CConstaterende datBergen (L)
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage I GWWRP Bergen ontwerp 3010 213044 (1)

Gemeenteraad 16 december 2025, gemeente Bergen (L)Bij agendapunt: Voorstel tot vaststellen gemeentelijk wegen, water en rioleringsprogramma 2026-2031 (GWWRP);23.739 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Vanuit deze methode komen we tot de volgende projecten. Op basis van lokale kennis is een prioritering gemaakt. Een deel van de projecten wordt in de periode 2026-2031 opgepakt en een deel volgt vanaf 2032. Op onderstaande pagina’s is de opgave samengevat in de tabel en weergegeven op kaarten per kern. Voor het bepalen van de kosten zijn we uitgegaan van de volgende uitgangspunten -

Vervangen en relinen riool op basis van de kostenkengetallen van stichting RIONED (geïndexeerd naar prijspeil 2025). Afhankelijk van diameter van de buis. Vervangen van de weg op basis van de rehabilitatie bedragen uit de afgestemde cyclische vervangingsplanning. Afhankelijk van type weg en verharding. Afkoppelen per m2 op basis van het kostenkengetal uit de kennisbank van stichting RIONED (geïndexeerd naar prijspeil 2025).

We stemmen in het GWWRP voor het eerst de planningen van wegen met water en riolering integraal af. Uiteraard haken andere disciplines al vanaf de eerste fases van deze projecten aan om zo breed mogelijk werk-met-werk te maken. Evaluatie en actualisatie

Halverwege de planperiode, in 2028, evalueren we dit programma. We gaan na of het beleidsplan werkbaar is, of we de opgave volgens plan kunnen uitvoeren en stellen de opgave bij wanneer nodig. Aan het eind van de planperiode, in 2031, actualiseren we het GWWRP.

Pagina 48 van 101

Tabel 15 integrale opgave

Project

Nr

Type

Nieuw-Bergen, Pieter Breughelstraat Nieuw Bergen, Paulus Potterstraat e.o. Siebengewald, Kreeftenheide Siebengewald, Boterdijk

1 2 5 8

Well, Nicolaasstraat* Nieuw Bergen, Boermastraat

11 13

Nieuw Bergen, Murseltseweg e.o. Nieuw Bergen, De Flammert Siebengewald, Gochsedijk

14 15 17

Reconstructie Reconstructie Reconstructie Bovengrond + afkoppelen + relinen Reconstructie Bovengrond + afkoppelen + relinen Reconstructie Bovengrond + relinen Bovengrond + afkoppelen + relinen Reconstructie Reconstructie

Well, Papenbeek 18 Siebengewald, Monseigneur Paredisstraat e.o. 19 Catharinastraat (60% wegen, 40% afkoppelen)** Kasteellaan (60% wegen, 40% afkoppelen)** Subtotaal periode 2026-2032 Afferden, Notarisstraat Siebengewald, Seringenstraat e.o. Siebengewald, Processieweg e.o.

4 7 9

Wellerlooi, Op de Peperkam e.o.

10

Keulerstraat Subtotaal periode na 2032

12

Totaal * koppelen aan project Groene rivier

Reconstructie Reconstructie Bovengrond + afkoppelen + relinen Bovengrond + afkoppelen + relinen reconstructie

Investering Investering Investering Totale planning riolering afkoppelen/SSW wegen investering €305.733 €300.208 €351.239 €957.180 2026-2031 €723.703 €255.005 €600.187 €1.578.895 2026-2031 €625.425 €402.431 €486.681 €1.514.537 2026-2031 €34.141 €1.134.140 €596.291 €1.764.572 2026-2031 €188.439 €8.622

€64.248 €79.833

€941.260 €380.415 €228.816

€340.578

€333.794 €199.220

2026-2031 2026-2031 2026-2031 2026-2031 2026-2031

€4.324.251

€680.650 €521.702 €180.000 €234.000 4.752.795

€400.879 €1.682.717 €2.725.532 €3.105.947 In groot €788.816 onderhoud €505.589 €1.989.843 €64.434 €670.229 €270.000 €450.000 €351.000 €585.000 6.543.704 €15.620.750

€803.604 €84.093

€436.002 €1.702.304 €169.360

€758.351 €172.955

€280.817 €1.008.930 €219.896

€716.820 vanaf 2032 €3.469.585 vanaf 2032 €562.211 vanaf 2032

€6.421

€635.239

€490.413

€1.132.073 vanaf 2032

€847.848 €3.161.935

€527.244 €2.093.789

€681.364 2.681.420

€2.056.457 vanaf 2032 €7.937.146

€7.486.186

€6.846.584

€9.225.124 €23.557.896

** reeds gebudgetteerde projecten

Pagina 49 van 101

€560.000

€81.107 €110.765

2026-2031 2026-2031 2026-2031 2026-2031

Figuur 18 opgave Siebengewald

Pagina 50 van 101

Figuur 19 opgave Afferden

Pagina 51 van 101

Figuur 20 opgave Nieuw-Bergen

Pagina 52 van 101

Figuur 21 opgave Well

Pagina 53 van 101

Figuur 22 opgave Wellerlooi

Pagina 54 van 101

10 Wegen: de ‘eigen’ opgave Om de wegen op het gewenste kwaliteitsniveau te krijgen en te houden zijn klein onderhoud, groot onderhoud en vervanging van verhardingen noodzakelijk. In dit hoofdstuk is de opgave voor de korte en (middel)lange termijn beschreven.

10.1 Korte termijn: onderhoud volgend uit de inspecties Met behulp van de resultaten van de weginspectie uit het beheersysteem Geovisia is op basis van de CROW-systematiek berekend wat het benodigd budget is om de wegvakonderdelen van slechte kwaliteit te verbeteren. Dit betreft alle wegvakonderdelen waarvan meer dan 10% een kwaliteitsbeoordeling D (zeer laag) hebben. De onderhoudsopgave voor de korte termijn is dus gebaseerd op het verbeteren van alle wegvakonderdelen die een kwaliteitsbeoordeling D (zeer laag) hebben, oftewel om de wegen op het gewenste kwaliteitsniveau te krijgen. In tabel 16 staat de omvang van het areaal met een onderhoudsopgave weergegeven. De omvang van betonverharding is verwaarloosbaar ten opzichte van asfalt- en elementenverharding en is daarom buiten beschouwing gelaten. Tabel 16 onderhoudsopgave

Binnen bebouwde kom Buitengebied totaal

Asfalt oppervlak (m2) %

Elementen oppervlak (m2) %

Totaal oppervlak (m2) %

44.400 54.000 98.400

44.700 7.800 52.400

89.400 62.000 151.400

17% 9% 11%

13% 13% 13%

15% 9% 11%

Het verder uitstellen van dit onderhoud niet acceptabel. Vooral bij asfaltverhardingen is het belangrijk deze wegvakken aan te pakken om kapitaalvernietiging te voorkomen.

10.2 Middel- en lange termijn: onderhoudsopgave volgend uit de cycli De onderhoudsopgave voor de middellange en lange termijn is gebaseerd op het op het gewenste kwaliteitsniveau houden van de wegen. Het uitgangspunt hierbij is dat alle wegen eerst op het gewenste kwaliteitsniveau zijn gebracht. De onderhoudsopgave voor de middellange en lange termijn is dan ook niet gebaseerd op de resultaten van de weginspectie, maar op onderhoudscycli. Onderhoudscycli

Onderhoudscycli beschrijven het onderhoud dat verwacht wordt vanaf aanleg tot rehabilitatie. Op basis van ervaring en historische informatie zijn specifieke cycli samengesteld, die getoetst en aangepast zijn aan de situatie die geldt voor de gemeente Bergen. In figuur 3 in hoofdstuk 5 is schematisch weergegeven hoe een onderhoudscyclus eruit ziet, met daarin opgenomen alle typen onderhoud van aanleg tot einde levensduur. In tabel 17 is als voorbeeld de onderhoudscyclus opgenomen voor wegtype 3 van asfalt bij kwaliteitsniveau B. Tabel 17 Onderhoudscyclus voor asfalt wegtype 3

Maatregel 10% dek- en tussenlaag vervangen deklaag vervangen 10% dek- en tussenlaag vervangen dek- en tussenlaag vervangen 10% dek- en tussenlaag vervangen Rehabilitatie

Planjaar 10 18 28 36 46 54

Pagina 55 van 101

De aanlegkosten van een verhardingsconstructie vallen niet onder beheer en zijn dus niet opgenomen in de berekeningen. In bijlage 4 zijn alle toegepaste onderhoudscycli opgenomen per verhardingssoort en wegtype. Klein onderhoud

Onder klein onderhoud vallen alle schades die ernstig zijn, maar vanwege de geringe omvang niet in aanmerking komen voor groot onderhoud. Klein onderhoud heeft als doel: • het in stand houden van de huidige gebruiksfunctie van de weg; • het vertragen van de achteruitgang van de weg; • het gelijk trekken van de kwaliteit van verschillende wegvakonderdelen; • het herstellen van lokale schades. De kosten voor het klein onderhoud worden conform de CROW-systematiek berekend als percentage van het cyclische groot onderhoud. Dit percentage is afhankelijk van het wegtype en het verhardingstype. Gemiddeld ligt dit tussen de 10% en 15% van het cyclusbedrag voor groot onderhoud. Groot onderhoud

Voor het bepalen van de opgave voor groot onderhoud maken we onderscheid tussen de korte termijn (= technische noodzaak) en de middellange en lange termijn (= planmatig onderhoud). Het wegwerken van de onderhoudsopgave wordt in het eerste planjaar opgenomen. In de overige planjaren wordt het bedrag voor het planmatig onderhoud opgenomen. Bermen Het onderhoud van de bermen is te verdelen in jaarlijks onderhoud en groot onderhoud. Het jaarlijks onderhoud bestaat uit het beheer van de begroeiing van de bermen. Dit maakt onderdeel uit van het onderhoud van groen. Onder het groot onderhoud wordt verstaan het structureel opknappen van bermen, zodat de veiligheid wordt gewaarborgd. Doordat over een aantal wegen geregeld groot landbouwverkeer rijdt, ontstaat vaak schade aan de bermen en in de randen van de verharding. Naar aanleiding van meldingen worden deze schades verholpen.

10.3 Rehabilitatie en reconstructie Onder rehabilitatie verstaan we het vervangen van de gehele verhardingsconstructie, inclusief fundering (indien aanwezig) en het terugbrengen naar het oorspronkelijke structurele en kwalitatieve gebruiksniveau. Bij een reconstructie wordt ook de gehele verhardingsconstructie vervangen, maar wordt niet de oorspronkelijke verharding terug aangebracht. Hier liggen opgaven vanuit een veranderd gebruik, herinrichting of toekomstbestendigheid aan ten grondslag. De opgave voor de vervangingen en reconstructies van de wegverhardingen volgt, net als het groot onderhoud voor de middellange en lange termijn, uit de onderhoudscycli. Voor iedere weg is hiermee namelijk de levenscyclus vastgesteld. Door de totale kosten voor vervanging te verdelen over de gehele levensduur, is te berekenen hoeveel geld er gemiddeld per jaar nodig is voor het vervangen van de verhardingsconstructie.

Pagina 56 van 101

De opgave voor de rehabilitaties en reconstructies is gedeeltelijk opgenomen in de integrale opgave voor wegen en riolering. Dit is verder uitgewerkt in hoofdstuk 9. Voor de overige vervangingsinvesteringen zal nog steeds een bepaald bedrag gereserveerd moeten worden.

Pagina 57 van 101

11 Wegen: financiën 11.1 Algemeen Om de wegen te beheren zijn budgetten nodig voor het klein onderhoud, het groot onderhoud en voor het rehabiliteren van de verhardingen. In dit hoofdstuk zijn de resultaten uit de berekeningen opgenomen. De budgetopbouw en de verantwoording dienen te voldoen aan de eisen van het BBV (Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten). Het BBV beschrijft aan welke eisen de gemeente moet voldoen met betrekking tot haar begroting en jaarstukken. Tevens schrijft het BBV voor dat voor het beheer van de openbare ruimte het gebruik van een systematiek wettelijk verplicht is. Ook moet er een begroting voortvloeien uit de beleidskaders. Volgens het BBV moeten gemeenten duidelijk inzicht geven in de onderhoudsopgave en hoe zij oppakken. Alle in dit hoofdstuk genoemde bedragen zijn aanneemprijzen, inclusief de toeslagpercentages voor: verkeersmaatregelen, uitvoeringskosten, algemene bedrijfskosten, winst & risico, maar exclusief VAT, verwerkingskosten van teerhoudend asfalt en 21% btw. De prijzen waarmee de berekeningen zijn uitgevoerd zijn gebaseerd op GWW-kosten.nl van IGG Bouweconomie met prijspeil maart 2025.

11.2 Groot Onderhoud Met behulp van het beheersysteem Geovisia is op basis van de CROW-systematiek berekend wat het benodigd budget is voor het wegwerken van de onderhoudsopgave. Dit betreft alle wegvakonderdelen die een kwaliteitsbeoordeling D (zeer laag) hebben. Zie voor de omvang van het areaal tabel 18. Tabel 18 Onderhoudsopgave (€)

Ligging Binnen bebouwde kom Buitengebied

Asfalt 576.000 755.000

Elementen 902.000 52.000

Beton 3.000 2.000

Totaal 1.481.000 809.000

Totaal

1.331.000

954.000

5.000

2.290.000

Het wegwerken van de onderhoudsopgave kost in totaal dus € 2.290.000,-. Zoals eerder beschreven, wordt bij de berekening van het budget voor groot onderhoud onderscheid gemaakt tussen de korte termijn (= technische noodzaak) en de middellange en lange termijn (= planmatig onderhoud). In tabel 19 zijn de benodigde budgetten voor groot onderhoud van asfalt-, elementen- en betonverhardingen weergegeven. Hierbij is uitgegaan van kwaliteitsniveau B, waarbij het wegwerken van de onderhoudsopgave in het eerste planjaar is opgenomen. In de overige planjaren is het bedrag voor het planmatig onderhoud opgenomen. Tabel 19 Benodigd budget groot onderhoud (€)

Planjaar 2026

Asfalt 1.331.000

Elementen 954.000

Beton 5.000

Totaal 2.290.000

2027 2028 2029 2030

1.320.000 1.320.000 1.320.000 1.320.000

428.000 428.000 428.000 428.000

60.000 60.000 60.000 60.000

1.808.000 1.808.000 1.808.000 1.808.000

2031 Totaal 2026-2031 Gemiddeld per jaar

1.320.000 7.931.000 1.586.000

428.000 3.094.000 619.000

60.000 305.000 61.000

1.808.000 11.330.000 2.266.000

Pagina 58 van 101

Voor groot onderhoud dient jaarlijks dus een budget beschikbaar te worden gesteld van gemiddeld € 2.266.000,-.

11.3 Klein Onderhoud Klein onderhoud omvat alle schades die ernstig zijn, maar waarvan de omvang te gering is om als schade te noteren en die niet door middel van een groot onderhoudsmaatregel zijn te herstellen. Conform de CROW wegbeheersystematiek is het budget voor klein onderhoud bepaald, door een percentage te nemen van het benodigde budget voor de instandhouding van het wegennet, oftewel het cyclusbedrag. Deze variatie wordt niet alleen veroorzaakt door zuiver technische factoren, maar ook door verschillen in voorbereiding, toezicht, administratie, verkeersmaatregelen en dergelijke. In tabel 20 is uitgerekend wat het benodigde budget voor klein onderhoud, uitgaande van kwaliteitsniveau B. Tabel 20 Benodigd budget klein onderhoud (€) Omschrijving % van cyclusbedrag

Asfalt 12%

Elementen 17%

Beton 5%

Totaal

Benodigd budget

158.000

73.000

3.000

234.000

Voor klein onderhoud is jaarlijks een bedrag benodigd van € 234.000,-.

11.4 Rehabilitaties en reconstructies Voor rehabilitaties en reconstructies is een extra bedrag nodig, dit is als het bedrag voor groot onderhoud voor de middellange en lange termijn, vastgesteld door middel van de onderhoudscycli die zijn vastgesteld voor de gemeente Bergen en doorgerekend voor kwaliteitsniveau B. In tabel 21 zijn de benodigde bedragen voor vervangingen voor asfalt-, elementen- en betonverhardingen opgenomen als een gemiddeld bedrag per jaar. Tabel 21 Benodigd budget vervangingen (€) Vervangingen Gemiddeld per jaar

Asfalt 1.213.000

Elementen 549.000

Beton 57.000

Totaal 1.819.000

Uit tabel 21 blijkt dat er gemiddeld per jaar € 1.819.000 gereserveerd moet worden voor vervangingen. Vanuit de integrale projecten is voor de periode 2026-2031 al € 6.551.254 gereserveerd voor vervangingen en reconstructies. Dit is afgerond gemiddeld € 1.091.000 per jaar. Er is in de periode 2026-2031 per jaar dus nog gemiddeld € 1.819.000 - € 1.091.000 = € 728.000 nodig voor vervangingen die niet in de integrale projecten zijn opgenomen.

11.5 Kostendekking Om de kosten voor onderhoud en investeringen te dekken is een wegenfonds opgericht. Deze is opgedeeld in een budget voor onderhoud en een budget voor transitie openbare ruimte binnen de dorpskern. Het totale benodigde budget voor onderhoud en vervanging is weergegeven in onderstaande tabel. Daarnaast zijn de al beschikbare budgetten en nog gewenste budgetten om alle kosten te kunnen dekken, weergegeven.

Pagina 59 van 101

Tabel 22 kostendekking wegen

2025 2026 2027 2028 2029 2030 2031 totaal

Benodigd budget Beschikbaar budget Integrale Klein/groot opgave transitie Transitie openbare onderhoud + openbare ruimte Onderhoud + ruimte binnen de rehabilitatie (wegendeel) rehabilitatie dorpskernen €2.300.000 €2.000.000 €3.252.000 €1.091.000 €2.300.000 €2.000.000 €2.770.000 €1.091.000 €2.300.000 €2.000.000 €2.770.000 €1.091.000 €2.300.000 €125.000 (gewenst) €2.770.000 €1.091.000 €2.634.000 (gewenst) €125.000 (gewenst) €2.770.000 €1.091.000 €2.634.000 (gewenst) €125.000 (gewenst) €2.770.000 €1.091.000 €2.634.000 (gewenst) €125.000 (gewenst) €17.102.000 €6.546.000 €9.200.000 beschikbaar €6.000.000 beschikbaar €7.902.000 gewenst €500.000 gewenst

Pagina 60 van 101

12 Water en riolering: de ‘eigen’ opgave In dit hoofdstuk beschrijven we de opgave voor de komende jaren. We maken onderscheid in onderhoudswerkzaamheden, onderzoeken en vervanging en verbeteringen.

12.1 Onderhoud Onderhoud aan objecten

In onderstaande tabel is aangegeven hoe we onze objecten onderhouden: Tabel 23 onderhoudsfrequentie

Object Vrijvervalriolen en IT-riool Gemalen Persleidingen Pompunits Randvoorzieningen Kolken IBA’s IT-riolen Wadi’s Infiltratiekelders Straatvegen* Kolken zuigen Duikers en watergangen Maaien en korven Duikers en watergangen uitdiepen en reinigen

Reinigen 1 keer per tien jaar 1 keer per jaar Ad hoc 1 keer per jaar 1 keer per jaar 2 keer per jaar Wanneer nodig 1 keer per tien jaar 4 keer per jaar maaien Naar aanleiding van inspectie Elke zes weken 2x per jaar Jaarlijks

Inspectie 1 keer per tien jaar 1 keer per jaar n.v.t 1 keer per jaar 1 keer per jaar n.v.t. 1 keer per jaar door WBL 1 keer per tien jaar n.v.t. Incidentele visuele inspectie n.v.t. n.v.t. Jaarlijks

Jaarlijks per deelgebied 1 keer per 10 jaar rond.

Jaarlijks per deelgebied 1 keer per 10 jaar rond

*straatvegen wordt deels toegerekend aan de riolering, omdat vuil de afstroming van water richting kolken kan belemmeren en om te voorkomen dat vuil de kolken instroomt.

De komende planperiode gaan we de persleidingen in het buitengebied reinigen, hiervoor zijn op diverse locaties spoel en reinigingsvoorzieningen aangebracht. Om het beheer goed uit te voeren hebben we een onderhoudsbus en auto beschikbaar voor de beheerders. Databeheer

Wanneer we iets aanpassen aan ons stelsel of nieuwe objecten aanleggen, zorgen we ervoor dat deze verwerkt worden in ons beheersystemen. Toezicht op goed gebruik

We houden toezicht op het goed gebruik van onze riolering. Wanneer we situaties constateren dat op een verkeerde manier met stedelijk afvalwater of hemelwater wordt omgegaan, grijpen we in. Daarnaast houden we actief toezicht op indirecte lozingen. De toezichthouder milieu houdt samen met de RUD Limburg-Noord periodiek toezicht bij bedrijven. Nieuwe aanvragen voor indirecte lozingen worden gecontroleerd en beoordeeld.

Pagina 61 van 101

Meldingen

De gemeente is het eerste aanspreekpunt en regisseur in het verwerken en verhelpen van meldingen. Meldingen over (grond)wateroverlast kunnen via het meldingssysteem van de gemeente worden gedaan. We registreren de meldingen en klachten op een eenduidige manier binnen Reppido ‘BuitenBeter’, zodat er achteraf – wanneer wenselijk – analyse mogelijk is. Groen blauwe revolutie schoolpleinen

Samen met de regio vormen we jaarlijks een schoolplein om tot een groen blauw plein. Hier is in 2026 en 2027 budget voor beschikbaar.

12.2 Onderzoeken Door het uitvoeren van onderzoeken houden we zicht op het functioneren van het systeem en vergroten we het inzicht in ons systeem, waardoor we mogelijk verbeteringen kunnen doorvoeren. De komende planperiode voorzien we de volgende onderzoeken: -

-

-

-

-

-

Meten en monitoren van overstorten: de gemeente blijft met de huidige apparatuur de overstorten meten en de meetgegevens analyseren. Meten en monitoren van grondwater: het grondwatermeetnet is belangrijk om het inzicht in de hoogte van de grondwaterstanden te vergroten. Voor een beter beeld moet dit meetnet worden uitgebreid. Niet aangesloten panden: we brengen in beeld welke panden niet zijn aangesloten op het gemeentelijk rioolstelsel en die geen IBA hebben in eigendom van de gemeente. We brengen in kaart wat voor voorziening deze panden hebben en hoe we op termijn deze panden wel kunnen aansluiten op het gemeentelijk stelsel of een voorziening die voldoet aan de actuele eisen. Wanneer deze panden binnen het grondwaterbeschermingsgebied vallen gaan we na of maatregelen noodzakelijk zijn, we hebben daarbij aandacht voor het gebiedsdossier van het grondwaterbeschermingsgebied. Bijdragen aan regionale onderzoeken : vanuit het samenwerkingsverband Waterpanel Noord (15 gemeenten, waterschap Limburg, WML) zijn verschillende onderzoeken geprogrammeerd. Wanneer relevant werken we mee aan deze onderzoeken en we blijven op de hoogte van de nieuwste inzichten die op regioniveau worden opgedaan. In 2026 wordt een nieuw regionaal waterketenplan opgesteld, met een herziene programmering en prioritering van de onderzoeken.

Communicatie: we vinden het belangrijk dat onze inwoners en bedrijven zich bewust zijn van klimaatverandering en goed rioolgebruik. Daarom zetten we in op gerichte communicatie naar onze bewoners. We sluiten aan bij regionale campagnes in de samenwerking, zoals waterklaar. Daarnaast organiseren we informatiemarkten bij herinrichtingsprojecten, zodat inwoners zelf input kunnen leveren. Op deze markten zetten we de WaterKlaarbus en watercoach in, hiermee vragen we lokaal aandacht voor het afkoppelen van de regenpijp van woningen. We laten je zien welke mogelijkheden er zijn en geven praktische tips en advies. Nieuwe sanitatie: We doen onderzoek naar de toepasbaarheid, effectiviteit en duurzaamheid van nieuwe sanitatieconcepten binnen de gemeente, met het oog op toekomstbestendige en circulaire water- en afvalwatersystemen. Grondwateronderzoek: we willen een integraal beeld verkrijgen van de grondwatersituatie binnen de gehele gemeente. Hiermee willen we meer zicht op grondwateroverlast en tekorten. Met het grondwateronderzoek brengen we de grondwaterstanden, stromingsrichtingen, kwetsbare gebieden en de invloed van klimaatverandering, verharding en onttrekkingen in beeld. Dit geeft ons ook de mogelijkheid om in de toekomst het effect van afkoppelen op het grondwater toetsen.

Pagina 62 van 101

-

-

Variantenstudie riolering rijksweg Wellerlooi: op deze locatie ligt een riool op particulier terrein en op een aantal plekken zelfs onder woningen. Dit zorgt voor een situatie waar beheer van het riool bijna niet mogelijk is. We onderzoeken de mogelijkheden om een nieuw riool in de openbare ruimte aan te leggen en de woningen hierop aan te sluiten. Evaluatie GWWRP: halverwege de planperiode, in 2028 evalueren we dit programma. We kijken terug hoe het eerste integrale wegen, water en rioleringsprogramma bevalt. We maken inzichtelijk hoe het uitvoeren van de integrale opgave en de opgaven voor wegen en water en riolering verlopen. Waar nodig stellen we bij.

Jaarlijks is er €40.000 beschikbaar om deze onderzoeken uit te voeren. In het laatste jaar van de planperiode, 2031, actualiseren we dit programma. We stellen het beleid bij waar nodig en bepalen de nieuwe opgave. Wanneer nodig actualiseren we ook de hydraulisch en milieutechnische doorrekening van het watersysteem (SSW). Voor het actualiseren van het SSW in is 2030 €20.000 beschikbaar, voor het actualiseren van het GWWRP is in 2031 €40.000 beschikbaar.

12.3 Vervanging en verbeteringen Vrijvervalriolen

Naast de locaties waar we integraal gaan werken aan de weg en het riool, zijn er plekken waar alleen werkzaamheden aan de riolering nodig zijn. Op een aantal locaties is de staat van de riolering slecht, en zijn geen werkzaamheden aan de bovengrond nodig. Hier relinen we het riool. Tabel 24 werkzaamheden riolering

Locatie

nr

Nieuw Bergen, Siebengewaldseweg Siebengewald, Nieuweweg Wellerlooi, kruisstraat Nieuw Bergen Nieuw Bergen, Dassenstraat e.o. totaal

3

Kosten SSWrelinen maatregel €188.098

Aanleg HWA

totaal € 188.098

6

€188.152

€188.152

16 20 2125

€26.765 €64.528 €105.332

208.989

€ 26.765 € 273.517 € 105.332

€ 572.875

€ 208.989

€781.864

Pagina 63 van 101

Figuur 23 reliningsopgave (linksboven: Siebengewald, rechtsboven: Wellerlooi, onder: Nieuw Bergen)

Pagina 64 van 101

In de jaren 2026-2031 is in totaal €781.864 benodigd. Dit betekent dat er in deze periode jaarlijks 1/6e deel afgerond €130.000 beschikbaar om deze projecten uit te voeren. Daarnaast is er €120.000 beschikbaar om maatregelen te kunnen nemen die uit de inspecties van de komende jaren volgen. Daarnaast is voor het water en rioleringsdeel van de integrale projecten in de jaren 2026-2031 jaarlijks afgerond €1.513.000 beschikbaar om deze projecten uit te voeren. Voor het uitvoeren van de integrale projecten na 2032 is in de jaren 2032-2034 jaarlijks afgerond €1.314.000 beschikbaar om deze projecten uit te voeren. Gemalen, BBB’s en persleidingen

De komende jaren moeten de elektrische en mechanische onderdelen van de volgende gemalen en BBB’s vervangen worden: - Gemaal Staaijershof - Gemaal Aijen - Gemaal Vlammertsehof - Gemaal Groote Horst - Gemaal Elsterendijk - Gemaal Geijsselberg – Wellerlooi - Gemaal Kampweg nabij camping Well - BBB Schilderslaan - BBB De Flammert - BBB Kerkstraat - BBB Oude Kerkstraat - BBB Aaijen Hier is de komende periode jaarlijks €67.000 voor beschikbaar. De asbest cement leiding Grote horst is in slechte staat, er zijn al twee reparaties uitgevoerd. De persleiding is aan vervanging toe. Hier is in 2027 €500.000 voor beschikbaar. Drukunits en drukriolen

De komende jaren moeten 26 drukunits voorzien worden van nieuwe elektrische en mechanische onderdelen. Hier is jaarlijks €54.000 voor beschikbaar. Op twee locaties breiden we het drukrioolstelsel uit: -

-

In Blijenbeek gaan bestaande bebouwing aansluiten, we leggen hier drukriolering aan. In 2025 is een variantenstudie uitgevoerd om de meest doelmatige oplossing te vinden. De werkzaamheden worden in 2026 en 2027 uitgevoerd. Hier is in beide jaren €250.000 voor beschikbaar. Ook het evenemententerrein sluiten we aan op de riolering. In de huidige situatie loost het terrein op een septictank, dit is ongewenst. Door een drukleiding van 350 m en een pompunit te plaatsen, sluiten we het afvalwater aan op het bestaande stelsel. Hier is een budget van €43.000 voor beschikbaar

IBA’s

We verwachten de komende planperiode geen vervanging of verbeteringsmaatregelen aan IBA’s. Groenblauwe schoolpleinen

In samenwerking met Waterpanel Noord pakken we jaarlijks een schoolplein aan. We hebben in 2026 en 2027 een budget van €25.000 om een schoolplein klimaatadaptief in te richten.

Pagina 65 van 101

12.4 Totale investeringsopgave water en riolering Onderstaande tabel geeft de investeringsopgave van 2026-2031 per jaar weer voor water en riolering. Tabel 25 investeringsopgave 2026-2031

2026 2027 2028 2029 2030 2031 Integrale opgave 1.513.000 1.513.000 1.513.000 1.513.000 1.513.000 1.513.000 Rioleringsopgave 250.000 250.000 250.000 250.000 250.000 250.000 vrijvervalriolen en afkoppelen Gemalen 67.000 67.000 67.000 67.000 67.000 67.000 Drukunits 54.000 54.000 54.000 54.000 54.000 54.000 Blijenbeek 250.000 250.000 Persleiding 500.000 Evenemententerrein 43.000 Groenblauwe 25.000 25.000 schoolpleinen Totaal 2.159.000 2.659.000 1.927.000 1.884.000 1.884.000 1.884.000

Pagina 66 van 101

13 Water en riolering: personele capaciteit en financiën In dit hoofdstuk beschrijven we de personele capaciteit en financiële middelen benodigd zijn om de werkzaamheden uit te kunnen voeren.

13.1 Personele capaciteit Om de werkzaamheden en onderzoeken uit te voeren zoals beschreven in de vorige hoofdstukken, is er voldoende personeel nodig. Om inzicht te krijgen in de benodigde bezetting is er aan de hand van de formatietool van de Kennisbank Stedelijk Water (Stichting RIONED) berekend hoeveel capaciteit er nodig is om te gemeentelijke waterketentaken uit te voeren. We maken onderscheid tussen de binnen- en buitendienst om de benodigde capaciteit te berekenen. De binnendienst bestaat uit beheerders, ontwerpers en beleidsmedewerkers. Zij zijn verantwoordelijk voor de planvorming en uitvoering van beheertaken. De buitendienst zorgt voor het dagelijks onderhoud aan het stedelijk watersysteem, zoals het reinigen en inspecteren van de voorzieningen. De uitkomst van de formatietool is vergeleken met de huidige formatie. Hierdoor ontstaat er een beeld van de benodigde personele capaciteit. In onderstaande tabel is dat samengevat. Tabel 26 benodigde personele capaciteit

We stellen budget beschikbaar voor de inhuur van een projectleider, zo zorgen we voor extra capaciteit om de opgave uit te voeren.

13.2 Financiën In deze paragraaf vatten we de benodigde financiële middelen samen die nodig zijn om onze ambities en maatregelen zoals weergeven in de eerdere hoofdstukken uit te kunnen voeren. We laten zien hoe de rioolheffing de kosten dekt voor het uitvoeren van de maatregelen. In bijlage 5 staan de uitgangspunten van de kostendekkingberekening weergegeven en zijn de tabellen behorend bij de kostendekkingberekening opgenomen. Alle genoemde bedragen zijn op prijspeil 2025 en exclusief BTW. Uitgaven

De uitgaven kunnen worden verdeeld in jaarlijkse uitgaven en investeringen. De jaarlijkse uitgaven bestaan uit de exploitatiekosten, de exploitatie omvat de kosten voor de dagelijkse werkzaamheden die ervoor zorgen dat het systeem goed functioneert. Zoals uitgaven voor personeel, onderhoud, onderzoek en energie.

Pagina 67 van 101

Figuur 24 uitgaven

Kosten

Investeringen worden over meerdere jaren afgeschreven. Het verloop van de kosten is daarom anders dan die van de uitgaven.

Figuur 25 te dekken kosten

Tarief rioolheffing 2025

In de gemeente Bergen heffen we rioolheffing per perceel. De rioolheffing in 2025 bedraagt €297,02. Heffingseenheden

In 2026 zijn er 6.320 eenheden die rioolheffing betalen. We verwachten dat door ontwikkelingen in de jaren 2026 tot en met 2031 er 40 tot 80 eenheden per jaar bijkomen.

Pagina 68 van 101

Voorziening

We maken gebruik van een tariefegalisatie voorziening om te voorkomen dat de rioolheffing jaarlijks fluctueert door de wisselende kosten. De hoogte van de voorziening op 1-1-2026 is naar verwachting €2.070.000. Kostendekking

20.000

900

18.000

800

16.000

700

14.000

600

12.000

500

10.000

400

8.000

300

6.000

200

4.000

100

2.000

Rioolheffingen, euro

1.000

0 2026

Voorziening, euro*1000

In 2026 stijgt de rioolheffing met ongeveer €11 naar een tarief van €308. Om alle kosten te kunnen dekken en te voorkomen dat de voorziening negatief wordt, is van 2027-2029 een stijging van de rioolheffing met €23 per jaar nodig. Vanaf 2030 stijgt de rioolheffing jaarlijks door met €16 per jaar. In onderstaande figuur zijn de jaarlijkse te dekken kosten per heffingseenheid (blauw) weergegeven, het voorgestelde rioolheffingstarief (oranje) en het verloop van de voorziening (geel).

0 2036

2046

2056

2066

2076

2086

2096

jaar jaarlijks benodigd

voorgesteld tarief

voorziening

Figuur 26 verloop van de rioolheffing

In onderstaande tabel is de rioolheffing per jaar voor de planperiode, exclusief inflatiecorrectie, weergegeven. Jaar 2026 2027 2028 2029 2030 2031

Hoogte rioolheffing (excl. Inflatiecorrectie) €308,00 €331,00 €354,00 €377,00 €393,00 €409,00

Dat de rioolheffing moet stijgen om de kosten te kunnen dekken heeft verschillende oorzaken:

• •

De jaarlijkse kosten zijn gestegen. De overhead is opnieuw berekend, dit zorgt voor hogere lasten voor de riolering. De afgelopen jaren is de inflatie hoog. In de grond-, weg- en waterbouwsector, waar riolering ook onder valt, zijn de prijzen ten opzichte van 2020 (startjaar van het vorige beleidsplan) met 39% gestegen. Het onderhouden van objecten, zoals reinigen en inspecteren en vervangen van objecten is daardoor duurder geworden.

Pagina 69 van 101

Bijlage 1 samenvattende infographic

Pagina 70 van 101

Gemeentelijk Wegen, Water en rioleringsprogramma

In het GWWRP komen de thema’s, wegen, riolering en waterbeheer, in zowel organisatorische als in financiële zin bijeen. Deze thema’s zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden, maar worden door gemeenten tot op heden sectoraal behandeld, dit terwijl het belang om deze thema’s op elkaar af te stemmen vanzelfsprekend is. Het GWWRP heeft als voordeel dat de opgaven en de samenhang van de verschillende thema’s inzichtelijk wordt, waardoor het organisatorisch en financieel effectief op elkaar kan worden afgestemd. Deze wijze van werken is in Nederland uniek en heeft nog geen andere voorbeelden, samen met het bureau Sweco hebben we het spreekwoordelijke wiel moeten uitvinden en heeft het geleid tot dit programma.

Ambities Omgevingsvisie

Water langer vasthouden

Realiseren gezonde leefomgeving

Verbeteren leefklimaat

Aantrekkelijke woongemeente

Voorzieningen bereikbaar houden

Zorgplichten water en riolering Stedelijk afvalwater inzamelen met riolering

Verwerken afvloeiend hemelwater: • Gedeelde verantwoordelijkheid Gemeente en perceeleigenaar • Vasthouden -bergen- afvoeren • Schoonhouden-scheidenzuiveren • Voorbereiden op het veranderende klimaat

Zorgplichten weg

Streven naar natuurlijk grondwatersysteem en voorkomen van structurele grondwater over- en onderlast

Inrichting afstemmen op functie en gebruik

Beperken (geluids-) overlast op omwonenden en milieu

Streven naar een goede waterkwaliteit

Onderhoud openbare weg en voorziening bedoeld voor instandhouding van de weg

Voorbereiden op het veranderende klimaat om de begaanbaarheid te waarborgen

Beschermen van een duurzame drinkwatervoorziening

Waarborgen veiligheid (weg-) gebruiker

Huidige situatie water en riolering

Huidige situatie wegen Onderhoudscyclus Aanleg

Reconstructie Rehabilitatie

Groot onderhoud Klein onderhoud

Klein onderhoud

Onderhoudstoestand

Na reconstructie/ rehabiliteatie start de onderhoudscyclus opnieuw.

Onderhoudscyclus

Voorzieningen

Kwaliteit van de riolering

We beheren veel verschillende voorzieningen in de waterketen Voorziening

Met inspecties is de kwaliteit van de vrijvervalriolering in beeld gebracht.

Aantal

Eeinheid

96 6 14 76 12 43 15 28 0,5 19 157 6 132 20 36 35

km km km km km km stuks km km stuks stuks stuks stuks stuks km km

Vrijvervalriool - Vuilwaterriool - Hemelwaterriool - Gemengd riool Persleiding Drukleiding Luchtinblaasinstallaties Vrijvervalvuilwaterriool in buitengebied Drainage Gemalen Drukunits BBB’S IBA’s Externe overstorten Droge sloten Natte sloten

De duur van de cyclus verschilt per verhardingstype.

Materialisatie

Kwaliteit van de weg

In onderstaande cirkeldiagrammen is het wegtype per verhardingstype binnen en buiten de bebouwde kom weergegeven.

We streven naar kwaliteitsniveau B. Dit betekent dat 90% van het areaal minimaal kwaliteit B heeft. 100%

100%

90%

90%

80%

80%

70%

70%

60%

60%

50%

50%

40%

40%

30%

30%

20%

20%

10%

10%

0%

0% Waterdichtheid Zeer goed

Goed

Stabiliteit Matig

1960 - 1969

Afstroming Slecht

Zeer slecht

Wegen

Riolering

Kwaliteit

Zeer hoog A+

Hoog A

Basis B

1970 - 1979

A+

Zeer laag D

Laag C

Slecht Matig Voldoende goed Zeer goed

A

1980 - 1989 B

1990 - 1999 C

2000 - 2009 2010 - 2019

D

2020 -

90% regel

We combineren de kwaliteit van het riool en de weg om de integrale vervangingsprioriteit te bepalen. Wanneer de kwaliteit van het riool matig of slecht is en de staat van de weg laag of zeer laag ligt er een integrale opgave.

Gezamenlijke opgave Projecten Afferden

Kwaliteit riolering o.v.v. inspecties

Kwaliteit wegen o.b.v. aanlegjaar, verharding, type en onderhoudscycli

Vervangingsprioritering riolering

Vervangingsprioritering wegen

Siebengewald

Integraal vanaf 2032

Integraal 2026 - 2031 Integraal vanaf 2032

Wellerlooi Integraal 2026 - 2031 Integraal vanaf 2032

Wateroverlastlocaties

Integrale vervangingsprioriteit

Integrale vervangingsprioriteit

Aanleg, renovatie of vervanging van riolering

Integrale projecten: - Reconstructie - Bovengrond + afkoppelen + relinen

Wegenrenovatie of vervanging

Nieuw-Bergen Integraal 2026 - 2031 Integraal vanaf 2032

Well Legenda

Integraal 2026 - 2031

Bij uitvoering meekoppelkansen vanuit andere doelen identificeren, zoals verminderen hittestress of vanuit de energietransitie

Integraal project

Water en riool

Wegen

Looptijd GWWRP

2026

2027

2028

2029

2030

2031

Totaal

Transitie openbare ruimte

2.603.458

2.603.458

2.603.458

2.603.458

2.603.458

2.603.458

15.620.750

Transitie openbare ruimte wegen

1.090.617

1.090.617

1.090.617

1.090.617

1.090.617

1.090.617

6.543.704

Klein onderhoud

234.000

234.000

234.000

234.000

234.000

234.000

1.404.000

Groot onderhoud (incl. achterstand wegwerken

2.290.000

1.808.000

1.808.000

1.808.000

1.808.000

1.808.000

11.330.000

Rehabilitatie (ingrijpende reconstructie)

728.000

728.000

728.000

728.000

1.808.000 728.000

728.000

4.368.000

Subtotaal wegen

4.342.617

3.860.617

3.860.617

3.860.617

3.860.617

3.860.617

23.645.704

Transitie openbare ruimte riolering

1.513.000

1.513.000

1.513.000

1.513.000

1.513.000

1.513.000

9.078.000

Eigen investeringsopgave water en riool

646.000

1.146.000

414.000

371.000

371.000

371.000

3.319.000

Beheerkosten water en riool

1.306.313

1.306.313

1.306.313

1.306.313

1.326.313

1.406.313

7.837.878

Subtotaal water en riool

3.465.313

3.965.313

3.233.313

3.190.313

3.210.313

3.230.313

20.234.878

Integrale aanpak wegen, water en riolering Werken aan wegen, water en riolering komt samen inde vervangingsopgave in het stedelijke gebied. De wegen en riolering komen beiden aan het einde van hun levensduur. Waar de vervangingsopgaven overlappen, willen we werkzaamheden gezamenlijk oppakken. Wanneer de staat en/of het functioneren van een weg of riool niet meer aan de eisen voldoet, grijpen we in. Bij voorkeur pakken we de weg en het riool tegelijkertijd aan. Op die manier worden financiële middelen zo effectief mogelijk ingezet. Daarnaast dragen we gezamenlijk bij aan de ambities gesteld in de Omgevingsvisie en realiseren we de doelen die we vanuit beide vakgebieden nastreven.

Klimaatadaptief inrichten openbare ruimte Bereikbaarheid waarborgen, ook bij extreme regenval Bevorderen biodiversiteit in de openbare ruimte

Weg maar één keer open

We werken samen aan: • Het bereikbaar houden van voorzieningen • De leefomgeving aanpassen op het veranderende klimaat • Het creëren van een gezonde en aantrekkelijke omgeving voor onze inwoners

Beschermen gezondheid inwoners en milieu

VWA

HWA

Materiaalgebruik wegen en leidingen verduurzamen

Scheiden van vuilwater en hemelwater

www.bergen.nl

gemeentebergen_L

gemeentebergen

Gemeente Bergen (L)

Afstemmen van werkzaamheden zorgt voor effectief besteden van beschikbaar budget

€

Bijlage 2 Kwaliteitskaarten wegen, water en riolering

Pagina 72 van 101

Pagina 73 van 101

Pagina 74 van 101

Pagina 75 van 101

Pagina 76 van 101

Pagina 77 van 101

Bijlage 3 Overzicht overstorten

Pagina 78 van 101

Bijlage 4 Onderhoudscycli Wegen

Pagina 80 van 101

Pagina 81 van 101

Pagina 82 van 101

Bijlage 5 Uitgangspunten en tabellen kostendekkingberekening water en riolering Uitganspunten In deze bijlage zijn de uitgangspunten voor de kostendekkingsberekening voor de rioolheffing weergegeven. 1. Berekeningsmethode De rioolheffingsberekening wordt uitgevoerd met behulp van de contante-waardemethode. Deze methode is geschikt om de effecten en de trend op langere termijn zichtbaar te maken. Met de contante-waardemethode is een vergelijking van de uitgaven en inkomsten in verschillende jaren mogelijk. De toekomstige uitgaven en inkomsten van elk jaar in de beschouwde periode worden contant gemaakt naar 1 januari startjaar. In de te verwachten inkomsten zit één onbekende: de hoogte van de benodigde inkomsten per aansluiting. Door de contante waarde van de te verwachten inkomsten gelijk te stellen aan de contante waarde van de te verwachten uitgaven, worden de kosten per heffingseenheid berekend. Voor toekomstige investeringen wordt in de contante-waarde-benadering geen specifieke wijze van afschrijving of financiering verondersteld. De diverse afschrijvingsmethoden (lineair, afschrijving op annuïteitsbasis) verschillen onderling wel door een andere (boekhoudkundige) verdeling van lasten in de tijd, maar de contante waarde van de jaarlijkse lasten is in deze methoden steeds gelijk aan de contante waarde van de investeringen.

Het inflatie- en rentepercentage worden gebruikt voor het contant maken van de toekomstige uitgaven en inkomsten. Dit gebeurt op de volgende wijze:

CWx (U j ) = U j  (cwf )

( j − x)

 (1 + i)   = U j   ( 1 + r )  

( j−x)

waarbij: x

= startjaar berekening

Uj

= uitgave in jaar (j) op prijspeil startjaar

i

= inflatie (in decimalen, bijvoorbeeld 0,015)

r

= rente (in decimalen, bijvoorbeeld 0,04)

cwf

= contante-waardefactor { = (1+i) / (1+r) }

CWx(Uj)

= contante waarde in jaar x van investering U in het jaar

Het totaal aan uitgaven en inkomsten over de beschouwde periode is met elkaar in evenwicht.

2. Planningshorizon Bij de berekening van de rioolheffing is uitgegaan van een plannings-horizon van 80 jaar: 2026 tot en met 2105. 3. Inflatie De prijsindex is gebaseerd op de prijsontwikkeling van de lonen, het materiaal en materieel die nodig zijn voor het aanleggen van een riolering binnen de bebouwde kom. Voor de kostendekkings-berekening bij het Wrp is uitgegaan van een langjarige inflatie van 2,0%. 4. Rentevoet Er is een rentevoet van 2,0% gehanteerd voor kapitaallasten van de in het verleden gedane investeringen. Voor kapitaallasten voor toekomstige investeringen is ook gerekend met 2,0% Er wordt geen rente toegevoegd aan de voorziening. 5. Prijspeil Alle in het GWWRP genoemde uitgaven zijn op prijspeil 2025. 6. Eenheidsprijzen Voor de berekening van de investeringskosten van de riolerings-objecten is gebruik gemaakt van de eenheidsprijzen van de Kennisbank Stedelijk Water van Stichting Rioned van januari 2021. Deze zijn op prijspeil 2025 gebracht. 7. Staartkosten Voor de staartkosten zijn conform de Kennisbank Stedelijk Water van Stichting Rioned de volgende waarden gehanteerd: uitvoeringskosten 10% (inrichting werkterrein, uitzetwerkzaamheden), algemene kosten, winst en risico 12%, voorbereiding, honorarium en toezicht 18%. Totaal (1,10 * 1.12 * 1,18 - 1) = 45%. 8.

Indexering rioolheffing Het in het GWWRP berekende tarief moet jaarlijks met de optredende inflatie worden geïndexeerd. Dit wordt jaarlijks bij de vaststelling van de begroting afgehandeld. 9. Afschrijvingsmethode Investeringen worden lineair afgeschreven. 10. Afschrijvingstermijnen De technische afschrijvingstermijn (levensduur) heeft grote invloed op de hoogte van de rioolheffing, die bepaalt immers in welk jaar een object op de vervangingsplanning verschijnt. Het is daarom belangrijk om de technische levensduur van de rioleringsobjecten zo goed mogelijk in te schatten. In de praktijk wordt hierbij gebruik gemaakt van inspectiegegevens. De in de berekening gehanteerde afschrijvingstermijnen zijn weergegeven in tabel B1.

Pagina 84 van 101

Tabel B1

Overzicht gehanteerde afschrijvingstermijnen (jaar)

Object Vrijvervalriolen Gemalen – bouwkundig Gemalen – mechanisch / elektrisch Persleidingen Drukriolering – bouwkundig Drukriolering – mechanisch / elektrisch IBA’s

Afschrijvingstermijn Technisch

Afschrijvingstermijnen economisch

80 60 20 80 60 20 60

80 60 20 80 60 20 20

11. Egalisatievoorziening In de kostendekkingsberekening is uitgegaan van een egalisatie-voorziening om ongewenste schommelingen in de rioolheffing te voorkomen (BBV art. 44, lid 2 voorziening). Dit leidt tot een gelijkmatige verdeling van de lasten voor de burger over het aantal begrotingsjaren. Er wordt geen rente aan de egalisatievoorziening toegevoegd. 12. Heffingseenheden In de berekening is uitgegaan van 6.320 heffingseenheden in 2026. De komende jaren stijgt het aantal heffingseenheden door nieuwbouw met 40 tot 80 eenheden per jaar. 13. Rioolheffing en btw De geraamde btw op zowel goederen als diensten en investeringen mogen in het riooltarief worden meegenomen. In de rioolheffings-berekening is de btw over de jaarlijkse kosten (exploitatie en onderzoek) en over de investeringen meegenomen. 14. Investeringen voor nieuwbouw Investeringen voor nieuwbouw worden niet verrekend via de rioolheffing, maar via de grondexploitatie. 15. Straatvegen Straatvegen wordt deels toegerekend aan de rioolheffing, de kosten hiervan zijn opgenomen in de exploitatie. 16. Oppervlaktewateren Alleen de kosten voor het beheer van oppervlaktewateren met een hemelwaterbergende en transportfunctie worden toegerekend aan de rioleringszorg.

Pagina 85 van 101

Tabellen kostendekkingberekening

Pagina 86 van 101

Pagina 87 van 101

Pagina 88 van 101

Pagina 89 van 101

Pagina 90 van 101

Pagina 91 van 101

Pagina 92 van 101

Pagina 93 van 101

Pagina 94 van 101

Pagina 95 van 101

Pagina 96 van 101

Pagina 97 van 101

Pagina 98 van 101

Pagina 99 van 101

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16224366/1