voorkeurscenario Omgevingsvisie Barneveld 2040
Tekst van het document
Omgevingsvisie Barneveld 2040 Het Voorkeursscenario
Concept versie 231019 1
4.2.
Participatie ................................................................................. 34
4.3.
Omgevingseffectrapportage ...................................................... 35
Omgevingsvisie Barneveld 2040................................................................. 3
4.4.
Bestaand beleid ......................................................................... 36
Het Voorkeursscenario ............................................................................... 3
4.5.
Verkenning uitvoerbaarheid ..................................................... 36
Inhoudsopgave
1.
2.
3.
4.
Inleiding............................................................................................... 3
5.
De route naar een volledige omgevingsvisie .................................... 37
1.1.
Doel en beperkingen van het voorkeursscenario ...................... 3
5.1.
Hoe verder? ............................................................................... 37
1.2.
Leeswijzer .................................................................................... 3
5.2.
De planning voor het vervolg .................................................... 38
De opgave voor Barneveld.................................................................. 4 2.1.
Samenvatting Leefomgevingsfoto .............................................. 4
2.2.
Het DNA van de gemeente Barneveld........................................ 5
2.3.
De indeling in deelgebieden ....................................................... 6
2.4.
De regionale context ................................................................... 7
2.5.
De vijf opgaven voor Barneveld ................................................. 9
6.
Samenvatting Voorkeursscenario...................................................... 39
Bijlagen
Het voorkeursscenario ...................................................................... 11 3.1.
De ambitie voor Barneveld in 2040 .......................................... 11
3.2.
Gezond en toekomstbestendig Barneveld ............................... 12
3.3.
Prettig leven in vitale dorpen ................................................... 17
3.4.
Ruimte voor ondernemerschap................................................ 21
3.5.
Waardevol Landelijk Gebied..................................................... 25
3.6.
Bereikbaar nu en in de toekomst ............................................. 26
Verantwoording ................................................................................ 33 4.1.
Proces van totstandkoming ...................................................... 33 2
Omgevingsvisie Barneveld 2040
Wat is een omgevingsvisie? Voor de Omgevingswet is elke gemeente in Nederland verplicht een omgevingsvisie vast te stellen. De gemeenteraad stelt de omgevingsvisie vast
Het Voorkeursscenario
Art 3.2. van de Omgevingswet geeft aan wat de omgevingsvisie moet bevatten: a. een beschrijving van de hoofdlijnen van de kwaliteit van de fysieke leefomgeving, b. de hoofdlijnen van de voorgenomen ontwikkeling, het gebruik, het beheer, de bescherming en het behoud van het grondgebied, c. de hoofdzaken van het integrale beleid voor de fysieke leefomgeving.
1. Inleiding De gemeente Barneveld werkt aan een nieuwe omgevingsvisie. De visie bevat de hoofdlijnen van het beleid voor de fysieke leefomgeving op de lange termijn. Het voorkeursscenario is een tussenstap die de contouren weergeeft. De kern van het voorkeursscenario vormt hoofdstuk 3 dat voor elk van 5 hoofdopgaven de keuzes beschrijft voor de ontwikkelrichting van Barneveld op de lange termijn tot 2040. Het voorkeursscenario beschrijft de kijkrichting van de gemeente: wat willen we, wat zijn onze ambities? En dat per opgave voor de periode tot 2040. Soms kijken we ook voorbij dat jaartal. Als het voorkeursscenario is vastgesteld, is de uitwerking naar de ontwerpomgevingsvisie de volgende stap. Hoofdstuk 5 beschrijft dat proces. Volgens de planning stelt de gemeenteraad de omgevingsvisie voor de gemeente Barneveld eind 2024 vast.
1.1.
Doel en beperkingen voorkeursscenario
van
het
Het voorkeursscenario is een essentiële stap op weg naar de omgevingsvisie. Er zijn hierna vijf hoofdopgaven gedefinieerd. Voor elk van die vijf hoofdopgaven bevat het voorkeursscenario de ambities van de gemeente tot 2040. Er is beschreven wat de gemeente Barneveld wil. Er staat ook nog veel niet in dit voorkeursscenario. Zo is de confrontatie nog niet gezocht tussen de ambities van iedere hoofdopgave. Zo’n confrontatie brengt dilemma’s en botsingen in beeld, en dat gebeurt in de volgende stap. Daaruit wordt helder wat belangrijk is en waar de prioriteiten liggen. Op dat moment moet ook duidelijkheid ontstaan over de rolverdeling tussen
De omgevingsvisie moet bijdragen aan het maatschappelijk doel van de Omgevingswet, (art. 1.3 Ow): “Deze wet is, met het oog op duurzame ontwikkeling, de bewoonbaarheid van het land en de bescherming en verbetering van het leefmilieu, gericht op het in onderlinge samenhang: a. bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit, ook vanwege de intrinsieke waarde van de natuur, en b. doelmatig beheren, gebruiken en ontwikkelen van de fysieke leefomgeving ter vervulling van maatschappelijke behoeften.”
gemeente en samenleving. De volgende stap bevat bovendien nader onderzoek naar de uitvoerbaarheid van de ambities: bijvoorbeeld naar de beschikbaarheid van capaciteit en middelen. Een eerste verkenning naar de uitvoerbaarheid is al wel gedaan. Het voorkeursscenario formuleert het wensbeeld. Welke richting willen we in Barneveld op de lange termijn? Dat staat in dit document. Deze ambities zijn uitdrukkelijk niet bedoeld als eisen waaraan elke ontwikkeling in Barneveld moet voldoen. Dat zou namelijk betekenen dat er niets meer tot stand komt. De ambities moeten worden opgevat als een streven: bij iedere ontwikkeling kijkt de gemeente hoe we zoveel mogelijk van die ambities kunnen verwezenlijken, passend bij de vraag en de locatie. Met andere woorden: de ambities zijn niet absoluut, maar onderdeel van de afweging.
1.2.
Leeswijzer
De inleiding introduceert het voorkeursscenario als tussenstap op weg naar de omgevingsvisie. Dit hoofdstuk beschrijft ook de beperkingen van het document.
3
Hoofdstuk 2 valt in twee delen uiteen. Het eerste deel schetst de opgave voor de gemeente, met een beschrijving waar Barneveld nu staat, een zogeheten leefomgevingsfoto. Het beschrijft daarnaast hoe Barneveld zich naar verwachting ontwikkelt bij ongewijzigd beleid en ongewijzigde trends. Tot slot vindt u in 2.3 een beschrijving van de kenmerken van de veelkleurige en uitgestrekte gemeente Barneveld. Wat is het DNA van onze gemeente? Het tweede deel introduceert de vier deelgebieden van de gemeente. In de uitwerking naar de ontwerp omgevingsvisie speelt deze indeling een belangrijke rol. Aansluitend gaat paragraaf 2.5 in op de regionale context. Barneveld bepaalt het beleid immers in samenhang met de omgeving, denk bijvoorbeeld aan beleid van het Rijk of de provincie. Ook hebben keuzes van buurgemeenten invloed. Het hoofdstuk sluit af met de presentatie van de vijf hoofdopgaven van de gemeente Barneveld. Hoofdstuk 3 is het hart van dit document: de uitwerking van het voorkeursscenario voor ieder van de vijf hoofdopgaven In hoofdstuk 4 verantwoordt de gemeente vervolgens de werkwijze die heeft geleid tot de keuzes in hoofdstuk 3. Het hoofdstuk bevat een beschrijving van de totstandkoming van het voorkeursscenario, met een procesbeschrijving, en de rol van bijvoorbeeld burgerparticipatie hierin.
Daarnaast gaat het hoofdstuk in op de omgevingseffectrapportage, op de rol van het huidige beleid en op de verkenning naar de uitvoerbaarheid. Hoofdstuk 5 geeft inzicht in de route naar de volledige omgevingsvisie. Daarin staat ook de planning. Een samenvatting is tot slot opgenomen in hoofdstuk 6.
2. De opgave voor Barneveld Het voorkeursscenario concentreert zich op vijf hoofdopgaven voor de gemeente Barneveld op de langere termijn. Het gaat om de volgende opgaven: 1
1. 2. 3. 4. 5.
Gezond en toekomstbestendig Barneveld Prettig leven in vitale Dorpen Ruimte voor ondernemerschap Waardevol landelijk gebied Bereikbaar nu en in de toekomst.
Om de opgave helder te krijgen is onder meer een leefomgevingsfoto (LOF) opgesteld. Een LOF is tegelijkertijd een inventarisatie voor de milieueffectrapportage, in Barneveld verbreed tot omgevingseffectrapportage (OER).1
2.1.
Samenvatting Leefomgevingsfoto
De eerste stap van de OER is het verkrijgen van een goed beeld van de huidige en toekomstige staat van de leefomgeving in Barneveld. Dit is onderzocht per thema en aspect. Ieder aspect sluit af met een beoordeling in een trendgrafiek. De leefomgevingsfoto is een uitwerking van de volgende tien thema’s: ➢ ➢ ➢ ➢ ➢ ➢ ➢ ➢ ➢ ➢
Bodem, water, en ondergrond Natuur Klimaatbestendigheid Ruimtelijke kwaliteit Energie en grondstoffen Gezonde leefomgeving Gezondheid en welzijn Vitale woonomgeving Mobiliteit Economie en werk
De actuele staat van de gemeente Barneveld is goed te beschrijven met publieke meetgegevens of onderzoeksrapporten, zoals publicaties van het CBS, de GGD en het RIVM. Toekomstige ontwikkelingen zijn lastiger, wegens onzekerheden over technologische vooruitgang, sociaaleconomische trends en andere aspecten. Bandbreedtes en trendgrafieken bij de beoordeling van de thema’s maken deze onzekerheid
Zie hierover ook de voetnoot op pagina 33.
4
zichtbaar in de grafieken. De bandbreedte is soms ruim, maar geeft een trend aan. Figuur 2.1 (= figuur 3.96 uit de LOF) vat de huidige situatie en de referentiesituatie uit 2040 samen. De huidige situatie toont de beoordeling van de status van het thema in het heden. De referentiesituatie geeft per aspect de verwachting weer bij ongewijzigd beleid. De referentiesituatie wordt weergegeven door een balk die de verwachte bandbreedte van de beoordeling van het thema in de toekomst (2040) weergeeft. Een bandbreedte wordt weergeven, omdat er nu eenmaal sprake is van onzekerheid. Uit de bandbreedte kan de een trend worden afgeleid. Dat is de trend bij ongewijzigd beleid. Met andere woorden, de grafiek toont de verwachte ontwikkeling tussen nu en 2040, zonder invloed van een Omgevingsvisie. (Zie volledige LOF in Bijlage D). Het dwarsbalkje, door de balk met de bandbreedte heen, geeft de huidige situatie aan.
2.2.
Het DNA van de gemeente Barneveld
De toekomstscenario’s (Bijlage E) beschrijven de identiteit van de gemeente Barneveld. De gemeente komt daaruit tevoorschijn als een veelkleurige, actieve en ondernemende gemeente met negen unieke dorpskernen. Het toekomstscenario werkt deze karakteristieken vervolgens uit voor alle kernen van de gemeente Barneveld. Die beschrijving vormt het uitgangspunt voor dit voorkeursscenario. Op deze plaats kan worden volstaan met een verwijzing naar die tekst. In aanvulling op de toekomstscenario’s organiseerde de gemeente intern een themasessie om dieper in te gaan op het DNA van Barneveld, en op de aspecten die een rol moeten spelen in de keuzes in de omgevingsvisie. Daarin kwam naar voren dat de gemeente Barneveld bestaat uit hechte en krachtige gemeenschappen, met een rijk verenigingsleven. Het kerkelijk leven speelt in de gemeente een belangrijke rol. De gemeente kenmerkt zich daarnaast door een agrarisch karakter. Zelf- en samenredzaamheid staan hoog in het vaandel. Tegelijkertijd wordt het in de gemeente Barneveld steeds moeilijker voldoende vrijwilligers te vinden. Daarom kan het als een opgave worden gezien de zelf- en samenredzaamheid te behouden. Het is allerminst vanzelfsprekend. Verder blijkt dat belangrijke kenmerken als
Figuur 2.1: grafiek vat de referentie samen van de huidige situatie en die van 2040 gastvrijheid en behulpzaamheid vooral binnen de eigen kring invulling kennen. Dat is op zichzelf niet erg, maar kan voor de samenleving als geheel tot gevolg hebben dat de draagkracht daarvan kleiner is dan mogelijk. Uit de participatie blijkt een zekere angst dat een forse groei van de gemeente leidt tot een verlies van de eigen identiteit. Tegelijkertijd voert de aanzienlijke instroom van buiten tot een toename van de diversiteit in de samenstelling van de bevolking. In dat verband is de term veelkleurig op dit moment nog geen onderscheidend aspect van de identiteit van de gemeente Barneveld en haar inwoners. Zo divers is de samenstelling van de bevolking in Barneveld niet. Ondernemerschap is dat wel. In de
5
participatie werd benoemd dat de gemeente Barneveld zich onderscheidt door experimentele doeners met een hoog arbeidsethos. Kenmerkend is tot slot dat de gemeente op een kruispunt ligt van vervoer en verkeersaders in het midden van Nederland. Met andere woorden: Barneveld ligt zeer strategisch. Tegelijkertijd is de gemeente een verblijfplaats voor rustzoekers.
2.3.
De indeling in deelgebieden
Barneveld is op dit moment ruimtelijk gezien op te delen in vier deelgebieden, van oost naar west: 1. De Veluwe, met Kootwijk en Garderen; ➢ een hooggelegen en uitgestrekt dekzandgebied, met grootschalige natuur en het typische Veluwelandschap. Het gebied met de twee kernen Kootwijk en Garderen kent van oudsher een toeristisch karakter met bijbehorende recreatieve voorzieningen. 2. Het oostelijk buitengebied met de kernen Kootwijkerbroek en Stroe: ➢ het begin van de Vallei vanaf de Veluwe bezien, met de bovenloop van de beken die van oost naar west lopen. Van oorsprong een ontginningslandschap. Vanwege de ligging aan de rand van de Veluwe en de oude Rijksweg Amersfoort-Apeldoorn heeft het gebied aan de noordzijde van de A1 veel meer een recreatieve invulling, terwijl het zich aan de zuidzijde van de A1 veel meer agrarisch ontwikkeld heeft, met veel hokdierbedrijven. 3. De verstedelijkte as met Barneveld, De Harselaar en Voorthuizen; ➢ midden in de Vallei liggen de twee grootste kernen van de gemeente. Voorthuizen en Barneveld zijn van oudsher goed ontsloten en zijn in de loop van de jaren het meest gegroeid. Tussen de beide kernen bevindt zich het bedrijventerrein De Harselaar, dat zich vanaf de jaren 70 heeft ontwikkeld langs de A1. In dit gebied liggen diverse beekdalen. 4.
Het westelijk buitengebied, met Zwartebroek, Terschuur en De Glind: ➢ het meest laaggelegen gebied binnen de gemeente en landschappelijk gezien kleinschaliger dan het oostelijk
buitengebied. Met verspreid agrarische bedrijven, landgoederen, kleine kernen, waardevol landschap en kleinere natuurgebieden. Zie de basiskaart op pagina 8. Deze kaart toont de bestaande situatie en typering. De omgevingsvisie zelf kijkt straks naar de toekomst. Daarin komt een nieuwe kaart die deze uitgangssituatie vertaalt en uitwerkt naar een visualisatie van de toekomst richting 2040. In die uitwerking zal worden gewerkt met de zogeheten lagenbenadering. Langs die route werkt de gemeente de basiskaart uit in een visiekaart, die gebiedsgericht keuzes toont over de uitwerking van het voorkeursscenario. Voor de kaart hanteert de gemeente vier lagen: 1. De natuurlijke ondergrond. 2. De netwerken in of op de grond. 3. De functies op de grond. 4. de samenleving. Voor die vierde laag, de laag van de samenleving, spelen de opgaven zich vooral af op het niveau van wijken en buurten. Een indeling in vier hoofdgebieden is daarvoor te grofmazig. Op het niveau van wijken en buurten zien we belangrijke verschillen, bijvoorbeeld op gebied van gezondheid. Daarom is het nodig op dat niveau met inwoners samen te werken aan een betere inrichting van de fysieke leefomgeving. Het voorkeursscenario voor het thema Gezond en toekomstbestendig Barneveld (zie verder paragraaf 3.2.1.) bespreekt de vraag wat dit betekent voor onze blik op de fysieke leefomgeving en de inrichting ervan.
Vooralsnog is de vierde laag gebaseerd op de wijkindeling van de GGD. Met de lagenbenadering werkt de gemeente de opgaven, doelen en ambities uit op gebiedsniveau. Daarbij zoomen we regelmatig in, om per gebied richting te bepalen in de omgevingsvisie. Dat betekent dat de indeling in de vier deelgebieden van de omgevingsvisie is uitgewerkt tot een gedetailleerde visiekaart waarin de structurerende keuzes zichtbaar zijn.
6
2.4.
De regionale context
De gemeente Barneveld ligt centraal in Nederland in een gebied met een hoge dynamiek en met grote opgaven in de fysieke leefomgeving: 1. De bevolking in Nederland groeit en die druk wordt zeker in dit deel van Nederland sterk gevoeld. De gemeente Barneveld participeert in twee gebieden waarvoor afspraken worden gemaakt over de demografische ontwikkeling. Dit zijn Utrecht-Amersfoort en het gebied ArnhemNijmegen, met de Foodvalley. De afspraken gaan over woningbouw, en over de noodzakelijke groei in werkgelegenheid, infrastructuur en andere voorzieningen. 2. Er is meer ruimte nodig voor de natuur en voor de landbouw. Dit heeft twee doelen. Allereerst om de kwaliteit van de natuur te verbeteren (de stikstofopgave is daar een onderdeel van). En tegelijkertijd om toekomstperspectief te bieden aan de agrarische sector in de regio Foodvalley. De landbouw heeft een transitieopgave, bijvoorbeeld voor kringlopen, extensivering en beperking van uitstoot. Tegelijkertijd bestaat de opgave economisch perspectief te bieden aan de hele keten. Hierbij is het belangrijk oog te hebben voor de sociaaleconomische impact van toekomstige verandering voor de mensen die het betreft. 3. De derde opgave gaat over verduurzaming: zuiniger omgaan met wat de aarde biedt. Dat betekent ruimte voor duurzame energie, voor een meer circulaire economie en aanpassing aan de klimaatverandering.
Dit reikt verder dan de gemeente Barneveld. We zien in toenemende mate dat de schaal van de regio bepalend is voor deze opgaven, en dat het nodig is afspraken te maken met andere overheidslagen, zoals Rijk, provincies en waterschappen. Bovendien is het beleid op dat niveau vaak maatgevend voor een gemeente als Barneveld. De afspraken tussen de partijen in de regio zijn in belangrijke mate kaderstellend voor ons ruimtelijk beleid. Tegelijkertijd vormt ons eigen ruimtelijk beleid ook input voor de regio waar we deel van uitmaken. Met de Hoofdlijnennotitie (2021) laat Barneveld onze partners helder zien waarvoor de gemeente staat, en de omgevingsvisie geeft daaraan een passend vervolg.
7
8
2.5.
De vijf opgaven voor Barneveld
Voor de gemeente Barneveld zijn vijf bestuurlijke hoofdopgaven vastgesteld. Dit zijn achtereenvolgens: • Een passende ontwikkeling van Barneveld Waar het prettig wonen, werken, vervoeren en samenleven is. • Een duurzaam Barneveld Met een gezonde en fijne omgeving in te leven, nu en in de toekomst. • Een waardevol landelijk gebied Met perspectief voor de landbouw en werken aan transitie landelijk gebied en natuur- en landschapsherstel. • Een open en bereikbare gemeente Die er voor Barneveld is, goed luistert naar onze inwoners, samenwerkt, uitgaat van de eigen kracht van inwoners en hen ondersteunt daar waar dat nodig is. • Iedereen doet mee Waar iedereen ertoe doet en gelijke kansen krijgt. Om deze bestuurlijke hoofdopgaven aan te pakken worden tien programma’s opgesteld. Vijf van die programma’s hebben betrekking op de fysieke leefomgeving, en vallen samen met de vijf hoofdopgaven van dit voorkeursscenario. Dit voorkeursscenario en daarna de omgevingsvisie, legt de beleidsgrondslag onder elk van de vijf programma’s voor de leefomgeving. De vijf hoofdopgaven voor de fysieke leefomgeving worden in deze paragraaf uitgediept. De bestuurlijke hoofdopgaven hebben grote invloed op de doelen en ambities voor de fysieke leefomgeving in dit voorkeursscenario .
Het is dan ook belangrijk de opgaven voor de leefomgeving in de gemeente Barneveld nauwkeurig uit te werken en scherp neer te zetten. Als vertrekpunt voor het voorkeursscenario gaat deze paragraaf daarom dieper in op de opgaven. De eerste die we bespreken is de opgave gezond en toekomstbestendig Barneveld. Gezond en toekomstbestendig Barneveld
“Van de Veluwe tot het Paradijs; Barneveld heeft veel natuur(lijke) waarden. Deze waarden zijn niet alleen belangrijk voor de natuur, maar ook voor ons Barnevelders en de vele mensen die onze gemeente komen bezoeken: het houdt ons fysiek en mentaal gezond. Juist onze natuurlijke waarden hebben aandacht nodig voor het verbeteren van de biodiversiteit en een gezonde leefomgeving voor mens en dier nu en in de toekomst. Het verdient een plek tussen onze ambities voor meer woningen, meer bedrijven en ruimte voor de landbouw. Daarbij speelt het veranderende klimaat ook een grote rol. Wat we niet zien, maar wel horen, ruiken en soms voelen is het effect van onze behoefte om te produceren. Geluid en luchtkwaliteit hebben invloed op onze gezondheid; dat heeft dus ook aandacht nodig.” De formulering van deze opgave is gewijzigd. Sprak de gemeente eerst van een gezond en natuurlijk Barneveld, nu gaat het om een gezond en toekomstbestendig Barneveld. Zoals blijkt uit de beschrijving in de toekomstscenario’s kijkt dit thema breder dan alleen naar gezondheid en natuur. Het gaat ook in op circulariteit, biodiversiteit, een gezonde leefstijl door sport en beweging, cultuurparticipatie en ruimte voor ontmoeting. Ook de ambities op het gebied van duurzaamheid zijn in deze opgave opgenomen.
In de opgave Gezond en toekomstbestendig Barneveld komt het maatschappelijk doel van de Omgevingswet bij uitstek tot uiting. Daarom heeft deze opgave aanzienlijke invloed op de overige vier hoofdopgaven in Barneveld. In veel opzichten zijn de doelen en ambities van deze opgave randvoorwaarde voor de realisering van de doelen en ambities van de overige hoofdopgaven. Daarom komt deze opgave het eerst aan bod in het voorkeursscenario. De opgave gezonde leefomgeving is een belangrijk element van de Omgevingswet. Hier benaderen wij gezondheid vanuit het begrip positieve gezondheid. Het gaat over de volgende aspecten: fysieke gezondheid, mentale gezondheid, kwaliteit van leven, zingeving, dagelijks functioneren en meedoen.
De toekomstscenario’s zeggen daarover:
9
Positieve gezondheid Hier wordt gezondheid niet gezien als de af- of aanwezigheid van ziekte, maar als het vermogen met de fysieke, emotionele en sociale levensuitdagingen om te gaan en zoveel mogelijk eigen regie te voeren.
Prettig leven in vitale dorpen De toekomstscenario’s vermelden het volgende over Prettig leven in vitale dorpen: “Leven is veel meer dan alleen wonen, en tegelijkertijd neemt een passende, fijne woning een belangrijke plaats in ons leven in. In dit thema is wonen dan ook de rode draad. Met vitale dorpen bedoelen we dorpen die voorzien zijn en blijven van voorzieningen, om zo de cultuur en identiteit te behouden. De gemeente Barneveld kent een aanzienlijke groeiopgave: de druk op de woningmarkt is groot door de stevig groeiende en veranderende bevolking. Dat heeft consequenties: hoe gaan we die groei inbedden in onze samenleving, hoe zorgen we voor voldoende woningen, die tegelijk aansluiten bij een veranderende behoefte? Denk bijvoorbeeld aan vergrijzing. En hoe zorgen we ervoor dat de woningen goed bereikbaar zijn en het straatbeeld toch niet alleen draait om autobezit? In deze opgave gaat het om wonen, meegroeien van voorzieningen voor onderwijs, cultuur, sport, en ontmoeten. En daarmee ook om meegroeien van de openbare ruimte. Groei gaat niet alleen over nieuw, maar raakt ook bestaand. De bestaande leefomgeving kent zijn eigen opgave: hoe houden we deze vitaal of hoe krijgen we deze vitaal en toekomstbestendig. Hier ligt een duidelijke relatie met de opgave Gezond en toekomstbestendig Barneveld). Met duidelijk ook een gebiedsgerichte component.
De kleine kernen kennen bijvoorbeeld een andere opgave voor voorzieningen dan de grote kernen Barneveld en Voorthuizen. In de ene wijk is meer te doen aan gezondheid dan in de andere. Demografische ontwikkelingen en sociale aspecten spelen hierin een belangrijke rol.
Ruimte voor ondernemerschap De toekomstscenario’s beschrijven deze opgave als volgt:
“Barneveld is een ondernemende gemeente waar veel en hard gewerkt wordt. We leveren een grote bijdrage aan de regionale economie en we herbergen bedrijven met een internationaal werkgebied. Onze ondernemerszin leidt tot een doorlopende behoefte aan plekken om een bedrijf te kunnen vestigen of uitbreiden, zowel klein als groot. Dit leidt tot banen en daarmee een behoefte aan medewerkers. Daarnaast merken we ook druk van buiten Barneveld van bedrijven om zich hier te vestigen. Ook zij moeten een plek kunnen vinden in onze gemeente. Tegelijkertijd moeten we rekening houden met de gevolgen van meer bedrijven. Wat betekent het voor onze bereikbaarheid, voor geluidsoverlast of hoe onze omgeving er uit ziet. Ondernemen is belangrijk, maar met een gezond oog voor de leefomgeving.” Een gunstig vestigingsklimaat voor bedrijven en een gezonde werkgelegenheid staan centraal in dit thema. Daarbij moet de gemeente keuzes maken vanwege de schaarse ruimte. Van belang is daarnaast aandacht en ruimte voor ondernemerszin in en rond de kleine kernen. Dit thema gaat bovendien in op vitale dorpscentra waar ondernemerschap floreert en bezoekers genieten van cultuur, winkels en horeca. En tot slot bespreekt dit thema de thema’s waarmee we bezoekers naar de centra willen trekken, vooral Barneveld en Voorthuizen.
Waardevol landelijk gebied Deze opgave is opnieuw geformuleerd ten opzichte van de toekomstscenario’s, vanuit het inzicht dat de opgave voor het landelijk gebied meer is dan alleen de ambitie van een toekomstgerichte landbouw. Dat laatste aspect is voor de gemeente een belangrijk onderdeel van de visie en ambities voor het landelijk gebied. Voor de volledigheid de tekst uit de toekomstscenario’s: “Zonder onze veelzijdige agrarische sector was Barneveld niet geworden wat het nu is. Naast een prachtige historie is ook een goede toekomst voor de agrarische sector van belang. We weten en ervaren dat een goede toekomst voor de landbouw veel van ons vraagt. Het verdienmodel staat onder druk, de balans met het natuurlijk systeem vraagt verbetering en de impact van grootschalige ziektes in de veehouderij is groot, sociaal en economisch. Nederland staat voor een grote ingreep in het landelijk gebied
10
en de Gelderse Vallei met Barneveld als agrarisch kerngebied neemt daar een grote rol in. In dit thema gaat het over de toekomst van de landbouw in relatie tot de brede leefomgeving.”
gezien de groei van Barneveld. Dat betekent ook dat deze visie op hoofdlijnen een fundamentele keuze maakt over de Oostelijke rondweg van Barneveld.
Naast een focus op de toekomst van de landbouw, is een visie noodzakelijk op een scala aan aspecten rond het landelijk gebied. Denk aan zaken als water, natuurbehoud en natuurontwikkeling, uitstoot en depositie van stoffen, ruimte voor passende alternatieve economische dragers, de vitale verdere ontwikkeling van toerisme en recreatie. Al deze aspecten verdienen een evenwichtige onderlinge afweging om de juiste keuzes te maken voor Barneveld.
De toekomstscenario’s aangevuld met deze vijf thema’s vormen het uitgangspunt voor de uitwerking van de omgevingsvisie.
Bereikbaar nu en in de toekomst De toekomstscenario’s geven hierover de volgende beschrijving:. “De auto speelt een belangrijke rol in Barneveld. Belangrijk voor de vele ZZP-ers om hun werkzaamheden te kunnen uitvoeren, belangrijk voor bewoners bij hun maatschappelijke activiteiten en belangrijk voor werkenden en toeristen om zich naar, van en binnen de gemeente Barneveld te kunnen verplaatsen. Dit heeft echter een keerzijde. Al onze dorpen ervaren in verschillende mate al overlast door verkeer en dat neemt toe met de groei van onze gemeente. Dat brengt opgaven met zich mee, ook omdat we willen dat onze kinderen veilig fietsend naar school of naar een station kunnen. Voor diegene die afhankelijk is van de bus en de trein is het fijn als deze ook bereikt en benut kan worden. Het gaat vooral om de bereikbaarheid van onze dorpen, de voorzieningen in de dorpen en het gemak waarmee we naar andere plekken in de regio en de rest van Nederland kunnen komen. Een goede toekomst van onze bereikbaarheid – fiets, OV en auto - heeft aandacht nodig.” Een goede bereikbaarheid is een centraal punt voor de gemeente. En wel op een veilige manier in het bijzonder voor de kwetsbare verkeersdeelnemer, de voetganger, de fietser en de mensen met een beperking. De gemeente richt zich daarnaast op de ontwikkelingen in mobiliteit in een breder perspectief en de gevolgen daarvan voor Barneveld.
Dit betekent aandacht voor wensen en potenties van het ov in de stationsomgevingen van Barneveld. Een belangrijk aandachtspunt voor bereikbaarheid is voldoende capaciteit voor de verwerking van het verkeer,
3. Het voorkeursscenario Dit hoofdstuk beschrijft het voorkeursscenario voor elk van de hoofdopgaven afzonderlijk. Soms met een keuze voor een van beide toekomstscenario’s, maar vaker een variant erop. Daarnaast is soms een gebiedsgerichte uitwerking gemaakt. Elke keuze krijgt een korte toelichting. Eerst beschrijft paragraaf 3.1. de overkoepelende ambitie van de gemeente Barneveld in 2040. Deze brengt de essentie samen van het voorkeursscenario voor elk van de hoofdopgaven.
3.1.
De ambitie voor Barneveld in 2040
In 2040 bestaat de gemeente Barneveld uit een gezonde, inclusieve en vitale samenleving, met divers samengestelde wijken, waarin de generaties zodanig samenleven er sociale samenhang is, waarin mensen naar elkaar omzien, dat vergrijzing wordt opgevangen en zorg wordt gedeeld. Deze samenleving kenmerkt zich daarmee door zelf- en samenredzaamheid. Inwoners hebben voldoende bestaanszekerheid en de gezondheidsverschillen tussen wijken en buurten zijn kleiner dan in de eerste kwart van de eeuw. Ingezet is op de vitaliteit van elke kern. Dat betekent dat elke kern beschikt over een passend voorzieningenaanbod (denk bijvoorbeeld aan een supermarkt of ontmoetingsplekken) en dat in elke kern heeft nieuwbouw plaatsgevonden, zodat sprake is van wezenlijke groei. In totaal zijn er in 2040 8000 nieuwe woningen bijgebouwd, in de kernen en daarbuiten. Onze wijken zijn groen en klimaatbestendig ingericht en beschikken over een robuuste groene buitenruimte. Mede met het oog daarop heeft in de grotere
11
kernen meer hoogbouw (tot 6 lagen) plaatsgevonden. De energietransitie is voor een groot deel voltooid.
b) doelmatig beheren, gebruiken en ontwikkelen van de fysieke leefomgeving ter vervulling van maatschappelijke behoeften.”
Met een robuuste structuur van rondwegen en radialen rond de kernen Barneveld en Voorthuizen is de gemeente goed bereikbaar. De oostelijke rondweg is ingepast in het landschap. Deze weg is geen eindpunt, maar maakt verdere groei van Barneveld na 2040 mogelijk. en de auto heeft een belangrijke plaats in het vervoer. Maar intussen worden alternatieve vormen van vervoer steeds zichtbaarder.
Streven naar gezondheid en duurzaamheid is daarmee een belangrijk uitgangspunt, ook voor deze omgevingsvisie. De gemeente hecht belang aan deze onderwerpen, onder andere vanwege de ligging, centraal in Nederland aan en op de Veluwe, tussen twee drukke snelwegen en een landelijk gebied met agrarische bedrijven. Klimaatverandering, schone lucht, geluid, beschikbaarheid van grondstoffen, aanwezigheid van voorzieningen en groen in de gemeente zijn van belang voor een gezonde en duurzame samenleving.
Op de kwalitatief ingerichte bedrijventerrein zijn het innovatieve bedrijven die veel werkgelegenheid bieden, vooral in sectoren waarin Barneveld zich vanouds onderscheidt, zoals maakindustrie en agrofood. Ook de winkelcentra floreren, met veel mogelijkheid tot ontmoeten, waardoor ook gasten de weg naar de gemeente Barneveld goed weten te vinden. Binnen beschermde of herstelde waardevolle landschappen en landschapstypen, waterlopen en natuur (groenblauwe structuren) bestaat een aantrekkelijk gebied voor mens, plant en dier. Daarbinnen heeft de bloeiende en innovatieve agrarische sector op passende plekken een duurzame en toekomstbestendige plaats, in evenwicht met de omgeving.2
Uitgangspunt van het voorkeursscenario is dat de ontwikkelingen in beginsel positief bijdragen aan de duurzame leefomgeving en aan de gezondheid van de inwoners van Barneveld. In beginsel wil zeggen dat het een streven is. Gezien alle belangen is dit resultaat niet altijd te realiseren. In de omgevingsvisie zal meer inzicht worden gegeven aan het per gebied bieden van een afwegingskader. De onderwerpen gezond en toekomstbestendig hebben raakvlakken met de overige thema’s. Voor een deel vallen deze onderwerpen daarom onder de overige thema’s.
Deze ambitie is hierna in 5 hoofdopgaven uitgewerkt.
3.2.
Gezond en toekomstbestendig Barneveld
De Omgevingswet noemt gezondheid en duurzaamheid als belangrijke uitgangspunten. Art. 1.3. Omgevingswet beschrijf het als volgt. “Deze wet is, met het oog op duurzame ontwikkeling, de bewoonbaarheid van het land en de bescherming en verbetering van het leefmilieu, gericht op het in onderlinge samenhang: a) bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit, ook vanwege de intrinsieke waarde van de natuur, en
Als het gaat om gezondheid en toekomstbestendigheid, hanteren we vier principes: 1. Bescherming: ten minste voldoen aan wettelijke normen voor veiligheid, milieu en daarmee voor de gezondheid. 2. Bevordering: de ontwikkeling van een leefomgeving die positief bijdraagt aan de gezondheid. Hier gaan we uit van het begrip positieve gezondheid. 3. Bewaking: monitoring, weten wat de situatie is en ingrijpen als dat nodig en mogelijk is.
2
Deze laatste alinea is onder voorbehoud opgenomen. De definitieve redactie is afhankelijk van de uitkomst van de afwegingen rond de opgave Waardevol landelijk gebied.
12
4. Duurzaam welzijn: zaken als energie, voedsel, circulariteit, klimaatadaptatie, biodiversiteit en mobiliteit; zaken die aan bod komen in het programma Duurzaamheid).
Een gezonde omgeving Een gezonde leefomgeving is een omgeving die als prettig en veilig wordt ervaren, die uitnodigt tot gezond gedrag en waar de druk op de gezondheid zo laag mogelijk is. Ontwikkeling en borging van een dergelijke leefomgeving is een belangrijke voorwaarde bij de inrichting van de ruimte en het toestaan van activiteiten. De basis hierbij zijn indicatoren die de VNG geeft voor een gezonde leefomgeving (zie figuur 3.1 We werken dit uitgangspunt later verder uit en komen dan tot indicatoren en richtlijnen voor de gemeente Barneveld. De gemeente Barneveld is deelnemer aan het Schone Lucht Akkoord. Met als doel in 2030 een gezondheidswinst van 50 procent ten opzichte van 2016. Voor 2040 streeft de gemeente ernaar te voldoen aan de WHOadvieswaarden voor luchtkwaliteit. Om kwetsbare bevolkingsgroepen te beschermen formuleert de gemeente beleid voor gevoelige bestemmingen, gebouwen of plaatsen waar kwetsbare mensen wonen of langere tijd verblijven, zoals scholen, kinderdagverblijven of verzorgingshuizen. Dit beleid heeft tot doel de gezondheid van mensen in deze voorzieningen extra te beschermen. Geluidshinder van wegverkeer is een de meest voorkomende milieuklachten in Nederland. Geluidshinder heeft effecten op de gezondheid van onze inwoners. De gemeente streeft ernaar de geluidsbelasting rond woningen te verminderen.
Dat doet Barneveld bijvoorbeeld met stille plekken, met een kritische opstelling tegenover de ruimte voor de auto, met het gebruik van geluidreducerend asfalt, met klinkers, of met snelheidsbeperkingen, waar nodig en mogelijk. Daarbij hoort ook dat de gemeente mensen stimuleert de auto te laten staan en andere vormen van vervoer te kiezen. De omgeving moet dan wel op dat andere vervoer zijn ingesteld. Daarom is investeren in een fietsinfrastructuur en een wandelnetwerk belangrijk.
rekening mee, bijvoorbeeld met schaduwplekken in de dorpen, of fietsroutes door schaduwrijke gebieden. De gemeente richt zich op een leefomgeving die uitnodigt tot gezond gedrag en waar de verleiding tot ongezond gedrag beperkt is. Dat stelt bijvoorbeeld eisen aan de inrichting van openbare buitenruimtes op plekken waar veel kinderen en jongeren komen. De sterke sociale basis, een van de basiskenmerken van de gemeente, wil Barneveld graag behouden en versterken. Dat gaat niet vanzelf. In lijn met de landelijke trend staat ook in de gemeente Barneveld het aantal vrijwilligers onder druk, is er in toenemende mate sprake van eenzaamheid en voelen meer mensen zich sociaal uitgesloten. Daarvoor is het nodig dat de gemeente de wijken en buurten zo inricht, dat de sociale basis wordt versterkt De maatschappij hecht extra waarde aan een kansrijke omgeving voor jeugdigen, een positieve leefomgeving, waarin de jeugd gezond, veilig en kansrijk opgroeit. Bij de inrichting van een gezonde leefomgeving moet de gemeente daarnaast rekening houden met doelgroepen die extra aandacht nodig hebben wat betreft de gezondheid. Bijvoorbeeld ouderen. Het aantal 75plussers neemt tot 2040 toe met circa 75 procent. Het uitgangspunt dat ouderen zo lang mogelijk zelfstandig thuis blijven wonen, vraagt om voorzieningen in de nabijheid en een sociale omgeving die hen daartoe in staat stelt.
Voorzieningen en een sociale omgeving zijn daarnaast belangrijk voor kinderen, jongeren en jongvolwassenen. Ook voor hen moet de buurt zo zijn ingericht dat gezond gedrag wordt bevorderd. Tot slot is het belangrijk dat de inrichting van de samenleving bijdraagt aan bestaanszekerheid voor iedereen.
Hittestress is een verschijnsel dat steeds vaker zal voorkomen. Bij de inrichting van de bebouwde omgeving en groen houdt Barneveld hier
13
• • • •
De gemeente Barneveld ontwikkelt indicatoren en richtlijnen voor de gezonde leefomgeving. De gemeente streeft naar een sterke sociale basis als fundament voor de lokale gemeenschap. Barneveld werkt aan veilige en inclusieve wijken en dorpen. Jeugdigen groeien op in een kansrijke omgeving.
Verkleinen gezondheidsverschillen tussen buurten Er zijn aanzienlijke gezondheidsverschillen tussen de buurten, wijken en kernen in onze gemeente. Doel van de gemeente is deze gezondheidsverschillen te verkleinen, door te investeren in wijken waar het minder goed gaat. De aanpak is informatie gestuurd, in samenwerking met inwoners en maatschappelijke partners en aan de hand van een periodieke gezondheidsmonitor.
Groen in de gemeente
Figuur 3.1: VNG-indicatoren van een gezonde leefomgeving Samenvattend • Bijdragen aan een gezonde leefomgeving is een belangrijke voorwaarde voor de inrichting van de leefomgeving • De gemeente zorgt voor een omgeving waarin inwoners op een waardige manier langer zelfstandig thuis kunnen wonen en meedoen in de buurt. • De gemeente voert het Schone Lucht Akkoord uit. • De geluidsbelasting op de woonomgeving beperken we zoveel mogelijk. • De gemeente streeft naar een leefomgeving die uitnodigt tot gezond gedrag en waar de druk op de gezondheid zo laag mogelijk is. • Barneveld investeert meer in buurten waar het minder goed gaat met de gezondheid van de bewoners.
Vergroening in de dorpen is een kernwaarde voor de gemeente. Denk daarbij aan een dorpslandschap verrijkt met bomen, struiken en waterpartijen. Het is belangrijk groene ruimtes te ontwikkelen in de kernen van de dorpen, waar bewoners ontspannen, en de natuur ervaren. Daarnaast hecht de gemeente veel belang aan voldoende schaduwrijke ruimtes rond de woningen, zodat elke bewoner kan genieten van een comfortabele leefomgeving. Barneveld gaat daarbij uit van de 3-30-300 regel: je moet vanuit je huis drie bomen kunnen zien, 30 procent van de wijk moet in de schaduw van groen liggen en iedereen moet op 300 meter afstand kunnen recreëren in het groen. Deze regel is een streefbeeld. Bij de inrichting van wijken houdt de gemeente hiermee rekening. Tegelijkertijd benadrukt de gemeente het belang van groene overgangszones rond de dorpen in combinatie met recreatie, uitloopgroen, wateropslag en landbouw.
Water, bodem en klimaatverandering Het klimaat stelt ons voor uitdagingen op het gebied van waterbeheer en bodemgebruik. De doelen voor klimaatadaptatie, waterkwaliteit en bodem maken deel uit van verstedelijking, woningbouw, landbouw en energievoorziening. Een integrale aanpak van de opgaven in de fysieke
14
leefomgeving is noodzakelijk, waarbij het water- en bodemsysteem sturend is. In gebiedsontwikkeling zoekt Barneveld functiecombinaties op. In sommige gevallen betekent ruimte voor water, minder ruimte voor bestaande functies of bebouwing. Tegelijkertijd zijn er kansen voor vernieuwende vormen van landgebruik, bijvoorbeeld op het gebied van recreatie, energie, natuurinclusieve bedrijvigheid of klimaatadaptieve bebouwing. Klimaatadaptief bouwen leidt bovendien tot een verhoging van de kwaliteit van de leefomgeving. Zo wordt de ruimtelijke kwaliteit van gebieden versterkt.
• • •
Hoogwaardig hergebruik van materialen. Gemeente Barneveld streeft naar duurzame inkoop. De gemeente zet een beweging in gang naar circulaire bedrijfsvoering in de agrarische sector.
Versterken biodiversiteit en groen Het is gemeentebeleid biodiversiteit in de kernen en het buitengebied te beschermen en waar mogelijk te versterken.
Samenvattend • Gemeente Barneveld past de 3 – 30 – 300 regel toe waar mogelijk. • Barneveld streeft naar ontwikkeling en behoud van groene overgangszones rond de dorpen. • De principes van bodem en water zijn leidend.
Barneveld streeft ernaar recreatiezones rond de dorpen te ontwikkelen en te onderhouden. Zo bieden we onze inwoners de mogelijkheid te ontspannen in een groene omgeving. Bij de inrichting van deze zones werkt de gemeente samen met de landbouwsector. Ontwikkeling van het landschap voor ontspanning en recreatie kan soms immers heel goed samengaan met agrarische activiteiten.
Circulariteit
Bij de ontwikkeling van recreatiegebieden en groene zones besteedt gemeente Barneveld specifiek aandacht aan de biodiversiteit. Deze zones moeten actief bijdragen aan behoud en versterking van de verscheidenheid aan planten en dieren in onze gemeente.
Barneveld streeft een circulaire en duurzame samenleving na. Dit betekent aanzienlijke vermindering van het gebruik van primaire grondstoffen en tegelijkertijd bevordering van hoogwaardige hergebruik van materialen. Op gemeentelijk niveau ligt de focus op de efficiënte inzameling van herbruikbare stoffen en een strategische materiaalinkoop. Met als doel duurzame materiaalstromen te bevorderen, voor een positieve impact op het milieu. Ook voor de bedrijven stelt de gemeente circulariteit centraal. Voor de landbouw betekent dit een systeem waarin hulpbronnen efficiënt worden gebruikt, met een nadruk op hergebruik en duurzaamheid. De concrete invulling werkt de gemeente uit in afstemming met de sector. Voor andere bedrijven gaat het om gesloten kringlopen en het hergebruik van grondstoffen. Deze keuze sluit aan op het scenario Vooruit met Barneveld. De haalbaarheid van deze keuze wordt nader onderzocht. Samenvattend • Minder primaire grondstoffen verbruiken.
De recreatiezones vallen mogelijk samen met de groene overgangszones, maar dat is niet noodzakelijk. Het doel van deze zones is verschillend. Samenvattend • Versterken van biodiversiteit en groen in de dorpen en het buitengebied. • Inrichten van recreatiezones rond de dorpen; • Afstemming met de agrarische sector bij de inrichting van deze zones.
Meegroeiende voorzieningen sporten, bewegen, cultuurparticipatie en ontmoeten De gemeente Barneveld kiest ervoor decentrale voorzieningen te ontwikkelen om tegemoet te komen aan de groeiende behoefte aan sporten, bewegen, cultuurparticipatie en ontmoeten. Dat betekent dat de gemeente streeft naar laagdrempelige, toegankelijke sport- en beweegmogelijkheden
15
en naar voorzieningen voor cultuur en ontmoeting in alle kernen. Bij de uitwerking van dit uitgangspunt houdt Barneveld rekening met de diversiteit aan behoeften in de gemeente. Een essentieel aspect van de aanpak is de definitie van een basisniveau van kwaliteit voor de openbare ruimte, ongeacht de locatie. Dit basisniveau dient als maatstaf voor de inrichting en kwaliteit van de publieke ruimte, die verder kan worden ingericht naar de behoefte van de omgeving. Onderdeel van dit basisniveau is de aanwezigheid van voldoende sport- en beweegmogelijkheden. De gemeente werkt de definitie van dit basisniveau later uit. Sporten, bewegen en deelname aan cultuur dragen bij aan ontmoeting, aan een betere gezondheid en een sterke sociale basis. De gemeente kiest daarom voor de ontwikkeling van voldoende sporten beweegmogelijkheden, die nauw aansluiten bij de behoefte van de bewoners uit de dorpen. Daarnaast streeft de gemeente naar optimale toegankelijkheid voor alle leeftijden en alle categorieën, waaronder inwoners met een beperking. Samenvattend • Laagdrempelige en toegankelijke basisvoorzieningen voor iedereen in de openbare ruimte, aansluitend bij de behoefte. • Voldoende ontmoetingsplekken in de dorpen. • Definitie van een basiskwaliteitsniveau van voorzieningen in de leefomgeving.
Gezond voedsel voor een duurzame toekomst De gemeente Barneveld streeft ernaar het aanbod van lokaal en regionaal geproduceerd voedsel te vergroten. Daarnaast ligt de nadruk op verkorting van de voedselketens. Zo bevorderen we de duurzaamheid en ondersteunen we lokale voedselproductie. De gemeente wil hiervoor buurtmoestuinen faciliteren, gemeenschappelijke tuinen die inwoners betrekken bij voedselproductie en ze te laten profiteren van verse producten uit hun directe omgeving.
Voor gezonde voeding op scholen is een kritische blik op het vestigingsbeleid rondom scholen nuttig, met als doel ervoor te zorgen dat scholen de leerlingen een gezonde voedselomgeving bieden. Met een aanscherping van het beleid draagt Barneveld bij aan de gezondheid en het welzijn van de jongere generaties. Samenvattend • Vergroting van het aanbod aan lokaal of regionaal geproduceerd voedsel en het stimuleren korte voedselketens. • Faciliteren van buurtmoestuinen. • Rookvrije buitenruimtes. • Een gezonde voedselomgeving nabij scholen
Cultureel erfgoed Onderdeel van de Omgevingswet is de bescherming van het erfgoed. Erfgoed noemen we de overgebleven waardevolle onderdelen van de stad en het landschap uit het verleden. Het is een belangrijke factor voor de herkenbaarheid van de dorpen en het landschap van gemeente Barneveld. Barneveld wil het erfgoed behouden voor de toekomst. Denk aan gemeentelijke monumenten, zoals gebouwen. Ook landschapselementen kunnen belangrijk erfgoed zijn. De gemeente stelt zich tot doel de geschiedenis van onze dorpen zichtbaar in het erfgoed, te beschermen bij de verdere ontwikkeling van Barneveld. Niet alleen door ze te bewaren, maar door ze te gebruiken. Waar mogelijk houdt of maakt de gemeente het verleden zichtbaar. Dat is belangrijk voor de herkenbaarheid en het karakter van onze gemeente. Kansen om erfgoed beter zichtbaar te maken moeten we benutten. Het is belangrijk om oog te hebben voor de geschiedenis. Samenvattend • Erfgoed is een belangrijk element in Barneveld • Dat erfgoed moet worden beschermd, toegankelijk zijn en worden gebruikt. • Kansen benutten om de zichtbaarheid van het erfgoed te verbeteren
16
3.3.
Prettig leven in vitale dorpen
De tweede hoofdopgave van het voorkeursscenario gaat over prettig leven, wat meer inhoudt dan alleen wonen. Het gaat om een optimale wijze van samenleven in wijken en dorpen. Daar horen randvoorwaarden bij: een fijne en passende woning, voldoende en goede voorzieningen, ruimte elkaar te ontmoeten in een omgeving die voorbereid is op de toekomst. In deze paragraaf vormen wonen, samenleven en vitaliteit van de leefomgeving de rode draad. We nemen de lezer mee in het voorkeursscenario van het thema Prettig leven in vitale dorpen via de volgende deelopgaven: • De groei van de gemeente Barneveld en de druk op de woningmarkt. • Demografische ontwikkelingen en de samenstelling van de woningvoorraad. • De vitaliteit van de kernen met passend meegroeiende voorzieningen. • Een toekomstbestendige en vitale openbare ruimte.
De groei van de gemeente Barneveld en de druk op de woningmarkt Barneveld groeit en dat is al jaren gaande. Die groei zet zich voort. De meest recente prognoses voorspellen een groei naar zo’n 77.000 inwoners in 2040. De gemeente Barneveld is daarmee qua groei één van de koplopers in de provincie Gelderland. De voorspellingen zijn ook dat de groei doorgaat na 2040, maar dan minder sterk. De gemeente Barneveld is daarmee één van de koplopers in de provincie Gelderland. De voorspellingen laten zien dat de groei doorgaat na 2040, maar minder sterk. Voor de woningbouw liggen volop plannen in het verschiet. Samen tellen ze op tot ongeveer. 5.000 woningen. De Toekomstscenario’s stelden de vraag of daar 3.000 woningen extra bij moeten komen of 5.000 woningen. De Voorkeursvariant kiest bewust voor de lagere variant van 3.000 extra, dus in totaal 8.000 nieuwe woningen in de periode 2021-2040. Met deze
groeiambitie bouwt Barneveld voldoende voor de natuurlijke groei van de gemeente, plus de groei als gevolg van migratie. Daarnaast sluit deze keuze aan bij het resultaat van het participatietraject: de samenleving staat terughoudend tegenover al te snelle groei en vreest verlies van het dorpskarakter. Aan dat laatste hecht men veel waarde. Deze keuze is daarnaast gebaseerd op realiteitszin: capaciteit, meegroeivermogen van infrastructuur, nutsvoorzieningen en maatschappelijke voorzieningen, en tot slot het adaptatievermogen van onze dorpse samenleving. De gemeente Barneveld kiest ervoor de groei te spreiden over alle kernen in plaats van concentratie in de grote kernen Barneveld en Voorthuizen. Dit sluit aan bij de gemeentelijke Hoofdlijnennotitie en bij de uitkomst van het participatietraject. Met deze keuze legt de gemeente een bredere basis voor passende voorzieningen in elke kern. Voor de 8.000 nieuwe woningen gaat de gemeente uit van de volgende verdeling: 70 procent voor de kernen Barneveld en Voorthuizen en 30 procent voor de kleine kernen. In perspectief geplaatst: de twee grote kernen hebben op dit moment samen 80 procent van de woningen.
De gemeente wil de kernen Garderen, Terschuur, Zwartebroek en Stroe extra bedelen, om deze kernen genoeg omvang te geven voor toekomstbestendige basisvoorzieningen, zoals een basisschool, huisarts, passend winkelbestand en een gezond verenigingsleven. De kern Kootwijkerbroek heeft een blijvend grote behoefte, waarin de gemeente wil voorzien. Voor De Glind geldt een andere opgave: de gemeente zoekt hier een betere balans tussen het dorp en de jeugdzorg in het dorp. Ter indicatie: voor Kootwijkerbroek voorziet het scenario 800 woningen, voor Stroe 500 en voor een kern als De Glind ongeveer 80. De gebiedsgerichte uitwerking volgt in de omgevingsvisie. De Glind heeft een afzonderlijk plan van aanpak nodig. Voor een belangrijk deel zijn de locaties in beeld waarop de woningbouw kan plaatsvinden. Voor de resterende opgaaf is uitbreiding nodig, naast inbreiding. De mogelijkheden voor inbreiding zijn naar schatting kleiner dan de Hoofdlijnennotitie aangeeft. Het woningbestand in de gemeente Barneveld is namelijk relatief jong, waardoor herstructurering van wijken
17
slechts beperkt aan de orde is. Daarnaast kiest de gemeente voor het uitgangspunt de bestaande open groene ruimtes in wijken zo veel mogelijk te bewaren, niet alleen voor het groen, maar ook voor het klimaat en de gezondheid. De gemeente Barneveld gaat vooral uit van transformatie van huidige bebouwde terreinen. Dat gaat over het algemeen gepaard met hogere kosten en is in de praktijk weerbarstig. Barneveld focust daarom ook op enkele locaties met zware bedrijvigheid, gelegen op onwenselijke plekken in de kernen. Voor het overige richt de gemeente zich vooral op initiatieven tot inbreiding. Bijvoorbeeld bedrijventerrein De Valk. Algehele transformatie van dit bedrijventerrein is niet wenselijk, maar er zijn wel mogelijkheden voor gerichte functiemenging met wooneenheden in dit gebied. Daar waar zich kansen voordoen kunnen bedrijven zich verplaatsen naar betere locaties.
opgave waardevol landelijk gebied.3 Gebieden die we willen gebruiken voor nieuwbouwwijken of nieuwe bedrijventerreinen sluiten we hiervan uit. Het gevolg is dat we voor de kern Barneveld geen noodzaak zien om vóór 2040 nog een grote woonwijk (meer dan 1000 woningen) te realiseren, naast de wijken Bloemendal en De Burgt. Maar, naar verwachting zet de groei zich voort na 2040. Voor de grotere kernen Barneveld en Voorthuizen anticipeert de gemeente daarop door er rekening mee te houden bij ruimtelijke keuzes. Dit komt aan de orde bij de verdere uitwerking voor de omgevingsvisie. Samenvattend • 8.000 nieuwe woningen tot 2040, binnen de randvoorwaarden. • Nieuwbouw in elke kern, met een 70/30 verdeling tussen Barneveld en Voorthuizen en de overige kernen. • Meer dan gemiddelde groei in Kootwijkerbroek, Terschuur, Zwartebroek, Garderen, De Glind en vooral in Stroe. • Inbreiding naast uitbreiding. Gericht verdichten zo min mogelijk ten koste van bestaand groen. • Extra aandacht voor de stationsomgevingen, alert op transformatiekansen van binnenstedelijke bedrijven. • Meer gestapeld bouwen (5 – 6 lagen grote kernen, 2 – 3 lagen kleine kernen).
Omdat de ruimte voor inbreiding beperkt is moeten we er zuinig mee omgaan. De gemeente Barneveld richt zich daarom meer dan voorheen op gestapeld bouwen, waarbij zij onderscheid maakt per kern, in overeenstemming met de uitkomst van het participatietraject. In de grotere kernen maximaal 5 of 6 lagen, met op een enkele geschikte locatie wellicht meer. In de kleinere kernen is 2 of 3 lagen het maximum. Dit biedt ook kansen voor een verdere vergroting van de diversiteit in de woningvoorraad. De directe omgeving van de stations in Barneveld bieden deze mogelijkheid voor woonmilieus met meer hoogbouw, in een groene setting en gericht op ov-gebruik.
Demografische ontwikkelingen en de samenstelling van de woningvoorraad
Meer dan tot nog toe zullen er woningen komen in het buitengebied als gevolg van de nationale opgaven voor de landbouw en specifiek de opgaven voor de natuur. Dit kan grote gevolgen hebben voor de landbouw in de Foodvalley. We willen hier gedoseerd mee omgaan. Daar hoort onderzoek bij naar de mogelijkheden woningbouw te concentreren op een aantal locaties als gevolg van functieverandering. Zie daarover verder bij de
Met nieuwe woningen beantwoordt gemeente Barneveld aan de grote vraag naar meer woningen. Maar Barneveld wil ook beter aansluiten op de kwalitatieve behoefte. Meer dan voorheen richt de gemeente zich op doorstroming, met een divers aanbod in levensloopbestendige wijken. Anders gezegd: onze inwoners moeten oud kunnen worden in hun eigen leefomgeving met hun eigen sociale netwerk, in een woning die past bij de levensfase.
3 Dit is afhankelijk van de verdere overwegingen rondom de opgave Waardevol
landelijk gebied. In deze conceptversie is die opgave niet opgenomen. Zie verder de uitleg daarover bij paragraaf 3.5.
18
Er dient zich een kwalitatieve opgaaf aan voor de komende jaren: de samenstelling van onze bevolking verandert. De Barneveldse bevolking wordt ouder. Vooral de groep van 75+ neemt fors toe, met 75 procent in vergelijking met nu. Daarnaast komen er meer mensen bij vanuit buiten de gemeente, waaronder groepen arbeidsmigranten, statushouders en vluchtelingen Naast deze demografische trends zijn er meer ontwikkelingen die een andere samenstelling vereisen van de woningvoorraad. Denk aan toename van kleinere persoonshuishoudens of aan veranderingen in de zorg, waardoor mensen met een zorgbehoefte in onze wijken moeten kunnen blijven wonen en daar de benodigde zorg ontvangen. Dat alles heeft gevolgen, voor de inrichting van onze leefomgeving, en meer concreet voor de benodigde woningvoorraad. De gemeente houdt rekening met deze demografische ontwikkeling. Dat betekent woningen voor gezinnen, maar ook woningen voor het toenemend aantal een en tweepersoonshuishoudens, waaronder jongeren en ouderen. De gemeente kijkt dan ook naar plekken die zich daar goed voor lenen, zoals stationsomgevingen. Barneveld blijft ook investeren in gemengde, diverse en inclusieve wijken, waar generaties met verschillende achtergrond elkaar vinden en iedereen kan meedoen, ook als je financieel moeilijk meekomt of een beperking hebt.
De gemeente bevordert deze zorg voor elkaar, de sociale samenhang in de wijken en het contact tussen de generaties. Het sociale netwerk van mensen is een belangrijk vangnet, zo blijkt ook uit de participatie. Dat vraagt een ongelijke aanpak van de gemeente, omdat wijken een verschillende startpositie hebben en er in de gemeente Barneveld kwetsbare wijken zijn. De omgevingsvisie neemt maatregelen in de fysieke leefomgeving op die de kwetsbare wijken helpen, om daarmee de verschillen tussen wijken te verkleinen. Zie verder de opgave Groen en toekomstbestendig Barneveld, een gezonde omgeving. Daarnaast blijft de gemeente Barneveld zich generiek richten op de diversiteit in woningtypen. In de afgelopen jaren realiseerden we rug-aanrugwoningen en nu zijn tiny houses en een Knarrenhof in voorbereiding. Barneveld zet de lijn voort en staat open voor nieuwe woonconcepten die voorzien in de behoefte, bijdragen aan doorstroming en aan een duurzaam Barneveld.
De grote behoefte aan betaalbare woningen in Nederland speelt ook in onze gemeente. Verschillende doelgroepen concurreren met elkaar om de schaarse betaalbare woningen, zowel huur- als goedkope koopwoningen. Denk aan starters, arbeidsmigrant en statushouders of spoedzoekers. In de programmering (typologie van woningen en prijsklassen) van de nieuwbouw komt gemeente Barneveld tegemoet aan deze behoefte, met een zekere spreiding over de kernen van de gemeente. Samenvattend • Nieuwbouw moet voorzien in behoefte en doorstroming bevorderen. • Levensloopbestendigheid in de wijk. • Voortzetting van de lijn divers en gemengd bouwen, met extra aandacht voor een en tweepersoonshuishoudens. • Inclusieve wijken in alle opzichten, met een ongelijke aanpak gericht op kwetsbare wijken. • Nieuwe woonconcepten en faciliteren. • Betaalbare programmering met spreiding over de kernen.
De vitaliteit van alle kernen met passend meegroeiende voorzieningen In de kernen Barneveld en Voorthuizen stuurt de gemeente vanuit het niveau van de wijk, omdat dat het niveau is waar zich het dagelijks leven van de samenleving afspeelt. Dat vergt dragers in de wijk, zeker ook als het gaat om de voorzieningen. Dan gaat het om commerciële functies zoals winkels en niet-commerciële, zoals een plaats om elkaar te ontmoeten. En naarmate de wijken groter zijn, dient het voorzieningenniveau evenredig groter te zijn. De wijken in Barneveld en in mindere mate Voorthuizen wil de gemeente daarom verrijken met ruimtes voor passende kleinschalige werkgelegenheid en kwalitatieve winkelvoorzieningen, om zo onze wijken levendiger en vitaler te maken. Meer dan voorheen kiest de omgevingsvisie dus voor functiemenging. Randvoorwaarde is dat deze aanvullend werkt op bestaand aanbod en dus niet concurrerend met de huidige bedrijvigheid in het centrum van Barneveld of Voorthuizen.
19
Op het niveau van de kernen streeft de gemeente ernaar het niveau van basisvoorzieningen gebiedsgericht te versterken, in lijn met de behoefte van de lokale gemeenschap. In de kern Barneveld groeien de voorzieningen gepast, zonder overmatige uitbreiding. Voor de kleinere kernen, is het streven het basisvoorzieningenniveau te versterken, passend bij de omvang van de kern. De oplossing is hier extra groei van het aantal inwoners om een solide basis te leggen voor de basisvoorzieningen, zoals een supermarkt, basisschool, kinderopvang, huisarts en culturele en sportvoorziening. Per kern wordt onderzocht wat er nodig is. In het voorzieningenniveau speelt onderwijs een belangrijke rol. Deze is grotendeels wettelijk bepaald, maar de gemeente verzorgt toereikende huisvesting voor primair en voortgezet onderwijs. De scholen moeten extra ruimte krijgen om te kunnen inspelen op groei. Multifunctionaliteit, gezond en groen zijn aandachtspunten. In deze fase van de omgevingsvisie bestaat nog weinig aandacht voor de plannen rond het voortgezet onderwijs en MBO. De visie op de ontwikkeling van dit onderwijs wordt uitgewerkt in een latere fase. De gemeente wil een lage drempel voor deelname aan voorzieningen om te sporten, bewegen, cultuur beleven en elkaar te ontmoeten. Dit is ook belangrijk om jonge gezinnen en jongvolwassenen te behouden in de kleine kernen.