CConstaterende datBarneveld
Koppel je AI →
Document · PDF

[NIEUWE VERSIE] Bijlage Herijkte Woonvisie 2025-2027

Gemeenteraad 10 december 2025, gemeente BarneveldBij agendapunt: Herijking Woonvisie21.516 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

inhoud

Figuur 3.15 Huidige woonsituatie van huishoudens in Barneveld, naar eigendom en gezinssituatie

Bron: woningmarktsimulatie RIGO

Tegelijkertijd zien we in de sociale huursector momenteel dat reeds 38% wordt bewoond door 65-plussers en de verwachting is dat dit percentage de komende jaren verder zal toenemen. Het toevoegen van comfortabele, betaalbare levensloopbestendige huurwoningen in de huursector is de opgave om de zelfredzaamheid onder deze inwoners te vergroten. Vanuit de gemeente maken we door onder andere het project Woon Bewust, ouderen bewust van hun keuzes met betrekking tot hun woon- en leefsituatie (blijven wonen, met eventueel aanpassingen aan de woning, of toch gaan verhuizen). We gaan op tijd in gesprek met ouderen over hun toekomstige woonsituatie. We stimuleren de doorstroming van deze doelgroep in de sociale huur en hopen doorstroming te creëren in de koop door de juiste toevoegingen aan de woningvoorraad te doen. Dit heeft als bijkomend voordeel dat de woning die ze achterlaten betrokken kan worden door een (startend) gezin of 1- en 2-persoons huishoudens in de midden leeftijdsgroepen. De uitdaging is dan ook om meer woningen te realiseren die aansluiten bij wensen van senioren. Hierbij zullen zgn. verhuiscoaches worden ingezet.

27 Herijking Woonvisie 2025-2027

Ontwikkeling indicaties en verpleeghuisaanbod In gemeente Barneveld wonen zo’n 545 ouderen die een indicatiestelling hebben op basis van de Wet langdurige zorg (Wlz), op basis waarvan ze in een verpleeghuis in onze gemeente kunnen wonen. In de praktijk blijken dit in toenemende mate vooral 85-plussers te zijn. Zorgorganisaties Norschoten, Neboplus, Zorgroep ENA en Elim vormen de belangrijkste partijen die deze verpleeghuiscapaciteit aanbieden. Op grond van de voorziene vergrijzing de komende jaren, in combinatie met de wachtlijsten die bestaan, zal deze capaciteit worden uitgebreid. Enerzijds door nieuwbouw toe te voegen (waaronder in Bloemendal) en anderzijds door de capaciteit in de bestaande gebouwen beter te benutten voor deze verpleegzorg. Daarmee zal het aanbod meer in lijn worden gebracht met de vraag die er is.

inhoud

Onze aanpak 1. Hoe groter de diversiteit in woonvormen, hoe beter. We willen verschillende kwaliteiten aan de woningvoorraad toevoegen: van conform woning via aanleunwoning naar woonhofjes/ “Knarrenhof” en luxe serviceflats. We dagen alle ontwikkelende partijen uit om creatieve woonvormen te ontwikkelen. We weten dat hiermee ook doorstroming ontstaat, zodat gezinnen gedurende deze periode ook grotere kansen krijgen op de door hen gewenste woning. 2. Bij bouw- en planontwikkeling vragen we de ontwikkelende partijen vroegtijdig om aandacht te besteden aan de levensloopbestendigheid van hun bouwplan en van de wijk en na te denken over de realisatie van meergeneratiecomplexen en -woningen. Waar het de levensloop­bestendigheid betreft is de ITstandaard 2020 (Integrale Toegankelijkheid standaard) onze richtlijn. Op grond van het VNverdrag gelijke rechten voor mensen met een handicap willen we dat nieuwe appartementencomplexen toegankelijk en doorgankelijk zijn voor bezoekers in een rolstoel. 3. We hebben vooralsnog een regeling voor een financiële bijdrage in de kosten van collectieve voorzieningen bij (senioren)appartementen­ complexen voor mensen met een mobiliteitsbeperking (bijv. automatische deuropeners en scootmobiel opstelplaatsen). Met de implementatie van de Integrale Toegankelijkheidsstandaard zal deze regeling afgebouwd worden. 4.

De nieuwbouw voor ouderen realiseren we zoveel als mogelijk in de nabijheid van voorzieningen. We streven naar een vorm van clustering en realisering van ontmoetingsplekken. 5. We vragen ontwikkelende partijen van woningen voor ouderen nu al met ons na te denken over de toekomstige zorgvraag van de doelgroep en

28 Herijking Woonvisie 2025-2027

om de zelf- en samenredzaamheid te stimuleren. Dit in samenspraak met betrokken organisaties. Door bijvoorbeeld nu al voldoende schaalgrootte te realiseren is het mogelijk om te zijner tijd ‘zorg en ondersteuning dichtbij’ (financieel) mogelijk te maken. We laten ons hierin adviseren door de in gemeente Barneveld actieve zorg- en welzijnspartijen. 6. We denken actief mee over de koers die Woningstichting Barneveld in haar woningportefeuillebeleid wil uitzetten, om zo te anticiperen op de demografische ontwikkelingen en de doelgroepen van beleid voor de woningstichting: Dit zijn in toenemende mate (oudere) 1-2 persoons huishoudens die op zoek zijn naar passende, betaalbare woonruimte, 7. In de gemeente Barneveld krijgt iedere inwoner rond de 75 als rond 80e, van Welzijn Barneveld het aanbod voor een huisbezoek van een vrijwillige ouderenadviseur. De ouderenadviseur spreekt met de inwoner over allerlei zaken die te maken hebben met het ouder worden. Inwoners kunnen ook zelf een vrijwillige woonadviseur laten komen. Bijvoorbeeld om te bekijken en bespreken in hoeverre de woning nog geschikt is of beter geschikt gemaakt kan worden om zo lang mogelijk veilig thuis te blijven wonen. Of dat verhuizen toch een betere oplossing vormt. 8. We zetten een professionele onafhankelijke ouderenadviseur in.

Deze onafhankelijke ouderenadviseur kan senioren voorzien van informatie, advies en toeleiding naar gemeentelijke voorzieningen op het gebied van wonen, zorg en welzijn. Deze adviseur werkt nauw samen met de vrijwillige ouderenadviseurs van Welzijn Barneveld, met de ouderenbonden, met casemanagers dementie, met (praktijkondersteuners van) huisartsen en met professionals van intramurale zorgorganisaties. 9. We continueren ons (pre)mantelzorgbeleid en willen dit verder stimuleren. Daarnaast willen we er meer bekendheid aan geven en kijken of de mogelijkheden verruimd kunnen worden. Gedacht kan worden aan initiatieven voor familiewonen, wonen op het erf of flexwoningen.

inhoud

10. Regionaal staan we voor de opgave om voldoende aanbod voor wonen met een hoog-niveau van zorg te realiseren. Barneveld kent al veel aanbod in dit segment. Periodiek maken we een ‘foto’ van het actuele aanbod in relatie tot de (toekomstige) vraag. Wanneer we een ondercapaciteit signaleren proberen we hier zo snel als mogelijk op in te spelen, hierbij aangetekend dat deze bijsturing niet van vandaag op morgen effect kan hebben. Met de uitbreidingen die tot 2025 zijn voorzien en zijn gefaciliteerd, wordt weer in belangrijke mate tegemoet gekomen aan de (lokale) vraag. 11. Professionele particuliere initiatieven voor bijzondere woonvormen waarin wonen met zorg geboden wordt, maken we graag samen met de initiatiefnemer mogelijk. 12. De gemeente zorgt bij realisatie van nieuwbouw dat de directe omgeving van woongebouwen toegankelijk is voor rolstoelgebruikers en voor mindervaliden.

3.4.3 S  pecifieke aandachtsgroepen en (flexibele) woonvormen: spoedzoekers, statushouders, uitstroom beschermd wonen, arbeidsmigranten, woonwagenbewoners We creëren meer betaalbaar aanbod voor specifieke aandachtsgroepen, waaronder statushouders, buitenlandse werknemers, uitstroom beschermd wonen en spoedzoekers. Behalve genoemde reguliere woningzoekenden, hebben we als gemeente ook de taak om een aantal specifieke aandachtsgroepen te huisvesten. Bij het begrip spoedzoekers gaat het bijvoorbeeld om mensen die door een echtscheiding met spoed op zoek moeten naar woonruimte. Spoedzoekers

29 Herijking Woonvisie 2025-2027

zijn vaak geholpen met een oplossing van tijdelijke aard, zodat ze de tijd hebben om verder te zoeken naar een meer definitieve woning. Verder hebben we als gemeente halfjaarlijks een taakstelling in te vullen met betrekking tot het huisvesten van statushouders. Daarbij gaat het zowel om alleengaanden als om gezinnen met kinderen. Dit gebeurt vooral in samenwerking met Woningstichting Barneveld. Maar gezien de continue stroom zullen we ook andere oplossingen moeten vinden voor de huisvesting van deze personen. Voor alleengaanden (al dan niet in afwachting op gezinshereniging) kan daarbij ook naar tijdelijke woonvormen worden gekeken. Arbeidsmigranten vormen een andere, relevante aandachtsgroep voor vooral de economie in onze gemeente. In diverse sectoren in onze gemeente worden op grote schaal arbeidsmigranten ingezet voor werkzaamheden die door de Nederlandse beroepsbevolking steeds minder worden uitgevoerd en waar dus schaarste aan is. Het aantal in Barneveld werkzame arbeidsmigranten wordt al snel op 800 tot 1.000 personen geraamd. Het tekort aan geschikte huisvesting in Barneveld vormt een risico voor de bedrijven in onze gemeente. Het belang van goede, veilige en eerlijke huisvesting voor deze groep werknemers wordt door de gemeente onderkend. Voor de huisvesting van arbeidsmigranten is een vraag naar locaties waar flexibele woonconcepten kunnen worden geplaatst.

Op die manier kan worden voorkomen dat de toch al schaarse reguliere woonvormen worden onttrokken voor de huisvesting van arbeidsmigranten. We willen daarom ruimte geven voor de ontwikkeling van flexibele woonconcepten voor deze groep. In het vastgestelde beleidskader huisvesting arbeidsmigranten (2019) worden de spelregels die daarbij horen, toegelicht. Voor de bestaande woningvoorraad is via de Huisvestingsverordening, mogelijke splitsing of verkamering vastgelegd. Er lopen momenteel hier pilots voor. De uitdaging is het goed organiseren van de gewenste uitstroom uit instellingen naar reguliere huisvesting en het zoeken naar combinaties in de huisvesting van verschillende leeftijdscategorieën en (zorg) aandachtsgroepen. Woningstichting Barneveld levert een bijdrage aan het huisvesten van aandachtsgroepen aangezien hier huisvesten van deze aandachtsgroepen een onderdeel van haar maatschappelijk taak is.

inhoud

Voor degenen die dat vanwege een psychische beperking nodig hebben, is (tijdelijk) Beschermd Wonen en Beschermd Thuis in Barneveld goed geregeld. Een van de opgaven de komende jaren is dat we inzetten op een afname in gebruik van Beschermd Wonen en een toename van Beschermd Thuis Zelfstandig of in Geclusterde vorm. Samen met aanbieders pakken we deze opgave zorgvuldig op. Gemeente Barneveld werkt samen met Woningstichting Barneveld en zorgen welzijnsorganisaties samen op het gebied van kwetsbare inwoners die niet of in mindere mate zelfredzaam zijn. Samen zetten we ons in op het gebied van bijvoorbeeld vroegsignalering schulden, woonbegeleiding en omgang met huurders met verward gedrag. Mede naar aanleiding van uitspraken van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens, het College voor de Rechten van de Mens en de Nationale Ombudsman heeft het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties in 2018 een beleidskader uitgebracht dat gemeenten handreikingen biedt voor de beleidsvorming rondom woonwagens. Dit nieuwe beleidskader verduidelijkt dat recht dient te worden gedaan aan de culturele identiteit die samenhangt met deze woonvorm. Uitgangspunt blijft dat huisvestingsbeleid een primaire verantwoordelijkheid van de gemeente is. Dat beleid dient voldoende rekening te houden met en ruimte te geven voor het woonwagenleven van woonwagenbewoners.

Hiervoor is het nodig dat de behoefte aan standplaatsen helder is, zodat gemeenten ervoor kunnen zorgen dat het aantal standplaatsen in een redelijke verhouding staat tot de daadwerkelijke vraag aan standplaatsen bij woonwagenbewoners. Vooralsnog is er geen aanleiding voor aanpassingen van dit beleid. Als gemeente gunnen wij iedereen een eigen thuis. Samen met andere gemeenten in de Valleiregio heeft de gemeente Barneveld een Regionaal Actieplan Dakloosheid 2025-2029 opgesteld. De aanpak is gebaseerd op de overtuiging dat dak- en thuisloosheid in de kern een woonprobleem is, geen opvangprobleem. Het actieplan is gericht op het voorkomen van dakloosheid, het realiseren van tijdelijke opvang en vooral het realiseren van voldoende passende huisvesting.

30 Herijking Woonvisie 2025-2027

Dak- en thuislozen vormen een grote en diverse groep, waarvan het exacte aantal niet bekend is. Om meer zicht te krijgen in de aard en omvang van dak en thuisloosheid heeft de Valleiregio meegedaan aan de ETHOS-telling 2025. In de gemeente Barneveld zijn in totaal 215 personen geteld. Het merendeel van de getelde personen woont in een niet-conventionele woonruimte o.a. op de vakantieparken (145 getelde personen) en bij familie, vrienden of derden (23 getelde personen). Van getelde personen zijn 42 kinderen, die samen met een of beide ouders in deze kwetsbare woonsituatie leven. De uitkomsten van de ETHOS telling 2025 zijn meegenomen in het actieplan. De woontypen die nodig zijn voor deze doelgroep zijn betaalbare (kleine) woonvormen, alternatieve woonvormen zoals Anders Wonen, woningen voor tijdelijke overbrugging en flexwoningen.

Onze aanpak 1. De gemeente organiseert op afroep van een inwoner en/ of maatschappelijke organisatie een multidisciplinair overleg wonen (MDO Wonen) ten behoeve van huisvesting van urgente doelgroepen, zoals omschreven in de gemeentelijke Huisvestingsverordening. Woningstichting Barneveld neemt deel aan dit overleg. In gezamenlijkheid wordt advies verstrekt m.b.t. een urgentieaanvraag. 2. Voor de rechtstreekse bemiddeling van een aantal specifieke aandachtsgroepen (waaronder ook de statushouders) wordt in het Afsprakenkader aandachtsgroepen nadere afspraken gemaakt over reservering van een bepaald percentage van het vrijkomend huuraanbod. Zie hiervoor de gemeentelijke Huisvestingsverordening. Dit percentage blijkt in de praktijk afdoende te zijn. 3. Samen met de woningverhuurders, zorgverzekeraars en nutsbedrijven pakken we signalen van betaalachterstanden vroegtijdig op.

inhoud

4. Een goede samenwerking tussen gemeente, Woningstichting Barneveld en zorg- en welzijnsorganisaties ten aanzien van het signaleren en helpen van kwetsbare personen in onze samenleving, draagt bij aan de leefkwaliteit van deze inwoners en leefbaarheid in deze buurten. 5. Permanente bewoning op vakantieparken blijven we aanpakken; in het project Vitale Vakantieparken (samen met provincie Gelderland) kijken we naar de toekomst van deze parken en de eventueel gewenste transformatie naar andere functies. Wel moeten we ons realiseren dat bewoning op een vakantiepark ook als overbrugging kan dienen naar een definitieve (zelfstandige) woning. 6. De gemeente continueert de urgentie voor statushouders in de Huisvestingsverordening. Hiermee voldoen we aan de taakstelling voortvloeiend uit de Woningwet 2015 voor de huisvesting van deze doelgroep. De overlegstructuur en werkwijze voor de huisvesting en begeleiding van deze groep met Woningstichting Barneveld en Vluchtelingenwerk blijven gehandhaafd en optimaliseren we waar mogelijk. Bijzondere aandacht gaat hierbij uit naar het voorkomen van huurbetalingsachterstanden en de begeleiding van alleenstaande meerderjarig geworden (18+ amv’ers) statushouders. Voor hen organiseren we passende zorg, hulp en/of ondersteuning. 7.

Ten behoeve van de continue instroom van statushouders, alsook de gewenste uitstroom beschermd wonen en voor spoedzoekers gaan we samen met marktpartijen en particuliere investeerders op zoek naar locaties of gebouwen, waar aanvullende (flexibele) woonvormen gerealiseerd kunnen worden, om zo ook de druk bij Woningstichting Barneveld te ontlasten. 8. Voor de huisvesting van arbeidsmigranten geldt ons beleidskader. Er zijn hierbinnen vier woonvormen ten behoeve van short- en mid-stay denkbaar: (1) Reguliere woningen die kamergewijs worden verhuurd in de bebouwde kom van een kern; (2) Herbestemming van leegstaande kantoren/bedrijfspanden in gemengde gebieden of bedrijventerreinen;

31 Herijking Woonvisie 2025-2027

(3) Nieuwbouw van woongebouwen in gemengde gebieden of op bedrijventerreinen; (4) Benutting van vrijkomende agrarische bebouwing/functieveranderingsbeleid in het buitengebied. Aan al deze vormen zijn ‘spelregels’ verbonden. Na realisatie van een aantal pilot projecten wordt het beleid geëvalueerd en zo nodig het beleidskader aangepast. 9. We houden in ons woonbeleid rekening met de specifieke woonbehoefte van woonwagenbewoners en voorzien in voldoende (koop-)standplaatsen, zodat woonwagenbewoners binnen een redelijke termijn een standplaats kunnen krijgen. Zo mogelijk komen we hierbij tegemoet aan de wens om in familieverband samen te leven. 10. Er is op dit moment geen reden om het aantal standplaatsen voor woonwagens in de gemeente aan te passen. De vraag is in de afgelopen jaren stabiel en het aanbod voldoende om een ieder binnen een redelijke termijn een standplaats te kunnen bieden. De huidige standplaatsen zijn in handen van Woningstichting Barneveld. Uiteraard monitoren we continu de ontwikkelingen in vraag en aanbod en maken hierop aanvullend beleid in lijn met het Beleidskader gemeentelijk woonwagen- en standplaatsenbeleid wanneer dat nodig is. 11.

Voor toezicht en handhaving op de regels is goede informatie nodig (vast te leggen in een registratiesysteem, waar in 2020 al onderzoek naar is gedaan) als ook ambtelijke capaciteit nodig, wanneer we onze sturing geen ‘papieren tijger’ willen laten zijn. Hiervoor zullen financiële middelen gereserveerd moeten worden. 12. Specifiek voor dak- en thuislozen zetten we in op speciale woonvormen voor hen als betaalbare (kleine) woonvormen, alternatieve woonvormen zoals Anders Wonen, woningen voor tijdelijke overbrugging en flexwoningen.

4

Vitale en gedifferentieerde buurten en dorpen

inhoud

4. Vitale en gedifferentieerde buurten en dorpen Samen leven en aandacht voor elkaar, vormen belangrijke kernwaarden in onze gemeenschap. We hechten er waarde aan dat inwoners kunnen blijven wonen in hun eigen vertrouwde omgeving. Dit betekent dat er naast voldoende woningen, ook aandacht is voor de differentiatie ervan, passend bij de behoeften van de mensen die er wonen. Met voldoende aandacht voor het veilig en prettig wonen in een aantrekkelijke en gezonde leefomgeving. Zelf- en samenredzaamheid wordt daarbij belangrijk gevonden. Daarmee is er ook aandacht voor de mix van wonen, werken en voorzieningen.

Speerpunten: • Het woningbouwprogramma is gemeentebreed kaderstellend, met accenten per dorp, wijk of buurt. • Gedifferentieerde wijken en buurten endorpen, met een mix van wonen, werken en voorzieningenwaar we omzien naar elkaar en zelfstandig kunnen wonen. • Wijken met een prettige leefomgeving met toegankelijke voorzieningen.

4.1 Vitale en gedifferentieerde dorpen met behoud van eigen identiteit De gemeente Barneveld bestaat uit 9 dorpen en telt inmiddels meer dan 63.000 inwoners (januari 2025). Deze dorpen verschillen onderling in achtergrond, ontstaansgeschiedenis, ligging, voorzieningenniveau, bewonerssamenstelling, enzovoorts. De omvang van de dorpen loopt qua inwonertal sterk uiteen: van 265 inwoners in Kootwijk tot bijna 35.000 inwoners in het dorp Barneveld. Ook de leeftijdsopbouw verschilt perdorp. Zo wonen in Barneveld, Kootwijkerbroek, Stroe, Zwartebroek

33 Herijking Woonvisie 2025-2027

en De Glind meer gezinnen met kinderen, in de Glind met name ook in de vorm van gezinshuizen (voor jeugdzorg). Een dorp als Garderen en Kootwijk daarentegen kent relatief wat meer ouderen, mede door de samenstelling van de woningvoorraad en de woningbouwontwikkelingen in de afgelopen jaren (kwantitatief en kwalitatief). Maar ook in een groter dorp als Voorthuizen wonen inmiddels relatief veel 55-plussers. De komende jaren willen we de eigen identiteit van de dorpen behouden, en waar mogelijk versterken. Dit is ook vaak de uitgesproken wens in veel dorpsvisies die door de dorpen in de afgelopen jaren zijn opgesteld en wat naar voren kwam bij de diverse participatieprocessen. Dit betekent dat we ook ons woningbouwprogramma afstemmen op de lokale behoefte en het lokale karakter van elke kern. Zowel in omvang als in differentiatie. Hierbij aangetekend dat de behoefte in de toekomst natuurlijk kan wijzigen. Op basis van de visies leggen we een aantal accenten: • De toevoeging van starterswoningen in de huursector wordt vooral in de dorpen Barneveld, Voorthuizen, Garderen, Terschuur en Zwartebroek en de Glind gevraagd. • De toevoeging van starterswoningen in de koopsector is naast deze dorpen vooral een onderwerp in Kootwijkerbroek. • Seniorenwoningen (in allerlei verschijningsvormen) zijn in vrijwel alle dorpen gewenst.

• Gezinswoningen worden vooral in Barneveld, Voorthuizen en Kootwijkerbroek gevraagd. Niet in elk project hoeft daarmee het woningbouwprogramma zoals beschreven in hoofdstuk 7 precies uit te komen, al is het totale gemeentelijke woningbouwprogramma natuurlijk wel kaderstellend. Soms kan een binnenstedelijke inbreidings- of functieveranderingslocatie tot een afwijkend programma leiden, bijvoorbeeld wanneer deze zich op een bepaalde aandachtsgroep richt of extra ruimtelijke kwaliteit in het plan wil toevoegen.

inhoud

Binnenstedelijke locaties kenmerken zich meestal door meer complexiteit. Vaak gaat het om functieveranderingslocaties of inbreidingslocaties en is er sprake van een bestaande ruimtelijke kwaliteit met omliggende bebouwing. De verwerving van deze gronden is vaak prijziger, vanwege de eerdere bestemming van deze gronden. De opgave om aan specifieke woningbehoeften te voldoen is hier vaak groter. Deze locaties zijn in de regel aantrekkelijk voor senioren of kleine huishoudens, bijvoorbeeld vanwege de ligging ten opzichte van voorzieningen. Ook het parkeervraagstuk kan onderwerp van gesprek zijn. Derhalve kan maatwerk gewenst zijn. Wij zijn dan bereid om af te wijken van de vereiste percentages, indien er bijvoorbeeld: • Extra in wordt gezet op levensloopbestendig woningbouw • Realisatie van maatschappelijke doelen. • Realisatie van ruimtelijke kwaliteit.

De woningbouwplannen voor de periode 2025 t/m 2030 zijn in belangrijke mate bepaald, daarmee is ook duidelijk waar deze nieuwbouw gerealiseerd gaat worden. We hebben al aangegeven dat de grootste groei voor de gemeente geprognotiseerd is in Barneveld (50%) en in Voorthuizen (20%) voor de nieuwbouw. De overige dorpen groeien gestaag mee naar behoefte (De Glind 1.5%), Garderen (4%) , Kootwijk (0.5%), Kootwijkerbroek (10%), Stroe (6%) Zwartebroek/ Terschuur (7.5%). De nieuwbouw zal zich in absolute en relatieve zin (55%) het meeste in het grootste dorp, Barneveld manifesteren. Daarnaast willen we inzetten op meer functiemenging in de dorpen en woonwijken. We maken een mix van wonen, werken en voorzieningen in elke wijk mogelijk.

We streven naar gedifferentieerde en draagkrachtige dorpen, wijken en buurten en woonmilieus waar het de verschillende woningtypen en prijsklassen betreft. Zodoende ontstaat een woningvoorraad die inspeelt op de woonwensen van het toenemende aantal kleine huishoudens, de vergrijzing, en de doorstroomwensen van gezinnen.

In het woningbouwprogramma voor de kleinere dorpen willen we continuïteit in de bouwstromen aanbrengen. Bijvoorbeeld door het aanwijzen van meerdere of grotere locaties, waarin voor meerdere jaren, fasegewijs, woningbouw wordt gerealiseerd. Dit betekent dat er sprake moet zijn van een goede dosering die past bij het gewenste groeitempo van zo’n dorp en vooraf helderheid in de locaties waar we deze uitbreiding willen realiseren.

Tabel 4.1

Tabel 4.2

34 Herijking Woonvisie 2025-2027

inhoud

Dorpstyperingen

zijn, met woningbouw aan de zuidrand van Voorthuizen alsook op verschillende inbreidings- en functieveranderingslocaties in en rond het centrum.

Barneveld

Kootwijkerbroek

Barneveld heeft als grootste dorp een gezellig winkelcentrum met een eigen ‘couleur locale’ doordat deze gemeente veel lokale ondernemers kent. Diverse culturele- en sportvoorzieningen, waaronder theater, musea en zwembaden maken het wonen in Barneveld aantrekkelijk. Voorzieningen als supermarkten en scholen zijn in de wijken aanwezig. Naast de vele basisscholen zijn er drie middelbare scholen van VMBO tot VWO en een MBO gevestigd.

Kootwijkerbroek heeft een belangrijke agrarische functie in De Gelderse Vallei. Het landschapstype in de omgeving van het dorp kent een tamelijk grootschalige, rechtlijnige en doelmatige structuur door ontginning in het verleden op grote schaal. Bossen, zandverstuivingen en heide zijn in de nabije omgeving gelegen.

(ca. 35.000 inwoners.): ‘Centraal gelegen, veelzijdig groot dorp’

De bereikbaarheid is door de ligging aan de A1-A30 en de bus- en treinverbindingen goed. De opbouw van de woningvoorraad is divers met aanbod in alle segmenten. Het dorp telt 4 grotere verpleeghuislocaties en diverse huisvestingsvormen voor mensen met een lichamelijke of geestelijke beperking. Zowel aan de zuidkant als op diverse inbreidingslocaties is de afgelopen jaren substantieel bijgebouwd, waaronder in de Burgt. De komende jaren zal de uitbreiding in noordelijke richting (Bloemendal) en zuidelijke richting (afronding De Burgt) zijn alsook op tal van kleinere inbreidings- en functieveranderingslocaties.

Voorthuizen

(ca. 11.000 inwoners): ‘De poort naar de Veluwe’ Voorthuizen vormt de poort naar de Veluwe met zijn vele wandel- en fietsmogelijkheden. Mede vanwege het toeristische karakter heeft Voorthuizen veel voorzieningen (waaronder ook een zwembad). Ook zijn er meerdere basisscholen met kinderopvang alsook een verpleeghuis (Nieuw Avondrust). De bereikbaarheid is vanaf de A1 en A30 prima en middels een snelfietsverbinding is Barneveld dichtbij. De circa 11.000 inwoners bewonen woningen in alle segmenten. Zowel aan de noord- en zuidrand van de dorp (Holzenbosch) als op inbreidingslocaties is er afgelopen jaren het nodige gerealiseerd. Ook de komende jaren zal dit het geval

35 Herijking Woonvisie 2025-2027

(ca. 5.650 inwoners.): ‘Bedrijvig dorp met hechte gemeenschap’

Het dorp kent een sterke sociale cohesie en staat bekend om zijn ondernemingsgeest. Het dorp beschikt over kleinschalige dorpse voorzieningen, drie basisscholen en kinderopvang. Het dorpshuis ‘De Essenburcht’ draagt zorg voor tal van activiteiten. Norschoten heeft hier een verpleeghuisdependance. De woningvoorraad is divers opgebouwd en na de laatste uitbreidingen in Puurveen, wordt er gewerkt aan diverse nieuwbouwprojecten zowel binnen als aan de rand van het dorp (Oostbroek).

Zwartebroek/ Terschuur

(ca. 2.950 inwoners.): ‘Landelijk wonen in centraal-Nederland’ Tussen de Randstad en de Veluwe, in de Gelderse Vallei liggen de dorpen Zwartebroek en Terschuur. Het landschap kenmerkt zich door een bijzonder slagen-landschap, met veel sloten en weiland. De bereikbaarheid is met een korte afstand tot de A1 – A30 goed. De circa 2.950 inwoners kunnen beschikken over een beperkt aantal voorzieningen, waaronder twee basisscholen met kinderopvang en een dorpshuis (De Belleman). Woningen zijn er in alle segmenten. Aan zuidkant van Zwartebroek is het gebied Dwarsakker in afronding, waar een substantiële uitbreiding van de woningvoorraad heeft plaatsgevonden met ook een appartementencomplex voor ouderen (met zorg). De komende jaren zal onder andere een grotere ontwikkeling in Terschuur aan de orde zijn (locatie Eendrachtstraat), inclusief de verplaatsing van 2 basisscholen alsook de afronding van Dwarsakker.

inhoud

Garderen

De Glind

Omgeven door bossen, stuifzand en heide staat Garderen voor een plezierige woonplek voor jong en oud in een natuurlijke omgeving. Niet voor niets is dit dorp een populaire vakantiebestemming. Garderen ligt midden in het grootste aaneengesloten bosgebied van Nederland en heeft veel vertier, een basisschool met kinderopvang, goed geoutilleerde winkels, hotels, recreatievoorzieningen en horeca. Recent is een nieuw dorpshuis ‘De Wardborg’ in gebruik genomen. De bereikbaarheid is goed dankzij een korte afstand tot de A1 en goede busverbindingen. De bestaande woningvoorraad is divers opgebouwd, met de nadruk op koop. Gebouw Kruimelstaete biedt huisvesting aan ouderen met verpleeghuiszorg. Na de afronding van ’t Boerenerf is het wat te rustig geweest met betrekking tot de woningbouw. De komende jaren zal hier verandering in komen met de bouw van 10-tallen woningen op diverse functieveranderingslocaties en staat vernieuwing van de basisschool op stapel (H.C. Bosstraat en GarderenWest). De deelvisie Garderen (2024) moet hierbij in acht genomen worden.

De Glind is een kleine dorpsgemeenschap waar kinderen en jongeren een speciale plaats innemen, mede door de aanwezigheid van een aantal jeugdzorg instellingen voor de opvang van kinderen. Het is derhalve een dorp waarin omzien naar elkaar een belangrijke kernwaarde vormt. Duurzaamheid vormt (in allerlei facetten) een ander belangrijk sleutelbegrip. Er is een basisschool met kinderopvang. Het dorp heeft veel recreatieve mogelijkheden als een kinderboerderij, manege en een zwembad en is gelegen in een landelijke omgeving met veel wandel- en fietsmogelijkheden. Het dorpshuis (Glindster) wordt gebruikt voor tal van activiteiten. Woningen zijn er in alle segmenten, met een nadruk op koop.

Stroe

Kootwijk vormt een klein bijzonder dorp op de Veluwe met de natuur op loopafstand. Direct ten zuiden van Kootwijk ligt het unieke natuurgebied ‘Kootwijkerzand’. Dit is het grootste stuifzandgebied in Europa. Het dorp heeft een ruime opzet waarmee de natuurbeleving ook binnen het dorp voelbaar is. De circa 270 inwoners hebben niet de beschikking over winkels of scholen en de ontsluitingen met het openbaar vervoer zijn beperkt. De dichtstbijzijnde (lagere) scholen en winkels liggen in Kootwijkerbroek (15 minuten). De woningvoorraad bestaat voornamelijk uit woningen in het duurdere segment. De uitbreiding van de woningvoorraad is door alle omringende natuurwaarden beperkt. Transformatie van een voormalig recreatieterrein (Paalhoeve) naar een gebied met een aantal vrijstaande woningen is de meest recente ontwikkeling.

(ca. 2.150 inwoners): ‘Idyllisch wonen in de natuur’

(ca. 1.650 inwoners.): ‘Kleine kern met veel bedrijvigheid’ Stroe is een klein landelijk dorp, die verschillende statige boerenhoeves kent. Het dorp is gelegen aan de rand van het Veluwemassief. Stroe is waarschijnlijk één van de oudste nederzettingen van Nederland. Bossen, zandverstuivingen en heide liggen op loopafstand. Het voorzieningenniveau is beperkt, maar de bereikbaarheid gezien de korte afstand tot de A1 goed en er is een basisschool met kinderopvang alsook een dorpshuis (De Hofstee). De bestaande woningvoorraad bestaat uit woningen in alle segmenten. Aan de westkant van het dorp heeft de afgelopen jaren nieuwbouw plaatsgevonden. De komende jaren zal Stroe zich in noordelijke richting uitbreiden (omgeving Ericaweg) alsook in het centrum een zekere vernieuwing ondergaan conform de vastgestelde Omgevingsvisie.

36 Herijking Woonvisie 2025-2027

(ca. 600 inwoners): ‘Sociale duurzaamheid centraal’

Er vindt op bescheiden schaal nieuwbouw plaats.

Kootwijk

(ca. 270 inwoners): ‘Rustiek wonen op de Veluwe’

inhoud

Onze aanpak 1. Het woningbouwprogramma is op het niveau van de gemeente kaderstellend. 2. Hiernaast streven we naar gedifferentieerde dorpen, wijken en buurten en woonmilieus waar het de verschillende woningtypen en prijsklassen betreft. In de praktijk leggen we dus de ene keer het accent wat meer op het betaalbare segment en de andere keer op wat duurdere woningen, rekening houdend met het karakter van het dorpen de behoefte vanuit de bevolking. Zoals in een aantal dorpsvisies is aangegeven: • Aandacht voor het toevoegen van starterswoningen in de huursector in Barneveld, Voorthuizen, Garderen, De Glind en Terschuur; • Aandacht voor het toevoegen van starterswoningen in de koopsector in vrijwel alle dorpen, met name ook in Kootwijkerbroek, Stroe, Barneveld en Voorthuizen; • Aandacht voor het toevoegen van woningen voor ouderen vooral in de dorpen Barneveld, Voorthuizen, Kootwijkerbroek, De Glind en Terschuur; • Aandacht voor gezinswoningen in met name de dorpen Kootwijkerbroek, Barneveld en Voorthuizen. 3. We zorgen voor continuïteit in de bouwstromen: door grotere locaties in de dorpen vroegtijdig aan te wijzen en vervolgens gefaseerd te ontwikkelen. Dit biedt ook de kans om meteen de verkeersafwikkeling goed te regelen en te komen tot een minimaal sluitende grondexploitatie 4.

We staan functiemenging (wonen, werken en voorzieningen) waar dit gewenst is toe, met inachtneming van een gezond en veilig woon- en leefklimaat.

37 Herijking Woonvisie 2025-2027

5

Verduurzaming en klimaatbestendigheid

inhoud

5. Verduurzaming en klimaatbestendigheid Duurzaamheid speelt een belangrijke rol binnen de woningvisie om zo een gezond en toekomstbestendig Barneveld te realiseren. Sinds begin 2022 werken we aan meerdere duurzaamheidsthema’s onder het Programma Duurzaamheid van de gemeente. Dat gaat om de thema’s Energie, Duurzame Mobiliteit, Klimaatadaptatie, Biodiversiteit en Groen en Circulaire Economie. We zien daarnaast belangrijke ontwikkelingen die hebben plaatsgevonden sinds het opstellen van de Woonvisie, denk met name aan de uitdagingen rondom netcongestie. Dit heeft grote impact op de woningbouwontwikkelingen in de gemeente Barneveld. Vanuit die veranderde context is onderstaand hoofdstuk aangepast en herschreven. Met het behalen van de benodigde klimaatdoelen, de impact van netcongestie en een veranderend klimaat zullen we anders met onze woningen en woonomgeving moeten omgaan. Bij nieuwbouw gelden steeds strengere normen (zoals BENG die in 2024 is aangescherpt met betrekking tot het risico op oververhitting). De grootste opgave ligt echter in het verduurzamen van de bestaande woningvoorraad. Daarnaast moeten we onze leefomgeving voorbereiden op extremen in de weerssituatie (hitte, droogte, extreme regenval).

39 Herijking Woonvisie 2025-2027

Speerpunten: • We zetten de energietransitie in, waarbij ons uitgangspunt een betaalbare, betrouwbare en duurzame energievoorziening voor iedereen is. • We faciliteren en stimuleren particuliere woningeigenaren tot het nemen van duurzaamheidsmaatregelen. • Nieuwbouw volgens geldende duurzaamheidsnormen, en we streven naar zo netbewust mogelijk • Prettig, veilig en gezond binnenklimaat gebouwen en woningen. • Aandacht voor een klimaatadaptieve en natuurinclusieve woning en woonomgeving is onderdeel van de beoordeling van al onze woningbouwprojecten.

inhoud

5.1 Energietransitie We zetten de energietransitie in, waarbij ons uitgangspunt een betaalbare, betrouwbare en duurzame energievoorziening voor iedereen is. We bevinden ons midden in de energietransitie, waarin de gemeente Barneveld een actieve en sturende rol vervult om deze ontwikkeling in goede banen te leiden. Ons uitgangspunt is een energievoorziening die voor iedereen betaalbaar, betrouwbaar en duurzaam is. Daarbij werken we samen met inwoners, bedrijven en partners om de overstap naar hernieuwbare energie te versnellen, het net te ontlasten en tegelijkertijd oog te houden voor ruimtelijke kwaliteit en maatschappelijke belangen. In het nationale Klimaatakkoord is afgesproken dat we in 2050 in de gebouwde omgeving geen aardgas meer gaan gebruiken voor verwarming, warm tapwater en koken. In 2050 moeten landelijk 7 miljoen woningen en 1 miljoen gebouwen aardgasvrij zijn. Deze doelstellingen zijn verankerd in de Klimaatwet. Als eerste stap moeten in 2030 de eerste 1,5 miljoen bestaande woningen verduurzaamd zijn. Voor Barneveld gaat het om 4.000 woningen in 2030. Ook willen we dan de CO2-uitstoot met 55% hebben teruggebracht, ten opzichte van 1990. Daarnaast streven alle gemeenten vanuit de RES naar een energiebesparing van 1,5% per jaar.

De gemeente Barneveld heeft zich met de Energievisie 2015-2020 zich altijd gericht op 2% energiebesparing per jaar en zal dit percentage ook aanhouden in het Energiebeleidsprogramma. Netcongestie is een nieuwe ontwikkeling waarmee we in heel Nederland, maar zeker ook in onze gemeente, mee te maken hebben. Hierdoor is het verkrijgen van grootverbruik aansluitingen niet meer mogelijk en zullen mogelijk vanaf 2026 ook geen kleinverbruik aansluitingen meer worden uitgegeven. Wat grote impact heeft op de woningbouw en waardoor vertraging kan optreden. Dit betekent dat we woningen netbewust en dus anders moeten ontwerpen en bouwen, zodat we zo efficiënt mogelijk omgaan met de beschikbare energie. Hiervoor zijn verschillende technische maatregelen op woning- als gebiedsniveau beschikbaar. De technische ontwikkelingen gaan hard binnen de energietransitie, innovaties volgen elkaar in een snel tempo op. Onderzoeken gedaan naar

40 Herijking Woonvisie 2025-2027

de mogelijkheid voor grote collectieve warmtenetten en geothermie voor de kernen Barneveld en Voorthuizen hebben aangegeven dat dit niet betaalbaar is. Dus op lokaal niveau moet worden gekeken of kleine collectieve warmtenetten, WKO’s of andere warmte- en koeltealternatieven wel haalbaar en betaalbaar zijn. Om te bepalen of een maatregel haalbaar is, speelt de ruimtevraag voor de energietransitie een steeds grotere rol. Maatregelen zoals een WKO of buurtbatterij vragen ruimte zowel boven- als ondergronds als financieel. Ook meer energie uit hernieuwbare bronnen wordt opgewekt en is nodig. Hierbij moet rekening gehouden worden met een netbewuste ontwikkeling waar vraag en aanbod van energie zoveel mogelijk lokaal in balans is om het net te ontlasten. De energietransitie is een enorme opgave waar een goede samenwerking met partners essentieel is. Het is dan ook van belang om samen (bottom up) met inwoners, ondernemers en bijvoorbeeld Woningstichting Barneveld op zoek te gaan naar goede, betaalbare, duurzame oplossingen en de financiering ervan. Om zo vanuit de samenleving meer aandacht te geven aan lokale opwek en opslag om te streven naar meer energieonafhankelijkheid. Woningstichting Barneveld is een actieve partner in de energietransitie. Nu al heeft bijna driekwart van het bezit een label B of hoger.

De komende jaren wordt het bezit verder verduurzaamd (middels no-regret maatregelen, maatregelen waarvan je achteraf geen spijt van zult hebben). Daarbij zal een zorgvuldige afweging worden gemaakt hoe middelen worden ingezet voor de ambities op het gebied van beschikbaarheid, betaalbaarheid en duurzaamheid. Aan de voorkant vindt daartoe een gezamenlijke verkenning tussen gemeente, corporatie en huurders plaats. In afwachting van de overstap naar een duurzame warmtebron vragen we eigenaren-bewoners (circa 70% van onze gemeente) en verhuurders van woningen (19% woningcorporatiebezit en 11% particuliere verhuur), te investeren in de verduurzaming van hun woning(en). Dit gaat om no-regret maatregelen. Denk hierbij voornamelijk aan energiebesparing door isolatie.

inhoud

Onze aanpak 1. Voor 2026 staat de publicatie het Energiebeleidsprogramma van de gemeente Barneveld gepland (2025 vaststellen van de kaders en de leidende principes en 2026 wordt het energiebeleidsprogramma vastgesteld). Dit is de opvolger van de Energie- en warmtevisie. Hierin beschrijven we de uitgangspunten voor de energietransitie. Ook actualiseren we hierin onze ambitie voor energiebesparing en duurzame energieopwekking. In het Energiebeleidsprogramma worden concrete maatregelen en financiële kaders genoemd om onze ambities en doelen te halen. 2. Samen met professionals (als Woningstichting Barneveld en netbeheerder Liander) en inwoners kijken we per wijk en dorp wat de meest haalbare en betaalbare warmtealternatieven zijn. Dat is in veel gevallen elektrische verwarming, en in nieuw te ontwikkelen dorp kijken hoe we de energievoorziening zo netbewust mogelijk ontwikkelen. Per dorp moet zich een beeld gaan vormen van de lokale (gedragen) mogelijkheden. De bijbehorende werkzaamheden pakken we gezamenlijk met onze partners op. 3. Het is ons streven dat de kosten van de verduurzaming of huurverhogingen, hogere servicekosten of de Energie Prestatie Vergoeding (EPV1) samenhangend met de verduurzaming gecompenseerd worden door lagere energielasten. Het streven is dat de woonlast voor eenieder minimaal gelijk blijft. 4.

Woningstichting Barneveld verduurzaamt haar woningen projectmatig. Daarbij pakt ze de woningen met de minst duurzame energielabels als eerste aan. Nu al heeft bijna driekwart van het bezit een label B of beter. We maken prestatieafspraken met de woningcorporatie over verduurzaming van hun vastgoed, in

1

E  nergie Prestatie Vergoeding is een maandelijkse vergoeding buiten de huur om welke gevraagd kan worden bij woningen die voldoen aan hoge eisen op het gebied van energiezuinigheid en energieopwekking.

41 Herijking Woonvisie 2025-2027

relatie tot de ambities op het gebied van beschikbaarheid en betaalbaarheid en passend bij de mate waarin dit bij renovatie haalbaar is. 5. De sprong van label B naar CO 2-neutraal is een grote stap. De investeringen die hiermee gepaard gaan zijn hoog en hebben een effect op de andere ambities van de woningcorporatie op het gebied van de betaalbaarheid en beschikbaarheid van voldoende (sociale) huurwoningen. Gemeente en woningcorporatie trekken samen op in een gebiedsgerichte aanpak ten behoeve van de warmtetransitie. We maken deze analyse graag samen met de woningcorporatie in relatie tot hun Strategisch Voorraadbeleid. 6. De sprong van label B naar CO2-neutraal is een grote stap. De investeringen die hiermee gepaard gaan zijn hoog en hebben een effect op de andere ambities van de woningcorporaties op het gebied van de betaalbaarheid en beschikbaarheid van voldoende (sociale) huurwoningen. Waar het de woningen van de woningcorporaties betreft kijken we vooral naar de verdere verduurzaming van de woningen die er in 2050 nog staan; alleen dan zijn de hoge kosten voor verduurzaming te verantwoorden. We maken deze analyse graag samen met de woningcorporaties in relatie tot hun Strategisch Voorraadbeleid. 7. We vragen de woningcorporatie(s) te beginnen met het verder verduurzamen van de goedkope sociale huurwoningvoorraad, zodat deze huurders hiervan als eerste profiteren.

Woningstichting Barneveld heeft gekeken waar ze de meeste vooruitgang in energieprestatie kunnen realiseren. Het zijn met name complexen met grondgebonden woningen met gemiddeld de laagste labels die als eerste verduurzaamd zullen worden.

inhoud

5.2 Verduurzaming bestaande particulier voorraad We faciliteren en stimuleren particuliere woningeigenaren tot het nemen van duurzaamheidsmaatregelen. De verduurzaming van de particuliere woningvoorraad is een grote opgave waar wij als gemeente een stimulerende en faciliterende rol in spelen. Onze aanpak is integraal: naast energie richten we ons ook op de andere duurzaamheidsthema’s uit het Programma Duurzaamheid. Voor het thema energie geldt, dat het bestrijden van energiearmoede de afgelopen jaren een beleidsprioriteit geworden is met ondersteuning van het Nationaal Isolatieprogramma. Zo is ook de Specifieke Uitkering Lokale Aanpak Isolatie van de Rijksoverheid in het leven geroepen om verduurzaming te stimuleren. De gemeente Barneveld heeft deze SPUK meermaals aangevraagd en zet het in om bewoners te helpen slecht geïsoleerde woningen te verduurzamen. Naast de positieve bijdrage aan de klimaatdoelen, verdienen veel investeringen in energiebesparende maatregelen zichzelf in de loop der jaren terug door een besparing op de energierekening. Verder draagt het bij aan het creëren van een behaaglijke, comfortabele (tochtvrije)woning. Ook wordt aandacht besteed aan het klimaatadaptief en biodivers inrichten van woning en tuin.

Onze aanpak 1. Met het Energieloket en energiecoaches ondersteunen we bewoners die graag willen verduurzamen. Hier krijgen ze advies over duurzame maatregelen en de landelijke regelingen die in het leven zijn geroepen voor de financiering. Verder informeren we inwoners via de website over duurzame en innovatieve materialen voor het isoleren. 2. We werken voortdurend aan de aanpak geld – en energiebesparing, waarbij alle activiteiten bijdragen aan het verlagen van de

42 Herijking Woonvisie 2025-2027

energierekening van inwoners, bijvoorbeeld door acties als de witgoedregeling (uitgevoerd in 2025), de uitvoering van de SPUK Lokale Aanpak Isolatie en door gerichte communicatiecampagnes. 3. Veel investeringen in energiebesparende maatregelen verdienen zichzelf terug door de besparing op de energierekening. Om dit aan te moedigen biedt de gemeente de mogelijkheid van een Toekomstbestendig Wonen Lening. 4. We ondersteunen en begeleiden eigenaren van koopwoningen gelegen in rijwoningen van een te verbeteren complex/project (eventueel ook financieel), zodat de eigenaren van deze woningen gelijktijdig met het project van de woningcorporatie(s) hun woning energetisch kunnen (laten) verbeteren. Hiervoor zullen gemeente en corporatie(s) vroegtijdig in de planvorming in gesprek gaan over de mogelijkheden en samenwerking. 5. Voor inwoners en bedrijven is een gemeentelijke subsidieregeling klimaatadaptieve maatregelen beschikbaar.

5.3 Nieuwbouw Nieuwbouw volgens geldende duurzaamheidsnormen, en we streven naar zo netbewust mogelijk. Bij het realiseren van nieuwbouw in Barneveld hanteren we een integrale aanpak waar duurzaamheid een grote rol speelt. Dit doen we mede door het afwegingskader duurzaamheid toe te passen bij nieuwbouw ontwikkelingen. Hiermee worden alle duurzaamheidsthema’s en ambities van het Programma Duurzaamheid naar concrete indicatoren op projectniveau vertaald. Doormiddel van dit afwegingskader stimuleren wij verschillende

inhoud

duurzaamheidsmaatregelen in de nieuwbouwontwikkelingen die bijdragen aan een toekomstbestendig Barneveld. Bij nieuwbouw zullen we niet alleen moeten kijken naar wat een duurzame warmtebron is voor de nieuw te bouwen woningen, maar ook of hier (ruimtelijke) mogelijkheden zijn om een gedeelte van de bestaande bouw te bedienen.

5.4 Prettig, veilig en gezond binnenklimaat gebouwen en woningen Prettig, veilig en gezond binnenklimaat gebouwen en woningen. Het binnenklimaat van gebouwen en woningen heeft groot effect op de gezondheid en woonbeleving van de gebruikers. Daarom zetten we in op een prettig, veilig en gezond binnenklimaat.

Onze aanpak 1. Bij nieuwbouw gelden de landelijke normen. We bouwen vanaf 1 januari 2021 Bijna Energieneutrale Gebouwen (BENG) en aardgasvrij. We moedigen iedereen aan om een stapje méér te doen op dit gebied. 2. Met de ontwikkelingen van de afgelopen jaren rondom netcongestie, zien we met name uitdagingen rondom het verkrijgen van een aansluiting voor ontwikkelingen. Het is daarom noodzakelijk dat bij nieuwbouwplannen vanaf het begin rekening gehouden wordt met de energievoorziening en dat deze zo netbewust mogelijk ontworpen wordt. Als gemeente geven we initiatiefnemers meer informatie over netcongestie en de wijze waarop zij daar rekening mee kunnen houden in hun plan. 3. We dagen onszelf en partijen uit om met innovatieve bouwmethoden (biobased, prefab en passief bouwen) te komen om op deze wijze zowel duurzaam en netbewust te bouwen, maar ook passend bij de veranderende woningvraag. Dit geldt bijvoorbeeld ten aanzien van flexibele, compactere woonvormen. Maar mogelijk ook als alternatief voor de traditionele bouwmethoden. Betaalbaarheid (beheersing van woonlasten) en duurzaamheid moeten hierbij hand in hand gaan. Met het te ontwikkelen Energiebeleidsprogramma werken we aan leidende principes en een programma van eisen die samenhangen met onder andere de trias energetica en netbewust bouwen.

43 Herijking Woonvisie 2025-2027

Onze aanpak 1. Systemen voor ventilatie, verwarming en zonwering moeten eenvoudig te bedienen en onderhouden zijn. Schadelijke stoffen zoals koolmonoxide en asbest horen niet in een gezond gebouw. Bij controles en handhaving hebben we hier specifiek aandacht voor. 2. Bij bouw- en planontwikkeling vragen we de ontwikkelende partijen aandacht te besteden aan het creëren van minimaal één zijde van de woning die rustig is, waar geen geur of geluid overheerst en met een prettig (zo mogelijk natuurlijk) uitzicht en/of buitenruimte.

5.5 Klimaatadaptatie en biodiversiteit Aandacht voor een klimaatadaptieve en natuurinclusieve woning en woonomgeving is onderdeel van al onze woonprojecten. We richten de bebouwde en onbebouwde omgeving op een zodanige manier in dat deze ons helpt om met langere perioden van hitte of met veel neerslag om te gaan. Dit doen we door te streven naar minder verharding en meer groen, waardoor de gebouwde omgeving beter bestand is tegen deze extreme weersituaties. Het doel is om in 2050 klimaatbestendig te zijn.

inhoud

In 2025 is het Klimaatadaptatieplan door de raad vastgesteld, waarin we als gemeente uitwerken wat Klimaatadaptatie betekent in Barneveld. In het bijbehorend uitvoeringsplan worden maatregelen genoemd om de gemeente Barneveld meer klimaatadaptief te maken. De belangrijkste normen voor klimaatadaptatie opgenomen in het klimaatadaptatieplan zijn: • In elke wijk wordt gestreefd naar minimaal 30% groen • Iedere woning moet binnen 300 meter een koelteplek hebben • Bij extreme buien (70 mm in een uur) mag er niet meer dan 15 cm water op hoofdwegen blijven staan • Bij extreme buien mag er niet meer dan 15 cm water tegen de gevels van gebouwen komen staan. Om te voldoen aan deze normen zijn er locaties specifieke maatregelen en algemene maatregelen. Voor nieuwbouw betekent dit dat bij de ontwikkeling van nieuwe woonwijken klimaatadaptieve uitgangspunten standaard worden toegepast. Dan gaat het om de integratie van waterberging, schaduwrijke plekken en groen in het stedenbouwkundig ontwerp, om het toepassen van gescheiden afvoersystemen en infiltratievoorzieningen, de realisatie van koelteplekken binnen 300 meter van elke woning en minimaal 30 procent groen in nieuwe woongebieden. Voor bestaande woonwijken worden klimaatadaptieve maatregelen meegenomen zodat ook die wijken kunnen voldoen aan de door de gemeente Barneveld gestelde normen.

Verder worden bewoners gestimuleerd om tuinen en gevels te vergroenen en worden bewoners geholpen (afkoppel)maatregelen te treffen via de subsidieregeling klimaatadaptieve maatregelen en advisering vanuit de klimaatkeet. In het Klimaatadaptatieplan staan nog andere normen, een Programma van Eisen en leidende principes. In het Programma van Eisen en bij de leidende principes kan gedacht worden aan: • Het natuurlijk systeem van Barneveld is het uitgangspunt (water en bodem sturend); • Alleen noodzakelijke verharding aanbrengen; • Een goede bescherming van en ruimte geven aan groen; • Nieuwbouw en renovaties richten we hittebestendig in; • Water vasthouden daar waar het valt;

44 Herijking Woonvisie 2025-2027

• Natuurlijke en bovengrondse afwatering woningen verwerken op eigen terrein 60 mm van de neerslag.Voor een meer uitgebreid en volledig beeld, is dit terug te lezen in het Klimaatadaptatieplan. Ook zetten we in op het versterken van de biodiversiteit en groen rondom de woningen voor zowel bestaande als nieuwbouwwoningen. Dit gebeurt onder ander doormiddel van de uitvoering van het Biodiversiteitsplan. We integreren natuurinclusief bouwen in nieuwbouwprojecten door het toepassen van het natuurinclusief puntensysteem. Hierin eisen we natuurinclusieve maatregelen op basis van de grote en locatie van het project om biodiversiteit te versterken. Bij bestaande woningen ondersteunen we bewoners met initiatieven zoals het aanleggen van geveltuinen, vergroenen van tuinen en het verminderen van verharding. In de directe woonomgeving investeren we onder andere in biodiversiteitsvriendelijke inrichting van openbaar groen en geven we richting aan ecologische bermbeheer. Zo werken we aan een klimaatadaptieve, biodiverse en aantrekkelijke woonomgeving voor mens, dier en natuur.

Onze aanpak 1. Bij bouw- en planontwikkeling vragen we de ontwikkelende partijen aandacht te besteden aan de klimaatbestendigheid van hun bouwplan en de omgeving hiervan. Dit op basis van het nieuwe Klimaatadaptatieplan. Hierbij geldt dat we in co-creatie met de ontwikkelaars en aannemers aan de slag gaan. 2. In overeenkomsten met marktpartijen nemen we bepalingen op om klimaatbestendige maatregelen vast te leggen (zoals bijvoorbeeld gedaan in Bloemendal), alsook in de daarbij horende (beeldkwaliteits)plannen. Zowel ten behoeve van de aanleg als het onderhoud en beheer van deze maatregelen.

inhoud

3. We leggen klimaatadaptieve maatregelen vast in omgevingsplannen. 4. Bij het verduurzamen en renoveren van bestaande woningen en gebouwen, vragen we de eigenaren ook de klimaatbestendigheid te verhogen. 5. In de adviezen van Woon Bewust (Welzijn Barneveld) is klimaatbestendigheid een aandachtspunt. Langs deze weg zetten we onder meer in op het ‘ontstenen en vergroenen’ van voor- en achtertuinen. 6. Bij afkoppelprojecten in de openbare ruimte vragen we de eigenaren van aanliggende woningen en gebouwen ook hun daken en terreinen af te koppelen. Daarbij worden zij volledig ontzorgd, zowel voor de uitvoering van de maatregelen als de financiering. 7. Gemeentelijke subsidieregeling klimaatadaptieve maatregelen (zie hoofdstuk 5.2). 8. Op basis van het Klimaatadaptatieplan maken we prestatie- en procesafspraken met de Woningstichting Barneveld. 9. Voor nieuwbouwprojecten hanteren we het puntensysteem natuurinclusief bouwen. 10. Projecten zoals Dorpen in het Groen en de Biodiversiteitsimpuls dragen bij aan vergroening en versterking van de biodiversiteit door advisering over tuinen en door het uitdelen van gratis, inheems plantgoed. 11. Ook worden inheemse bomen en planten uitgedeeld om inwoners te stimuleren meer (inheems) groen in hun tuinen te planten.

45 Herijking Woonvisie 2025-2027

6

Bijstellingen naar aanleiding van de ontwikkelingen

inhoud

6. Bijstellingen naar aanleiding van de ontwikkelingen We volgen de Woondeal 2.0 Foodvalley en lopen daarmee vooruit de invoering van de Wet versterking regie volkshuisvesting: minimaal 66% betaalbaar waarvan 30% sociale huur bij elke ontwikkeling van meer dan 15 woningen.

6.1 Relevante (externe) ontwikkelingen in 2022-2024 6.1.1 Algemene ontwikkelingen De Woonvisie 2021-2025 is in maart 2021 vastgesteld. In de afgelopen jaren zijn er veel ontwikkelingen geweest die invloed hebben gehad op de woningmarkt. Gedacht kan worden aan onder meer: • Het woningtekort is verder toegenomen; de prijzen van koopwoningen stijgen snel door en de druk op de sociale huurmarkt loopt verder op (stijgende wachttijden en oplopende aantal reacties op een woningen). • Het woningtekort leidt tot grote problemen in het sociaal domein, Willen we de problemen en de kosten in het sociaal domein beheersbaar houden, dan is het essentieel om het tekort aan te pakken; • In rijksnota’s uitgebracht door vro/Wonen is geconstateerd dat in de afgelopen decennia de volkshuisvesting en de woningbouw te veel aan de vrije markt is overgelaten. Inmiddels is duidelijk dat de markt de problemen op het gebied van huisvesting niet afdoende oplost. Het woningtekort is sterk toegenomen, nieuwe woningen zijn voor veel mensen niet betaalbaar, huren in het geliberaliseerde deel van de markt zijn enorm gestegen. Stevige sturing door de overheid is noodzakelijk om de problemen op de woningmarkt aan te pakken.

Zo wordt de Wet versterking regie volkshuisvesting in 2026 ingevoerd (nader uitwerking in 6.x) en is in juli 2025 het rapport STOER (schrappen tegenstrijdige en overbodige eisen en regelgeving) aangeboden aan de minister; • De bouwkosten stegen snel, levering van diverse bouwmaterialen was tijdelijk een probleem; inmiddels zijn prijzen en levertijden weer redelijk stabiel. De bouwers zien zich echter nog steeds geconfronteerd met

47 Herijking Woonvisie 2025-2027

• • • •

stijgende bouwkosten. Dit is alleen momenteel niet alleen voor materialen maar ook ten aanzien van personeel. Goed personeel is lastig te vinden; In maart 2023 is de Woondeal vastgesteld vanuit de Foodvalley en door gemeente Barneveld medeondertekend. In 2025 is de Woondeal herijkt en wederom heeft gemeente Barneveld zich hieraan gecommitteerd; Als gevolg van (onder meer) de oorlog in Oekraïne zijn ook de energieprijzen snel en sterk gestegen; en inmiddels weer wat gedaald; Sinds november 2022 is er een tijdelijke stop aangekondigd door Tennet op het aansluiten van grootverbruikers. Ook dreigt er vanaf 2026 een tijdelijk stop kleinverbruik aansluitingen (zoals woningen); In januari 2025 heeft de rechtbank Greenpeace in het gelijk gesteld dat er onvoldoende maatregelen genomen waren om stikstofuitstoot te laten verlagen. De impact van deze uitspraak is groot. Momenteel ligt de natuurvergunningverlening stil bij de provincie en activiteiten die gebruik maken van intern salderen zoals woningbouwprojecten. Inmiddels zijn er beleidsregels van de provincie Gelderland bekend die intern salderen weer mogelijk moeten maken.

Deze ontwikkelingen maken tezamen dat hoewel de ambitie van Barnveld blijft om woningen te bouwen, de daadwerkelijke productie momenteel achterblijft. Momenteel worden er minder vergunningen afgegeven waardoor het de komende jaren niet mogelijk is om de aantallen te halen. 6.1.2 Input vanuit woonbehoefteonderzoek In 2024 heeft Companen in een gezamenlijke opdracht van de Woningstichting en de gemeente Barneveld een woonbehoeftonderzoek uitgevoerd “Ontrafel de trend. Kijk vooruit.” d.d. 9 januari 2025. 203.109-Woningbehoefteonderzoek-gemeente-Barneveld-definitief.pdf De voornaamste beleidsaanbevelingen uit dit onderzoek waren: • In de sociale huurvoorraad is vooral toevoeging van appartementen en kleinere grondgebonden woningen gewenst; • Nieuwbouw van sociale huurwoning is niet alleen van belang om de diverse doelgroepen die afhankelijk zijn van een sociale huurwoning

inhoud

• • • • • • •

(reguliere huishoudens met een laag inkomen, kwetsbare groepen, vergunninghouders, arbeidsmigranten met een langer verblijfsperspectief en mensen die met spoed een goedkope woning nodig hebben) te kunnen blijven huisvesten, maar ook om te zorgen dat de inschrijftijd van reguliere woningzoekende niet verder oploopt. Kijk eventueel naar de mogelijkheden om de vraag waar op korte termijn niet in kan worden voorzien te bedienen met tijdelijke woningen; Zet bij nieuwe woninglocaties ook in op het toevoegen van plannen voor betaalbare woningen; Er zijn voldoende plannen om in de grote vraag te voorzien naar duurdere koopwoningen in Barneveld, zowel grondgebonden woningen als appartementen; Vooral in het segment van betaalbare koopwoningen zal creatief moeten worden gekeken naar mogelijkheden om woningen te realiseren, andere woonvormen of inzet van conceptuele bouwmethoden; Middeldure huur kan als substituut gelden zolang men nog moet sparen en/of inkomensontwikkeling moet doormaken om in aanmerking te komen voor een koopwoning; De verduurzaming van de bestaande woningvoorraad is een punt van aandacht en vraagt om actief te werken aan strategie; De behoefte aan voor senioren geschikte woningen in Barneveld neemt toe: zowel appartementen en kleineren grondgebonden levensloopgeschikte woning, zowel in de huursector als in de koopsector; Het creëren van voldoende woningaanbod is voor

uitstromers met verblijf uit de Jeugdzorg niet voldoende; een passende zorginfrastructuur is voor een zachte landing op hun nieuwe woonplek van belang.

Kortom er dient gevarieerd en gedifferentieerd gebouwd te worden zodat aan de brede vraag voldaan kan worden. 6.1.3 Input vanuit de Woonzorgvisie In 2025 is de Woonzorgvisie “Een thuis voor iedereen in Barneveld” opgesteld Woonzorgvisie 2025-2029 voor Barneveld. De visie is samen met de inwoners en maatschappelijke partners ontwikkeld en sluit aan bij de lokale behoefte. De visie richt zich op passende huisvesting, zorg en welzijn voor ouderen en andere aandachtsgroepen, zoals mensen met een ondersteunings- of zorgbehoefte.

48 Herijking Woonvisie 2025-2027

Belangrijke doelen zijn om: • Inwoners zo lang mogelijk zelfstandig laten wonen. • Toegankelijke en inclusieve wijken met voorzieningen dichtbij huis. • Samenwerking tussen gemeente, zorgaanbieders, vrijwilligers en inwoners. Ambities: • Passend wonen voor ouderen: meer geschikte woningen, doorstroming bevorderen, gebruik van zorgtechnologie. • Wonen voor aandachtsgroepen: gemengd wonen, verspreid over wijken. • Prettige woonomgeving: toegankelijke voorzieningen, veilige en groene wijken. • Sterke samenwerking in de wijk: verbinding tussen professionele zorg en vrijwilligers. Ook naar aanleiding van de uitkomsten van de woonzorgvisie kan gesteld worden dat er gevarieerd gebouwd moet worden met ook voor de verschillende aandachtsgroepen met het accent op senioren, zodat de inclusieve wijk ontstaat. inhoud

Passend wonen voor andere aandachtsgroepen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Barneveld&id=549d89bb-2f8f-4d2b-9a43-08ec90693dcf