14.2.25 - 2026.06.24, Stichting Stem op een Vrouw, de positie van vrouwen in politiek (geanonimiseerd)
Tekst van het document
,
,
,
,
,
6 https://rosestories. nl/boeken/mama-is-minister-president/
19
raadsvergadering of bijvoorbeeld ProDemos in Den Haag. Kinderboeken zoals ‘Mama is ministerpresident’ zullen aan de verbeeldingskracht onder kinderen ongetwijfeld ook een bijdrage leveren. ,
,
Gebrek aan netwerken Bestaande mannennetwerken werpen nog altijd barrières op voor vrouwen die toegang willen verkrijgen of vooruitgang willen boeken binnen partijen. Dit geldt wereldwijd. In Amerika en daarbuiten wordt veelal via bestaande maar geïsoleerde netwerken geworven. Zulke ‘old boys clubs’ houden een meer diverse werving buiten bereik (Piscopo 2019). Een van de gevolgen is dat huidige politici op dit moment nog erg op elkaar lijken ook wat betreft de weg die ze hebben afgelegd naar de politiek. Zij zijn vooral theoretisch opgeleid. Dit wordt ook wel een diploma-democratie genoemd. Daarnaast zijn voor de hand liggende kweekvijvers bijvoorbeeld vakbonden of de journalistiek (Bovens & Wille 2017). Op deze plekken op de ‘juiste’ politieke netwerken op te bouwen zijn mannen oververtegenwoordigd. ,
,
,
,
,
20
Wat kunnen we doen? Een aantal van de wetenschappers die in dit rapport aan bod kwamen doen ook aanbevelingen voor de toekomst om de barrières waar vrouwen mee te maken krijgen te beslechten. Zo noemt Shames als mogelijke oplossing dat we duidelijkheid moeten creëren over de relatie tussen politiek en de geleefde realiteit. In andere woorden: veel barrières die vrouwen nu ondervinden kunnen via de politiek opgelost worden. Dat zou mogelijk voor meer motivatie om de politiek in te gaan kunnen zorgen. Ook een sterke feministische beweging binnen en buiten politieke partijen kan helpen om onder meer vrouwen te rekruteren trainen en te ondersteunen maar ook om informele macht uit te oefenen. Trainingen in het algemeen en in het bijzonder gericht op jonge meiden om hun ambitie een boost te geven kunnen ook helpen (Shames 2013). ,
,
,
,
,
Ook Thomas focust zicht op leiderschapsprogramma’s in brede zin in het bijzonder om politieke interesse en zelfvertrouwen te trainen. Ook ziet zij mogelijkheden om de politieke realiteit te bevechten waarbij stereotypes en ideeën over mannelijk en vrouwelijke gedrag worden bevraagd en veranderd. Zij erkent ook de rol van de media waarop je vrouwelijke politici zou kunnen trainen onder andere in het leren van het vestigen van autoriteit bij de media. Vervolgens is er qua kennis en informatie nog een hele hoop te verbeteren. Bijvoorbeeld: hoe kom je eigenlijk op een kieslijst? We zouden vrouwen kunnen helpen en coachen met dit inschrijvingsproces tot op detail-niveau. En we kunnen binnen het onderwijs werken aan het wegnemen van barrières voor vrouwen door ook daar aandacht te vestigen op mogelijke politieke participatie. Een voorbeeld zijn de Amerikaanse ‘Ready to Run’ trainingen die in vergelijkbare vorm kunnen worden aangeboden buiten Amerika (Thomas 2013). ,
,
,
,
,
Politieke partijen kunnen als belangrijkste poortwachter nog veel doen om barrières voor vrouwen weg te nemen en te verlagen. Dat vrouwen ‘niet willen’ is een misverstand. Uit het Lokaal Kiezersonderzoek 2022 blijkt dat zo’n 15 procent van de bevolking zou overwegen zich kandidaat te stellen voor de gemeenteraad als ze zouden worden gevraagd. Hoewel dit bij mannen hoger (20 procent) is dan bij vrouwen (11 procent) kan dat dus niet de ondervertegenwoordiging van vrouwen in de lokale politiek verklaren. Daarvoor is namelijk ongeveer 004 procent van de bevolking nodig (Lokaal Kiezersonderzoek 2022). Op dit moment zijn relatief weinig vrouwen lid van een politieke partij en vormt dit echt een knelpunt. Campagnes opzetten om meer vrouwen bij partijen te krijgen zou dus een goede strategie zijn. Natuurlijk kunnen partijen zichzelf daarnaast ook eisen opleggen wat betreft de selectie van vrouwen zoals door middel van vrijwillige quota. Schreeves kijkt zowel naar harde maatregelen zoals het invoeren van quota als naar zachte maatregelen zoals vrijwillige partijquota en het geven van trainingen. Politieke partijen kunnen gendergelijkheid meenemen in hun statuten vrouwen 50/50 op hun congressen laten spreken en breder werven (Shreeves et al. 2019). Ook kunnen we vooral middels onderwijs proberen om genderstereotypes uit te dagen. ,
,
,
,
,
,
,
,
Buiten de context van de partij biedt ‘The Good Parliament’ een opmaat naar een meer inclusief parlement. Dit rapport doet bijna vijftig aanbevelingen die op korte of lange termijn ingevoerd kunnen worden om de situatie te verbeteren (Childs 2016). Veel punten kunnen overgenomen worden voor de Nederlandse situatie maar vragen mogelijk nog een Nederlandse vertaling en hertaling. Sowieso kan ook de Nederlandse politiek aanhaken bij een bredere beweging voor ‘diversity-sensitive’ parlementen (Childs 2017 ; Palmieri 2018). In dit werk zijn vele aanbevelingen opgenomen die ook in Nederland nog uitgevoerd kunnen worden. Dit zou vooral voor zittende politici de bewoners van parlementen werkomstandigheden kunnen verbeteren. ,
,
,
,
,
,
,
,
,
Maguire spreekt over positieve actiemechanismen zoals mentoring training en onderwijs maar mogelijk ook quota verbeterde selectieregels voor partijen en andere regelingen van de overheid (Maguire 2018). Cowper-Smit et al. geven ook aan dat supportsystemen een belangrijke ,
,
,
,
,
,
21
rol kunnen spelen inclusief rolmodellen en mentoren. Alle initiatieven om dit te verbeteren worden toegejuicht. Ook stellen zij het aanpassen van de politieke werkcultuur zoals meer flexibel ouderschapsverlof en zelfs een basisinkomen voor (Cowper-Smith et al. 2017). Mogelijke oplossingen kunnen dus in kleine en grote onderwerpen worden gevonden. ,
,
,
Het goede nieuws is dat op elk van de barrières actie kan worden ondernomen. Hierboven staan ook de ideeën voor actie uit de literatuur op een rijtje. De Alliantie Politica zou per barrière en per fase in het vertegenwoordigingsproces (bijvoorbeeld aspiranten of zittende politici) ten minste één activiteit kunnen aanbieden of zich enkel op een specifieke barrière kunnen richten. ,
,
Samenvattend worden de volgende activiteiten gesuggereerd: Nationale aanpassing van Amerikaanse ‘Ready to run’ training • • Zelfvertrouwen van vrouwen trainen ; politieke vaardigheden trainen • Trainingen om ambitie van jonge meiden een boost te geven Mediatraining voor vrouwen (in het bijzonder vestigen autoriteit) • Vrouwen coachen/trainen van inschrijving tot kandidaat • Mentoring-netwerken versterken en uitbreiden •
22
Conclusie Barrières voor vrouwen om politiek actief te worden zijn en te blijven spelen over haar hele leven een rol. Het ongelijke speelveld voor vrouwen in de politiek laat zien dat om Simone de Beauvoir te parafraseren vrouwen niet politiek ondervertegenwoordigd worden geboren maar ondervertegenwoordigd worden gemaakt. Gegeven de huidige situatie in samenleving en politiek reageren vrouwen simpelweg op de beperkingen. Dat maakt het een kip-of-het-ei probleem. Want vrouwen blijven nog steeds ondervertegenwoordigd in de Nederlandse politiek en in partijlidmaatschap. ,
,
,
,
,
,
De ondervertegenwoordiging van vrouwen wordt in Nederland als probleem breed gedragen. Zo gaf de helft van de bevraagde Nederlandse vrouwen aan dat vrouwen onvoldoende politiek vertegenwoordigd zijn. Ongeveer hetzelfde percentage vindt dat er te veel mannen in de politiek zijn – en dat vindt ook 29 procent van de mannen (Engeland & Kanne 2019). Recente verkiezingen zoals voor de Provinciale Staten en Waterschappen in 2023 gaven de beste uitkomsten wat betreft percentages vrouwen ooit. Maar nog steeds valt er een wereld te winnen. ,
Tegelijkertijd moeten we de ondervertegenwoordiging van vrouwen niet alleen bij vrouwen zelf neerleggen. Er wordt vrouwen vaak opgeroepen om beter hun best te doen of meer te participeren maar hun ondervertegenwoordiging is natuurlijk niet alleen op de schouders van vrouwen af te schuiven (Piscopo 2019). Het is een rationele keus gebaseerd op de beschikbare kansen. In het verlengde hiervan is het ook belangrijk kritisch te blijven op de frames waarmee we vrouwen aanspreken om politiek actief te worden (Holman & Schneider 2018). De ondervertegenwoordiging van vrouwen is niet de ‘schuld’ van vrouwen. De beschreven barrières liggen dan ook veelal buiten het individuele niveau. ,
,
,
Er is ook nog een grote behoefte aan meer onderzoek naar de Nederlandse situatie. Zoals hierboven ook staat beschreven komt veel van het onderzoek uit Amerika. Of - en als hoe - dat vergelijkbaar is met de Nederlandse situatie zouden we het beste empirisch kunnen testen zowel kwantitatief als kwalitatief. Meer onderzoek moet geïnspireerd op internationale literatuur gegenderde patronen en uitkomsten verder in kaart brengen waarbij ruimte is voor de geleefde ervaringen en de specifiek Nederlandse context. Denk dan aan patronen van uitval en doorstroom ; de rol van geweld ; werkcultuur ; ambitie en de impact van genderrollen. Een oproep dus voor meer Nederlands gender & politics onderzoek. ,
,
,
,
,
,
,
Een aantal praktische voorzetten voor vervolgonderzoeken voortvloeiend uit de literatuur: De Gendered Workplace Approach kan ook bij Nederlandse politieke partijen (of zelfs per partij) in kaart worden gebracht Een Nederlandse vertaling of hertaling van The Good Parliament en Diversity Sensitive Parliaments Meer onderzoek naar hoe barrières op elkaar inspelen en elkaar versterken. ,
23
Bibliografie Aaldering L. & van der Pas D. J. (2021). Media-aandacht voor vrouwelijke lijsttrekkers. StukRoodVlees. https://stukroodvlees. nl/media-aandacht-voor-vrouwelijke-lijsttrekkers/ Aaldering L. & Van Der Pas D. J. (2018). Political Leadership in the Media: Gender Bias in Leader Stereotypes during Campaign and Routine Times. British Journal of Political Science March 1–21. https://doi. org/10. 1017/S0007123417000795 Acker J. (2006). Inequality regimes: Gender class and race in organizations. Gender and Society 20(4) 441–464. https://doi. org/10. 1177/0891243206289499 Ammassari S. Mcdonnell D. & Valbruzzi M. (2022). It’s about the type of career: The political ambition gender gap among youth wing members. European Journal of Political Research 1–24. https://doi. org/10. 1111/1475-6765. 12560 Ballington J. Carrio E. & Karam A. (2005). Women in Parliament: Beyond Numbers. In International Institute for Democracy and Electoral Assistance. International Institute for Democracy and Electoral Assistance. http://www. unifi. eu/upload/sub/pariopp/ chiaramontepdf#page=91 Bernhard R. Shames S. & Teele D. L. (2021). To Emerge? Breadwinning Motherhood and Women’s Decisions to Run for Office. American Political Science Review 115(2) 379–394. ,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
https://doi. org/10. 1017/S0003055420000970 Berthet V. (2021). Mobilization against Sexual Harassment in the European Parliament: The MeTooEP campaign. European Journal of Women’s Studies 1–16. https:// doi. org/10. 1177/13505068211049286 Bos A. L. Greenlee J. S. Holman M. R. Oxley Z. O. E. M. & Lay J. C. (2021). This One’s for the Boys: How Gendered Political Socialization Limits Girls’ Political Ambition and Interest. American Political Science Review 1–18. https://doi. org/10. 1017/S0003055421001027 Bovens M. & Wille A. (2017). Political Elites as Educational Elites. In Diploma Democracy: The Rise of Political Meritocracy. Oxford University Press. Campbell D. E. & Wolbrecht C. (2006). See Jane Run: Women politicians as role models for adolescents. Journal of Politics 68(2) 233–247. https://doi. org/10. 1111/j. 14682508. 2006. 00402. x Castenmiller P. Leijenaar M. Niemoller K. & Tjalma H. (2002). Afscheid van de Raad. Een terugblik op het raadslidmaatschap. Den Haag: SGBO. Caul M. (1999). Women’s Representation in Parliament: The Role of Political Parties. Party Politics 5(1) 79–98. Celis K. & Lovenduski J. (2018). Power struggles: gender equality in political representation. European Journal of Politics and Gender 1(1) 149–166. https://doi. org/10. 1332/25151081 8x15272520831085 Childs S. (2016). The Good Parliament. https://doi. org/10. 2307/1857167 Childs S. (2017).
Diversity Sensitive Parliaments. Coffé H. Bolzendahl C. & Schnellecke K. (2019). Parties issues and power: women’s partisan representation on German parliamentary committees. European Journal of Politics and Gender 2(2) 257–281. https://doi. org/10. 1332/251510818x15311219135250 Collins P. H. & Chepp V. (2013). Intersectionality. In G. Waylen K. Celis J. Kantola & S. L. Weldon (Eds.) The Oxford Handbook of Gender and Politics. Oxford University Press. https://doi. org/10. 1093/oxfordhb/9780199751457. 013. 0002 Cowper-Smith Y. Kopec A. Sutton T. & Nelson K. (2017). Women and politics: Overcoming barriers to participation and leadership (Issue May). Crenshaw K. (1991). Mapping the Margins: Intersectionality Identity Politics and Violence against Women of Color. Stanford Law Review 43(6) 1241–1299. Culhane L. & Olchawski J. (2018). Strategies for Success. Women’s experiences of selection and election in UK parliament. de Roon C. (2020). Party youth wing membership in the Netherlands: the role of organizationlevel characteristics. Acta Politica 55(4) 629–647. https://doi. org/10. 1057/s41269-019-00135-6 ,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
, ,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
24
,
,
,
Durose C. Gains F. Richardson L. Combs R. Broome K. & Eason C. (2011). Pathways to Politics. www. equalityhumanrights. com Eagly A. H. & Karau S. J. (2002). Role Congruity Theory of Prejudice Toward Female Leaders. Psychological Review 109(3) 573–598. https://doi. org/10. 1037//0033-295X. 109. 3. 573 Emery L. Meier P. & Mortelmans D. (2018). Juggling three life spheres: reconciling work family and politics. Community Work and Family 21(2) 226–242. https://doi. org/ 10. 1080/13668803. 2017. 1303448 Engeland W. van & Kanne P. (2019). De vrouwelijke kiezer. Erikson J. & Josefsson C. (2020). The Parliament as a Gendered Workplace: How to Research Legislators’ (UN)Equal Opportunities to Represent. Parliamentary Affairs 1–19. https://doi. ,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
org/10. 1093/pa/gsaa049 Fox R. L. & Lawless J. L. (2014). Uncovering the Origins of the Gender Gap in Political Ambition. American Political Science Review 108(3) 499–519. https://doi. org/10. 1017/ S0003055414000227 Franceschet S. & Piscopo J. M. (2014). Sustaining Gendered Practices? Power Parties and Elite Political Networks in Argentina. Comparative Political Studies 47(1) 85–110. https://doi. ,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
org/10. 1177/0010414013489379 Funk K. D. Hinojosa M. & Piscopo J. M. (2019). Women to the rescue: The gendered effects of public discontent on legislative nominations in Latin America. Party Politics May. https:// doi. org/10. 1177/1354068819856614 Håkansson S. (2021). Do women pay a higher price for power? Gender bias in political violence in Sweden. Journal of Politics 83(2) 515–521. https://doi. org/10. 1086/709838 Heres L. Naezer M. Swinkels M. Bertram I. Bos K. van den & Prokholt B. (2023). Kracht zonder Tegenkracht. Hibbs L. (2022). “I was able to take part in the chamber as if I was there” – women local councillors remote meeting attendance and Covid-19: a positive from the pandemic. Journal for Cultural Research 26(1) 6–23. https://doi. org/10. 1080/14797585. 2021. 2011365 Holman M. R. & Schneider M. C. (2018). Gender race and political ambition: how intersectionality and frames influence interest in political office. Politics Groups and Identities 6(2) 264– 280. https://doi. org/10. 1080/21565503. 2016. 1208105 Htun M. & Weldon S. L. (2018). The Logics of Gender Justice: State Action on Women’s Rights Around the World. Cambridge University Press. Inglehart R. & Norris P. (2001). Women and Democracy: Cultural Obstacles to Equal Representation. Journal of Democracy 12(3) 126–140. https://www. journalofdemocracy. ,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
org/articles/women-and-democracy-cultural-obstacles-to-equal-representation/ Inter-Parliamentary Union. (2019). Women in Parliament in 2018: The Year in Review. Jansen A. Egten C. van Hekke J. van het Post L. & Jong T. de. (2016). Vrouwenstemmen ,
,
,
,
,
,
,
,
,
in de raad. Ambities belemmeringen en successen van vrouwen in de lokale politiek. Atria kennisinstituut voor emancipatie en vrouwengeschiedenis. Janssen C. (2021). Ethnicity gender and intersectionality: How context factors shape the intersectional (dis) advantage under proportional representation rules. Politics July 2020. https://doi. org/10. 1177/0263395721997676 Kantar. (2022). The Reykjavik Index for Leadership 2020-2021. Ketelaar T. (2022). Colleges zitten wéér vol witte mannen: ‘Vrouwelijke wethouders waren niet nodig ze hadden al een vrouwelijke burgemeester. ’ NRC. https:// ,
,
,
,
,
,
,
,
www. nrc. nl/nieuws/2022/07/03/wethoudersploegen-bestaan-vooral-weer-uit-
witte-mannen-a4135419?t=1680000906 Kiamba J. M. (2009). Women and leadership positions: social and cultural barriers to success. In K. R. Lisa Bernstein Colleen Kattau Catherine Ndinda (Ed.) Wagadu Volume 6 Journal of International Women’s Studies Volume 10:1. Xlibris. Kjaer U. & Kosiara-Pedersen K. (2019). The hourglass pattern of women’s representation. Journal of Elections Public Opinion and Parties 29(3) 299–317. https://doi. org/10. 1080/17457289. 20 18. 1530678 Klein Kranenburg L. Brookman S. Miltenburg C. van Bouwmeester J. Weijkamp E. & Jong B. de. (2022). Monitor Integriteit en Veiligheid 2022. ,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
25
Krook M. L. (2018). Westminster too: On sexual harassment in British politics. Political Quarterly 89(1) 65–72. https://doi. org/10. 1111/1467-923X. 12458 Krook M. L. (2020). Violence Against Women in Politics. Oxford University Press. Krook M. L. & Norris P. (2014). Beyond Quotas : Strategies to Promote Gender. Political Studies 622–20. https://doi. org/10. 1111/1467-9248. 12116 Lazarus J. Steigerwalt A. & Clark M. (2022). Time Spent in the House: Gender and the Political Careers of U. S. House Members. Politics and Gender 97–132. https://doi. ,
,
,
, ,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
org/10. 1017/S1743923X21000428 Leyenaar M. (2004). Political Empowerment of Women. The Netherlands and Other Countries. Martinus Nijhoff Publishers. Lokaal Kiezersonderzoek. (2022). Democratie in de gemeente. Maguire S. (2018). Barriers to Women Entering Parliament and Local Government. In Institute for Policy Research (Issue October). Marx M. & Amir M. (2017). Voorkeurstemmen op vrouwen. StukRoodVlees. http://stukroodvlees. ,
,
,
,
,
nl/voorkeurstemmen-op-vrouwen/ Mazur A. G. (2002). Theorizing Feminist Policy. Oxford University Press. Miller C. (2021). Gendering the Everyday in the UK House of Commons. Palgrave Macmillan. Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. (2020). Monitor Integriteit en Veiligheid ,
,
2020. Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. (2022). Staat van het Bestuur 2022. Mügge L. (2016). Intersectionality recruitment and selection: Ethnic minority candidates in Dutch parties. Parliamentary Affairs 69(3) 512–530. https://doi. org/10. 1093/pa/gsv060 Mügge L. M. & Damstra A. (2013). Gender en etniciteit in de Tweede Kamer: Streefcijfers en groepsvertegenwoordiging. Res Republica 55(3) 339–358. Mügge L. M. & Runderkamp Z. (2019). De tweede sekse in politiek en openbaar bestuur. In Op weg naar een betere m/v-balans in politiek en bestuur. Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Mügge L. M. & Schotel A. L. (2017). Intersectionaliteit in de media: Representatie van Nederlandse Kamerleden met een migratieachtergrond in dagbladen 1986-2016. Res Publica 59(4) 439–462. Nederlands Jeugdinstituut. (n. d. ). Eenoudergezinnen en armoede. Nederlands Jeugdinstituut. Retrieved April 26 2023 from https://www. nji. nl/armoede/eenoudergezinnen-enarmoede#:~:text=Eenoudergezinnen moeten relatief ook vakeropvoeden te combineren met werk. Norris P. (1997). Passages to Power: Legislative Recruitment in Advanced Democracies. Cambridge University Press. Norris P. & Lovenduski J. (1995). Political Recruitment: Gender Race and Class in the British Parliament. Cambridge University Press. https://books. google.
nl/books?hl=en&lr=lang_nl%7Clang_ CR5P5nlheAiwmRPag#v=onepage&q&f=false O’Brien D. Z. (2015). Rising to the Top: Gender Political Performance and Party Leadership in Parliamentary Democracies. American Journal of Political Science 59(4) 1022–1039. https:// doi. org/10. 1111/ajps. 12173 Palmieri S. (2018). Gender-Sensitive Parliaments. In Oxford Research Encyclopedias Politics (Issue October pp. 1–32). Oxford University Press. https://doi. org/10. 1093/ acrefore/9780190228637. 013. 215 Palmieri S. (2019). Feminist Institutionalism and Gender-Sensitive Parliaments: Relating Theory and Practice. In M. Sawer & K. Baker (Eds.) Gender Innovation in Political Science. https:// doi. org/10. 1007/978-3-319-75850-3 Piscopo J. M. (2019). The limits of leaning in: ambition recruitment and candidate training in comparative perspective. Politics Groups and Identities 7(4) 817–828. https://doi. org/10. 1 080/21565503. 2018. 1532917 Piscopo J. M. & Kenny M. (2020). Rethinking the ambition gap: Gender and candidate emergence in comparative perspective. European Journal of Politics and Gender 3(1) 3–10. https://doi. org/10. 1332/251510819X15755447629661 ,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
26
,
Puwar N. (2004). Space Invaders: Race Gender and Bodies out of Place. Berg. Rao N. (2005). The representation of women in local politics. Policy and Politics 33(2) 323–339. ,
,
,
,
,
https://doi. org/10. 1332/0305573053870176 Remkes J. (2018). Lage drempels hoge dijken. www. staatscommissieparlementairstelsel. nl/ Ridder J. den Koole R. & Holsteyn J. van. (2019). Something for everyone? Political parties party members and representation in the Netherlands. In K. Heidar & B. Wauters (Eds.) Do Parties Still Represent? Routledge. https://doi. org/10. 4324/9781351110952 Runderkamp Z. (n. d. ). No More Simultaneous Chess: Understanding Dropout of Local Women ,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
Politicians In Gendered Institutions. Runderkamp Z. Pas D. Van Der Schotel A. L. & Mügge L. (2022). Space invaders and normpoliticians : how the media represent the intersectional identities of Members of Parliament. European Political Science Review 14(4) 566–582. https://doi. org/10. 1017/ S1755773922000339 Ryan M. K. Haslam S. A. Morgenroth T. Rink F. Stoker J. & Peters K. (2016). Getting on top of the glass cliff: Reviewing a decade of evidence Explanations And impact. Leadership Quarterly 27(3) 446–455. https://doi. org/10. 1016/j. leaqua. 2015. 10. 008 Schwarz S. & Coppock A. (2022). What Have We Learned about Gender from Candidate Choice Experiments? A Meta-Analysis of Sixty-Seven Factorial Survey Experiments. The Journal of Politics 84(2) 655–668. Shames S. (2013). Barriers and Solutions to Increasing Women’s Political Power. https://scholars. org/sites/scholars/files/shauna_shames_-_barriers_and_solutions. pdf Shreeves R. Prpic M. & Claros E. (2019). Briefing: Women in Politics in the EU. European Parliamentary Research Service March. http://www. europarl. europa. eu/RegData/etudes/ BRIE/2019/635548/EPRS_BRI(2019)635548_EN. pdf Sipma T. Lubbers M. Van Der Meer T. Spierings N. & Jacobs K. (2021). Versplinterde vertegenwoordiging. Nationaal Kiezersonderzoek 2021. https://www. dpes. nl/wp-content/ uploads/2021/11/NKO-2021-Versplinterde-vertegenwoordiging. pdf Smith J.
& Childs S. (2021). The Remotely Representative House. Sobolewska M. (2013). Party Strategies and the Descriptive Representation of Ethnic Minorities: The 2010 British General Election. West European Politics 36(3) 615–633. https://doi. org/10. 1080/01402382. 2013. 773729 Spierings N. & Jacobs K. (2014). Getting Personal? The Impact of Social Media on Preferential Voting. Political Behavior 36(1) 215–234. https://doi. org/10. 1007/s11109-013-9228-2 Thomas M. (2013). Barriers to Women’s Political Participation in Canada. University of New Brunswick Law Journal 64 218–233. Tolley E. (2022). Gender Is Not a Proxy : Race and Intersectionality in Legislative Recruitment. Politics & Gender 1–28. https://doi. org/10. 1017/S1743923X22000149 Van den Brakel M. Portegijs W. & Hermans B. (2020). Emancipatiemonitor 2020 (Issue december). https://digitaal. scp. nl/emancipatiemonitor2020/ economische-positie-vrouwtot-2020-verder-verbeterd. Van der Pas D. J. (2021). Do European media ignore female politicians? A comparative analysis of MP visibility. West European Politics 0(0) 1–12. https://doi. org/10. 1080/01402382. 2021. 19883 87 der Van Pas D. J. & Aaldering L. (2020). Gender Differences in Political Media Coverage: A MetaAnalysis. Journal of Communication 70(1) 114–143. https://doi. org/10. 1093/ joc/jqz046 Van der Zwan R. Lubbers M. & Eisinga R. (2019).
The political representation of ethnic minorities in the Netherlands: ethnic minority candidates and the role of party characteristics. Acta Politica 54(2) 245–267. https://doi. org/10. 1057/s41269-018-0085-1 Van Dijk R. E. (2023). Playing by the rules? The formal and informal rules of candidate selection. Women’s Studies International Forum 96 102669. https://doi. org/10. 1016/j. wsif. 2022. 102669 Van Dijk R. E. & van Holsteyn J. (2022). Fit for Office? The Perception of Female and Male Politicians by Dutch Voters. Politics of the Low Countries 4(1) 75–99. https://doi. org/10. 5553/plc/. 000028 Holsteyn Van J. J. M. & Andeweg R. B. (2019). Tweede Orde Personalisering: Voorkeurstemmen in Nederland. Res Publica 54(2) 163–191. https://doi. org/10. 5553/rp/048647002012054002002 ,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
27
Wängnerud L. (2000). Testing the Politics of Presence: Women’s Representation in the Swedish Riksdag. Scandinavian Political Studies 23(1) 67–91. https://doi. org/10. 1111/1467-9477. 00031 Wängnerud L. (2009). Women in parliaments: Descriptive and substantive representation. Annual Review of Political Science 12 51–69. https://doi. org/10. 1146/annurev. polisci. 11. 053106. 123839 Wijnhoven M. & Steijaert M. (2022). Het online plafond. Een kwalitatief onderzoek naar de invloed van online mysogynie op vrouwen in de lokale politiek. Wolbrecht C. & Campbell D. E. (2007). Leading by example: female members of parliament as political role models. American Journal of Political Science 51(4) 921–939. https://doi. org/10. 1111/j. 1540-5907. 2007. 00289. x ,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
28
,
29
Colofon Dit rapport is tot stand gekomen dankzij en mogelijk gemaakt door de Alliantie Politica. In deze alliantie werken Stem op een Vrouw Emancipator WO=MEN en de Nederlandse Vrouwen Raad samen voor gelijke representatie in de politiek. ,
,
,
,
Over de auteur Zahra Runderkamp is promovenda politicologie aan de Universiteit van Amsterdam. Zij doet onderzoek naar diversiteit en inclusie in het Nederlandse openbaar bestuur in het bijzonder vrouwelijke politici en politici met een migratieachtergrond. Daarnaast schrijft ze als columnist voor Binnenlands Bestuur. Zahra is actief bij de Alliantie Politica en Stem op een Vrouw. ,
Om te citeren Runderkamp Z. (2023). Barrières voor vrouwen om politiek actief te worden zijn en blijven. Alliantie Politica. ,
,
30
VEILIG ONLINE ZICHTBAAR
IN DE
POLITIEK Een partijoverstijgend protocol tegen online haat en
intimidatie jegens politici
© 2026 , Werkgroep Veilig in de Politiek Een initiatief van Stichting Stem op een Vrouw
Inleiding Voor volksvertegenwoordigers is zichtbaarheid een cruciale voorwaarde voor het goed kunnen uitoefenen van hun taak en voor het onderhouden van contact met hun achterban en pers. Vele politici krijgen in hun werk echter te maken met online haat en intimidatie. Dat kan ernstige gevolgen hebben: denk aan het toepassen van zelfcensuur , het bewust kiezen om niet door te willen groeien naar meer zichtbare functies zoals politiek bestuurder , maar ook angst en gevoelens van onveiligheid en zelfs uitval. En de impact geldt niet alleen voor de politici zelf: de hele samenleving leest online mee. Online haat en intimidatie ontwrichten het maatschappelijk debat , kan aspiranten afschrikken om politiek actief te worden , en normaliseert dat zichtbaarheid gepaard gaat met onveiligheid. De werkgroep Veilig in de Politiek presenteert daarom het protocol ‘Veilig zichtbaar in de politiek’: een gezamenlijke en partijoverstijgende aanpak om politici hier beter tegen te beschermen. Dit protocol is tot stand gekomen in de werkgroep Veilig in de Politiek. Een initiatief van stichting Stem op een Vrouw , met ondersteuning door IZI Solutions. De werkgroep bestaat uit afgevaardigden van landelijke politieke partijen en (wanneer zij die hebben) hun vrouwennetwerken.
Daarbij zijn aangesloten: ChristenUnie , CDA , D66 , GroenLinks , PvdA , Partij voor de Dieren , Volt en het Kennispunt Lokale Politieke Partijen , en de vrouwen- en diversiteitsnetwerken CDAV , Vrouwennetwerk ChristenUnie , Els Borst Netwerk (D66) , FemNet (GroenLinks) , Rooie Vrouwen (PvdA) , Commissie DIER (Partij voor de Dieren) , Liberaal Vrouwen Netwerk (VVD) en Vrouwen van Volt. De leden van de werkgroep hebben onder leiding van Stem op een Vrouw gewerkt aan dit protocol voor de omgang met (online) haat en intimidatie. Geen enkele politieke partij beschikte namelijk over een dergelijk protocol. Daardoor voelen veel politici zich onvoldoende gesteund wanneer zij hiermee te maken krijgen , terwijl binnen partijen vaak kennis en handelingsperspectieven ontbreken. Met deze brede samenwerking spreken politieke partijen uit dat online haat geen plaats heeft in de democratie. Voor het eerst committeren zij zich aan het voeren van intern beleid gericht op het herkennen , voorkomen en tegengaan van (de impact van) online haat naar politici. Daarmee wordt een belangrijke norm gesteld voor een politiek waaraan iedereen veilig kan deelnemen. Dit document is zowel bruikbaar voor de partijen die het protocol hebben opgesteld , als voor elke andere politieke partij dit dit document in handen heeft.
Het biedt een partijoverstijgend handelingskader voor het herkennen , voorkomen en tegengaan van online haat gericht op politici , partijmedewerkers , vrijwilligers en andere betrokkenen. Het doel is gezamenlijke normstelling , versterking van onderlinge solidariteit en vergroting van handelingsperspectief voor leden , kandidaten , medewerkers , bestuurders en volksvertegenwoordigers. Met het omarmen van dit protocol committeer je je als politieke partij aan het voeren van intern beleid gericht op het herkennen , voorkomen en tegengaan van (de impact van) online haat naar politici. Daarmee wordt een belangrijke norm gesteld voor een politiek waar iedereen veilig aan kan deelnemen.
Veilig online zichtbaar in de politiek
3
INHOUD KADERS
-
WAT IS ONLINE HAAT EN INTIMIDATIE?
1. 1 Herkennen 1. 2 Vormen van online haat en intimidatie 1. 3 Ernst en omvang 1. 4 Daders van online haat en intimidatie 1. 5 Wettelijke basis
PREVENTIE- HOE VOORKOM JE ONLINE HAAT EN INTIMIDATIE? 2. 1 Normstelling 2. 2 Scholing en tools 2. 3 Kandidaatstelling en selectie
MELDPUNT
REGISTRATIE
,
,
TRIAGE EN DOORGELEIDING
3. 1 Interne uitvoering 3. 2 Partijoverstijgende afstemming 3. 3 Registratie en dossieropbouw
5 5 6 6 7 7
8 8 8 9
10 10 10 11
COMMUNICATIE
12
4. 1 Intern 4. 2 Extern
12 13
SUPPORT
-
ONDERSTEUNING VAN SLACHTOFFERS
5. 1 Vertrouwenspersonen met gespecialiseerde kennis 5. 2 Psychologische begeleiding 5. 3 Stappenplan na melding 5. 4 Collectieve weerbaarheid middels een ‘Elvenleger’ 5. 5 Delen van best practices
14 14 14 15 15 15
POLITIEKOVERSTIJGENDE GEDRAGSCODE
16
COLOFON
17
Veilig online zichtbaar in de politiek
4
1. KADERS - WAT IS ONLINE HAAT EN INTIMIDATIE?
Online haat en intimidatie verwijst naar alle uitingen van haat , discriminatie , belediging , agressie en bedreiging die via digitale platforms worden gedeeld en verspreid. Dit komt veruit het meest voor op sociale media platforms zoals X , Instagram en TikTok , maar kan ook gaan om berichten in appgroepen of e-mails. De uitingen kunnen zowel gericht zijn op een individu als op een groep. Specifiek discriminerende uitingen zijn veelal gericht op persoonskenmerken zoals etniciteit , religie , gender , seksuele oriëntatie of politieke overtuiging. Hoe iemand online haat en intimidatie ervaart , is dit deels afhankelijk van context en de persoonlijke ervaring van degene die het meemaakt. We moedigen daarom partijen aan om geen te strakke definitie te hanteren , maar ruimte te laten voor de ervaring , context en behoeftes van de politici zelf.
1. 1 Herkennen Hoe herken je online haat en intimidatie , en wat is het verschil met inhoudelijke kritiek? Hieronder delen we enkele veelvoorkomende kenmerken , gevolgd door een splitsing tussen online haat en intimidatie enerzijds en kritiek anderzijds. Online haat en intimidatie herken je bijvoorbeeld door: • Het gaat over wie iemand is , niet wat iemand doet ; • De uiting is generaliserend , kleinerend of discriminerend ; • Het gevolg is bijvoorbeeld uitsluiting of angst om je uit te spreken (zelfcensuur) ; • Het kan zowel subtiel zijn (sarcasme , memes) , als expliciet (bedreiging). Het is belangrijk om ruimte te houden voor inhoudelijke kritiek , en om ook te kaderen wanneer iets als kritiek geldt. De realiteit is echter vaak minder zwart-wit: inhoudelijke kritiek kan tenslotte gepaard gaan met vormen van haat en intimidatie. Denk aan het betrekken van persoonskenmerken bij de kritiek of het gebruik van scheldwoorden en bedreigende taal.
Veilig online zichtbaar in de politiek
5
Online haat en intimidatie •
• • •
• •
Op identiteitskenmerken gerichte (gender , religie , huidskleur , afkomst , seksuele oriëntatie , beperking , leeftijd , uiterlijk , et cetera) Seksistische of racistische opmerkingen Scheldpartijen Seksueel getinte content , zoals deepfakes of verkrachtingswensen Bedreiging en intimidatie Smaad en laster
Inhoudelijke kritiek Discussie over standpunten of beleid Kritische vragen of stevige politieke • analyses •
1. 2 Vormen van online haat en intimidatie Van online haat en intimidatie zijn de volgende vormen door de werkgroep geïdentificeerd: • Haatdragend en haatzaaiend taalgebruik • Belediging (op basis van persoonskenmerken) • Racistische , seksistische en andere vormen van discriminerende opmerkingen • Oproepen tot geweld • Bedreiging en intimidatie , gericht tegen personen of groepen • Desinformatie en framing ; het bewust verspreiden van misleidende informatie om haat of verdeeldheid aan te wakkeren • Doxing ; het openbaar maken van privégegevens • Online pesten , zoals het systematisch lastigvallen , kleineren of belachelijk maken van individuen • Online stalking (soms ook gepaard met oline stalking) • Gecoördineerde aanvallen , bijvoorbeeld via appgroepen , influencers of PR-bureaus
1. 3 Ernst en omvang Op het bepalen van de ernst van de online haat en intimidatie hebben verschillende factoren invloed: In strijd met de wet (strafbaarheid) Bij uitingen die waarschijnlijk strafbaar zijn , zoals doxxing , deepfakes en concrete bedreigingen , kan de ernst vaak worden vastgesteld in samenspel met bijvoorbeeld de politie , een antidiscriminatiebureau of expert. Herhaaldelijke aanvallen (frequentie) De frequentie van een aanval kan een groot verschil maken in de beleving en ernst. Stel bijvoorbeeld dat de inhoud niet sterk bedreigend of intimiderend is , maar de persoon die de uiting doet tientallen berichten achter elkaar stuurt of over een langere periode pestgedrag vertoont , dan kan dit alsnog als zeer intimiderend worden ervaren. Type taalgebruik (intensiteit) De woordkeuze bij online haat en intimidatie is zeer bepalend voor hoe de uiting overkomt. Kiest iemand bijvoorbeeld voor nadrukkelijk racistische of seksistische scheldwoorden , is iemand zeer precies in diens bedreigende bericht , of is de toon bijvoorbeeld seksueel intimiderend , dan is de intensiteit en daarmee de impact vaak groter. Maatschappelijk en persoonlijk eect van het incident (impact) Nog naast de inhoud van de uiting , maakt ook de impact ervan uit. Wanneer iemand met heel veel Veilig online zichtbaar in de politiek
6
volgers een haatdragende uiting doet over een volksvertegenwoordiger , dan is het bijkomend eect vaak groter dan de uiting van iemand met weinig volgers. Ook is het belangrijk om te begrijpen dat online haat en intimidatie vaak niet enkel gericht zijn op het ‘slachtoer’ , maar ook op de meelezer. Zo bleek uit onderzoek uit 2023 door Alliantie Politica dat het zien van online haat tegen vrouwelijke politici ook een afschrikwekkend eect heeft op vrouwen met politieke ambitie.
1. 4 Daders van online haat en intimidatie Er zijn vele mogelijke daders van online haat en intimidatie te identificeren. We noemen er een aantal: Trollen. Personen die bewust haatdragende of provocerende berichten plaatsen om reacties • uit te lokken en chaos te creëren. Zij zijn soms georganiseerd in zogeheten trollenlegers , zoals appgroepen die gericht zijn op het gericht verspreiden van haat en intimidatie tegen individuen en bewegingen. Er zijn ook trollenlegers die (deels) bestaan uit bots. • Anonieme gebruikers. Mensen die bewust onder schuilnamen of nepaccounts haat verspreiden. Frustratie-gedreven gebruikers: Individuen die vanuit boosheid of persoonlijke frustratie • anderen aanvallen , vaak zonder te beseen welke schade ze aanrichten. Opiniemakers en influencers. Mensen die hun platvorm (mede) inzetten voor pestgedrag , haat • en intimidatie. • Politici. Ook politici zelf kunnen daders zijn van online haat en intimidatie. De manier waarop zij over hun collega’s praten , of over bepaalde bevolkingsgroepen , draagt bewezen bij aan normalisering van discriminatie in de samenleving. Het is dus belangrijk dat zij zich bewust zijn van hun voorbeeldrol. Radicaliserende individuen. Mensen die extreemrechtse , extreemlinkse of fundamentalistische • denkbeelden aanhangen en actief haat zaaien.
1. 5 Wettelijke basis Niet alles wat in de fysieke wereld strafbaar is , is ook online strafbaar. Gelukkig zijn er diverse wetten die al aanknopingspunten bieden voor aangifte en kaders geven voor welke uitingen waarschijnlijk strafbaar zijn. Hieronder een overzicht van de meest voorkomende categorieën: Strafbaar feit
Voorbeeld
Bedreiging (art. 285 Sr)
“Ik weet waar je woont , jij gaat eraan”
Smaad/laster (art. 261-262 Sr)
Iemand bewust zwartmaken met leugens , om reputatie te schaden “Je bent een waardeloze kutwijf”
Belediging (art. 266 Sr) Discriminatie/haatzaaien (art. 137c-g Sr) Doxing (art. 285d Sr , sinds 2023) Seksuele intimidatie
Veilig online zichtbaar in de politiek
Uitingen die aanzetten tot haat vanwege ras , religie , seksuele oriëntatie , etc. Persoonlijke gegevens verspreiden met intimiderend doel (bijv. adres publiceren) Ongewenste seksuele uitingen , beelden of deepfakes (soms valt dit onder zedendelicten)
7
2. PREVENTIE- HOE VOORKOM JE ONLINE HAAT EN INTIMIDATIE?
Dit hoofdstuk gaat in op preventie: het voorkomen van online haat en intimidatie en het inrichten van bescherming vooraf. Het doel van preventie is grenzen helder stellen , een gezamenlijke norm uitstralen en structurele weerbaarheid opbouwen. Dit kan escalatie helpen voorkomen , verlaagt drempels tot melden en vergroot onderlinge steun en solidariteit.
2. 1 Normstelling •
•
•
•
Communiceer over de kaders uit hoofdstuk 1 bij onboarding , (bij)scholing en op oiciële partijkanalen ; Maak heldere afspraken over online gedrag voor leden en politici van de eigen partij , en doe dit waar mogelijk fractieoverstijgend ; Verspreid bewustwording over online haat en intimidatie , en de impact ervan op politici en aspiranten. Organiseer hierover bijvoorbeeld kennissessies , of maak het een onderwerp op het jaarlijkse partijcongres ; Borg de veiligheid van politici en leden , door dit als portefeuille in het bestuur of als taak bij een (team van) medewerker(s) te beleggen.
2. 2 Scholing en tools Voor de omgang met online haat en intimidatie zijn ook scholingsmiddelen en andere tools nuttig. Dit wordt idealiter partijoverstijgend georganiseerd. Voorbeelden zijn: • Een train-de-trainer programma om binnen politieke partijen ambassadeurs op te leiden , die verantwoordelijk zijn voor preventie en support ; • Trainingsaanbod waar (potentieel) getroen gebruik van kunnen maken , gericht op skills als deescalatie , omgaan met online intimidatie en mentaal welzijn ; • Dialoogkaarten en een toolbox voor politieke partijen , die toepasbaar zijn voor interne partijafdelingen , diversiteitsnetwerken en kandidatencommissies ; • Een beslisboom of escalatieladder voor webbeheer en communicatie.
Veilig online zichtbaar in de politiek
8
2. 3 Kandidaatstelling en selectie •
•
• •
Screen kandidaten op basis van normen , waarden en weerbaarheid. Vraag hen actief naar hun online aanwezigheid ; Houd er rekening mee dat mensen die kwetsbaar zijn voor online haat , soms bewust kiezen voor minder online zichtbaarheid – en reken hen daar niet op af ; Uitdragen van de gezamenlijke norm tegen (online) haat en intimidatie in de gedragscode ; Eerlijke voorlichting over de realiteit van online haat en helderheid over waar politici terecht kunnen wanneer ze dit meemaken.
Veilig online zichtbaar in de politiek
9
3. MELDPUNT REGISTRATIE TRIAGE EN DOORGELEIDING ,
,
Dit hoofdstuk gaat over de interne routes voor signalering en registratie van online haat. Het is cruciaal om partijinterne meldpunten in te stellen , en hen te ondersteunen met richtlijnen en een gedeelde infrastructuur. Hoewel uitvoering partijintern blijft (i. v. m. privacy en context) , zorgt gezamenlijke afstemming tussen politieke partijen voor hogere eectiviteit , herkenbaarheid en maatschappelijke impact.
3. 1 Interne uitvoering •
•
Vanwege AVG-regelgeving , de noodzaak tot vertrouwelijkheid en contextgevoelige nazorg , voert elke politieke partij haar eigen meldstructuur en dossiervorming ; Triage en opvolging is intern belegd , met een helder intern stappenplan per partij , afgeleid van gezamenlijke richtlijnen , inclusief nazorg , rapportage en doorgeleiding waar nodig.
3. 2 Partijoverstijgende afstemming •
•
•
Ontwikkeling van een gezamenlijke beslisboom (triage) die beschrijft wanneer intern handelen volstaat en wanneer er reden is tot melding bij de politie , het College voor de Rechten van de mens of meld.onlinediscriminatie.nl ; Partijoverstijgende check-ins ten behoeve van gezamenlijke , geanonimiseerde casuïstiekbespreking ; Het partijoverstijgend toezien op uniforme toepassing van de triage-richtlijn en het faciliteren van kennisdeling.
Veilig online zichtbaar in de politiek
10
3. 3 Registratie en dossieropbouw • •
AVG-proof registratie van gevallen van online haat en intimidatie tegen politici binnen de partij ; Het maken van zowel individuele (per partij) als gedeelde (partijoverstijgend) statistiekenrapportage met daarin het aantal meldingen , type incidenten en platform. Dit biedt inzicht in de grootte van het probleem , en maakt politieke agendering makkelijker.
Veilig online zichtbaar in de politiek
11
4. COMMUNICATIE
Eectieve communicatie over de inzet tegen online haat en intimidatie is een cruciale pijler in het voorkomen , herkennen en tegengaan hiervan. Zowel bij interne communicatie in politieke partijen als bij externe communicatie met en richting de buitenwereld , is heldere , empathische en consistente communicatie noodzakelijk. Het draagt bij aan vertrouwen , veiligheid , en het uitdragen van een collectieve norm. Dit hoofdstuk beschrijft de communicatie-inzet intern en extern , in lijn met het partijoverstijgende karakter van dit protocol.
4. 1 Intern Elke politieke partij zorgt dat dat iedereen binnen de partij weet wat te doen bij online haat , wie te benaderen en hoe elkaar te ondersteunen: • Maak voor elke afdeling of partijonderdeel inzichtelijk wie de aanspreekpunten zijn (zoals vertrouwenspersonen of meldpuntcoördinatoren) , en wat het stappenplan is na een melding ; • Ontwikkel en verspreid een praktische toolkit met o. a. dialoogkaarten , voorbeeldsituaties , begeleidende instructies en visuele flowcharts. De toolkit biedt ondersteuning aan lokale en landelijke teams in het signaleren , bespreken en opvolgen van online haat ; • Bevorder de mogelijkheid voor direct persoonlijk contact bij spanningen of signalen van online frictie. Waar mogelijk: kies voor bellen of een fysiek gesprek boven e-mail of publieke reacties ; • Richt supportgroepen in waar leden ervaringen kunnen delen , en faciliteer informele check-ins. Creëer ruimte voor verwerking en reflectie.
Veilig online zichtbaar in de politiek
12
4. 2 Extern Online haat publiekelijk tegengaan door eenduidige woordvoering , gezamenlijke uitingen en publieke steunbetuiging , vanuit een gedeeld normatief kader. • Ontwikkel scenario-afhankelijke woordvoeringsrichtlijnen voor incidenten met verschillende gradaties (licht , middel , ernstig). Geef aan wanneer te zwijgen , wanneer publiek te reageren en hoe dat te doen in lijn met het ondersteunen van slachtoers ; • Stem gezamenlijke pers- of socialmediastatements af voor situaties waar politici slachtoer worden van ernstige online haat ; • Stimuleer deelname aan bestaande campagnes rond een veilig internet en het tegen haat van online haat en intimidatie , en organiseer of sluit je aan bij partijoverstijgende bewustwordingsacties ; • Moedig betrokkenen aan tot het zichtbaar bijstaan van collega’s (“online upstanders”) , óók als het gaat om collega’s van andere politieke partijen.
Veilig online zichtbaar in de politiek
13
5. SUPPORT - ONDERSTEUNING VAN SLACHTOFFERS
Online haat raakt mensen diep , zowel emotioneel als professioneel. Slachtoers voelen zich vaak alleen , kwetsbaar of verantwoordelijk. Ondersteuning is daarom niet alleen een praktische , maar ook een morele verantwoordelijkheid. Dit hoofdstuk beschrijft hoe politieke partijen – samen en individueel – kunnen zorgen voor snelle , toegankelijke en empathische ondersteuning voor ieder die geraakt wordt.
5. 1 Vertrouwenspersonen met gespecialiseerde kennis • •
•
•
•
Zorg dat slachtoers iemand hebben die luistert , begrijpt en weet hoe te handelen ; Benoem of train vertrouwenspersonen met specifieke expertise in online haat , digitale veiligheid en psychosociale impact ; Maak de bereikbaarheid van vertrouwenspersonen laagdrempelig bekend , via interne kanalen , onboarding en een vindbaar meldprotocol ; Draag zorg voor een diversiteit in vertrouwenspersonen. Representatie kan de drempel naar de vertrouwenspersoon verlagen ; Zorg voor samenwerking met externe vertrouwenspersonen waar nodig , bijvoorbeeld via landelijke netwerken of antidiscriminatievoorzieningen.
5. 2 Psychologische begeleiding Vang de mentale impact van online haat professioneel op binnen de partij door: • Stel een partijoverstijgend budget beschikbaar (of lobby daarvoor) voor psychologische ondersteuning , coaching of herstelgesprekken ; • Geef ruimte voor nazorg , ook bij kleinere incidenten ; • Normaliseer mentale ondersteuning als vanzelfsprekend onderdeel van politieke betrokkenheid.
Veilig online zichtbaar in de politiek
14
5. 3 Stappenplan na melding • •
•
Geef slachtoers duidelijkheid en regie ; Ontwikkel een helder stappenplan dat aan slachtoers wordt overhandigd na een melding waarin staat wat de mogelijkheden zijn ; Koppel het stappenplan aan de beslisboom uit het meldprotocol.
5. 4 Collectieve weerbaarheid middels een ‘Elvenleger’ Doorbreek het gevoel van alleen staan , door: • Organiseer online solidariteit via positieve responsgroepen. Sluit bijvoorbeeld met leden van jouw partij aan bij het Troetelleger (via hoopzaaiers.nl) , of start een eigen ‘Elvenleger’ - de tegenhanger van het Trollenleger. Zorg dat jouw politici weten dat dit bestaat ; • Stimuleer dat collega’s , partijgenoten of externe ‘upstanders’ steunreacties plaatsen , content delen en het gesprek positief omkaderen ; • Combineer dit met bestaande campagnes , zoals #datmeenjeniet , voor herkenbaarheid en versterking.
5. 5 Delen van best practices • • •
Houd anonieme casuïstiek bij (binnen AVG-kaders) voor training en reflectie ; Bespreek geregeld afgehandelde meldingen in meldpuntoverleg of Interpartijelijke overleggen ; Verzamel en deel werkzame methodes en interventies via een jaarlijkse rapportage of online handreiking.
Veilig online zichtbaar in de politiek
15
6. POLITIEKOVERSTIJGENDE GEDRAGSCODE
In een tijd waarin politieke discussies zich steeds vaker online afspelen , is het van essentieel belang om gezamenlijk verantwoordelijkheid te nemen voor respectvolle en veilige communicatie. Een partijoverstijgende gedragscode biedt een gemeenschappelijk kader voor alle betrokkenen – leden , medewerkers , kandidaten , vertegenwoordigers en bestuurders – ongeacht hun rol of partijkleur. Samen bevorderen we een cultuur van respect , integriteit en solidariteit , waarin online haat en discriminatie geen plaats hebben. Door ondertekening of gezamenlijke publicatie onderschrijven wij de volgende kernprincipes: 1.
Respectvolle communicatie Wij communiceren op een respectvolle en constructieve manier , zonder persoonlijke aanvallen , discriminatie , haatzaaien of bedreigingen.
2.
Verantwoordelijkheid en voorbeeldfunctie Wij zijn ons bewust van onze voorbeeldrol en nemen verantwoordelijkheid voor onze online uitingen , binnen én buiten de partij.
3.
Transparantie en integriteit Wij communiceren eerlijk en feitelijk , respecteren de privacy van anderen en vermijden misleiding of framing.
4.
Ondersteuning en solidariteit Wij bieden actieve steun aan slachtoers van online haat en moedigen positieve respons en onderlinge solidariteit aan.
5.
Naleving en consequenties Wij houden ons aan geldende wet- en regelgeving én partijafspraken. Overtredingen kunnen leiden tot passende maatregelen , met ruimte voor reflectie en herstel.
Veilig online zichtbaar in de politiek
16
COLOFON
Dit protocol is een product van de werkgroep Veilig in de Politiek. Deze werkgroep is in 2022 opgericht door Stichting Stem op een Vrouw , en wordt geleid in samenwerking met IZI Solutions. De leden van de werkgroep zijn bij het verschijnen van dit protocol (maart 2026): ChristenUnie , CDA , D66 , GroenLinks , PvdA , Partij voor de Dieren , Volt en het Kennispunt Lokale Politieke Partijen , en de vrouwen- en diversiteitsnetwerken CDAV , Vrouwennetwerk ChristenUnie , Els Borst Netwerk (D66) , FemNet (GroenLinks) , Rooie Vrouwen (PvdA) , Commissie DIER (Partij voor de Dieren) , Liberaal Vrouwen Netwerk (VVD) en Vrouwen van Volt.
Vrouwennetwerk
Veilig online zichtbaar in de politiek
17
Veilig online zichtbaar in de politiek
18
Veilig online zichtbaar in de politiek
19
© 2026 , Werkgroep Veilig in de Politiek Een initiatief van Stichting Stem op een Vrouw
Toelichting grondslagen In dit document kunt u secties vinden die onleesbaar zijn gemaakt. Deze informatie is achterwege gelaten op basis van de Wet open overheid (Woo). De letter die hierbij is vermeld correspondeert met de bijbehorende grondslag in onderstaand overzicht.
J Art. 5.1 lid 2 sub e Het belang van de openbaarmaking van deze informatie weegt niet op tegen het belang van de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer van betrokkenen