet ze dit ook.

Werkgevers worden sterker aangesproken op hun maatschappelijke verantwoordelijkheid om personeel in dienst te nemen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Het Werkbedrijf ondersteunt bedrijven door te bekijken welke oplossingen en mogelijkheden er (kunnen)

het nieuwe werkbedrijf — hoofdstuk 1 — missie, visie en kernwaarden

sterke werkwoorden pagina 9

missie, visie en kernwaarden

b

1 . 2 Missie e n ke r n waa r de n : we r k is de u i t k o m s t ! Het Werkbedrijf is er voor mensen die hulp nodig hebben bij het vinden of behouden van werk. Het Werkbedrijf noemt hen “kandidaten”. Die hulp kan ook betekenen dat het Werkbedrijf iemand ondersteunt bij de eerste stappen. Het bedrijf verbindt kandidaten aan bedrijven door middel van interventies. Dat kan zijn door kwaliteiten bij mensen te onderkennen en zichtbaar te maken of te ontwikkelen en door de juiste begeleiding te bieden. De interventie moet eerlijk, passend en proportioneel

zijn: een kandidaat moet hulp nodig hebben, maar doet zo veel mogelijk zelf. De interventies en hun doel zijn transparant en ze leiden niet tot verdringing. De prijs van interventies moet zowel voor het Werkbedrijf, de werkgever als de kandidaat redelijk zijn. De verbinding die het Werkbedrijf legt en de oplossing die het bedrijf met een klant of kandidaat bedenkt, kan creatief (en dus maatwerk) zijn en komt niet rechtstreeks uit een “productenboek”. In dit opzicht probeert het Werkbedrijf positief te verrassen.

dienstverleni s f j ng ri ed

indingsfunctie b r ve

Het Werkbedrijf verbindt bedrijven die arbeid nodig hebben aan kandidaten die deze arbeid kunnen leveren. Voor die verbinding is geen blauwdruk beschikbaar, arbeidsbemiddeling is maatwerk. De professionals moeten actief op zoek gaan naar een match tussen een bedrijf en kandidaat. En die match ligt niet altijd voor de hand, omdat het gaat om kandidaten die hulp nodig hebben bij het vinden van werk. Van de professionals wordt verwacht dat ze altijd op zoek zijn naar deze verbindingen en (verrassende) oplossingen bedenken. De match moet voor iedereen goed zijn. Voor kandidaten om-

dat ze een stap maken naar werk, voor bedrijven omdat ze hun bedrijf versterken en voor de gemeente omdat de maatschappelijke kostenbatenanalyse positief uitvalt. Bij het Werkbedrijf werken medewerkers die willen weten wat het effect van hun handelen is en die altijd streven naar een maximalisatie van dit effect. Het Werkbedrijf kent de bedrijven en kent haar kandidaten. Dit betekent dat het Werkbedrijf continu werkt aan vakmanschap en dat medewerkers altijd bereid zijn kritisch te reflecteren op hun handelen, “evidence based” te werken en te innoveren.

sbenad eri idaat d n ng ka

acquireren

samenwerken

ontwikkelen

bemiddelen

screenen

diagnosticeren

adviseren

profileren

begeleiden

monitoren

activeren

controleren

het nieuwe werkbedrijf — hoofdstuk 1 — missie, visie en kernwaarden

sterke werkwoorden pagina 10

bedrijfsdienstverlening acquireren

bedrijfsdienstverlening

samenwerken

p r o f i l e r e nDe bedrijfsdienstverlening acquireren

adviseren

samenwerken

profileren

advise ren De bedrijfsdienstverlening

bedrijfsdienstverlening

adviseren

profileren

acquireren

samenwerken

acquireren bedrijfsdienstverlening

deel 1 > hoofdstuk 2

sa m e n we r ke n acquireren

samenwerken adviseren

W e r kw o o r de n : p r o f i l e r e n , advise r e n , a c q u i r e r e n e n sa m e n we r ke n Het Werkbedrijf werkt samen met bedrijven door: - echt contact te hebben, met één aanspreekpunt met kennis van de branche en het bedrijf daarbinnen; - een goede detacheringsfaciliteit te bieden (het werkgeverschap te dragen); - kandidaten en bedrijven goed te begeleiden en direct met elkaar in contact te brengen; - risico’s weg te nemen; - goed te adviseren. Deze maatregelen om bedrijven te ontzorgen worden nader uitgewerkt in paragraaf 2.2. Het Werkbedrijf is dé partner in de regio voor bedrijven die zoeken naar arbeidscapaciteit voor een passende prijs die maatschappelijk verantwoord is. Samen met werkgevers creëert het Werkbedrijf mogelijkheden om mensen naar betaald werk te laten groeien. Het nieuwe Werkbedrijf stelt de mogelijkheden die de ondernemer zelf ziet centraal en trekt samen met hem of haar op. Van begin tot eind is dit een publiekprivate co-creatie waarin partijen samenwerken aan een effectieve relatie met elkaar en met kandidaten. Het Werkbedrijf vervult een unieke sleutelrol binnen een dynamische arbeidsmarkt en groeit uit tot een toonaangevende organisatie in de dienstverle-

ning naar bedrijven. Dit gebeurt door middel van relatiemanagement, informatievoorziening, matching van vraag en aanbod, initiatieven voor profilering, projecten ter bevordering van werkgelegenheid en advisering over HRMvraagstukken. Bedrijven zijn de klanten1 van het Werkbedrijf. Zonder medewerking van een werkgever, plaatst het Werkbedrijf geen mensen. adviseren

profileren

Het woord “werkgeversbenadering” in ‘Samen Sterker’ is in het werkboek vervangen door “bedrijfsdienstverlening”. De term werkgeversbenadering impliceert dat het bedrijf zich sec met een organisatie bezighoudt, omdat dit een werkgever is. Deze benadering is te smal; het Werkbedrijf doet meer dan acquireren. Vandaar dat we kiezen voor de term bedrijfsdienstverlening2. In het traject naar dit werkboek is gesproken met een groot aantal bedrijven. Ook zijn naar aanleiding van het Sociaal Akkoord VNO-NCW en FNV als sociale partners betrokken. Beide

Een klant is een afnemer van goederen of diensten. Waarvan het Werkbedrijf behoeften bepaalt en waarmee het Werkbedrijf probeert deals te maken. 2. Onder bedrijven vallen ook niet-commerciële organisaties zoals overheden, stichtingen en vrijwilligersorganisaties. 1.

het nieuwe werkbedrijf — hoofdstuk 2 — bedrijfsdienstverlening

sterke werkwoorden pagina 11

profileren

bedrijfsdienstverlening organisaties hebben aangegeven achter de regionale samenwerking in het Sterke werkwoorden te staan en hebben tevens gewezen op de urgentie van samenwerking. Voor het vervullen van de afspraken die de sociale partners met het kabinet in het Sociaal Akkoord hebben gemaakt, is het Werkbedrijf een belangrijke schakel. VNO-NCW verwacht in de toekomst een slagvaardige partner te hebben in een nieuwe regionaal Werkbedrijf om gesprekken mee aan te gaan in het kader van het quotum dat overeengekomen is in het Sociaal Akkoord. Daarnaast hecht zij veel waarde aan onze ambitie te komen tot harmonisatie van het instrumentarium.

2 . 1 H u idi g e si t u at ie Er is een inventarisatie gemaakt van de werkgeversbenaderingen van gemeenten. Op dit moment heeft elke gemeente een eigen werkgeversbenadering. Sommige werkgevers krijgen bezoek van meerdere gemeenten, UWV en Breed. Werknemers krijgen een veelvoud aan arrangementen aangeboden. De ene gemeente sluit samenwerkingsovereenkomsten af met werkgevers, de andere heeft een scharnierfunctie met als doel mogelijkheden bij werkgevers te vinden en daar kandidaten aan te koppelen. Weer een andere gemeente zet sterk in op social return of het netwerk van de gemeente. Niet zelden vertolken collegeleden

hier een rol in, omdat zij vaak een sterk ontwikkeld netwerk hebben. Bij de huidige werkgeversbenaderingen zijn diverse mensen binnen de gemeentelijke organisaties betrokken. Ook het UWV is een bestaande partner bij het benaderen van werkgevers. Een goede dienstverlening aan bedrijven is cruciaal voor het welslagen van de opgaven waarvoor gemeenten gesteld worden, zo staat beschreven in een handreiking van Divosa, UWV en VNG en in diverse arbeidsmarktanalyses. Bedrijven willen één loket dat hen adequaat ondersteunt en ontzorgt, bij personeelsbehoeften en thema’s die nu en in de toekomst spelen op de arbeidsmarkt. Uit vele onderzoeken blijkt dat zij onder andere behoefte hebben aan: (toekomstig) gekwalificeerd personeel, snelle en adequate matching of vacaturevervulling en ondersteuning en ontzorging bij de invulling van sociaal werkgeverschap.

2 . 2 A dvise r e n , a c q u i r e r e n , sa m e n we r ke n e n p r o f i l e r e n Werk vind je alleen bij bedrijven. Dit geldt natuurlijk voor bedrijven met een vacature, maar bedrijven hebben veel meer te bieden. Het Werkbedrijf benadert hen met oprechte interesse in hun bedrijf, verkent gezamenlijke mogelijkheden en komt zo niet alleen bestaande vacatures op het spoor, maar ook eventuele andere mogelijkheden voor (betaald) werk. De werkvloer bij bedrijven ziet het Werkbedrijf als het belangrijkste re-integratie-instrument. Op de werkvloer doen kandidaten werkne-

mers- en beroepsvaardigheden op. Ook worden op een werkplek vaak de talenten, motivatie en de belemmeringen van kandidaten ontdekt. Zo kunnen kandidaten – die een periode werkloos zijn geweest – het gat op hun CV vullen. Het benaderen van bedrijven, door het Werkbedrijf, UWV en andere instellingen, gebeurt met één gezicht. Deelnemende partijen in deze alliantie zijn op de hoogte van elkaars kennis en kunde en zetten deze in. Zij stemmen tevens af wie verantwoordelijk is voor het benaderen van welke bedrijven. Dit kan uiteenlopen van een individuele medewerker of een directielid tot (een aantal) collegeleden. Het Werkbedrijf waakt voor misbruik en verdringing en zorgt ervoor dat tijdelijk onbetaald werk of werk met financiële ondersteuning voor de werkgever niet langer duurt dan nodig. Werkgevers die niet bereid zijn hier in redelijkheid aan mee te werken, worden niet bediend. Bedrijfsdienstverlening is tweerichtingsverkeer. Het Werkbedrijf gaat voor partnerschap: een sterke relatie met bedrijven en korte lijnen. Het uitgangspunt dat de werkvloer (in veel gevallen) het beste re-integratie-instrument is, heeft ook implicaties voor de kandidaatsbenadering. Dit wordt beschreven in het volgende hoofdstuk. Het nieuwe Werkbedrijf is deskundig, bijvoorbeeld op het gebied van P&O, arbeidswetgeving, functiegebouwen en -differentiatie en social return. Het Werkbedrijf is een organisatie

het nieuwe werkbedrijf — hoofdstuk 2 — bedrijfsdienstverlening

sterke werkwoorden pagina 12

bedrijfsdienstverlening die namens de regiogemeenten taken uitvoert. Het is een speler in het veld met veel kennis en expertise van de gemeenten. Het Werkbedrijf heeft korte lijnen met bedrijven en deelnemende gemeenten en schakelt snel en soepel. Bedrijven ervaren meerwaarde “zonder gedoe” en worden ontzorgd. Het Werkbedrijf neemt geen gemeentelijke taken over (zoals een bedrijvenloket of accountmanagement Economische Zaken) maar stemt maximaal af. Zowel in het grijze gebied tussen het informele contact met een bedrijf als op het moment waarop een specifieke afdeling van de gemeente in actie moet komen. Daarbij versterken de afdelingen Economie en het Werkbedrijf elkaar. Individuele bestuurders of ambtenaren (bijvoorbeeld medewerkers van de afdelingen Economische Zaken) hebben regelmatig goede relaties met bedrijven en niet zelden wil een bedrijf zaken doen met lokale kandidaten en lokale bestuurders. Het Werkbedrijf heeft hier oog voor en wendt deze lokale kracht optimaal aan. Het Werkbedrijf vervult ook een sterke adviserende rol, over bijvoorbeeld social return en maatschappelijk verantwoord ondernemen. Dit gebeurt in samenwerking met UWV, die nu al aanvullende diensten biedt zoals arbeidskundig advies, advies over arbeidsmarktontwikkelingen in de sector/regio en arbeidsjuridisch advies in personeelskwesties.

Een nieuwe tak van sport – waar het Werkbedrijf zich met UWV op toe zal leggen – is het maken van bedrijfsanalyses. Inschakeling van het SW-bedrijf Breed bij deze taak is van belang: Breed heeft

namelijk deskundigheid en ervaring hiermee. Met behulp van deze analyses ontstaat inzicht in het differentiëren in functies en het herindelen van werkprocessen en werkplekken. Op deze manier worden werkpakketten gedestilleerd voor kwetsbare mensen (jobcarving).

om dit in gezamenlijkheid met de afdelingen Economische Zaken van gemeenten bespreekbaar te maken met de bedrijven in de regio en een faciliterende rol te spelen bij het versterken van het arbeidsmarktbeleid; dit in nauwe samenspraak met het onderwijsveld.

Het Werkbedrijf acquireert ook voor de partijen waarmee zij alliantieafspraken maakt, bijvoorbeeld voor instellingen die (onder regie van het Werkbedrijf) de arbeidsmatige dagbesteding organiseren, maar ook voor onderwijsinstellingen die voor hun scholieren en studenten stageplekken en BBL/BOL-plekken nodig hebben. Alliantiepartners hoeven overigens niet per definitie (semi-)publieke instellingen te zijn. Het Werkbedrijf werkt ook samen met uitzendbureaus.

Uitgangspunt is dat de bedrijfsdienstverlening het verschil maakt. Ook het huidige kabinet is voornemens afspraken te maken met bedrijven. In de kamerbrief van 11 april 2013 over het Sociaal Akkoord staat dat werkgevers zich vanaf 2026 garant stellen voor een cumulatief aantal van 100.000 extra banen voor mensen met een beperking. Dit zou voor onze regio een extra banenaanbod van 2.000 betekenen voor mensen met een arbeidsbeperking (de regio ontvangt ongeveer 2% van het landelijke budget). In het begrotingsakkoord van oktober 2013 zijn afspraken over versnelling van dit aanbod opgenomen. Het Werkbedrijf gaat dus actief in gesprek met bedrijven en moet weten welke kandidaten wanneer bemiddeld kunnen worden. Bedrijven worden verleid om te doen aan sociaal werkgeverschap, waarbij het Werkbedrijf een faciliterende rol speelt.

De veranderingen op de arbeidsmarkt, zowel qua wetgeving als sociaal-maatschappelijk hebben gevolgen voor het arbeidsmarktbeleid. Gemeenten worden door dalende budgetten en oplopende werkloosheid geconfronteerd met belangrijke en moeilijke keuzes. Het is belangrijk om samen met het bedrijfsleven na te denken over het profiel van de regio en hoe gemeenten dit, samen met bedrijven, kunnen versterken. Het Werkbedrijf heeft de intentie

Eén van de manieren om de bedrijfsdienstverlening een impuls te geven, is het introduceren van een bedrijfspoort. Medewerkers van het Werkbedrijf gaan – in overleg – reintegratiegesprekken voeren bij bedrijven. Dit vergroot en verbetert het contact tussen het Werkbedrijf, de werkgevers en de kandidaten. Zo wordt de toegang tot werk anders. In het verleden werden kandidaten bij de individueel deelnemende gemeente uitgenodigd voor een

re-integratiegesprek. Het Werkbedrijf gaat zelf op zoek naar nieuwe locaties. Bijvoorbeeld in het centrum van deelnemende gemeenten of bij bedrijven op bedrijventerreinen. Zodat een groot deel van de re-integratieactiviteiten ook plaatsvindt (na)bij bedrijven en er een meer natuurlijke samenwerkingsrelatie ontstaat tussen het personeel van het Werkbedrijf en bedrijven.

2 . 3 I n s t r u m e n ta r i u m Het leveren van dienstverlening aan bedrijven is mensenwerk. Het nieuwe Werkbedrijf investeert in kennis en deskundig personeel om hier invulling aan te geven. Daarnaast wordt geïnvesteerd in pr en communicatie, samenwerking met het UWV (van arbeidsmarktanalyses tot bedrijfsbezoeken) en slimme allianties met bedrijfsleven en onderwijs. In het kader van de bedrijfsdienstverlening is het van groot belang om de regie te blijven voeren over het instrumentarium voor de onderkant van de arbeidsmarkt. Het Werkbedrijf voert de regie over de arbeidsmatige dagbesteding, vormen van beschut werken en (leer) werkplekken (centrale inkoop, decentrale uitvoering). Het is van groot belang dat er geen nieuwe fragmentatie en nieuwe vormen van concurrentie tussen regelingen en instellingen ontstaat. Bestaande regelingen en met name de instrumenten voor bedrijven moeten geharmoniseerd worden binnen de hele participatieketen. Zo kan een transparante bedrijfsdienstverlening geboden worden. Dit is in lijn met de ambitie van het nieuwe Werkbedrijf.

het nieuwe werkbedrijf — hoofdstuk 2 — bedrijfsdienstverlening

sterke werkwoorden pagina 13

kandidaatsbenadering

kandidaatsbenadering

kandidaatsbenadering

s c r ee n e n

De kandidaatsbenadering De kandidaatsbenadering screenen

diagnosticeren

screenen

diagnosticeren

activeren

controleren

activeren

controleren

a ct ive r e n

kandidaatsbenadering kandidaatsbenadering

dia g n o s t i c e r e n

deel 1 > hoofdstuk 3

screenen

diagnosticeren

screenen

diagnosticeren

controleren activeren

controleren

activeren

controleren

W e r kw o o r de n : s c r ee n e n , a ct ive r e n , dia g n o s t i c e r e n e n controleren Het Werkbedrijf helpt kandidaten door: - uit te gaan van wat een kandidaat wél kan en op zoek te gaan naar diens talenten; - kandidaten direct in contact te brengen met bedrijven; - de juiste begeleiding te bieden (van bemiddeling tot intensieve begeleiding). Deze kandidaatsbenadering wordt uitgewerkt in paragraaf 3.4.

3 . 1 H u idi g e si t u at ie Relatief vergelijkbare mensen worden soms heel anders behandeld door de regeling waarin zij vallen. Waar de onderkant van de WSW qua problematiek lijkt op de bovenkant van de dagbesteding, zijn de arrangementen voor deze mensen (en bedrijven) verschillend. SWmedewerkers krijgen betaald conform de CAO WSW en mensen in de dagbesteding krijgen niet betaald voor hun arbeidsmatige productiviteit. Zij moeten een bijdrage betalen om een dagbestedingsplek te krijgen.

Het Werkbedrijf heeft – gebaseerd op de concept-Participatiewet en de kenmerken van Regio Sterke werkwoorden – theoretisch gezien ongeveer 15.000 potentiële kandidaten.

Instellingen concurreren met hun aanbod en dus met mensen richting bedrijven Gemeenten vragen van SW-bedrijven om mensen te detacheren en SW-bedrijven, zoals Breed, brengen hiervoor een inleentarief in rekening bij de werkgever. AWBZ-instellingen hebben met werkgevers vaker een gesprek over hun bijdrage aan de begeleidingskosten en kijken minder naar de loonwaarde van hun klanten. Ook gemeenten concurreren onderling en met de andere partijen met hun aanbod (WWB’ers).

Het woord “poortwachtersfunctie” in ‘Samen Sterker’ riep discussie op. Het suggereert dat het Werkbedrijf er alleen is voor de mensen die nieuw binnenkomen. Dat is niet het geval. Ook bestaande uitkeringsgerechtigden worden gestimuleerd om weer aan het werk te gaan, met de boodschap dat werk boven de uitkering gaat. Elke stap die hen dichter naar werk brengt, is een stap vooruit. Daarom spreekt het Werkbedrijf niet meer van een poortwachtersfunctie, maar van kandidaatsbenadering1.

Een kandidaat is iemand die een bepaalde functie kan vervullen, een gegadigde voor een baan. Het Werkbedrijf verwacht dat hij of zij gemotiveerd is en zich inspant om werk te krijgen. 1.

het nieuwe werkbedrijf — hoofdstuk 3 — kandidaatsbenadering

sterke werkwoorden pagina 14

kandidaatsbenadering OUD: gericht op regels regelingen

mensen

instellingen

werkgevers financiële vergoeding

WWB

gemeente

leerwerk met behoud uitkering verschillen tussen gemeenten

WAJONG

UWV

Bedrijven hebben daardoor te maken met een veelvoud aan verschillende regelingen. Het nieuwe Werkbedrijf gaat werken aan een eenduidige benadering van bedrijven en stelt in de gesprekken met werkgevers de loonwaarde van mensen centraal. Begeleiding kan nodig zijn om mensen te laten participeren en loonwaarde te realiseren. [zie infographic hiernaast]

loondispensatie inleentarief

WSW

BREED interne plek

AWBZ

AWBZ-instellingen

kosten begeleiding arbeidsmatige dagbesteding

Problemen? Instellingen concurreren met hun aanbod en dus met mensen richting werkgevers Werkgevers hebben te maken met een veelvoud aan verschillende regelingen Relatief vergelijkbare mensen worden soms heel anders behandeld door de regeling waarin zij vallen

het nieuwe werkbedrijf — hoofdstuk 3 — kandidaatsbenadering

sterke werkwoorden pagina 15

kandidaatsbenadering NIEUW: gericht op mensen

3 . 2 I n de l i n g va n ka n didat e n Het Werkbedrijf werkt mensgericht en integraal waarbij wetgeving niet leidend moet zijn bij de wijze waarop naar mensen wordt gekeken en met mensen wordt omgegaan. Mensen worden niet meer ‘gestigmatiseerd’ of benaderd vanuit regelingen. Het Werkbedrijf kijkt naar de kansen die iemand heeft in het vinden van een baan. De indeling van kandidaten (segmentatie) – die deels de basis vormt voor de processen van het Werkbedrijf – voldoet dus aan twee kenmerken: 1. de indeling levert een integraler en individueel mensbeeld op, is niet statisch en 2. de indeling is niet gekoppeld aan concrete wetgeving. [zie infographic hiernaast]

100%

zelfredzaamheid

start

individueel traject

duur traject

resultaat

0% 0% loonwaarde

100%

het nieuwe werkbedrijf — hoofdstuk 3 — kandidaatsbenadering

sterke werkwoorden pagina 16

kandidaatsbenadering Werkbedrijf: indviduele trajecten duren niet allemaal even lang

Het Werkbedrijf kiest voorlopig voor een indeling aan de hand van twee assen. De horizontale as zegt iets over de relatie tot de arbeidsmarkt (werk, ontwikkeling naar werk, werk met structurele ondersteuning en zorg/ontheffing) en de verticale as zegt iets over de zelfredzaamheid van mensen (exclusief werkindicatoren). Uiteindelijk is het streven van het Werkbedrijf de arbeidsproductiviteit (loonwaarde) van mensen te vergroten en mensen zelfredzamer te laten zijn. Individuele trajecten kunnen hiervoor verschillen: sommige mensen hebben permanente begeleiding nodig, anderen stromen snel uit. [zie infographic hiernaast]

100% 17 maanden 14 maanden

23 maanden

zelfredzaamheid

58 dagen

21 jaar 0% 0% loonwaarde

100%

het nieuwe werkbedrijf — hoofdstuk 3 — kandidaatsbenadering

sterke werkwoorden pagina 17

kandidaatsbenadering

Mensenwerk: een indeling 100%

Mensenwerk: Mensenwerk: een indelingeen indeling Mensenwerk: een indeling

Mensenwerk: een indeling

100%

100% 8 weken

100%

100% 8 weken

6 maanden

27 maanden

27 maanden

27 maanden

zelfredzaamheid

0% loonwaarde

zelfredzaamheid 24 jaar

0% 0% loonwaarde

24 jaar

zelfredzaamheid

0%

zelfredzaamheid

zelfredzaamheid

6 maanden

27 maanden

24 jaar 0% 0% loonwaarde 24 jaar

0% 0% loonwaarde

24 jaar 0% 0% loonwaarde

6 maanden

3 . 3 Me n se n we r k 8 weken Het Werkbedrijf werkt met vier soorten kandidaten. Zonder mensen in hokjes te willen plaatsen, gaat het grofweg om de volgende ca8 weken tegorieën: 8 weken 1. werkfit: mensen die, met een klein beetje 6 maanden ondersteuning, regulier werk kunnen vinden; 2.27tijdelijke ondersteuning: mensen die zich maanden kunnen ontwikkelen naar regulier werk als 6 maanden het Werkbedrijf de juiste – tijdelijke – inteventies doet; 3. structurele ondersteuning: mensen die structureel ondersteund moeten worden op de arbeidsmarkt; 4. mensen die alleen met zeer intensieve begeleiding op de arbeidsmarkt actief kunnen zijn.

100%

Deze groepen kunnen elkaar overlappen. Mensen kunnen zich immers ontwikkelen, al dan 100% niet door de interventies van het Werkbedrijf en 100% het bedrijf waarbij ze werkzaam zijn. Belang100% rijk is dat het Werkbedrijf in een vroeg stadium constateert in welke categorie een kandidaat zit, welk verbindingsinstrumentarium (hoofdstuk 4) erbij past en de dienstverlening (hoofdstuk 5). Intensief waar nodig, terughoudend als dat kan. [zie infographic hiernaast]

100%

het nieuwe werkbedrijf — hoofdstuk 3 — kandidaatsbenadering

sterke werkwoorden pagina 18

kandidaatsbenadering 3 . 4 S c r ee n e n , a c t ive r e n , dia g n o s t i c e r e n e n c o n t r o l e r e n Het Werkbedrijf screent de kandidaat bij binnenkomst en maakt gebruik van gegevens die al bekend zijn (vanuit UWV, de zorg- of welzijnswereld of het onderwijsveld). Dit levert een inschatting op van de kandidaat en zijn of haar mogelijkheden op de arbeidsmarkt. Het Werkbedrijf brengt kandidaten snel in contact met bedrijven. Niet het Werkbedrijf, maar bedrijven selecteren de kandidaten en deze krijgen de kans om in een werkomgeving hun capaciteiten te laten zien. Daar leren mensen méér van dan van screenings en diagnoses. Om de verbinding te maken, moet het Werkbedrijf natuurlijk wel iets weten van een kandidaat. Het Werkbedrijf levert deze input door gebruik te maken van online vragenlijsten, groepsactiviteiten en individuele gesprekken. Door bedrijven en kandidaten vervolgens zelf het contact en de verbinding te laten maken, is het commitment van beide partijen groter. Met een kandidaat wordt een activeringstraject afgesproken, dat gericht is op zijn of haar ontwikkeling richting werk. Er worden individuele afspraken gemaakt tussen de kandidaat en het Werkbedrijf, die voor allebei bindend zijn. Het Werkbedrijf controleert of kandidaten hun afspraken nakomen. Uitgangspunt is dat re-integratie en activering via de werkvloer bij bedrijven wordt gerealiseerd.

Het streven is om kandidaten die geen werk hebben en dit ook niet zullen krijgen op korte termijn, via leerwerkplekken naar werk

toe te leiden. De inzet van overige instrumenten als scholing stemt het Werkbedrijf af op deze (leer)werkplekken. Zo wordt de arbeidsmarktpositie van de kandidaat verbeterd en de weg naar werk zo kort en direct mogelijk. Leerwerkplekken zijn geen doel op zich, maar wel een goed instrument om mensen dichterbij de arbeidsmarkt te brengen. In sommige gevallen is screenen en activeren niet genoeg, omdat een kandidaat bijvoorbeeld meer problemen of een (duurzame) arbeidsbeperking heeft. In dit geval doet het Werkbedrijf een verdiepende diagnose of laat deze uitvoeren door één van de alliantiepartners met specifieke deskundigheid.

3 . 5 I n s t r u m e n ta r i u m Het instrumentarium van de kandidaatsbenadering bestaat uit alle activiteiten en instrumenten die direct en eenzijdig op de kandidaat werken; zoals screening, begeleiding door een medewerker en bedrijf, een scholings- en cursusaanbod met trainingen en workshops, een verdiepende diagnose en faciliteiten zoals kinderopvangvergoeding of een reiskostenvergoeding. Verbinding met de werkplek bij het bedrijf staat centraal in de benadering van de kandidaten. Investeren aan de voorkant staat centraal en daar wordt dan ook stevig op ingezet. Daarom kiest het Werkbedrijf in ieder geval voor een inzet op nieuwe instroom en op dienstverlening aan jongeren. Dit betekent overigens niet dat het Werkbedrijf niet inzet op de bestaande

kandidaten, van mensen die op dit moment een uitkering ontvangen verwacht de regio dat ze actief op zoek gaan naar werk en ook zij worden door het Werkbedrijf als kandidaat direct in contact gebracht met bedrijven.

3.6 Jongeren Het huidige jongerenloket kent twee pijlers: onderwijs en werk. Zij vervult voor onze regio de Regionale Meld- en Coördinatiefunctie (RMC) met als doel voortijdig schoolverlaten te voorkomen. Voortijdig schoolverlaters zijn jongeren die geen startkwalificatie hebben behaald én geen opleiding volgen. Het jongerenloket registreert voortijdig schoolverlaters tot 23 jaar en zorgt ervoor dat zij via een passend traject (onderwijs, baan of combinatie daarvan) alsnog een startkwalificatie behalen om daarmee hun kansen op de arbeidsmarkt te vergroten. Daarnaast komen er naar het jongerenloket jongeren die wel een startkwalificatie hebben, maar geen werk kunnen vinden. In sommige gevallen helpt het jongerenloket met het vinden van werk, in andere gevallen wordt een jongere terug naar school gestuurd.

Het Werkbedrijf onderhoudt daarom een sterke relatie met het onderwijsveld. Niet alleen door hen aan te spreken op hun maatschappelijke verantwoordelijkheid, maar ook door echt samen te werken. Onderwijsinstellingen in de regio hebben hun jongeren goed in beeld en het Werkbedrijf wil deze kennis benutten. Daarnaast zijn de onderwijsinstellingen gesprekspartner van het Werkbedrijf in haar ambitie om bedrijven eenduidiger te benaderen en de aansluiting op de arbeidsmarkt te verbeteren. Bij dit laatste gaat het dan vooral bedrijven goed te faciliteren bij het opleiden van hun (toekomstige) werknemers, passend bij de bedrijfscultuur- en kennis. Het jongerenloket wordt onderdeel van het Werkbedrijf en gaat mee in de géénloketbenadering. Met de gemeenten, het maatschappelijk middenveld en de onderwijsinstellingen geeft het Werkbedrijf een vervolg aan de huidige jongerenaanpak.

De regio wil voorkomen dat jongeren in een uitkeringssituatie terechtkomen en wil tevens maximaal gebruik maken van hun talenten. Jongeren staan dus hoog op de agenda van het Werkbedrijf. Overigens is arbeidsbemiddeling niet altijd het voornaamste doel: als iemand nog geen startkwalificatie heeft, is het soms belangrijker om de jongere in kwestie eerst terug naar het onderwijs te sturen.

het nieuwe werkbedrijf — hoofdstuk 3 — kandidaatsbenadering

sterke werkwoorden pagina 19

De verbindingsfunctie De verbindingsfunctie

verbindingsfunctie

verbindingsfunctie

De verbindingsfunctie

o n t wikke l e n

verbindingsfunctie

verbindingsfunctie

be m idde l e n

ontwikkelen

bemiddelen

ontwikkelen

bemiddelen

verbindingsfunctie

ontwikkelen

be g e l eide n ontwikkelen

bemiddelen begeleiden

deel 1 > hoofdstuk 4

monitoren

4 . 1 W e r kw o o r de n : o n t wikke l e n , be m idde l e n , be g e l eide n e n m o n i to r e n Het woord ‘bemiddelingsfunctie’ uit ‘Samen Sterker’ riep vragen op; vooral de link tussen bemiddelen en begeleiden bleek onduidelijk. Daarom is dit woord vervangen door de verbindingsfunctie, de essentie van het Werkbedrijf is immers dat mensen die (deels) kunnen werken, verbonden worden met de arbeidsmarkt. Verbinden is uiteindelijk het meest primaire proces van het Werkbedrijf; de instrumenten die de professionals van het Werkbedrijf kunnen inzetten, zijn gericht op het maken van een match tussen kandidaat en bedrijf. Het Werkbedrijf heeft een uitstekende gereedschapskist, met passende en aantrekkelijke arrangementen om kandidaten en bedrijven aan elkaar te verbinden. Het Werkbedrijf werkt oplossingsgericht en sluit aan bij de vraag van het individuele bedrijf en de vaardigheden en competenties van de kandidaat. Een goede relatie met bedrijven en kandidaten wordt gemaakt door mensen. Contracten en procedures zijn randvoorwaardelijk: eerst contact, dan contract.

begeleiden

monitoren

begeleiden

monitoren

4 . 2 O n t wikke l e n , be m idde l e n , be g e l eide n e n m o n i t o r e n De visie van het Werkbedrijf op het ontwikkelen van kandidaten is dat dit zoveel mogelijk moet gebeuren bij bedrijven en niet in theoretische settings van cursussen en scholingen. Daarom werft het Werkbedrijf leerwerkplekken in een breed spectrum aan branches en sectoren voor een breed spectrum aan kandidaten. Bemiddeling naar werkplekken is altijd maatwerk. De ene werkgever heeft zelf uitstekende randvoorwaarden in huis om iemand met een arbeidsbeperking te begeleiden, terwijl de andere deze expertise van het Werkbedrijf verwacht. Het begeleiden van mensen maakt dus ook onderdeel uit van de bemiddeling. Dit is niet iets dat het Werkbedrijf per definitie zelf doet. Niet alleen omdat bedrijven dit soms zelf willen, maar ook omdat deze expertise ingekocht kan worden en beschikbaar is bij het huidige Breed, AWBZ-instellingen of andere partijen. Wel staat vast dat het primaat van de afspraken met bedrijven hierover bij het Werkbedrijf ligt. Als reactie op ‘Samen Sterker’ heeft onder andere Breed aangegeven dat het begeleiden van mensen in veel gevallen een absolute randvoorwaarde is om mensen actief te krijgen en te houden op de arbeidsmarkt. Het Werkbedrijf deelt deze overtuiging.

het nieuwe werkbedrijf — hoofdstuk 4 — verbindingsfunctie

monitoren

bemiddelen begeleiden

sterke werkwoorden pagina 20

monitoren

verbindingsfunctie Het Werkbedrijf heeft ook een detacheringsfaciliteit. Soms is het niet mogelijk om iemand bij een reguliere werkgever in dienst te laten nemen. Bijvoorbeeld omdat een werkgever geen risico’s kan of wil nemen. Breed (is en) heeft reeds een detacheringsfaciliteit. Dit concept en de ervaringen hiermee worden optimaal ingezet bij de vormgeving binnen het Werkbedrijf. In de toekomst wordt bekeken wie in aanmerking komt voor individuele of groepsdetachering en hoe de arrangementen voor kandidaten en werkgevers er uitzien.

Bij het verbinden van kandidaten aan bedrijven, is monitoring en nazorg belangrijk. Omdat een groot deel van de kandidaten behoort tot de relatief kwetsbare burgers en omdat bedrijven ook een risico nemen, is zorgvuldigheid belangrijk. Het Werkbedrijf heeft een vertrouwensrelatie met kandidaten en bedrijven en die relatie kan alleen bestaan als de lijnen kort zijn.

4 . 3 I n s t r u m e n ta r i u m ( de g e r eeds c ha p skis t ) Verbinden is de kerncompetentie van een arbeidsbemiddelingsbedrijf en is mensenwerk. Vakmensen brengen bedrijven en kandidaten direct met elkaar in contact brengen en kunnen zo nodig instrumenten inzetten om een blijvende match te maken. Hieronder wordt een aantal instrumenten genoemd dat valt onder de verbindingsfunctie. Er bestaat een grote verscheidenheid aan instrumenten die mensen naar werk moeten helpen. Gemakshalve worden deze instrumenten ingedeeld in vier categorieën:

4. zorgtrajecten waarin geen focus ligt op arbeid en waar het Werkbedrijf niet de regie over voert maar wel – in samenwerking met andere partijen – een rol kan spelen in de dienstverlening.

1. trajecten die mensen direct naar werk helpen, bijvoorbeeld proefplaatsen; 2. trajecten en subsidies waarbij de nadruk ligt op de ontwikkeling van mensen naar hun maximale arbeidspotentie, zoals leerwerkplekken en begeleiding; 3. trajecten en subsidies waarbij mensen met langdurig verminderde arbeidsproductiviteit (loonwaarde) structureel ondersteund worden; bijvoorbeeld deelbanen met loonkostensubsidies, begeleiding, groepsdetacheringen of vormen van beschut werk, individuele detachering en arbeidsmatige dagbesteding. Het Werkbedrijf voert wel de regie over al deze trajectvormen, maar welke partij de meer zwaardere trajectvormen zal uitvoeren, is nog onderwerp van gesprek met de AWBZ-instellingen, Breed en UWV. Het Werkbedrijf heeft geen productiefunctie voor de mensen die onder deze regelingen vallen;

Dit betekent overigens niet dat een raad niet meer kan sturen. In de verordening staat het instrumentarium dat het Werkbedrijf heeft (het aanbod). In een dienstverleningsovereenkomst (DVO) wordt per gemeente bepaald welk aanbod afgenomen wordt. De lokale aansturing van het Werkbedrijf loopt via de DVO, niet via de re-integratieverordening.

Het Werkbedrijf ontwikkelt – op basis van de Participatiewet – één instrumentarium en legt dit vast. Deze instrumenten landen in één regionale re-integratieverordening, die door het Werkbedrijf wordt vastgesteld. Het is onwenselijk dat het Werkbedrijf moet werken met negen verschillende verordeningen; dan gaat immers alle kracht van gezamenlijkheid verloren.

het nieuwe werkbedrijf — hoofdstuk 4 — verbindingsfunctie

sterke werkwoorden pagina 21

dienstverlening deel 1 > hoofdstuk 5 5 . 1 V o r m e n va n die n s t ve r l e n i n g Omdat het Werkbedrijf er voor iedereen is, is de verscheidenheid aan kandidaten groot: van jonge, talentvolle afgestudeerden die een laatste zetje nodig hebben tot mensen met een duurzame arbeidsbeperking die veel begeleiding en of loonkostensubsidie nodig hebben of mensen die op meerdere leefgebieden problemen hebben (multi-problem). De dienstverlening die het Werkbedrijf levert voor de verschillende groepen, is onvergelijkbaar. Het uitgangspunt van de dienstverlening is maatwerk: de aanpak moet passen bij de capaciteiten en belemmeringen van de kandidaat, licht waar kan, zwaar waar nodig. Lichte dienstverlening Kandidaten die dicht bij de arbeidsmarkt staan, worden zo snel mogelijk verbonden aan de arbeidsmarkt. Het zijn de kandidaten die zelfredzaam zijn, actief zoeken, hun netwerk inzetten en “in balans” zijn. Ook zijn er kandidaten die wel verder van de arbeidsmarkt staan, maar waarvoor een relatief standaardinstrumentarium voldoende is. De betreffende groep heeft vaak lichte vormen van ondersteuning nodig en kan veel zelf. In het kader van de géénloketbenadering worden deze mensen – indien nodig – uitgenodigd bij bedrijven zelf en niet bij een overheidsloket.

het nieuwe werkbedrijf — hoofdstuk 5 — dienstverlening

sterke werkwoorden pagina 22

dienstverlening Dienstverlening

Regie en Maatwerk Een grote groep kandidaten in het bestand van het Werkbedrijf heeft problemen op veel leefgebieden. Het zijn de mensen die minder zelfredzaam zijn of een acuut probleem hebben. Voor deze mensen moet een bredere analyse gemaakt worden. In de begeleiding van deze kandidaten werkt de professional van het nieuwe Werkbedrijf samen met lokale zorgstructuren. Zij sluiten als specialist met een generalistische invalshoek aan bij deze zorgstructuren in de wijk/buurt. Het primaat voor de acties ligt bij de professionals die werken in de lokale toegangspoort. Hierover worden in de dienstverleningsovereenkomst maatwerkafspraken gemaakt per deelnemende gemeente.

zelfredzaamheid

100%

Bovenstaande twee voorbeelden zijn uitersten van het spectrum, bedoeld om duidelijk te maken dat het Werkbedrijf er in principe voor iedereen is. De dienstverlening van het Werkbedrijf is zo ingericht dat er lichte vormen van dienstverlening geboden kunnen worden en daarnaast een specialistenrol in de zorgstructuren. Zowel binnen de lichte dienstverlening als binnen de regie-dienstverlening zitten meer en minder intensieve werktrajecten. [zie infographic hiernaast]

0% regie 0% loonwaarde

maatwerk

intensieve dienstverlening

lichte dienstverlening 100%

het nieuwe werkbedrijf — hoofdstuk 5 — dienstverlening

sterke werkwoorden pagina 23

dienstverlening 5 . 2 V i n d p l aat s g e r i c h t : de g é é n lo ke t be n ade r i n g Het nieuwe Werkbedrijf werkt vindplaatsgericht. Hiervoor is de géénloketbenadering ontwikkeld: het gemeentehuis uit. Het Werkbedrijf is vindbaar bij bedrijven, bij lokale zorgstructuren, op internet en – als een deelnemende gemeente dit expliciet wil – in een gemeentehuis.

ten, bij uitzendbureaus en bij scholen. Dit houdt in dat kandidaten die het Werkbedrijf bemiddelt en die geen grote afstand hebben tot de arbeidsmarkt of die bijvoorbeeld met begeleiding aan het werk kunnen, uitgenodigd worden bij deze bedrijfspoorten. Dergelijke locaties worden per gemeente ingericht, samen met bedrijven en andere partijen, om echt van bedrijfspoorten te kunnen spreken.

Onderstaande ingangen zijn nauw met elkaar verbonden en bieden een combinatie van dienstverlening aan. Het is de kleuring van de dienstverlening die verschilt, het Werkbedrijf verwijst mensen ook niet onnodig door.

Toekomstplein Het Werkbedrijf heeft één representatieve locatie waar bedrijven en kandidaten ontvangen kunnen worden en waar de backoffice zit. Het Toekomstplein heeft een activerende uitstraling. Er is (een fysieke) ruimte voor samenwerkingspartners van het Werkbedrijf om zich te presenteren op het Toekomstplein (UWV, zorginstellingen, uitzendbureaus, onderwijsinstellingen).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11005841/2