Programmabegroting 2025
Tekst van het document
52
Signaleringswaarden Om de kengetallen eenvoudig te kunnen lezen heeft NAR ( Nederlands Adviesbureau Risicomanagement) met de Universiteit Twente signaleringswaarden opgesteld. Categorie C is het meest risicovol en categorie A is het minst risicovol. Kengetal
Categorie A
Categorie B
Categorie C
Netto schuldquote zonder correctie 1a. doorgeleende gelden
<90%
90-130%
>130%
1b.
Netto schuldquote met correctie doorgeleende gelden
<90%
90-130%
>130%
2.
Solvabiliteitsratio
>50%
20-50%
<20%
3.
Grondexploitatie
<20%
20-35%
>35%
4.
Structurele exploitatieruimte
>0
=0
<0
5.
Belastingcapaciteit
<95%
95-105%
>105%
Samenvatting kengetallen In onderstaande tabel presenteren wij de financiële kengetallen zoals we die verplicht op moeten nemen. Rekening Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting Ontwikkeling financiële kengetallen 2023 2024 2025 2026 2027 2028 1a Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor 1b alle verstrekte leningen 2 Solvabiliteitsratio 3 Grondexploitatie 4 Exploitatieruimte 5 Belastingcapaciteit
74%
121%
103%
130%
140%
144%
75% 26% 1% 10% 86%
123% 15% 6% 6% 92%
104% 21% 4% 1% 84%
132% 19% 4% 1% 84%
141% 17% 4% 1% 84%
146% 17% 4% 1% 84%
Beoordeling onderlinge verhouding De berekende kengetallen, worden afgezet tegen de signaleringswaarden. Bij de begroting scoren we de op de verschillende onderdelen: • Netto schuldquote => categorie B • Netto gecorrigeerde schuldquote => categorie B • Solvabiliteitsrisico => categorie B • Grondexploitatie => categorie A • Exploitatierisico => categorie A • Belastingcapaciteit => categorie A De kengetallen moeten in samenhang worden beoordeeld. Het investeringsvolume uit de Kadernota 2025 (€ 15,4 mln.) maakt dat in de toekomst nieuwe leningen nodig zijn. Hierdoor neemt de schuldquote toe en daalt de solvabiliteitsratio. De belangrijkste financiële kengetallen kennen in 2025 een middenscore volgens te provinciale signaleringswaarden.
53
Paragraaf C Onderhoud Kapitaalgoederen Algemeen De paragraaf onderhoud kapitaalgoederen bevat ten minste de volgende kapitaalgoederen: a. wegen en kunstwerken; b. riolering; c. water; d. groen; e. gebouwen; f. verlichting; g. speeltuinen. Van bovengenoemde kapitaalgoederen wordt aangegeven: a. het beleidskader; b. de uit het beleidskader voortvloeiende financiële consequenties; c. de vertaling van de financiële consequenties in de begroting. Bij het schrijven van de paragraaf houden we de indeling van het BBV zoveel mogelijk in acht. Inleiding Onze gemeente heeft veel openbare ruimte in beheer. In die openbare ruimte vindt een groot aantal activiteiten plaats, zoals wonen, werken en recreëren. Daarvoor zijn veel kapitaalgoederen nodig: wegen, riolering, kunstwerken, groen, speeltuinen, verlichting en gebouwen. De kwaliteit van de kapitaalgoederen en het onderhoud ervan is bepalend voor het voorzieningenniveau en uiteraard de (jaarlijkse) lasten. In de gemeente Bergen vormen de lasten van het onderhoud van kapitaalgoederen ongeveer 10% van de begroting 2025. Dit is inclusief de arbeidsuren en kapitaalslasten. Hieronder is een tabel opgenomen waarin de status van onderhoudsplannen voor kapitaalgoederen is vermeld. Actuele onderhoudsplannen
Jaar vaststelling
Jaar nieuwe vaststelling
Groenstructuurplan Riolerings- en waterplan Verlichtingsplan Onderhoud gemeentegebouwen Wegenonderhoudsplan Onderhoud speeltuinen
2016 2019 2020 2022 2020 2021
2025 2025 2024 2025 2024 2026
Openbaar groen We gaan voor het verbeteren van de flora en fauna op een veilige en functionele manier waarbij de beleving van de openbare ruimte ook verbeterd wordt. Het groenstructuurplan bepaalt de contouren voor de inrichting van en het onderhoudsniveau voor het groen in de openbare ruimte Er zal in 2025 een nieuw groenstructuurplan worden opgesteld. Vanwege gemeentelijke ambities en ontwikkelingen op diverse relevante groene thema’s is er nu behoefte aan een geactualiseerd groenbeleidsplan. Thema’s; klimaatomstandigheden, biodiversiteit, ziekten, plagen en invasieve exoten, effectievere inrichting en beheer van de groene ruimte. Daarnaast is er behoefte aan een vertaling van de Omgevingsvisie Bergen 2030 naar het beheer en beleid van de openbare ruimte. Er is op dit moment geen sprake van achterstallig onderhoud.
54
Oppervlakte in ha.
Openbaar groen Gras Beplanting
26,22 13,8 12,42
Wegen We willen actief en preventief voor goede wegen zorgen. Als wegbeheerder zijn we verantwoordelijk voor de staat van het onderhoud en de veiligheid van de openbare wegen binnen onze gemeente. Het beheer vraagt een gestructureerde aanpak. De uitkomsten van de wegenschouw, planning en begroting zijn vastgelegd in het digitale beheersysteem van de gemeente Bergen: GBI. In het wegenbeheersplan gaan we uit van: ‘een goede staat van de wegen met een minimaal risico op schade voor weggebruikers'. De Nota Wegbeheer 2024-2028 zal in 2024 aan de Raad worden aangeboden. In 2023 is een inspectie van de wegen uitgevoerd. Naar aanleiding van de uitkomsten van de inspectie wordt het wegenonderhouds-plan 2024-2028 opgesteld. Er is structureel € 238.000 beschikbaar voor onderhoudslasten. Er is op dit moment geen sprake van achterstallig onderhoud. Kunstwerken Een goede en veilige staat van onderhoud van 42 kunstwerken is gegarandeerd door het programmatisch uitvoeren van onderhoud. Op basis van inspecties en kengetallen is een meerjarenplanning voor de onderhoudswerkzaamheden van de kunstwerken opgesteld. Uit deze meerjarenplanning blijkt dat, uitgezonderd een aanvullende investering voor het onderhoud van enkele grote kunstwerken, het structurele jaarlijkse budget voor de komende 5 tot 10 jaar toereikend is. We werken met een onderhoudsvoorziening kunstwerken.
Aan de voorziening voegen we jaarlijks € 20.000 toe om planmatig te kunnen werken. Riolering en water Het GRP 2020-2025 is een voortzetting van het voorgaande beleid met een prominentere plek voor het klimaat adaptief maken van de leefomgeving. Daarnaast ligt de focus in de planperiode op het continueren van de afkoppel-activiteiten bij particulieren en in de openbare ruimte, het oplossen van een aantal knelpunten van wateroverlast, het verbeteren van waterkwaliteit en regionale samenwerking. In 2023 is een financiële actualisatie doorgevoerd van het GRP. De voorziening riolering is ten behoeve van het onderhoud en vervanging. Wij gaan er vanuit dat de voorziening toereikend is mits de jaarlijkse verhoging die in het GRP is aangegeven doorgevoerd wordt. De inspecties en het onderhoud worden planmatig uitgevoerd. In 2023 is het kostendekkingsplan van GRP 2020-2025 geactualiseerd. Uit deze prognose blijkt dat de huidige verhoging met € 10 euro + inflatiecorrectie voldoende is om het GRP 2020-2025 uit te voeren. Een ecologisch verantwoorde inrichting van infiltratiebermen en wadi’s draagt bij aan verbetering van de biodiversiteit. Dit is onder meer uitgevoerd op het veldje bij de Boterdijk te Siebengewald en het Kösterplein in Siebengewald. Er is op dit moment geen sprake van achterstallig onderhoud. Gebouwen Het onderhoudsplan voor gebouwen is verouderd en wordt in 2025 herzien.
In 2022 werd een groot deel van het gemeentelijk vastgoed opnieuw geïnventariseerd en is de onderhoudsstaat in kaart gebracht volgens de NEN2767-methode voor conditiemetingen. De uitkomsten van de inventarisatie zullen we borgen in een softwarepakket voor facilitair beheer. Dit om overzicht over de objecten te houden, efficiënter te werken, te sturen op risico’s en jaarlijks een geactualiseerd meerjarig onderhoudsplan op te stellen. Op dit moment hebben we circa 44 objecten in eigendom met een verzekerde waarde van € 40 miljoen. In de loop van 2023 en 2024 is een verbouwingsplan verder uitgewerkt voor het gemeentehuis om te voldoen aan de huidige Arbo- en
55
duurzaamheidseisen. Het uitgangspunt is sober en doelmatig. Er is gestart met verbouwing van het gemeentehuis in 2024. Er is op dit moment geen sprake van achterstallig onderhoud. Verlichting We willen de openbare verlichting op een efficiënte en energiezuinige manier gaan inrichten en onderhouden. In 2024 zal een nieuw Beleidsplan Openbare Verlichting worden vastgesteld. Verdere verduurzaming in 2024 en 2025 van de openbare verlichting zal hierin worden opgenomen. Vooruitlopend op dit nieuwe beleid zijn middelen voor de verduurzaming van de openbare verlichting reeds door middel van een krediet beschikbaar gesteld. Vervanging, beheer en het onderhoud van de openbare verlichting wordt jaarlijks uitgevoerd. De gemeente Bergen voldoet reeds in 2025 aan de landelijke doelstellingen van 2030. We kennen geen achterstallig onderhoud. Speeltuinen In 2021 is de speeltuinennota herijkt. Het onderhoud van de speelvoorzieningen in de gemeente Bergen wordt op het niveau “schoon, heel en veilig” uitgevoerd. De speelvoorzieningen worden vervangen aan de hand van een flexibel vervangingsschema. Wij gaan het aantal speeltoestellen niet uitbreiden. Dit omdat er voldoende toestellen zijn. In het vastgestelde speeltuinenbeleid kunnen de speeltoestellen worden vervangen die niet meer veilig zijn en als er nog behoefte aan is. Er is op het moment geen sprake van achterstallig onderhoud.
Overzicht onderhoud kapitaalgoederen Onderstaand een totaaloverzicht jaarlijkse kosten van het regulier onderhoud van de kapitaalgoederen (excl. loonkosten). Budgetten per onderdeel (bedrag x €1.000)
Openbaar groen Riolering & water Wegen Verlichting Onderhoud gebouwen Kunstwerken Speeltuinen Totaal
Rekening 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
126 596 241 55 75 5 11
152 408 258 57 65 20 20
153 333 238 43 69 20 20
153 333 238 43 69 20 20
153 333 238 43 69 20 20
153 333 238 43 69 20 20
1.109
980
876
876
876
876
56
Paragraaf D Financiering Algemeen De paragraaf financiering bevat in ieder geval de beleidsvoornemens ten aanzien van het risicobeheer van de financieringsportefeuille en geeft inzicht in de rentelasten, het renteresultaat, de wijze waarop rente aan investeringen, grondexploitaties en taakvelden wordt toegerekend en de financieringsbehoefte. Bij het schrijven van de paragraaf houden we de indeling van het BBV zoveel mogelijk in acht. Voor gemeenten is de Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido) van toepassing. De belangrijkste uitgangspunten van de Wet Fido zijn het bevorderen van een solide financiering en kredietwaardigheid van de decentrale overheden alsmede het beheersen van renterisico’s. Het beleid voor de financiering binnen de gemeente Bergen is geregeld in het treasurystatuut 2021 dat is vastgesteld door de raad op 26 april 2021. Het treasurystatuut is het geheel aan regels waarbinnen de treasury-activiteiten plaats moeten vinden. Het betreft niet alleen de regels waar de treasuryfunctie zich aan moet houden, maar ook de bevoegdheden en verantwoordelijkheden ten aanzien van treasury-activiteiten.
Algemene interne en externe ontwikkelingen Intern Maandelijks wordt bekeken aan de hand van het banksaldo, het saldo van de schatkist en de liquiditeitenprognose of er een langlopende lening afgesloten moet worden of dat het mogelijk is om overtollige middelen weg te zetten. De ontwikkelingen op de kapitaalmarkt van kortlopende- en langlopende financieringsmiddelen zijn ook mede bepalend voor het moment waarop een lening aangetrokken wordt. De rente is afgelopen periode behoorlijk gestegen door renteverhogingen van de ECB. We blijven dit goed monitoren en actie ondernemen als dit noodzakelijk is. Het treasurystatuut is ook gericht op het voorkomen van risico’s bij het uitzetten van gelden. Met de invoering van het schatkistbankieren zijn de mogelijkheden tot het uitzetten van gelden verder beperkt. Extern Een belangrijke factor bij het uitvoeren van het treasurybeleid is het verwachte verloop van de rente. De gegevens van deze rentevisie zijn afkomstig van onze huisbankier de N.V. Bank Nederlandse Gemeenten. Relatiebeheer & Kasbeheer De Bank Nederlandse Gemeenten is onze huisbankier. Verder wordt (in zeer beperkte mate) gebruik gemaakt van rekening-courant faciliteiten van de Rabobank. Deze rekening wordt vooral gebruikt voor het afstorten van contanten uit de kassa’s van het KCC.
Liquiditeitspositie Hieronder is de gemiddelde liquiditeitspositie over het jaar 2023, begroting 2024 en begroting 2025 opgenomen. We hebben een rekening-courant faciliteit met de BNG-bank, waarbij de kredietlimiet € 500.000 bedraagt. De rentevergoeding voor deze faciliteit bedraagt: 1-maands Euribor met een opslag van 12 basispunten.
57
Berekening van de liquiditeitspositie (bedrag x € 1.000)
Rekening 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
0 309 -309
0 290 -290
0 300 -300
Berekening van de kasgeldlimiet Begrotingstotaal Ministerieel percentage Kasgeldlimiet
47.335 8,5 4.023
43.573 8,5 3.704
44.387 8,5 3.773
Berekening ruimte binnen kasgeldlimiet Gemiddelde vlottende schuld Kasgeldlimiet Ruimte onder kasgeldlimiet
-309 4.023 4.332
-290 3.704 3.994
-300 3.773 4.073
Berekening vlottende schuld Vlottende schuld Vlottende middelen Per saldo vlottende schuld
Rentebeleid In de BBV is bepaald dat in de paragraaf Financiering een renteschema wordt opgenomen waaruit ook het renteresultaat blijkt. Daarnaast moet inzicht geboden worden in de financieringsbehoefte. Rekening 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
198.289 -62.400 135.889
289.550 -43.610 245.940
372.557 -43.610 328.947
-10.800
0
0
0
0
0
0 -10.800
0 0
0
0 0 0
0 0 0
0 0 0
Te verdelen rentekosten
125.089
245.940
328.947
Aan taakvelden toebedeelde rente
-122.778
-283.388
-324.671
2.311
-37.448
4.276
Renteschema Externe rentelasten Externe rentebaten Rentesaldo Rente die doorberekend moet worden aan het grondbedrijf Rente projectfinanciering die doorberekend moet worden aan taakveld Rentebaat van doorverstrekte leningen die die doorberekend moeten worden aan taakveld Rente naar taakvelden Rente over eigen vermogen Rente over voorzieningen Rente over vermogen
Renteresultaat
58
Risicobeheer Het renterisico van de vlottende schuld wordt bepaald op basis van de kasgeldlimiet. De kasgeldlimiet wordt vastgesteld op basis van een percentage van de totale begrotingsomvang. Het percentage is door de minister vastgesteld op 8,5%. De gemeente mag voor deze ruimte kortlopende schulden aangaan. Verantwoording over de ruimte binnen de kasgeldlimiet wordt afgelegd aan de provincie. De kasgeldlimiet is gelijk aan een bepaald percentage (8,5%) van het begrotingstotaal. Doordat de kortlopende schuld structureel niet hoger mag zijn dan de kasgeldlimiet, wordt het risico beperkt op grote fluctuaties in de korte rente, waarmee het begrotingsevenwicht in gevaar zou kunnen komen. Kasgeldlimiet De externe financieringsbehoefte wordt ingevuld met kort- en langlopende leningen. Bij het aantrekken van kortlopende geldleningen met een looptijd tot één jaar, dient rekening gehouden te worden met de kasgeldlimiet, gemaximeerd in de wet FIDO. De kasgeldlimiet is gelijk aan een bepaald percentage (8,5%) van het begrotingstotaal in 2025 € 3,7 miljoen. Doordat de kortlopende schuld structureel niet hoger mag zijn dan de kasgeldlimiet, wordt het risico beperkt op grote fluctuaties in de korte rente, waarmee het begrotingsevenwicht in gevaar zou kunnen komen. Kasgeldlimiet x € 1.000 Totale lasten Ministerieel percentage Kasgeldlimiet
Rekening 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
47.335 8,5% 4.023,48
43.573 8,5% 3.703,71
44.387 8,5% 3.772,87
43.341 8,5% 3.683,99
43.315 8,5% 3.681,78
43.292 8,5% 3.679,82
Renterisiconorm Het renterisico over de vaste schuld wordt uitgedrukt in de mate van overschrijding van de renterisiconorm. De renterisiconorm is een bij ministeriële regeling vastgesteld percentage (sinds 2001 vastgesteld op 20%) van de vaste schuld per 1 januari van het betreffende jaar. Renterisiconorm x € 1.000 Totale lasten Ministerieel percentage Rente risiconorm
Rekening 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
47.335 20% 9.467,00
43.573 20% 8.714,60
44.387 20% 8.877,34
43.341 20% 8.668,20
43.315 20% 8.663,00
43.292 20% 8.658,40
Leningenportefeuille De huidige leningenportefeuille bestaat uit drie leningen aangegaan met de NV Bank Nederlandse Gemeenten. Leningen in portefeuille
Vaste leningen Omvang per 1 januari Aflossingen Nieuw aangetrokken leningen Omvang per 31 december
Rekening 2023
41.579.325 3.051.275 0 38.528.050
Begroting 2024
38.528.050 2.876.275 0 35.651.775
59
Begroting 2025
35.651.775 2.876.275 0 32.775.500
Paragraaf E Bedrijfsvoering Inleiding De paragraaf bedrijfsvoering geeft ten minste inzicht in de stand van zaken en de beleidsvoornemens ten aanzien van de bedrijfsvoering. Algemeen De Gemeente Bergen acteert in een dynamische omgeving waarin zij haar toegevoegde waarde naar partners en burgers voortdurend moet bewijzen en waarin de verwachtingen hooggespannen zijn. Organisatie (ontwikkeling) Een goed openbaar bestuur doet ertoe en dient daarin ondersteund te worden door een goed toegerust ambtelijk apparaat. Uitgangspunt is een sterke en flexibele eigen organisatie. In 2024 is voortvarend gewerkt aan de bestaande organisatievisie en een daarbij passende structuur. De organisatievisie is gestoeld op vier thema’s, te weten leiderschap, kwaliteit werkorganisatie, dienstverlening en personeel & organisatie. De stand van zaken over de uitgevoerde maatregelen wordt hierna aan de hand van de 4 thema’s van organisatieontwikkeling toegelicht. Leiderschap Eind 2023 is gestart met de wervingscampagne voor de nieuwe manager Bedrijfsvoering en Dienstverlening. Dit resulteerde in een succesvolle match en start van de nieuwe manager per 1 maart. Het team Buitendienst is gestart met een nieuwe leidende equipe als gevolg van doorstroom van voormalig leidinggevende naar gewenste nieuwe beleidsfunctie. De opvolgende leidinggevende is gevonden binnen de eigen formatie.
In 2024 is er door het team van coördinatoren gezamenlijk werk gemaakt van intervisiebijeenkomsten. Periodiek stemmen zij samen thema's af en krijgen zo een beter beeld van wat er organisatiebreed speelt en aan de orde is. Dienstverlening De (door)ontwikkeling van de dienstverlening is opgenomen als speerpunt in het huidige coalitieprogramma. De uitgangspunten (servicenormen) en voorwaarden (grondbeginselen) vormen de kern van de Nota Dienstverlening 2021. Deze Nota is op 9 februari 2021 vastgesteld door onze Raad. Na deze vaststelling heeft een nadere uitwerking plaatsgevonden aan de hand van de grondbeginselen en servicebeloften in het Uitvoeringsplan Dienstverlening. De afgelopen jaren zijn er een groot aantal stappen gezet om de dienstverlening van onze gemeente naar een nog hoger niveau te brengen. De Rekenkamer gemeente Bergen heeft een onderzoek gedaan naar de dienstverlening van de gemeente Bergen (begin 2024 heeft dit onderzoek plaatsgevonden). Dit onderzoek heeft aangetoond dat de kwaliteit van onze dienstverlening prima in orde is. Er worden enkele aanbevelingen gedaan voor college en raad. Het rekenkamerrapport Kwaliteit Dienstverlening is in oktober 2024 in de raad behandeld.
Maar ondertussen is de projectgroep Dienstverlening al gestart met een vervolg geven aan de aanbevelingen vanuit het rapport en is er in Q3 2024 gestart met de uitvoering van de verschillende acties. Onder andere de landelijke wet- en regelgeving rondom de digitale dienstverlening heeft prioriteit alsmede het SMART formuleren van de doelstellingen volgend uit onze servicebeloften. Kwaliteit werkorganisatie Het realiseren van de bestuurlijke ambities, het uitvoeren van de dagelijkse werkzaamheden en het voldoen aan de wettelijke taken is bepalend voor de werkprocessen en (digitale) dienstverlening van de gemeente. Die dienstverlenings- en bedrijfsvoeringsprocessen zijn op hun beurt bepalend voor én ook afhankelijk van de juiste informatie. Informatie is de smeerolie in de dagelijkse operatie, maar ook voor beleidsontwikkeling, besturing van de gemeente en verantwoording aan de Raad en overheidsorganisaties.
60
Veranderingen in ambities, wet- en regelgeving, processen, interne organisatie en technologie hebben impact op informatisering. Om de situatie, de huidige Ist maar ook de Soll, voor Bergen scherp te kunnen definiëren heeft een extern expertise bureau deze opdracht uitgevoerd en een dynamisch rapport opgeleverd. Op basis van de getrokken conclusies en aanbevelingen gaat de organisatie met de actiepunten aan de slag. Hier zal nader op in worden gegaan onder het kopje Informatisering en automatisering. Personeel en organisatie In 2024 is verder uitvoering gegeven aan het up to date houden van arbeidsvoorwaarden. Op het gebied van Arbo/Rie zullen de grote verbeterpunten voor de komende jaren met betrekking tot arbeidsomstandigheden gekoppeld worden aan de aanpassingen van het gemeentehuis en gemeentewerf na het gereed zijn van de inmiddels gestarte verbouwing. De resultaten van het gehouden Medewerkers Tevredenheidsonderzoek (MTO) in Q1 laten een gunstig beeld zien over de gehele linie. Er heerst autonomie en het werk is inhoudelijk leuk, uitdagend en passend bij capaciteiten. Samenwerking staat in de top 3 van de benchmark en het ambassadeurschap van Gemeente Bergen is bovengemiddeld. Verbeterpunten zijn er op het gebied van aanpakken van werkdruk, communicatie en beoordeling en beloning.
De organisatie volgt het advies op van onderzoeker om de resultaten te vieren en over de aandachtspunten eerst de dialoog te voeren voordat men acties gaat bepalen. In Q4 van 2024 heeft elk team onder externe begeleiding de resultaten bespreken en verbeterpunten kunnen inbrengen. Naast het investeren in medewerkerswaarde op het gebied van MTO is er ook aandacht geschonken aan het faciliteren van een "VitaliteitsCheck". Elke medewerker heeft de vrije keuze gekregen om aan dit periodiek medisch onderzoek deel te nemen. De positieve resultaten liggen op het vlak van bevlogenheid, werkvermogen en veranderbereidheid. De aandachtspunten zijn de fysieke gezondheid en leefstijl, stress en fysieke klachten welke in aanmerkelijke mate zijn gemeten onder de deelnemers. In 2024 en verder zal concreet invulling gegeven worden aan vitaliteitsbeleid in nauwe samenwerking met de Ondernemingsraad zoals dit ook is voorgeschreven vanuit de CAO. Dit betekent dat er duurzaam en structureel geïnvesteerd wordt in randvoorwaarden om medewerkers fit voor het werk te houden. Dit hangt natuurlijk samen met goede werkomstandigheden en ontwikkelen van vaardigheden maar ziet ook toe op maatregelen die medewerkers zelf kunnen nemen op het gebied van gezondheid waarin de werkgever ondersteunend/faciliterend kan zijn. Vanuit de regio werken we als Gemeente Bergen mee aan het programma Gezondste Regio.
Essentieel onderdeel is de kijk op Positieve Gezondheid. Dit concept gaan we ook implementeren binnen de organisatie. Wat kan het concept Positieve Gezondheid bijdragen op de werkvloer? Het helpt om te kijken naar de kwaliteiten en sterke kanten van medewerkers. Dat draagt bij aan hun werkplezier en duurzame inzetbaarheid. Het voorkomt dat jaarlijkse functioneringsgesprekken met medewerkers voornamelijk gaan over wat beter moet en de doelen die gehaald moeten worden. Door het gesprek met behulp van het spinnenweb anders in te steken, wordt het potentieel van mensen voor de organisatie zichtbaar en ontstaat er een gelijkwaardig gesprek.
61
Het laat medewerkers ervaren dat hun werkgever oog heeft voor hun gezondheid. Het helpt medewerkers om te floreren. Als medewerkers niet goed in hun vel zitten, kan dat hun prestaties en functioneren in de weg staan. Het laat medewerkers ervaren dat hun werkgever oog heeft voor hun gezondheid. De Bergen Academie, een eigen opleidingsplatform waarin medewerkers met en van elkaar kunnen leren zorgt voor verbinding en leren met en van elkaar. Dit door middel van e-learningmodules in combinatie met workshops voor en door medewerkers. De focus ligt hierbij op het opwaarderen van het eigen vakmanschap en vitaliteit. De Bergen Academie is een dynamisch concept van en voor medewerkers en zal jaarlijks initiatieven aanbieden om medewerkers te stimuleren. Regionale samenwerking Het coalitieakkoord gaat er vanuit, dat wij waar mogelijk en nodig blijven samenwerken met andere overheden. De gemeente Bergen wil op regionaal niveau een betrouwbare strategische partner zijn voor onze buurgemeenten in Nederland en Duitsland. Echter, samenwerken is geen doel op zich, maar moet in het belang zijn van onze gemeente. Tot op heden hebben wij in Noord- en Midden Limburg meerdere samenwerkingsverbanden. Sommige zijn wettelijk voorgeschreven, andere zijn vrijwillig aangegaan.
Alle zijn daarbij van invloed op onze organisatie vanuit de gedachte dat dit (op termijn) zijn effect krijgt op kwaliteit en kosten. Te noemen zijn: · De RUD (Regionale Uitvoeringsdienst), waar tenminste de basistaken milieu worden uitgevoerd. · De Veiligheidsregio Limburg Noord (VRLN) voor crisisbeheersing, openbare veiligheid en gezondheidszorg. · Uitvoering van de https://bergen.notubiz.nl/document/8557348/1gebiedsvisie Top van Limburg (Bergen, Gennep en Mook en Middelaar), ter versterking van de regionale structuur. · Grensoverschrijdende samenwerking tussen de gemeenten Bergen, Gennep, Goch, Kalkar, Land van Cuijk, Mook en Middelaar, Uedem en Weeze. Binnen deze samenwerking wordt ingezet op grensoverschrijdende samenwerking rond thema’s die verbinden. · In de Regio Noord-Limburg is gezamenlijk door de 8 gemeenten gewerkt aan het uitvoeren van de Regiovisie en uitvoeringsprogramma. Enerzijds via de Regiodeal, een partnerschap tussen Rijk en regio om brede maatschappelijke opgaven vanuit de regio op te pakken. Anderzijds via de investeringsagenda, een samenwerking tussen Provincie en Regio. Er zijn eind 2024 zes tranches met projecten geweest, met als doel een gezonde regio, waar je prettig woont, werkt, leert en onderneemt. In 2024 is een nieuwe Regiodeal tot stand gekomen, waar door middel van projecten de komende jaren invulling aan wordt gegeven.
· De MGR sociaal domein voor gezamenlijke inkoop van zorg.
62
Personeelskosten Vaste en tijdelijke personeelskosten Het ingerichte proces van managementrapportages zorgt ervoor dat we voldoende stuurinformatie hebben en in control zijn op gebied van personele kosten. Bestuurlijk wordt elk kwartaal gerapporteerd. De externe inhuur wordt ingezet daar waar specifieke expertise ontbreekt. Voorop staat dat er eerst gekeken wordt naar kansen voor de eigen medewerkers in de zin van ontwikkelkansen. Jobcarving en investeren in het opleiden van medewerkers in de praktijk helpt de organisatie in het vinden van oplossingen in een overspannen arbeidsmarkt. Bezetting De inhuur van externen laat een lichte stijging zien in de uitgaven. De gemeente Bergen blijft inzetten op het zoveel mogelijk structureel invullen om de vaak duurdere tijdelijke externe inhuur te beperken. We hebben in onze formatie een flexibele schil van 6%. Bij benchmarkgemeenten ligt het gemiddelde op 22%. Voor bepaalde banen is externe inhuur noodzakelijk vanwege specifieke expertise en soms ook vanwege de tijdelijkheid van een opdracht. De organisatie realiseert bovengenoemd streven door organisatiebreed te kijken naar oplossingsmogelijkheden. Voorbeelden hiervan zijn vacaturebeleid, herbezetting door langdurig ziekteverzuim, tijdelijke specifieke kennis inhuren of het invullen van moeilijk invulbare vacatures door externen. Dit verklaart de stabiliteit in bezetting.
63
64
Arbeidsvoorwaarden CAO-onderhandelingen De huidige CAO loopt van 1 januari 2024 tot en met 31 maart 2025. Werkgevers en vakbonden hebben een onderhandelingsresultaat over de nieuwe cao’s voor de gemeentelijke sector bereikt op 13 november 2023. De looptijd is 15 maanden (1 januari 2024 t/m 31 maart 2025) met een loonafspraak van 4,75% per 1 januari 2024 en 1,25% per 1 oktober 2024, en 1 bovenwettelijke vakantiedag per 1 januari 2025. In- en uitstroom Met behulp van enkele afbeeldingen is het in één oogopslag duidelijk dat de organisatie op een gezonde manier bezig is met haar personeelsbeleid. De beelden laten een organisatie in control zien zonder extremen. Dat wil zeggen geen grote schommelingen. Het beeld in de groep 55 jaar en ouder kent voornamelijk een natuurlijk verloop, zoals zelf vervroegd stoppen met werken, of het bereiken van de AOW gerechtigde leeftijd. De uitstroom in overige categorieën heeft te maken met persoonlijke ambitie welke gevonden is buiten de organisatie en afscheid nemen van medewerkers in goed overleg door maatwerk toe te passen. De afbeeldingen instroom, in relatie tot het inhuren van externen, zie eerder geeft eveneens een beeld van in control zijn. Het lukt de organisatie, ook in deze turbulente arbeidsmarkt om nieuwe “jongere” medewerkers aan de organisatie te binden.
65
66
Strategische personeelsplanning Van belang is aandacht te blijven hebben voor de personeelsplanning nu en in de toekomst. Dit vraagt een goed beeld van de competenties en potentials in de eigen organisatie gerelateerd aan de opgaven de komende jaren alsmede inzicht in de arbeidsmarkt, zoals de beroepen waarbij schaarste is. Binnen het overheidsdomein worden door veel partijen (o.a. A&O fonds) deze ontwikkelingen nauwlettend gevolgd. Ook de gemeente Bergen wil tijdig inspelen op ontwikkelingen door middel van het instrument van strategische personeelsplanning. Zicht hebben op wie de organisatie de komende jaren gaat verlaten op basis van leeftijd en weten waar medewerkers moeilijk te vervangen zullen zijn is, essentieel gelet op de krapte op de arbeidsmarkt. Daar waar medewerkers gekoppeld zijn aan bedrijfskritische processen willen we tijdig inspelen op vervanging dan wel opleiding van eigen medewerkers. In 2025 willen we concreet inzichtelijk hebben welke opgave we de komende jaren in dit opzicht hebben. Vooruitdenken en handelen en zo voorkomen dat we ad hoc zijn overgeleverd aan marktpartijen. Ook het hebben van aandacht voor eigen medewerkers welke nu werken in deeltijd dienstverband is een mogelijk reservoir van onbenut potentieel.
67
Zoals aangegeven vraagt het borgen van continuïteit in personele capaciteit en kwaliteit om tijdig anticiperen op de feitelijke situatie. De huidige populatie ambtenaren van de gemeente Bergen 28,1% > 60 jaar maakt de dienstverlening kwetsbaar als we niet tijdig inspelen op de realiteit van de altijd nog krappe arbeidsmarkt. Dit kan betekenen dat ook de gemeente Bergen gelet op het inspelen op bovengenoemde ontwikkelingen extra middelen vrij zou moeten maken om medewerkers eerder aan te nemen en op te leiden/begeleiden dan de datum waarop de huidige medewerker de organisatie zal verlaten. Een soort dubbele bezetting gedurende een bepaalde tijdspanne. Ook is e.e.a. afhankelijk van de nieuwe kabinetsplannen en de bekostiging van gemeenten. Ziekteverzuim
Het ziekteverzuimpercentage is gedefinieerd als het totaal aantal ziektedagen van de medewerkers, in procenten van het totaal aantal beschikbare kalenderdagen van de medewerkers in enig jaar. Het verzuimpercentage kan in de volgende klassen worden verdeeld: - Kort verzuim (verzuim dat maximaal 7 kalenderdagen duurt): 0,89% - Middellang verzuim (verzuim dat 8 tot en met 42 kalenderdagen duurt): 0,59% - Lang Verzuim (verzuim dat tot en met 365 kalenderdagen duurt): 3,25% - Extra lang verzuim (verzuim dat 366 kalenderdagen of langer duurt): 0,26% De huidige lopende ziekte casuïstiek betreft medewerkers met een medische oorzaak. De organisatie blijft consequent sturen op de uitvoering van de Wet verbetering Poortwachter in nauwe samenspraak met leidinggevenden en de Arbodienstverlener, de Bedrijfspoli. Informatisering en automatisering De eerste stappen zijn gezet naar een nieuwe opzet voor de infrastructuur op basis van SAAS (Software As A Service). De nadruk voor de gemeente verschuift hierdoor naar regievoering op applicaties, functioneel applicatiebeheer, security, monitoring en ondersteuning. Er is veel aandacht besteed aan de verbetering van proces en procedures rondom informatieveiligheid.
Enkele voorbeelden zijn, vernieuwing van het information security management systeem, besturingssystemen zijn up to date gemaakt en oude soft- en hardware is uit gefaseerd waardoor de risico’s op misbruik aanzienlijk verkleind zijn. Ook de informatiehuishouding binnen de organisatie en de gebruikte applicaties hebben aandacht gekregen. Hierbij hebben wij als uitgangspunt genomen “juiste informatie, voor de juiste persoon op het juiste moment beschikbaar stellen”.
68
Later dit jaar zal er een keuze gemaakt worden in de aanschaf van nieuwe devices voor de medewerkers van de organisatie. In Q2 en Q3 heeft er een extern gespecialiseerd bureau middels een onderzoek binnen de organisatie een “foto” gemaakt van de informatisering. De constatering was dat er heel veel goed gaat in de organisatie, maar op bepaalde onderdelen is verbetering mogelijk. We gaan als organisatie aan de slag met de gedane aanbevelingen, deze worden vertaald in een projectplan wat in Q3 opgesteld wordt. De aanbevelingen waren voornamelijk systemisch van aard. We moeten planmatiger te werk gaan, met een duidelijke PDCA-cyclus (plan–do–check–act). We monitoren op basis van zowel kwaliteit als geld.
69
Paragraaf F Verbonden Partijen Algemeen In het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) is bepaald dat bij de begroting en rekening in een afzonderlijke paragraaf wordt ingegaan op de verbonden partijen. In deze paragraaf van de programmabegroting treft u een gecomprimeerde lijst van de verbonden partijen aan. In de lijst van verbonden partijen staat ten minste de volgende informatie opgenomen (artikel 15 lid 2 BBV): a. De wijze waarop de gemeente een belang heeft in de verbonden partij en het openbaar belang dat ermee gediend wordt; b. Het belang dat de gemeente in de verbonden partij heeft aan het begin en de verwachte omvang aan het einde van het begrotingsjaar; c. De verwachte omvang van het eigen vermogen en het vreemd vermogen van de verbonden partij aan het begin en aan het einde van het begrotingsjaar; d. De verwachte omvang van het financiële resultaat van de verbonden partij in het begrotingsjaar; e. De eventuele risico's van een verbonden partij waar geen maatregelen voor getroffen zijn door de gemeenten en die van materiële betekenis kunnen zijn op de financiële positie van de gemeente. Bij het schrijven van de paragraaf houden we de indeling van het BBV zoveel mogelijk in acht. Inleiding Gezien het belang van de verbonden partijen voor de gemeente is het gewenst invulling te geven aan de kaderstellende en controlerende rol van de raad op dit terrein.
In deze paragraaf zal, onder verwijzing naar de nota Governance Verbonden Partijen, vastgesteld in 2017, ingegaan worden op de voortgang van de beleidsuitvoering en nieuwe ontwikkelingen. Het vastgestelde beleidskader is toegepast in het onderstaande overzicht van de bestaande verbonden partijen. Huidige bestuurlijke en ambtelijke vertegenwoordiging bij verbonden partijen: · ·
Belastingsamenwerking Gemeenten en Waterschappen (BsGW) Veiligheidsregio Limburg-Noord Omnibuzz Werkvoorziening Aanvullende Arbeid Modulaire Gemeenschappelijke Regeling sociaal domein Limburg-Noord Biblioplus Regionale uitvoeringsdienst (RUD)
De begrotingen en begrotingswijzigingen van bovengenoemde samenwerkingsverbanden worden aan de raad voorgelegd voor een zienswijze. Verbonden partijen waarover advies wordt gegeven aan college:
Burgemeestersoverleg Regio Noord-Limburg Het veiligheidshuis Noord-Limburg Regionaal Informatie en Expertise Centrum (RIEC)
Verbonden partijen waarvan gemeente Bergen aandeelhouder is en waarover geen advies wordt gegeven aan college en raad:
Enexis Holding N.V Publiek Belang Elektriciteitsproductie B.V. Claim Staat Vennootschap B.V. Extra Zekerheid Vennootschap B.V. Waterleidingmaatschappij Limburg Bank Nederlandse Gemeenten Inkoopcentrum Zuid
70
Verbonden partijen waarover geen advies wordt gegeven aan college en raad:
Euregio-Rijn Waal Regio Noord Limburg Gemeenschappelijke Orgaan regeling voor het toezicht op het Openbaar onderwijs Bergen, Gennep en Land van Cuijk Regiovisie Bergen/Gennep/Mook Bestuurlijk overleg Maas Werkbedrijf Gemeenschappelijke regeling Omnibuzz Lokale educatieve en welzijnsagenda O.O.G.O. (Op Overeenstemming Gericht bestuurlijk Overleg) Overleg orgaan toezicht openbaar onderwijs De lokale Driehoek (Burgemeester, Officier Openbaar Ministerie, Chef Politie) Regionaal bestuurlijk overleg Regiovisie Sport Limburgs integriteitsoverleg Fluglärm Commission Gemeenschappelijke luchtverkeerscommissie Regionaal Mobiliteitsoverleg Nazorgorganisatie/Bodemzorg Overleg openbaar vervoer Burgemeestersoverleg RegioCLIP Stichting Limburg-Noord Routebureau Noord- en Midden Limburg Toeristisch platform Maasduinen Platform Noordelijke Maasvallei Overlegorgaan Nationaal Park de Maasduinen Maascorridor Industriële kring Bedrijventerreinvereniging De Flammert Coördinatieoverleg EZ Werkgroep Ruimte en Economie Werkgroep Wonen Noord-Limburg Werkgroep Landelijk gebied Regionale Energie Alliantie Waterpanel Noord Stuurgroep Wonen Noord-Limburg Stichting de Marke
71
Overzicht verbonden partijen
Toezicht openbaar onderwijs gemeenten Bergen, Gennep en Land van Cuijk 2022 Vestigingsplaats
Grave
Website
https://stichting-invitare.nl/
Gemeentelijk belang Gemeentelijk aandeel Vertegenwoordiging
Wethouder Ponjee
Beleidsverantwoording Risico's Eigen vermogen 1-1-2025 Eigen vermogen 31-12-2025 Vreemd vermogen 1-1-2025 Vreemd vermogen 31-122025 Verwacht resultaat 2025
72
Omnibuzz Vestigingsplaats
Geleen
Website
https://www.omnibuzz.nl
Gemeentelijk belang
Omnibuzz is verantwoordelijk voor het (collectief) vraagafhankelijk vervoer (CVV) voor klanten met een indicatie vanuit de Wmo.
Gemeentelijk aandeel
€ 212.648
Vertegenwoordiging
Nog in te vullen
Beleidsverantwoording
De missie van Omnibuzz is: “Goed, veilig, betrouwbaar en betaalbaar doelgroepenvervoer voor nu en later”. Het doel is, het bieden van de beste service op het gebied van (aangepast) vervoer. Om te kunnen sturen op de best passende vervoersoplossingen, is Omnibuzz ingericht als mobiliteitscentrale. Bij het realiseren van haar ambities gaat Omnibuzz uit van drie pijlers: - het kantelen van vervoer en het gebruik van OV stimuleren; - het efficiënter organiseren van doelgroepenvervoer; - Omnibuzz als slimme organisatie. De geactualiseerde ingeschatte risico’s van de GR Omnibuzz zijn als volgt bepaald: 1. Verminderd draagvlak en/of draagkracht bij gemeenten voor de missie en visie van Omnibuzz. 2. Beheersbaarheid van het vervoer. 3. Kwetsbaarheid taxibedrijven. 4. Kennis en inzetbaarheid intern personeel. Voor de geïdentificeerde risico’s geldt dat Omnibuzz passende maatregelen treft om deze risico’s te mitigeren en beheersbaar te houden. Op basis van een impactanalyse is de minimum (€ 520.000) en maximum (€ 1.308.000) stand van de algemene reserve berekend. Het saldo primo € 900.000 ligt binnen deze bandbreedte.
Risico's
Eigen vermogen 1-1-2025
€ 1.011.373
Eigen vermogen 31-12-2025 Vreemd vermogen 1-1-2025 € 4.689.815 Vreemd vermogen 31-122025 Verwacht resultaat 2025
€0
73
Regionale Uitvoeringsdienst Vestigingsplaats
Venray
Website
https://www.rudlimburgnoord.nl
Gemeentelijk belang
Samenwerking op basis van een Gemeenschappelijke Regeling binnen Noord - en Midden Limburg op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving voor taken uit het werkveld van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). De Regionale Uitvoeringsdienst Limburg Noord (GR RUD LN) is één van de 29 Omgevingsdiensten die Nederland heeft. Namens haar 16 deelnemers is de GR RUD LN belast met de uitvoering van taken voor vergunningverlening, toezicht en handhaving, gericht op een schone, veilige en gezonde leefomgeving. Activiteiten die het leefmilieu belasten kunnen langdurige effecten op onze gezondheid hebben en zijn daarom aan regels gebonden. Er wordt gecontroleerd of deze regels in de praktijk worden nagekomen en desnoods wordt er corrigerend opgetreden (handhaving). Daarnaast zijn het vooral grote maatschappelijke (milieu)vraagstukken die extra aandacht vragen: energiebesparing/duurzaamheid, stikstofproblematiek, ZZS (zeer zorgwekkende stoffen) en waterkwaliteit. Deelname aan de RUD is voor een aantal taken, de zogenaamde basistaken, verplicht op grond van de Wet VTH (Hfst 5 van de Wabo).
Gemeentelijk aandeel Vertegenwoordiging
Nog in te vullen
Beleidsverantwoording
De doelstelling van het programma is om in een gezamenlijke verantwoordelijkheid met de deelnemers de kwaliteit van dienstverlening aan burgers, bedrijven en belanghebbenden te verbeteren bij de uitvoering van VTH taken en de kwaliteit, veiligheid en gezondheid van de leefomgeving te verbeteren. De GR RUD LN wil daarbij een innovatieve, flexibele, slagvaardige en efficiënte organisatie zijn. De dienstverlening wordt verbeterd door: 1. Een 'level playing field' (gelijke benadering en behandeling onder de GR RUD LN); 2. Minder toezichtlasten door efficiënte en innovatieve toezichtmethoden. De RUD LN inventariseert jaarlijks de risico's waaraan de RUD LN is blootgesteld. Een aantal risico’s zijn afgedekt met verzekeringen. Denk daarbij aan de aansprakelijkheids- en rechtsbijstandverzekering.
Risico's
De RUD LN beschikte tot voor kort niet over een algemene reserve. Het Algemeen Bestuur is in de Begroting voor 2024 voorgesteld om het positieve jaarrekeningresultaat over 2022 (€ 135.000) te storten in een te vormen algemene reserve. Naast deze algemene reserve beschikt de
74
RUD LN in de begroting over een post onvoorzien ter hoogte van €50.000 die tot de weerstandscapaciteit gerekend kan worden. Risicobeheersing Mochten de risico's in een jaar boven de post onvoorzien uitkomen, dan worden deze doorberekend aan de deelnemers conform de GR. Er wordt bewust voor gekozen om niet alle mogelijke risico's af te dekken. Enerzijds omdat er vanuit gegaan wordt dat niet alle risico's zich tegelijkertijd zullen voordoen. Anderzijds omdat het rekeningresultaat (positief dan wel negatief) verrekend wordt met de deelnemers. Mochten de risico's in een jaar boven de post onvoorzien uitkomen , dan dienen deelnemers deze extra kosten te betalen conform de GR. Eigen vermogen 1-1-2025
€ 135.000
Eigen vermogen 31-12-2025 € 135.000 Vreemd vermogen 1-1-2025 € 1.150.000 Vreemd vermogen 31-122025 Verwacht resultaat 2025
€ 1.150.000 € 375.000
75
Werkvoorziening Aanvullende Arbeid Venlo e.o. (WAA) Vestigingsplaats
Venlo
Website
http://www.waagroep.nl
Gemeentelijk belang
De doelstelling van WAA is het - voor en namens de deelnemende gemeenten - als Gemeenschappelijke Regeling uitvoering geven aan de verplichtingen die voortvloeien uit de Participatiewet onderdeel Wet Sociale Werkvoorziening (Wsw) in de regio Venlo tegen maatschappelijk aanvaardbare kosten.
Gemeentelijk aandeel
€ 25.000
Vertegenwoordiging
Nog in te vullen
Beleidsverantwoording
Visie en missie zijn concreet vertaald in onderstaande strategische items en uitgangspunten: “De WAA organisatie overall…..: - Heeft sociaal en financieel renderende strategische allianties en cocreaties met het regionale bedrijfsleven en overheden”. - Realiseert voor haar SW-medewerkers duurzame plaatsingen in groepen bij opdrachtgevers. - Ambieert samen met haar SW-medewerkers ontplooiing gericht op maximale loonwaarde”. - Is een proces- en resultaatgerichte organisatie waarin met plezier gewerkt wordt”. De strategische koers is verder vertaald door het Bestuur en vastgelegd in strategische uitgangspunten en beleidslijnen. Risico’s voor Schap als publiekrechtelijke organisatie: • Optimalisatie- en finetuning proces • Mogelijke herijking bestuurlijke constellatie WAA • Risico’s uit hoofde van de WSW • Risico’s naar aanleiding van gemeentelijke herindeling • Demografische risico’s • Fiscale risico’s • Financieringsrisico’s • Resultaten deelneming in WAA groep nv
Risico's
Groep nv • Ontwikkelingen op de arbeidsmarkt • Vervuilde gronden • Transitievergoedingen • AVG • Cyberrisico’s • Effecten WAB Eigen vermogen 1-1-2025
€ 2.792.000
Eigen vermogen 31-12-2025 Vreemd vermogen 1-1-2025 € 160.000 Vreemd vermogen 31-12-
76
2025 Verwacht resultaat 2025
€ -311.000
77
Belastingsamenwerking Gemeenten en Waterschappen Vestigingsplaats
Roermond
Website
https://bsgw.nl/nl
Gemeentelijk belang
BsGW behartigt als uitvoeringsorganisatie van de deelnemende waterschappen en gemeenten de zorg voor het volledig, tijdig, rechtmatig, juist en doelmatig heffen en innen van de lokale belastingen en beheert de authentieke basisregistratie WOZ (administratie en waardering). BsGW draagt zorg voor het heffen en innen van in beginsel alle lokale belastingen van gemeenten en waterschappen. De keuze welke belastingen door BsGW worden uitgevoerd wordt bepaald door de deelnemer. Het takenpakket bestrijkt het taakveld van advisering en opstellen van conceptverordening(en), de opbouw van benodigde basisregistraties, het opleggen en innen van de aanslagen tot en met de dwang invordering en oninbaar verklaring. Afhandeling van klantreacties gedurende deze processtappen behoort eveneens tot het takenpakket.
Gemeentelijk aandeel
€ 246.548
Vertegenwoordiging
Wethouder Splinter
Beleidsverantwoording
De strategische doelstellingen van BsGW zijn: - daling kosten deelnemers; - minimaal gelijkblijvende kwaliteit van de dienstverlening; - vergroting digitale dienstverlening.
Risico's
1. Datalek, hackers aanvallen en overige ICT-storingen 2. Uitbesteding van niet-kernactiviteiten 3. Fraude 4. Vervuiling van en/of incomplete gegevensbestanden 5. Overschrijding van de exploitatiebegroting van BsGW 6. Ambitieuze raming opbrengst vervolgingskosten 7. Frictiekosten personeel
Eigen vermogen 1-1-2025
€ 2.802.000
Eigen vermogen 31-12-2025 € 2.802.000 Vreemd vermogen 1-1-2025 € 6.103.000 Vreemd vermogen 31-122025 Verwacht resultaat 2025
€ 5.816.000 €0
78
Veiligheidsregio Limburg Noord Vestigingsplaats
Venlo
Website
https://www.vrln.nl
Gemeentelijk belang
De Veiligheidsregio Limburg-Noord geeft vorm en inhoud aan samenwerking tussen gemeenten in Noord- en Midden-Limburg en heeft tot doel: I. Het behartigen van de belangen van de gemeenten en hun inwoners op het gebied van: a) brandweerzorg b) geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen c) rampenbestrijding en crisisbeheersing d) bevordering van multidisciplinaire uitvoering van rampenbestrijding, crisisbeheersing en bestrijding van zware ongevallen e) bevordering van samenhangend integraal veiligheidsbeleid in de regio. II. Het behartigen van die taken die door de wet- en regelgeving aan gemeenten zijn toegekend op het gebied van collectieve preventie volksgezondheid en maatschappelijke zorg. Hiervoor moeten gemeenten uit de regio samenwerken. Dat is efficiënter en effectiever.
Gemeentelijk aandeel
€ 1.772.764
Vertegenwoordiging
Burgemeester Rauner (Wethouder Ponjee v.w.b. GGD)
Beleidsverantwoording
De Veiligheidsregio Limburg-Noord geeft vorm en inhoud aan samenwerking tussen gemeenten in Noord- en Midden-Limburg en heeft tot doel: I. Het behartigen van de belangen van de gemeenten en hun inwoners op het gebied van: a) brandweerzorg b) geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen c) rampenbestrijding en crisisbeheersing d) bevordering van multidisciplinaire uitvoering van rampenbestrijding, crisisbeheersing en bestrijding van zware ongevallen e) bevordering van samenhangend integraal veiligheidsbeleid in de regio. II. Het behartigen van die taken die door de wet- en regelgeving aan gemeenten zijn toegekend op het gebied van collectieve preventie volksgezondheid en maatschappelijke zorg. Hiervoor moeten gemeenten uit de regio samenwerken. Dat is efficiënter en effectiever.
Risico's
Vanuit de risico inventarisatie is een benodigd weerstandsvermogen becijferd van € 1,25 mln. Het Algemeen Bestuur heeft besloten dit bedrag van € 1,25 mln aan te houden. Aanvullend loopt een onderzoek
79
naar eventuele risico's rond de toekomstbestendigheid van de GGD, waar ultimo 2024 eerste resultaten verwacht worden. Eigen vermogen 1-1-2025
€ 5.422.000
Eigen vermogen 31-12-2025 € 5.149.000 Vreemd vermogen 1-1-2025 € 55.096.000 Vreemd vermogen 31-122025 Verwacht resultaat 2025
€ 56.557.000 € -273.000
80
Modulaire Gemeenschappelijke Regeling Vestigingsplaats
Venray
Website
https://sociaaldomein-limburgnoord.nl
Gemeentelijk belang
De MGR is eind 2014 opgericht. Aanleiding voor de instelling van deze gemeenschappelijke regeling zijn de drie decentralisatieopgaven (Jeugd wet, Wmo en Participatie wet) en de hierbij gewenste transformaties. Gemeenten pakken de meeste taken lokaal op. Echter, voor een aantal opgaven is regionale samenwerking noodzakelijk. De MGR is opgericht om de samenwerking in het sociaal domein op uitvoerend niveau vorm te geven. Deze samenwerking is in het afgelopen jaar uitgebreid met een tweede module (beschermd wonen, maatschappelijke opvang en bemoeizorg & preventie), waarbij ook het aantal deelnemende gemeentes is uitgebreid.
Gemeentelijk aandeel
€ 118.720
Vertegenwoordiging
Wethouder Ponjee
Beleidsverantwoording
• Vanuit sturing en inkoop is het contractmanagement vanaf 2022 via de MGR breder vorm gegeven. • Module 1 ziet hoofdzakelijk op 'opdracht geven in het sociaal domein' waar dit vooral ziet op het uitvoeren van de inkoop, uitvoeren van contractmanagement en sturen vanuit data management. • Vanuit module 2 is er een verdergaande samenwerking tussen de deelnemende gemeentes vorm gegeven. Hierbij zijn de taken van de MGR hetzelfde als voor module 1. Daarnaast heeft de MGR een belangrijke kassiers- en beheerfunctie van de financiële middelen op basis van de samenwerkingsovereenkomst beschermd wonen, maatschappelijke opvang en bemoeizorg & preventie. De risico’s die binnen de MGR en de module Opdrachtgevers op dit moment onderkend worden, naast het niet realiseren van te leveren prestaties, zijn: • Risico op onvoorziene budgetoverschrijdingen; • Bedrijfscontinuïteit/ onvoldoende gekwalificeerd personeel; • Niet adequaat inspelen op nieuwe ontwikkelingen in wet- en regelgeving binnen het sociaal domein; • Rechtszaken inkooptrajecten.
Risico's
Eigen vermogen 1-1-2025
€0
Eigen vermogen 31-12-2025 Vreemd vermogen 1-1-2025 € 0 Vreemd vermogen 31-122025 Verwacht resultaat 2025
€0
81
Paragraaf G Grondbeleid Algemeen De paragraaf grondbeleid bevat ten minste: a. een visie op het grondbeleid in relatie tot de realisatie van de doelstellingen van de programma's die zijn opgenomen in de begroting; b. een aanduiding van de wijze waarop de gemeente het grondbeleid uitvoert; c. een actuele voorspelling van de te verwachten resultaten van de totale grondexploitatie; d. een onderbouwing van de winstneming; e. de beleidsuitgangspunten over de reserves voor grondzaken in relatie tot de risico's van de grondzaken. Bij het schrijven van de paragraaf houden we rekening met de indeling van het BBV. Inleiding Door middel van het grondbeleid kan de gemeente invloed uitoefenen op de wijze waarop de gronden worden gebruikt. Sturing van het grondgebruik door middel van het grondbeleid draagt bij aan de realisatie van doelstellingen op het gebied van volkshuisvesting, ruimtelijke ordening, infrastructuur en financiën. Onder grondbeleid verstaan we het gehele instrumentarium dat de gemeente ter beschikking staat om de vastgestelde ruimtelijke, en deels ook economische, doelstellingen te realiseren. Het grondbeleid is geen doel op zich, maar staat ten dienste aan de realisatie van de bestuurlijk gewenste ruimtelijke doelstelling.
De gemeente wil haar beleidsinstrumentarium optimaal inzetten zodat haar ruimtelijke en economische doelstellingen kunnen worden behaald en de financiële risico’s beheersbaar kunnen worden gehouden. Met betrekking tot het grondbeleid staan twee concrete beleidsdoelen voor ogen: Het voeren van een actieve grondpolitiek waarbij door middel van het opstellen van bestemmingsplannen woningbouwmogelijkheden in alle kernen worden gecreëerd; Het voorbereiden en realiseren van woningbouw. Met de raad is afgesproken om: * Jaarlijks de actuele exploitatieopzetten aan de raad te presenteren; * Jaarlijks een actuele winstberekening te maken en deze te verwerken in de jaarrekening. Bij actief grondbeleid koopt de gemeente zelf als marktpartij gronden en panden aan, maakt bouw- en woonrijp en verkoopt de bouwrijpe gronden vervolgens ten behoeve van de ontwikkeling daarvan. Op deze manier verschaft de gemeente zichzelf maximale sturing in zowel productie als exploitatie van het ontwikkelgebied. Dit is de grootste zekerheid dat de in het bestemmingsplan opgenomen bestemmingen ook daadwerkelijk gerealiseerd worden. Op basis van de BBV-notitie 'grondexploitatie' hanteren we een berekening om de rentelast voor het grondbedrijf te onderbouwen. Voor onze gemeente bedraagt de jaarlijkse rentelast in 2025 2%.
Regionale structuurvisie Wonen Noord-Limburg De raad heeft de woonvisie Noord-Limburg 2020-2024 vastgesteld. Deze biedt voldoende ruimte voor de woningbouwambities van de gemeente Bergen. De raad heeft de vaststelling van het gemeentelijk woningbouwprogramma neergelegd bij het college. Het vaststellen van een gemeentelijk woningbouwprogramma en het toevoegen/muteren van woningbouwplannen aan dat programma is een bevoegdheid van het college van burgemeester en wethouders. Daarnaast heeft de minister alle regio's en gemeenten gevraagd een bijdrage te leveren aan de landelijke versnelling van de woningbouwopgave. Het bod uit 2022 resulteert in een woondeal met het Rijk. De gemeente draagt daarin bij zoveel ze kan.
82
Nationale Woon- en Bouwagenda en Programma woningbouw We staan in Nederland voor een grote woningbouwopgave. De Rijksoverheid neemt regie op de volkshuisvesting middels de Nationale Woon- en Bouwagenda. Hierin staat opgenomen dat er tot en met 2030 900.000 woningen gerealiseerd dienen te worden en dat er tevens een versnelling dient plaats te vinden in woningbouwrealisaties. Hoe gemeenten hieraan tegemoet gaan komen, en wat ze hiervoor nodig hebben vanuit medeoverheden, wordt opgenomen in landelijk af te sluiten Woondeals. Op 9 maart 2023 is de overeenkomst ‘Wonen in Limburg, bereikbaar voor iedereen!’; de woondeal; met Rijk, provincie Limburg en de Limburgse gemeenten aangaan. Overweging Woondeal Limburg. Met het tekenen van de woondeal wordt de bereidheid uitgesproken tot samenwerking bij het versnellen van woningbouw en de aanpak van diverse huisvestingsopgaven. Het is een gezamenlijke inspanningsverplichting. Gemeenten en provincie zitten via de samenwerking vanuit de woondeal ook direct aan tafel met het Rijk als het gaat om knelpunten met betrekking tot de realisatie van woningbouw. Daarnaast zetten we onszelf niet buitenspel bij toekomstige samenwerking en de toegang tot Provinciale- dan wel Rijksregelingen. Bijdrage Bergen De bijdrage kent een kwantitatieve en kwalitatieve component.
Kwantitatief is de bijdrage van Bergen voor de eerste periode (tot en met 2024) vastgelegd op 274 woningen, tot en met 2024. Dit past binnen de kaders van onze eigen ambitie voor de realisatie van 400 bouwtitels tot en met 2026. Er is bewust voor gekozen om voor Bergen nu geen hogere taakstelling of ambitie op te nemen in de woondeal. Het bod betreft immers een minimale bijdrage, meer mag en dat kan Bergen dan naar behoefte flexibel invullen. Ook aan de kwalitatieve component (2/3 betaalbaar bouwen, tot € 355.000 en streven naar 30% sociale huur) kan Bergen naar verwachting voldoen. De gemiddelde verkoopprijs van de koopwoning ligt nog ruim onder de landelijke grens. Ons percentage sociaal woningbezit is op dit moment circa 28%. Destion, maar ook particuliere initiatiefnemers, zullen de komende jaren nog woningen aan deze voorraad toevoegen. Aan het streven naar 30% wordt dus voldaan. Financiële positie Reserve grondbedrijf De reserve is beschikbaar voor het opvangen van toekomstige verliezen. In de jaren 2024 en 2025 zal als winstneming van de diverse plannen een bedrag van ongeveer € 359.000 aan de reserve grondbedrijf worden toegevoegd. Aan het plan Moleneind 2a wordt € 80.000 bijgedragen voor een kostendekkende exploitatie. De huidige exploitatieopzet Alverman is geactualiseerd en heeft een positief effect van € 467.950 op het exploitatieresultaat.
Via de jaarrekening 2024 wordt voorgesteld om dit bedrag toe te voegen aan de reserve grondbedrijf. De voorziening is op peil om het toekomstige verlies op de bouwgrondexploitatie Alverman te dekken. Bij vaststelling van de grondexploitatie voor de ontwikkeling van de Oostplint Mosaïque is besloten om € 857.000 beschikbaar te stellen uit de reserve grondbedrijf.
83
Ontwikkeling reserve grondbedrijf
Begroting 2025
Omvang per 1 januari 2024 Winstneming 2023
1.002.281 29.020
Omvang reserve grondbedrijf 31-12-2024
1.031.301
Toekomstige mutaties Bijdrage Moleneind 2a Bijdrage uit voorziening Alverman Mosaïque plint Toekomstige winsten 2024 en 2025
-80.000 467.950 -857.000 329.832
Omvang reserve inclusief toekomstige mutaties
892.083
Tussentijds winst nemen Het voorzichtigheidsbeginsel leidt ertoe dat realisatie van winst moet worden uitgesteld tot daarover voldoende zekerheid bestaat. Dit betekent echter niet dat pas winst moet worden genomen bij het afsluiten van het grondexploitatiecomplex. Voor winstneming geldt het percentage of completion methode: voor zover gronden zijn verkocht en opbrengsten zijn gerealiseerd kan tussentijds naar rato van de voortgang van de grondexploitatie winst worden genomen. Indien aan de volgende voorwaarden is voldaan, bestaat er voldoende zekerheid om winst te kunnen nemen: Het resultaat op de grondexploitatie kan betrouwbaar worden ingeschat én; De grond (of het deelperceel) moet zijn verkocht én; De kosten zijn gerealiseerd (winst wordt naar rato van de realisatie gerealiseerd); De winstneming voor 2023 bedroeg € 29.020 In het exploitatieplan Droogstal worden in 2024/2025 nog 3 kavels voor vrijstaande woningen uitgegeven. Het bestemmingsplan is aangepast. Het plan wordt in 2025 afgesloten; In het exploitatieplan St. Jozefstraat in Siebengewald zijn alle 45 kavels uitgegeven. Het plan wordt woonrijp gemaakt in 2024; Het bestemmingsplan Well Kasteellaan is bouwrijp. Dit plan bevat 8 woningen. Er resteert nog 1 kavel voor een terraswoning. Het plan wordt in 2024 afgesloten; Het bestemmingsplan Alverman is vastgesteld.
De bouwkavels worden binnenkort uitgegeven. We gaan er van uit dat de kavels in de jaren 2025 t/m 2027 worden verkocht. Het voorziene tekort van ongeveer € 97.355 van het complex de Alverman wordt gedekt door de voorziening complex Alverman. Er zal binnenkort een verkavelingsplan worden voorgelegd; Alle 44 bouwkavels in het plan Afferdse Heide zijn verkocht. De verkoop van de kavel voor realisatie van gezondheidscentrum is ook in deze exploitatieopzet opgenomen. Het gezondheidscentrum is onderdeel van het plan en is gereed. Het woonrijp maken is gereed in 2024. Het exploitatieplan wordt in 2024 afgesloten; De gemeente Bergen heeft alle benodigde gronden aangekocht in het exploitatieplan Callunastraat. Op deze locatie worden in de toekomst 50-60 woningen gebouwd. Er is een plan in voorbereiding. Het plan zal minimaal kostendekkend zijn; Door het plan herontwikkeling Mosaïque Oost wordt de leegstand binnen het winkelcentrum aangepakt. De nieuwe woningen geven invulling aan de Woonvisie Gemeente Bergen door het ontwikkelen seniorenwoningen of compacte 1- of 2-persoonswoningen. De gemeente Bergen gaat voor zelfrealisatie van ontwikkeling van middeldure huurappartementen, koopappartementen en horecagelegenheid. Er is reeds een ontwerpbestemmingsplan Mosaïque-Keulerstraat gepresenteerd; De gemeente is ontwikkelaar op de Elsterendijk in Well.
Er wordt een bestemmingsplan voor fase I gemaakt om op korte termijn woningen te bouwen; Er zal een bestemmingsplan Bergen-Lindenlaan worden ontwikkeld voor ongeveer 20-25 huizen.
84
De gemeente Bergen is ontwikkelaar van het project. Destion zal sociale huurwoningen op deze percelen gaan realiseren en verhuren; Moleneind 2a is door de gemeente Bergen aangekocht in 2023. Er is de mogelijkheid om hier 11 tot 12 levensloopbestendige appartementen te bouwen.
Exploitatieplannen grondbedrijf
Wellerlooi Siebengewald Wellerlooi Afferden Afferden Totaal complexen Voorziening Alverman
Droogstal St. Jozefstraat Kasteellaan Afferdse Heide Alverman
Totaal positief saldo
Verwacht saldo
Jaar afronding
266.676 14.197 2.788 46.171 -97.355 232.477 97.355