Voorkeursscenario Toekomstscenarios 2022
Tekst van het document
kleinere wooneenheden, waarbij aandacht is voor ouderen (collectiviteit
lokale energiebedrijven –coöperaties en netwerken. Naast de ‘reguliere’
van zorg en voorzieningen). Dat geldt ook voor jongeren. Hierdoor brengen
technologieën als wind- en zonne-energie, verkennen we innovaties in
we instroom en doorstroom op gang in de woningmarkt. We maken andere
samenwerking met het onderwijs en bedrijfsleven. We zorgen ervoor dat we
instapmodellen in de woningmarkt mogelijk door te sturen op programma’s
bij het aanpakken van de energietransitie, ook andere duurzaamheidsdoelen
met meer appartementen, dichtbij het centrum en dichtbij de stations. Dat
niet uit het oog verliezen, zo stimuleren we natuurinclusief en biobased (ver)
betekent meer gestapelde en hogere bebouwing, waarbij parkeren verdwijnt
bouwen.
in en onder het gebouw en de begane grond ruimte biedt aan voorzieningen, winkels, kinderopvang, etc.We richten ons daarmee ook op doelgroepen die nu
Bij iedere kern werken we aan vergroening van de dorpsranden zodat er
nog niet in Barneveld wonen.
ruimte ontstaat voor spel voor kinderen en meer recreatie voor alle inwoners. Het worden meer multifunctionele overgangszones richting de andere delen
Ook anderszins concentreren we de voorzieningen zoveel mogelijk in de kern
van het buitengebied waar de landbouw meer dominant aanwezig is. Waar
Barneveld. Daarmee gaan het centrum en destationsgebieden sterk aan le-
mogelijk vindt de aansluiting plaats op bestaande landschapseenheden waarin
vendigheid winnen doordat we ook de mogelijkheid creëren gebruik te maken
onze inwoners rust, natuur en ruimte ervaren. Dat netwerk van groene dorps-
van andersoortige en nieuwe sport en cultuurvoorzieningen. Functiemenging
randen bouwen we fors uit.
stimuleren we ook elders in onze woonwijken om de levendigheid te vergroten en daarmee de leefbaarheid te bevorderen.
Omgevingsvisie - De toekomstscenario’s
49
RUIM TE
AP CH RS
ONDERNE ME OR VO
RUIMTE VOOR ONDERNEMERSCHAP Evenals bij wonen gaan we uit van zuinig ruimtegebruik. Voor Harselaar staat nog groei geprogrammeerd, maar die groei willen we ook gebruiken voor bedrijven die verplaatsen. Op termijn willen we alleen nog bedrijventerreinen realiseren of uitbreiden indien dat nodig is voor bedrijven die op een andere locatie - bijvoorbeeld in de dorpskernen - moeten verdwijnen. Deze ruimte concentreert zich rondom bestaande goed ontsloten locaties bij de A30, Harselaar en de A1-zone. Harselaar gebruiken we vooral ook voor ondernemers die lokaal gebonden zijn. Ook ruimte in onze gemeente is schaars, daarom zijn we niet de
SCENARIO: VOORUIT MET BARNEVELD
plek voor overloop vanuit Amersfoort of Ede/Veenendaal of voor grote nieuwe ruimtegebruikers. Daar moeten vanuit de regio andere plekken voor gevonden worden. Wel richten we ons meer op het stimuleren en faciliteren van hoogwaardige bedrijvigheid, omdat dat type bedrijvigheid vaak minder ruimte kost, schoner en meer toekomstbestendig is. Tevens zetten we in op combinaties van wonen en werken met gedeelde werk/vergadervoorzieningen op geschikte plekken in onze gemeente. Met meer inwoners voor Barneveld (kern) en Voorthuizen blijven we werken aan randvoorwaarden voor een gezonde toekomst voor middenstand, horeca en aanverwante activiteiten in de centra van deze kernen. Hier willen wij grotere winkels concentreren. In de randen van centra zetten we in op transformatie. Daarnaast bieden wij ruimte voor wijkwinkelcentra met een beperkt aanbod voor bijvoorbeeld een supermarkt, drogisterij en lichte horeca, waardoor de leefbaarheid in die wijken verbetert, ouderen in die wijken langer thuis kunnen blijven wonen en mobiliteit in de kern Barneveld wordt beperkt. Doordat in ieder dorp voor eigen behoefte woningen worden toegevoegd blijft er sprake van een acceptabel basisvoorzieningenniveau. Het buitengebied verandert van karakter.
We zien in dit buitengebied geen nieuwe grootschalige vakantieparken ontstaan, wel een aanwas van meer kleinschalige locaties op vrijgekomen agrarische locaties in een mooier wordend landschap. Dat heeft te maken met een veranderend gebruik van ons buitengebied en de aandacht die we geven aan bescherming en ontwikkeling van natuurwaarden. Dat zorgt voor nieuwe verdienmogelijkheden en voor dat type bedrijvigheid bieden we ruimte. Voor andere bedrij-
Foto © Visit regio Barneveld
vigheid bieden we geen ruimte.
Omgevingsvisie - De toekomstscenario’s
50
T
TOPREGIO
BOUW ND LA
STGERIC OM HT E EK O
TOPREGIO TOEKOMSTGERICHTE LANDBOUW
buitengebied – denk aan houtwallen, akkerranden - neemt de aantrekkelijk-
Het agrarisch ondernemerschap wordt gericht op doorontwikkeling en vernieu-
heid toe wat een impuls geeft aan de economie rondom toerisme.
wing naar een gezonde, natuurinclusieve circulaire landbouw. Deze landbouw staat in verbinding met burgers, kennisinstellingen en innovatie met crossovers
Hiermee realiseren we een kwalitatief betere leefomgeving en neemt het ver-
vanuit de hele Foodvalley.
dienvermogen toe. Daarbij is een verschuiving aan de orde van massaproduc-
De landbouw concentreert zich hiermee op vernieuwing en ruimtelijk gezien in
(i.p.v. kwantitatief) naar een gezond en circulair voedselsysteem. Agrarische
differentiatie in deelgebieden waar geëxperimenteerd wordt met innovaties in
ondernemers krijgen daarmee mogelijkheden voor nieuwe verdienmodellen.
tie naar maatwerkproductie. Het betekent een meer kwalitatieve ontwikkeling
SCENARIO: VOORUIT MET BARNEVELD
de primaire productie, die in die deelgebieden passend zijn. Met gerichte zonering en extensivering nemen risico op ziektes, ziekte overdracht en preventieve ruimingen af. We zetten de zones ook in nabij onze kernen en langs het Natura2000 gebied om de milieudruk respectievelijk druk op de natuur aanmerkelijk te verminderen. De landbouw kan in deze gebieden in aangepaste – dat wil zeggen bij de kernen cq natuur passende - vorm verder. De landbouw houdt ruimte doordat we compact bouwen bij stedelijke ontwikkelingen. We zetten onze middelen in om ook te komen tot de juiste vorm van landbouw op de juiste plek. We werken hiermee zoveel mogelijk toe naar het benutten van restromen en het optimaal voeden van het bodemleven, waarin we een link leggen naar het waterbeheer. We stimuleren en faciliteren de eiwittransitie, zowel in feed als food, de doorontwikkeling van korte ketens, extensivering, agroforestry, de teelt van biobased grondstoffen en het belonen van maatschappelijke diensten, zoals het onderhouden van het buitengebied en het vastleggen van CO2. Export van kennis over dit voedselsysteem wordt een steeds belangrijker economische toegevoegde waarde. De werkgelegenheid in de agrifoodsector blijft een belangrijke factor, maar wel op een andere manier dan nu het geval is. Dat gebeurt in samenhang met de brede klimaat- en natuuropgaven.
Door intensieve samenwerking met agrarische sector, ketenpartners, regiogemeenten, provincie en waterschap ontstaat een brede gebiedsaanpak met een vitaal en robuust toekomst perspectief voor een natuurinclusieve landbouw, beter en meer natuur, water, toerisme en woonomgeving. Door meer diversiteit in het
Omgevingsvisie - De toekomstscenario’s
51
GEZO ND
TUURLIJK NA BA
ELD EV RN
EN
GEZOND EN NATUURLIJK BARNEVELD
vergroening van onze kernen, zoals met tiny forrests, en vermindering van
Een meer stedelijk gebied huisvest diverse doelgroepen en dit vergroot de
hittestress. We gebruiken de bekenstructuur de noodzakelijke impuls in de
vraag naar verschillende vormen van cultuurbeleving. Daarnaast trekken
verdrogingsaanpak, de aanpak van wateroverlast, verbetering van wa-
culturele voorzieningen in een stedelijker centrum ook meer mensen van
terkwaliteit en (natte) natuur door meer ruimte hiervoor te reserveren, zowel
buitenaf. Dit vraagt om een groei van meer diverse en professionele cultu-
in als buitende kernen. Het resultaat heeft ook op andere vlakken waarde,
rele instellingen en voorzieningen, zoals bijvoorbeeld een cultuurcentrum,
want heeft ook recreatieve waarde (zichtbare beken in stedelijk gebied, uit-
culturele broedplaatsen, een bioscoop en/of een poppodium. Nieuwe gro-
loopgebieden in het buitengebied) en draagt bij aan een gezonde landbouw.
tere sportvoorzieningen zoals bijvoorbeeld een atletiekbaan, concentreren
SCENARIO: VOORUIT MET BARNEVELD
we vooral in de kern Barneveld op met de fiets goed bereikbare locaties. Door clustering en bundeling ontstaat de mogelijkheid om voorzieningen te delen. We bewegen mee met trends en ontwikkelingen, waaronder de individualisering van de sport. In de hele gemeente passen we de openbare ruimte aan, zodat deze meer uitnodigt tot ontmoeten, te bewegen en te spelen. Wij creëren extra voorzieningen voor tieners, waarmee we gezond gedrag willen stimuleren.
Door clustering en extensivering van de landbouw en groene overgangszones rondom de dorpen en ook industrie zorgen we dat fijnstof, geur en andere schadelijke stoffen wezenlijk minder invloed hebben op onze gezondheid. We werken op dat vlak met strengere normen voor (agrarische) bedrijven in de directe nabijheid van onze kernen. Dit aanvullend op onze andere extra inspanningen om het doel van het schone lucht akkoord om 50% gezondheidswinst te bereiken, zoals schonere mobiliteit en het terugdringen van (overlast van) houtstook. Als het nodig is combineren we dat
In samenwerking met provincie en waterschap ontplooien wij initiatieven
met zonering om functies te scheiden.
om in onze hele gemeente de ecologische kwaliteit te verhogen en de leefomgeving klimaatadaptief te maken. Daarvoor werken we aan de ontwikkeling van een robuust groen/blauw netwerk door de hele gemeente: heel veel groen en blauw in de gemeente is in 2040 met elkaar verbonden. Dit betekent dat we de bekenstructuur en bestaande landschappelijke eenheden als vertrekpunt nemen en daar meer ruimte voor gaan bieden, waarbij we selectief omgaan met toegankelijkheid. We willen zuinig omgaan met de natuur. Het natuurlijk bodem—en watersysteem wordt leidend. Daarmee willen we de kwaliteit van bodem en water sterk gaan verbeteren. Onze bestaande beleidsvoornemens gaan we gebiedsgericht uitwerken en realiseren door een nauwe verbinding te zoeken met de gebiedsgerichte uitwerking van het Nationaal Programma Landelijk gebied. Maar ook in onze dorpen en wijken verhogen we de biodiversiteit met gerichte maatregelen die bijdragen aan
Omgevingsvisie - De toekomstscenario’s
52
BERE IKB
ST OM EK O
U EN IN DE RN T A A
BEREIKBAAR NU EN IN DE TOEKOMST
militaire terreinen de meest gewenste oplossing. Barneveld-Noord wordt een echt
Zuinig omgaan met de ruimte in de Barneveld werkt ook door in onze benadering
knooppunt met een goedwerkend transferium met aansluiting op twee spoorlij-
van mobiliteit en bereikbaarheid. Die gaan we verduurzamen en vergroenen.
nen en daarmee een veel betere bereikbaarheid en toegankelijkheid van en naar
We kiezen voor het afremmen en verduurzamen van automobiliteit en we
de rest van Nederland. De bereikbaarheid van deze knoop maken we beter zodat
zetten volop om openbaar vervoer en fiets een volwaardig alternatief te maken.
ruimtelijke ontwikkeling van Barneveld en Voorthuizen daar optimaal mee samen
In dit scenario kiezen we ervoor om zo veel mogelijk binnen de bestaande kernen
gaat. Het transferium is niet alleen extern gericht, maar ook als alternatieve par-
te bouwen, vooral in de kern Barneveld op fietsbare afstand van de drie stations.
keervoorziening voor het centrum van Barneveld.
Dat doen we om vooral het gebruik van openbaar vervoer te stimuleren en het
SCENARIO: VOORUIT MET BARNEVELD
reizigerspotentieel te vergroten. Daarnaast is deze keuze gericht om zo veel mogelijk gebruik te maken van bestaande infrastructuur. Door gerichte maatregelen willen we het aanleggen van nieuwe infrastructuur, zoals een oostelijke rondweg, zo veel mogelijk voorkomen. Dat zit niet alleen in fysieke aanpassingen, maar ook in het verkorten van reisafstanden, waardoor bijvoorbeeld de fiets interessanter wordt. Denk aan werken dichtbij wonen (bijvoorbeeld werklocaties in de wijk) en denk aan realisatie van (winkel)voorzieningen in de grote wijken van de kern Barneveld. Aanpassingen en (forse) ingrepen aan een aantal gebiedsontsluitingswegen in de kern Barneveld (route Lunterseweg) zijn wel nodig om het autogebruik te kunnen afhandelen. Ook na aanpassing blijft er sprake van een hoge verkeersdruk en mogelijk langere reistijden voor degene die met de auto reist en dat accepteren we evenals de gevolgen voor de leefbaarheid. In de kleinere kernen geldt dezelfde lijn: het zo veel mogelijk benutten van de bestaande infrastructuur met aanpassingen indien nodig. Het OV-gebruik neemt in dit scenario toe, maar dan moeten
Net zo belangrijk is de ontwikkeling van een goed netwerk van snelle fietsverbindingen in combinatie met goede oplaadmogelijkheden voor de fiets. We breiden het netwerk van snelle fietsverbindingen tussen de dorpen en de woon-, werken recreatiegebieden versneld en veel verder uit. De (elektrische) fiets moet in al onze kernen het belangrijkste duurzame en gezonder alternatief voor de auto worden. Daarbij speelt veiligheid en gemak een grote rol. In de kernen combineren we dat met een toename van het aantal 30 km gebieden voor de auto en het voorrang geven aan de fiets met verkeerstechnische maatregelen. We zien in 2040 een situatie waarbij het gemiddelde aantal auto’s per inwoner behoorlijk is gedaald en verduurzaamd. Dat betekent dat we ook flankerend beleid ontwikkelen waarbij we ruim baan maken voor verduurzaming van het aanbod. Denk aan laadpleinen, deelfietsen, deelauto’s etc. Verder gaan we parkeernormen verlagen, meer parkeren op afstand toepassen en zien we betaald parkeren en vergunningparkeren als oplossing om gericht autogebruik terug te dringen, waar voldoende alternatieven zijn zoals in de kern Barneveld.
de voorzieningen toereikend zijn. Daarop hebben we geen rechtstreekse zeggenschap, maar we zetten ons er wel voor in om dit bij de andere partijen voor elkaar te krijgen. Voor met name Barneveld en ook Voorthuizen betekent dat dat de capaciteit van de Valleilijn voldoende moet zijn, wil het een volwaardig alternatief zijn voor de auto. Daar hoort ook een opwaardering van station Barneveld Noord naar een intercitystation bij en een nieuw station bij Stroe. Indien een trein naar Stroe niet mogelijk blijkt, is een hoogwaardige busverbinding (HOV-verbinding) tussen Barneveld, Kootwijkerbroek, Stroe en overstappunten op de Veluwe cq bij Foto © Visit regio Barneveld
Omgevingsvisie - De toekomstscenario’s
53
4.5 Nadere uitwerking scenario: VERDER MET BARNEVELD
• We groeien door met maximaal 10.000 woningen erbij tot 2040 (ca. 80.000 tot 85.000 inwoners). We bouwen
minder in Barneveld en Voorthuizen, maar gaan meer in de kleinere kernen bouwen dan dat we nu doen. We werken daarbij veelal met grotere en kleinere uitbreidingslocaties.
• Binnen de onvermijdelijke opgaven voor de landbouw
met betrekking tot natuur, water en CO2 blijft deze zo veel mogelijk de dienst uitmaken in het buitengebied, vanuit de primaire productieketens zoals we die nu kennen.
• Waar mens, natuur en (agrarische) economie elkaar in de weg zitten creëren we vanuit agrarische
perspectief bezien doelmatige buffers waarin
we tegelijk ook water, natuur en klimaatopgaven oplossen.
• Iedere vervoersvorm krijgt, gelet op de majeure groei van inwoners en bedrijven, ruim baan.
• Qua bedrijvigheid gaan we voor groei. We bieden
ruimte voor nieuwe bedrijven en groeiende bedrijven uit de eigen gemeente en we bieden ruimte op het
regionale bedrijventerrein Harselaar voor bedrijven van elders.
Omgevingsvisie - De toekomstscenario’s
54
PRE TT IG
EN RP DO
IN VITA LE VEN LE
PRETTIG LEVEN IN VITALE DORPEN Zeker 5000 woningen gaan we aanvullend op onze bestaande
We zetten in op energiebesparing en alternatieve vormen
plannen en ideeën realiseren (totaal 10.000). Daarbij krijgen de
van energievoorziening. We staan niet open voor extra
kleinere dorpen meer ruimte dan nu om uit te breiden. 30 procent
grootschalige windenergie en zonne-energie staan we
van alle nieuwe woningen gaan we daar realiseren. Onder andere
alleen toe op restgronden (niet op agrarische gronden). We
Stroe en Kootwijkerbroek zijn in beeld om de extra opgave op te
bieden bedrijven volop de ruimte voor andere vormen van
vangen.
duurzame energie, bijvoorbeeld waterstof.
SCENARIO: VERDER MET BARNEVELD
In alle kernen en met name de kern Barneveld is er ruimte voor inbreiding en faciliteren we dergelijke particuliere initiatieven. Voor grootschalige gebiedsontwikkeling zoals bijvoorbeeld in het gebied aan de oostzijde van station Barneveld Centrum, wachten we initiatief vanuit de markt af. Het dorpse karakter is bepalend in de mate van verdichting. Het overgrote deel van de woningen is grondgebonden, in lijn met de kleine en grote nieuwbouwwijken zoals we die nu al kennen. Daar is ook behoefte naar. We werken gericht aan een nieuwe grootschalige uitleglocatie voor de kern Barneveld in combinatie met een rondweg. We bouwen echter ook de kleinere kernen verder uit. Op deze wijze willen we tegemoet komen aan de grote vraag vanuit onze inwoners, maar leveren we ook een grote bijdrage aan de regionale behoefte. De voorzieningen en de openbare ruimte groeien navenant mee in elk dorp. We gebruiken de spreiding van de groei om het draagvlak onder de voorzieningen in met name de kleinere kernen te versterken en daarmee positief bij te dragen aan de leefbaarheid. Binnen de nieuwbouwgebieden worden oplossingen gevonden voor lokale klimaat- en waterproblemen in samenhang met speel- en ontspanningsplekken.
Omgevingsvisie - De toekomstscenario’s
55
RUIM TE
AP CH RS
ONDERNE ME OR VO
RUIMTE VOOR ONDERNEMERSCHAP
Met de extra groei in de kleinere kernen willen we het bestaande voorzie-
Een groei in ruimtelijke mogelijkheden voor bedrijvigheid is nodig om plaats
ningenniveau ondersteunen om een zo’n breed mogelijk aanbod te houden.
te bieden aan bedrijven die zich vanuit de brede regio in Barneveld willen
In de meer toeristisch kernen uiteraard ook geholpen door de toeristen die
vestigen. We zien graag de grotere bedrijven die ook nationaal acteren ko-
onze gemeente weten te vinden.
men, niet alleen vanwege de werkgelegenheid, maar ook voor de economische spin off van dit soort bedrijven en mogelijke verbreding van het eco-
Voor wat betreft de vakantieparken is de inzet gericht op het zo veel moge-
nomisch profiel. Dit kunnen bedrijven zijn die zich ergens vestigen op een
lijk faciliteren van bestaande vakantieparken bij de benodigde kwaliteitsver-
bedrijventerrein, maar evengoed op kantoorlocaties nabij (OV)-knooppunten.
betering. Dat betekent dat we ook groei toestaan, als dat daaraan bijdraagt. We kijken daarbij wel dat dit geen hinder oplevert voor de agrarische sector
SCENARIO: VERDER MET BARNEVELD
Het is ook nodig om de werkgelegenheid goed mee te laten groeien met de
in het buitengebied.
groei van de bevolking. Bedrijven met een doorgroei behoefte worden zoveel mogelijk gefaciliteerd. We hebben niet alleen een groei oostwaarts voor ogen, maar ook westwaarts rond de knoop A30/A1. Deze aanvullende ruimte concentreert zich rondom de kernpunten bij de A30, Harselaar en de A1-zone. Zodoende blijven we ook werken aan een mogelijke toekomst voor de railterminal met de daarbij horende spinoff aan bedrijven in de sterke logistieksector in onze gemeente. Harselaar houdt de identiteit als het regionale bedrijventerrein in Midden-Nederland. Daarvoor is het nodig dat ook een nieuwe aansluiting op de A1 wordt gerealiseerd. Met deze aansluiting en de nieuwe rondweg verbeteren we de bereikbaarheid van ons bedrijventerrein fors en pakken we sluipverkeer rond Stroe en Kootwijkerbroek actief aan. Bedrijventerreinen verduurzamen en maken we klimaatbestendig als we werk met werk kunnen maken. In het buitengebied blijven we ook ruimte bieden aan bedrijven, bijvoorbeeld op vrijkomende agrarische locaties. De groei biedt voldoende basis om de centra in Barneveld en Voorthuizen overeind te houden in een kernwinkelgebied. We hebben specifieke aandacht voor transformatie in de aanloopstraten en bieden geen extra ruimte voor detailhandel daarbuiten in de vorm van wijkwinkelcentra.
Omgevingsvisie - De toekomstscenario’s
56
T
TOPREGIO
BOUW ND LA
STGERIC OM HT E EK O
TOPREGIO TOEKOMSTGERICHTE LANDBOUW Het economisch gebruik van het buitengebied is met name gericht op agrarische bedrijvigheid. We zien toekomst in technologische innovatie en geleidelijke verandering. Het belang van de bestaande gezinsbedrijven en de daaraan gerelateerde werkgelegenheid is groot. Dit betekent dat de huidige agrarische kernge-
SCENARIO: VERDER MET BARNEVELD
bieden vooral hun functie als primaire producent voor de keten behouden. Door innovatieve maatregelen beperken we emissies. Dit wordt financieel haalbaar door fondsen van het rijk en/of op landelijk niveau mogelijk gemaakte afspraken over prijzen in de keten. Mogelijkerwijs kunnen reststromen en mest niet alleen worden ingezet in kringlopen, maar ook worden aangewend voor energieproductie en daarvoor willen we indien mogelijk ook ruimte bieden. Door een uitgekiende wijze van werken wordt het totaal van emissies naar zowel lucht als bodem teruggedrongen. Daarvoor is het noodzakelijk dat de landbouw de ruimte houdt in het buitengebied en de benodigde ruimte voor andere functies in het buitengebied zo klein mogelijk te houden, zodat voldoende grond voor landbouw beschikbaar blijft. Waar bufferzones onvermijdelijk blijken, dienen gronden zoveel beschikbaar te blijven voor passende agrarische productie. Foto © Jan van Uffelen
In dit scenario neemt het aantal bedrijven door natuurlijk verloop af, maar krijgen de resterende bedrijven door areaal-/schaalvergroting en nieuwe technologie een duurzaam bedrijfseconomisch toekomstperspectief.
Omgevingsvisie - De toekomstscenario’s
57
GEZO ND
TUURLIJK NA BA
ELD EV RN
EN
GEZOND EN NATUURLIJK BARNEVELD De kernen breiden uit, maar behouden zo veel mogelijk het dorpse karakter. Sociale cohesie in de kernen en lokale gemeenschappen wordt mede bevorderd door deelname aan sport en cultuur. Het lokale verenigingsleven groeit mee met de kernen en hiervoor zijn passende multifunctionele voorzieningen nodig. Denk aan buurtvoorzieningen, ruimtes voor repetities en trainingen zowel in de binnen- als buitenruimte. Op deze manier houden we toegang tot sport en cultuur ook in de kleine kernen dichtbij
SCENARIO: VERDER MET BARNEVELD
de inwoner. We concentreren dit bij bestaande accommodaties en zetten in op multifunctionaliteit. Bij nieuwe accommodaties hebben we oog voor spreiding over de kernen. De gezondheid verbetert als gevolg van innovatie in de sector en afname van het aantal agrarische bedrijven. Dit komt ondermeer de luchtkwaliteit ten goede. Doordat er meer gebouwd wordt in de kleine kernen wordt de vergrijzing tegengaan en ontstaat er voor jongeren meer perspectief om te kunnen blijven wonen in hun “eigen” kern. Dit vergroot het maatschappelijk netwerk en komt de sociale cohesie ten goede en draagt daarmee bij aan sociaal welbevinden. We lichten mensen actief voor als het gaat om gezondheid en spreken hen aan om zelf hun eigen verantwoordeljikheid te nemen en daarbij ook om te kijken naar een ander binnen de eigen gemeenschap. In samenwerking met provincie en waterschap worden initiatieven ontplooid om de ecologische kwaliteit te verhogen en de leefomgeving klimaat adaptief te maken. Dit werkt door in inrichtingsmaatregelen in zowel stedelijk als landelijk gebied. Aanknopingspunten voor landschappelijke versterking zijn met name gekoppeld aan bestaande landschapstypen. Een belangrijk deel van het buitengebied bestaat uit agrarisch productiegebied.
Daar waar klimaatadaptatie of ecologische versterking samen kan gaan met agrarische bedrijfsvoering wordt dat ruimtelijk en financieel mogelijk gemaakt.
Omgevingsvisie - De toekomstscenario’s
58
BERE IKB
ST OM EK O
U EN IN DE RN T A A
BEREIKBAAR NU EN IN DE TOEKOMST Belangrijk in ons verkeerssysteem zijn drie modaliteiten: auto, trein en fiets. De bus speelt ook een rol, maar die rol is beperkt. Barneveld is en blijft ook gelet op de lage bevolkingsdichtheid en het type werkgelegenheid (“doeners”) een gemeente waar de auto een belangrijke rol blijft spelen. Voor de auto moet de waarde van de A1 en A30 groter worden. De doorstroming en verkeersafwikkeling moeten rondom op- en afritten de komende twee decen-
SCENARIO: VERDER MET BARNEVELD
nia fors worden verbeterd. Indien dat op de A30 niet lukt, is het een mogelijkheid om westelijk van Barneveld een rondweg aan te leggen voor lokaal bestemmingsverkeer. In dit scenario wordt Harselaar verder uitgebreid in oostelijke richting en krijgt Barneveld een grote uitleglocatie erbij aan de zuidoostzijde . Om dat optimaal bereikbaar te maken, leggen we een oostelijke rondweg bij Barneveld aan. Deze rondweg loopt vanaf de woonwijk Veller aan de zuidkant van Barneveld via de rotonde Wesselseweg – Hanzeweg-Zuid naar een nieuw te maken ontsluiting op de A1 nabij de Garderbroekerweg. Vanaf de noordzijde wordt Voorthuizen tegelijkertijd ook ontsloten op dit punt van de A1. Hiermee halen we veel sluipverkeer van de route door Kootwijkerbroek en Stroe en bieden tegelijkertijd een nieuwe ontsluiting voor de grote dorpsuitbreiding van Barneveld en de groeiende kernen Kootwijkerbroek en Stroe. Door de aanleg van deze rondweg voorkomen we verdere groei van verkeer door de kern, hetgeen voorkomt dat de leefbaarheidverslechtert. Daarnaast ontstaat er een robuuste infrastructuur. Ook in de kleine kernen gaan we gericht extra capaciteit creëren om de leefbaarheid te verbeteren. Niet alleen het autogebruik groeit, ook het fietsgebruik neemt toe en dat stimuleren we ook.
We creëren enkele snelfietsroutes tussen de grootste dorpen en werklocaties, onder meer door deze mee te nemen in aanleg van weginfrastructuur. Voor het OV gebruik zien we potentie voor de stations. Veel meer inwoners leidt per definitie tot een groter OV-gebruik. We zetten in op behoud van buslijnen en vergroting op het aanbod per trein.
Omgevingsvisie - De toekomstscenario’s
59
4.6 Samenvatting scenario’s SCENARIO VOORUIT MET BARNEVELD We gaan 8.000 woningen toevoegen. We zetten op concentratie van de groei in Voorthuizen en Barneveld. We zijn zuinig met ruimte en zetten met name in op inbreiding. Dichtheid met woningen neemt toe en we gaan meer de hoogte inbouwen. We gaan aan de slag met omzetting van ingesloten bedrijven en bedrijventerreinen naar woningen om werk te maken van inbreiding. We realiseren nieuwe woonmilieus voor ook andere doelgroepen. We willen daarmee ook de doorstroming aanjagen. Met meer gestapelde bouw, maken we de openbare ruimte wezenlijk groter. Mensen kunnen elkaar hier ontmoeten, spelen en sporten. We maken onze dorpen groener, klimaatadaptiever en energieneutraal en kiezen voor extra inzet daarop.
SCENARIO VERDER MET BARNEVELD We gaan 10.000 woningen toevoegen. We gaan wezenlijk meer sturen op groei in alle kernen, ook de kleine kernen. We bouwen naar behoefte en doen daarom meer met uitbreiding. Voor de kern Barneveld betekent dat een grote nieuwe woonwijk erbij. Wij faciliteren omzetting van bedrijven, als daar vraag naar is vanuit de markt. We bouwen met name voor de doelgroepen die we al hebben. Met de grotere groei kunnen we ook een deel van de regionale behoefte voor onze rekening nemen. De openbare ruimte groeit passend mee met de groei van Barneveld, maar niet meer dan dat. Het leven van mensen speelt zich met name af in eigen huis en tuin en minder in het openbaar gebied. We moeten klimaatadaptief en energieneutraal worden. We volgen de normen die daarvoor gesteld zijn door het Rijk.
We verleggen de focus qua bedrijvigheid: we willen meer hoogwaardige bedrijvigheid, die minder ruimte gebruikt.
We bouwen onze sterke kanten verder uit en faciliteren de bedrijven die we hebben in hun groeiambities.
We groeien niet langer met bedrijventerreinen. Alleen bij verplaatsing zijn er nog mogelijkheden, zodat de groei per saldo nul is. De focus ligt op lokale bedrijven.
Ook het bedrijventerrein groeit mee met de bevolkingsgroei. We breiden Harselaar verder uit, waarbij we ook ruimte bieden voor vraag vanuit de regio.
We willen onze woonwijken verrijken met ook plaatsen om te werken en met goede (winkel) voorzieningen. Zo maken we onze wijken levendiger.
De woonwijken zijn primair bedoeld voor wonen. We gaan terughoudend om met allerlei bedrijvigheid om overlast te voorkomen. Winkels concentreren wij in de bestaande winkelcentra, om deze sterk te houden.
Voor de kleinere kernen geldt dat we een basisvoorzieningenniveau in stand willen houden.
Voor de kleinere kernen willen we het basisvoorzieningenniveau versterken. Dit kan ook door extra groei van inwoners.
We gaan terughoudend om met allerlei bedrijvigheid in het buitengebied. Deze willen we zo veel mogelijkheid daarvan vrijhouden.
We zien het buitengebied als kraamkamer voor allerlei bedrijvigheid vooral op locaties waar boeren stoppen met agrarische activiteiten.
De landbouw verandert in een natuurinclusieve circulaire landbouw die een heel ander verdienmodel krijgt door het verlenen van verschillende soorten diensten.
De landbouw ontwikkelt zich door middels allerlei innovatie en blijf daarmee een sector van betekenis. Het verdienmodel is primair gebaseerd op productie.
Landbouw raakt meer verspreid en is één van de functies in het buitengebied. In een beperkt aantal gebieden kan geexperimenteerd worden met innovatie. Rondom de kernen en langs Natura 2000 maken we groene overgangszones, waarin beperkingen gelden voor de landbouw. We versterken hiermee de natuur en verbeteren de gezondheid (geur en fijnstof op orde). Buiten de overgangszones zijn bodem en water leidend. We vertalen dat door veel meer ruimte te geven aan de beken in het buitengebied en meer natuurontwikkeling. De verdere concentratie van mensen in met name Barneveld biedt kansen voor hoogwaardige cultuur- en sportvoorzieningen en die willen we pakken. We gaan de automobiliteit afremmen en willen de overstap gaan maken naar meer OV-gebruik en fiets. We breiden ons wegennet niet onnodig verder uit. We gaan voor het optimaliseren van het bestaande net. We accepteren een toename in hinder als gevolg van minder doorstroming van autoverkeer. De fiets wordt leidend in onze kernen en krijgt ook alle ruimte. De auto past zich hier op aan. Met minder automobiliteit willen we ook minder parkeerplaatsen in de kernen en op grotere afstand van woningen.
We concentreren de landbouw in de grotere landbouwgebieden, waar landbouw de belangrijkste functie is. De landbouw moet zo veel mogelijk de ruimte houden. Zones houden we zo beperkt mogelijk, waarbij we zorgen dat we aan wettelijke criteria voldoen. We versterken onze beken en de bestaande natuur, maar vinden het belangrijk dat de landbouw zijn rol kan blijven spelen. We willen daarom zo min mogelijk belemmeringen hiervoor. Cultuur en sport vormen een middel om de sociale cohesie te bevorderen. Dorpshuizen en sportaccommodaties vervullen daarin een belangrijke rol en moeten daarin ook gefaciliteerd worden. Alle vormen van mobiliteit zijn nodig om te kunnen groeien. De auto blijft in ons gebied een belangrijke rol spelen. Fiets en OV groeien mee. Met de groei is een robuuster wegennet noodzakelijk. We investeren daarom in extra (rond)wegen. We willen zo veel mogelijk doorstroming om de leefbaarheid in kernen te bevorderen. De fiets is belangrijk, maar niet de enige vervoersmogelijkheid. Auto, fiets en OV moeten op een goede wijze naast elkaar kunnen bestaan. Omdat de auto nodig blijft in Barneveld zijn er ook voldoende parkeerplaatsen nodig. Parkeren voor de deur blijft mogelijk.
5. VERVOLGSTAPPEN VAN DE SCENARIOSTUDIES 5.1 Toekomstverkenningen en geen keuze
van de opgaven en soms ook van onze rol. Via programma’s ontwikkelen we
In een toekomstverkenning is het zaak om met een brede blik naar
externe trends en ontwikkelingen gesignaleerd. De gemeenteraad wordt hierover
dewereld van overmorgen te kijken. In de twee contrasterende scenario’s zijnverschillende werelden geschetst. Deze scenario’s zijn extremer dan we inde werkelijkheid kunnen verwachten. Ze zijn bedoeld om het denken op terekken. Ze mogen daarom schuren en ongemakkelijk zijn. Desondanks zijnscenario’s denkbaar, plausibel, relevant en dus ook verrassend. Omdat allescenario’s denkbaar zijn, mogen we niet kiezen ‘welke het gaat worden’.Allemaal bevatten ze onderdelen waarmee we in de toekomst te makenkunnen krijgen. Wat we wel kunnen doen is er bewust samen mee aan
monitoringstools voor de opgaven. In de strategische verkenning worden
cyclisch gerapporteerd. De raad kan de omgevingsvisie bijstellen zodra zij dit
wenselijk of noodzakelijk acht. Het college doet hiervoor een voorstel. Voor het bijstellen van de omgevingsvisie vereist de Omgevingswet dat de omgeving
actief betrokken wordt. De wijze waarop wordt vooraf met de gemeenteraad afgestemd. De gemeenteraad stelt uiteindelijk een (herijkte) omgevingsvisie vast. Bij het vaststellen van een omgevingsvisie wordt aangegeven hoe
inwoners, bedrijven, maatschappelijke organisaties en bestuursorganen bij de voorbereiding zijn betrokken en wat de resultaten daarvan zijn.
de slag gaan. Het verkennende gesprek voeren over omgevingsscenario’s moetleiden tot een groter inzicht in de consequenties van veranderingen en de impact ervan op de samenleving en de leefomgeving.
5.2 Betaalbaar houden van onze ambities Niet alleen de ruimte, maar ook de middelen zijn schaars. De gemeente moet
de kosten en investeringen inpassen in de budgetten die daarvoor beschikbaar zijn. Bekostiging is vooral gekoppeld aan programma’s en projecten. We
bestuderen de mogelijkheid tot meer integrale sturing vanuit de opgaven en
gebiedsprogramma’s. Samenwerken en gezamenlijk uitvoering geven aan en investeren in de opgaven door diverse partijen is daarom noodzakelijk.
5.3 Nooit af.. Een omgevingsvisie is nooit af. Door samen aan de slag te gaan met de
opgaven, veranderen deze in de tijd. Nieuwe inzichten en veranderingen in
de maatschappij, de markt en/of onze eigen organisatie vragen om bijstelling
Omgevingsvisie - De toekomstscenario’s
61