CConstaterende datBarneveld
Koppel je AI →
Document · PDF

Veluweweg XVII, partiële herziening Kootwijkerbroek-Stroe_Toelichting.pdf

Gemeenteraad 8 februari 2023, gemeente BarneveldBij agendapunt: Bestemmingsplan Veluweweg XVII partiele herziening Kootwijkerbroek Stroe17.796 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Conclusie Het aspect luchtkwaliteit vormt geen belemmering voor de realisatie van dit plan.

24

"Veluweweg XVII, partiële herziening Kootwijkerbroek-Stroe" (vastgesteld)

Veluweweg XVII, partiële herziening Kootwijkerbroek-Stroe

5.10

Milieueffectrapportage

Niet voor alle nieuwe activiteiten hoeft een m.e.r.-procedure gevolgd te worden. Uitgangspunt van de m.e.r.-beoordeling is het 'nee, tenzij' -principe. Dat wil zeggen dat alleen een milieueffectrapport (MER) hoeft te worden opgesteld, wanneer er omstandigheden zijn die (waarschijnlijk) leiden tot belangrijke nadelige milieugevolgen. De Wet milieubeheer maakt onderscheid in een m.e.r.-procedure voor plannen (planMER) en voor besluiten (besluitMER of projectMER). Voor een bestemmingsplan kan zowel de plan-m.e.r.-plicht als de besluit-m.e.r.-plicht gelden.

Er zijn drie sporen waarlangs de m.e.r.-plicht kan ontstaan: 1. Plan- en/of besluit-m.e.r.-plicht: als de voorgenomen activiteit vermeld is in het Besluit milieueffectrapportage; 2. Plan-m.e.r.-plicht: als voor het plan een zogeheten passende beoordeling op grond van de Wet natuurbescherming gemaakt moet worden. Dat is het geval als het plan significante negatieve gevolgen kan hebben voor de instandhoudingsdoelstellingen van een Natura 2000 gebied; 3. Toetsing aan de provinciale milieuverordening. Besluit m.e.r. Per 16 mei 2017 is de regelgeving voor de MER en m.e.r.-beoordeling gewijzigd met daarin een nieuwe procedure voor de vormvrije m.e.r.-beoordeling. Voor de ontwerp-bestemmingsplanfase moet een m.e.r-beoordelingsbeslissing worden genomen, waarin wordt aangegeven of wel of geen MER nodig is, gelet op de kenmerken van het project, de plaats van het project en de kenmerken van de potentiële (milieu)effecten en mogelijke mitigerende maatregelen. Deze beslissing wordt als bijlage bij het bestemmingsplan opgenomen. Voor elke aanvraag waarbij een vormvrije m.e.r.-beoordeling aan de orde komt moet de initiatiefnemer een aanmeldingsnotitie opstellen, waarbij ook mitigerende maatregelen mogen worden meegenomen. Het bevoegd gezag dient binnen zes weken na indienen een m.e.r.-beoordelingsbesluit af te geven.

Een vormvrije m.e.r.-beoordelingsbeslissing hoeft echter niet gepubliceerd te worden. Onderzoek Uit jurisprudentie is gebleken dat niet iedere ontwikkeling van woningen valt onder het begrip stedelijke ontwikkeling als bedoeld in Bijlage D11.2 van het Besluit milieueffectrapportage. Kleinschalige woningbouwprojecten vallen niet onder dit begrip. Dat geldt ook voor de bouw van één woning. De conclusie is dat het plan om één woning te bouwen niet m.e.r.-beoordelingsplichtig is.

Passende beoordeling via de Wet natuurbescherming Voor het vaststellen van plannen die significante gevolgen voor een Natura 2000-gebied kunnen hebben, dient een passende beoordeling gemaakt te worden (artikel 7.2a Wet milieubeheer juncto artikel 2.8, eerste lid Wet natuurbescherming). Uit de beoordeling van het aspect ecologie (zie paragraaf 5.3) blijkt dat er voor dit plan geen passende beoordeling nodig is. De plan-m.e.r-plicht op grond van de noodzaak van een passende beoordeling voor de Wet natuurbescherming is hier niet aanwezig. Er is voor dit plan geen passende beoordeling nodig.

Provinciale milieuverordening Provinciale Staten kunnen in de provinciale milieuverordening extra activiteiten met gevallen, plannen en besluiten aanwijzen die belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu kunnen hebben en dus m.e.r.-plichtig zijn (artikel 7.6 Wet milieubeheer). Dit is dus aanvullend op de m.e.r.-plicht op basis van onderdeel C van

"Veluweweg XVII, partiële herziening Kootwijkerbroek-Stroe" (vastgesteld)

25

Veluweweg XVII, partiële herziening Kootwijkerbroek-Stroe de bijlage Besluit m.e.r. (en dus ook aanvullend op de verplichting vanuit de Europese richtlijnen) én conform dezelfde systematiek. Provinciale staten van Gelderland hebben geen extra activiteiten met gevallen, plannen en besluiten aangewezen die belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu kunnen hebben (en zo m.e.r.-plichtig zijn).

Conclusie Voor de realisatie van dit plan is op geen enkel punt aangetoond dat er sprake is voor het opstellen van een milieueffctrapportage.

5.11

Milieuzonering

Ten aanzien van bedrijvigheid geldt als uitgangspunt dat toekomstige woningen geen onevenredige milieuhinder (geur, geluid etc.) mogen ondervinden van nabijgelegen bedrijvigheid. In de publicatie ´Bedrijven en milieuzonering´ van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten, editie 2009, worden in verband met de aanwezigheid van milieubelastende functies indicatieve afstandsnormen voorgeschreven tot milieugevoelige functies, vooral wonen. In dit kader zijn voor dit plan de volgende bedrijven en aspecten van belang: Veluweweg 98: 'Dienstverlening', kapper; Veluweweg 106: 'Bedrijf - 2', timmerwerkplaats categorie 3.1. De aanwzigheid van een naastgelegen kappersbedrijf vormt voor wat betreft de bijbehorende afstandsnormen, 10 meter, geen belemmering voor de bouw van de woning. Voor de timmerwerkplaats op het perceel Veluweweg 106 geldt een maximale afstandsnorm van 50 meter, gebaseerd op geluid. Vanwege de ligging in een gebied dat kan worden aangemerkt als gemengd gebied, mag deze afstandsnorm een niveau lager, 30 meter, worden toegepast. Met deze afstand kan bij het inpassen van de woning niet voldaan worden aan de afstandsnormen. Vanwege het weghalen van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - timmerwerkfabriek p.o. < 200 m2' komt de miliecategorie 3.1 te vervallen op het perceel Veluweweg 106.

Binnen de bedrijfsgebouwen vinden de toegestane bedrijfsactiviteiten namelijk niet meer plaats. Hierdoor valt de bedrijfsbestemming overeenkomstig het bestemmingsplan "Kootwijkerbroek-Stroe" onder de categorie-indeling functiemenging, waarbij alleen de categorieën A en B worden toegestaan. Voor deze categorieën geldt dat deze een beperkte milieubelasting op de omgeving mogen hebben. Daarnaast betreffen het activiteiten die als passend worden aangemerkt in een gemengd gebied. Daarvan is hier sprake.

Veiligheidszone - Activiteitenbesluit Binnen de grenzen van het bestemmingsplan is geen gasdrukmeet- en regelstation aanwezig. In het Activiteitenbesluit zijn veiligheidsafstanden opgenomen die moeten worden aangehouden tussen kwetsbare respectievelijk beperkt kwetsbare objecten en (onder andere) een gasdrukmeet- en regelstation (4-6 meter). Kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten volgens het Activiteitenbesluit zijn dezelfde objecten als die genoemd zijn in het Besluit externe veiligheid inrichtingen. Het gaat dan om onder andere woningen, ziekenhuizen en bedrijven. Tussen een woning en een gasdrukmeet- en regelstation moet een veiligheidsafstand van 6 meter worden aangehouden. Het plan voldoet aan de voorgeschreven afstand.

Liander heeft op 19 september 2022 aangegeven geen belangen in het gebied te hebben, daarom hoeven er in dit bestemmingsplan geen veiligheidsafstanden opgenomen te worden. Conclusie 26

"Veluweweg XVII, partiële herziening Kootwijkerbroek-Stroe" (vastgesteld)

Veluweweg XVII, partiële herziening Kootwijkerbroek-Stroe

Vanuit milieuzonering zijn er geen belemmeringen voor het plan.

5.12

Natuur en landschap

Het perceel wordt in de huidige situatie gebruikt als erf bij een woning. Voor het overige, westelijke deel, wordt het perceel gebruikt ten dienste van de huidige bedrijfsbestemming. Dat perceel is voor een groot deel verhard. Naast de verharding ligt naast de woning aan de Veluweweg 104 een gazon dat gedeeltelijk omzoomd is met hagen. Verder komen er op het perceel enkele solitaire bomen voor. In de toekomstige situatie wordt zoveel mogelijk verharding verwijderd. Bij de nieuw te bouwen woning wordt een tuin aangelegd waarbij rekening wordt gehouden met de uitgangspunten voor klimaatadaptatie, zoals minder verharding en meer waterbergend vermogen. De erfafscheidingen worden met hagen gemarkeerd, dit heeft ook de voorkeur ten opzichte van niet groene erfafscheidingen. Voor de aanleg van de parkaarvoorzieningen op het eigen perceel wordt bij voorkeur gebruik gemaakt van waterdoorlatende materialen.

5.13

Veiligheid

Om een veilige omgeving te creëren of te behouden is er op het gebied van fysieke veiligheid een aantal aspecten waarmee rekening gehouden moet worden. Zo worden er eisen gesteld aan de bereikbaarheid van de openbare wegen voor de hulpverleningsdiensten. Dit leidt tot het stellen van minimale afmetingen en bochtstralen zodat hulpverleningsvoertuigen een object of calamiteit goed kunnen bereiken en adequate hulp kunnen verlenen. Met betrekking tot voldoende bluswater in het openbare wegennet zijn er ook eisen gesteld. Deze eisen hebben betrekking op de afstanden vanaf de bluswatervoorziening tot aan een gebouw en de capaciteit ervan. In de “Handreiking Bluswatervoorziening en bereikbaarheid” een uitgave van Brandweer Nederland worden deze eisen gesteld. Voor wat betreft de bereikbaarheid zijn er binnen de gemeente Barneveld hoofd- en subaanrijdroutes vastgesteld. Tevens worden er eisen gesteld aan de opkomsttijden voor brandweervoertuigen. Deze zijn afhankelijk van de bestemming. Voor gebouwen waarin geslapen wordt en verminderd zelfredzame mensen verblijven worden strengere eisen gesteld dan gebouwen waar dit niet zo is. De opkomsttijden zijn gesteld in de Wet veiligheidsregio’s (1 oktober 2010) met het daarbij behorende Besluit veiligheidsregio’s. In het Besluit zijn de tijdnormen voor de opkomsttijden vastgelegd.

De opkomstnorm voor een standaardfunctie is maximaal 8 minuten. De werkelijke opkomsttijd voor Veluweweg tussen 98 en 104 te Kootwijkerbroek voldoet. De werkelijke opkomsttijd van de brandweer valt in dit geval binnen de norm zoals die in het Besluit veiligheidsregio’s is vastgelegd. Daarom zijn er geen aanvullende voorwaarden noodzakelijk. Voor een adequate brandbestrijding dient de brandweer tijdig over voldoende bluswater te kunnen beschikken. Ook hiervoor zijn voorwaarden gesteld.

Primair Voor dit plan betekent dat, dat het brandweervoertuig de hoofdtoegang tot maximaal 40 meter moet kunnen naderen (opstelplaats). Vervolgens dient de brandweer binnen een afstand van maximaal 40 meter vanaf de opstelplaats over een primaire bluswatervoorziening (brandkraan) met een capaciteit van minimaal 30 m3 per uur te kunnen beschikken. In dit plan bevindt de dichtstbijzijnde primaire bluswatervoorziening, in de vorm van een ondergrondse brandkraan met een capaciteit van 30 m3 per uur, zich op een afstand van minder dan 40 meter. De primaire bluswatervoorziening voldoet aan de voorwaarden zoals opgenomen in de handreiking Bluswatervoorziening en Bereikbaarheid. Om die reden zijn er geen aanvullende voorwaarden nodig.

Situatie Nieuwe ontwikkelingen zullen worden getoetst aan de Handreiking Bluswatervoorziening en "Veluweweg XVII, partiële herziening Kootwijkerbroek-Stroe" (vastgesteld)

27

Veluweweg XVII, partiële herziening Kootwijkerbroek-Stroe Bereikbaarheid, het Besluit veiligheidregio’s en aan de eisen van de aangewezen hoofd- en subaanrijdroutes. Dit zal gebeuren bij de bouwplannen en inrichtingsplannen.

Conclusie Er zijn voor wat betreft de eisen voor de veiligheid geen belemmeringen voor dit bestemmingsplan.

5.14

Verkeer

Voor het ontwikkelen van voorliggende locatie met de bouw van een woning, is het uitgangspunt dat parkeren op eigen terrein plaatsvind, daarvoor is hier ook voldoende ruimte. Als er sprake is van een aanwezige uitrit dan wordt bij voorkeur daarvan gebruik gemaakt. Maar in ieder geval wordt het aantal uitritten niet uitgebreid.

afbeelding: te verplaatsen uitrit voor gesamenlijk gebruik

Gebleken is dat de bestaande uitrit moet worden verplaatst. Vanwege dat de inrit op de provinciale weg aansluit moet de provincie hierover adviseren.

Conclusie Het aspect verkeer vormt geen belemmering voor de ontwikkeling van dit plan, met in achtneming de gemaakt opmerking over de inrit.

5.15

Water

Deze waterparagraaf vormt het resultaat van het procesinstrument watertoets. De watertoets betreft het vroegtijdig informeren, adviseren, afwegen en beoordelen van waterhuishoudkundige aspecten bij de totstandkoming van ruimtelijke plannen. Het is verplicht de watertoets toe te passen. Hiermee wordt beoogd om het belang van water een evenwichtige plaats te geven in het ruimtelijk planproces. Planontwikkeling en toetsing De toename aan verharding is getoetst aan het gemeentelijk waterbeleid en het beleid van het Waterschap Vallei en Veluwe. Het algemene uitgangspunt is dat de ontwikkeling geen negatieve gevolgen voor de waterhuishouding mag hebben. Onder waterhuishouding vallen alle vormen van water: hemelwater, oppervlaktewater, grondwater en afvalwater. Belangrijk is dat er geen afwenteling van de waterafvoer op de directe omgeving (en in de tijd) plaatsvindt. Beoordeling 28

"Veluweweg XVII, partiële herziening Kootwijkerbroek-Stroe" (vastgesteld)

Veluweweg XVII, partiële herziening Kootwijkerbroek-Stroe

Uit de watertoets blijkt dat het plangebied een watergang raakt. Deze ligt aan de straatzijde van het plangebied en betreft een oude sloot die daar loopt. Op basis hiervan geeft het waterschap aan dat de ‘normale procedure’ moet worden doorlopen. De wijziging betreft het toevoegen van een woning. De bestaande inrit wordt een klein stukje in noordelijke richting opgeschoven en zal dan als gezamenlijke uitweg dienen. De watergang aan de voorzijde blijft gehandhaafd. Aandachtspunten Voor de verdere uitwerking en concretisering van de beoogde ontwikkeling, geeft het waterschap aan dat rekening gehouden moet worden met een aantal algemene en gebiedsspecifieke aandachtspunten voor water. Algemene aandachtspunten Vasthouden - bergen - afvoeren Een belangrijk principe is dat een deel van het hemelwater binnen het plangebied wordt vastgehouden en/of geborgen en dus niet direct afgevoerd wordt naar de riolering of het oppervlaktewater. Hiermee wordt bereikt dat de waterzuiveringsinstallatie beter functioneert, verdroging wordt tegen gegaan en piekafvoeren in het oppervlaktewater (met eventueel wateroverlast in benedenstrooms gelegen gebieden) wordt voorkomen. Bij lozing op oppervlaktewater zal hiervan een melding gedaan moeten worden bij het waterschap. Het hemelwater vanaf de daken en verhardingen wordt afgevoerd naar de omringende sloten, grenzend aan het perceel.

Vanuit deze slootjes wordt het water geïnfiltreerd in de bodem. Grondwaterneutraal bouwen Om grondwateroverlast te voorkomen adviseert het waterschap om boven de gemiddelde hoogste grondwaterstand (GHG) te ontwerpen. Dit betekent dat aspecten zoals ontwateringsdiepte en infiltratie van hemelwater, beschouwd worden ten opzichte van de GHG. Het structureel onttrekken / draineren van grondwater is geen duurzame oplossing en moet worden voorkomen. Om verontreiniging van bodem, grond- en/of oppervlaktewater te voorkomen is het van belang dat het afstromende hemelwater niet verontreinigd raakt. Bouwmaterialen In het kader van duurzaam bouwen en vanwege de beoogde grond- en oppervlaktewaterkwaliteit mogen in principe geen uitlogende bouwmaterialen (zoals zink, koper, lood en PAK-houdende materialen) worden toegepast. Er zijn voldoende milieuvriendelijke alternatieven die vergelijkbaar zijn wat betreft uitstraling, gebruiksgemak, levensduur en onderhoud. Indien vanwege zwaarwegende argumenten toch uitlogende materialen worden voorgesteld, is de voorwaarde dat ze jaarlijks gecoat worden om diffuse waterverontreinigingen te voorkomen. Er is rekening gehouden met bovenstaande aandachtspunten. Er worden milieuvriendelijke bouwmaterialen gebruikt en er wordt ook grondwaterneutraal gebouwd.

Hemelwater Door de realisatie van dit plan is er sprake van een minimale toename aan verhard oppervlak (daken en terreinen). Er treedt bij neerslag geen snellere afstroming van het hemelwater op. Dit is geen negatieve ontwikkeling voor de waterhuishouding. Hierdoor is er geen sprake van een verplichting om waterberging te realiseren op eigen terrein. Er ligt een bergingssloot langs de voorzijde van het perceel en daar wordt het hemelwater op afgevoerd.

Conclusie De waterhuishoudkundige doelen van de gemeente en het waterschap komen niet in het gedrang door dit plan. Het aspect water vormt geen belemmering voor de realisatie van het plan.

"Veluweweg XVII, partiële herziening Kootwijkerbroek-Stroe" (vastgesteld)

29

Veluweweg XVII, partiële herziening Kootwijkerbroek-Stroe

Hoofdstuk 6 6.1

JURIDISCHE ASPECT EN

Inleiding

Deze partiële herziening is gebaseerd op het moederplan "Kootwijkerbroek-Stroe" (met identificatienummer NL.IMRO.0203.1494-0003), vastgesteld op 21 april 2021.

De regels zijn onderverdeeld in vier hoofdstukken: Hoofdstuk 1 bevat de algemene voor het plangebied geldende bepalingen, de inleidende regels. Hoofdstuk 2 regelt de bestemmingen en het daarop toegestane gebruik. Hoofdstuk 3 bevat de algemene regels, zoals de anti-dubbeltelregel, algemene bouwregels, algemene afwijking- en algemene wijzigingsregels en tot slot de algemene procedureregels. Hoofdstuk 4 betreft het overgangsrecht en de slotbepaling. Bevoegdheid Het bevoegd gezag is het bestuursorgaan dat bevoegd is tot het nemen van een besluit ten aanzien van een aanvraag om een omgevingsvergunning of ten aanzien van een al verleende omgevingsvergunning. Over het algemeen zijn burgemeester en wethouders het bevoegd gezag. Het kan incidenteel voorkomen dat bijvoorbeeld het Rijk of de provincie het bevoegd gezag is. Burgemeester en wethouders zijn altijd bevoegd gezag bij het wijzigen van een plan en het stellen van nadere eisen.

6.2

Inleidende regels

Begrippen In artikel 1 van de partiële herziening zijn de begrippen plan en bestemmingsplan "Kootwijkerbroek-Stroe" gedefinieerd. Het kan bij een partiële herziening voorkomen dat er een begrip wordt toegevoegd. Er wordt uitgegaan van de in dit artikel aan de betreffende begrippen toegekende betekenis. Voor zover er geen begrippen zijn gedefinieerd wordt aangesloten bij het normale spraakgebruik.

6.3

Bestemmingsregels

In hoofdstuk 2 van de partiële herziening zijn de bestemmingsregels opgenomen. Op de in dit hoofdstuk en de daarin opgenomen bepalingen over de bestemmingen 'Bedrijf - 2', 'Tuin' en 'Wonen - 1' en de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 1' na, worden de regels van het bestemmingsplan "Kootwijkerbroek-Stroe" niet herzien.

6.3.1

Verbeelding

De verbeelding van het bestemmingsplan "Kootwijkerbroek-Stroe" is op de locatie gewijzigd in die zin dat het bestemmingsvlak van de bestemming 'Bedrijf - 2' is gewijzigd in 'Wonen - 1' en 'Tuin', Verder is binnen de bestemming 'Wonen' een bouwvlak toegevoegd. Aan het bouwvlak is de bouwaanduding 'vrijstaand' toegevoegd. Binnen de bestemming 'Bedrijf - 2' wordt de functieaanduiding 'specifieke vorm van bedrijf timmerwerkfabriek p.o. < 200 m2' verwijderd evenals de bouwaanduidingen 'specifieke bouwaanduiding afstand tot de zijdelingse perceelsgrens' en 'specifieke bouwaanduiding - afstand tussen gebouwen'. Zie verder de toelichting bij het bestemmingsplan "Kootwijkerbroek-Stroe". Hieronder volgt een nadere uiteenzetting van enkele specifieke onderdelen van de partiële herziening.

6.4

Algemene regels

In hoofdstuk 3 is aangegeven dat de algemene regels zoals opgenomen in het bestemmingsplan "Kootwijkerbroek-Stroe", en zoals nadien door het college gewijzigd en in werking getreden, door de raad herzien en in werking getreden en zoals gewijzigd door een intrekkingsbesluit van de raad, niet zijn gewijzigd. Overeenkomstig het bepaalde in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is de voorgeschreven 30

"Veluweweg XVII, partiële herziening Kootwijkerbroek-Stroe" (vastgesteld)

Veluweweg XVII, partiële herziening Kootwijkerbroek-Stroe Anti-dubbeltelregeling opgenomen.

6.4.1

Algemene aanduidingsregels

De algemene aanduidingsregels bevatten specificaties van de (dubbel-)bestemmingen met betrekking tot het gebruik of het bouwen. Een gebiedsaanduiding is een aanduiding die verwijst naar een gebied waarvoor bijzondere regels, extra regels of nadere afwegingen gelden. Bij gebiedsaanduidingen gaat het veelal om zones en gebieden die aan sectorale regelgeving zijn ontleend. De volgende gebiedsaanduiding is toegepast: 'overige zone - voorwaardelijke verplichting' 6.4.1.1

Voorwaardelijke verplichting

Bij wijzigingen en herzieningen van het bestemmingsplan is het veelal noodzakelijk afspraken met betrekking tot het slopen van gebouwen of het realiseren van inrichtingsmaatregelen vast te leggen. Om dit te waarborgen wordt in het bestemmingsplan een voorwaardelijke verplichting opgenomen. Hierbij worden aan het bestemmingsplan specifieke regels toegevoegd die de verzoeker verplichten om bij gebruikmaking van de toegestane ontwikkeling ook de inrichtingsmaatregelen te realiseren of bebouwing te slopen. In artikel 6.1 van dit plan zijn voorwaardelijke verplichtingen opgenomen vanwege de realisatie van de inrichting van het perceel met beplanting, de aanleg van in totaal zes parkeerplaatsen op eigen terrein ten behoeve van het eigen gebruik en de aanleg van één ontsluiting ten behoeve van twee woningen (Veluweweg 104 en de nieuw te bouwen woning).

6.4.2

Algemene aanduidingsregels

De algemene aanduidingsregels bevatten specificaties van de (dubbel-)bestemmingen met betrekking tot het gebruik of het bouwen. Een gebiedsaanduiding is een aanduiding die verwijst naar een gebied waarvoor bijzondere regels, extra regels of nadere afwegingen gelden. Bij gebiedsaanduidingen gaat het veelal om zones en gebieden die aan sectorale regelgeving zijn ontleend.

6.5

Overgangs- en slotregels

In het laatste hoofdstuk zijn de regels ten aanzien van het overgangsrecht opgenomen. Het laatste artikel van de regels betreft de citeertitel van voorliggende partiële herziening.

6.6

Handhaving

De gemeente acht handhaving van haar beleid van groot belang om de gewenste ruimtelijke kwaliteit te garanderen. Belangrijke redenen voor handhaven zijn: De regels zijn door de gemeente vastgesteld en de inwoners van de gemeente mogen verwachten dat de gemeente die regels handhaaft: waarom zijn er anders regels opgesteld? Inwoners van de gemeente hebben als het ware recht op handhaving. Handhaving gaat oneigenlijk gebruik van en daarmee de achteruitgang van de kwaliteit van het gemeentelijk grondgebied tegen. Een actueel bestemmingsplan beoogt de ruimtelijke kwaliteit van een gebied in stand te houden en te verbeteren. Niet daadkrachtig optreden tegen overtredingen van wettelijke regels werkt een toename van het aantal overtredingen in de hand en tast de geloofwaardigheid van daadkrachtig optreden aan. Het in het bestemmingsplan vastgelegde beleid wordt ondermijnd en het bestuur verliest de greep op de gebouwde omgeving. Onderscheid kan gemaakt worden tussen preventieve en repressieve handhavingsinstrumenten. Onder preventieve instrumenten kunnen onder andere goede regelgeving (zoals in bestemmingsplan), voorlichting, subsidieverlening, afwijking van bouwregels en gebruiksregels en de omgevingsvergunning worden begrepen. Repressieve instrumenten zijn onder meer controle en toezicht, opsporing en het hanteren van sancties als bestuursdwang en dwangsom.

In 2016 heeft de gemeente de Nota Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving, VTH-beleid vastgesteld. "Veluweweg XVII, partiële herziening Kootwijkerbroek-Stroe" (vastgesteld)

31

Veluweweg XVII, partiële herziening Kootwijkerbroek-Stroe In dit VTH-beleid staat beschreven hoe het college van burgemeester en wethouders op hoofdlijnen omgaat met de uitvoering van VTH-taken en welke prioriteiten hieraan zijn toegekend. Het college is verantwoordelijk voor de uitvoering van de VTH-taken en heeft de uitvoering van deze taken met ingang van 1 april 2013 grotendeels belegd bij de Omgevingsdienst de Vallei. Bij de handhaafbaarheid van een bestemmingsplan spelen aspecten als communicatie, de planvorm, de normstelling, het daadwerkelijk kunnen handhaven en de controleerbaarheid van normen ook een belangrijke rol. Randvoorwaarde voor handhaving is dat er voldoende basis/grondslag is om te kunnen handhaven. Deze basis wordt gevormd door: De regeling in het bestemmingsplan zelf: de handhaafbaarheid van de planregels. Het beleid voor afwijkingen. In het moederplan (bestemmingsplan "Kootwijkerbroek-Stroe"), en daarmee ook in deze partiële herziening, is gestreefd naar heldere, eenduidige planregels met zo min mogelijk interpretatiemogelijkheden. Verder zijn aan de in het moederplan (bestemmingsplan "Kootwijkerbroek-Stroe") opgenomen afwijkingsmogelijkheden duidelijke voorwaarden verbonden, die voldoende objectief bepaalbaar zijn.

32

"Veluweweg XVII, partiële herziening Kootwijkerbroek-Stroe" (vastgesteld)

Veluweweg XVII, partiële herziening Kootwijkerbroek-Stroe

Hoofdstuk 7

ECONOM ISCHE UIT VOERBAARHEID

Op grond van artikel 6.12, eerste lid van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) stelt de gemeenteraad een exploitatieplan vast voor gronden waarop een bouwplan voorkomt dat in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is aangewezen. Tijdens haar vergadering van 27 april 2010 heeft de gemeenteraad de bevoegdheden tot het al dan niet vaststellen van een exploitatieplan bij een besluit tot wijzigen van het bestemmingsplan gedelegeerd aan het college van burgemeester en wethouders. Nu het onderhavige wijzigingsplan de bouw van een hoofdgebouw mogelijk maakt, is dit aan de orde. Doordat er geen verhaalbare kosten zijn als bedoeld in artikel 6.2.4, onderdelen b tot en met f Bro, behoeft er op grond van artikel 6.2.1a, onder b Bro in dit geval geen exploitatieplan vastgesteld te worden. De kosten voor het opstellen van het plan worden gedekt door het heffen van leges. Voor de kosten van tegemoetkoming in schade, bedoeld in artikel 6.1 van de Wro (planschade) is een afzonderlijke overeenkomst gesloten. De inhoud voldoet aan die van een anterieure overeenkomst in de zin van artikel 6.24 Wro. Er zijn bij dit plan geen andere kosten die in een exploitatieplan of exploitatieovereenkomst opgenomen moeten worden.

"Veluweweg XVII, partiële herziening Kootwijkerbroek-Stroe" (vastgesteld)

33

Veluweweg XVII, partiële herziening Kootwijkerbroek-Stroe

Hoofdstuk 8 OVERLEG EN M AAT SCHAPPELIJKE UIT VOERBAARHEID De procedure voor het gedeeltelijk herzien van een bestemmingsplan is door de wetgever geregeld. Conform artikel 1.3.1 Besluit ruimtelijke ordening (Bro) heeft het college op 15 september 2022 in de Barneveldse Krant en Barneveld Huis-aan-Huis en langs elektronische weg kennis gegeven van het voornemen om de voorliggende partiële herziening van het geldende bestemmingsplan voor te bereiden. Aangegeven is dat tussen gemeente en verschillende instanties waar nodig overleg over het plan moet worden gevoerd alvorens een ontwerpplan ter visie gelegd kan worden. Bij sommige ontwikkelingen is er de gelegenheid om in het voortraject belanghebbenden te laten inspreken conform de gemeentelijke verordening. Pas daarna wordt de wettelijke procedure met betrekking tot vaststelling van de partiële herziening opgestart.

8.1

Participatie

Participatie gaat over het goede gesprek tussen initiatiefnemers, de samenleving en de beslissers. Het is de bedoeling om elkaar zo vroeg mogelijk te betrekken in het proces ter voorbereiding van een besluit en gezamenlijk te zoeken naar de beste oplossingen. Dit is verankerd in beleid dat moet leiden tot plannen met een hogere kwaliteit en een breder draagvlak. Op 20 april 2022 heeft de raad het "Participatiebeleid Gemeente Barneveld" vastgesteld. Het beleid onderscheidt drie sporen: 1. Participatie bij ruimtelijke initiatieven; 2. Participatie bij initiatieven van de overheid; 3. Participatie bij initiatieven vanuit de gemeenschap. Het beleid is in werking getreden op 1 juli 2022, met uitzondering van de participatieverplichting uit spoor 1 want die is gekoppeld aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet. In het beleid is de participatieladder opgenomen. Die ladder gaat over verschillende gradaties van meedoen en is er om de rol van de deelnemers duidelijk te communiceren. Er zijn vier treden op de ladder: 1. 2. 3. 4.

Meebepalen | co-creatie Meewerken | adviseren Meedenken | raadplegen Meeweten | informeren

In dit geval is spoor 1 van het beleid relevant en trede 4, informeren van de participatieladder. De initiatiefnemer heeft overleg gevoerd met buren en belanghebbenden. Hierbij zijn omwonenden geïnformeerd over de plannen.

8.2

Overleg ex artikel 3.1.1 Bro

Het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.1.1) geeft aan dat burgemeester en wethouders bij de voorbereiding van een bestemmingsplan overleg voeren met de besturen van betrokken gemeenten en waterschappen en met die diensten van provincie en Rijk die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn. In artikel 1.1.1, derde lid Bro is bepaald dat in hoofdstuk 3 van het Bro onder een bestemmingsplan (zo ook een partiële herziening) als bedoeld in artikel 3.6, eerste lid, onder a van de Wro wordt begrepen. Er is in het gebied van de voorgenomen ontwikkeling geen sprake van bijzondere waarden of andere situaties waardoor deze ontwikkeling zou raken aan enig nationaal belang. Daarom is afgezien van het voeren van vooroverleg met het Rijk. Verder is er geen sprake van provinciale belangen, zodat ook is afgezien van vooroverleg met de provincie

34

"Veluweweg XVII, partiële herziening Kootwijkerbroek-Stroe" (vastgesteld)

Veluweweg XVII, partiële herziening Kootwijkerbroek-Stroe Gelderland. Op grond van artikel 3.1.1 lid 2 Bro kan derhalve worden afgezien van overleg in door de provincie en het Rijk aangegeven gevallen. Het Waterschap Vallei & Veluwe heeft aangegeven dat geen vooroverleg nodig is indien de toename van de verharding kleiner is dan 4.000 m² en de waterhuishoudkundige doelen van het waterschap niet in het geding komen door een bestemmingsplan. Hier is sprake van zo een geval. Om die reden heeft geen vooroverleg met het waterschap plaatsgevonden. Ook belangen van omliggende gemeenten zijn bij dit plan niet in het geding.

8.3

Inspraak

De Wro bevat geen procedurevoorschriften met betrekking tot de inspraak, en is in Wro zelf niet verplicht gesteld. Dat neemt niet weg dat het de gemeente vrij staat toch inspraak te verlenen bijvoorbeeld op grond van de gemeentelijke inspraakverordening. In relatie daarmee bepaalt artikel 150 van de Gemeentewet onder meer dat in een gemeentelijke inspraakverordening moet worden geregeld op welke wijze bovenbedoelde personen en rechtspersonen hun mening kenbaar kunnen maken. Op 15 december 2009 heeft het college besloten dat bij bestemmingsplannen alleen inspraak wordt gevoerd bij plannen waarbij maatschappelijke belangen een rol spelen, die politiek gevoelig liggen of waarbij inspraak een bijdrage kan leveren aan de kwaliteit en/of snellere doorlooptijd van het plan.

8.4

Zienswijzen

Het ontwerp voor de partiële herziening heeft van 20 oktober tot en met 1 december 2022 ter inzage gelegen. Gedurende deze periode heeft een ieder de mogelijkheid gehad om een zienswijze naar voren te brengen. Tijdens deze zes weken zijn er geen reacties ingediend.

"Veluweweg XVII, partiële herziening Kootwijkerbroek-Stroe" (vastgesteld)

35

Veluweweg XVII, partiële herziening Kootwijkerbroek-Stroe

36

"Veluweweg XVII, partiële herziening Kootwijkerbroek-Stroe" (vastgesteld)

Veluweweg XVII, partiële herziening Kootwijkerbroek-Stroe

Bijlage bij de toelichting

"Veluweweg XVII, partiële herziening Kootwijkerbroek-Stroe" (vastgesteld)

37

Veluweweg XVII, partiële herziening Kootwijkerbroek-Stroe

Bijlage 1 Akoestisch onderzoek

38

"Veluweweg XVII, partiële herziening Kootwijkerbroek-Stroe" (vastgesteld)

Akoestisch onderzoek planwijziging Veluweweg 104 Kootwijkerbroek

Opdrachtgever

Fam. K. Haasjes Veluweweg 104 3774 BN Kootwijkerbroek

Contactpersoon

Frits Bos advies@oramba.nl

Uitvoering

Groenewold Adviesbureau voor milieu & natuur Projectnummer

2021-114

Versie

Sep.21-v1

Behandeld door

Lex Groenewold

Datum

9 september 2021

Dokter Holtropstraat 97 • 3851 JH • Ermelo• Tel.: 06-533 616 75 Website: www.groenewoldmilieu.nl • e-mail: info@groenewoldmilieu.nl KvK: 08178662 • BTW NL001508693B90 • Bank: NL26 INGB 0673 0025 27

Inhoudsopgave 1. 2. 3. 4.

Aanleiding en doel ......................................................................................................... 3 Beschrijving situatie ....................................................................................................... 3 Geluid in de leefomgeving .............................................................................................. 4 Wettelijk kader ............................................................................................................... 4 4.1 Wet geluidhinder algemeen .................................................................................... 4 4.2 Relatie ruimtelijk plan en Wet geluidhinder.............................................................. 4 4.3 Gemeentelijk geluidbeleid ....................................................................................... 5 4.4 Bouwbesluit ............................................................................................................ 5 5. Reken- en meetmethode ................................................................................................ 6 6. Verkeersgegevens ......................................................................................................... 7 7. Rekenresultaten .............................................................................................................

8 7.1 Mogelijke maatregelen ............................................................................................ 8 8. Samenvatting en conclusies........................................................................................... 9 Bijlagen ................................................................................................................................. 9

Bijlagen 1. Situatieschets 2. Figuren met rekenresultaten 3. Uitdraai invoergegevens 4. Verkeersgegevens

Ako Veluweweg 104 Kootwijkerbroek Sep.21-v1.doc

2

Versie: 9 september 2021

1. Aanleiding en doel Initiatiefnemer heeft een aanvraag in voorbereiding voor splitsing van het perceel aan de Veluweweg 104 te Kootwijkerbroek, gemeente Barneveld. Plan is dan een extra woning te realiseren voor eigen bewoning. Adviesbureau Groenewold Milieu & Natuur is gevraagd een akoestisch onderzoek uit te voeren. Het onderzoek is de basis voor een eventuele procedure hogere waarde en dient mede als onderbouwing van de milieuparagraaf bij het bestemmingsplan.

2. Beschrijving situatie Een overzicht van de situatie is weergegeven in de figuren hieronder en in de bijlage. Het betreft een perceel in de kom aan de noordoostzijde van Kootwijkerbroek. Het perceel heeft bestemming ‘wonen’ en ‘bedrijf’. Plan is een deel van de bedrijfsbestemming te wijzigen naar wonen en de bedrijfscategorie te verlagen naar categorie 2. Het perceel wordt geschoond en heringericht met een nieuwe woning en een bijgebouw. De woning ligt binnen de invloedsfeer van de Veluweweg (N800). Het akoestisch onderzoek moet duidelijk maken wat de te verwachten geluidbelasting op de nieuwe woning zal zijn.

Bestaande (links) en gewenste woonbestemming

Ako Veluweweg 104 Kootwijkerbroek Sep.21-v1.doc

3

Versie: 9 september 2021

3. Geluid in de leefomgeving Geluid werkt door in veel beleidsterreinen, zoals ruimtelijke ordening en verkeer en vervoer. Vrijwel elke ruimtelijke ontwikkeling heeft consequenties voor het geluid, terwijl omgekeerd, geluidswetgeving consequenties heeft voor veel ruimtelijke ontwikkelingen. Het al vroeg in de planontwikkeling als een ontwerpvariabele meenemen van milieuaspecten kan helpen te voorkomen dat er nieuwe geluidknelpunten ontstaan of dat ruimtelijke plannen achteraf moeten worden bijgesteld of afgeblazen.

4. Wettelijk kader Dit hoofdstuk gaat in op de wettelijke aspecten van geluid in bestemmingsplannen.

4.1 Wet geluidhinder algemeen De Wet geluidhinder (Wgh) geeft regels wanneer een akoestisch onderzoek moet worden uitgevoerd en waar dit aan moet voldoen. Een aantal belangrijke aspecten zijn: 

Bij een voorgenomen wijziging van een bestemmingsplan binnen een geluidzone is een akoestisch onderzoek noodzakelijk. Bij hogere geluidbelasting dan de voorkeurswaarde kan een hogere grenswaarde nodig zijn.  De bevoegdheid voor het vaststellen van een hogere waarde ligt in de meeste gevallen bij de gemeente, met in het akoestisch onderzoek verplichte aandacht voor mogelijke maatregelen en de motivatie. Eenheid van de geluidbelasting is de Lden (Lday, evening, night) in dB, een Europese dosismaat voor geluid voor weg- en railverkeer. De Lden staat voor het jaargemiddelde A-gewogen geluidsniveau over een etmaal. De voorkeurswaarde voor wegverkeerslawaai bedraagt Lden = 48 dB, voor railverkeer is dat Lden = 55 dB.  Het ontwerpbesluit voor het vaststellen van hogere waarden moet tegelijk met het ontwerpbestemmingsplan ter inzage worden gelegd. De ter inzage termijn is in alle gevallen 6 weken.  De Wet stelt registratie van de verleende hogere waarde in het kadaster verplicht.

4.2 Relatie ruimtelijk plan en Wet geluidhinder In de Wgh is geregeld dat bij een bestemmingsplanwijziging een akoestisch onderzoek de gevolgen voor geluidgevoelige objecten binnen de zone in beeld moet brengen. Uitgangspunt is dat voor alle woning binnen de zone de voorkeursgrenswaarde van Lden=48 dB voor wegverkeer en Lden=55 dB voor railverkeer wordt gerealiseerd. Bij hogere waarden moet uit akoestisch onderzoek blijken welke maatregelen nodig zijn om wel aan de voorkeursgrenswaarde te voldoen. Op grond van de Wet geluidhinder (Wgh) ligt rond iedere weg een zone (art.74). Dit geldt niet voor woonerven en 30 km/uur wegen. Ook de ruimte boven en onder de weg behoren tot de zone. Bij aanleg van een nieuwe weg geldt de zone vanaf het moment dat de weg in een ontwerp bestemmingsplan is opgenomen. In deze situatie zijn de volgende wettelijke zones van toepassing: Weg Veluweweg (N800) Kerkweg

type Binnenstedelijk – 1-2 rijbanen Binnenstedelijk – 1-2 rijbanen

Ako Veluweweg 104 Kootwijkerbroek Sep.21-v1.doc

4

Zone 200m 200m

Versie: 9 september 2021

Voordat toetsing aan de Wet plaatsvindt, mag conform art. 110g Wgh een aftrek worden toegepast voor het stiller worden van het verkeer. De toe te passen aftrek bedraagt: Max. snelheid >= 70 km/uur 50/60 km/uur

Lden = 57dB 4 dB

Lden=56 dB 3 dB

Overig 2 dB 5 dB

Bij hogere waarden moet uit akoestisch onderzoek blijken welke maatregelen nodig zijn om wel aan de voorkeursgrenswaarde te voldoen. Als maatregelen niet mogelijk of onvoldoende doeltreffend zijn kan een ontheffing worden verleend. De maximale ontheffing voor nieuwe woningen in binnenstedelijk gebied bedraagt Lden=63 dB en in buitenstedelijk gebied Lden=53 dB.

4.3 Gemeentelijk geluidbeleid De gemeente Barneveld heeft geluidbeleid vastgesteld. Uitgangspunt van het gemeentelijk beleid is dat hogere grenswaarden zoveel mogelijk moeten worden voorkomen. Als de maatregelen onvoldoende effect sorteren kan de gemeente onder voorwaarden een hogere grenswaarde vaststellen. Uitgangspunt is dan dat maatregelen in bron en overdracht niet of niet in redelijkheid zijn te treffen. Daarbij moet er minimaal één geluidluwe gevel aanwezig zijn en bij voorkeur een buitenruimte aan de geluidluwe zijde.

4.4 Bouwbesluit Afdeling 3.1 van het Bouwbesluit geeft regels voor de geluidwering van de gevels. Het Bouwbesluit vereist voor nieuwbouw situaties een karakteristieke geluidwering van een uitwendige scheidingsconstructie van een verblijfsgebied van tenminste de geluidsbelasting Lden (t.g.v. wegverkeerslawaai zonder aftrek ex art 110g Wet geluidhinder) verminderd met 33 dB en een minimum van 20 dB. De norm geldt voor verblijfsgebieden vanwege de vrije indeelbaarheid. Dit om ook nog te kunnen voldoen als er later binnen het verblijfsgebied een kleinere ruimte wordt gerealiseerd. De geluidwering van de gevel van een verblijfsruimte (welke onderdeel uitmaakt van een verblijfsgebied), mag 2 dB lager zijn dan de geluidwering van de gevel van de betreffende verblijfsgebied.

Ako Veluweweg 104 Kootwijkerbroek Sep.21-v1.doc

5

Versie: 9 september 2021

5. Reken- en meetmethode In deze situatie gerekend conform het Reken- en meetvoorschrift geluidhinder 2012 (RMG2012/rev.2019). De gegevens zijn ingevoerd in het programma Winhavik van bureau DirActivitySoftware (v9.1.1). Dit programma maakt gebruik van het dBVision rekenhart SRMII v.17 formaat 2012 voor Wegverkeer en Railverkeer en Indus10 voor Industrielawaai. In de bijlagen is ter beperking van de hoeveelheid papier een selectie van de belangrijkste invoergegevens opgenomen. Meer detailinformatie is op verzoek leverbaar. De GGD heeft een methode ontwikkeld om via een zogenaamde GES (gezondheideffectscreening) aan te geven wat de geluidskwaliteit in een leefomgeving is. Dit gebeurt in de zogenaamde GES score. Deze loopt van 0 t/m 8. Waarbij een score 0 zeer goed is en een score van 8 zeer onvoldoende. De GES scores verschillen per hinderbron. Onderstaand zijn de scores voor wegverkeer weergegeven. Bij de presentatie van de rekenresultaten is aansluiting gezocht bij de GES systematiek. Geluidbelasting en GES scores voor wegverkeer Geluidsbelasting Lden dB

Letm dB(A)

Ernstig gehinderden (%)

Geschatte geluidbelasting LAeq,23-7h dB

Ernstig Slaapverstoorden (%)

GESscore

Kwalificatie

< 43

<45

0

< 34

<2

0

Zeer goed

43–47

45-49

0–3

34 - 39

2

1

Goed

48-52

50-54

3–5

39 - 44

2–3

2

Redelijk

53–57

55-59

5–9

44 - 49

3–5

4

Matig

58–62

60-64

9 - 14

49 - 54

5–7

5

Zeer matig

63-67

65-69

14 - 21

54 - 59

7 - 11

6

Onvoldoende

68–72

70-74

21 - 31

59 - 64

11 - 14

7

> 73

> 75

> 31

> 63

> 14

8

Ruim onvoldoende Zeer onvoldoende

Ako Veluweweg 104 Kootwijkerbroek Sep.21-v1.doc

6

Kleur Akoestisch onderzoek

Groen Geel

Oranje

Rood

Versie: 9 september 2021

6. Verkeersgegevens Een akoestisch onderzoek moet zo nauwkeurig mogelijk de toekomstige geluidbelasting aanduiden (binnen 10 jaar te verwachten) Voor het akoestisch onderzoek met betrekking tot dit bestemmingsplan is gebruik gemaakt van provinciale telgegevens en het verkeersmodel van 2030 van de gemeente Barneveld. In 2030 rijden er conform het verkeersmodel minder auto’s dan in 2030. Navraag bij de gemeente leert dat meerdere modellen daar van uit gaan. Vooralsnog is het verkeersmodel van Barneveld daarom aangehouden. Een overzicht van de gehanteerde verkeersgegevens is weergegeven in onderstaande tabel: Tabel 1: Verkeersgegevens Wegvak

Etmaalintensiteiten

Gemiddelde uurintensiteit

Voertuigverdeling in %

2019

2031

Periode

%

Aantal

LV

MV

ZV

5.260

5.927

Dag Avond Nacht

6.48 3.44 1.06

384 204 63

86.0 93.1 80.7

10.0 5.2 13.7

4.0 1.7 5.6

-

1.111

Dag Avond Nacht

6.5 2.7 1.4

72 30 16

86.0 93.1 80.7

10.0 5.2 13.7

4.0 1.7 5.6

Veluweweg (N800) Wegdek: SMA-NL8 G+ Max. snelh.: 5 km/u

Kerkweg Wegdek: DAB Max. snelh.: 50 km/u

Het wegdek bestaat uit geluidreducerend asfalt. De maximum snelheid bedraagt 50 km/uur. De maximale aftrek ex. art. 110 Wgh voor het stiller worden van het verkeer bedraagt daarmee 5 dB.

Ako Veluweweg 104 Kootwijkerbroek Sep.21-v1.doc

7

Versie: 9 september 2021

7. Rekenresultaten In de figuur en uitdraai in de bijlagen zijn de rekenresultaten weergegeven. Een samenvatting staat in onderstaande tabel. Tabel 2: Geluidbelasting Lden in dB vanwege de Veluweweg (N800) incl. aftrek 5 dB. Cumulatieve geluidbelasting zonder aftrek. Benodigde karakteristieke geluidwering Ga;k in dB Gevel Hw Lden Lcum Ga;k West 1.5m 52 57 24 4.5m 52 57 24 Noord 1.5m 48 53 20 4.5m 48 53 20 Zuid 1.5m 45 50 20 4.5m 46 51 20 Oost 1.5m 30 35 20 4.5m 32 37 20 De geluidbelasting vanwege de Veluweweg (N800) is in de nieuwe situatie maximaal Lden=52 dB op de westgevel (incl. aftrek 5 dB, GES Matig). Hiermee wordt niet voldaan aan de voorkeursgrenswaarde van Lden= 48 dB. De bijdrage van de Kerkweg voldoet met Lden=25 dB of lager ruimschoots aan de voorkeursgrenswaarde.

7.1 Mogelijke maatregelen Conform de Wet geluidhinder moet bij een hogere waarde worden onderzocht of maatregelen noodzakelijk zijn. Aanvrager heeft geen invloed op het verkeersaanbod. Afscherming langs de N800 is geen optie. De provincie heeft al geluidreducerend asfalt toegepast. Het opschuiven van de woning is een optie. Er is echter weinig ruimte om de woning op te schuiven. Bij het opschuiven zou dan de voortuin overal geluidbelast zijn, terwijl de geluidluwe achterzijde kleiner wordt. Plan is de ontsluiting tussen de nieuwe woning en Veluweweg 104 te realiseren. De overschrijding is daarbij beperkt. Resteert het aanvragen van een hogere grenswaarde van Lden=52 dB. De karakteristieke geluidwering van de gevels moet voldoen aan de eisen uit het Bouwbesluit van GA;k= 20-24 dB.

Ako Veluweweg 104 Kootwijkerbroek Sep.21-v1.doc

8

Versie: 9 september 2021

8. Samenvatting en conclusies 

Initiatiefnemer bereidt een aanvraag wijziging bestemmingsplan voor om het perceel te splitsen en een tweede woning mogelijk te maken aan de Veluweweg 104 te Kootwijkerbroek, gemeente Barneveld.

Adviesbureau Groenewold Milieu & Natuur is gevraagd het akoestisch onderzoek uit te voeren. Het onderzoek is de basis voor een eventuele procedure hogere waarde en levert informatie voor de milieuparagraaf bij het bestemmingsplan.

Het plan is gelegen binnen de 200m brede geluidzones van de Veluweweg (N800) en de Kerkweg. Op basis van verkeersgegevens van de provincie Gelderland en het verkeersmodel van de gemeente Barneveld is een inschatting gemaakt van de verkeersintensiteit. Als maatgevende etmaalintensiteit is uitgegaan van 5.927 mvt/etmaal in peiljaar 2031 op de Veluweweg (N800). Op de Kerkweg geeft het verkeersmodel een intensiteit van 1.111 mvt/etmaal. De maximum snelheid bedraagt 50 km/uur. Het wegdek bestaat op de N800 uit geluidreducerend SMA-NL8 G+ en op de Kerkweg ligt standaard DAB

De geluidbelasting op de gevels van de woning bedraagt vanwege de Veluweweg (N800) maximaal Lden=52 dB, na aftrek ex. art. 110 Wet geluidhinder van 5 dB. Dit voldoet niet aan de voorkeursgrenswaarde van Lden=48 dB. De bijdrage van de Kerkweg voldoet hier met Lden=25 dB of lager wel aan.

Onderzochte maatregelen aan bron en overdracht zijn in deze situatie niet reëel te treffen. Bovendien betreft het een geringe overschrijding. Er zijn drie geluidluwe gevels aanwezig. De aanvraag past daarmee binnen het gemeentelijke geluidbeleid.

De gemeente wordt gevraagd een hogere waarde vast te stellen van Lden=52 dB op de westgevel. De karakteristieke geluidwering van de gevels moet voldoen aan de eisen uit het Bouwbesluit van GA;k=20-24 dB. Hier is met de huidige eisen t.a.v. isolatie bij nieuwbouw eenvoudig te voldoen.

Het aspect wegverkeersgeluid vormt hiermee geen belemmering voor realisatie van het plan

Bijlagen 1. Situatieschets 2. Figuren met rekenresultaten 3. Uitdraai invoergegevens 4. Verkeersgegevens

Ako Veluweweg 104 Kootwijkerbroek Sep.21-v1.doc

9

Versie: 9 september 2021

Bijlage 1 Situatieschets

Vigerend bestemmingsplan

Voorgesteld plan

Bijlage 2 Figuren met rekenresultaten

objecten

VL(aftrek per wnp per weg RMG2012/2014 art 3.4) [Lden] grp:1

bodemabsorptie terreinelement bebouwing rijlijn waarneempunt gevel

>= 5 >= 10 >= 48.4 0

WinHavik 9.1.1(build 0) (c) dirActivity-software

1 : 600

>= 52.4 Wijziging Veluweweg 104 Kootwijkerbroek >= 57.4 >= 62.4 Fig.1: Geluidbelasting Lden in dB >= 67.4 Bijdrage Veluweweg (N800) - peiljaar 2031 Incl. aftrek 5 dB Hw= 1,5 en 4,5m 60

VL(aftrek per wnp per weg RMG2012/2014 art 3.4) [Lden] grp:1

Veluwew.mdb

objecten

VL(aftrek per wnp per weg RMG2012/2014 art 3.4) [Lden] grp:2

bodemabsorptie terreinelement bebouwing rijlijn waarneempunt gevel

>= 5

0 WinHavik 9.1.1(build 0) (c) dirActivity-software

1 : 1000

>= 52.4 Wijziging Veluweweg 104 Kootwijkerbroek >= 57.4 >= 10 >= 62.4 Fig.2: Geluidbelasting Lden in dB >= 48.4 >= 67.4 Bijdrage Kerkweg - peiljaar 2031 Incl. aftrek 5 dB Hw= 1,5 en 4,5m 100

VL(aftrek per wnp per weg RMG2012/2014 art 3.4) [Lden] grp:2

Veluwew.mdb

objecten bodemabsorptie terreinelement bebouwing rijlijn waarneempunt gevel

Wijziging Veluweweg 104 Kootwijkerbroek

0 WinHavik 9.1.1(build 0) (c) dirActivity-software

1 : 600 CUMUL(aftrek per wnp per weg RMG2012/2014 art 3.4)

60

Fig.3: Cumulatieve geluidbelasting Lcum in dB Bijdrage beide wegen - peiljaar 2031 Zonder aftrek Hw= 1,5 en 4,5m Veluwew.mdb

Bijlage 3 Uitdraai invoergegevens

1

Groenewold Adviesbureau voor Milieu & Natuur

Projectgegevens projectnaam: opdrachtgever: adviseur: databaseversie: situatie: uitsnede:

Wijziging Veluweweg 104 Kootwijkerbroek Oramba AWG 911 eerste situatie basismodel

omschrijving rekenhart:

verkeerslawaai 17.2.0 (build2) srmii17;rekenhart17;rmg2019

þ þ

aut. berekening gemiddeld maaiveld: alleen absorptiegebieden( geen hz-lijnen): standaard bodemabsorptie: rekenresultaat binnengelezen (datum):

100 % 09-09-2021

rekenresultaat binnengelezen (tijd):

14:38

maximum aantal reflecties:

1 graden

minimum zichthoek reflecties:

2 graden

maximum sectorhoek:

5 graden

vaste sectorhoek:

2

methode aftrek110g:

per wnp per weg RMG2012/2014 art 3.4

WinHavik 9.1.1(build 0) (c) dirActivity-software

09-09-2021 15:09

2

Groenewold Adviesbureau voor Milieu & Natuur

Bebouwing nr 2 3 4 5 6 8 9 10 11 12 14 15 16 18 19 21 22 23 24 26 28 29 30 31 32 33 34 36 37 38 39 40 41 42 43 45 47 48 49 50 51 52 53 54 55 56 57

z,gem m,gem 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0

0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0

lengte

adres

48 49 116 101 42 39 36 148 43 61 40 21 24 26 46 31 18 46 48 47 27 45 31 34 45 88 47 32 71 45 22 32 30 30 44 25 53 42 70 59 33 37 20 117 25 28 28

WinHavik 9.1.1(build 0) (c) dirActivity-software

reflectie 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80

kenmerk dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0

09-09-2021 15:09

3

Groenewold Adviesbureau voor Milieu & Natuur

nr 58 59 60 61 63 70 71 73 74 75 76 77 78 79 111 115 116 119 123 151 152 153 154 155 156 158 159 160 161 162 163 165 166 167 168 169 188 189 201 202 205 207 282

z,gem m,gem 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0 7.0

0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0 0.0

lengte

adres

26 41 13 33 255 36 37 45 39 42 60 32 83 54 41 119 80 30 30 51 27 32 31 35 45 27 39 40 37 26 43 26 24 30 29 30 47 49 66 37 51 17 30

WinHavik 9.1.1(build 0) (c) dirActivity-software

reflectie 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80

kenmerk dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0 dxf:0

09-09-2021 15:09

4

Groenewold Adviesbureau voor Milieu & Natuur

Waarneempunten met rekenresultaten (*) IL: inc. maatregel, VL:inc aftrek, RL: inc prognosetoeslag

nr

z1

m1 adres

1

0.0

0.0

2

3

4

0.0

0.0

0.0

0.0

0.0

0.0

WinHavik 9.1.1(build 0) (c) dirActivity-software

huisnr type afw.toets refl kenmerk W gevel

N gevel

Z gevel

O gevel

rhart groep VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL

sh

wnh

totaal (0) 1 totaal (0) 1 Veluweweg (N800) (1)1 Veluweweg (N800) (1)1 Kerkweg (2) 1 Kerkweg (2) 1 totaal (0) 1 totaal (0) 1 Veluweweg (N800) (1)1 Veluweweg (N800) (1)1 Kerkweg (2) 1 Kerkweg (2) 1 totaal (0) 1 totaal (0) 1 Veluweweg (N800) (1)1 Veluweweg (N800) (1)1 Kerkweg (2) 1 Kerkweg (2) 1 totaal (0) 1 totaal (0) 1 Veluweweg (N800) (1)1 Veluweweg (N800) (1)1 Kerkweg (2) 1 Kerkweg (2) 1

1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5 1.5 4.5

dag avond

nacht

Lden

af Lden(*) Letm

55.35 55.72 55.34 55.71 28.57 29.12 51.48 52.04 51.47 52.03 23.18 24.99 49.18 49.95 49.18 49.94 20.40 24.82 34.07 36.63 33.41 36.01 25.53 27.85

47.89 48.27 47.87 48.26 22.34 22.91 44.01 44.59 44.01 44.58 16.99 18.81 41.71 42.50 41.70 42.48 14.37 18.75 26.82 29.38 25.95 28.57 19.37 21.70

56.62 56.99 56.61 56.99 30.28 30.83 52.75 53.32 52.75 53.31 24.90 26.71 50.45 51.23 50.45 51.21 22.17 26.58 35.41 37.97 34.68 37.29 27.26 29.58

57 57 52 52 25 26 53 53 48 48 20 22 50 51 45 46 17 22 35 38 30 32 22 25

51.98 52.33 51.97 52.33 24.08 24.60 48.12 48.66 48.11 48.65 18.63 20.40 45.84 46.58 45.83 46.57 15.52 20.02 30.55 33.08 30.04 32.61 20.91 23.20

5 5 5 5

5 5 5 5

5 5 5 5

5 5 5 5

57.89 58.27 57.87 58.26 32.34 32.91 54.01 54.59 54.01 54.58 26.99 28.81 51.71 52.50 51.70 52.48 24.37 28.75 36.82 39.38 35.95 38.57 29.37 31.70

(^) VL: ex. optrektoeslag

af Letm(*)

5 5 5 5

5 5 5 5

5 5 5 5

5 5 5 5

58 58 53 53 27 28 54 55 49 50 22 24 52 52 47 47 19 24 37 39 31 34 24 27

dag(^) avond(^) nacht(^) 55.35 55.72 55.34 55.71 28.57 29.12 51.48 52.04 51.47 52.03 23.18 24.99 49.18 49.95 49.18 49.94 20.40 24.82 34.07 36.63 33.41 36.01 25.53 27.85

51.98 52.33 51.97 52.33 24.08 24.60 48.12 48.66 48.11 48.65 18.63 20.40 45.84 46.58 45.83 46.57 15.52 20.02 30.55 33.08 30.04 32.61 20.91 23.20

47.89 48.27 47.87 48.26 22.34 22.91 44.01 44.59 44.01 44.58 16.99 18.81 41.71 42.50 41.70 42.48 14.37 18.75 26.82 29.38 25.95 28.57 19.37 21.70

09-09-2021 15:09

5

Groenewold Adviesbureau voor Milieu & Natuur

Rijlijnen snelheden

Intensiteiten nr z,gem

lengte wegdek

hellingcor. groep

omschrijving

kenmerk

art 110g

etm.intens. % periode

%

2727.0 þ dag avond nacht 1111.0 þ dag avond nacht

6.48 3.44 1.06 6.50 2.70 1.40

1

0.0

313 18 SMA-NL 8G+

Veluweweg (N800) (1) Veluweweg (N800) 2031

vlicht

2

0.0

213 01 glad asfalt/DAB

Kerkweg (2)

vlicht

WinHavik 9.1.1(build 0) (c) dirActivity-software

Kerkweg 2031

licht middel 86.00 93.10 80.70 86.00 93.10 80.70

10.00 5.20 13.70 10.00 5.20 13.70

zwaar 4.00 1.70 5.60 4.00 1.70 5.60

motor

licht middel zwaar motor 50 50 50 50 50 50

50 50 50 50 50 50

50 50 50 50 50 50

09-09-2021 15:09

6

Groenewold Adviesbureau voor Milieu & Natuur

Bodemabsorptie nr

lengte

absorptie [%]

1 2 3

696 436 48

.0 .0 20.0

WinHavik 9.1.1(build 0) (c) dirActivity-software

kenmerk weg weg terrein

09-09-2021 15:09

Bijlage 4 Verkeersgegevens

Verkeersgegevens gemeente

Kootwijkerbroek, gemeente Barneveld

Veluweweg (N800)

wegvak (van - tot): jaar tel. groei per jaar 2030 2700 1,00%

Veluweweg (N800)

Intensiteit

Verdeling %/uur LV MV ZV

Essenerw - Garderbrw jaar maatg. wegdek 2031 2727 SMA-NL8 G+

snelheid

opmerkingen

50

Verkeersmodel 2030 Barneveld

Veluweweg (N800) Dag 6,48% 86,00% 10,00% 4,00%

Avond 3,44% 93,10% 5,20% 1,70%

Nacht 1,06% 80,70% 13,70% 5,60%

100,0%

100,0%

100,0%

Aantal LV MV ZV

uurintensiteit

Dag 177 152,0 17,7 7,1 177

Avond 93,8 87,3 4,9 1,6 94

Nacht 28,9 23,3 4,0 1,6 29

Verkeersgegevens gemeente

Kootwijkerbroek, gemeente Barneveld

Kerkweg

wegvak (van - tot): jaar tel. groei per jaar 2030 1100 1,00%

Kerkweg

Intensiteit

Verdeling %/uur LV MV ZV

N800 - Hoevedorp jaar maatg. 2031 1111

wegdek

snelheid

opmerkingen

DAB

50

Verkeersmodel Barneveld

Kerkweg Dag 6,50% 86,00% 10,00% 4,00%

Avond 2,70% 93,10% 5,20% 1,70%

Nacht 1,40% 80,70% 13,70% 5,60%

100,0%

100,0%

100,0%

Aantal LV MV ZV

uurintensiteit

Dag 72 62,1 7,2 2,9 72

Avond 30,0 27,9 1,6 0,5 30

Nacht 15,6 12,6 2,1 0,9 16

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Barneveld&id=ab081501-575b-46ec-83e5-61c04cbad527