1 B1 Toelichting Bijlage 1 Masterplan Wells Meer
Tekst van het document
nl
MASTERPLAN
ENERGIELANDGOED WELLS MEER November 2019
Energielandgoed Wells Meer is een initiatief van Gemeente Bergen en onderdeel van Programma VerduurSAMEN2030.
SAMENSTELLING MASTERPLAN Gemeente Bergen H+N+S Landschapsarchitecten Antea Group Pondera Consult Decisio Econnetic Viduro
Amersfoort, 6 November 2019
f
V E R D U U R SA M E N 2 0 3 0 w w w. e n e r g i e l a n d g o e d w e l l s m e e r. n l wellsmeer@bergen.nl
in
E n e r g i e l a n d g o e d We l l s M e e r
INHOUD 1. INLEIDING 1.1 Aanleiding 1.2 Ambitie en doel 1.3 Leeswijzer
2. RUIMTELIJK BELEIDSKADER
6 7 8 9
10
2.1 Waarom Wells Meer? 2.2 Gemeentelijk beleid 2.3 Provinciaal beleid 2.4 Het Rijksbeleid 2.5 Terugblik: stappen tot nu toe
11 12 14 16 17
3. GEBIEDSBESCHRIJVING
22
3.1 Ontstaansgeschiedenis 3.2 Wells Meer in regioperspectief 3.3 Huidige situatie
23 25 26
4. RUIMTELIJK ONTWERP
30
4.1 Visie op de opgave 4.2 Ruimtelijke hoofdstructuur 4.3 Ambitie per thema 4.4 Programma
31 31 34 43
5. UITWERKING LANDSCHAPPELIJK RAAMWERK 5.1 De Energieboulevard 5.2 Het ZonnePark 5.3 Het bezoekers- en innovatiecentrum 5.4 Landschappelijke geleding 5.5 Natuurzone langs de Molenbeek 5.6 Routenetwerk
44 50 52 54 56 58 60
6. ONTWERPPRINCIPES ONTWIKKELVELDEN DUURZAME ENERGIE 6.1 Zonne-energie 6.2 Windenergie
7. ONTWIKKELSTRATEGIE 7.1 Realisatiestrategie op hoofdlijnen 7.2 Ontwikkelproces en waardeontwikkeling 7.3 Ontwikkelmodel 7.4 Financiële participatie inwoners en bedrijven 7.5 Economische haalbaarheid
8. MAATSCHAPPELIJKE KOSTEN EN BATEN 8.1 Toelichting MKBA 8.2 Maatschappelijke kosten en baten 8.3 Milieueffecten
9. VERVOLG 9.1 Procedure: bestemmingsplan, MER en vergunningen 9.2 Uitwerking en detaillering ontwerp 9.3 Uitwerking organisatie en ontwikkeling 9.4 Communicatie
62 63 69
72 73 73 75 76 76
78 79 79 80
88 89 89 91 91
4
MASTERPLAN ENERGIELANDGOED WELLS MEER
WOORD VOORAF Voor u ligt het masterplan voor Energielandgoed Wells Meer: een gebied van 400 hectare waar op grote schaal duurzame energie opgewekt gaat worden. Een plek waar innovatie, educatie en recreatie samenkomen. Het Energielandgoed levert een belangrijke bijdrage aan de ambitie van Gemeente Bergen om in 2030 energieonafhankelijk te zijn en draagt op vooruitstrevende wijze bij aan onze gezamenlijke klimaatopgave. We doen dit op een manier die aansluit bij de kernbegrippen van de hedendaagse ruimtelijke ontwikkeling: geïntegreerd, gebiedsgericht en in samenwerking. Dit masterplan is het eindproduct van fase 2, de ontwerpfase, waarin op hoofdlijnen het ontwerp voor het Energielandgoed en de businesscase is bepaald. Het geeft een eerste ruimtelijke uitwerking van de bouwstenen (een programma van eisen) die meegegeven zijn door de gemeenteraad: waar krijgen zon en wind een plek? Hoe geven we vorm aan de bouwstenen educatie en recreatie? Het masterplan neemt u mee door Proces de ambities van Gemeente Bergen, het gebied Wells Meer, het ontwerp van het Energielandgoed en de vervolgstappen die genomen moeten worden om het Energielandgoed te FASE 0 FASE 1 realiseren. VoorVerkenning verkenning
>
Structuurvisie & Na oplevering van het masterplan werken we hetHaalbaarheidsontwerp verkenning MER voor het Energielandgoed verder uit. In fase 3 wordt de bestemmingsplanprocedure opgestart en wordt het masterplan
integraal opgenomen in het bestemmingsplan. Ook in die fase wordt de omgeving geïnformeerd en vindt formele inspraak plaats. De gemeenteraad stelt het bestemmingsplan vast, waarna de omgevingsvergunningen aangevraagd kunnen worden. Parallel hieraan wordt de bv opgericht, komt de financiële uitwerking van het project tot stand en werken we de mogelijkheden voor financiële participatie door inwoners verder uit. Het masterplan vormt het fundament voor het toekomstige Energielandgoed. Een solide basis om op verder te bouwen, samen met betrokken partners, experts en inwoners. Samen werken we toe naar realisatie van Proces Energielandgoed Wells Meer in 2022.
FASE 0 Voorverkenning Haalbaarheidsverkenning
>
FASE 2 Ontwerpfase verkenning Masterplan verkenning
>
FASE 1
>
FASE 3
Verkenning
Structuurvisie & MER
Planfase kenning Bestemmingsplan
>
FASE 2
>
FASE 4
Ontwerpfase verkenning Masterplan verkenning
Ontwikkelfase Haalbaarheidsverkenning
>
FASE 3
>
FASE 5
Planfase kenning Bestemmingsplan
Bouwfase VoorHaalbaarheidsverkenning
Figuur 0.1 Fases ontwikkeling Energielandgoed Wells Meer
>
FASE 4
>
FASE 6
Ontwikkelfase Haalbaarheidsverkenning
Beheer en exploitatie Haalbaarheidsverkenning
>
FASE 5 Bouwfase VoorHaalbaarheidsverkenning
>
FASE 6
Beheer en exploitati
Haalbaarheid verkenning
MASTERPLAN ENERGIELANDGOED WELLS MEER
Figuur 0.2 Vogelvlucht impressie van het Energielandgoed Wells Meer
5
1. INLEIDING In deze inleiding schetsen we de aanleiding voor het realiseren van een Energielandgoed in gemeente Bergen en gaan we dieper in op de ambities van Gemeente Bergen. Welke ambities heeft Gemeente Bergen als het gaat om verduurzamen? En welke kernbegrippen spelen een belangrijke rol bij de realisatie van Energielandgoed Wells Meer?
MASTERPLAN ENERGIELANDGOED WELLS MEER
7
1.1 AANLEIDING V E R D U U R S A M E N 2030 Gemeente Bergen wil in 2030 als eerste gemeente in Limburg energieonafhankelijk zijn. Dit betekent dat de volledige energieopwekking plaatsvindt binnen de eigen gemeentegrenzen. Om in 2030 als gemeente energieonafhankelijk te zijn, is het niet alleen nodig om energie op te wekken maar moeten we ook energie besparen. Het totale verbruik van de gemeente is 1,74 petajoule (PJ). Om deze doelstelling te bereiken is het programma VerduurSAMEN2030 opgezet. Het programma bestaat uit kleinschalige opwekking en innovatie, besparing en grootschalige opwekking. ENERGIELANDGOED WELLS MEER Met de ontwikkeling van het grootschalige Energielandgoed Wells Meer doet zich een unieke kans voor om in één keer minimaal 50% van de genoemde ambitie te verwezenlijken. Energielandgoed Wells Meer wordt een robuust gebied van ongeveer 400 hectare waar duurzame energie opgewekt wordt met bijvoorbeeld zonnepanelen, biomassa en windturbines. Door energieopwekking in dit gebied te concentreren, kan er een kwaliteitsimpuls in het gebied
Figuur 1.1: Programma VerduurSAMEN2030 Gemeente Bergen
worden gerealiseerd. Niet alleen op het gebied van duurzaamheid, maar ook op het gebied van educatie en recreatie. Tera j o u le is een d u id ing vo o r een h o eveelh eid energie. Jo u le is d e pr im a ire eenh eid vo o r energie. Wa t t is d e gebr u ik t e a a nd u id ing vo o r elek t r is c h ver m o gen. Wa a r bij 1 w a t t = 1 j o u le/s ec o nd e. 1 k W h is d a a ro m 1000 ( k ilo ) x 60 ( m inu t en/u u r ) x 60 ( s ec o nd en/m inu u t ) = 3. 600. 00 0 j o u le = 3, 6 M J ( m ega j o u le). Veelvo u d en z ij n gepres ent eerd in d e t a bel h ier na a s t . D e t er m en t era w a t t u u r ( T W h ) en pet a j o u le w o rd en va a k gebr u ik t , h ier bij geld t d a t 1 T W h ( t era w a t t u u r ) gelij k s t a a t a a n 3, 6 pet a j o u le.
VA N E N V O O R B E R G E N Gemeente Bergen wil zo veel mogelijk ideeën ophalen in de omgeving. Samen met inwoners, bedrijven en instellingen willen we verder invulling geven aan het ontwerp en de invulling van het Energielandgoed Wells Meer. Inwoners krijgen niet alleen een rol bij de realisatie van het project, maar moeten ook van het Energielandgoed kunnen profiteren. Energielandgoed Wells Meer is van en voor de inwoners van Bergen.
Figuur 1.2: Grootheden energie
MASTERPLAN ENERGIELANDGOED WELLS MEER
8
1.2 AMBITIE EN DOEL
GEBIEDSGERICHT We ontwerpen het Energielandgoed vanuit de kenmerken en
Onze ambitie is in het gebied Wells Meer een Energielandgoed van
mogelijkheden van het gebied. Er is een integraal en samenhan-
en voor Bergen te ontwikkelen: een gebied met een bijzondere, eigen
gend ontwerp gemaakt waarin oude en nieuwe kwaliteiten op een
identiteit en ruimtelijke kwaliteit. We kiezen daarbij voor een in-
vanzelfsprekende manier samenkomen.
tegrale gebiedsontwikkeling. Zo gebruiken we de doelstelling voor het verduurzamen van de energievoorziening om gelijktijdig een
IN SAMENWERKING
economische en landschappelijke versterking te realiseren. Met
En dat alles doen we in samenwerking met onze bedrijven, maat-
het Energielandgoed concentreren we de opwekking van duurzame
schappelijke organisaties en inwoners: van en voor Bergen. Ook
energie op één locatie en daarmee realiseren we schaalvoordelen.
andere overheden en stakeholders zijn belangrijke partners bij
Met dezelfde inspanningen kan meer energie worden opgewekt.
de totstandkoming van Energielandgoed Wells Meer (zie kader).
Zo is er minder ruimte nodig om de doelstelling van minimaal 50% grootschalige duurzame energieopwekking te behalen. SAMENWERKING Met de ontwikkeling van Energielandgoed Wells Meer geven we op
Voor het realiseren van het Energielandgoed werken we samen met
een innovatieve en vooruitstrevende manier vorm aan de energie-
diverse partners. Op weg naar het masterplan zijn diverse partijen
transitie. Op een manier die aansluit bij de kernbegrippen van de
betrokken bij de ontwikkeling:
hedendaagse ruimtelijke ontwikkeling: geïntegreerd, gebiedsgericht
•
De Provincie Limburg: mede-grondeigenaar, bevoegd gezag voor de natuurvergunning en partner in de Regionale Energiestrategie
en in samenwerking.
(RES). GEÏNTEGREERD
•
De Rijksoverheid: ministerie van Economische Zaken en Klimaat
Energielandgoed Wells Meer wordt meer dan alleen een productielo-
(EZK) als bevoegd gezag vanuit de Rijkscoördinatieregeling en de
catie voor duurzame energie. Mede dankzij de omvang van het Wells
Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) als verantwoordelijke voor de subsidie voor duurzame energie (SDE++).
Meer ontstaat er een Energielandgoed dat naast de energieproductie ook andere functies kan herbergen. We ontwikkelen een landgoed
•
aansluiting van het Energielandgoed op het elektriciteitsnet.
dat door meervoudig ruimtegebruik meerwaarde biedt voor educatie, recreatie en natuur. Een landgoed waar alle inwoners van de
•
BNG Bank: als adviseur bij het genereren van het benodigde vreemd vermogen.
gemeente en daarbuiten welkom zijn om te recreëren, te leren en geïnspireerd te raken. De ambitie per functie en thema is toegelicht
De netbeheerders Enexis en TenneT: verantwoordelijk voor de
•
Gemeente Venray: als buurgemeente waar het kabeltracé doorheen zal lopen.
in hoofdstuk 4. •
Waterschap Limburg: als eigenaar van de Molenbeek en overige afwateringskanalen in het plangebied.
MASTERPLAN ENERGIELANDGOED WELLS MEER
In de periode voorafgaand aan de totstandkoming van het masterplan hebben we de samenwerking met diverse partners geformaliseerd. Met de Provincie Limburg is op 26 september 2018 een intentieverklaring getekend voor de samenwerking bij de ontwikkeling van Energielandgoed Wells Meer. Op 28 juni 2019 heeft het ministerie van EZK formeel de bevoegdheid voor het voeren van de procedure voor het Energielandgoed overgedragen aan Gemeente Bergen. Gemeente Bergen en netbeheerders Enexis en TenneT hebben op 9 september 2019 een intentieovereenkomst getekend over het tijdig aansluiten van het Energielandgoed op het elektriciteitsnet. Ook is er in 2019 een stuurgroep opgericht waarin aanvullende en specifieke kennis wordt gedeeld in relatie tot de planologische ontwikkeling en de ontwikkel- en beheerorganisatie van het Energielandgoed. In deze stuurgroep hebben de Provincie Limburg, Enexis en Gemeente Venray zitting, onder voorzitterschap van Gemeente Bergen. Experts van de Provincie Limburg en Enexis participeren bovendien in de projectgroep.
1.3 LEESWIJZER Het masterplan kent de volgende opbouw: ■■ Hoofdstuk 1: aanleiding, ambitie en doel Energielandgoed Wells Meer. ■■ Hoofdstuk 2: ruimtelijk beleidskader voor de ontwikkeling van het Energielandgoed. ■■ Hoofdstuk 3: gebiedsbeschrijving met nadere analyse van het gebied Wells Meer. ■■ Hoofdstuk 4: ruimtelijke visie en concept voor Energielandgoed Wells Meer.
■■ Hoofdstuk 5: uitwerking van het landschappelijke raamwerk, als kader voor de ontwikkelvelden duurzame energie. ■■ Hoofdstuk 6: toelichting van de ontwerpprincipes voor de ontwikkelvelden duurzame energieopwekking. ■■ Hoofdstuk 7: ontwikkelstrategie en wijze waarop de visie organisatorisch tot realisatie wordt gebracht. ■■ Hoofdstuk 8: maatschappelijke kosten en baten: argumentatie en informatie achter de keuzes die gemaakt zijn voor Energielandgoed Wells Meer. ■■ Hoofdstuk 9: procedurele vervolgstappen voor de realisatie van Energielandgoed Wells Meer.
9
2. RUIMTELIJK BELEIDSKADER De ontwikkeling van het Energielandgoed moet passen binnen de geldende beleidsambities en planologische kaders. In dit hoofdstuk schetsen we het relevante ruimtelijke beleid voor Energielandgoed Wells Meer. We beginnen met de inhoudelijke onderbouwing voor de keuze om een Energielandgoed op de locatie Wells Meer te realiseren. Vervolgens laten we zien hoe deze keuze past in het ruimtelijk beleid van de Rijksoverheid, Provincie Limburg en Gemeente Bergen.
MASTERPLAN ENERGIELANDGOED WELLS MEER
2.1 WAAROM WELLS MEER?
11
In een milieueffectrapport (m.e.r.) zijn de drie locaties beoordeeld op hun geschiktheid voor het grootschalig opwekken van duurza-
Het programma VerduurSAMEN2030 vormt het vertrekpunt. Dit
me energie. Op basis van de beoordeling is de keuze gemaakt om
programma heeft als doel in 2030 via kleinschalige opwekking en
het Wells Meer aan te wijzen als locatie voor het Energielandgoed.
innovatie, besparing en grootschalige opwekking net zo veel ener-
De keuze is gebaseerd op vier onderscheidende aspecten: de op-
gie op te wekken als in gemeente Bergen wordt verbruikt (1,74 PJ).
wekking van duurzame energie, de impact op het ruimtegebruik,
We schatten in met de programmalijnen kleinschalige opwekking
de impact op de leefomgeving en de impact op het landschap.
en innovatie enerzijds en besparing anderzijds maximaal 50% van
Wells Meer is de enige locatie waar de opgave voor de opwekking
die totale opgave te kunnen realiseren. Dit betekent dat de overige
van duurzame energie gerealiseerd kan worden en de enige locatie
50% van de opgave (0,87 PJ) ingevuld moet worden door groot-
die geen (sterk) negatieve score heeft op de impact op ruimtege-
schalige opwekking buiten de kernen.
bruik, leefomgeving en landschap.
In grote delen van de gemeente is sprake van kwetsbare landschappen of gebieden met grote natuurwaarden. Dat geldt voor het Maasdal en Nationaal Park De Maasduinen. Beide gebieden willen we vrijwaren van het grootschalig opwekken van duurzame energie. Tussen De Maasduinen en de Duitse grens liggen enkele grootschalige ontginningslandschappen, waar wel mogelijkheden liggen voor grootschalige opwekking. Met inachtneming van harde barrières (zoals voldoende oppervlakte, afstand tot woonkernen en technische belemmeringen) beschikt gemeente Bergen over drie potentiële locaties voor grootschalige opwekking van duurzame energie. De locaties zijn op de afbeelding hiernaast aangegeven. A)
Het gebied ten noorden van Afferden en het Natura 2000-ge-
Figuur 2.1 Potentiële locaties voor 50% opwekking van duurzame energie binnen gestelde kaders
bied Nationaal Park De Maasduinen (Broederbosch). B)
Het Wells Meer, ten westen van Nationaal Park De Maasdui-
C)
Het meest zuidelijke deel van gemeente Bergen, ten westen
nen en ten noorden van Tuindorp. van stiltegebied De Hamert en omsloten door de Walbeckerweg en de Heerenvenweg.
Locatie A
Locatie B
Locatie C
Opwekken van duurzame energie Impact op het ruimtegebruik Impact op de leefomgeving Impact op het landschap
Figuur 2.2: Beoordeling locaties (aanvulling MER Structuurvisie Wells Meer, Antea Group 2018)
MASTERPLAN ENERGIELANDGOED WELLS MEER
12
Binnen de locatie Wells Meer is ruimte voor de realisatie van een
2.2 GEMEENTELIJK BELEID
Energielandgoed: een gebied met een heldere structuur, eenheid, samenhang en begrenzing. Vanuit de kenmerken van het gebied
2.2.1 O M G E V I N G S V I S I E B E R G E N 2030
is het noordoostelijke deel van het Wells Meer gekozen als plan-
Op 23 april 2019 heeft de gemeenteraad van Bergen de Omgevings-
gebied. De keuze voor dit plangebied geeft ons de mogelijkheid er
visie Bergen 2030 vastgesteld. De visie richt zich op het gehele
echt een landgoed van te maken waarbij er naast ruimte voor het
grondgebied van de gemeente, met uitzondering van Energieland-
opwekken van duurzame energie, ruimte is voor educatie, recreatie
goed Wells Meer; hiervoor geldt een separate structuurvisie (zie
en innovatie. Daarnaast is de omvang van het gebied toereikend
paragraaf 2.2.3).
om 0,87 PJ per jaar op te wekken. In de Omgevingsvisie Bergen 2030 is de ambitie voor het duurIn figuur 2.3 wordt het plangebied van het Energielandgoed in
zame energiebeleid van Gemeente Bergen vastgelegd. Er worden
Wells Meer weergegeven.
belangrijke keuzes gemaakt. Grootschalige energiewinning wordt geconcentreerd, waarbij alle inzet gericht is op het ontwikkelen van een integraal en grootschalig Energielandgoed Wells Meer. Dat betekent dat er voorlopig geen ruimte is voor het op commerciële basis opwekken van duurzame energie in andere delen van de gemeente, behoudens op (bedrijfs-)daken. Dit beleid is uitgewerkt in de beleidsnotitie ‘Energie uit zon en wind’.
2.2.2 B E L E I D S N OT I T I E E N E R G I E U I T Z O N E N W I N D In de beleidsnotitie is het beleid op het gebied van zonne- en windenergie voor de komende jaren vastgelegd. Gemeente Bergen wil energieonafhankelijk worden en wil daarom zoveel mogelijk kansen bieden voor het duurzaam opwekken van energie. Wat waar wel en niet kan, wordt bepaald door het onderliggende landschap. Hierin zijn belangrijke keuzes gemaakt: ■■ In de hele gemeente is ruimte voor het toepassen van zonne-energie voor eigen gebruik op daken en overkappingen. Daarnaast bestaat er een afwijkingsbevoegdheid. Op basis daarvan is in landelijke gebieden in bepaalde gevallen het plaatsen van zonnepanelen en kleinschalig plaatsen van windturbines toegestaan binnen het eigen erf, tuin of bouwvlak en voor eigen gebruik. Hiervoor gelden inpassingseisen. Figuur 2.3: Plangebied Energielandgoed in Wells Meer
MASTERPLAN ENERGIELANDGOED WELLS MEER
13
Legenda
Visiekaart Energielandgoed Wells Meer
■■ Voor commerciële toepassing van zonne-energie en het
Plangebied Reindersme Kansen onderzoeken Aquatermie en opslag
r
&
grootschalig plaatsen van windturbines is Energielandgoed
Plangebied Wells Meer
Wells Meer aangewezen. Hier is nadrukkelijk gekozen voor
Zoeklocatie nieuwe entre Solitaire bomen
!
r
concentratie. Deze concentratie heeft tot doel de invloed van
! ! !
! ! ! !
! ! ! !
! ! ! !
!
grootschalige energiewinning op het landschap zo veel mogelijk
! ! !
! !
&
!
! !
zone Natuurbeek (Molenb
D
!
!
nd la
!
!
!
!
! !
! ! !
!
!
!
!
!
r
Cultuurhistorische weg 18
nd
! !
la
er ed N
ts ui
! !
te benutten. Visiekaart Energielandgoed Wells Meer
!
!
! !
!
!
!
! ! !
!
!
!
! !
!
!
!
Legenda
!
!
!
! !
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
! !
! !
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
! !
!
!
!
!
!
! !
!
! !
!
!
!
! !
!
! !
! !
! ! ! ! !
! !
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
! !
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
! !
! !
!
! ! !
!
!
&
!
Natuur in bronsgroene landschapszone
!
!
! !
!
!
!
!
!
! !
!
!
nd
!
!
! !
!
!
r
! !
!
!
!
!
!
!
!
!
!
Behouden laanstructuur
!
!
!
!
!
!
De structuurvisie geeft bovendien, mede op basis van het bijbe!
!
!
!
!
0
!
!
!
!
!
!
horende milieueffectrapport (m.e.r.), randvoorwaarden en spel-
0,25
0,5
1
1,5
2 Kilometers
Behouden groenstructuur Biomassacentrale
Sources: Esri, HERE, Garmin, Intermap, increment P Corp., GEBCO, USGS, FAO, NPS, NRCAN, GeoBase, IGN, Kadaster NL, Ordnance Survey, Esri Japan, METI, Esri China (Hong Kong), swisstopo, © OpenStreetMap contributors, and the GIS User Community
!
Natte Biomassa en natuur, recreatief medegebruik
!
regels mee voor de verdere uitwerking van het Energielandgoed. Visiekaart Energielandgoed Wells Meer !
!
!
!
Legenda
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
Onderwerpen die daarbij aan bod komen zijn: geluid, slagschaduw,
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
Plangebied Reindersmeer !
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
! !
!
! !
!
! !
!
Kansen onderzoeken Aquatermie en opslag
! !
! !
!
!
&
invloed op het landschap, cultuurhistorie en archeologie, externe !
!
! ! ! !
! !
! !
! !
!
!
r
! !
!
Cultuurhistorische elementen Vlak Aandachtsgebied vliegveld Weeze (D.)
!
!
! !
!
! ! ! ! !
!
!
!
!
! ! !
!
Kansen onderzoeken biomassacentrale
! ! !
! ! !
nd
!
r
nd
la der
!
Solitaire bomen
itsla
!
Ontwikkelingsgebied glastuinbouw
Du
!
Aandachtsgebied windturbines
Zoeklocatie nieuwe entree Ne
!
Plangebied Wells Meer
!
r
! ! ! !
!
!
! !
! !
! !
! !
veiligheid, natuur, ruimtegebruik, water en bodem.
r
!
la
er
nd
la
ed
!
!
Cultuurhistorische weg 1860
ts
N
ui
!
!
!
D
!
!
! ! ! !
! !
Zoekgebied zonnepanelen Natura2000 gebied
!
!
!
!
& Wezerweg opwaarderen
! !
!
!
&
!
!
!
!
! !
!
!
! !
ts
!
!
la
!
!
!
nd la
er
nd
ed N
ui
!
!
! !
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
r
!
!
!
!
!
!
! !
! !
! !
! !
Behouden groenstructuur
!
!
!
!
!
!
! !
!
!
! !
Biomassacentrale !
!
Natte Biomassa en natuur, recreatief medegebruik
! !
!
!
! !
!
!
! !
Cultuurhistorische elementen Vlak
! !
! !
!
!
! !
! !
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
! !
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
! !
!
& !
!
!
2 Kilometers ! !
1,5
!
! !
1
Natuur in goudgroene natuurzone Natuur in zilvergroene natuurzone Integreren kabels, leidingen en verdeelstation (locatie nog onbekend)
! !
!
0,5
! !
! !
! !
! !
!
Figuur 2.4: Structuurvisiekaart Energielandgoed in Wells Meer [Kuiper Compagnons] Aandachtsgebied windturbines
!
!
! !
!
!
! ! ! ! ! ! ! ! ! !
!
r Du
!
!
! !
! !
! !
! !
Sources: Esri, HERE, Garmin, Intermap, increment P Corp., GEBCO, USGS, FAO, NPS, NRCAN, GeoBase, IGN, Kadaster NL, Ordnance Survey, Esri Japan, METI, Esri China (Hong Kong), swisstopo, © OpenStreetMap contributors, and the GIS User Community
!
!
Aandachtsgebied vliegveld Weeze (D.)
! !
!
0,25
! !
!
0
!
! !
!
!
Natuur in bronsgroene landschapszone
!
!
!
Behouden laanstructuur !
! !
!
!
Gebouwen
!
D
! !
Cultuurhistorische weg 1860
!
!
Wegen
!
!
zone Natuurbeek (Molenbeek)
Ontwikkelingsgebied glastuinbouw
Natura2000 gebied Gebouwen
zone Natuurbeek (Molenbeek)
!
Zoekgebied zonnepanele
!
!
& Wezerweg opwaarderen
!
Ontwikkelingsgebied glastuinbouw
!
!
!
!
!
Behouden laanstructuur
Wegen
!
!
van de gemeente en de visie voor het gebied Wells Meer.
!
!
!
! !
!
! ! ! !
!
!
!
!
! ! ! !
!
!
!
!
r
!
nd itsla Du and derl
Ne
!
den. In de structuurvisie wordt ingegaan op de ruimtelijke opbouw
!
!
! !
! !
! !
! !
!
! !
!
!
Kansen onderzoeken biomassacentrale
r
ste ruimtelijke verankering van het Energielandgoed plaatsgevon-
!
!
! !
!
&
Meer’ door de gemeenteraad op 18 december 2018 heeft er een eer-
Solitaire bomen
!
!
Aandachtsgebied windtur
Zoeklocatie rnieuwe entree
&
!
Aandachtsgebied vliegve Weeze (D.)
Plangebied Wells Meer
Met het vaststellen van de ‘Structuurvisie Energielandgoed Wells
!
!
Cultuurhistorische elemen Vlak
!
!
!
!
!
!
!
r
!
! !
!
Natte Biomassa en natuu recreatief medegebruik
!
Kansen onderzoeken Aquatermie en opslag
!
! !
!
Biomassacentrale
!
2.2.3 S T R U C T U U R V I S I E E N E R G I E L A N D G O E D W E& LLS MEER
!
Behouden groenstructuur
Plangebied Reindersmeer
!
& Wezerweg opwaarderen
!
te beperken en de benodigde investeringen zo efficiënt mogelijk
!
Kansen onderzoeken biomassacentrale
r
Natuur in goudgroene natuurzone Natuur in zilvergroene natuurzone
Integreren kabels, leiding en verdeelstation (locatie nog onbekend)
MASTERPLAN ENERGIELANDGOED WELLS MEER
14
2.3 PROVINCIAAL BELEID
Voor biomassa als energiedrager ziet de Provincie Limburg uitsluitend kansen bij de inzet van reststromen die niet hoogwaardiger
2.3.1 O M G E V I N G S V I S I E L I M B U R G 2014
kunnen worden ingezet. De ruimtedruk bij de inzet van primaire
De omgevingsvisie gaat uit van de doelen voor 2020 uit het Natio-
gewassen voor biomassa is te groot en daarom heeft het de voor-
nale Energieakkoord: 20% emissiereductie CO2-equivalenten, een
keur om biomassa primair in te zetten als grondstof.
energiebesparing van 1,5% per jaar en 14% van de energie komt in 2020 uit hernieuwbare bronnen. De Provincie Limburg zet in op
De Provincie Limburg heeft in de Omgevingsvisie Limburg 2014
een scala aan bronnen van hernieuwbare energie, zoals windener-
geen concrete ambities voor 2030 en 2050 geformuleerd; deze
gie, zonne-energie, geothermie en bodemenergie.
moeten in Regionale Energiestrategieën (RES’en) worden uitgewerkt.
De Provincie Limburg heeft de taakstelling om 95,5 megawatt (MW) opgesteld vermogen aan windenergie te realiseren in 2020.
De Provincie Limburg is bezig met de voorbereiding van de nieu-
Deze taakstelling is onderdeel van de nationale taakstelling van
we Omgevingsvisie Limburg. Daarin krijgt het nieuwe beleid voor
6.000 MW in 2020. Bij de totstandkoming van windenergie streeft
duurzame energie een plek, waaronder de notitie ‘Ruimte voor de
de Provincie Limburg naar het maximaliseren van het maat-
zon’ en de Regionale Energiestrategieën (RES’en).
schappelijke effect door participatie van belanghebbenden in het planproces en bij de realisatie van de windturbines. De Provincie Limburg stimuleert nieuwe ontwikkelingen in een aantal voorkeursgebieden: ■■ Grootschalige landschappen in de jonge Peelontginningen van Midden- en Noord-Limburg; ■■ Gebieden aan de provinciegrens waar reeds turbines staan opgesteld; ■■ Grotere industrieterreinen en ontwikkelingsgebieden voor veehouderij en glastuinbouw; ■■ Daar waar clusters van tenminste zes turbines kunnen worden opgesteld. De Provincie Limburg ondersteunt de ontwikkeling van businessmodellen en proefprojecten voor zonneparken. Het is van belang
U it s lu it ings gebied en w ind t u r bines
dat bij deze vorm van energieopwekking primair ingezet wordt op
Vo o r keu r s gebied w ind t u r bines
multifunctioneel ruimtegebruik. Figuur 2.5: Uitsnede kaart ‘Windenergie’ Omgevingsvisie Limburg 2014 (digitale viewer POL)
MASTERPLAN ENERGIELANDGOED WELLS MEER
2.3.2 L I M B U R G S E N OT I T I E ‘ R U I M T E V O O R D E Z O N ’ Op 22 oktober 2019 heeft Gedeputeerde Staten van Limburg de no-
2.3.3 R E G I O N A L E E N E R G I E S T R AT E G I E ( R E S ) N O O R D EN MIDDEN-LIMBURG
titie ‘Ruimte voor de zon’ vastgesteld. In de notitie is een (interim)
Als uitwerking van het Nationale Klimaatakkoord stellen samen-
voorstel uitgewerkt voor een Limburgse ‘zonneladder’ als bouw-
werkende regionale overheden in dertig regio’s een Regionale Ener-
steen voor de duurzaamheidsladder. Die moet een plek krijgen in
giestrategie (RES) op. De RES is een instrument om gezamenlijk te
de nieuwe Omgevingsvisie Limburg (en tevens in de omgevings-
komen tot keuzes voor de opwekking van duurzame elektriciteit, de
verordening) en werkt bovendien door in de Provinciale Energie
warmtetransitie in de gebouwde omgeving en de daarvoor benodigde
Strategie (PES) en de Regionale Energiestrategieën (RES’en).
infrastructuur en opslag. Elke regio wordt geacht te komen tot een bod vanuit technische, ruimtelijke en sociale potentie. De Rijksover-
In de zonneladder wordt aan de hand van vijf treden een (voor-
heid legt hierbij vooraf geen specifieke opgave op. Gemeente Bergen
keurs-)volgorde gehanteerd:
maakt onderdeel uit van de RES-regio Noord- en Midden-Limburg,
1.
Toepassing van zonnepanelen op daken en gevels van gebou-
bestaande uit de Noord- en Midden-Limburgse gemeenten, de Pro-
wen;
vincie Limburg, Enexis en Waterschap Limburg.
2.
Gebruik van (onbenutte) terreinen in bebouwd gebied;
3.
Gronden in buitengebied met een andere primaire functie dan
Het te realiseren duurzaam opwekkingsvermogen voor de RES-regio
landbouw of natuur;
Noord- en Midden-Limburg zal circa 1,2 terawattuur (TWh) gaan
4.
Gronden in gebruik voor landbouw;
bedragen, met een bandbreedte van 1,0 tot 1,4 TWh. Energielandgoed
5.
Uitsluitingsgebieden.
Wells Meer levert op basis van het huidige programma (zie hoofdstuk 4) circa 0,24 TWh op, dit is ongeveer 22% van de totale opgave
In lijn met de landelijke voorkeursvolgorde (zie paragraaf 2.4) is
voor duurzame elektriciteit voor de RES-regio Noord- en Mid-
volgordelijke toepassing geen vereiste voor de Limburgse zonne-
den-Limburg. Aanvullend zal vanuit de programmalijnen besparing
ladder. Na het verkennen van de mogelijkheden voor het toepas-
en kleinschalige opwekking van VerduurSAMEN2030 circa 4% van de
sen van zonne-energie kan gestart worden met het gelijktijdig
totaalopgave van deze RES worden ingevuld.
benutten van de beschikbare mogelijkheden. De schaal en omstandigheden van Energielandgoed Wells Meer In de notitie ‘Ruimte voor de zon’ wordt Energielandgoed Wells
maken het project potentieel geschikt voor een innovatie-experi-
Meer in trede 4 (gronden in gebruik voor landbouw) van de zon-
ment voor opslag via waterstof (power-to-gas) ten behoeve van de
neladder genoemd: “Goed voorbeeld hiervan kan zijn het Ener-
netbalans op het nationale elektriciteitsnet. Verder is restwarmte
gielandschap Wells Meer in Bergen”. Daaruit kan worden gecon-
uit het Energielandgoed mogelijk te hergebruiken. In de komende
cludeerd dat de plannen voor het Energielandgoed passen binnen
periode zullen de mogelijkheden hiertoe in samenwerking met de
de provinciale uitgangspunten.
Provincie Limburg en RVO verder worden onderzocht. Op deze wijze kan Energielandgoed Wells Meer niet alleen kwantitatief, maar ook kwalitatief een belangrijke bijdrage leveren aan de energietransitie in Limburg.
15
MASTERPLAN ENERGIELANDGOED WELLS MEER
16
2.4 HET RIJKSBELEID
meer samen en zijn soms echt onverenigbaar. Een optimale balans tussen deze twee vergt steeds een zorgvuldige afweging en prioritering
Op 20 juni 2019 is het ontwerp voor de Nationale Omgevingsvisie
van ongelijksoortige belangen. Om aan dit afwegingsproces richting te
(NOVI) verschenen. De NOVI is de langetermijnvisie van de Rijks-
geven, gebruikt de NOVI drie afwegingsprincipes:
overheid voor een duurzame fysieke leefomgeving. Kernbegrippen zijn geïntegreerd, gebiedsgericht en samenwerking: ■■ Geïntegreerd: de NOVI staat voor een nieuwe aanpak van vraag-
1.
Combinatie van functies gaat voor enkelvoudige functies;
2.
Kenmerken en de identiteit van een gebied staan centraal;
3.
Afwentelen (naar tijd en plaats) wordt voorkomen.
stukken in de fysieke leefomgeving. De opgaven zijn groot, veelzijdig en veelal met elkaar verweven. Sectorale doelen zijn
In de (ontwerp) NOVI zijn beleidskeuzes geformuleerd voor de inpas-
in veel situaties niet meer haalbaar met een sectorale aanpak.
sing van duurzame energie. Uitgangspunt is om de opgave van duur-
Dit maakt een nieuwe, meer geïntegreerde werkwijze noodzake-
zame energie te realiseren met oog voor de kwaliteit van de omgeving
lijk. De aanpak van de NOVI gaat uit van de nationale belangen
en deze zo veel mogelijk te combineren met andere functies.
die in de leefomgeving aan de orde zijn, inclusief de opgaven die
Medeoverheden geven, in samenwerking met de energiesector, ge-
daaruit zijn afgeleid.
bruikers en andere belanghebbenden, in de RES’en invulling aan de
■■ Gebiedsgericht: in toenemende mate komen opgaven in de regio
inpassing van duurzame energie op land. De Rijksoverheid is betrok-
samen en worden daar concrete keuzes gevraagd. Opgaven kun-
ken vanuit het belang dat de energietransitie op een voor de leefom-
nen beter worden vervuld naarmate de gezamenlijke overheden
geving goede en kostenefficiënte manier ruimte krijgt (ruimte-effi-
(de Rijksoverheid, provincies, waterschappen en gemeenten)
ciëntie naast kostenefficiëntie). Het Klimaatakkoord (ontwerp 2018)
meer gebiedsgericht werken en daarin meer als één overheid
geeft als doel de realisatie van 35 TWh voor 2030 binnen de beschik-
opereren. Eén overheid die samen optrekt met bedrijven, ken-
bare budgettaire ruimte. In het (ontwerp) NOVI geeft de Rijksoverheid
nisinstellingen, maatschappelijke organisaties en inwoners.
richtingen mee voor de RES’en.
■■ Samenwerking: bij het maken van de keuzes is samenwerking cruciaal. Wanneer het om grensoverschrijdende opgaven gaat,
Voor het Energielandgoed zijn er twee van belang:
wordt samengewerkt met internationale partners. Binnen de landsgrenzen werkt de Rijksoverheid samen met medeoverhe-
1. V O O R K E U R V O O R G R O OT S C H A L I G E C L U S T E R I N G .
den, maatschappelijke organisaties en inwoners.
Clustering vermindert de ruimtelijke afwenteling en draagt bij aan kostenreductie. Waar mogelijk heeft dit de voorkeur. Hierbij wordt een
Centraal in te maken afwegingen tussen belangen staat een even-
expliciete afweging gemaakt tegenover andere waarden, zoals land-
wichtig gebruik van de fysieke leefomgeving. Het belangrijkste
schap, natuur, cultureel erfgoed, water, bodem en bestuurlijk draag-
spanningsveld in die afwegingen is dat tussen beschermen en
vlak.
ontwikkelen. Die sluiten elkaar niet per definitie uit en kunnen elkaar zelfs versterken, maar gaan niet altijd en overal zonder
MASTERPLAN ENERGIELANDGOED WELLS MEER
2. V O O R K E U R S V O L G O R D E V O O R Z O N - P V
grootschalig uitgezette enquête gevraagd om input te leveren voor
Er zal een voorkeursvolgorde worden uitgewerkt die provincies en
het ontwerp van het Energielandgoed.
gemeenten kunnen benutten om af te wegen waar zonne-energie het beste kan worden ingezet. De afwegingsprincipes van de ont-
2.5.1 FA S E 0: V O O R V E R K E N N I N G
werp NOVI leiden tot een voorkeur voor zonnepanelen op daken
Fase 0 bestond uit een haalbaarheidsstudie en een plan van aan-
en gevels van gebouwen. Daarna hebben onbenutte terreinen in
pak. In de haalbaarheidsstudie is onderzocht of de ontwikkeling
bebouwd gebied de voorkeur. Om aan gestelde energiedoeleinden
van een duurzaam Energielandgoed Wells Meer mogelijk is vanuit
te voldoen, kan blijken dat ook locaties in het landelijk gebied
een (milieu) technisch, landschappelijk en economisch perspec-
nodig zijn. De voorkeur gaat uit naar het zoeken van slimme func-
tief. Het plan van aanpak beschreef de wijze waarop en de voor-
tiecombinaties.
waarden waarbinnen de plan- en projectontwikkeling kan plaatsvinden. Op basis van beide documenten heeft de gemeenteraad op
De aanpak en inrichting van Energielandgoed Wells Meer sluiten
5 juni 2018 ingestemd met de ontwikkeling van Energielandgoed
aan bij de visie, de afwegingsprincipes en het beleid voor duurza-
Wells Meer. Het Energielandgoed is omschreven als een duurzaam
me energie in de ontwerp NOVI.
en multifunctioneel Energielandgoed met als basis energieproductie door grootschalige zonnevelden en windturbines. Daarnaast is
2.5 TERUGBLIK: S TA P P E N TOT N U TO E
er ruimte voor aanvullende energievormen, natuur, educatie, onderzoek en recreatief medegebruik. In fase 0 zijn de uitgangspunten voor het Energielandgoed door de gemeenteraad vastgesteld: 1.
Het is van groot belang dat Energielandgoed Wells Meer past
Gemeente Bergen heeft al stappen gezet om de ontwikkeling van
in het huidige landschap. Dit betekent niet dat we het Ener-
Energielandgoed Wells Meer mogelijk te maken. In figuur 2.6 is
gielandgoed willen verstoppen, we willen er juist een aantrek-
het overzicht van alle fases te zien. Het masterplan vormt het
kelijk en interessant gebied van maken.
sluitstuk van fase 2. In dit hoofdstuk lichten we kort de stappen
2.
Landbouwgrond gaat zo min mogelijk verloren bij de realisatie
toe die tot dusver zijn gezet. Ook geven we per onderdeel aan op
van het Energielandgoed. We onderzoeken de mogelijkheden
welke wijze inwoners betrokken zijn.
en kiezen zo veel als mogelijk voor meervoudig ruimtegebruik. 3.
We willen zo veel mogelijk mensen betrekken bij het project.
Energielandgoed Wells Meer is een project met impact. Gemeente
Dit bekent dat inwoners een rol kunnen hebben in de ontwik-
Bergen wil dit project in nauwe betrokkenheid met de inwoner re-
keling en duurzame energie kunnen afnemen. Energieland-
aliseren. In de stappen tot nu toe heeft veelvuldig overleg plaats-
goed Wells Meer is van en voor Bergen.
gevonden met vertegenwoordigingsgroepen, zoals een klankbord-
4.
Het Energielandgoed moet voor iedereen toegankelijk en te
groep, een meedenkgroep en een expertgroep. Daarnaast zijn er
bezoeken zijn. Het is onderdeel van de lokale maatschappij. In
openbare informatieavonden gehouden en zijn inwoners met een
de ontwikkeling is er ruimte voor toerisme, educatie en innovatie.
17
18
MASTERPLAN ENERGIELANDGOED WELLS MEER
Figuur 2.6: Overzicht van fasering in realisatie Energielandgoed Wells Meer
MASTERPLAN ENERGIELANDGOED WELLS MEER
In de voorverkenningsfase zijn inwoners via bijeenkomsten geïn-
Parallel aan de structuurvisie is er een technische verkenning
formeerd over de ambitie van Gemeente Bergen voor de realisatie
uitgevoerd naar de mogelijkheden voor het opwekken van duurza-
van een Energielandgoed.
me energie in Wells Meer. De verkenning heeft geresulteerd in een lijst met programmatische uitgangspunten voor de ontwerpfase.
2.5.2 FA S E 1: V E R K E N N I N G S FA S E
De raad heeft ingestemd met de bouwstenen voor Energielandgoed
De haalbaarheidsstudie gaf voldoende aanleiding om de volgende
Wells Meer zoals opgenomen in figuur 2.7.
stap te zetten: het opstellen van de Structuurvisie Energielandgoed Wells Meer (zie paragraaf 2.2.3). Doel van de structuurvisie is om
In fase 1 waren er twee besluitmomenten: de vaststelling van de
duidelijke randvoorwaarden aan de ontwikkeling van het Ener-
Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) in augustus en de vast-
gielandgoed mee te geven. Ook is de locatiekeuze nader gemoti-
stelling van de structuurvisie inclusief MER in december. In aan-
veerd door het plangebied te vergelijken met alternatieve locaties
loop naar beide besluiten is een inspraak- en inloopavond georga-
voor het realiseren van de doelstellingen van Gemeente Bergen
niseerd waar inwoners meer informatie kregen en een zienswijze
voor grootschalige opwekking. Bij de voorbereiding van de struc-
konden indienen. In deze fase hebben aftrapbijeenkomsten van de
tuurvisie is een milieueffectenrapport (MER) opgesteld. Op 18 de-
meedenkgroep, klankbordgroep en expertgroep plaatsgevonden.
cember 2018 heeft de gemeenteraad de structuurvisie vastgesteld.
Met de meedenkgroep zijn drie bijeenkomsten georganiseerd om
Met het vaststellen van de structuurvisie werd fase 1 afgerond.
dieper in te gaan op de NRD en de structuurvisie. Daarnaast is een
Functie Zon
Aantal ha 200-350
Energieopbrengst (TJ) Tot 870 TJ (100%)
Wind
0-2
Geothermie
0-5
A: 130 TJ (± 15%) B: 226 TJ (± 26%) A: 160 TJ (± 18%)
Biomassa
100-200 0-10
B: 320 TJ (± 37%) A: 15-30 TJ (± 1,7 - ± 3,5%) B: 0-260 TJ (0 - ± 30%)
Experimenteel/test/opslag
Maximaal 240
Geen/ niet voor commercieel gebruik
Educatie en recreatie
Maximaal 240
n.v.t.
Totaal
400
100%<
Figuur 2.7: Bouwstenen voor Energielandgoed Wells Meer
Toelichting Zon is de ruggengraat. Aantal hectares afhankelijk van de intensiteit van de installaties: volledig grondgebruik voor zon of combinatie met andere functies zoals agrarisch of biogewas. A: zes windturbines: ± 150 meter & ± 3 MW vermogen. B: zes windturbines: ± 200 meter & ± 4,5 MW vermogen. A versus B: één of twee bronnen Tuindorp. Haalbaarheid nader te onderzoeken.
A: Teelt van biomassa op 100 à 200 ha land. B: Bij inpassing bio-energiecentrale en import van biomassa (reststromen). Nader te bepalen. Afhankelijk van keuze in zon, wind, geothermie en biomassa. Maximaal = restruimte bij meest intensieve programma (opwekking met intensief zon en zes grote windturbines) Nader te bepalen. Recreatieve/educatieve functies. Eventueel reserve om meer energie op te wekken. Maximaal = restruimte bij meest intensieve programma (opwekking met intensief zon en zes grote windturbines) Potentieel meer dan 870TJ, keuzes in de mix zijn mogelijk
19
MASTERPLAN ENERGIELANDGOED WELLS MEER
20
bijpraatmoment georganiseerd met de dorpsraden om hen goed te
De drie modellen zijn onderzocht en beoordeeld op:
informeren.
■■ de relevante milieueffecten (MER); ■■ de maatschappelijke kosten-batenanalyse (MKBA);
2.5.3 FA S E 2: O N T W E R P FA S E
■■ de economische haalbaarheid (businesscase);
In fase 2 is het Energielandgoed landschappelijk ontworpen en
■■ de technische haalbaarheid;
nader onderzocht met als doel te komen tot een aantrekkelijk en
■■ draagvlak in de samenleving (informatiemarkt, interactieve
gedragen masterplan met nauwe betrokkenheid van de omgeving
enquête, werkateliers, meedenkgroep, klankbordgroep).
en overige stakeholders. In een interactief ontwerpproces zijn mogelijke invullingen voor het Energielandgoed en hun effecten
In hoofdstuk 7 vindt u meer informatie over de economische haal-
verkend. In het begin van fase 2 is met alle direct omwonenden
baarheid van het Energielandgoed. In hoofdstuk 8 vindt u een
een keukentafelgesprek gevoerd.
nadere toelichting op de uitkomsten van het MKBA, het milieuonderzoek en de technische verkenningen en hoe deze uitkomsten
In deze fase zijn drie onderzoeksmodellen ontwikkeld. Het doel
zijn gebruikt voor het bepalen van het voorkeursmodel en het
van de modellen was te verkennen hoe het Energielandgoed kan
uiteindelijke masterplan.
worden vormgegeven en welke ontwerpkeuzes hieraan ten grondslag liggen om vervolgens een zorgvuldige afweging te kunnen
Alle inwoners en ondernemers hebben verschillende mogelijkhe-
maken tot een voorkeursmodel. Elk model is opgebouwd uit de in
den gekregen om hun mening over de onderzoeksmodellen ken-
fase 1 bepaalde bouwstenen van het Energielandgoed met bijbeho-
baar te maken: er is een interactieve enquête opgesteld waarin alle
rende bandbreedte. De modellen hebben elk een duidelijke invals-
inwoners konden aangeven hoe zij het Energielandgoed zouden
hoek en een helder ruimtelijk concept en zijn zo sterk onderschei-
inrichten, er zijn werkateliers georganiseerd en het Energiehuis is
dend. Ze vormen als het ware de ‘hoekpunten van het speelveld’.
extra opengesteld. Ook met de meedenkgroep, klankbordgroep en
De invalshoeken zijn ‘Productiegericht’, ‘Ingepast’ en ‘Innovatief’.
expertgroep zijn de onderzoeksmodellen besproken. De opzet en
De ruimtelijke en programmatische bouwstenen, zoals de wijze
resultaten van de participatie bij de totstandkoming van het mas-
waarop duurzame energie wordt opgewekt, ruimte voor recreatie,
terplan vindt u terug in bijlage 1.
landbouw en natuur, zijn op een logische manier over de drie modellen verdeeld. Op pagina 81 is een overzichtsschema van de drie
Uit de inhoudelijke beoordelingen (MKBA en MER) en de participa-
modellen opgenomen.
tiemomenten kwam geen duidelijke voorkeur voor één model naar voren. Verschillende aspecten uit de modellen scoorden goed. Er
De drie modellen en het beoordelingskader zijn beschreven in de
is daarom gezocht naar de optimale mix van bouwstenen. Daarbij
NRD voor het milieuonderzoek ten behoeve van het masterplan en
zijn bouwstenen niet letterlijk met elkaar gecombineerd, maar is
het bestemmingsplan. De NRD heeft ter inzage gelegen en in april
een nieuw samenhangend ontwerp gemaakt (het voorkeursmo-
2019 is een informatiemarkt georganiseerd.
del): het geheel moet immers meer zijn dan de som der delen. De heldere ruimtelijke hoofdstructuur van model ‘Productiegericht’
MASTERPLAN ENERGIELANDGOED WELLS MEER
vormt de basis. De structuur daarvan is gecombineerd met de sterke onderdelen uit model ‘Innovatief’, zodat er meer ruimte ontstaat voor innovatie en educatie en het landgoed een boegbeeld wordt van de energietransitie. Onderdelen uit model ‘Ingepast’ worden benut voor een goede landschappelijke inpassing in de omgeving en meer ruimte voor recreatie en natuur. Het voorkeursmodel is de basis voor dit masterplan en wordt uitgebreid beschreven in hoofdstuk 4. De aangrenzende bewoners en verenigingen van het gebied Wells Meer en de dorpsraad zijn in fase 2 bijgepraat over de status van het project. De keuze voor het voorkeursmodel is tijdens twee bijeenkomsten teruggekoppeld aan de klankbordgroep, meedenkgroep, de deelnemers van het werkatelier en de direct omwonenden. In de raadscommissie van 2 oktober 2019 is het voorkeursmodel samen met een voorstel voor juridische structuur van het organisatiemodel gepresenteerd aan de gemeenteraad. In de raadsvergadering van 19 oktober 2019 heeft de gemeenteraad het organisatiemodel vastgesteld (hierover meer in hoofdstuk 7).
21
3. GEBIEDSBESCHRIJVING Bij de ontwikkeling van het Energielandgoed wordt voortgebouwd op de historisch en huidige kwaliteiten van het gebied. Dit hoofdstuk gaat in op de ontstaansgeschiedenis en de huidige situatie, als basis voor het ruimtelijk ontwerp.
MASTERPLAN ENERGIELANDGOED WELLS MEER
3.1 O NTS TA A N S G E S C H I E D E N I S
villa genoemd en was bestemd voor de opzichter, die Philomena bij de bedrijfsvoering hielp. In 1966 brandden de schuren af en in 1970
Het gebied Wells Meer is van oorsprong een nat en drassig gebied.
werd de villa gesloopt en vervangen door een moderne bungalow.
Tot eind 19e eeuw waren het ‘woeste gronden’ die in de winter grotendeels onder water stonden. In de zomer werd het gebied
Er was veel werk te doen op het Wells Meer. In de jaren na de Eer-
benut om vee te laten grazen. Het hele gebied was onbewoond. Al-
ste Wereldoorlog kwamen veel Poolse mannen en vrouwen hier
leen bij de grensovergang naar Duitsland stond de ‘Wellsche Hut’.
werken. De voor deze mensen gebouwde woningen staan nu nog
Ten oosten van het Wells Meer lag het landgoed ‘Meerschen Hof’,
bekend als de ‘Polenhuizen’. Ook veel inwoners van Well waren,
eigendom van de kasteelheren van Well.
soms hun leven lang, werkzaam op het Wells Meer.
In 1901 werd het Wells Meer voor 40 jaar verpacht aan Ignaz van
In 1942 stierf Philomena tijdens een verblijf in Wenen. De naam
Ophoven, die het pachtrecht echter al snel weer overdeed aan zijn
Philomena van Ophoven zal onverbrekelijk verbonden blijven met
zus Philomena. Philomena behoorde tot de tweede generatie grote
het Wells Meer. De erfgenamen gaven het bedrijf in beheer bij
landontginners van de familie van Ophoven. In 1912 kocht Philo-
de Grontmij te Zwolle, die het later weer verkocht aan het Sociaal
mena de grond van de gemeente en werd daarmee de eigenaresse.
Fonds Bouwnijverheid. Onder leiding van de opeenvolgende be-
Ze kocht ook circa 20 hectare woeste grond aan de andere kant van
drijfsleiders werd het landbouwbedrijf voortgezet. In 2009 werd
de Duitse grens om te ontginnen. Op de grens liet ze schuren en
het Wells Meer verkocht aan Dienst Landelijk Gebied (DLG) om
een woning bouwen: de ‘Elizenhof’, genoemd naar haar moeder.
dienst te doen als ruilgebied voor boeren die door overheidsprojec-
Doordat de gronden aan weerszijden van de grens lagen, werd het
ten elders werden uitgekocht.
bedrijf erkend als ‘tractaatboerderij’, waarmee zij een eigen grensovergang kreeg en er belasting- en handelsvoordelen ontstonden. In 1922 kocht en ontgon Philomena ook het huidige Tuindorp. De Maatschappij Holland kocht in 1924 het Wells Meer van Philomena, maar later kocht zij het weer terug. Om het Wells Meer te kunnen ontwateren werden de Molenbeek en enkele sloten gegraven. Daarna begon men met het rooien van het hout en het ploegen van het gebied. Vooral kool, augurken en pootaardappelen groeiden zeer goed. De eendenkooi die in het gebied lag was eigendom van de kasteelheer van Well. Met de ontwatering viel deze droog en werd later gekocht door Philomena’s bedrijfsleider Jans die er de boerderij bouwde. Midden in het gebied werden schuren en een groot woonhuis gebouwd. Dit pand werd de Figuur 3.1: Philomena de ‘Juf van het Meer’ op het Landgoed Wells Meer
23
MASTERPLAN ENERGIELANDGOED WELLS MEER
24
Figuur 3.2: Kaartbeeld omstreeks 1850
0 0,2250,45
0,9
1,35
1,8
2,25 Kilometers
Figuur 3.3: Kaartbeeld omstreeks 1900
0 0,2250,45
0,9
1,35
1,8
2,25 Kilometers Esri Nederland, Kadaster
Esri Nederland; Kadaster; Gemeentekaart (t/m 1:768.000), TK2
Figuur 3.4: Kaartbeeld omstreeks 1950
Figuur 3.5: Kaartbeeld huidige situatie
MASTERPLAN ENERGIELANDGOED WELLS MEER
25
3.2 WELLS MEER IN
Voor R de E ontwikkeling G I O P E van R ShetPWells E CMeer T I EzijnFer kansen om op basis van landschappelijke, ecologische, economische en cultuurhistorische karakteristieken het gebied te transformeren naar een toonaangevend, Het Wells Meer is onderdeel van een reeks grootschalige ontginderde generatie energielandschap. ningen tussen De Maasduinen en de Duitse grens. Deze jonge, rationele ontginningslandschappen voegen in de zeer karakteIn dit hoofdstuk verkennen we dezich mogelijkheden om het indicaristieke reeks van opeenvolgende landschapstypen langs deinMaas: tieve programma van energielandschap Wells Meer te bedden in
structuurinvan gebied. Het resultaat van deze ■■ De rivierde delandschappelijke Maas, diep ingesneden hethet landschap; landschappelijke, ruimtelijke ■■ Het laagterras, onderdeel(cultuur)historische van het winterbeden van de rivieranalyses met de is een schetsmatige verkenning van een mogelijke invulling van het energiebeekdalen, hooilanden en kastelen; landschap Wells Meer. ■■ Het bebouwde en in cultuur gebrachte middenterras met daarop de dorpskernen; ■■ Het hoogterras met bos en stuifzanden van De Maasduinen; 5.2 Landschapsanalyse gemeente Bergen ■■ De reeks grootschalige ontginningen van de lager gelegen, van oorsprong natte gebieden, het Wells Meer onderdeel vanwordt geHet karakter van hetwaar landschap van de gemeente Bergen vormd door een reeks van diverse landschapstypen parallel aan de uitmaakt. rivier de Maas. Een dwarsdoorsnede van de landschapstypen geeft het Maasdal weer met een relatief open rivierenlandschap, de rivierduinen De grootste dorpskernen in de directe omgeving zijn Well, Nieuw (met het Nationaal Park De Maasduinen) en ligt verscholen achter Bergen en Wellerlooi. Ten zuidoosten van het Wells Meer ligt het Nationaal Park De Maasduinen de verschillende grote en kleinere kassengebied Tuindorp. Net over de Duitse grens ligt Airport Weelandbouwgebieden van het ontginningslandschap. Het plangebied ze.
De hoofdontsluiting wordtvan gevormd door deontginningsWells Meer (ca.van 400het ha)gebied is onderdeel dit agrarische N271, verbonden met Karakteristiek de A77 en viavoor de N270 langsisWanssum met landschap. het gebied dat het een relatief jonge ontginning is metaan eende grootschalig open Haaks op deze de A73. Bij het Wells Meer, Wezerweg,enligt eenkarakter. grensoveropeenvolgende landschapstypen stromen diverse afwateringsbeken gang naar Duitsland. richting de Maas. In deze uitgestrekte groene gordel liggen de zeven dorpen Afferden, Aijen, Bergen, Nieuw Bergen, Siebengewald, Well en Het Maasdal en Nationaal Park De Maasduinen vormen belangrijke Wellerlooi. natuur- en recreatiegebieden voor de gemeente. In De Maasduinen
Figuur 3.6: Ligging van het Wells Meer in de reeks opeenvolgende landschapstypen langs de Maas [Bron ‘Uniek Energielandschap Wells MeerHaalbaarheidsverkenning, Augustus 2017] Landschapstypen Bergen
ligt net ten noordwesten van het Wells Meer het Reindersmeer, met een sluis verbonden met het Leukermeer en de Maas. Deze
/ 40 \
zand- en grindwinning wordt in combinatie met een hoogwatergeul verder uitgebreid richting de Maas en ingericht als natuur, recreatie en woonmilieu Maaspark Well.
Ma a s d a l
M a a s d u inen
Ont ginnings la nd s c h a p
MASTERPLAN ENERGIELANDGOED WELLS MEER
26
3.3 H U I D I G E S IT UAT I E 3.3.1 B O D E M E N W AT E R Het plangebied is grotendeels vlak. Het loopt geleidelijk af van 18 naar 17 meter +NAP richting het zuiden. Aan de noordrand ligt een iets hogere rug van 20 meter +NAP, herkenbaar aan meer opgaande beplanting. In De Maasduinen is veel meer reliëf. De hoogte varieert tussen de 18 meter +NAP en meer dan 30 meter +NAP op de duintoppen. De bodem in het plangebied is voornamelijk opgebouwd uit zand. Bij de ontginning van het gebied is een stelsel van watergangen aangelegd om de waterhuishouding in het gebied in stand te houden. Deze wateren allemaal af op de Molenbeek, die vervolgens afwatert richting de Maas. Er is een groot aantal punten in het gebied waar grondwater wordt onttrokken ten behoeve van de
Figuur 3.7: Analysekaart bodem (hoogte)
beregening van de landbouwpercelen. De grondwaterstand ligt gemiddeld tussen de 40 en 120 centimeter onder het maaiveld. Het stroomgebied van de Molenbeek strekt zich uit tot voorbij Tuindorp. De Molenbeek kampt met hoge piekafvoeren in de winter en droogval in de zomer en de waterkwaliteit is niet optimaal. In het plangebied en omgeving van Tuindorp is in natte winters soms sprake van wateroverlast.
3.3.2 L A N D S C H A P P E L I J K E L I G G I N G E N B E L E V I N G Karakteristiek voor het plangebied is de openheid en de grote schaal en maat van het rationele landschap, kenmerkend voor de grootschalige, jonge ontginningen uit de 19e eeuw. Het open middengebied wordt duidelijk omgrensd en omkaderd door verschillende beplantingselementen. Zeer markant is de Figuur 3.8: Analysekaart water
MASTERPLAN ENERGIELANDGOED WELLS MEER
bosrand met steilrand van De Maasduinen, als heldere grens aan de zuid- en westzijde. Aan de noordzijde van het plangebied ligt een hogere rug. Deze is herkenbaar aan de aanwezige bospercelen, houtwallen en bomensingels. Samen met de doorgaande houtwal op de Duitse grens vormt deze een groen kader aan de noordrand. Op de kop van deze hogere rug liggen de restanten van het oude landgoed de Meerschenhof. Aan de oostzijde vormt de historische laanbeplanting van de Kevelaarsdijk een heldere grens. De rechte lijn van de Molenbeek met begeleidende bomensingels voegt zich in de rationele structuur van het landschap. Het landschap in deze zone bestaat uit kleinere open kamers, gescheiden door houtwallen. Een bijzonder landschappelijk element is de voormalige eendenkooi. Deze is bij de ontginning van het gebied droog komen te liggen en ligt nu juist hoger in het landschap doordat de omliggende grond
Figuur 3.9: Analysekaart landschappelijke beleving
bij de ontginning verder is ingeklonken. Momenteel staat er een woning. De voormalige eendenkooi is goed zichtbaar door de vrije ligging in het open landschap op afstand van de overige bebouwing aan de Wezerweg, verbonden met een laan. Een enkele bomenrij markeert de rand.
3.3.3 E C O L O G I E Direct tegen het plangebied ligt het Natura 2000-gebied De Maas-
Figuur 3.10: Grote schaal en maat middengebied
duinen. Dit natuurgebied is ruim 5.200 hectare groot en is aangewezen als Vogel- en Habitatrichtlijngebied. Juist ter plaatse van het plangebied is het Natura 2000-gebied relatief smal. De opgestoven rivierduinen vormen het karakteristieke landschap van De Maasduinen. Op de paraboolduinen bevinden zich heidegebieden, zandverstuivingen en grove dennenbossen. In de laag gelegen delen bevindt zich veen dat al dan niet bedekt is met een Figuur 3.11: De stevige groene bosrand van De Maasduinen
27
MASTERPLAN ENERGIELANDGOED WELLS MEER
28
dunne laag dekzand. In de laagtes boven ondoorlatende leemlagen liggen vennen. Mede door de geïsoleerde ligging van De Maasduinen tussen de Maas en de Duitse grens is het gebied in ruimtelijk opzicht niet intensief ontwikkeld. Mede hierdoor is de ecologisch belangrijke overgang van hoog- naar laagterras in het stroomdal van de Maas in stand gebleven. De bosschages nabij de Wezerweg en enkele bomenrijen nabij de Molenbeek zijn in de Omgevingsverordening Limburg 2014 aangewezen als Goudgroene natuurzone. Buiten de Goudgroene natuurzone is de Molenbeek en een zone daaromheen aangewezen als zone Natuurbeek. Het gebied tussen De Maasduinen en de Molenbeek is met uitzondering van het evenemententerrein aangewezen als Zilvergroene natuurzone.
3.3.4 I N F R A S T R U C T U U R De belangrijkste weg aan de oostrand van de Maas is de N271, die
Figuur 3.12: Analysekaart ecologie
parallel aan de Maas loopt en verschillende dorpskernen met elkaar verbindt. Vanaf de N271 vormt de Wezerweg een belangrijke verbinding richting Duitsland. De weg wordt veel voor vrachtverkeer gebruikt. Langs bijna het gehele traject liggen vrijliggende fietspaden. Tussen de Wezerweg en Tuindorp vormt de Veenweg (ook wel de toeristenweg genoemd) een belangrijke verbinding. Dit zijn de enige twee doorgaande wegen langs en door het plangebied. In het gebied zelf liggen verder alleen zandpaden, als ontsluiting van de agrari-
Figuur 3.13: Zandpad met houtwal en zicht op de windturbines
sche percelen en de twee centraal gelegen erven. Ook de Kevelaarsdijk is een zandpad. Parallel hieraan is een verharde weg aangelegd als ontsluiting van het terrein van Ecofuels en Laarakker Groenteverwerking. Ten noordoosten van het landgoed ligt Airport Weeze.
3.3.5 W O N E N , W E R K E N E N R E C R E Ë R E N De dichtstbijzijnde dorpskernen zijn Well, Wellerlooi en Wemb in Duitsland. In het gebied zelf is een beperkt aantal woningen aan de Figuur 3.14: De rechte lijn van de Molenbeek
MASTERPLAN ENERGIELANDGOED WELLS MEER
randen van het gebied, met name aan de Wezerweg. Midden in het gebied liggen twee erven met grotere agrarische opstallen. Het gebied is grotendeels in gebruik voor de landbouw. Een groot aantal percelen wordt gebruikt voor de teelt van graszoden. Andere delen zijn in gebruik voor akkerbouw. Het gebied wordt ook gebruikt voor het uitrijden van mest. Aan de Kevelaarsdijk staat de biovergistingsinstallatie Ecofuels. In Tuindorp ligt een kassengebied. Het gebied wordt momenteel niet recreatief gebruikt. Er lopen geen recreatieve routes doorheen en er zijn geen recreatieve voorzieningen aanwezig. Nationaal Park De Maasduinen en de omgeving van het Reindersmeer en Leukermeer richten zich wel sterk op recreatie. Ook in het Maasdal is recreatie een belangrijke drager.
Figuur 3.17: Analysekaart bebouwing en infrastructuur
Figuur 3.15: Landbouwkavels
Figuur 3.16: De voormalige eendenkooi
Figuur 3.18: Analysekaart recreatie
29
4. RUIMTELIJK ONTWERP In dit hoofdstuk lichten we het ontwerp van Energielandgoed Wells Meer en de keuzes die hierin zijn gemaakt verder toe. We geven per bouwsteen aan hoe deze een plek krijgt in het ontwerp van het Energielandgoed.
MASTERPLAN ENERGIELANDGOED WELLS MEER
4.1 VISIE OP DE OPGAVE
controle op de kwaliteit van de ontwikkeling en is het mogelijk is om naast duurzame energieopwekking ook andere doelstellingen
Met de realisatie van Energielandgoed Wells Meer wordt in mini-
te realiseren en zo een kwaliteitsimpuls te geven aan het gebied.
maal 50% van de energiebehoefte van gemeente Bergen voorzien.
Ook ontstaan schaalvoordelen.
Het Energielandgoed is echter meer dan alleen duurzame energieopwekking. Het is een integrale gebiedsontwikkeling, waarbij zo-
De zonnevelden en windturbines worden zorgvuldig ingepast in
veel mogelijk andere gebiedsdoelen worden meegenomen. Er wordt
de omgeving met aandacht voor de beleving vanuit de omliggende
ingezet op meervoudig ruimtegebruik en het realiseren van meer-
woningen en wegen en het beperken van mogelijke hinder.
waarde voor bodem en water, natuur, educatie, recreatie en innovatie. Het gebied krijgt hernieuwde betekenis en kwaliteit met een sterke eigen identiteit.
4.2 RUIMTELIJKE HOOFDSTRUCTUUR
Voor het Energielandgoed is een integraal en samenhangend ontwerp gemaakt waarin oude en nieuwe kwaliteiten op een vanzelf-
Bij een landgoed hoort een heldere ruimtelijke structuur. Door te
sprekende manier samenkomen. Er is sprake van een betekenisvolle
werken met structurerende assen, lange zichtlijnen en een helder
‘nieuwe ontginning’ van het landschap, waarmee een logisch nieuw
stramien ontstaat een bepaalde monumentaliteit, passend bij de
hoofdstuk aan de geschiedenis van het gebied wordt toegevoegd.
grote schaal en maat van het gebied. Dit landschappelijk raamwerk biedt een stevig kader voor de ontwikkelvelden voor duurza-
Er is gekozen voor een helder ruimtelijk concept, passend bij een
me energieopwekking.
landgoed. Robuuste landschappelijke structuren bieden het kader voor de ontwikkelvelden voor duurzame energieopwekking. Zo
Het Energielandgoed krijgt een nieuwe hoofdas die het gebied
wordt de ruimtelijke kwaliteit van het gebied geborgd, met daarbin-
ontsluit en waaraan alle centrale functies zijn gelegen. Deze ‘Ener-
nen nog voldoende ruimte en flexibiliteit voor nadere uitwerking.
gieboulevard’ vormt een belangrijk structurerend element van het Energielandgoed. Haaks op de Energieboulevard, in noord-zuid-
Het gebied kent heldere grenzen en vormt zo een herkenbare land-
richting wordt een groene zone aangelegd: het ‘ZonnePark’. Deze
schappelijke eenheid. Door de concentratie van duurzame ener-
zone vormt een robuuste groene structuur in het landgoed. Het
gieopwekking op één locatie kunnen andere gebieden binnen de
is een ecologische verbinding die fungeert als recreatieve zone
gemeente worden gevrijwaard wat de ruimtelijke kwaliteit van het
en tevens extensief wordt benut voor de energieopwekking. Het
landschap als geheel ten goede komt. De begrenzing wordt gevormd
gebied rondom de voormalige eendenkooi, langs de Wezerweg, is
door de Wezerweg, Nationaal Park De Maasduinen, de Kevelaar-
onderdeel van het ZonnePark en wordt gevrijwaard van intensieve
sedijk en de Rijksgrens. De gemeente wil de gronden, die nu in
energieopwekking. Zo wordt de impact van de ontwikkeling op de
eigendom van de Provincie Limburg zijn, overkopen, waardoor de
bestaande woningen aan de Wezerweg verminderd.
gemeente eigenaar is van het hele gebied. Hierdoor is er maximale
31
MASTERPLAN ENERGIELANDGOED WELLS MEER
32
Figuur 4.1: Ruimtelijke hoofdstructuur van het Energielandgoed
MASTERPLAN ENERGIELANDGOED WELLS MEER
Om bezoekers naar het hart van het gebied te trekken wordt er een centraal gelegen bezoekerscentrum met parkeergelegenheid gerealiseerd. Hiernaast ligt het innovatiecentrum met ruimte voor kleinschalige energie-gerelateerde bedrijvigheid. Het innovatie- en bezoekerscentrum ligt op het schakelpunt tussen de Energieboulevard en het ZonnePark en vormt zo het centrum van het Energielandgoed. Precies op deze plek stonden vroeger de villa en agrarische opstallen van het historische landgoed Wells Meer. De kavelrichting wordt gedraaid, zodat de zonnepanelen optimaal te plaatsen zijn: de panelen leveren pal op het zuiden een maximaal rendement. Er treedt minder snijverlies op en rommelige ‘overhoeken’ en randen worden voorkomen. Hiermee wordt tevens de nieuwe ontginning van het gebied, als nieuwe tijdslaag zichtbaar. Dit betekent niet dat bestaande landschapselementen verloren gaan. Zo worden de bestaande houtwallen en bospercelen