CConstaterende datBergen (NH)
Koppel je AI →
Document · PDF

bij 4 2021-06-15 nota van zienswijzen.pdf

Gemeenteraad 8 juli 2021, gemeente Bergen (NH)Bij agendapunt: 8: Voorstel betreft het vaststellen van het bestemmingsplan Harmonielocatie Bergen53.999 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 6

Tevens moet de automobilist, komende vanuit een uitrit voorrang verlenen aan al het verkeer (incl. voetgangers), net als bij indraaien in de garage (rechtdoor op dezelfde weg).

Gelet op bovenvermelde argumenten, en de overwegende bezwaren van de Bewonersvereniging Bergen Centrum verzoek ik u namens mevrouw Van Lammeren om alsnog af te zien van de onderhavige ingrijpende planologische wijzingen in het hart van Bergen, dan wel de plannen te wijzigen in een voor de burgers van Bergen aanvaarbare zin. Bijlage: de zienswijze van de Bewonersvereniging

60

8. Reclamant 6 Geacht College, Hierbij maak ik graag gebruik van de mogelijkheid een zienswijze in te dienen op het bestemmingsplan 'De 7 Dorpelingen'. Dat doe ik onder andere door in deze zienswijze te verwijzen naar de zienswijze van 24 juli 2017 met kenmerk BBC-dq-zp-dzup van de Bewonersvereniging Bergen Centrum. U kunt de inhoud daarvan als hier herhaald en ingelast beschouwen. De beantwoording van de zienswijze van de Bewonersvereniging Bergen Centrum heeft plaatsgevonden onder ad. 2 van deze nota van zienswijze. Voor het overige heb ik een aantal opmerkingen naar aanleiding van de nota beantwoording inspraakreacties. Voordat er besluitvorming over het bestemmingsplan gaat plaatsvinden zouden een aantal onderzoeken en besluiten moeten worden afgewacht. 1. Er moet eerst een geo-hydrologisch onderzoek uitgevoerd worden om de effecten van een eventuele parkeergarage in kaart te brengen. Er is een geohydrologisch onderzoek uitgevoerd door Wareco waarin duidelijk is gemaakt wat de gevolgen zijn van de parkeerkelder op de grondwaterstromen. In het onderzoek wordt de conclusie getrokken dat de verwachte stijging van de grondwaterstanden op openbaar terrein in alle scenario’s binnen de gestelde marges van de gemeente Bergen blijft. 2.

Met betrekking tot de luchtkwaliteit kan niet alleen gekeken worden naar de bijdrage die dit plan oplevert, maar moeten de te verwachten synergetische effecten van ander beleid en autonome groei worden meegenomen. In het kader van dit op te stellen bestemmingsplan hoeven enkel de verkeersbewegingen door toedoen van dit plan beoordeeld te worden. Dit is in paragraaf 4.4.2 ook gedaan. Hieruit blijkt dat de verwachte toename aan verkeer niet in betekenende mate bijdraagt aan de verslechtering van de luchtkwaliteit ter plaatse zorgt. 3. Voor zover er wordt afgeweken van de grenzen van de structuurvisie moet dit eerst expliciet door de raad zijn goed gekeurd. Het bouwvlak van het actuele plan past binnen de contourlijnen van de structuurvisie. De overbouwing aan de zijde van de Verlengde Dreef, die op de parterre de gestalte krijgt van een arcade als droogloop, bevindt zich binnen de uitgangspunten zoals opgenomen in de vastgestelde stedenbouwkundige contourenkaart. Dit gaat niet ten koste van de ruimtelijke kwaliteit, omdat doorzicht en ruimtelijkheid van het openbaar gebied is gewaarborgd. De overbouwing biedt daarnaast comfort aan de toegankelijkheid van de winkels op de parterre en het slentergebied voor de betreffende gevellijn. 4. Als het Alexanderlaantje deel uit moet maken van het bestemmingsplan, dan moet deze openbare weg eerst aan de openbaarheid worden onttrokken.

Als uitvloeisel van het bestemmingsplan zal het College aan de Raad voorstellen om de openbaarheid aan het Alexanderlaantje te onttrekken. 5. Voor wat betreft de ecologische scan is een contra expertise uitgevoerd door bureau SAB(zie bijlage 1 zienswijze BBC). De resultaten daarvan nopen tot nader onderzoek van de ecologische gevolgen van het bestemmingsplan. Tot die resultaten bekend zijn kan het plan niet worden vastgesteld. Dresmé & van der Valk heeft nadere onderzoeken uitgevoerd naar broedvogels en vleermuizen. Op 20 september 2017 is verslag gegeven van de afgeronde nadere onderzoeken. Het nadere onderzoek bestaat uit twee onderzoeksrondes naar huismus, drie onderzoeksrondes naar de gierzwaluw en 5 onderzoeksrondes naar vleermuizen en is uitgevoerd conform de soortenstandaard huismus, soortenstandaard gierzwaluw en het meest recente vleermuisprotocol (2017). Op basis van de geleverde onderzoeksinspanningen en het ontbreken van waarnemingen, kunnen nesten en vaste verblijf- of rustplaatsen van huismus en gierzwaluw uitgesloten worden. Op basis van de vijf onderzoeksrondes naar vleermuizen kunnen zomer-, kraam-, paar‐ en winterverblijfplaatsen van vleermuizen worden uitgesloten. De bomen aan het plein hebben geen functie als migratieroute en een beperkte betekenis als foerageergebied voor de gewone dwergvleermuis. Met de sloop 61

van de voormalige brandweerkazerne en het pand van de Harmonie is geen ontheffing van de Wet natuurbescherming nodig. Maatregelen ten behoeve van de huismus, gierzwaluw en vleermuizen zijn niet verplicht. Derhalve is geen sprake van een overtreding van de Wet natuurbescherming. Algemeen In het algemeen geldt, dat voor dit plan de grenzen van de structuurvisie worden opgerekt en in ieder geval altijd wordt de maximale variant gekozen. De overschrijdingen van het bouwvlak zijn door het toepassen van overkragingen en luifels op de begane grond weliswaar niet merkbaar, maar vanaf de eerste verdieping worden ze wel merkbaar en zichtbaar. De totale indruk van de bebouwing is daardoor nog steeds erg massaal. De stelling dat het bouwvlak past binnen de contourlijnen van de structuurvisie klopt dan ook niet. Dit geldt weliswaar voor het bouwvlak op de begane grond, echter niet voor dat op de eerste en hogere verdiepingen. De vraag is dan ook of er boven de aanduidingen sba-lui en sba-ok gebouwd mag worden. Als dit toegestaan wordt moet ook de grens van het bouwvlak zich daarover uitstrekken. Naar aanleiding van de zienswijzen worden de definities van een luifel en een overkraging opgenomen. Er is juist voor gekozen om de hoofdfunctie van de begane grond/maaiveld op te nemen. Dit betreft namelijk openbaar gebied, waar voetgangers lopen en bijvoorbeeld fietsen geplaatst kunnen worden.

Door hier de bestemming Gemengd-1 op te nemen (zoals in het voorontwerp) is het juist mogelijk om de gebouwen ook verder door te trekken op het deel wat juist openbaar dient te zijn. De gebouwen zijn dusdanig ontworpen dat zij over deze openbare ruimte hangen en daarmee dus als overkraging zijn aan te merken. Conclusie: Gezien de massaliteit van de toegestane bebouwing in de structuurvisie is een nog verdere overschrijding van het bouwoppervlak ongewenst, zeker zonder een expliciet besluit van de raad om daarvan af te wijken. Het bouwvlak van het actuele plan past binnen de contourlijnen van de structuurvisie. De overbouwing aan de zijde van de Verlengde Dreef, die op de parterre de gestalte krijgt van een arcade als droogloop, bevindt zich binnen de uitgangspunten zoals opgenomen in de vastgestelde stedenbouwkundige contourenkaart. Dit gaat niet ten koste van de ruimtelijke kwaliteit, omdat doorzicht en ruimtelijkheid van het openbaar gebied is gewaarborgd. De overbouwing biedt daarnaast comfort aan de toegankelijkheid van de winkels op de parterre en het slentergebied voor de betreffende gevellijn. Ook voor wat betreft de uitgangspunten van het beeldkwaliteitskader worden in dit plan de grenzen opgezocht. Zeker aan de Dreef is er weinig variatie in hoogte.

Ook is het de vraag in hoeverre voldaan wordt aan de in het beeldkwaliteitskader gestelde eis, dat de gebouwen een maximale gevelbreedte hebben van 15 meter en dat het geheel oogt als individuele gebouwen. In de hieronder toegevoegde schetsen lijkt er in ieder geval sprake van een steeds doorlopende gevellijn. Door de vormgeving lijken het afzonderlijke gebouwen, maar in feite wordt één massale doorlopende gevellijn gecreëerd. De verlaging van de basishoogtes naar respectievelijk 4,9 meter en 4,3 meter is in onze ogen niet voldoende en zou moeten worden teruggebracht naar de hoogtes zoals die bestonden ten tijde van de besluitvorming in de raad op 15 december 2016. Het bouwplan is een uitwerking van de vastgestelde structuurvisie, stedenbouwkundige contourenkaart en het beeldkwaliteitskader. In dit bestemmingsplan worden de toegestane maten en massa’s op basis van deze structuurvisie, stedenbouwkundige contourenkaart en het beeldkwaliteitskader toegepast. Op basis van de ontwerpen worden nu de exacte maten in het bestemmingsplan opgenomen. Dit in het kader van de rechtszekerheid. Het planvoorstel “de 7 Dorpelingen” kenmerkt zich door een afwisselende architectuur en parcellering, die past binnen de doelstelling van de Structuurvisie en het Beeldkwaliteitskader.

De variatie in hoogte is door de verschillende gebouwcontouren, kapvormen en bouwhoogte passend in de omgeving en ondersteunt de doelstelling van een accentgebouw als “poortgebouw” bij de overgang van het entreeplein naar de verlengde Dreef. Het plan biedt daarmee een goede invulling aan deze doelstelling, die integraal onderdeel is van de stedenbouwkundige samenhang van de ontwikkeling van het centrum van Bergen.

62

Aansluiting openbare ruimte. De peilhoogtes zijn nu wel gedefinieerd in het onderdeel maatvoering. Voor wat betreft de aansluiting op de openbare ruimte geldt dat er op plaatsen 30 tot 10 centimeter boven het maatveld wordt gebouwd. Dat betekent dat de overkraagde en overluifelde wandelgebieden 10 tot 50 cm hoger liggen dan het maaiveld. Het is niet duidelijk hoe dat opgelost gaat worden. Ook is niet duidelijk hoe dit zich gaat verhouden tot het gebruik van de openbare ruimte als shared space gebied. In dit verband ligt de situering van een een fietsopstalplaats op het smalste gedeelte van de openbare ruimte niet erg voor de hand. De gemeente heeft de exacte peilmaten van alle bestrating in het gehele centrum in laten meten. Op basis daarvan is een inrichtingstekening gemaakt, waarin voldoende afschot is opgenomen voor een goede waterafvoer, maar geen dusdanige schuintes ontstaan dat deze voor rolstoelen slecht toegankelijk worden. In het bestaande gebied zit een verloop van ca. 80cm, door de nieuwe inrichting wordt dat beter opgelost dan het momenteel het geval is. Daarnaast willen we het huidige hoogteverschil wat aanwezig is tussen de gevel van de Rustende Jager en de inrit van de parkeergarage (ca. 40 cm) oplossen en het afschot van Rustende Jager naar rijweg verminderen. Door deze ingrepen wordt de openbare ruimte toegankelijker.

Bij het plan voor de openbare ruimte is rekening gehouden met de diverse functies binnen dit gebied. Zo is, ter hoogte van de ingang van de Aldi (en de huidige Deen), ruimte gereserveerd voor het stallen van een grote hoeveelheid fietsen (gebaseerd op fietsparkeernormen zoals opgenomen in de nota ruimtelijk parkeerbeleid en praktijkervaring), ruimte voor stalling en verkeersruimte (o.a. looproute) en worden de bloemen niet uitgestald op de smalste delen, maar juist in de ‘luwe’ hoeken van het pand. Winkelwagens worden niet buiten uitgestald. De gemeente draagt zorg voor de aanleg van het openbaar gebied. De gemeente blijft eigenaar van de openbare ruimte, tot aan de gevels van de winkels. Beschermd dorpsgezicht. Ook al is het zo, dat het grootste gedeelte van dit bestemmingsplan niet samenvalt met het bestemmingsplan beschermd dorpsgezicht Bergen is het wel zo, dat de zichtlijnen die er nu zijn vanaf bijvoorbeeld Hartje Bergen richting de monumenten op de Karel de Grotelaan en op de Ruinekerk worden belemmerd door de geplande bebouwing. Er zijn geen voor het beschermde dorpsgezicht kenmerkende zichtlijnen die door de realisatie van de voorgenomen ontwikkeling worden verstoord. Supermarkt(en). In de structuurvisie is steeds sprake geweest van één supermarkt. Als de Estafette zich ook in dit complex gaat vestigen komen er twee supermarkten in dit complex.

Dat is één meer dan is aanvaard in de besluitvorming op 15 december. Indien dit gewenst wordt, zou dit ook in het bestemmingsplan tot uitdrukking gebracht moeten worden. Vraag is dan ook hoe artikel 3.1.b. in dit verband gelezen moet worden. Wordt met een supermarkt ook één supermarkt bedoeld? Ook is niet duidelijk of detailhandel en de overige omschrijvingen(artikel 3.1. b t /m f) op de eerste (en hogere)verdiepingen worden uitgesloten. In de regels van het bestemmingsplan wordt opgenomen dat één supermarkt mogelijk is met een maximaal winkelvloeroppervlak van 850 m2. Het is niet de bedoeling dat bedrijfsmatige activiteiten op de verdiepingen plaats vinden. Om dit te waarborgen wordt een toevoeging opgenomen dat de bedrijfsmatige activiteiten uitsluitend in de eerste bouwlaag plaats mogen vinden. Dit is aangepast in het bestemmingsplan. Of de Estafette al dan niet wordt aangemerkt als een supermarkt is een kwestie die nu niet aan de orde is. Voorliggend bestemmingsplan voorziet niet specifiek in de vestiging hiervan. In het supermarktonderzoek van bureau RMC wordt zonder nadere argumentatie gesteld dat door de uitbreidingen van ALDI en AH een groter deel van de inwoners van Bergen gebonden zal worden en het bindingspercentage zal oplopen naar 8596 voor dagelijkse inkopen. Zonder nader onderzoek is dat niet zo te stellen.

Ervaringen in Warmenhuizen geven wat dit betreft niet erg veel vertrouwen. Onderzocht zou moeten worden in hoeverre de 2736 die nu niet in Bergen winkelt bereid is te veranderen als de beoogde verplaatsing en uitbreiding zal plaatsvinden. In het RMC onderzoek wordt overigens alleen betoogd dat een uitbreiding van de WVO zinvol en haalbaar is voor zowel ALDI als AH. Over de verplaatsing naar de Harmonielocatie wordt niets betoogd. In het supermarktenonderzoek van Bureau RMC d.d. 13 oktober 2016 wordt de volgende onderbouwing gegeven voor een hogere binding na uitbreiding van Aldi en AH: 63

-

-

In algemene zin wordt het belangrijker dat supermarkten groter worden om meer service te kunnen bieden om mee te gaan met de veranderende wensen van de consument. Consumenten kunnen in het centrum van Bergen na uitbreiding van Aldi en AH beter terecht voor hun dagelijkse boodschappen. De binding is reëel omdat de supermarktketens in het centrum van Bergen passend zijn bij de inwoners. De marktruimteberekening toont aan dat de vraag naar dagelijks aanbod uit het verzorgingsgebied nog niet volledig is ingevuld in het centrum van Bergen. Referentiegemeenten laten zien dat bij een dagelijks aanbod van vergelijkbare grootte, een hogere binding gerealiseerd kan worden. Zeven van deze tien referentiegemeenten hebben eveneens een Aldi in de gemeente. Een uitbreiding en vernieuwing van de supermarkten in Bergen kan tot dit resultaat leiden.

Voor wat betreft de beoordeling van de plannen geldt dat de uitbreiding van ALDI en AH samen uitkomt op een oppervlakte van veel meer dan 1500 m2 BVO, zeker als de Estafette ook een plek zou krijgen in de 7 Dorpelingen. Dat betekent dat toetsing met betrekking tot regionale afstemming noodzakelijk is. In voorliggend bestemmingsplan hoeft de uitbreiding van de Albert Heijn niet meegenomen te worden, omdat het bestemmingsplan De 7 Dorpelingen hier niet in voorziet. Het maximum toegelaten aantal vierkante meters aan detailhandel in De 7 Dorpelingen blijft onder de grens van 1.500 m2 BVO. Regionale afstemming is dan ook niet noodzakelijk. Onderwaterstromen en onderwaterpeil. De reactie van het Hoog Heemraadschap op het ontwerpbestemmingsplan bevestigt dat het noodzakelijk is een gedegen geohydrologisch onderzoek uit te voeren alvorens met de bouw te starten. Aangezien dit ingrijpende consequenties kan hebben voor de verdere planvorming is het noodzakelijk dat de uitkomsten van dit onderzoek worden afgewacht, alvorens een besluit te nemen over dit bestemmingsplan. In het onderzoek moeten de effecten van plannen en uitgevoerde werken (parkeergarage hartje Bergen, parkeergarage Parkhotel, parkeergarage Dorpsplein, parkeergarage Posthuis) worden meegenomen.

Er is een geohydrologisch onderzoek uitgevoerd door Wareco waarin duidelijk is gemaakt wat de gevolgen zijn van de parkeerkelder op de grondwaterstromen. In het onderzoek wordt de conclusie getrokken dat de verwachte stijging van de grondwaterstanden op openbaar terrein in alle scenario’s binnen de gestelde marges van de gemeente Bergen blijft. Verkeerstromen. Bij de beoordeling van de verkeersstromen en de gevolgen daarvan voor de luchtkwaliteit wordt geen rekening gehouden met andere effecten die ervoor zorgen dat de hoeveelheid verkeer nog verder gaat toenemen. Los van een autonome groei van het autoverkeer van 9% voorzien voor 2023, een wat logischer planhorizon dan 2018, zoals genoemd in de toelichting. De ontwikkelingen rondom het Dorpsplein en de uitbreiding van de AH zullen ook een verkeerstoename tot gevolg hebben. Om de veranderingen in luchtkwaliteit te beoordelen, kan men de bijdrage van dit planonderdeel niet isoleren, maar moet gekeken worden naar de totale toename van het verkeer, die dan boven de 9000 mvt/etmaal gaat komen. Voor de NIBM-tool geldt dat de grens voor PM10 is 1.2 en de grens voor NO2 is 12; de waarden uit de tabel kunnen niet opgeteld worden, aangezien het om andere stoffen gaat. De tabel laat zien dat de grenswaarde voor PM10 niet overschreden wordt, en datzelfde geldt voor NO2. Er is gerekend met 1%, wat neerkomt op 11 a 12 vrachtwagens per dag.

Voor enkel één supermarkt en wat flankerende detailhandel is aantal meer dan acceptabel, zeker gezien het feit dat voor de Aldi uitgegaan is van 5 vrachtwagens per dag. Aldi heeft aangegeven dat de bevoorrading en afvoer met 1 vrachtwagen per dag uitgevoerd gaat worden, zoals dat ook gebruikelijk is bij alle andere vestigingen van Aldi. Daarnaast liggen de huidige achtergrondwaarden van zowel PM10 (18,02) als NO2 ( 13,12) ver onder de grenswaarde van 40. Inclusief de bijdrage door toedoen van dit plan, blijft er nog steeds sprake van een waarde die ver onder de grenswaarde van 40 ligt en is er nog steeds sprake van een goed woon en leefklimaat ten aanzien van luchtkwaliteit. In/uitrit parkeergarage in het straatje zonder naam. In de toelichting wordt in ş 4.4.2. gesproken over luchtkwaliteit. Ook al is het zo dat voor het Plein de toename in NOx uitstoot net binnen de grenzen blijft, dan geldt dit niet voor het straatje waar de inrit van de parkeergarage is gepland. Hier bedraagt de toename in het autoverkeer 1990 mvt/etmaal. Dat levert een overschrijding van de grens voor 'niet in betekenende mate' op. 64

Er is met de toename aan verkeersbewegingen geen significant negatief effect op de luchtkwaliteit te verwachten. De toename draagt niet in betekenende mate bij aan de verslechtering van de luchtkwaliteit en bovendien liggen de huidige waarden ver onder de grenswaarden. Duurzaamheid. Uiteraard is het zo dat in besluitvorming rekening gehouden moet worden met reeds bestaande plannen. Voor wat betreft 'de 7 Dorpelingen' geldt echter dat het hier om zeer globale plannen gaat en ging. Dat betekent dat in formeel opzicht een eventuele bouwvergunning wel degelijk getoetst moet worden aan het duurzaamheidsbeleid zoals dit is vastgesteld door de raad. Wat duurzaamheid betreft dienen het bouwplan te voldoen aan het Bouwbesluit. De planvorming dateert van vóór de vaststelling van het Duurzaamheidsbeleid door de gemeenteraad. Schrama BV streeft er desalniettemin naar het project zodanig uit te voeren dat het energieverbruik lager wordt dan momenteel gangbaar is en sluit daarmee aan op de door minister Blok geïntroduceerde term Bijna Energie Neutrale Gebouwen (beng). Om te bepalen hoe dit zo efficiënt mogelijk gerealiseerd kan worden zal er bij de uitwerking van het plan een gespecialiseerd adviesbureau betrokken worden. Aantal parkeerplaatsen. De berekening van het benodigd aantal parkeerplaatsen volgens de normen van de gemeente Bergen is niet helder beargumenteerd.

De aantallen parkeerplaatsen bestaan niet alleen uit parkeerplaatsen gerelateerd aan de bewoning en gebruik, maar hangen ook samen met te compenseren parkeerplaatsen in de openbare ruimte, die ten tijde van de besluitvorming bestaan. Dat zijn er 6 in het parallelstraatje, 6 bij de brandweer aan de Dreefzijde, 4 achter de brandweer aan de Karel de Grotelaan en 12 aan de Dreef, voor de voormalige bloemenwinkel. Als die meegeteld worden is het aantal van 88 extra parkeerplaatsen niet voldoende. Uitgangspunt van de parkeerbalans is het parkeeronderzoek dat in juni 2015 is gehouden. De zogenaamde nulmeting. Conclusie van het onderzoek is dat er voldoende parkeercapaciteit is in het centrumgebied. Het advies is om bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen er voor te zorgen dat er naar rato aan parkeergelegenheid wordt gerealiseerd. Bij het plan “De 7 Dorpelingen” is het de bedoeling dat er huidige parkeerplaatsen komen te vervallen, welke moeten worden gecompenseerd Het gaat daarbij om 7 parkeerplaatsen die thans langs de ventweg zijn gelegen. De parkeerplaatsen bij de voormalige brandweer, de parkeerplaatsen op het tijdelijke parkeerterrein van Schrama aan het Plein en de parkeerplaatsen ter hoogte van het Alexanderlaantje bestonden ten tijde van de nulmeting niet. Deze zijn na die tijd gerealiseerd en waren niet ingegeven door ruimtelijke ontwikkelingen.

Feitelijk zijn de parkeerders op één van deze parkeerplaatsen niet zozeer nieuwe parkeerders, maar is er sprake van een verschuiving t.o.v. de situatie ten tijde van het genoemde parkeeronderzoek. Qua parkeerbalans hoeven deze parkeerplaatsen daarom niet te worden gecompenseerd. Voor de bepaling van het aantal parkeerders dat de Aldi genereert, is inderdaad uitgegaan van een parkeernorm van 3,3 parkeerplaatsen per 100 m. Deze norm is gebaseerd op de parkeerkencijfers die CROW voor deze functie hanteert. De Aldi valt daarbij onder de categorie ‘discountsupermarkt’. Daarbij is uitgegaan van het gemiddelde van de parkeerkencijfers en er mag dus worden verondersteld dat deze niet uiterst laag is. Het bestemmingsplan maakt echter ook realisatie van een fullservice supermarkt in het middelhoog en hoog prijsniveau. Hiervoor geldt een hogere parkeernorm van 3,6 parkeerplaatsen per 100 m2 bvo. Bij de planvorming moet aan deze eis worden voldaan. Om dit te borgen is in het bestemmingsplan een voorwaardelijke verplichting ten aanzien van parkeren opgenomen. Bereikbaarheid achtertuin. In de nota wordt gemeld dat voor het perceel KdG 15 via het perceel KdG -17 de bereikbaarheid van de achtertuin wordt mogelijk gemaakt. Dat zelfde zou ook gelden voor KdG-13 en KdG 11.

De wijze van ontsluiten van de achtertuinen van de percelen Karel de Grotelaan nummers 11 en 13 betreft een problematiek van privaatrechtelijke aard en is daarbij geen onderdeel van het plangebied van het bestemmingsplan “de 7 Dorpelingen”. Bezonning tuinen. In de reactie wordt gesteld dat er geen zon in de tuin zou zijn door de hoogte van het eigen gebouw. Dat is 65

onjuist. In de ochtend komt de zon gezien van de tuin op boven de bibliotheek. Tot ongeveer 12:00 uur is er dan zon in de tuin. Dit wordt geblokkeerd door De geplande gebouwen aan het tussenstraatje. Deze woning heeft een achtertuin pal op het noorden. Door de hoogte van de eigen woning hebben deze tuinen bijna geen zon. De realisatie van de nieuwbouw zal dit niet verder verslechteren. Dit is tevens aangetoond in de uitgevoerde bezonningsstudie. Het Alexanderlaantje. Inmiddels is duidelijk geworden dat verbinding tussen de Karel de Grotelaan en het Plein wel degelijk een openbare weg is. Een openbare weg kan niet zomaar onttrokken worden aan openbaar gebruik, ook al is het deels privé terrein. Daar zijn bekende procedures voor en vergt besluitvorming door de gemeenteraad. Zolang dit niet gebeurd is kan dit gedeelte geen deel uitmaken van het bestemmingsplan. Als uitvloeisel van het bestemmingsplan zal het College aan de Raad voorstellen om de openbaarheid aan het Alexanderlaantje te onttrekken. Het nieuwe Harmoniegebouw. Op basis van de bestemming van het gebruik van het gebouw van de Harmonie geldt een richtafstand van 10 meter voor belendende percelen. Die afstand wordt niet gehaald. Binnen deze bestemming kan het huidige gebruik van het Harmoniegebouw voortgezet worden. Hierbij te denken aan sport-, muziek- en schilderactiviteiten, exposities en verenigingen.

Al deze activiteiten vallen onder milieucategorie 2, zoals verwoord in de toelichting bij dit bestemmingsplan. Activiteiten zoals in de zienswijzen omschreven zijn in de aangepaste bestemming niet meer mogelijk. Op basis van het advies van de Regionale Uitvoeringsdienst Noord-Holland Noord is het aspect milieuzonering nogmaals bekeken. Het voorliggende bestemmingsplan moet voorzien in de ontwikkeling van zowel woningen als winkels in een centrumgebied. Dat er sprake is van een gemengd gebied is voldoende aangetoond. Het betreft hier zelf een centrumgebied dat verschillende functies herbergt. Functiemenging, en toepassing van lijst 4 uit de handreiking ‘Bedrijven en milieuzonering 2009’ van de VNG, kan daarom van toepassing worden geacht. Binnen gemengde gebieden heeft men te maken met milieubelastende en milieugevoelige functies die op korte afstand van elkaar zijn gesitueerd. De richtafstanden zijn dan niet toepasbaar. De toelaatbaarheid van milieubelastende functies in gebieden met functiemenging wordt beoordeeld aan de hand van de volgende drie ruimtelijk relevante milieu categorieën:  categorie A: toelaatbaar aanpandig aan woningen  categorie B: toelaatbaar indien bouwkundig afgescheiden van woningen;  categorie C: toelaatbaar indien gesitueerd langs een hoofdweg. Voor de diverse functies binnen een functiemengingsgebied zijn er echter wel voorwaarden gesteld.

Parkeergarages en supermarkten dienen in principe bouwkundig afgescheiden van andere gevoelige functies plaats te vinden vanwege de milieubelasting die zij kunnen veroorzaken. Verder moet het gaan om:  Kleinschalige, meest ambachtelijke bedrijvigheid;  Productie en laad- en loswerkzaamheden vinden alleen in de dagperiode plaats;  De activiteiten, inclusief opslag, geschieden hoofdzakelijk inpandig. Dit bestemmingsplan maakt het mogelijk om een supermarkt, overige winkels en een muziekschool met aanverwante activiteiten te realiseren. Daarnaast worden zowel naast als boven op de voorgenomen functies woningen gerealiseerd. Detailhandel valt in beginsel onder milieucategorie A (SBI-code 2008: 47). Supermarkten vallen onder milieucategorie B (SBI-code 2008: 471). Een muziekschool en dansschool behoren tot categorie B (SBI-code 2008: 8552 en 85521). De muziekschool en supermarkt zijn derhalve aanpandig toegestaan, mits bouwkundig gescheiden. De activiteiten vinden daarnaast ook inpandig plaats. Aangezien functiemenging plaatsvindt, kan volstaan worden met de categorieën A, B en C en hoeft geen richtafstand aangehouden te worden. De toelichting wordt op dit punt aangepast. 66

Met betrekking tot de verbeelding. Er worden geen goothoogtes meer aangegeven voor de Dreefzijde. In het bestemmingsplan wordt verwezen naar het beeldkwaliteitskader (BKK), dat daardoor onderdeel van het bestemmingsplan is. Om een vergunning te krijgen dient het plan te voldoen aan de regels van het bestemmingsplan èn aan de regels van het BKK, welke onderdeel uitmaken van de regels van het bestemmingsplan. Zo moeten er moeten kappen gemaakt worden, zoals omschreven in het BKK. Naast het BKK dat onderdeel uitmaakt van het bestemmingsplan, is een beeldkwaliteitsplan opgesteld, ter ondersteuning van de beoogde ruimtelijke en functionele kwaliteit. Dit BKP wordt ter vaststelling aangeboden aan de raad en zal na vaststelling onderdeel worden van de Welstandsnota. Met betrekking tot de regels. Betekent 3.2.1. dat de gebruikelijke afwijking van 10% niet van toepassing is? Nee. Met de afwijkingsregels zoals genoemd in artikel 11.1 kunnen burgemeester en wethouders – onder de voorwaarden zoals genoemd in artikel 11.1.2 – afwijken van de gestelde maatvoering in artikel 3.2.1. Privaatrechtelijke problemen. Consultatie heeft geleid tot de conclusie dat de grond onder de schuur van het perceel Karel de Grotelaan 13 door verjaring inmiddels in eigendom is overgegaan van de gemeente naar de eigenaren van dit perceel.

Daarmee is een privaatrechtelijk probleem ontstaan, dat de uitvoering van de plannen ernstig bemoeilijkt en onzeker maakt. In dit kader is de bestemmingsgrens van het plan aangepast, waardoor de schuur van het perceel Karel de Grotelaan 13 geen onderdeel meer uitmaakt van het plangebied.

67

9. Olie Exploitatiemij B.V. Hoorn, 25 juli 2017 Betreft: Ontwerp bestemmingsplan "De 7 Dorpelingen" Geacht college, geachte heer Van Hout, Olie Exploitatiemij. B.V., eigenaresse van het perceel Plein 36 te Bergen (kadastraal bekend gemeente Bergen, sectie C, nr. 4358), heeft kennis genomen van de "nota beantwoording inspraakreacties" d.d. 31 mei 2017 en van het inmiddels ter inzage gelegde ontwerp van het bestemmingsplan "De Zeven Dorpelingen". Graag maken wij van de gelegenheid gebruik - om in aanvulling op onze brief van heden - een zienswijze in te dienen. Het grootste probleem blijft dat ons perceel in het bestemmingsplan volstrekt onbereikbaar wordt gemaakt. Onbegrijpelijk is dat in de beantwoording van de inspraakreactie gesteld wordt dat het zogenaamde "Alexanderlaantje" "niet een openbaar verkeer bestemming kan hebben gekregen". Wij verwijzen naar paragraaf 2.3 van de toelichting bij het bestemmingsplan. Daar wordt de actuele bestemming aangehaald. Maar bovendien dient het Alexanderlaantje wel degelijk te worden aangemerkt als een openbare weg in de zin van de Wegenwet. Dat de grond privé-eigendom is, maakt dat niet anders. Het blijkt overigens ook uit het recent genomen handhavingsbesluit d.d. 20 juli 2017 (zaaknummer HH17/00332) waarbij de betrokken eigenaar gesommeerd is om de kettingen tussen de paaltjes weg te halen zodat een en ander weer toegankelijk wordt.

Zie ook te dien aangaande de zienswijze van BCC d.d. gisteren. Het plan getuigt verder niet van een goede ruimtelijke ordening omdat het plan ter zake de parkeergarage , gelet op de aanwezigheid van de opstal op mijn perceel, niet uitvoerbaar is. Bovendien begrijpen wij uit de wandelgangen dat er niet eens een anterieure overeenkomst zou zijn gesloten met de ontwikkelaar. Dat betekent ook dat het plan financieel niet uitvoerbaar is. Ons bezwaar richt zich uiteraard ook tegen de bebouwing ter vervanging van het Harmonie-gebouw. Die voorziene bebouwing maakt de bereikbaarheid van ons perceel onmogelijk. En dat getuigt dus evenmin van een goede ruimtelijke ordening. Allereerst dient te worden opgemerkt dat het perceel Plein 36 vooralsnog buiten de herontwikkeling zal worden gehouden, nu het perceel op 14 november 2016 eigendom is geworden van Olie. Er is daardoor geen basis om het perceel in de herontwikkeling te betrekken. Dit tenzij in de bij de rechtbank Noord-Holland, locatie Alkmaar, aanhangige procedure wordt beslist dat het perceel Plein 36 alsnog zal moeten worden geleverd aan Schrama BV. De uitvoerbaarheid van het plan staat niet ter discussie, nu de onder Plein 36 gelegen grond niet wordt opgenomen in de te bouwen parkeergarage. Voorterrein Plein 36 In de zienswijze wordt verweten dat het perceel Plein 36 door de herontwikkeling onbereikbaar zal worden.

Olie heeft het perceel Plein 36 gekocht en geleverd gekregen op 14 november 2016. Op dat moment was aan zijn verkoper en aan de voormalig eigenaar van Plein 36, ten volle bekend dat de huur van de onbebouwde grond, gelegen vóór Plein 36 was opgezegd dan wel zou worden opgezegd. De opzegging van de zijde van Schrama BV is herhaald bij brief van 21 november 2016 tegen 1 maart 2017 met de sommatie om de onbebouwde grond per die datum ontruimd ter vrije beschikking te stellen aan Schrama BV. Olie heeft bij brief gedateerd 5 december 2016, voor zover nodig, met de opzegging van de huur van het voorterrein per 1 maart 2017 ingestemd. Het was aldus aan de verkoper en de voormalig eigenaar en aan Olie ten volle bekend dat Plein 36 aan de pleinzijde geen in- of uitgang meer zou hebben. Alexanderlaantje De herontwikkeling van de zogenoemde Harmonielocatie met het bestemmingsplan “De 7 Dorpelingen” was op het moment van levering aan Olie bekend. Al vanaf 2008 bestaan er onder de naam “Mooi Bergen” plannen om te komen tot een herontwikkeling van het centrum van Bergen NH. Al in deze eerste plannen werd voorzien in een herinrichting van het perceel Plein 36 en de onbebouwde grond gelegen vóór Plein 36.

Uit het Stedenbouwkundig Masterplan van project Mooi Bergen uit 2008, de Structuurvisie Mooi Bergen Winkelkern zoals vastgesteld door de Raad op 10 november 2011, het Beeldkwaliteitskader Mooi Bergen 2.0. en de 68

Structuurvisie, zoals beiden vastgesteld door de Raad in haar vergadering van 15 januari 2015 wist dan wel kon Olie weten dat ook het Alexanderlaantje in de herontwikkeling zou worden betrokken ten behoeve van het laden en lossen voor een nieuw te bouwen supermarkt, alsmede ten behoeve van de herlocatie van het Harmoniegebouwtje. De laad- en losactiviteiten en ook de verplaatsing van het Harmoniegebouwtje staan direct in de weg aan het handhaven van de openbare bestemming van het Alexanderlaantje. Door verjaring kent het Alexanderlaantje een openbare bestemming voor fietsers en voetgangers. Omdat in het nieuwe bestemmingsplan het Alexanderlaantje niet meer met de bestemming Verkeer wordt belegd, zal tegelijkertijd aan de Raad worden voorgesteld om een besluit te nemen tot onttrekking van het laantje aan de openbaarheid. Inderdaad zal dientengevolge Plein 36 ook niet via het Alexanderlaantje toegankelijk zijn. Ontsluiting via Karel de Grotelaan De ontsluiting van Plein 36 naar de openbare weg geschiedde via het achtergelegen pad naar de Karel de Grotelaan. Die mogelijkheid bestaat feitelijk nog steeds en wordt kennelijk ook nog zo benut. Het is de enige mogelijkheid om Plein 36 te bereiken. Olie heeft bij haar verkoper niet bedongen dat die bestaande toegang van en naar de Karel de Grotelaan via een gevestigde erfdienstbaarheid gehandhaafd blijft.

Onder deze omstandigheden kan niet worden gesteld dat ten gevolge van de beoogde herontwikkeling in het ontwerp bestemmingsplan een ontsluiting van het pand Plein 36 naar de openbare weg niet meer kan worden gewaarborgd. Samenvatting Olie heeft de ontoegankelijkheid van het perceel Plein 36 geheel aan eigen handelen of verzuim te wijten. Zij wist dan wel kon weten dat de huur van het voorgelegen terrein was of zou worden opgezegd en heeft de bekendheid daarmee alsmede de ontruiming bevestigd. Zij heeft bij haar verkoper niet bedongen dat er een toegang van en naar de Karel de Grotelaan gehandhaafd blijft en wist dan wel kon weten dat het Alexanderlaantje in de planontwikkeling zou worden betrokken en dat aan het Alexanderlaantje de openbaarheid zou moeten worden onttrokken om het zo te kunnen beleggen met de voorgenomen bestemmingen GD-1 en de subbestemming (m). Ten slotte is er geen sprake van dat het bestemmingsplan stuit op onuitvoerbaarheid doordat geen anterieure overeenkomst zou zijn gesloten met de ontwikkelaar; die overeenkomst is tot stand gekomen. In het algemeen richten wij ons bezwaar tegen de massaliteit van hetgeen volgens het bestemmingsplan gerealiseerd zou kunnen worden. Het gaat om een ongewenste ontwikkeling die het dorpse karakter van Bergen geweld aandoet en die onevenredig afbreuk doet aan de entree van het dorp.

Het plan impliceert ontgroening en een enorme verstening. Een van de uitgangspunten van het vigerende Bestemmingsplan Centrum Beschermd dorpsgezicht dat pas in 2011 is vastgesteld, was juist het "unieke dorps-DNA van Bergen te conserveren en er een beschermend karakter aan te geven zodat het ook voor de toekomst gewaarborgd blijft". Een van de ruimtelijke uitgangspunten daarbij is het behoud van de aanwezige zichtlijnen naar het plein en de ruïnekerk. Die uitgangspunten worden met het ontwerp-bestemmingsplan met voeten getreden. Dat is onbegrijpelijk en getuigt van ongewenst planologisch opportunisme. Het ontwerpbestemmingsplan ‘De 7 Dorpelingen’ overschrijdt in zeer beperkte mate de grenzen van het bestemmingsplan “Beschermd Dorpsgezicht”. De overschrijding vindt plaats op de gronden die zijn bestemd tot ‘Verkeer’ in het bestemmingsplan “Beschermd Dorpsgezicht”. De gronden met de bestemming ‘Verkeer’ vallen niet onder het aanwijzingsbesluit tot “Beschermd Dorpsgezicht” van de Minister van oktober 1990 en hebben derhalve geen beschermde status. Dit kan worden afgeleid uit de bij het aanwijzingsbesluit behorende kaart waarop de begrenzingen van de aanwijzing staan aangegeven. Om die reden hebben deze gronden ook niet de subbestemming ‘waarde – cultuurhistorie’ gekregen in het bestemmingsplan “Beschermd Dorpsgezicht”.

Uit de bijbehorende cultuurhistorische waardenkaart kan worden afgeleid dat bij het vastleggen van deze subbestemming de contourenkaart van het aanwijzingsbesluit van de Minister één op één is overgenomen. In de toelichting op het bestemmingsplan “Beschermd dorpsgezicht” (paragraaf 2.5) worden de zogenoemde cultuurhistorische kwaliteiten inzichtelijk gemaakt aan de hand van ordekaarten. Uit figuur 5 in deze toelichting kan worden afgeleid dat de aan het plangebied van De 7 Dorpelingen grenzende bebouwing niet/nauwelijks te beschermen waarden bezit. Dit is logisch verklaarbaar. Het betreft immers recent gerealiseerde nieuwbouw. De ter plaatse te verrichten welstandstoets beperkt zich om die reden tot nadere regels ter zake van 69

bouwhoogte, positionering en ontsluiting. Het uiteindelijk te ontwikkelen bouwplan zal aan die criteria moeten voldoen. Voor wat betreft de zichtlijnen kan gesteld worden dat deze niet verstoord worden. De aanwezige zichtlijnen naar het Plein en de Ruïnekerk blijven behouden. De kenmerken “dorps” en Bergens” zijn afgeleid uit een architectonische en ruimtelijke analyse van het dorp. Het dorp kenmerkt zich door een bandbreedte van schaalniveau’s, die met elkaar het dorpsweefsel vormen. Dit geldt ook voor de morfologische en architectonische kenmerken van het dorp Bergen. Vanuit deze analyse is een structuurvisie gemaakt met bijhorend Beeldkwaliteitskader, waarin wordt gesteld aan welke voorwaarden een planvoorstel moet voldoen, om als passend in het dorpsweefsel van het centrum van Bergen te worden herkend. Deze kaders zijn door de raad vastgesteld. Het plan “de 7 Dorpelingen” voldoet hier aan. Al met al verzoeken wij u aan de gemeenteraad voor te stellen om dit bestemmingsplan niet vast te stellen. De zienswijze leidt niet tot aanpassing of bijstelling van het ontwerpbestemmingsplan. Inmiddels verblijf ik, Met vriendelijke groet, D. Olie, directeur Olie Exploitatiemij. B.V.

70

10.

Loomans Advocaten (Deen Supermarkt)

Hoorn, 26 juli 2017 Inzake: Deen I Ontwerp bestemmingsplan "De Zeven Dorpelingen" Geacht college, Gaarne wend ik mij tot u namens mijn cliënten, de besloten vennootschap Deen Vastgoed Winkels B.V. en de besloten vennootschap Deen Winkels B.V. Deen Vastgoed Winkels B.V. huurt de bedrijfsruimte aan het adres Plein 4 te Bergen. Deen Winkels B.V. exploiteert aldaar een supermarkt. Graag maak ik namens cliënten van de gelegenheid gebruik om een zienswijze in te dienen met betrekking tot het ontwerp van het bestemmingsplan "De Zeven Dorpelingen". Cliënten blijven aanmerkelijk bezwaar houden tegen de situering van het nieuwe Harmoniegebouw. Deze is voorzien op een plek die nu gebruikt wordt (en ook als zodanig is bestemd) voor het vrachtverkeer en het laden en lossen. In het ontwerp is ervoor gekozen om het Harmonie-gebouw te situeren in lijn met de voorgevelrooilijn van de panden aan de Karel de Grotelaan. Maar het is veel logischer en ruimtelijk ook beter inpasbaar om het gebouw meer op te schuiven richting de Karel de Grotelaan, met name op de plek waar nu nog een stukje verkeersbestemming is voorzien. Dan wordt dus aangesloten bij de gevelrooilijn van het pand waarin cliënte (aan de andere kant) haar supermarkt exploiteert. Ruimtelijk gezien maakt dat niet uit. En het doet meer recht aan de huidige functie van het terrein en aan de benodigde manoeuvreerruimte voor cliënten.

De beantwoording in de "nota beantwoording inspraakreacties" van de eerder ingediende zienswijze overtuigd allerminst. Qua massa sluit het nieuw te bouwen Harmonie-gebouw aan bij de bebouwing waarin Deen winkelt. Als er al sprake is van aantasting van het dorpse karakter, dan komt dat door realisering van de bebouwing die het bestemmingsplan mogelijk maakt. Ik stel vast dat de inhoudelijke argumenten van cliënten (die betrekking hebben op functioneel ruimtegebruik) in de antwoordnota niet worden weersproken. De situering zoals Deen die voorstelt, is juist wel logisch en wenselijk. Van onaanvaardbare versmalling van de Karel de Grotelaan is geen sprake. Integendeel, in feite onderstreept die (beperkte) versmalling het dorpse karakter. Onderzocht is of het nieuwe Harmoniegebouw 2,2 meter naar voren, door de aangegeven rooilijn, geschoven kan worden. Het is belangrijk dat het dorpse beeld aan de Karel de Grotelaan wordt benadrukt. In de huidige situatie is de overgang van de achterzijde van de Deen naar de woningen met een dorpse schaal aan de Karel de Grotelaan ronduit rommelig. De openbare ruimte tussen de twee sferen is open en verhard en wordt gebruikt voor de bevoorrading en opslag van emballage. De haag (dit is de haag aan de zijkant van de tuin van KdG nr. 7.

De haag is 2,5 meter hoog en loopt door tot aan de weg) is natuurlijk aangebracht om het zicht naar deze rommelige situatie af te schermen. Uitgangspunt is dat de overgang van de achterzijde van de Deen naar het dorpse beeld van wonen met voortuinen langs de rest van de Karel de Grotelaan wordt gehandhaafd en versterkt. Het 2,2 meter vooruit schuiven van het Harmoniegebouw verandert aan dat uitgangspunt niet veel. De nieuwe situatie blijft in ieder geval veel duidelijker en aantrekkelijker dan de huidige onduidelijke en rommelige situatie. het helpt bovendien dat het nieuwe harmoniegebouw bescheiden oogt. Hierbij wordt aandacht gevraagd voor de inrichting van het voorterrein van het Harmoniegebouw. Deze inrichting moet het groene dorpse beeld langs de Karel de Grotelaan versterken. Vanuit stedenbouwkundige overwegingen is er geen bezwaar het Harmoniegebouw met 2,2 meter naar voren te schuiven richting de Karel de Grotelaan. Op grond van het vooraanstaande verzoek ik u namens cliënten nogmaals om het ontwerpbestemmingsplan op dit punt aan te passen. Gezien het vorengaande bestaat er geen bezwaar tegen het Harmoniegebouw met 2,2 meter naar voren te schuiven, richting de Karel de Grotelaan. Hiermee wordt tegemoet gekomen aan deze zienswijze van de Deen Supermarkt. Het ontwerpbestemmingsplan wordt op dit punt aangepast.

Inmiddels verblijf ik, hoogachtend, Met vriendelijke groet, W.J.M. Loomans 71

11.

Stichting Mooier Bergen

Deze zienswijze is qua inhoud identiek aan de zienswijze van de Bewonersvereniging Bergen Centrum. Om die reden wordt voor de beantwoording voor het overige gedeelte van deze zienswijze verwezen naar de beantwoording van de zienswijze van de Bewonersvereniging Bergen Centrum onder ad. 2. Wel is in deze zienswijze als bijlage 1 de memo over de Kroniek Stichting Mooier Bergen toegevoegd. Deze kroniek betreft de voorgeschiedenis van de totstandkoming van dit plan. De voorgeschiedenis heeft een prominente plek gekregen in de inleiding van het bestemmingsplan De 7 Dorpelingen.

72

12.

Reclamant 7

Datum: 21 juli 2017 Geacht College, Ondergetekende maakt graag gebruik van de mogelijkheid om een zienswijze te geven op het bestemmingsplan ‘De 7 Dorpelingen’. Het bestemmingsplan De 7 Dorpelingen biedt de zeer ongewenste mogelijkheid om de gronden van de Harmonielocatie in het centrum van Bergen te herontwikkelen volgens het gelijknamige plan van Schrama b.v. Er bestaat in Bergen aantoonbaar en terecht veel weerstand tegen dit plan van Schrama b.v. Zowel college als raad zijn hier herhaaldelijk op gewezen. Het plan van Schrama b.v. is veel te massaal en past niet bij het dorpse en kunstzinnige karakter van Bergen. Het plan van Schrama b.v. is voortgekomen uit de Structuurvisie, het Beeldkwaliteitskader en de Stedenbouwkundige Contourenkaart. Al deze beleidsstukken liggen ten grondslag aan dit Ontwerpbestemmingsplan. Het plan voorziet verder in de vestiging van een discount supermarkt Aldi. Een discount supermarkt trekt meer autoverkeer aan, terwijl het centrum van Bergen juist verkeersluw(er) moet worden. Ook is een discount supermarkt niet representatief op deze plek, uitgerekend waar de entree naar het centrum van Bergen zich bevindt. Het plan leidt ook tot ontgroening en verstening en tast het cultuurhistorisch karakter van het dorp aan. Een groot aantal inwoners heeft zich herhaalde malen uitgesproken tegen de komst van een supermarkt op deze locatie.

Er is onder de bevolking geen draagvlak voor dit voorstel. Voor de vestiging van een supermarkt op deze locatie is door Bureau RMC een supermarktenonderzoek uitgevoerd. Hieruit is gebleken dat er daadwerkelijk een actuele regionale behoefte is aan de vestiging van een (discount)supermarkt in het centrum van Bergen. De uitstraling van de bestaande Aldi vestiging is niet te vergelijken met de uitstraling van het nieuwe concept. Zowel aan de binnen- als buitenzijde. De nieuwe winkels zijn lichter, hebben bredere paden en zijn strakker ingericht. Hier komt nog bij dat de Aldi wordt ingepakt en daardoor uit het zicht blijft. In het ontwerp is groen een belangrijk thema, grote delen van het woondek zijn daarin afgewerkt als groen dak. Het is ook mogelijk om de achterzijde van het magazijn en de bergingen te laten begroeien, dit zal in overleg met de bewoners gaan. Ook hiervoor zal bij de uitwerking een gespecialiseerd adviesbureau betrokken worden. Dat bureau zal ook een advies uitbrengen over de mogelijkheden van groen op de plekken zoals voorgesteld in de moties. Consumenten bezoeken Aldi inderdaad vaak met de auto om groot in te kopen. Daarom stelt Aldi voor nieuwe vestigingen hoge eisen aan de bereikbaarheid. In het plan in Bergen worden voldoende parkeerplaatsen in de parkeergarage gerealiseerd en wordt het verkeer passend ontsloten.

In het ontwerp is groen een belangrijk thema, grote delen van het woondek zijn daarin afgewerkt als groen dak. Het is ook mogelijk om de achterzijde van het magazijn en de bergingen te laten begroeien, dit zal in overleg met de bewoners gaan. Ook hiervoor zal bij de uitwerking een gespecialiseerd adviesbureau betrokken worden. Dat bureau zal ook een advies uitbrengen over de mogelijkheden van groen op de plekken zoals voorgesteld in de moties. Ik roep raad en college daarom op het bestemmingsplan ingrijpend te wijzigen zodat het aan de wensen van de bewoners van de kern Bergen tegemoet komt. Ik verzoek u mij een ontvangstbevestiging van deze zienswijze te sturen. Een afschrift van deze reactie wordt naar de raad gestuurd.

73

13.

Nedralux BV

Geachte College, Hiermee maken wij gebruik om namens mevrouw F.L. Barones van Hoëvell een zienswijze/bezwaar in te dienen tegen het ontwerp 'De 7 dorpelingen' zoals vanaf 15 juni 2017 ter inzage ligt. Mevrouw van Hoëvell is eigenaar van het pand Karel de Grotelaan 6 Bergen, (hierna: KdeG6) Het pand is direct aangrenzend aan het nieuwe plan. Om te beginnen hebben wij (nog steeds) ernstige bezwaren tegen de bebouwing recht voor het pand KdeG 6 Bergen. Thans (in het vigerende bestemmingsplan) heeft de strook recht gelegen voor het pand KdeG 6 de bestemming 'Verkeer" zonder bouwmogelijkheden, thans is er vrij uitzicht vanuit het pand KdeG 6. Door het nieuwe plan gaat het vrije uitzicht volledig teniet! Mevrouw van Hoëvell zal door het nieuwe bestemmingsplan (de nieuwbouw) veel schade lijden in de verhuurmogelijkheden en de waarde van het pand. Ook het aanzicht vanaf de Dreef naar het pand KdeG 6 zal volledig verdwijnen, met alle gevolgen van dien. Vanuit stedenbouwkundig oogpunt is het verantwoord het verenigingsgebouw van “Bergens Harmonie” op deze locatie te vestigen. Als klap op de vuurpijl is de maximale bouwhoogte t.o.v. het voorontwerp verhoogd van 7,5 naar 8 meter. Dit betreft enkel de nokhoogte, de maximale goothoogte is ongewijzigd. Er is niet onderbouwd waarom deze extra verhoging nodig is. Ook is er bezwaar tegen woonbestemming boven de maatschappelijke doeleinden.

De regels van het bestemmingsplan zijn op een dusdanige wijze aangepast dat het niet langer mogelijk is boven de maatschappelijke doeleinden te wonen. Het bestemmingsplan voorziet tevens in de nabijheid van Karel de Grotelaan 6 in bouwmogelijkheden van maar liefst 15 meter hoog met appartementen dit op een plaats waar bebouwing op dit moment absoluut niet mogelijk is. Ook deze hoge bebouwing is in strijd met een goede ruimtelijke ordening. In nabijgelegen bestemmingsplannen is de bouwhoogte om die reden beperkt tot maximaal 10 meter. Onduidelijk is waarom hiervan nu wordt afgeweken en een maat van 15 meter is opgenomen. Dit knelt des te meer nu het college recent voor Karel de Grotelaan 6 dergelijke 15 meter hoge bebouwing niet wenselijk acht. Kennelijk is er sprake van willekeur. Voor de 7 dorpelingen volstaat dan ook een maat van maximaal 10 meter. De morfologie van het dorp Bergen is opgebouwd in verschillende schaalniveaus. De maatvoering van de percelen, zoals is vastgesteld in de structuurvisie is gebaseerd op de directe omgeving van het centrum en vormt daarmee een samenhang. In het plan is op zorgvuldige wijze een overgang gemaakt naar de kleinere schaal van de Karel de Grotelaan. Kenmerkend voor Bergen is het overwegend geparcelleerde dorpsweefsel van autonome panden en percelen. Dit krijgt met name uitdrukking in de diversiteit van de architectuur.

Panden staan vaak vrij in de ruimte. In het centrum staan panden tegen elkaar aan, maar zijn overwegend autonoom qua verschijningsvorm. Door de dakafwerking in de vorm van (expressieve) kappen ontstaat doorzicht boven de goothoogte. Doorzicht naar de achterliggende bebouwing, bomen en lucht. Deze kenmerkende kwaliteiten zijn geborgd in het planvoorstel van de 7 Dorpelingen. De openbare parkeerplaatsen nabij de oude brandweerkazerne aan de Karel de Grotelaan zijn vervallen op deze laatste open plek wordt plotseling zelfs voor de huidige voorgevelrooilijn nieuwe hoge bebouwing mogelijk gemaakt. Ook deze bebouwing voldoet niet aan een goede ruimtelijke ordening. Uitgangspunt van de parkeerbalans is het parkeeronderzoek dat in juni 2015 is gehouden. De zogenaamde nulmeting. Conclusie van het onderzoek is dat er voldoende parkeercapaciteit is in het centrumgebied. Het advies is om bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen er voor te zorgen dat er naar rato aan parkeergelegenheid wordt gerealiseerd. Bij het plan “De 7 Dorpelingen” is het de bedoeling dat er huidige parkeerplaatsen komen te vervallen, welke moeten worden gecompenseerd Het gaat daarbij om 7 parkeerplaatsen die thans langs de ventweg zijn gelegen.

De parkeerplaatsen bij de voormalige brandweerkazerne, de parkeerplaatsen op het tijdelijke parkeerterrein van Schrama aan het Plein en de parkeerplaatsen ter hoogte van het Alexanderlaantje bestonden ten tijde van de nulmeting niet. Deze zijn na die tijd gerealiseerd en waren niet ingegeven door ruimtelijke ontwikkelingen. Feitelijk zijn de parkeerders op één van deze parkeerplaatsen niet zozeer nieuwe 74

parkeerders, maar is er sprake van een verschuiving t.o.v. de situatie ten tijde van het genoemde parkeeronderzoek. Qua parkeerbalans hoeven deze parkeerplaatsen daarom niet te worden gecompenseerd. De bebouwing die mogelijk wordt gemaakt voldoet niet aan het dorpse karakter van Bergen. Deze hoogbouw van 15 meter voldoet niet aan een goede ruimtelijke ordening en is slechts ingegeven door misplaatste hebzucht en winst maximalisatie van gronden in eigendom van de gemeente. De morfologie van het dorp Bergen is opgebouwd in verschillende schaalniveaus. De maatvoering van de percelen, zoals is vastgesteld in de structuurvisie is gebaseerd op de directe omgeving van het centrum en vormt daarmee een samenhang. In het plan is op zorgvuldige wijze een overgang gemaakt naar de kleinere schaal van de Karel de Grotelaan. Kenmerkend voor Bergen is het overwegend geparcelleerde dorpsweefsel van automoe panden en percelen. Dit krijgt met name uitdrukking in de diversiteit van de architectuur. Panden staan vaak vrij in de ruimte. In het centrum staan panden tegen elkaar aan, maar zijn overwegend autonoom qua verschijningsvorm. Door de dakafwerking in de vorm van (expressieve) kappen ontstaat doorzicht boven de goothoogte. Doorzicht naar de achterliggende bebouwing, bomen en lucht. Deze kenmerkende kwaliteiten zijn geborgd in het planvoorstel van de 7 Dorpelingen.

Het plangebied van het nieuwe plangebied grenst aan het recent vastgestelde beschermde dorpsgezicht van Bergen en sluit hier absoluut niet op aan. Stedelijke hoogbouw doet afbreuk aan de cultuurhistorische waarden van de oude kern Bergen. Er is geen enkele aanhechting met het voormalige bestemmingsplan Centrum. Een niet passend plan moet kennelijk even worden doorgedrukt. Een goede ruimtelijke onderbouwing voor het plan ontbreekt. Het plan voorziet ook in een parkeerkelder waar nu parkeren op de begane grond is toegestaan. Het ontwerpbestemmingsplan ‘De 7 Dorpelingen’ overschrijdt in zeer beperkte mate de grenzen van het bestemmingsplan “Beschermd Dorpsgezicht”. De overschrijding vindt plaats op de gronden die zijn bestemd tot ‘Verkeer’ in het bestemmingsplan “Beschermd Dorpsgezicht”. De gronden met de bestemming ‘Verkeer’ vallen niet onder het aanwijzingsbesluit van de Minister van oktober 1990. Dit kan worden afgeleid uit de bij het aanwijzingsbesluit behorende kaart waarop de begrenzingen van de aanwijzing staan aangegeven. Om die reden hebben deze gronden ook niet de subbestemming ‘waarde – cultuurhistorie’ gekregen in het bestemmingsplan “Beschermd Dorpsgezicht”. Uit de bijbehorende cultuurhistorische waardenkaart kan worden afgeleid dat bij het vastleggen van deze subbestemming de contourenkaart van het aanwijzingsbesluit van de Minister één op één is overgenomen.

In de toelichting op het bestemmingsplan “Beschermd dorpsgezicht” (paragraaf 2.5) worden de zogenoemde cultuurhistorische kwaliteiten inzichtelijk gemaakt aan de hand van ordekaarten. Uit figuur 5 in deze toelichting kan worden afgeleid dat de aan het plangebied van De 7 Dorpelingen grenzende bebouwing niet/nauwelijks te beschermen waarden bezit. Dit is logisch verklaarbaar. Het betreft immers recent gerealiseerde nieuwbouw. De ter plaatse te verrichten welstandstoets beperkt zich om die reden tot nadere regels ter zake van bouwhoogte, positionering en ontsluiting. Het uiteindelijk te ontwikkelen bouwplan zal aan die criteria moeten voldoen. Voor wat betreft de zichtlijnen kan gesteld worden dat deze niet verstoord worden. De aanwezige zichtlijnen naar het Plein en de Ruïnekerk blijven behouden. Deze parkeerkelder komt in prive-handen van een ontwikkelaar waardoor de openbare toegankelijkheid van de parkeerplaatsen en de gehanteerde parkeertarieven niet meer onder controle zijn. Het is in het belang van de ontwikkelaar om met de parkeertarieven voor ondergronds parkeren aansluiting te zoeken bij de parkeertarieven op maaiveld niveau. Dit betreft marktwerking en is geen onderwerp dat in het bestemmingsplan wordt geregeld Het plan de zeven dorpelingen voorziet in kavel planologie waarbij het grote geheel uit het oog is verloren.

Het plan mist iedere aanhechting met het nabijgelegen monument aan de Karel de Grotelaan. (voormalige politiebureau). Het middels een selectie gekozen plan De 7 Dorpelingen is juist bij uitstek een plan dat zich aan alle zijden voegt bij de schaal en stijl van de omliggende bebouwing. Op de hoek van de Karel de Grotelaan is het Geschilderd Huis gemaakt, dat is een dubbele woning met een dwarskap, lage goot en gebroken kap, zoals dat veelvuldig te vinden is aan de Karel de Grotelaan. Het voormalige Politiebureau vormt in de bebouwing van de Karel de Grotelaan juist de uitzondering, met z’n verhoogde begane grond en hoge goot en nokhoogte. 75

Het plan voorziet in het versmallen van de toegangswegen naar het centrum. Ook een dergelijke verandering is niet gebaseerd op zorgvuldig onderzoek en mist een gedegen motivering. Rooilijnen uit het oude plan worden niet gerespecteerd er is sprake van een enorme en megalomane stedelijk bouwmassa die niet thuishoort in een dorpse bebouwing. Ook hiervoor ontbreekt een goede ruimtelijke onderbouwing. Het profiel van de weg langs de bibliotheek wordt 5m breder gemaakt dan momenteel het geval is, doordat de rooilijn 5m terug ligt tov. de huidige zijgevel van het brandweergebouw. Die extra ruimte komt ten goede aan de openbare ruimte; weg en trottoir. Er is derhalve geen sprake van versmalling. De vraagsteller duidt waarschijnlijk op de versmalling van de Dreef en Plein. Deze hebben niet rechtstreeks met de 7 Dorpelingen te maken, maar met een herinrichting van de openbare ruimte, die niet ingegeven wordt door de maat van de 7 Dorpelingen, maar naar wat past in het centrum van Bergen. De Dreef wordt richting het centrum wel versmald. Met een opstapeling van ingrepen wordt het verkeer flink afgeremd. Met één ingreep (zoals in het huidige geval een flauwe drempel en verkeersbord ‘dit dorp is niet gebouwd voor snelverkeer’ en een 30 km zone) wordt het verkeer ter plaatse van het centrum te weinig afgeremd.

Daarom wordt voorgesteld een versmalling, een drempel en een poort aan te brengen waardoor de snelheid van het autoverkeer drastisch om laag gaat. De weg die nu Plein heet zal niet meer ingericht worden met middengeleider, maar dit wordt een weg van 6 meter. Dat is voldoende voor deze intensiteit, een bredere weg heeft tot gevolg dat er harder gereden wordt. Ook in de huidige situatie zorgt het brede profiel voor hoge snelheden, wat mogelijk voor een goede doorstroming zorgt, maar de leefbaarheid van het centrum niet ten goede komt. Voor een vergelijk tussen de ruimte die in de huidige situatie beschikbaar is en de toekomstige ruimte wordt verwezen naar themakaart ‘Bestaand en nieuw’. Hierin is te zien dat de bomen verschoven worden naar de locatie waar nu geparkeerd wordt, hierdoor ontstaat meer bruikbare openbare ruimte. Het verschuiven van de rooilijnen, heeft ook tot gevolg dat de ruimte duidelijker afgebakend wordt en dat er prettigere leefruimtes ontstaan. De huidige rooilijnen dragen niet bij aan een knus dorp (zie voor verdere toelichting de Structuurvisie en stedenbouwkundige contourenkaart). Het volzetten van de bebouwing met een mega supermarkt is een aantasting van de aantrekkelijkheid van het winkelgebied die op dit moment bestaat uit met name kleinschalige detailhandels.

Ook die ontwikkeling past niet in het dorpse karakter van het oude bestemmingsplan en dus nu ook niet in het nieuwe plan. In het bestemmingsplan is een WVO van maximaal 850m2 opgenomen, er is dus geen sprake van een megasupermarkt. Dat het plan wordt opgeleukt met plaatjes van een bloemenstalletjes is een misleidende weergave van de werkelijkheid. En dergelijke bloemenstal is planologisch niet vast te leggen. Zonder deze verzachtende bloemenstal ontstaat een tochterige doorgang. Anders dan in het plan van de dorpelingen is aangegeven kan de bebouwing op de begane grond volledig worden afgesloten, van een droogloop is dan geen sprake meer. Een dergelijke mogelijkheid dient in het plan te worden voorkomen. Het ontwerp bestemmingsplan De 7 Dorpelingen is een directe vertaling van het v.o. (voorlopig ontwerp) van architectenbureau Attika B.V. Het door de gemeente Bergen ingestelde kwaliteitsteam (Q-team) voor het project Mooi Bergen heeft het v.o. getoetst aan het Beeldkwaliteitskader (raadsbesluit 29 januari 2015) en de stedenbouwkundige contourenkaart (raadsbesluit 1 oktober 2015) en komt tot de volgende conclusie: Het bouwvlak van het actuele plan past binnen de contourlijnen van de structuurvisie.

De overbouwing aan de zijde van de Verlengde Dreef, die op de parterre de gestalte krijgt van een arcade als droogloop, bevindt zich binnen de uitgangspunten zoals opgenomen in de vastgestelde stedenbouwkundige contourenkaart. Dit gaat niet ten koste van de ruimtelijke kwaliteit, omdat doorzicht en ruimtelijkheid van het openbaar gebied zijn gewaarborgd. De overbouwing biedt daarnaast comfort aan de toegankelijkheid van de winkels op de parterre en het slentergebied voor de betreffende gevellijn. Megalomane hoogbouw van 15 meter leidt tot een aanzienlijk windbelasting en tocht op de nabijgelegen panden. Ook dat aspect is onvoldoende in het plan meegenomen en meegewogen in de belangenafweging. Dit dient alsnog te worden hersteld. Windbelasting door hoogbouw treedt op indien de bebouwing een hoogte van 30 meter of meer heeft. Bij bouwwerken tot een hoogte van 15 meter is het derhalve niet aan de orde. 76

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://www.raadbergen-nh.nl/api/v1/meetings/4564/documents/32193