CConstaterende datBergen (NH)
Koppel je AI →
Document · PDF

bij 1 Klimaatadaptatie beleidsplan en uitvoeringsprogramma.pdf

Algemene Raadscommissie 16 maart 2023, gemeente Bergen (NH)Bij agendapunt: 3: Voorstel betreft het vaststellen van het beleidsplan en uitvoeringsprogramma 2023-2026 'Op weg naar klimaatadaptieve en natuurinclusieve gemeenten'25.969 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

werkwoord!

de en natuurinclusieve werkwoord! de BUCH | Op weg naar klimaatadaptieve gemeenten !

werkwoord!

de

werkwoord!

klimaatbestendige nieuwbouw 3.0, zie bijlage 5. Het basisveiligheidsniveau definieert wat klimaatadaptief bouwen is en schept duidelijkheid voor medeoverheden en voor bouwende en ontwikkelende partijen. In het groene tekstkader op pagina 36 is verder toegelicht wat bedoeld wordt met het basisveiligheidsniveau. Het is tot stand gekomen in samenwerking met de regio, in navolging van andere regio’s. Tevens ontwikkelt het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) op basis van deze uitgangspunten een landelijke maatlat voor een groene klimaat­adaptieve gebouwde omgeving13. Dit doen ze samen met de ministeries van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) en Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV). Door de uitgangspunten als werkkader te hanteren bereiden de gemeenten zich hier zo goed mogelijk op voor.

13

Ontwikkeling van landelijke maatlat voor een groene klimaatadaptieve gebouwde omgeving gestart! - Klimaatadaptatie (klimaatadaptatienederland.nl)

ng

ming

Uitgangspunten wateroverlast

wateroverlast hitte In het plangebied treedt bij extreem hevige neerslag (1/100 jaar, 70 mm/uur) geen schade op aan bebouwing, infrastructuur en aan vitale voorzieningen. Bij 90 mm/uur (1/250 jaar) blijven vitale infrastructuur en voorzieningen functioneren en bereikbaar.

wateroverlast

hitte

Op privaat terrein (bebouwde deel) wordt een groot deel van de neerslag (range 40-70 mm) van een hevige bui (70 mm/uur) verwerkt (geïnfiltreerd, opgevangen en/of vertraagd afgevoerd). Dit gebeurd op het terrein zelf of in extra (water)voorzieningen toegerekend aan het plangebied. De voorzieningen voeren de eerste 24 uur vertraagd af (niet extra naar riolering of watersysteem). In het plangebied is natuurlijke en oppervlakkige afwatering zoveel mogelijk aanwezig. Bij een waterdiepte van 20 cm op de rijbaan door extreme regen en/of overstromingen mag geen schade optreden aan gebouwen en elektrische installaties in de openbare ruimte. Daarnaast blijven hoofdwegen begaanbaar. De ontwikkeling gebeurt waterneutraal en leidt niet tot extra aanvoer/afvoer van water. Hemelwater wordt zoveel mogelijk vastgehouden, in de bodem gebracht en hergebruikt in het plangebied.

Uitgangspunten hitte

droogte overstroming natuurinlcusief wateroverlast Uitgangspunten en biodiversiteit droogte

droogte

natuurinlcusief

Bij langdurige droogte (potentieel maximaal eneens biodiversiteit neerslag tekort 300mm, per 10 jaar) wordt schade aan bebouwing, wegen, groen en vitale en kwetsbare functies voorkomen. De verwachte grondwaterstanden en de zoetwater­beschikbaarheid zijn sturend voor de inrichting van het plangebied. Gebiedsspecifiek worden een restzettingseis14 en bijbehorende maatregelenset tegen bodem­ daling gekozen. Deze zijn over de levensduur van zestig jaar maatschappelijk het meest kosten­effectief voor openbaar en privaat terrein. Vitale en kwetsbare functies moeten bestand zijn tegen langdurige droogte.

de

!

de

werkwoord!

de

werkwoord!

dede dede

werkwoord! !

! ! werkwoord werkwoord de ! werkwoord Ede en restzettingseis geeft werkwoord aan hoeveel centimeter de!grond maximaal 14

nog mag zakken in een afgesproken periode als de grond gestort is.

dede de

! ! werkwoord werkwoord werkwoord!

hitte

droogte

Tijdens hitte (minimaal 1 maatgevende hittedag) biedt het plangebied een gezonde en aantrekkelijke leefomgeving.

natuurinlc en biodiv

Er is tenminste 40% schaduw in het plan­ gebied op de hoogste zonnestand (21 juni) voor verblijfsplekken en gebieden waar langzaam verkeer zich verplaatst. Koele, schaduwrijke verblijfsplekken (minimaal 200 m2) zijn op loopafstand (300 m) aanwezig en openbaar toegankelijk. Tenminste 50% van alle horizontale en verticale oppervlakten worden warmtewerend of verkoelend ingericht of gebouwd. Dit is om opwarming van het stedelijke gebied en gebouwen zelf te verminderen. Vitale en kwetsbare functies en groenvoorzieningen in de openbare ruimte moeten bestand zijn tegen hitte. De koeling van gebouwen leidt niet tot opwarming van de (verblijfs-)ruimtes in de directe omgeving.

de de

werkwoord

de

werkwoord

de

werkwoord

de

werkwoord

de

werkwoord

de

werkwoord

de

werkwoord

de BUCH | Beleidsplan & Uitvoeringsprogramma 2023-2026

35

Uitgangspunten overstroming

overstroming wateroverlast Afhankelijk van de plaatselijke over­

stromings­kans en optredende waterdiepte zetten we in op het voorkomen van schade, het beperken van schade of het voorkomen van slachtoffers. Voor vitale en kwetsbare functies gelden aanvullende eisen. Welke eisen van toepassing zijn op het plangebied is afhankelijk van de overstromingskans en diepte. Wat de overstromingskans per waterdiepte is, is te vinden in de klimaateffectatlas van het Hoogheemraadschap. Bij overstromingen mag er geen schade op treden aan gebouwen en elektrische installaties in de openbare ruimte en blijven hoofdwegen begaanbaar. Er dienen maatregelen genomen te worden om schade te beperken in een geval van een overstroming, mits deze doelmatig zijn. Er moeten maatregelen getroffen worden om veilig te kunnen schuilen of te evacueren in het geval van een overstroming.

Achtergrond Basisveiligheidsniveau Klimaatbestendige nieuwbouw 3.0 Wat is het? Het basisveiligheidsniveau (bijlage 5: “Basisveiligheidsniveau Klimaatbestendige nieuwbouw 3.0”) is een totaalpakket van klimaatbestendige uitgangspunten. Dit zijn specifieke ondergrenzen, waar de gebouwde omgeving minimaal aan moet voldoen om potentiële schade door het veranderend klimaat hitte droogte natuurinlcusief te verminderen. En daarnaast de leefbaarheid te vergroten. Bij de ontwikkeling van de ondergrenzen en Koninklijk biodiversiteit zijn de huidige klimaatscenario’s uit 2014 van het Nederlands Meteorologisch Instituut (KNMI) voor 2050 aangehouden*. Door de uitgangspunten te hanteren in herinrichtingen en ontwikkelingen voldoet de gemeente aan de omschreven doelstellingen in dit hoofdstuk. Hoe is het tot stand gekomen? Het basisveiligheidsniveau voor klimaatbestendige nieuwbouw voor de provincie Noord-Holland en de metropoolregio Amsterdam is in samenwerking met experts ontwikkeld. Experts vanuit overheden (gemeenten, waterschappen en de provincies) en marktpartijen (ontwikkelaars, woningbouwcorporaties en brancheorganisaties) waren betrokken bij de ontwikkeling.

Voor de ontwikkeling is gebruik gemaakt van huidige richtlijnen, beleidsregels en ambities van overheden binnen Noord-Holland en de MRA en eerder opgestelde basisveiligheidsniveaus uit andere regio’s (Eindhoven, Zuid-Holland en Utrecht). Een regionaal basisveiligheidsniveau zorgt ervoor dat de kaders van verschillende overheden op elkaar aansluiten. Hiermee wordt het afwentelen van negatieve gevolgen door klimaatverandering op naastgelegen gebieden en ongewenste concurrentie voorkomen. 52 partijen binnen de MRA en Noord-Holland hebben reeds een intentieovereenkomst ondertekend. Dit bekrachtigd de missie om klimaatbestendig bouwen het nieuwe normaal te maken, zie bijlage 1 (Deelnemende partijen intentieovereenkomst MRA en Noord-Holland).

de

!

de

werkwoord!

de

werkwoord!

de

werkwoord!

Creatieve en kosteneffectieve oplossingen Het basisveiligheidsniveau schrijft geen maatregelen voor. Daardoor is er ruimte voor maatwerk en ontwerpafwegingen. Door de uitgangspunten meer algemeen vorm te geven en geen maatregelen voor te schrijven, dagen we marktpartijen uit tot het vormen van creatieve en kosteneffectieve oplossingen. * Medio 2023 verschijnen de nieuwe klimaatscenario’s van het Koninklijk Meteorologisch Instituut, welke een vertaling zijn naar de Nederlandse situatie op basis van het onlangs verschenen rapport van het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC). Dit heeft mogelijk consequenties voor de ondergrenzen van het basisveiligheidsniveau.

36

de BUCH | Op weg naar klimaatadaptieve en natuurinclusieve gemeenten

de

werkwoord!

de

werkwoord!

de

werkwoord!

de

werkwoord!

Uitgangspunten natuurinclusief en biodiversiteit

natuurinlcusief Ecologische oplossingen en oplossingen en biodiversiteit gebaseerd op natuurlijke processen van het

specifieke gebied hebben altijd de voorkeur boven ‘puur technische’ oplossingen. Dit geldt ook bij gelijke maatschappelijke prestaties en kosten (Total Cost of Ownership benadering). Het horizontale en verticale oppervlak wordt in samenhang met de groenblauwe structuren en ecosystemen in de bredere omgeving ingericht (met minimaal 30% groen op buurtniveau, boomkroonoppervlak telt mee). Het plangebied creëert, afhankelijk van de grootte, een hoogwaardige habitat voor een of meer soortencategorieën. Dit gebeurt door voldoende kwalitatieve natuur toe te voegen aan de gebouwde omgeving.

!

Om de uitgangspunten voor natuurinclusief en biodiversiteit werkbaar te maken, hanteren de gemeenten voor nieuwbouw het puntensysteem natuurinclusief bouwen. Zie voor een verdere toelichting paragraaf 4.4; doorwerking, punten­ systeem natuurinclusief bouwen en bijlage 7.

werkwoord! werkwoord! werkwoord! werkwoord! 15

De klimaatbestendige uitganspunten en het puntensysteem natuurinclusief bouwen gelden niet voor plannen waar voor de vaststelling van dit beleidsplan; reeds een kaderstellend besluit is genomen, reeds een intentieovereenkomst is gesloten, reeds een anterieure overeenkomst is gesloten.

werkwoord! werkwoord! werkwoord!

Werkkader, doorwerking en borging uitgangspunten en puntensysteem

Werkkader Na vaststelling van dit beleidsplan gelden de klimaatbestendige uitgangspunten en het punten­ systeem natuurinclusief bouwen als werkkader bij (her)inrichting van de openbare ruimte en bij nieuwbouw15. Op basis hiervan geven de gemeen­ ten in herinrichtingsprojecten het goede voorbeeld. Bij nieuwbouw gaan de gemeenten in gesprek met ontwikkelaars om de haalbaarheid, betaalbaar­ heid en effectiviteit van de uitgangspunten en het puntensysteem te beoordelen. We monitoren de resultaten en ervaringen. Deze gegevens gebruiken we om de uitgangspunten en het puntensysteem aan te scherpen en toepasbaar te maken voor alle toekomstige ontwikkelingen in de gemeenten. Door de uitgangspunten in dit beleidsprogramma als werkkader vast te stellen, kunnen we direct aan de slag met het klimaatadaptief en natuurinclusief inrichten van de omgeving én ons voorbereiden op een passende borging in privaatrechtelijke en publiekrechtelijke zin. Randvoorwaarden De huidige bestemmingsplannen worden bij de inwerkintreding van de omgevingswet omgezet

Is de ruimtelijke ontwikkeling in strijd met het huidige bestemmingsplan (straks omgevingsplan)?

in een omgevingsplan. De klimaatbestendige uitgangspunten en het puntensysteem natuur­ inclusief bouwen zijn hier nog niet in opgenomen. Nieuwe ruimtelijke initiatieven die passen binnen deze omgevingsplannen hoeven nog geen reke­ ning te houden met deze uitgangspunten voor het verkrijgen van een vergunning. Uiterlijk voor 2029 dienen de gemeenten nieuwe omgevingsplan­ nen op te stellen. Binnen deze nieuw te realiseren omgevingsplannen worden de uitgangspunten en het puntensysteem publiek rechterlijk verankerd. Bij ruimtelijke initiatieven die in strijd zijn met de huidige bestemmingsplannen (straks omgevingsplannen) zijn de gemeenten kaderstellend. De gemeente verleent haar medewerking op het moment dat het initiatief rekening houdt met de klimaatbestendige uitgangspunten en het puntensysteem natuurin­ clusief bouwen vanaf 11 woningen16. De gemeente legt de eis dan neer bij de initiatiefnemer door mid­ del van een (anterieure) overeenkomst om aan de uitgangspunten en het puntensysteem te voldoen, alsmede om deze te verdisconteren in een nieuw planologisch besluit onder de Omgevingswet dat van toepassing zal zijn op het te realiseren initiatief. Een en ander is samengevat in onderstaande tabel.

Ja/Nee

Klimaatbestendige uitgangspunten

Puntensysteem natuur­inclusief bouwen (vanaf 11 woningen)

Ja

Kaderstellend

Kaderstellend

Nee

Vrijblijvend

Vrijblijvend

Tabel 4. Afdwingbaarheid klimaatbestendige uitgangspunten en puntensysteem natuurinclusief bouwen tot en met 2029. 16

Het puntensysteem natuurinclusief bouwen geld vanaf 11 woningen, omdat vanaf 11 of meer woningen vaak wordt ontwikkeld door een ontwikkelaar.

de BUCH | Beleidsplan & Uitvoeringsprogramma 2023-2026

37

Doorwerking De klimaatbestendige uitgangspunten zijn input voor verschillende instrumenten. Instrumenten die realiserend (zelf maatregelen nemen), regulerend (maatregelen afdwingen), samenwerkend (samen maatregelen nemen) of ondersteunend (maatregelen stimuleren en faciliteren) van aard zijn. Hieronder worden de belangrijkste instrumenten toegelicht, die de gemeenten inzet voor het werken met de uitgangspunten. Bijlage 6 geeft een volledig overzicht van klimaatadaptieve instrumenten voor bouwen en ontwikkelen. Stresstest Een stresstest is een computersimulatie van extreme weerseffecten en overstromingsrisico’s als gevolg van klimaatsverandering. Deze is in de eerste ontwerpfase van een gebieds­ ontwikkeling vereist. In een stresstest worden de potentiële kwetsbaarheden voor de klimaatthema’s hitte, droogte, wateroverlast en overstroming binnen een gebied geïdentifi­ ceerd. Door in de stresstest de uitgangspunten van het basisveiligheidsniveau en de onder­ grond mee te nemen in de scan, ontstaat in een vroegtijdige fase handelingsperspectief voor ontwerpers. De stresstest is vooralsnog in de samen­werking met de markt bij ruimtelijke ontwikkelingen een stimulerend en faciliterend instrument en biedt ondersteuning. Bij herinrichtingen waar de gemeente zelf maatregelen neemt, is het een realiserend instrument.

Klimaatadaptatietoets en handleiding De klimaatadaptatietoets is in ontwikkeling met de Regio Alkmaar. Het hangt nauw samen met de ontwikkeling van de landelijke maatlat voor klimaatadaptatie17. De toets maakt het mogelijk om de klimaatbestendige uitgangspunten van het basisveiligheidsniveau voor nieuwbouw en (her)inrichting te toetsen. Er wordt gekeken naar de aspecten wateroverlast, hitte, droogte, overstroming, natuurinclusief en biodiversiteit. Door in het proces regelmatig op de uitgangspunten te toetsen, wordt duidelijk of het ontwerp voldoet aan de ondergrenzen van het basisveiligheidsniveau. De handleiding wordt momenteel opgesteld met disciplines van beleid, uitvoering en beheer in de organisatie én regio. De handleiding zorgt ervoor dat de rollen en verantwoordelijkheden duidelijk zijn. Dit leidt tot een succesvolle toepassing van de uitgangspunten. De klimaatadaptatietoets en handleiding is een samenwerkend instrument. Het stimuleert om samen maatregelen te nemen. Bij herinrichtingen waar de gemeente zelf maatregelen neemt is het een realiserend instrument.

17

38

Ontwikkeling van landelijke maatlat voor een groene klimaatadaptieve gebouwde omgeving gestart! - Klimaatadaptatie (klimaatadaptatienederland.nl)

de BUCH | Op weg naar klimaatadaptieve en natuurinclusieve gemeenten

Hemelwaterverordening Het regent steeds vaker harder. Daardoor kunnen straten, kelders, woningen en gebouwen onderlopen. De gemeenten zorgen ervoor dat het hemelwater in de openbare ruimte snel weg kan stromen of infiltreert. Werkzaamheden in de openbare ruimte worden meteen regenbestendig ingericht. Maar dat is niet genoeg. Een groot gedeelte van de stad bestaat uit privaat terrein. Ook daar kan regenwater tijdelijk worden opgevangen. In de verordening op de afvoer van hemelwater en grondwater, wordt verplicht dat bij nieuwbouw het regenwater op eigen perceel wordt opgevangen en verwerkt. De uitgangspunten voor wateroverlast uit het basisveiligheidsniveau zijn input voor deze verordening. Via ontwerp en bouw moet de hemelwaterberging gerealiseerd worden. Via de verordening wordt geregeld dat de hemelwaterberging moet blijven functioneren, zodat hemelwater ook in de toekomst niet afgewenteld wordt op de buren of op de openbare ruimte. Een hemelwaterverordening is een regulerend instrument.

Natuurinclusief puntensysteem Voor natuurinclusief bouwen is een puntensysteem ontwikkeld. Dit puntensysteem geeft invulling aan de gestelde uitgangspunten voor natuurinclusief en biodiversiteit uit paragraaf 4.3. Het is van toepassing op alle nieuwbouwprojecten en gebiedsontwikkelingen vanaf 11 woningen. Er dient een keuze gemaakt te worden uit natuurinclusieve maatregelen

die optellen tot minimaal 30 punten. Hiervoor is een lijst met maatregelen opgesteld. Het puntensysteem is ontwikkeld op basis van een integrale benadering voor biodiversiteit, klimaatadaptieve en natuurinclusieve maatregelen. Dit is ten behoeve van soortenrijkdom, meer kwalitatief groen, en voorkoming van droogte, hitte en wateroverlast. Onder andere Amsterdam, Den Haag, Deventer, Arnhem en Groningen gebruiken al een soortgelijk puntensysteem. Dit puntensysteem biedt richting en houvast. Tegelijkertijd blijft er ruimte voor architecten en ontwikkelaars. Voor verdere specificaties zie bijlage 7 “Puntensysteem Natuurinclusief Bouwen”. Het puntensysteem natuurinclusief bouwen is een regulerend instrument en maakt het mogelijk maatregelen afdwingbaar te maken.

Integrale puntensystemen Integrale (klimaatadaptief, natuurinclusief, circulair en energie) puntensystemen voor duurzame ontwikkeling zijn in ontwikkeling. Hierbij wordt de markt uitgedaagd om meer te doen dan landelijk is vastgelegd. De doelstelling van de gemeenten is dat de uitgangspunten van het basisveiligheidsniveau de ondergrens vormen in toekomstige integrale puntensystemen. Met hogere ambities dan het basisveiligheidsniveau kunnen meer punten gehaald worden. Voor natuurinclusief bouwen is al een puntensysteem ontwikkeld. Hier wordt ervaring mee op gedaan, welke later als basis kan dienen voor een integraal puntensysteem.

Tender In een tender op basis van beste prijs-kwaliteit verhouding (BPKV) of economisch meest voor­delige inschrijving (EMVI) vragen we aan project­ontwikkelaars te voldoen aan de klimaat­ bestendige uitgangspunten. Bij een hogere ambitie geven wij meer punten. Zo dagen we inschrijvers uit om meer te doen. Ook stimuleren we hiermee innovatieve en kosteneffectieve oplossingen vanuit de markt. Een tender is een regulerend of samenwerkend instrument afhankelijk van of met middel­voor­ schriften18 of met doelvoorschriften19 gewerkt wordt.

Waterneutrale bouwenvelop/kavelpaspoort (grondpositie gemeente) Een waterneutrale bouwenvelop (project­ ontwikkelaars) of kavelpaspoort (particuliere zelf­bouwers) is een pakket van ontwikkel­ voorwaarden die de gemeente kan vaststellen bij het uitgeven van grond met bovenwettelijke minimale eisen voor de functies die op de betreffende kavel gerealiseerd dienen te worden. De klimaat­bestendige uitgangspunten zijn hiervoor de norm.

18

Middelvoorschriften zijn voorschriften waarin een specifieke techniek of maatregel staat voorgeschreven. 19 Doelvoorschriften zijn voorschriften met een norm.

Gezamenlijke ontwikkelambitie (geen grondpositie) Een gezamenlijke ontwikkelambitie kan samen met belanghebbende organisaties geformuleerd worden wanneer men een gebied voor projecten wil ontwikkelen of transformeren. Men legt de gezamenlijke ambitie van meerdere belang­ hebbende partijen in een gebied vast, in de vorm van afspraken voor ontwikkeling of transformatie. Hierin worden uitgangspunten van het basis­veiligheidsniveau geborgd.

Beleidsontwikkeling en omgevingsplannen De gemeente gebruikt de klimaatbestendige uitgangspunten als input voor de formulering van beleidsdoelen in ruimtelijke ontwikkelingen en voor beleidsdoelen en beheersplannen van de verschillende vakdisciplines in de openbare ruimte. In de omgevingsplannen worden de uitgangspunten publiekrechtelijk verankerd. Hiermee is het een regulerend instrument.

Borging De definitief vast te stellen uitgangspunten landen uiterlijk in 2029 in de omgevingsplannen van de gemeenten. Die dan onder de aanstaande omgevingswet voor het hele gebied gaat gelden. Als tot die tijd bestemmings- of omgevingsplannen worden aangepast, worden de uitgangspunten daarin meegenomen. Uitgangspunten die niet in het omgevingsplan geborgd kunnen worden, komen terecht in privaatrechtelijke exploitatie­ overeenkomsten.

de BUCH | Beleidsplan & Uitvoeringsprogramma 2023-2026

39

Hoe & wanneer? Strategie en middelen

Strategie en uitvoeringsprogramma 2023-2026

41

STRATEGIE OP SCHAALNIVEAUS

41

De gemeenten zijn partner en stellen kaders

41

De gemeenten dirigeren

41

De gemeenten werken kosteneffectief

41

UITVOERING SCHAALNIVEAU HUIS EN PAND Mogelijkheden huis en pand

42 43

Casus - “Eerste regenwatertuin in de Koog

44

Casus - “NK Tegelwippen en tegelophaalservice”

44

Uitvoeringsmatrix schaalniveau huis en pand

45

UITVOERING SCHAALNIVEAU STRAAT, GEBIED EN WIJK

Mogelijkheden straat, gebied en wijk

47 48

Casus - “De Koog een voorbeeld voor andere herinrichtingen”

49

Uitvoeringsmatrix schaalniveaus straat, gebied en wijk

50

UITVOERING SCHAALNIVEAU REGIO Mogelijkheden regio

53 54

Casus - “Regionaal ontwikkelen klimaatadaptatietoets en handleiding” 54 Uitvoeringsmatrix schaalniveau stad en regio

40

de BUCH | Op weg naar klimaatadaptieve en natuurinclusieve gemeenten

55

Strategie en uitvoeringsprogramma 2023-2026 In dit hoofdstuk lichten we de strategie toe die de gemeenten hanteren om in 2050 klimaatbestendig, waterrobuust en natuurinclusief ingericht te zijn. De strategie onder­scheidt drie schaal­ niveaus: huis en pand (1), straat, wijk en gebied (2) en regio (3). We starten met de mogelijk­heden die er zijn per schaal­ niveau voor een klimaat­bestendige inrichting. En we delen een aantal casussen van projecten die tot de verbeelding spreken, inspireren en het goede voorbeeld geven. Vervolgens gaan we in op de activiteiten die de gemeenten van 2023 tot en met 2026 oppakken. De activi­teiten hebben betrekking op de thema’s wateroverlast, overstroming, droogte, hitte, natuurinclusief en bio­ diversiteit.

Strategie op schaalniveaus

Een klimaatadaptieve en natuurinclusieve (her) inrichting van tuinen, de straat, wijken en gebieden hebben een direct effect op de inwoners en op de werkvelden van de BUCH werkorganisatie. Voor de klimaatadaptieve aanpak onderscheiden we daarom drie schaalniveaus:

1 2 3

Huis en pand

Straat, wijk en gebied

Regio

De gemeenten zijn qua uitvoering vooral aan zet op de schaalniveaus straat, wijk en gebied en in samenwerking met de regio. Twee derde van de stedelijke omgeving is echter particulier terrein. Dit betekent dat de inwoner een belangrijke rol speelt om in 2050 klimaatbestendig en natuurinclusief ingericht te zijn. Activiteiten in dit uitvoeringsprogramma zijn gericht op deze verschillende schaalniveaus en de gemeenten vervult hierin verschillende rollen. De gemeenten werken integraal samen vanuit het programma Klimaat. Dit doen we omdat we daardoor het meest effectief de doelstellingen kunnen bereiken. De pijlers van het programma werken samen in opgaves die betrekking hebben tot herinrichting en ruimtelijke ontwikkelingen.

De gemeenten zijn partner en stellen kaders De gemeenten richten zich op het schaalniveau huis en pand op het aansluiten bij koplopers. Dit zijn inwoners die klimaatadaptieve maatregelen toepassen in eigen huis en tuin. Tevens richten de gemeenten zich op het voorlichten, promoten en stimuleren van inwoners en bedrijven. Dit sluit aan bij het uitgangspunt: ‘faciliteren en stimuleren van lokale initiatieven’ uit het ambitiedocument programma Klimaat. De gemeenten dirigeren De gemeenten richten zich op het schaalniveau straat, wijk en gebied op het geven van het goede voorbeeld. De gemeenten maken het eigen vastgoed en de openbare ruimte klimaatadaptief en natuurinclusief (de gemeente doet het zelf). Met betrekking tot ruimtelijke ontwikkelingen geven de gemeenten richting en stellen kaders met betrekking tot klimaatbestendige uitgangspunten en natuurinclusief bouwen (de gemeente stelt kaders). Dit doen de gemeenten bij de start van elk project. De gemeenten werken kosteneffectief De gemeenten werken onderling samen en in de regio aan onderzoeken, een communi­ catiestrategie, organisatorische activiteiten en activiteiten rondom klimaat­adaptatie. Zo werken we kosteneffectief aan een klimaatbestendige regio.

de BUCH | Beleidsplan & Uitvoeringsprogramma 2023-2026

41

Uitvoering schaalniveau huis en pand

42

de BUCH | Op weg naar klimaatadaptieve en natuurinclusieve gemeenten

Mogelijkheden huis en pand

Het is van belang dat particulieren aan de slag gaan in én rondom het huis, aangezien twee derde van de stedelijke omgeving particulier terrein is. Maatregelen waar je op dit niveau aan kunt denken zijn:

Schaduw

Koeling

Multifunctionele daken

Regenpijp afkoppelen

Planten

bomen / beplanting, parasols,

dakbedekking, blauw-groen

van daken door een groen

regenton, vijver of infil­tratie­

bestendige (inheemse) beplanting

schaduwdoeken.

dak, gevelbeplanting, ventilatie

en/of waterbergend dak,

kratten. Het kan ook in combi­

gericht op creëren van meer

(ramen dicht overdag, ’s nachts

zonnepanelen, hogere

natie met regen­water­gebruik­

schaduw, bestand tegen langere

open), zonwering (rolluiken,

opstanden, schoonmaken

systemen, regenwateropslag

periode van droogte en het

zonnescherm).

van dakgoot of aanbrengen

onder gebouwen, watervast­

vasthouden van water.

noodoverloop.

houdende plantenbakken.

Regenwatergebruik

Waterrobuust gebouw

Noodmaatregelen

Schaduw creëren door:

Koeling creëren door: witte

Multifunctioneel gebruik

en laten uitmonden in de tuin,

Toepassen van klimaat­

Tuin

Geveltuin

Aanleggen van geveltuin door

Een regenwatergebruiks-

je tuin zoals: waterdoorlatende

een rij tegels te verwijderen langs

systeem vangt het regenwater

extreem weer door water buiten

maatregelen voor extreem

bestrating, reliëf in tuin, open

de gevel aan de straatkant en

op. Dit regenwater kan in plaats

te houden: drempel, verhoogd

weer: deurschotten; aggregaten

goot, regenwatervijvers, tegels

hier een tuintje aan te leggen.

van drinkwater worden gebruikt

vloerpeil, hoge dakopstand,

en schuilcapaciteit op droge

eruit groen erin, grind­stroken,

voor de wasmachine, de wc en

schoonhouden van de dak­goot,

verdieping, verhoogde gebouwen.

infiltratiekratten, groene daken op

het besproeien van de tuin. Ook

aanbrengen van een nood­

tuinhuisjes, regenwaterschutting,

zeer goed mogelijk bij gebouwen

overlaat, kelders waterdicht en

gezonde bodem.

met grotere dakoppervlakken,

aansluiten op riool met een pomp

zoals scholen en kantoren.

en terugslagklep.

Toepassen van maatregelen in

Voorkomen van schade bij

Toepassen van (tijdelijke) nood­

de BUCH | Beleidsplan & Uitvoeringsprogramma 2023-2026

43

Casus NK Tegelwippen en tegelophaalservice

Casus Eerste regenwatertuin in de Koog De gemeenten willen inwoners motiveren om tegels in hun tuin te vervangen door groen. Versnelling ontstaat onder andere door als gemeente aan te sluiten bij goede voorbeelden. Dit betekent aansluiten bij inwoners die op koplopen of door deze initiatieven een podium te bieden. Op deze manier worden steeds meer inwoners zich bewust van de nut en noodzaak van klimaatadaptatie. Bewoners Jos Rood en Jan Bas Pieterse uit Uitgeest zijn zulke koplopers en hebben hun voortuin aan de Vrijburglaan in de wijk de Koog onder handen genomen. ‘Door klimaatverandering wordt het opvangen van regenwater in de eigen tuin steeds belangrijker om watertekort en hittestress te voorkomen. De regenpijp hebben we aan de onderkant afgezaagd. Het regenwater stroomt nu in een goot gevuld met siergrind die langzaam naar de straat afloopt. Voordat het water bij de straat is, vult de regen een ingegraven buffer van een speciaal soort steenwol. Het regenwater zakt nu langzaam de bodem in. Onze voortuinen krijgen nu jaarlijks 40 kuub schoon water dat anders naar de zuivering gaat. Door de steeds langere droge periodes is dit water juist hier hard nodig’, aldus Rood.

De gemeenten zetten in het uitvoeringsprogramma in op het etaleren en ondersteunen van inwoners die het goede voorbeeld (willen) geven en zet in op het aansluiten bij bestaande energie, op deze manier werken deze initiateven als aanjager voor andere inwoners.

44

de BUCH | Op weg naar klimaatadaptieve en natuurinclusieve gemeenten

De gemeenten doet in 2022 voor het eerst mee aan het NK Tegelwippen. Het kampioenschap draait niet alleen om rivaliteit, maar heeft een hoger, gemeenschappelijk doel. Wanneer tegels worden vervangen door gras, bloemperken, bomen en geveltuinen, wordt Nederland meer klimaatbestendig, behaaglijker voor insecten en dieren, koeler op warme dagen én veel mooier. Daarnaast heeft onderzoek uitgewezen dat een groenere leef­ omgeving een positief effect heeft op onze mentale gezondheid. Om de inwoners te stimuleren tegels te vervangen voor groen haalt de gemeente in het voorjaar en in het najaar een dag gratis de tegels op bij aangemelde adressen. De gemeenten hebben dat in 2022 voor het eerst gedaan en leren van deze pilot voor het uitvoeringsprogramma.

Uitvoeringsmatrix schaalniveau huis en pand De doelstelling van de gemeenten is dat inwoners, ondernemers en organisaties klimaatadaptief en natuurinclusief handelen. De activiteiten in de uitvoeringsmatrix schaalniveau huis en pand dragen hier aan bij, zie tabel 5. De omschreven activiteiten voeren de gemeenten uit in de periode van 2023-2026. Met de vaststelling van het Ambitie­document Klimaat hebben alle gemeenten gekozen voor een basisambitie. Gemeente Bergen en Heiloo hebben aanvullend gekozen voor een plusambitie. Het klimaatadaptief maken van het gemeentelijke vastgoed en bedrijventerreinen horen bij de plusambitie. Met de activiteiten

behorend bij schaalniveau huis en pand is hier rekening mee gehouden. Particulier terrein De gemeente kiest ervoor zich de komende jaren te richten op het particuliere terrein door in te zetten op het voorlichten, aansluiten en stimuleren van particulieren. Gemeentelijke vastgoed (plusambitie) Op het gebied van het gemeentelijke vastgoed richten gemeenten met een plusambitie (Bergen en Heiloo) zich op het onderzoeken van de haalbaarheid en het aansluiten bij de

versnellingsstrategie uit de routekaart verduur­ zamen vastgoed. We benutten hierbij de samen­werking met de andere pijlers binnen het programmateam klimaat. Bedrijventerreinen (plusambitie) Op het gebied van bedrijventerreinen richten gemeenten met een plusambitie (Bergen en Heiloo) zich op het opbouwen van een netwerk en kennis. In de organisatie wordt de samenwerking gezocht om te kunnen versnellen en kennis om te zetten naar actie. We benutten hierbij de samenwerking met de andere pijlers binnen het programmateam klimaat.

Tabel 5. Uitvoeringsmatrix schaalniveau Huis en Pand 2023-2026

Basis

Activiteiten

2024

2025

2026

Dekking20

Particulier terrein

De gemeente bouwt kennis op en licht voor, sluit aan en stimuleert particulieren om hun eigen terrein klimaatadaptief in te richten.

Voorlichten en promoten

Bewustwording van inwoners m.b.t. klimaatadaptatie.

X

X

X

X

KA

Aansluiten

Etaleren en aansluiten bij bestaande initiatieven (initiatieven als Steenbreek, het NK Tegelwippen, MeerBomenNu, Struikroven, Groen Kapitaal).

X

X

X

X

KA

Stimuleren

Stimuleringsregeling klimaatadaptieve maatregelen voor particulieren.

X

X

X

X

RH

Tegelophaalservice (of soort gelijk)

X

X

X

X

KA

X

X

KA

Gratis maatwerkadvies voor inwoners met betrekking tot een klimaat­ adaptieve inrichting van de tuin via een regionaal loket. Kennis opbouw

Verplichten

20

2023

Deelname adaptatie atelier voor het ontwikkelen van prikkels voor inwoners en bedrijven en hiermee experimenteren.

X

X

X

We hebben inzicht in welke wijken klimaatadaptatie extra aandacht vraagt.

X

X

X

X

KA

Hemel en grondwaterverordening.

X

X

X

X

•

KA

K A = Klimaatadaptatie, RH = Rioolheffing, - = inzet interne uren. De financiële dekking voor klimaatadaptatie wordt per gemeente vermeld in bijlage 8.

de BUCH | Beleidsplan & Uitvoeringsprogramma 2023-2026

45

Plus

Activiteiten

2023

2024

2025

Gemeentelijk vastgoed

De gemeente maakt het gemeentelijk vastgoed klimaatadaptief wanneer de kans zich voordoet.

Kennis opbouwen

De gemeente onderzoekt de haalbaarheid van klimaatadaptieve maatregelen

2026

Dekking

in bestaand vastgoed21.

X

Aanhaken

Klimaatadaptatie zoekt aansluiting bij de versnellingsstrategie uit de route­ kaart verduurzamen vastgoed.

X

X

X

X

-

Bedrijven terreinen

De gemeente agendeert klimaatadaptatie bij bedrijven terreinen en onderzoekt de kansen en behoeften.

Kennis opbouw

De gemeente sluit zich aan bij het netwerk groenblauwe bedrijventerreinen vanuit Samen Klimaatbestendig en Stichting Kennisalliantie voor Bedrijven­ terreinen en Werklocaties (SKBN).

X

X

X

X

-

Onderzoek kansen en behoeften bedrijven terreinen22.

X

De gemeente bundelt krachten door aan te sluiten bij de aanpak verduurza­ men bedrijven van de pijler energietransitie, koploper vanuit het Programma Klimaat en trekt op met de pijler circulaire economie (circulaire bedrijven terreinen).

X

Aanhaken

21

KA

KA

X

X

X

-

De financiële dekking voor de plusambitie is voor 2023 in Bergen en Heiloo al toegezegd. In 2023 onderzoeken we welke middelen benodigd zijn voor de jaren erop om het gemeentelijk vastgoed en bedrijventerreinen klimaatadaptief en natuurinclusief te maken. Deze middelen worden te zijner tijd aangevraagd. 22 Zie 16.

46

de BUCH | Op weg naar klimaatadaptieve en natuurinclusieve gemeenten

Uitvoering schaalniveau straat, gebied en wijk

de BUCH | Beleidsplan & Uitvoeringsprogramma 2023-2026

47

Mogelijkheden straat, gebied en wijk

Wat kunnen we doen om straten, wijken en gebieden klimaatbestendig in te richten? Onderstaande afbeelding geeft inzicht in de mogelijkheden.

Koelteplekken

Schaduw

Huis en Pand

Groen tenzij

parken, zwemplekken,

schaduwdoeken en/of slimme

om te zien wat jij kan doen voor

onderhoud waar mogelijk de

regenwatervijvers en/of

looproutes.

meer schaduw, koeling, groen,

verharding vervangen door

beplanting gericht op het creëren

het anders omgaan met

groen. Zo kunnen bewoners

van meer schaduw, bestand

regenwater, of om water buiten te

samen genieten van een prettige,

tegen langere periode van

houden.

gezonde en natuurlijke

droogte en het vasthouden van

leefomgeving.

water.

Creëren van koelteplekken door

Schaduw creëren met bomen,

water(speel)elementen.

Bij herinrichting en groot

beplanting

Toepassen klimaatadaptieve

Waterdoorlatende en

Geleiding van regenwater

Zichtbare waterbergende en

Ondergrondse water­

Een gezonde bodem

Toepassen van bestrating waar

Herintroductie van de stoep, open

maatregelen Aanleg van

maatregelen

groen beter. Zo houden planten

-passerende bestrating

over de weg

-infiltrerende

bergende en -infiltrerende

Met een gezonde bodem groeit

het regenwater langs of doorheen

en bedekte goten, holle wegen

wadi’s, greppels, (verlaagde)

Toepassen van infiltratiekratten,

en de grond het water beter vast

kan stromen naar de bodem,

en/of drempels voor watersturing.

groenstroken, waterpleinen

-putten en -riolen en/of tijdelijke

en droogt het minder snel uit.

en/of stedelijke waterlopen.

regenwaterbuffers.

zoals grasbetonstenen en andere vormen van waterdoorlatende bestrating.

48

Zie infographic op pandniveau

Klimaatbestendige

de BUCH | Op weg naar klimaatadaptieve en natuurinclusieve gemeenten

Casus De Koog een voorbeeld voor andere herinrichtingen De wijk de Koog in Uitgeest had een inrichting die niet meer van deze tijd is. Om dit te veranderen heeft de gemeenteraad in 2017 besloten De Koog een grootschalige opknapbeurt te geven. Dit heeft geresulteerd in de volgende ambitie: “Van De Koog een wijk te maken waar je met plezier woont, het fijn en veilig is om buiten te zijn en waar je elkaar ontmoeten kan. Een wijk met veel groen, duurzame materialen en energiezuinige oplossingen”. Om tot een breed gedragen ontwerp te komen is een breed participatietraject doorlopen, ruim 40 bewoners van de Koog zaten in een werkgroep. Met betrekking tot klimaatadaptatie werden vanuit de ambitie zo de volgende doelstellingen geformuleerd: minder verharding, meer groen (1), afkoppelen regenwater (2) en aanleggen voorzieningen tegen droogte (3).

Definitie anders denken én werken  Integraal werken.  Verandering in bewustzijn én gedrag ten aanzien van klimaatadaptatie.  Hanteren van klimaatbestendige uitgangs­ punten bij herinrichtingen en bij nieuwbouw. De opgave met betrekking tot de uitgangs­ punten is bekend én de organisatie weet hoe hierop te handelen.  Ecologie, bodem en watersysteem sturend; klimaatadaptatie en biodiversiteit-, groen- en water- en rioleringsbeleid en beheer worden in de eerste fase van projecten meegenomen. Dit betekend dat in de initiatief fase duidelijke kaders voor klimaatadaptatie en natuurinclusief bouwen worden meegeven.  Het toepassen van een puntensysteem voor natuurinclusief bouwen.

de BUCH | Beleidsplan & Uitvoeringsprogramma 2023-2026

49

Uitvoeringsmatrix schaalniveaus straat, gebied en wijk De doelstelling van de gemeenten is dat klimaatadaptatie en natuurinclusief bouwen onderdeel zijn van elk initiatief dat betrekking heeft op de inrichting van de ruimte. De activiteiten in de uitvoeringsmatrix schaalniveau straat, wijk en gebied dragen hier aan bij, zie tabel 6. Tevens dragen ze bij aan het realiseren van een klimaatbestendige en natuurinclusieve inrichting volgens de klimaatbestendige uitgangspunten en het puntensysteem. Deze zijn leidend wanneer afgeweken wordt van het huidige bestemmingsplan óf als de omgevingsplanologie hierop aangepast is. Dit geldt bij herinrichtingen en ruimtelijke ontwikkelingen. Dit vraagt een andere manier van werken zoals omschreven in hoofdstuk 2, 50

zie tekstkader op pagina 49. De activiteiten in de uitvoeringsmatrix bestendigen deze manier van denken én werken in de organisatie. Parallel aan het uitvoeringsprogramma draagt de pijler duurzame bedrijfsvoering zorg voor het organiseren van de benodigde kennisopbouw van ambtenaren ten aanzien van duurzaam ontwikkelen (energieneutraal, circulair, klimaat­ adaptief/ natuurinclusief en mobiliteit). De activiteiten die benoemd staan voeren de gemeenten uit in de periode van 2023-2026. Ontwikkeling openbare ruimte Bij herinrichtingsprojecten en de uitvoering van groot onderhoud aan de openbare ruimte geven de gemeenten het goede voorbeeld. De gemeenten hanteren de klimaatbestendige uitgangspunten, voor zover dat mogelijk is.

de BUCH | Op weg naar klimaatadaptieve en natuurinclusieve gemeenten

Ruimtelijke ontwikkeling Uiterlijk in 2029 borgen we de klimaatbestendige uitgangspunten in de omgevingsplannen, zoals omschreven in paragraaf 4.4. Tot die tijd hanteren de gemeenten de uitgangspunten als werkkader. We bereiden de gemeenten zich zo goed mogelijk voor op de komst van de landelijke maatlat voor een groene klimaatadaptieve gebouwde omgeving. Dit doen de gemeenten door de uitgangspunten in een vroeg stadium mee te geven. Zowel bij ontwikkelingen die afwijken (kader stellend) van en voldoen (vrijblijvend) aan het huidige bestemmingsplan. De gemeente zet de komende jaren in op kennis opbouw en het verder onderzoeken van de benodigde capaciteit en middelen voor het werken met de klimaatbestendige uitgangspunten. De activiteiten die benoemd staan voeren de gemeenten uit in de periode van 2023-2026. Landbouw De pijler circulaire economie van het programma Klimaat faciliteert de omslag naar een natuur­ inclusieve landbouw in de gemeenten. Natuurinclusieve landbouw is een vorm van kringlooplandbouw die optimaal gebruik maakt van de natuurlijke omgeving. De gemeenten vormen een visie door middel van een participatief gebiedsproces voor natuurinclusieve landbouw. Ze bieden ruimte voor experimenten die aansluiten bij het beleid van hogere overheden, zie tevens het beleidsplan circulaire economie.

Landbouw is in dit uitvoeringsprogramma opgenomen bij het schaalniveau straat, wijk en gebied. Het gaat over gebiedsontwikkeling. Vanuit de pijler klimaatadaptatie sluiten we aan bij deze aanpak.

Tabel 6. Uitvoeringsmatrix schaalniveau straat, wijk en gebied 2023-2026 Activiteiten

Basis

2024

2025

2026

Dekking23

Ontwikkeling openbare ruimte

Bij herinrichtingsprojecten en de uitvoering van groot onderhoud geeft de gemeente het goede voorbeeld (toepassen van de klimaatbestendige uitgangspunten).

Kennis opbouw

De gemeente zet met interne ateliers in op het inspireren van collega’s en kennis opbouw.

X

X

X

X

KA

Informeren

Bij de herinrichting van wijken wordt het thema klimaatadaptatie bij participatiemomenten standaard meegenomen.

X

X

X

X

-

Faciliteren

Afkoppelgesprekken en het aansluiten van bestaande woningen op een regenwaterafvoer (of infiltratie in de tuin) bij herinrichting is de nieuwe standaard.

X

X

X

X

RH

Bij herziening van de meerjarenplannen en de beleids- en beheerplannen voor de verschillende vakdisciplines in de openbare ruimte (stedelijk water, wegen, groen, speelvoorzieningen, sportaccommodaties, openbare verlichting en het HIOR) wordt klimaatadaptatie meegenomen.

X

X

X

X

-

De klimaatbestendige uitgangspunten zijn onderdeel van de checklist projecten, beheer openbare ruimte.

X

X

X

X

-

Kosten voor uitvoeringsprojecten worden aangevraagd in projectbegrotingen, welke grotendeels beschikbaar komen uit de rioolheffing. X

X

X

X

RH

Kleinschalige maatregelen vanwege urgente klimaatknelpunten (eerder uit te voeren dan de meerjarenplanning) worden aangepakt.

X

X

X

X

RH

Inzetten leidraad en klimaatadaptatietoets voor het succesvol toepassen van de klimaatbestendige uitgangspunten.

X

X

X

X

-

Evalueren

We monitoren de resultaten van en ervaringen met het toepassen van de klimaatbestendige uitgangspunten bij BOR.

X

X

X

X

KA

Ruimtelijke ontwikkelingen

De gemeente geeft bij nieuwbouw richting, stelt kaders (klimaatbestendige uitgangspunten) en borgt dit in beleid.

Kennis opbouw

De gemeente zet met interne ateliers in op het inspireren van collega’s en kennis opbouw.

Beleid

23

2023

Uitvoeren

X

X

X

X

KA

K A = Klimaatadaptatie, RH = Rioolheffing, BV = Beleid en vastgoed, CE = Circulaire economie, DB = Duurzame bedrijfsvoering, - = inzet interne uren. De financiële dekking wordt per gemeenten vermeld in bijlage 8.

de BUCH | Beleidsplan & Uitvoeringsprogramma 2023-2026

51

Beleid

Uitvoeren

Basis

Evalueren

Activiteiten

2023

2024

2025

2026

Dekking

Klimaatbestendig bouwen en de klimaatbestendige uitgangspunten worden opgenomen in omgevingsvisies en plannen24 en passende borging in privaatrechtelijke en publiekrechtelijke zin wordt onderzocht.

X

X

X

X

-

Inzetten handleiding en klimaatadaptatietoets voor het succesvol toepassen van de klimaatbestendige uitgangspunten.

X

X

X

X

-

Ontwikkelen werkwijze en toepassen puntensysteem natuurinclusief bouwen. X

X

X

X

BV

We monitoren de resultaten van en ervaringen met het toepassen van de klimaatbestendige uitgangspunten en het puntensysteem natuurinclusief bouwen bij RO.

X

X

X

KA

Openbare ruimte en ruimtelijke ontwikkelingen

De interne organisatie is bekend met de kansen en knelpunten.

Kennis opbouw

De opgave met betrekking tot de klimaatbestendige uitgangspunten is bekend en geeft handvatten waar rekening mee te houden in de projecten. Bodem en watersysteem worden meegenomen. De in beeld gebrachte klimaatkwetsbaarheden zijn basisinventarisaties en bevatten nog onvoldoen­ de diepgang met betrekking tot de klimaatbestendige uitgangspunten en bodem- en watersysteem. Om dit beter te kunnen beoordelen, laten we verdiepende onderzoeken uitvoeren. Handelingsperspectief m.b.t. maatregelen passend bij de klimaatbestendige uitgangspunten bij gebouwen, herinrichtingen en nieuwbouw (inspiratiegids).

X

X

RH

X

De pijler duurzame bedrijfsvoering faciliteert de benodigde kennisopbouw van ambtenaren ten aanzien van duurzaam ontwikkelen (energieneutraal, circulair, klimaatadaptief/natuurinclusief en mobiliteit). Vanuit klimaatadaptatie sluiten we hierbij aan. X Landbouw

De gemeente faciliteert de omslag naar een natuurinclusieve landbouw .

Aansluiten

Vanuit klimaatadaptatie haken we aan bij het thema natuurinclusieve land­ bouw van de pijler circulaire economie van het programma klimaat.

KA

X

DB

25

24

X

X

X

X

CE

De definitief vast te stellen uitgangspunten zullen landen in de omgevingsplannen van de gemeenten, dat onder de aanstaande omgevingswet voor het hele gebied gaat gelden, dit gebeurt uiterlijk in 2029. Als tot die tijd bestemmingsof omgevingsplannen worden aangepast, worden de uitgangspunten daarin meegenomen. Uitgangspunten die niet in het omgevingsplan geborgd kunnen worden, komen terecht in privaatrechtelijke (anterieure of posterieure) overeenkomsten. 25 K A = Klimaatadaptatie, RH = Rioolheffing, BV = Beleid en vastgoed, CE = Circulaire economie, DB = Duurzame bedrijfsvoering, - = inzet interne uren. De financiële dekking wordt per gemeenten vermeld in bijlage 8.

52

de BUCH | Op weg naar klimaatadaptieve en natuurinclusieve gemeenten

Uitvoering schaalniveau regio

de BUCH | Beleidsplan & Uitvoeringsprogramma 2023-2026

53

Mogelijkheden regio Sinds 2010 werken de Regio Alkmaar en Regio Noorderkwartier samen aan water en riolering (uitvloeisel uit het Bestuursakkoord Water (2011)). Dit heeft geresulteerd in meer kennis, verbeterde kwaliteit en een vermindering van de kosten. In 2018 is het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie gelanceerd. Klimaatadaptatie is niet langer een onderdeel van water en riolering. Het wordt gezien als een op zichzelf staand vakgebied. Sindsdien is er een werkgroep in de Regio Alkmaar voor klimaatadaptatie. De link naar ruimtelijke ordening wordt hiermee versterkt en het ontwikkelen van beleid en de uitvoering hiervan wordt makkelijker. Een greep uit de werkzaamheden van de werkgroep: Het in beeld brengen van klimaatkwetsbaarheden in de regio Alkmaar. Het voeren van risicodialogen in de regio Alkmaar. Het opstellen van een klimaatadaptatiestrategie en uitvoeringsagenda regio Alkmaar (vastgesteld in 2021). Het ontwikkelen van de klimaatadaptatietoets en handleiding, zie tekstkader.

Casus Regionaal ontwikkelen klimaatadaptatietoets en handleiding Alle gemeenten in Nederland staan voor de opgave hun gemeente klimaatbestendig, waterrobuust en natuurinclusief in te richten. In de regio Alkmaar merkten we dat de gemeenten zoekend zijn in het toepassen van de klimaatbestendige uitgangspunten van initiatief tot uitvoering. Wat is nodig om als organisatie met deze uitgangspunten aan de slag te gaan na het vaststellen via het beleid? En wie heeft daarbij welke rol en verantwoordelijkheid? Met een multidisciplinaire groep uit de gemeenten met kennis van beheer- en onderhoud, beleid, projectleiding, stedenbouw, vergunningen en de omgevingswet wordt in 2022 de klimaatadaptatietoets en handleiding ontwikkeld om antwoord te krijgen op deze vragen. Zo zorgen de gemeenten ervoor dat de uitgangspunten succesvol toegepast kunnen worden. Regionaal optrekken is hierbij van belang, omdat we richting opdrachtgevers een zelfde werkwijze hanteren en de kosten verlagen.

In de regionale uitvoeringsagenda zijn activiteiten opgesteld. De activiteiten die hieronder zijn opgenomen in de uitvoeringsmatrix regio, betreffen de activiteiten waarvoor middelen benodigd zijn. De activiteiten die benoemd staan voeren de gemeenten uit in de periode van 20232026.

54

de BUCH | Op weg naar klimaatadaptieve en natuurinclusieve gemeenten

Uitvoeringsmatrix schaalniveau stad en regio Activiteiten

2023

Regio Alkmaar

Wij geven invulling aan de regionale klimaatadaptatiestrategie en uitvoeringsagenda

Organiseren

Programmamanagement regio Alkmaar.

Kennis opbouwen

Opstellen van kaartmateriaal dat bijdraagt aan inzicht in kansen en knelpunten.

Onderzoek

Basis

Tabel 7. Uitvoeringsmatrix schaalniveau Regio 2023-2026

Communiceren

X

2025

2026

Dekking26

X

X

X

RH/KA

X

RH/KA

Bijeenkomsten kennisontwikkeling integraal ontwerp.

X

X

RH/KA

Onderzoek financiering maatregelen particulier terrein door middel van inzet algemene waterrekening en WOZ-belasting.

X

X

RH/KA

Opstellen integraal hittebeleid met GGD.

X

RH/KA

Onderzoek beheerkosten groen in bebouwd gebied als gevolg van droogte.

X

RH/KA

Ontwikkeling en uitvoering regionaal communicatietraject (WATZR).

X

Verdiepende dialoog ambities en eisen hitte en gezondheid met GGD.

X

Verdiepende dialoog samenwerkingskansen gemeenten en particuliere ondernemersorganisaties met invloed op hittebestrijding.

26

2024

X

RH/KA RH/KA

X

RH/KA

Verkenning kansen groene/gezonde schoolpleinen in samenwerking met de provincie.

X

RH/KA

Voorlichten

Verkennen gratis maatwerkadvies voor inwoners met betrekking tot een klimaatadaptieve inrichting van de tuin via een regionaal loket.

X

RH/KA

Monitoren

Monitoring effectiviteit beleid klimaatadaptatie en uitwisselen effectiviteit klimaatadaptieve maatregelen.

X

X

X

X

RH/KA

75% van de samenwerking klimaatadaptatie regio Alkmaar wordt gefinancierd vanuit de rioolheffing en 25% via klimaatadaptatie, dat wordt aangevraagd met dit beleidsplan. Op deze manier borgen we dat activiteiten die niet water gerelateerd zijn, niet betaald worden uit de rioolheffing.

de BUCH | Beleidsplan & Uitvoeringsprogramma 2023-2026

55

Hoe & wanneer? Strategie en middelen Financiën

57

DEKKING HERINRICHTING, BEHEER EN ONDERHOUD & RUIMTELIJKE ONTWIKKELINGEN 58 Herinrichting van de openbare ruimte

58

Ruimtelijke ontwikkeling

58

DEKKING UITVOERINGSPROGRAMMA 2023-2026 59

56

Huis en pand

60

Straat, wijk en gebied

60

Stad en regio

60

de BUCH | Op weg naar klimaatadaptieve en natuurinclusieve gemeenten

Financiën De kenmerken van het programma Klimaat zijn omschreven in het ambitiedocument; tijdelijk, uniek, complex, samenhangend, verandering, begrensd, doelgericht. De programmatische aanpak resulteert in een toename van capaciteit in 2021-2025, zie tekstkader. Voor het behalen van de doelstellingen is dit noodzakelijk. Dit geldt ook voor de pijler klimaatadaptatie. Nadat klimaatadaptatie meer onderdeel uitmaakt van het reguliere werk, wordt de capaciteit van de pijler klimaatadaptatie afgebouwd. Het borgen van klimaatadaptatie in de manier van werken bij herinrichting van de openbare ruimte en ruimtelijke ontwikkelingen behoort tot de taken van de pijler

klimaatadaptatie. Het uitvoeringsprogramma, zoals omschreven in hoofdstuk 5, gaat hier op in. Wat dit betekent voor de gemeenten wordt behandeld in paragraaf 6.2. Klimaatadaptief werken vraagt ook een inspanning van de domeinen Beheer Openbare Ruimte en Ruimtelijke Ontwikkeling. Deze dragen zorg voor de capaciteit die nodig is om de verandering die het programma inzet te bewerkstelligen. De teams binnen de domeinen hebben de kennis en kunde in huis om de omvang van de capaciteit in te schatten. Ook weten zij welke expertise deze moet bezitten. De gevolgen van dit beleidsplan voor de betrokken domeinen wordt behandeld in paragraaf 6.1.

De benodigde middelen voor de uitvoering van dit beleidsplan, hebben: Geen betrekking op de kosten en bijbehorende capaciteit voor het toepassen van de klimaatbestendige uitgangspunten bij herinrichting van de openbare ruimte en ruimtelijke ontwikkelingen. Dit geldt ook voor beheer en onderhoud. Betrekking op de kosten voor het uitvoeren van de activiteiten in het uitvoeringsprogramma 2023-2026.

Impactanalyse Ambitiedocument programma Klimaat 2021-2025 Voorafgaand aan het vaststellen van het ambitiedocument programma Klimaat 2021-2025 is een impactanalyse uitgevoerd. Deze toont welke capaciteit nodig is om tot uitvoering van het programma te komen. Om de doelstellingen van het programma te behalen is een toename van 15 fte tot aan 2025 noodzakelijk*. Met de vaststelling van het ambitiedocument is in de gemeenten besloten de benodigde structurele capaciteit voor 2021 (5,6 fte) mee te nemen bij de integrale afweging van de begroting van 2021. Dit betekent dat nog 9,4 fte nodig is, volgens deze analyse. * De impactanalyse is een conservatieve inschatting. De onderzoeksresultaten van de VNG wijzen uit dat voor de uitvoering van het Klimaatakkoord 22 fte nodig zal zijn, voor gemeenten van onze grootte. Klimaatadaptatie en circulaire economie zijn hierin nog buiten beschouwing gelaten.

de BUCH | Beleidsplan & Uitvoeringsprogramma 2023-2026

57

Dekking herinrichting, beheer en onderhoud & ruimtelijke ontwikkelingen

Een klimaatadaptieve en natuurinclusieve her­ in­richting van de openbare ruimte en ruimtelijke ontwikkelingen is een voorinvestering. In het ambitiedocument Klimaat 2021-2025 is omschreven dat nu inves­teren hogere gemeentelijke kosten voorkomt, doordat: De gemeenten meekoppelkansen kunnen benutten. De gemeenten schade door klimaatverandering beperken. De vaste lasten van de gemeenten omlaag gaan. Herinrichting van de openbare ruimte Het toepassen van klimaatadaptatie bij herinrichting van de openbare ruimte leidt tot hogere ontwerp kosten. Werken met klimaatadaptatie is gedeeltelijk nieuw en vraagt extra tijd. Dit geldt ook voor het beheer en het onderhoud. Naarmate er meer kennis is in de organisatie neemt dit af. Hiervoor is extra capaciteit benodigd bij het domein Beheer Openbare Ruimte. Voor het succesvol uitvoeren van dit beleidsplan zijn de volgende inspanningen op korte en lange termijn benodigd. Korte termijn: Het domein Beheer Openbare Ruimte draagt zorg voor de benodigde capaciteit om de verandering die het programma met dit beleidsplan beoogt in gang te zetten. Een voorstel met capaciteit voor het gehele programma klimaat volgt in 2023, inclusief de uitvoering voor dit beleidsplan. De teams van 58

het domein hebben de kennis en kunde in huis om in te schatten hoeveel capaciteit nodig is. Ook weten zij welke expertise deze moet bezitten. Bij projecten die op korte termijn gaan spelen, nemen de gemeenten de ambities uit dit beleidsplan mee. Leidt dit tot meerkosten, dan wordt dit binnen de reguliere P&C cyclus of door middel van een separaat advies kenbaar gemaakt aan het bestuur. Lange termijn: De gemeenten nemen de uitgangspunten mee in de integrale meerjarenplannen. De gemeenten implementeren de uitgangs­ punten in de beleids- en beheerplannen voor de verschillende vakdisciplines in de openbare ruimte. Dit zijn stedelijk water, wegen, verkeer, groen, speelvoorzieningen, sportaccommodaties en openbare verlichting. Dit gebeurt wanneer deze worden herzien. In deze plannen vertalen de gemeenten de klimaatbestendige uitgangspunten naar een beheerstrategie en concrete maatregelen voor de toekomst. In deze plannen onderzoeken de gemeenten de impact op de beheerbudgetten, de investeringsgelden en de personele capaciteit. De capaciteit die op korte termijn wordt georganiseerd loopt hierop vooruit. Op deze manier wordt de verandering die het programma beoogt bewerkstelligd en lopen we geen vertraging op. De kosten voor aanleg gaan afhankelijk van de herinrichting omlaag, omhoog of blijven onveranderd. De fysieke aanpassingen die nodig

de BUCH | Op weg naar klimaatadaptieve en natuurinclusieve gemeenten

zijn voor een klimaatbestendige inrichting, zijn niet altijd duurder27. Naast kosten zijn er ook baten verbonden aan het klimaatbestendig en natuurinclusief inrichten van de openbare ruimte. Baten voor het watersysteem zijn minder water op de riolen, rioolgemalen en rioolwater­ zuiveringsinstallaties (besparing op kosten), het verminderen van waterschadekosten, het vertraagd afvoeren naar oppervlakte water, het aanvullen van het grondwater, het beperken van de effecten van hittestress en meer beschikbaar water voor groenvoorzieningen. Baten van groen zijn daarnaast verbeteringen in comfort, gezondheid, waterkwaliteit, energieverbruik, biodiversiteit en de waardevermeerdering van panden. De dekking voor aanleg wordt niet geregeld met dit beleidsplan. Deze wordt aangevraagd in de projectbegrotingen. Maat­regelen die water gerelateerd zijn, worden gefinancierd uit de rioolheffing. In de rioolheffing28 is rekening gehouden met klimaatadaptieve maatregelen wanneer deze gerelateerd zijn aan water. Maatregelen in projecten die gerelateerd zijn aan hitte en droogte worden gefinancierd via de overige vakdisciplines uit het domein openbare ruimte. Ruimtelijke ontwikkeling De baten die genoemd worden in de vorige paragraaf gelden ook voor klimaatadaptieve en natuurinclusieve ruimtelijke ontwikkelingen.

27

28

Hogeschool van Amsterdam; Het klimaat past ook in uw straatje, 2017 In het Programma Water en Riolering (PWR) wordt de rioolheffing vastgesteld. In Q1 2023 wordt dat ter oordeelsvorming en besluit­ vorming voorgelegd aan de raad. Hierin is rekening gehouden met het aanpassen van de leefomgeving voor de effecten van klimaat­ verandering.

De waardevermeerdering van panden door de aanwezigheid van groen leidt eveneens tot extra inkomsten van de gemeenten. De kostenverhoging voor projecten blijft beperkt, door in de initiatieffase duidelijke kaders voor klimaatadaptatie en natuurinclusief bouwen mee te geven. De belangrijkste knop om aan te draaien voor kosteneffectieve maatregelen is de ontwerpfase van bouwprojecten, blijkt uit onderzoek 29. Het selecteren van maatregelen en implementeren van kosteneffectieve maatregelen is goed mogelijk vroeg in het ontwerpproces. Het niet meegeven van duidelijke kaders resulteert in een onmogelijke opgave voor de gemeenten, die het dan in de openbare ruimte moeten oplossen. De verwachte schade is eveneens vele malen hoger, zie tabel 2. Uit onderzoek30 voor inbreidingslocaties blijkt dat de meerkosten van klimaatadaptief bouwen variëren tussen de 0,3 - 0,6% per nieuwbouwwoning. De genoemde bandbreedte is geen onzekerheidsmarge. Deze is gerelateerd aan de verschillende scenario’s: de verscheidenheid aan bodem- en watersystemen en wijktypen brengen andere maatregelenselecties en rekenformules met zich mee. De meerkosten zijn de kosten voor de meest kosteneffectieve maatregelen. Voor de interne organisatie resulteert het toepassen van de klimaatbestendige uitgangspunten en het puntensysteem natuurinclusief bouwen na een leerperiode, niet in een kostenverhoging.

29

30

MRA kosten en bekostiging nieuwbouw, 2021 &flux en Arcadis; Kosten en bekostiging klimaatbestendige nieuwbouw, 2021

Volgens de wet ruimtelijke ordening dienen de gemeenten kostenneutraal te ontwikkelen. Onder de omgevingswet blijft dit hetzelfde. Het uitvoeringsprogramma, zie paragraaf 6.2, en de pijler duurzame bedrijfsvoering31, zetten in op de benodigde middelen voor deze leerperiode. Voor het succesvol uitvoeren van dit beleidsplan zijn de volgende inspanningen benodigd: Bij het domein Ruimtelijke Ontwikkelingen worden de interne uren die nodig zijn voor klimaatadaptatie en de specialistische kennis (extern) voor projecten geraamd. Dit wordt opgenomen in de projectopdracht. De beleidsmedewerkers klimaatadaptatie en beheerders stedelijk water en riolering adviseren de projectleiders. 31

Vanuit de pijler duurzame bedrijfsvoering is hiervoor 60.000 begroot voor 2023.

De kosten van ruimtelijke ontwikkelingen zijn afhankelijk van het type gebiedsontwikkeling, de ruimtelijke randvoorwaarden, de grondpositie en de rol van de gemeenten. De gemeenten maken de gevolgen per gebiedsontwikkeling inzichtelijk via het gebruikelijke proces.

Dekking uitvoeringsprogramma 2023-2026

In tabel 8 zijn de totale kosten weergeven voor de activiteiten van het uitvoeringsprogramma, die omschreven zijn in hoofdstuk 5. De totale kosten voor het uitvoeren van de basis maatregelen voor de schaalniveaus huis en pand, straat, wijk en gebied en de regio zijn als volgt: Bergen: € 53.500-63.500 (2023-2026) Uitgeest: € 20.000-24.000 (2023-2026) Castricum: € 56.500-66.500 (2023-2026) Heiloo: € 43.500-50.500 (2023-2026) de BUCH | Beleidsplan & Uitvoeringsprogramma 2023-2026

59

In bijlage 8 is de opbouw van de uitvoeringskosten in meer detail uitgewerkt per schaalniveau en per gemeente. Hieronder wordt per schaal­niveau kort toegelicht welke kosten van het uitvoerings­ programma ten laste komen van klimaat­ adaptatie. En welke kosten ten laste komen van de rioolheffing. De benodigde middelen voor het uitvoeringsprogramma worden gedekt uit de Rijksmiddelen. Huis en pand De rioolheffing budgetten dekken de uitvoerings­ kosten voor het schaalniveau huis en pand gedeeltelijk. De activiteiten die een communicatie en participatie component bevatten komen ten laste van klimaatadaptatie. De stimuleringsregeling voor klimaatadaptieve tuinen, komt wel ten laste 60

Straat, wijk en gebied Zoals omschreven in 6.1 komt de dekking voor aanleg, beheer en onderhoud bij herinrichtingen grotendeels ten lasten van de rioolheffing. Voor aanleg, beheer en onderhoud en het toepassen van de klimaatbestendige uitgangspunten in ruimtelijke ontwikkelingen is een nieuwe manier van denken en werken nodig. De benodigde middelen voor deze leerperiode komen ten laste van klimaatadaptatie en worden gedekt uit de Rijksmiddelen.

laste van klimaatadaptatie en worden gedekt uit de Rijksmiddelen. De kosten kunnen niet in zijn geheel ten laste van de rioolheffing komen, omdat niet alle activiteiten water gerelateerd zijn. De regionale projecten richten zich ook op activiteiten rond hitte, natuurinclusiviteit en biodiversiteit.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://www.raadbergen-nh.nl/api/v1/meetings/4858/documents/36312