B. Kadernota 2022-2025.pdf
Tekst van het document
KADERNOTA�2022�-�2025
I
n
h
o
u
d
s
o
p
g
a
v
e
1
INLEIDING: DE KOERS VOOR DE BEGROTING 2022
4
2
FINANCIEEL PERSPECTIEF
8
3
BALANS- EN RESERVEPROGNOSES
20
4
INVESTERINGSPROGRAMMA
24
5
RISICO'S, ONZEKERHEDEN EN KANSEN
26
6
WIJZIGING FINANCIËLE VERORDENING
28
7
SLOT
30
BIJLAGEN Bijlage I A.
32
Bijlage II B.
34
3
Kadernota 2022-2025 | Inhoudsopgave
1
Inleiding: de koers voor de begroting 2022
EEN BIJZONDER DOCUMENT Voor u ligt de gezamenlijke Kadernota 2022 van de gemeenten Beemster en Purmerend. Een bijzonder document, want het schetst wat er financieel gebeurt als twee dynamische gemeenten samengaan. In de Kadernota treft u de kaders aan voor het opstellen van de begroting 2022. Deze begroting wordt niet meer door de huidige gemeenteraden vastgesteld, maar u bent zeker nog aan het roer als het gaat om hoe de nieuwe gemeenteraad de begroting gepresenteerd krijgt. Daarom is dit document zo belangrijk. U bepaalt de koers voor de begroting 2022. Tegelijkertijd is het ook onwennig om een afwegingsproces in gezamenlijkheid te doen. U weet dat vanuit de besprekingen van bijvoorbeeld de belastingharmonisatie waarvan u de resultaten in deze Kadernota aantreft. Tot nu toe is dit ons gelukt en dat is reden om trots te zijn. Want voor u ligt een Kadernota met noodzakelijke investeringen, met ruimte voor harmonisatie tussen beide gemeenten, met voorstellen voor essentiële keuzes voor de groei van stad en dorpen en zonder een beroep op de algemene reserve, zonder bezuinigingen of een belastingverhoging. Over die keuzes wordt u in deze Kadernota uitgebreid geïnformeerd. Op basis van uw besluitvorming over de Kadernota worden de programmabegroting 2022 en de belastingverordeningen opgesteld. Deze worden in november besproken.
De belastingverordeningen behoudens de Onroerendezaakbelasting (OZB) worden nog door de huidige gemeenteraden vastgesteld, maar gelijkluidend. In januari 2022 stelt de nieuwe gemeenteraad de programmabegroting 2022, de financiële verordening en de verordening OZB vast. RECHT OP COMPENSATIE INGEREKEND Tegelijkertijd is het zonneklaar dat alle Nederlandse gemeenten in zwaar weer zitten. Wij hebben u hierover in februari 2021 brieven gestuurd en is nadien met uw raden gesproken. De colleges kunnen gesteund door uw raden voorzien in de hulpvraag van onze inwoners en ondersteunen waar dit nodig is. Maar duidelijk is dat de middelen die de gemeenten krijgen ter dekking van deze uitgaven volstrekt onvoldoende zijn. De bron én de aanpak van deze financiële tekorten ligt buiten onze macht: zonder abonnementstarief Wmo, de invoering van de omgevingswet, bij een betere vergoeding van de jeugdzorg en zonder de opschalingskorting zou er voor onze gemeente geen sprake van een tekort zijn en meer dan voldoende ruimte om te investeren in de stad en de hulp aan onze inwoners. Nog steeds zijn gemeenten in het ongewisse over hoeveel financiële ruimte komt van het Rijk. Wij zijn echter van overtuigd dát er ruimte komt. Om die reden is er door ons een bijdrage van € 2,5 miljoen Rijkscompensatie geraamd vanaf 2022.
De exacte hoogte van de compensatie verwachten wij bij het opstellen van de programmabegroting 2022 te kunnen geven. Met deze bijdrage heeft het meerjarenraming van de nieuwe gemeente een sluitend financieel beeld. PERSPECTIEF NIEUWE GEMEENTE We zien, merken en voelen dat we als gemeente op een kantelpunt staan. De stad en de dorpen groeien, we bouwen veel woningen en de infrastructuur knelt. We zijn een gemeente van betekenis in de Metropoolregio Amsterdam. Maatschappelijke ontwikkelingen als digitalisering, polarisatie, en vooral corona-effecten vragen vol onze aandacht. De jeugd heeft het moeilijk, de sectoren waar een mens geluk uit haalt -cultuur, toerisme, kunst, horeca- hebben een flinke klap gekregen. En ondertussen liggen wetgeving en gedecentraliseerde taken van het Rijk in volle omvang op ons bord. Wij blijven uitgaan van de behoefte van de inwoners van stad en dorpen. Bestuur en organisatie delen de overtuiging dat de persoonlijk benadering, het maatwerk, en flexibiliteit meerwaarde geeft voor buiten. En juist in crisistijd vinden wij dit essentieel.
4
Kadernota 2022-2025 | Inleiding: de koers voor de begroting 2022
GROEI VAN STAD EN DORPEN: NIET AFREMMEN MAAR DOORBOUWEN De ontwikkeling van de stad en de dorpen is de afgelopen jaren zodanig op stoom gekomen, dat die ontwikkeling voor inwoners bijna vanzelfsprekend is. De afgelopen jaren is veel tijd, energie en geld geïnvesteerd in die ontwikkeling. Met die ontwikkeling gaan ook andere zaken gepaard, zoals de noodzakelijke groei van voorzieningen, andersoortige aandacht voor de openbare ruimte en het moeten opschalen en bijsturen van de organisatie. Die aspecten komen hierna aan de orde, zodat de ontwikkeling van de stad ook een goede landing krijgt in onze samenleving. De ontwikkeling van de stad en dorpen is geen vanzelfsprekendheid. Dat vraagt langjarige voorbereiding en investeringen. Om die ontwikkeling op langer termijn te borgen zijn nog veel voorstellen in voorbereiding. We noemen in dit verband Zuidoostbeemster II, de transformatie van De Koog, het Stationsgebied, het Karekietpark en Purmer ZuidZuid. Hierover willen wij ook nog met u spreken om hetzelfde tempo in de woningbouw aan te kunnen houden. En naast de woningbouwopgave willen we ook het mobiliteitsplan daadwerkelijk tot uitvoering brengen. En tenslotte noemen we in dit verband het kunnen uitvoering geven aan de economische visie.
Dat is van belang voor de groei, maar we voelen hier ook urgentie omdat we ons zorgen maken over de mensen die door de coronaperiode geraakt worden. GROEI VAN STAD EN DORPEN: DE NIEUWE ORGANISATIE PURMEREND PER 1 JANUARI 2022 De nieuwe gemeente staat voor grote uitdagingen: hoe te handelen met de inhoudelijke en financiële uitdagingen van de taken in het sociaal domein? Hoe zorgen we voor een goede positionering van de stad Purmerend en het behoud van het karakter en de identiteit van de Beemster? Hoe komen we uit de coronacrisis? Wat betekent de formatie van een nieuwe kabinet voor de financiën en de opgaven van de gemeenten? Uitgangspunt voor de nieuwe gemeente Purmerend blijft dat we het doen voor de inwoners. Elke stap die wordt gezet moeten we ons de vraag stellen: Wat gebeurt er bij onze inwoners? Waar hebben zij écht behoefte aan? Wat onze ervaring op de schaal van Purmerend is, is dat menselijke maat en nabijheid cruciaal zijn om mensen perspectief te bieden en te helpen om sterke zelfstandige inwoners te zijn, en dit te herwinnen als zij door omstandigheden van dat pad zijn afgedwaald. Soms heb je iemand aan de andere kant van de tafel nodig die met je in gesprek gaat over jouw problemen. Die de tijd voor je neemt en je op weg helpt naar nieuwe oplossingen. Meestal zonder de verantwoordelijkheid van die problemen over te nemen.
Hulp is dan vaak simpel: mensen kracht geven door te luisteren, ze serieus te nemen, begrip te hebben en ze te zien in de omstandigheden waarin ze hun leven leiden. We doen dat – geleid door uw richting en kaders – op verschillende onderdelen. Mensen die bezwaar indienen krijgen soms een bloemetje en een excuus, wanneer iets mis is gegaan, mensen zonder onderdak begeleiden we naar een tijdelijke woning, of gewoon een luisterend oor. Het helpt. Voor Purmerend is juist dit onderdeel essentieel op verschillende manieren. Om recht te blijven doen aan de inwoners en bedrijven in de stad of de dorpen, de goede hulp te bieden en flexibel te blijven. De investering moet echter van de gemeente komen. Tegelijkertijd moeten we ook de landelijke regel- en wetgeving volgen. In die lijn doen wij u verschillende voorstellen: voor een andere organisatie van de lokale jeugdhulp. Vooral op het onderdeel preventie is structurele inspanning en inzet noodzakelijk om de resultaten van deze verandering te behalen, namelijk: minder zware specialistische jeugdhulp, meer inzet van preventie en het voorveld, meer inzicht op de (verblijf)kosten, strakke en heldere afspraken met de aanbieders, meer regie bij lokale teams. We hebben daarbij de overtuiging dat er hierdoor minder kinderen in te zware jeugdhulp terecht komen en dat in 2025 hiervoor geen extra middelen meer benodigd zijn.
Dit zal de komende jaren worden gemonitord. Ook willen we door meer en structureel in te zetten op preventie (2 FTE), voorkomen we dat inwoners in problematische schulden komen. We gebruiken hiervoor preventieconsulenten. De agrarische sector is belangrijk voor de werkgelegenheid van Beemster, de landschappelijke kwaliteit en daarmee de identiteit van de gemeenschap. Het is ook een sector waar grote veranderingen te verwachten zijn. De accountmanager agrariërs maak verbinding tussen de agrarische ondernemers en de gemeente. We weten dat
5
Kadernota 2022-2025 | Inleiding: de koers voor de begroting 2022
het ondernemen in de Beemster uitdagingen met zich mee brengt, denk aan de vele landelijke en lokale regels. De accountmanager is in verbinding met de ondernemers en werkt met hen vanuit partnerschap samen aan de toekomst van het agrarisch productiegebied. In de begroting van Beemster is dit incidenteel gedekt. Dit willen we structureel maken. De gemeenten in de regio Zaanstreek-Waterland werken met elkaar samen in projecten op basis van de Visie en Samenwerkingsagenda Zaanstreek-Waterland (2017). Deze projecten worden tot heden bekostigd uit door de voormalige Stadsregio Amsterdam (SRA) teruggestorte middelen bij opheffing van de SRA. De desbetreffende bestemmingsreserves is na 2021 op. De beide colleges vinden de samenwerking voortzetten van groot belang voor de nieuwe gemeente en stellen voor hiertoe middelen structureel op te nemen in de begroting. Voor een aantal organisatorische onderdelen raken we voorbij het punt waarbij het werk met de huidige bezetting kan worden uitgevoerd zoals de control van projecten. Ook andere specifieke trends en ontwikkelingen in de maatschappij vereisen extra inzet en aandacht, bijvoorbeeld door flinke toename van cybercriminaliteit en ambities voortvloeiend uit landelijke wetgeving (wet open overheid, wet elektronische publicaties, wet politiegegevens, besluit toegankelijkheid websites).
En juist in crisistijd is het nóg belangrijker om in verbinding te zijn met de stad en de dorpen, te weten hoe het gaat met inwoners, bedrijven en instellingen. We moeten naar een ‘next-level’ om onze werkwijze te kunnen vasthouden, uitbouwen en professionaliseren. Dit is nodig te kunnen doen wat noodzakelijk is-zeker in crisistijd- , om de groei van de stad en dorpen te kunnen faciliteren en om mee te kunnen gaan in de digitale wereld. Op 1 januari 2022 treedt de Omgevingswet in werking. De ambitie van de gemeenten Purmerend en Beemster is op tijd klaar te zijn voor de inwerkingtreding van deze wet. Uitgangspunt hierbij zijn de door gemeenten minimaal uit te voeren acties die in dit kader opgesteld zijn door de VNG. Om te kunnen voldoen aan de door de VNG opgestelde minimale actielijst voor implementatie van de omgevingswet, is het onvermijdelijk om noodzakelijke incidentele en structurele investeringen te doen en hiervoor in de begroting de benodigde financiële middelen op te nemen. Daarbij wordt rekening gehouden met de ambities van beide gemeenten. GROEI VAN STAD EN DORPEN: VOORZIENINGEN In Purmerend en Beemster is het fijn wonen met ruimte voor ontwikkeling, ambities en groei. Waar de afgelopen periode de schouders onder de woningbouwopgave is gezet met veel inzet op betaalbare woningen.
De komende jaren groeien we naar ruim 100.000 inwoners en zien we meer werkgelegenheid ontstaan als gevolg van de binnenstedelijke bouw- en transformatieopgave. Naast het werken in de stad hebben we met werelderfgoed Beemster veel opgaven in het buitengebied en in de dorpskernen. Die groei vraagt om voorzieningen: in deze Kadernota betreft dit vooral de voorzieningen voor Onderwijs. De gemeenteraden hebben het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs 2021 (IHP) (richtinggevend) vastgesteld. Uit dit plan komt een reeks van benodigde investeringskredieten en exploitatielasten. Deze uitgaven zijn nodig om de groei van leerlingen op te vangen en schoolgebouwen in Beemster en Purmerend die aan het eind van hun levensduur zijn gekomen te vervangen. De investeringen betreffen 15 scholen en tellen op tot € 82 miljoen krediet. Het IHP geeft een actueel beeld van de uitdagingen die ons op het gebied van onderwijshuisvesting de komende jaren te wachten staan. Er wordt geïnvesteerd op diverse ambities: groei leerlingen opvangen, passende huisvesting voor leerlingen met vraag naar specialistische- of intensieve onderwijsbegeleiding; aansluiting huisvesting bij onderwijsvisie van de school; faciliteren van structurele samenwerking onderwijs en kinderopvangorganisaties; groene schoolpleinen en klimaatbestendigheid.
GROEI VAN STAD EN DORPEN: KWALITEIT OPENBARE RUIMTE Dat groen bijdraagt aan de leefbaarheid van stad en dorpen dat zal een ieder onderschrijven. Gras, water en bomen maken onze gemeente klimaatbestendig en geven allure aan de openbare ruimte. Groen is niet alleen voor het beeld van de stad en dorpen belangrijk, maar is noodzakelijk om de gevolgen van klimaatverandering op te vangen en
6
Kadernota 2022-2025 | Inleiding: de koers voor de begroting 2022
zeker een belangrijke factor voor het welzijn van de mens. En bij alle ontwikkelingen die bijdragen aan wonen en werken is het belangrijk om de openbare ruimte in minimaal dezelfde kwaliteitsslag te laten meebewegen. Om die reden verdichten we met hart voor onze mooie, groene en schone buitenruimte. In de Visie Leefbare Stad 2040 geven we aan dat we ervoor willen zorgen dat de balans tussen steen en groen behouden blijft. Door de klimaatontwikkelingen, de afname van biodiversiteit, de verdichtingsopgave, maar ook door verandering in wensen van gebruikers en hun behoefte om de drukte van de stad te ontvluchten, wordt de noodzaak van een parkenplan steeds dringender. Parken worden steeds meer gezien als de ‘Parels van de stad'. Ze worden gebruikt voor ontspanning, bewegingen en ontmoeting en dienen als belangrijk middel voor het tegengaan van hittestress, voor het vasthouden en bergen van water en voor ecologie. Daarom willen we de parken voor 2030 op orde hebben. Het Parkenplan 2021-2030 laat zien wat nodig is om de Purmerendse parken op te waarderen zodat ze met de geplande woningbouw mee kunnen groeien. Eerste stap in het parkenplan is dat er een ontwerp per park wordt gemaakt waarna de parken gefaseerd worden aangepakt. In navolging van het Kooimanpark zouden nu ontwerpen moeten worden opgesteld voor het Park de Noord en het Leeghwaterpark.
Binnen de uitvoeringsorganisatie wordt constant gewerkt aan de verbetering van de dienstverlening en optimalisatie van de kosten voor de openbare ruimte ten opzichte van de resultaten. Hiervoor zijn op jaarlijkse basis verbeteringen door te voeren die los gezien vrij beperkt zijn , maar als totaal toch optellen. Het betreft een samenstelling van kredieten en optimalisaties die gezamenlijk leiden tot verbetering van de onkruidbestrijding, de verbetering van de openbare verlichting Hoornse Buurt, het doen van onderhoud aan de Wouter Sluislaan tussen Verzetplein en Zuiderweg en de verbetering van het onderhoud aan houten bruggen. Langs het tracé van de Purmersteenweg en de Gedempte Where zijn meerdere projecten op het gebied van ruimtelijke ontwikkeling in aanbouw of voorbereiding. Dit zijn onder andere de ontwikkeling van de PostNL locatie, de Looiers, Brantjesoever en de parkeergarage aan de voorkant van het stadhuis. Deze projecten hebben veel raakvlak met elkaar doordat ze in elkaars verlengde liggen of dat er verkeerskundig relatie met elkaar is. Om deze plangebieden op een verkeersveiligheid en toegankelijk manier aan te sluiten op de bestaande openbare ruimte moet er in de openbare ruimte een aantal onvermijdelijke investeringen worden gedaan.
De bestaande damwand bij de PostNL-locatie is einde levensduur en dient worden te vervangen voordat het nieuwe maaiveldontwerp uitgevoerd kan worden. Er is voor Beemster een bomenplan geschreven met dezelfde uitgangspunten als het bomenplan van Purmerend. Hierbij is conform de uitvoering van een aangenomen motie, een plan geschreven voor het planten van 409 bomen in Beemster in het jaar 2021 (voor ieder jaar dat Beemster heeft bestaan). In dat verband is afgesproken dat het voorstel voor het aanplanten van de bomen op te nemen in de gezamenlijke Kadernota. Het betreft dan 410 bomen: 409 bomen voor ieder jaar dat Beemster heeft bestaan, plus 1 boom voor het nieuwe (levens)jaar als de nieuwe gemeente Purmerend. NIEUW PURMEREND: HET GAAT OM DE INWONERS Het is belangrijk de komende tijd te benutten om te investeren in het zijn van de nieuwe gemeente met oog op de mens. Helemaal na een jaar waarin er veel onzekerheden, mensen zichzelf wellicht wel eens alleen hebben gevoeld door het coronavirus. Inwoners van onze stad, onze ondernemers, vrijwilligers en hulpdiensten hebben ons de afgelopen tijd, misschien wel juist door de corona maatregelen, laten zien dat zij veerkrachtig zijn en oog hebben voor een ander. Dat typisch laten zijn voor onze nieuwe gemeente; in deze tijd is een dergelijke houding goud waard.
Wij blijven handelen vanuit de koers om vanuit de behoefte van de stad en de dorpen, de mensen voorop te zetten!
7
Kadernota 2022-2025 | Inleiding: de koers voor de begroting 2022
2
Financieel perspectief
In november 2020 heeft u de begroting 2021 voor de gemeente Purmerend en Beemster vastgesteld. Sinds dat moment zijn er door beide raden diverse besluiten genomen en hebben zich diverse ontwikkelingen voorgedaan. Hierover zijn de raden in februari 2021 geïnformeerd middels een raadsbrief. In deze Kadernota wordt dit niet nog een keer uitgebreid toegelicht en verwijzen we u naar deze brieven. Kern van deze brieven was uiteraard: de nieuwe gemeenten krijgt veel te weinig Rijkscompensatie voor de taken Jeugdzorg, ook het abonnementstarief wordt onvoldoende gecompenseerd en de onrechtvaardige opschalingskorting verslechtert de financiële positie. In deze Kadernota hebben we voor de lastige vraag gestaan hoe hier mee om te gaan. De colleges hebben te maken met nog meer onvermijdelijke ontwikkelingen en moeten vanwege de groei van stad en dorpen ook investeren in belangrijke zaken zoals de onderwijshuisvesting. Het ophogen van de lokale belastingen is voor de beide colleges geen begaanbare weg nu met de raden zo’n zorgvuldig proces van belastingharmonisatie is gevolgd. Daarom hebben de colleges voor deze Kadernota als eerste rekening gehouden met een verwachte Rijkscompensatie voor o.a. de jeugdwet en de Wmo van structureel € 2,5 miljoen vanaf 2022.
Dat is ook een signaal naar het Rijk: deze middelen hebben we dit jaar al vanwege de Jeugdwet en de Wmo moeten bijramen: hier moet compensatie voor komen. Daarnaast is er een dekkingsplan gemaakt bestaande uit voordelen voortvloeiend uit de jaarrekening 2020 en een kritische beschouwing van de bestemmingsreserves van beide gemeenten voor het incidentele tekort in 2022. Hierdoor ontstaat ruimte voor dekking van onvermijdelijke ontwikkelingen, essentiële keuzes en harmonisatiekeuzes in het kader van de fusie. In de onderstaande tabel zijn deze keuzes en harmonisatiepost opgenomen. U wordt voorgesteld om de begrotingsuitgangspunten, onvermijdelijke ontwikkelingen (inclusief fusiegevolgen), belastingharmonisatie en het dekkingsplan te verwerken in de meerjarenbegroting 2022-2025. De (essentiële) keuzes van beide colleges worden ter bespreking voorgelegd, maar nog niet verwerkt in de meerjarenbegroting. Dat vindt pas plaats bij de besluitvorming over de programmabegroting 2022. Wel wordt na uw besluitvorming het lopende begrotingsjaar verwerkt in de begrotingen van Beemster en Purmerend. In de bijlage worden voorstellen voor de zogenaamde budgettair neutrale wijzigingen gepresenteerd.
Het gaat dan bijvoorbeeld om subsidies die worden ontvangen waar even hoge uitgaven tegenover staan, budgetten die worden overgeheveld naar een ander programma, budgetten waar dekking uit een heffing tegenover staat. Ofschoon deze aanpassingen geen effect hebben op het financieel perspectief valt de vaststelling onder het budgetrecht van de gemeenteraad.
8
Kadernota 2022-2025 | Financieel perspectief
Samengevat ziet het beeld van de meerjarenbegroting er als volgt uit:
(+/+ = voordeel en -/- is nadeel, bedragen maal € 1.000)
2021
2022
2023
2024
2025
Gezamenlijk vertrekpunt Kadernota 2022 Purmerend/Beemster
-682
-928
642
2.521
2.475
A. Begrotingsuitgangspunten
320
96
93
89
-620
B. Onvermijdelijke ontwikkelingen
257
-1.248
-397
-360
-869
1. Structurele inzet agrarische vraagstukken
-
-33
-106
-109
-112
2. Voortzetten Samenwerkingsagenda ZaWa
-50
-50
-50
-50
-50 -504
C. Essentiële keuzes: Groei van stad en dorpen: organisatie
3. Ontwikkeling organisatie groei van de stad
-
-502
-488
-466
4. Transitie Lokale Jeugdzorg
-225
-500
-615
-615
-
5. Extra preventie schulddienstverlening
-159
-164
-168
-173
-178
-30
-1.503
78
-1.586
-2.275
-
-5
-5
-5
-5
-70
-30
-
-
-
2. Verbeterslagen beheer openbare ruimte
-
-196
-46
-45
-45
3. Herinrichting openbare ruimte Van Brug tot Brug
-
-11
-28
-32
-32
4. Groenplan 409 bomen in Beemster
-448
-
-
-
-
Totaal C. Essentiële keuzes
-982
-2.993
-1.428
-3.081
-3.200
-1.406
-5.168
-1.183
-919
-1.594
Groei van stad en dorpen: voorzieningen 1. Onderwijshuisvesting: Integraal HuisvestingsPlan (IHP) 2. Schoolplein Bloeiende Perelaar Groei van stad en dorpen: kwaliteit openbare ruimte 1. Parkenplan: ontwerpen Leeghwaterpark en Park de Noord
Stand kadernota 2022 na onvermijdelijke ontwikkelingen en essentiele keuzes D. Fusiegevolgen onvermijdelijk en keuzes E. Dekkingsplan
-
-340
-172
-283
-364
1.094
5.476
2.863
2.700
2.700
8
63
1.601
1.587
122
Stand kadernota 2022 na fusie en dekkingsplan
Gezamenlijk vertrekpunt Kadernota 2022 Purmerend/Beemster Als eerste presenteren wij u een bijgesteld beeld na aanleiding van de reeds genomen (onvermijdelijke) besluiten door de colleges en raden van Beemster en Purmerend. Dit is het vertrekpunt voor deze kaderbrief. Dit betreft de raadsbesluiten sinds de 2e tussenrapportage 2020 én de structurele doorwerking van de 2e tussenrapportage 2020. Bij de aanbieding van de Programmabegroting 2021 aan beide raden waren nog veel zaken onzeker. Hierover bent u geïnformeerd middels een aparte raadsbrief in februari 2021. Wij hebben u toen de volgende financiële posities per gemeente gemeld: (+/+ = voordeel en -/- is nadeel, bedragen maal € 1.000) Stand programmabegroting 2021 Purmerend Stand programmabegroting 2021 Beemster
2021
2022 34
2.222
2023
2024
3.071
2025
4.331
4.374
87
802
1.056
1.512
1.512
Onvermijdelijke ontwikkelingen/reeds genomen college/raadsbesluiten Purmerend
-588
-3.499
-3.081
-2.670
-2.760
Onvermijdelijke ontwikkelingen/reeds genomen college/raadsbesluiten Beemster
-215
-453
-405
-652
-650
Saldo start Purmerend gezamenlijke Kadernota 2022
-554
-1.277
-9
1.661
1.614
Saldo start Beemster gezamenlijke Kadernota 2022
-128
350
651
860
862
Gezamenlijk vertrekpunt Kadernota 2022 Purmerend/Beemster
-682
-928
642
2.521
2.475
Het kan voorkomen dat er afrondingverschillen optreden ten opzichte van deze brieven. De begrotingssaldo's van beide gemeenten is het gezamenlijke vertrekpunt voor deze Kadernota 2022. Deze onderdelen worden niet nogmaals toegelicht, maar onderstaand hebben we nog wel de samenstelling van de bedragen vermeld in twee tabellen.
9
Kadernota 2022-2025 | Financieel perspectief
GEMEENTE PURMEREND (bedragen x € 1.000)
2021
Stand programmabegroting 2021 Ontwikkeling Jeugdbudget (raadsbrief 1541448)
2022
2023
2024
2025
I/S PRG
34
2.222
3.071
4.331
4.374
-2.413
-2.449
-2.486
-2.523
-2.523 S
2
Dekking stelpost prijs/loon inzetten indexatie jeugd (raadsbrief 1541448)
235
479
722
965
965 S
AD
Ontwikkeling maatschappelijke ondersteuning (HbH, begeleiding en overig), (raadsbrief 1541448)
-1.168
-1.888
-1.885
-1.885
-1.885 S
2
Ontwikkeling werk en inkomen uitgaven (raadsbrief 1541448)
-1.900
-1.900
-1.900
-1.900
-1.900 S
2
Ontwikkeling werk en inkomen inkomensdeel (BUIG gelden) en stelpost (raadsbrief 1541448)
1.900
1.900
1.900
1.900
1.900 S
2 2
Werkom trajecten (raadsbrief 1541448)
95
95
95
95
95 S
-
-38
-38
-37
-37 S
5
Gemeentefonds: ontwikkeling september/decembercirculaire 2020 (raadsbrief 1531569)
2.635
236
348
517
517 S
AD
Overige effecten 2e tussenrapportage 2020 (besluit 1532421)
-258
-350
-353
-355
-445 S/I div.
Actualisatie onderhoudsplannen (MJOP's) excl. verduurzaming (besluit 1534202)
286
416
516
553
553 S div./7
Saldo start Purmerend gezamenlijke Kadernota 2022
-554
-1.277
-9
1.661
1.614
2021
2022
2023
2024
2025
87
802
1.056
1.512
1.512
Amendement flexdrempels Overlanderstraat (besluit 1527880)
GEMEENTE BEEMSTER (bedragen x € 1.000) Stand programmabegroting 2021 integraal huisvestingsplan (IHP) incl. verduurzaaming (besluit 1538394)
I/S PRG
-
-2
-2
-236
-235 S
2
Ontwikkeling Werk en inkomen (BUIG en Werkom trajecten), (raadsbrief 1540337)
-59
-59
-59
-59
-59 S
2
Ontwikkeling Jeugdbudget (raadsbrief 1540337)
-78
-78
-78
-78
-78 S
2
Ontwikkeling Maatschappelijke ondersteuning (HbH, begeleiding en overig), (raadsbrief 1540337)
-155
-155
-155
-155
-155 S
2 4
Vaststelling Uitvoeringsagenda Duurzaamheid 2020-2022 (besluit 1457985)
-
-15
-
-
-
I
Verschuiving budget versterking agrarische sector (jaarrekening 2020)
-20
-70
-
-
-
I
6
Gemeentefonds: Ontwikkeling september/decembercirculaire 2020 (raadsbrief 1490822)
97
-73
-111
-124
-124 S
AD
-128
350
651
860
862
Saldo start Beemster gezamenlijke Kadernota 2022
A. BEGROTINGSUITGANGSPUNTEN Jaarlijks worden de uitgangspunten horende bij de kaderbrief vastgesteld door de raad en treft u deze aan in bijlage A. De financiële effecten hiervan zijn in de onderstaande tabel opgenomen.
A Begrotingsuitgangspunten:
2021
2022
2023
2024
2025
I/S PRG
1 Indexering subsidies (van 1,5% naar 2,5%)
-
-224
-227
-231
-234
S
2
2 Ontwikkeling lonen, werkgeverslasten (nieuwe CAO) en pensioen (premies)
-
-
-
-
-
S
AD
3 Opschalingskorting gemeentefonds
-
-
-
-
-706
S
AD
4 Financieringsmiddelen (aantrekken lang geld)
320
320
320
320
320
S
AD
Subtotaal A: begrotingsuitgangspunten
320
96
93
89
-620
1. Indexering subsidies In de begroting hanteert Purmerend sinds 2017 een indexering van 1,5% voor de subsidies aan instellingen en vindt achteraf geen verrekening plaats als de index hoger en/of lager uitvalt. Bij een aantal instellingen (o.a. GGD, veiligheidsregio, veiligheidshuis, veilig thuis) wordt aangegeven dat de kosten meer stijgen dan de gegeven indexering voor prijzen en lonen. Deze maatschappelijke organisaties geven aan dat zij hun taken (die noodzakelijk zijn voor het goed functioneren van onze lokale gemeenschap) alleen kunnen uitoefenen met een adequate bekostiging en in hun bedrijfsvoering begint te knellen. De houdbaarheid van de systematiek is in 2017 getoetst aan deze prijzen van de overheidsconsumptie. De personele component is daarbij voor 70% meegenomen en de materiële component voor 30%. Deze toets is nogmaals gedaan met de cijfers uit het Centraal Economisch Planbureau (CEP) van maart 2020. Hieruit blijkt dat het gemiddelde over de jaren 2018-2021 uitkomt op een index
10
Kadernota 2022-2025 | Financieel perspectief
van 2,8%. Er is reden om de indexering aan te passen. Het voorstel is hiervoor de komende jaren een bedrag van 2,5% te nemen. 2. Ontwikkeling lonen, werkgeverslasten en pensioenpremies Jaarlijks wordt de indexering van lonen, werkgeverslasten en pensioenpremies geactualiseerd. De in 2019 afgesloten cao heeft een looptijd tot 1-1-2021. De nieuwe cao onderhandelingen worden gevoerd op de inzetbrief van de VNG: een loonbod op een nullijn, waarbij de fiscale aanpassingen die in januari 2021 op het loonstrookje te zien zijn, al voldoende compensatie zou bieden voor de prijsindexering. Aangezien er nog geen nieuwe cao is vanaf 1 januari 2021, heeft de loonkostenbegroting ruimte in 2021. De verwachting is dat we richting het voorjaar van 2021 hierover meer duidelijkheid kunnen geven. Voor 2022 heeft het ABP reeds een waarschuwing afgegeven voor een stijging van de pensioenpremie. Een indicatie over deze verhoging wordt medio 2021 verwacht en het definitieve percentage wordt eind 2021 bekend gemaakt. Voor deze Kadernota wordt er vanuit gegaan dat de stijging opgevangen kan worden binnen de begrote 3% per jaar voor loonsverhogingen en (pensioen-) premies werkgevers. 3. Opschalingskorting Het Rijk heeft vooruitlopend op wetgeving over opschaling van gemeenten in 2015 een oplopende korting doorgevoerd op het gemeentefonds.
Daarbij was de gedachte dat schaalvergroting van gemeenten leidt tot lagere kosten. De wetgeving is er niet gekomen. De korting is echter wel doorgevoerd in de Rijksbegroting en tot op heden niet teruggedraaid. Inmiddels is de opschalingskorting incidenteel teruggedraaid voor de jaren 2020 en 2021 als compensatie voor het wegnemen van financiële druk bij gemeenten. Vanuit de VNG wordt erop aangedrongen om deze korting structureel te schrappen. De bedragen tot en met 2024 waren reeds verwerkt in de begroting. Deze laatste tranchekorting in 2025 bedraagt € 706.000. 4. Financieringsmiddelen De financieringsmiddelen leveren een structureel voordeel op van € 320.000. Dit voordeel is ontstaan door het aantrekken van twee nieuwe leningen van € 30 miljoen in december 2020 met een marktrente lager dan het door ons begrote rentepercentage. In deze Kadernota wordt nog uitgegaan van een renteomslag van 1,25%, waarbij de verwachting is dat voor de begroting 2022-2025 de renteomslag op 1% zal uitkomen. Dan wordt ook het effect op riool, afval en grondexploitaties (voordeel komt in die gevallen niet ten gunste van het begrotingssaldo) meegenomen.
11
Kadernota 2022-2025 | Financieel perspectief
B. ONVERMIJDELIJKE ONTWIKKELINGEN Onderstaand treft u de weergave van een aantal ontwikkelingen sinds de vaststelling van de begroting 2021 dat voldoet aan het criterium onvermijdelijk en derhalve in de begroting dient te worden verwerkt.
B Onvermijdelijke ontwikkelingen: 1 Gemeentelijke bijdrage voor de Waarderingskamer en de Landelijke voorziening WOZ
2021
2022
2023
2024
2025 I/S PRG
-
-18
-19
-20
-21 S
1
2 Verkiezingen 2e kamer 2021 Corona-proof inrichting
-222
-
-
-
-
I
1
3 Aanvullend krediet Obs Wheermolen en tijdelijke huisvesting Weidevogels (besluit 1542637)
-187
-400
-75
-73
-71 S/I
2
4 Verbouwing P3 (besluit 1541567) en betrekken Kerkstraat 18 bij Purmaryn (besluit 1043164)
191
143
-9
2
11 S/I
2
-
-278
-278
-278
-278 S
2
-15
-10
-10
-10
-10 S
2
-
-19
-19
-19
-18 S
2
8 Invoering nieuwe regels regionale woonruimteverdeling
-13
-47
-47
-30
-30 S
3
5 Raadsvoorstel zienswijze kadernota GGD 6 Breder gebruik jongerencentrum Beeje Middenbeemster 7 Kantplanken sportvelden
9 Actualisatie opbrengsten parkeren
-996
-339
285
35
35 S/I
5
10 Revitalisering van Overwhere-zuid
672
161
140
120
-488 S
6
11 Grondverkoop J.P. Grootstraat
949
-
-
-
-
I
7
12 Actualisatie budget griffie
-16
-17
-
-
- S
10
13a Kosten waardenproces Beemster uit via herindelingsbijdrage
-105
-
-
-
-
I
AD
-
13b Dekking waardenproces Beemster uit algemene reserve
105
-
-
-
I
AD
14a Kosten implementatie omgevingswet
-380
-854
-796
-517
-428 S/I
Div
14b Dekking structurele lasten via dekking leges
275
430
430
430
428 S/I
Div
257
-1.248
-397
-360
-869
Subtotaal B: Onvermijdelijke ontwikkelingen
1. Bijdrage gemeenten Waarderingskamer en landelijke voorziening WOZ Tot 2019 werd de bijdrage van de gemeenten voldaan via het gemeentefonds. Met ingang van 2019 hebben alle gemeenten een factuur ontvangen van de Waarderingskamer voor hun aandeel in de totale gemeentelijke bijdrage aan de kosten van de Waarderingskamer en de kosten van de Landelijke Voorziening WOZ (LV WOZ). Dat aandeel wordt berekend op basis van het aantal WOZ-objecten in de LV WOZ op 1 januari van het jaar voorafgaand aan het jaar waarop de begroting betrekking heeft. Met deze gemeentelijke bijdragen was in de begroting nog geen rekening gehouden. Dit wordt nu gerepareerd door een structureel bedrag op te nemen vanaf 2021. 2. Tweede Kamerverkiezingen 2021 Voor de Tweede Kamerverkiezingen in maart 2021 zijn extra middelen beschikbaar gesteld in het gemeentefonds voor meerkosten met inachtneming van covid-19 maatregelen. De meerkosten omvatten aanbrengen van aanpassingen in de stembureaus (materialen inkoop, extra inzet personeel) en huren alternatieve locaties. Voor Purmerend gaat het om incidenteel € 222.000. 3. Aanvullend krediet OBS Wheermolen Het IHP is meegenomen bij de essentiële keuzes in deze Kadernota.
In Purmerend zijn twee projecten, namelijk de gedeeltelijke nieuwbouw van de Obs Wheermolen en het plaatsen van noodlokalen bij De Weidevogels, vanwege spoedeisendheid is dit begin maart reeds aan de raad aangeboden ter besluitvorming.
12
Kadernota 2022-2025 | Financieel perspectief
4. Verbouwing P3 en Kerkstraat 18 Voor verbouwingen van P3 en Kerkstraat 18/Purmaryn zijn in maart 2021 twee raadsvoorstellen ingediend. Deze verbouwingen worden binnen de begroting gedekt, maar hebben in 2021 en 2022 een voordeel op de kapitaallasten. Deze wordt hier thans ingerekend. Het financiële beeld is als volgt:
Omschrijving (bedragen x € 1.000)
2021
2022
2023
2024
2025
a. Verbouwing P3 - verbouwing poppodium P3 (krediet € 3 miljoen), kapitaallasten
-
-
-188
-186
-184
-20
-
-
-
-
- voordeel eigendomsoverdracht
178
185
191
198
204
- dekking begroting 2019
33
33
33
33
33
-
14
43
43
44
191
232
79
88
97
- extra uitgaven Beschikbaar budget P3:
- huur muziekschool Begrotingsruimte beschikbaar verbouwing Kerkstraat 18 b. Verbouwing Kerkstraat 18 - beschikbaar uit budget dagelijks onderhoud
-
5
5
5
5
- verbouwing Kerkstraat 18 (krediet € 1,5 miljoen), kapitaallasten
-
-94
-93
-92
-91
191
143
-9
1
11
Saldo exploitatie via de algemene middelen
5. Kadernota Gemeentelijke GezondheidsDienst (GGD) ln de Kadernota van de GGD staat een aantal autonome ontwikkelingen voorzien van financiële kaders. Deze hebben een verhoging van de gemeentelijke bijdragen aan de GGD tot gevolg. Dit betreft ontwikkelingen binnen infectieziektebestrijding (IZB), jeugdgezondheidszorg (JGZ) en kantoorautomatisering. Ook is de loon- en prijsindex als autonome ontwikkeling opgenomen. Daarnaast is in de Kadernota 2022 het huidige project suïcidepreventie vanaf 2022 opgenomen. Dit betekent dat de bijdrage aan de Gemeenschappelijke Regeling voor de nieuwe gemeente wordt verhoogd met structureel € 278.275. 6. Gebruik jongerencentrum Beejee Middenbeemster Het jongererencentrum Beejee in Middenbeemster wordt steeds vaker gebruikt en we zien ook de vraag naar het gebruik steeds meer toenemen. Niet alleen bij de jongeren, maar vooral ook andere groepen uit de Beemster weten de BeeJee te vinden. Dit zijn o.a. de Huiswerkclup, een kookactiviteit, muziekles, Wonenplus, JNO, MEE, naschoolse opvang, gymles (Blauwe Morgenster) etc. Ook is er een nauw contact met de speeltuinvereniging. Om gevolg te geven aan het breder gebruik zijn renovatie aanpassingen aan het jongerencentrum noodzakelijk. Beheerder Clup is verantwoordelijk voor het exploitatie en onderhoud van het gebouwtje Beejee.
Hiervoor wordt de subsidie vanaf 2021 verhoogd met éénmalig € 5.000 (als eerste inrichting) en structureel met € 9.500 voor de brede openstelling en gebruik van dit jongerencentrum (exploitatie- en huurlasten). 7. Kantplanken sportvelden De rechtbank heeft een uitspraak gedaan over de verspreiding van infill-materiaal buiten een kunstgrasveld. Het sportbedrijf van de gemeente Enschede is veroordeeld voor milieuvervuiling door rubberkorrels die buiten kunstgrasvelden van een voetbalvereniging terecht zijn gekomen. Het tegenhouden van rubber verspreiding valt onder de zorgplicht. Om deze (verscherpte) regelgeving niet af te wachten worden alle velden met rubbergranulaat in Purmerend en Beemster voorzien van zogenaamde ‘kantplanken’ waarmee feitelijk een gesloten sportomgeving ontstaat en verspreiding van rubber infill naar buiten de velden geminimaliseerd wordt. In Purmerend zijn vier sportparken (Flevostraat Rugbyclub, Van IJsendijkstraat vpv Purmersteijn, Westerweg vv De Wherevogels en Savannestraat FC Purmerend) voorzien van sportvelden met rubber-infill. In Beemster zijn dat er drie (Purmerenderweg ZOB, Insulindeweg SV Beemster en Jisperweg WBSV). De totale investering op al deze sportparken bedraagt € 170.000, die in 10 jaar zal worden afgeschreven. Voor de aanschaf en plaatsing van kantplanken zal de subsidie aan Spurd éénmalig verhoogd worden.
13
Kadernota 2022-2025 | Financieel perspectief
8. Regionale woonruimteverdeling Het toewijzen van sociale huurwoningen van corporaties vindt plaats op basis van óf inschrijfduur óf urgentie. De sociale huurwoningen zijn schaars en de gemiddelde wachttijd voor een sociale huurwoning ligt in de hele regio Zaanstreek/Waterland boven de tien jaar. Ook kunnen er dringende situaties ineens ontstaan, dat niet iedereen zo lang kan wachten (bijvoorbeeld bij een relatiebreuk). Daarnaast kan de positie van starters ook een stuk beter. Om hieraan tegemoet te komen is er een nieuwe regionale set van regels en verdeling opgesteld door 15 gemeenten en 14 corporaties. Dit betekent dat er overeengekomen is dat naast de inschrijfduur, het zoeken en de situatie van de woningzoekende een rol gaat spelen bij toewijzing. Deze nieuwe verdeelregels brengen extra incidentele en structurele kosten met zich mee. Zo moeten aanvragen voor de toekenning van punten voor de situatie van de woningzoekende worden getoetst. Tegen het besluit op de aanvraag is bezwaar en beroep mogelijk. De toetsing zal centraal voor de 15 gemeenten worden uitgevoerd door een externe partij. Voor 2021 is er sprake van incidentele kosten van € 13.485 en vanaf 2022 structureel € 30.000. 9. Actualisatie opbrengsten parkeren Uit de jaarrekening 2020 blijkt dat de opbrengst straatparkeren ongeveer € 1 miljoen lager uitvalt dan geraamd.
Na analyse is de lagere opbrengst voor een groot deel was toe te schrijven aan de coronacrisis (voor ca. € 700.000) en voor het overige deel (€ 300.000) aan een diversiteit van oorzaken. Eén van de oorzaken blijkt dat als gevolg van ruimtelijke ontwikkelingen gereguleerde parkeerplaatsen met een hoog rendement ‘uit bedrijf’ zijn genomen zonder hierop de begroting af te ramen. Dit onderdeel levert een structureel nadeel op van € 300.000. Voor 2021 gaan wij er vooralsnog vanuit dat de coronacrisis eenzelfde effect zal hebben als in 2020. Dit, opgeteld bij het eerdergenoemde structurele effect betekent dat wij de parkeeropbrengsten 2021 met ca. € 1 miljoen moeten aframen. De volgende situaties zijn van invloed op de bijstelling van de parkeeropbrengsten voor jaren 2022-2025. In 2022 is er de noodzaak (behoefte gemeente) en mogelijkheid (verhuurder) tot een nieuw contract te komen voor het parkeerterrein Kooimanpark (Wagenweg). Daarnaast zal de mogelijke uitkomst van de bewonersraadpleging uit de Bloemenbuurt gefaseerd gereguleerd kunnen worden in plaats van in één keer. Voor 2023 staat de oplevering van de Stadhuisgarage. Tevens staat een forse uitbreiding van betaald parkeren gepland voor Kop West (incl. havens) en Gors Noord (ten zuiden van de Waterlandlaan).
Het verwachte moment voor invoering betaald parkeren is echter afhankelijk van het tempo waarin deze gebieden ontwikkeld worden. Ook is het aantal openbare parkeerplaatsen in de nieuwe situatie voor Gors Noord nog onduidelijk. De begroting is nu gebaseerd op het huidige aantal parkeerplaatsen. De laatste tariefsaanpassing was in 2019, en alleen voor het centrumgebied. De tarieven voor 2022 zullen tegen het licht worden gehouden met het oog op de te bouwen Stadhuisgarage. Hierover zal een voorstel aan de nieuwe raad worden voorgelegd om een besluit te nemen over een tariefsverhoging vanaf 2023. Daarna worden de tarieven jaarlijks geïndexeerd. Tariefsverhoging op een eerder moment wordt, vanwege de coronacrisis, niet raadzaam geacht. 10. Revitalisering Overwhere-Zuid De oorspronkelijke plannen van de revitalisering van Overwhere-Zuid dateren uit 2015. Toen zijn ook de benodigde financiële middelen in kaart gebracht en aangevraagd. De planning is uitgesteld om de werkzaamheden voor het Aardgasvrij maken van de wijk te combineren. Op deze manier konden de werkzaamheden voor de riolering en het Aardgasvrij maken gecombineerd worden om zo de overlast voor de bewoners te beperken. Inmiddels is een deel van de werkzaamheden in gezamenlijkheid met stadsverwarming uitgevoerd en is het eerste deel van de wijk als nieuw opgeleverd.
Tijdens de werkzaamheden is onder andere geleerd dat het werk complex is omdat de wijk erg oud is en dat de samenwerking met de partner voor het aanleggen van het warmtenet heel veel afstemming vraagt. Het is nieuw en uniek in Nederland en dit kost leergeld.
14
Kadernota 2022-2025 | Financieel perspectief
Ten opzichte van het oude plan, waarvan een deel is uitgevoerd, zijn inmiddels zes jaar verstreken. In deze tijd is er een aantal zaken veranderd. Zo zijn er wijzigingen in wet- en regelgeving en in het gemeentelijk beleid, zoals onder andere op het gebied van verkeer, milieu, materiaal gebruik, grondwater, het gemeentelijk klimaatadaptatieplan, bomenplan en het groenplan. Daarnaast zijn er ook nieuwe inzichten ontstaan die maken dat de uitvoering van de nog geplande werkzaamheden een andere aanpak vereisen, daarom is een nieuwe projectaanbieding gemaakt. In deze aanbieding wordt uitgegaan van een groter gebied en worden meer zaken in de openbare ruimte aangepakt en vernieuwd dan in de oorspronkelijke plannen. Dit leidt tot een andere verdeling van de kosten. Om de verbeteringen te kunnen doorvoeren is er geïndexeerd naar het huidige prijsniveau. Ook wordt uitgegaan van 15% onvoorzien (was 10%). Hiervoor is het nodig een extra krediet beschikbaar te stellen van € 6.361.637 voor de vervanging van het riool door een gescheiden rioolstelsel en herinrichting van de wijk Overwhere Zuid in samenwerking met stadsverwarming voor het aardgasvrij maken van de wijken. De bestaande exploitatiebudgetten dienen hiervoor als dekking. Samengevat is het dekkingsvoorstel Overwhere-Zuid als volgt:
Totaal budget/ krediet
2021
2022
2023
2024
2025
2026
Kapitaallasten kredieten riolering/wegen/OVL/straatmeubilair
3.362
-
-
-65
-129
-192
-255
Benodigd exploitatie groen en kunstwerken
1.928
Lasten exploitatie revitalisering (x € 1.000):
Totaal benodigd
-
-482
-482
-482
482
-
-
-482
-547
-611
-675
-255
Dekking exploitatie revitalisering (x € 1.000): Exploitatie riolering (voorziening rioolheffing) Exploitatie wegen (vrijval) Exploitatie groen en kunstwerken
2.411 269
-
-
40
80
120
159
672
576
579
583
-
-
-
67
67
67
67
-
Totaal gedekt
672
643
687
730
187
159
Saldo exploitatie via de algemene middelen
672
161
140
120
-488
-96
11. Grondverkoop J.P. Grootstraat 1 Door vertraging in een bestemmingsplanprocedure is de grondverkoop van de J.P. Grootstraat 1 in 2020 niet gehaald. De verwachting is dat deze oude taakstelling van de verkoop van de grond in 2021 wordt gerealiseerd. 12. Actualisatie budget Griffie De budgetten van de griffie zijn geactualiseerd door: • formatie van de griffier Beemster vanaf 2022 over te hevelen naar Purmerend (tot 1-1-2022 gedetacheerd bij Beemster (besluit 1526231); • tijdelijke administratieve formatie-uitbreiding voor 12 uur in verband met de aanstaande fusie; • de verrekening aan te passen met facilitair voor de ondersteuning bij commissie- en raadsvergaderingen; • het budget advertentiekosten over te hevelen vanuit de griffie naar communicatie. 13a/b. Kosten waardenproces Beemster Voor de kosten van het waardenproces die in 2018 en 2019 zijn gemaakt door Beemster is afgesproken dat Purmerend voorfinanciert en dat Beemster zijn frictiebijdrage na aftrek van de kosten van het waardenproces (€ 105.000) doorstort aan Purmerend. In de begroting van Purmerend is rekening gehouden met een frictiebijdrage van € 1.153.000 in 2021, maar nog niet met de aftrek van de kosten van het waardenproces Beemster. Daar er sprake is geweest van voorfinanciering via de algemene reserve, worden deze kosten van € 105.000 weer
15
Kadernota 2022-2025 | Financieel perspectief
onttrokken aan de algemene reserve. Inmiddels is de frictiebijdrage in 2021 vanuit het Rijk door beide gemeenten ontvangen. 14a/b. Kosten implementatie Omgevingswet Op 1 januari 2022 treedt de Omgevingswet in werking. De ambitie is om op tijd klaar te zijn voor de inwerkingtreding van deze wet. Uitgangspunt hierbij zijn de door gemeenten minimaal uit te voeren acties die in dit kader opgesteld zijn door de VNG. Het afgelopen jaar is er als gevolg van het beschikbaar komen van meer concrete informatie over dit onderwerp (o.a. van het KPMG, implementatie omgevingswet) en inzicht een meer accuraat beeld verkregen van de voor de implementatie van de omgevingswet benodigde financiële middelen. De kosten van het implementatietraject bij gemeenten worden geschat tussen de € 1 en € 1,7 miljard. Op basis van de minimale actielijst van de VNG is een doorrekening gemaakt van de benodigde financiële middelen, waarbij een onderscheid wordt gemaakt tussen incidentele en structurele kosten. Het accent ligt hierbij met name op de verdere ontwikkeling en implementatie van het digitale stelsel omgevingswet, het werken met het omgevingsplan en het goed neerzetten en inrichten van een beheersorganisatie voor het digitale stelsel (DSO) die de uit de omgevingswet voortvloeiende taken op een adequate wijze kan uitvoeren. Hiervoor zijn al de nodige acties ingezet.
In 2021 zal de organisatie worden opgeleid waarbij gebruik gemaakt wordt van de bestaande budgetten. Verder zal er gewerkt worden aan de aanpassing van de organisatie en de werkwijze zodat er zo goed mogelijk uitvoering kan worden gegeven aan deze wet. Dit jaar zullen de raden nog moeten beslissen over een nieuw participatiebeleid, adviesrecht van de raad, instellen commissie ruimtelijke kwaliteit en een nieuwe legesverordening. In dit laatste onderwerp zal ook aandacht worden besteed aan de gevolgen van de financiering van de ambtelijk inzet. Om te kunnen voldoen aan de door de VNG opgestelde minimale actielijst voor implementatie van de omgevingswet, is het onvermijdelijk om de onderstaande incidentele en structurele investeringen te doen en op te nemen in de begroting vanaf 2021 en verder. De structurele lasten zullen worden gedekt uit de leges.
Activiteit omgevingswet (bedragen x € 1.000)
2021
2022
2023
2024
2025
Plansoftware en software toepasbare regels
-205
-80
-50
-50
-50
Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO)
-115
-313
-322
-259
-267
Dgitaliseren bodemdossiers
-60
-
-
-
-
Formatie programmamanager omgevingswet + juridisch analist
-
-226
-232
-108
-111
Projectleider Transitie omgevingsplan + beleidsadviseur omgevingswet
-
-135
-92
-
-
Opstellen omgevingsplan
-
-100
-100
-100
-
Totaal
-380
-854
-796
-517
-428
Wv. structureel
-153
-427
-389
-100
-
Wv. incidenteel
-227
-427
-407
-417
-428
C. ESSENTIËLE KEUZES Naast de onvermijdelijke ontwikkelingen hebben de colleges besloten ook een aantal zaken aan de raad voor te leggen die essentieel zijn voor de kwaliteit van de groei van de stad en dorpen. Deze hebben we geclusterd rond een aantal thema’s.
C Essentiële keuzes:
2021
2022
2023
2024
2025 I/S PRG
1 Structurele inzet agrarische vraagstukken
-
-33
-106
-109
-112 S
2 Voortzetten Samenwerkingsagenda ZaWa
-50
-50
-50
-50
-50 S
10
3 Ontwikkeling organisatie groei van de stad
-
-502
-488
-466
-504 S
Div
4 Transitie Lokale Jeugdzorg
-225
-500
-615
-615
-
I
2
5 Extra preventie schulddienstverlening
-159
-164
-168
-173
-178 S
2
Groei van stad en dorpen: organisatie
16
Kadernota 2022-2025 | Financieel perspectief
9
C Essentiële keuzes:
2021
2022
2023
2024
2025 I/S PRG
-30
-1.503
78
-1.586
-2.275 S
2
-
-5
-5
-5
-5 S
2
-70
-30
-
-
-
I
6
9 Verbeterslagen beheer openbare ruimte
-
-196
-46
-45
-45 S
6
10 Herinrichting openbare ruimte Van Brug tot Brug
-
-11
-28
-32
-32 S
6 6
Groei van stad en dorpen: voorzieningen 6 Onderwijshuisvesting: Integraal HuisvestingsPlan (IHP) 7 Schoolplein Bloeiende Perelaar Groei van stad en dorpen: kwaliteit openbare ruimte 8 Parkenplan: ontwerpen Leeghwaterpark en Park de Noord
11 Groenplan 409 bomen in Beemster
-448
-
-
-
-
Subtotaal C: Essentiële keuzes
-982
-2.993
-1.428
-3.081
-3.200
I
In de inleiding hebt u de bijbehorende teksten bij deze keuzes kunnen lezen. D. FUSIEGEVOLGEN D1. Fusie: onvermijdelijke ontwikkelingen Onderstaand treft u de weergave van een aantal ontwikkelingen dat het logisch vervolg zijn van de fusie per 1 januari 2022. Per onderdeel worden deze toegelicht. Deze behoren naar het oordeel van de beide colleges tot de onvermijdelijke gevolgen van de fusie.
D1 Fusie: onvermijdelijke ontwikkelingen
2021
2022
2023
2024
2025 I/S PRG
1 Eliminatie dubbele kosten Beemster en Purmerend
-
1.798
2.068
2.049
2.061 S
10
2 Aanpassing algemene uitkering na fusie
-
-1.681
-1.717
-1.756
-1.791 S
AD
3 Gelijkschakelen pensioenen (ex-) bestuurders
-969
47
47
47
47 S
10
4 Dekking gelijkschakeling pensioenen (ex-) bestuurders aan algemene reserve
969
-
-
-
- S
10
-
73
75
77
-
-119
-86
-42
-
-
118
386
375
394
Technische harmonisatie:
5 Eliminatie DienstVerleningsOvereenkomst (DVO) 6 Harmoniseren investeringsbeleid (ondergrens 50.000 euro) Subtotaal D1: Fusie onvermijdelijk
77 S Overh. I
Div.
Algemene toelichting onderdelen 1 tem 6 Zoals bekend is de algemene uitkering van de nieuwe gemeente lager dan de som van de algemene uitkering van Purmerend en Beemster nu. Dit bedraagt € 1,7 miljoen lager in 2022. De oorzaak is het verdwijnen van een gelijk basisbedrag dat elke gemeente krijgt en de daling van de dichtheidsfactor voor de gezamenlijke gemeente. Dekking van dit bedrag kan plaatsvinden door de dubbele kosten van bestuur, organisatie en huisvesting af te ramen. Dit levert € 1,8 miljoen oplopend naar € 2,0 miljoen op. Ook zijn er besparingen op dubbel werk (€ 300.000), deze zijn echter al geraamd in de begroting 2020 van Purmerend. Bij de uitwerking van de fusie zijn ook enkele technische kwesties meegenomen. Zo is de dienstverleningsovereenkomst tussen Purmerend en Beemster verwijderd uit de begroting. Daarop ontstaat bij de ontvlechting een voordeel o.a. vanwege BTW. Daarnaast is vanwege het feit dat de gemeente een nog grotere gemeente is het minimumbedrag van investeren opgehoogd naar € 50.000. Hierdoor moeten enkele afwaarderingen plaatsvinden. Tenslotte dekt Beemster de pensioenen van bestuurders uit de begroting en Purmerend heeft hiervoor een voorziening getroffen. Het beeld is dat dit op termijn ook voor Beemster nodig zou zijn, reden waarom dit geharmoniseerd is.
De vorming van een voorziening pensioenen voor bestuurders in Beemster vraagt een bedrag van € 970.000 die ten laste van de algemene reserve wordt gebracht. Per saldo heeft de technische samenvoeging een begrotingsvoordeel. D2. Fusie: keuzes Naast de onvermijdelijke zaken bent u de afgelopen maanden door de colleges en de stuurgroep geïnformeerd over diverse zaken met betrekking tot de fusie waarin een afweging mogelijk is. Het belangrijkste onderdeel was uiteraard
17
Kadernota 2022-2025 | Financieel perspectief
de belastingharmonisatie. Maar ook op de diverse beleidsonderdelen zijn keuzes mogelijk. In de onderstaande tabel is het bedrag opgenomen dat behoort bij de belastingharmonisatie en is een stelpost opgenomen dat als taakstellend kan worden gebruikt voor de inhoudelijke harmonisatie.
D2 Fusie: fusiekeuzes
2021
2022
2023
2024
2025
I/S PRG
1 Belastingharmonisatie
-
-208
-208
-208
-208 S
2 Harmonisatie beleidsinhoudelijk
-
-250
-350
-450
-550 S Div.
Subtotaal D2: fusiekeuzes
-
-458
-558
-658
-758
AD
1. Keuzes belastingharmonisatie Op 18 januari 2021 is in een gezamenlijke commissievergadering het voorstel van de colleges voor de belastingharmonisatie besproken. Over diverse onderdelen in het voorstel werd verschillend gedacht, maar over het geheel is sprake van een breed gedragen pakket dat wij in deze Kadernota ter besluitvorming voorleggen. Aan de raden worden daarom voorgesteld: • de opbrengst OZB woningen in de begroting 2022 met € 370.000 plus indexatie structureel af te ramen zodat de tarieven 2022 OZB in Purmerend niet stijgen als gevolg van de fusie. • in te stemmen met de invoering van een tarief voor eenpersoonshuishoudens en een tarief voor meerpersoonshuishoudens voor de afvalstoffenheffing in de nieuwe gemeente waarbij het tarief voor eenpersoonshuishoudens 80% is van het tarief voor meerpersoonshuishoudens. • in te stemmen met de invoering van een eigenarentarief voor de rioolheffing in combinatie met een grootverbruikersheffing niet-woningen vanaf 300 m3 watergebruik met een tarief van 75% van het eigenarentarief per eenheid van 300 m3 watergebruik. • een bedrag van afgerond € 103.000 mee te nemen als voordeel voor de begrotingsruimte vanwege de wijziging van de samengevoegde kostenopbouw rioolheffing en afvalstoffenheffing.
• in te stemmen met de invoering van hondenbelasting voor de hele gemeente per 1-1-2022 met een vrijstelling voor het bezit van honden buiten de bebouwde kom. • de extra opbrengst ad € 50.000 voor hondenbeleid in Beemster te reserveren als budget op het overzicht algemene dekkingsmiddelen en aan de nieuwe gemeenteraad een voorstel te doen om de opbrengst hondenbelasting te koppelen aan de uitgaven hondenbeleid. • Voor de toeristenbelasting in te stemmen met het tarief 2022 voor de nieuwe gemeente Purmerend zijnde het tarief Beemster 2021 (2,25 p.p.p.n.) plus de dan geldende CPI index en hierdoor een opbrengst van € 28.000 mee te nemen in de Kadernota. • in te stemmen met de invoering van precariobelasting voor de hele gemeente per 1-1-2022 waarbij Beemster onder de tarifering van ‘overig Purmerend’ zal vallen en hierdoor een opbrengst van € 25.000 mee te nemen ten gunste van de begrotingsruimte. In totaliteit is dit financiële effect € 208.000 nadelig. Zoals bekend zullen later dit jaar voorstellen aan u worden aangeboden voor de begraafrechten als de beheerverordening is geharmoniseerd. Ook voor de leges ontvangt u een apart voorstel waarin het onder meer gaat om de herschikking van de tarieven voor trouwen/geregistreerd partnerschap, tarieven huisvestingszaken en evenementvergunningen. Dit zal financieel van een beperkte orde zijn en technisch uitgewerkt worden.
Van belang is met name de herziening van titel 2 (fysieke leefomgeving/ omgevingsvergunning). In deze titel zitten verschillen tussen beide gemeenten in de zin dat Purmerend kortingsbepalingen voor energiemaatregelen en groene daken heeft. Omdat titel 2 vanwege de inwerkingtreding van de Omgevingswet helemaal moet worden veranderd, is een extern bureau ingeschakeld. Zodra hier duidelijkheid over is, zal daar separaat met u over gesproken worden.
18
Kadernota 2022-2025 | Financieel perspectief
2. Keuzes harmonisatiebeleid Voor de Kadernota zijn voorstellen geïnventariseerd waar beleidsinhoudelijke harmonisatie moet plaatsvinden. De eerste resultaten zijn samengevat: - Harmonisatie subsidies (maatschappelijk werk, muziekschool, bibliotheek, werelderfgoed)
-76
- Werken in wijken/wijkkranten Beemster/dorpsmanager
-139
- Onderhoud bomen en groen en voertuigen naar niveau Purmerend
-429
- Plustaken Omgevingsdienst Beemster naar eigen organisatie
b.n.
De rode draad is derhalve een drietal thema’s. De colleges hebben geconstateerd dat met name waar het gaat om de harmonisatie van subsidies en beheer openbare ruimte nadere analyse nodig is. Daarna kan tot prioritering en fasering worden besloten. Dit zal worden gedaan in de voorstellen van de begroting 2022. Voor nu stellen de colleges voor een stelpost van € 250.000 in 2022 voor dit vraagstuk op te nemen. Omdat niet alles per direct hoeft te worden geharmoniseerd, is een groei van het budget ingerekend. E. DEKKINGSPLAN De gemeenten zijn wettelijk verplicht een reëel sluitende begroting in te leveren. De colleges willen dat ook doen om zo de nieuwe gemeente goed van start te laten gaan. Deze Kadernota geeft richting. Er is een dekkingsplan gemaakt met een technisch karakter: herschikking van bestemmingsreserves en inrekening van enkele voordelen uit de jaarrekening 2020. Andere structurele posten waren overigens ook niet zichtbaar. Het opnemen van een post voor de verwachte Rijkscompensatie is een inschatting waarvan de colleges van mening zijn dat dit toch wel het minimale bedrag moet zijn waar gemeenten op mogen rekenen. De colleges vinden dit een behoedzame koers. En met dit beeld is het mogelijk te investeren in de stad en de dorpen en is er ruimte voor een goede inhoudelijke harmonisatie zonder belastingverhoging en inzet van de algemene reserve.
Daarmee is er voor de nieuwe gemeente een goede start mogelijk. In hoeverre de ingerekende post Rijkscompensatie bewaarheid wordt, is afhankelijk van de kabinetsformatie. Er is afdoende tijd tot aan de vaststelling van de begroting in januari 2022 om hier naderhand nog keuzes in te maken. In de onderstaande tabel zijn de middelen van het dekkingsplan opgesomd:
E Dekkingsplan 1 Inrekening Rijkscompensatie Jeugdwet/Wmo
2021
2022
2023
2024
2025
I/S PRG
-
2.500
2.500
2.500
2.500 S
AD
2 Herschikking bestemmingsreserves
-456
2.226
-87
-
-
I
AD
3 Actualisatie kapitaallasten investeringen (jaarrekeningeffect 2020)
1.350
550
250
-
-
I
AD
200 S
AD
4 Vrijval middelen werk en inkomen (jaarrekeningeffect 2020) Subtotaal E: Dekkingsplan
200
200
200
200
1.094
5.476
2.863
2.700
2.700
Algemene toelichting onderdelen 1 tem 4 De inrekening van de Rijkscompensatie is ingeschat op € 2,5 miljoen en is gelijk aan de bijraming 2021 van de Jeugdzorg in Purmerend en Beemster (brieven februari 2021). De herschikking van de bestemmingsreserves betreft voor Purmerend de reserves onderwijshuisvesting, regionale samenwerking Z/W en sociaal domein. Deze reserves zijn niet meer nodig nu de bijramingen van IHP, Jeugd en Wmo en regionale samenwerking ten laste van het begrotingssaldo plaatsvinden. Voor Beemster betreft het de reserves voornemens collegeprogramma, stelsel basisregistraties en rente gronden ZOB II. Deze reserves hebben een restantsaldo na de geraamde onttrekkingen in 2021. Daarnaast worden er in het dekkingsplan twee effecten uit de jaarrekening meegenomen: de grote investeringsopgave voor de komende jaren wordt gefaseerd uitgevoerd waardoor er een voordeel op kapitaallasten ontstaat. In de jaarrekening werd in Purmerend een voordeel zichtbaar op het beleidsveld werk en inkomen. Daar zitten zeker corona effecten bij, maar het is dermate groot dat de extra medewerkers voor vroegsignalering schulden (zie onderdeel essentiële keuzes) uit dit voordeel kunnen worden gedekt. Om die reden wordt een structureel bedrag van € 200.000 ingerekend.
19
Kadernota 2022-2025 | Financieel perspectief
3
Balans- en reserveprognoses
3.1 INLEIDING Per 1 januari worden de balansposities van de gemeente Beemster en de gemeente Purmerend samengevoegd. De gemeenten hebben verschillende vermogensposities. De samenvoeging hebben we voor u in beeld gebracht. Voorts is de samengevoegde algemene reserve voor u in meerjarenperspectief gebracht. Tenslotte worden enkele voorstellen ten aanzien van de bestemmingsreserves ter besluitvorming aan u voorgelegd 3.2 BALANS PER 1 JANUARI 2022 De gemeente Beemster en de gemeente Purmerend hebben op basis van de begrotingen van beide gemeenten de volgende balansposities bij de start van de nieuwe gemeente.
Prognose balans 01-01-2022 (bedragen x € 1.000)
Purmerend 2022
Beemster 2022
Samen 2022
Activa Vaste activa Immateriële vaste activa Materiële vaste activa
792
-
792
305.641
37.903
343.544
Financiële vaste activa
53.936
1.047
54.983
Totaal vaste activa
360.369
38.950
399.319
Vlottende activa Voorraden
30.485
-
30.485
Uitzettingen
17.862
2.548
20.410
Overlopende activa
3.915
363
4.278
Totaal vlottende activa
52.261
2.912
55.173
Totaal activa
412.631
41.861
454.492
Reserves
44.727
4.609
49.336
Voorzieningen
7.698
1.086
8.784
Vaste schuld
300.180
25.510
325.690
Totaal vaste passiva
352.605
31.205
383.810
Vlottende schuld
27.470
5.836
33.306
Opgenomen kasgeld en bankschulden
20.820
3.258
24.078
Overlopende passiva
11.736
1.562
13.298
Totaal vlottende passiva
60.026
10.656
70.682
Totaal passiva
412.631
41.861
454.492
Passiva Vaste passiva
Vlottende passiva
Duidelijke verschillen in de balansposities van de beide gemeenten zijn het bezit van financiële vaste activa in Purmerend (dit is de waardering Stadsverwarming), de voorraden gronden (in Beemster opgenomen in De Beemster Compagnie). De overige verschillen liggen min of meer in elkaars verlengde. Per 1 januari 2022 bedraagt de solvabiliteitsratio van de nieuwe gemeente circa 11%. Indien de investeringen in het huidige investeringsprogramma (zie hoofdstuk 4 investeringsprogramma) daadwerkelijk worden uitgevoerd zal de schuld oplopen naar ca. € 400 miljoen. Omdat het project Aardgasvrij in dezelfde periode wordt gerealiseerd
20
Kadernota 2022-2025 | Balans- en reserveprognoses
zullen de reserves ook dalen. De solvabiliteitsratio komt in het huidige beeld op circa 8% uit. De grote investeringen in onderwijshuisvesting en riolering maken dit een onvermijdelijke ontwikkeling. Het streven naar een hoger solvabiliteitsratio is voorlopig niet binnen handbereik. Dat is wat de huidige colleges betreft niet per se een streven, maar maakt wel dat de stand van de algemene reserve heel goed moet worden bewaakt. 5.3 ONTWIKKELING ALGEMENE RESERVE In de onderstaande tabel is de verwachte ontwikkeling van de algemene reserve voor u in beeld gebracht inclusief het begrotingsresultaat. (bedragen in euro's maal € 1.000)