grip op het sociaal domein eindrapport def kopie
Tekst van het document
De constateringen gaan gepaard met voorstellen voor dekking van de hogere uitgaven. Na in 2017 een actieve rol te hebben vervuld in het sociaal domein heeft de raad vanaf 2018 niet zichtbaar bijgestuurd. Zover als wij konden vaststellen, heeft de raad de kwartaalrapportages nooit ter bespreking geagendeerd en heeft er geen actieve bijsturing door de gemeenteraad plaatsgevonden. 4 Het is niet mogelijk om vast te stellen of de doelstellingen zijn behaald De doelstellingen voor Wmo en Jeugdhulp zijn niet specifiek geformuleerd, waardoor het niet mogelijk is om te beoordelen in welke mate deze zijn gerealiseerd. Ten aanzien van het participatiebeleid zijn wel specifieke doelstellingen in het beleidskader opgenomen. Het is op basis van de aan de raad beschikbaar gestelde informatie en uit eigen onderzoek niet mogelijk vast te stellen of de inhoudelijke en financiële doelen gerealiseerd zijn. In relatie tot de uitgaven kan worden gesteld dat de cijfers van de uitgaven voor de Jeugdwet en Participatiewet een dalende trend laten zien en de Wmo een stijgende lijn.
5 Met de basis op orde is het tijd voor een volgende stap Het externe bureau dat een second opinion uitvoerde naar de mate waarop de voorliggende maatregelen leiden tot een duurzame/houdbare uitvoering van de Wmo en Jeugdwet komt uiteindelijk tot de volgende belangrijkste aanbeveling: “Door de sterke samenwerking in Limburg-Noord en een eigen adequaat ambtenarenapparaat is het sociaal domein in de gemeente Bergen in staat tot een efficiënte bedrijfsvoering, gericht op financiële beheersbaarheid. De aanbeveling is dan ook om door te gaan op de ingeslagen weg. Veel beter is niet mogelijk. Het gevaar voor de gemeente Bergen ligt vooral in de kwetsbaarheid van de ambtelijke inzet. De nadruk op financiële grip en sturing vanaf 2018 en de bijzondere rol die het college hierin vervulde, had positieve en negatieve kanten. Om het kostenbewustzijn bij medewerkers te stimuleren was een cultuuromslag nodig: niet langer zo maar verstrekken, maar daadwerkelijk nut en noodzaak beoordelen. Maar dit had ook schaduwkanten op het gebied van privacy, de termijn van besluitvorming maar vooral ook voor het werkplezier en autonomie van medewerkers en een groot personeelsverloop. De afgelopen periode is door hen ervaren als een lastig klimaat om in te werken. Gemeente Bergen mag trots zijn op wat zij de afgelopen periode heeft bereikt. Nu ’de basis op orde’ is, is er ruimte voor een volgende stap.
Met meer ruimte voor inhoudelijke doelen, samenwerking met partners in de samenleving en meer autonomie voor medewerkers. Door het wijzigen van de mandaatregeling is hierin al een belangrijke stap gezet.
19
Grip op het Sociaal domein
Rekenkamercommissie Bergen
6.2 Aanbevelingen Op basis van bovenstaande conclusies komen wij tot de volgende aanbevelingen: 1.
Raad: Stel inhoudelijke en SMART beleidsdoelstellingen vast Geef het college opdracht om in de beleidsplannen rondom het Sociaal domein (voorzien voor 2023), naast financiële doelstellingen ook inhoudelijke doelstellingen op te nemen, die: • Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch en Tijdgebonden (SMART) zijn geformuleerd, met duiding van beïnvloedbaarheid hiervan en inclusief de onderlinge samenhang. • Aansluiten bij hetgeen de wetgever met de decentralisatie op het gebied van de Wmo, Jeugdwet en Participatiewet beoogt. • Worden uitgewerkt in beleidsinhoudelijke, organisatorische en financiële zin. • Gebaseerd zijn op een deugdelijke en volledige probleem- en risicoanalyse en passende beheersmaatregelen.
2. Raad: Speel een actievere rol in kaderstelling en controle a) Kaderstelling: Verzoek het college vóór de behandeling van de kadernota, op basis van een korte rapportage – zoals gebruikelijk – en een infographic om een presentatie waarin wordt aangegeven waar Bergen vanaf komt, waar Bergen nu staat en welke ontwikkelingen op Bergen af komen. Bespreek op basis hiervan uw kaders voor het Sociaal domein en verzoek het college uw gesprek als input voor de kadernota te gebruiken. b) Controle: Verzoek het college vóór de behandeling van de jaarrekening, op basis van een korte rapportage – zoals gebruikelijk – en een infographic een presentatie voor te bereiden over hoe Bergen heeft gepresteerd ten opzichte van de begroting. Bespreek niet alleen de financiële taakstellingen, maar ook de stand van zaken van de inhoudelijke en SMART doelstellingen zoals die uit nieuwe beleidsplan(en) op het gebied van het Sociaal domein gaan gelden. 3. College: Geef ruimte maar blijf zicht houden Zet de door u ingezette weg voort gericht op het geven van meer ruimte voor inhoudelijke doelstellingen en de autonomie van medewerkers, maar blijf de huidige wijze van monitoring, rapportage en bespreking hiervan voortzetten met inachtneming van de privacywetgeving.
Het is belangrijk om zicht te blijven houden op de ontwikkelingen van het aantal aanvragen, voorzieningen en kosten in het Sociaal domein, zeker omdat de consequenties van een aantal ontwikkelingen op dit moment nog niet te voorzien zijn. We noemen als voorbeeld de nieuwe inkoopcontracten per 1 januari 2022, het terugleggen van het mandaat bij de manager van het sociaal domein en het investeren in de voorkant in preventie. 4. College: Onderzoek mogelijkheden tot meer integrale besluitvorming Wmo Onderzoek de mogelijkheden om de looptijd van indicaties op elkaar af te stemmen, besluitvorming hierover met elkaar te combineren en een totaaloverzicht per gebruiker van verschillende voorzieningen op te nemen bij de afweging in de besluitvorming. Dit zou het maken van een integrale afweging verder ondersteunen, de gebruiker zou minder vaak hoeven te worden bevraagd en het maakt inzichtelijk, zonder hiervoor het systeem te hoeven raadplegen, wat de totale kosten per gebruiker per jaar zijn. Overweeg hierbij tevens of het mogelijk is om in ieder geval binnen de Wmo te werken met een contactpersoon per gebruiker. 5. College/Raad: Sorteer voor op de verwachte financiële krimp De ontwikkelingen van het gemeentefonds laten een serieuze daling vanaf 2026 zien.
Anticipeer hierop door de meerjarenbegroting niet alleen te baseren op een extrapolatie van het verleden, maar probeer een inschatting te maken van de verwachte aanvragen. De demografische kenmerken van de inwoners en de ontwikkelingen op sociaal en economisch gebied kunnen hierbij behulpzaam zijn. Het voorspelmodel van de Wmo kan hierbij behulpzaam zijn: https://wmovoorspelmodel.vng.nl. Op basis van deze inschattingen kan gemeente Bergen in haar beleid voorsorteren op de verwachte financiële krimp.
20
Grip op het Sociaal domein
Bijlagen
21
Rekenkamercommissie Bergen
Grip op het Sociaal domein
Rekenkamercommissie Bergen
Bijlage 1: Reactie van het college van B & W
22
Grip op het Sociaal domein
Rekenkamercommissie Bergen
Bijlage 2: Nawoord Rekenkamercommissie In dit nawoord wil de Rekenkamercommissie Bergen kort ingaan op de bestuurlijke reactie. Wij danken het college voor zijn zienswijze en wij stellen vast dat het college blij is met het rapport. Daarnaast geeft het college aan dat het de door ons getrokken conclusies kan delen en de aanbevelingen in de komende periode zal oppakken Het college merkt op de redactie op pagina 9 (onder ‘Duur besluitvorming’) niet te onderschrijven. Wij nemen hier kennis van en respecteren de visie van het college. Genoemde passage is geen conclusie van de rekenkamercommissie, maar een bevinding, een weergave van de voor- en nadelen zoals deze door de geïnterviewden naar voren zijn gebracht. Wij constateren een verschil in beleving tussen college en geïnterviewden. De rekenkamercommissie ziet verder uit naar de behandeling van het rapport in de gemeenteraad. Tot slot willen wij alle betrokken medewerkers van de ambtelijke organisatie en andere stakeholders bedanken voor de medewerking aan het rekenkameronderzoek.
23
Grip op het Sociaal domein
Rekenkamercommissie Bergen
Bijlage 3: Het normenkader Hieronder is het normenkader voor het onderzoek opgenomen. De normen zijn zo opgesteld dat alle onderzoeksvragen erdoor zijn afgedekt, met uitzondering van deelvragen 4 en 5, die zich niet betekenisvol laten normeren. Normen zijn gebaseerd op a) algemene beleid, theoretische inzichten die gemeengoed zijn binnen beleidsonderzoek, b) de beleidscyclus en c) onze kennis van het sociaal domein en processen die een belangrijke rol spelen bij de doelmatigheid, doeltreffendheid en rechtmatigheid in dit domein. Onderwerp
Kaders
Norm
1.
Voor de drie decentralisaties zijn realistische doelstellingen geformuleerd die aansluiten bij hetgeen de wetgever met de decentralisatie op het gebied van de Wmo, Jeugdwet en Participatiewet beoogt. De doelen zijn uitgewerkt in beleidsinhoudelijke, organisatorische en financiële zin. De kaders zijn gebaseerd op een deugdelijke en volledige probleemen risicoanalyse. Op geconstateerde risico’s zijn tijdig passende beheersmaatregelen genomen. a) Er zijn duidelijke afspraken gemaakt met uitvoerders en samenwerkingspartners en de gemeenteraad in het kader van sturing en control. b) Een tijdige, juiste en volledige informatievoorziening van uitvoerders aan de organisatie, van de organisatie aan het college en van het college aan de raad. c) De Planning & Control is geregeld op het krijgen en houden van grip op de toekenning van zorg en ondersteuning.
1
•
In de uitvoering zijn de taken en rollen van respectievelijk de gemeente en uitvoerders helder. Beide partijen handelen conform. Daarbij is de gemeente in ieder geval opdrachtgever en toezichthouder; aanbieders zijn in ieder geval opdrachtnemer, expert en uitvoerder.
3
•
In de uitvoering zijn de taken en rollen van respectievelijk de organisatie, het college en de gemeenteraad helder. Partijen handelen conform.
•
De gekozen uitvoeringsorganisatie en instrumenten bevorderen onder andere de grip op de toegang tot (specialistische) zorg en ondersteuning, het leveren van maatwerk voor cliënten en de beheersing van risico’s.
a)
De gemeente is tijdig, juist en volledig geïnformeerd door de uitvoerders. Deze informatie is tijdig, juist en volledig aangeleverd aan het college. Als gestelde doelen niet worden gehaald, is aangegeven wat daarvan de mogelijke oorzaken zijn. Het college gebruikt de informatie om tijdig, juist en volledig (bij) te sturen. Sturing betreft zowel de beleidsinhoudelijke als financiële doelrealisatie. Daarbij is ook aandacht voor de wijze waarop de organisatie van de uitvoering bijdraagt aan doelrealisatie. De raad is tijdig, juist en volledig geïnformeerd. De raad heeft deze informatie aantoonbaar gebruikt om tijdig, juist en volledig (bij) te sturen.
2. 3. Planning & Control
Uitvoering Kaders
Uitvoering P&C
b) c) d)
e)
24
Deelvraag
2
3
Grip op het Sociaal domein
Uitvoering gemeenteraad
a)
b)
c)
25
Rekenkamercommissie Bergen
De raad stelt kaders op voor het systeem van zorg en ondersteuning, op basis van kennis over aard en omvang van problematiek en doelgroepen, en op basis van het beschikbare budget. De raad volgt de uitvoering op basis van periodieke informatie over de voor het uitvoeringsproces vastgestelde uitgangspunten (met het oog op bijvoorbeeld toegang en integraliteit). Deze informatie wordt benut voor overleg met het college en waar nodig bijstelling van de kaders. De raad controleert de uitvoering op basis van periodieke informatie over resultaten (output en outcome), in relatie tot de vastgestelde doelen en financiële kaders. Deze informatie wordt benut voor overleg met het college en waar nodig bijstelling van de kaders.
3
Grip op het Sociaal domein
Rekenkamercommissie Bergen
Bijlage 4: Analyse beleidskaders KADERS Jeugd Document:
Regionaal Beleidskader Jeugd Noord-Limburg 2015-2018
Vastgesteld in raad van: Aanleiding:
18 februari 2014 Op 1 januari 2015 worden gemeenten verantwoordelijk voor alle ondersteuning, hulp en zorg voor jeugd en ouders. Gemeenten zijn verplicht om in 2014 een beleidsplan vast te stellen, waarin zij op hoofdlijnen uiteenzetten hoe zij de ondersteuning en zorg voor hun inwoners zullen realiseren. Gemeenten moeten hierin hun beleid inzake preventie en jeugdhulp en de uitvoering van jeugdbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering periodiek in samenhang vastleggen. Het nu voorliggend beleidskader Jeugdzorg Noord-Limburg 2015-2018 is een regionaal beleidskader en bevat het door de regiogemeenten gezamenlijk uitgewerkte beleid.
Algemeen doel:
Als algemeen doel is geformuleerd dat gemeenten willen dat kinderen en jongeren (de jeugd) gezond en veilig kunnen opgroeien en zich optimaal kunnen ontwikkelen.
Specifiek doel:
Er zijn geen specifieke doelen benoemd. Wel zijn de volgende uitgangspunten benoemd: • Alle jeugd telt • Kind en de directe omgeving centraal • Gezin is de basis • Versterken eigen kracht • Nadruk op vroegtijdig signaleren en preventief aanpakken in de eigen omgeving • Sociaal netwerk is complementair • Indien nodig snelle en slagvaardige specialistische hulp
Realistisch doel:
Omdat specifieke doelen ontbreken kan de realiteit van deze doelstellingen ook niet worden vastgesteld.
Aansluiting bij wettelijk kader: Uitwerking beleidsinhoudelijk:
Ja, hiernaar wordt verwezen.
Uitwerking organisatorisch
Deels. Om het doel te bereiken wordt ingezet op een model waarbij preventie en jeugdhulp in Noord-Limburg gebaseerd wordt op 5 basiselementen: 1. De pedagogische civil society 2. De (pedagogische) basisvoorzieningen 3. Gezinscoaches 4. Specialisten en hulp in het gedwongen kader 5. Verbinding met andere domeinen door de werkwijze 1Gezin1Plan1Regisseur. Maar in wezen betreft het vooral een beschrijving van de verschillende voorzieningen, de activiteiten. Deels. De verschillende verantwoordelijkheden worden benoemd; maar niet hoe het totaal georganiseerd moet worden. Ook is aangegeven wat lokaal, wat regionaal wat landelijk gedaan wordt.
Uitwerking financieel
Nee. Op basis van de decembercirculaire wordt een overzicht gegeven van de middelen. Maar de te verwachten kosten zijn niet opgenomen, noch een financiële uitwerking.
Probleem- en risicoanalyse deugdelijk en volledig
Nee. Vraag is of dat in deze fase mogelijk is. Wel wordt een overzicht gegeven van het aantal jongeren en het aantal jongeren dat in 2010/2011 gebruik maakten van jeugdhulp naar type voorziening.
Passende beheersmaatregelen
Nee. Monitoring op uitgaven is niet specifiek benoemd, noch worden er beheersmaatregelen getroffen. Ten aanzien van monitoring en verantwoording
26
Grip op het Sociaal domein
Rekenkamercommissie Bergen
is opgenomen dat “Als wij burgers en professionals de ruimte willen geven om passend maatwerk te realiseren voor complexe vraagstukken, moeten wij daar in onze monitoring ook rekening mee houden. Dat betekent dat wij niet moeten monitoren op output (hoeveel gezinnen gezien) maar op outcome (hoeveel gezinnen zijn tevreden, hoeveel afname of stabilisatie van de problematiek). Wel dat de gemeenten in Noord-Limburg hun monitoring en verantwoording op elkaar gaan afstemmen.
KADERS WMO, JEUGDWET EN PARTICIPATIE Document: Vastgesteld in raad van: Aanleiding:
Beleidsplan Samen; 3 decentralisaties in het sociaal domein 2015-2018 23 september 2014 In dit beleidsplan geeft de gemeente inhoud aan de 3 decentralisaties in het sociaal domein, met als hoofdopdrachten: • Ervoor zorgen dat onze inwoners de ondersteuning krijgen die ze nodig hebben; • De complexe wereld van zorg, begeleiding en ondersteuning voor de inwoners eenvoudig en eenduidig organiseren; • De ondersteuning/zorg betaalbaar houden.
Algemeen doel:
Als hoofddoel is geformuleerd: ‘De sociale positie van onze inwoners te versterken’, met een tweetal subdoelen: 1. ‘Het versterken van de sociale cohesie’; 2. ‘Het aanjagen van eigen verantwoordelijkheid van onze inwoners’.
Specifiek doel:
Ontbreekt. Het document bevat geen specifieke doelstellingen. Wel zijn de volgende algemene resultaten benoemd: • Onze inwoners participeren in de samenleving en slagen erin om problemen zoveel mogelijk zelf, met hun sociaal netwerk of door zelf inkopen op te lossen; • Onze inwoners en het sociaal team weten elkaar goed te vinden; • Onze inwoners zijn meer zelfredzaam; • Onze inwoners doen minder beroep op individuele maatwerkvoorzieningen; • Onze jeugd groeit veilig en gezond op; • Onze inwoners hebben zoveel als mogelijk een baan naar vermogen; • Onze inwoners voeren een passende tegenprestatie uit indien zij een beroep doen op het sociaal vangnet.
Realistisch doel:
Omdat specifieke doelen ontbreken kan de realiteit van deze doelstellingen ook niet worden vastgesteld.
Aansluiting bij wettelijk kader: Uitwerking beleidsinhoudelijk:
Ja, hiernaar wordt verwezen.
Uitwerking organisatorisch
Ja, in het plan wordt ingegaan op de werkwijze van het Sociaal team, de wijze van inkoop, de intergemeentelijke samenwerking en hoe cliëntondersteuning is georganiseerd.
Uitwerking financieel
Nee, maar dit is op dat moment ook nog niet mogelijk omdat de overheveling van de budgetten nog niet bekend is. Wel wordt in het plan aangegeven dat zodra de budgettaire kaders bekend zijn het beleid voor het sociaal domein wordt gevormd en dat dit tijdens de behandeling van de begroting 2015 aan de orde komt.
27
Ja, het betreft vooral een beschrijving van de activiteiten die zullen worden ingezet om de doelstellingen te realiseren. Daarnaast worden de verschillende taken en voorzieningen die de gemeente krijgt in de Wmo, Jeugdwet en Participatie omschreven.
Grip op het Sociaal domein
Probleem- en risicoanalyse deugdelijk en volledig Passende beheersmaatregelen
Rekenkamercommissie Bergen
Niet in beleidsplan opgenomen.
Niet in beleidsplan opgenomen.
KADERS PARTICIPATIEWET Document: Vastgesteld in raad van: Aanleiding:
Aanvalsplan participatiewet 2019-2022 12 februari 2019
Algemeen doel:
Ja. Een aanvalsplan op Participatie geeft invulling aan deze opdracht. Doel van het aanvalsplan is om de daling van het uitkeringsbestand, ingezet vanaf 2017, voort te zetten in 2019 en ook daarna verder door te trekken en door te pakken om deze uitstroomresultaten verder uit te bouwen.
Specifiek doel:
Ja. In 2019 een bezuiniging te behalen op het BUIG-budget van € 250.000. Door uitstroomrealisatie van 80 beëindigingen van uitkeringen in 2019. Jaarlijks bij te stellen door middel van de evaluaties en lokale en landelijke trends.
Realistisch doel:
De vraag is of het gestelde doel realistisch te noemen is. Een bezuiniging van € 250.000 op een bedrag van € 3.358.000 (7%) in een jaar is aanzienlijk.3 Ook een uitstroom van 80 realiseren lijkt erg optimistisch bij een totale uitstroom in 2017 van 60 en in de periode van januari t/m oktober 2018 van 56 personen. In het beleidsplan zelf en tijdens de interviews is geconstateerd dat de gestelde doelstelling erg ambitieus was. In de nota wordt aangegeven: “De gestelde doelstelling is erg ambitieus. Uitgangspunt dat intensivering van werkzoekendendienstverlening en werkgeversdienstverlening leidt tot verhoogde uitstroomresultaten maakt dat de doelstelling als (deels) haalbaar geacht wordt.”
Aansluiting bij wettelijk kader:
Ja: De wettelijke opdracht is in het document specifiek benoemd: 1. Uitvoering ondersteuning arbeidsinschakeling/re-integratie bijstandsgerechtigden: conform verordening en beleidsrealisatie 2. Realisatie nieuw beschut werken: opgave 5 in 2018 3. Realisatie garantiebanen/banenafspraak door diagnose trajecten, inkoop derden voor individuele begeleiding, inzet jobcoaching.
Aanleiding van dit aanvalsplan is de opgenomen opdracht binnen het sociaal domein om het ontstane tekort een antwoord te bieden.
“We vinden het daarbij belangrijk dat iedereen de kans krijgt om mee te doen in de maatschappij. Het is even zo goed een recht als een plicht. Wij ondersteunen de bijstandsgerechtigden bij het zo zelfstandig mogelijk deelnemen aan het arbeidsproces en het vergroten van de zelfstandigheid van hen om in hun eigen inkomsten te kunnen voorzien en volwaardig kunnen meedraaien in de maatschappij. De participatiesamenleving waarin iedereen naar vermogen zijn steentje bijdraagt.” En later: “Aan de hand van de verwachte jaarlast aan uitkeringen zal lopende het jaar bezien worden in hoeverre de ingeboekte bezuiniging op de BUIG-lasten van € 250.000 geeffectueerd zal worden. Waarna hierop eventuele bijstelling nodig is.”
Uitwerking beleidsinhoudelijk:
3
Ja. Het aanvalsplan is opgesteld als een concreet actieplan met daarin de verschillende focus-groepen, waarop relatief de meest intensieve begeleiding en ondersteuning geboden wordt. De basisdienstverlening blijft voor iedere bijstandsgerechtigde bestaan, echter wel minder intensief in verband met de focus op de andere subdoelgroepen.
Later blijkt uit de jaarrekening 2018 de uitgaven over 2018 substantieel lager te liggen en meer vergelijkbaar met het voorafgaande jaar (€ 3.055.000) en er in praktijk geen sprake te zijn van een bezuiniging ten opzichte van 2018.
28
Grip op het Sociaal domein
Rekenkamercommissie Bergen
Het beleid ten aanzien van deze focusgroepen wordt beschreven in het plan. Het is gebaseerd op een degelijke analyse van de stand van zaken en de ontwikkeling van de afgelopen jaren. Uitwerking organisatorisch
Ja. In het document is omschreven hoe de werkwijze met interne en externe partners is georganiseerd en vormgegeven. Intern wordt de werkwijze omschreven van het tweesporenbeleid (intensiteit is afhankelijk van de participatietrede), het heronderzoeksplan, de inzet op werkgeversdienstverlening en het samenspel tussen consulenten. Ook is omschreven hoe de gemeente gaat samenwerken met het Werkgeversservicepunt en inkoop van trajecten en begeleiding door derden via de (Modulaire Gemeenschappelijke Regeling) MGR-aanbesteding vormgeeft. Ook is een actieplan en planning opgenomen.
Uitwerking financieel
Ja. Het betreft met name een financiële doelstelling: “Gegeven de Bergense situatie stellen wij ons een ambitie ten doel tot het realiseren van een taakstelling die erop gericht is in 2019 € 250.000 te bezuinigen op uitkeringslasten te verlagen door volledige uitstroom uit de uitkering.“ In een tabel is de financiering van de verschillende acties gespecificeerd met een totale kosten (138.500 euro exclusief ureninzet).
Probleem- en risicoanalyse deugdelijk en volledig
Ja. Het beleid is gebaseerd op een degelijke situatieanalyse en ook de risico’s zijn benoemd. Daarnaast wordt aangegeven dat de voortgang gemonitord zal worden via maandelijkse/kwartaal rapportages. Geen risico’s zijn benoemd in relatie tot de arbeidsmarkt, het niet slagen van re-integratie trajecten etc. Als risico’s zijn benoemd: De mogelijkheid van (positieve of negatieve) bijstelling van het rijksbudget BUIG, De stijging van de uitkeringslasten doordat een aantal inwoners van Bergen onder een andere (bijstands)norm is komen te vallen is ook in 2019 van toepassing. De focus op een aantal subgroepen kan ertoe leiden dat het potentieel aan arbeidsrijpe kandidaten dunner wordt en er ook oog zal moeten zijn voor de doelgroepen met een grotere afstand tot de arbeidsmarkt.
Passende beheersmaatregelen
Ja. De gegevens van de bijstandsontwikkeling (in aantallen en uitkeringslast) worden meegenomen in de maandelijkse/kwartaalrapportage Maandelijks worden in het Participatiewet-overleg tussen de uitvoering en het team beleid de lopende zaken geëvalueerd en waar nodig bijgestuurd. Hierbij is het principe van monitoren, evalueren, bijsturen en herijken een continu proces. Tevens wordt in het document aangegeven dat er nadrukkelijk aandacht zal zijn voor de gevolgen en effecten en dat als hierop bijsturing nodig is, hierop tijdig gestuurd en geadviseerd zal worden.
KADERS WMO, JEUGDWET EN PARTICIPATIE Document:
‘Samen verder’: Beleidsplan Sociaal Domein 2019-2022. Het is de opvolger van ‘Samen’: Beleidsplan 3 decentralisaties in het sociaal domein 2015-2018, dat een zeer algemeen document betreft (vastgesteld door de raad op 23 september 2014).
Vastgesteld in raad van: Aanleiding:
24 september 2019 Daar waar in het vorige beleidsplan de klemtoon lag op transitie, ligt in dit beleidsplan de nadruk op de transformatie.
Algemeen doel:
Als hoofddoel is benoemd: ‘de sociale positie van onze inwoners te versterken. Deze is vertaald naar een tweetal subdoelen: 3. Het versterken van sociale cohesie 4. Het aanjagen van eigen verantwoordelijkheid van onze inwoners
29
Grip op het Sociaal domein
Specifiek doel:
Rekenkamercommissie Bergen
-
De doelen zijn vertaald in resultaten, voor het merendeel algemeen geformuleerd: Onze inwoners participeren in de samenleving en slagen er in om problemen zoveel mogelijk zelf of met hun sociaal netwerk op te lossen;
-
Onze inwoners en het sociaal team weten elkaar goed te vinden; Onze jeugd groeit veilig en gezond op; Onze inwoners hebben zoveel als mogelijk een baan naar vermogen; Onze inwoners voeren een passende tegenprestatie uit indien zij een beroep doen op een uitkering. Een tweetal zijn ER-doelen: Onze inwoners zijn meer zelfredzaam; Onze inwoners doen minder beroep op individuele maatwerkvoorzieningen; In een geval betreft het een activiteit: Om vast te stellen of we de gewenste resultaten op individueel niveau behalen, gebruiken wij het leefplan. Bij een hulpvraag beoordelen we de beginsituatie van inwoners op diverse onderwerpen, bijvoorbeeld mobiliteit en werk. Periodiek herhalen we dit proces en kijken we naar verbetering. Realistisch doel:
De doelstellingen niet specifiek genoeg om te kunnen vaststellen of deze realistisch zijn.
Aansluiting bij wettelijk kader: Uitwerking beleidsinhoudelijk:
Ja. Is gebaseerd op wettelijke opdrachten
Uitwerking organisatorisch
Ja. De werkwijze van het sociaal team wordt omschreven evenals het contact met huisartsen en zorgprofessionals, cliëntondersteuning en zorgverzekeraars. Tevens wordt aangegeven dat in het te ontwikkelen dienstverleningsmodel de toegang tot het sociaal domein wordt gestroomlijnd. Ook komt aan de orde: intergemeentelijke samenwerking, gezamenlijk inkoop in MGR verband. Niet in beleidsplan opgenomen Niet in beleidsplan opgenomen
Uitwerking financieel Probleem- en risicoanalyse deugdelijk en volledig Passende beheersmaatregelen
Ja. De algemene transformatie beweging wordt omschreven. Deze zal in het uitvoeringsplan transformatie (transformatietraject) nader worden uitgewerkt naar inwoners, algemene voorzieningen, het sociaal team en maatwerkvoorzieningen in het kader van de Wmo, Jeugdwet en Participatie.
Niet in beleidsplan opgenomen
KADERS JEUGD Document: Vastgesteld in raad van: Aanleiding:
Regionaal beleidsplan Jeugd 12 december 2021 De regio Noord-Limburg moet (in Kamerbrieven, in de Norm voor Opdrachtgeverschap van de VNG als in het wetsvoorstel ‘Verbetering beschikbaarheid zorg voor jeugdigen’ is opgenomen dat gemeenten een regionaal beleidsplan moeten opstellen) en wil een nieuw regionaal beleidsplan jeugd laten vaststellen om de transformatie in het jeugdhulpstelsel nog verder vorm te geven: meer preventief en integraal werken, het voorliggend veld en lichtere vormen van ondersteuning optimaal benutten om zo een beroep op (specialistische) zorg af te laten nemen. Het is de opvolger van het Regionaal Beleidskader Jeugd Noord-Limburg 20152018 door dat de raad op 18 februari 2014 is vastgesteld.
Algemeen doel:
“We willen een vitale gemeenschap, waarbij inwoners zoveel mogelijk zelf en met hulp van anderen uit de samenleving hun problemen oplossen.” Daarbij wordt een drietal punten benoemd: Grip en Sturing: we willen grip hebben en sturen op het bieden van passende ondersteuning van goede kwaliteit aan inwoners tegen een reëel
30
Grip op het Sociaal domein
Rekenkamercommissie Bergen
tarief. Dit doen we door in te zetten op de vier sturingselementen die voortkomen uit het project Sturing en Inkoop. -
Specifiek doel:
Transformatie: preventie, vroegsignalering en het versterken van de omgeving, waaronder de intensivering van de samenwerking en verbinding met het onderwijs. Leren en verbeteren: We zijn een lerende jeugdhulpregio. We investeren in het ophalen en ontsluiten van kennis, het monitoren en evalueren van beleid en uitvoering en de bijstelling en verbetering hiervan. Ja, alleen worden deze meetindicatoren genoemd. Dat komt omdat in het document niet de juiste terminologie wordt gehanteerd. Wat als doelstellingen wordt opgesomd zijn in feite uitgangspunten of activiteiten; bv: “De visie van positieve gezondheid is altijd de basis in de samenwerking met alle partners in het jeugddomein.” Of “We maken met partners in het jeugddomein afspraken over het ontwikkelen van regulier aanbod zodat het niet in alle gevallen nodig is om (gespecialiseerde) jeugdhulp in te zetten.” Terwijl de specifieke doelstellingen meetindicatoren worden genoemd: De gezondheid en het welbevinden (je gelukkig voelen) van jongeren (1218 jaar) in Noord- Limburg nemen toe. (Gezondheidsmonitor Jeugd die elke vier jaar door de GGD wordt uitgevoerd in Noord-Limburg; nulmeting 2019). De instroom van kinderen in jeugdhulp daalt (percentage jeugdigen met jeugdhulp) Het percentage jeugdigen in de jeugdhulp daalt. Het aantal jongeren op een wachtlijst die langer wachten dan de treeknorm neemt af.
De trajectduur van de ingezette jeugdhulp neemt af. De instroom van jeugdhulp met verblijf (gesloten plaatsing en residentiële opname) neemt af. Het aantal jeugdigen in jeugdbescherming en jeugdreclassering daalt. De cliënttevredenheid is minimaal een 7,5.
Realistisch doel:
Nee. Het zijn voornamelijk ER-doelen (beter, minder etc). Er wordt in het document niet afgewogen of e.e.a. realistisch is. Zo ontbreekt bijvoorbeeld nog een nulmeting.
Aansluiting bij wettelijk kader: Uitwerking beleidsinhoudelijk: Uitwerking organisatorisch
Ja, hiernaar wordt verwezen. Deels. Niet zozeer beleid meer een visie document wat men wil bereiken en welke acties men daarvoor gaat uitzetten. Deels. In het document is opgenomen wat het van gemeenten vraagt en over de rol van de MGR hierin is. Maar op zeer globaal niveau. De inrichting van de gemeentelijke toegang is een lokale aangelegenheid. De gemeenten in Noord-Limburg werken alle vanuit een eigen visie op het sociaal domein, met een eigen werkwijze en eigen formulieren. De regio NoordLimburg heeft de ambitie om de zeven gemeentelijke toegangen de komende jaren meer te uniformeren, met behoud van eigen autonomie van elke gemeente. De 5 basisfuncties van de toegang (gepresenteerd door KPMG en opgenomen in de NvO) krijgen hierin een plek. Deze basisfuncties geven aan wat er altijd van lokale toegangsteams verwacht mag worden, ongeacht het organisatiemodel. Het gaat hierbij om rollen of taken die gezamenlijk bijdragen aan het goed functioneren van het lokale team. In het plan worden de vijf basisfuncties beschreven en de ontwikkelingen die de komende jaren gaan plaatsvinden. Bij elk element wordt aangegeven wat dit vraagt van elke gemeentelijke toegang. De regio Noord-Limburg wordt beschreven inclusief de samenwerkingsstructuur.
Uitgangspunt van de regionale samenwerking is veranderd van ‘lokaal wat kan, regionaal wat nodig is’ naar ‘regionaal wat kan en waar dit meerwaarde heeft’. Ook is aandacht besteed aan de inrichting van het inkoop- en contractmanagement proces van de Modulair Gemeenschappelijke Regeling (MGR)
31
Grip op het Sociaal domein
Uitwerking financieel
Probleem- en risicoanalyse deugdelijk en volledig
Passende beheersmaatregelen
32
Rekenkamercommissie Bergen
Beperkt. Het betreft niet echt een uitwerking. Gesteld wordt dat het bereiken van de ambitie, visie en doelstellingen gebeurt binnen de beschikbare middelen en capaciteit. Er wordt wel aangegeven voor wat voor soort activiteiten het budget zal worden ingezet, maar hiervan wordt geen financieel overzicht verstrekt. Het regionaal budget transformatie en preventie bedraagt €500.000,per jaar. Hierbij wordt alleen opgemerkt dat “Dit budget maakt het mogelijk om bestaande projecten die bijdragen aan transformatie en preventie te borgen. Daarnaast is er een vrij besteedbare ruimte voor innovatie en ontwikkeling, nieuwe initiatieven, communicatie en een werkbudget.” Nee. Wel wordt in het document omschreven in welke mate de ambities uit het vorige regionale beleidsplan zijn gerealiseerd. Aangezien deze ambities zeer algemeen waren, is de evaluatie dat ook. Een probleem- en risicoanalyse maakt geen onderdeel uit van het plan. Deels. Er zijn geen beheersmaatregelen opgenomen in het document. Wel wordt in het plan geconstateerd “Vanaf 2015 hebben we als regio NoordLimburg binnen het sociaal domein veel ervaring opgedaan, wat resulteerde in een sterke behoefte aan meer inzicht in en grip en sturing op de ontwikkelingen in het sociaal domein. Daarom zijn we in 2019 gestart met het project Sturing en Inkoop.” Grip en sturing wordt als voornaamste prioriteit benoemd in het beleidskader.
Grip op het Sociaal domein
Rekenkamercommissie Bergen
Bijlage 5: Geraadpleegde documenten • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • •
33
Samen, Beleidsplan 3 decentralisaties in het sociaal domein 2015 – 2018 (2014), Gemeente Bergen (L). Samen verder, Beleidsplan Sociaal Domein 2019 – 2022 (2019); inclusief raadsstukken; gemeente Bergen (L). Samen verder, uitvoeringsplan (2020); inclusief collegebesluit, Gemeente Bergen (L). Aanvalsplan Participatiewet 2019 – 2022 (2018); inclusief collegebesluit en raadsstukken, Gemeente Bergen (L). Regionaal Beleidskader Jeugd Noord-Limburg 2015 – 2018 (2013), Regionale werkgroep jeugdzorg. Regionaal Beleidsplan Jeugd, 2022 en verder (2021), inclusief raadsstukken, Regio NoordLimburg. Beleidsevaluatie Wmo en Jeugd (maart 2021), gemeente Bergen (L). Jeugd en Wmo geduid Gemeente Bergen (juli 2021), BMC, Amersfoort. Quickscan kostenbeheersing sociaal domein (2017), rekenkamercommissie gemeente Bergen (L). Beleidsregelings Maatschappelijke ondersteuning Bergen 2022. Afstemmingsverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ Bergen 2019, inclusief raadsstukken. Re-integratieverordening gemeente Bergen 2019, inclusief raadsstukken. Afstemmingsverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ Bergen 2019, inclusief raadsstukken. Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Bergen (L) 2019; gewijzigd in 2021. Handboek toegang Wmo Noord-Limburg versie 2.0. Handboek toegang Participatiewet Noord-Limburg (2021).
Raadinformatiebrief Voortgang transformatieproces sociaal domein van 27 maart 2018. Raadsinformatiebrief Project Sturing en inkoop, 17 december 2019 en 3 maart 2020. Bestuursrapportages (rapportage stand van zaken concern) 2019 t/m mei 2022, inclusief raadsinformatiebrieven. Maandrapportages 2021 en 2020. Presentatie stand van zaken Aanvalsplan Participatie wet 22 oktober 2019, 18 mei 2021 en 28 oktober 2021 voor de commissie Samenleving. Jaarstukken 2019 tot en met 2021 gemeente Bergen (L). Programmabegroting 2019 tot en met 2022, gemeente Bergen (L). Mandaat, machtiging- en volmachtregeling Bergen 2017 en 2022. Overzichten uitgaven aan maatwerkvoorzieningen Wmo en Jeugd en aan Participatiewet 2018 t/m 2021, gegenereerd door de ambtelijke organisatie.