bestemmingsplan Jisperweg 21 Westbeemster.pdf
Tekst van het document
Bestemmingsplan Jisperweg 21, Westbeemster Gemeente Beemster
Ontwerp 13 oktober 2021 NL.IMRO.0370.2021BPJisperweg21-ON01
Opgesteld door:
HzA stedebouw & landschap Achterstraat 26A 1621 GH Hoorn tel 0229 -216757 info@hzabv.nl www.hzabv.nl
2
Toelichting bestemmingsplan ‘Jisperweg 21, Westbeemster’, gemeente Beemster
Toelichting Bestemmingsplan Jisperweg 21, Westbeemster Ontwerp 13 oktober 2021
Toelichting bestemmingsplan ‘Jisperweg 21, Westbeemster’, gemeente Beemster
3
4
Toelichting bestemmingsplan ‘Jisperweg 21, Westbeemster’, gemeente Beemster
INHOUDSOPGAVE
1.
INLEIDING ---------------------------------------------------------------------------------- 7
2.
RUIMTELIJKE PLANBESCHRIJVING --------------------------------------------- 10
3.
BELEIDSKADER ------------------------------------------------------------------------ 16
4.
RUIMTELIJKE KADER ---------------------------------------------------------------- 25
5.
OMGEVINGSASPECTEN ------------------------------------------------------------- 31
6.
JURIDISCHE PLANOPZET ----------------------------------------------------------- 43
7.
HAALBAARHEID ------------------------------------------------------------------------ 46
1.1 1.2 1.3 1.4
2.1 2.2 2.3
3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6
4.1 4.2 4.3 4.4
5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7 5.8 5.9 5.10 5.11 5.12 5.13 5.14
6.1 6.2 6.3 6.4
7.1 7.2 7.3
Aanleiding-----------------------------------------------------------------------------------------------------------7 Plangebied----------------------------------------------------------------------------------------------------------7 Geldende juridische regeling ----------------------------------------------------------------------------------8 Leeswijzer ----------------------------------------------------------------------------------------------------------9
Bestaande situatie ---------------------------------------------------------------------------------------------- 10 Beoogde ontwikkeling ----------------------------------------------------------------------------------------- 12 Bestemmingswijziging ----------------------------------------------------------------------------------------- 14
Algemeen --------------------------------------------------------------------------------------------------------- 16 Beleid hogere overheden ------------------------------------------------------------------------------------- 16 Beleid provincie Noord-Holland ----------------------------------------------------------------------------- 17 Regionaal beleid Waterland ---------------------------------------------------------------------------------- 21 Beleid gemeente Beemster ---------------------------------------------------------------------------------- 22 Conclusie beleidskader --------------------------------------------------------------------------------------- 24
Algemeen --------------------------------------------------------------------------------------------------------- 25 Landschappelijke inpassing ---------------------------------------------------------------------------------- 25 Beeldkwaliteit ---------------------------------------------------------------------------------------------------- 30 Conclusie ruimtelijke ontwikkeling -------------------------------------------------------------------------- 30
Algemeen --------------------------------------------------------------------------------------------------------- 31 Duurzaam ruimtegebruik -------------------------------------------------------------------------------------- 31 Watertoets -------------------------------------------------------------------------------------------------------- 32 Bodemsituatie---------------------------------------------------------------------------------------------------- 33 Erfgoed ------------------------------------------------------------------------------------------------------------ 34 Natuurtoets ------------------------------------------------------------------------------------------------------- 36 Geluidhinder------------------------------------------------------------------------------------------------------ 38 Verkeer en parkeren ------------------------------------------------------------------------------------------- 38 Bedrijven en milieuzonering ---------------------------------------------------------------------------------- 39 Luchtkwaliteit----------------------------------------------------------------------------------------------------- 39 Externe veiligheid ----------------------------------------------------------------------------------------------- 40 Kabels en Leidingen
------------------------------------------------------------------------------------------- 41 Vormvrije m.e.r.-beoordeling --------------------------------------------------------------------------------- 42 Conclusie toets van de omgevingsaspecten ------------------------------------------------------------- 42
Algemeen --------------------------------------------------------------------------------------------------------- 43 Juridische vormgeving ----------------------------------------------------------------------------------------- 43 Verantwoording keuze van de bestemmingen ---------------------------------------------------------- 44 Handhaving------------------------------------------------------------------------------------------------------- 45
Algemeen --------------------------------------------------------------------------------------------------------- 46 Maatschappelijke uitvoerbaarheid -------------------------------------------------------------------------- 46 Economische uitvoerbaarheid en grondexploitatie ----------------------------------------------------- 46
Toelichting bestemmingsplan ‘Jisperweg 21, Westbeemster’, gemeente Beemster
5
Bijlagen Bijlage 1. Bijlage 2. Bijlage 3. Bijlage 4. Bijlage 5.
6
Digitale watertoets, 31 december 2020 Verkennend bodem- en asbestonderzoek, Landview bv Bodemonderzoek, 26 november 2020 Toetsing in het kader van de Wet natuurbescherming, Groot Eco Advies, 11 november 2020 Stikstofberekening met AERIUS2020, Groot Eco Advies, 18 november 2020 Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling, HzA stedebouw& landschap, 2 juli 2021
Toelichting bestemmingsplan ‘Jisperweg 21, Westbeemster’, gemeente Beemster
1.
INLEIDING
1.1
Aanleiding
Initiatiefnemers, tevens bewoners van Jisperweg 21 in Westbeemster, willen de bestaande schuur en overige opstallen/bijgebouwen slopen en op dezelfde locatie, achter de karakteristieke stolpboerderij, een nieuwe schuur realiseren. Met het slopen van deoverige opstallen wordt het doorzicht over het erfpad naar het achterliggend landschap hersteld. Ditheeft de Welstandscommissie als positief beoordeeld (10 februari 2020). De nieuwe schuur heeft een oppervlak van circa 360 m2 en zal als opslagruimte voor het aannemersbedrijf worden gebruikt. Bouwmaterialen worden in de schuur opgeslagen, totdat de materialen in het werk kunnen wordenopgenomen. In een klein deel van de schuur (circa 10 m2) zal een machinale inrichting worden geplaatst, bestaande uit een zaagmachine en een schaafmachine. Dewerkzaamheden van het aannemersbedrijf vinden echter elders/op locatie bij de klant plaats en nietop Jisperweg 21. Voor het buitengebied is op 26 oktober 2021 het bestemmingsplan ‘Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021’ vastgesteld. De beoogde ontwikkeling is om procedurele redenen hierin niet meegenomen, er is voor gekozen om hiervoor een apart bestemmingsplantraject te volgen. De gemeente Beemster heeft aangegeven mee te willen werken aan het verzoek voor een nieuwe schuur als de bestemming van het perceel wijzigt naar Bedrijf.
Dit is ook passend binnen de Omgevingsverordening NH2020. Met de bestemmingswijziging komt het agrarisch bouwvlak te vervallen(zie nadere onderbouwing in paragraaf 2.3). De voorliggende toelichting bij het bestemmingsplan motiveert, dat op het gebied van beleid, ruimtelijke kwaliteit, milieutechnisch onderzoek, economische haalbaarheid en afweging van maatschappelijke belangen medewerking kan worden verleend aan de ontwikkeling van dit initiatiefplan.
1.2
Plangebied
De planlocatie ligt aan de Jisperweg, buiten de bebouwde kom van Westbeemster. De locatie maakt onderdeel uit van de agrarische lintbebouwing, met burgerwoningen en (overwegend) agrarische bedrijven (zie afb.1). De planlocatie wordt omsloten door agrarisch gebied. Het perceel is kadastraal bekend alsBeemster sectie A perceel 1067 en heeft een omvang van ca. 7.285 m2 (zie afb.2).Tevens vervalt het agrarisch bouwvlak van de percelen BSR00A1068 en BSR00A1035.
afb.1 Ligging planlocatie aan de Jisperweg(plangrens indicatief, bron: googlemaps)
Toelichting bestemmingsplan ‘Jisperweg 21, Westbeemster’, gemeente Beemster
7
afb.2 Kadastrale situatie
1.3
Geldende juridische regeling
De planologische ruimte voor ontwikkelingen op de locatie is vastgelegd in het Bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021 (vastgesteld 26 oktober 2021). In dit plan heeft de planlocatie de bestemmingen ‘Agrarisch´ en ‘Tuin’, en de dubbelbestemmingen ‘Archeologie – waarde 4’ en ‘Cultuurhistorie’(zie afb.3). Het perceel is bestemd voor de uitvoering van het agrarische bedrijf. De agrarische bestemming heeft een groot bouwvlak waarbinnen de realisatie van bij de bestemming horende gebouwen is toegestaan. Per bouwvlak is een dienstwoning toegestaan met een inhoud van 750 m3. Bijgebouwen moeten achter de gevellijn worden gerealiseerd. Ook dienen de aanwezige cultuurhistorische en landschappelijke waarden behouden te blijven. Op het perceel is een ‘pad’ aangeduid ten behoeve van een erfpad met bijbehorende beplanting. Tot slot moet voor het roeren van de ondergrond een archeologisch onderzoek worden overlegd, indien het bouwwerkzaamheden betreffen dieper dan 0,35 m en een oppervlakte hebben van >50 m2.
afb.3 Uitsnede verbeelding Bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021
8
Toelichting bestemmingsplan ‘Jisperweg 21, Westbeemster’, gemeente Beemster
Tevens is het bestemmingsplan Parapluplan Parkeernormen Beemster 2018 van toepassing (vastgesteld 26 maart 2019). Dit is een facetplan dat als het ware over alle geldende bestemmingsplannen heen wordt gelegd. In dit bestemmingsplan is een koppeling gemaakt naar de beleidsregels voor parkeren in de gemeente Beemster. Hiermee wordt voldaan aan de wettelijke verplichting dat bestemmingsplannen voor 1 juli 2018 moeten zijn voorzien van een parkeerregeling. De algemene regel is dat een omgevingsvergunning voor het bouwen en gebruiken van een bouwwerk slechts wordt verleend als er in voldoende parkeergelegenheid wordt voorzien en in stand gehouden. Of daarvan sprake is, wordt bepaald aan de hand van de gemeentelijke parkeerregels.
1.4
Leeswijzer
Het voorliggende bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding met bijbehorende regels en een toelichting. De regels en de verbeelding vormen de juridisch bindende elementen van het bestemmingsplan. In de toelichting wordt uiteengezet of er vanwege de voorgenomen ontwikkeling sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Voorliggende toelichting van het bestemmingsplan bestaat na deze inleiding uit een beschrijving van de beoogde ontwikkeling in hoofdstuk 2. Naast de ruimtelijke ontwikkeling komt in dit hoofdstuk de bestemmingswijziging aan bod. In hoofdstuk 3 wordt verantwoord waarom het plan past binnen het beleid van gemeente, regio, provincie en rijk. In hoofdstuk 4 wordt ingegaan op de relatie tussen de nieuwbouw en het ruimtelijk kader ‘landschap en cultuurhistorie’ waarbinnen ontwikkelingen in de droogmakerij de Beemster plaats kunnen vinden. Hoofdstuk 5 betreft de afweging van de verschillende milieu- en omgevingsaspecten en toets aan de wet- en regelgeving op het gebied van o.a. duurzaamheid, water, bodem, erfgoed, flora en fauna, geluid, milieuzonering, luchtkwaliteit en externe veiligheid. In hoofdstuk 6 wordt de juridische vormgeving van het plan beschreven Tot slot wordt in hoofdstuk 7 ingegaan op de economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid en de procedure van het bestemmingsplan.
In voorliggende toelichting van het bestemmingsplan is de uitvoerbaarheid van het planvoornemen in het kader van de goede ruimtelijke ordening aangetoond.
Toelichting bestemmingsplan ‘Jisperweg 21, Westbeemster’, gemeente Beemster
9
2.
RUIMTELIJKE PLANBESCHRIJVING
2.1
Bestaande situatie
De karakteristieke stolp aan de Jisperweg 21 in Westbeemster is in ca. 1930 gebouwd en heeft de naam ‘Genderenburg’ (oude naam: Eenderenburg). Karakteristieke stolpen als deze worden genoemd in de omschrijving van de kernkwaliteiten van het Werelderfgoed de Beemster. Deze stolpen kennen een karakteristieke maatvoering en er is sprake van een groter woonvolume dan bij een reguliere woning. De voetprint van de stolp is ca. 15 x 15 m. Specifiek voor deze stolp zijn van oudsher het rieten dak, de dakspiegels en de dakkapel (bron: boerderijenstichting ‘Vrienden van de stolp’). Op dit erf is nog een lengtesloot aanwezig tussen het woonerf en het erfdeel waar vroeger waarschijnlijk de boomgaard stond. De stolp is al enige tijd niet meer als agrarische bedrijfswoning in gebruik. De voormalige agrarische bedrijfsgebouwen zijn nog wel op het erf aanwezig. Een deel van deze gebouwen staat op het karakteristieke erfpad naast de stolp.Op dit erf was in het verleden nog een lengtesloot (binnensloot) aanwezig tussen het woonerf en het erfdeel waar vroeger waarschijnlijk de boomgaard stond. Van de historische boomgaard zijn nog slechts enkele bomen behouden gebleven. Enkele jaren geleden heeft een aantal aanpassingen in de waterhuishouding rond het perceel plaatsgevonden.
Het weiland naast de stolp is verdeeld met een nieuwe sloot, waardoor het woonperceel een kavelsloot rond het hele terrein heeft gekregen. De karakteristieke binnensloot is daarbij gedeeltelijk gedempt, maar als greppel nog wel herkenbaar. De erftoegangsbrug isvervangen voor een dam met duiker. De restauratie van de stolp is in gang gezet om de stolp voor de Beemster te kunnen behouden. Door de huidige bewoners (tevens initiatiefnemers voor de bestemmingswijziging) is een aantal jaren geleden een nieuw (pannen-) dak geplaatst. De karakteristieke dakkapellen zijn hierbij behouden gebleven. Het dak aan de voorzijde heeft zwarte pannen, de overige dakvlakken zijn rood.
afb.4 Karakteristieke stolpboerderij Jisperweg 21 (bron: Historische Genootschap Beemster, foto 2017)
10
Toelichting bestemmingsplan ‘Jisperweg 21, Westbeemster’, gemeente Beemster
afb.5Historische beeld met (deel) boomgaard en erftoegangsbrug (bron: googlemaps, foto 2008)
De huidige opstallen hebben een gezamenlijke oppervlakte van totaal 635 m2. De schuur bedraagt daarvan 360m2, en wordt momenteel gebruikt als opslagruimte ten behoeve van de aannemersactiviteiten (denk aan houtopslag).De overige opstallen betreffen een sleufsilo, een voersilo, twee containers en een overkapping. De bestaande rommelige bebouwing is toe aan vervanging.
afb.6 Impressie huidige schuur achter stolp
afb.7 Impressie overige (voormalige agrarische) opstallen op het perceel
Toelichting bestemmingsplan ‘Jisperweg 21, Westbeemster’, gemeente Beemster
11
afb.8Plattegrond bestaande situatie (bron: Tekenbureau G.V.S., Ursem)
2.2
Beoogde ontwikkeling
Wonen in de stolp De stolpboerderij op het perceel betreft een (voormalige) bedrijfswoning die is vervreemd. In de stolp op dit perceel wordt alleen gewoond. De bestemmingswijziging beoogt het gebruik als burgerwoning planologisch toe te staan. Sloop bestaande erfbebouwing De huidige opstallen hebben een totale oppervlakte van ca. 635 m2. Met uitzondering van een nieuwe schuur van 350 m2 zullen de te slopen opstallen niet worden herbouwd. De te slopen opstallen zijn in het najaar van 2019 op de aanwezigheid van asbest onderzocht. Tijdens het onderzoek zijn asbesthoudende bronnen aangetroffen, namelijk golfplaat (categorie 2). Er zijn geen asbestverdachte bronnen aangetroffen die, na monstername of op basis van deskresearch, asbestvrij zijn gebleken. Op 18 november is bij het bevoegd gezag (de gemeente Beemster) een sloopmelding gedaan met betrekking tot voorgenomen sloopwerkzaamheden met asbesthoudend materiaal in het pand gelegen aan Jisperweg 21 te Westbeemster. Bij de melding is het asbestinventarisatierapport van Van Santen Advies gevoegd projectnummer: 198148; versie: 1.0, d.d. 19 december 2019). De ingediende gegevens en bescheiden zijn door de gemeente beoordeeld en akkoord bevonden.
Omdat de sloopmelding geen verband houdt met andere activiteiten waarvoor een omgevingsvergunning met betrekking tot een beschermd archeologisch gebied, een beschermd monument of een beschermd stads- of dorpsgezicht is vereist, is de omgevingsvergunning in werking getreden. Bij het slopen van een pand kunnen dieren en planten en hun leefomgeving wordenverstoord of beschadigd. Om te beoordelen of een conflict met de Wet Natuurbescherming ontstaat, is een quickscan opgemaakt van de aanwezige natuurwaarden op de planlocatie (zie paragraaf 5.6).Het sloop van de bestaande opstallen veroorzaakt geen conflict met de Wet natuurbescherming.
12
Toelichting bestemmingsplan ‘Jisperweg 21, Westbeemster’, gemeente Beemster
Realisatie nieuwe schuur De nieuw te plaatsen schuur heeft als doel opslag. Ten behoeve van het aannemersbedrijf zullenbouwmaterialen in de schuur worden opgeslagen, totdat de materialen in het werk kunnen worden opgenomen. In een klein deel van de schuur zal een machinale inrichting worden geplaatst, ten behoeve van bijvoorbeeld het op de juiste lengte zagen van hout om dit te kunnen inzetten op het werk elders. De hiervoor benodigde ruimte (inclusief veilige werkomstandigheden) zal maximaal 20% van het vloeroppervlak van de schuur bedragen. De werkzaamheden van het aannemersbedrijf vinden echter elders/op locatie bij de klant plaats en niet op Jisperweg 21. Er vindt géén buitenopslag plaats.
afb.9Impressie van de nieuwe schuur (bron: Tekenbureau G.V.S., Ursem) -- zie voor bouwtekeningen aanvraag omgevingsvergunning--
afb.10Plattegrond erf met nieuwe schuur (bron: Tekenbureau G.V.S., Ursem)
De nieuwe schuur zal 350 m2 (14x25 meter) in beslag nemen en heeft een goothoogte van 3 meter en een nokhoogte van 6 meter. De goothoogte en nokhoogte zijn daarmee conform het beleid voor het buitengebied, zoals is vastgelegd in het bestemmingsplan voor de bestemming Wonen. Voor gebruik van de toegangsdeuren is een hoogte van 3 meter onvoldoende. Daarom is er voor gekozen om door middel van een dakkapel voldoende hoogte te creëren voor de toegangsdeuren. Toelichting bestemmingsplan ‘Jisperweg 21, Westbeemster’, gemeente Beemster
13
De schuur zal in een donkere kleur worden uitgevoerd en heeft de uitstraling van een ‘serre stal’. Het ontwerp van dezelandelijke schuur past daarmee in het landschap van de Beemster en geeft qua fysieke ruimtevoldoende mogelijkheden voor de gebruiker. Gezien van de Jisperweg zal het zicht op de schuur afnemen. Parallel aan de Jisperweg is de bestaande schuur nu 20 meter. In de nieuwe situatie is dit nog maar 14 meter. Hiermee wordt het zicht op het achterliggende landschap vergroot.
2.3
Bestemmingswijziging
De beoogde planlocatie heeft op dit moment een agrarische bestemming. Het gebruik van gebouwen en gronden ten behoeve van het wonen, en daarmee samenhangend bedrijfsactiviteiten aan huis, is niet toegestaan. Het realiseren van een schuur van 350 m2 bij een woning is ook niet toegestaan. Het initiatief is in strijd met de vigerende planologische regeling. De gemeente Beemster wil meewerken aan een bestemmingswijziging naar Bedrijf. Binnen de bestemming Bedrijf is de vernieuwing van de bestaande schuur van 360 m2 mogelijk. Functiewijziging van de agrarische bestemming In de toelichting op het Bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021 is aangegeven dat in het buitengebied met name akkerbouw-, veehouderij- en vollegrondstuinbouwbedrijven zijn gevestigd. Veel bedrijven zijn gemengd. Ten aanzien van akkerbouw geldt geen specifiek gebiedsgericht beleid. Voor veehouderij is dat wel het geval. Grondgebonden veehouderij dient behouden en versterkt te worden, aangezien het landschap hierdoor wordt behouden en versterkt. Zowel vestiging van nieuwe bedrijven als uitbreiding van bestaande bedrijven is mogelijk. Er is geen reden om dit perceel per se de agrarische bestemming te laten behouden. De kans is klein dat hier weer een agrarisch bedrijf terugkeert.
De gemeente Beemsterheeft geen bezwaar tegen een andere functie op dit perceel, mits deze functie passend is in het buitengebied. Functiewijziging naar Bedrijf met bedrijfswoning Het vigerende bestemmingsplan Buitengebied maakt de wijziging van de bestemming ´Agrarisch´ naar ´Wonen´ mogelijk. Dit sluit aan bij het feitelijke gebruik. Het bestemmingsplan Buitengebied 2012 bepaalt in artikel 22.9 dat de gezamenlijk vloeroppervlakte die voor het bedrijf wordt benut, niet meer mag bedragen van 30% van het bruto vloeroppervlakte van de woning en de bijbehorende aan-, uit- en bijgebouwen. Als de schuur gebruikt wordt voor opslag, wordt meer dan 30% van het totale bebouwde oppervlakte gebruikt voor het bedrijf. Op basis van de Omgevingsverordening NH2020 is afwijking van deze bepaling niet mogelijk. Het college wil maatwerk leveren voor de locatie en de functie van het beoogde perceel wijzigen naar Bedrijf. Dit is passend binnen de Omgevingsverordening NH2020. Een aannemersbedrijf is in beginsel niet gewenst in het buitengebied, dergelijk bedrijven horen in principe thuis op een bedrijventerrein. Echter, Jisperweg 21 heeft op dit moment niet de ruimtelijke uitstraling van een aannemersbedrijf. Er vinden, anders dan opslag, ook geen activiteiten voor een aannemersbedrijf plaats. De situatie kan eerder gezien worden als een burgerwoning waar een bedrijf aan huis wordt uitgeoefend.
De voorgenomen bestemmingswijziging naar Bedrijf legaliseert een bestaande situatie. De regels bij dit bestemmingsplan zullen zodanig worden ingericht dat de ruimtelijk karakteristieke situatie blijft gehandhaafd en passend binnen de ambities van de Beemster. Bedrijfsgebouwen Binnen de bestemming Bedrijf is de stolpboerderij als bedrijfswoning opgenomen. Dit komt overeen met de huidige situatie, waar het een bedrijfswoning bij een agrarische bestemming is. De gemeente Beemster wil meewerken aan de bestemmingswijziging, maar vraagt tevens om een verbetering van de ruimtelijke kwaliteit in combinatie met sloop van een groot deel van de agrarische bijgebouwen. De bestaande opstallen op het erf hebben een gezamenlijke oppervlakte van ca. 635 m2. De te slopen en te herbouwen schuur bedraagt daarvan ca. 360 m2. De overige opstallen bestaan uit een sleufsilo, een voersilo, twee containers en een overkapping. Deze bouwwerken tellen niet mee bij de berekening van het oppervlakte dat hier nieuw gebouwd mag
14
Toelichting bestemmingsplan ‘Jisperweg 21, Westbeemster’, gemeente Beemster
worden. Als het gaat om de vraag welk oppervlakte de nieuwe schuur mag krijgen, wordt alleen gekeken naar het oppervlakte van de bestaande schuur. Groter dan deze mag de nieuwe schuur niet worden. De gemeente Beemster wil meewerken aan een (vernieuwde) schuur van maximaal 360 m2. Deze maatvoering is in voorliggend bestemmingsplan opgenomen. Bij de maatvoering van de schuur wordt aansluiting gezocht bij de woonfunctie op het erf. Immers, het perceel heeft nu geen uitstraling van een bedrijf, en mag dat ook niet krijgen. Het beleid voor het buitengebied, zoals dat is vastgelegd in het bestemmingsplan, staat bij de bestemming Wonen toe dat de goothoogte en bouwhoogte van bijgebouwen en overkapping niet meer mogen bedragen dan respectievelijk 3 meter en 6 meter (artikel 22.5 onder e). Dit wordt ook voor het perceel Jisperweg 21 aangehouden in de bestemming Bedrijf. Postzegelbestemmingsplan Het bestemmingsplan ´Jisperweg 21, Westbeemster´ maakt de bestemmingswijziging van ‘Agrarisch’ naar ‘Bedrijf’ mogelijk, en legaliseert daarmee de huidige situatie. Tevens wordt met dit plan het vernieuwen van de bestaande schuur van ca. 360 m2, na sloop van de aanwezige erfbebouwing, binnen deze bestemming mogelijk gemaakt. De opzet van het bestemmingsplan is afgestemd op de actuele wet- en regelgeving en op de systematiek van recent opgestelde bestemmingsplannen in de gemeente Beemster.
Coördinatieregeling Het voorliggende bestemmingsplan is bedoeld om de huidige agrarische bestemming aan te passen ten behoeve van het gebruik van de dienstwoning als burgerwoning, en ten behoeve van de realisatie van een nieuwe schuur. Initiatiefnemer heeft aan de gemeente Beemster verzocht om de coördinatieregeling als beschreven in artikel 3.30 van de Wet ruimtelijke ordening van toepassing te verklaren op dit project. Zodra het ontwerp van het bestemmingsplan wordt vrijgegeven zal het college van burgemeester en wethouders een besluit nemen over het toepassen van de coördinatieregeling. Via de ‘coördinatieregeling’ lopen de procedure voor het bestemmingsplan en de voorbereiding van een omgevingsvergunning samen op.
Toelichting bestemmingsplan ‘Jisperweg 21, Westbeemster’, gemeente Beemster
15
3.
BELEIDSKADER
3.1
Algemeen
3.2
Beleid hogere overheden
Op diverse bestuurlijke niveaus zijn beleidsuitspraken geformuleerd die relevant zijn voor de planlocatie (het transformeren van het agrarische perceel naar een woonperceel). In dit hoofdstuk volgt een korte samenvatting van de betreffende nota's. Hierbij wordt ingegaan op het rijks-, provinciaal en gemeentelijk beleid. Vervolgens wordt aangetoond dat het initiatief past binnen de beleidskaders van de verschillende overheden.
3.2.1 Nationale Omgevingsvisie (NOVI)
De Nationale Omgevingsvisie (NOVI), vastgesteld op 11 september 2020, is de langetermijnvisie van het Rijk op de toekomstige inrichting en ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. Het versterken van de omgevingskwaliteit staat in de NOVI centraal. Dat wil zeggen dat alle plannen met oog voor de natuur, gezondheid, milieu en duurzaamheid gemaakt moeten worden. De NOVI maakt bij het maken van keuzes gebruik van drie afwegingsprincipes: 1. Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies, 2. Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal, en 3. Afwentelen wordt voorkomen. De nationale omgevingsvisie volgt de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte uit 2012 op en vormt de opmaat voor de Omgevingswet. Deze structuurvisie vormde het integrale kader voor de ruimtelijke en mobiliteitsontwikkeling van Nederland tot 2028, met een doorkijk naar 2040. Het rijksbeleid richt zich in de visie op het versterken van de internationale positie van Nederland en het behartigen van de nationale belangen, zoals de hoofdnetwerken voor personen en goederenvervoer, energie, natuur, waterveiligheid, milieukwaliteit en bescherming van het werelderfgoed. Het beleid met betrekking tot verstedelijking, groene ruimte en landschap laat het Rijk, onder het motto ‘decentraal wat kan, centraal wat moet’, over aan provincies en gemeenten.
Gemeenten krijgen daarbij de ruimte voor natuurlijke groei en voor het bouwen van huizen die aansluiten bij de woonwensen van mensen. Alleen in de stedelijke regio’s rond de mainports Amsterdam en Rotterdam maakt het Rijk afspraken met decentrale overheden over de programmering van verstedelijking. Overige sturing op verstedelijking, zoals afspraken over binnenstedelijk bouwen, rijksbufferzones en doelstellingen voor herstructurering, laat het Rijk los. Er is enkel nog sprake van een ‘ladder’ voor duurzame verstedelijking (gebaseerd op de ‘SERladder’), die is vastgelegd in het Besluit ruimtelijke ordening.
3.2.2 Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro)
Het Barro (in werking getreden op 30 december 2011) stelt regels betreffende de 13 aangewezen nationale belangen zoals genoemd in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR). De laatste versie van de Barro is op 1 december 2020 geconsolideerd, waarna de Barro gekoppeld is aan de NOVI. Met de Barro maakt het rijk proactief duidelijk waar provinciale verordeningen en gemeentelijke bestemmingsplannen aan moeten voldoen. Voor het overige hebben provincies en gemeenten de vrijheid om hun eigen belangen te bepalen en daar uitvoering aan te geven. De droogmakerij de Beemster en de Stelling van Amsterdam zijn in het Barro beide aangewezen als ‘erfgoed van bijzondere universele waarde’. Ook geldt bij elk ruimtelijk plan nationaal belang 13 met betrekking tot zorgvuldig ruimtegebruik.
16
Toelichting bestemmingsplan ‘Jisperweg 21, Westbeemster’, gemeente Beemster
Droogmakerij de Beemster en de Stelling van Amsterdam Provincies hebben naar aanleiding van het Barro eigen beleid en regels vastgesteld met betrekking tot (toekomstige) werelderfgoederen. De kernkwaliteiten van de Beemster en de Stelling van Amsterdam worden beschreven bij het provinciaal beleid in paragraaf 3.3.2 en 3.3.3. De kenmerken van de Beemster en het ‘Beemstererf’ zijn geborgd in verschillende gemeentelijke beleidsdocumenten. Zorgvuldig ruimtegebruik: toets aan de Ladder voor duurzame verstedelijking Nationaal belang 13 van de SVIR van het Rijk vraagt om een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij alle ruimtelijke en infrastructurele besluiten. Dit moet met behulp van de zogeheten Ladder voor duurzame verstedelijking (hierna: de Ladder) worden onderbouwd. Deze verplichte toetsing is vastgelegd in het Barro, dat weer verwijst naar het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). Artikel 3.1.6, lid 2 Bro schrijft voor dat de onderbouwing van een ruimtelijk plan, waar een nieuwe stedelijke ontwikkeling mee mogelijk wordt gemaakt, aan de Ladder moet voldoen.
In de toelichting bij een bestemmingsplan, dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, wordt een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling gegeven (en voor zover buiten het bestaand stedelijk gebied gelegen ook een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien). Beoordeeld moet worden of sprake is van een nieuw, planologisch, ruimtebeslag. Daarvan is in beginsel sprake als het nieuwe ruimtelijke besluit meer bebouwing mogelijk maakt dan er op grond van het voorheen geldende planologisch regime aanwezig was, of kon worden gerealiseerd. Er is geen sprake van een stedelijke ontwikkeling. De ontwikkeling vindt plaats op een bestaand erf en het aantal woningen blijft gelijk. Het planvoornemen voldoet aan de verplichtingen van een zorgvuldig ruimtegebruik die voortkomen uit het Barro. Betekenis nationaal beleid voor dit project: Het transformeren van het agrarisch perceel tot woonperceel past binnen het nationaal beleid. Met de ontwikkeling van de planlocatie wordt op basis van de SVIR geen nationaal belang geschaad. De droogmakerij De Beemster en de Stelling van Amsterdam zijn in het Barro beide aangewezen als ‘erfgoed van universele waarde’. Toetsing van het plan aan de ladder voor duurzame verstedelijking is niet noodzakelijk. Een bestaande bedrijfswoning blijft een bedrijfswoning.
3.3
Beleid provincie Noord-Holland
3.3.1 Omgevingsvisie Noord-Holland 2050
Op 19 november 2018 hebben de Provinciale Staten van Noord-Holland de Omgevingsvisie Noord-Holland 2050 vastgesteld. Hierin staat de visie op de fysieke leefomgeving beschreven. De Omgevingsvisie vervangt de Structuurvisie Noord-Holland 2040, het Provinciaal Verkeers- en Vervoerplan, het Provinciaal Milieubeleidsplan 2015-2018 en de Agenda Groen. De leidende hoofdambitie in de Omgevingsvisie NH2050 is de balans tussen economische groei en leefbaarheid. Een gezonde en veilige leefomgeving, die goed is voor mens, plant én dier, is een voorwaarde voor een goed economisch vestigingsklimaat. Tegelijkertijd is duurzame economische ontwikkeling een voorwaarde voor het kunnen investeren in een prettige leefomgeving. Dit betekent dat in heel Noord-Holland een basiskwaliteit van de leefomgeving wordt gegarandeerd. Er zijn randvoorwaarden geformuleerd hoe om te gaan met klimaatverandering. De provincie ontwikkelt zoveel mogelijk natuurinclusief en met behoud van (karakteristieke) landschappen, clustert ruimtelijke economische ontwikkelingen rond infrastructuur en houdt rekening met de ondergrond. Afweging Woningen en bedrijven worden vooral in en aansluitend op de bestaande verstedelijkte gebieden gepland, in overeenstemming met de kwalitatieve behoeftes en trends. Duurzaamheid van de
Toelichting bestemmingsplan ‘Jisperweg 21, Westbeemster’, gemeente Beemster
17
totale voorraad is uitgangspunt. De beoogde bestemmingswijziging sluit hier op aan: het betreft een functiewijziging van een bestaand erf. Er is daarmee sprake van bestaande stedelijk gebied.
3.3.2 Omgevingsverordening Noord-Holland (OVNH2020)
De belangrijkste onderwerpen uit de Omgevingsvisie zijn verankerd in de nieuwe Omgevingsverordening Noord-Holland. Deze vervangt alle bestaande verordeningen die betrekking hebben op de leefomgeving zoals de Provinciale Ruimtelijke Verordening (PRV), de Provinciale Milieuverordening, de Waterverordeningen en de Wegenverordening. De Omgevingsverordening NH is op 22 oktober 2020 vastgesteld door Provinciale Staten en met ingang van half november 2020 van kracht. Met de omgevingsverordening heeft de provincie een eenvoudiger, duidelijker en meer integraal systeem van regels vast willen stellen. Met meer ruimte voor lokaal en regionaal maatwerk en bestuurlijke afwegingsruimte. De nieuwe regels richten zich op het ‘hoe’: hoe kom je tot een goede fysieke leefomgeving? De fysieke leefomgeving staat voor alles wat mensen zien, voelen en ruiken zoals gebouwen, wegen, parken, bossen, rivieren en een schone lucht. Voorheen richtten de regels zich vooral op het ‘wat’: wat mag niet en welke uitzonderingen gelden? Het gaat dus meer om het doel en minder om het middel. In de Omgevingsverordening NH2020 zijn daarvoor de eerste stappen gezet. In de nieuwe verordening zijn de kernkwaliteiten van de landschappen vastgelegd en worden ze beschermd. De verordening kent drie regimes gericht op behoud en ontwikkeling van natuur, landschap en werelderfgoed: 1. Natuurnetwerk Nederland (NNN) 2.
Bijzonder Provinciaal Landschap (BPL) 3. Unesco-werelderfgoed (Stelling van Amsterdam, Beemster en Nieuwe Hollandse Waterlinie). De provinciale belangen in en rond de planlocatie zijn vervat in richtlijnen voor het hele grondgebied van de provincie, en in de volgende werkingsgebieden: • Agrarische bedrijven • Bodemsanering • Erfgoederen van uitzonderlijk universele waarde – Cultureel Erfgoed • Landelijk gebied • MRA landelijk gebied • Terreinen binnen de vastgestelde kritische afstand van Natura2000 • Peilbesluit Het plan Jisperweg 21 ligt buiten bestaand stedelijk gebied in het landelijk gebied van de MRA. Uit de OVNH2020 zijn de volgende instructieregels van invloed op het plan Jisperweg 21: Paragraaf 6.1.1 Algemeen De regels in deze paragraaf zijn gesteld met het oog op o.a. het verbeteren van ruimtelijke kwaliteit door het functie wijzigen van voormalige agrarische bedrijfsbebouwing ten behoeve van kleinschalige ontwikkelingen anders dan woningbouw in het landelijk gebied.
Voormalige agrarische bouwpercelen (artikel 6.5 OVNH2020) Ter plaatse van het werkingsgebied landelijk gebied kan een ruimtelijk plan voorzien in de mogelijkheid dat de bestaande bebouwing op een voormalig agrarisch bouwperceel, inclusief de agrarische bedrijfswoning(en) en uitgezonderd kassen, wordt gebruikt voor kleinschalige vormen van bijzondere huisvesting, werken, recreatie, gebruiksgerichte paardenhouderij of zorgfuncties indien: a. sprake is van volledige beëindiging van het agrarisch bedrijf; b. deze functie de bedrijfsvoering en de ontwikkelingsmogelijkheden van omringende agrarische bedrijven en de woonfunctie van omringende woningen niet beperkt; c. buitenopslag buiten het bouwvlak niet is toegestaan; d. deze functie aantoonbaar geen onevenredige verkeersaantrekkende werking heeft en er sprake is van een acceptabele verkeerssituatie; e. benodigde parkeerplaatsen op het eigen bouwperceel worden gerealiseerd.
18
Toelichting bestemmingsplan ‘Jisperweg 21, Westbeemster’, gemeente Beemster
Afweging: Het gebruik van de planlocatie past binnen deze voorwaarden. De bestaande bedrijfsbebouwing wordt gebruikt voor (opslag van) het aannemersbedrijf, dat op andere locaties werken heeft. Op de locatie zijn geen werknemers werkzaam, waardoor het in feite een bedrijf aan huis is. De (bedrijfs)woning wordt door de eigenaar bewoond. Erfgoederen van uitzonderlijk universele waarde(artikel 6.49 OVNH2020) Gemeenten dienen in hun ruimtelijke plannen regels op te nemen die ervoor zorgen dat de kernkwaliteiten van de werelderfgoederen in stand blijven of versterkt worden. Een nieuw ruimtelijk plan mag alleen ontwikkelingen opnemen die de kernkwaliteiten niet aantasten. De kernkwaliteiten van werelderfgoed de Beemster zijn: 1.
Het unieke, samenhangende en goed bewaard gebleven, vroeg zeventiende-eeuwse (landschaps)architectonische geheel van de droogmakerij de Beemster, bestaande uit: • het vierkante gridpatroon van wegen en waterlopen en rechthoekige percelen; • de ringdijk en ringvaart (continuïteit en eenheid in vormgeving); • het centraal gelegen dorp (Middenbeemster) op een assenkruis van wegen; • bebouwing langs de wegen; • de relatief hooggelegen wegen met laanbeplanting; • de monumentale en typerende (stolp)boerderijen en restanten van buitens; • de oude negentiende-eeuwse gemalen en molengangen; • de structuur en het karakter van het (beschermde) dorpsgezicht van Middenbeemster; 2. Grote openheid; 3. Voor zover het werelderfgoed de Beemster samenvalt met het werelderfgoed de Stelling van Amsterdam, zijn de uitgewerkte universele waarden van het werelderfgoed de Stelling van Amsterdam tevens van toepassing op het werelderfgoed de Beemster. De door UNESCO benoemde ‘Uitzonderlijke en Universele Waarde’ (UUW) van de Stelling van Amsterdam is: 1.
Het unieke, samenhangende en goed bewaard gebleven, laat negentiende-eeuwse en vroeg twintigste-eeuwse hydrologisch en militair landschappelijk geheel, bestaande uit: • een doorgaand stelsel van liniedijken in een grote ring om Amsterdam; sluizen en vooren achterkanalen; • forten, liggend aan accessen; • inundatiegebieden; • voormalige schootsvelden (visueel open) en verboden kringen (merendeels onbebouwd); • de landschappelijke inpassing en camouflage van de voormalige militaire objecten; • 2. Relatief grote openheid; 3. Groene en relatief stille ring rond Amsterdam. Afweging: De ruimtelijke ontwikkeling vindt plaats binnen een bestaand erf. De kernkwaliteiten van de Beemster en de Stelling van Amsterdam worden niet aangetast. Ruimtelijke kwaliteitseis ingeval van een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling in het landelijk gebied (artikel 6.54 OVNH2020) Met de instructie ruimtelijke kwaliteitseis verweeft Provinciale Staten de Leidraad Landschap en cultuurhistorie in de Omgevingsverordening. Bij de inpassing van een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling ter plaatse van het werkingsgebied landelijk gebied, wordt in het ruimtelijk plan, gelet op de Leidraad Landschap en Cultuurhistorie: 1. rekening gehouden met: de ambities en ontwikkelprincipes van het toepasselijke ensemble en van de toepasselijke provinciale structuren; 2.
bij de inpassing betrokken: de kansen zoals beschreven bij de ambities en ontwikkelprincipes; en 3. bij de inpassing betrokken: de ontstaansgeschiedenis en de kernwaarden van het toepasselijke ensemble en van de toepasselijke provinciale structuren.
Toelichting bestemmingsplan ‘Jisperweg 21, Westbeemster’, gemeente Beemster
19
Gedeputeerde Staten kunnen hierbij de Adviescommissie Ruimtelijke Ontwikkeling (ARO) om advies vragen, ook in een vroeg stadium, inzake de locatieafweging of de ruimtelijke inpassing. Afweging: Er kan worden meegewerkt aan het bouwplan als voldaan wordt aan de ruimtelijke kwaliteitseis zoals beschreven in artikel 6.54 OVNH2020. De beoogde planontwikkeling moet rekening houden met de kernkwaliteiten van het Werelderfgoed De Beemster. De kernkwaliteiten zijn uitgewerkt in de Leidraad landschap en cultuurhistorie (zie paragraaf 3.3). In hoofdstuk 4 (ruimtelijke kader) en in paragraaf 5.6 (landschap en cultuurhistorie) is verantwoord op welke wijze het plan passend is. In dit geval wordt een bestaande schuur herbouwd en komt in de plaats van een grote hoeveelheid vervallen bebouwing. Het erf knapt hier enorm van op (aansluitend op de eisen voor ruimtelijke kwaliteitsverbetering zoals genoemd in artikel 6.54). In de schuur gaat opslag van materieel voor het aannemersbedrijf plaatsvinden. In ruimtelijk opzicht sluit dit beter aan bij het gebruik van het erf dan dat elders, in stedelijk gebied, opslagruimte wordt gehuurd. In het stedelijke gebied is de schaarse ruimte hard nodig voor wonen, groen, water e.d.
Het is daarom verantwoord om aan de functiewijziging mee te werken, in combinatie met het volledig slopen van de voormalige agrarische bedrijfsgebouwen en het herbouwen van een nieuwe schuur.
3.3.3 Leidraad Landschap en Cultuurhistorie
De provincie Noord-Holland wil de kwaliteit en de diversiteit van het Noord-Hollands landschap graag behouden en verder ontwikkelen en de dorpen behouden en ontwikkelen. Daarom heeft het begrip ruimtelijke kwaliteit een belangrijke plek gekregen in de Structuurvisie Noord-Holland 2040 en de Provinciale Ruimtelijke Verordening. De Leidraad Landschap en Cultuurhistorie 2018 (vastgesteld door Gedeputeerde Staten op 10 april 2018) is een provinciale handreiking voor het inpassen van nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen in het landschap, zoals bebouwing, agrarische bedrijven, infrastructuur of vormen van energieopwekking. Het ruimtelijke kwaliteitsbeleid in het landelijk gebied is in Omgevingsvisie en Omgevingsverordening geconsolideerd. De Ruimtelijke kwaliteitseis landelijk gebied/Leidraad landschap en cultuurhistorie is op een beleidsneutrale wijze omgezet en verduidelijkt in de nieuwe Omgevingsverordening NH2020. Op basis van de Leidraad Landschap en Cultuurhistorie zijn voor de planlocatie de volgende aspecten van belang: • de planlocatie ligt in het ensemble Schermer-Beemster; • de Beemster is een droogmakerijenlandschap met een raster met gelijkwaardige wegen en vaarten die allemaal beplant zijn.
De geometrische indeling komt op verschillende schaalniveaus terug in sloot- en wegenpatroon, kavelverdeling, -inrichting en de bebouwing; • de vierkante opzet van de erven met een vaste situering van de boerderijen (stolpen) in de Beemster is uniek; • de hoger gelegen, beplante, wegen vormen de ruimtelijke dragers van het landschap; • de laanbeplanting en bebouwing langs rasterwegen begrenzen de openheid. Hierdoor ontstaan grote vierkante ‘kamers’ met daarbinnen een verdere opdeling in rechthoekige kavels. De zuidelijke begrenzing van de Beemster vormt onderdeel van de Liniedijk van de Stelling van Amsterdam, waar deze door Laag-Holland loopt. De Beemster is onderdeel van het inundatiegebied van de Stelling van Amsterdam. De planlocatie Jisperweg 21, in het noordelijk deel van de Beemster, ligt buiten de UNESCO begrenzing Stelling van Amsterdam. De ambities en ontwikkelprincipes voor de Beemster zijn onder andere gebaseerd op Structuurvisie Beemstermaat en Omgevingsnota Beemster (gemeente Beemster, 2012), Ruimtelijk kwaliteitskader voor het Beemster erf (Croonen adviseurs, in opdracht van
20
Toelichting bestemmingsplan ‘Jisperweg 21, Westbeemster’, gemeente Beemster
projectbureau Des Beemsters, 2010) en Handboek Erfinrichting Beemster (Landschap NoordHolland). Voor de Stelling van Amsterdam is een beeldkwaliteitsplan (2008) opgesteld. Afweging Het initiatief ondersteunt de genoemde kernkwaliteiten (zie hoofdstuk 4 en 5.5).
afb.12 Landschappelijk ensemble Schermer-Beemster, planlocatie is onderdeel stolpenstructuur (bron: Leidraad LC)
Betekenis provinciaal beleid voor dit project: De planlocatie vormt een voormalige agrarische bouwkavel en ligt daarmee buiten bestaand stedelijk gebied. Uit de voorliggende toelichting blijkt dat voorliggend plan past binnen het provinciaal ruimtelijk beleid. De bestemmingswijziging vormt een ruimtelijke kwaliteits-verbetering en sluit aan op de ambities uit de Leidraad Landschap en Cultuurhistorie.
3.4
Regionaal beleidWaterland
3.4.1 Regionaal woningbouwbeleid
De gemeente Beemster is in het Regionale Actieprogramma Wonen (RAP) opgenomen van de regio Amstelland-Meerlanden, Amsterdam, Zaanstreek-Waterland (voorheen Stadsregio Amsterdam). Doel van het RAP is regionale afstemming van de woningbouwproductie zodat vraag en aanbod goed op elkaar aansluiten. Het gaat om de kernthema's woningbouwproductie, betaalbare voorraad en woonruimteverdeling. De uitvoering van het RAP wordt opgepakt per deelregio. Al langere tijd werken gemeenten in deze regio met elkaar samen om de woningbouwproductie af te stemmen. Daarbij is een aantal opgaven benoemd: • Het bevorderen van de woningbouwproductie om tegemoet te komen aan de snel groeiende woningbehoefte en de prijzen niet te snel te laten stijgen. Doel is om 20.000 woningen naar voren te halen in de periode 2016-2020. • Nieuwe plekken voor woningbouw te zoeken, vooral in binnenstedelijk gebied. Transformatie en het benutten van (leegstaand) vastgoed spelen hier een belangrijke rol in. • Het werken aan een gezonde en diverse woningmarkt. Doel is een ‘complete metropool’. Aanvullend daaraan worden in dit RAP bouwstenen aangeleverd die gemeenten kunnen gebruiken bij het opstellen van de onderbouwing voor woningbouwplannen in hetkader van de Ladder voor Duurzame Verstedelijking.
Toelichting bestemmingsplan ‘Jisperweg 21, Westbeemster’, gemeente Beemster
21
Het RAP geeft aan dat er op dit moment een tekort is aan harde plannen. Een groot deel van de plannen waarvoor de Ladder doorlopen moet worden, past dus binnen de actuele regionale behoefte voor de komende 10 jaar. Er is nog ruimte, of beter gezegd, noodzaak voor het vaststellen van nieuwe plannen. Binnenstedelijk is onvoldoende ruimte om de behoefte op te vangen. Het RAP geeft voor buitenstedelijke plannen de onderbouwing voor de woningbehoefte zoals deze in het kader van de Ladder voor duurzame verstedelijking moet zijn aangetoond. Afweging De voorgenomen bestemmingswijziging van het perceel Jisperweg 21 is niet opgenomen in het RAP. De voorgenomen ontwikkeling betreft uitsluitend een gebruikswijziging van bestaande bebouwing. Er worden geen extra woningen toegevoegd ten opzichte van wat er op het perceel reeds planologisch mogelijk is. De voorgenomen ontwikkeling is niet in strijd met het Regionaal Actieprogramma en draagt (in beperkte mate) bij aan de aanwezige woningbehoefte.
3.4.2 Regiovisie Waterland 2040
De regio Waterland heeft een ontwikkelkader tot 2040 opgesteld, de Regiovisie Waterland 2040. In deze visie staat behoud en zo mogelijk versterking van het kenmerkende authentieke karakter van de regio Waterland voorop, maar wel met de noodzakelijk sociaal-economische en infrastructurele impulsen om de kern en vitaal te houden en het gebied binnen de Metropoolregio Amsterdam bereikbaar te maken. Hieraan dient het ruimtelijke beleid zoveel mogelijk bij te dragen, zonder het authentieke karakter van het landschap aan te tasten. De regio Waterland maakt qua woningmarkt en werkgelegenheid deel uit van de Metropoolregio Amsterdam en de Randstad. In deze regio is een forse behoefte aan extra woningen. Waterland kan en wil zich daar niet aan onttrekken, maar kiest vanwege het waardevolle landschappelijke karakter en de mobiliteitsproblematiek niet voor grootschalige verstedelijkingsopties. Als regio is er bewust voor gekozen om het bevolkingsaantal niet te laten teruglopen door een kleine kwalitatieve impuls. Een goede en hoogwaardige ruimtelijke ordening, een goede verkeersafwikkeling en het respecteren van de landschappelijke kwaliteiten voorop. Afweging De voorgenomen bestemmingswijziging van het perceel Jisperweg 21 is passend binnen de Regiovisie Waterland 2040. Betekenis regionaal beleid voor dit project: Voorliggend plan past binnen het regionale afsprakenkader.
3.5
Beleid gemeente Beemster
Het integrale ruimtelijk kwaliteitsbeleid van de gemeente Beemster is verwoord in drie samenhangende beleidsdocumenten: de gemeentelijke structuurvisie Beemstermaat, de Omgevingsnota Beemster en het bestemmingsplan Buitengebied. De ambitie van de gemeente is om een balans te vinden tussen de instandhouding van de uitzonderlijke universele waarden van het werelderfgoed en de ontwikkelvragen van inwoners en ondernemers.
3.5.1 Structuurvisie Beemstermaat 2012
De Structuurvisie Beemstermaat van de gemeente Beemster (juli 2012) vormt het afwegingskader voor ruimtelijke ontwikkelingen en geeft aan waar welke functies wenselijk zijn en waar niet. In deze structuurvisie zijn de ambities genoemd die de gemeente nastreeft. Deze ambities luiden als volgt: • Behoud en herstel van het landschapspatroon. • Tegengaan van verrommeling. • Behouden en versterken van de ruimtelijke structuur en karakteristiek. • Recreatie en duurzaamheid versterken. • Oplossen mobiliteitsdruk binnen neutraal raster.
22
Toelichting bestemmingsplan ‘Jisperweg 21, Westbeemster’, gemeente Beemster
Deze ambities zijn in zogenaamde 'gouden regels' omgezet. Deze regels hebben als uitgangspunt dat ontwikkeling mogelijk moet zijn om de dynamiek binnen de gemeente te behouden, maar de kernwaarden behouden moeten blijven. Ontwikkelingen moeten passen binnen de historisch bepaalde hoofdstructuur. Verder is in deze structuurvisie een belangrijke ambitie dat eventuele verdichting in het buitengebied alleen plaatsvindt in dezelfde zones en langs dezelfde wegdelen waar nu bebouwing staat. In de 'gouden regels' is onder andere verwoord dat de Beemster een werkpolder is waar binnen de historisch bepaalde hoofdstructuur (ruimtelijke en functionele) veranderingen mogelijk zijn. Afweging Wat betreft de functies wonen en werken wordt beschreven dat er op verantwoorde wijze ruimte is geschapen in De Beemster om de woonbehoefte van de inwoners voor langere tijd te kunnen opvangen. De beoogde bestemmingswijziging is passend binnen de historisch bepaalde hoofdstructuur en leidt tot het behoud van een karakteristieke stolp.
3.5.2 Omgevingsnota Beemster 2012
Het doel van de Omgevingsnota is het behouden en stimuleren van de ruimtelijke kwaliteit van De Beemster. In de Omgevingsnota zijn voor de verschillende gebiedstypen essenties en criteria voor omgevingskwaliteit uitgewerkt. Er wordt onderscheid gemaakt tussen wat ‘Des Beemsters’ is en wat ‘gewoon’ is. De essenties zijn bedoeld voor regie in de vroege stadia van beleid- en planvorming. De criteria zijn bedoeld voor de borging van kwaliteit op het moment van de formele planbeoordeling. Essenties en criteria zijn integraal: ze omvatten erfgoed, openbare ruimte, landschap, infrastructuur en bebouwing. In hoofdstuk 4 wordt beschreven op welke wijze rekening wordt gehouden met de criteria voor ruimtelijke kwaliteit.
3.5.3 Bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021
Volgens de toelichting in het Bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021 is één van de oorzaken van het teruglopen van ruimtelijke kwaliteit van het landschap het verval van (agrarische) bebouwing wanneer een ondernemer in het landelijk gebied zijn bedrijfsvoering stopt. In beginsel is het (gemeentelijk en provinciaal) beleid erop gericht om verstedelijking van het landelijk gebied te voorkomen. Voor vrijkomende agrarische bebouwing wordt in het bestemmingsplan buitengebied 2012 echter wel een mogelijkheid geboden voor nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen, maar wel zo dat de kwaliteit van het landschap en de monumentale bebouwing behouden blijft en waar mogelijk wordt verbeterd. De belangrijkste algemene regel is wel dat de nieuwe functie de bedrijfsvoering en de ontwikkelingsmogelijkheden van omringende agrarische bedrijven en de woonfunctie van omringende woningen niet mag beperken. Bij het wel of niet toestaan van nieuwe ontwikkelingen in vrijkomende agrarische bebouwing in het landelijk gebied dient het provinciale toetsingskader richtinggevend te zijn. Wel dient hierbij te worden opgemerkt dat iedere locatie eigen mogelijkheden en beperkingen bezit. Maatwerk is aan de orde. Zo mag de functie ‘wonen’ alleen worden gerealiseerd bij volledige beëindiging van de agrarische functie van het perceel.
Betekenis van het gemeentelijk beleid voor dit project: De ontwikkeling van het beoogde plan is binnen het integrale Beemster kwaliteitsbeleid mogelijk. Het plan sluit aan op het gemeentelijke ruimtelijke kwaliteitsbeleid in de drie samenhangende beleidsdocumenten: de gemeentelijke structuurvisie Beemstermaat, de Omgevingsnota Beemster en het bestemmingsplan Buitengebied.
Toelichting bestemmingsplan ‘Jisperweg 21, Westbeemster’, gemeente Beemster
23
3.6
Conclusie beleidskader
Op basis van voorgaande paragrafen wordt geconcludeerd dat de voorgenomen ontwikkeling passend is binnen de beleidskaders op Rijks-, provinciaal en gemeentelijk niveau. • Op basis van het nationaal beleid (Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte en Amvb Ruimte) zijn er geen bezwaren tegen het ontwikkelen van de locatie. Met de ontwikkeling van de planlocatie wordt op basis van de SVIR geen nationaal belang geschaad. De droogmakerij De Beemster en de Stelling van Amsterdam zijn in het Barro beide aangewezen als ‘erfgoed van universele waarde’. Toetsing van het plan aan de ladder voor duurzame verstedelijking is niet noodzakelijk. Een bestaande bedrijfswoning wordt gewijzigd in een burgerwoning. • De bestemmingswijziging van het vrijkomende agrarische perceel naar ‘Bedrijf’ (kleinschalig werken)past binnen het provinciaal beleid. De bestemmingswijziging vormt een ruimtelijke kwaliteits-verbetering en sluit aan op de ambities uit de Leidraad Landschap en Cultuurhistorie. • De ontwikkeling van het beoogde plan is binnen het integrale Beemster kwaliteitsbeleid mogelijk. Het plan sluit aan op het gemeentelijke ruimtelijke kwaliteitsbeleid in de drie samenhangende beleidsdocumenten: de gemeentelijke structuurvisie Beemstermaat, de Omgevingsnota Beemster en het bestemmingsplan Buitengebied.
24
Toelichting bestemmingsplan ‘Jisperweg 21, Westbeemster’, gemeente Beemster
4.
RUIMTELIJKE KADER
4.1
Algemeen
In het gemeentelijke beleid worden drie schaalniveaus onderscheiden die ook in de provinciale Leidraad worden gehanteerd. De Beemster als geheel, het niveau van de Beemsterkamer en het niveau van het Beemster erf. In voorliggend hoofdstuk is de landschappelijke en historische inpasbaarheid van het plan in beeld gebracht op basis van deze drie schaalniveaus. Het plan wordt gerealiseerd op het huidige Beemster Erf. De inrichting van het erf zal wijzigen. De karakteristieke stolp blijft in stand.
afb.11 De Beemster: Werelderfgoed en droogmakerij met raster van vierkanten (bron: Leidraad LC)
4.2
Landschappelijke inpassing
4.2.1 Historische landschappelijke ontwikkeling van de droogmakerij
De voormalige meer Beemster was een opgewaaide veenrivier (Bamestra), die door getijdenwerking en stormvloeden steeds verder uitwaaide. Ook de bodemdaling als gevolg van de ontwatering van het veen speelde hierbij een rol; de venen langs de veenrivieren waren in de middeleeuwen in ontginning genomen. De overheersende windrichting van toen is nog herkenbaar in de richting van de droogmakerijen, namelijk zuidwest-noordoost. De meren waren omringd door stukken oud veenpolderlandschap, zoals de Eilandspolder en de Polder Mijzen. Deze gebieden kregen de onregelmatige strookverkavelingen met brede sloten die kenmerkend zijn voor dit soort veenweidegebieden. De Beemster werd in 1612 als eerste van de reeks grote droogmakerijen van de Gouden Eeuw drooggelegd. De droogmakerijen werden met geometrische precisie ingericht. De Beemster staat bekend als het hoogtepunt van de Hollandse landmeetkunde uit die tijd vanwege zijn indeling in volkomen vierkanten. De Beemster werd om deze redenen in 1999 op de UNESCOWerelderfgoedlijst geplaatst. De kernkwaliteiten van de Beemster werden verbeeld op de kopergravure ‘Bedyckte Beemster’ uit 1644. Binnen de grillige contour van de ringdijk is De Beemster opgebouwd uit een heldere gridstructuur van wegen en waterlopen. Het grid is te verdelen in modules van één zeemijl, namelijk 1.852 x 1.852 meter.
Deze bestaan weer uit blokken van 926 x 926 meter, die weer verdeeld zijn in vijf kavels van 185 x 926 meter. Dit ordeningsprincipe stamt uit de 17e eeuw en is terug te zien op de
Toelichting bestemmingsplan ‘Jisperweg 21, Westbeemster’, gemeente Beemster
25
Kopergravure uit deze tijd. De enige afwijkende lijnen in het grid zijn te vinden in Zuidoostbeemster: de knik in de Purmerenderweg en de bocht in de later aangelegde A7 wijken af, zodat het Noordhollandsch Kanaal loodrecht gekruist kon worden. De strakke geometrische patronen van wegen, waterwegen en kavels in de Beemster zijn vier eeuwen later nog grotendeels intact. Afweging niveau Beemster als geheel: • met de beoogde bestemmingswijziging blijft het vierkante raster van waterlopen, wegen en rechthoekige poldervlak behouden; • de beoogde bestemmingswijziging behoudt de gelijkwaardigheid van de polderwegen en de transparantie van bebouwing langs wegen; • het plan heeft geen invloed op de eenduidige verschijningsvorm van ringdijk en ringvaart; • het huidige watersysteem blijft herkenbaar.
planlocatie
afb.12Uitsnede uit historische kaart Beemster 1644
26
Toelichting bestemmingsplan ‘Jisperweg 21, Westbeemster’, gemeente Beemster
4.2.2 De Beemsterkamer
De kwaliteit van de Beemster schuilt immers grotendeels in de kwaliteit van de stramienlijnen van het grid: de kaarsrechte, met bomen beplante wegen. De wegbeplanting begrenst de grote open ruimten in de polder. Het Beemstergrid is glashelder, kent geen doodlopende wegen of onderbrekingen en is voor alle verkeer toegankelijk. De wegen en sloten lijken door te lopen tot in het oneindige. Het is deze continuïteit van de lijn die het grid haar monumentaliteit geeft. De vierkante gridstructuur van de polderkamer heeft een stramien van 92,5 x 92,5 meter. De stramienlijnen liggen in het hart van de sloten, zodat het water de basis vormt van de ruimtelijke structuur. De noord-zuidrichting van de sloten geeft het grid een duidelijke richting. De sloot ten noorden van de planlocatie staat op de kopergravure. Langs de gridstructuur zijn aan de korte kant van de kavels losse bebouwingskorrels ontstaan en een aantal kernen, waarvan de kernen Middenbeemster en Zuidoostbeemster de grootste zijn. De dorpen onderscheiden zich van de losse korrelstructuur van De Beemster door de combinatie van ruime burgerhuizen en bijzondere bebouwing. De bebouwde erven langs de linten hebben overwegend een grove bebouwingsstructuur vanwege de agrarische oorsprong met flinke stolpen en erfbebouwing.
De ruim opgezette, grove bebouwingskorrels metgrootschalige architectuur langs het grid van de droogmakerij vormen samen de linten en behorentot het ‘boerengrid’. Dit vormt een duidelijk contrast met het kleinschalige, compacte ‘burgergrid’ inZuidoostbeemster, veroorzaakt door de schaalverkleining die door de tuindersfunctie in het gebied isaangebracht. Afweging niveau Beemster kamer: • de functiewijziging betreft een bestaand erf en behoudt de openheid van de Beemster; • de planlocatie ligt aan de Jisperweg, die als (transparant) onderdeel van het ‘polderraster’ de open ‘polderkamer’ omsluit. De Jisperweg is een belangrijke ruimtelijke drager, en de bebouwing langs de weg maakt onderdeel uit van het ‘boerengrid’ met een ruimte opgezette, grove bebouwingskorrel. De openheid van de droogmakerij is aan alle zijden voelbaar.
afb.13
Topografische kaart ca. 1900 (bron: Topotijdreis)
Toelichting bestemmingsplan ‘Jisperweg 21, Westbeemster’, gemeente Beemster
27
afb.14
Topografische kaart ca. 2020 (bron: Topotijdreis)
4.2.3 Het Beemster erf
Het traditionele Beemster erf past in vorm, maat en architectuur naadloos in de vierkante architectuur van de polder en versterkt de samenhang daarvan. Het vierkante Beemster erf is praktisch ingericht. Het laat zich gemakkelijk indelen in blokvormige ‘kamers’, van elkaar gescheiden door sloten, bomenrijen, hagen en later door verharding. Ieder ‘kamer’ heeft zijn eigen functie. Zo vind je hier een hoogstamfruitboomgaard, moestuin, hakhoutbosje, bleekveld en een siertuin. De landschappelijke waarde van het Beemster erf zit in zijn vierkante vormen en proportionaliteit. De erfindeling weerspiegelt de indeling van de droogmakerij. De sloten rondom het erf sluiten aan bij de hoofdwatergangen. De bomenrijen langs de kavelgrens markeren de binnenruimten van het erf, net zoals de wegbeplanting de grote open ruimten in de polder begrenst. De lange, rechte wegen die de polder met zichtlijnen doorsnijden, vinden hun weerwoord in de rechte ontsluitingsweg van het boerenerf. Het erfpad of de laan, vaak met laanbomen, biedt zicht over het erf op het open land daarachter. De laan loopt niet altijd over het hele erf naar achteren. Soms ontbreekt het doorzicht. (Bron: Ervenhandboek Beemster, Landschap Noord-Holland).