CConstaterende datBergen
Koppel je AI →
Document · PDF

Eindrapport rekenkameronderzoek BsGW 16-7-2021

Gemeenteraad 9 november 2021, gemeente BergenBij agendapunt: Instemmen met de conclusies en aanbevelingen Rekenkameronderzoek BsGW;35.758 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

9 alinea's met “toegelicht”: 470 1293 1429 2255 2862 3873 4247 4304 5269

Eindrapport rekenkameronderzoek BsGW

Inhoud Opdrachtgever:

11 rekenkamer(commissie)s Limburg

Ons kenmerk:

Ons kenmerk

Samenstellers:

Datum:

1.

Inleiding

1

Clemens Sengers

1.1.

Aanleiding

1

Harm Wilzing

1.2.

Doel van het onderzoek

2

Jolanda Waaijer

1.3.

Onderzoeksvragen

2

Jolanda Edwards

1.4.

Werkwijze en onderzoeksverantwoording

2

Jacco van Gastel

1.5.

Leeswijzer

4

16 juli 2021 2.

3.

4.

Lysias Advies

T: 033 464 70 70

IBAN: NL18 ABNA 0574 2170 53

Soesterweg 310d

E: info@lysiasadvies.nl

KvK: 30166304

3812 BH Amersfoort

www.lysiasadvies.nl

BTW: NL809282471B01

Ontstaan en kenmerken BsGW

5

2.1.

Totstandkoming BsGW

5

2.2.

Taken BsGW en kostentoerekening

5

2.3.

Organisatie BsGW

8

2.4.

Doelstellingen BsGW

9

2.5.

Ontwikkeling omvang organisatie en kosten BsGW

10

De ontwikkeling van de kwaliteit van de taakuitvoering BsGW

11

3.1.

De onderzoeksvraag

11

3.2.

Doelstellingen kwaliteitsontwikkeling BsGW

11

3.3.

Rapportage over ontwikkeling van kwaliteit

16

3.4.

Kwaliteit van dienstverlening vergeleken

22

3.5.

Beelden over kwaliteit uit de interviews

27

3.6.

Samenvatting en beoordeling van de bevindingen

30

Ontwikkeling kosten BsGW

33

4.1.

De onderzoeksvraag

33

4.2.

Financiële doelstellingen en taakstellingen

33

4.3.

Grip op kostenontwikkeling

35

5.

6.

7.

4.4.

Achtergrondinformatie over kostenontwikkeling BsGW 37

Bijlagen

4.5.

Ontwikkeling tarieven BsGW

40

1.

Factsheets per gemeente

4.6.

Aanvullende analyse kostenontwikkeling

44

2.

Gesprekspartners

4.7.

De berekende cumulatieve kostenbesparing

52

3.

Geraadpleegde bronnen

4.8.

Vergelijking kostenontwikkeling andere organisati es

54

4.

Onderzoeksprotocol

4.9.

Beelden over kostenontwikkeling uit de interviews

58

5.

Normenkader

4.10. Samenvatting en beoordeling van de bevindingen

62

6.

Uitgevoerde acties BsGW verlaging proceskosten

7.

Begrippenlijst

Sturing en verantwoording

66

8.

Bestuurlijke reacties

5.1.

Inleiding

66

9.

Nawoord

5.2.

Kaders sturing en verantwoording

66

5.3.

Informatievoorziening en communicatie

71

5.4.

Rolinvulling

76

5.5.

Mogelijkheden sturen op kwaliteit en kosten

78

5.6.

Gevolgen nieuwe GR

80

5.7.

Samenvatting en beoordeling van de bevindingen

81

Conclusies

83

6.1.

Vooraf

83

6.2.

Conclusies

83

Aanbevelingen

95

7.1

Vooraf

95

7.2

De aanbevelingen

95

1. Inleiding

In de strategische doelstellingen van BsGW zijn als belangrijkste speerpunten benoemd:

1.1. Aanleiding

1. Daling van de kosten voor deelnemers, onder andere door middel van uitbreiding van het aantal gemeentelijke deelnemers.

BsGW (Belastingsamenwerking Gemeenten en Waterschappen) is op 1 april 2011 opgericht als zelfstandig samenwerkingsverband door

2. Minimaal gelijkblijvende kwaliteit van dienstverlening en het vergroten van de efficiency.

de gemeente Venlo en de (indertijd) 2 Limburgse Waterschappen . In deze

uitvoeringsorganisatie

gemeenten

en

het

gegevensverwerking,

werken

inmiddels

29

Waterschap

Limburg

samen

heffing

en

inning

van

Limburgse

3. Het vergroten van de digitale dienstverlening en het verder optimaliseren van de werkprocessen.

voor

gemeentelijke In de gemeenteraden van een aantal aangesloten gemeenten is de

belastingen en waterschapsbelastingen.

behoefte gesignaleerd om meer inzicht en (financiële) grip te krijgen op

De missie van BsGW 1 luidt als volgt:

de

gemeenschappelijke

belastingen,

de

afhandeling

regeling van

BsGW.

klachten

De en

heffing de

van

financiële

“BsGW heft en int alle lokale belastingen namens haar deelnemers,

consequenties voor de gemeenten en waterschappen zijn relevante

beheert de authentieke basisregistratie WOZ en verzorgt het product

aspecten die alle inwoners raken.

‘waarderen’. BsGW voert deze taken uit voor haar deelnemers, zijnde gemeenten en waterschap. Dit doet BsGW zo efficiënt mogelijk en op

Dit onderzoek heeft betrekking op de werkzaamheden op het gebied

een zorgvuldige en pragmatische wijze, gericht op tijdigheid en

van gemeentelijke belastingen van 11 gemeenten: Beesel, Bergen,

volledigheid.

dienstverlenende

Brunssum, Gennep, Heerlen, Kerkrade, Landgraaf, Peel en Maas,

organisatie die op basis van bedrijfseconomische principes wordt

Sittard-Geleen, Stein en Venlo. Het onderzoek gaat dus niet over de

geleid.”

andere aangesloten gemeenten en niet over de processen rond de

BsGW

is

een

uitvoerende

en

waterschapsbelastingen.

1 Bron: website BsGW

|1

1.2. Doel van het onderzoek

•

Hoe is de sturings- en verantwoordingsrelatie tussen gemeenten en BsGW vormgegeven?

Het onderzoek heeft als doel om de gemeenten: •

In het onderzoeksprotocol (bijlage 4) zijn deze drie deelvragen verder Inzicht te geven in de kostenontwikkeling en de ontwikkeling van de kwaliteit van de taakuitvoering/dienstverlening door BsGW.

•

Inzicht te geven in de mate waarin de gemeenten (college en raad) grip hebben op de ontwikkeling van de kwaliteit van de taakuitvoering/dienstverlening en de ontwikkeling van de kosten van BsGW.

uitgewerkt. De beantwoording van deze drie onderzoeksvragen vormt de leidraad voor het onderzoek. Het onderzoek beslaat de periode vanaf de oprichting van BsGW tot eind 2020. Voor financiële analyses betreft het de periode tot eind 2019, aangezien de jaarcijfers 2020 bij afronding van het onderzoek nog niet beschikbaar waren.

Deze inzichten moeten leiden tot praktische aanbevelingen voor de deelnemende gemeenten over de wijze waarop zowel het college als

1.4. Werkwijze en onderzoeksverantwoording

de raad effectief kunnen sturen op kwaliteit en kosten. Dit onderzoek

Voor de begeleiding van het onderzoek zijn een klankbordgroep en

zal daarnaast ook handvatten bieden voor BsGW om de sturings - en

een stuurgroep ingericht.

verantwoordingsrelatie met de deelnemende partner s te verbeteren. In

Het onderzoek is daarmee vooral gericht op leren.

de

klankbordgroep

namen

vertegenwoordigers

van

alle

deelnemende rekenkamer(commissie)s deel. De klankbordgroep

1.3. Onderzoeksvragen

functioneerde

als

collectief

opdrachtgever

namens

de

rekenkamer(commissie)s van de aan het onderzoek deelnemende De hoofdvraag van dit onderzoek luidt:

gemeenten. De stuurgroep was het eerste aanspreekpunt voor de

“Hoe effectief en kosten-efficiënt is de taakuitvoering van BsGW voor

adviseurs van Lysias en fungeerde als voorportaal voor de

deelnemende gemeenten?”

klankbordgroep.

Deze hoofdvraag is uitgewerkt in de volgende drie deelvragen:

Bij de start van het onderzoek is een onderzoeksprotocol opgesteld en vastgesteld door de klankbordgroep. Dit protocol is gedeeld met

•

•

Hoe

ontwikkelt

de

kwaliteit

van

de

taakuitvoering

zich

BsGW en met de gemeenteraden, colleges en ambtelijke organisatie

(effectiviteit)?

van de 11 gemeenten die aan dit rekenkameronderzoek hebben

Hoe ontwikkelen de kosten van dienstverlening van BsGW zich?

deelgenomen. In het protocol staat onder andere beschreven wat het

|2

doel en scope van het onderzoek is, welke werkwijze wordt

drie onderzoeksvragen. De gesprekspartners zijn opgenomen in

gehanteerd en hoe de planning van het onderzoek er op hoofdlijnen

bijlage 2.

uitziet. Het rapport bevat voor de eerste en derde onderzoeksvra ag (kwaliteit Het onderzoek is gestart met een analyse van relevante documenten

en sturing) bevindingen die voor alle deelnemende gemeenten van

en interviews met relevante betrokkenen bij BsGW. Daarbij gaat het

toepassing zijn. De bevindingen over de tweede onderzoeksvraag

vooral om informatie die bestuurlijk is gedeeld en vastgesteld in het

(kosten)

bestuur van BsGW en in de colleges en raden van de aangesloten

bevindingen.

bevatten

zowel

generieke

als

gemeente-specifieke

gemeenten. Daarnaast hebben we ook een analyse gemaakt van interne documenten van BsGW, voor zover deze relevant zijn voor

De bevindingen uit de documentanalyse en de interviews zijn afgezet

de oordeelsvorming rond de onderzoeksvragen.

tegen een normenkader (bijlage 5). Het normenkader bestaat uit een set van generieke en specifieke normen voor de drie deelvragen. De

Het onderzoek heeft aanvankelijk vertraging opgelopen door verschil

normen gaan over de eisen die te stellen zijn aan kaders en

van

afspraken,

inzicht

tussen

BsGW

en

de

opdrachtgevers

voor

het

de

uitvoering

in

de

praktijk,

communicatie

en

rekenkameronderzoek (de gezamenlijke rekenkamer(commissie)s)

informatievoorziening, governance en sturing en monitoring. Deze

over de reikwijdte en bevoegdheden van een rekenkameronderzoek

normen zijn opgesteld op basis van algemeen geaccepteerde normen

bij een gemeenschappelijke regeling. Uiteindelijk heeft BsGW de

voor dit type bedrijfsvoeringsonderzoek. Het normenkader is door de

benodigde documenten voor het onderzoek beschikbaar gesteld.

klankbordgroep vastgesteld. Het normenkader is gebruikt om op transparante wijze de bevindingen te wegen en te beoordelen.

Na de analyse van documenten zijn de leden van het MT van BsGW, alle

verantwoordelijke

bestuurders

van

Het conceptrapport en het eindrapport zijn besproken met de

portefeuillehouder en lid van het bestuur van BsGW) en alle

stuurgroep en de klankbordgroep. Conform het onderzoeksprotocol

ambtelijke accounthouders van de betreffende 11 gemeenten

is

geïnterviewd,

georganiseerd bij de deelnemende gemeenten en BsGW.

aangevuld

met

(in

een

de

hoedanigheid

gesprek

met

de

Waarderingskamer. Afsluitend zijn groepsgesprekken gevoerd met

een

proces

van

ambtelijke

en

bestuurlijke

wederhoor Het

eindrapport is vastgesteld door de klankbordgroep.

raadsleden van de 11 gemeenten. In totaal zijn ongeveer 40 gesprekken gevoerd. Voor de interviews is gebruik gemaakt van gespreksleidraden met interviewvragen die zijn geordend langs de

|3

1.5. Leeswijzer Het rapport is opgebouwd langs de drie onderzoeksvragen. In hoofdstuk 2 wordt ingegaan op het ontstaan van BsGW en de belangrijkste kenmerken van BsGW. Hoofdstuk 3 schetst de ontwikkeling van de kwaliteit van dienstverlening door BsGW. Hoofdstuk 4 gaat in op de kostenontwikkeling van de dienstverlening BsGW. In hoofdstuk 5 komt de sturings- en verantwoordingsrelatie tussen BsGW en de gemeenten aan de orde. Hoofdstuk 6 bevat de conclusies van het onderzoek en in hoofdstuk

7 staan de

aanbevelingen.

|4

2. Ontstaan en kenmerken BsGW

1.200.000 1.000.000

2.1. Totstandkoming BsGW

800.000

Na de oprichting van BsGW in 2011 hebben nog eens 28 Limburgse

600.000

gemeenten hun taken op het gebied van gemeentelijke belastingen

400.000

ondergebracht bij BsGW. Per 1 januari 2021 is de gemeente Mook

200.000

en Middelaar toegetreden, waardoor momenteel 29 Limburgse

2011

gemeenten en het Waterschap Limburg samenwerken in BsGW.

2012

2013

2014

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Ontwikkeling deelnemers in BsGW

Figuur 1: Ontwikkeling verzorgingsgebied gemeentelijke belastingen

2011

Venlo, Waterschap Peel en Maas en Waterschap Roer en Overmaas

2.2. Taken BsGW en kostentoerekening

2012

Bergen, Nederweert

2013

Beek, Echt-Susteren, Leudal, Maasgouw, Nuth (Beekdaelen), Peel en Maas, Roerdalen, Roermond.

2014

Brunssum, Heerlen, Landgraaf, Maastricht, Onderbanken (Beekdaelen), Simpelveld, Sittard-Geleen, Stein, Voerendaal

2015

Beesel, Eijsden-Margraten, Gennep, Gulpen-Wittem, Kerkrade, Meerssen, Schinnen (Beekdaelen), Vaals, Valkenburg aan de Geul, Weert

mogelijke

gemeentelijke

belastingen

(OZB),

2021

Mook en Middelaar

belasting, baat- en bouwgrondbelasting, forensenbelasting, BIZ

BsGW heeft als taak om als uitvoeringsorganisatie namens de deelnemers (gemeenten en waterschap) de uitvoering van het heffen en innen van lokale belastingen volledig, tijdig, rechtmatig en juist uit te voeren. Daarbij gaat het (niet uitputtend) om de volgende belastingsoorten:

rioolheffing,

onroerendezaak-

afvalstoffenheffing,

honden -

Tabel 1: Ontwikkeling deelnemers in BsGW 2011-2020

Het verzorgingsgebied (aantallen inwoners) voor de gemeentelijke belastingen bij BsGW is door de toename van het aantal gemeenten van 2011 tot 2015 ongeveer vertienvoudigd. Vanaf 2015 tot 1 januari 2021 is het verzorgingsgebied gelijk gebleven.

|5

Bedrijven InvesteringsZone), marktgelden en toeristenbelasting 2.

uitvoering wet WOZ’ en een daarbij behorende bijlage met specifieke

BsGW heft en int daarnaast de waterschapsbelastingen, zoals de

voorwaarden over werkafspraken die jaarlijks worden geactualiseerd.

verontreinigingsheffing,

watersysteem-

In de factsheets in bijlage 1 is aangegeven welke belastingproducten

heffing. Elke gemeente bepaalt zelf welke belastingen worden

elke aan het onderzoek deelnemende gemeente afneemt van BsGW.

zuiveringsheffing

en

de

uitgevoerd door BsGW. De verschillende lokale belastingsoorten maken veelal gebruik van Het takenpakket dat BsGW voor de deelnemers uitvoert, bestrijkt het

dezelfde basisgegevens (NAW-gegevens, objectgegevens etc.).

taakveld advisering en opstellen van conceptverordening(en), de

Omdat BsGW de processen voor alle belastingsoorten integraal

opbouw van benodigde basisregistraties, waarderen, opleggen en

uitvoert (en veel belastingen oplegt met één aanslagformulier), zijn

innen van de aanslagen tot en met de dwanginvordering en onin baar

de verschillende belastingsoorten zodanig met elkaar verweven dat

verklaring. Afhandeling van bezwaar en beroep en klantreacties

de uitvoeringskosten van BsGW niet per belastingsoort uitgesplitst

gedurende

kunnen worden. De uitvoeringskosten worden om die reden

deze

processtappen

behoort

eveneens

tot

het

toegerekend aan de vijf primaire producten van dienstverlening,

takenpakket.

zonder onderscheid te maken naar belastingsoort. BsGW onderscheidt ten behoeve van de uitvoering van de belastingtaken voor de gemeenten en het waterschap vijf primaire

De verdeling van de uitvoeringskosten voor deze primaire producten

producten

van dienstverlening over de deelnemers gebeurt met behulp van

van

dienstverlening:

gegevensbeheer

en

heffen,

waarderen, innen, klantzaken en ondersteuning en ontwikkeling 3.

eenheidstarieven per product. In de volgende tabel is weergeven welke verdeelsleutel wordt gehanteerd bij het bepalen van de kosten

Met alle individuele gemeenten zijn aparte afspraken gemaakt over

voor de primaire producten van dienstverlening .

het takenpakket bij de toetreding. De afspraken zijn gemaakt via een standaard overeenkomst ‘Heffing en Invordering belastingen en

2

BsGW kent ook nog een sub-product ‘parkeerbelasting’, dat apart wordt verantwoord en dus niet is opgenomen in de primaire producten van dienstverlening. Deze zogenaamde ‘exoot’ is niet meegenomen in het onderzoek, gelet op het relatief kleine aandeel in de begroting (ongeveer 1,5%).

3 Deze primaire producten worden in paragraaf 4.4 nader toegelicht.

|6

de deelnemers niet gewenst is en ook bij de voorstellen voor nieuwe

Primair product van dienstverlening

Verdeelsleutel/ productieaantallen

Gegevensbeheer en heffen

Aantal aanslagregels

Waarderen

Aantal WOZ-objecten

productieaantallen te fixeren op het niveau van het moment van

Innen

Aantal aanslagbiljetten

toetreding tot BsGW. Deze afspraak wordt jaarlijks bekrachtigd bij

Klantzaken

Aantal klantcontacten

Ondersteuning en ontwikkeling

Aandeel uitvoeringskosten

toetreders een verkeerde verwachting zou worden gecreëerd over de te betalen bijdrage en het per saldo te behalen voordeel in de toekomst.

Derhalve

is

afgesproken

om

per

gemeente

de

vaststelling van de begroting door het AB. In onderstaande figuur is weergegeven hoe het aantal aanslagregels, WOZ-objecten, Tabel 2: Verdeelsleutels voor kostentoerekening primaire producten BsGW

De eerste vier producten van dienstverlening kennen een directe

4.500

verdeelsleutel (productieaantal maal eenheidstarief). De kosten van

4.000

het

en

3.500

ontwikkeling) zijn over de deelnemers verdeeld op basis van de

3.000

vijfde

product

van

dienstverlening

(ondersteuning

relatieve bijdrage in de eerste vier producten van dienstverlening. Onder het product ‘ondersteuning en ontwikkeling’ worden kosten verantwoord

informatievoorziening,

500

&

Control,

algemeen

zich

heeft

1.500

Automatisering, HRM, bestuursondersteuning, algemene (fiscaal) Planning

klantcontacten

2.000

1.000

aangelegenheden,

Processturing

en

2.500

en

juridische

voor

aanslagbiljetten

ontwikkeld als gevolg van de toename van het aantal deelnemers.

-

2012

management en directievoering.

2013

Aanslagregels

2014

2015

WOZ-objecten

2016

2017

2018

Aanslagbiljetten

2019

2020

Klantcontacten

De productieaantallen, die de basis vormen voor de toedeling van kosten van de verschillende primaire producten van dienstverlening per gemeente, zijn vastgesteld bij toetreding en worden niet jaarlijks

Figuur 2:

ontwikkeling productieaantallen primaire producten BsGW (* 1.000)

herijkt. In de jaarlijkse begrotingen geeft BsGW aan dat daarvoor is gekozen omdat een jaarlijks schommelende bijdrage aan BsGW voor

|7

Het aantal aanslagregels en het aantal aanslagbiljetten is in 2015 –

regeling (art. 10 GR BsGW). In bijlage 1 is in de factsheets

als gevolg van de toetreding van gemeenten – verdubbeld ten

opgenomen wat het actuele stempercentage per gemeente in het AB

opzichte van 2012. De ontwikkeling van het aantal WOZ-objecten is

is. Besluiten in het AB worden genomen op basis van gewone

sneller gestegen en is in 2015 bijna een factor 9 hoger dan in 20 12.

meerderheid van stemmen 4.

Het aantal klantcontacten is van 2012 tot 2016 toegenomen met 77%. Met

2.3. Organisatie BsGW

ingang

van

23

december

2020

is

de

gewijzigde

gemeenschappelijke regeling BsGW in werking getreden 5. In deze in een

GR is bepaald dat de bevoegdheid tot aanwijzen van een AB-lid ligt

gemeenschappelijke regeling (GR). De vorm is een openbaar lichaam

bij het college van B&W van iedere deelnemende gemeente (en het

met rechtspersoonlijkheid. De GR kent een algemeen bestuur (AB)

dagelijks bestuur van het waterschap). Het is daarmee een

en een dagelijks bestuur (DB). Het AB wijst uit zijn midden een

collegeregeling geworden. Hiervoor was het de bevoegdheid van de

voorzitter en een vicevoorzitter van het AB en het DB aan. De

raden van iedere deelnemende gemeente om een lid van het col lege

voorzitter is belast met de leiding van de vergaderingen v an het AB

aan te wijzen als lid van het AB.

BsGW is

als samenwerkingsorganisatie vormgegeven

en het DB en draagt zorg dat de besluiten naar behoren worden uitgevoerd. Algemeen bestuur Aan het hoofd van de GR BsGW staat het AB. In artikel 8 van de GR BsGW is geregeld dat iedere deelnemende gemeente en het

Dagelijks bestuur Het DB bestaat minimaal uit drie en maximaal uit zeven personen uit het AB. In de oorspronkelijke regeling was opgenomen dat de gemeente Venlo en de waterschappen (dan wel de rechtsopvolger van de waterschappen) elk één lid leverden voor het DB.

waterschap één lid aanwijst als lid van het AB. In artikel 9 GR BsGW

Met het wijzigen van de gemeenschappelijke regeling in een college-

is geregeld dat het AB minimaal tweemaal per jaar vergadert en dat

regeling, is ook de procedure voor het benoemen van een DB-lid

de vergaderingen openbaar zijn. Er wordt voorzien in meervoudig

veranderd. Alleen het waterschap heeft altijd een DB-lid. Verder

stemrecht, wat inhoudt dat het stempercentage in het AB per

worden DB leden aangewezen uit het AB op basis van geografische

deelnemer wordt gewogen naar het aandeel in de kosten van de

spreiding in Limburg en de omvangverdeling van de deelnemers

4 Artikel 11 GR BsGW.

5 Staatscourant Nr. 68048 d.d. 22 december 2020.

|8

(klein, middel, groot). Het DB vergadert zo vaak als de voorzitter dat

2.4. Doelstellingen BsGW

nodig oordeelt, of op verzoek van een van de DB-leden. In praktijk komt het DB vier tot zes keer per jaar bij elkaar. In het DB geldt dat elk lid 1 stem heeft en dat besluiten worden genomen op basis van meerderheid van stemmen. Organisatie BsGW De directeur van BsGW geeft leiding aan de BsGW organisatie. De afdeling Bedrijfsvoering ondersteunt de drie lijnafdelingen (heffen, innen en klantzaken) bij de uitvoering van hun processen en de afdeling IPA (Informatisering, processturing en automatisering) ondersteunt de afdelingen op het gebied van ICT, procesmatig werken en informatievoorziening. De organisatiestructuur van BsGW is weergegeven in onderstaande organogram.

Bestuur

Bij de oprichting van BsGW zijn in het ondernemingsplan (2011) vier doelen geformuleerd: •

Het minimaliseren van de uitvoeringskosten

•

Het optimaliseren van de belastingopbrengsten

•

Het beperken en spreiden van risico’s in de bedrijfsvoering

•

Het optimaliseren van de kwaliteit van haar dienstverlening

Daarbij

richt

BsGW

zich

op

het

verder

verlagen

van

de

uitvoeringskosten voor haar deelnemers met als belangrijkste speerpunten: •

Daling kosten deelnemers

•

Minimaal gelijkblijvende kwaliteit van de dienstverlening

•

Vergroten digitale dienstverlening

In het Ondernemings- en Ontwikkelplan 2018 – 2020 (OOP) heeft de Directeur

strategische doelstelling van BsGW als volgt verder invulling gekregen:

Bedrijfsvoering

IPA

‘… het bevorderen van de kwaliteit van gegevens en borging van continuïteit en kwaliteit in bedrijfsvoering, naast vergroting van

Heffen

Klantzaken

Innen

digitale dienstverlening en het bedrijfseconomisch uitvoeren van lokale belastingen. Een resultaat/effect hiervan zal zijn dat de kosten dalen...’.

Figuur 3: organisatiestructuur BsGW vanaf 2018

|9

2.5. Ontwikkeling omvang organisatie en kosten BsGW

25.000

Door de toename van het aantal deelnemers is ook de organisatie BsGW gegroeid in de eerste jaren. Tot 2016 is sprake van een

20.000 17.442

15.000

2012

2013

2014

2015

2016

2017

2018

2019

2020

2021

Fte

85,6

123,3

146,3

160,1

160,1

160,3

160,3

160,3 160,3 161,8

2016

2017

19.687

2018

2019

10.665

10.000

Jaar

19.338

14.188

bestuurlijk vastgestelde formatie van BsGW weergegeven per ultimo jaar.

18.403

16.150

toename van de bestuurlijk vastgestelde formatie. Na 2016 is sprake van een daling van het aantal fte. In onderstaande tabel is de

18.084

9.193

5.000

0 2011

2012

2013

2014

2015

Tabel 3: ontwikkeling van formatie BsGW (2012-2021).

In onderstaande figuur is op hoofdlijnen de ontwikkeling van de totale kosten van BsGW in beeld gebracht op basis van de jaarrekeningen 6.

Figuur 4: ontwikkeling werkelijke kosten uitvoering BsGW (* € 1.000) 7

De stijging van de kosten in de jaren 2012-2016 wordt (vrijwel) volledig veroorzaakt door de toename van het aantal deelnemers. De stijging van kosten vanaf 2016 wordt vooral veroorzaakt door indexering van de kosten van BsGW en de toename van de proceskosten WOZ. In hoofdstuk 4 wordt meer in detail ingegaan op de kostenontwikkeling en de ontwikkeling van de bijdrage van de deelnemers.

6 De

cijfers over 2020 waren nog niet beschikbaar ten tijde van dit onderzoek.

7 Totaal gerealiseerde bruto-kosten BsGW, inclusief kosten parkeerbelasting

.

| 10

3. De ontwikkeling van de kwaliteit van de

de kwaliteit van dienstverlening (paragraaf 3.5). In paragraaf 3.6 wordt afgesloten met een samenvatting en beoordeling van de

taakuitvoering BsGW

bevindingen.

3.1. De onderzoeksvraag

3.2. Doelstellingen kwaliteitsontwikkeling BsGW

In dit hoofdstuk staat de eerste deelvraag uit het onderzoek centraal :

De doelstellingen ten aanzien van kwaliteit van dienstverlening zijn op drie momenten expliciet door BsGW geformuleerd:

Hoe ontwikkelt de kwaliteit van de taakuitvoering zich (effectiviteit)? Bij het beoordelen van de ontwikkeling van de kwaliteit van dienstverlening

wordt

doelstellingen

die

in

eerste

instantie

gekeken

in

afgelopen

jaren

BsGW

de

naar zelf

•

Ondernemingsplan 2011

•

Ondernemings- en ontwikkelingsplan 2018-2020

•

Visie op dienstverlening 2020

de

heeft

Ondernemingsplan 2011

geformuleerd ten aanzien van de kwaliteit van dienstverlening

In het ondernemingsplan van BsGW van juli 2011 is als doelstelling

(paragraaf 3.2). In paragraaf 3.3 wordt een overzicht gegeven van

‘het optimaliseren van de kwaliteit van dienstverlening’ opgenomen.

een aantal indicatoren voor de kwaliteit van dienstverlening waar

BsGW heeft daarbij aangegeven minimaal te streven naar het in

BsGW over rapporteert. Deze indicatoren staan in verschillende

stand houden van de kwaliteit van de dienstverlening en waar

verantwoordingsdocumenten,

mogelijk de kwaliteit van dienstverlening te verbeteren.

zoals

de

periodieke

bestuurs-

rapportages, begrotingen en jaarrekening/jaarverslag . Daarbij gaat het onder andere over klantwaardering, de ontwikkeling van

Kernwoorden

in

het

ondernemingsplan

zijn:

klantgerichtheid,

afhandeltermijnen en de ontwikkeling van aantallen verzoekschriften,

betrouwbaarheid van processen, kwaliteit van uitvoering van taken

klachten en bezwaren.

en zorgvuldigheid richting belastingplichtigen. Met de deelnemers zijn in overeenkomsten specifieke afspraken vastgelegd over de

Daarna wordt in paragraaf 3.4 de kwaliteit van dienstverlening van BsGW op basis van een aantal indicatoren vergeleken met de kwaliteit

van

dienstverlening

bij

een

aantal

andere

belastingsamenwerkingen. De bevindingen worden gecompleteerd met beelden van de deelnemers van BsGW over de ontwikkeling van

volgende onderwerpen: •

Voorwaarden

•

Te leveren producten

•

Wijze en tijdstip van aanslagoplegging

•

Wijze van klantcontacten

| 11

•

Wijze van afdracht

doorontwikkeling van BsGW alom aanwezig is, ook al opereer t BsGW

•

Wijze van gegevensuitwisseling

voor de buitenwereld redelijk tevredenstellend…”.

•

Resultaatafspraken

•

Overlegstructuren

In september 2017 wordt de hoofdlijn van het OOP besproken in het AB. Er wordt besloten dat het OOP in december 2017 onder embargo

In het ondernemingsplan 2011 zijn geen kwantitatieve prestatie-

naar het AB gaat. Het OOP 2018-2020 (‘Van groei naar beter’) wordt

indicatoren opgenomen voor de kwaliteit van dienstverlening. Verder

door het AB op 14 december 2017 vastgesteld. Vaststelling van het

ontbreekt het in het ondernemingsplan 2011 aan een nulmeting op

OOP is de start van een ingrijpend veranderproces, waarin BsGW de

basis waarvan de kwaliteit van de uitvoering van taken in de

missie, visie, strategie, structuur en werkwijze grondig herijkt. Doel

startsituatie en de ontwikkeling van de kwaliteit van dienstverlening

van

in de loop van de tijd kan worden gemeten.

uitvoeringsorganisatie die excellente diensten verleent op het terrein

het

plan

is

om

BsGW

door

te

ontwikkelen

tot

een

van gegevensverwerking, informatieverwerking en gegevensbeheer Ondernemings- en ontwikkelingsplan 2018-2020 (OOP)

en mee kan groeien met veranderingen. De focus verschuift van

In december 2016 heeft het DB aan het AB toegezegd om eind 2017

nadruk op zo laag mogelijke kosten naar sturen op kwaliteit van

een nieuw ondernemingsplan te presenteren. De belangrijkste

gegevensvastlegging, borging van kwaliteit in de bedrijfsvoering,

aanleiding voor het nieuwe ondernemingsplan is de constatering van

vergroting van digitale dienstverlening en het bedrijfseconomisch

directie en DB van BsGW dat de focus van BsGW de afgelopen jaren

uitvoeren van lokale belastingen. Een resultaat/effect hiervan zal

vooral heeft gelegen op realisatie van de uitbreid ing van het aantal

volgens BsGW zijn dat de kosten voor de deelnemers dalen. In het

deelnemers en dat die uitbreiding heeft plaatsgevonden in een kort

OOP valt te lezen dat:

tijdsbestek. Daardoor heeft de interne organisatie van BsGW onvoldoende aandacht gekregen. Het DB constateert dat – hoewel

“… alleen door nu te investeren BsGW haar toegevoegde waarde

BsGW er steeds in is geslaagd om haar klanten goed te bedienen –

kan behouden en operationele en financiële voordelen kan blijven

de kwaliteit en kwantiteit op diverse onderdelen in de bedrijfsvoering

bieden aan deelnemers. Niets doen is geen op tie…”.

een aandachtspunt is. De opgave is breed: verbeteren van ICTsystemen en -processen, aanpassen van de organisatiestructuur, herijken van de opbouw en beheer van basisgegevens en het beter matchen van het personeelsbestand met de taken van de organisatie. Het DB geeft aan dat “…nut en noodzaak tot verbetering en verdere

| 12

Verder wordt in het plan aangegeven dat BsGW tot nu toe elk jaar

In het OOP zijn geen meetbare kwantitatieve indicatoren opgenomen

toestemming heeft gekregen van de Waarderingskamer 8 om de

om

aanslagen op te leggen. Maar BsGW merkt in het OOP op dat “…het

kwaliteitsdoelstelling

wel piept en kraakt…”. Volgens BsGW is het verkrijgen van

dienstverlening’ te kunnen beoordelen en te monitoren.

de

kwaliteit

van

dienstverlening

‘minimaal

en

gelijkblijvende

de

strategische kwaliteit

van

toestemming tot nu toe vooral gelukt door de niet aflatende inzet van medewerkers, het toepassen van kunst- en vliegwerk, het ‘oprekken’

In het OOP is op hoofdlijnen een fasering van de maatregelen

van termijnen en doorlooptijden en genoegen nemen met minder

opgenomen voor de periode 2018-2020. Uitvoering van het OOP

kwaliteit. In het OOP geeft BsGW aan dat “…deze manier van werken

vraagt om een investering van 4 miljoen euro (2 miljoen euro in 2018

niet langer kan worden voortgezet en dat als BsGW zich niet verder

en 1 miljoen euro in 2019 en 2020). Deze investering wordt gedekt

ontwikkelt, de dienstverlening in het geding komt…”.

door op termijn een structurele reductie van de toekomstige formatie van 20 fte bij BsGW te realiseren 9 als gevolg van efficiencywinst. Dat

Bovenstaande quotes geven de gevoelde urgentie bij BsGW aan om

moet uiteindelijk leiden tot een structurele lastenverlaging van € 1,3

te investeren in de verdere ontwikkeling van de organisatie. Het OOP

miljoen. BsGW heeft in de begroting 2020 de volgende varianten voor

moet daar het fundament voor bieden.

de dekking van de investering aangegeven:

Op hoofdlijnen zet het OOP in op:

•

Voorzichtige variant: in de voorzichtige variant wordt de taakstellende formatiereductie van 2020 uiterlijk in 2025 volledig

•

Optimalisering van bedrijfsprocessen

geëffectueerd. Dit betekent dat het totale investering s- en

•

Adequate inrichting van de organisatie en adequate sturing en

ontwikkelbudget binnen circa 10 jaar is terugverdiend (vanaf

communicatie

2028)

•

•

Formatie

die

kwalitatief

en

kwantitatief

op

orde

is

•

Maximale variant: in deze variant start het terugverdieneffect al

(plaatsingsprocedure en plan structurele formatiereductie)

in het eerste jaar na het einde van het ontwikkeltraject. Vanaf

Juiste inrichting van (ICT)systemen

2021 wordt hierbij elk jaar al 20% van de formatiereductie

8 Zie

paragraaf 3.4 Waarderingskamer.

voor

een

toelichting

van

de

rol

van

de

9 BsGW

heeft de kosten van het OOP geactiveerd op de balans. Deze balanspost ‘loopt weg’ in de komende jaren als gevolg van de toekomstige efficiencywinst.

| 13

geëffectueerd. In deze variant wordt het totale investering s- en

managementposities gereed en is de nieuwe organisatiestructuur

ontwikkelbudget twee jaar eerder terugverdiend (vanaf 2026)

ingevoerd. Eind 2019 hebben alle afdelingen binnen BsGW afdelingsplannen gemaakt voor 2020. In 2020 heeft BsGW de eerste

BsGW heeft in de Kadernota 2022 en de ontwerpbegroting 2022

stappen gezet om te komen tot aanbesteding van hardware en

aangegeven

de

softwarepakketten met als doel betrouwbaarheid van data en verdere

formatiereductie 100% geëffectueerd zal zijn. In de jaren 2025 – 2027

digitalisering van de dienstverlening. Dat moet leiden tot invoering

wordt deze formatiereductie ingezet als dekking van de projectkosten

van nieuwe systemen in 2021. Ten aanzien van de verdere

OOP. Hierbij wordt uitgegaan van het meest voorzichtige scenario .

optimalisatie van bedrijfsprocessen wordt

Vanaf 2028 zal deze structurele personele reductie leiden tot lagere

rapportages weinig informatie gegeven door BsGW. In interviews met

bijdragen van de deelnemers.

BsGW is aangegeven dat, mede door Corona, vertraging is

dat

naar

de

huidige

inzichten

eind

2022

De uitvoering van het plan wordt inhoudelijk en financieel gemonitord

in de verschillende

opgelopen in het optimaliseren van bedrijfsprocessen.

door het DB van BsGW. Het OOP is in 2018 viermaal mondeling

In de memo’s die zijn besproken in het DB en in de reguliere

besproken in het DB. In 2019 is het OOP eenmaal mondeling

planning & control (P&C)-documenten wordt niet ingegaan op de

besproken en vijfmaal besproken aan de hand van een memo. Deze

gerealiseerde of nog te realiseren effecten van het OOP op de

memo’s zijn ook geagendeerd in het AB. In 2020 is het OOP als

kwaliteit van dienstverlening. Er is ook nog geen evaluatie uitgevoerd

afzonderlijk agendapunt niet in het DB aan de orde geweest, maar

in hoeverre uitvoering van het OOP heeft geleid tot de gewens te

liep de informatievoorziening via de reguliere P&C cyclus 10.

resultaten. De voormalig directeur van BsGW heeft de evaluatie van

In de memo’s wordt het DB geïnformeerd over de financiële en inhoudelijke voortgang van het OOP. Uit de memo’s blijkt onder

het OOP neergelegd bij zijn opvolger, die per begin 2021 in dienst is gekomen bij BsGW.

andere dat de plaatsingstrajecten 11 eind 2019 met goed resultaat zijn

Visie op dienstverlening

afgerond. De ontwikkeltrajecten lopen langer door en vragen om

Op 18 december 2020 is de visie op dienstverlening en bijbehorend

maatwerk.

dienstverleningsconcept besproken en vastgesteld in het AB van

Verder

is

eind

2019

de

invulling

van

de

10 De kadernota, de begroting, de jaarrekening en de bestuursrapportages .

11

Plaatsing van medewerkers in een functie op basis van kwaliteit en geschiktheid.

| 14

BsGW. De

noodzaak

voor

het

opstellen van een

visie

op

In

het

dienstverleningsconcept

heeft

BsGW

bovenstaande

dienstverlening is in de AB vergadering van juni 2017 aan de orde

indicatoren verder uitgewerkt en voorzien van normen. In de

gesteld en was vervolgens toegezegd in het OOP.

toelichting op de visie op dienstverlening aan het AB op 18 december 2020 is aangegeven dat deze vijf indicatoren vanaf 2021 worden

In het document Dienstverleningsconcept BsGW wordt de visie op

opgenomen in de bestuursrapportages. De verdere uitwerking wordt

dienstverlening vanuit het perspectief van de klant als volgt

samen met gemeentelijke accounthouders ter hand genomen in de

omschreven:

werkgroep kwaliteitsnormen. De eerste bestuursrapportage 2021

“… de klant ziet BsGW in 2025 als een proactieve, betrouwbare en

was nog niet beschikbaar tijdens dit onderzoek.

professionele organisatie. Hij reist zonder obstakels door B sGW,

Samenvattend

regelt de meeste zaken zelf op tijden dat het hem het beste uitkomt.

Vanaf de oprichting van BsGW streeft BsGW naar ‘minimaal

Lukt dit een keer niet? Dan kan hij ons gemakkelijk bereiken. Een

gelijkblijvende kwaliteit van dienstverlening

vriendelijke medewerker zoekt vervolgens naar een passende

verbetering

oplossing…”.

ondernemingsplan uit 2011 is niet ingevuld hoe BsGW deze

BsGW heeft deze visie geconcretiseerd aan de hand van de volgende prestatie-indicatoren: •

Meteen goed: hoe vaak kunnen we een klant direct helpen?

•

Eerste reactietijd: hoe snel krijgt een klant een eerste antwoord op zijn vraag?

•

•

de

kwaliteit

van

dienstverlening’.

In

het

doelstelling zal monitoren. Daarnaast zijn geen prestatie-indicatoren opgenomen

die

dienen

ter

toetsing

en

monitoring

van

de

kwaliteitsontwikkeling. Ook is er geen sprake van een nulmeting van de kwaliteit bij oprichting van BsGW, die als basis kan dienen voor de

beoordeling

van

de

ontwikkeling

van

de

kwaliteit

van

dienstverlening.

Tijd en moeite: hoeveel moeite moet een klant doen om geholpen te worden?

•

van

en waar mogelijk

In het OOP wordt geconstateerd dat de focus van BsGW de

Zelfbediening: welke vragen kan een klant zelf beantwoorden

afgelopen jaren (tot 2016) vooral heeft gelegen op uitbreiding van het

(bijvoorbeeld via de website)?

aantal deelnemers. Directie en bestuur van BsGW geven aan dat de

Klanttevredenheid: wat vinden klanten van de dienstverlening van BsGW?

ontwikkeling van de BsGW-organisatie een stevige kwaliteitsimpuls nodig heeft om in de toekomst de kwaliteit van dienstverlening op peil te kunnen houden. Het OOP gaat vooral over de te nemen maatregelen en toekomstige dekking van de investering, maar het

| 15

ontbreekt in het OOP aan inzicht in de effecten van de maatregelen

de hand van relevante ontwikkelingen. In de begrotingen staan geen

op de ontwikkeling van de kwaliteit van dienstverlening. Het OOP

indicatoren die een beeld geven van de ontwikkeling van de kwaliteit

bevat ook geen indicatoren aan de hand waarvan de resultaten van

van

de herijking van de organisatie kunnen worden gemeten ten aanzien

jaarverslagen gaat BsGW in de toelichtende teksten in kwalitatieve

van de ontwikkeling van de kwaliteit van de dienstverlening .

zin in op de doelstelling van minimaal gelijkblijvende kwaliteit en

In de visie op dienstverlening van 18 december 2020 concretiseert

geeft BsGW op hoofdlijnen (en vooral kwalitatief) aan wat is bereikt.

BsGW aan de hand van vijf indicatoren hoe de ontwikkeling van de

Deze toelichtende teksten in de jaarrekeningen en jaarverslagen

kwaliteit

geven geen duidelijk beeld van de ontwikkeling van de kwaliteit van

van

dienstverlening

zal

worden

gemonitord

in

de

bestuursrapportages (vanaf 2021). De eerste resultaten daarvan

dienstverlening

door

BsGW.

In

de

jaarrekeningen

en

dienstverlening door BsGW.

waren nog niet beschikbaar tijdens dit onderzoek. Naast

3.3. Rapportage over ontwikkeling van kwaliteit

de toelichtende teksten

in

de jaarverslagen

over

de

ontwikkeling van de kwaliteit van dienstverlening wordt in de jaarverslagen vanaf 2017 gerapporteerd over de ontwikkeling van het

BsGW informeert het bestuur en de deelnemers over de ontwikkeling van de kwaliteit van dienstverlening in diverse documenten, zoals de begroting, de jaarrekening en het jaarverslag en in de periodieke bestuursrapportages. De informatie over de ontwikkeling van de kwaliteit

van

dienstverlening

is

verspreid

te

vinden

in

de

bestuursrapportages, begrotingen, jaarrekening en jaarverslagen.

aantal verzoekschriften (brieven, formulieren, telefonische reacties van klanten die het ergens niet mee eens zijn) en het aantal klachten. In

onderstaande

tabel

is

een

overzicht

van

het

aantal

verzoekschriften en het aantal klachten opgenomen voor de jaren 2017, 2018 en 2019. Cijfers over 2020 waren nog niet beschikbaar bij afronding van het onderzoek.

Hieronder volgt een toelichting welke informatie in welke rapportages te vinden is. Informatie in begroting, jaarrekening en jaarverslag In de begrotingen gaat BsGW in de toelichting in kwalitatieve zin in

2017

2018

2019

Verzoekschriften totaal

551

509

211

Behandeld als klacht

11

14

11

op de doelstellingen, speerpunten en ontwikkeling van de vijf primaire producten van dienstverlening ( heffen en gegevensbeheer,

-

Gegronde klachten

3

4

3

waarderen, innen, klantzaken en ondersteuning en ontwikkeling).

-

Ongegronde klachten

8

10

8

Deze doelstellingen en speerpunten worden jaarlijks aangepast aan Tabel 4: aantallen verzoekschriften en klachten BsGW (2017 – 2019)

| 16

De gemiddelde afhandelduur van verzoekschriften en klachten

2017

2018

2019

Verzoekschriften in behandeling begin jaar

11

4

9

Verzoekschriften per jaar

70

53

42

Afgehandeld zonder onderzoek

59

43

38

behandeling door de klachtencoördinator. Dat betekent dat in 2019

Afgehandeld met tussentijdse interventie

18

10

8

11 verzoekschriften daadwerkelijk zijn geregistreerd als klacht en als

Afgedaan met rapport

-

1

-

Verzoekschriften in behandeling einde jaar

4

3

5

bedraagt ongeveer twee weken en blijft daarmee binnen de norm die BsGW zelf heeft gesteld. In 2019 zijn bij BsGW in totaal 211 verzoekschriften ingediend. Van deze 211 verzoekschriften hebben er 11 geleid tot een formele

zodanig zijn behandeld en afgedaan. Dat is in lijn met het aantal klachten in voorgaande jaren. Het aantal gegronde klachten is de laatste jaren stabiel.

Tabel 5: aantallen verzoekschriften Nationale Ombudsman

Het aantal ingediende verzoekschriften is in 2019 beduidend lager

Het totaal aantal verzoekschriften dat bij de Nationale Ombudsman

dan in 2017 en 2018. BsGW geeft aan dat dit komt door bij eerste

is ingediend, neemt af sinds 2017. Het merendeel van de

klantcontacten alerter te zijn op signalen van ongenoegen. Hierdoor

verzoekschriften wordt afgehandeld zonder onderzoek. Veel van

wordt volgens BsGW de aanleiding voor het indienen van een

deze verzoekschriften worden niet in behandeling genomen, omdat

verzoekschrift weggenomen.

het verzoekschrift nog niet is ingediend bij de betreffende organisatie

Als een klager het niet eens is met het formele oordeel over zijn klacht, dan kan hij in beroep gaan bij de Nationale Ombudsman. In de volgende tabel is het aantal verzoekschriften dat bij de Nationale Ombudsman belandt en de wijze van afhandeling weergegeven voor de periode 2017-2019.

en derhalve naar BsGW wordt terugverwezen door de Nationale Ombudsman. Een aantal verzoekschriften wordt afgehandeld met tussentijdse interventie door de Nationale Ombudsman. Het betreft vaak een bemiddelingstraject. Alleen in 2018 is eenmaal een rapport opgesteld door de Nationale Ombudsman betreffende een klacht. Informatie in bestuursrapportages Naast informatie over de ontwikkeling van de k waliteit van dienstverlening in de begroting, jaarrekening en jaarverslagen, rapporteert BsGW in de periodieke bestuursrapportages onder andere over de voortgang van de ontwikkeling van de kwaliteit van

| 17

dienstverlening. De wijze waarop BsGW daarover rapporteert, is niet

Vanaf 2019 wordt ook gekeken of de wettelijke procedure wordt

in alle bestuursrapportages gelijk. Daardoor is het lastig om de

gevolgd voor klachten en wat de uitkomst is van de meting van

ontwikkeling van de kwaliteit van dienstverlening in beeld te brengen.

klanttevredenheid (zie hierna). De juistheid en tijdigheid van heffen en innen en de klantgerichtheid (afhandeltermijnen) worden vanaf

Tot 2019 werd de kwaliteit van dienstverlening gemeten aan de hand

2019 niet meer in de overzichten van de kritieke succesfactoren in

van de volgende vijf kritieke succesfactoren met bijbehorende

de bestuursrapportages opgenomen. In de volgende tabel zijn de

prestatie-indicatoren:

uitkomsten weergegeven die door BsGW in de bestuursrapportages worden vermeld 12.

Kritieke succesfactoren

Prestatie-indicatoren

Juistheid/tijdigheid heffen/innen

Realisatie financiële taakstelling

Klantgerichtheid

Overschrijdingen wettelijke afhandeltermijnen

Kwaliteit uitvoering WOZ

Predicaat ‘goed’ van de Waarderingskamer

Rechtmatigheid

Positief oordeel accountant

Jaarlijkse afrekening deelnemers

Goedkeurende accountantsverklaring

2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 Juistheid/tijdigheid heffen/innen

V

V

V

V

V

-

-

Klantgerichtheid

V

V

V

V

V

-

-

Kwaliteit uitvoering WOZ

X

X

X

X

X

X

X

Rechtmatigheid

V

V

V

V

V

V

V

Jaarlijkse afrekening deelnemers

V

V

V

V

V

V

V

Procedure klachtafhandeling

-

-

-

-

-

V

V

Klanttevredenheidsmeting 13

-

-

7,1

6,9

-

5,7

6,8

Tabel 6: kritieke succesfactoren en prestatie-indicatoren voor kwaliteit van dienstverlening BsGW’

V= voldoet aan de norm

X= voldoet niet aan de norm

Tabel 7: score op kwaliteitsindicatoren BsGW

12

Op basis van de bestuursrapportages van het 4 e kwartaal van elk jaar.

13

De klanttevredenheidsscore wordt in 2019 voor het eerst opgenomen in de bestuursrapportage. De cijfers uit 2016 en 2017 zijn afgeleid van de rapporten over de meting van klanttevredenheid.

| 18

In de bestuursrapportages wordt voor de eerste twee kritieke

een klanttevredenheidsrapport laten opstellen door een extern

succesfactoren

en

bureau, waarin de klanttevredenheid onder belastingbetalers wordt

klantgerichtheid) een uitgebreide toelichting gegeven. Voor ‘juistheid

gemeten over een deel van het jaar. De klanttevredenheids-

en tijdigheid van heffen en innen’ kijkt BsGW naar de financiële

onderzoeken kennen steeds dezelfde opzet en vragen. Er wordt

prestaties. Die prestaties betreffen de omvang van de geïnde

gevraagd

bedragen ten opzichte van prognoses in de tijd. Daarbij wordt ook

klanttevredenheid over de verschillende informatiekanalen (website,

meegenomen de realisatie versus de prognose voor wat betreft de

post, telefoon, e-mail en digitaal loket). Bij de beoordeling van de

kwijtscheldingen en openstaande en oninbare vorderingen. Voor

scores hanteert BsGW een normscore van ‘7’. Inmiddels wordt vanaf

klantgerichtheid wordt gekeken naar het percentage afgehandelde

2020 periodiek de klanttevredenheid gemeten op dezelfde wijze. In

telefonische contacten bij het eerste contact, de gemiddelde

onderstaande figuur is de score op de onderzochte indicatoren

doorlooptijd van afgehandelde kwijtscheldingen en de gemiddelde

opgenomen voor 2016, 2017, 2019 en kwartaal 2 van 2020.

(juistheid/tijdigheid

heffen

en

innen

doorlooptijd van afgehandelde bezwaren. Voor de overige kritieke

10

succesfactoren geldt dat er geen toelichting wordt gegeven op de

9

scores.

8 7

BsGW geeft in de verschillende bestuursrapportages aan dat op de

naar

5

Hoe BsGW op basis van de onderliggende toelichting komt tot deze

4

positieve scores, wordt echter niet toegelicht en valt ook niet op te

3

maken uit de beschikbare informatie in de bestuursrapportages.

2

algemene

klanttevredenheid

en

de

8,8 7,7 7,8 7,1

7,5 7,6 6,8

6,7 6,1

6

meeste indicatoren het beoogde resultaat wordt bereikt (zie tabel 7).

de

6,9

7,3 7,5 6,9

5,8

7,4 6,6

6,9

6,8

5,7 5,3

5,1

5,6

4,8 4,2

1

Voor de kwaliteit van de uitvoering WOZ scoort BsGW lager dan de

0

eigen norm (predicaat ‘goed’ van de Waarderingskamer ). De score

2016

op deze indicator is in alle jaren ‘voldoende’. Hier wordt in het vervolg

algemeen

2017

website

e-mail

2019

telefoon

2020 (kw2)

post

digitaal loket

van dit hoofdstuk op teruggekomen (paragraaf 3.4). Figuur 5: score klanttevredenheid BsGW

Onderdeel van de informatie over kwaliteit in de bestuursrapportages is de score op klanttevredenheid. BsGW heeft in 2016, 2017 en 2019

| 19

Uit de grafiek blijkt dat sprake is van een dalende trend in de

van deze klanttevredenheidsmeting tonen aan dat volle aandacht

klanttevredenheid tot 2019. De gemeten algemene klanttevredenheid

voor de klantprocessen nodig is om groei te realiseren. Nu de periode

is gedaald van een 7,1 in 2016 naar een 5,7 in 2019. In het tweede

van kwantitatieve groei voorbij is, is het van belang om te werken aan

kwartaal van 2020 is een herstel te zien in de algemene

kwalitatieve groei. Echter voordat BsGW vol in kan zetten op verdere

klanttevredenheid (score 6,8). De score op de kwaliteit van

ontwikkeling van producten en diensten maakt de organisatie in de

e-mailcontacten daalt van 6,1 in 2016 naar 4,8 in 2019. Ook hier

huidige fase nog een stap van groei naar consolidatie en borging.

herstelt de waardering in het tweede kwartaal van 2020 ( 5,6). De

Deze stap is vorm gegeven in het ondernemings - en ontwikkelplan

beleefde kwaliteit van de website daalt het sterkst: van 6,7 in 2016

(OOP) van BsGW voor de periode 2018 tot en met 2020. Met

naar een 4,2 in 2019. In het tweede kwartaal stijgt de waardering

uitvoering van dit plan zet BsGW de komende jaren sterk in op een

naar een 5,3. Voor de meer traditionele klantcontacten (telefoon en

optimalisatietraject

post) geldt dat de score vrij constant boven de normwaarde ‘7’ ligt.

uitvoeringsorganisatie te maken. Het voorliggende onderzoek dient

In het jaarverslag 2019 van BsGW wordt aangegeven dat BsGW net

dan ook in het licht van deze ontwikkelingsfase bezien te worden …”.

om

de

beweging

naar

een

excellente

een voldoende scoort op het aspect algemene klanttevredenheid en dat BsGW op onderdelen het streven van een ruime voldoende (7)

De uitkomst van het klanttevredenheidsonderzoek 2019 is in februari

niet heeft gehaald. Mede naar aanleiding van de uitkomsten van de

2020 in het DB besproken. De toenmalig directeur van BsGW heeft

klanttevredenheidsonderzoeken heeft BsGW in het jaarversl ag 2019

in

aangekondigd met name in te zetten op verbetering van de digitale

klanttevredenheid wel is besproken in het bestuur van BsGW, maar

dienstverlening. Dat heeft onder andere geleid tot de ‘visie op

dat het geen prominent onderwerp is geweest in de vergaderingen

dienstverlening’ en een nieuwe inrichting van de website voor de

van het AB en het DB. De AB/DB leden zijn zich volgens hem bewust

aanslagperiode 2020.

dat er door BsGW hard gewerkt wordt aan verbetering van de

zijn

interviews

aangegeven

dat

de

lagere

score

op

klantcontacten. Ter duiding van de context heeft de toenmalig Bij de toelichting op het klanttevredenheidsonderzoek 2019 staat de

directeur aangegeven dat BsGW net een jaar onderweg was met

volgende passage:

uitvoering van het OOP en de inrichting van de ‘nieuwe’ organisatie en dat daarbovenop ook nog sprake was van een jaar met Corona.

“…de focus van BsGW heeft in de afgelopen jaren vooral gelegen op het

realiseren

van

uitbreiding

van

het

aantal

deelnemers.

Over de tevredenheid van de deelnemende gemeenten over de

Klantprocessen werden wel onderhouden en bewaakt, maar voor

kwaliteit van dienstverlening door BsGW zijn geen cijfers bekend.

innovatie was soms onvoldoende ruimte en armslag. De resultaten

BsGW vraagt niet expliciet aan de deelnemers hoe zij de kwaliteit

| 20

van dienstverlening van BsGW ervaren. Wel vindt er regelmatig

producten. Er zijn in de begroting en jaarrekening geen duidelijke

overleg plaats met de gemeentelijke accounthouders , waar ook de

indicatoren opgenomen die een beeld geven van de ontwikkeling van

kwaliteit van dienstverlening op de agenda staat . In paragraaf 3.5

kwaliteit van dienstverlening door BsGW. In de jaarverslagen wordt

wordt ingegaan op de beelden van deelnemers over de kwaliteit van

wel

dienstverlening.

verzoekschriften en klachten bij BsGW.

Ontwikkeling vorm bestuursrapportages

In de periodieke bestuursrapportages wordt de meeste aandacht

In de bestuursrapportage

van het tweede kwartaal 2020 is

besteed aan de ontwikkeling van de kwaliteit van dienstverlening. Dat

aangegeven dat een werkgroep ‘bestuursrapportage nieuwe stijl’ is

gebeurt aan de hand van een aantal indicatoren. BsGW geeft aan te

opgericht, waarin vertegenwoordigers van enkele deelnemende

voldoen aan de eigen normen, met uitzondering van de kwaliteit

gemeenten samen met BsGW aan de slag gaan met het verbeteren

uitvoering WOZ (predicaat ‘voldoende’ in plaats van ‘goed’) en de

van de rapportagevorm en de verdere ontwikkeling van prestatie-

score op klanttevredenheid. In de bestuursrapportages wordt niet

indicatoren. In de betreffende bestuursrapportage is ook aangegeven

onderbouwd en toegelicht hoe BsGW op basis van onderliggende

dat de voortgang van de werkzaamheden van deze werkgroep

data komt tot het positieve oordeel op de gepresenteerde indicatoren.

aandacht

besteed

aan

de

ontwikkeling

van

het

aantal

vertraging heeft opgelopen door Corona. Naar verwachting wordt dit proces afgerond in Q2 2021.

Op basis van de verzamelde informatie is niet eenduidig af te leiden hoe de kwaliteit van dienstverlening zich de afgelopen jaren heeft

Samenvattend

ontwikkeld. De door BsGW aan de deelnemende gemeenten

Bij oprichting van BsGW is niet vastgesteld wat de kwaliteit van

beschikbaar gestelde informatie over de ontwikkeling van de kwaliteit

taakuitvoering was (kwalitatieve nulmeting) e n is ook niet vastgesteld

van dienstverlening is algemeen en globaal van aard en het ontbreekt

hoe BsGW de doelstelling van ‘minimaal gelijkblijvende kwaliteit’ zou

aan een goede onderbouwing en toelichting van de scores op de

monitoren. Daardoor is niet objectief vast te stellen hoe de kwaliteit

indicatoren. Aanvullend probleem is dat de beschikbare informatie

van dienstverlening van BsGW zich heeft ontwikkeld.

gefragmenteerd te vinden is in verschillende documenten. Het ontbreekt

aan

een

overzicht

van

de

ontwikkeling

van

Op verschillende momenten per jaar en in verschillende rapportages

kwaliteitsindicatoren, waardoor het lastig is om een goed integraal

gaat BsGW in op de ontwikkeling van de kwaliteit van de organisatie.

beeld te krijgen hoe de kwaliteit van dienstverlening van BsGW zich

In de begroting en jaarrekeningen wordt slechts in kwalitatieve zin

ontwikkelt en of sprake is van ‘minimaal gelijkblijvende kwaliteit van

ingegaan op doelstellingen en speerpunten voor de primaire

dienstverlening’.

| 21

Daarnaast lijken de kritieke succesfactoren ook geen goed beeld te

Deze indicatoren zijn gekozen omdat ze de enige beschikbare en

geven van de feitelijke situatie. De meeste succesfactoren laten over

betrouwbare indicatoren zijn die een objectief beeld geven van de

alle beschouwde jaren een positieve score zien (zie tabel 7). Deze

kwaliteit van dienstverlening.

positieve scores staan in contrast met de analyse van BsGW zelf over de staat van de organisatie in het OOP in 2017. BsGW geeft daarin

Oordeel Waarderingskamer uitvoering Wet WOZ

zelf aan dat de organisatie door de ondergrens dreigt te zakken. Dat

De Waarderingskamer houdt krachtens de wet WOZ toezicht op de

zet vraagtekens bij de relevantie en bruikbaarheid van de kritieke

waardebepaling en de waardevaststelling van onroerende zaken, op

succesfactoren waarover BsGW rapporteert.

de uitvoering van de basisregistratie waarde onroerende zaken (basisregistratie WOZ) en op de overige in de wet geregelde

3.4. Kwaliteit van dienstverlening vergeleken Om een beeld te krijgen hoe de kwaliteit van dienstverlening van BsGW zich verhoudt tot andere organisaties, is een vergelijking

onderwerpen.

De

desgevraagd

tijdig

colleges de

voor

verschaffen de

de

uitoefening

Waarderingskamer van

haar

taak

noodzakelijke gegevens. Onder de taken van de Waarderingskamer vallen:

gemaakt met andere belastingsamenwerkingen op een aantal indicatoren.

Daarbij

vergelijkingsgegevens

is

de

rond

analyse het

gericht

WOZ-proces,

op

beschikbare

aangezien

deze

gegevens zijn opgenomen in de database van de Waarderingskamer. Bruikbare vergelijkingscijfers bij andere belastingorganisaties over de kwaliteit van dienstverlening op andere belasting-taakvelden dan de uitvoering van de WOZ zijn niet beschikbaar. De

vergelijking

tussen

BsGW

en

een

•

Oordeel Waarderingskamer uitvoering Wet WOZ

•

Bezwaarschriften als percentage WOZ-objecten

•

Percentage toegekende bezwaren

Waardebepaling van woningen en niet-woningen (taxatie)

•

Formele bekendmaking van de WOZ-waarde (waardevaststelling bij beschikking)

•

Uitvoering van de Basisregistratie WOZ

Daarnaast organiseert de Waarderingskamer een benchmark op het aantal

andere

belastingorganisaties wordt gemaakt aan de hand van de volgende indicatoren:

•

terrein van de uitvoering van de Wet WOZ. In de benchmark wordt een vergelijking gemaakt tussen belastingorganisa ties op het gebied van kosten en proceskwaliteit. De Waarderingskamer controleert bij de uitvoering van de WOZ op negen onderdelen. De twee belangrijkste onderdelen zijn: aansluiting van de WOZ-administratie op de landelijke voorziening WOZ (LV -

| 22

WOZ) 14 en het beheer van objectkenmerken. Daarnaast kijkt de

•

Belastingsamenwerking Rivierenland (BSR)

Waarderingskamer ook naar het proces van het afhandelen van bezwaren. De Waarderingskamer maakt bij de beoordeling van de

In onderstaande tabel zijn de belangrijkste kenmerken van de

kwaliteit van het WOZ-proces gebruik van een zelfevaluatie die door

belastingsamenwerkingen

de belastingorganisatie wordt opgesteld.

jaarrekening 2019.

weergegeven

De Waarderingskamer kent ‘sterren’ toe om de kwaliteit van de

op

basis

van

de

Naam

Aantal gemeenten

Aantal waterschappen

Omvang begroting (miljoen euro)

jaren). BsGW scoort de afgelopen jaren constant een ‘voldoende’

BWB

11

1

16,5

(drie sterren) op de uitvoering van de WOZ. Om het predicaat ‘goed’

SVHW

13

1

12,4

BsOB

11

1

8,1

BsGR

10

1

12,6

BSR

8

1

8,2

BsGW

28

1

19,7

uitvoering weer te geven. De scores variëren van één ster (moet dringend worden verbeterd) tot vijf sterren (goed, voor meerdere

(vier sterren) te krijgen, moet in elk geval de score op beide hoofdonderdelen ‘goed’ zijn. De score voor het WOZ-proces van BsGW is afgezet tegen de score van een aantal andere belastingsamenwerkingen die qua omvang – enigszins – vergelijkbaar zijn met BsGW. Het gaat om de volgende samenwerkingsorganisaties:

Tabel 8: kengetallen benchmarkorganisaties

•

Belastingsamenwerking West-Brabant (BWB)

•

Belastingsamenwerking

Vastgoedinformatie

In onderstaande figuur zijn de scores op de kwaliteit van het WOZHeffing

en

proces

van

BsGW

afgezet

tegen

de

scores

van

de

Waardebepaling (SVHW)

benchmarkorganisaties

•

Belastingsamenwerking Oost-Brabant (BsOB)

belastingsamenwerkingen met meer dan 200.000 inwoners. De

•

Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland (BsGR)

14

LV WOZ is een centraal loket op voor alle overheidsinstanties di e gegevens over de WOZ nodig hebben, zoals waterschappen, de Belastingdienst en het CBS

en

de

gemiddelde

score

van

| 23

waardering heeft betrekking op het jaar 2019. Cijfers over 2020 zijn

De Waarderingskamer moet jaarlijks instemmen met de verzending

nog niet beschikbaar.

van de WOZ-beschikkingen in februari. BsGW heeft de afgelopen jaren deze toets doorstaan, hoewel dat in de beginjaren soms niet zonder slag of stoot ging. De Waarderingskamer komt mede tot het

5

oordeel over de kwaliteit van het WOZ-proces op basis van de door 4

4

4

4

BsGW uitgevoerde zelfevaluatie. De Waarderingskamer heeft in een

4 3

interview aangegeven dat BsGW serieus werk maakt van deze

3,2

3

zelfevaluaties en daarin kritisch kijkt naar de kwaliteit van de eigen

3

processen. Desgevraagd heeft de Waarderingskamer aangegeven dat BsGW de afgelopen jaren veel heeft geïnvesteerd in optimalisatie

2

van beheer van objectkenmerken. 1

Bezwaarschriften als indicator Het aantal ingediende en het aantal toegekende bezwaarschriften

0 BsGW

BWB

SVHW

BsOB

BsGR

BSR

Gem >200.000

WOZ kunnen een indicatie zijn voor de kwaliteit van de uitvoering van de WOZ. Een hoog aantal ingediende en toegekende bezwaren kan een indicatie zijn voor een matige uitvoeringskwaliteit van het WOZ-

Figuur 6: score kwaliteit WOZ-proces vergeleken (2019)

proces (waaronder een slechte kwaliteit van taxaties). Om dat in

BSR scoort net als BsGW drie sterren voor de kwaliteit van de uitvoering

(predicaat

‘voldoende’).

De

andere

belasting-

beeld te krijgen, wordt achtereenvolgens ingegaan op: •

samenwerkingen (BWB, SVHW, BsOB en BsGR) scoren hoger dan BsGW, namelijk vier sterren (predicaat ‘goed’). Dat betekent dat zij tenminste op de twee belangrijkste onderdelen (aansluiting LV WOZ en

beheer

objectkenmerken)

een

‘goed’

scoren.

Het relatieve aantal bezwaarschriften (als percentage van de WOZ-objecten)

•

Het percentage gehonoreerde bezwaarschriften

Voor

In de volgende figuur is het relatieve aantal bezwaarschriften (totaal

belastingsamenwerkingen met meer dan 200.000 inwoners is de

aantal bezwaarschriften als percentage van het totaal aantal WOZ-

gemiddelde score een 3,2. BsGW scoort met een score ‘3’ dus lager

objecten) bij BsGW vergeleken met de vijf benchmarkorganisaties en

dan dit gemiddelde.

| 24

het landelijke gemiddelde. De data zijn afkomstig uit de database van

de benchmarkorganisaties (1,2%) en het landelijk gemiddelde

de Waarderingskamer 15.

(1,3%). In 2018 ligt het aantal bezwaren als percentage van het aantal WOZ-objecten bij BsGW ruim tweemaal zo hoog als het landelijk

3,5%

2,0%

gemiddelde

bij

de

het proces van vaststelling van de WOZ-waarde ruimte laat om

2,0%

1,7%

1,6% 1,4% 1,4% 1,2%

1,2% 1,0%

1,0%

het

Een hoog percentage ingediende bezwaren kan een indicatie zijn dat

2,5%

1,5%

en

benchmarkorganisaties.

2,9%

3,0%

gemiddelde

1,4%

bezwaar te maken. Echter, een relatief hoog aantal bezwaren kan ook veroorzaakt worden door externe factoren die leiden tot het

1,1%

indienen van meer bezwaren. Daarbij valt bijvoorbeeld te denken aan

0,8%

actieve benadering van bewoners door no-cure-no-pay-bureaus

0,5%

(ncnp-bureaus) of regionale verschillen in de bereidheid om bezwaar 0,0% 2016 BsGW

2017 Gemiddeld benchmark

2018

2019

Gemiddeld landelijk

te maken. De relatieve omvang van het aantal ingediende WOZ -bezwaren is dus niet de enige indicator die van belang is. Voor een goede duiding

Figuur 7: aantal bezwaren als percentage van het aantal WOZ-objecten.

van de kwaliteit van de uitvoering van de WOZ moet ook gekeken worden naar het percentage bezwaren dat wordt toegekend. Een

Het aantal bezwaarschriften als percentage van de WOZ-objecten is

hoog percentage toegekende bezwaren kan een mogelijke indicatie

bij BsGW aanzienlijk hoger dan bij de benchmarkorganisaties en ook

zijn voor ontoereikende uitvoeringskwaliteit van het WOZ-proces (in

hoger dan het landelijk gemiddelde. Gemiddeld ligt het aantal

het bijzonder de kwaliteit van de taxaties). Daarbij kan onderscheid

bezwaren als percentage van het aantal WOZ-objecten over de jaren

gemaakt worden in type WOZ-object (woningen en niet-woningen).

2016-2019 bij BsGW met 1,9% aanzienlijk hoger (50 tot 60%) dan bij

15

In de factsheets in bijlage 1 zijn de cijfers over bezwaren ook per gemeente weergegeven. Ook deze cijfers zijn afkomstig van de database van de Waarderingskamer.

| 25

In de volgende figuur is het percentage toegekende bezwaren voor

In de volgende figuur is het percentage toegekende bezwaren voor

woningen bij BsGW vergeleken met de benchmarkorganisaties en het

niet-woningen bij BsGW vergeleken met de benchmarkorganisat ies

landelijke beeld. De data zijn afkomstig uit de database van de

en het landelijke beeld.

Waarderingskamer. 57%

60% 50% 60% 50%

56%

51% 47%47%

48% 43%

43%43%42%

39%

40%

45% 39%

46% 44% 44%

49% 47%

48% 39%

40%

49%50%

51% 45% 41% 38%

43%

43%

42%

30%

39%

20%

30%

10%

20%

0% 2016

2017

2018

2019

Gemiddeld

10% BsGW

Gemiddeld benchmark

Gemiddeld landelijk

0% 2016 BsGW

2017

2018

Gemiddeld benchmark

2019

Gemiddeld

Gemiddeld landelijk

Figuur 9: percentage gehonoreerde bezwaren voor niet -woningen.

Het gemiddeld percentage gehonoreerd bezwaar bij BsGW voor niet Figuur 8: percentage gehonoreerde bezwaren voor woningen.

woningen ligt in de beschouwde periode 5-7 procentpunt lager dan bij de benchmarkorganisaties en het landelijk gemiddelde.

Het gemiddelde percentage gehonoreerde bezwaren bij BsGW voor woningen is in de beschouwde periode vergelijkbaar met het

Hoewel er in vergelijking tot de benchmarkorganisaties en het

gemiddelde landelijk percentage en ligt 2 procentpunt lager dan het

landelijk gemiddelde verhoudingsgewijs veel bezwaren worden

gemiddelde bij de benchmarkorganisaties.

ingediend bij BsGW, is het percentage gehonoreerde bezwaren bij BsGW over de gehele linie (woningen en niet-woningen) lager dan bij de benchmarkorganisaties en het landelijk gemiddelde. Dit lagere

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10639777/1