Bijlagenboek Bestemmingsplan recreatieterrein De Oude Molen
Tekst van het document
Bestemmingsplan – bijlagen bij de toelichting Recreatieterrein De Oude Molen Gemeente Berg en Dal
Bijlagen Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3 Bijlage 4 Bijlage 5 Bijlage 6 Bijlage 7
Archeologisch onderzoek Voortoets stikstofdepositie Verslag vooroverleg en inspraak Zienswijzennota Stedenbouwkundige effectrapportage Akoestisch onderzoek Quickscan Wet natuurbescherming
Bijlage 1
Archeologisch onderzoek
ARCHEOLOGISCH BUREAUONDERZOEK EN VERKENNEND BOORONDERZOEK RECREATIETERREIN DE OUDE MOLEN TE GROESBEEK GEMEENTE GROESBEEK
Archeologisch bureauonderzoek en verkennend booronderzoek Recreatieterrein De Oude Molen te Groesbeek in de gemeente Groesbeek Opdrachtgever
Recreatieoord De Oude Molen BV Wylerbaan 1d 6561 KN Groesbeek
Project Rapportnummer Status Versienummer Datum
Vestiging Auteurs
GRO.SRO.ARC 15071707 conceptrapportage C1 28 augustus 2015
Swalmen P. Beurskens BA
Paraaf
Autorisatie
Drs. A.H. Schutte
Paraaf
© Econsultancy bv, Swalmen Foto’s en tekeningen: Econsultancy bv, tenzij anders vermeld Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie of op welke wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgevers. Econsultancy aanvaardt geen aansprakelijkheid voor eventuele schade voortvloeiend uit de toepassing van de adviezen of het gebruik van de resultaten van dit onderzoek. ISSN: 2210-8777 (Analoog rapport) ISSN: 2210-8785 (Digitaal rapport E-depot)
Econsultancy Archeologisch Rapport
Administratieve gegevens plangebied Projectcode en nummer
15071707 GRO.SRO.ARC
Toponiem
Recreatieterrein De Oude Molen
Opdrachtgever
Recreatieoord De Oude Molen BV
Gemeente
Groesbeek
Plaats
Groesbeek
Provincie
Gelderland
Kadastrale gegevens
Gemeente Groesbeek, Sectie I, nummers 3605, 3608, 3415, 3419
Omvang plangebied
circa 9.880 m2
Kaartblad
46B (1:25.000)
Coördinaten centrum plangebied
X: 192.904 / Y: 421.842
Bevoegd gezag
Gemeentehuis Groesbeek Dorpsplein 1 6562 AH Groesbeek Postbus 20 6560 AA Groesbeek
T: 14024 (024 - 39 96 111) F: 024 - 39 96 333 E: gemeente@groesbeek.nl
ARCHIS2
Bureauonderzoek 3296477100 n.v.t.
Booronderzoek 3296485100 n.v.t.
Onderzoeksmeldingsnummer (OM-nr.) Vondstmeldingsnummer
Archeoregio NOaA
Limburgs zandgebied
Beheer en plaats documentatie
Econsultancy, Swalmen/ Provinciaal Archeologisch Depot Gelderland
Uitvoerders
Econsultancy, drs. A.H. Schutte en P. Beurskens
Kwaliteitszorg Econsultancy beschikt over een eigen opgravingsvergunning, afgegeven door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE). De opgravingsvergunning geeft opdrachtgevers de zekerheid dat het uitvoerend bureau werkt conform de eisen die de RCE stelt op het gebied van competenties en integriteit van medewerkers en het toepassen van vigerende normen en onderzoeksprotocollen. Verder is Econsultancy lid van de Nederlandse Vereniging van Archeologische Opgravingsbedrijven (NVAO). De leden van de NVAO bieden kwalitatief hoogstaand archeologisch onderzoek. Het lidmaatschap is een waarborg voor kwaliteit en betrouwbaarheid. Tevens is Econsultancy aangesloten bij de Vereniging van Ondernemers in Archeologie (VOiA). De VOiA behartigt de belangen van meer dan 100 bedrijven in alle takken van de archeologie. Betrouwbaarheid Dit onderzoek is op zorgvuldige wijze uitgevoerd, conform de toepasselijke en van kracht zijnde regelgeving. Een booronderzoek wordt in het algemeen uitgevoerd door het steekproefsgewijs onderzoeken van de bodem, waardoor het, op basis van de resultaten van een booronderzoek, onmogelijk is garanties af te geven ten aanzien van de aan- of afwezigheid van archeologische waarden. In dit kader dient ook opgemerkt te worden dat geraadpleegde bronnen niet altijd zonder fouten en volledig zijn.
Daar Econsultancy voor het verkrijgen van historische informatie afhankelijk is van deze bronnen, kan Econsultancy niet instaan voor de juistheid en volledigheid van deze informatie.
Econsultancy Archeologisch Rapport
SAMENVATTING Econsultancy heeft in opdracht van Recreatieoord De Oude Molen BV op 13 en 14 augustus 2015 een archeologisch bureauonderzoek en op 14 augustus 2015 een inventariserend veldonderzoek (IVO, verkennende fase) door middel van boringen uitgevoerd. Het onderzoek is uitgevoerd in het kader van de voorgenomen nieuwbouw. Het plangebied is gelegen aan de Recreatieterrein De Oude Molen te Groesbeek in de gemeente Groesbeek. Volgens de archeologische beleidskaart van de gemeente Groesbeek ligt het plangebied binnen een gebied met een hoge archeologische verwachting. In deze gebieden moet bij planvorming en voorafgaand aan vergunningslening vroegtijdig archeologisch veldonderzoek (inventariserend archeologisch onderzoek) worden uitgevoerd. Bodemingrepen diepen dan de huidige bouwvoor moeten worden vermeden. Het archeologisch onderzoek is noodzakelijk om te bepalen wat de archeologische verwachtingswaarde is binnen het plangebied en of deze door de voorgenomen bodemingrepen kunnen worden aangetast. Binnen het kader van de Wet op de Archeologische Monumentenzorg (2007), voortvloeiend uit het Verdrag van Malta (1992), is men verplicht voorafgaand archeologisch onderzoek uit te voeren (zie bijlage 5). Doel van het bureauonderzoek is een gespecificeerde archeologische verwachting voor het plangebied op te stellen.
Dit wordt uitgevoerd door middel van het verwerven van informatie, aan de hand van bestaande bronnen, over bekende en verwachte archeologische waarden. Het inventariserend veldonderzoek (IVO-overig, verkennende fase) heeft tot doel de in het bureauonderzoek opgestelde gespecificeerde archeologische verwachting aan te vullen en te toetsen door middel van boringen. Het veldonderzoek is erop gericht om inzicht te krijgen in de geologische en bodemkundige opbouw binnen het plangebied. Tevens zullen, indien mogelijk, kansrijke en kansarme zones worden geïdentificeerd. Met de resultaten van het archeologisch onderzoek kan worden vastgesteld of binnen het plangebied archeologische waarden aanwezig (kunnen) zijn en of vervolgonderzoek dan wel planaanpassing noodzakelijk is. Gespecificeerde archeologische verwachting Uit de landschappelijke ligging, blijkt dat het plangebied vanaf het Paleolithicum gunstig is geweest voor jagers-verzamelaars en vanaf het Neolithicum voor landbouwers. Uit de archeologische gegevens die verzameld zijn uit het onderzoeksgebied blijkt dat er in de omgeving van het plangebied sporen van menselijke activiteit zijn waar genomen uit het Neolithicum tot en met de Nieuwe tijd. Uit de resultaten van het inventariserend veldonderzoek blijkt dat de bodemopbouw bestaat uit een bouwvoor van 50 cm dik. Hieronder ligt een verstoorde B-horizont.
Ook de bovenste 50-60 cm van de C-horizont zijn verstoord. Conclusie Op basis van de waargenomen bodemverstoringen en de aanwezigheid van bebouwing op een deel van de nieuwbouwlocatie, kan worden geconcludeerd dat archeologische waarden niet meer in situ worden verwacht. Selectieadvies Op grond van de resultaten van het veldonderzoek adviseert Econsultancy om het plangebied vrij te geven en geen archeologisch vervolgonderzoek te laten uitvoeren.
15071707 GRO.SRO.ARC
Bovenstaand betreft een selectieadvies, opgesteld door Econsultancy. Het selectieadvies dient ter goedkeuring voorgelegd te worden aan het bevoegd gezag (gemeente Groesbeek). Na beoordeling wordt door het bevoegd gezag een selectiebesluit genomen. Mochten tijdens de graafwerkzaamheden toch archeologische waarden worden aangetroffen, dan dient hiervan melding te worden gemaakt conform artikel 53 van de Monumentenwet 1988. Melding van archeologische waarden kan plaatsvinden bij het Ministerie van OCW (de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed: Infodesk email: info@cultureelerfgoed.nl of tel: 033-4217456), de gemeente Groesbeek of de Provincie Gelderland.
15071707 GRO.SRO.ARC
INHOUDSOPGAVE 1
INLEIDING .................................................................................................................................. 1
2
DOELSTELLING EN ONDERZOEKSVRAGEN ......................................................................... 1
3
BUREAUONDERZOEK .............................................................................................................. 2 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6 3.7 3.8 3.9 3.10 3.11
4
INVENTARISEREND VELDONDERZOEK .............................................................................. 25 4.1 4.2 4.3
5
Methoden .......................................................................................................................... 2 Afbakening van het plangebied ........................................................................................ 2 Huidige situatie ................................................................................................................. 3 Toekomstige situatie ......................................................................................................... 3 Beschrijving van het historische gebruik .......................................................................... 3 Aardwetenschappelijke gegevens .................................................................................... 5 Archeologische waarden .................................................................................................. 7 Aanvullende informatie ................................................................................................... 22 Korte bewoningsgeschiedenis van Groesbeek .............................................................. 22 Gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel ........................................................ 23 Beantwoording onderzoeksvragen bureauonderzoek .................................................... 24
Methoden ........................................................................................................................ 25 Resultaten ....................................................................................................................... 25 Beantwoording onderzoeksvragen veldonderzoek ........................................................ 26
CONCLUSIE EN SELECTIEADVIES ....................................................................................... 26 5.1 5.2
Conclusie ........................................................................................................................ 26 Selectieadvies................................................................................................................. 27
15071707 GRO.SRO.ARC
LIJST VAN TABELLEN Tabel I. Tabel II. Tabel III. Tabel IV. Tabel V. Tabel VI. Tabel VII. Tabel VIII.
Geraadpleegd historisch kaartmateriaal Aardwetenschappelijke gegevens plangebied Grondwatertrappenindeling Overzicht AMK-terreinen Overzicht onderzoeksmeldingen Overzicht ARCHIS-waarnemingen Gespecificeerde archeologische verwachting Hoofdlijn bodemopbouw
LIJST VAN AFBEELDINGEN Figuur 1. Figuur 2. Figuur 3. Figuur 4. Figuur 5. Figuur 6. Figuur 7. Figuur 8. Figuur 9. Figuur 10.
Situering van het plangebied binnen Nederland Detailkaart van het plangebied Luchtfoto van het plangebied Situering van het plangebied binnen de historische kaarten Situering van het plangebied binnen de Geomorfologische kaart Situering van het plangebied binnen het Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN) Situering van het plangebied binnen de Bodemkaart Archeologische Gegevenskaart van het onderzoeksgebied Situering van het plangebied binnen de archeologische beleidskaart Boorpuntenkaart
BIJLAGEN Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3 Bijlage 4 Bijlage 5 Bijlage 6
Literatuur Bronnen Overzicht geologische en archeologische tijdvakken Bewoningsgeschiedenis van Nederland AMZ-cyclus Boorprofielen
15071707 GRO.SRO.ARC
1
INLEIDING
Econsultancy heeft in opdracht van Recreatieoord De Oude Molen BV een archeologisch onderzoek uitgevoerd voor het plangebied gelegen aan de Recreatieterrein De Oude Molen te Groesbeek in de gemeente Groesbeek (zie figuur 1 en figuur 2). In het plangebied zal nieuwbouw worden gerealiseerd. Het archeologisch onderzoek is noodzakelijk om te bepalen wat de archeologische verwachtingswaarde is binnen het plangebied en of deze door de voorgenomen bodemingrepen kunnen worden aangetast. Binnen het kader van de Wet op de Archeologische Monumentenzorg (2007), voortvloeiend uit het Verdrag van Malta uit 1992, is men verplicht voorafgaand archeologisch onderzoek uit te voeren (zie bijlage 5). Het onderzoek is uitgevoerd in het kader van de Bouwverordening. Het archeologisch onderzoek bestaat uit een bureauonderzoek (hoofdstuk 3) en een inventariserend veldonderzoek (IVO-overig, verkennende fase) door middel van boringen (hoofdstuk 4). Op basis van de resultaten van het onderzoek wordt een advies gegeven of vervolgstappen noodzakelijk zijn (hoofdstuk 5). Dit advies dient te worden getoetst door het bevoegd gezag, de gemeente Groesbeek, waarna een besluit zal worden genomen of het plangebied kan worden vrijgegeven of dat vervolgstappen uitgevoerd dienen te worden.
2 DOELSTELLING EN ONDERZOEKSVRAGEN Het onderzoek heeft tot doel inzicht te krijgen in de archeologische waarden van het plangebied. Het bureauonderzoek heeft tot doel om een gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel van het plangebied op te stellen. Het verwachtingsmodel is gebaseerd op bronnen over bekende of verwachte archeologische waarden in en om het plangebied. Voor het bureauonderzoek zijn de volgende onderzoeksvragen opgesteld:
Wat is er bekend over bodemverstorende ingrepen binnen het plangebied uit het verleden? Is er bijvoorbeeld informatie bekend over vroegere ontgrondingen, bodemsaneringen, egalisaties, diepploegen of landinrichting? Ligt het plangebied binnen een landschappelijke eenheid, die vanuit archeologisch oogpunt een specifieke aandachtslocatie kan betreffen (zoals een relatief hoge dekzandkop of -rug, nabij een veengebied, een beekdal)? Wat is de gespecificeerde archeologische verwachting van het plangebied?
Het inventariserend veldonderzoek in de vorm van een verkennend booronderzoek heeft tot doel de in het bureauonderzoek opgestelde gespecificeerde archeologische verwachting aan te vullen en te toetsen, en is er op gericht om inzicht te krijgen in de geologische en bodemkundige opbouw binnen het plangebied. Tevens is het bedoeld om kansrijke zones te selecteren voor vervolgonderzoek en kansarme zones ervan uit te sluiten. Ook wordt gelet op het voorkomen van (diepe) verstoringen van het bodemprofiel. Indien de ondergrond tot grote diepte verstoord is, zullen eventueel aanwezige archeologische resten mogelijk verdwenen zijn. Het veldonderzoek dient antwoord te geven op de volgende vragen:
Wat is de bodemopbouw binnen het plangebied? Is het bodemprofiel binnen het plangebied intact of (geheel of gedeeltelijk) verstoord en indien verstoord, tot welke diepte gaat deze verstoring? Wat zijn de gevolgen van het in het plangebied aangetroffen bodemprofiel voor de gespecificeerde archeologische verwachting van het plangebied.
15071707 GRO.SRO.ARC
Pagina 1 van 27
Het bureauonderzoek is uitgevoerd op 13 en 14 augustus 2015 door P. Beurskens BA. Het inventariserend veldonderzoek is uitgevoerd op 24 augustus 2015 door drs. A.H. Schutte (senior KNAarcheoloog). Het rapport is gecontroleerd door drs. A.H. Schutte.
3 3.1
BUREAUONDERZOEK Methoden
Het archeologisch onderzoek is uitgevoerd conform de eisen en normen zoals aangegeven in de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA, versie 3.3, december 2013), die is vastgesteld door het Centraal College van Deskundigen (CCvD) Archeologie en is ondergebracht bij het SIKB te Gouda. Voor de uitvoering van het bureauonderzoek gelden de specificaties LS01, LS02, LS03, LS04 en 1 LS05. De resultaten van dit onderzoek worden in dit rapport weergegeven conform specificatie LS06. Binnen dit onderzoek zijn de volgende werkzaamheden verricht:
afbakening van het plangebied en vaststellen van de consequenties van het mogelijk toekomstige gebruik (LS01); beschrijving van de huidige en toekomstige situatie (LS02); beschrijving van de historische situatie en mogelijke verstoringen (LS03); beschrijving van bekende archeologische en historische waarden en aardwetenschappelijke gegevens (LS04); opstellen van een gespecificeerde verwachting (LS05).
Bij het uitvoeren van deze werkzaamheden zijn de volgende bronnen geraadpleegd: 3.2
het Archeologische Informatie Systeem (ARCHIS); de Archeologische Monumenten Kaart (AMK); de Indicatieve Kaart van Archeologische Waarden (IKAW); geologische kaarten, geomorfologische kaarten en bodemkaarten; de centrale toegangspoort tot Data en Informatie van de Nederlandse Ondergrond (DINOLoket); literatuur en historisch kaartmateriaal; bouwhistorische gegevens; de recente topografische kaart (schaal 1:25.000); recente luchtfoto’s; het Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN); de Cultuurhistorische Waardenkaart (CHW) van de provincie Gelderland; de archeologische verwachtingskaarten van de gemeente Groesbeek; plaatselijke (amateur-)archeoloog c.q. heemkundevereniging. Afbakening van het plangebied
Er dient een onderscheid gemaakt te worden tussen het onderzoeksgebied en het plangebied. Het plangebied is het gebied waarbinnen feitelijk de bodemverstorende ingreep gaat plaatsvinden. Het onderzoeksgebied is het gebied waarover informatie is verzameld om een goed beeld te krijgen van de archeologische waarden binnen het plangebied. Dit gebied is groter dan het plangebied. In het 1
Beschikbaar via www.sikb.nl.
15071707 GRO.SRO.ARC
Pagina 2 van 27
huidige onderzoek betreft het onderzoeksgebied het gebied binnen een straal van circa 1 kilometer rondom het plangebied. Het plangebied (circa 9.880 m²) ligt aan de Recreatieterrein De Oude Molen, ten noorden van Groesbeek in de gemeente Groesbeek (zie figuur 1 en figuur 2). Volgens het Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN) bevindt het maaiveld zich op een hoogte van circa 51,79 m +NAP. Het gebied is kadastraal bekend als Gemeente Groesbeek, sectie I, nummers 3605, 3608, 3415, 3419. Volgens de topografische kaart van Nederland, kaartblad 46 B (schaal 1:25.000), zijn de coördinaten van het midden van de onderzoekslocatie X = 192.904, Y = 421.842. 3.3
Huidige situatie
Voor het bureauonderzoek is het van belang de huidige situatie te onderzoeken. Landgebruik en bebouwing kunnen van invloed zijn op de archeologische verwachting. Het plangebied is momenteel deels bebouwd, verhard, braakliggend en in gebruik als grasland (zie figuur 3). Het bodemgebruik van de omliggende percelen is als volgt:
aan de noordzijde bevindt zich een tennisveld, grasland, bebouwing en een verharde weg; aan de oostzijde bevindt zich grasland en bebouwing; aan de zuidzijde bevindt zich grasland, bebouwing en een verharde weg; aan de westzijde bevindt zich grasland, bebouwing en een verharde weg.
Bodemloket De overheid initieert middels het Bodemloket inzicht te geven in maatregelen die de afgelopen jaren getroffen zijn om de bodemkwaliteit in Nederland in kaart te brengen (bodemonderzoek) of te herstellen (bodemsanering). Ook laat het Bodemloket zien waar vroeger (bedrijfs-) activiteiten hebben plaatsgevonden die extra aandacht verdienen. Tevens worden op het Bodemloket voormalige potentieel bodembedreigende bedrijfsactiviteiten weergegeven. Gegevens van het Bodemloket dienen als indicatief te worden beschouwd. Binnen het plangebied zijn voor zover bekend binnen het Bodemloket geen milieuhygiënische onderzoeken uitgevoerd. 3.4
Toekomstige situatie
Het toekomstige gebruik van het plangebied kan bepalend zijn voor het vervolgtraject (behoud in-situ of behoud ex-situ van archeologische waarden). De toekomstige inrichting van het plangebied kan gevolgen hebben op het in-/ex-situ behoud van de archeologische waarde. In het plangebied wordt de huidige bebouwing uitgebreid of vervangen door nieuwbouw. De grootte van het verstoren oppervlak en de diepte is onbekend. 3.5
Beschrijving van het historische gebruik
In het plangebied kunnen naast archeologische sporen ook historische relicten voorkomen die nog in het landschap zichtbaar zijn. Het gaat hierbij om historisch geografische relicten zoals nederzettingsvormen en wegen- en kavelpatronen. Veel van deze bewaard gebleven historische geografie geeft e door de herverkavelingen in de tweede helft van de 20 eeuw een incompleet beeld van het historisch landschap. Historische kaarten van vóór de herverkaveling zijn een goede aanvulling op het huidige
15071707 GRO.SRO.ARC
Pagina 3 van 27
incomplete beeld. Voor de historische ontwikkeling is naast het historisch kaartmateriaal ook relevante achtergrondliteratuur geraadpleegd. Historisch kaartmateriaal De situatie van het plangebied is op verschillende historische kaarten als volgt: Tabel I.
Geraadpleegd historisch kaartmateriaal2
Bron
Periode
Kaartblad
Schaal
Omschrijving plangebied
Bijzonderheden/directe omgeving
Kadastrale minuut
1811-1832
Gemeente Groesbeek, Sectie I, Blad 02
1:2.500
Akkerland
De omgeving is ook in gebruik als akkerland
Militaire topografische kaart (nettekening)
1830-1850
46_1rd
1:50.000
Akker- en grasland. Ten noorden bevind zich een weg
Ten zuidwesten en ten noordoosten is bebouwing gerealiseerd.
Militaire topografische kaart (veldminuut)
1898
555
1:50.000
Het zuidwesten is bebouwd. Overige deel is akkerland. Ten zuiden bevind zich een weg
Direct ten westen is een gebouw gerealiseerd. De weg door het plangebied bevind zich nu direct ten westen. Aan de overkant van de weg ligt een korenmolen
Militaire topografische kaart (veldminuut)
1911
555
1:50.000
Ten zuidwesten is bebouwd. Ten zuiden bevind zich een weg
Direct ten westen zijn meerdere gebouwen gerealiseerd
Militaire topografische kaart (veldminuut)
1931
555
1:50.000
Ten zuidwesten is bebouwd. Ten zuiden bevind zich een weg
Direct ten oosten bevind zich een weg
Militaire topografische kaart (veldminuut)
1938
555
1:50.000
Ten zuidwesten is bebouwd. De weg ten zuiden is verwijderd
Topografische kaart
1958
46B
1:25.000
Akker- en grasland
Topografische kaart
1967
46B
1:25.000
Grasland
Topografische kaart
1978
46B
1:25.000
Ten zuidwesten bevind zich een weg. Overige deel is grasland
Ten zuidwesten zijn meerdere gebouwen gerealiseerd
Topografische kaart
1986
46B
1:25.000
Ten zuidwesten bevind zich een weg. Ten oosten bevind zich een boomgaard. Overige deel is grasland
Ten zuidwesten zijn meerdere gebouwen gerealiseerd
De weg direct ten oosten is verwijderd. Verder is de korenmolen gesloopt
Op basis van het beschikbare gedetailleerde historische kaartmateriaal is zichtbaar dat in het plangee bied verschillende veranderingen hebben plaatsgevonden (zie figuur 4). In het begin van de 19 eeuw is het plangebied in gebruik als akkerland. Rond 1830 is deze functie nog steeds van toepassing, maar wordt een deel van het plangebied gebruikt als grasland. Verder bevindt zich ten noorden een weg door het plangebied. In de periode 1850-1898 is in het zuidwesten van het plangebied een gee bouw gerealiseerd en ten zuiden bevindt zich een weg. Deze weg wordt in het begin van de 20 eeuw weer verwijderd. Het gebouw ten zuiden is in de periode 1938-1958 gesloopt, vanaf toen heeft het weer een agrarische functie gekregen. Rond 1978 is ten zuidwesten een weg aangelegd zodat de camping ´de Oude Molen´ ten zuiden bereikbaar werd. Tot 1986 blijft het plangebied in gebruik als 2
www.watwaswaar.nl.
15071707 GRO.SRO.ARC
Pagina 4 van 27
grasland. Verder is zichtbaar op de kaart van 1986 dat het oosten van het plangebied in gebruik is als boomgaard. De omgeving wordt rond 1811 gebruikt als akkerland. In de periode 1811-1830 zijn ten zuidwesten en e ten noordoosten gebouwen gerealiseerd. Aan het einde van de 19 eeuw is ook ten westen een gebouw gerealiseerd. De weg die in eerste instantie door het plangebied was gesitueerd, ligt nu direct e ten westen van het plangebied. In het begin van de 20 eeuw zijn er meerdere gebouwen gerealiseerd ten westen van het plangebied. In de periode 1911-1931 is ten oosten een weg aanlegt, die vervolgens weer wordt verwijderd rond 1958. In de periode 1967-1986 worden er meerdere gebouwen gerealiseerd ten zuidwesten van het plangebied. Deze gebouwen behoren tot de camping ´de Oude Molen´. Op de kaart van 1898 is aangegeven dat ten westen van het plangebied, aan de overkant van de weg, een korenmolen staat. Deze molen blijft tot 1958 op de kaart aangegeven. Uit gegevens van de heemkundekring Groesbeek blijkt dat waar nu het horecabedrijf ‘de Oude Molen’ is gesticht, destijds een molenhuis heeft gelegen. Dit huis behoorde tot de dwangmolen die ten westen lag. Een dwangmolen is een molen waar de bewoners van die plaats verplicht hun graan moesten laten malen. De e dwangmolen was eigendom van de Heren van Groesbeek uit de 14 eeuw.
Bouwhistorische gegevens Bij de gemeente Groesbeek is het archief van de Bouw- en Woningtoezicht benadert. Hierop is in het tijdsbestek van het schrijven van dit rapport geen reactie gekomen. 3.6
Aardwetenschappelijke gegevens
Het landschap heeft altijd een belangrijke rol gespeeld in het nederzettingspatroon. Bij onderzoek naar archeologische sporen in een bepaald gebied is het van groot belang te weten hoe het landschap er in het verleden heeft uitgezien. Men kan meer te weten komen over dit landschap door de geologische opbouw, de bodem en de hydrologie van een gebied te bestuderen. De volgende aardwetenschappelijke gegevens zijn bekend van het plangebied: Tabel II.
Aardwetenschappelijke gegevens plangebied
Type gegevens Geologie
3
Geomorfologie
Gegevensomschrijving Gestuwde Pleistocene formaties; veelal rivierzand- en grind (G1)
4
Bodemkunde5
Hoge stuwwal, bedekt met dekzand (15B4) en bebouwing (Beb) Ooivaaggronden met roest beginnend dieper dan 80 cm; zandige leem in situ (Ld5g)
Geologie Gedurende de voorlaatste ijstijd, het Saalien (370.000 – 130.000 BP) was de noordelijke helft van Nederland bedekt door een ijskap. Door het ijs werd de ondergrond, voornamelijk bestaande uit Vroeg- en Midden-Pleistocene rivierafzettingen (rivierzand- en grind) opgestuwd in stuwwallen. De meest zuidelijke stuwwallen omvatten de huidige Utrechtse Heuvelrug, de Veluwe, Nijmegen en Montferland en komen ongeveer overeen met de meest zuidelijke verspreiding van het landijs. Het 6 plangebied bevindt zich op de stuwwal van Groesbeek, de zuidelijkste stuwwal van Nederland.
3
Mulder et al., 2003. Alterra, 2003. 5 Stichting voor Bodemkartering, 1976. 6 Berendsen, 2008 4
15071707 GRO.SRO.ARC
Pagina 5 van 27
De dekzandafzettingen van de Formatie van Boxtel zijn afgezet gedurende de laatste ijstijd en bedek7 ken de eerder gevormde stuwwallen. Gedurende de laatste ijstijd had de wind vrij spel in het ver8 plaatsen van zand en silt. Over een groot deel van Nederland werd een pakket dekzand afgezet. Er ontstonden duidelijke hoogteverschillen, waarbij reliëfverschillen kleiner dan 1,5 meter dekzandplateaus worden genoemd en grotere hoogteverschillen dekzandruggen of dekzandkopjes genoemd worden. Dekzandafzettingen die zijn afgezet tijdens het Laat-Glaciaal zorgden voor nivellering van het landschap door laagtes in het landschap op te vullen. Het dekzand, dat in het plangebied aan het oppervlak wordt aangetroffen, wordt ook wel het Laagpakket van Wierden genoemd, welke behoort 9 tot de Formatie van Boxtel. Het water van de in het voorjaar smeltende sneeuwmassa´s erodeerde een deel van de dekzandruggen, waarna afzetting plaatsvond in de lagere delen van het landschap als vlaktes van verspoelde dekzanden. In het Holoceen (vanaf circa 10.000 jaar geleden) zijn door verwaaiing van de dekzanden lokaal stuifzandgebieden ontstaan. Bij het ontstaan hiervan speelde de mens een belangrijke rol, door beweiding, afbranden en het steken van plaggen op de heidevelden dat voornamelijk plaatsvond in de 10 Nieuwe tijd.
De stuifzanden worden gerekend tot het Laagpakket van Kootwijk, welke behoort tot de Formatie van Boxtel. 11
DINO Het Dinoloket is de centrale toegangspoort tot Data en Informatie van de Nederlandse Ondergrond (DINO). Het DINO-systeem is de centrale opslagplaats voor geowetenschappelijke gegevens over de diepe en ondiepe ondergrond van Nederland. Het archief omvat diepe en ondiepe boringen, grondwatergegevens, sonderingen, geo-elektrische metingen, resultaten van geologische, geochemische en geomechanische monsteranalyses, boorgatmetingen en seismische gegevens. De site wordt beheerd door TNO. 12
In het Dinoloket is een boring bestudeerd. Hieruit blijkt dat de ondergrond bestaat uit een 8 meter dikke laag fijn zand, hierna volgt een laag grind. Het zand behoort tot de Formatie van Boxtel en zijn natuurlijke dek- en stuifzand afzettingen. De laag grind is niet tot een officiële Formatie in te delen, doordat de afzettingen zijn gestuwd. Geomorfologie De geomorfologische kaart van Nederland geeft de mate van reliëf en de vormen die in het landschap te onderscheiden zijn weer. Volgens de Geomorfologische kaart van Nederland (1:50.000) ligt het plangebied binnen een Hoge stuwwal (15B4) en bebouwing (Beb) (zie figuur 5). 13
Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN) Het Actueel Hoogtebestand Nederland vormt een belangrijke aanvullende informatiebron voor de landschapsanalyse. Dit met behulp van laseraltimetrie verkregen digitale bestand vormt een gedetailleerd beeld van het huidige reliëf in het plangebied. Uitgaande van het AHN ligt het plangebied op de oostelijke flank van een hoge stuwwal. Ten noorden bevindt zich een oud beekdal (zie figuur 6). Bodemkunde Volgens de Bodemkaart van Nederland (1:50.000) is het plangebied gekarteerd als Ooivaaggronden met roest beginnend dieper dan 80 cm; zandige leem in situ (Ld5g) (zie figuur 7). Ooivaaggronden
7
Mulder et al., 2003. Berendsen, 2008 Mulder et al., 2003. 10 Berendsen, 2008 11 www.dinoloket.nl. 12 DINO boornummer B46B0017. 13 www.ahn.nl. 8 9
15071707 GRO.SRO.ARC
Pagina 6 van 27
vertonen weinig tekenen van bodemvorming. Vaak is ongeveer op een diepte van 50 cm een geoxideerde laag aangetroffen. Grondwatertrap Grondwatertrappen zijn een indicatie voor de diepte van de grondwaterstand en de seizoensfluctuatie daarvan. De grondwatertrappenindeling is gebaseerd op de gemiddeld hoogste (GHG) en de gemiddeld laagste grondwaterstand (GLG). Hiermee worden de winter- en zomergrondwaterstanden gekarakteriseerd in een jaar met een gemiddelde neerslag en verdamping. In stedelijk gebied zijn geen grondwatertrappen bepaald. Deze worden als ‘witte vlekken’ op de Bodemkaart van Nederland (1:50.000) weergegeven. Tabel III geeft een overzicht van de klassengrenzen die worden aangehouden bij de indeling van de grondwatertrappen. De trappen worden vastgesteld op een schaal van I tot VII van respectievelijk extreem nat tot extreem droog. Bij sommige grondwatertrappen is een * weergegeven: het gaat hier om tussenliggende grondwatertrappen die een drogere variant vertegenwoordigen. Grondwatertrappenindeling14
Tabel III. Grondwatertrap
I
II'
III'
IV
V'
VI
VII"
VIII
GHG (cm mv)
-
-
<40
>40
<40
40-80
>80
>140
GLG mv)
<50
50-80
80-120
80-120
>120
>120
>120
>120
') ")
(cm
-
Bij deze grondwatertrappen wordt een droger deel onderscheiden Een met een * achter de code als onderverdeling aangegeven "zeer droog deel" heeft een GHG dieper dan 140 cm beneden maaiveld
Gebiedsdelen met een goede ontwatering (Grondwatertrap VI en VII) zijn zeer geschikt voor landbouw en vormden mede daarom, vooral in het verleden, een aantrekkelijk vestigingsgebied. Tevens is het grondwaterpeil een indicatie voor de conservering van metalen en organische resten. Het plangebied bevindt zich in een gebied dat wordt gekenmerkt met een grondwatertrap VII en VIII. Vanwege deze diepe grondwaterstand is niet te verwachten dat de toekomstige bebouwing het grondwaterpeil zal beïnvloeden. 3.7
Archeologische waarden
Ten behoeve van het bureauonderzoek is het landelijke ARCHeologisch Informatie Systeem (ARCHIS) geraadpleegd. ARCHIS wordt beheerd door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) geraadpleegd. In dit systeem worden alle archeologische gegevens verzameld en via internet zijn deze door bevoegden te raadplegen. De bekende archeologische waarden zijn middels kaartmateriaal weergegeven in figuur 8. Tevens zijn in de figuur de indicatieve archeologische waarde en de in ARCHIS geregistreerde AMKterreinen, waarnemingen, vondstmeldingen en onderzoeksmeldingen binnen een straal van 1000 m weergegeven. Indicatieve archeologische waarde De IKAW (Indicatieve Kaart Archeologische Waarde) geeft voor heel Nederland de trefkans aan op het voorkomen van archeologische resten. Die trefkans is aangegeven in vier categorieën (per landen waterbodem): een hoge, middelhoge, lage en zeer lage verwachting. Bebouwde gebieden, waar14
Locher & de Bakker, 1990.
15071707 GRO.SRO.ARC
Pagina 7 van 27
van geen bodemkundige of geologische gegevens bekend zijn, zijn niet gekarteerd. De IKAW is voornamelijk gebaseerd op de relatie die bestaat tussen de bodemkundige en/of geologische kwalificaties en de aanwezigheid van archeologische vindplaatsen. DE IKAW is gebaseerd op een aantal kaarten met een grotere schaal. De aangegeven grenzen op de IKAW zijn daardoor globaal en worden op lokaal niveau minder betrouwbaar geacht. Aangezien de gemeentelijke beleidskaart een hoger detailniveau heeft dan de IKAW is de IKAW voor het onderzoek niet geraadpleegd. Cultuurhistorische Waardenkaart Provincie Gelderland In aanvulling op de IKAW hebben veel provincies een eigen verwachtingskaart vervaardigd, waarin veel lokale gebiedskennis is opgenomen. De Cultuurhistorische Waardenkaart (CHW) van de provincie Gelderland geeft inzicht in de archeologische, historisch-stedenbouwkundige en de historischgeografische waarden van de regio. Op de kaart staat aangegeven dat het plangebied deel is van een zandgebied “Siepkamp”. Verder is het gebied gekarteerd als Droge kampontginningen. Deze ontginningen zijn uitgevoerd door individuele boeren op hun eigen grond. Archeologische beleidskaart Gemeente Groesbeek Sinds 2007 is de Wet op de Archeologische Monumentenzorg van kracht (WAMZ). Het doel van deze wet is te voorkomen dat archeologische waarden uit het verleden verloren gaan.
In deze wet zijn de gemeenten verantwoordelijk voor het beheer van het bodemarchief binnen hun grondgebied. Voor een goed beheer van dit bodemarchief gebruikt de gemeente een archeologische beleidskaart. De archeologische beleidskaart geeft een gemeentebreed overzicht van bekende en te verwachten archeologische waarden. De kaart maakt inzichtelijk waar en bij welke ruimtelijke ingrepen een archeologisch onderzoek verplicht is en wordt als toetsingskader gebruikt voor ruimtelijke procedures. Volgens de archeologische beleidskaart van de gemeente Groesbeek ligt het plangebied binnen een gebied met een hoge archeologische verwachting. In deze gebieden moet bij planvorming en voorafgaand aan vergunningslening vroegtijdig archeologisch veldonderzoek (inventariserend archeologisch onderzoek) worden uitgevoerd. Bodemingrepen diepen dan de huidige bouwvoor moeten worden vermeden. AMK-terreinen binnen het onderzoeksgebied De Archeologische Monumentenkaart (AMK) bevat een overzicht van archeologische monumenten/terreinen in Nederland. De terreinen zijn beoordeeld op verschillende criteria (kwaliteit, zeldzaamheid, representativiteit, ensemblewaarde en belevingswaarde).
Op grond daarvan zijn deze ingedeeld in vier categorieën; terreinen met archeologische waarde, een hoge archeologische waarde, een zeer hoge archeologische waarde of een zeer hoge archeologische waarde met een beschermde status. Binnen het plangebied liggen geen AMK-terreinen. Binnen het onderzoeksgebied ligt een AMK-terrein (zie Tabel IV en figuur 8). Tabel IV. AMK nr. 1994
Overzicht AMK-terreinen
Situering t.o.v. plangebied 500 meter ten noordwesten
15071707 GRO.SRO.ARC
Datering
Waarde en omschrijving
IJzertijd
Toponiem: Siep/Zevenheuvelenweg Complex: Nederzetting, onbepaald Waarde: Terrein van hoge archeologische waarde Terrein met bewoningssporen uit de IJzertijd. Bij een kartering van de ROB is hier een zeer grote hoeveelheid IJzertijdaardewerk gevonden. Daarnaast ook een fragment bekeraardewerk en een fragment van een vuurstenen bijl, beide uit het Neolithicum.
Pagina 8 van 27
In het verleden uitgevoerde archeologische onderzoeken binnen het onderzoeksgebied Binnen het onderzoeksgebied zijn in de afgelopen jaren door verschillende archeologische bedrijven en instellingen in totaal 39 archeologische onderzoeken uitgevoerd. Het gaat daarbij om bureauonderzoeken, booronderzoeken (verkennend/karterend), proefsleufonderzoeken, archeologische begeleidingen van graafwerkzaamheden en opgravingen (zie Tabel V en figuur 8). Tabel V.
Overzicht onderzoeksmeldingen
Onderzoeksmeldingsnr. 51392
Situering t.o.v. plangebied 160 meter ten noordwesten
51394
160 meter ten noordwesten
48799
350 meter ten zuidoosten
48800
350 meter ten zuidoosten
6370
450 meter ten zuiden
8993
450 meter ten zuiden
9648
450 meter ten zuiden
15071707 GRO.SRO.ARC
Aard, uitvoerder en resultaten van het onderzoek Type onderzoek: bureauonderzoek Toponiem: Uitvoerder: Econsultancy BV Datum: 11-04-2012 Onderzoeksnummer: 42488 Resultaat: Naar aanleiding van de resultaten van het bureauonderzoek wordt een verkennend booronderzoek geadviseerd. Type onderzoek: booronderzoek Toponiem: Uitvoerder: Econsultancy BV Datum: 12-04-2012 Onderzoeksnummer: 42489 Resultaat: Het bureauonderzoek toonde aan dat er zich mogelijk archeologische waarden in het plangebied zouden kunnen bevinden. In het bijzonder de ligging van het plangebied op de flank van een stuwwal verhoogt de kans op aanwezigheid van archeologische resten. Daarom is aansluitend een inventariserend veldonderzoek in de vorm van een verkennend booronderzoek en een oppervlaktekartering uitgevoerd. Op basis van de waargenomen bodemverstoringen kan worden geconcludeerd dat archeologische waarden niet meer in situ worden verwacht. De gespecificeerde archeologische verwachting, zoals die is weergegeven tijdens het bureauonderzoek, is daarom door het booronderzoek naar laag bijgesteld. Op grond van de resultaten van het bureau- en veldonderzoek adviseert Econsultancy om het plangebied vrij te geven.
Type onderzoek: bureauonderzoek Toponiem: Cranenburgsestraat Uitvoerder: Econsultancy BV Datum: 10-10-2011 Resultaat: Naar aanleiding van de resultaten van het bureauonderzoek wordt een verkennend booronderzoek geadviseerd. Type onderzoek: booronderzoek Toponiem: Cranenburgsestraat Uitvoerder: Econsultancy BV Datum: 18-10-2011 Resultaat: Op grond van de resultaten van het bureau- en veldonderzoek adviseert Econsultancy om het zuidoostelijk deel van het plangebied nader te onderzoeken door middel van een IVO karterende en waarderende fase, proefsleuven (IVO-P). Binnen het westelijk deel en het noordoostelijk deel van het plangebied, waar het bodemprofiel is verstoord en waar dus geen archeologische waarden meer worden verwacht, wordt geadviseerd geen vervolgonderzoek te laten uitvoeren. Type onderzoek: booronderzoek Toponiem: Hoflaan 8 Uitvoerder: RAAP Archeologisch Adviesbureau Datum: 26-04-2004 Onderzoeksnummer: 4562 Resultaat: Er is een vindplaats uit de Middeleeuwen aangetroffen. Bestaande uit een gracht en een voorhof. Aanbevolen wordt de vindplaats te behouden; geen bodemingrepen te laten plaatsvinden of een ophooglaag aan te brengen. Indien de vindplaats niet behouden kan worden, is het wenselijk zo snel mogelijk een vervolgonderzoek door middel van proefsleuven te laten uitvoeren.
Type onderzoek: proefsleuvenonderzoek Toponiem: Hoflaan 8 Uitvoerder: BAAC BV Datum: 10-01-2005 Onderzoeksnummer: 13258 Resultaat: Er wordt geadviseerd om een vervolgonderzoek uit te voeren in de vorm van een opgraving. Type onderzoek: opgraving Toponiem: Hoflaan Uitvoerder: BAAC BV Datum: 15-03-2005
Pagina 9 van 27
26476
500 meter ten zuidoosten
43892
500 meter ten zuiden
52896
500 meter ten zuidoosten
65186
500 meter ten noordwesten
9514
550 meter ten zuiden
46530
550 meter ten zuiden
12722
600 meter ten zuidoosten
23598
600 meter ten zuiden
15071707 GRO.SRO.ARC
Onderzoeksnummer: 6134 Resultaat: Tijdens het definitieve onderzoek is opgegraven tot op een diepte van circa 29,90 +NAP. Bij grondwerkzaamheden die dieper gaan dan 29,90 +NAP zullen oudere grondsporen verstoord worden, en wordt dan ook vervolgonderzoek geadviseerd. Type onderzoek: booronderzoek Toponiem: Cranenburgsestraat / Hoflaan Uitvoerder: BAAC BV Datum: 31-01-2008 Onderzoeksnummer: 19829 Resultaat: De bodem is in het grootste deel van het plangebied verstoord dan wel diep verstoord (max 1,7 m -mv). Er is geen esdek aangetroffen. Ook de bouw van de thans aanwezige bebouwing heeft geleid tot bodemverstoringen. Kortom, er is geen vervolgonderzoek noodzakelijk. Type onderzoek: booronderzoek Toponiem: Ten Zuiden Van De Hoflaan Te Groesbeek Uitvoerder: RAAP Archeologisch Adviesbureau Datum: 19-11-2010 Onderzoeksnummer: 34979 Resultaat: Op basis van de resultaten van het bureauonderzoek gold bij de aanvang van het veldonderzoek voor het plangebied een hoge verwachting voor het aantreffen van waardevolle (intacte) archeologische overblijfselen uit de IJzertijd t/m de Nieuwe tijd. Tijdens het veldonderzoek zijn In het zuidwestelijke deel in een oude akkerlaag (circa 55 tot 85 cm -mv) archeologische indicatoren aangetroffen die wijzen op een vindplaats daterend uit de periode IJzertijd t/m Vroege Middeleeuwen. Ter hoogte van boring 2 zijn funderingen waargenomen.
In het noordoostelijke deel van het plangebied zijn archeologische indicatoren daterend uit de Volle t/m Late Middeleeuwen aangetroffen. Bovendien is hier de vulling van een waterloop waargenomen, die mogelijk geïnterpreteerd kan worden als zij- of afvoergracht van Kasteel Groesbeek. Gezien de onderzoeksresultaten wordt aanbevolen om aanvullend archeologisch vooronderzoek in het plangebied te laten verrichten. Type onderzoek: booronderzoek Toponiem: 'T Vilje Uitvoerder: VUhbs archeologie Datum: 25-07-2012 Resultaat: Er is geen resultaat bekend in Archis. Type onderzoek: archeologische begeleiding Toponiem: Oude Zevenheuvelenweg Uitvoerder: RAAP Archeologisch Adviesbureau Datum: 03-03-2015 Onderzoeksnummer: 53083 Resultaat: Het betrof een begeleiding van de aanleg van een glasvezelkabel. De sleuf had een breed van 30 cm, daarbij zijn geen vondsten gedaan. Type onderzoek: booronderzoek Toponiem: Mariendaal Uitvoerder: BAAC BV Datum: 28-02-2005 Onderzoeksnummer: 5095 Resultaat: Er wordt geadviseerd om een vervolgonderzoek uit te voeren, in de vorm van proefsleuven. Type onderzoek: proefsleuvenonderzoek Toponiem: Mariùndal Uitvoerder: VUhbs archeologie Datum: 16-05-2011 Resultaat: Het werk bestaat uit 530 m2 aan proefsleuven verdeel over twee uitvoeringsperioden. Indien er sprake is van behoudenswaardige archeologische resten kan het onderzoek direct worden uitgebreid naar een DO.
Type onderzoek: booronderzoek Toponiem: Cranenburgsestraat Uitvoerder: Becker en Van de Graaf Datum: 15-06-2005 Onderzoeksnummer: 5972 Resultaat: Op grond van de resultaten van dit IVO is er zeker reden voor een vervolgonderzoek. Daarom wordt voorgesteld om over te gaan tot een proefsleuvenonderzoek waarbij ca 10% van het terrein dient te worden onderzocht. Daarbij zou met name aandacht moeten worden besteed aan de hoogste delen aan de noordzijde van het onderzoeksgebied. Type onderzoek: booronderzoek Toponiem: Kasteel te Groesbeek Uitvoerder: RAAP Archeologisch Adviesbureau Datum: 24-07-2007 Onderzoeksnummer: 24005 Resultaat: In opdracht heeft RAAP Archeologisch Adviesbureau op 27 juli 2007 een bureau- en inventariserend veldon-
Pagina 10 van 27
derzoek uitgevoerd in verband met geplande bouwwerkzaamheden in de gemeente Groesbeek. Doel van dit onderzoek was eventueel aanwezige archeologische resten op te sporen en, voor zover mogelijk, een eerste indruk te geven van de kwaliteit (gaafheid en conservering), aard, datering, omvang en diepteligging ervan. In overeenstemming met wat verwacht werd op basis van het bureauonderzoek (hoge archeologische verwachting voor met name Vroege t/m Late Middeleeuwen) is in het plangebied tijdens het archeologisch inventariserend veldonderzoek een archeologische vindplaats uit deze periode aangetroffen. De helft van het plangebied blijkt op basis van historisch kaartonderzoek te bestaan uit het nog (deels) onverstoorde buitenterrein van het voormalige Kasteel te Groesbeek. In het plangebied is een ongeveer 2,1 m diepe aanvoergracht (of zijgracht) van het laatmiddeleeuwse kasteel Groesbeek aangetoond. Tevens bevinden zich centraal in het plangebied waarschijnlijk nog resten van de buitengracht van het kasteel. Het booronderzoek was op sommige locaties niet goed uit te voeren vanwege grind, stenen en mogelijk puin. Daarnaast is het overgrote deel overbouwd en/of onderkeldert of komen recente diepe bodemverstoringen voor.
8740
650 meter ten zuiden
14740
650 meter ten zuidwesten
19474
650 meter ten zuidwesten
23169
650 meter ten zuidwesten
15071707 GRO.SRO.ARC
Aanbevolen wordt om de mogelijkheid te onderzoeken om de vindplaats te beschermen door het aanbrengen van een conserverende ophogingslaag. Indien de vindplaats niet behouden kan worden, is het wenselijk zo snel mogelijk een waarderend vervolgonderzoek door middel van proefsleuven uit te laten voeren. Type onderzoek: booronderzoek Toponiem: Centrumplan, Lokatie 1 Uitvoerder: RAAP Archeologisch Adviesbureau Datum: 24-06-2004 Onderzoeksnummer: 4505 Resultaat: Op grond van het ontbreken van (duidelijke) aanwijzingen voor de aanwezigheid van archeologische (grond)sporen wordt ten aanzien van het plangebied geen vervolgonderzoek aanbevolen. De grond is ernstig verstoord. Type onderzoek: booronderzoek Toponiem: Kerkstraat Uitvoerder: Becker en Van de Graaf Datum: 17-11-2005 Onderzoeksnummer: 12688 Resultaat: Het onderzoeksgebied ligt op en rondom de bron van de Groesbeek. Het zuidelijke deel ligt daarmee in het dal van de Groesbeek en de rest op de flank van dit dal. Het terrein rondom de bron was vroeger zeer drassig en is later gedempt met van elders aangevoerd materiaal. Op het terrein aan de westkant van de Kerkstraat komt een goed ontwikkelde enkeerdgrond voor. Uit het inventariserend archeologisch onderzoek aan de Kerkstraat is gebleken dat het gaat om twee gebieden met een hoge archeologische verwachting.
Aan de westkant van de Kerkstraat is deze hoge verwachting gebaseerd op de aanwezigheid van een esdek met een dikte van 90-120 cm. Aan de oostkant is de hoge verwachting gebaseerd op de aanwezigheid van de bron van de Groesbeek. Op grond van deze verwachtingen wordt aanbevolen om op beide terreinen vervolgonderzoek uit te voeren. Het onderzoeksgebied ligt op en rondom de bron van de Groesbeek. Het zuidelijke deel ligt daarmee in het dal van de Groesbeek en de rest op de flank van dit dal. Het terrein rondom de bron was vroeger zeer drassig en is later gedempt met van elders aangevoerd materiaal. Op het terrein aan de westkant van de Kerkstraat komt een goed ontwikkelde enkeerdgrond voor. Uit het inventariserend archeologisch onderzoek aan de Kerkstraat is gebleken dat het gaat om twee gebieden met een hoge archeologische verwachting. Aan de westkant van de Kerkstraat is deze hoge verwachting gebaseerd op de aanwezigheid van een esdek met een dikte van 90-120 cm. Aan de oostkant is de hoge verwachting gebaseerd op de aanwezigheid van de bron van de Groesbeek. Op grond van deze verwachtingen wordt aanbevolen om op beide terreinen vervolgonderzoek uit te voeren.
Type onderzoek: booronderzoek Toponiem: Kerkstraat, Stationsweg, Centrumplan Molenbeek Uitvoerder: BAAC BV Datum: 17-10-2006 Onderzoeksnummer: 15479 Resultaat: Voor de gebieden die in de specifieke verwachtingskaart met een middelhoge verwachting zijn weergeven, valt niet uit te sluiten dat archeologische resten aanwezig zijn. De ligging in het historische centrum van Groesbeek, en op de overgang van lage naar hoge gronden, tezamen met de deels intacte zwarte enkeerdgronden en de omliggende waarnemingen, geeft aanleiding tot een middelhoge specifieke verwachting op archeologische resten uit de Middeleeuwen en eerdere perioden. Het booronderzoek was echter op sommige locaties niet goed uit te voeren vanwege grind, stenen en mogelijk puin. Er zijn ook geen relevante archeologische vondsten gedaan. Er wordt voor het gebied met een middelhoge verwachting dan ook een archeologische begeleiding aangeraden bij de aanleg van de nieuwe beek. Voor de gebieden met een lage verwachting adviseert BAAC bv geen vervolgonderzoek uit te voeren, omdat binnen de geplande verstoringsdiepte geen archeologische resten worden verwacht. Bij het veldonderzoek werd het boren bemoeilijkt door stenen en puin in de bodem, waardoor niet op elke locatie een goed beeld werd verkregen. In ieder geval werd in vier boringen een deels intacte zwarte enkeerdgrond aangetroffen.
Ook zijn er gooreerdgronden aangetroffen. Type onderzoek: proefsleuvenonderzoek Toponiem: Centrum Uitvoerder: BAAC BV Datum: 25-06-2007 Onderzoeksnummer: 25067 Resultaat: Gezien de hoge waardering voor locatie 2 wordt aanbevolen de vindplaats in situ te bewaren. Mocht dit niet
Pagina 11 van 27
30408
650 meter ten zuidwesten
59328
650 meter ten zuiden
17518
700 meter ten zuiden
24354
700 meter ten zuidwesten
28961
700 meter ten zuidoosten
35244
700 meter ten
15071707 GRO.SRO.ARC
tot de mogelijkheden behoren wordt, op grond van bovenstaande, vervolgonderzoek geadviseerd in de vorm van een opgraving. Voor de locaties 1 (kruising Dorpstraat-Kerkstraat) en locatie 3 (bron Groesbeek) wordt geen vervolgonderzoek aanbevolen aangezien bij de aanleg van de watergang alleen recente ophogingslagen worden doorsneden. Tot op het niveau van de verstoringsdiepte is geen sprake van een archeologische vindplaats. Type onderzoek: booronderzoek Toponiem: Kruispad Uitvoerder: RAAP Archeologisch Adviesbureau Datum: 19-08-2008 Onderzoeksnummer: 22698 Resultaat: Vervolgonderzoek (in de vorm van een archeologische begeleiding) wordt noodzakelijk geacht bij een ontgravingsdiepte dieper dan 60 cm min het huidige maaiveld. In de boringen zijn fragmenten vroeg/laatmiddeleeuws aardewerk aangetroffen en handgevormd aardewerk uit de IJzertijd. Type onderzoek: booronderzoek Toponiem: Wisselpad Uitvoerder: VUhbs archeologie Datum: 28-11-2013 Onderzoeksnummer: 48498 Resultaat: Het veldonderzoek heeft uitgewezen dat veruit het grootste deel van het plangebied door recente bodembewerking is verstoord, waardoor vervolgonderzoek hier niet noodzakelijk wordt geacht. Alleen in het uiterste noordwestelijke deel van het plangebied is in één boring een grotendeels intacte bodemopbouw aangetroffen met een restant van een eerddek op een moderpodzolbodem.
Ondanks dat hier geen archeologische indicatoren zijn aangetroffen, behoudt dit deel de hoge archeologische verwachting. Het betreft echter een zeer klein oppervlak van hooguit enkele vierkante meters, waardoor ook voor dit deel vervolgonderzoek niet noodzakelijk wordt geacht en geadviseerd wordt om het gehele plangebied vrij te geven voor de voorgenomen werkzaamheden. Type onderzoek: booronderzoek Toponiem: Spoorlaan Uitvoerder: Becker en Van de Graaf Datum: 17-05-2006 Onderzoeksnummer: 14599 Resultaat: Uit de resultaten van beide onderzoeken blijkt dat het plangebied ligt op smeltwaterafzettingen op de flank van een stuwwal bedekt met dekzand waarop sinds de Late Middeleeuwen een antropogeen dek (esdek) is aangebracht. De bodem bestaat uit een hoge bruine enkeerdgrond waarvan de humeuze bovenlaag in dikte varieert tussen 50 en 150 cm. Langs de spoorlijn en rondom Spoorlaan 1a, 3 en 5 is deze bodemopbouw tussen 100 en 280 cm diepte verstoord. In de onverstoorde gebieden zijn geen archeologische indicatoren aangetroffen. Op basis van de resultaten van het IVO is vastgesteld dat er in grote delen van het plangebied een esdek voorkomt waaronder mogelijk archeologische resten relatief goed bewaard kunnen zijn gebleven. Ondanks dat er in het plangebied geen archeologische indicatoren zijn aangetroffen, wil dit niet zeggen dat er geen archeologische resten aanwezig zijn.
Geadviseerd wordt daarom een karterend veldonderzoek in de vorm van proefsleuven uit te voeren in de ongestoorde delen van het plangebied. Type onderzoek: opgraving Toponiem: Centrumplan Uitvoerder: RAAP Archeologisch Adviesbureau Datum: 17-09-2007 Onderzoeksnummer: 20821 Resultaat: Een opvallend fenomeen is, dat bij het booronderzoek geen eenduidige aanwijzingen aangetroffen zijn voor de aanwezigheid van de archeologische resten. Dit betekent dat bij vooronderzoeken in dergelijke landschappelijke eenheden zeer alert moet worden omgegaan met bevindingen en/of onderzoeksmethode. De opgraving in het plangebied Sporenbeek heeft namelijk ruim voldoende aanwijzingen opgeleverd voor de aanwezigheid van waardevolle archeologische resten in het onderzoeksgebied. Derhalve wordt bij toekomstige graafwerkzaamheden in de directe omgeving vervolgonderzoek aanbevolen. Type onderzoek: booronderzoek Toponiem: Huesenhoff Uitvoerder: RAAP Archeologisch Adviesbureau Datum: 03-06-2008 Onderzoeksnummer: 21797 Resultaat: Gezien de onderzoeksresultaten en de voorgenomen ingrepen in het plangebied kan worden gesteld dat bij de uitvoering hiervan vermoedelijk archeologische waarden zullen worden verstoord. Op basis hiervan wordt aanbevolen om het in het plangebied aanvullend archeologisch vooronderzoek te laten verrichten.
Geadviseerd wordt om dit vervolgonderzoek plaats te laten vinden in de vorm van een inventariserend veldonderzoek (IVO), bestaande uit een proefsleuvenonderzoek. Aangezien de omvang van de vindplaats op grond van de aanwezige gegevens niet nader bepaald kan worden, wordt geadviseerd om tijdens het proefsleuvenonderzoek naast de gebruikelijke proefsleuven ook gebruik te maken van zoeksleuven. De zoeksleuven kunnen beperkt blijven tot de zones waar geen vondsten zijn gedaan maar waar op grond van de geringe verstoring van de bodem in de ondergrond nog archeologische sporen kunnen worden verwacht. De boringen hebben uitgewezen dat in het westen van het plangebied de grond voor een deel is afgegraven. Hier hoeft geen archeologisch onderzoek meer plaats te vinden en kunnen de plannen vanuit archeologisch oogpunt zonder verdere restricties uitgevoerd worden. Type onderzoek: proefsleuvenonderzoek
Pagina 12 van 27
zuidoosten
42583
700 meter ten zuidoosten
66841
700 meter ten zuiden
8742
750 meter ten zuiden
22018
750 meter ten zuidwesten
29164
750 meter ten zuiden
31176
750 meter ten zuiden
31759
750 meter ten zuidwesten
39131
750 meter ten zuiden
15071707 GRO.SRO.ARC
Toponiem: Huessenhof Uitvoerder: RAAP Archeologisch Adviesbureau Datum: 25-05-2009 Onderzoeksnummer: 31547 Resultaat: Een gebied van circa 1,5 ha is behoudenswaardig. Beschermende maatregelen zijn gewenst en indien niet mogelijk wordt een opgraving aanbevolen. Type onderzoek: opgraving Toponiem: Huessenhoff Uitvoerder: ADC ArcheoProjecten Datum: 30-08-2010 Onderzoeksnummer: 42447 Resultaat: Geen verder onderzoek nodig omdat het terrein tot op de natuurlijke grond is afgegraven. Echter, tussen de werkputten in zijn smalle stroken niet opgegraven. Deze zijn interessant voor toekomstig onderzoek omdat daar nog delen van de vindplaats in situ liggen. Type onderzoek: bureauonderzoek Toponiem: Spoorlaan Uitvoerder: RAAP Archeologisch Adviesbureau Datum: 18-05-2015 Resultaat: Resultaten zijn niet bekend in Archis Type onderzoek: booronderzoek Toponiem: Centrumplan, Locatie 2 Uitvoerder: RAAP Archeologisch Adviesbureau Datum: 24-06-2004 Onderzoeksnummer: 4506 Resultaat: Op grond van het ontbreken van (duidelijke) aanwijzingen voor de aanwezigheid van archeologische (grond)sporen wordt ten aanzien van het plangebied geen vervolgonderzoek aanbevolen. De grond is ernstig verstoord. Type onderzoek: booronderzoek Toponiem: Dorpsplein Uitvoerder: RAAP Archeologisch Adviesbureau Datum: 11-04-2007 Onderzoeksnummer: 17339 Resultaat: Handgevormd aardewerk in de B-horizont.
Het plangebied is echter grotendeels verstoord, waardoor er alleen het noordelijke deel intacte archeologische resten te verwachten zijn. Type onderzoek: proefsleuvenonderzoek Toponiem: Spoorlaan Uitvoerder: Becker en Van de Graaf Datum: 09-06-2008 Onderzoeksnummer: 28575 Resultaat: Het selectiebesluit van de bevoegde overheid luidt dat er in het plangebied een proefsleuvenonderzoek plaats dient te vinden met als doel het karteren en waarderen van de verwachte vindplaats. Type onderzoek: opgraving Toponiem: Uitvoerder: Archeodienst Gelderland BV Datum: 29-09-2008 Onderzoeksnummer: 28658 Resultaat: Opgraving volgt op IVO-proefsleuven. Op het terrein zijn sporen uit de IJzertijd (mogelijke nederzettingsstructuur) en een grafveld uit de Vroege en Midden Romeinse tijd aangetroffen Type onderzoek: archeologische begeleiding Toponiem: Dorpsplein Uitvoerder: Archeodienst Gelderland BV Datum: 10-11-2008 Onderzoeksnummer: 28654 Resultaat: Een archeologische begeleiding locatie Dorpsplein te Groesbeek met als doel het documenteren van gegevens en het veiligstellen van materiaal om daarmee informatie te behouden die van belang is voor kennisvorming over het verleden.
Het bevoegd gezag (gemeente Groesbeek) heeft in samenspraak met Raap Archeologisch Adviesbureau een selectiebesluit genomen dat rondom het bestaande bouwblok de archeologische resten door middel van een opgraving veilig gesteld dienen te worden. Vervolgonderzoek is gezien de resultaten van het booronderzoek en de ligging van het plangebied in het oude centrum van Groesbeek noodzakelijk. Vanwege de beperkte omvang van het plangebied en de aanwezige bodemverstoring door de onderkeldering van het gebouw zijn een waarderend proefsleuven onderzoek gevolgd door een definitieve opgraving niet noodzakelijk. Een opgraving met beperkte omvang voldoet om de archeologische resten te onderzoeken. Type onderzoek: booronderzoek Toponiem: Pompweg 6 Uitvoerder: Synthegra BV
Pagina 13 van 27
25095
800 meter ten zuidoosten
40075
800 meter ten zuidoosten
8270
900 meter ten zuidwesten
13854
900 meter ten zuiden
16099
1000 meter ten oosten
34580
1000 meter ten westen
Datum: 05-02-2010 Onderzoeksnummer: 44037 Resultaat: De bevoegde overheid heeft het advies overgenomen. Geen vervolgonderzoek noodzakelijk. Type onderzoek: booronderzoek Toponiem: Ambachtsweg 22 Uitvoerder: RAAP Archeologisch Adviesbureau Datum: 19-10-2007 Onderzoeksnummer: 18905 Resultaat: Geen vervolgonderzoek noodzakelijk. Type onderzoek: booronderzoek Toponiem: Huesenhoff Uitvoerder: RAAP Archeologisch Adviesbureau Datum: 05-03-2010 Onderzoeksnummer: 31548 Resultaat: Geen aanleiding voor vervolgonderzoek. Geen vondsten of andere aanwijzingen voor archeologische resten. Type onderzoek: booronderzoek Toponiem: Heumensebaan 23 Uitvoerder: BAAC BV Datum: 17-12-2004 Onderzoeksnummer: 3889 Resultaat: Geen vervolgonderzoek noodzakelijk. Er wordt voor het onderzoeksgebied, gezien het ontbreken van archeologische indicatoren en het grotendeels verstoorde karakter, geen vervolgonderzoek aanbevolen. Hoewel getracht is een zo gefundeerd mogelijk advies te geven op grond van de gebruikte onderzoeksmethode, kan de aanwezigheid van archeologische sporen of resten in de onderzochte terreinen waarvoor geen vervolgonderzoek wordt aanbevolen nooit volledig worden uitgesloten. In het onderzoeksgebied zijn geen archeologische indicatoren aangetroffen. Boringen 1 t/m 4 laten een verstoord profiel zien. Bij boringen 5 en 6 is een natuurlijk bodemprofiel aangetroffen met holtpodzolgronden.
De middelhoge verwachting is voor het vergraven deel niet gerechtvaardigd. Voor het deel rondom boringen 5 en 6 is de verwachting ondanks het niet aantreffen van archeologische indicatoren gerechtvaardigd. Type onderzoek: booronderzoek Toponiem: Kloosterstraat Uitvoerder: RAAP Archeologisch Adviesbureau Datum: 24-05-2005 Onderzoeksnummer: 11587 Resultaat: Tijdens het booronderzoek zijn geen archeologische indicatoren aangetroffen. Op grond van de sterk verstoorde bodemprofielen en het ontbreken van aanwijzingen voor de aanwezigheid van archeologische resten uit de periode van Steentijd t/m Middeleeuwen wordt ten aanzien van het plangebied geen vervolgonderzoek aanbevolen. Type onderzoek: booronderzoek Toponiem: Dennenkamp Uitvoerder: Becker en Van de Graaf Datum: 14-02-2006 Onderzoeksnummer: 13899 Resultaat: Omdat er geen indicatoren aangetroffen zijn die wijzen op de mogelijke aanwezigheid van archeologische resten in het plangebied wordt verder archeologisch onderzoek niet noodzakelijk geacht. Type onderzoek: booronderzoek Toponiem: Uitvoerder: BAAC BV Datum: 16-04-2009 Onderzoeksnummer: 25955 Resultaat: Bodem tot in de C-horizont verstoord. Er wordt geadviseerd geen vervolgonderzoek uit te voeren.