Adviesrapport onderzoek naar toetreding tot GR RDM ORGfit met bijlagen
Tekst van het document
Jaarstukken 2023
Middelen Teneinde deze doelen van Programma 1 te bereiken, is uitvoering gegeven aan de volgende taken: • huis-aan-huis ( h-a-h ) inzameling van restafval en GFT; • huis-aan-huis inzameling van PMD in Roerdalen en Maasgouw; • inzameling grof huishoudelijk afval (gha), tuinafval e.d. via de milieuparken; • inzameling glas, metaal, PMD en kleding via brengvoorzieningen in de wijk; • inzameling klein chemisch afval; • inzameling grof huishoudelijk afval aan huis op aanvraag; • inzameling herbruikbare huisraad aan huis op aanvraag ( kringloopgoederen ); • inzameling elektrische apparaten aan huis op aanvraag en via milieuparken (zogenaamde WEB-stroom = Wit- en Bruingoed ); • inzameling oud papier via verenigingen; • het (doen) verwerken van afvalstromen; • diftar ( Gedifferentieerde Tarieven ); • containermanagement; • klachtenregistraties; • voorlichting; beleidsvoorbereiding.
17
Jaarstukken 2023
Kosten en Opbrengsten gesaldeerd als bijdrage gemeenten in €. Kosten en Opbrengsten
Realisatie 2022
Begroting 2023
Begroting na wijz. 2023
Realisatie 2023
Inzameling restafval en GFT, huis-aan-huis
1.669.776
1.810.358
1.743.878
1.655.062
Inzameling via milieuparken
665.651
542.008
662.835
651.205
Inzameling via brengvoorzieningen in de wijk
748.635
830.564
814.343
813.418
Kosten Diftar
224.091
283.711
238.917
224.981
Containermanagement
321.619
465.918
393.681
371.118
Afvalverwerking (excl.vpb)
408.184
641.417
389.480
435.682
Beleid en voorlichting
658.480
618.965
886.555
930.881
4.696.435
5.192.942
5.129.691
5.082.384
0
0
0
0
1.716
1.235
1.235
1.572
Gesaldeerd (1+2+3=4)
4.698.151
5.194.177
5.130.926
5.083.919
Dekking gemeenten GR als voorschot (5)
4.442.931
5.194.177
5.130.926
5.194.176
Dekking desintegratie Peel en Maas (6)
249.100
-
-
-
-6.120
0
0
110.257
Verwerkingskosten hha rst-gft (7)
1.222.506
1.446.000
1.310.000
1.313.727
Tot.Inzameling incl.verwerking (4+7)
5.920.657
6.640.177
6.440.926
6.397.646
Saldo van baten en lasten (1) Aandeel reserves (2) ( min-teken is onttrekking ) Aandeel VPB (3)
(On)bestemd Resultaat (5+6-4) (min-teken is tekort) *
*De tussentijdse wijziging van de begroting is niet afgerekend met de gemeenten. Dit geldt ook voor Programma 2 en 3.
Analyse jaarrekening t.o.v. begroting (na wijziging) Resultaat Voor Programma 1 wordt een resultaat van € 110.000 bereikt. Dit houdt in dat de totale last voor alle gemeenten tezamen lager is dan hetgeen in de (gewijzigde) begroting is gepresenteerd. De verhoudingen qua aantal aansluitingen zijn t.o.v. de primaire raming wel gewijzigd, zodat er onderling voor de betreffende individuele gemeenten verschuivingen optreden in de werkelijke bijdrage. De genoemde bedragen in de verklaringen geven inzicht in de belangrijkste verschillen en leiden opgeteld niet tot het totale tekort. Daarvoor moeten ook niet benoemde kleinere verschillen meegeteld worden. Reserves Conform begroting hebben er geen onttrekingen uit de reserves plaatsgevonden. Personeel en Materieel Het materieel wordt zwaar en intensief belast. Daarnaast wordt met enkele afgeschreven voertuigen ingezameld. Desalnietmin zijn de wagenpark kosten excl. afschrijving in programma 1 onder de begroting gebleven. Uit de realisatie blijkt dat de totale salariskosten ongeveer € 142.000 hoger uitvallen dan doorgevoerd is bij de begrotingswijziging. Dit kan grotendeels verklaard worden door hogere salariskosten Algemeen (hulpkostenplaats) en personeelsmutaties. Tevens vallen de inhuur kosten ruim € 11.000 18
Jaarstukken 2023
hoger uit dan begroot. Dit heeft vooral te maken met extra inhuur voor de milieuparken en als gevolg van (langdurig) ziekteverzuim. Exploitatiekosten Op totaalniveau vallen de exploitatiekosten binnen dit programma € 204.000 lager uit dan begroot. Dit wordt met name veroorzaakt door lager uitgevallen exploitatiekosten voor droge componenten (inkoop PMD zakken) en Milieuparken. Kapitaallasten De totale kapitaallasten binnen dit programma vallen € 35.000 lager uit dan geraamd wegens lagere afschrijvingskosten op investeringen en gunstigere rentetarieven op leningen en banktegoeden. Een aantal investeringen ten aanzien van het nieuwe afvalbeleid zijn later afgerekend dan in de begroting (na wijziging) voorzien, waardoor deze ook later in de tijd afgeschreven worden. Verwerkingskosten Op totaalniveau vallen de afvalverwerkingskosten € 9.000 hoger uit dan geraamd. De verwerking van het huishoudelijke restafval (waaronder ook verzamel- en ondergrondse containers) en GFT afval wordt één op één doorberekend aan de betreffende gemeenten. Hiervoor was na de begrotingswijziging een bedrag van € 1.310.000 geraamd. De werkelijke kosten zijn nagenoeg gelijk uitgevallen (€ 1.314.000). In de verwerkingskosten is ook nog een na verrekening van Veolia inzake PMD uit boekjaar 2021 opgenomen ter grootte van € 354.000. De naverrekening over 2021 van Veolia ter grootte van € 354.000 wordt betwist.
Vanuit ASL verband is door gemeenten dan ook een bodemprocedure tegen Veolia gevoerd. Inmiddels is bekend dat het vonnis van de rechtbank in het voordeel van de gemeenten is. Veolia is echter hiertegen in beroep gegaan. Dit hoger beroep loopt nog en een uitspraak zal pas in de loop van 2024 worden verwacht alhoewel er momenteel ook onderhandelingen omtrent een schikking lopen. Voorzichtigheidshalve is de na verrekening 2021 volledig als last in de jaarrekening onder de verwerkingskosten verwerkt. De verwerkingskosten voor de milieuparken zijn € 41.000 lager uitvallen dan begroot (na wijziging). Voorzieningen Uit de realisatie blijkt dat de dotaties aan voorzieningen afgerond met € 111.000,- lager zijn uitgevallen dan begroot in de begrotingswijziging. Dit kan verklaard worden doordat de uiteindelijke dotatie aan de voorziening verlofsparen € 61.000 bedroeg in plaats van de begrote € 172.000. Door personeelsmutaties en het feit dat medewerkers zelf kunnen bepalen hoeveel uur dat ze willen verlofsparen is het complex om op voorhand een inschatting van de voorziening te maken. Voorgaande heeft uiteraard ook zijn invloed op de personeelskosten. Opbrengsten Op totaalniveau vallen de opbrengsten binnen dit programma € 138.000 lager uit dan geraamd in de begrotingswijziging. Dit wordt grotendeels veroorzaakt door lager uitgevallen Nedvang opbrengsten t.b.v. € 84.000.
In de begrotingswijziging is uitgegaan dat een nagekomen verhoging van de inzamelvergoeding 2022 voor PMD afval (van € 218 per ton naar € 245 per ton) door Nedvang in 2023 zou worden uitgekeerd zoals aangekondigd. De verrekening/uitkering heeft echter nog niet plaatsgevonden. Anderzijds is de omzet aan gemeenten € 44.000 lager uitgevallen dan begroot in verband met lagere 1-op-1 doorbelasting van kosten afvalkalender, educatie en eenmalige vergoedingen voor plaatsing van ondergrondse containers. VPB Voor dit onderwerp wordt verwezen naar bladzijde 21. 19
Jaarstukken 2023
Omzetbelasting Eind 2019 heeft deze afdeling van de belastingdienst laten weten dat de vergoedingen welke het Afvalfonds heeft verstrekt vanaf 2015 in het kader van de vermarkte PMD-stromen, belast moeten worden met 21% btw. Deze met terugwerkende kracht ingestelde maatregel is per 1 juli 2020 geëffectueerd. De werkwijze rondom de uitbetaling van de gelden door Afvalfonds is derhalve gewijzigd. Voorheen stelde Nedvang de vergoeding vast en betaalde Afvalfonds het bedrag ( zonder btw ) uit. In de nieuwe opzet sturen de gemeenten ( of gemeentelijke samenwerkingsverbanden ) een factuur inclusief btw. Voor de exploitatie van RD Maasland heeft deze maatregel als gevolg dat zij de vergoeding van PMD inclusief BTW in rekening brengt bij de gemeenten en deze btw vervolgens afdraagt aan de fiscus. Hier staat tegenover dat RD Maasland de BTW voorheffing over de kosten van dit deelprogramma in aftrek mag nemen in de btw aangifte.
20
Jaarstukken 2023
1.2.
Programma 2 – Openbare Ruimte
Inleiding Via de gemeenschappelijke regeling zijn de mechanische reiniging van verhardingen en de reiniging van straatkolken opgedragen aan RD Maasland. Het mechanisch vegen is daar waar mogelijk gecombineerd met het verwijderen van onkruiden. Deze werkzaamheden zijn in overleg met de betreffende gemeente uitgevoerd. Kengetallen Aantal geledigde kolken per gemeente (Per 31 december)
Werkelijk 2022
Begroot 2023
Werkelijk 2023
Leudal ( voor- en najaar )*
29.957
29.957
30.358
Maasgouw ( voor- en najaar )
22.640
22.640
22.709
Totaal
52.597
52.597
53.067
Aantal gemaakte veeguren per gemeente (per 31 december)
Werkelijk 2022
Begroot 2023
Werkelijk 2023
Leudal
2.146
2.000
2.002
Maasgouw
1.399
1.300
1.300
Totaal
3.545
3.300
3.302
*Sinds 2022 voor Leudal in het voor- en najaar. Voorheen enkel voorjaar. In de oorspronkelijke betroting 2023 is nog uitgegaan van één ronde voor Leudal (14.850 kolken). In de begrotingswijziging 2023 is het aantal kolken voor Leudal bijgesteld naar 29.957 kolken.
Doelen Met dit programma wordt beoogd dat: • De gemeenten hun mechanische reinigingstaken zo efficiënt mogelijk kunnen laten uitvoeren; • Daar waar mogelijk onkruiden op een niet-chemische wijze kunnen worden verwijderd; • Invulling kan worden gegeven aan een leeftijdsbewust personeelsbeleid. Prestaties De taken zijn conform afspraken uitgevoerd. De aanvragen voor extra veegwerk maakt dat er voor de gemeente Leudal en Maasgouw meer uren zijn gemaakt dan begroot. Dit heeft dan ook uitwerking op de uiteindelijke bijdrage die beide gemeenten dienen te betalen voor het jaar 2022. Het aantal geledigde kolken ligt eveneens hoger dan geraamd en leidt dan ook tot meer kosten voor dit onderdeel ten opzichte van voorgaande jaren. Middelen RD Maasland beschikt over vijf veegmachines, die zijn voorzien van een zogenaamde onkruidborstel. Met deze voorziening is het mogelijk om gelijktijdig met het vegen van de goten, onkruiden op een milieuvriendelijke wijze te verwijderen. Vanaf 1 april 2018 heeft RD Maasland in de gemeente EchtSusteren op basis van een DVO ( DienstVerleningsOvereenkomst ) naar ieders tevredenheid veegwerkzaamheden uitgevoerd. Dit heeft er uiteindelijk toe geleid dat per 1 april 2019 een 5-jarig contract tot stand is gekomen. In 2020 is met de gemeente Roerdalen eveneens een DVO afgesloten over het veegwerk voor de periode 1 april 2021 tot en met 31 maart 2021.
Dit contract is eveneens met 5 jaar verlengd. Het schoonmaken van kolken is vooralsnog uitbesteeed.
21
Jaarstukken 2023
Kosten en Opbrengsten gesaldeerd als bijdrage gemeenten in €. Realisatie 2022
Begroting 2023
Begroting na wijz. 2023
Realisatie 2023
Kosten veegdienst
459.585
448.313
531.673
413.186
Kosten kolkendienst
108.765
97.837
124.206
124.019
Saldo van baten en lasten (1)
568.350
546.151
655.879
537.205
0
0
0
0
Gesaldeerd (1+2=3)
568.350
546.151
655.879
537.205
Dekking gem. bijdrage als voorschot (4) *
439.456
546.151
655.879
546.152
(On)bestemd Resultaat (4-3) (min-teken is tekort)
-128.894
0
0
8.947
Aandeel reserves (2) (min-teken is onttrekking)
*De tussentijdse wijziging van de begroting is niet afgerekend met de gemeenten. Dit geldt ook voor Programma 1 en 3.
Analyse jaarrekening t.o.v. begroting (na wijziging) Resultaat Enkele hieronder beschreven items zorgen ervoor dat dit Programma een overschot kent. Deze doen zich met name voor bij het onderdeel vegen. De kosten binnen het onderdeel kolkenzuigen zijn in lijn met de begrotingswijziging. Zoals gebruikelijk zullen de gevolgen uit dit Programma worden afgerekend met de deelnemers. De genoemde bedragen zijn de meest belangrijke en leiden als totaal niet geheel tot het verschil. De overige kleine niet benoemde afwijkingen dienen daarvoor meegeteld te worden. Personeel en Materieel De salarislasten voor veegwerk zijn € 95.000 lager uitgevallen dan volgens de begrotingswijziging begroot. Achteraf gezien is de bijraming van de salarislasten te pessimistisch geraamd en zijn de gerealiseerde uren gunstiger uitgevallen. De inhuurkosten zijn wel dit jaar € 4.000 hoger uitgevallen dan verwacht werd. Daarentegen zijn de wagenparkkosten exclusief afschrijving en rente weer € 21.000 lager uitgevallen. Exploitatiekosten De DVO voor het vegen in Echt-Susteren en Roerdalen is budgettair neutraal. Wel is het zo dat in deze kosten eigen personeel en eigen machines worden verrekend die ingezet worden. Kapitaallasten Geen bijzonderheden. Verwerkingskosten Het ingezamelde veegvuil en kolkslib wordt één op één doorbelast naar de betreffende gemeente. Opbrengsten Geen bijzonderheden.
22
Jaarstukken 2023
1.3.
Programma 3 – Zakelijke Dienstverlening
Inleiding De zakelijke dienstverlening omvat de inzameling van bedrijfsafvalstoffen ( KWDI-afval = Kantoor-, Winkel-, Diensten en Industrieel Afval ), het vegen van bedrijfsterreinen en (eventueel) diensten ten behoeve van contractgemeenten. De oorsprong van deze dienstverlening is gelegen in het feit dat in het verleden bedrijfsafvalstoffen, van met name kleine bedrijven, tezamen met huishoudelijke afvalstoffen werden ingezameld. Doelen Bijdragen aan dekking vaste kosten, met behoud van kwaliteitsniveau voor deelnemende gemeenten in Programma 1 en 2. Prestaties Met dit programma is in 2023 een resultaat vóór belastingen gerealiseerd ad. € 9.704 positief. Indicatoren Indicator
Realisatie 2022
Begroting 2023
Begroting na wijz. 2023
Omzet afzet- en rolcontainers
1.174.610
1.289.000
1.369.000
1.301.272
6.860
7.000
7.000
4.693
-78.863
58
58
9.470
0
-58
-58
0
-78.863
0
0
9.470
Omzet bedrijfsmatig vegen Resultaat VPB Gesaldeerd resultaat
Realisatie 2023
Middelen RD Maasland beschikt over specifiek transportmaterieel waarmee afzet- en rolcontainers kunnen worden getransporteerd resp. gewogen en geledigd. Voor het vegen van bedrijfsterreinen zijn veegmachines ingezet. Kosten en Opbrengsten gesaldeerd als negatief effect (verhoging van) op gemeentelijke bijdrage €. Realisatie 2022
Begroting 2023
Begroting na wijz. 2023
Inzameling Bedrijfsafval
-68.609
4.156
61.550
25.498
Bedrijfsmatig vegen
-10.253
-3.864
-14.782
-15.794
Saldo van baten en lasten (1)
-78.863
292
46.768
9.704
Aandeel reserves (2)
0
0
0
0
Gesaldeerd (1+2=3)
-78.863
292
46.768
9.704
Dekking/verhoging gem. bijdrage als vs (4)
-12.739
-233
-46.710
-234
(On)bestemd Resul. (3+4=5) (min-teken is tekort )*
-91.602
58
58
9.470
0
-58
-58
0
-91.602
0
0
9.470
Te betalen VPB 20% (6) Extra Resultaat P3 na belastingdruk (5-6)
Realisatie 2023
*De tussentijdse wijziging van de begroting is niet afgerekend met de gemeenten. Dit geldt ook voor Programma 1 en 2.
23
Jaarstukken 2023
Analyse jaarrekening t.o.v. begroting (na wijziging). Resultaat Via de bijgestelde raming is een voor de vpb-plichtig gecorrigeerd netto negatief resultaat van €46.000 geschat. Kijkende naar de werkelijkheid valt dit resultaat negatiever uit, namelijk € 9.000 positief (na belasting). In de onderstaande alinea’s wordt besproken wat de oorzaak van is. Personeel en Materieel De wagenparkkosten lagen dit jaar fors boven de gewijzigde begroting (€15.000). Dit is met name te danken aan de (geindexeerde) onderhoudskosten. De personeelskosten en inhuurkosten lagen in lijn van de gewijzigde begroting. Kapitaallasten De totale kapitaallasten binnen dit programma vallen € 7.000 lager uit dan geraamd wegens lagere afschrijvingskosten op investeringen en gunstigere rentetarieven op leningen en banktegoeden. Verwerkingskosten De verwerkingskosten van het bedrijfsafval lagen in lijn met de geschatte (bijgeraamde) kosten. Exploitatiekosten De exploitatiekosten vallen € 28.000 lager uit ten opzichte van de begroting. Met name als gevolg van een incidentele bate inzake verliesverrekening vennootschapsbelasting uit oude jaren. Ook de huurkosten vallen lager uit vanwege een gunstigere indexatie dan begroot. Overheadkosten Geen bijzonderheden. Opbrengsten De opbrengsten van programma 3 vallen toch lager uit dan geschat is bij de begrotingswijziging en zijn in lijn met de oorspronkelijke begroting.
Het verschil betreft ongeveer €70.000. Toenemende concurrentie en lagere verwerkingstarieven vormt hier een oorzaak voor. VPB voor Programma 3 Vanaf het boekjaar 2016 zijn overheden welke activiteiten uitvoeren op de commerciële markt verplicht belasting te betalen. RD Maasland is voor de werkzaamheden in dit Programma vennootschapsplichtig. De verplichtingen tot en met het boekjaar 2022 zijn inmiddels afgerekend. Door verliesverrekening uit voorgaande jaren zijn er in 2023 nog VPB bedragen uit oude jaren uitgekeerd ad. € 14.000. Dit bedrag is in 2023 als bate verantwoord. Als gevolg van het resultaat en de nagekomen verliesverrekening uit oude jaren wordt geen VPB last verwacht binnen dit programma. VPB voor Programma 1 Eind februari 2019 heeft de brancheorganisatie NVRD ( Nederlandse Vereniging van Reinigings Diensten ) laten weten dat er met de fiscus landelijk afspraken zijn gemaakt over een werkbare oplossing omtrent de waarde creërende huishoudelijke afvalstromen zoals textiel, papier, metalen, holglas, PMD. Hierdoor ontstaat ook in Programma 1 een vpb-plicht. In het algemeen wordt gesteld dat de positieve waarde van de afvalstromen een winst genereert van 1% waarover dan vpb dient te worden betaald.
Begin 2020 is in dit kader in samenwerking met de accountant en de lokale afdeling van de fiscus een Vaststellingsovereenkomst ( VSO ) voor de duur van 5 jaar ( looptijd 2016 tm 2020 ) ondertekend. Voor 2023 zijn deze afspraken gecontinueerd. 24