CConstaterende datBeemster
Koppel je AI →
Document · PDF

concept MRA Verstedelijkingsstrategie, versie 2 april 2021.pdf

Gemeenteraad 29 juni 2021, gemeente BeemsterBij agendapunt: 8: B-punt: Voorstel tot het uiten van wensen en bedenkingen op het concept van de MRA Verstedelijkingsstrategie.41.923 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 5

Verstedelijkingsconcept Metropoolregio Amsterdam 2030/2050 - versie II - april 2021

Metropool van grote klasse met menselijke maat

De ontwikkeling van een duurzame meerkernige metropoolregio die sociaal en economisch sterk is

Inhoudsopgave

Status van dit document

3

Samenvatting

4

1.

13

Inleiding en leeswijzer

2. De metropoolregio naar 2050

15

3. Toekomstbestendige systemen

38

4. Integraal te ontwikkelen gebieden

55

5. Fasering in hoofdlijnen

81

6. Van concept naar uitvoering

88

Bijlagen

90

Colofon

110

2

t

Status van dit document

Integraliteit

Proces dit jaar

In de stap van versie 2 naar versie 3 zal ook nog een

De definitieve Verstedelijkingsstrategie

Voor u ligt versie 2 van het Verstedelijkingsconcept.

verdergaande integratieslag worden gemaakt. De

(Verstedelijkingsconcept, fasering en

Dit is een tussenproduct op basis waarvan we de

opdracht voor de Verstedelijkingsstrategie MRA is

investeringsstrategie) wordt bij het Bestuurlijk Overleg

betrokken raden en staten en de rijkspartners uitnodigen

tenslotte ook om een integraal verhaal te maken.

MIRT in november 2021 vastgesteld met daaraan

om wensen en opvattingen mee te geven. Het

Voor versie 3 zal daardoor mogelijk de opzet van

gekoppeld een set aan afspraken tussen Rijk en regio.

Verstedelijkingsconcept bevat een faseringsbeeld en zal

het Verstedelijkingsconcept op onderdelen worden

Raden en staten worden na het BO MIRT op de hoogte

samen met een op te stellen investeringsstrategie één

aangepast. Bij die integratieslag zal vooral een verdere

gebracht van de afspraken en verzocht om in te stemmen

Verstedelijkingsstrategie vormen. Deze willen we eind

samenhang op MRA-niveau tussen wonen, werken,

met de definitieve versie van de Verstedelijkingsstrategie.

2021 vaststellen.

mobiliteit, klimaatadaptatie, sociaal-maatschappelijke

Om te komen tot die definitieve versie van het

effecten, landschapsontwikkeling en energie in het stuk

Verstedelijkingsconcept worden drie tussenversies

Hoewel deze versie van het Verstedelijkingsconcept al

terugkomen (meerkernige metropool). Daarnaast zal

opgeleverd, waarvan dit de tweede is. Op deze tweede

een duidelijke koers uitzet, zijn er ook onderdelen die

een verdergaande integratie tussen het watersysteem,

versie worden raden en staten en de Rijkspartners

nadrukkelijk nog onderwerp van gesprek zijn. Dit geldt

ecologie, landschap en recreatie worden vormgegeven

gevraagd wensen en opvattingen mee te geven. Deze

specifiek voor:

(groenblauw netwerk). Het gaat daarbij niet om allerlei

worden gebruikt als input voor het opstellen van versie 3,

•

de uitwerking van de integraal te ontwikkelen

nieuwe onderwerpen, maar het nog meer in samenhang

de definitieve versie van het Verstedelijkingsconcept en

gebieden in afspraken tussen Rijk en regio en

beschouwen van de in versie 2 al aanwezige onderwerpen.

fasering. Elke versie wordt besproken door de Stuurgroep

afspraken binnen de regio (hoofdstuk 4),

van Rijk en regio, die telkens wordt voorafgegaan door

het mobiliteitssysteem (dit wordt uitgewerkt in

Onzekerheid

samenwerking met het Rijk-regioprogramma Samen

Beleid voor ruimtelijke ontwikkeling heeft per definitie

behoeve van afstemming binnen de MRA. Raads- en

Bouwen aan Bereikbaarheid),

te maken met onzekerheid. We weten dat het klimaat

statenleden hebben de mogelijkheid gehad geïnformeerd

•

het energiesysteem,

verandert, maar we weten niet hoe snel en tot op welk

te raken over versie 1 en aandachtspunten mee te geven

•

de sociaal-maatschappelijke

niveau. We weten dat we toe moeten werken naar een

in april 2021. Deze versie 2 ligt nu via een wensen- en

handelingsperspectieven,

duurzame energiehuishouding, maar we weten nog niet

opvattingenperiode voor aan raden en staten.

de economische profielen.

precies hoe zo’n energiesysteem eruit gaat zien en welke

•

•

bestuurlijk overleg van MRA Platform Ruimte ten

ruimtebehoeftes daaraan verbonden zijn. COVID-19 is Tegelijkertijd zijn er al diverse afspraken gemaakt tussen

een heel actuele bron van onzekerheid. De pandemie zal

Rijk en regio over de polycentrische ontwikkeling

blijvende effecten hebben op onze manier van leven, maar

tot 2030, die in dit document (met name paragraaf

het is nog onduidelijk welke. Ruimtelijke programma’s

2.2) terugkomen. In bijlage 3 is een overzicht van de

moeten voortdurend worden herijkt en aangepast aan

reeds gemaakte afspraken opgenomen. Daarnaast

ontwikkelingen die nu nog onzeker zijn. Daarom wordt

heeft de Stuurgroep Verstedelijkingsstrategie richting

aan de Verstedelijkingsstrategie een monitoringssysteem

bepaald voor de volgende onderdelen van het

verbonden. Dit krijgt vorm in komende versies van het

Verstedelijkingsconcept:

Verstedelijkingsconcept.

•

landschap,

•

watersysteem,

•

ecologisch systeem.

3

De Verstedelijkingsstrategie van de MRA wordt onderdeel

De metropoolregio naar 2050: metropool van grote klasse met menselijke maat

van de Omgevingsagenda Noordwest Nederland. Dit

De Metropoolregio Amsterdam kenmerkt zich door

is de gebiedsgerichte uitwerking van de Nationale

enorme verscheidenheid op relatief kleine afstand. De

Omgevingsvisie (NOVI) en vormt het beleidskader en

metropool is een netwerk van steden en dorpen met elk

de uitvoeringsagenda voor de samenwerking tussen

een eigen karakteristiek in een gevarieerd landschap, met

Proces

Samenvatting Inleiding

Rijk en regio. Ook heeft de Verstedelijkingsstrategie

Amsterdam als kernstad. De MRA biedt daarmee een

Met de Verstedelijkingsstrategie bepalen de

een wisselwerking met provinciale en gemeentelijke

menselijke maat en hoge leefkwaliteit, gecombineerd met

Metropoolregio Amsterdam (MRA) en het Rijk samen

omgevingsvisies en agenda’s.

een internationale oriëntatie. Economisch onderscheidt de

de koers voor de ontwikkeling van de MRA op de

regio zich met een goed opgeleide beroepsbevolking en

middellange (2030) en lange termijn (2050). De

De definitieve Verstedelijkingsstrategie wordt bij het

innovatieve bedrijvigheid. De MRA doet volop mee in de

strategie brengt keuzes op verschillende gebieden bij

Bestuurlijk Overleg MIRT in november 2021 vastgesteld

internationale top en levert als economisch, cultureel en

elkaar: van wonen, werken, mobiliteit en leefkwaliteit

met daaraan gekoppeld een set aan afspraken tussen

sociaal knooppunt een belangrijke bijdrage aan Nederland.

tot landschap, energie, (drink)water, klimaatadaptatie

Rijk en regio. Raden en staten worden na het BO MIRT

De Verstedelijkingsstrategie richt zich, naast het versterken

en ecologie. Bovendien integreert de strategie het

op de hoogte gebracht van de afspraken en verzocht

van de identiteit en de kwaliteiten van de MRA, op vijf

beleid van de afzonderlijke gemeenten, de provincies,

om in te stemmen met de definitieve versie van de

kernambities.

de waterschappen en het Rijk met eerder gemaakte

Verstedelijkingsstrategie. Om te komen tot de definitieve

afspraken. Zo geeft de Verstedelijkingsstrategie aan waar

versie van het Verstedelijkingsconcept met de fasering

Evenwichtig meerkernig ontwikkelen

we samen naartoe willen: naar een metropoolregio van

worden drie tussenversies opgeleverd, waarvan dit de

Eerste kernambitie is een evenwichtige meerkernige

grote klasse met een menselijke maat, die duurzaam is, en

tweede is. Raden, staten en rijkspartners worden gevraagd

ontwikkeling. De bevolking en de economie van de MRA

sociaal en economisch sterk.

om wensen en opvattingen mee te geven op dit concept.

zullen blijven groeien. Om deze groei een plek te kunnen geven, moeten we die opvangen in de regio als geheel.

De urgentie is hoog: er moeten veel woningen worden

Integratie

We bouwen zoveel mogelijk binnen de bestaande steden.

gebouwd11 en we staan voor grote transities. Alleen via

In de stap naar de definitieve versie zal ook een

Dat doen we in samenhang met stedelijke vernieuwing en

een integrale, gezamenlijke aanpak zal het ons lukken die

verdergaande integratieslag worden gemaakt. Mogelijk

integrale wijkaanpak in bestaande wijken in de gehele MRA.

opgaven het hoofd te bieden. De Verstedelijkingsstrategie

zal de opzet van het Verstedelijkingsconcept daardoor op

Zo spreiden we de druk op de lokale woningmarkten, blijft

laat zien dat er nog onbeantwoorde vraagstukken

onderdelen worden aangepast. Bij die integratieslag zal

de menselijke maat in stand en benutten en versterken we

en onzekerheden zijn, bijvoorbeeld op het gebied

vooral een verdere samenhang op MRA-niveau tussen

de kwaliteiten van alle dorpen en steden in de MRA. Daarbij

van energie en klimaatverandering en de structurele

wonen, werken, mobiliteit, klimaatadaptatie, sociaal-

blijven de open landschappen tussen de stedelijke gebieden

effecten van de COVID-pandemie. We moeten keuzes

maatschappelijke effecten, landschapsontwikkeling

intact.

maken, gezien het feit dat de ruimte schaars is en niet

en energie in het stuk terugkomen (‘meerkernige

alle ambities naadloos op elkaar aansluiten. Bovendien

metropool’). Daarnaast zal een verdergaande integratie

Rijk en regio hebben afgesproken tot 2030 175.000

moeten we investeren, maar ook dat kan niet allemaal

tussen het watersysteem, ecologie, landschap en recreatie

woningen te bouwen, onder andere rond OV-knooppunten

overal tegelijk. De Verstedelijkingsstrategie bevat daarom

worden vormgegeven (‘groenblauw netwerk’). Het gaat

in Amsterdam en Duivendrecht, in de stadsharten Almere,

behalve een verstedelijkingsconcept, ook een fasering en

daarbij niet om allerlei nieuwe onderwerpen, maar het nog

Haarlem, Hilversum, Hoofddorp, Lelystad, Purmerend en

een investeringsstrategie.

meer in samenhang beschouwen van de in deze versie 2 al

Zaanstad en regionale centra zoals Amstelveen en spoorzone

1 175.000 woningen tot 2030; oplopend tot 250.000 in 2040 en 325.000 tot 2050. We onderzoeken of het mogelijk is de bouwproductie te versnellen tot maximaal 220.000 woningen in 2030.

aanwezige onderwerpen.

4

Beverwijk2 . Door de zeven stadsharten versneld te

Veerkrachtige, schone en inclusieve economie

maatwerk en innovatie, vooral rond Schiphol. Rijk en MRA

ontwikkelen tot hoogstedelijke woonwerkmilieus, werken

Tweede kernambitie: de economie moet veerkrachtig,

zullen handelingsperspectieven opstellen om deze sociaal-

we aan een aantrekkelijk vestigingsklimaat en stimuleren

schoon en inclusief zijn. We streven een goede match na

maatschappelijke doelen te bereiken.

we een evenwichtige ontwikkeling. Naar verwachting

tussen het aantal banen voor bepaalde opleidingsniveaus

is met ruimtelijk-economisch beleid de locatiekeuze

en de beroepsbevolking met die opleiding. Rijk en MRA

Duurzaam

van zo’n 10% van de banengroei op OV-locaties te

zullen de ruimte op bestaande en nieuwe woonwerk-

Een volgende kernambitie is dat de MRA in 2050 is

beïnvloeden. De inzet is om dit beïnvloedbare aandeel te

en werklocaties zo intensief mogelijk ontwikkelen.

aangepast aan en voorbereid op klimaatveranderingen,

benutten om zeven stadsharten verspreid over de MRA

We houden rekening met de mogelijkheid dat de

dat het gebruik van eindige grondstoffen drastisch

te versterken, in aanvulling op de banengroei die uit de

transformatie naar een circulaire economie tijdelijk

is teruggebracht en dat emissies van CO2 en andere

deelregio zelf voortkomt.

om extra ruimtegebruik vraagt, vooral in haven- en

broeikasgassen zijn teruggedrongen. Daar moeten we

industriegebieden. Mede vanwege transformaties

nu al mee aan de slag, onder andere via de afspraken in

Met het oog op de grote woningbehoefte zoeken we

van bestaande bedrijventerreinen tot gemengde

nationale en internationale Klimaatakkoorden. Dat betekent

naar mogelijkheden om de bouwproductie tot 2030 te

woonwerklocaties, is er aanvullende ruimte nodig voor

bijvoorbeeld dat stedelijke en economische ontwikkelingen

verhogen tot 220.000 woningen. Rijk en regio verkennen

bedrijvigheid. Waar kunnen we die ruimte vinden? Daar

en herstructureringen klimaatbestendig worden uitgevoerd:

de mogelijkheden en de randvoorwaarden daartoe

zullen we keuzes in moeten maken. In het algemeen

bestand tegen toenemende hitte en droogte, en beschermd

op vijf grote ontwikkellocaties: Achtersluispolder in

draagt de ruimtelijk-economische ontwikkeling bij aan de

tegen overstromingen en wateroverlast. Ze worden

Zaanstad, Almere Pampus, Haven-Stad in Amsterdam,

internationale concurrentiekracht en aan het regionale en

waterneutraal uitgevoerd: nieuwe woon- en werklocaties

Amsterdam Zuidoost/Duivendrecht en Hoofddorp

nationale innovatievermogen.

brengen geen extra belasting met zich mee voor het watersysteem en er vindt geen afwenteling plaats op het

Centrum/ Haarlemmermeer West. Een groot deel van de plancapaciteit in die gebieden is nu nog voor na 2030

Sociaal sterk

regionaal- en/of hoofdwatersysteem. Nieuwe werken (zoals

voorzien. Versnelling is alleen mogelijk als wordt voldaan

De Verstedelijkingsstrategie besteedt expliciet aandacht

woningen, datacenters en infrastructuur) vinden alleen

aan noodzakelijke randvoorwaarden op het gebied

aan een belangrijke kwaliteit van de regio, namelijk dat

plaats daar waar ze te combineren zijn met een robuust

van betaalbaarheid, investeringscapaciteit corporaties,

de sociaaleconomische verschillen er in vergelijking

en toekomstbestendig water- en bodemsysteem. Ook de

stikstofaanpak, geluidscumulatie, bereikbaarheid,

met andere Europese metropoolgebieden beperkt

uitstoot van broeikasgassen door daling van veenbodems

energietransitie, klimaatadaptatie en landschappelijke

zijn. Ontwikkelingen op de woning- en de arbeidsmarkt

willen we terugdringen. Nu al moeten we anticiperen op de

ontwikkeling en de daarvoor benodigde investeringen.

brengen die kwaliteit in gevaar. Daarom richt de

klimaatverandering tot ver na 2050. Consequenties moeten

Verstedelijkingsstrategie zich op kansengelijkheid

expliciet worden meegenomen in plannen voor woningbouw

Op ontwikkellocaties op overige plekken in de MRA

en betaalbare woningen voor alle inwoners en op

en bedrijvigheid, bijvoorbeeld als ze versterkingen

worden circa 52.000 woningen toegevoegd. Deze zijn

het tegengaan van segregatie. Dat werkt door in de

van waterkeringen noodzakelijk maken. Omgaan met

ook goed bereikbaar per openbaar vervoer en dragen

verdeling van programma’s over de MRA (wonen,

onzekerheden betekent dat ruimtelijke ontwikkelingen ook

bij aan een divers, op de woningbehoefte aansluitend

werken, voorzieningen). De afstand en reistijd tussen

op korte termijn worden getoetst aan alle scenario’s voor de

aanbod.

wonen en werken moet optimaal in balans zijn, zodat

lange termijn

mobiliteit ook voor praktisch en middelbaar opgeleiden

2 Deze 175.000 woningen zijn als volgt verdeeld: circa 70.000 in Amsterdam, 53.000 in de genoemde zeven stadsharten en 52.000 op andere locaties in de MRA.

betaalbaar blijft. Ook moeten alle inwoners in de regio

Waardevol en verbindend landschap

in een gezonde leefomgeving wonen. Het vinden van

Het gevarieerde landschap in de MRA is uniek en

een balans met economische groeimotoren vraagt om

waardevol. Het versterkt en verbindt de steden. Met de

5

Verstedelijkingsstrategie willen we de functies en kwaliteiten

andere het zoeken naar tijdelijke waterbufferlocaties,

Het energiesysteem in de MRA staat daarom voor

van dat landschap verstevigen. Dat is de vijfde kernambitie.

bijvoorbeeld in het Oer-IJ en de Gooi en Vechtstreek, en

fundamentele vernieuwing. Warmte zal als energiebron een

Dit betekent bijvoorbeeld dat we gebieden met bijzondere

de bescherming van vitale en kwetsbare infrastructuur

grotere rol gaan spelen en duurzame bronnen als zon en

landschappelijke waarden – bijvoorbeeld Natura2000,

tegen overstromingen.

wind zullen fossiele brandstoffen vervangen. Gecombineerd met het feit dat het stroomgebruik blijft stijgen, stelt dat

Natuurnetwerk Nederland, cultuurhistorische landschappen – koesteren en waar nodig van een kwaliteitsimpuls voorzien.

Ecologie

hoge eisen aan het elektriciteitsnet. Dat leidt tot lastige

We willen ook andere landschappen versterken, zodat

De biodiversiteit is in een paar decennia achteruit gehold.

dilemma’s en forse investeringen voor netbeheerders. Al op

ze meer bijdragen aan recreatie, een vitale natuur, een

We moeten natuur de ruimte bieden, in een veerkrachtig

korte termijn doemen knelpunten op, ook in onze regio. Een

toekomstbestendige landbouw en het vasthouden en bergen

en robuust ecologisch systeem. Dat is een voorwaarde

taskforce van overheden en de netbeheerders adviseert

van water. Bij aanleg van infrastructuur en stedelijke en

voor herstel van de biodiversiteit en voor een gezonde

over het oplossen van deze knelpunten, samen met lokale

economische functies zorgen we dat die de landschappelijke

en aantrekkelijke leefomgeving. Tot 2027 werken we

partijen. De taskforce zal ook onderzoeken wat er in het

kwaliteiten mee helpen versterken.

aan afronding van het Natuurnetwerk Nederland. Dit

energiesysteem nodig is om de Verstedelijkingsstrategie,

netwerk van onderling verbonden natuurgebieden legt

inclusief duurzame opwek, tot 2030 uit te voeren3 . Op

de basis voor zo’n ecologisch systeem. Maar ook de

lange termijn werken we toe naar een geïntegreerd,

Een aantal systemen ‘draagt’ de verstedelijking in onze regio:

gebieden buiten het Natuurnetwerk, binnen en buiten

hybride systeem dat een stabiele energievoorziening

water, ecologie, energie en mobiliteit. Voor een duurzame en

de stad, moeten we natuurinclusief inrichten en beheren:

waarborgt op basis van verschillende duurzame bronnen en

sterke toekomst van de metropoolregio moeten we ook deze

meer groen, een klimaatbestendige waterhuishouding

kleinschalige energiewinning. De langetermijnkeuzes voor

systemen op orde hebben.

en minder versnippering van landschap, verdroging en

het energiesysteem hebben gevolgen voor de ruimte. We

uitstoot van broeikasgassen. Zo’n aanpak is onderdeel

onderzoeken de komende tijd de consequenties van drie

Water

van het nationale Programma Natuur van het Rijk en de

scenario’s: het concentreren van verstedelijking op plekken

Klimaatverandering en verdergaande verstedelijking hebben

provincies. Daarnaast ontwikkelen we Groene Zones:

waar netcapaciteit beschikbaar is en duurzame opweklocaties

grote invloed op ons watersysteem. Technische aanpassingen in

gebieden waar natuurwaarden samengaan met andere

dichtbij zijn, het concentreren van verstedelijking bij knopen

dat systeem zijn niet langer genoeg. Klimaatverandering vraagt

functies, zoals waterbuffering, klimaatadaptatie, landbouw

in het energienet en het concentreren van energievragers in

om fundamentele aanpassingen in het gehele watersysteem

en recreatie. Dergelijke zones zijn in beeld tussen de

zelfvoorzienende clusters.

in samenhang met de ruimtelijke inrichting. De nadruk bij

duinen en het Groene Hart, tussen Spaarnwoude en de

een waterrobuuste inrichting ligt op het vasthouden van

Zaanstreek, tussen de Zaanstreek en het IJmeer, bij de

Mobiliteit

water. Dat betekent dat we overstromingsrisico’s beperken en

Oostvaardersoevers, door Almere en als groenblauwe

Het mobiliteitssysteem vraagt om een transitie: een

ruimte bieden voor et vasthouden en het bergen van water.

dooradering van het landbouwgebied van Flevoland

duurzame, gezonde en slimme mobiliteit, die het mensen

Dat we verstandig omgaan met drinkwater en zoetwater

en Noord-Holland. De Groene Zones sluiten aan op

gemakkelijk maakt om hun reis van deur tot deur te

opdat er ook bij langdurige droogte voldoende beschikbaar is.

ecologische verbindingen die tot diep in steden en dorpen

organiseren, op betaalbare wijze en beperkt afhankelijk

Bovendien moeten we de kwaliteit van ons water verbeteren.

doorlopen.

van een eigen auto. We zien het mobiliteitssysteem als

Toekomstbestendige systemen

Klimaatverandering en bijvoorbeeld de stijging van de

één samenhangend geheel van modaliteiten: lopen,

zeespiegel gaan door na 2050. Ruimtelijke ontwikkelingen

Energie

fiets, openbaar vervoer en auto, met daartussen hubs

moeten daar nu al rekening mee houden. Rijk en regio zullen

Vanwege klimaatverandering, schaarser wordende

en overstappunten. Door woon- en werklocaties en

een integrale systeemvisie opstellen voor een waterrobuuste

fossiele brandstoffen en geopolitieke overwegingen

voorzieningen zoveel mogelijk in steden te concentreren,

en klimaatbestendige regio. Aandachtspunten zijn onder

moeten we de transitie maken naar duurzame energie.

vlakbij knooppunten van openbaar vervoer, bevorderen 3

Dat gebeurt mede op basis van de Regionale Energiestrategieën.

6

we dat mensen lopen, fietsen en gebruikmaken van het

Integraal te ontwikkelen gebieden

Zaanstreek/Waterland

openbaar vervoer. Naast investeringen in de stedelijke

Wat betekent de Verstedelijkingsstrategie voor de

Hier zien we inclusieve steden in een authentiek en eigentijds

bereikbaarheid, is er op regionaal niveau een schaalsprong

bestaande landschappen, steden en economische centra

Hollands landschap. De groei van de stedelijke centra moet

in het mobiliteitssysteem nodig. Rijk en regio werken hieraan

in de MRA? Hoe kunnen we hun kracht en identiteit

gepaard gaan met sociaal-maatschappelijke versterking,

in het programma Samen Bouwen aan Bereikbaarheid. De

optimaal benutten en versterken? Dat werken we in

bijvoorbeeld via integrale plannen voor de stadsharten van

programmalijn Multimodaal Toekomstbeeld zal een gedragen

het Verstedelijkingsconcept uit voor zes deelgebieden:

Zaanstad en Purmerend en mogelijk versnelde ontwikkeling

eindbeeld (2040) geven voor de systeemkeuzes voor fiets,

Noordzeekanaalgebied/Zuid-Kennemerland,

van de Achtersluispolder en de aanleg van de HOV-

openbaar vervoer en weg, geredeneerd vanuit de interactie

Zaanstreek/Waterland, Oostflank, Gooi en Vechtstreek/

verbinding ZaanIJ. De bodemdaling in veenweidegebieden

tussen de systemen vanuit de ketenbenadering (deur tot deur).

Diemerscheg, Zuidflank en Amsterdam.

vormt een tweede belangrijke opgave. Samen met alle

Voor het wegverkeer wordt een redesign van het ringwegennet

betrokkenen, waaronder agrarisch ondernemers, moeten

onderzocht, in samenhang met maatregelen op de corridors en

Noordzeekanaalgebied/Zuid-Kennemerland

we hier van onderop werken aan een nieuwe toekomst.

beleidsmatige maatregelen. Door de A5 en de A9 onderdeel

Deze ‘kennis- en energiehotspot aan zee’ is zowel

Andere aandachtspunten in dit gebied zijn onder meer

te maken van de ring rond Amsterdam verdeelt het verkeer

de nautische toegangspoort van de MRA als een

het zoeken naar een tracé-alternatief voor de 380 kV-

zich evenwichtiger over het gehele wegennet van de MRA. Op

proeftuin voor toegepaste innovatie op het gebied

hoogspanningsleiding vanwege mogelijke versterking van het

delen van de binnenring (o.a. de A10 West) kan de focus dan

van duurzaamheid en circulaire economie. In het

elektriciteitsnet, en ruimtelijke inpassing van de verbinding

verschuiven naar het bestemmingsverkeer. In het openbaar

Noordzeekanaalgebied strijden diverse functies om de

A8-A9 in het landschap van het UNESCO Werelderfgoed

vervoer kan een schaalsprong in het regionale HOV nieuwe

ruimte: energietransitie, ontwikkeling van de circulaire

Stelling van Amsterdam.

ontwikkelingsgebieden ontsluiten en ruimte vrijspelen op het

economie, landschap, water, wonen, werken, luchtvaart.

(inter)nationale spoornetwerk. Over drie trajecten hebben Rijk

We moeten hier keuzes maken. In de uitwerking van

Oostflank

en regio afspraken gemaakt. Eerste stap is het doortrekken van

de Verstedelijkingstrategie zullen we ons onder meer

De Oostflank levert een grote bijdrage aan de MRA

de Noord/Zuidlijn tussen Amsterdam-Zuid en Hoofddorp en

moeten uitspreken over eventuele uitbreiding van het

qua wonen, werken en recreëren. Nog steeds biedt de

het sluiten van de Amsterdamse metroring tussen Isolatorweg

havencomplex, wel of geen ruimtereservering in de

Flevopolder veel mogelijkheden om ruimschoots bij te dragen

en Amsterdam Centraal. Beide zijn gerelateerd aan de

Wijkermeerpolder voor bedrijventerrein, groen landschap

aan de grote regionale bouwprogramma’s. Met versnelling

ontwikkeling van de ZWASH-zone (Zuidwestkant Amsterdam-

met tijdelijke waterbuffering in het Oer-IJ, mogelijke

van de woningbouw in de stadsharten Almere en Lelystad

Schiphol-Hoofddorp-Amsterdam Zuidoost). Daarnaast hebben

versnelling van de woningbouw en reservering van extra

en stedelijke vernieuwing spelen we hierop in. Toevoegen

Rijk en regio de conclusie over de IJmeerlijn uit het MIRT-

ruimte voor energietransitie. Elke keuze heeft gevolgen

van woningbouw aan de stadsranden is noodzakelijk voor

onderzoek Amsterdam Bay Area onderschreven, namelijk dat

voor meerdere andere onderwerpen, die soms ook

het afronden van de stedenbouwkundige opzet van de

“een lightrailverbinding bij de in het onderzoek onderzochte

verder reiken dan het Noordzeekanaalgebied zelf. Deze

beide steden. De natuurrijke omgeving van Nationaal

programma’s voor wonen en werken (ca. 100.000 woningen en

vraagstukken worden uitgewerkt in samenhang met

Park Nieuw Land en het groene karakter van het stedelijke

40.000 arbeidsplaatsen), een kansrijke oplossing vormt om bij te

de NOVI-gebiedsaanpak NZKG. Daarnaast moeten we

gebied bieden ook kansen om de vrijetijdseconomie verder

dragen aan de hoofdopgaven van het programma SBaB en aan

keuzes maken rond de regionale bereikbaarheid, de

te ontwikkelen. Het economisch profiel van dit nieuwe land

de verstedelijkingsopgave in de Oostflank van de MRA”.

integrale ontwikkeling van de drie OV-knooppunten

is nog volop in beweging. Lelystad krijgt steeds meer een

in Haarlem, en het verbinden van Nationaal Park Zuid-

profiel als multimodale logistieke hub, mede dankzij de

Kennemerland met Spaarnwoude en PARK21.

economische kansen van Lelystad Airport. Het economisch profiel van Almere ontwikkelt zich verder door versterking van de transitiesectoren, onder andere met uitbreiding

7

van het onderwijsaanbod. Andere opgaven in dit gebied zijn

hier keuzes maken over de leefkwaliteit rondom Schiphol

Fasering

onder meer de ontwikkeling van Almere Pampus inclusief de

in relatie tot de verstedelijking en de toekomst van de

Het Verstedelijkingsconcept geeft de koers aan voor de

ontsluiting via OV, weg en fiets en in aansluiting op de afspraken

luchthaven. Ook de opgave om 800 hectare verrommeld

ontwikkeling van de regio tot 2050. Waarmee we ruimte

rond bijvoorbeeld de IJmeerlijn (en de potentiële versnelling

glastuinbouwgebied aan te pakken, hangt hiermee

bieden voor 325.000 woningen en 270.000 banen,

van de ontwikkeling); natuur- en landschapsontwikkeling in

samen. Voorts is in de Zuidflank een versnelling nodig

inclusief bijbehorende voorzieningen en infrastructuur

en om Markermeer en IJmeer, en de mogelijke aanleg van een

in de aanleg van recreatiegebieden en het toegankelijk

voor de grote transities. De ontwikkelingen zijn grofweg in

hyperconnectiviteitshub (cluster van datacenters) in Zeewolde.

maken van het landschap tussen de dorpen en steden.

te delen in twee hoofdlijnen die elk een volgordelijkheid in

Dat krijgt onder meer gestalte in de ontwikkeling van en

de tijd kennen. Dit faseringsbeeld schetst nadrukkelijk de

Gooi en Vechtstreek/Diemerscheg

landschappelijke verbinding tussen de Westeinderscheg

gewenste ontwikkeling in de tijd. Niet alles kan tegelijkertijd.

Gooi en Vechtstreek is de groenblauwe verbinder van de

en PARK21, en de doorontwikkeling van de Amstelscheg.

Investeringsmogelijkheden zijn niet onbeperkt en er zijn

dichtbevolkte stedelijke regio’s Amsterdam, Almere, Amersfoort

Andere opgaven, verbonden aan de positie als

grenzen aan wat de markt aankan. Ook is maatschappelijk

en Utrecht. Met hoogwaardige voorzieningen is dit een

internationale entree, zijn de integrale ontwikkeling van

draagvlak een belangrijke factor.

prettige omgeving om te wonen, werken en recreëren. Een

de zone Haarlemmermeer-Schiphol-Zuidas-Amsterdam

opgave in dit gebied is de klimaatbestendige inrichting van de

Zuidoost/Duivendrecht-Diemen en het eventueel

Meerkernige ontwikkeling

ruimte in samenhang met het watersysteem. De regio verkent

doortrekken van de Noord/Zuidlijn van Amsterdam-Zuid

In fasering ligt in het komend decennium de nadruk op het

hiertoe bestaande en toekomstige knelpunten als gevolg van

naar Schiphol of Hoofddorp.

verlichten van de druk op de woningmarkt met de bouw van

klimaatverandering - via de risicodialogen van het Deltaplan

175.000 woningen tot 2030. Waar mogelijk wordt nog verder

Ruimtelijke Adaptatie (DPRA) - én de verstedelijkingsopgave.

Amsterdam

versneld. Deze inzet op versnelde woningbouw willen we

Het gaat dan bijvoorbeeld over verdroging en extra belasting

Amsterdam is de kernstad van de metropoolregio,

gepaard laten gaan met het versterken van de meerkernige

door piekbuien. Voor deze knelpunten wordt een oplossing

met een zeer diverse bevolking en een grote

opzet van de metropoolregio. Accent ligt daarbij op de

gezocht in de regio. Eventuele restopgaven worden besproken

aantrekkingskracht. De kunst is om de demografische

ontwikkeling van de (hoog)stedelijke woonwerkmilieus

met het Rijk, via de gezamenlijke systeemstudie. Overige

en economische groei hand in hand te laten gaan

in de stadsharten in de MRA en het versterken van het

aandachtspunten in dit gebied zijn onder andere het versterken

met verbetering van het leefklimaat en gelijke kansen

economisch profiel in de kernen rond Amsterdam voor

van de OV-locaties aan Gooicorridor, ook in relatie tot integrale

voor alle inwoners. Opgaven hier zijn de bouw van

een meer evenwichtige werkgelegenheidsgroei in de

ontwikkeling van stadshart Hilversum, blijvende doorstroming

150.000 woningen met bijbehorende voorzieningen

MRA. Tegelijkertijd wordt er in alle kernen in de MRA

op de A1 en A27, en behoud en versterking van oude

en werkruimtes binnen de bestaande stad tot 2050,

gebouwd om aan de vereiste 175.000 woningen te komen.

cultuurlandschappen.

het bevorderen van de bouw van sociale en middeldure

Deze meerkernige ontwikkeling ondersteunen we met

huurwoningen en het versnellen van de bouwproductie

mobiliteitsmaatregelen en het aanpakken van knelpunten

Zuidflank

tot 2030 in Haven-Stad en Amsterdam Zuidoost. Ook

in het energienet. Prioriteit ligt bij het in samenhang met

Dit deelgebied, Amstelland-Meerlanden, bruist van

bínnen de stad wordt gestreefd naar meerkernigheid,

bereikbaarheid ontwikkelen van de internationale corridor

economische activiteit, bijvoorbeeld langs de internationale

door versterking van de centra in Noord, Nieuw-West

Zuidwest Amsterdam-Schiphol-Hoofddorp, inclusief

corridor Amsterdam-Schiphol-Hoofddorp en rond Schiphol

en Zuidoost en door de verdere ontwikkeling van de

Amsterdam Zuidoost, het verder ontwikkelen van de

en Greenport Aalsmeer. Dat trekt bedrijvigheid uit binnen-

Zuidas. Overige aandachtspunten zijn onder meer de

Westkant Amsterdam, bij centrumontwikkeling Almere aan

en buitenland. De behoefte aan woningen is groot, terwijl

omschakeling naar een autoluwe stad en de schaalsprong

de oostkant en het waar mogelijk additionele stappen zetten

nieuwbouw in dit gebied vanwege geluidsbelasting en

in het HOV die daarbij hoort, en het behouden en

ten aanzien van Amsterdam Bay Area. Klimaatadaptatie

luchtkwaliteitsnormen een uitdaging is. Rijk en regio moeten

versterken van de groene scheggen en landschappen.

en natuurinclusiviteit zijn integraal onderdeel van de

8

ontwikkelingen. Daarnaast investeren we in het landschap in de

Daarnaast is de HOV-verbinding ZaanIJ voorwaardelijk

nabijheid van grote woningbouwlocaties, waar de recreatiedruk

voor verdere ontwikkeling ten noorden van het

hoog is of toeneemt en waar de leefkwaliteit onder druk staat.

IJ. Voor de grote transformatiegebieden rond het

Voor versnelling van woningbouw en de ontwikkeling van de

Noordzeekanaalgebied moeten keuzes worden gemaakt

grote woningbouwlocaties na 2030, moet in dit decennium

en maatwerkoplossingen worden uitgewerkt voor

een schaalsprong in het OV-systeem voorbereid en opgestart

ruimte voor woningbouw en bedrijvigheid, en bij verdere

worden.

ontwikkelingen aan de zuidkant van de regio speelt de toekomstige ontwikkeling van Schiphol een belangrijke

Voor de energietransitie wordt de komende jaren het hybride

rol.

energiesysteem van de toekomst uitgewerkt. Een belangrijk rol hierbij speelt besluitvorming over aanlanding wind op

Groenblauw netwerk

zee en de rol van het Noordzeekanaalgebied in het (inter)

In de meerkernige ontwikkeling wordt gelijk met

nationale energienetwerk. Dit besluit is mede bepalend voor

woningbouwontwikkeling geïnvesteerd in nabijgelegen

de ruimtevraag voor de energietransitie en of en waar een extra

landschap zoals Amstelscheg, Westeinderscheg en

380 kV-hoogspanningstracé door de regio noodzakelijk is.

Diemerscheg. Tot 2027 wordt het Natuurnetwerk

Naast de energietransitie kan ook de omschakeling naar een

Nederland afgerond en komende decennia wordt gestaag

circulaire economie leiden tot aanvullende ruimtevraag. Dit

doorgewerkt aan het toekomstbestendig ecologisch

alles speelt zich vooral af op de as Noordzeekanaalgebied-

systeem Markermeer-IJmeer. Hiermee wordt het rijke

Oostflank. Hoewel er met name na 2030 aanvullende ruimte

groenblauwe netwerk van de MRA versterkt. Tegelijkertijd

voor industriële bedrijvigheid nodig is, is hiervoor al op korte

staat de komende tijd in het teken van het voorbereiden

termijn (voor 2023) een uitgekiende bedrijventerreinenstrategie

van enkele grote transities in het groenblauwe

met bijbehorende bestuurlijke afspraken nodig. Belangrijke

netwerk. Het gaat dan om de integrale aanpak van de

gebieden in dit verband zijn: Wijkermeerpolder, Houtrakpolder

veenweidegebieden en van het watersysteem in de Gooi

in het Noordzeekanaalgebied; Baanstee-Noord/De Purmer

en Vechtstreek en om de integrale systeemvisie voor

in Purmerend en buiten de MRA de Boekelermeerpolder in

een klimaatrobuuste regio. Kleine maatregelen uit deze

Alkmaar; en in de Oostflank Flevokust Haven en De Vaart. Deze

aanpakken en visies kunnen in het eerste decennium

strategie is ook van belang voor de ontwikkeling van de grote

uitvoering krijgen. De grotere maatregelen zullen na

transformatielocaties Haven-Stad en Achtersluispolder.

2030 uitgevoerd worden. Dan gaat het om gebieden inrichten voor piekwaterberging en in omschakelen naar

Na 2030 wordt de lijn van meerkernige ontwikkeling

ander grondgebruik bijvoorbeeld op vlak van landbouw.

voortgezet en zullen de grote ontwikkellocaties een steeds

Landschapsontwikkeling kan op al deze ingrepen

grotere rol gaan spelen in de bouwproductie, tenminste als de

meeliften.

noodzakelijke randvoorwaarden daarvoor gerealiseerd zijn. Concreet gaat het dan om de metroprojecten doortrekken Noord/Zuidlijn tot Hoofddorp, het sluiten van de metroring in Amsterdam en de metroverbinding Amsterdam-Almere.

9

Keuzevraagstukken

faciliteiten (een waterstoffabriek, onderstations, opslag

Gezonde leefomgeving

waterstof) op land, deels op bestaande terreinen deels buiten

Zijn we bereid de maximale ruimte die de wetgever biedt,

het NZKG (in de provincie of Nederland)?

te benutten om hogere grenswaarden te hanteren met als doel maximale menging van wonen en werken in de buurt

van versie 2 naar versie 3 Circulaire economie

van de haven mogelijk te maken rekening houdend met

Over de volgende onderwerpen en gebieden moeten nog keuzes

De circulaire transitie gaat om een transitie van alle

een brede definitie van leefkwaliteit?

worden gemaakt:

bedrijven in een periode van 30 jaar, waarbij momenteel nog

Noordzeekanaalgebied (NZKG) (i.s.m. NOVIgebied NZKG) In het Noordzeekanaalgebied wordt uitgegaan van de

onduidelijk is of deze transitie gerealiseerd kan worden op

Waterbuffering (in samenhang met Toekomstbestendig

de bestaande haven-, industrie- en bedrijventerreinen of dat

ARK/NZK)

hiervoor significante additionele ruimte nodig is. Zijn we in dat

Het Noordzeekanaal vormt samen met het Amsterdam-

licht bereid om ruimte te reserveren en tot innovatie, deels op

Rijnkanaal onderdeel van de ruggengraat van het

bestaande terreinen deels daarbuiten?

watersysteem in de regio. Bij piekbelasting is de afvoercapaciteit op termijn niet robuust genoeg om deze

afspraken die in de Visie NZKG 2040 (vastgesteld door raden, staten en de ministerraad in 2013) zijn gemaakt. Het gaat om

Transformatie

pieken op te vangen. Daarvoor is het noodzakelijk dat er

afspraken over transformatie van gebieden naar gemengde

In samenhang met de woningbouw in Amsterdam en

maatregelen worden getroffen. Een te onderzoeken optie

woonwerkgebieden onder een aantal voorwaarden (waarbij

Zaanstad worden bedrijventerreinen getransformeerd en is

is peilverhoging in het Noordzeekanaal. Daarnaast wordt

passendheid voor de zittende bedrijven die het aangaat een

er elders ruimte nodig om bedrijven die een andere locatie

gezocht naar ruimte voor tijdelijke waterbuffering. Zijn we

essentiële voorwaarde is) en het uitbreiden van havenactiviteiten

zoeken te behouden voor de regio. Voor havengebonden

bereid een deel van het Oer-IJ te reserveren voor tijdelijke

onder voorwaarden (waarbij het eerst intensiveren van

activiteiten is gedeeltelijk nog ruimte in de haven en is er

waterbuffering?

bestaande terreinen een essentiële voorwaarde is). Anno 2021

wanneer voldoende is geïntensiveerd een reservering

is daar een aantal vraagstukken in het gebied bijgekomen. Het

aangewezen. Voor zogenaamde ‘droge’ bedrijventerreinen

valt daarnaast niet uit te sluiten dat daar in de toekomst nog

is mogelijk extra ruimte benodigd. Zijn we in dat licht bereid

additionele ruimteclaims bijkomen, bijvoorbeeld vanwege

om ruimte te reserveren voor bedrijven, deels op bestaande

hogere ambities op klimaatdoelen. Dit leidt tot een aantal nieuwe

terreinen deels daarbuiten?

keuzevraagstukken en vraagt om innovatieve oplossingen in het gebied. In het Verstedelijkingsconcept moeten daarvoor de

Gezien de aanvullende ruimtevraag voor bedrijventerrein

eerste bestuurlijke kaders worden geboden. Verdere uitwerking

in het Noordzeekanaalgebied:

en afwegingen vinden plaats in de Rijk-regio samenwerking in

Wijkermeerpolder: zijn we bereid in gesprek te gaan over het

het NOVI-gebied NZKG.

al dan niet benutten van een deel van de Wijkermeerpolder als reservering voor bedrijventerrein aanvullend op de reeds

Energietransitie (i.s.m. RES/CES/PEH)

gemaakte reserveringen in de Visie NZKG? Zijn we bereid

De realisatie van windparken op zee vraagt om een aanlanding

andere locaties in de regio bij dit vraagstuk te betrekken

van de op zee gewonnen energie aan de Nederlandse kust. De

zoals Baanstee Noord/De Purmer in Purmerend en/of

omvang van de ruimteclaim van aanlanding van wind op zee in

Boekelermeer in Alkmaar of Almere en Lelystad inclusief de

de IJmond is nog onzeker. Zijn we in dat licht bereid om ruimte

daarbij behorende randvoorwaarden?

te reserveren voor de aanlanding van energie en benodigde

10

Schiphol (i.s.m. Luchtvaartnota)

Transformeren verrommeld glas

•

Vierde Hyperconnectiviteitshub

Transformeren van het verrommeld glas kan een bijdrage

(i.s.m. inpassingsonderzoek vierde

Leefkwaliteit

leveren aan de verbetering van de leefkwaliteit en een

hyperconnectiviteitshub / datacenterstrategie

De economische kansen in de Zuidflank hebben in veel gevallen

landschappelijke verbinding tussen de Westeinderscheg,

MRA)

te maken met de aanwezigheid van Schiphol, een economische

de Amstelscheg en het Groene Hart. Zijn we bereid

De MRA heeft nu een drietal clusters van

motor voor Nederland en de regio in het bijzonder. De vraag

mogelijkheden te creëren en te investeren in het opruimen

datacenters op zogenaamde hyperconnectiviteit.

is daarbij hoe Schiphol een robuuste ontwikkeling naar de

van verrommeld glas?

Deze clusters bieden de infrastructuur voor de

toekomst kan doormaken? Tegelijkertijd legt de luchthaven

digitale economie in de regio. De komende jaren

ook een grote claim op de ruimte in de omgeving, waarbij er

Overige keuzevraagstukken

is er nog uitbreidingsmogelijkheid, maar naar

beperkingen gelden voor de ontwikkelingsmogelijkheden van

•

Uitbreiding 380 kV-netwerk, een nieuw tracé

verwachting is deze in 2030 benut. Vanaf 2030

andere functies vanwege de geluid- en risicobelasting door

Niet alle energie die binnen de MRA nodig is, kan in

is een vierde hyperconnectiviteitscluster nodig.

de luchtvaart. Daarnaast beïnvloedt de aanwezigheid van

de MRA worden opgewekt. Een deel van de stroom

De voorbereidingstijd die hiervoor staat, vraagt

Schiphol ook de mogelijkheden om het areaal verrommeld glas

moet van elders worden getransporteerd. Hiervoor is

op korte termijn om een besluit over de locatie

(zo’n 800 hectare) te transformeren. Een knelpunt dat zich

uitbreiding van het landelijke energienetwerk nodig.

voor dit cluster. Uit locatieonderzoek komt een

voortsleept, waardoor de gebieden verder verpauperen, met

Daarvoor zijn verschillende tracés in beeld: twee door

voorkeurslocatie bij Almere/Zeewolde naar voren.

negatieve gevolgen voor de ruimtelijke kwaliteit en leefkwaliteit.

Noord-Holland en één door Flevoland. Het ministerie

Na een inpassingsonderzoek kan besloten worden

Het investeren in landschap en recreatie, in combinatie met

van EZK is beslissingsbevoegd. De regio kan laten

tot aanwijzing van deze locatie. Dit loopt via lokale

ecologie en verbetering van het watersysteem en uitvoeren van

weten hoe over deze verschillende tracés wordt

besluitvorming.

klimaatadaptieve maatregelen, kan bijdragen aan het verbeteren

gedacht. Welke overwegingen moeten vanuit de

van de leefkwaliteit in de directe omgeving van de luchthaven.

verstedelijkingsstrategie MRA worden meegeven aan

De keuze is hier om op de middellange termijn een ontwikkeling

het ministerie van EZK?

na te streven waarin de belangen van de luchtvaart, de ruimtelijkeconomische ontwikkeling en de leefkwaliteit met elkaar in

•

Waterbuffer/peilverhoging Amsterdam-Rijnkanaal (i.s.m.

evenwicht zijn. Dit vraagt om een integrale gebiedsaanpak

Toekomstbestendig ARK/NZK)

(samenwerking Luchtvaartnota en VS MRA) waarbij de centrale

Het Noordzeekanaal vormt samen met het Amsterdam-

vraag is:

Rijnkanaal onderdeel van de ruggengraat van het

Wat is de juiste balans tussen ruimte voor woningbouw,

watersysteem in de regio. Bij piekbelasting is de

leefomgevingskwaliteit, gezondheid en de ruimte voor luchtvaart

afvoercapaciteit op termijn niet robuust genoeg om

en welke keuzes zijn daarvoor nodig? En zijn we bereid te

deze pieken op te vangen. Daarvoor is het noodzakelijk

investeren in de leefkwaliteit in het gebied, bijvoorbeeld

dat maatregelen worden getroffen. Een te onderzoeken

in landschappelijke en recreatieve ontwikkelingen en

optie is tijdelijke peilverhoging in het Amsterdam-

verbindingen?

Rijnkanaal, wat op die momenten leidt tot een minder grote doorvaarhoogte bij de bruggen. Daarnaast wordt gezocht naar ruimte voor tijdelijke waterbuffering. Waar wordt een zoekgebied aangewezen voor de waterbuffer in het Vechtplassengebied?

11

12

1. Inleiding en leeswijzer 13

Inleiding en leeswijzer De Metropoolregio Amsterdam is een van de economische groeimotoren en belangrijkste sociale knooppunten van Nederland en doet mee in de internationale top. De regio staat voor een aantal urgente, complexe en omvangrijke opgaven. De enorme aantrekkingskracht van de regio brengt economisch succes, maar zet de leefkwaliteit op onderdelen ook onder druk. De afgelopen jaren concentreerde de groei zich voornamelijk in en om Amsterdam. Dit heeft toenemende drukte en oplopende vastgoedprijzen tot gevolg. En als de verdeling van de groei blijft zoals nu, dan groeien de verschillen in de regio, met een negatieve uitwerking op de kansengelijkheid binnen de MRA. De vraag is dus hoe we de groei accommoderen op zo’n manier dat we de leefkwaliteit en de economische kracht van de regio bestendigen. Daarbovenop komt dat transities nodig zijn om de regio ook in de verre toekomst bewoonbaar en leefbaar te houden. Het schaalniveau van de Metropoolregio Amsterdam is hierbij van groot belang. De regio vormt functioneel één geheel: de MRA omspant het gebied waarbinnen het grootste deel van het woonwerkverkeer, de recreatieve verplaatsingen en de verhuisbewegingen plaatsvindt. Ontwikkelingen in het ene deel van de regio zijn ook van betekenis voor inwoners elders in de MRA. En ontwikkelingen op de ene plek beïnvloeden het functioneren van andere plekken in de MRA.

Om de urgente, complexe en omvangrijke opgaven tot een goed einde te brengen, zetten het Rijk en de MRA met de Verstedelijkingsstrategie samen de koers uit voor de ontwikkeling op de middellange en lange termijn. In de strategie komen keuzes op het gebied van woningbouw, werklocaties, mobiliteit, landschap, energie, water en ecologie bij elkaar. Beleid van de afzonderlijke

gemeenten, provincies en het Rijk wordt geïntegreerd,

Deze systemen kennen hun eigen opgaven zoals het

net als eerder gemaakte afspraken. De strategie geeft aan

oplossen van knelpunten en het verduurzamen en

waar we gezamenlijk met de regio naar toe willen. Hoe we

toekomstbestendig maken van de systemen. En soms

voortbouwen aan een metropoolregio van grote klasse

zijn aanpassingen nodig om de voorziene verstedelijking

met een menselijke maat. En hoe we samen werken aan

mogelijk te maken.

een duurzame en sociaal en economisch sterke MRA. Hoofdstuk 4 zoomt in op de verschillende deelgebieden De Verstedelijkingsstrategie van de MRA wordt onderdeel

van de metropoolregio:

van de Omgevingsagenda Noordwest Nederland. Dit

•

Het Noordzeekanaalgebied, de IJmond en ZuidKennemerland

is de gebiedsgerichte uitwerking van de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) en vormt het beleidskader en

•

Zaanstreek-Waterland

de uitvoeringsagenda voor de samenwerking tussen

•

Oostflank MRA (Almere-Lelystad)

Rijk en regio. Ook heeft de Verstedelijkingsstrategie

•

Gooi en Vechtstreek

een wisselwerking met toekomstige provinciale en

•

Zuidflank MRA (Amstelland-Meerlanden)

gemeentelijke omgevingsvisies en -agenda’s.

•

Amsterdam

Daarbij gaat aandacht uit naar de karakteristiek van Leeswijzer

het gebied en de bijdrage aan de regio en naar de

In de volgende hoofdstukken wordt

grote opgaven in het gebied en de maatregelen die

het Verstedelijkingsconcept van de

daarvoor nodig zijn. De gebieden overlappen deels

Metropoolregio Amsterdam uiteengezet.

en opgaven raken elkaar. Zo werken keuzes voor het

Samen met de investeringsstrategie vormt dit de

Noordzeekanaalgebied door in de aangrenzende

Verstedelijkingsstrategie. Hoofdstuk 2 zet de ambities

deelgebieden en worden ontwikkelingen in de

voor de verstedelijking van de regio op hoofdlijnen uiteen.

Diemerscheg beïnvloed door keuzes in vrijwel elk

Naast het versterken van de identiteit en de kwaliteiten

deelgebied.

van de Metropoolregio Amsterdam gaat daarbij expliciet aandacht uit naar vijf kernambities:

Hoofdstuk 5 benoemt de fasering en hoofdstuk 6 gaat

•

Evenwichtige ontwikkeling van de meerkernige

in op de uitvoering van de benoemde opgaven en

metropool

maatregelen. Dit laatste hoofdstuk is in deze versie nog

•

Veerkrachtige, schone en inclusieve economie

niet ingevuld.

•

Sociaal sterke metropool

•

Duurzame metropool

In de bijlagen wordt een aantal recente bestuurlijke

•

Waardevol landschap dat de metropool verbindt

keuzes gerecapituleerd. Het gaat om opgaven en ontwikkel- en inrichtingsprincipes die rechtstreeks

Hoofdstuk 3 gaat in op de ruimtelijke systemen die de

voortkomen uit het proces om te komen tot de

verstedelijking dragen:

Verstedelijkingsstrategie. Deze geven richting aan de

•

het watersysteem

koers die we voor de middellange en lange termijn volgen

•

het ecologisch systeem

en de verdere uitwerking daarvan. Ook zijn de relevante

•

het energiesysteem

afspraken opgenomen uit BO Leefomgeving van juni

•

het mobiliteitssysteem

2020 en BO-MIRT van november 2020.

14

2. De metropoolregio naar 2050 15

Verstedelijkingsconcept 2050

N N

schaal 1:100.000

schaal 1:100.000 0 5.000 0

10.000

5.000

15.000

20.000

10.000

15.000

20.000

2.1

Metropool van wereldklasse met menselijke maat De MRA is een metropool van grote klasse met een menselijke maat. De inzet voor de verdere verstedelijking van de metropoolregio is om de identiteit en kwaliteiten van de MRA te versterken. Gecombineerd met de urgente, complexe en omvangrijke opgaven waar we voor staan, betekent dit dat we inzetten op de ontwikkeling van een duurzame meerkernige metropool die sociaal en economisch sterk is en waar het landschap de metropoolregio verbindt.

De kracht van verscheidenheid Verscheidenheid bepaalt de kracht van de Metropoolregio Amsterdam. In 2050 zal dat niet anders zijn. Van de eeuwenoude binnensteden van Amsterdam, Haarlem en Weesp tot de groene wijken in Hoofddorp en Almere; van grootstedelijk tot suburbaan en dorps; van stranden bij Zandvoort en Wijk aan Zee tot de heidevelden bij Hilversum en Bussum. Weinig metropolen ter wereld kennen zo’n verscheidenheid op relatief kleine afstand als de Metropoolregio Amsterdam. En die gaat veel dieper dan alleen in de landschappelijke en stedelijke verschijningsvorm. Binnen de MRA geeft de bevolking iedere stad en elk dorp zijn eigen couleur locale. Ook de afkomst van de bewoners in de regio weerspiegelt verscheidenheid, met maar

liefst zo’n 180 nationaliteiten. Een breed scala aan bedrijven en instellingen maakt alledaagse diensten en producten permanent beschikbaar. Andere weten met hun innovaties en producties de ogen van de wereld op zich gericht. De Metropoolregio Amsterdam wil de meest inventieve regio van Europa zijn met de best opgeleide bevolking. De verschillende delen van de regio kennen hun eigen specifieke economische profiel en deze profielen vullen elkaar aan tot een compleet economisch spectrum, dat talent opleidt en aantrekt en op een aantal terreinen op een wereldwijd speelveld opereert.

Regionaal en internationaal sterk verbonden De Metropoolregio Amsterdam is een sterk verbonden regio. De stedelijke regio functioneert als één grote stad – als een samenhangend daily urban system – met 2,5 miljoen inwoners, 300.000 bedrijven en 1,5 miljoen banen. Veel mensen werken in een andere stad dan waar ze wonen. Inwoners kennen hun favoriete plekken om te winkelen, te stappen, te sporten of uit te waaien. Die plekken kunnen verdeeld zijn over de hele regio, alhoewel grote bevolkingsgroepen ook zijn aangewezen op werk en voorzieningen in een beperkter gebied.

17

De metropoolregio omspant het gebied waarbinnen het meeste woonwerkverkeer plaatsvindt. Tegelijkertijd heeft de metropoolregio ook een sterke band met de direct omliggende regio’s. Ook daar wonen mensen die in de MRA werken, zijn bedrijven gevestigd die producten en diensten leveren aan de inwoners en bedrijven in de MRA en is op het gebied van vrije tijd onderling veel verkeer. Als een van de belangrijkste economische groeimotoren en het belangrijkste sociale en digitale knooppunt van Nederland doet de metropoolregio mee in de internationale top en is de regio ook internationaal sterk verbonden. Via de luchthaven Schiphol, de haven en internationale treinen, via digitaal knooppunt AMS-IX en via de sociale netwerken van de inwoners.

Menselijke maat en hoge leefkwaliteit De metropoolregio heeft een internationale oriëntatie, en weet die te combineren met de menselijke maat en hoge leefkwaliteit1 . Een belangrijke bijdrage daaraan levert de meerkernige structuur van de metropool, met Amsterdam als kernstad en op korte afstand een aantal nieuwe en historische steden en karakteristieke dorpen en met daartussen open, veelal waterrijke landschappen, groene scheggen tot diep in het stedelijke gebied en het grote open water van Markermeer, IJmeer en Noordzee. Het landschap is een groenblauw raamwerk met een veelheid aan waarden en kansen. Het houdt de afzonderlijke steden herkenbaar en zorgt voor een uitgestrekt recreatiegebied dat voor iedereen in de regio dichtbij is, maar op dit moment niet altijd toegankelijk. In verhouding met andere West-Europese metropoolgebieden is in de MRA 1 Een hoge ‘leefkwaliteit’ is een breed begrip dat onder meer verwijst naar een omgeving die in alle opzichten veilig, gezond en aantrekkelijk is, met kans op woning en werk voor iedereen, goede onderwijs- en zorgvoorzieningen, een levendig cultureel klimaat, een leefbare en hoogwaardige stedelijke omgeving en aantrekkelijke landschappen.

sprake van relatieve sociaaleconomische gelijkheid. Ook dat draagt in belangrijke mate bij aan de hoge leefkwaliteit in de regio. De afgelopen jaren, zeker vóór de coronacrisis, plukte de MRA in economisch opzicht de vruchten van haar internationale aantrekkingskracht. Tegelijk bleek hoe die ontwikkeling kan inwerken op de leefkwaliteit en de menselijke maat. Het daily urban system dijt uit, maar de economische groei gaat niet overal even hard en niet iedereen profiteert ervan. De woningmarkt staat onder hoogspanning en de tekorten op de arbeidsmarkt lopen op. De sociaaleconomische verschillen binnen de regio nemen toe. Dat is onwenselijk – omdat de plek waar je woont niet van invloed mag zijn op de kansen die je krijgt, maar ook omdat praktisch en middelbaar opgeleide vaklieden onmisbaar zijn voor een goed functionerende metropoolregio.

De combinatie van de hoge leefkwaliteit, de menselijke maat en de internationale oriëntatie is een krachtige, maar het vergt flinke inspanningen om deze voor iedereen in de MRA in stand te houden. Daarbovenop komen de transitieopgaven richting een klimaatneutraal, klimaatadaptief, circulair en biodivers Nederland in 2050; die zijn al net zo urgent, complex en omvangrijk. Om deze ambities waar te maken, zijn substantiële investeringen nodig, van publieke zijde maar zeker ook van private zijde. Andersom hebben (internationale) investeerders het vertrouwen nodig dat de MRA een veilige, gezonde en aantrekkelijke leefomgeving biedt, ook op lange termijn.

In sommige gebieden heeft de groei van de economie (met de daarmee gepaard gaande mobiliteit) negatieve gevolgen voor de leefkwaliteit en de gezondheid van de leefomgeving. Luchtverontreiniging en geluid zijn daar belangrijke risicofactoren in. De luchtvaart van en naar Schiphol veroorzaakt een geluidsbelasting in een groot deel van de MRA en daarbuiten, maar er zijn ook andere bronnen aan te wijzen van hinder door geluid, fijnstof of geur. Gezondheid is een belangrijke component van de leefkwaliteit die we nastreven en bij de ruimtelijke keuzes die we maken, maar ook de inrichting van de leefomgeving kan bijdragen aan het bevorderen van gezond gedrag, het voorkomen van gezondheidsschade en het verbeteren van de volksgezondheid.

18

2.2

Evenwichtige ontwikkeling van de meerkernige metropool De bevolking en de economie van de MRA blijven

Maar een fors deel landt ook elders, in aanvulling op

groeien. We willen die groeipotentie inzetten om de

de behoefte die uit de deelregio’s zelf voortkomt. Door

onderscheidende kwaliteiten verder te versterken:

een samenhangende spreiding van woningbouw en

de combinatie van leefkwaliteit, menselijke maat en

werkplekken, versterken we de afzonderlijke delen van de

internationale oriëntatie, en de kenmerkende diversiteit.

metropoolregio, wat van belang is om kansengelijkheid

Om dat te bereiken, zetten we de meerkernige structuur

te bevorderen. We beperken bovendien de reisafstanden

van sterke steden en dorpen in een sterk landschap verder

in het woonwerkverkeer en de extra arbeidsplaatsen zijn

kracht bij.

vanuit meer woonwijken snel en betaalbaar te bereiken.

Met het zoveel mogelijk spreiden van de groei over de

Bijzondere aandacht gaat dus uit naar de ontwikkeling

regio en deze bij voorkeur binnen stedelijk gebied te

van knooppunten van openbaar vervoer. Daarbij maken

realiseren, combineren we verschillende ambities. We

we onderscheid tussen vier soorten knooppunten, elk met

verminderen de druk op de woon- en werklocaties in

een eigen profiel:

de Amsterdamse agglomeratie1 en beperken de groei

•

Multimodale knooppunten: (hoog)stedelijk gemengd

van de spitspendel richting Amsterdam. We benutten

woonwerkmilieu direct bereikbaar met bus, trein én

de kwaliteiten van alle steden en dorpen in de MRA en

metro, met aanwezigheid van of potentie voor een

komen tegemoet aan woningbehoeften per deelregio. We houden de menselijke maat in stand en we behouden

zwaar economisch programma. •

Stadsharten en regionale centra: (hoog)stedelijke

zoveel mogelijk de open landschappen tussen de

gemengde woonwerkmilieus met veel stedelijke

stedelijke gebieden in.

voorzieningen, direct bereikbaar via bus en trein of metro en met de potentie voor groei van economisch programma.

Nog steeds zal een groot deel van de behoefte aan woningen en werkplekken voortkomen uit de

•

Regionale centra: stedelijke gemengde

Amsterdamse agglomeratie en daar ook worden

woonwerkmilieus met stedelijke voorzieningen,

opgevangen. Ook binnen de stad en de agglomeratie

direct bereikbaar via bus en trein of metro en met de potentie voor een licht economische programma.

wordt spreiding over meerdere kernen nagestreefd, door ontwikkelingen bij de grote stations en stadsdeelcentra. 1 De Amsterdamse agglomeratie is het aaneengesloten stedelijk gebied dat zich uitstrekt over Zaanstad, Diemen, Ouder-Amstel, Amstelveen en Amsterdam.

•

Haltes: stedelijk woonmilieu direct bereikbaar via trein of metro met potentie voor een licht commercieel

19

programma. De dichtheid kan variëren. Naarmate de

de ontwikkeling in zeven stadsharten (Almere, Haarlem,

nieuwe steden tot complete steden. Een klein deel van de

afstand naar de halte groter wordt, zal de dichtheid

Hilversum, Hoofddorp, Lelystad, Purmerend en Zaanstad).

bouwproductie vindt plaats in uitbreidingswijken.

soms minder worden, waardoor er ook suburbane

Tot 2030 is in de agglomeratie Amsterdam ruimte voor

woonmilieus in de invloedssfeer van ‘haltes’ worden

zo’n 70.000 woningen en kunnen in de genoemde

Met oog op de grote woningbehoefte wordt gezocht

gerealiseerd.

stadsharten zo’n 53.000 woningen worden toegevoegd.

naar mogelijkheden om de bouwproductie tot 2030

Het toevoegen van woningen en werkplekken vraagt ook

te verhogen tot 220.000 woningen door realisatie op

Spreiding van de groei gaat niet vanzelf. Dat geldt in het

om investeringen in de lokale en regionale infrastructuur,

een aantal grote locaties te versnellen3 . Rijk en regio

bijzonder voor de werkgelegenheid. De groei daarvan

de klimaatadaptatie en in de openbare ruimte, willen we

verkennen de mogelijkheden om nog eens maximaal

concentreert zich in Amsterdam en het zuiden van de

bewerkstelligen dat deze ontwikkellocaties bijdragen aan

45.000 woningen in de MRA al voor 2030 te bouwen,

metropoolregio, en laat zich niet zomaar verplaatsen.

een duurzame leefkwaliteit in de MRA als geheel en de

verdeeld over vijf ontwikkellocaties:

Naar verwachting is met ruimtelijk-economisch beleid de

directe omgeving in het bijzonder.

•

Haven-Stad,

•

Achtersluispolder in Zaanstad,

locaties te beïnvloeden. De inzet is om dit beïnvloedbare

Voor deze zeven stadsharten worden daarom integrale

•

Hoofddorp centrum en westflank Haarlemmermeer,

aandeel te benutten om zeven stadsharten verspreid over

plannen gemaakt2 , met een samenhangende aanpak

•

Almere Pampus,

de MRA te versterken, in aanvulling op de banengroei

en uitvoeringsstrategie voor zowel de toe te voegen

•

Amsterdam Zuidoost/Duivendrecht.

die uit de deelregio zelf voortkomt. Daarvoor zijn

bebouwing als de bestaande voorraad en de openbare

Om deze versnelling waar te maken, moet aan de

aantrekkelijke hoogstedelijke woonwerkmilieus nodig op

ruimte. Deze omvat:

randvoorwaarden worden voldaan. Dat betekent dat

korte afstand (maximaal vijftien minuten lopen) van een

•

het behouden en verbeteren van de leefbaarheid, de

niet alleen de woningbouw wordt versneld, maar ook

ontmoetingsfunctie en aantrekkingskracht,

andere maatregelen en projecten die daar een op een

locatiekeuze van zo’n 10% van de banengroei op OV-

intercitystation, die aansluiten op het economische profiel van de omgeving. De versnelling van de woningbouw

•

een forse en versnelde woningbouwproductie,

aan verbonden zijn, bijvoorbeeld op het gebied van

in deze stadsharten tot 2030 is een belangrijke

•

een noodzakelijke impuls aan de economische

infrastructuur of klimaatadaptatie. De bereikbaarheid

profilering, structuurversterking en extra banen,

vraagt om forse investeringen. Vanwege de lange

randvoorwaarde voor een aantrekkelijk vestigingsmilieu. Naast de groei bij multimodale knooppunten en in

•

het klimaatbestendig maken,

doorlooptijd van grote infrastructuurprojecten zoals

stadsharten worden ook in regionale centra in de MRA

•

het benutten en optimaliseren van de ov-

nieuwe metrolijnen, zullen deze pas medio jaren dertig

bereikbaarheid en het langzame verkeer.

tot ontlasting van het mobiliteitsnetwerk kunnen

gemengde woonwerkmilieus ontwikkeld, door verdichting

leiden. Afhankelijk van de uiteindelijke snelheid van de

met woningbouw in combinatie met commercieel Op ontwikkellocaties op overige plekken in de MRA

verstedelijking kan dit mogelijk in een bepaalde periode

worden circa 52.000 woningen toegevoegd. Deze zijn

tot knelpunten leiden. Hoe eerder de metroprojecten

ook goed bereikbaar per openbaar vervoer en dragen

gereed zijn, hoe sneller de woningbouw gerealiseerd kan

Rijk en regio hebben afspraken gemaakt over de bouw

bij aan een divers, op de woningbehoefte aansluitend

worden. Voor deze potentiële versnellingslocaties worden

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://beemsterraadsinformatie.purmerend.nl/api/v1/meetings/1270/documents/18271