CConstaterende datBeemster
Koppel je AI →
Document · PDF

bestemmingsplan Buitengebied 2012 - Partiele herziening 2021, regels.pdf

Raadscommissie 21 september 2021, gemeente BeemsterBij agendapunt: 5: Voorstel tot het vaststellen van het bestemmingsplan Buitengebied 2012 - Partiële herziening 2021 en de daarbij behorende stukken.26.777 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

9.

5.2.3

afstand tot dezijdelingse perceelsgrens; de bedrijfswoning mag niet eerder worden gebouwd, dan nadat of tegelijkertijd de bedrijfsgebouwen met een gezamenlijke inhoud van niet minder dan 1.500 m3 zijn of worden gerealiseerd. Pronkgevels

Uitsluitend bij een stolpwoning en ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek' is een verbijzondering van de voorgevel in de vorm van een pronkgevel toegestaan met inachtneming van de volgende regels: a. b. c. d. e. f.

de goothoogte mag niet meer dan tweemaal de bestaande goothoogte van de stolpwoning bedragen; de breedte mag niet meer dan 1/3 van de voorgevel van de stolpwoning bedragen; de bouwdiepte vanaf de voorgevel mag niet meer dan 0,5 m bedragen; het aantal bouwlagen mag niet meer dan 2 bedragen; het midden van de pronkgevel mag uitsluitend op het midden van de voorgevel van het hoofdgebouw liggen; de dakhelling van de kap van de pronkgevel mag niet meer bedragen dan die van het hoofdgebouw.

5.2.4

Bouwwerken, geen gebouw zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouw zijnde, gelden de volgende regels: a. b. c. d. e. f.

de bouwwerken mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd met uitzondering van landhekken als bedoeld onder e; de bouwhoogte van erf- of terreinafscheidingen in het achtererfgebied mag niet meer 2 m bedragen; de bouwhoogte van antennes en vlaggenmasten mag niet meer dan 6 m bedragen; de bouwhoogte van overige bijbehorende bouwwerken mag niet meer dan 5 m bedragen; de bouwhoogte van landhekken mag niet meer dan 1,5 m bedragen; de bouwhoogte van overige bouwwerken, waaronder overkappingen, mag niet meer dan 4 m bedragen.

5.3

Afwijken van de bouwregels

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in: a.

b.

lid 5.2.1 sub b indien de woning ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek' door een calamiteit teniet is gegaan en/of handhaving van het in dat lid bepaalde, niet in redelijkheid kan worden gevergd van de eigenaar en/of gebruiker van de woning; lid 5.2.2 sub a onder 1, voor het bouwen buiten het bouwvlak, mits: de oppervlakte van de denkbeeldige rechthoek waarvan het bestaande bouwvlak deel uitmaakt, niet meer dan 2 ha bedraagt; er geen m.e.r.-plichtige activiteiten mogelijk worden gemaakt; en tevens is voldaan aan de volgende voorwaarden: 1.

c.

voor de concrete situatie moet zijn aangetoond dat er binnen het bestaande bouwvlak onvoldoende ruimte is; 2. er moet sprake zijn van een grondgebonden agrarisch bedrijf óf van een niet-grondgebonden (intensief) veehouderijbedrijf dat moet uitbreiden in verband met wettelijke eisen op het gebied van milieu en/of dierenwelzijn en/of -gezondheid; 3. er moet sprake zijn van een goede landschappelijke/stedenbouwkundige inpassing die uitgevoerd en duurzaam in stand wordt gehouden; 4. bij de inpassing van nieuwe bouwwerken moet rekening worden gehouden met de belangen van de omgevingsaspecten en moeten de volgende kernkwaliteiten worden behouden of versterkt: de kernkwaliteiten van UNESCO-werelderfgoed Droogmakerij de Beemster, zoals die in bijlage 4 zijn aangegeven; de kernkwaliteiten van UNESCO-werelderfgoed De Stelling van Amsterdam, zoals die in bijlage 5 zijn aangegeven. 5. de omgevingsvergunning is voorbereid door middel van een keukentafeloverleg. lid 5.2.2 sub a onder 2, voor het bouwen tot een goothoogte van maximaal 7 m, mits met deze afwijking de kernkwaliteiten van UNESCO-werelderfgoed Droogmakerij de Beemster en/of de kernkwaliteiten van UNESCO-werelderfgoed De Stelling van Amsterdam, zoals die in bijlage 4 en 5 bij deze regels zijn

32

bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021

d.

5.4

aangegeven, worden behouden en/of versterkt; lid 5.2.2 sub a onder 3 en b onder 4 voor het plat afdekken of voor een kap niet haaks op de weg, mits met deze afwijking de kernkwaliteiten van UNESCO-werelderfgoed Droogmakerij de Beemster en/of de kernkwaliteiten van UNESCO-werelderfgoed De Stelling van Amsterdam, zoals die in bijlage 4 en 5 bij deze regels zijn aangegeven, worden behouden en/of versterkt. Specifieke gebruiksregels

Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend: a. b. c.

het gebruik ten behoeve van het plaatsen of geplaatst houden van onderkomens. het bedrijfsmatig verkopen of ten verkoop aanbieden van goederen bestemd en gereed voor onmiddellijk gebruik of verbruik; het gebruik van de gebouwen ten behoeve van veredelingsbedrijven.

33

bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021

34

bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021

Artikel 6 6.1

Agrarisch - Intensieve veehouderij

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Agrarisch - Intensieve veehouderij' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b.

intensieve veehouderijbedrijven; wonen ten behoeve van het bedrijf, tenzij staat aangegeven dat een woning niet is toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'bedrijfswoning uitgesloten'

alsmede voor: c.

ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek' het behoud en bescherming van karakteristiek bouwwerken.

6.2

Bouwregels

6.2.1

Algemeen

a. b.

c. d.

Op deze gronden mag uitsluitend ten behoeve van de bestemming worden gebouwd. Indien een bouwwerk nader is aangeduid als karakteristiek bouwwerk ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek' dient de uitwendige hoofdvorm van het betrokken bouwwerk, bepaald door de goothoogte, bouwhoogte, nokrichting, dakvorm, dakhelling, gevelindeling en grondoppervlakte gehandhaafd te worden; de zijdelingse afstand van de gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde tot de aanwezige sloten mag niet minder dan 3,6 m bedragen; de zijdelingse afstand van de gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, tot de aanwezige kopergravuresloten mag niet minder dan 7,2 m bedragen.

6.2.2

Bedrijfsgebouwen en bedrijfswoningen

De volgende gebouwen mogen worden gebouwd: a.

b.

bedrijfsgebouwen, met in achtneming van de volgende regels: 1. er mag uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd; 2. ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m), maximum bebouwingspercentage (%)' mogen de goothoogte, de bouwhoogte en het bebouwingspercentage niet meer bedragen dan is aangegeven; 3. gebouwen moeten zijn voorzien van een kap haaks op de weg waarvan de dakhelling niet minder mag bedragen dan 15° en niet meer dan 60°; 4. de voorgevel van een bedrijfsgebouw is minimaal 10 m achter de voorgevel van de bedrijfswoning gelegen; per bouwvlak één bedrijfswoning, tenzij anders is aangegeven ter plaatse van de aanduiding 'bedrijfswoning uitgesloten', met inachtneming van de volgende regels: 1. de bedrijfswoning mag uitsluitend vooraan binnen het bouwvlak worden gebouwd; 2. de goothoogte mag niet meer bedragen dan 5,5 m; 3. de inhoud mag inclusief aan- en uitbouwen niet meer bedragen dan 750 m3 ; 4. gebouwen moeten zijn voorzien van een kap haaks op de weg waarvan de dakhelling niet minder mag bedragen dan 30° en niet meer dan 60°; 5. de afstand van een vrijstaande of aan één zijde aangebouwde woning tot de zijdelingse perceelsgrens mag niet minder bedragen dan 2,5 m; 6.

de bedrijfswoning mag niet eerder worden gebouwd dan nadat of tegelijkertijd de bedrijfsgebouwen met een gezamenlijke inhoud van niet minder dan 1.500 m3 zijn of worden gerealiseerd.

35

bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021

6.2.3

Pronkgevels

Uitsluitend bij een stolpwoning en ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek' is een verbijzondering van de voorgevel in de vorm van een pronkgevel toegestaan met inachtneming van de volgende regels: a. b. c. d. e. f.

de goothoogte mag niet meer dan tweemaal de bestaande goothoogte van de stolpwoning bedragen; de breedte mag niet meer dan 1/3 van de voorgevel van de stolpwoning bedragen; de bouwdiepte vanaf de voorgevel mag niet meer dan 0,5 m bedragen; het aantal bouwlagen mag niet meer dan 2 bedragen; het midden van de pronkgevel mag uitsluitend op het midden van de voorgevel van het hoofdgebouw liggen; de dakhelling van de kap van de pronkgevel mag niet meer bedragen dan die van het hoofdgebouw.

6.2.4

Bouwwerken, geen gebouw zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouw zijnde, gelden de volgende regels: a. b. c. d. e.

de bouwwerken mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd met uitzondering van landhekken als bedoeld onder e; de bouwhoogte van erf- of terreinafscheidingen in het achtererfgebied mag niet meer 2 m bedragen; de bouwhoogte van antennes en vlaggenmasten mag niet meer dan 6 m bedragen; de bouwhoogte van overige bouwwerken, waaronder overkappingen, mag niet meer dan 5 m bedragen; de bouwhoogte van landhekken mag niet meer dan 1,5 m bedragen.

6.3

Afwijken van de bouwregels

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in: a.

b.

lid 6.2.1 sub b indien de woning ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek' door een calamiteit teniet is gegaan en/of handhaving van hetdat lid bepaalde, niet in redelijkheid kan worden gevergd van de eigenaar en/of gebruiker van de woning; lid 6.2.2 sub a onder 1, voor het bouwen buiten het bouwvlak, mits: de oppervlakte van de denkbeeldige rechthoek waarvan het bestaande bouwvlak deel uitmaakt, niet meer dan 2 ha bedraagt; er geen m.e.r.-plichtige activiteiten mogelijk worden gemaakt en tevens is voldaan aan de volgende voorwaarden: 1.

c.

d.

e.

voor de concrete situatie moet zijn aangetoond dat er binnen het bestaande bouwvlak onvoldoende ruimte is; 2. er moet sprake zijn van een niet-grondgebonden (intensief) veehouderijbedrijf dat moet uitbreiden in verband met wettelijke eisen op het gebied van milieu en/of dierenwelzijn; 3. er moet sprake zijn van een goede landschappelijke/stedenbouwkundige inpassing die uitgevoerd en duurzaam in stand wordt gehouden; 4. bij de inpassing van nieuwe bouwwerken moet rekening worden gehouden met de belangen van de omgevingsaspecten en moeten de volgende kernkwaliteiten worden behouden of versterkt: de kernkwaliteiten van UNESCO-werelderfgoed Droogmakerij de Beemster, zoals die in bijlage 4 zijn aangegeven; de kernkwaliteiten van UNESCO-werelderfgoed De Stelling van Amsterdam, zoals die in bijlage 5 zijn aangegeven; 5. de omgevingsvergunning is voorbereid door middel van een keukentafeloverleg.

lid 6.2.2 sub a onder 2 voor het bouwen tot een goothoogte van maximaal 4 m, mits met deze afwijking de kernkwaliteiten van UNESCO-werelderfgoed Droogmakerij de Beemster en/of de kernkwaliteiten van UNESCO-werelderfgoed De Stelling van Amsterdam, zoals die in bijlage 4 en 5 bij deze regels zijn aangegeven, worden behouden en/of versterkt; lid 6.2.2 sub a onder 2, voor het bouwen van bedrijfsgebouwen met een grotere oppervlakte dan op basis van het op de planverbeelding aangegeven 'maximum bebouwingspercentage (%)' is toegestaan, mits dit voortvloeit uit wettelijke bepalingen op het gebied van milieu, dierenwelzijn of diergezondheid en mits dit niet leidt tot het houden van meer dieren; lid 6.2.2 sub a onder 3 en 4 en b onder 4 voor het plat afdekken of voor een kap niet haaks op de weg,

36

bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021

mits met deze afwijking de kernkwaliteiten van UNESCO-werelderfgoed Droogmakerij de Beemster en/of de kernkwaliteiten van UNESCO-werelderfgoed De Stelling van Amsterdam, zoals die in bijlage 4 en 5 bij deze regels zijn aangegeven, worden behouden en/of versterkt. 6.4

Specifieke gebruiksregels

6.4.1

Strijdig gebruik

Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend: a. b.

c.

het gebruik ten behoeve van het plaatsen of geplaatst houden van onderkomens. het bedrijfsmatig verkopen of ten verkoop aanbieden van goederen bestemd en gereed voor onmiddellijk gebruik of verbruik, uitgezonderd de verkoop of het ten verkoop aanbieden van producten afkomstig van het betrokken agrarisch bedrijf tot een oppervlakte van maximaal 50 m2 ; het houden van vee op een verdieping.

6.4.2

Ondergeschikte nevenactiviteiten

Binnen de bestemming 'Agrarisch - Intensieve veehouderij' is de uitoefening van ondergeschikte nevenactiviteiten in de vorm van een aan huis verbonden beroep of bedrijfsactiviteiten toegestaan, mits wordt voldaan aan de volgende voorwaarden: a. b.

c.

d.

e. f. g. h. i. 6.5

de ondergeschikte nevenactiviteiten mag mogen alleen plaatsvinden in de bestaande gebouwen; de gezamenlijke vloeroppervlakte mag niet meer bedragen dan 50% van het bruto vloeroppervlak van de bestaande gebouwen; ondergeschikte nevenactiviteiten zijn uitsluitend toegestaan als ze zijn genoemd in categorie 1 en 2 van de Staat van Bedrijfsactiviteiten zoals opgenomen in bijlage 1 bij deze regels of daarmee wat betreft de milieuhinder vergelijkbare activiteiten. Daarbij zijn in ieder geval de volgende functies (ook) toelaatbaar: 1. veeartsenpraktijk; 2. hoefsmederij; 3. ambachtelijke be- en verwerking van agrarische producten (kaasmakerij, imkerij, etc.); 4. agrarisch natuur- en landschapsbeheer; 5. hoveniersactiviteiten; 6. kinderboerderij; 7. kano-, roeiboot- en fietsenverhuur; 8. sociale functie, zoals een kinderopvang of een zorgboerderij; 9. milieueducatie / rondleidingen; 10.

musea / tentoonstellingsruimte / atelier; detailhandel is niet toegestaan, met uitzondering van de verkoop van producten afkomstig van het betrokken agrarisch bedrijf en daaraan ondergeschikt gerelateerde producten uit de streek tot een oppervlakte van maximaal 50 m2 ; horeca is niet toegestaan, met uitzondering van kleinschalige horeca in de vorm van een theeschenkerij, een proeverij, een boerderijcafé, of vergelijkbare functie met aan maximale oppervlakte van 100 m2 ; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gevoelige objecten en/of bedrijven mogen niet onevenredig worden aangetast; er vindt geen opslag en/of stalling van goederen en materiaal plaats buiten de bedrijfsgebouwen; parkeren vindt plaats op eigen erf; het gebruik mag niet leiden tot een onevenredige toename van het verkeer; de activiteit mag uitsluitend worden uitgeoefend door de bewoner. Afwijken van de gebruiksregels

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen in afwijking van het bepaalde in lid 6.1 sub d, voor het gebruik van een agrarische bedrijfswoning door derden die geen binding hebben met het agrarisch bedrijf, mits er sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat.

37

bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021

38

bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021

Artikel 7 7.1

Agrarisch - Paardenhouderij

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Agrarisch - Paardenhouderijj' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d.

e. f.

productiegerichte paardenhouderij; ondergeschikte neventak in de vorm van een niet-grondgebonden (intensief) veehouderijbedrijf, met een een maximale bedrijfsvloeroppervlakte van 750 m2 ; gebruiksgerichte paardenhouderij ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van agrarisch gebruiksgerichte paardenhouderij'; manege voor stalling van paarden en het uitoefenen van de ruitersport ter plaatse van de aanduiding 'manege', met dien verstande dat voor het adres Nekkerweg 13a tevens ten dienste van en aan de manege ondergeschikte horecavoorzieningen is toegestaan, uit de categorie 1 zoals genoemd in de bij de regels behorende Bijlage 2 Lijst van toegelaten horecatypen; erfpad met bijbehorende beplanting ter plaatse van de aanduiding 'pad'; wonen ten behoeve van het bedrijf, tenzij staat aangegeven dat een woning niet is toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'bedrijfswoning uitgesloten'.

7.2

Bouwregels:

7.2.1

Algemeen

a. b.

c. d.

Op deze gronden mag uitsluitend ten behoeve van de bestemming worden gebouwd. Indien een bouwwerk nader is aangeduid als karakteristiek bouwwerk ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek' dient de uitwendige hoofdvorm van het betrokken bouwwerk, bepaald door de goothoogte, bouwhoogte, nokrichting, dakvorm, dakhelling, gevelindeling en grondoppervlakte gehandhaafd te worden; de zijdelingse afstand van de gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde tot de aanwezige sloten mag niet minder dan 3,6 m bedragen; de zijdelingse afstand van de gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, tot de aanwezige kopergravuresloten mag niet minder dan 7,2 m bedragen.

7.2.2

Bedrijfsgebouwen en bedrijfswoningen

De volgende gebouwen mogen worden gebouwd: a.

bedrijfsgebouwen, met inachtneming van de volgende regels: 1. er mag uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd; 2. ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m) mogen de goothoogte en de bouwhoogte niet meer bedragen dan is aangegeven; 3. ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m), maximum bebouwingspercentage (%)' mogen de goothoogte, de bouwhoogte en het bebouwingspercentage niet meer bedragen dan is aangegeven; 4. indien de afstand vanaf de gevellijn niet meer dan 18 m bedraagt, gelden de volgende regels: de goothoogte mag niet meer dan 3 m bedragen; de bouwhoogte mag niet meer dan 10 m bedragen; de bouwhoogte is niet hoger dan de bouwhoogte van de bedrijfswoning; gebouwen moeten zijn voorzien van een kap haaks op de weg waarvan de dakhelling van de kap niet minder dan 30° en niet meer dan 60° mag bedragen; 5. indien de afstand vanaf de gevellijn meer dan 18 m bedraagt, gelden de volgende regels: de goothoogte mag niet meer dan 5,5 m bedragen; de bouwhoogte mag niet meer dan 12 m bedragen; gebouwen moeten zijn voorzien van een kap haaks op de weg waarvan de dakhelling van de kap niet minder dan 15° en niet meer dan 30° mag bedragen; 6. indien een bouwwerk zowel binnen als buiten de afstand van 18 m van de gevellijn, als bedoeld onder 4 en 5 is gelegen, gelden de regels als genoemd onder 4;

39

bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021

b.

per bouwvlak één bedrijfswoning, tenzij anders is aangegeven ter plaatse van de aanduiding 'bedrijfswoning uitgesloten', met inachtneming van de volgende regels: 1. de bedrijfswoning mag uitsluitend vooraan binnen het bouwvlak worden gebouwd; 2. de goothoogte mag niet meer bedragen dan 5,5 m; 3. de bouwhoogte mag niet meer bedragen dan 12 m; 4. gebouwen moeten zijn voorzien van een kap haaks op de weg waarvan de dakhelling niet minder dan 30° en niet meer dan 60° mag bedragen; 5. de inhoud van een bedrijfswoning, niet zijnde een stolp, inclusief aan- en uitbouwen mag niet groter zijn dan 750 m3 ; 6. de bedrijfswoning mag als een stolpwoning worden gebouwd, waarbij de volgende regels gelden: de oppervlakte mag niet minder dan 225 m2 (15 x 15 m) en niet meer dan 400 m2 (20 x 20 m) bedragen; de goothoogte mag niet meer dan 3,5 m bedragen; de dakhelling van de piramidekap mag niet minder dan 45º en niet meer dan 52° bedragen; 7. de afstand van een vrijstaande of aan één zijde aangebouwde bedrijfswoning tot de zijdelingse perceelsgrens mag niet minder bedragen dan 9 m; 8. als de bestaande afstand minder dan 9 m bedraagt, dan geldt deze mindere afstand als minimale afstand tot de zijdelingse perceelsgrens; 9.

de bedrijfswoning mag niet eerder worden gebouwd, dan nadat of tegelijkertijd de bedrijfsgebouwen met een gezamenlijke inhoud van niet minder dan 1.500 m3 zijn of worden gerealiseerd.

7.2.3

Pronkgevels

Uitsluitend bij een stolpwoning en ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek' is een verbijzondering van de voorgevel in de vorm van een pronkgevel toegestaan met inachtneming van de volgende regels: a. b. c. d. e. f.

de goothoogte mag niet meer dan tweemaal de bestaande goothoogte van de stolpwoning bedragen; de breedte mag niet meer dan 1/3 van de voorgevel van de stolpwoning bedragen; de bouwdiepte vanaf de voorgevel mag niet meer dan 0,5 m bedragen; het aantal bouwlagen mag niet meer dan 2 bedragen; het midden van de pronkgevel mag uitsluitend op het midden van de voorgevel van het hoofdgebouw liggen; de dakhelling van de kap van de pronkgevel mag niet meer bedragen dan die van het hoofdgebouw.

7.2.4

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouw zijnde, gelden de volgende regels: a. b. c. d. e. f.

7.3

de bouwwerken mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd; de bouwhoogte van een voedersilo mag niet meer dan 15 m bedragen en de bouwhoogte van een mestsilo mag niet meer dan 6 m inclusief afdekking bedragen; de bouwhoogte van erf- of terreinafscheidingen in het achtererfgebied mag maximaal 2 m bedragen de bouwhoogte van antennes en vlaggenmasten mag niet meer dan 6 m bedragen; de bouwhoogte van overige bouwwerken, waaronder overkappingen, mag niet meer dan 5 m bedragen; uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'pad' is een toegangspoort toegestaan, waarbij de volgende regels gelden: 1. de toegangspoort mag alleen in het voorerfgebied gebouwd worden; 2. de bouwhoogte van de poort mag niet meer dan 4 m bedragen. Afwijken van de bouwregels

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in: a.

b.

lid 7.2.1 sub b indien de woning ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek' door een calamiteit teniet is gegaan en/of handhaving van het in dat lid bepaalde, niet in redelijkheid kan worden gevergd van de eigenaar en/of gebruiker van de woning; lid 7.2.2 sub a onder 1, voor het bouwen buiten het bouwvlak, mits: wordt gebouwd binnen een denkbeeldige rechthoek (dan wel een vlak dat zoveel mogelijk de

40

bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021

rechthoeksvorm benadert) met een oppervlakte van ten hoogste 2 ha, waarvan het bestaande bouwvlak deel uitmaakt; er geen m.e.r.-plichtige activiteiten mogelijk worden gemaakt en tevens is voldaan aan de volgende voorwaarden: 1.

c.

d.

e.

f.

g.

voor de concrete situatie moet zijn aangetoond dat er binnen het bestaande bouwvlak onvoldoende ruimte is; 2. er moet sprake zijn van een niet-grondgebonden (intensief) veehouderijbedrijf dat moet uitbreiden in verband met wettelijke eisen op het gebied van milieu en/of dierenwelzijn; 3. er moet sprake zijn van een goede landschappelijke/stedenbouwkundige inpassing die uitgevoerd en duurzaam in stand wordt gehouden; 4. bij de inpassing van nieuwe bouwwerken moet rekening worden gehouden met de belangen van de omgevingsaspecten en moeten de volgende kernkwaliteiten worden behouden of versterkt: de kernkwaliteiten van UNESCO-werelderfgoed Droogmakerij de Beemster, zoals die in bijlage 4 zijn aangegeven; de kernkwaliteiten van UNESCO-werelderfgoed De Stelling van Amsterdam, zoals die in bijlage 5 zijn aangegeven. 5. de omgevingsvergunning is voorbereid door middel van een keukentafeloverleg.

lid 7.2.2 sub a onder 3, voor het bouwen van bedrijfsgebouwen met een grotere oppervlakte dan op basis van het op de planverbeelding aangegeven 'maximum bebouwingspercentage (%)' is toegestaan, mits dit voortvloeit uit wettelijke bepalingen op het gebied van milieu, dierenwelzijn of diergezondheid en dit niet leidt tot het houden van meer dieren; lid 7.2.2 sub a onder 5 voor het bouwen tot een goothoogte van maximaal 7 m, mits met deze afwijking de kernkwaliteiten van UNESCO-werelderfgoed Droogmakerij de Beemster, zoals die in bijlage 4 zijn aangegeven, worden behouden en/of versterkt; lid 7.2.2 sub a onder 6, voor het bouwen van een bouwwerk dat zowel binnen als buiten de afstand van 18 m van de aangegeven gevellijn is geprojecteerd, in overeenstemming met de bouwmaten die zijn gesteld in 7.2.2 sub a onder 4 voor het deel van het gebouw dat binnen de afstand van 18 m van de aangegeven gevellijn is geprojecteerd en in overeenstemming met de bouwmaten die zijn gesteld in 7.2.2 sub a onder 5 voor die delen van het bouwwerk die buiten de afstand van 18 m van de aangegeven gevellijn is geprojecteerd, mits: 1. met deze afwijking de kernkwaliteiten van UNESCO-werelderfgoed Droogmakerij de Beemster en/of de kernkwaliteiten van UNESCO-werelderfgoed De Stelling van Amsterdam, zoals die in bijlage 4 en 5 bij deze regels zijn aangegeven, worden behouden en/of versterkt; 2.

er sprake is van een goede landschappelijke/stedenbouwkundige inpassing die uitgevoerd en duurzaam in stand wordt gehouden; 3. de omgevingsvergunning door middel van een keukentafeloverleg is voorbereid; lid 7.2.2 sub b onder 4 voor het plat afdekken of voor een kap niet haaks op de weg, mits met deze afwijking de kernkwaliteiten van UNESCO-werelderfgoed Droogmakerij de Beemster en/of de kernkwaliteiten van UNESCO-werelderfgoed De Stelling van Amsterdam, zoals die in bijlage 4 en 5 bij deze regels zijn aangegeven, worden behouden en/of versterkt; lid 7.2.2 sub b onder 7 voor het bouwen tot op de zijdelingse perceelsgrens.

7.4

Specifieke gebruiksregels

7.4.1

Strijdig gebruik

Onder strijdig gebruik wordt in ieder geval verstaan: a. b.

c. d.

het opslaan of opgeslagen hebben, in enigerlei vorm, van stoffen en materialen van welke soort dan ook, anders dan ter plaatsenoodzakelijk voor de uitoefening van het agrarisch bedrijf; het opslaan of opgeslagen hebben, in enigerlei vorm, van stoffen en materialen voor statische opslag, voor zover deze opslag meer ruimte inneemt dan 1.000 m2 , alsmede het aanwezig of opgeslagen hebben van één of meer aan hun gebruik onttrokken, gerede dan wel onklare machines, voer-, vaarofvliegtuigen, dan wel onderdelen daarvan; het gebruik voor verblijfsrecreatie; gebruik als manege, met uitzondering van de gronden ter plaatse van de aanduiding 'manege';

41

bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021

e. f.

g. h.

het bedrijfsmatig ten behoeve van derden vervaardigen of herstellen van goederen, uitgezonderd het verwerken van productenvafkomstig van het betrokken agrarisch bedrijf; het bedrijfsmatig verkopen of ten verkoop aanbieden van goederen bestemd en gereed voor onmiddellijk gebruik of verbruik,uitgezonderd de verkoop of het ten verkoop aanbieden van producten afkomstig van het betrokken agrarisch bedrijf tot een oppervlakte van 50 m2 ; het gebruik van gronden ten behoeve van bosbouw; het houden van vee op een verdieping.

7.4.2

Paardenbak

Binnen de bestemming 'Agrarisch - Paardenhouderij' is de aanleg van een paardenbak toegestaan, mits wordt voldaan aan de volgende voorwaarden: a. b. c.

per bouwvlak is maximaal één paardenbak toegestaan; de bouwhoogte van de omheining mag niet meer bedragen dan 1,5 m; de bouwhoogte van lichtmasten ten behoeve van de paardenbak mag niet meer bedragen dan 5 m.

7.5

Afwijken van de gebruiksregels

7.5.1

Plattelandswoning

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen in afwijking van het bepaalde in lid 7.1 sub f, voor: a. b.

het gebruik van een agrarische bedrijfswoning door derden die geen binding hebben met het agrarisch bedrijf, mits er sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat (plattelandswoning) en het bouwen van aanbouwen, uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen bij deze plattelandswoning, waarbij de regels die zijn opgenomen in 21.2.3 van overeenkomstige toepassing zijn.

42

bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021

Artikel 8 8.1

Bedrijf

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Bedrijf' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d. e. f. g.

bedrijven die zijn genoemd in Bijlage 1 Lijst van toegelaten bedrijfstypen; ambachtelijke meubelmakerij, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf ambachtelijke meubelmakerij'; delfstofwingebied, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf delfstofwingebied'; garagebedrijf, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - garagebedrijf'; mechanisatiebedrijf, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf mechanisatiebedrijf'; waterschapswerf, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf waterschapswerf'; wonen ten behoeve van het bedrijf, tenzij staat aangegeven dat een woning niet is toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'bedrijfswoning uitgesloten'

alsmede voor: h. i.

ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - rijksmonument' het behoud en bescherming van rijksmonumenten; ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek' het behoud en bescherming van karakteristiek bouwwerken.

8.2

Bouwregels

8.2.1

Algemeen

a. b.

c. d.

Op deze gronden mag uitsluitend ten behoeve van de bestemming worden gebouwd. Indien een bouwwerk nader is aangeduid als karakteristiek bouwwerk ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek' dient de uitwendige hoofdvorm van het betrokken bouwwerk, bepaald door de goothoogte, bouwhoogte, nokrichting, dakvorm, dakhelling, gevelindeling en grondoppervlakte gehandhaafd te worden; de zijdelingse afstand van de gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde tot de aanwezige sloten mag niet minder dan 3,6 m bedragen; de zijdelingse afstand van de gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, tot de aanwezige kopergravuresloten mag niet minder dan 7,2 m bedragen.

8.2.2

Bedrijfsgebouwen en bedrijfswoningen

De volgende gebouwen mogen worden gebouwd: a.

b.

bedrijfsgebouwen, met inachtneming van de volgende regels: 1. er mag uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd; 2. ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m), maximum bebouwingspercentage (%)' mogen de goothoogte, de bouwhoogte en het bebouwingspercentage niet meer bedragen dan is aangegeven; 3. gebouwen moeten zijn voorzien van een kap haaks op de weg waarvan de dakhelling niet minder dan 15° en niet meer dan 45° mag bedragen; 4. de voorgevel van een bedrijfsgebouw is minimaal 10 m achter de voorgevel van de bedrijfswoning gelegen; 5. Voor het bouwen van gebouwen ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf-delfstofwingebied' gelden de volgende regels: de gezamenlijke oppervlakte van de bebouwing is maximaal 50 m; de goothoogte van een gebouw mag niet meer bedragen dan 3,5 m; per bouwvlak één bedrijfswoning, tenzij anders is aangegeven ter plaatse van de aanduiding 'maximum

43

bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021

aantal wooneenheden' en ter plaatse van de aanduiding 'bedrijfswoning uitgesloten', met inachtneming van de volgende regels: 1. de bedrijfswoning mag uitsluitend vooraan binnen het bouwvlak worden gebouwd; 2. de goothoogte mag niet meer bedragen dan 5,5 m tenzij anders is aangegeven; 3. de inhoud mag inclusief aan- en uitbouwen niet meer bedragen dan 750 m3 ; 4. de bedrijfswoning moet zijn voorzien van een kap haaks op de weg waarvan de dakhelling niet minder dan 30° en niet meer dan 60° mag bedragen; 5. de afstand van een vrijstaande of aan één zijde aangebouwde woning tot de zijdelingse perceelsgrens mag niet minder bedragen dan 2,5 m. 8.2.3

Pronkgevels

Uitsluitend bij een stolpwoning en ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek' is een verbijzondering van de voorgevel in de vorm van een pronkgevel toegestaan met inachtneming van de volgende regels: a. b. c. d. e. f.

de goothoogte mag niet meer dan tweemaal de bestaande goothoogte van de stolpwoning bedragen; de breedte mag niet meer dan 1/3 van de voorgevel van de stolpwoning bedragen; de bouwdiepte vanaf de voorgevel mag niet meer dan 0,5 m bedragen; het aantal bouwlagen mag niet meer dan 2 bedragen; het midden van de pronkgevel mag uitsluitend op het midden van de voorgevel van het hoofdgebouw liggen; de dakhelling van de kap van de pronkgevel mag niet meer bedragen dan die van het hoofdgebouw.

8.2.4

Bouwwerken, geen gebouw zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouw zijnde, gelden de volgende regels: a. b. c. d. e. 8.3

de bouwhoogte van erf- of terreinafscheidingen in het achtererfgebied mag niet meer 2 m bedragen; de bouwhoogte van antennes en vlaggenmasten mag niet meer dan 6 m bedragen; de bouwhoogte van silo's en tanks mag niet meer dan 15 m bedragen; de bouwhoogte van overige bouwwerken, waaronder overkappingen, mag niet meer dan 5 m bedragen; de bouwhoogte van landhekken mag niet meer dan 1,5 m bedragen. Afwijken van de bouwregels

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in: a.

b.

8.4

lid 8.2.1 sub b indien de woning ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek' door een calamiteit teniet is gegaan en/of handhaving van het in dat lid bepaalde, in redelijkheid niet kan worden gevergd van de eigenaar en/of gebruiker van de woning; lid 8.2.2 voor het plat afdekken of voor een kap niet haaks op de weg, mits met deze afwijking de kernkwaliteiten van UNESCO-werelderfgoed Droogmakerij de Beemster en/of de kernkwaliteiten van UNESCO-werelderfgoed De Stelling van Amsterdam, zoals die in bijlage 4 en 5 bij deze regels zijn aangegeven, worden behouden en/of versterkt. Specifieke gebruiksregels

Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend: a. b. c.

het gebruik van bedrijfsgebouwen voor bewoning, met uitzondering van de bedrijfswoning; het gebruik van gebouwen voor een webwinkel; het gebruik, het aanwezig of opgeslagen hebben van één of meer aan hun gebruik onttrokken, gerede dan wel onklare machines, voer-, vaar- of vliegtuigen, dan wel onderdelen daarvan, alsmede het gebruik, het aanwezig of opgeslagen hebben in enigerlei vorm van andere al dan niet afgedankte stoffen of materialen, van welkesoort dan ook, anders dan ter plaatse noodzakelijk voor de uitoefening van het bedrijf.

44

bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021

8.5

Afwijken van de gebruiksregels

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen in afwijking van het bepaalde in lid 8.4 sub b voor het toestaan van twee webwinkels, met dien verstande dat de oppervlakte van de webwinkel niet meer dan 50 m2 mag bedragen.

45

bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021

46

bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021

Artikel 9 9.1

Bedrijf - Nutsvoorziening

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Bedrijf - Nutsvoorziening' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a.

b. c. d. e.

bebouwing ten behoeve van het openbaar nut, zoals transformatorgebouwen en gasvoorzieningen, voorzieningen voortelecommunicatie en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwwerken, uitgezonderd bedrijfswoningen; gemaal, ter plaatse van de aanduiding 'gemaal'; radiobaken ten behoeve van het vliegverkeer, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - nutsvoorziening-radiobaken'; pompgemalen, een waterzuiveringsinstallatie, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'waterzuiveringsinstallatie'; gasdrukmeet- en regelstations, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf gasdrukmeet- en regelstation'.

9.2

Bouwregels

9.2.1 a. b.

Algemeen

Op deze gronden mag uitsluitend ten behoeve van de bestemming en aanduidingen worden gebouwd. Indien een bouwwerk nader is aangeduid als karakteristiek bouwwerk ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek' dient de uitwendige hoofdvorm van het betrokken bouwwerk, bepaald door de goothoogte, bouwhoogte, nokrichting, dakvorm, dakhelling, gevelindeling en grondoppervlakte gehandhaafd te worden.

9.2.2

Gebouwen

Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a. b.

er mag uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd; ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m), maximum bebouwingspercentage (%)' mogen de goothoogte, de bouwhoogte en het bebouwingspercentage niet meer bedragen dan is aangegeven.

9.2.3

Bouwwerken, geen gebouw zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouw zijnde, gelden de volgende regels: c. d.

9.3

de bouwhoogte van erf- of terreinafscheidingen mag niet meer bedragen dan 2 m; de bouwhoogte van overige bouwwerken, waaronder overkappingen, mag niet meer bedragen dan 10 m. Afwijken van de bouwregels

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in: a.

lid 9.2.1 sub b, indien het bouwwerk ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek' door een calamiteit teniet is gegaan en/of handhaving van het dat lid bepaalde, in redelijkheid niet kan worden gevergd van de eigenaar en/of gebruiker van het bouwwerk.

47

bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021

48

bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021

Artikel 10 10.1

Detailhandel - Tuincentrum

Bestemmingsomschrijving

De voor "Detailhandel - Tuincentrum" aangewezen gronden zijn bestemd voor: a.

b. c. d. e. f.

bedrijven ten behoeve van het kweken en verzorgen van siergewassen, het ontwerpen, aanleggen en onderhouden van siertuinenmet de daarbij behorende middelen, alsmede de verkoop daarvan en voor de verkoop van tuinbenodigdheden; de verkoop van showmodellen van tuinhuizen, ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van detailhandel - showmodel'; (purmerenderweg 43) een autoverhuurbedrijf, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van diensterlening autoverhuur'; (purmerenderweg 43a) een dierenkliniek, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van maatschappelijk dierenkliniek'; (purmerenderweg 43a) caravanstalling, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'caravanstalling'; wonen ten behoeve van het bedrijf.

10.2

Bouwregels

10.2.1

Algemeen

a. b. c.

Op deze gronden mogen mag uitsluitend ten behoeve van deze bestemming worden gebouwd. de zijdelingse afstand van de gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde tot de aanwezige sloten mag niet minder dan 3,6 m bedragen; de zijdelingse afstand van de gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, tot de aanwezige kopergravuresloten mag niet minder dan 7,2 m bedragen.

10.2.2

Bedrijfsgebouwen en bedrijfswoningen

De volgende gebouwen mogen worden gebouwd: a.

bedrijfsgebouwen, met in achtneming van de volgende regels: 1. er mag uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd; 2. ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m), maximum bebouwingspercentage (%)' mogen de goothoogte, de bouwhoogte en het bebouwingspercentage niet meer bedragen dan is aangegeven; 3. gebouwen moeten zijn voorzien van een kap haaks op de weg, te worden voorzien waarvan de dakhelling niet minder dan 15° en niet meer dan 45° mag bedragen; 4. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van detailhandel' mogen gebouwen worden gebouwd met een bouwhoogte van maximaal 3 m; 5. per bouwvlak één bedrijfswoning met inachtneming van de volgende regels: de goothoogte mag niet meer bedragen dan 5,5 m tenzij anders is aangegeven; de inhoud mag inclusief aan- en uitbouwen niet meer bedragen dan 750 m3 ; de bedrijfswoning dient moet zijn voorzien van een kap haaks op de weg, waarvan de dakhelling niet minder dan 30° en niet meer dan 60° mag bedragen; de afstand van een vrijstaande of aan één zijde aangebouwde woning tot de zijdelingse perceelsgrens mag niet minder bedragen dan 2,5 m.

10.2.3

Bouwwerken, geen gebouw zijnde

Voor bouwwerken, geen gebouw zijnde, gelden de volgende regels: a. b. 10.3

de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer dan 2 m bedragen; de bouwhoogte van overige bouwwerken waaronder overkappingen, mag niet meer dan 5 m bedragen. Afwijken van de bouwregels

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in: a.

lid 10.2.2 voor het plat afdekken of voor een kap niet haaks op de weg, mits met deze afwijking de

49

bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021

kernkwaliteiten van UNESCO-werelderfgoed Droogmakerij de Beemster, zoals die in bijlage 4 zijn aangegeven, worden behouden en/of versterkt.

50

bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021

Artikel 11 11.1

Dienstverlening

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Dienstverlening' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b.

dienstverlening; wonen ten behoeve van het bedrijf.

11.2

Bouwregels

11.2.1

Algemeen

a. b. c.

Op deze gronden mag mogen uitsluitend ten behoeve van de bestemming worden gebouwd; de zijdelingse afstand van de gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde tot de aanwezige sloten mag niet minder dan 3,6 m bedragen; de zijdelingse afstand van de gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, tot de aanwezige kopergravuresloten mag niet minder dan 7,2 m bedragen.

11.2.2

Bedrijfsgebouwen en bedrijfswoningen

De volgende gebouwen mogen worden gebouwd binnen het bouwvlak: a.

b.

bedrijfsgebouwen, met in achtneming van de volgende regels: 1. er mag uitslutend binnen het bouwvlak worden gebouwd; 2. ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m), maximum bebouwingspercentage (%)' mogen de goothoogte, de bouwhoogte en het bebouwingspercentage niet meer bedragen dan is aangegeven; 3. gebouwen moeten zijn voorzien van een kap haaks op de weg waarvan de dakhelling niet minder dan 15° en niet meer dan 45° mag bedragen; 4. de voorgevel van een bedrijfsgebouw is minimaal 10 m achter de voorgevel van de bedrijfswoning gelegen; per bouwvlak één bedrijfswoning met inachtneming van de volgende regels: 1. de bedrijfswoning er mag uitsluitend vooraan binnen het bouwvlak worden gebouwd; 2. de goothoogte mag niet meer bedragen dan 5,5 m tenzij anders is aangegeven; 3. de inhoud mag inclusief aan- en uitbouwen niet meer bedragen dan 750 m3 ; 4. de bedrijfswoning moeten zijn voorzien van een kap haaks op de weg waarvan de dakhelling niet minder dan 30° en niet meer dan 60° mag bedragen; 5. de afstand van een vrijstaande of aan één zijde aangebouwde woning tot de zijdelingse perceelsgrens mag niet minder bedragen dan 2,5 m.

11.2.3

Bouwwerken, geen gebouw zijnde

Voor bouwwerken, geen gebouw zijnde, gelden de volgende regels: a. b.

11.3

de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer dan 2 m bedragen; de bouwhoogte van overige bouwwerken, waaronder overkappingen, mag niet meer dan 5 m bedragen. Afwijken van de bouwregels

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in: a.

lid 11.2.2 voor het plat afdekken of voor een kap niet haaks op de weg, mits met deze afwijking de kernkwaliteiten van UNESCO-werelderfgoed Droogmakerij de Beemster en/of de kernkwaliteiten van UNESCO-werelderfgoed De Stelling van Amsterdam, zoals die in bijlage 4 en 5 bij deze regels zijn aangegeven, worden behouden en/of versterkt.

51

bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021

52

bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021

Artikel 12 12.1

Groen

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d. e. f.

groenvoorzieningen; bermen en beplanting; paden; speelvoorzieningen; waterlopen en waterpartijen; verhardingen.

12.2

Bouwregels

12.2.1

Gebouwen

Er mogen geen gebouwen worden gebouwd. 12.2.2

Bouwwerken, geen gebouw zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouw zijnde, gelden de volgende regels: a. b.

de bouwhoogte van lichtmasten mag niet meer bedragen dan 5 m; de bouwhoogte van overige bouwwerken, waaronder overkappingen, mag niet meer dan 3,5 m bedragen.

53

bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021

54

bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021

Artikel 13 13.1

Horeca

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Horeca' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a.

b.

horecabedrijven uitsluitend in de categorieën 1, 2 en 3, zoals genoemd in de bij de regels behorende Bijlage 2 Lijst van toegelaten horecatypen, met dien verstande dat voor het adres Nekkerweg 24 tevens mag worden overnacht; wonen ten behoeve van het bedrijf

alsmede voor: c.

ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek' het behoud en bescherming van karakteristieke bouwwerken.

13.2

Bouwregels

13.2.1 a. b.

c. d.

Algemeen

Op deze gronden mag uitsluitend ten behoeve van de bestemming worden gebouwd. Indien een bouwwerk is aangeduid als karakteristiek bouwwerk ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek' dient de uitwendige hoofdvorm van het betrokken bouwwerk, bepaald door de hoogte, bouwhoogte, nokrichting, dakvorm, dakhelling, gevelindeling en grondoppervlakte gehandhaafd te worden; de zijdelingse afstand van de gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde tot de aanwezige sloten mag niet minder dan 3,6 m bedragen; de zijdelingse afstand van de gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, tot de aanwezige kopergravuresloten mag niet minder dan 7,2 m bedragen. .

13.2.2

Bedrijfsgebouwen en bedrijfswoningen

De volgende gebouwen mogen worden gebouwd: a.

b.

bedrijfsgebouwen, met in achtneming van de volgende regels: 1. er mag uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd; 2. ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m), maximum bebouwingspercentage (%)' mogen de goothoogte, de bouwhoogte en het bebouwingspercentage niet meer bedragen dan is aangegeven; 3. gebouwen moeten zijn voorzien van een kap haaks op de weg, te worden voorzien waarvan de dakhelling niet minder dan 15° en niet meer dan 45° mag bedragen; per bouwvlak één bedrijfswoning met inachtneming van de volgende regels: 1. de goothoogte mag niet meer bedragen dan 5,5 m tenzij anders is aangegeven; 2. de inhoud mag inclusief aan- en uitbouwen niet meer bedragen dan 750 m3 ; 3. de bedrijfswoning moet zijn voorzien van een kap haaks op de weg, waarvan de dakhelling niet minder dan 30° en niet meer dan 60° mag bedragen; 4. de afstand van een vrijstaande of aan één zijde aangebouwde woning tot de zijdelingse perceelsgrens mag niet minder bedragen dan 2,5 m.

13.2.3

Bouwwerken, geen gebouw zijnde

Voor bouwwerken, geen gebouw zijnde, gelden de volgende regels: a. b.

13.3

de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer dan 2 m bedragen; de bouwhoogte van overige bouwwerken, waaronder overkappingen, mag niet meer dan 5 m bedragen. Afwijken van de bouwregels

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in:

55

bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021

a.

b.

lid 13.2.1 sub b, indien de woning ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek' door een calamiteit teniet is gegaan en/of handhaving van hetin dat lid bepaalde, niet in redelijkheid kan worden gevergd van de eigenaar en/of gebruiker van de woning; lid 13.2.2 sub a onder 3 en b onder 3, voor het plat afdekken of voor een kap niet haaks op de weg, mits met deze afwijking de kernkwaliteiten van UNESCO-werelderfgoed Droogmakerij de Beemster en/of de kernkwaliteiten van UNESCO-werelderfgoed De Stelling van Amsterdam, zoals die in bijlage 4 en 5 bij deze regels zijn aangegeven, worden behouden en/of versterkt.

56

bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021

Artikel 14 14.1

Maatschappelijk

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Maatschappelijk' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d. e.

maatschappelijke voorzieningen; een kinderdagverblijf, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'kinderdagverblijf'; een zorgboerderij, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'zorgboerderij'; een zorginstelling, uitslutiend ter plaatse van de aanduiding 'zorginstelling'; wonen ten behoeve van de maatschappelijke voorziening;

alsmede voor: f.

ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - rijksmonument' het behoud en bescherming van rijksmonumenten.

14.2

Bouwregels

14.2.1 a.

Algemeen

Op deze gronden mag uitsluitend ten behoeve van de bestemming worden gebouwd.

14.2.2

Gebouwen

Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a. b. c.

d.

er mag uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd; ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden' bedraagt het aantal wooneenheden niet meer dan is aangegeven; ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m), maximum bebouwingspercentage (%)' mogen de goothoogte, de bouwhoogte en het bebouwingspercentage niet meer bedragen dan is aangegeven; gebouwen moeten zijn voorzien van een kap haaks op de weg, waarvan de dakhelling niet minder dan 15° en niet meer dan 45° mag bedragen.

14.2.3

Bouwwerken, geen gebouw zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouw zijnde, gelden de volgende regels: a. b.

14.3

de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer dan 2 m bedragen; de bouwhoogte van overige bouwwerken, waaronder overkappingen, mag niet meer dan 5 m bedragen. Afwijken van de bouwregels

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in: a.

lid 14.2.2 sub d, voor het plat afdekken of voor een kap niet haaks op de weg, mits met deze afwijking de kernkwaliteiten van UNESCO-werelderfgoed Droogmakerij de Beemster en/of de kernkwaliteiten van UNESCO-werelderfgoed De Stelling van Amsterdam, zoals die in bijlage 4 en 5 bij deze regels zijn aangegeven, worden behouden en/of versterkt.

57

bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021

58

bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021

Artikel 15 15.1

Natuur

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Natuur' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d. e.

de bescherming, instandhouding en ontwikkeling van landschappelijke en natuurlijke waarden van de gronden; groenvoorzieningen; bermen en beplanting; onverharde paden; waterlopen en waterpartijen;

met de daarbij behorende; f.

bouwwerken, geen gebouw zijnde.

15.2

Bouwregels

15.2.1

Gebouwen

Er mogen geen gebouwen worden gebouwd. 15.2.2

Bouwwerken, geen gebouw zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouw zijnde, gelden de volgende regels: a.

de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouw zijnde, bouwwerk, mag niet meer dan 1 m bedragen.

15.3

Specifieke gebruiksregels

Tot een gebruik van gronden en bouwwerken strijdig met de bestemming, wordt gerekend: a. b. c. d. e.

het plaatsen of geplaatst houden van onderkomens; het gebruik van de onbebouwde gronden als opslag-, stort- of bergplaats van al dan niet afgedankte goederen en materialen; het gebruik als volkstuin; het gebruik van meststoffen en gewasbeschermingsmiddelen; het gebruik als motorcrossterrein.

15.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 15.4.1

Vergunningplicht

Het is verboden zonder of in afwijking van omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren: a. b. c. d. e.

f. g. h.

het aanleggen of verharden van wegen, paden, banen of parkeergelegenheden en het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen; het ontginnen, bodem verlagen, afgraven, ophogen en egaliseren van gronden; het aanbrengen van ondergrondse transport-, energie- of telecommunicatieleidingen en de daarmee verband houdende constructies,installaties of apparatuur; het vergraven en/of dempen van sloten en andere watergangen, het door afwateren, ontwateren of afdammen wijzigen van degrondwaterstand; het beplanten, aanbrengen van houtgewas en bebossen van gronden, die ten tijde van het van kracht worden van dit plan als zijndebeplant met houtgewas of niet anders als bosgrond konden worden aangemerkt; het vellen, rooien of verwijderen van houtgewassen; het verrichten van onderzoeks- en exploitatieboringen ten behoeve van de winning van delfstoffen, water en andere bodemschatten; het aanbrengen van bodemdrainage;

59

bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021

i.

het aanbrengen voorzieningen voor recreatief medegebruik.

15.4.2

Uitzonderingen

Het in lid 15.4.1 bedoelde verbod is niet van toepassing op werken of werkzaamheden die het normale onderhoud, gebruik en beheer betreffen of die al in uitvoering zijn op het tijdstip van de inwerkingtreding van het bestemmingsplan. 15.4.3

Toetsingscriteria

De in lid 15.4.1 genoemde vergunning kan slechts worden verleend, indien geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het behoud, het herstel en de ontwikkeling van de natuurlijke en landschappelijke waarden.

60

bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021

Artikel 16 16.1

Recreatie

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Recreatie' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d. e. f. g. h.

kleinschalige vormen van dag- en verblijfsrecreatie; volkstuinen ter plaatse van de aanduiding 'volkstuin'; recreatiewoningen ter plaatse van de aanduiding 'recreatiewoning'; pension ter plaatse van de aanduiding 'pension'; golfterrein ter plaatse van de aanduiding 'golfbaan'; groepsaccommodatie ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie groepsaccommodatie'; aan de recreatie genoemd onder c van dit lid ondergeschikte horecavoorzieningen uit de categorie 1I zoals genoemd in de bij de regels behorende Bijlage 2 Lijst van toegelaten horecatypen. wonen ten behoeve van het bedrijf, tenzij staat aangegeven dat een woning niet is toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'bedrijfswoning uitgesloten';

16.2

Bouwregels

16.2.1

Algemeen

a. b.

c. d.

Op deze gronden mag uitsluitend ten behoeve van de bestemming worden gebouwd. Indien een bouwwerk is aangeduid als karakteristiek bouwwerk ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek' dien de uitwendige hoofdvorm van het betrokken bouwwerk, bepaald door de goothoogte, bouwhoogte, nokrichting, dakvorm, dakhelling, gevelindeling en grondoppervlakte gehandhaafd te worden; de zijdelingse afstand van de gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde tot de aanwezige sloten mag niet minder dan 3,6 m bedragen; de zijdelingse afstand van de gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, tot de aanwezige kopergravuresloten mag niet minder dan 7,2 m bedragen.

16.2.2

Bedrijfsgebouwen en bedrijfswoningen

De volgende gebouwen mogen worden gebouwd: a.

b.

c.

bedrijfsgebouwen, met inachtneming van de volgende regels: 1. er mag uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd; 2. ter plaatse van de aanduidingen 'maximum goothoogte (m)', 'maximum bouwhoogte (m)' en 'maximum bebouwingspercentage (%)' mogen respectievelijk de goothoogte, de bouwhoogte en het bebouwingspercentage niet meer bedragen dan is aangegeven; 3. gebouwen moeten zijn voorzien van een kap haaks op de weg, waarvan de dakhelling niet minder dan 15° en niet meer dan 45° mag bedragen; per bouwvlak mag één bedrijfswoning worden gebouwd, tenzij anders is aangegeven ter plaatse van de aanduiding 'bedrijfswoning uitgesloten', met inachtneming van de volgende regels: 1. de goothoogte mag niet meer bedragen dan 5,5 m tenzij anders is aangegeven; 2. de inhoud mag inclusief aan- en uitbouwen niet meer bedragen dan 750 m3 ; 3. de bedrijfswoning moeten zijn voorzien van een kap haaks op de weg, waarvan de dakhelling niet minder dan 30° en niet meer dan 60° mag bedragen; 4. de afstand van een vrijstaande of aan één zijde aangebouwde woning tot de zijdelingse perceelsgrens mag niet minder bedragen dan 2,5 m; uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'recreatiewoning' mag per bouwvlak één recreatiewoning worden gebouwd, met inachtneming van de volgende regels: 1. de goothoogte en de inhoud van recreatiewoningen mogen niet meer bedragen dan respectievelijk 2,5 m en 200 m3 ; 2.

recreatiewoningen dienen van een kap te worden voorzien, waarvan de dakhelling niet minder dan 15° en niet meer dan 45° mag bedragen.

61

bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021

16.2.3

Bijbehorende bouwwerken bij recreatiewoningen

Bij een recreatiewoning mogen bijbehorende bouwwerken worden gebouwd, met inachtneming van de volgende regels: a. b. c.

er mag uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd; de gezamenlijke oppervlakte per recreatiewoning mag niet meer bedragen dan 8 m2 ; de goothoogte en bouwhoogte van een bijgebouw mogen niet meer bedragen dan respectievelijk 2,5 m en 4 m.

16.2.4

Bouwwerken, geen gebouw zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouw zijnde, gelden de volgende regels: a. b.

16.3

de bouwhoogte van een erf- of terreinafscheiding mag niet meer dan 2 m bedragen; de bouwhoogte van overige bouwwerken, waaronder overkappingen, mag niet meer dan 5 m bedragen. Afwijken van de bouwregels

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in: a.

b.

16.4

lid 16.2.1 indien de woning ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek' door een calamiteit teniet is gegaan en/of handhaving van het in dat lid bepaalde, niet in redelijkheid kan worden gevergd van de eigenaar lid 16.2.2 sub a onder 3 en sub b onder 3 voor het plat afdekken of voor een kap niet haaks op de weg, mits met deze afwijking de kernkwaliteiten van UNESCO-werelderfgoed Droogmakerij de Beemster en/of de kernkwaliteiten van UNESCO-werelderfgoed De Stelling van Amsterdam, zoals die in bijlage 4 en 5 bij deze regels zijn aangegeven, worden behouden en/of versterkt. Specifieke gebruiksregels

Tot een gebruik van gronden en bouwwerken strijdig met de bestemming wordt in ieder geval gerekend: a.

b. c.

het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van horecavoorzieningen uit de categorie 2, 3 en/of 4, zoals genoemd in de bij dit plan de regels behorende Bijlage 2 Lijst van toegelaten horecatypen; het gebruik van gronden voor permanente bewoning; het gebruik van gronden voor kamperen.

62

bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021

Artikel 17 17.1

Sport

Bestemmingsomschrijving

De op de verbeelding voor 'Sport' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b.

sportvelden uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'sportveld'; ten dienste van en aan de "Sport" ondergeschikte horecavoorzieningen uit de categorie 1 zoals genoemd in de bij de regels behorende Bijlage 2 Lijst van toegelaten horecatypen.

17.2

Bouwregels

17.2.1 a. b. c.

Algemeen

Op deze gronden mag uitsluitend ten behoeve van de bestemming worden gebouwd; de zijdelingse afstand van de gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde tot de aanwezige sloten mag niet minder dan 3,6 m bedragen; de zijdelingse afstand van de gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, tot de aanwezige kopergravuresloten mag niet minder dan 7,2 m bedragen.

17.2.2

Gebouwen

De volgende gebouwen mogen worden gebouwd binnen het bouwvlak: a.

bedrijfsgebouwen, met inachtneming van de volgende regels: 1. er mag uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd, met uitzondering van een tribune; 2. de goothoogte en bouwhoogte van de gebouwen mogen niet meer bedragen dan is aangegeven ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)'; 3. de bouwhoogte van de tribune niet meer mag bedragen dan 8 m; 4. gebouwen moeten zijn voorzien van een kap haaks op de weg waarvan de dakhelling niet minder dan 15° en niet meer dan 45° mag bedragen.

17.2.3

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouw zijnde, gelden de volgende regels: a. b. c. d.

17.3

de bouwhoogte van een erf- of terreinafscheiding mag niet meer dan 2 m bedragen; de bouwhoogte van lichtmasten mag niet meer bedragen dan 12 m; de bouwhoogte van een dug-out mag niet meer bedragen dan 2,5 m; de bouwhoogte van overige bouwwerken, waaronder overkappingen, mag niet meer dan 5 m bedragen. Afwijken van de bouwregels

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in: e.

17.4

lid 17.2.2 sub a onder 5 voor het plat afdekken of voor een kap niet haaks op de weg, mits met deze afwijking de kernkwaliteiten van UNESCO-werelderfgoed Droogmakerij de Beemster en/of de kernkwaliteiten van UNESCO-werelderfgoed De Stelling van Amsterdam, zoals die in bijlage 4 en 5 bij deze regels zijn aangegeven, worden behouden en/of versterkt. Specifieke gebruiksregels

Tot een gebruik van gronden en bouwwerken strijdig met de bestemming wordt in ieder geval gerekend het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van horecavoorzieningen uit de categorie 2, 3 en/of 4, zoals genoemd in de bij de regels behorende Bijlage 2 Lijst van toegelaten horecatypen.

63

bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021

64

bestemmingsplan Buitengebied Beemster 2012 - Partiële herziening 2021

Artikel 18 18.1

Tuin

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Tuin' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c.

tuinen; ontsluiting aanliggende percelen; erfpad met bijbehorende beplanting ter plaatse van de aanduiding 'pad';

18.2

Bouwregels

18.2.1 a. b.

Algemeen

Op deze gronden mogen uitsluitend erkers aan aanliggende woningen en bouwwerken, geen gebouw zijnde, worden gebouwd met uitzondering van karakteristieke bouwwerken. Uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'pad' is een toegangspoort toegestaan, waarbij de volgende regels gelden: 1. de toegangspoort mag alleen in het voorerfgebied gebouwd worden; 2. de bouwhoogte van de poort en bijbehorende bouwwerken mag niet meer dan 4 m bedragen.

18.2.2

Bijbehorende bouwwerken (erkers)

Voor het bouwen van een erker gelden de volgende regels: a. b. c.

erkers zijn niet toegestaan bij karakteristieke bouwwerken de diepte niet meer mag bedragen dan 1,5 m; de breedte niet meer mag bedragen dan 2/3 van de gevelbreedte van de woning.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://beemsterraadsinformatie.purmerend.nl/api/v1/meetings/1259/documents/18790