CConstaterende datBarneveld
Koppel je AI →
Document · PDF

Schooneng_Toelichting

Gemeenteraad 29 mei 2024, gemeente BarneveldBij agendapunt: Bestemmingsplan Schooneng (Voorthuizen)24.864 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Schooneng

(juni 2024) bestemmingsplan Plannr. 1768

Schooneng

Inhoudsopgave

Toelichting Hoofdstuk 1

5 INLEIDING

5

Hoofdstuk 2 BESTAANDE SITUATIE 2.1 Begrenzing plangebied 2.2 Geldende bestemmingen 2.3 Ontstaansgeschiedenis 2.4 Ruimtelijke structuur

7 7 7 9 9

Hoofdstuk 3 3.1 Visie

10 10

PLANBESCHRIJVING

Hoofdstuk 4 BELEIDSKADER 4.1 Inleiding 4.2 Rijk 4.3 Provincie 4.4 Regio 4.5 Waterschap 4.6 Gemeente

12 12 12 13 16 17 18

Hoofdstuk 5 RANDVOORWAARDEN 5.1 Bodem 5.2 Cultuurhistorie 5.3 Ecologie 5.4 Externe veiligheid 5.5 Geluid 5.6 Geur 5.7 Ladder voor duurzame verstedelijking 5.8 Leidingen en laagvliegroutes 5.9 Luchtkwaliteit 5.10 Milieueffectrapportage 5.11 Milieuzonering 5.12 Natuur en landschap 5.13 Ontplofbare oorlogsresten 5.14 Veiligheid en gezondheid 5.15 Verkeer 5.16 Water

26 26 27 31 35 37 37 40 42 43 44 45 46 47 48 49 50

Hoofdstuk 6 JURIDISCHE ASPECTEN 6.1 Juridische aspecten 6.2 Handhaving

52 52 58

Hoofdstuk 7 ECONOMISCHE UITVOERBAARHEID 7.1 Kostenverhaal en zekerstellingen 7.2 Grondexploitatie en economische uitvoerbaarheid

59 59 59

Hoofdstuk 8 OVERLEG EN MAATSCHAPPELIJKE UITVOERBAARHEID 8.1 Participatie 8.2 Overleg ex artikel 3.1.1 Bro 8.3 Zienswijzen

60 60 61 61

Bijlagen bij de toelichting Bijlage 1

2

Aanvraag ontheffing Wnb Schoonengweg 6 (2018)

"Schooneng" (vastgesteld)

Schooneng

Bijlage 2

Activiteitenplan aanvraag ontheffing Wnb Schoonengweg 6 (2018)

Bijlage 3

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai (2024)

Bijlage 4

Archeologisch onderzoek Schoonengweg 5 (2024)

Bijlage 5

Archeologisch veldonderzoek (2011)

Bijlage 6

Archeologisch vooronderzoek (2010)

Bijlage 7

Bodemonderzoek Schoonengweg 5 (2012)

Bijlage 8

Bodemonderzoek Schoonengweg 6 (2016)

Bijlage 9

Bodemonderzoek Schoonengweg 6 eo (2024)

Bijlage 10

Bodemonderzoek Voorthuizen-Zuid (2019)

Bijlage 11

Bomeneffectanalyse (2024)

Bijlage 12

Bomeneffectanalyse - boomveiligheidsgegevens (2024)

Bijlage 13

Bomeneffectanalyse - bomenposter (2024)

Bijlage 14

Bomeneffectanalyse - inventarisatiegegevens (2024)

Bijlage 15

Bomeneffectanalyse - kaart boomnummers (2024)

Bijlage 16

Bomeneffectanalyse - kaart toekomstverwachting (2024)

Bijlage 17

Bomeneffectanalyse - ontwerpplan (2024)

Bijlage 18

Ecologisch onderzoek Schoonengweg (2021)

Bijlage 19

Ecologisch onderzoek Schoonengweg 6-7 (2017)

Bijlage 20

Externe veiligheid (2023)

Bijlage 21

Inventarisatie en boomveiligheidscontrole (2019)

Bijlage 22

Kabels en leidingen (2023)

Bijlage 23

Ladder voor duurzame verstedelijking (2023)

Bijlage 24

Milieueffectrapportage, aanmeldnotitie (2023)

Bijlage 25

Milieueffectrapportage, besluit (2023)

Bijlage 26

Nota zienswijzen (2024)

Bijlage 27

Ontheffing laatvliegers Wet natuurbescherming (2019)

Bijlage 28

Ontheffing vleermuis huismus Wet natuurbescherming (2019)

Bijlage 29

Participatie verslag (2023)

Bijlage 30

Stedenbouwkundig plan met beeldkwaliteitscriteria (2024)

Bijlage 31

Stikstofemissie aanlegfase (2024)

Bijlage 32

Stikstofemissie gebruiksfase (2024)

Bijlage 33

Quickscan ecologie Schoonengweg (2019)

Bijlage 34

Quickscan ecologie Schoonengweg - erratum (2024)

Bijlage 35

Quickscan ecologie Schoonengweg 6-7 (2017)

Bijlage 36

Voortoets Wnb gebiedsbescherming (2024)

Bijlage 37

Voortoets Wnb gebiedsbescherming - reactie (2024)

Bijlage 38

Waterhuishoudings- en rioleringsplan (2024)

"Schooneng" (vastgesteld)

3

Schooneng

4

"Schooneng" (vastgesteld)

Schooneng

Toelichting Hoofdstuk 1

INLEIDING

Het voorliggende bestemmingsplan "Schooneng" is gericht op het realiseren van een woonwijk aan de zuidzijde van de kern Voorthuizen. De wijk krijgt een goede verkaveling, ruimtelijke kwaliteit en een gedifferentieerd woningbouwprogramma. Er komen circa 158 woningen. Om de continuïteit van de woningbouw te waarborgen, is het noodzakelijk dat gemeente Barneveld in samenwerking met een projectontwikkelaar dit nieuwe gedeelte van de zoekzone voor woningbouw ontwikkelt. De nieuwe wijken "Holzenbosch", "Wikselaarse Eng" en "Kromme Akker-Zuid II" zijn inmiddels gerealiseerd. De situering van het plangebied is te zien op de onderstaande topografische kaart (zie afbeelding 1). De locatie is aangeduid met een rood kader. Verder is een luchtfoto van het plangebied opgenomen. Het gaat om de verdere ontwikkeling van de zoekzone voor woningbouw Voorthuizen-Zuid.

Afbeelding 1 Topografische kaart, www.topotijdreis.nl

"Schooneng" (vastgesteld)

5

Schooneng

Afbeelding 2 Luchtfoto plangebied 2023

De uitvoering van dit plan is niet mogelijk binnen het geldende bestemmingsplan. Daarom is voorliggende herziening van het bestemmingsplan opgesteld. Voorliggend plan bestaat uit een verbeelding, regels en een toelichting. De toelichting is opgebouwd uit acht hoofdstukken. Na dit hoofdstuk beschrijft hoofdstuk 2 de bestaande situatie. Vervolgens wordt in hoofdstuk 3 een beschrijving van het plan gegeven. Hoofdstuk 4 gaat vervolgens in op het beleidskader. Het vijfde hoofdstuk gaat in op de randvoorwaarden, waarna in het zesde hoofdstuk de juridische aspecten worden besproken. In hoofdstuk 7 is aandacht voor de economische uitvoerbaarheid. Hoofdstuk 8 gaat in op de resultaten van de procedure ten behoeve van dit bestemmingsplan. De bijlagen bij de toelichting zijn opgenomen in alfabetische volgorde.

6

"Schooneng" (vastgesteld)

Schooneng

Hoofdstuk 2 2.1

BESTAANDE SITUATIE

Begrenzing plangebied

Het plangebied "Schooneng" is gelegen aan de zuidzijde van de kern Voorthuizen tussen de bestaande wijk Holzenbosch aan de westzijde en Wikselaarse Eng aan de oostzijde. De Holzenboschlaan vormt de zuidgrens van het plangebied. Aan de noordzijde grenst het plangebied aan de bestaande bebouwing van de Componistenwijk van Voorthuizen.

Afbeelding 3 Plangrens De bovenstaande afbeelding geeft de begrenzing van het plangebied weer.

2.2

Geldende bestemmingen

2.2.1

Bestemmingsplannen

Er zijn vijf bestemmingsplannen relevant. Deze zijn hieronder opgesomd. Bestemmingsplan "Buitengebied 2012" (geconsolideerd) Het voorliggende bestemmingsplan "Schooneng" is hoofdzakelijk een herziening van een deelgebied van bestemmingsplan "Buitengebied 2012" (geconsolideerd). In het laatstgenoemde bestemmingsplan heeft de raad van gemeente Barneveld de enkelbestemming 'Agrarisch' (artikel 3) toegekend aan het grootste gedeelte van de gronden. De nieuwe woonwijk is niet in overeenstemming met het geldende bestemmingsplan. Bestemmingsplan "Parapluherziening Cultuurhistorie-Archeologie" Tevens geldt het bestemmingsplan "Parapluherziening Cultuurhistorie-Archeologie" (2023). Het perceel kadastraal bekend gemeente Voorthuizen, sectie G, nummer 4540 binnen de grenzen van het plangebied "Schooneng" heeft hierin de bestemming 'Waarde - Archeologie 4'. In artikel 6.1 van het bestemmingsplan "Parapluherziening Cultuurhistorie-Archeologie" is vastgelegd dat de gronden mede bestemd zijn voor het

"Schooneng" (vastgesteld)

7

Schooneng behoud en de bescherming van archeologische waarden van de gronden. Bestemmingsplan "Schoonengweg I" Aan de oostzijde van het plangebied "Schooneng" valt een relatief klein gedeelte van de gronden binnen de grenzen van het bestemmingsplan "Schoonengweg I" (2016). Aan de bewuste gronden heeft de raad van gemeente Barneveld de enkelbestemming 'Agrarisch - Onbebouwd' (artikel 3) toegekend. Verder rust op de gronden de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 1' (artikel 6) met een functieaanduiding 'specifieke vorm van waarde - archeologie 1 - middelhoge verwachtingswaarde'. De gebiedsaanduidingen zijn hier buiten beschouwing gelaten. De als 'Agrarisch - Onbebouwd' aangewezen gronden zijn bestemd voor agrarisch gebruik in de vorm van het voortbrengen van producten door middel van het telen van gewassen en/of het houden van dieren en/of hobbymatig agrarisch gebruik. Woningbouw en bijbehorende groenvoorzieningen zijn daar niet toegestaan. Bestemmingsplan "Hoofdontsluitingsweg Voorthuizen-Zuid" Een klein deel van de gronden aan de oostzijde van het plangebied "Schooneng" heeft in het bestemmingsplan "Hoofdontsluitingsweg Voorthuizen-Zuid" (2019) de enkel bestemming 'Groen' (artikel 3). De beoogde verkeersfunctie is daar niet toegelaten. Bestemmingsplan "Holzenbosch" In het zuidwesten van het plangebied "Schooneng" is een infrastructurele aanpassing noodzakelijk.

In het bestemmingsplan "Holzenbosch" (2015) is aan de bewuste gronden de enkelbestemming 'Groen' (artikel 4) toegekend. De beoogde verkeersfunctie is daar niet toegelaten.

Afbeelding 4 Contourenkaart

Conclusie Op de bovenstaande contourenkaart is het diagonaal gearceerde plangebied "Schooneng" te zien in relatie tot de in deze paragraaf 2.2.1 genoemde, relevante bestemmingsplannen, met uitzondering van de "Parapluherziening Cultuurhistorie-Archeologie". In de bestemmingsplannen zijn geen mogelijkheden opgenomen die de uitvoering van het voorliggende plan mogelijk maken, bijvoorbeeld door wijziging of afwijken met een omgevingsvergunning. Daarom is een herziening van het bestemmingsplan noodzakelijk.

8

"Schooneng" (vastgesteld)

Schooneng

2.2.2

Voorbereidingsbesluit

Er geldt overigens ook een voorbereidingsbesluit van de Minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening met betrekking tot hyperscale datacenters op deze locatie. Nu het plan geen hyperscale datacenter mogelijk maakt, is dit voorbereidingsbesluit niet relevant voor het voorliggende plan.

2.3

Ontstaansgeschiedenis

De ontwikkeling van de nieuwe woonwijk 'Schooneng' heeft zijn wortels in de rijke geschiedenis van Voorthuizen. De naam 'Voorthuizen' verwijst naar een 'voorde', een doorwaadbare plaats over de eens open Ganzenbeek. Dit schilderachtige dorp bevond zich op een strategisch kruispunt van belangrijke handelsroutes. De locatie van Voorthuizen, grenzend aan de Gelderse Vallei en de overgang naar het Veluwemassief, kenmerkt zich door zandgronden met nat-droge kampontginningen. Historisch gezien was de schapenhouderij een essentieel onderdeel van de economie van Voorthuizen, en schapen werden gedrenkt en gewassen in talloze schaapskolken, sommige gevormd door het turfsteken. De historische kaart van 1832 toont een lappendeken van kampontginningen met onregelmatig gevormde percelen voor verschillende doeleinden, zoals bouwland, bos, weide of heide. Het wegennet, de locatie van erven en perceelvormen waren afhankelijk van de ondergrond en de topografie. In de afgelopen eeuw heeft het landschap echter ingrijpende veranderingen ondergaan, onder meer door de grootschalige uitbreiding van het dorp, waaronder nieuwe woonwijken en bedrijventerreinen, evenals de ontwikkeling van grootschalige infrastructuur, zoals de snelweg A1. Het oorspronkelijke landschap is dus drastisch gewijzigd.

In dit historische transformatieproces blijft de 'Schoonengweg' als een tastbare verwijzing naar het oude landschap behouden. Deze weg volgt nog steeds min of meer de oude route. Ook de aanwezige houtsingels rondom het plangebied zijn nog tastbare verwijzingen naar de oude kampontginningen, waarin bouwlanden en weides werden omzoomd met houtsingels (kamers).

2.4

Ruimtelijke structuur

Het plangebied wordt aan de noordzijde begrensd door de bestaande Componistenwijk. Aan de oost- en westzijde vormen forse houtsingels de begrenzing. Bomen en onderbeplanting zorgen hier voor dichte structuren. Ten oosten van het plangebied ligt de recent voltooide wijk Wikselaarse Eng en ten westen de wijk Holzenbosch, die eveneens recent voltooid is. De zuidzijde van het plangebied wordt begrensd door de Holzenboschlaan. Deze nieuwe randweg ontsluit de verschillende buurten in Voorthuizen-Zuid. Het karakter van het plangebied wordt bepaald door de Schoonengweg, met bomenrijen aan weerszijden, en de agrarische gronden die hier ten noorden en zuiden van liggen. Centraal in het gebied ligt een boerenerf, dat zijn gebruiksfunctie heeft verloren. De bedrijfsbebouwing is in 2019 grotendeels gesloopt. Alleen het woonhuis is blijven staan, maar wordt inmiddels niet meer bewoond. De bomenrijen die het erf aan de oost- en zuidrand omzoomden zijn gekapt toen ook de bedrijfsbebouwing werd gesloopt, maar de solitaire erfbomen zijn wel grotendeels behouden gebleven. Ten noorden van de Schoonengweg ligt, te midden van de agrarische gronden, een overwoekerd perceel. Hier heeft in het verleden een dierenasiel gestaan. Zo'n zeven jaar geleden zijn de opstallen gesloopt en is het perceel in onbruik geraakt. Enkele solitaire bomen staan er nog steeds.

"Schooneng" (vastgesteld)

9

Schooneng

Hoofdstuk 3 3.1

PLANBESCHRIJVING

Visie

De nieuwe wijk 'Schooneng' sluit op een zorgvuldige manier aan bij de ontstaansgeschiedenis van het gebied en bij de omliggende wijken. De Schoonengweg blijft behouden en vormt een fiets- en voetgangersverbinding met de kern en het buitengebied. De weg zorgt voor een opdeling van het gebied in deelgebieden (kamers). De positie van het oude erf wordt als een aparte 'kamer' hersteld. Oude erfbomen worden ingepast en de 'kamer' wordt begrensd door bestaande en nieuwe houtsingels. De Schoonengweg en het oude erf vormen het groene en autoluwe hart van de buurt. Rondom dit hart loopt de ontsluitingsweg voor auto's als een lus door de buurt. Deze ontsluit de verschillende deelgebieden. De Holzenboschlaan fungeert als de nieuwe randweg die de verschillende wijken Voorthuizen zuid ontsluit. Het oostelijk en westelijk deel van het plangebied worden begrensd door bestaande houtsingels. Hier volgen enkele belangrijke punten betreffende de indeling en structuur van de wijk: Centrale deel - De Groene Kamer Het centrale deel van de wijk wordt begrensd door zowel nieuwe als bestaande houtstructuren en biedt een campusachtige indeling met verspreide gebouwen in een groene omgeving. De bebouwing in dit deel omvat een 'schuur' met sociale koopappartementen, twee appartementengebouwen en enkele vrijstaande woningen.

De bebouwing is rationeel gepositioneerd, in tegenstelling tot de meer organisch vormgegeven overige deelgebieden. Een noord-zuidverbinding, waar de auto te gast is, doorsnijdt dit deel, en van daaruit vertakken paden. In de noordoostelijke hoek bevindt zich tussen de bestaande erfbeplanting en parkje met speelgelegenheid. Parkeren is geclusterd in parkeergelegenheden. Noordelijke deel - Noord van de Schoonengweg Dit deel wordt gescheiden van het centrale deel door een wadistructuur en de Schoonengweg. De bebouwing volgt de organisch vormgegeven wegen, wat resulteert in een gevarieerd straatbeeld. De bebouwing in dit deel omvat een mix van (deels levensloopbestendige) tussen- en hoekwoningen, twee-onder-een-kapwoningen en vrijstaande woningen. Parkeren is deels geclusterd, maar vindt ook langs de wegen plaats. De overgang naar de bestaande woonwijk in het noorden is tot stand gekomen in overleg met de huidige bewoners. Een groenstrook scheidt de bestaande wijk van de nieuwe wijk, waarbij sommige kavels naar het noorden zijn gericht en andere naar de straat. Zuidelijke deel - Twee bouwblokken en Hof Het zuidelijke deel bestaat uit twee bouwblokken met een hof ertussen. De speelse vormgeving van de wegen en positionering van de woningen zorgt voor een gevarieerd beeld. Het hof is autovrij en zal ruimte bieden aan speelvoorzieningen en waterberging.

De woningen zijn te voet bereikbaar via een pad. De bebouwing in het zuidelijk deel bestaat grotendeels uit tussen- en hoekwoningen met daarnaast enkele twee-onder-een-kapwoningen en vrijstaande woningen. Parkeren is geclusterd in parkeergelegenheden en vindt deels langs de wegen plaats. De Holzenboschlaan wordt in dit gebied geflankeerd door groene ruimtes aan beide zijden. De ruimtelijke structuur van de nieuwe wijk wordt verbeeld in het stedenbouwkundig plan (bijlage 30). Hierin zijn ook de resultaten van de Bomen Effect Analyse meegenomen (zie paragraaf 5.12). De visie op de nieuwe woonwijk Schooneng is omschreven en verbeeld in het stedenbouwkundige plan waarin ook beeldkwaliteitscriteria zijn opgenomen (bijlage 30). De wijk heeft groen karakter waarin robuuste, elegante bebouwing een plek heeft. Dit zorgt voor een rustig en evenwichtig uiterlijk, waarmee het zich voegt tussen de uitgesproken architectuur van de omliggende wijken van Voorthuizen-Zuid. De bouwmassa's kenmerken zich door robuuste en eenvoudige vormen met een ingetogen detaillering. Baksteengevels vormen de basis, waarin houten accenten zorgen voor een zachte en natuurlijke uitstraling. Dakvormen zijn overwegend zadeldaken, maar andere vormen kunnen voorkomen om variatie en afwisseling te bevorderen. In de openbare ruimte staan duurzaamheid en klimaatadaptatie centraal.

Verharding wordt alleen toegepast waar dit nodig is en zal qua uitstraling zoveel mogelijk aansluiten bij de wijken Holzenbosch en Wikselaarse Eng. Bestaande en nieuwe bomen, heesters en hagen zorgen voor een prettige leefomgeving, hoge biodiversiteit en voor verkoeling in warme periodes. In dit groen liggen twee speelruimtes met een 10

"Schooneng" (vastgesteld)

Schooneng natuurlijke uitstraling. Wateropvang wordt strategisch in de openbare ruimte geïntegreerd in wadi's die naast een waterhuishoudkundige functie ook een ecologische functie hebben.

Afbeelding 5 Kaart stedenbouwkundig plan

"Schooneng" (vastgesteld)

11

Schooneng

Hoofdstuk 4 4.1

BELEIDSKADER

Inleiding

In dit hoofdstuk wordt ingegaan op het relevante beleidskader. Het gaat om beleid en beleidsnota's die direct dan wel indirect doorwerken in het bestemmingsplan of invloed hebben op de bestemmingsregelingen. Van deze nota's is hierna per bestuursniveau een beknopte samenvatting gegeven.

4.2

Rijk

4.2.1

Nationale Omgevingsvisie

Op 11 september 2020 is de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) 'Duurzaam perspectief voor onze leefomgeving' in werking getreden. Deze visie bevat de hoofdzaken van het strategisch rijksbeleid voor de fysieke leefomgeving. Dit is een combinatie van beleid uit de bestaande beleidsdocumenten, met en zonder wettelijke grondslag, en nieuw strategisch beleid. De grote en complexe opgaven, zoals klimaatverandering, energietransitie, circulaire economie, bereikbaarheid en woningbouw, zullen Nederland gaan veranderen. De NOVI bevat een toekomstperspectief met de ambities van het Rijk. In de NOVI zijn 21 nationale belangen met bijbehorende opgaven geformuleerd. Deze nationale belangen komen samen in vier prioriteiten: 1. 2. 3. 4.

ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie; duurzaam economisch groeipotentieel; sterke en gezonde steden en regio's; toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied.

Voor de vier NOVI-prioriteiten geldt steeds dat zowel voor de lange als de korte termijn maatregelen nodig zijn. Deze maatregelen dienen in de praktijk voortdurend op elkaar in te spelen. Bij de afweging van de belangen staat een evenwichtig gebruik van de fysieke leefomgeving centraal voor zowel de boven- als de ondergrond. Doorwerking Het beoogde plan is in lijn met de prioriteiten, in het bijzonder met de prioriteit van sterke en gezonde steden en regio's. De ontwikkeling van de woonwijk Schooneng draagt bij aan een woningvoorraad die aansluit op de woningbehoeften. De NOVI vormt daarom geen belemmering voor dit plan.

4.2.2

Nationaal Waterplan 2016-2021

Het Nationaal Waterplan 2016-2021 is de opvolger van het Nationaal Waterplan 2009-2015. Het bevat de hoofdlijnen van het nationaal waterbeleid en de aspecten van het ruimtelijk beleid die daartoe behoren. Het Nationaal Waterplan verankert het nieuwe beleid voor de komende 6 jaar met een vooruitblik richting 2050: Nederland, een veilige en leefbare delta, nu en in de toekomst. In het Nationaal Waterplan staan 5 ambities centraal. Nederland moet de veiligste delta in de wereld blijven. Deze ambitie wordt vooral ingevuld door onze veiligheidsnormen tegen overstroming te vernieuwen. Daarnaast wordt ingezet op een verbetering van de waterkwaliteit (meststoffen, bestrijdingsmiddelen, medicijnresten, microplastics). Dit zorgt ervoor dat de Nederlandse wateren schoon en gezond zijn en er genoeg zoet water is. Verder beschrijft het Nationaal Waterplan dat Nederland klimaatbestendig en waterrobuust wordt ingericht en dat Nederland een gidsland is en blijft voor watermanagement en -innovaties. Dat is gunstig voor onze economie en ons verdienvermogen. De vijfde ambitie bestaat eruit dat Nederlanders waterbewust leven. Deze ambities moeten gezamenlijk ingevuld worden door iedereen die werkt aan de ruimtelijke inrichting van Nederland: alle overheden, bedrijven, maatschappelijke organisaties en kennisinstellingen.

Doorwerking in plangebied De bevindingen en resultaten van de watertoets zijn beschreven in de waterparagraaf (§ 5.16).

12

"Schooneng" (vastgesteld)

Schooneng

4.2.3

Crisis- en herstelwet

Op 1 januari 2010 is de Crisis- en herstelwet (Chw) in werking getreden. Deze wet geeft regels met betrekking tot versnelde ontwikkeling en verwezenlijking van ruimtelijke en infrastructurele projecten. Op 25 april 2013 is de Crisis- en herstelwet via een wijzigingswet permanent gemaakt en zijn verbeteringen op het terrein van het omgevingsrecht doorgevoerd (zie kamerstukken 33.135). De Chw omvat twee categorieën maatregelen: tijdelijke maatregelen voor afgebakende lijsten met projecten en bevoegdheden; wijzigingen van bijzondere wetten. In Bijlage I van de Chw worden onder meer de volgende ruimtelijke en infrastructurele projecten genoemd, waarop de wet van toepassing is: zeer diverse projecten op het gebied van duurzame energie; gebiedsontwikkeling en werken van lokaal of regionaal belang, onderverdeeld in: 1. een bestemmingsplan voor de bouw van meer dan 11 woningen in een aaneengesloten gebied, of de herstructurering van woon- en werkgebieden; 2. een bestemmingsplan voor de aanleg of wijziging van wegen; 3. projecten ten behoeve van de inpassing in het landschap, natuurontwikkeling of recreatiedoeleinden, waar deze samenhangen met projecten ten aanzien van de in bijlage I bedoelde projecten ten aanzien van wegen.

Doorwerking in plangebied In dit geval is de Crisis- en herstelwet van toepassing, want het plan is gericht op de bouw van circa 158 woningen in een aaneengesloten gebied (artikel 1.1, eerste lid onder sub a Chw jo. artikel 3.1 van Bijlage I Chw).

4.3

Provincie

4.3.1

Omgevingsvisie en Omgevingsverordening

Algemeen De provincie Gelderland heeft een Omgevingsvisie en -verordening. Deze plannen gaan over verkeer, water, natuur, milieu en ruimtelijke ordening. De Omgevingsvisie beschrijft de lange termijn ambities en beleidsdoelen voor de fysiek leefomgeving. In de Omgevingsverordening zijn regels en bepalingen over de inrichting en beheer van de ruimtelijke omgeving vastgelegd. Met de Omgevingsvisie en -verordening loopt de provincie vooruit op de aankomende Omgevingswet, die 1 januari 2024 van kracht wordt. Deze wet biedt meer ruimte voor initiatieven en ontwikkelingen in het fysieke domein, in gesprek met de omgeving. Wanneer het nodig is, actualiseert de provincie onderdelen van de Omgevingsvisie en -verordening.

4.3.1.1

Omgevingsvisie

Provinciale staten van Gelderland hebben op 19 december 2018 de Omgevingsvisie Gaaf Gelderland vastgesteld. De Omgevingsvisie Gaaf Gelderland 2018 vervangt na publicatie de Omgevingsvisie Gelderland 2014-2018. De Omgevingsvisie Gaaf Gelderland 2018 gaat in de breedte over het beleid van de provincie voor de fysieke leefomgeving. Anders dan de Omgevingsvisie Gelderland 2014-2018, geeft de Omgevingsvisie Gaaf Gelderland 2018 richting op de strategische hoofdlijnen van het beleid. Beide visies integreren een vijftal wettelijk verplichte planfiguren voor het provinciaal beleid voor de leefomgeving; te weten ruimte, natuur, water, milieu en verkeer en vervoer. Gelderland werkt samen met partners aan een gezond, veilig, schoon en welvarend Gelderland. Dit doen ze door zich bij het uitvoeren van onze taken te richten op een duurzaam, verbonden en economisch krachtig Gelderland. Met hulp van zeven onderwerpen geven ze hier richting aan: energietransitie "Schooneng" (vastgesteld)

13

Schooneng klimaatadaptatie circulaire economie biodiversiteit bereikbaarheid economisch vestigingsklimaat woon- en leefklimaat Doorwerking in plangebied De voorgenomen ontwikkeling van het plangebied is in overeenstemming met de omgevingsvisie. Voorliggend plan past binnen de ambitie van de provincie om een duurzaam en divers woon- en leefklimaat te realiseren, met een aanbod aan woningtypen en woonmilieus passend bij de diversiteit aan woningvraag. Het woningbouwplan past binnen de totale woningbouwprogrammering van de gemeente.

4.3.1.2

Omgevingsverordening

De Omgevingsverordening richt zich net zo breed als de Omgevingsvisie op de fysieke leefomgeving in de provincie Gelderland. Dit betekent dat alle regels die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving opgenomen zijn in de Omgevingsverordening. De Omgevingsverordening Gelderland heeft de status van ruimtelijke verordening, milieuverordening, waterverordening en verkeersverordening. De 'Ruimtelijke Verordening Gelderland' en de 'Ruimtelijke Verordening Gelderland, eerste herziening', zijn ingetrokken. De Omgevingsverordening is met ingang van 17 oktober 2014 in werking getreden. De provincie actualiseert regelmatig de Omgevingsverordening. In de Omgevingsverordening is het plangebied opgenomen op de kaarten: Kaart 2: Regels Glastuinbouw

Afbeelding 6 Fragment kaart 2: Regels Glastuinbouw Kaart 9: Regels Water en Milieu

14

"Schooneng" (vastgesteld)

Schooneng

Afbeelding 7 Fragment kaart 9: Regels Water en Milieu

Klimaatadaptatie In artikel 2.65b van de provinciale verordening is een artikel opgenomen over klimaatadaptatie. Bij plannen moet hierop worden ingaan. Het artikel bepaalt dat voor zover een bestemmingsplan een nieuwe activiteit of ontwikkeling mogelijk maakt, de toelichting bij het bestemmingsplan een beschrijving dient te bevatten van de maatregelen of voorzieningen die worden getroffen om de risico's van klimaatverandering te voorkomen of te beperken en de afweging die daarbij is gemaakt. Doorwerking in plangebied Wat betreft glastuinbouw: de ontwikkeling van de woonwijk komt buiten het glastuinbouwontwikkelingsgebied. In artikel 2.17 van de verordening is bepaald dat een bestemmingsplan eenmalig de uitbreiding van een bestaand glastuinbouwbedrijf buiten een glastuinbouwontwikkelingsgebied mag toelaten. De regels zijn irrelevant voor de voorgenomen ontwikkeling van het plangebied. Er is geen sprake van een glastuinbouwbedrijf. Wat betreft de aspecten water en milieu: op afbeelding 6 is te zien dat het plangebied deel uitmaakt van 'intrekgebieden'. Een intrekgebied is een beschermingsgebied dat is aangewezen op grond van artikel 1.2, tweede lid onder sub a van de Wet milieubeheer (Wm).

In artikel 2.38 van de Omgevingsverordening is bepaald dat intrekgebieden in een bestemmingsplan geen bestemming krijgen die de winning van fossiele energie, zoals aardgas, aardolie, schaliegas en steenkoolgas, mogelijk maakt. In het voorliggende bestemmingsplan is dit niet aan de orde. In het kader van klimaatadaptatie in plangebied "Schooneng" wordt aandacht besteed aan waterveiligheid, wateroverlast, droogte en hitte. Op particulier terrein wordt regenwater opgevangen en geïnfiltreerd met behulp van infiltratiekratten. In het openbaar gebied wordt regenwater bovengronds afgevoerd naar wadi's, waar het gecontroleerd in de bodem kan infiltreren, wat bijdraagt aan duurzaam waterbeheer. Om droogte te adresseren, worden bomen geplant in de wijk, en parkeervakken worden uitgevoerd in halfverharding. Deze maatregelen dragen bij aan het verminderen van hitte-effecten in de omgeving. Het gebruik van halfverharding voor parkeervakken draagt ook bij aan duurzaamheid en vermindert de mate van verharding in de wijk. "Schooneng" (vastgesteld)

15

Schooneng

In de verordening is een instructieregel opgenomen over de doorwerking van de regionale woonagenda. Op grond van het bepaalde in artikel 2.2 van de Omgevingsverordening maakt een bestemmingsplan alleen nieuwe woningen mogelijk als die ontwikkeling past binnen een door gedeputeerde staten vastgestelde woonagenda. Onderhavig plan past hierbinnen. In paragraaf 4.6.8 is dit nader uiteengezet. Het plan is in overeenstemming met de verordening.

4.4

Regio

4.4.1

Regionaal Adaptatie Plan Vallei en Veluwe

Op 4 december 2020 is het Regionaal Adaptatie Plan Vallei en Veluwe (RAP) ondertekend door de Manifestregio. In de regio werken 28 gemeenten, waterschap Vallei en Veluwe, provincies Utrecht en Gelderland, Vitens, Veiligheidsregio's en Rijkswaterstaat samen op het gebied van klimaatadaptatie. Met het RAP geeft de regio invulling aan de landelijke opgave voor overheden om vanaf eind 2020 klimaatadaptief te werken om in 2050 klimaatbestendig te zijn. Deze opgave komt voort uit het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie. Het klimaat verandert namelijk snel en merkbaar. Klimaatadaptatie is omgaan met het nieuwe klimaat met extremer weer: heftige buien of juist lange periodes van hitte en droogte. De omgeving waarin we leven, werken en ontspannen, maar ook de manier van leven moeten we daarop aanpassen. In het RAP zijn de regionale aandachtsgebieden voor de komende jaren bepaald, aanvullend op wat elke partij zelf moet of kan doen. Vooraf zijn voor het hele gebied de kwetsbaarheden van wateroverlast, droogte en hitte in kaart gebracht in een klimaateffectatlas. Tevens zijn risicodialogen met elkaar gevoerd over de gevolgen van klimaatverandering en de opgaven voor de regio.

Het RAP is een strategische agenda rondom 4 thema's: Prettig wonen en werken, Aangenaam recreëren, Basisfuncties (elektriciteit, hoofdwegennet, verpleeghuizen, etc.) veilig stellen en Natuurlijk bodem- en watersysteem. Per thema zijn (hoofd)ambities, speerpunten en maatregelen geformuleerd. Het thema prettig wonen ambieert een klimaatbestendige, veilige en gezond ingerichte stedelijke omgeving. Speerpunten zijn Ketenafspraken klimaatbestendig bouwen, Ontwikkelafspraken met woningcoöperaties, Instrumentenmix voor bestaand stedelijk gebied, Stimuleringsregeling klimaatbestendige maatregelen en Hitteplan. Het thema Aangenaam recreëren ambieert een klimaatbestendige, veilige en gezond ingericht recreatief buitengebied. Het speerpunt is Groen-blauwe recreatie. Het thema Basisfuncties ambieert een veilig en robuust ontworpen nutsvoorzieningen en infrastructuur. Speerpunten zijn Natuurbranden preventieplan, Overstromingsbestendige gebieden en gebouwen, (Hoofd)verdeelstations beoordelen en Doorgaande wegen klimaatrobuust. Het thema Natuurlijk bodem- en watersysteem ambieert een klimaatbestendig, robuust en veerkrachtig natuurlijk bodem- en watersysteembeheer. Speerpunten zijn Loofbomen advies, Waterbeschikbaarheidsstrategie, Duurzaam grondwatersysteem en Verkenning regio Vallei en Veluwe – 2120.

In Werkplannen wordt concreet aangegeven hoe de ambities in het RAP voor telkens een periode van 2 jaar worden uitgewerkt. De opgaven worden regionaal verdeeld en er worden verbindingen gelegd. Van belang is dat ook inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties worden betrokken. Doorwerking in plangebied In de waterparagraaf (§ 5.16) staat beschreven hoe invulling wordt gegeven aan de thema's die in dit plan van toepassing zijn.

16

"Schooneng" (vastgesteld)

Schooneng

4.5

Waterschap

4.5.1

Blauwe Omgevingsvisie 2050

De driedimensionale Blauwe Omgevingsvisie 2050 (BOVI) is de langetermijnvisie van Waterschap Vallei en Veluwe. Met deze BOVI zet Waterschap Vallei en Veluwe op een geheel nieuwe wijze koers naar een duurzame en waterinclusieve leefomgeving. Daarbij kijkt Waterschap Vallei en Veluwe integraal, grensontkennend, over de grenzen van taken en gebieden heen en werkt vanuit de drie zogenoemde waterprincipes: 1. Water is een ordenend principe in de ruimtelijke ordening. 2. Maximaal vasthouden en schoonhouden van water. 3. Partnerschap als watermerk. Deze principes leiden tot één samenhangende weergave van water in het landschap van Vallei en Veluwe: één kringloop van bron tot monding, door stedelijk en landelijk gebied en van boven- en ondergrond. Doorwerking in plangebied De bevindingen en resultaten van de BOVI 2050 zijn beschreven in de waterparagraaf (§ 5.16).

4.5.2

Blauw Omgevingsprogramma 2022-2027Waterschap Vallei en Veluwe

Het Blauw Omgevingsprogramma (BOP) is het waterbeheerprogramma van Waterschap Vallei en Veluwe voor de planperiode 2022-2027. Het gebied, de maatschappelijke thema's en samenwerking met partners zijn meer centraal gezet dan in voorgaande waterbeheerprogramma's. Het waterbeheerprogramma is een kerninstrument onder de Omgevingswet en bevat naast de verplichte onderdelen van het programma (zoals Kader Richtlijn Water (KRW), Richtlijn Overstromings Risico's (ROR), zwemwaterrichtlijn) ook een niet verplicht deel. Het BOP is daarmee het wettelijk instrument van het waterschap om de doelen voor de middellange termijn vast te leggen. In het BOP worden doelen uit de Blauwe Omgevingsvisie 2050 (BOVI2050) doorvertaald naar gebiedsgerichte doelen. De hoofddoelen van het BOP zijn hieronder kort beschreven. Waterveiligheid Een zo goed mogelijke bescherming tegen overstromingen volgens de wettelijke normen.

Watersysteem Een toekomstbestendig en klimaatrobuust grond- en oppervlaktewatersysteem, dat passend is ingericht naar de veranderende gebiedswensen.

Wonen en zuiveren Een robuust proces voor het verwerken van extreme neerslag en inzameling van stedelijk en industrieel afvalwater in bebouwd gebied, tot aan het lozen van effluent in het watersysteem.

Circulaire economie Volledig circulair opereren in 2050 door anders om te gaan met grondstoffen en goed samen te werken met partners en de omgeving.

Energietransitie Het eerste energieneutrale waterschap van Nederland worden om een voorbeeld te zijn op het gebied van de energietransitie.

Doorwerking in plangebied De bevindingen en resultaten van het BOP zijn beschreven in de waterparagraaf (§ 5.16).

"Schooneng" (vastgesteld)

17

Schooneng

4.6

Gemeente

4.6.1

Structuurvisie Buitengebied Barneveld

De structuurvisie Buitengebied Barneveld is op 21 september 2011 door de gemeenteraad vastgesteld. De vastgestelde versie is gepubliceerd op 29 december 2011 (Staatscourant, nr. 23938). De gemeente Barneveld heeft op 28 september 2016 de Strategische Visie Barneveld 2030 vastgesteld. De Strategische Visie geeft aan welke doelen het gemeentebestuur nastreeft voor de periode tot 2030. Daaraan voorafgaand heeft de raad in januari 2009 de Structuurvisie 2009 vastgesteld waarin de stedelijke ontwikkelingen voor de komende 10 jaar zijn weergegeven. Mede op basis van de Strategische Visie is de Structuurvisie 2009 geactualiseerd door de vaststelling van de Structuurvisie Kernen 2022. De Structuurvisie Buitengebied is het derde en laatste onderdeel van deze beleidstrilogie. In de op 21 september 2011 vastgestelde Structuurvisie Buitengebied wordt specifiek ingegaan op onderwerpen als landbouw, recreatie en landschap in de periode tot 2020. De twee structuurvisies vullen elkaar hierbij inhoudelijk aan. De strategische visie geeft aan wat de overkoepelende doelen zijn. Met deze Structuurvisie Buitengebied biedt de gemeente Barneveld ruimte voor economische ontwikkeling in samenhang met behoud en ontwikkeling van de omgevingskwaliteiten landschap, natuur, woon - en leefmilieu.

Ontwikkelingen in de landbouw en bij recreatieve bedrijven zijn van grote invloed op de omgevingskwaliteiten natuur, landschap en woon- en leefomgeving. Deze omgevingskwaliteiten zijn ook de belangrijkste vestigingsfactoren voor het buitengebied. Initiatieven beoordeelt de gemeente daarom mede op de mate waarin ze bijdragen aan behoud en ontwikkeling van de omgevingskwaliteit, bijvoorbeeld effecten op landschap (beeldkwaliteit), woon en leefmilieu, verkeer en natuur. Dit moet leiden tot een landschappelijk fraai buitengebied met goed ingepaste ontwikkelingen. Een buitengebied dat op die manier wordt ingericht is een aangename plek om te werken en te recreëren. De structuurvisie beoogt daarbij ontwikkelingsruimte te bieden aan goede initiatieven en wil een basis zijn voor samenwerking om die te realiseren. Bovenstaande aanpak geldt voor het hele buitengebied. Daarnaast worden deelgebieden onderscheiden met beleidsaccenten op grond van landschappelijke kenmerken en zones op grond van een specifieke functie (zie bijlage 8 Structuurvisie). Het kwaliteitsbeeld vormt het ruimtelijk toetsingskader. Het stelt eisen die richtinggevend zijn voor ruimtelijke ontwikkeling. Deze (minimum) eisen zijn kaderstellend voor het bestemmingsplan.

Stedelijke zone Het concentratiebeleid voor woningbouw, ontwikkeling van bedrijventerreinen en voorzieningen in het gebied Barneveld-Harselaar-Voorthuizen blijft onverkort uitgangspunt. Doorwerking in plangebied De voorgenomen ontwikkeling is in overeenstemming met de structuurvisie.

4.6.2

Structuurvisie Kernen Barneveld 2022

De gemeenteraad heeft op 22 november 2011 de "Structuurvisie Kernen Barneveld 2022" vastgesteld. De structuurvisie legt de gemeentelijke visie op de toekomstige ruimtelijke ontwikkeling van het eigen grondgebied vast. Het bestemmingsplan zal hierbinnen moeten passen. De structuurvisie bevat een uitvoeringsprogramma. Hierin laat de gemeente zien hoe het voorgenomen beleid gerealiseerd zal worden. In de structuurvisie is een groot aantal ruimtelijke projecten opgenomen, waarvoor investeringen in de openbare ruimte noodzakelijk zijn. Ook is er een groot aantal lopende en potentiële bouwmogelijkheden. Uit de visiekaart blijkt dat het plangebied in de structuurvisie is aangemerkt als zoekzone voor wonen (lange termijn).

18

"Schooneng" (vastgesteld)

Schooneng

Afbeelding 8 Kaart structuurvisie Op paginanummer 22 van de structuurvisie staat: 'Aangezien de structuurvisie een horizon kent tot en met 2022 zijn de zoekzones rondom Voorthuizen en Barneveld voorlopig voldoende om de genoemde extra groei op te kunnen vangen.' Als zoekzone voor woningbouw is Voorthuizen-Zuid expliciet benoemd. In tabel 1 op paginanummer 24 van de structuurvisie is het accent per woningbouwlocatie opgenomen. Voor de grotere uitbreidingslocaties zoals Voorthuizen-Zuid geldt dat het accent ligt op 'gemengd, gericht op gezinnen, doorstroming, maar ook zoekgebieden met clusters voor ouderen.' De volgende passage komt uit § 4.2.3. en gaat specifiek over Voorthuizen-Zuid: 'De zoekzone voor woningbouw ‘Voorthuizen Zuid’ ligt tussen de Baron van Nagellstraat, de huidige dorpsbebouwing en de Zeumerseweg. De capaciteit van deze woningbouwlocatie bedraagt circa 1.000 woningen. De gewenste stedenbouwkundige relatie met het aangrenzende open landschap pleit voor een open structuur van de bebouwing, in het bijzonder aan de zuidzijde van deze locatie. [...] De uitbreidingslocatie is verdeeld in twee fasen. De eerste fase, het westelijke deel van het plangebied is reeds in voorbereiding. Dit wordt een vrij compacte woonwijk. In de gebiedsvisie Zeumeren is aangegeven hoe de overgang van deze wijk gemaakt kan worden door de Zeumersebeek een natuurlijke inrichting te geven.

De natuurlijke zone kan worden aangegrepen om het buitengebied van Zeumeren toegankelijk te maken voor de woonwijk. Voor de ontsluiting van de wijk zal een wijkontsluitingsweg worden aangelegd centraal in de wijk. De verkeersstructuur van de wijk Zuid wordt daarmee nadrukkelijk losgelegd van de agrarische wegen in het gebied Zeumeren. [...] De tweede fase betreft het oostelijke deel van het plangebied met de Schoonengweg als grens. Dit gebied ligt als een oude akker in het gebied Zeumeren en grenst aan het recreatiegebied Zeumeren. Om meerdere redenen wordt voorgesteld om dit gebied van noord naar zuid met een afnemende dichtheid te ontwikkelen.' De voorgenomen ontwikkeling van de wijk Schooneng is in overeenstemming met deze structuurvisie. Het centrale deel van de wijk heeft de hoogste woningdichtheid en biedt plek aan de grotere bouwmassa's. Aan de zuid- en oostzijde is de woningdichtheid lager, net als de bouwmassa's. Door de organische vormgeving van de buitenranden maakt de nieuwe wijk nadrukkelijk contact met het landschap. De woningen aan de zuid- en oostzijde zijn met hun voorzijde naar het landschap gericht. Deze open uitstraling wordt versterkt door de ruime, groene zones langs de Holzenboschlaan die op meerdere plekken verbreden en de wijk in komen.

"Schooneng" (vastgesteld)

19

Schooneng

4.6.3

Dorpsplannen en -visies

In alle dorpen in Barneveld zetten verenigingen plaatselijk belang zich actief in voor de leefbaarheid en toekomst van de dorpen en buurtschappen. Verschillende dorpen hebben in dit kader hun visie op de toekomst vastgelegd in een dorpsplan of –visie of zijn daar mee bezig. De dorpsplannen bevatten zowel een visie op de toekomst als een overzicht van concrete ideeën en wensen om de leefbaarheid van het dorp te versterken en zijn in samenspraak met veel inwoners en de gemeente tot stand gekomen. Vanuit de visie op burgerkracht ('Zelf-samen-gemeente') en netwerksamenleving is in de Strategische Visie 2030 (september 2016) ten aanzien van de dorpsplannen een voorstel opgenomen om een andere werkwijze te gaan volgen die de plannen een sterkere positie geeft. Op die manier kan recht worden gedaan aan de geleverde inspanningen en de lokaal gemaakte keuzes. Dorpsplannen hebben - waar mogelijk - een positie bij de ontwikkeling en uitvoering van gemeentelijk beleid. Dit geldt in ieder geval voor de recente dorpsplannen (die opgesteld zijn na 2016) die in samenspraak met de gemeente tot stand gekomen zijn. Deze dorpsplannen bevatten een goede weergave van de ideeën en behoeften die er leven in de kernen. De gemeente houdt daarom bij ruimtelijke plannen en initiatieven rekening met de inhoud van het dorpsplan en kan – indien nodig – hierover in overleg gaan met Plaatselijk Belang.

De voorgenomen ontwikkeling van woonwijk Schooneng is niet in strijd met de Dorpsvisie Voorthuizen, waarin abstracte, richtinggevende uitspraken zijn verzameld. In de visie staat onder meer: 'Voorthuizen besluit samen met de inwoners over wat er gebeurt. Over meer dan de al geplande groei (uitbreiding en inbreiding) wordt overleg gepleegd met de inwoners.' Bij de voorbereiding van het voorliggende bestemmingsplan heeft het college van gemeente Barneveld de wettelijk voorgeschreven procedure gevolgd. Verder heeft de projectontwikkelaar aandacht gehad voor vroegtijdige participatie. Hiervan is een verslag opgesteld (bijlage 29).

4.6.4

Bestemmingsplannen globaal en flexibel

Op 6 mei 2014 heeft de raad de kaderstellende notitie 'Bestemmingsplannen globaal en flexibel' vastgesteld. Met deze notitie geeft de raad voor met name grote(re) uitleggebieden kaders aan om bestemmingsplannen globaal en flexibel te maken, om adequaat te kunnen inspelen op maatschappelijke en marktontwikkelingen. Daarmee ontstaat enige ruimte om een plan te kunnen wijzigen, maar zonder significant verlies van kwaliteit in de openbare ruimte, beeldkwaliteit en rechtszekerheid. Globaal en flexibel zijn twee naast elkaar staande begrippen. Een globaal bestemmingsplan is een bestemmingsplan waarbij de belangrijkste uitgangspunten voor een gebied zijn vastgelegd. In een globaal bestemmingsplan zijn de bouw- en gebruiksmogelijkheden niet vastgelegd of gebonden aan een concreet perceel. Het tegenovergestelde van globaal bestemmen is gedetailleerd bestemmen, want een gedetailleerd bestemmingsplan legt juist wel een eindbeeld vast. Naast het begrip globaal, kennen we ook nog de begrippen star en flexibel. We spreken van een star bestemmingsplan als het niet of nauwelijks mogelijk is om van een bestemmingsplan af te wijken. Flexibel bestemmen is het tegenovergestelde. Flexibel bestemmen laat meer ruimte om in te spelen op initiatieven die niet direct zijn geregeld.

Flexibiliteit is in het bestemmingsplan in te bouwen door te werken met afwijkingsregels, wijzigingsbevoegdheden en uitwerkingsplichten. De notitie richt zich op toekomstige ontwikkelingen in de kernen, waarbij met name is gekeken naar de bestemmingen voor wonen en bedrijven. Doorwerking in plangebied In het voorliggende bestemmingsplan zijn de volgende kaders uit de notitie toegepast: binnenplanse afwijkingen, wijzigingsbevoegdheden en uitwerkingsplichten in te bouwen; de hoofdstructuur van wegen, water en groen vast te leggen; ruimere bouwvlakken in te tekenen op de verbeelding, althans bij sommige deelgebieden; de vrije situering van woningen binnen het bouwvlak toe te laten - ook hier alleen bij sommige deelgebieden.

20

"Schooneng" (vastgesteld)

Schooneng

4.6.5

Energiebeleid gemeente Barneveld 2015-2020

De raad heeft in 2015 de Energievisie gemeente Barneveld 2015-2020 ('investeren in Barneveldse bronnen') vastgesteld. Het energievraagstuk staat de laatste jaren landelijk stevig op de (politieke) agenda. Naast het milieumotief en betaalbaarheid zijn ook maatschappelijke verantwoordelijkheid en energie-onafhankelijkheid steeds meer een argument om actie te ondernemen. De gemeente Barneveld voelt de urgentie om een bijdrage te leveren aan een schone, betrouwbare en betaalbare energievoorziening en heeft een doelstelling vastgesteld die hoger ligt dan de landelijke energiedoelstellingen. Woningen en bedrijfspanden moeten de komende jaren fors energiezuiniger worden. Eind 2021 heeft de gemeenteraad "De warmtevisie Barneveld" vastgesteld, dat de basis vormt voor het verminderen van het gebruik (isoleren) en het uitfaseren van het gebruik van aardgas. Vooruitlopend op de nieuwe energiewetgeving en energieneutraliteit in 2050, ziet de gemeente graag dat de woningen en bedrijven aardgasloos en energieneutraal worden gebouwd. Wettelijke eisen Bijna Energie Neutrale Gebouwen (BENG) Voor alle nieuwbouw, zowel woningbouw als utiliteitsbouw, geldt dat aanvragen om een omgevingsvergunning sinds 1 juli 2021 moeten voldoen aan de eisen voor bijna energieneutrale gebouwen (BENG). De gemeente heeft sterke voorkeur voor energiepositief bouwen.

Warmtepompen Er zijn voorbeelden van geluidsoverlast veroorzaakt door warmtepompen, omdat er bij de plaatsing geen rekening gehouden is met het geluidsaspect of de warmtepomp verouderd is. Een zorgvuldige ruimtelijke inpassing van de warmtepomp is noodzakelijk en er moet voldaan worden aan een acceptabel geluidsniveau. Als het geluidniveau op 5 meter van warmtepomp hoger is dan 30 dB(A) of als dit het geval is bij een kortere afstand tot de buurwoning dan is het toepassen van een geluiddempende omkasting nodig. Hiervoor komen steeds meer innovaties op de markt (bijvoorbeeld in een dummy schoorsteen). Sinds 1 april 2021 worden geluidseisen gesteld aan (nieuw te plaatsen) buiten opgestelde installaties voor warmte- of koude opwekking. Het gaat hierbij om warmtepompen en airco's die worden toegepast bij woningen en woongebouwen. Deze installaties mogen niet meer dan 40 dB geluid veroorzaken bij de buren. Om geluidsoverlast te voorkomen dan wel beperken, wordt rekening gehouden met de positionering van de pompen. Er is voldoende vermogen beschikbaar voor warmtepompen. De netwerkbeheerder weet welke vermogens in de hele wijk benodigd zijn en houdt daar rekening mee bij de engineering. Zonnepanelen en/of zonnecollectoren Gebruik van zonne-energie kan significant bijdragen aan de benodigde duurzame energieopwekking.

In dit plan zijn zonnepanelen (en/of zonnecollectoren) opgenomen, die direct bij de bouw worden meegenomen. De zonnepanelen zijn geïntegreerd in het ontwerp van de gebouwen. De positionering van woningen en oriëntatie van daken kan invloed hebben op de productie van zonne-energie. Een oost-west stelling heeft de voorkeur.

Materialen In het ontwerp van een woning of gebouw kan door een slim ontwerp daglicht optimaal worden benut en zodat de benodigde energie voor verlichting zo laag mogelijk is en de binnen temperatuur zo min mogelijk fluctueert. Ook kunnen groendaken aangelegd worden. Hierbij kan gedacht worden aan biobased materialen of hergebruik van materialen. De hoeveelheid materialen wordt zoveel mogelijk beperkt en gebruik van gezonde en duurzame materialen – gezien over de hele levenscyclus - heeft de voorkeur. In de voorbereiding van het bestemmingsplan "Schooneng" was nog niet bekend in hoeverre duurzame materialen gebruikt worden bij de bouw en of groendaken aan de orde zijn. De nieuwe woningen zullen worden getoetst aan de maatstaf MilieuPrestatie Gebouwen (MPG). "Schooneng" (vastgesteld)

21

Schooneng

Laadpalen Elektrisch autorijden is beter voor het milieu dan rijden op fossiele brandstoffen. Er wordt namelijk geen CO2 uitgestoten door de auto. De gemeente staat dan ook positief tegenover het plaatsen van laadpalen voor elektrische voertuigen. In het plangebied komen twee openbare laadpalen (dat wil zeggen: 2x2= 4 laadpunten). De netwerkbeheerder is op de hoogte gesteld en houdt er in de engeneering rekening mee dat er voldoende vermogen beschikbaar is.

Duurzaamheid in het openbaar gebied of op eigen terrein Er moet aandacht zijn voor energiezuinige openbare verlichting. Daarbij denken we aan een verlichtingsplan, waarbij zo weinig mogelijk lantaarnpalen worden toegepast, uitgevoerd met (dimbare) LED-lampen. Daarnaast is het vanuit duurzaamheidsoogpunt van belang om de hoeveelheid materiaalgebruik voor wegen en de verharde oppervlakte in het plangebied zo laag mogelijk te houden. Dat kan worden bereikt door de weglengte en -breedte zoveel mogelijk te beperken en doorlatende verharding toe te passen. Bij de keuze voor het materiaalgebruik heeft de gemeente ook hier de voorkeur voor het gebruik van duurzame materialen en/of hergebruik van materialen, bij zowel productie en gebruik en die bij sloop hergebruikt kunnen worden. De openbare verlichting wordt uitgevoerd conform de standaardeisen van gemeente Barneveld. Het betreft LED-verlichting.

Klimaat Het klimaat verandert met extremer weer als gevolg. We zullen vaker te maken krijgen met hoosbuien / wateroverlast, langere perioden van droogte en hitte. Het veranderende klimaat vraagt om maatregelen op alle schaalniveaus om de gevolgen voor gezondheid, veiligheid, productiviteit en natuur te beperken. Klimaatbestendig handelen en waterrobuust inrichten wordt vanzelfsprekend in het gemeentebrede beleid en handelen vóór 2020. Zodat in 2050 de fysieke ruimte in 2050 waterrobuust en klimaatbestendig is. Eén van de maatregelen is het anders omgaan met het inzamelen van en verwerken van hemelwater dat op verhard oppervlak valt, bijvoorbeeld door het aanleggen van groene daken. Zie voor een verdere beschrijving de waterparagraaf (§ 5.16). Door op een slimme manier om te gaan met (robuust) groen in de openbare ruimte in relatie tot de positionering van de woningen en de productie van zonne-energie op daken van woningen kan het microklimaat in de woningen en in een gebied op een positieve manier beïnvloed worden.

4.6.6

Groenstructuurplan Barneveld (2011)

De doelstelling van het Groenstructuurplan Barneveld (2011) is het beschrijven van de lange termijn visie ten aanzien van de inrichting van het openbaar groen van de gemeente Barneveld om de groenstructuren in en de herkenbaarheid van de kernen te behouden, ontwikkelen en versterken. Om de gewenste groenstructuur te realiseren worden in het groenstructuurplan een aantal verbetervoorstellen gedaan. Doorwerking in plangebied Op paginanummer 116 van het enigszins gedateerde groenstructuurplan staat: 'Voor het gebied Voorthuizen-Zuid zijn nog geen plannen ontwikkeld. Van belang is het koppelen van groene lijnen van de dorpsrand met groengebieden in de nieuwe woonwijk.' Het bestemmingsplan "Schooneng" sluit aan op de doelen zoals gesteld in het groenstructuurplan. De bestaande opgaande groenstructuren vormen de basis voor de nieuwe ruimtelijke structuur van de wijk. De bomenrijen langs de Schoonengweg en de houtsingels aan de oost- en westzijde van het plangebied blijven behouden en geven structuur aan de wijk. De groenstructuur wordt verder versterkt door onder meer de houtsingels rondom het oude boerenerf terug te brengen. Door middel van de ruime, groene zone noorden van de Holzenboschlaan wordt direct verbinding gemaakt tussen het groen in de wijk en het groen 22

"Schooneng" (vastgesteld)

Schooneng in het buitengebied. In soortkeuze zal waar mogelijk worden aangesloten op de in de omgeving voorkomende beplanting.

4.6.7

Waterplan Barneveld (2005) en Hemelwaterplan 2017-2020'Klimaatactief!'

Het Waterplan geeft een integrale watervisie op het verhogen van de gebruikswaarde en belevingswaarde van water. Door een verantwoord gebruik en duurzame ontwikkeling van het water kan ook in de toekomst gebruik worden gemaakt van een gezond watersysteem. De volgende ambities worden genoemd: Vasthouden en/of vertraagd afvoeren van hemelwater. Het scheiden van vuil en schoon water. Bij nieuwbouw het hemelwater van schone oppervlakken niet op de riolering lozen en bij voorkeur lokaal gebruiken, infiltreren of lozen op oppervlaktewater. In bestaand gebied hemelwater afkoppelen van het gemengd riool indien technisch en financieel haalbaar. De afvoer van schoon hemelwater vindt bovengronds plaats. Rioolwateroverstorten beperken om de doelstellingen voor waterkwaliteit te bereiken. In het plan is een concrete doelstelling opgenomen: in 2025 is 10% van het verharde oppervlak afgekoppeld van de gemengde riolering (referentiejaar 2005). Dit betreft 18 ha. afkoppelen. In het Hemelwaterbeleidsplan is deze doelstelling uitgewerkt in concrete maatregelen. Het Hemelwaterplan 2017-2020 'Klimaatactief!' richt zich op een duurzame omgang met hemelwater. Het geeft aan wat het gemeentelijk beleid is ten aanzien van afstromend hemelwater in bestaande situaties en bij nieuwe ontwikkelingen. Het plan zet in op een integrale benadering en meervoudige inrichting van totale openbare ruimte.

Barneveld gaat aan de slag met het waterbestendig inrichten van de openbare ruimte om bestand te zijn tegen klimaatverandering. Doorwerking in plangebied De bevindingen en resultaten van de watertoets zijn beschreven in de waterparagraaf (§ 5.16).

4.6.8 Woonvisie Barneveld 2021-2025, Woondeal regio Foodvalley, voortgangsrapportage woningbouw en Verordening doelgroepen sociale woningbouw en middenhuur gemeente Barneveld 2021 In maart 2021 heeft de raad de Woonvisie 2021-2025 'Wonen voor jong en oud' met doorkijk tot 2030/2040, vastgesteld. In de woonvisie is een streefprogramma woningbouw opgenomen om te voorzien in de woningbehoefte van de hier woonachtige en werkzame bevolking. Er is een nieuwbouwprogramma van gemiddeld 500 woningen per jaar (als uitbreiding) opgenomen. In verband met de grote woningbouwopgaven in Nederland is in de Woondeal met het Rijk voor Barneveld tot en met 2030 een programma van circa 5.400 woningen voor Barneveld overeengekomen. Daarmee komt de programmering op gemiddeld 600 woningen per jaar. In oktober 2022 zijn de prijsklassen aangepast naar de huidige marktomstandigheden. Dit betekent dat gemiddeld 40% ten behoeve van sociale huur- en koopwoningen (sociale huur 20%, sociale koop laag tot € 260.000,- (prijspeil 2023) en sociale koop hoog van € 260.000 tot € 320.000 (prijspeil 2023), 20% middeldure woningen (midden dure huur tot € 1.096,- en koop van € 320.000 tot NHG-grens, thans € 405.000) en 30% duurdere woningen vanaf de NHG-grens en 10% vrij in te delen. Binnen de categorie middeldure woningen onderscheiden we ook de betaalbaarheidsgrens, die door BZK in de Woondeal is geïntroduceerd.

Deze grens ligt in 2023 bij € 355.000,- en in 2024 op € 390.000,-. Samen met sociale huur en middenhuur moet worden gekomen tot tweederde betaalbaarheid binnen de totale nieuwbouwprogrammering. In regio FoodValley zijn in verband met deze Woondeal onderlinge woningbouwafspraken gemaakt, waarbij gemeente Barneveld voor de periode 2022 t/m 2030 zo'n 5.400 woningen mag groeien, mede vanwege een zekere overloop vanuit regio Amersfoort. Er loopt verder een Verstedelijkingsstrategie Arnhem, Nijmegen, Foodvalley, waarbij er in de periode 2020-2040 in Foodvalley zo'n 40.000 woningen aan de voorraad moeten worden toegevoegd. Voor gemeente Barneveld zal dit een opgave van tenminste 8.000 woningen beteken. Provincie Gelderland streeft in het Aktieplan Wonen naar versnelling van woningbouwontwikkelingen, gezien de woningtekorten op de woningmarkt. Daarbij wordt ook naar "Schooneng" (vastgesteld)

23

Schooneng gemeente Barneveld gekeken. In regio Amersfoort loopt een soortgelijke studie, namelijk het 'Ontwikkelbeeld regio Amersfoort' en wordt een woninguitbreiding met 36.000 in 2020-2040 als opgave gezien. De woningbouw in Barneveld is hier mede input voor. Door middel van de 'voortgangsrapportage woningbouw gemeente Barneveld' wordt jaarlijks een actueel beeld van het planaanbod voor de komende vier jaar gegeven, waarbij ook een beeld wordt geschetst van de aantallen op te leveren woningen per kern, alsmede de differentiatie van deze nieuwbouw in termen van prijsklassen, eigendomsverhouding en bouwvorm (gestapeld of grondgebonden). Ook wordt een beeld geschetst van de mate waarin voor bepaalde doelgroepen wordt gebouwd (zoals starters, ouderen of mensen met een beperking) om zo vraag en aanbod meer met elkaar in overeenstemming te brengen. Voor de periode 2024 t/m 2027 is een programma van gemiddeld bruto 785 woningen per voorzien. Dit is 130% ten opzichte van de gewenste uitbreiding met zo'n 600 woningen per jaar. Rekening houdend met planuitval, vertraging en dergelijke wordt deze 130% programmering als wenselijk beschouwd. Dit is geheel in lijn met de vastgestelde woonvisie en gemaakte woningbouwafspraken. Sinds 1 januari 2018 is de Verordening doelgroepen sociale woningbouw en middenhuur gemeente Barneveld van kracht.

Deze verordening is in 2022 geactualiseerd, met als werktitel 'Doelgroepenverordening gemeente Barneveld 2021'. Deze verordening ziet toe op sturing van de totale woningvoorraad en het bereikbaar houden van een deel van de woningvoorraad voor lage en midden inkomensgroepen. Het gaat daarbij om drie categorieën: sociale huurwoningen, sociale koopwoningen (opgesplitst ins sociale koop laag tot € 260.000 en sociale koop hoog € 260.000 - € 320.000) en middendure huurwoningen (prijsgrens van € 1.080,- in 2021). In bestemmingsplannen en overeenkomsten met marktpartijen kan voor een bepaalde minimale tijdsduur de ingebruikname van sociale huurwoningen (25 jaar), goedkope koop (1 jaar met boetebeding tot 10 jaar) en middendure huurwoningen (15 jaar) worden vastgelegd evenals de maximale hoogte van de huur- en koopprijs. Verder is een zekere prijs-/kwaliteitsverhouding geformuleerd om in relatie tot de hoogte van de huur- of koopprijs toch een minimale woninggrootte te garanderen. Daarbij is ook aangegeven dat deze drie woningcategorieën met voorrang aan bepaalde lage en middeninkomensgroepen moeten worden aangeboden om zo tot een rechtvaardige verdeling van de woningvoorraad te komen.

Voor middendure huurwoningen en sociale koop hoog ligt deze inkomensgrens voor huishoudens op €70.000, voor sociale koop laag op € 60.000 en voor sociale huurwoningen is de grens vanuit de Woningwet van belang. Prijsen inkomensgrenzen worden geïndexeerd conform de bepalingen in de verordening.

Doorwerking in plangebied Het woningbouwprogramma van het plangebied 'Schooneng' gaat uit van de verdeling grofweg 2/3e sociaal (koop en huur) en betaalbaar en 1/3e in de dure categorie. Er is een mix van woningtypen voor verschillende doelgroepen. Dit bevordert de sociale duurzaamheid en het draagt bij aan een evenwichtigere verdeling van het plan als geheel. Vrijstaande woningen en twee-aaneengebouwde woningen worden verspreid door het gehele plangebied gerealiseerd. Sociale huur- en koopwoningen komen met name in de kern van het plangebied. Rijwoningen (waaronder levensloopbestendige) komen voor in het oostelijke en zuidelijke deel van het plangebied.

24

"Schooneng" (vastgesteld)

Schooneng

In het plangebied "Schooneng" was één vrijstaande woning aanwezig die wordt vervangen.

"Schooneng" (vastgesteld)

25

Schooneng

Hoofdstuk 5 5.1

RANDVOORWAARDEN

Bodem

In het kader van de bestemmingsplanprocedure is beoordeeld of de milieuhygiënische bodemkwaliteit ter plaatse van het plangebied voldoet aan de eis van financiële uitvoerbaarheid en uit oogpunt van volksgezondheid en milieu aanvaardbaar mag worden geacht voor het beoogde gebruik. Noordelijk deel Het noordelijk deel is in 2012 (voormalig erf Schoonengweg 5) en in 2019 (agrarische percelen) verkennend onderzocht (zie bijlagen 7 en 10). Het verkennend bodemonderzoek uit 2012 is niet meer representatief/verouderd. Ook heeft in 2012 ter plaatse van het voormalige erf geen onderzoek plaatsgevonden naar de aanwezigheid van asbest op en/of in de bodem. De omliggende agrarische percelen zijn in 2019 verkennend onderzocht. Aangezien het gebruik ter plaatse van deze agrarische percelen sinds 2019 gelijk is gebleven en ter plaatse geen bodembedreigende activiteiten hebben plaatsgevonden is naar verwachting de milieuhygiënische bodemkwaliteit niet gewijzigd. Het verkennend bodemonderzoek uit 2019 wordt daarom als voldoende representatief geacht voor de milieuhygiënische kwaliteit ter plaatse van deze agrarische percelen. Uitzondering hierop vormt het oostelijke terreingedeelte ter plaatse van de voormalige bouwweg/het huidige fietspad.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Barneveld&id=f9069b4c-ee03-41c2-8b27-37bfcd9b115c