bij 3 Jaarstukken 2022 GR Werkorganisatie BUCH.pdf
Tekst van het document
Financieel Invloed gevolg max.€ 1.000.000 34,17% max.€ 1.000.000 18,97%
max.€ 500.000
11,37%
max.€ 1.000.000 11,38%
R315
R340
Vervanging bij ziekteverzuim
Medewerkers die ontslagen zijn, ten onrechte ontslagen
Financieel - Door langdurige 50% afwezigheid van personeel moet ingehuurd worden.Bij langdurig ziekteverzuim gaat WIA traject in met mogelijke WGA lasten wat drukt op de WHK gedifferentieerde premie Financieel 50%
max.€ 250.000
4,69% 250.000,00
max.€ 250.000
4,78% 250.000,00
R320
R263
R321
R334
Niet in het geraamde tempo realiseren van ingeboekte besparingen (On)bewust niet voldoen aan de aanbestedingsregels
Een van de vier gemeenten treedt uit de BUCH.
Niet gebruik kunnen maken van de systemen
Financieel -
50%
max.€ 100.000
1,9% 100.000,00
Financieel - De aanbesteding wordt 90% ongeldig verklaard en zal opnieuw moeten gebeuren., Imago - De aanbesteding wordt ongeldig verklaard en zal opnieuw moeten gebeuren.
max.€ 100.000
Financieel - Het ontvlechten van een van de vier gemeenten betekent dat processen, systemen, archivering en huisvesting uit elkaar gehaald moet worden.
5%
max.€ 1.000.000
Financieel -
70%
1,86% 1.000.000,00
1,33% 50.000,00
Weerstandsvermogen Om te bepalen of het weerstandsvermogen toereikend is, leggen we de relatie tussen de financieel gekwantificeerde risico's, de daarbij gewenste weerstandscapaciteit en de beschikbare weerstands-capaciteit. De benodigde weerstandscapaciteit die uit de risicosimulatie voortvloeit, kan worden afgezet tegen de beschikbare weerstandscapaciteit. De uitkomst van die berekening vormt het weerstandsvermogen. Om het weerstandsvermogen te kunnen waarderen is in samenwerking met de Universiteit Twente een normtabel ontwikkeld.
Jaarstukken 2022
Betekenis Uitstekend Ruim voldoende Voldoende Matig Onvoldoende Ruim onvoldoende
3,41% 100.000,00
max.€ 50.000
Weerstandsnorm Waarderingscijfer Ratio A > 2.0 B 1.4 - 2.0 C 1.0 - 1.4 D 0.8 - 1.0 E 0.6 - 0.8 F < 0.6
Benodigde weerstandscapaciteit Op basis van de geïnventariseerde risico’s is een risicosimulatie uitgevoerd. Deze simulatie wordt toegepast omdat het reserveren van het maximale bedrag (€ 6.960.000,-, zie vorige pagina) ongewenst is. De risico’s zullen immers niet allemaal tegelijk en in hun maximale omvang optreden. Uit de simulatie volgt, uitgaande van een zekerheidspercentage van 90%, dat de benodigde weerstandscapaciteit € 2.111.511,- bedraagt. Dit bedrag wordt op basis van de verdeelsleutel verdeeld onder de deelnemende gemeenten. De benodigde weerstandscapaciteit ligt wat lager dan in 2021 (€ 2.317.000). Dit is gevolg van een herbeoordeling van de risico’s, kans en inschatting en nieuwe risico’s ten opzichte van 2021, waaronder het vervallen van het risico van de verlofstuwmeren.
Pagina 25 van 60
Gemeente Bergen Uitgeest Castricum Heiloo Totaal
Verdeelsleutel 31,91% 11,89% 34,64% 21,55% 100%
Benodigde weerstandscap. € 674.000 € 251.000 € 732.000 € 455.000 € 2.112.000
Conclusie weerstandscapaciteit Op basis van de normtabel is de eigen weerstandcapaciteit van de werkorganisatie ruim onvoldoende. Daarom is ervoor gekozen om volgens de verdeelsleutel het benodigde weerstandsvermogen bij de deelnemende gemeenten aan te houden (norm is minimaal 1). Daarvan uitgaande kent de organisatie een weerstandsnorm van 1 en is daarmee voldoende.
Beschikbare weerstandscapaciteit De aard van de gemeenschappelijke regeling en de koepelvrijstelling maken dat het voor onze gemeenschappelijke regeling niet mogelijk is om zelf weerstandsvermogen op te bouwen. De BUCH heeft geen vrije reserves, geen stille reserves en ook geen onbenutte belastingcapaciteit. De enige mogelijkheid die De BUCH heeft is het in rekening brengen van de kosten bij de deelnemende gemeenten, op het moment dat bepaalde risico’s zich voordoen. Onderstaand overzicht geeft weer voor welk deel de deelnemende gemeenten rekening moeten houden in hun weerstandsvermogen, afgerond op hele duizendtallen.
Jaarstukken 2022
Financiële kengetallen Met ingang van medio 2015 is het verplicht onderstaande (financiële) kengetallen op te nemen in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing. De kengetallen zijn getallen die de verhouding uitdrukken tussen bepaalde onderdelen van de begroting of de balans. Naast de kengetallen is een beoordeling van de onderlinge verhouding van de kengetallen in relatie tot de financiële positie opgenomen. De kengetallen en de beoordeling geven gezamenlijk op eenvoudige wijze inzicht aan leden van het bestuur over de financiële positie van hun gemeenschappelijke regeling. Het gebruik en het vaststellen van de berekeningswijze van de kengetallen heeft geen functie als normeringinstrument in het kader van het financieel toezicht door de Provincie. De invoering van de set van vijf kengetallen is bedoeld om de financiële positie voor
Pagina 26 van 60
leden van het bestuur en voor raadsleden van deelnemende gemeenten inzichtelijker te maken. Kengetallen Weerstandsvermogen risicobeheersing
Begroting 2022
Jaarrekening 2022
1. Netto schuldquote
16,4%
7.9%
2. Solvabiliteitsratio 3. Structurele exploitatieruimte 4. Grondexploitatie
0%
0%
0%
0%
N.v.t
N.v.t.
5. Belastingcapaciteit
N.v.t
N.v.t.
en
de toepassing van de koepelvrijstelling is het niet toegestaan winst te maken. Dit maakt het voor de werkorganisatie niet mogelijk om een algemene reserve te formeren. Het kengetal “grondexploitatie” is voor de gemeenschappelijke regeling Werkorganisatie BUCH niet van toepassing aangezien zij als bedrijfsvoeringorganisatie geen grondexploitaties heeft. De structurele exploitatieruimte. Een begroting/jaarrekening waarvan de structurele baten hoger zijn dan de structurele lasten is meer flexibel dan een begroting/jaarrekening waarbij structurele baten en lasten in evenwicht zijn. De jaarrekening 2022 is structureel in evenwicht.
Netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeenschappelijke regeling ten opzichte van de eigen middelen. De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. De netto schuldquote, gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen, brengt in beeld wat het aandeel van de verstrekte leningen is en wat dit betekent voor de schuldenlast. In 2022 hebben we, conform de verwachting, geen langlopende lening hoeven afsluiten, maar kon worden volstaan door gebruikt te maken van de kredietlimiet bij de BNG.
Het kengetal “belastingcapaciteit” is voor de gemeenschappelijke regeling niet van toepassing.
De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de gemeenschappelijk regeling in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Solvabiliteitsratio is nihil: de Werkorganisatie BUCH zal in principe de komende jaren geen eigen vermogen hebben en dus geen buffer tegen onverwachte risico’s. De financiële uitgangspunten voor de gemeenschappelijke regelingen biedt de mogelijkheid om een algemene reserve te vormen tot 2,5% van de omvang van de begroting. Echter vanwege
Jaarstukken 2022
Pagina 27 van 60
3.2 Paragraaf Treasury
(bedragen x € 1.000)
Inleiding In deze paragraaf komen de onderwerpen aan de orde die behoren tot het geldstromenbeleid van de gemeenschappelijke regeling. Dit zijn onder andere risicobeheer (met name rente- en kredietrisico), de financieringspositie, het kasbeheer en de informatievoorziening. Wettelijk kader De Wet Fido stelt dat de gemeenschappelijke regeling uitsluitend voor de uitoefening van de publieke taak leningen kan aangaan, middelen kunnen uitzetten en garanties kunnen verlenen. Eventuele uitzettingen en derivaten moeten een prudent karakter hebben, wat inhoudt dat sprake is van voldoende kredietwaardigheid van de tegenpartij en een beperkt marktrisico. Meer concreet wordt in de Wet Fido geregeld dat de uitvoering van de treasuryfunctie geschiedt binnen de kaders van de kasgeldlimiet en de renterisiconorm.
Kwartalen
Kasgeldlimiet
Gemiddeld netto saldo
Niet benutte ruimte
1
6.135
3.088
3.047
2
6.135
3.323
2.813
3
6.135
3.522
2.613
4
6.135
-/- 7.127
13.262
*) -/- betekent een kasoverschrijding
De renterisiconorm stelt een begrenzing aan het renterisico op de langlopende leningenportefeuille en bedraagt maximaal 20% van de begrotingsomvang van het begrotingsjaar. Stijgt de marktrente dan werkt dat door in maximaal 20% van de begrotingsomvang. Bepaling rente risiconorm Rente risiconorm
De kasgeldlimiet is een grens die wordt gesteld aan de maximaal op te nemen kortlopende middelen door de gemeente. Deze limiet beoogt de budgettaire gevolgen van schommelingen in de rente op korte leningen te beheersen en is gesteld op 8,2% van het begrotingstotaal. Met een primitieve begrotingsomvang van ongeveer € 75 miljoen bedroeg de kasgeldlimiet in 2022 circa € 6,1 miljoen. De kasgeldlimiet is in 2022 niet overschreden. Onderstaand de gerapporteerde berekeningen van de onder- en overschrijdingen van de kasgeldlimiet in het boekjaar 2022
Jaarstukken 2022
2022 14.964
Afgeloste leningen en renteherziening Ruimte onder rente risiconorm
0 14.964
De BUCH heeft geen langlopende leningen derhalve is de renterisiconorm nog volledig onbenut zoals bovenstaand overzicht laat zien. Het beleid ten aanzien van treasury is vastgesteld in het Treasurystatuut.
Pagina 28 van 60
Algemene ontwikkelingen 2022 / Rentevisie Voor de tarieven op de geldmarkt (leningen korter dan een jaar) wordt veelal gekeken naar het rentetarief dat banken elkaar onderling berekenen (de Euribor) en voor de kapitaalmarkt (leningen langer dan een jaar) naar de rente op staatsleningen. Over het algemeen geldt dat de rente hoger wordt bij een langere looptijd van de lening. In tegenstelling tot voorgaande jaren zagen we de rentes in 2022 oplopen, zowel voor kasgeldleningen als voor langlopende leningen. In 2022 hebben we geen langlopende leningen hoeven aantrekken. Wel is gebruik gemaakt van kasgeldleningen. Financieringspositie In 2022 is er geen beroep gedaan op de financiële markt en zijn er geen geldleningen aangetrokken. Ook zijn er geen geldleningen verstrekt. De Werkorganisatie BUCH heeft in 2022 alleen gebruik gemaakt van kasgeldleningen. Omdat er geen sprake is van opgenomen geldleningen, uitzettingen of garantstellingen zijn de volgende overzichten niet in de jaarrekening opgenomen: Overzicht opgenomen langlopende leningen Overzicht uitzettingen Overzicht garantstellingen Overzicht kredietrisico Overzicht kredietrisico ten aanzien van borgstelling
Jaarstukken 2022
Pagina 29 van 60
3.3 Paragraaf Bedrijfsvoering Aangezien de Werkorganisatie BUCH een bedrijfsvoeringorganisatie is, verwijzen wij u voor de toelichting over de bedrijfsvoering naar programma bedrijfsvoering.
Deze kosten passen binnen de regulier begroting. Zie voor een uitgebreide toelichting bij de afwijkingen op de salarissen, inhuur en overhead.
Onderstaand de volgende kengetallen: Overzicht verplichte indicatoren Bezetting / Fte per 1.000 inwoners Externe inhuur / Kosten als % van totale loonsom Totale kosten inhuur externen Overhead in % van totale kosten
2022
7,4
eenheid
bron
aantal per 1.000 BUCH/Gemeente inw. BUCH
15,7%
%
BUCH
€ 9.587.675 **
€
BUCH
43%
%
BUCH
Per 31 december 2022 is het aantal externen 144,81 fte. Ten opzichte van de formatie van 775 (peildatum 31-12) is dat 18,7%. Van belang is hierbij op te merken dat het uitdrukken van inhuur in fte altijd een momentopname betreft en afhankelijk van een aantal factoren als ziekte, vacatures en (grote) projecten. Om die reden is het uitdrukken van de inhuur in een % van de loonsom over een heel jaar gezien een betrouwbaardere indicator. Tegenover de kosten voor inhuur bij ziekte (€ 302.000) en plustaken staan direct opbrengsten. Bij ziekte zijn dat de opbrengsten uit wazo en ziektewetgeleden en bij de plustaken uit de bijdragen van de gemeenten voor de uitvoering van deze plustaken. De kosten voor inhuur i.v.m. vacatures wordt “gedekt” vanuit de salarisbudgetten van personeel dat nog niet is aangenomen. Dit duurt soms langer dan verwacht in verband met de krapte op de arbeidsmarkt. .
** Dit percentage is exclusief de kosten van inhuur voor Corona en Oekraïne. Als we deze kosten in het totaal betrekken zien we dat het percentage stijgt naar 19,2%.
Jaarstukken 2022
Pagina 30 van 60
3.4 Paragraaf Corona / Oekraïne mogen worden. Er zijn dan ook verschillende financieringsbronnen waar kosten uit vergoed worden. De belangrijkste daarin in de bekostigingsregeling Opvang ontheemden Oekraïne.
In 2022 hebben we te maken gehad met twee crises, de laatste periode van Corona en de Oekraïnecrisis. In de eerste voortgangsrapportage 2022 hebben wij een bedrag opgenomen van € 1,7 miljoen voor de crisismaatregelen rondom Corona zoals in een brief van maart 2022 is aangekondigd. Tevens gaven wij aan dat dit bedrag naar alle waarschijnlijkheid niet volledig noodzakelijk is voor de maatregelen voor Corona. Wij hebben toen ook aangekondigd deze middelen ook in te zetten voor de crisismaatregelen rondom Oekraïne. Wij hebben destijds een inschatting gemaakt dat het totale budget toereikend zou zijn en een bedrag van € 0,7 miljoen voor de kosten Oekraïne “geoormerkt”. Op dat moment was de financiering vanuit het Rijk nog niet bekend. De werkzaamheden rondom Oekraïne hebben ook een structureel karakter gekregen met een daarvoor ingerichte projectorganisatie. Hiervoor zijn door de 4 colleges ook middelen ter beschikking gesteld op basis van een vastgestelde bestuursopdracht over de periode Q3 2022 tot Q3 2023. De projectorganisatie is per 1 september 2022 operationeel geworden De beschikbaar gestelde gelden hebben we dan ook in de begroting verdeeld over twee perioden, namelijk voor de periode 1 september 2022 tot en met 31-12-2022 en de periode 1 januari tot 1 september 2023. Voor 2022 was dit € 1,1 mln.
De financiering van de kosten voor Oekraïne worden voor de BUCH vergoed door de gemeenten. De gemeenten ontvangen daar weer een vergoeding voor vanuit het Rijk. Het adagium van het Rijk is dat de gemeenten er financieel van deze opdracht niet slechter van
Jaarstukken 2022
In deze regeling is de financiering van de door de gemeenten gemaakte kosten geregeld. De bekostiging bestaat uit verschillende componenten: 1. Een normbedrag van € 100 per dag per gerealiseerde opvangplek in gemeentelijke opvangvoorziening (GOO) tot 15 oktober 2022. Daarna is het bedrag € 83. Dit betreffen o.a. de kosten die de gemeenten maken voor de opvangvoorzieningen, het leefgeld voor de ontheemden in die voorziening en de uitvoeringskosten. Dit bedrag wordt achteraf eventueel opwaarts bijgesteld op basis van een monitoronderzoek. Basis voor deze vergoeding is de geregistreerde opvangplekken bij het KCIO; 2. Mocht het onder 1 genoemde bedrag niet toereikend zijn voor de gemeentelijke opvangvoorzieningen, dan kan de gemeente de werkelijke kosten declareren als deze in betekende mate hoger zijn dat het bedrag als norm; 3. Het uitgekeerde leefgeld voor de ontheemden die bij particulieren opgevangen zijn; 4. Een normbedrag voor de verzekeringen en buitengewone kosten en de uitvoeringskosten die gemaakt zijn voor de ontheemden die door particulieren zijn opgevangen. Dit normbedrag is op 15 oktober bekend gemaakt en bedraagt € 210 per maand per geregistreerde persoon aan wie leefgeld POO is verstrekt; 5. Een vergoeding van de werkelijke gemaakte transitiekosten voor opvang ontheemden in de gemeentelijke opvang. Deze vallen niet onder het normbedrag onder 1. Hiertoe moet wel
Pagina 31 van 60
eerst een voorstel aan het Ministerie van JenV worden voorgelegd. De door de BUCH (op basis van de verdeelsleutel doorbelaste) kosten worden bij de gemeenten dus vergoed door het Rijk. Deze regeling geldt tot 28 februari 2023 wat de financiering voor heel 2023 nog onzeker maakt. De verwachting is wel dat deze regeling verlengd zal worden als deze niet is omgezet naar een wet. Op totaalniveau zien wij het volgende beeld: Corona Oekraïne
Totaal
Beschikbaar: - Voortgangsrapportage ‘- Bestuursopdracht
€ 1.059.000 €0
€ 717.000 € 1.148.000
€ 1.776.000 € 1.148.000
Totaal beschikbaar
€ 1.059.000
€ 1.865.000
€ 2.924.000
Totale kosten
€ 1.302.000
€ 874.000
2.176.000
Saldo
-/- € 243.000
€ 991.000
€ 748.000
In bijlage 3 hebben wij een toelichting en nadere specificatie gegeven van de maatregelen.
Jaarstukken 2022
Pagina 32 van 60
3.5 Openbaarheidsparagraaf Op 1 mei 2022 is de Wet open overheid (hierna Woo) gedeeltelijk ingegaan. Deze wet vervangt de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). Er is nog geen verplichting tot actieve openbaarmaking. Wel vereist de wet op dit moment het volgende; • Een inspanningsverplichting tot actieve openbaarmaking betreffende alle informatie omtrent beleid • Van Wob naar Woo regels omzetten • Woo-contactpersoon aanstellen om vragen over de Woo of een inhoudelijke vraag over Woo-verzoek te kunnen beantwoorden • Artikel 3.5 van de Woo vereist dat een bestuursorgaan in de jaarlijkse begroting en verantwoording aandacht besteedt aan de beleidsvoornemens en uitvoering van de Woo – ook wel openbaarheidsparagraaf genoemd. • Informatiehuishouding op orde brengen • Woo-informatiecategorieën actief openbaar maken Dit is de eerste openbaarheidsparagraaf van de Werkorganisatie BUCH. Deze wettelijke bepaling is bedoeld om de naleving van de Woo, waaronder de bepalingen over actieve openbaarmaking, te stimuleren. De focus van deze openbaarheidsparagraaf is de beschrijvende en kwalitatieve verantwoording op hoofdlijnen over de activiteiten die zijn uitgevoerd in 2022 per thema: • Verbetering van de informatiehuishouding • Actieve openbaarmaking • Passieve openbaarmaking
Verbetering van de informatiehuishouding Informatie moet (veilig) vindbaar en bruikbaar zijn op het juiste moment, voor de juiste persoon in de juiste vorm. Er mag geen
Jaarstukken 2022
twijfel zijn over de juistheid en echtheid ervan, zodat wij ons handelen voor, tijdens en na afloop van het maken van beleid en wetgeving altijd onderbouwd kunnen verantwoorden. Juiste en toegankelijke informatie is ook nodig voor onze dagelijkse bedrijfsvoering/dienstverlening. Goede informatiehuishouding is een randvoorwaarde voor een goede informatievoorziening en een noodzakelijk element in onze democratische rechtsstaat. Met een goede informatiehuishouding heb je een stevig fundament om een professionele en transparante overheid te zijn. In 2022 hebben we het volgende gerealiseerd: Er is gewerkt aan de verbetering van de informatiehuishouding aan de hand van de aanbevelingen van de archiefinspecties van het Regionaal Archief Alkmaar, het Noord-Hollands Archief en het Interbestuurlijk Toezicht van de provincie Noord-Holland. Op grond van deze aanbevelingen zijn in 2022 verbeteracties ingezet. Deze aanbevelingen zijn vertaald in het voorbereiden van het project “Informatie op orde” met als nadruk inzicht en overzicht te krijgen van alle informatie die wij in onze organisatie(s) hebben en beheren. Daarbij wordt er een methodiek ontwikkeld die de kwaliteit van onze informatie gaat meten en verbeteren. Tegelijkertijd is er met succes gewerkt aan de afronding van de implementatie van het zaaksysteem en het uitfaseren van oude documentmanagementsystemen.
Actieve openbaarmaking Actieve openbaarmaking houdt in dat overheden informatie uit eigen beweging openbaar maken en voor iedereen in de samenleving toegankelijk maken. Wij maken (op grond van andere wetgevingen) reeds informatie uit eigen beweging actief openbaar dat (deels) voldoet aan de Woo:
Pagina 33 van 60
1. Wet- en regelgeving: verordeningen, nadere regels,
2. 3. 4. 5. 6.
beleidsregels, overige besluiten van algemene strekking zoals aanwijzingsbesluiten, verkeersbesluiten etc.* Raadstukken (agenda, vergaderstukken, ingekomen stukken, verslagen en besluitenlijst) Bestuursstukken (agenda en besluitenlijst) Inzicht in de organisatie en de werkwijze van de verschillende bestuursorganen Bereikbaarheid van de organisatie en de wijze waarop een verzoek om informatie kan worden ingediend Jaarplannen en jaarverslagen van bestuursorganen inzake de voorgenomen uitvoering van de taak of de verantwoording van die uitvoering
Passieve openbaarmaking Onder passieve openbaarmaking wordt verstaan het openbaar maken van informatie naar aanleiding van een verzoek uit de samenleving. Dit noemen we Woo-verzoeken. In 2022 hebben we het volgende gerealiseerd: Om aan de wettelijke verplichtingen te kunnen voldoen, is er een tijdelijke Woo-contactpersoon/coördinator ingehuurd en geworven voor een vaste Woo-contactpersoon/coördinator. Daarnaast zijn alle websites over de Wob aangepast naar de Woo en de wijze waarop een verzoek om informatie kan worden ingediend. Om de organisatie goed te kunnen ondersteunen in het afhandelen van Woo-verzoeken, is er een Woo-team actief.
*Deze wet- en regelgeving worden momenteel gepubliceerd in het elektronisch gemeenteblad, officielebekendmakingen.nl (overheid.nl) / Lokale wet- en regelgeving (overheid.nl) via DROP. In de toekomst zal landelijk een online platform worden ingericht voor de actieve opbaring van informatie. Momenteel is het nog onduidelijk hoe en wanneer dit landelijke publicatieplatform gereed is.
Kwantitatieve cijfers rond Woo-verzoeken specifiek voor de werkorganisatie BUCH: • In 2022 werden over zaken die de BUCH betreffen 2 Woben/of Woo-verzoeken ingediend. Deze zijn samengevoegd tot 1 verzoek en toegekend. Dit verzoek had een doorlooptijd van 20 weken. Dat is 12 weken meer dan de wettelijke afhandeltermijn.
In 2022 hebben we het volgende gerealiseerd: In juli 2022 hebben de colleges een bestuurlijke opdracht gegeven om te starten met de implementatie van de Woo. Het uitgangspunt is in te zetten op het voldoen aan de wettelijke verplichtingen en in 2024 te komen tot een gelijkluidend ambitieniveau voor de Woo. Daarnaast is er een begrotingswijziging vastgesteld waarin de beschikbaar gestelde middelen vanuit het Rijk voor implementatie van de Woo volledig en meerjarig zijn overgeheveld naar de Werkorganisatie BUCH. Om bovenstaande in goede banen te leiden, is er geworven voor een vaste projectleider met als opdracht de implementatie Woo. Aangezien wij ons in de voorbereidende fase bevinden van de implementatie van de WOO, is er in 2022 een gedeelte van het budget niet benut.
Voor onze vier opdrachtgevers hebben wij in totaal (inclusief de BUCH) 77 Wob/Woo verzoeken afgehandeld. De gemiddelde doorlooptijd van alle verzoeken was 7 weken.
Jaarstukken 2022
Pagina 34 van 60
4. Jaarrekening 2022
Bedragen x € 1.000
De Jaarrekening bestaat uit de volgende onderdelen: -
4.1 Balans Toelichting op de balans Niet in de balans opgenomen financiële verplichtingen Grondslagen voor waarde- en resultaatsbepaling 4.2 Overzicht baten en lasten Toelichting op het overzicht van baten en lasten Overzicht Wet Normering bezoldiging topfunctionarissen 4.3 Overzicht van baten en lasten per taakveld 4.4 Analyse begrotingsonrechtmatigheid 4.5 Controleverklaring accountant
Jaarstukken 2022
Pagina 35 van 60
4.1 Balans ACTIVA (bedragen x € 1.000)
2022
Vaste activa Materiële vaste activa Investeringen met een economisch nut
8.458
3.776 0 6.078
6.078
2022
Voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico's
-Banksaldi -Overige schulden
2.759
Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen
0 0
13.062
1.499 11.563
3.373 Overlopende passiva 3.373
2021
2.759
Vlottende passiva Netto-vlottende schulden met een rente3.776 typische looptijd korter dan één jaar
3.931
Overlopende activa Overige nog te ontvangen bedragen, en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van de volgende begrotingsjaren komen
9.573
3.919 12
PASSIVA (bedragen x € 1.000) Vaste passiva 9.573 Voorzieningen
8.458
Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar -Vorderingen op openbare lichamen -Overige vorderingen
2021
15.678
557 15.121 2.646
1.044
1.398
946
0 1.248
33 65
ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren uitgesplitst naar de ontvangen bedragen van: - Europese overheidslichamen - Het Rijk - Overige Nederlandse overheidslichamen Overige vooruitontvangen bedragen die ten bate van volgende begrotingsjaren komen Totaal generaal
Jaarstukken 2022
18.467
16.722 Totaal generaal
Pagina 36 van 60
18.467
16.722
Toelichting op de balans ACTIVA Vaste activa De materiële vaste activa bestaan uit de volgende onderdelen: Omschrijving Investeringen met een economisch nut Totaal
Boekwaarde Boekwaarde per 31-12-2022 per 31-12-2021 8.458
9.573
8.458
9.573
De investeringen met een economisch nut kunnen als volgt worden onderverdeeld:
Het volgende overzicht geeft het verloop weer van de overige investeringen met een economisch nut gedurende het jaar 2022: Omschrijving Vervoermiddelen Machines, apparaten en installaties Overige materiële vaste activa Totaal
Vervoermiddelen Machines, apparaten en installaties Overige materiële vaste activa Totaal
Jaarstukken 2022
Boekwaarde 31-12-2022 2.250 4.733
Boekwaarde 31-12-2021 2.404 5.387
1.475
1.782
8.458
9.573
Investe- Desinvesringen teringen 304 538
1.782
146
9.573
988
Afschrij- Bijdragen Afwaard- Boekwaarde vingen van derden deringen 31-12-2022 458 2.250 1.192 4.733 453
0
2.103
1.475 0
0
8.458
De investeringen in totaal per cluster staan in onderstaand overzicht. Omschrijving
Omschrijving
Boekwaarde 31-12-2021 2.404 5.387
Cluster Materieel Cluster ICT Hardware Cluster Facilitair Totaal
Pagina 37 van 60
Beschikbaar Werkelijk Cumulatief besteed gesteld krediet besteed 2022 t/m 2022 1.591 668 867 1.135 253 314 212 67 153 2.938 988 1.334
VLOTTENDE ACTIVA Overlopende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar De post overlopende activa kan als volgt worden onderscheiden: De in de balans opgenomen uitzettingen met een looptijd van één jaar of minder is als volgt gespecificeerd: Omschrijving Vorderingen op openbare lichamen Overige vorderingen Totaal
Boekwaarde 31-12-2022 3.919
Voorziening Balanswaarde Balanswaarde oninbaarheid 31-12-2022 31-12-2021 3.919 3.776
12 3.931
Omschrijving
0
12
0
3.931
3.776
Het saldo ultimo 2022 Vorderingen op openbare lichamen bestaat grotendeels uit doorbelasting van de plustaken aan de BUCH gemeenten.
Overige nog te ontvangen bedragen en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen Totaal
6.078
3.373
De overlopende activa bestaat grotendeels uit vooruitbetaalde bedragen voor informatie en automatisering en nog te ontvangen bedragen afrekening 2022 BUCH gemeenten.
Buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Omschrijving Kwartaal 1 Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4 Op dagbasis buiten 's Rijks schatkist 2.407 1.087 925 10.146 gehouden middelen Drempelbedrag 1.475 1.475 1.475 1.475 Ruimte onder 388 550 drempelbedrag Overschrijding van het 932 8.671 drempelbedrag
Jaarstukken 2022
Boekwaarde Boekwaarde 31-12-2022 31-12-2021 6.078 3.373
Pagina 38 van 60
PASSIVA
Vlottende passiva
Vaste passiva
Onder de vlottende passiva zijn opgenomen:
Voorzieningen
Omschrijving
Het verloop van de voorzieningen in 2022 wordt in het hierna opgenomen overzicht weergegeven.
Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Overlopende passiva
Omschrijving
Boekwaarde 31-12-2021
Toevoeging
0
2.759
0
2.759
0
2.759
Vrijval
Aanwending
Boekwaarde 31-12-2022
Totaal
Boekwaarde 31-12-2022 13.062
Boekwaarde 31-12-2021 15.678
2.646 15.708
1.044 16.722
Voor verplichtingen, verliezen en risico's Voorziening verlof
Totaal
2.759 0
0
2.759
0
0
2.759
Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
Dit betreft een nieuwe voorziening voor alle bovenwettelijke verlofuren. De cao 2022 geeft de mogelijkheid tot verlofsparen vanuit het bovenwettelijk verlof. is het toegestaan om verlof te sparen. De commissie BBV heeft aangegeven dat voor alle bovenwettelijk verlof een voorziening getroffen moet worden. Het saldo aan bovenwettelijk verlof was per 31-12-2022 76.561 uur. Dit leidt, tegen een gemiddeld tarief van schaal 8, tot een incidentele last (nadeel) van € 2.759.000,- .
De in de balans opgenomen netto-vlottende schulden kunnen als volgt worden weergegeven:
In voorgaande jaren was deze post opgenomen in de niet uit de balans blijkende verplichtingen.
De overige schulden zijn de nog te betalen facturen aan leveranciers ultimo 2022, de afloop is in 2023.
Jaarstukken 2022
Omschrijving
Boekwaarde 31-12-2022 1.499
Boekwaarde 31-12-2021 557
Overige schulden
11.563
15.121
Totaal
13.062
15.678
Banksaldi
Pagina 39 van 60
Overlopende passiva De specificatie van de post overlopende passiva is als volgt: Omschrijving Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren uitgesplitst naar de ontvangen bedragen van: - Europese overheidslichamen
Boekwaarde 31-12-2022 1.398
Boekwaarde 31-12-2021 946
33
- Het Rijk - Overige Nederlandse overheidslichamen Overige vooruitontvangen bedragen die ten bate van volgende begrotingsjaren komen Totaal
1.248
65
2.646
1.044
De overlopende passiva bestaat grotendeels uit nabetalingen salarissen, nog te betalen facturen en vooruit gefactureerde frictiekosten Zaffier.
Jaarstukken 2022
Pagina 40 van 60
Niet in de balans opgenomen financiële verplichtingen Nog niet opgenomen verlof Per 1 januari 2017 is nagenoeg het voltallige personeel overgegaan naar de werkorganisatie BUCH. De rechten van de medewerkers waaronder de verlofuren zijn meegegaan naar de BUCH. Hiervoor zijn geen middelen van de gemeenten beschikbaar gesteld. In voorgaande jaren was dit onderdeel van deze paragraaf, maar als gevolg van een uitspraak van de commissie BBV is deze in 2022 als voorziening opgenomen. Zie hiervoor de toelichting op de balans. Leasecontracten Leverancier
Contract
Datum Totaal bedrag einde contract looptijd
PCI
100211
06-11-24
12.000
Roxit B.V.
20160519
31-12-23
205.000
Visma Raet B.V.
10008645
31-12-25
167.000
Centric Netherlands B.V.
111428S37
08-09-23
30.000
Centric Netherlands B.V.
211428S35
08-09-23
39.000
Centric Netherlands B.V.
341428S33
08-09-23
39.000
Centric Netherlands B.V.
391428S36
08-09-23
10.000
Centric Netherlands B.V.
4401428S25
31-12-24
136.000
Computer Lease Nederland B.V.
L 2017.022
30-09-23
85.000
Jaarstukken 2022
Pagina 41 van 60
Grondslagen voor de waardering- en resultaatbepaling Inleiding Onderstaande samenvatting van de grondslagen van waardering en resultaatbepaling is bedoeld als leidraad voor een juiste interpretatie van de in deze jaarrekening gepresenteerde financiële gegevens. Verslaggeving Algemeen De jaarrekening 2022 is opgesteld in overeenstemming met het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV). Balans Vaste activa Materiële vaste activa Onder de materiële vaste activa zijn opgenomen de investeringen in duurzame bedrijfsmiddelen. De waardering van de materiële vaste activa is gebaseerd op de historische kostprijs of aanschafprijs verminderd met afschrijvingen, eventuele investeringsbijdragen en eventuele beschikkingen over reserves. In het BBV wordt onderscheid gemaakt tussen investeringen met een economisch nut en investeringen in de openbare ruimte met uitsluitend een maatschappelijk nut. Investeringen met een economisch nut zijn alle investeringen die bijdragen aan de mogelijkheid middelen te verwerven en/of verhandelbaar zijn; investeringen met een maatschappelijk nut zijn wegen, bruggen en dergelijke.
Jaarstukken 2022
Investeringen met economisch nut worden met ingang van 2014 onderverdeeld in investeringen waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven en overige investeringen met een economisch nut. De GR werkorganisatie De BUCH kent alleen de categorie overige investeringen met een economisch nut. Op de materiële vaste activa wordt lineair afgeschreven. Deze afschrijving is gebaseerd op de verwachte economische levensduur dan wel op de verwachte nuttigheidsduur van het desbetreffende activum. De afschrijvingstermijnen staan vermeld in onderstaande tabel. Aantal jaren Maximaal 15 Maximaal 15 Maximaal 5 Maximaal 3
Omschrijving activa Bestel-, personen-, en vrachtauto’s en machines Telefooninstallaties, kantoormeubilair Automatiseringsapparatuur/-programmatuur Mobiele devices
Vlottende activa Vorderingen De vorderingen zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde, onder aftrek van een voorziening wegens dubieuze debiteuren. Liquide middelen De liquide middelen zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde. Overlopende activa De waardering van de overlopende activa geschiedt tegen de nominale waarde.
Pagina 42 van 60
Vlottende passiva Kortlopende schulden De kortlopende schulden zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde. Overlopende passiva De overlopende passiva zijn tegen nominale waarde opgenomen.
De lasten van de kostenplaatsen zijn op basis van de werkelijke tijdsbesteding ten laste van de diverse beleidstaken gebracht.
Grondslagen voor de bepaling van het resultaat In de rekening van de gewone dienst worden de baten en lasten van de diverse hoofdfuncties vermeld. De baten en lasten worden opgenomen voor de aan het verslagjaar toe te rekenen bedragen. Conform de voorschriften van het BBV wordt dus het zogenaamde stelsel van baten en lasten gehanteerd. De rubricering van de baten en lasten is eveneens in overeenstemming met het BBV. De begrotingscijfers 2022 zijn ontleend aan de door het bestuur vastgestelde primitieve begroting inclusief de hierop aangebrachte begrotingswijzigingen. De lasten en de baten worden tegen de nominale waarde toegerekend aan de perioden waarop ze betrekking hebben. Verliezen worden genomen zodra ze voorzienbaar zijn. Winsten worden verantwoord zodra ze gerealiseerd zijn. De afschrijvingslasten worden conform de afschrijvingstermijnen berekend. De investeringen die in de loop van het verslagjaar zijn aangeschaft worden voor wat betreft de berekening van de afschrijvingslasten volledig in aanmerking genomen. De rentelasten worden via de omslagmethode ten laste van de exploitatie gebracht. De rentelasten over de vaste activa worden berekend over de boekwaarde per 1 januari van het verslagjaar.
Jaarstukken 2022
Grondslagen personeel Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskostengerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden en overlopende verlofaanspraken. Voor arbeidskostengerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming, te weten vier jaar. Indien er sprake is van (eenmalige) schokeffecten (bijvoorbeeld reorganisaties) dient wel een verplichting opgenomen te worden. Op grond van een uitspraak van de commissie BBV is dit jaar wel een voorziening gevormd voor de saldi van het bovenwettelijk verlof.
Pagina 43 van 60
4.2 Overzicht van baten en lasten Gebruikelijk treft u hier een overzicht aan wat een recapitulatie is van de financiële gegevens uit de programma’s van de programmarekening. De begroting van de BUCH kent daarentegen slechts één programma, namelijk het programma bedrijfsvoering. Om die reden treft u hier hetzelfde overzicht aan wat u ook kunt vinden onder het programma. Wat gaat dit kosten Lasten x € 1.000
2022
2022
Lasten Lasten begroot voor Begroot wijziging na wijziging
2022
2022
Lasten werkelijk
Lasten verschil
1 Personeel, inhuur en overheadkosten kosten
65.434
70.600
73.624
-3.023
2 Informatie & Automatisering (exclusief salariskosten en inhuur)
5.139
5.850
6.179
-329
3 Facilitaire kosten (exclusief salariskosten & inhuur)
1.084
767
708
59
4 Materieel
2.516
2.348
2.344
4
5 Overige kosten (inclusief corona en Oekraïne)
648
3.636
2.407
1.229
Totaal lasten programma bedrijfsvoering
74.821
83.202
85.262
-2.060
2022
2022
Wat gaat dit kosten Baten x € 1.000
6 Bijdrage gemeenten (excl. maatwerktaken)
Baten Baten begroot voor Begroot na wijziging wijziging
2022
2022
Baten Werkelijk
Baten verschil
74.516
80.395
82.784
2.389
225
2.548
1.940
-609
8 Inkomsten detachering en uitgeleend personeel
0
0
14
14
9 Opbrengsten facilitair
30
30
24
-6
10 Opbrengsten materieel
20
20
91
71
11 Overige opbrengsten (incl. WAZO)
30
209
409
201
74.821
83.202
85.262
2.060
7 *Maatwerktaken gemeenten
Totaal baten programma bedrijfsvoering Totaal baten min lasten
Jaarstukken 2022
0
Pagina 44 van 60
0
0
0
Onderstaande opstelling baten en lasten conform de BBV vereisten: Overzicht van baten en lasten Omschrijving programma onderdeel 1a Bedrijfsvoering 1b Overhead 1c Onvoorzien 1d VPB 1e Algemene dekkingsmiddelen Totaal programma 1 Totaal saldo
Jaarstukken 2022
Baten Lasten Saldo Primitieve begroting 2022 1.310 44.041 -42.731 74.943 31.893 43.050 0 100 -100 0 108 -108 0 111 -111 76.253 76.253 0 76.253
76.253
Baten Lasten Saldo Begroting na wijziging 2022 2.325 46.125 -43.800 80.877 36.911 43.966 0 0 0 0 108 -108 0 58 -58 83.202 83.202 0 83.202
83.202
Pagina 45 van 60
Baten
Lasten Saldo Werkelijk 2022 1.834 48.402 -46.568 83.427 36.716 46.711 0 0 0 0 122 -122 0 21 -21 85.262 85.262 0 85.262
85.262
Baten -491 2.551 0 -0 0 2.060 2.060
V/N N V N V V
Lasten V/N Verschillen 2022 -2.277 N 195 V 0 -14 N 37 V -2.060 N -2.060
N
Saldo -2.768 2.745 0 -14 37 0
V/N N V N V -
Toelichting op het overzicht van baten en lasten De afwijkingen ten opzichte van de begroting staan toegelicht in het onderdeel Jaarverslag 2022. Begrotingsrechtmatigheid Bij de rechtmatigheidscontrole vormt het begrotingscriterium een belangrijk toetsingscriterium. In de toelichting op het Bado wordt begrotingsrechtmatigheid omschreven als: “Financiële beheershandelingen, die ten grondslag liggen aan de baten en lasten, alsmede de balansposten, dienen tot stand te zijn gekomen binnen de grenzen van de geautoriseerde begroting en hiermee samenhangende programma’s (begrotingscriterium). In de begroting zijn de maxima voor de lasten vermeld die door het bestuur zijn vastgesteld. Dit houdt in dat de financiële beheershandelingen dienen te passen binnen de begroting, waarbij het juiste programma, de toereikendheid van het begrotingsbedrag, alsmede het begrotingsjaar van belang zijn.” Met de controle op de juiste toepassing van het begrotingscriterium wordt getoetst of het budgetrecht van het bestuur is gerespecteerd. Begrotingsafwijkingen en -overschrijdingen (beleidsmatig en/of financieel) behoeven autorisatie door het bestuur. In de regel zullen begrotingswijzigingen vooraf aan het bestuur worden voorgelegd ter autorisatie. Hiermee wordt toestemming gevraagd voor het te realiseren beleid en voor de besteding van het benodigde bedrag.
Slechts indien de omstandigheden een autorisatie vooraf niet mogelijk maken zal achteraf een begrotingswijziging moeten worden voorgelegd. Indien het bestuur ermee instemt wordt de besteding alsnog geautoriseerd en is deze rechtmatig. Begrotingswijzigingen moeten volgens de Wet Gemeenschappelijke regelingen tijdens het jaar zelf nog aan het bestuur worden
Jaarstukken 2022
voorgelegd. Voor het wijzigen van de begroting dient in veel gevallen ook zienswijzeprocedure te worden gevolgd. De raden van de deelnemende gemeenten hebben dan minimaal 8 weken de tijd om een zienswijze op de door het bestuur voorgestelde wijziging kunnen uitbrengen alvorens het bestuur de wijziging van de begroting gelezen de zienswijzen definitief vaststelt. Effectief houdt dit in dat zaken die de laatste twee maanden van het jaar aan het licht komen, niet in een begrotingswijziging kunnen worden voorgelegd aan het bestuur. Indien een wijziging niet meer in het jaar zelf is voorgelegd zijn bestedingen boven het begrotingsbedrag strikt genomen onrechtmatig. Toch kan voor de accountant bij de controle vaststellen dat een aantal (begrotings)overschrijdingen binnen de beleidskaders van het bestuur vallen. De toelichting van het Bado zegt hierover: Strikt genomen gaat het hier om onrechtmatige uitgaven (ook wel begrotingsonrechtmatigheid genoemd), omdat de overschrijding strijd oplevert met artikel 189, vierde lid van de Gemeentewet. Volgens artikel 28, eerste lid van het Besluit comptabiliteitsvoorschriften dienen deze overschrijdingen (en onderschrijdingen) goed herkenbaar in de jaarrekening te worden opgenomen. Door het vaststellen van de rekening door het bestuur waarin die uitgaven wel zijn opgenomen worden de desbetreffende uitgaven alsnog geautoriseerd.
Het gaat om overschrijdingen waarbij het college bij het doen van de uitgaven binnen het door het bestuur uitgezette beleid is gebleven. Het is in zijn algemeenheid niet de bedoeling dat de accountant deze overschrijdingen betrekt bij de beslissing of al dan niet een goedkeurende controleverklaring kan worden gegeven. Wel moet de accountant in het verslag van bevindingen de
Pagina 46 van 60
bedragen, waarvan het college in de jaarrekening heeft aangegeven dat ze nog dienen te worden geautoriseerd, aan de orde stellen. De accountant dient in dat kader in ieder geval aan te geven of het overzicht ex artikel 28, eerste lid, van het Besluit comptabiliteitsvoorschriften 1995 volledig is of niet. Begrotingsoverschrijdingen binnen bestaand beleid worden door de accountant dus niet in de overweging, om al of niet tot een goedkeurende verklaring te geven, betrokken. Het wel of niet vaststellen van de rekening door het bestuur heeft overigens geen invloed op de strekking van de rechtmatigheidsverklaring van de accountant. De verklaring wordt immers afgegeven bij de door de algemeen directeur opgemaakte jaarrekening.
3. Kostenoverschrijdingen die geheel of grotendeels worden gecompenseerd door direct gerelateerde opbrengsten, bijvoorbeeld via subsidies of kostendekkende omzet. 4. Kostenoverschrijdingen bij open einde (subsidie)regelingen. Vaak blijkt vanwege dit open karakter in het kader van het opmaken van de jaarrekening een (niet eerder geconstateerde) overschrijding. 5. Kostenoverschrijdingen die worden gecompenseerd door extra inkomsten die niet direct gerelateerd zijn. Over de aanwending van deze extra inkomsten heeft het bestuur nog geen besluit genomen. 6. Kostenoverschrijdingen betreffende activiteiten welke achteraf als onrechtmatig moeten worden beschouwd omdat dit bijvoorbeeld bij nader onderzoek van de subsidieverstrekker, belastingdienst of een toezichthouder blijkt (bijvoorbeeld een belastingnaheffing). Het zal hier in de praktijk vaak gaan om interpretatieverschillen bij de uitleg van wet- en regelgeving die na het verantwoordingsjaar aan het licht komen. Er zijn dan geen rechtmatigheidsgevolgen voor dat verantwoordingsjaar. Wel zal de directie van de gemeenschappelijke regeling er voor moeten zorgen dat de overschrijdingen getrouw in de jaarrekening worden weergegeven. Ook kunnen er gevolgen zijn voor het lopende jaar. 7.
Kostenoverschrijdingen op activeerbare activiteiten (investeringen) waarvan de gevolgen voornamelijk zichtbaar worden via hogere afschrijvings- en financieringslasten in het jaar zelf of pas in de volgende jaren.
Verschillende typen begrotingsoverschrijdingen De algemene lijn is dus dat begrotingsoverschrijdingen die binnen de beleidskaders van het bestuur passen niet meegewogen worden in het accountantsoordeel. Er kunnen zeven verschillende begrotingsoverschrijdingen worden onderscheiden: 1. Kostenoverschrijdingen betreffende activiteiten die niet passen binnen het bestaande beleid en waarvoor men tegen beter weten in geen voorstel tot begrotingsaanpassing heeft ingediend. Bijvoorbeeld de doelgroep c.q. de activiteiten zijn in de praktijk aantoonbaar ruimer geïnterpreteerd dan in regelgeving (subsidieregeling, -verordening) was gedefinieerd. 2. Kostenoverschrijdingen die passen binnen het bestaande beleid, maar waarbij de accountant ondubbelzinnig vaststelt dat die ten onrechte niet tijdig zijn gesignaleerd. Bijvoorbeeld: de verwachte kostenoverschrijding op jaarbasis was via tussentijdse informatie al wel bekend, maar men heeft geen voorstel tot begrotingsaanpassing ingediend en dit is in strijd met de budgetregels zoals afgesproken met het bestuur.
Jaarstukken 2022
Het bestuur stelt de begroting vast op het niveau van programma. Er is maar een programma namelijk programma bedrijfsvoering.
Pagina 47 van 60
Overzicht aanwending Onvoorzien (conform art. 28 onderdeel b BBV) De post onvoorzien is gedurende 2022 gebruikt voor onvoorziene zaken, zoals gemeld in de eerste tussentijdse rapportage. Overzicht Incidentele baten en lasten (conform art. 28 onderdeel c BBV) Onderstaand is de tabel opgenomen met incidentele baten en lasten waarbij de belangrijkste posten (> € 10.000) zijn opgenomen. Incidentele baten en lasten x € 1.000 Imlementatie Omgevingswet Ziektebudget WAZO opbrengsten Oekraïne Corona Eenmalige cao bijdrage 2022 voor cao 2023 Extra formatie beleidsmedewerker verkeer Inhuur adviseur wonen en zorg Inbesteding afval Bergen per 1-1-2023 projectkosten 2022 Energiearmoede Extra formatie vergunningen plustaak Bergen Juridische kosten ontslag baliemedewerkers Aan- en verkoop verlof 2022 Log -4j Systeembeheer taken Functioneel beheer overgang Zaffier Extra kosten invoering zaaksysteem Invoeringskosten ICT Project Zaffier Extra onderst facilitair ivm 4 gemeentehuizen Communicatie inzet Samen Sterk en Zaffier Informatiebeheer op orde krijgen (IBT archief)
Begroot Realisaties Begroot Realisaties Eind- Toelichting lasten 2022 lasten 2022 baten 2022 baten 2022 datum 663.100 271.400 2024 1.663.300 965.800 2022 178.800 302.300 2022 1.864.700 874.000 2023 1.059.300 1.302.100 2022 420.000 420.000 2022 150.800 150.800 150.800 150.800 2023 Maatwerk incidenteel 89.300 89.300 89.300 89.300 2022 Maatwerk incidenteel 230.000 173.000 230.000 173.000 2022 Maatwerk incidenteel 82.000 91.900 131.000 238.000 60.000 125.000 200.000 62.500 88.000 66.000 150.000
18.200 18.800 97.900 243.900 76.200 137.500 198.700 36.600 88.000 44.700 96.800
Opbrengsten Materieel Verlofsaldi
82.000 91.900
18.200 18.800
-
20.000
90.700
842.800
843.100
2.759.000 700.000
Ontslag- en transitievergoedingen
7.434.900
Jaarstukken 2022
Overzicht beoogde respectievelijk gerealiseerde structurele toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves (art. 19 BBV) Aan artikel 19 van het BBV is de verplichting toegevoegd dat gemeenschappelijke regelingen een overzicht opnemen van de beoogde respectievelijk gerealiseerde structurele toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves. De BUCH heeft geen reserves.
8.762.700
2023 2023 2023 2022 2022 2022 2022 2022 2022 2022 2022 2022 2022 2022
Maatwerk incidenteel Maatwerk incidenteel
Pagina 48 van 60
Overzicht Wet Normering bezoldiging topfunctionarissen De WNT (Wet normering bezoldiging topfunctionarissen in de publieke en semipublieke sector) stelt een maximum aan de bezoldiging van topfunctionarissen in de publieke en semipublieke sector. De WNT is op 6 december 2011 door de Tweede Kamer aangenomen en is met ingang van 1 januari 2013 in werking getreden. De WNT kent een openbaar- makingsregime en een maximale bezoldigingsnorm (totaal € 216.000 in 2022). In het kader van de WNT zijn wij verplicht om gegevens van aangewezen topfunctionarissen, i.c. de directeur en de leden van het bestuur te vermelden ook wanneer zij beneden de norm worden betaald. Er zijn geen medewerkers bij de GR BUCH in dienst die de bezoldigingsnorm overschrijden. Bedragen x € 1
E. Zandstra
Functiegegevens
Directeur werkorganisatie BUCH
Kalenderjaar Periode functievervulling in het kalenderjaar (aanvang - einde) Aantal kalendermaanden functievervulling in het kalenderjaar
2022
2021
1- 1 t/m 31- 8;
1- 9 t/m 31- 12;
8
4
0
Individueel toepasselijk bezoldigingsmaximum Maximum uurtarief in het kalenderjaar
€ 206
€ 199
€ 193
Maxima op basis van de normbedragen per maand
€ 187.400
€ 110.800
€0
€ 298.200
Bezoldiging (alle bedragen exclusief btw) Werkelijk uurtarief lager dan het (gemiddeld) maximum uurtarief? Bezoldiging in de betreffende periode Totale bezoldiging gehele periode kalendermaand 1 t/m 12 (-/-) Onverschuldigd betaald bedrag en nog niet terugontvangen bedrag Totale bezoldiging, exclusief BTW
Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling
Jaarstukken 2022
€ 70.057
E. Zandstra
Functiegegevens5 Aanvang6 en einde functievervulling in 2022
Directeur 01/09 t/m 31/12
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)7
0.99
Dienstbetrekking?8
nee
Bezoldiging9 Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
71.591
Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal
71.591
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum10
71.591
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag11
N.v.t.
Bezoldiging
71.591
Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan12 Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling13
Ja € 174.350
bedragen x € 1
2020
Omvang van het dienstverband in uren per kalenderjaar
Individueel toepasselijk maximum gehele periode kalendermaand 1 t/m 12
Gegevens 2022
€0
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
Gegevens 202114v
€ 244.407
€0 € 244.407
bedragen x € 1
E. Zandstra
Functiegegevens5
Directeur
Aanvang en einde functievervulling in 2021
n.v.t.
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)7
n.v.t.
Dienstbetrekking?8
Pagina 49 van 60
Zie tabel 1b
Bezoldiging9 Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum10
[INVULLEN]
Bezoldiging
Jaarstukken 2022
Pagina 50 van 60
4.3 Overzicht baten en lasten per taakveld Taak ve ld Om s chrijving taak ve ld
Be drag be groot uitgave n
Be drag w e rk e lijk uitgave n
886
997
1.973
2.041
Be drag be groot ink om s te n
Be drag w e rk e lijk ink om s te n
80.876
83.427
0.1
Bestuur
0.2
Burgerzaken
0.3
Beheer overige gebouw en en gronden
1.343
1.480
0.4
Overhead
36.911
36.721
0.5
Treasury
58
21
0.61
OZB w oningen
18
19
0.62
OZB niet-w oningen
14
13
0.63
Parkeerbelasting
58
66
0.64
Belastingen overig
98
93
0.8
Overige baten en lasten
0.9
Vennootschapsbelasting (VpB)
108
122
1.2
Openbare orde en veiligheid
2.033
2.095
30
16
2.1
Verkeer en vervoer
4.319
4.251
298
289
2.2
Parkeren
114
130
2.5
Openbaar vervoer
74
86
3.1
Economische ontw ikkeling
262
260
3.2
Fysieke bedrijf sinf rastructuur
4
12
3.3
Bedrijvenloket en bedrijf sregelingen
100
96
4.1
Openbaar basisonderw ijs
4.2
-1
35
37
Onderw ijshuisvesting
167
173
4.3
Onderw ijsbeleid en leerlingenzaken
212
267
5.1
Sportbeleid en activering
144
172
Jaarstukken 2022
Pagina 51 van 60
Taak ve ld Om s chrijving taak ve ld
Be drag be groot uitgave n
Be drag w e rk e lijk uitgave n
Be drag be groot ink om s te n
Be drag w e rk e lijk ink om s te n
95
156 681
5.2
Sportaccommodaties
572
571
5.3
Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie
232
280
5.4
Musea
107
132
5.5
Cultureel erf goed
185
177
5.7
Openbaar groen en (openlucht) recreatie
6.995
6.752
6.1
Samenkracht en burgerparticipatie
433
571
6.2
Wijkteams
5.654
6.024
845
6.3
Inkomensregelingen
753
1.061
114
62
6.4
Begeleide participatie
129
174
297
155
6.5
Arbeidsparticipatie
414
478
6.6
Maatw erkvoorzieningen (WMO)
1.021
1.132
6.71
Maatw erkdienstverlening 18+
1.112
1.342
6.72
Maatw erkdienstverlening 18-
1.796
2.060
6.82
Geëscaleerde zorg 18-
847
1.058
7.1
Volksgezondheid
171
212
7.2
Riolering
1.233
1.176
7.3
Af val
2.806
2.767
270
216
7.4
Milieubeheer
1.115
1.051
82
18
7.5
Begraaf plaatsen en crematoria
826
781
8.1
Ruimtelijke ordening
2.064
2.273
8.2
Grondexploitatie (niet bedrijventerreinen)
8.3
Wonen en bouw en
EINDTOTAAL
Jaarstukken 2022
5
175
220
5.631
5.819
295
237
83.202
85.262
83.202
85.262
Pagina 52 van 60
4.4 Analyse begrotingsonrechtmatigheid Hiervoor is ook reeds per programma, voor de algemene dekkingsmiddelen en investeringskredieten ingegaan op de verschillen tussen de realisatie en de begrotingscijfers voor en na wijziging. Toelichting afwijkingen in het kader van de begrotingsrechtmatigheid Omdat er maar een programma is en een resultaat van € 0 is er geen sprake van begrotingsonrechtmatigheid.
Jaarstukken 2022
Pagina 53 van 60
4.5 Controleverklaring van de onafhankelijke accountant 2022 Zie afzonderlijke bijlage.
Jaarstukken 2022
Pagina 54 van 60
4.6 Bestuursbesluit Het bestuur van de Werkorganisatie BUCH gezien het voorstel van de directie gelet op artikel 198 van de Gemeentewet;
besluit: 1.
Het jaarverslag en de jaarrekening 2022 van de Werkorganisatie BUCH vast te stellen.
Aldus besloten door het bestuur van de Werkorganisatie BUCH in zijn vergadering van 6 april 2023.
de algemeen directeur E. Zandstra
Jaarstukken 2022
de voorzitter. drs. A. Mans
Pagina 55 van 60
Bijlage 1: Taakstelling In deze bijlage geven wij de stand van zaken omtrent de realisatie van de taakstelling. Hoe zit het ook alweer? In juni 2015 hebben de gemeenteraden het bedrijfsplan “Samen maar toch apart” vastgesteld. In dit bedrijfsplan was een taakstelling opgenomen op de BUCH-werkorganisatie van circa € 5,3 miljoen. Van die taakstelling zou 60% opnieuw worden geïnvesteerd in de BUCH en 40% zou terugvloeien naar de gemeenten. In 2016 is door een wijziging van de begroting de taakstelling verhoogd naar € 5,6 miljoen structureel. In het verbeterplan “Samen naar beter’’ is in 2018 de termijn voor het realiseren van de taakstelling opgeschort tot de periode 2021-2024. Wel is toen besloten waar mogelijk alvast besparingen door te voeren. De realisatie Bij de voorgaande P&C documenten hebben wij over de voortgang van deze taakstelling gerapporteerd. De 10% taakstelling was bij jaarrekening 2021 gerealiseerd, zie hiervoor ook de jaarstukken 2021. ICT-taakstelling Naast de 10%-taakstelling van € 5,6 miljoen is er bij de start van de BUCH ook een extra incidentele investeringsimpuls afgesproken op het gebied van ICT, met de afspraak dat deze zou worden terugbetaald. De extra beschikbaar gestelde middelen zijn beschikbaar gesteld voor implementatie van het Vijfde huis. Het Vijfde huis is inmiddels gerealiseerd.
moment wordt in kaart gebracht hoe groot dit besparende effect de komende jaren kan zijn. Tegelijkertijd zien we dat bij de start van de BUCH budgetten voor bestaande applicaties zijn overgedragen, maar niet voor nieuwe systemen. Dit betekent dat als we bijvoorbeeld willen investeren in digitale informatievoorziening, in digitalisering van de frontoffice of in digitale ondersteuning van het inkoopproces, er geen middelen beschikbaar zijn. Strevend naar een efficiënte en effectieve bedrijfsvoering is het geen optie om dergelijke investeringen achterwege te laten. Vanuit de middelen die vrijkomen uit de afbouw van de applicaties, wordt daarom een deel opnieuw geïnvesteerd om de kwaliteit van de bedrijfsvoering niet aan te tasten. Verder geven we in jaarlijkse delen bij de jaarrekening middelen aan de gemeenten terug als terugbetaling van de extra investering destijds van € 4,2 miljoen in de ICT. In de tweede voortgangsrapportage 2022 hebben wij de stand van de realisatie op het moment van het opstellen van de deze voortgangsrapportage opgenomen. Dit liet het volgende beeld zien: Realisatie taakstelling Totale taakstelling
4.200
Reailsatie 2e voortgangsrapportage 2022
3.868
Realisatie "genormaliseerd resultaat" 2022
332
Restant taakstelling
-
We zien dat als gevolg daarvan de voor ons liggende periode gebruikt kan worden om het gebruik van applicaties af te bouwen, wat kapitaallasten en ondersteunend personeel bespaart. Op dit
Jaarstukken 2022
Pagina 56 van 60
Bijlage 2: Verloop begroting Jaar Lasten Aanvang BUCH 2e rapportage 2017 subtotaal na 2e rapportage 2017 Begroting 2019-2022 Subtotaal na begroting 2019 Verbeterplan Jaarrekening 2017 Administratief begroting pers kn 2e rapportage 2018 Aanvulling begroting 2024 subtotaal na 2e rapportage 2018 Materieel naar de BUCH Omgevingswet Begroting 2020-2023 Jaarrekening 2018 Administratief begroting pers kn (118) 1e rapportage BUCH 2019 2e rapportage BUCH 2019 Subtotaal na 2e rapportage 2019 Uitbesteding belasting Begroting 2021-2024 Jaarrekening 2019 Overheveling klein gereedschappen Verduurzaming wagenpark Inbesteding Inkoop Castricum uitbesteding parkeerbeheer Bergen 2e rapportage BUCH 2020 overheveling taken Bergen,Uitgeest en Heiloo tbv team Noord Subtotaal na 2e rapportage 2020 Uitbreiding Plustaken Begroting 2022-2025 Jaarrekenig 2020 Plustaak Nieuw Tij Plustaak Pilot, ontwikkeling gemeente App Plustaak Robot grasmaaiers(onderhoud de koog in eigen beheer) 1e rapportage 2021 BUCH Bestuur 1e rapportage 2021 BUCH directie Aanvulling begroting 2022 harmonisatievoordelen Uitbreiding plustaak Beheersmaatregelen sociaal domein Toevoegen plustaak adviseur wonen en zorg Toevoegen plustaak inburgering Toevoegen plustaak beleidsmedewerker verkeer Bergen 2e rapportage 2021 BUCH Bestuur Subtotaal na 2e rapportage 2021 BUCH
Jaarstukken 2022
2017 2017 2017 2018 2018 2018 2018 2018 2018 2018 2018 2019 2019 2019 2019 2019 2019 2019 2019 2020 2020 2020 2020 2020 2020 2020 2020 2020 2020 2021 2021 2021 2021 2021 2021 2021 2021 2021 2021 2021 2021 2021 2021 2021
2022
2023
2024
2025
2026
59.425.000 4.453.000 63.878.000 2.903.000 472.400 694.768 6448 67.948.168 67.948.168 67.954.616 2.308.000 2.308.000 2.308.000 712.000 721.390 721.390 688.277 1.967.177 1.967.177 -81.000 -81.000 -81.000 506.600 510.300 510.300 1.899.462 1.928.562 1.928.562 73.981.507 75.302.597 75.309.045 -1.266.800 -1.328.500 -1.328.500 683.587 1.218.729 3.330.720 85.900 87.400 88.800 27.000 41.000 41.000 335.600 345.700 356.100 -338.400 -345.200 -352.500 473.293 478.793 494.893 75.600 77.700 80.100 74.057.287 75.878.219 78.019.658 78.019.658 1.536.740 1.572.032 1.608.376 1.616.476 -332.906 -144.892 -143.808 1.827.476 248.028 25.000 71.400 123.556
252.595 25.000 73.100 40.289
257.207
257.207
74.900 85.381
76.700 89489
-440.000 -440.000 -440.000 -440.000 623.200 602.300 616.600 631.200 89.333 100.900 103.500 106.200 109.000 150.800 154.700 -34.700 -35.400 -35.800 -16.300 76.218.638 78.081.443 80.148.714 82.170.906 82.150.906
Pagina 57 van 60
2027
Toevoegen Plusttaak Vroegsignalering schulden 2022 92.200 94.600 97.000 99.500 102.100 Toevoegen plustaak Extra formatie wet inburgering uit meica 2021 2022 195.800 200.900 205.900 211.200 216.700 Begroting 2023-2026 2022 2.132.914 2.008.483 2.038.557 4.035.442 Overdracht wegen HHNK Uitgeest 2022 147.300 156.100 160.000 164.100 168.300 Inbesteding afval Bergen per 1-1-2023 projectkosten 2022 2022 230.000 Ledigen Ondergrondse Containers UCH 2022 76.100 310.900 316.700 323.500 Lasten voor 1e rapportage 2022 2022 76.883.938 80.742.057 82.930.997 85.000.963 86.996.948 1e rapportage BUCH 2022 2022 3.486.072 Lasten na 1e rapportage BUCH 2022 80.370.010 80.742.057 82.930.997 85.000.963 86.996.948 Kleine gereedschappen, databeheerder, uitbreiding formatie buitendienst 2022 146.500 157.188 167.130 176.425 186.438 Uitbreiding groencapaciteit team Noord Heiloo 2022 34.300 60.500 62.200 63.900 65.700 Plustaak SUS Uitgeest 2022 61.700 63.300 64.900 66.600 68.400 Plustaak 2022 Bergen Ledigen blad en snoeikorven 2022 40.000 kn structurele plustaken Bergen zandoverlast en robotmaaiers 2022 0 780 21.880 21.880 21.880 kn structurele plustaak Castricum bestuurssecretariaat 2022 35.800 54.200 55.600 57.100 58.500 kn structurele plustaak Uitgeest bestuurssecretariaat 2022 76.500 77.300 79.300 81.200 83.300 kn reguliere taak extra BOA's conform artikel 4 DVO 2022 0 128.100 131.300 134.600 138.100
kn reguliere taak Versterking dienstverlening conform artikel 4 DVO2022 277.616 384.178 373.722 379.412 405.588 kn reguliere taak Wet open overheid (WOO) conform artikel 4 DVO 2022 143.000 464.900 516.900 572.500 572.500 Oekraine bestuursopdracht 01-09-22 tm medio 08-2023 2022 1.148.000 2.229.000 Bestuursbesluit BUCH Strategische koers sociaal domein / doorontwikkeling 2022 272.200 502.300 514.800 528.000 541.900 2e rapportage BUCH 2022 2022 -133.348 -36.497 207.575 219.406 217.013 Lasten na 2e rapportage BUCH 2022 82.472.278 84.827.306 85.126.304 87.301.986 89.356.267 89.356.267 Eenmalige uitkering cao 2022 420.000 aanschaf kleine materialen zuid 2022 3.600 21.000 31.334 33.734 35.068 35.068 Procesplan beh mtrg en beh mtrg 9 uitgeest 2022 132.000 Bestuursopdracht energie Armoede 2022 82.000 168.000 Extra formatie vergunningen plustaak Bergen 2022 91.900 283.000 Wet kwaliteitsborging 2022 67.168 67.222 67.222 66.714 Uitbreiding capaciteit reininging Heiloo en Castricum 2022 136.400 140.600 144.600 148.600 148.600 Lasten eind 2022 2022 83.201.778 85.502.874 85.365.460 87.547.542 89.606.649 89.539.935 Zaffier 2023 -4.354.400 -4.461.300 -4.572.500 -4.686.200 -4.676.300 Lasten 2023 op peildatum 2023 83.201.778 81.148.474 80.904.160 82.975.042 84.920.449 84.863.635 key2 totaal lasten 14-02-2023 2023 83.201.778 81.148.474 80.904.160 82.975.042 84.920.449 84.863.635