13. Bijlage 1 - Mobiliteitsplan Euregio Rijn-Waal 2030
Tekst van het document
mogelijke hierna
de
uitgangspunten om tot een overzicht met mobiliteitsinitiatieven te komen. De uitgangspunten die zijn ontwikkeld sluiten aan bij de rol en functie van de ERW en zijn passend voor de grensoverschrijdende context waarin veel projecten worden gerealiseerd in directe samenwerking met regionale en lokale stakeholders. Toepassing van de uitgangpunten, zoals ook verwoord in navolgend stroomschema leidt dan tot een betreffende mobiliteitsinitiatief, zoals verwoord in 7.3.
82
Gezamenlijk grenzeloos mobiel | Euregio Rijn - Waal
•
Mate van grensoverschrijdende impact De
ERW
ontleent
haar
bestaansrecht
aan
haar
focus
op
grensoverschrijdende thema’s met directe relevantie voor ERW-leden. Dit vertaalt zich naar een selectie van initiatieven op lokaal of regionaal niveau met grensoverschrijdend karakter. •
Eigenaarschap door een of meer partijen noodzakelijk voor realisatie Het eigenaarschap verzekert een verantwoordelijke voor de uitvoering, waarmee de voortgang van het project geborgd wordt.
•
Krachtenbundeling van mogelijke stakeholders Meerdere stakeholders die samen willen werken aan de realisatie van een initiatief verzekeren een breed draagvlak en extra slagkracht.
•
(Deels) realiseerbaar voor 2030; Wenselijk is dat de initiatieven binnen een redelijke termijn kunnen worden gerealiseerd. Hierbij wordt 2030 aangehouden als stip op de horizon, waarbij grootschalige initiatieven niet geheel gerealiseerd dienen te zijn, maar waarbij de eerste onderzoeks- en planningsfases doorlopen kunnen zijn.
•
Mate van beschikbaarheid van financieringsinstrumenten Uitzicht op dan wel beschikbaarheid van financiële ondersteuning voor realisatie van deze initiatieven is essentieel voor het boeken van voortgang en het verzekeren van realisatie.
•
Urgentie of actualiteit van het initiatief De urgentie of actualiteit geeft aan dat het verwezenlijken van het initiatief van toegevoegde waarde is voor de regio en de mobiliteit in de regio versterkt.
Aanbevelingen en mogelijke mobiliteitsinitiatieven De uitwerking per modaliteit uit hoofdstuk 6 en overige initiatieven die in dit plan naar voren zijn gekomen, worden hier omgezet naar grensoverschrijdende mobiliteitsinitiatieven. Daarbij is in de voorgaande paragraaf geschetst op basis van welke afwegingen deze mobiliteitsinitiatieven hier vermeld worden. Toepassing van onderstaand afwegingskader leidt tot de initiatieven die in de volgende paragrafen worden vermeld.
83
Gezamenlijk grenzeloos mobiel | Euregio Rijn - Waal
Figuur 11: Afwegingskader mobiliteitsinitiatieven
Ondanks onderlinge verschillen in grootte, taken, karakter, ligging en demografie hebben de leden van de ERW diverse gemeenschappelijke doelen op mobiliteitsniveau, te weten •
Goed bereikbare grensoverschrijdende regio;
•
Sterker inzetten op duurzame mobiliteit;
•
Verbeteren van verkeersveiligheid;
•
Verbeterde communicatie.
De ambities van de leden sluiten aan bij de grensuitdagingen die zijn geformuleerd in Strategische Agenda 2025+ van de ERW. Hiermee ontstaat een beeld van een regio die grenzeloos ontsloten wil zijn en waarin bewoners, werkenden, toeristen en studenten grenzeloos mobiel kunnen zijn.
84
Gezamenlijk grenzeloos mobiel | Euregio Rijn - Waal
7.3.1 Bereikbaarheid Versterking van de fietsinfrastructuur Het realiseren van een hoogwaardig netwerk van utilitaire fietsverbindingen draagt bij aan het bieden van een duurzaam alternatief voor autoverkeer op korte en middellange afstanden (tot 10-30 km). Een belangrijke versneller in dit proces is de stijgende verkoop van e-bikes en speed pedelecs, waardoor op snelle, comfortabele wijze langere afstanden kunnen worden afgelegd. Binnen de bebouwde kom – met name in Duitsland - is het de opgave om een fijnmazig netwerk van fietsverbindingen te scheppen. In landelijke gebieden in beide landen dient de focus te liggen op veilige en aantrekkelijke verbindingen tussen kernen en voorzieningen. De taak van regionale overheden is hierbij het faciliteren van een overkoepelend netwerk van snelfietsroutes, waarop lokale overheden kunnen aansluiten. Binnen de ERW zijn de volgende grensoverschrijdende tracés voor utilitaire fietsverbindingen geïdentificeerd: •
Doetinchem – Zevenaar – Emmerich
•
Kleve – Kranenburg – Nijmegen
•
Land van Cuijk-Gennep – Goch – Xanten – Wesel
•
Rees - Isselburg – Doetinchem
•
Geldern – Arcen
•
Straelen – Venlo.
Voor deze 6 grensoverschrijdende tracés zijn hierna mogelijke mobiliteitsinitiatieven geformuleerd. ERW-leden kunnen het initiatief nemen voor de uiteindelijke realisatie van deze grensoverschrijdende fietsverbindingen. Mobiliteitsinitiatief Voorstudie grensoverschrijdende fietstracés Het uitvoeren van een voorstudie voor een specifieke fietsverbinding gebaseerd op inschatting van gebruikerspotentieel en realiseerbaarheid. Naast een inschatting van het grensoverschrijdende bestuurlijke draagvlak is tevens een eerste kosteninschatting met aanzet voor mogelijke financiering hiervan onderdeel. Mogelijke tracés zijn: Doetinchem – Zevenaar – Emmerich, Kleve – Kranenburg – Nijmegen dan wel Land van Cuijk - Gennep – Goch – Xanten – Wesel.
85
Gezamenlijk grenzeloos mobiel | Euregio Rijn - Waal
Mobiliteitsinitiatief Uitvoering van fietscorridorstudie Het uitvoeren van een corridorstudie om kansen en uitdagingen voor mogelijke tracés in kaart te brengen. Input hierbij behelst zowel objectieve verkeersdata en subjectieve respons van stakeholders. Mobiliteitsinitiatief Uitwerking concreet fietstracé Het uitwerken van een concreet fietstracé op detailniveau. Hieronder vallen een voorstel voor fysieke routering, integratie met bestaande infrastructuur en verbinding met nabijgelegen bestemmingen. Mobiliteitsinitiatief Onderzoek begeleidende initiatieven optimaal fietstracé Het in kaart brengen van mogelijk aanvullende initiatieven waarmee de slagingskans van een te realiseren verbinding kan worden geborgd. Hieronder vallen complementaire investeringen zoals stallingen en laadinfrastructuur, maar ook
initiatieven
zoals
werkgeversaanpak
en
gerichte
gedrags-
veranderingsprogramma’s. Voor overige lokale en regionale fietsverbindingen kunnen ERW-leden zelf initiatieven ontplooien, gesteund door inhoudelijke kennis beschikbaar bij organisaties zoals ADFC en CROW en vanuit regionale overheden. De rol van lokale overheden is hierbij het in kaart brengen van behoeften en onderling samenwerking te zoeken voor realisatie van concrete tracés. Regionale overheden hebben een rol in coördinatie en integratie met huidige en geplande fietsinfrastructuur. Voor de financiering van de Duitse tracés kan aansluiting worden gezocht bij de recent aangenomen wet ter bevordering van Nahmobilität in Duitsland en de nieuwe Fahrrad- und Nahmobilitätsgesetz in NRW. In Nederland ligt deze verantwoordelijkheid op regionaal en nationaal niveau.
Optimaliseren internationale spoorcorridors Een betere benutting en uitbreiding van bestaande spoorinfrastructuur heeft de voorkeur boven de aanleg van nieuwe infrastructuur. De focus daarbij is het verhogen van frequentie en efficiëntie van lange afstand-verbindingen.
86
Gezamenlijk grenzeloos mobiel | Euregio Rijn - Waal
Een significant deel van het internationale vervoer betreft transitverkeer door de regio, met name op de TEN-T corridors. Deze verbindingen borgen tevens de internationale bereikbaarheid van de ERW. Binnen de ERW betreft dit de volgende spoorverbindingen: •
Ede – Arnhem – Emmerich – Wesel – Düsseldorf (A12/A3 corridor)
•
Apeldoorn – Deventer – Hengelo – Osnabrück (A1 corridor)
Bij het versterken van deze spoorverbindingen ligt een rol voor regionale en lokale overheden om noodzaak en prioritering te duiden. Gezien de schaalgrootte van dergelijke ontwikkelingen ligt de verantwoordelijkheid op nationaal en regionaal niveau om realisatie op de bestuurlijke agenda’s te plaatsen. Voor grote infrastructurele projecten kan eveneens aansluiting worden gezocht bij nationale programma’s, zoals het Nederlandse MIRT (Meerjarenprogramma Infrastructuur,
Ruimte
en
Transport).
Dit
leidt
tot
het
navolgende
mobiliteitsinitiatief. Mobiliteitsinitiatief Lobbykansen voor versterking spoorcorridor Onderzoek naar kansen voor een krachtenbundeling voor een gerichte lobby voor versterking van een specifieke internationale spoorcorridor. Hiervoor dient contact te worden gezocht met een brede diversiteit aan mogelijke stakeholders op verschillende niveaus. Hieronder vallen niet alleen ERW-leden, maar tevens organisaties uit bedrijfsleven, toerisme, cultuur, sport, onderzoek en onderwijs.
Versterken OV-verbindingen Het realiseren van een hoogwaardig grensoverschrijdend OV-netwerk draagt bij aan een voortrekkersrol voor het OV in de mobiliteitstransitie. Openbaar vervoer dient een alternatief te bieden voor autoverkeer op middellange afstanden (tot 50 km). Daarbij dient het openbaar vervoer zich door te ontwikkelen naar: •
Kleinere vervoerseenheden;
•
Frequente en vraaggerichte diensten;
•
Eenvoudige toegankelijkheid;
•
Grensoverschrijdende tariefsystemen.
87
Gezamenlijk grenzeloos mobiel | Euregio Rijn - Waal
Belangrijke versneller in dit proces is het verbeteren van de beschikbaarheid en frequentie van hoogwaardige OV-verbindingen. De volgende grensoverschrijdende OV-verbindingen zijn geïdentificeerd: •
Snelbusverbinding Doetinchem – ’s-Heerenberg – Emmerich – Kleve Nijmegen;
•
Versterken verbinding regionale trein Arnhem – Zevenaar – Emmerich – Wesel – Oberhausen.
De volgende grensoverschrijdende OV-verbinding dient te worden versterkt. Door de afstand en aard van deze busverbinding is realisatie door de huidige vervoersbedrijven
niet
aannemelijk.
Mogelijk
kan
realisatie
van
deze
busverbinding door een commerciële aanbieder worden overwogen. •
Snelbusverbinding Nijmegen – Airport Weeze.
Voor een grootschalige realisatie van grensoverschrijdende OV-verbindingen is een uitgebreide planning met infrastructurele en technische afstemming nodig. Grensoverschrijdende reisinformatie en integrale ticketing zijn tevens van belang, zoals elders in dit hoofdstuk benoemd. Daarnaast valt te denken aan praktische zaken zoals afstemming over vormgeving en maatvoering van haltes en voertuigen. Tevens dient aandacht te worden besteed aan infrastructurele zaken zoals interactie met prioriteit-systemen voor verkeerslichten en dynamische perrontoewijzing bij busstations. Vooral relevant voor vervoerbedrijven zelf is de uitwisseling van elektronische gegevens voor dagelijkse
bedrijfsvoering
zoals
dienstregeling,
voertuigplanning,
asset
management en routering. Naast de grensoverschrijdende verbindingen is er een binnenlandse spoorverbinding die versterkt kan worden. Het grensoverschrijdend karakter ligt in het verbeteren van de internationale ontsluiting per spoor van de Achterhoek: •
Treinverbinding Arnhem – Doetinchem (RegioExpres)
Voor deze verbinding zijn er mobiliteitsinitiatieven geformuleerd. ERW-leden kunnen het initiatief nemen voor de uiteindelijke realisatie van deze OVverbindingen.
88
Gezamenlijk grenzeloos mobiel | Euregio Rijn - Waal
Mobiliteitsinitiatief
Onderzoek
specifieke
grensoverschrijdende
OV-
busverbindingen Het uitvoeren van een voorstudie voor een specifieke OV-verbinding gebaseerd op de inschatting van gebruikerspotentieel en realiseerbaarheid. Naast de inschatting van het grensoverschrijdende bestuurlijke draagvlak
behoort
een eerste
kostenschatting met aanzet voor mogelijke financiering hiertoe. Een mogelijk tracé is de snelbusverbinding Doetinchem – ’s-Heerenberg – Emmerich. Mobiliteitsinitiatief Tracéstudie voor concrete OV-verbinding Het uitvoeren van een tracéstudie om kansen en uitdagingen voor een specifieke OV-verbinding in kaart te brengen. De input komt uit objectieve verkeersdata en subjectieve respons van stakeholders, inclusief een voorstel met mogelijke opties voor fysieke realisatie, integratie met bestaande modaliteiten en concessies.
Versterken van bovenregionale wegennet in het grensgebied De bereikbaarheid van de regio via het bovenregionale wegennet is goed. Door versterking kan de grensoverschrijdende bereikbaarheid worden geoptimaliseerd. De volgende verbindingen zijn vanuit grensoverschrijdend oogpunt relevant: • • • • •
Bemmel – Zevenaar - Emmerich (Aansluiting A15 op A12 en A3) Goch – Den Bosch (Aansluiting A57/A77 op A50) Nijmegen – Kleve – Emmerich (Aansluiting B9 op A3) Doetinchem – Münster (Aansluiting A18 op A43) Malden – Groesbeek – Kranenburg (Aansluiting A73 op B9).
Gezien schaalgrootte van dergelijke ontwikkelingen ligt de verantwoordelijkheid voor aansturing en financiering op regionaal of nationaal niveau. Voor grote infrastructurele projecten kan eveneens aansluiting worden gezocht bij nationale programma’s, zoals MIRT (Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport) in Nederland. Mobiliteitsinitiatief Lobby voor versterking bovenregionale verbinding Inventariseren van kansen voor het realiseren van een bundeling van krachten waarmee een gericht lobby kan plaatsvinden voor het versterken van een specifieke bovenregionale verbinding. Hiervoor dient contact te worden gezocht met een brede diversiteit aan mogelijke stakeholders. Hieronder vallen ERW-leden, maar tevens organisaties uit bedrijfsleven, toerisme, cultuur, sport, onderzoek en onderwijs.
89
Gezamenlijk grenzeloos mobiel | Euregio Rijn - Waal
Realisatie vrachtwagenparkeerplaatsen Logistiek speelt voor de ERW een belangrijke rol waarbij tevens sprake is van significant transitverkeer op de TEN-T corridors. Het toenemende volume aan internationale logistiek gaat gepaard met een groeiende vraag naar parkeerplaatsen vanwege de rust- en rijtijden van de vrachtwagenchauffeurs. snelwegen
voldoet
De capaciteit van bestaande parkeerplaatsen langs
niet
meer,
waardoor
vrachtverkeer
uitwijkt
naar
bedrijventerreinen en daarmee gestaag meer overlast veroorzaakt. Ook het Duitse Lkw-Fahrverbot an Sonn- und Feiertagen is hier van invloed. Door deze problematiek is een toenemende vraag naar veilige en legale parkeergelegenheden met hoogwaardige voorzieningen voor voertuigen en chauffeurs. Regionale overheden kunnen een leidende rol nemen bij het in kaart brengen van mogelijke locaties en gebruikerspotentieel. Op basis hiervan kan een regionaal grensoverschrijdend beleid worden gerealiseerd.
Mobiliteitsinitiatief Onderzoek grensoverschrijdend informatie- en reserveringssysteem vrachtautoparkeerplaatsen Het onderzoeken van mogelijkheden voor het realiseren van actuele informatie over beschikbare vrachtautoparkeerplaatsen en diensten op deze parkeerplaatsen aan beide kanten van de grens. Dit betreft de mogelijkheden om toegang voor deze integrale reisinformatie via digitale oplossingen te realiseren, waarbij specifiek ook het reserveren van diensten onderzocht dient te worden.
Toegankelijkheid openbare ruimte Door het bundelen van complementaire initiatieven op lokaal niveau kan de toegankelijkheid van de openbare ruimte worden gestimuleerd. Hiermee wordt een bijdrage geleverd aan het aantrekkelijker maken van langzaam verkeer zoals voetverkeer en fiets. Daarmee is dit een instrument voor het verbeteren van bereikbaarheid binnen de bebouwde kom.
90
Gezamenlijk grenzeloos mobiel | Euregio Rijn - Waal
Er bestaat tevens een duidelijk verband met de aanbeveling ‘Functiemenging en verdichting bij ruimtelijke ordening’ onder het thema Duurzaamheid in dit hoofdstuk. •
Voetgangersvriendelijk beleid
Lopen als zelfstandige modaliteit dient te worden verankerd in politieke, planologische en publieke perceptie. Doelstelling is daarbij het verhogen van de prioriteit van de voetganger bij stedenbouw, door het realiseren van veilige en directe voetgangersverbindingen. Naast de benodigde infrastructuur zijn de belangrijkste aandachtspunten optimalisering van de overstap op andere modaliteiten (connectiviteit) en het beperken van conflictsituaties tussen voetverkeer en andere modaliteiten. •
Toegankelijkheid openbaar vervoer
Het gebruik van openbaar vervoer kan worden gestimuleerd door aandacht te besteden aan de toegankelijkheid van overstaplocaties en knooppunten zoals stations, mobiliteitshubs en bushaltes. Hierbij volstaan vaak eenvoudige ingrepen. Te denken valt aan egale trottoiroppervlaktes, directe voetgangersverbindingen, eenvoudige overstap op andere modaliteiten, veilige oversteekplaatsen, duidelijke bewegwijzering en voldoende verlichting. Reizigers met een beperking dienen gefaciliteerd te worden, bijvoorbeeld door de aanleg van rolstoelhellingen en verhoogde perrons. Realisatie van initiatieven behorende bij dit thema is in eerste instantie een verantwoordelijkheid van lokale overheden. Dit omdat de scope van initiatieven veelal op specifiek lokaal niveau relevantie hebben.
Integrale ticketing De huidige ticketingsystemen aan beide zijden van de grens in de ERW functioneren naar behoren, maar bieden nog geen basis voor integrale ticketing. Dit behoeft verbetering aangezien grensoverschrijdend openbaar vervoer het reizen zonder belemmeringen impliceert. Alleen al de perceptie door reizigers van de complexiteit rond ticketing bij grensoverschrijdend openbaar vervoer is niet positief voor de attractiviteit.
91
Gezamenlijk grenzeloos mobiel | Euregio Rijn - Waal
Het is van belang om deze kwestie op de agenda van de regionale en nationale OV-aanbieders te plaatsen. De ontwikkelingen van nieuwe vormen van ticketing kunnen dan beter hierop aansluiten: nieuwe oplossingen zoals QR-codes of NFC-technologie vergroten de kans op integrale ticketing. In een vroegtijdig stadium dient dan integrale ticketing in een eisenpakket te worden opgenomen. Gezien
de
schaalgrootte
van
dergelijke
ontwikkelingen
ligt
de
verantwoordelijkheid bij vervoermaatschappijen en regionale overheden om realisatie ervan op de bestuurlijke agenda’s te plaatsen. Tevens verdient het aanbeveling om aansluiting te zoeken bij pilot MaaS en Easy Connect die in Euregio Maas-Rijn worden doorgevoerd. Tot de belangrijkste ontwikkelingswerkzaamheden in het kader van Easy Connect behoort het creëren van smartphone-gebaseerde oplossing voor grensoverschrijdende ticketing. Bij dit project zijn ook het Nederlandse Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en het NRW Ministerie van Verkeer betrokken. In de ERW kan als tussenoplossing in de komende jaren worden teruggegrepen naar hybride implementaties zoals in regionale trein RE19 en buslijn SB58.
Instandhouding van dekkend busnet in het landelijk gebied Het is duidelijk dat de klassieke lijnbusdienst, met name in het landelijke gebied, niet langer is opgewassen tegen de veranderende randvoorwaarden. Vaak hebben ouderen en scholieren in het landelijke gebied maar beperkte alternatieven
voor
hun
mobiliteit.
Hierdoor
kan
ontmanteling
van
busverbindingen leiden tot mobiliteitsarmoede. De instandhouding van het OVnetwerk in het landelijk gebied staat daarmee vaak op gespannen voet met budgettaire overwegingen. De toekomst van het busvervoer in landelijke gebieden ligt enerzijds in de verschuiving naar vraag gestuurde mobiliteit en anderzijds verschuiving van andere modaliteiten naar busvervoer. Een mogelijk alternatief kan worden geboden door nieuwe vervoersvormen zoals Mobility-on-Demand met haltetaxi’s. In Duitsland is NIAG vanuit Kleve aangevangen met het aanbieden van vraag gestuurde vervoersdienst. Door dergelijke diensten grensoverschrijdend te realiseren, kan de bereikbaarheid van het landelijk gebied in de grensregio aanzienlijk worden verbeterd. Tevens kan
92
Gezamenlijk grenzeloos mobiel | Euregio Rijn - Waal
mogelijk synergie worden gezocht met initiatieven zoals de inzet van vrijwilligers voor buurt- of belbussen. Mobiliteitsinitiatief Voorstudie realisatie grensoverschrijdende Mobility-onDemand Het uitvoeren van een voorstudie om kansen en uitdagingen voor de realisatie van een grensoverschrijdende Mobility-on-Demand. Een inschatting dient te worden gemaakt van potentieel op basis van objectieve data en subjectieve respons van stakeholders, incl. een overzicht met mogelijke opties voor fysieke realisatie en integratie met bestaande modaliteiten en concessies. Bestaande initiatieven aan weerszijden van de grens vormen hier het vertrekpunt.
93
Gezamenlijk grenzeloos mobiel | Euregio Rijn - Waal
7.3.2 Duurzaamheid Duurzaamheid heeft als doelstelling om nadelige milieueffecten van mobiliteit te beperken. Dit thema is veelzijdig en omvat een brede variëteit aan mogelijke initiatieven.
Functiemenging en verdichting bij ruimtelijke ordening Vanuit lokale overheden kan worden ingezet op een langetermijnaanpak voor ruimtelijke ordening waarbij functiemenging en verdichting worden gestimuleerd. Doelstelling is om bestemmingen dicht bij elkaar te brengen, zodat afstanden tussen woongebieden, winkels, arbeidsplaatsen en onderwijs worden beperkt. Enerzijds worden daarmee de cumulatieve reisafstanden en daarmee gepaard gaande verplaatsingen verminderd. Anderzijds wordt door de kortere afstanden een keuze voor een duurzame modaliteit zoals wandelen of fietsen gestimuleerd. Realisatie van initiatieven bij dit thema is een verantwoordelijkheid van lokale overheden aangezien de scope van initiatieven veelal op specifiek lokaal niveau relevantie heeft en zij hiertoe bevoegd zijn.
Transitie naar duurzame modaliteiten op lokaal niveau Door het bundelen van complementaire initiatieven op lokaal niveau kan de transitie naar duurzame modaliteiten worden gestimuleerd. Daarmee is synergie en kruisbestuiving mogelijk bij de realisatie van elk van deze initiatieven. Het betreft o.a: •
infrastructurele aanpassingen voor snelle en andersoortige fietsen;
•
hoogwaardige fietsparkeervoorzieningen;
•
fietsstimuleringsprogramma’s;
•
communicatiecampagnes;
•
stimulering van fietskoeriers;
•
invoering van milieuzones en emissievrije zones;
•
duurzaam parkeerbeleid.
Realisatie van initiatieven bij dit thema is een verantwoordelijkheid van lokale overheden aangezien de scope van initiatieven veelal op specifiek lokaal niveau relevantie heeft en zij hiertoe bevoegd zijn. Inhoudelijke kennis is vaak aanwezig bij andere lokale overheden of nationale adviesorganen. Tevens kan kennis (grensoverschrijdend) gedeeld worden, o.a. over mogelijke financiering van initiatieven.
94
Gezamenlijk grenzeloos mobiel | Euregio Rijn - Waal
Mobiliteitsinitiatief Kennisdeling transitie naar duurzame modaliteiten Inventariseren van kansen voor het realiseren van grensoverschrijdende kennisdeling op het gebied van transitie naar duurzame modaliteiten op lokaal niveau. Hiervoor dient contact te worden gezocht met een diversiteit aan mogelijke stakeholders. Hieronder vallen niet alleen ERW-leden, maar tevens organisaties uit bedrijfsleven en organisaties zoals ADFC, Fietsersbond, AGFS en CROW.
Ontwikkeling van een grensoverschrijdend netwerk voor mobiliteitshubs Mobiliteitshubs hebben een sleutelrol in de mobiliteitstransitie en daarmee het verbeteren van toegankelijkheid van openbaar vervoer, deelmobiliteit en andere duurzame modaliteiten. Belangrijke versneller in dit proces is realisatie van mobiliteitshubs waar een snelle, eenvoudige overstap tussen modaliteiten kan worden gefaciliteerd. Regionale locatiestudies voor een dekkend hub-netwerk hebben reeds plaatsgevonden aan beide zijden van de grens; een locatieonderzoek naar een grensoverschrijdend hub-netwerk heeft nog niet plaatsgevonden. Er bestaat een logisch verband tussen de realisatie van mobiliteitshubs en het stimuleren van deelmobiliteit. Dit initiatief draagt bij aan de verduurzaming van vervoer door beschikbaarheid van vervoermiddelen eenvoudig te maken. Tevens kan hiermee de bereikbaarheid van landelijk gebieden worden vergroot. Naast
georganiseerde deelmobiliteit, kunnen ook
eenvoudige, analoge
oplossingen zoals de Duitse Mitfahrbanke, liftplekken of carpoolparkeerplaatsen een rol spelen. Door het bundelen van complementaire initiatieven kan de ontwikkeling van mobiliteitshubs worden gestimuleerd. Daarmee is synergie en kruisbestuiving mogelijk bij de realisatie van elk van de initiatieven. Het betreft daarmee: •
Ontwikkeling van mobiliteitshubs.
•
Ontwikkeling van pakkethubs.
•
Stimuleren van deelmobiliteit.
De rol van lokale overheden hierin is het vaststellen van beleid en realisatieplannen. Daarbij dienen keuzes te worden gemaakt welke vormen van deelmobiliteit het meest passend zijn bij de lokale vervoersvraag en gestimuleerd
95
Gezamenlijk grenzeloos mobiel | Euregio Rijn - Waal
dienen te worden. Voor realisatie kan aansluiting worden gezocht met commerciële aanbieders van deelmobiliteit. Mobiliteitsinitiatief Onderzoek naar grensoverschrijdend dekkend netwerk van mobiliteitshubs Aan beide zijden van de grens zijn eerste verkenningen naar het realiseren van mobiliteitshubs uitgevoerd ter bevordering van de mobiliteit. Locatiestudies voor hub-netwerken aan beide zijden van de grens kunnen worden gecompleteerd en gecombineerd. Er komt een eenduidige definitie en op basis hiervan worden locaties voor de realisatie van een grensoverschrijdend hub-netwerk worden geïdentificeerd. Deze dienen naadloos op elkaar aan te sluiten hetgeen de grensoverschrijdende bereikbaarheid versterkt.
Implementeren ITS-systemen ITS-systemen dragen bij aan de optimalisatie van bestaande wegcapaciteit door de afwikkeling en doorstroming van wegverkeer te optimaliseren. Door toepassing van nieuwe technologieën in verkeerssystemen kunnen ITSoplossingen worden gerealiseerd waaronder slimme verkeerslichten en dynamisch verkeersmanagement. Door deze toepassingen kan veiligheid, doorstroming en efficiëntie van het bestaande wegennet worden verbeterd. Op basis van Vehicle-to-everything (V2X) communicatie kunnen nog meer geavanceerde ITS-oplossingen worden gerealiseerd waaronder zelfrijdende voertuigen en truck platooning. Momenteel ontbreekt (nog) een wettelijke basis voor realisatie van dergelijke oplossingen in Nederland en Duitsland. Er kan hierbij aansluiting worden gezocht bij tal van nationale en EU-initiatieven, waaronder Talking Traffic in Nederland en Traffic Talks in Duitsland. Tevens speelt een reeks onderzoeksprojecten in het Europese C-ROADS programma. Realisatie van initiatieven bij dit thema is verantwoordelijkheid van nationale en regionale overheden aangezien de scope en technische complexiteit van initiatieven veelal op regionaal en nationaal niveau relevantie heeft en daar ook de wettelijke bevoegdheden liggen.
96
Gezamenlijk grenzeloos mobiel | Euregio Rijn - Waal
Versterking van overslagpunten Het vervoeren van vracht via het spoor en over het water is vaak niet alleen efficiënter, maar ook duurzamer dan wegvervoer. Om een transitie te bewerkstelligen is het van belang dat containerterminals goed ontsloten worden en dat capaciteit van spoor en waterwegen worden geoptimaliseerd. De volgende versterkingen zijn uit grensoverschrijdend oogpunt relevant: •
Versterking trimodaal overslagpunt Emmerich.
•
Versterking van trimodaal overslagpunt DeltaPort Wesel/Voerde.
•
Realisatie van trimodaal overslagpunt Valburg.
Door het bundelen van complementaire initiatieven kan de versterking van overslagpunten worden gestimuleerd. Daarmee is synergie en kruisbestuiving mogelijk bij de realisatie van elk van de volgende initiatieven: •
infrastructurele versterkingen goederenvervoer;
•
alternatieve brandstoffen goederenvervoer op overslagpunten;
•
verschuiving wegvervoer naar spoor en water;
•
efficiëntie binnenvaart;
•
versterken
samenwerking
kleinere
havens
door
overkoepelende
initiatieven. Er bestaat ook een directe samenhang met de volgende initiatieven die ook elders in dit hoofdstuk worden behandeld: •
Het opzetten van laadinfrastructuur voor alternatieve brandstoffen.
•
Uitvoeren
grensoverschrijdend
onderzoek
naar
vrachtauto-
parkeerplaatsen. Mobiliteitsinitiatief Inventariseren kansen samenwerking multimodale overslagpunten
voor
grensoverschrijdende
Inventariseren van kansen voor het realiseren van een krachtenbundeling waardoor een gerichte samenwerking tussen multimodale overslagpunten ontstaat. Dit betreft een brede en diverse groep aan mogelijke stakeholders zoals vervoerders, IHK, gemeenten en regionale overheden. Verder betreft dit o.a. containeruitruil en het bundelen van logistieke stromen.
97
Gezamenlijk grenzeloos mobiel | Euregio Rijn - Waal
Realisatie van laadinfrastructuur voor alternatieve brandstoffen Alternatieve brandstoffen zoals waterstof en elektriciteit bieden goede mogelijkheden voor grootschalige verduurzaming van mobiliteit. Bij deze ontwikkeling speelt een aantal zaken: •
Onderzoek naar de toepassing van waterstof Door samenwerking tussen de diverse onderzoeksinstellingen in de regio te stimuleren, ontstaat een mogelijke synergie.
•
Onderzoek en opzetten waterstoftankpunten Er dient een fijnmazig grensoverschrijdend netwerk te worden gerealiseerd van tankinfrastructuur voor waterstof. Hierbij is er een kansrijke synergie met logistiek overslagpunten.
•
Opzetten van laadinfrastructuur elektriciteit Er dient een fijnmazig grensoverschrijdend netwerk te worden gerealiseerd van laadinfrastructuur voor elektriciteit. Hierbij dient niet alleen focus te liggen op autoverkeer, maar juist ook op duurzame vervoermiddelen zoals e-bikes. Hierbij is een kansrijke synergie met ontwikkelingen als deelmobiliteit en mobiliteitshubs.
De rol van lokale overheden is hierbij het in kaart brengen van behoeften en onderling samenwerking te zoeken voor realisatie van laadinfrastructuur op geschikte locaties. Regionale overheden hebben een rol in coördinatie van geplande laadinfrastructuur om te komen tot een dekkend netwerk. Regionale locatiestudies hebben deels reeds plaatsgevonden aan beide zijden van de grens; een locatieonderzoek naar een grensoverschrijdend laadinfrastructuur netwerk heeft nog niet plaatsgevonden. Zowel lokale als regionale overheden kunnen een duidelijke voorbeeldrol aannemen. Zo kan laadinfrastructuur op eigen locaties worden gerealiseerd en tevens het eigen wagenpark worden aangevuld door alternatieve aangedreven voertuigen. Tevens kan bij aanbestedingsbeleid waarde worden gelegd op alternatief aangedreven voertuigen bij toeleveranciers.
98
Gezamenlijk grenzeloos mobiel | Euregio Rijn - Waal
Mobiliteitsinitiatief Onderzoek naar grensoverschrijdend dekkend netwerk voor laadinfrastructuur Locatiestudies voor laadinfrastructuur aan beide zijden van de grens moeten op elkaar worden afgestemd en gecombineerd. Daarbij moet zowel rekening worden gehouden met e-mobiliteit als ook met waterstofmobiliteit. Op deze wijze worden kansrijke locaties om een grensoverschrijdend hub-netwerk van laadinfrastructuur te realiseren geïdentificeerd dat naadloos op elkaar kan aansluiten. Behalve met de locatiekeuzes dient ook rekening te worden gehouden met betaalmogelijkheden en technische standaards die toegepast worden. Daarmee wordt een belangrijke bijdrage geleverd aan de grensoverschrijdende bereikbaarheid en duurzaamheid verbeterd.
7.3.3 Verkeersveiligheid Binnen de ERW is verkeersveiligheid een belangrijk thema, met name bij de kwetsbare modaliteiten als voetganger en fiets. De verhoging van de verkeersveiligheid voor deze verkeerdeelnemers werkt direct stimulerend op het gebruik van deze modaliteiten. Binnen dit thema kan een diversiteit aan initiatieven gebundeld worden. Daarmee is synergie en kruisbestuiving mogelijk bij de realisatie van elk van de initiatieven. Te denken valt aan: •
Verlagen van maximumsnelheid naar 30 km/h in de bebouwde kom;
•
Verkeerseducatie bevorderen;
•
Meer veilige schoolroutes;
•
Sluiting of technische beveiliging spoorwegoverwegen.
Realisatie van initiatieven bij dit thema is verantwoordelijkheid van lokale overheden aangezien de scope van initiatieven veelal op specifiek lokaal niveau relevantie heeft en deze daartoe ook bevoegd zijn.
99