B65 Bijlagenboek bestemmingsplan ‘Winkel- en woonontwikkeling Spoorlaan fase 2, Groesbeek’
Tekst van het document
Het is wel te verwachten dat het aantal kleine supermarkten de komende jaren verder zal krimpen, zeker in kernen met 2.000 inwoners of minder, maar dat is vooral een autonome ontwikkeling als gevolg van algemene trends zoals het ontbreken van opvolging bij het op leeftijd raken van de ondernemer en het veranderende koopgedrag van de consumenten (grote mobiliteit, toenemen de gerichtheid op discountaanbod, etc.).
32
Hoofdstuk 4
5.
SAMENVATTING EN CONCLUSIES ANALYSES 5.1 Inleiding In dit hoofdstuk worden eerst de belangrijkste conclusies van het onderzoek naar de distributie-planologische mogelijkheden voor en effecten van de uitbreiding en verplaatsing van de supermarkten Jan Linders en Aldi supermarkten naar de locatie Spoorlaan in Groesbeek centrum samengevat weergegeven.
5.2 Conclusies onderzoek De belangrijkste conclusies uit het onderzoek zijn als volgt: Het beleid van de gemeente Groesbeek is gericht op het concentreren van de winkels en andere commerciële publieksgerichte voorzieningen in het aangewezen kernwinkelgebied om zo een meer aantrekkelijk en levendig dorpscentrum te creëren (Structuurvisie Groesbeek 2015). De locatie Spoorlaan ligt in het kernwinkelgebied en de verplaatsing van twee nu buiten het kernwinkelgebied gelegen supermarkten hiernaartoe draagt bij aan het realiseren van de beleidsdoelstellingen. De verplaatsing van de beide nu min of meer solitair gelegen, kleinere supermarkten naar een nieuwe, beter bereikbare locatie in het kernwinkelgebied, draagt bij aan een versterking van de detailhandelsstructuur van Groesbeek (behoud en versterking belangrijke publiekstrekkers, verbetering parkeermogelijkheden). Daarmee zal het initiatief een positief effect hebben op het functioneren van de overige in het centrum aanwezige winkels en andere voorzieningen en wellicht tevens een vliegwielfunctie vervullen voor de beoogde verdere concentratie van de centrumvoorzieningen. Door de verplaatsing van zowel de Jan Linders als de Aldi naar het gedeelte van het kernwinkelgebied ten zuiden van het voormalige spoor ontstaat een evenwichtige spreiding van de belangrijke publiekstrekkers over het kernwinkelgebied.
Bij handhaving van beide supermarkten op de huidige locatie en de toevoeging van het nieuwe winkelproject Mariëndaal, komt het winkelzwaartepunt heel sterk in het noordelijke deel van het centrum te liggen en dat is negatief voor het perspectief en de ontwikkelingskansen voor het zuidelijke deel van het kernwinkelgebied. Bij de aanwezigheid van zowel supermarkten als andere winkels en voorzieningen aan beide zijden van het voormalige spoor ontstaat een goede ‘doorbloeding’ van het gehele kernwinkelgebied. De beoogde schaalvergroting en modernisering van het supermarktaanbod in het centrum van Groesbeek speelt in op de algemene trends en ontwikkelingen in het aanbod en op de behoefte van de consument aan keuzemogelijkheden, comfort en beleving. Hierdoor wordt de consumentenverzorging verbeterd: de consumenten krijgen een veel moderner supermarktaanbod tot hun beschikking.
Hoofdstuk 5
33
Door de modernisatie wordt tevens voorkomen dat er in de toekomst meer koopkracht gaat afvloeien, bijvoorbeeld naar het Duitse Kranenburg, waar plannen bestaan voor een versterking van het supermarktaanbod. De dagelijkse artikelensector in Groesbeek kent momenteel in totaliteit een gemiddelde omvang naar winkelruimte. Wel is het aantal supermarkten (6) relatief groot. Het aanwezige aanbod is voor het overgrote deel aanwezig in Groesbeek dorp, maar binnen Groesbeek is het aanbod tamelijk verspreid aanwezig. Drie van de supermarkten zijn buiten het centrum gevestigd en drie in het centrumgebied, maar buiten het beleidsmatig aangewezen kernwinkelgebied. Groesbeek beschikt momenteel over twee discounters (Aldi en Lidl) en vier service supermarkten (AH, Jan Linders, Jumbo en Coop). Drie supermarkten, te weten Aldi, Jan Linders en AH, kennen een naar de huidige maatstaven relatief geringe omvang van de winkelruimte. Uit de benadering van het functioneren van de dagelijkse sector in Groesbeek volgt dat het aanbod momenteel gemiddeld relatief goed functioneert en dat er theoretisch distributieve ruimte aanwezig is ter uitbreiding van het aanbod. Deze ruimte bedraagt onder voorwaarde van een versterking van het aanbod tot 2025 ca. 1.000 m² wvo. Dit is voldoende voor de realisatie van het plan Spoorlaan.
Wordt ook rekening gehouden met de toevoeging van dagelijkse artikelenwinkels in het woon-winkelproject Mariendaal ten noorden van het voormalige spoor, dan wordt de distributieve ruimte wel overschreden. Gezien de (te) beperkte distributieve ruimte voor alle uitbreidingsplannen in de dagelijkse artikelensector is het niet uit te sluiten dat er effecten kunnen zijn op de overige aanwezige supermarkten. Met name de beide service-supermarkten Coop en Jumbo zullen mogelijk gevoelig zijn voor de veranderde concurrentieverhoudingen. Mocht een van beide zaken eventueel verdwijnen, dan behoudt de consument nog steeds een relatief ruim aanbod aan moderne supermarkten. De overblijvende supermarkten zijn dan bovendien voor een belangrijk deel in het (beleidsmatig beoogde) kernwinkelgebied aanwezig, hetgeen ook het uitgangspunt van het beleid is. Omdat de supermarkten in de omringende gemeenten gewoonlijk beschikken over een helder ‘eigen’ marktgebied en voor wat betreft de kleine kernen vaak nu al vooral op de ‘vergeten boodschappen’ gericht zijn, is het niet te verwachten dat de modernisatie van het supermarktaanbod in Groesbeek hier negatieve effecten heeft.
34
Hoofdstuk 5
6.
JURIDISCH-PLANOLOGISCHE OVERWEGINGEN 6.1 Duurzame ontwrichting Duurzame ontwrichting In de ruimtelijke ordening dienst op basis van ruimtelijke relevante argumenten beoordeeld te worden of nieuwe initiatieven op het gebeid van dagelijkse aankopen doen, resulteren in duurzame ontwrichting van de voorzieningenstructuur. Hierbij gaat het om het directe consumentenbelang op lange termijn en niet om een verslechterende concurrentiepositie voor individuele bedrijven. Essentieel is dat de consument moet blijven beschikken over voldoende voorzieningenniveau op het gebied van de eerste levensbehoeften op aanvaardbare afstand van de eigen woning. Als door een nieuwe winkel in een verzorgingsgebied dus een andere winkel verdwijnt, dan is de variatie in het aanbod per saldo gelijk gebleven of misschien wel verbeterd, bijvoorbeeld als modern aanbod verouderd aanbod vervangt. Duurzame ontwrichting en de verplaatsing van de Jan Linders en de Aldi Door de verplaatsing van de Jan Linders en de Aldi naar de Spoorlaan, ontstaat een sterk supermarktcluster. Het verzorgingsniveau op het gebied van boodschappen doen voor de consument neemt toe vanwege de concentratie in het kernwinkelgebied in Groesbeek en vanwege de uitbreiding en modernisering van de Jan Linders en de Aldi in m² wvo.
Ook al zou door de verplaatsing van Jan Linders en de Aldi een andere supermarkt uit het aanbod verdwijnen, dan nog blijft de consument in Groesbeek beschikken over ruime keuzemogelijkheden om dagelijkse boodschappen op aanvaardbare afstand van de eigen woning te kunnen blijven doen. Dit geldt, gezien de eerdere uitspraak over de gemeente De Marne door de afdeling Bestuursrecht van de Raad van State ook voor de inwoners van de omringende kernen, mocht daar een dagelijkse artikelenwinkel verdwijnen door de ontwikkelingen Groesbeek (hetgeen niet waarschijnlijk is, zoals hiervoor beargumenteerd is). De verplaatsing van de Jan Linders en de Aldi zal daarom niet leiden tot een duurzame ontwrichting van de voorzieningenstructuur, maar juist resulteren in een versterking van die structuur.
6.2 Ladder voor duurzame verstedelijking Er wordt door de overheid steeds meer waarde gehecht aan het zorgvuldig omgaan met het ruimtegebruik. Dit is tevens een belangrijk uitgangspunt bij een in oktober 2012 doorgevoerde wijziging in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). Hierin is vastgelegd dat de toelichting bij een bestemmingsplan/projectafwijking dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, moet voldoen aan de systematiek van de ‘Ladder voor duurzame verstedelijking’.
Hoofdstuk 6
35
Deze ladder omvat de volgende stappen: 1. “Er wordt beschreven dat de voorgenomen stedelijke ontwikkeling voorziet in een actuele regionale behoefte. 2. Indien uit de beschrijving, bedoeld in onderdeel 1, blijkt dat sprake is van een actuele regionale behoefte, wordt beschreven in hoeverre in die behoefte binnen het bestaand stedelijk gebied van de betreffende regio kan worden voorzien door benutting van beschikbare gronden door herstructurering, transformatie of anderszins. 3. Indien uit de beschrijving, bedoeld in onderdeel b, blijkt dat de stedelijke ontwikkeling niet binnen het bestaand stedelijk gebied van de betreffende regio kan plaatsvinden, wordt beschreven in hoeverre wordt voorzien in die behoefte op locaties die, gebruikmakend van verschillende middelen van vervoer, passend ontsloten zijn of als zodanig worden ontwikkeld.” De Ladder voor duurzame verstedelijking dient te worden toegepast indien er sprake is van een stedelijke ontwikkeling. De verplaatsing van beide supermarkten in Groesbeek moet worden aangemerkt als een stedelijke ontwikkeling omdat het een detailhandelsontwikkeling betreft (art. 1.1.1 Bro, definiëring begrippen). Bovendien is er in beide gevallen sprake van een aanzienlijk uitbreiding van het aanbod en daarom dient de Ladder doorlopen te worden. In de bijlage is een nadere toelichting gegeven op de Ladder.
Aangezien de supermarkten in Groesbeek vooral een functie hebben voor de inwoners van de voormalige gemeente Groesbeek, is dit gebied in de analyses gehanteerd als primair verzorgingsgebied. Maar omdat er door de versterking van het centrum van Groesbeek als boodschappencentrum naar verwachting ook wat meer koopkracht van buiten dit gebied getrokken gaat worden, is er ook aandacht besteed aan de omringende kernen. Eerste trede: Actuele regionale behoefte Kwalitatief Voor wat betreft de eerste trede moet op basis van onderhavige rapportage geconstateerd worden dat het initiatief in kwalitatieve zin heel duidelijk voorziet in de regionale behoefte. De uitbreiding en schaalvergroting van de betreffende supermarkten zal bijdragen aan een betere verzorging van de inwoners van Groesbeek en andere consumenten die hun boodschappen doen in Groesbeek. De redenen hiervoor zijn: De consument krijgt de beschikking over grotere en modernere supermarkten met betere parkeervoorzieningen. De versterking van het supermarktaanbod betekent een impuls voor de reeds in dit kernwinkelgebied gevestigde winkels en andere publieksgerichte voorzieningen.
Het perspectief voor deze winkels wordt beter en daarmee is er een grotere kans dat de consument kan blijven beschikken over een gevarieerd aanbod De ontwikkeling draagt bij aan het ontstaan van een compacter en daarmee meer aantrekkelijk centrumgebied.
36
Hoofdstuk 6
Dit sluit aan bij de gemeentelijke ambitie sinds 2011, een ambitie die recent ook nog eens opnieuw verwoord is in de Structuurvisie Groesbeek 2025. Daarnaast sluit dit aan bij de hoofdlijnen van het provinciale beleid zoals verwoord in de Omgevingsvisie en –verordening (o.a. vitaliteit dorpen behouden en versterken en stimuleren economische ontwikkeling en dynamiek). Ook past de concentratiegedachte in de regionale structuurvisie (Regionaal Programma Detailhandel, SAN 2013). Met het planinitiatief wordt aangehaakt op actuele trends in vraag en aanbod op het gebied van aankopen in de dagelijkse sector (o.a. gemak, comfort, keuzemogelijkheden voor de consument). De consumenten in Groesbeek hebben in de nieuwe situatie de beschikking over drie moderne supermarkten (ook grotendeels complementair aan elkaar), evenwichtig verspreid gesitueerd binnen het kernwinkelgebied met ruim voldoende parkeergelegenheid. In combinatie met die parkeervoorzieningen functioneren de supermarkten tevens als bronpunt voor bezoek aan het gehele kernwinkelgebied. Kwantitatief Er is in Groesbeek theoretisch distributieve ruimte voor een uitbreiding van het winkelaanbod in de dagelijkse artikelensector. Deze ruimte is groter dan de uitbreiding die gemoeid is met de verplaatsing van beide supermarkten. Daarmee is er voor het initiatief sec sprake van een actuele regionale behoefte in kwantitatieve zin.
Met de realisatie van het gehele nieuwe kernwinkelgebied (inclusief project Mariëndaal) wordt de berekende ruimte wel overschreden. Hierdoor en door de veranderende concurrentieverhoudingen is het op voorhand niet uit te sluiten dat er effecten zullen optreden bij de andere bestaande supermarkten of dagelijkse artikelenwinkels in Groesbeek. Echter, zelfs als daardoor onverhoopt een van die zaken verdwijnt, dan zijn de effecten op de consumentenverzorging of de detailhandelsstructuur niet onaanvaardbaar te noemen omdat er ook nieuw aanbod op daarvoor goed in de beleidsmatig beoogde detailhandelsstructuur passende plekken bij gekomen is. Ten aanzien van de kernen in de omgeving van Groesbeek kan gesteld worden dat de versterking van Groesbeek als boodschappencentrum hier slechts een beperkt effect zal hebben. Enerzijds omdat het betreffende aanbod over het algemeen een sterke positie in het eigen dorp heeft, bijvoorbeeld omdat het de enige supermarkt is, anderzijds omdat er vooral sprake zal zijn van een ombuiging van de koopkracht die nu ook al naar andere omringende kernen (zoals Nijmegen) vloeit. Hierna wordt bij de behandeling van de tweede trede inzichtelijk gemaakt wat de effecten zijn van het plan voor de Spoorlaan op de leegstand zijn.
Tweede trede: benutting bestaande panden en leegstand De verplaatsing van de beide supermarkten vindt plaats binnen het stedelijke gebied en betreft een transformatie van een voormalig fabrieksterrein en bestaande winkelpanden. Zo bezien wordt voldaan aan trede 2.
Hoofdstuk 6
37
De betreffende locatie aan de Spoorlaan is in de gemeentelijke Structuurvisie Groesbeek 2025 en eerdere beleidsstukken zoals het Masterplan Centrum Groesbeek ook als te herontwikkelen benoemd. Specifiek voor trede 2 is in de toelichting bij het Bro-artikel echter aangegeven dat het bij detailhandel ook moet gaan om het aangeven in hoeverre bestaande leegstaande winkelpanden via transformatie of herstructurering het initiatief zouden kunnen huisvesten. Er is in Groesbeek geen leegstaand pand op een vanuit de beoogde detailhandelsstructuur bezien geschikte locatie aanwezig die het initiatief zou kunnen huisvesten. De meeste leegstaande winkelpanden zijn bovendien te klein of qua omvang en vorm functioneel ongeschikt. Daarnaast liggen de leegstaande panden veelal op solitaire locaties buiten het kernwinkelgebied. De vestiging van beide supermarkten daar zou veel negatieve effecten hebben op het woon- leef- en ondernemersklimaat in Groesbeek. Wel is er in het nieuwe winkelproject Mariëndaal ten noorden van het voormalige spoor in planologische zin nog enige ruimte voor toevoeging van dagelijkse artikelendetailhandel, maar de betreffende ruimte is ofwel reeds verhuurd, ofwel qua maatvoering ongeschikt voor inpassing van een of twee supermarkten naast de Albert Heijn.
Er zijn nog slechts enkele verspreid gesitueerde veel kleinere units beschikbaar en de beschikbare parkeergelegenheid is ook niet afgestemd op de parkeerbehoefte van meer supermarkten dan de Albert Heijn. Verder is de in het project opgenomen rolbaan verbonden met de Albert Heijn en niet met de andere units. Omdat het bij zowel de Jan Linders als de Aldi om verplaatsers gaat, komen er winkelpanden leeg. Een herinvulling met detailhandel is bestemmingsplanmatig mogelijk, maar gezien de marktomstandigheden in de detailhandel minder waarschijnlijk. Vanwege de ligging op een binnenterrein in een woongebied is een herinvulling met detailhandel van het Aldipand ook niet gewenst. De verplaatsing van deze winkel zal per saldo geen negatieve effecten hebben op het woon-, leef en ondernemersklimaat, maar juist positieve. Dit geldt ook voor de Jan Linders: een herontwikkeling van deze locatie wordt, zoals in de structuurvisie is aangegeven, beleidsmatig nagestreefd. Bestemmingsplanmatig zijn ook andere functies in dit pand mogelijk. In het geval van de Aldi zijn er geen andere publieksgerichte zaken in de directe omgeving gevestigd, maar bij de Jan Linders wel. Het leeg komen van dit pand zou daardoor eventueel een negatief effect op het functioneren van de omringende zaken kunnen hebben.
Door de realisatie van het woon-winkelcomplex Mariëndaal aan de Dorpsstraat Noord zal dit gebied echter juist sterk aan trekkracht winnen, en van negatieve effecten is daardoor geen sprake.
38
Hoofdstuk 6
De verplaatsing van beide supermarkten naar het kernwinkelgebied betekent bovendien een dusdanige versterking van de retailstructuur (modernisering aanbod, evenwichtige spreiding supermarkten) dat dit de mogelijke leegstand op vanuit de retailstructuur bezien ongunstige locaties rechtvaardigt. Daar komt bij dat de verplaatsing een positieve spin off voor het kernwinkelgebied als geheel kan hebben en daardoor kan bijdragen aan het voorkomen of het bestrijden van leegstand in het kernwinkelgebied. Het is, zoals hiervoor is aangegeven, niet uit te sluiten dat er als gevolg van de veranderde concurrentieverhoudingen effecten voor bestaand aanbod kunnen zijn en dat er hierdoor elders enige leegstand zal ontstaan. Misschien verdwijnt er een van beide buiten het kernwinkelgebied gelegen, bestaande supermarkten, maar voor de detailhandelsstructuur en de consumentenverzorging zal dat geen onaanvaardbare effecten hebben. De inwoners van Groesbeek en omgeving blijven beschikken over voldoende supermarkten binnen aanvaardbare afstand. Dat wil zeggen dat van duurzame negatieve effecten op het woon-, leef- en ondernemersklimaat naar verwachting geen sprake zal zijn. Met het eventueel verdwijnen van een van deze supermarkten, komt er wel een groter winkelpand leeg. Dat zou effecten kunnen hebben op het functioneren van direct in de omgeving gelegen andere publieksgerichte zaken.
Voor beide supermarkten geldt echter dat er weinig andere zaken in de directe omgeving aanwezig zijn, en die zaken worden bovendien sterk doelgericht bezocht (kapper, bank, makelaar, garage, café, restaurant). De Jumbo is vrijwel solitair gelegen, en de Supercoop heeft haar entree aan de achterzijde, waardoor er van interactie met de aan de Dorpsstraat gelegen zaken nauwelijks sprake is. Voor de kernen in de omgeving van de voormalige gemeente Groesbeek geldt dat het, zoals gezegd, niet te verwachten is dat de winkelleegstand hier door de ontwikkelingen in het kernwinkelgebied van Groesbeek toeneemt. Daarvoor is het omzeteffect per kern te gering. Uiteraard kan de leegstand hier wel toenemen, maar dat is dan meer te wijten aan meer algemene trends en ontwikkelingen in de detailhandel. Derde trede: niet binnen bestaand stedelijk gebied Omdat de ontwikkeling binnen het bestaand stedelijk gebied plaats vindt, is de derde trede niet van toepassing.
Hoofdstuk 6
39
Gelderse ladder Voor de Gelderse ladder geldt dat alleen de eerste drie treden van toepassing zijn. Onder verwijzing naar het voorgaande kan hierover kort en krachtig gesteld worden dat de beoogde ruimtelijke ontwikkeling voorziet in de lokale en regionale behoefte en zich positief verhoudt tot de beleidskaders. Die behoefte wordt met het plan Spoorlaan opgevangen door hergebruik/ transformatie bestaande gebouwen en gronden, waarbij de omgevingskwaliteit aanzienlijk verbetert.
6.3 Tot slot Wenselijkheid modernisering supermarkten Schaalvergroting, een goede bereikbaarheid en voldoende parkeren worden steeds belangrijker voor supermarkten. Moderne servicesupermarkten omvatten tegenwoordig al gauw 1.200 – 1.500 m² wvo (of meer) en discounters 1.000- 1.300 m² wvo. Deze schaalvergroting wordt landelijk ook in rap tempo doorgevoerd. De kleinschalige, slecht bereikbare supermarkten met beperkte parkeermogelijkheden hebben hierdoor steeds minder toekomstperspectief, hun concurrentiepositie verslechtert immers. In algemeenheid geldt dat, zodra modernisering van supermarkten niet wordt gefaciliteerd, het vaak slechts een kwestie van tijd is voordat een supermarkt verdwijnt onder druk van de toenemende concurrentie en trends en ontwikkelingen. Vanuit de structuur bezien is het echter vaak onwenselijk solitaire supermarkten te faciliteren in uitbreiding. Beter is om, in combinatie met verplaatsing, uitbreiding mogelijk te maken op locaties waarbij een supermarkt een bestaand winkelgebied kan versterken. De huidige supermarktstructuur van Groesbeek kenmerkt zich door meerdere relatief kleine, vrijwel allemaal min of meer solitair gelegen supermarkten. Specifiek voor Aldi en Jan Linders geldt dat beide supermarkten in de huidige vorm niet alleen te klein zijn en dat de parkeermogelijkheden niet optimaal zijn.
Met de realisatie van het centrumplan en de komst van Albert Heijn neemt de concurrentie wel toe. Clustering door verplaatsing en uitbreiding zal het toekomstperspectief van zowel deze supermarkten als van het kernwinkelgebied als geheel versterken. Omdat beide supermarkten qua marktsegment waarop ze zich richten complementair zijn, kunnen ze elkaar ook versterken. Een uitbreiding/modernisering van deze supermarkten is niet gewenst op de huidige locaties en fysiek ook niet of nauwelijks mogelijk. Een eventuele uitbreiding op de huidige locaties, voor zover al mogelijk, doet afbreuk aan het gemeentelijke streven naar een compacter kernwinkelgebied. Als een uitbreiding en verplaatsing niet wordt gefaciliteerd, zal de concurrentiepositie van deze supermarkten ten opzichte van de andere supermarkten in Groesbeek verder afnemen. Het is daardoor niet uit te sluiten dat één of beide supermarkt(en) zal verdwijnen.
40
Hoofdstuk 6
Bijdrage aan versterking kernwinkelgebied Het centrum van Groesbeek kent een diffuse, verouderde ruimtelijke structuur en een matige aantrekkelijkheid. Het plan Dorpsstraat-Mariëndaal brengt hier al veel verbetering in, maar biedt slechts deels een oplossing voor het feit dat het in Groesbeek aanwezige supermarktaanbod niet meer voldoet aan de huidige wensen en behoeften van zowel de exploitanten als de consumenten. De meest moderne supermarkten zijn momenteel bovendien buiten het centrumgebied te vinden. Voor een centrumgebied als Groesbeek zijn de supermarkten echter de belangrijkste publiekstrekkers en daarmee tevens de ‘motoren’ achter het functioneren van de overige winkels en andere publieksgerichte voorzieningen. Zij bepalen in belangrijke mate de levendigheid van dit soort winkelgebieden. Het versterken van het supermarktaanbod kan dus bijdragen aan het beleidsmatig beoogde creëren van een aantrekkelijk, compact en bruisend centrum in Groesbeek. Dit is reeds lang geleden door de gemeente onderkend en het plan Spoorlaan maakt daarom ook onderdeel uit van het Masterplan Centrum Groesbeek.
Zonder het verplaatsen van de Aldi en de Jan Linders naar de Spoorlaanlocatie zal het zwaartepunt binnen het centrum door de realisatie van het nieuwe woon-winkelproject Mariëndaal in zeer sterke mate ten noorden van het voormalige spoor komen te liggen, en raakt het gebied ten zuiden hiervan in de luwte. Dit is in tegenspraak met de doelstellingen het gemeentelijke beleid. Door de verplaatsing zal de verkeersdruk zich ook meer evenwichtig over het centrum spreiden. De Jumbo en de Supercoop kunnen door hun solitaire ligging en locatie buiten het kernwinkelgebied de trekkersfunctie voor het zuidelijke kernwinkelgebied niet vervullen. Het is niet uit te sluiten dat met de realisatie van nieuwe winkelruimte in het kernwinkelgebied de leegstand elders in de kern zal toenemen. De consumentenvraag groeit immers niet of nauwelijks. Er zal vooral meer leegstand aan de huidige randen van het relatief uitgestrekt centrumgebied kunnen ontstaan, al was het alleen al door de verplaatsing van beide supermarkten. Deze krimp van het winkelaanbod in de randen en een sterkere clustering op het kernwinkelgebied is overigens een landelijk, zich autonoom voordoend verschijnsel. In Groesbeek wordt hier actief op geanticipeerd door nieuwe winkelontwikkelingen in het kernwinkelgebied mogelijk te maken.
De verplaatsing van beide supermarkten naar de locatie Spoorlaan en de vernieuwing van het bestaande winkelgebouw dragen zodoende bij aan een structurele versterking van de Groesbeekse detailhandelsstructuur.
Hoofdstuk 6
41
42
Hoofdstuk 6
BIJLAGEN
Bijlage 1: Begrippenlijst BVO/WVO Bruto verkoop vloeroppervlak: zowel de voor het publiek toegankelijke ruimten als de ruimten die alleen voor het personeel toegankelijk zijn. Winkelverkoop vloeroppervlak: alleen de voor het publiek toegankelijke ruimten Detailhandel (als activiteit) Het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder de uitstalling ten verkoop, verkopen en/of leveren van goederen aan de uiteindelijke gebruiker of verbruiker. Dagelijkse artikelen Voedings- en genotmiddelen (vgm) en artikelen op het gebied van persoonlijke verzorging. In de praktijk gaat het hierbij om supermarktaanbod, aanbod in vgm-speciaalzaken, drogisterij- en parfumeriezaken Bestedingspotentieel Totaal aan winkelbestedingen die door de inwoners van een bepaald gebied gedaan kunnen worden. Gebaseerd op inwoneraantal en gemiddelde (landelijke) toonbankbesteding per hoofd van de bevolking. Groepering daarvan noemt men bestedingsvolumes. Winkel verkoopvloeroppervlak (wvo) Winkelruimte die voor de consument toegankelijk is (dus exclusief magazijn, kantoor, etalage, etc.). Vloerproductiviteit Gemiddelde omzet in gevestigde winkels per m² verkoopvloeroppervlak (wvo). Koopkrachtbinding Mate waarin inwoners van een bepaald gebied hun bestedingen verrichten bij winkels die in dat gebied gevestigd zijn.
Koopkrachtafvloeiing Mate waarin inwoners van een bepaald gebied hun detailhandelsbestedingen plaatsen bij gevestigde winkels buiten dat gebied. Koopkrachttoevloeiing Mate waarin inwoners van buiten een bepaald gebied detailhandelsbestedingen plaatsen bij winkels die in dat gebied gevestigd zijn (aandeel omzet van buiten).
Bijlagen
1
2
Bijlagen
Bijlage 2: Ladder voor Duurzame Verstedelijking Landelijke ladder Er wordt door de overheid steeds meer waarde gehecht aan het zorgvuldig omgaan met het ruimtegebruik. Dit is tevens een belangrijk uitgangspunt bij een in oktober 2012 doorgevoerde wijziging in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). Hierin is vastgelegd dat de toelichting bij een bestemmingsplan/projectafwijking dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, moet voldoen aan de systematiek van de ‘Ladder voor duurzame verstedelijking’. Deze ladder omvat de volgende stappen: 1. “Er wordt beschreven dat de voorgenomen stedelijke ontwikkeling voorziet in een actuele regionale behoefte. 2. Indien uit de beschrijving, bedoeld in onderdeel a, blijkt dat sprake is van een actuele regionale behoefte, wordt beschreven in hoeverre in die behoefte binnen het bestaand stedelijk gebied van de betreffende regio kan worden voorzien door benutting van beschikbare gronden door herstructurering, transformatie of anderszins. 3.
Indien uit de beschrijving, bedoeld in onderdeel b, blijkt dat de stedelijke ontwikkeling niet binnen het bestaand stedelijk gebied van de betreffende regio kan plaatsvinden, wordt beschreven in hoeverre wordt voorzien in die behoefte op locaties die, gebruikmakend van verschillende middelen van vervoer, passend ontsloten zijn of als zodanig worden ontwikkeld.” Enkele treden van de Ladder verdienen een nadere toelichting. Actuele regionale behoefte Specifiek voor de eerste trede geldt dat deze slechts tot doel heeft na te gaan of de vestiging van een functie in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening; het onderzoek mag geen betrekking hebben op economische ordening (economische behoefte, de marktvraag of de beoordeling van de mogelijke of actuele economische gevolgen). Hoewel dit in het kader van de Europese regelgeving met betrekking tot vrije vestiging al lang vast ligt, is het toch nog eens expliciet verwoord in een vierde lid dat per 1 juli 2014 aan art. 3.1.6. van het Bro is toegevoegd. Uit de toelichting en de handreiking bij de Ladder komt naar voren dat de behoefte zowel kwantitatief als kwalitatief van aard kan zijn. Verder is aangegeven dat het begrip ‘actueel’ niet letterlijk opgevat moet worden, het gaat in feite om de toekomstige vraag.
Over de afbakening van de regio wordt vermeld dat die aan moet sluiten op het (te verwachten) verzorgingsgebied van de ontwikkeling. Aandacht voor leegstand Relevant bij de toepassing van de Ladder voor detailhandelsprojecten is dat aandacht besteed wordt aan de winkelleegstand; kan het initiatief redelijkerwijs ook in bestaande lege winkelpanden gehuisvest worden en heeft het initiatief geen onaanvaardbare effecten op de ruimtelijke kwaliteit van de omgeving in het algemeen. Bij dit laatste gaat het in het
Bijlagen
3
bijzonder ook om de invloed van (structurele) leegstand. Uit de jurisprudentie komt naar voren dat hierbij met name de gevolgen voor het woon-, leef- en ondernemersklimaat centraal staan. Het belang van aandacht voor de leegstand wordt nog eens geïllustreerd door enkele recente uitspraken van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State met betrekking tot de toepassing van de Ladder. ABRS 26 maart 2014 (ECLI:RVS:2014:1101) “De behoefte aan de beoogde ontwikkeling dient aldus, met het oog op het voorkomen van structurele winkelleegstand, te worden afgewogen tegen het bestaande aanbod. Inzichtelijk moet zijn gemaakt dat het plan geen zodanige leegstand tot gevolg zal hebben dat dit tot een uit een oogpunt van een goede ruimtelijke ordening onaanvaardbare situatie in de betrokken regio zal leiden.”
ABRS 18 september 2013 (201208105/1/R2 (De Zeeland, Bergen op Zoom) Over de door Toychamp B.V. gevreesde leegstand overweegt de Afdeling dat onder omstandigheden overcapaciteit kan leiden tot (een toename van) leegstand, hetgeen tot negatieve gevolgen voor het woon- en leefklimaat en het ondernemersklimaat kan leiden.
ABRS 18 juni 2014 (201309201/1/A1 (Verplaatsing Aldi Echt) Hoewel de afweging in het kader van artikel 3.1.6. lid 2 Bro door de gemeente niet expliciet benoemd is, heeft de Afdeling geoordeeld dat de afweging van de mogelijke effecten op de leegstand op zichzelf op de juiste is gemaakt. Zij hebben hierbij betrokken dat het gaat om een verplaatsing van een bestaande supermarkt, er sprake is van een marginale uitbreiding van het wvo en dat er sprake is van een sterke supermarktstructuur. Ook is van belang dat er een juridische borging is dat leegstand op de oude locatie zoveel mogelijk voorkomen wordt. Hier is dat privaatrechtelijk overeen gekomen (inspanningsverplichting).
Vernieuwing en marktruimte In de recente uitspraak over de vestiging van Ikea op de locatie Zuiderhout te Zaanstad (ABRS 7 mei 2014, nr. 201307684/1) geeft de Afdeling aan dat juist in een situatie waar weinig marktruimte is, vernieuwing en versterking nodig is om het aanbod aan de veranderende vraag aan te passen. Hiermee is het belang van vernieuwing als kwalitatief argument bij de toepassing van de Ladder nog eens bevestigd, want eerder kwam dit al in navolgende uitspraak naar voren:
VzABRS 17 februari 2014 (201310222/2/R6, Herontwikkeling De Plu Heerlen) De voorzitter accepteert hier dat nieuwe ontwikkelingen voor een kwaliteitsimpuls in de voorzieningenstructuur kunnen zorgen die (in het kader van de Ladder) een extra (eigen) behoefte genereert c.q. creëert. Hiertoe dient wel de bestaande leegstand inzichtelijk gemaakt en meegewogen te worden.
4
Bijlagen
Gelderse ladder voor duurzaam ruimtegebruik In de Omgevingsvisie van de provincie Gelderland wordt de ‘Ladder voor duurzame verstedelijking’ uitgewerkt tot de ‘Gelderse ladder voor duurzaam ruimtegebruik’. In feite blijft de basis van de ladder hetzelfde, echter heeft de provincie de laatste twee treden van de ladder gespecificeerd. Onderstaand wordt de Gelderse Ladder weergegeven: Voorziet de voorgenomen ruimtelijke ontwikkeling (= initiatief) in een actuele lokale of regionale behoefte en hoe verhoudt het initiatief zich met beleidskaders en -programma's? Kan de aangetoonde behoefte in redelijkheid binnen bestaand stedelijk gebied worden opgevangen door hergebruik dan wel transformatie van gebouwen? Zo niet, kan de behoefte dan worden opgevangen door benutten van beschikbare gronden binnen het stedelijk gebied, rekening houdend met o.a. stedenbouwkundige, ecologische en sociaal-culturele kwaliteiten? Zo niet, kan de behoefte dan worden opgevangen door hergebruik of transformatie van gebouwen buiten het stedelijk gebied en zijn deze locaties passend ontsloten? Houd rekening met de ter plekke geldende gebiedskwaliteiten. Zo niet, kunnen passend ontsloten nieuwbouwlocaties die aansluiten op het stedelijk gebied in de behoefte voorzien? Houd rekening met de ter plekke geldende gebiedskwaliteiten.
Zo niet, kunnen passend ontsloten nieuwbouwlocaties die niet aansluiten op het stedelijk gebied in de behoefte voorzien? Houd rekening met de ter plekke geldende gebiedskwaliteiten.
Bijlagen
5
6
Bijlagen
Bijlage 3: Overzicht leegstaande panden Groesbeek Tabel A: Leegstand Groesbeek Adres
Huisnummer
Omvang (m² wvo)
Locatie
Nijverheidsweg
9
800
Groesbeek Centrum-Zuid
Burg Ottenhoffstraat
2
150
Groesbeek Centrum-Noord
Bredeweg
30
100
Breedeweg
Burg Ottenhoffstraat
27
100
Groesbeek-Noord
Bredeweg
52
75
Breedeweg
Dorpsstraat
7
70
Groesbeek Centrum-Zuid
Bron: Locatus (peildatum maart 2015) aangevuld met informatie van de Gemeente Groesbeek (september 2015). Niet opgenomen is de ruimte in het nog niet in gebruik genomen woon-winkelcomplex aan de Dorpsstraat Noord. De hierin opgenomen commerciële ruimte is voor het overgrote deel verhuurd.
Bijlagen
7
8
Bijlagen
Bijlage 4: Bestedingen vanuit verblijfsrecreatie in Groesbeek Introductie Toerisme en recreatie zijn van groot economisch belang voor Groesbeek en omgeving, als belangrijke bestemming op de Veluwe (de op twee na populairste vakantieregio van Nederland). De vele hotels, campings, vakantieparken en restaurants in de gemeente zijn daarvoor een belangrijke indicatie. De effecten reiken echter verder dan de puur ‘toeristische’ voorzieningen. Ook de detailhandel pikt z’n graantje mee. In deze analyse ramen we de detailhandelsbestedingen in de dagelijkse sector vanuit toerisme en recreatie. Dit is gedaan door gegevens van verblijfsrecreatie op te vragen bij de gemeente Groesbeek. Aantal overnachtingen De onderstaande tabel geeft een overzicht van het aantal toeristische overnachtingen in het onderzoeksgebied. Rekenbasis zijn de aangeleverde cijfers van de gemeente Groesbeek. In totaal gaat het in de gemeente Groesbeek jaarlijks om circa 215.000 13 toeristische overnachtingen, waarmee de gemeente een toeristische speler van formaat is. Tabel A: Overzicht aantal overnachtingen in het plangebied (raming BRO) Verblijfsvorm
Overnachtingen
Campings, vakantiewoningen
75.000
Hotel / pensions/ overig
140.000
Totaal
215.000
Bestedingen Verblijfstoeristen gedragen zich voor wat betreft bestedingen aan dagelijkse artikelen over het algemeen als gewone consumenten, zeker als ze ergens gedurende langere tijd verblijven. Aangezien zowel over de omvang als de bestedings- en bindingscijfers van deze bezoekerscategorieën veel onduidelijkheden bestaan hanteren we in dit verband afgeronde bedragen. De gemiddelde besteding per dag aan dagelijkse artikelen van de meeste verblijfstoeristen bedraagt afgerond 6,75 euro14. Uitzondering zijn gasten van hotels en pensions; zij zullen ongeveer de helft besteden. Benadering omvang bestedingen door verblijfstoeristen De onderstaande tabel benadert de totale bestedingen door verblijfsrecreanten in het plangebied. Uiteraard komen niet alle bestedingen terecht in de regio zelf, er zal afvloeiing plaatsvinden. Gezien het eveneens omvangrijke verblijfsrecreatieve aanbod rondom de gemeente gaan we er van uit dat de uitgaande bestedingen per saldo worden gecompenseerd door de inkomende bestedingen van verblijfsrecreanten.
13 14
Alle Cijfers afgerond Uitgangspunt is een gemiddelde besteding van € 2.462,- aan dagelijkse artikelen per jaar, gedeeld door 365 dagen.
Bijlagen
9
Tabel B: Verblijfstoeristische bestedingen aan dagelijkse artikelen in Groesbeek15 Verblijfsvorm
Overnachtin-
Gemiddelde be-
Koopkrachtbin-
Bestedingen in
gen
steding (aan-
ding op kern
kern/centrum
name)
Groesbeek
(x € 1 mln.)
Campings en vakantiewoningen
75.000
€ 6,75
90%
€ 0,5 mln.
Hotel / pensions
140.000
€ 3,40
90%
€ 0,4 mln.
Totaal
215.000
-
-
€ 0,9 mln.
In totaal wordt er door verblijfstoeristen naar de inschatting van BRO per jaar € 0,9 miljoen aan dagelijkse artikelen besteed in de kern Groesbeek. Daarnaast zullen ook de vele dagtoeristen nog een en ander besteden bij de dagelijkse artikelenwinkels in Groesbeek. De toeristisch-recreatieve bestedingen komen daarmee naar schatting minimaal uit op ca., € 1,0 mln.
15
Bron: Gemeente Groesbeek, 2015
10
Bijlagen
BRO heeft vestigingen in Boxtel | Amsterdam | Tegelen www.BRO.nl
11
%LMODJH 9HUNHHUVNXQGLJHD VSHFWHQ
62 Bestemmingsplan "Winkel- en woonontwikkeling Spoorlaan, centrum Groesbeek" (vastgesteld)
bal 0HPR
: 9HUNHHUVNXQGLJHDVSHFWHQKHURQW ZLNNHOLQJ6SRRUODDQ*URHVEHHN
Datum Opdrachtgever
: 8 december 2015
Projectnummer Opgesteld door
: 211x07628 : Arjan ter Haar
: BRO
Het voornemen bestaat om de locatie aan de Spoorlaan (tussen de Pompweg en de Nijverheidsweg) in het centrum van Groesbeek te herontwikkelen. In de huidige situatie is het terrein deels bebouwd met een pand waarin de HEMA en de Scapino gevestigd zijn. Voor het overige is de voorheen aanwezige bebouwing gesloopt en is sprake van een braakliggend terrein, deels ingericht als tijdelijk parkeerterrein. Op basis van het vigerende bestemmingsplan zijn binnen het plangebied drie woningen toegestaan, bedrijfsdoeleinden en centrumdoeleinden (vergelijkbaar met detailhandel). De herontwikkeling bestaat uit nieuwbouw ten behoeve van twee supermarkten in fase 1 en aanvullende bebouwing ten behoeve van detailhandel in fase 2. Aan de noordzijde (langs de spoorlijn die nu toeristisch gebruikt wordt) komt een constructie in stationstijl. Het oosten van het plangebied wordt ingevuld met parkeerplaatsen. De bestaande bebouwing zal worden gesloopt. In onderstaande afbeelding is de begrenzing van het plangebied globaal weergegeven.
De herontwikkeling van de bestaande situatie naar de realisatie van de twee supermarkten en een gebouw voor detailhandel zal zorgen voor een verandering in de verkeersstromen en de parkeersituatie. In deze notitie wordt allereerst ingegaan op de effecten van de wijziging van het aantal verkeersbewegingen op de omgeving. Vervolgens wordt ingegaan op de vraag in hoeverre wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid.
Verkeersgeneratie en parkeren ontwikkellocatie Spoorlaan Groesbeek
1
9HUNHHUVJHQHUDWLH De nieuwe functies zorgen voor extra verkeersbewegingen. Op basis van de CROW kengetallen1 is de verkeersgeneratie van de huidige en toekomstige functies in beeld gebracht. De uitgangspunten en de berekening zijn opgenomen in de bijlage. De rekenformules van het CROW gaan uit van een minimum en maximum en hebben een behoorlijke bandbreedte. Voor de berekening van de verkeersgeneratie is uitgegaan van gemiddelde CROW normen. Dit geeft het meest realistische scenario. Uit de berekeningen blijkt dat de herontwikkeling van het plangebied 2.593 motorvoertuigbewegingen per etmaal genereert. Aan de bestaande functies, zoals deze op basis van het vigerende bestemmingsplan zijn toegestaan, zijn 502 motorvoertuigbewegingen toe te kennen. Deze worden in mindering gebracht op de totale verkeersproductie. De toename in verkeersbewegingen (lichte motorvoertuigen) bedraagt dan 2.091 mvt/etmaal. In de huidige situatie genereren de huidige supermarkten in het centrum ook verkeer. Er is echter geen rekening gehouden met een reductie van verkeersgeneratie van de huidige supermarktlocaties, aangezien het zeer aannemelijk is dat beide locaties herbestemd kunnen gaan worden en blijven dan verkeer genereren. Dit is een ‘worst-case scenario’.
Het is namelijk niet aannemelijk dat beide locaties opnieuw gebruikt gaat worden door detailhandel met een dergelijk hoge verkeersattractie als een supermarkt. De verwachting is dat het eventuele nieuwe gebruik tot een verkeersreductie leidt. De twee supermarkten en de functie detailhandel worden ieder op werkdagen en zaterdag bevoorraad door twee grote vrachtwagencombinaties (trekker met oplegger) en twee middelzware vrachtwagens. Aan de bestaande functies zijn in totaal 10 ritten zwaar vrachtverkeer en 4 ritten middelzwaar vrachtverkeer toegekend. De toename bedraagt derhalve 2 ritten zwaar vrachtverkeer en 8 ritten middelzwaar vrachtverkeer. De uitgangspunten voor de berekeningen zijn opgenomen in de bijlage. (IIHFWHQRSGHRPJHYLQJ De meeste wegen in het centrum van Groesbeek hebben een erftoegangsfunctie met grotendeels een inrichting en maximumsnelheid van 30 km/u. De extra verkeerbewegingen zullen zich dan verdelen over de wegenstructuur van Groesbeek. Er wordt van uitgegaan dat ook inwoners uit Breedeweg gebruik maken van deze supermarkten. In dat geval lijkt de verhouding tussen bezoekers uit noordelijke richting en zuidelijk richting 40 – 60 te zijn. De 40% noordelijke bezoekers (40% van 2.091 mtv/etmaal = 836 mvt/etmaal) zijn onderverdeeld in 25% (523 mvt/etm) via de noordelijke Dorpsstraat en 15% (314 mvt/etm) via het Wisselpad.
De 60% (1.255 mvt/etm) zuidelijke bezoekers zijn onderverdeeld in 10% motorvoertuigen (209 mvt/etm) via de zuidelijke Dorpsstraat, 20% (418 mvt/etm) via de Nijverheidsstraat en 30% (627 mvt/etm) via de Gooiseweg / Kloosterstraat - Spoorlaan. Stationsweg / Wisselpad, Spoorlaan, Nijverheidsweg De toename van deze 627 mvt / etmaal op de Spoorlaan en de 418 mvt/etmaal op de Nijverheidsstraat kunnen nog prima verwerkt worden. De te verwachte verkeersintensiteiten in 2024 op deze 2 wegen liggen met respectievelijk 1.900 mvt/etmaal en 1.000 mvt/etmaal nog ver onder het wenselijk maximum van 6.000 mvt/etmaal.
1
CROW publicatie 317, Verkeersgeneratie Kencijfers parkeren en verkeersgeneratie
Verkeersgeneratie en parkeren ontwikkellocatie Spoorlaan Groesbeek
2
Verkeersprognose Dorpsstraat De intensiteit op de Dorpsstraat ligt volgens het verkeersmodel in 2024 weliswaar wat hoger dan op de andere wegen in het centrum, maar stijgt minder dan je zou verwachten. Vanwege gemeentelijke prestatieafspraken voor andere bestemmingsplannen, zullen binnen enkele jaren de verkeerslichten het verkeer gedoseerd de Dorpsstraat in laten rijden. Hierdoor ontstaat een gelijkmatigere verdeling van verkeer over het wegennet van Groesbeek. Het grootste gedeelte van het verkeer uit noordelijke richting zal via de (noordelijke) Dorpsstraat rijden. Het gaat hierbij dan om een toename van circa 523 ritten per etmaal. De toename op het zuidelijke deel van de Dorpsstraat bedraagt 209 mvt/etmaal. Deze toenames leveren geen nadelige effecten op voor de doorstroming in het centrum. Er is weliswaar een toename van verkeer op de centrumroute, echter in vergelijking met de huidige situatie nemen de intensiteiten in 2024 op basis van het verkeersmodel ten opzichte van 2014 af met ruim 35%.2 De relatief beperkte toename op de Dorpsstraat is daarmee goed op te vangen en vormt geen probleem voor de verkeersafwikkeling en verkeersveiligheid. Deze toename past binnen de dynamiek van een dorpscentrum. De verkeersveiligheid is hiermee niet in het geding. Immers, de snelheid is laag waardoor de kans op een aanrijding klein is.
Mocht onverhoopt er toch een aanrijding plaatsvinden, dan is vanwege de lage snelheid de kans op ernstig letsel minimaal. Er worden dan ook als gevolg van de beoogde ontwikkeling geen problemen verwacht in de verkeersafwikkeling en verkeersveiligheid. 3DUNHUHQ Om de parkeerbehoefte te berekenen is gebruik gemaakt van de parkeernormen van de gemeente Groesbeek. Uit de parkeerberekening blijkt dat voor de toekomstige ontwikkeling in totaal 180 parkeerplaatsen nodig zijn. Dit aantal is gebaseerd op de parkeerbehoefte van de nieuwe functies in het plangebied (twee supermarkten en detailhandel). In de nieuwe situatie zullen 235 nieuwe parkeerplaatsen worden gerealiseerd. De parkeerbalans ziet er dan als volgt uit: Parkeercapaciteit
235
Parkeerbehoefte nieuwe ontwikkeling
180 -
Over
55
Uit deze parkeerbalans blijkt dat wordt voorzien in ruim voldoende parkeergelegenheid voor de voorziene ontwikkeling. 5HVXPp Er worden als gevolg van de toename aan functies circa 2.091 extra verkeersbewegingen (lichte motorvoertuigen) en 10 vrachtwagenritten extra verwacht. Het verkeersmodel van Groesbeek laat een forse afname zien op de Dorpsstraat. Het toevoegen van deze nieuwe functies leidt niet tot negatieve gevolgen voor de omgeving. De te realiseren parkeervoorzieningen kunnen ruim voldoende voorzien in de behoefte van de nieuwe functies.
2
Verschil tussen Verkeersmodel Groesbeek Etmaalintensiteiten werkdag 2014 en Etmaalintensiteiten werkdag 2024GE
Verkeersgeneratie en parkeren ontwikkellocatie Spoorlaan Groesbeek
3
Verkeersgeneratie en parkeren ontwikkellocatie Spoorlaan Groesbeek
4
%,-/$*(
Verkeersgeneratie en parkeren ontwikkellocatie Spoorlaan Groesbeek
5
Parkeerbehoefte
Parkeernorm
Parkeerbehoefte
bvo
p.p/100m2
p.p.
Jan Linders
1.703
4,5
77
Aldi
1.342
4,5
60
Detailhandel
1.343
3,2
43
4.388
180
Bestaande Verkeersgeneratie
norm
Verkeersgeneratie
bvo
min
max
gem
min
max
Gem
Vrachtverkeer MiddelZwaar zwaar
Bedrijfsdoeleinden
1.517
6,3
8
7,2
96
121
108
6
0
Centrumdoeleinden
1.135
28,2
37,4
32,8
320
424
372
4
4
Woningen
3
6,8
7,6
7,2
20
23
22
0
0
502
10
4
Nieuwe Verkeersgeneratie
norm
Verkeersgeneratie
bvo
min
max
gem
min
max
Gem
Vrachtverkeer MiddelZwaar zwaar
Jan Linders
1.703
53
94,6
73,8
903
1.611
1.257
4
4
Aldi
1.342
48,8
84,7
66,8
655
1.137
896
4
4
Detailhandel
1.343
28,2
37,4
32,8
379
502
441
4
4
2.593
12
12
4.388
mvt Verschil bestaande en nieuwe situatie
licht
Vrachtverkeer MiddelZwaar zwaar
Verkeersgeneratie bestaand
-502
-10
-4
Verkeersgeneratie nieuw
2.593
12
12
Toename
2.091
2
8
Verkeersgeneratie
norm
Verkeersgeneratie
Vrachtverkeer
gem
min
max
Gem
Zwaar
Middelzwaar
94,6
73,8
903
1.611
1.257
4
4
48,8
84,7
66,8
655
1.137
896
4
4
28,2
37,4
32,8
164
217
190
2
2
139
132 10
10
bvo/aantal
min
max
Jan Linders
1.703
53
Aldi
1.342
Detailhandel Appartementen (koop, middelduur)
588 23 4.388
Verkeersgeneratie en parkeren ontwikkellocatie Spoorlaan Groesbeek
2.343
6
bal 0HPR
: 9HUNHHUVNXQGLJHDVSHFWHQ 6SRRUODDQ*URHVEHHNHIDVH FRQFHSW
Datum Opdrachtgever Projectnummer Opgesteld door
: 24 november 2020 : BRO : 211x07628 : Arjan ter Haar
,QOHLGLQJ In 2016 is begonnen met de eerste fase van het nieuwbouwproject aan de Spoorlaan in Groesbeek waarbij de supermarkten Aldi en Jan Linders zijn gerealiseerd. Hierbij zijn aan de oostzijde parkeervoorzieningen gerealiseerd voor de supermarkten en algemeen gebruik. In de tweede fase zal de resterende bebouwing aan de oostzijde van de Markt en de westzijde van het plangebied worden gesloopt en worden vervangen door nieuwbouw voor maximaal 24 appartementen, waarvan 18 middeldure huurappartementen en 6 koopappartementen. Daarnaast is ruimte in de nieuwbouw voorzien voor winkelfuncties en / of horeca. De bestaande supermarkten Jan Linders en de Aldi willen hun vloeroppervlakte uitbreiden met respectievelijk 143m2 en 175m2.
Plangebied De herontwikkeling van de bestaande situatie naar de realisatie van appartementen, winkel/horecafunctie en de uitbreiding van de twee supermarkten zal zorgen voor een verandering in de verkeersstromen en de parkeersituatie. In deze notitie wordt allereerst ingegaan op de effecten van de wijziging van het aantal verkeersbewegingen op de omgeving. Vervolgens wordt ingegaan op de vraag in hoeverre wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid. Hierbij wordt het streven van de gemeente Berg en Dal om het aantal parkeerplaatsen op het marktplein te reduceren ook meegenomen.
Verkeersgeneratie en parkeren ontwikkellocatie Spoorlaan Groesbeek
1
9HUNHHUVJHQHUDWLH 1 De nieuwe functies zorgen voor extra verkeersbewegingen. Op basis van de CROW kengetallen is de verkeersgeneratie van de huidige en toekomstige functies in beeld gebracht. De uitgangspunten en de berekening zijn opgenomen in de bijlage. De rekenformules van het CROW gaan uit van een minimum en maximum en hebben een behoorlijke bandbreedte. Voor de berekening van de verkeersgeneratie is uitgegaan van gemiddelde CROW normen. Dit geeft het meest realistische scenario. Uit de berekeningen blijkt dat de herontwikkeling van het plangebied 546 motorvoertuigbewegingen per etmaal genereert. Aan de bestaande functies, zoals deze op basis van het vigerende bestemmingsplan zijn toegestaan, zijn 332 motorvoertuigbewegingen toe te kennen. Deze worden in mindering gebracht op de totale verkeersproductie. De toename in verkeersbewegingen (lichte motorvoertuigen) bedraagt dan 214 mvt/etmaal. Gezien de relatief beperkte toename van vloeroppervlakte van beide supermarkten zullen de Aldi en Jan Linders geen extra vrachtverkeer aantrekken. De vrachtwagens die in de hui2 3 dige situatie rijden worden alleen voller en efficiënter geladen . De verkeersgeneratie voor de uitbreiding van de supermarkten is berekend voor personenautoverkeer en geldt als een worst-case scenario.
De verwachting is namelijk dat het berekende aantal ritten (= 546 ritten / etmaal / 2) een overschatting is en niet daadwerkelijk 273 nieuwe klanten / etmaal opleveren. De uitbreiding bieden de supermarkten namelijk de mogelijkheid om de bestaande klanten beter te bedienen en de bedrijfsvoering efficiënter te laten verlopen. Het assortiment kan verder worden uitgebreid en gepresenteerd en de logistiek is beter op te lossen. Deze nuancering van de theoretische verkeerstoename valt weg tegen de huidige leegstand van het pand van de voormalige HEMA (naast Scapino). Dit pand genereert in de huidige situatie weliswaar geen verkeer, maar planologische is die ruimte er wel degelijk. In dit onderzoek is uitgegaan van de planologische verkeersgeneratie voor zowel de nieuwbouw als de sloop van de bebouwing om de vergelijking zuiver te houden. (IIHFWHQRSGHRPJHYLQJ De meeste wegen in het centrum van Groesbeek hebben een erftoegangsfunctie met grotendeels een inrichting en maximumsnelheid van 30 km/u. De extra verkeerbewegingen zullen zich verdelen over de wegenstructuur van Groesbeek. Er wordt van uitgegaan dat ook inwoners uit de nabijgelegen kernen Breedeweg en De Horst ook gebruik maken van deze 2 supermarkten. Gezien de geografische ligging van de woongebieden lijkt de verhouding tussen bezoekers uit noordelijke richting en zuidelijk richting 40 – 60 te zijn.
De 40% noordelijke bezoekers (40% van de verkeerstoename van 214 mtv/etmaal = 86 mvt/etmaal) zijn onder te verdelen in 25% (54 mvt/etm) via de noordelijke Dorpsstraat en 15% (32 mvt/etm) via het Wisselpad. De 60% (128 mvt/etm) zuidelijke bezoekers zijn onderverdeeld in 10% (21 mvt/etm) via de zuidelijke Dorpsstraat, 20% (43 mvt/etm) via de Nijverheidsweg en 30% (64 mvt/etm) via de Gooiseweg / Kloosterstraat - Spoorlaan. Stationsweg / Wisselpad, Spoorlaan, Nijverheidsweg De toename met 214 mvt / etmaal op de Spoorlaan en de 64 mvt/etmaal op de Nijverheidsweg kunnen 4 nog prima verwerkt worden. De te verkeersprognose in 2030 op deze 2 wegen liggen met respectieve1
CROW publicatie 381 ‘Toekomst bestendig parkeren: van Parkeerkencijfers naar Parkeernormen’ Supermarkt ALDI genereert gemiddeld 4 ritten/etm. zware vrachtwagens en 2 ritten/etm. middelzware vrachtwagens; Supermarkt Jan Linders genereert gemiddeld 7 ritten/etm. zware vrachtwagens en 2 ritten/etm. middelzware vrachtwagens; 4 Verkeersmodel RVMK Berg en Dal 2030h 2 3
Verkeersgeneratie en parkeren ontwikkellocatie Spoorlaan Groesbeek
2
lijk 2.400 mvt/etmaal en 1.200 mvt/etmaal nog ver onder het wenselijk maximum van 6.000 mvt/etmaal voor dit soort straten. Verkeersprognose Dorpsstraat De intensiteit op de Dorpsstraat ligt volgens het verkeersmodel 2030 weliswaar wat hoger dan op de andere wegen in het centrum maar is nog acceptabel (zie bijlage). Het grootste gedeelte van het verkeer uit noordelijke richting zal via de (noordelijke) Dorpsstraat rijden. Het gaat hierbij dan slechts om een minieme toename van 54 ritten per etmaal. Dit komt neer op nog geen 5 ritten in het drukste uur: dat is 1 personenauto per 12 minuten. De toename op het zuidelijke deel van de Dorpsstraat bedraagt 43 mvt/etmaal. Deze toenames leveren ook geen nadelige effecten op voor de doorstroming in het centrum. Er is weliswaar een lichte toename van verkeer op de centrumroute, echter in vergelijking met de huidige 5 situatie (model 2018) nemen de intensiteiten in 2030 af met maximaal 28%. De relatief beperkte toename op de Dorpsstraat is daarmee goed op te vangen en vormt geen probleem voor de verkeersafwikkeling en verkeersveiligheid. Deze toename past binnen de dynamiek van een dorpscentrum. De verkeersveiligheid is hiermee niet in het geding. Immers, de snelheid is laag waardoor de kans op een aanrijding klein is. Mocht onverhoopt er toch een aanrijding plaatsvinden, dan is vanwege de lage snelheid de kans op ernstig letsel minimaal.
Er worden dan ook als gevolg van de beoogde ontwikkeling geen problemen verwacht in de verkeersafwikkeling en verkeersveiligheid. 3DUNHHUEHKRHIWH Om de parkeerbehoefte te berekenen is gebruik gemaakt van de rekentool van het CROW (Parkeervraagcalculator) welke gebaseerd is op CROW publicatie 381. Hierbij zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: Actuele parkeerkencijfers CROW publicatie 381; De gemiddelde parkeernorm; Stedelijkheidsklasse IV (weinig stedelijk); Centrum ligging. Uit de bruto parkeerbehoefte berekening blijkt dat de toe te voegen bebouwing een toename van parkeerbehoefte genereert van bruto 63 parkeerplaatsen. De bruto parkeerbehoefte wordt berekend door het bruto vloeroppervlak (BVO) en aantallen woningen van de te ontwikkelen functies te vermenigvuldigden met een parkeernorm. Het resultaat is dan de brutoparkeerbehoefte (zie bijlage). Bij het bepalen van de parkeerbehoefte zijn de volgende stappen genomen: Op basis van het programma en de bijbehorende parkeerkencijfers is het totale aantal 6 bruto parkeerplaatsen bepaald dat noodzakelijk zou zijn voor de ontwikkeling (per functie); Vervolgens is met behulp van de aanwezigheidspercentages de maatgevende parkeerbehoefte (drukste moment van de week) bepaald. De totale toename in netto parkeerbehoefte valt lager uit door de toepassing van aanwezigheidspercentages.
Door de verschillende functies is er namelijk sprake van dubbel gebruik van parkeerplaatsen. De diverse functies hebben een verschillend aanwezigheidsprofiel. Dat wil zeggen dat niet iedere func5 6
Verschil tussen Verkeersmodel 2018h en 2030h De term bruto wil zeggen dat er nog geen rekening is gehouden met aanwezigheidspercentages. Die geven aan op welk tijdstip (dagdeel) hoeveel procent van de parkeerplaatsen daadwerkelijk bezet is.
Verkeersgeneratie en parkeren ontwikkellocatie Spoorlaan Groesbeek
3
tie op elk tijdstip 100% aanwezigheid rechtvaardigt. De netto parkeerbehoefte op het maatgevende moment (zaterdagmiddag) bedraagt 52 parkeerplaatsen (minimaal 40 p.p. en maximaal 64). De berekeningen zijn opgenomen in de bijlage. Naast een toename van parkeerbehoefte is er ook een afname van parkeerbehoefte vanwege het verdwijnen van de bestaande winkelfunctie. De winkelfuncties die verdwijnen zorgen voor een afname van 37 parkeerplaatsen op het maatgevende moment (zaterdagmiddag). Per saldo neemt de parkeerbehoefte na de herontwikkeling toe met 15 parkeerplaatsen (52 – 37 p.p.) tijdens het maatgevende moment. In het nieuwbouwplan worden 7 parkeerplaatsen op eigen terrein gerealiseerd. Er blijft dan een parkeerbehoefte over van 8 parkeerplaatsen (=15-7 p.p.) op het maatgevende moment. Parkeeronderzoek 2018 en 2019 centrum Groesbeek Bureau De Groot Volker heeft in augustus 2018 en augustus en september 2019 parkeertellingen uit7 gevoerd in het centrum van Groesbeek . Uit dit parkeeronderzoek blijkt dat de hoogst gemeten parkeerdruk in het plangebied op woensdagmiddag plaatsvindt. Op dat moment bedraagt de restcapaciteit op het parkeerterrein aan de Spoorlaan nog 66 parkeerplaatsen en in de parkeergarage 39 parkeer8 plaatsen . Een totale restcapaciteit van bijna 100 parkeerplaatsen.
Hieruit blijkt dat er ruim voldoende restcapaciteit bestaat om de netto toename van 8 parkeerplaatsen op te vangen. De restruimte van de parkeercapaciteit lijkt dermate groot dat ook de gemeentelijke wens het aantal parkeerplaatsen op het Markplein te reduceren ondanks dit plan nog steeds haalbaar is. &RQFOXVLH e Na de 2 fase van de herontwikkeling van het plangebied zijn de bestaande winkelfuncties aan de oostzijde van supermarkten gesloopt en vervangen door nieuwbouw voor maximaal 24 appartementen, waarvan 18 middeldure huurappartementen en 6 koopappartementen. Daarnaast wordt 595m2 bvo toegevoegd voor winkelfuncties en / of horeca. De supermarkten Jan Linders en de Aldi zijn uitgebreid met respectievelijk 143m2 en 175m2. De netto toename van parkeerbehoefte tijdens het drukste moment in de week bedraagt maximaal 15 parkeerplaatsen. Deze extra behoefte aan parkeerplaatsen kan prima opgevangen worden in de huidige parkeervoorzieningen aan de oostzijde van het plangebied en in de parkeergarage daaronder. De nieuwe functies zorgen voor relatieve een beperkte toename in verkeersbewegingen. Op basis van 9 de CROW kengetallen is de toename van de verkeersgeneratie berekend. Uit de berekeningen blijkt dat de herontwikkeling van het plangebied een netto verkeerstoename van 214mvt/etmaal laat zien.
Deze toename kan prima verdeeld worden over de huidige infrastructuur van het plangebied. De relatief beperkte verkeerstoename wordt verdeeld over diverse toegangswegen naar het plangebied. De verkeersveiligheid in het plangebied is gewaarborgd omdat alle wegen in de directe omgeving van het plangebied in een 30 km/u zone liggen.
7 8 9
Bijlage oplegnotitie Parkeren centrum Groesbeek, gemeente Berg en Dal oktober 2020 Huurders van de appartementen krijgen de mogelijkheid een parkeerplaats te huren in de gemeentelijke parkeergarage CROW publicatie 381 Toekomstbestendig parkeren: Van parkeerkencijfers naar parkeernormen
Verkeersgeneratie en parkeren ontwikkellocatie Spoorlaan Groesbeek
4
%LMODJH %HUHNHQLQJYHUNHHUVJHQHUDWLH
Bestaande verkeersgeneratie in mvt/etmaal Winkelfunctie Spoorlaan 1 Spoorlaan 1b Bruto afname
bvo in m2 -479 -534 -1.013
minimaal maximaal gemiddeld minimaal maximaal gemiddeld 28,2 37,4 32,8 -135,1 -179,1 -157 28,2 37,4 32,8 -150,6 -199,7 -175 -332
Nieuwe verkeersgeneratie in mvt/etmaal Supermarkt ALDI Supermarkt Jan Linders Appartementen Huur, Middelduur Appartementen Koop, duur Detailhandel Winkel/horeca Bruto toename Netto toename
bvo in m2 woningen minimaal maximaal gemiddeld minimaal maximaal gemiddeld 174 53 94,6 73,8 92,2 164,6 128 143 53 94,6 73,8 75,8 135,3 106 18 3,7 4,5 4,1 66,6 81,0 74 6 6,8 7,6 7,2 40,8 45,6 43 595 28,2 37,4 32,8 167,8 222,5 195 546 214
Verkeersmodel 2018
Verkeersmodel 2030
Verkeersgeneratie en parkeren ontwikkellocatie Spoorlaan Groesbeek
5
%HUHNHQLQJWRHQDPHSDUNHHUEHKRHIWHQLHXZERXZ
Verkeersgeneratie en parkeren ontwikkellocatie Spoorlaan Groesbeek
6
%HUHNHQLQJWRHQDPHSDUNHHUEHKRHIWHQLHXZERXZ
Verkeersgeneratie en parkeren ontwikkellocatie Spoorlaan Groesbeek
7
%HUHNHQLQJDIQDPHSDUNHHUEHKRHIWHGRRUVORRSRXGERXZ
Verkeersgeneratie en parkeren ontwikkellocatie Spoorlaan Groesbeek
8
%HUHNHQLQJDIQDPHSDUNHHUEHKRHIWHGRRUVORRSRXGERXZ
Verkeersgeneratie en parkeren ontwikkellocatie Spoorlaan Groesbeek
9
%LMODJH 1RWLWLH)ORUDHQ)DXQDZHWTXLFNVFDQEHVFKHUPGH VRRUWHQ
78 Bestemmingsplan "Winkel- en woonontwikkeling Spoorlaan, centrum Groesbeek" (vastgesteld)
Ecologie & landschap
NOTITIE Hinke Fongers Beheer B.V. J. Weijgers Visweg 8 5111 HJ Baarle-Nassau
DATUM:
8 december 2015
ONS KENMERK:
15-872/15.07645/RalSm
UW KENMERK:
CH/151208.a
AUTEUR:
R.R. Smits MSc.
PROJECTLEIDER:
ir. G. Hoefsloot
STATUS:
versie 1.1
CONTROLE:
drs. G.F.J. Smit
Flora- en faunawet quick scan beschermde soorten Spoorlaan te Groesbeek Hinke Fongers Beheer B.V. is voornemens om een gebied langs de Spoorlaan te Groesbeek opnieuw in te richten. Hiertoe wordt bestaande bebouwing verwijderd en beplanting gerooid. Bureau Waardenburg heeft op basis van een oriënterend veldonderzoek (d.d. 7 december 2015) en bronnenonderzoek de effecten van deze ingreep beoordeeld in het kader van de Flora- en faunawet. Onderstaand volgen de bevindingen.