Hulstweg III, partiële herziening Buitengebied 2012_Toelichting_Bijlage 3 Passende boordeling Wnb.PDF
Tekst van het document
Geconcludeerd wordt dat een tijdelijke, verwaarloosbaar kleine toename aan stikstofdepositie (0,01 mol N/ha/jr) op een heel klein deel van het totaal aan oppervlakte van H3160 in het Natura 2000-gebied Veluwe met zekerheid niet leidt tot significante gevolgen voor het betreffende habitattype. 4.2.4 H2310 Stuifzandheiden met struikhei Voor de aanlegfase is een beperkte tijdelijke toename aan stikstof berekend van maximaal 0,01 mol N/ha/jr op 1,36 ha aan H2310 Stuifzandheiden met struikhei. Het instandhoudingsdoel voor het habitattype H2310 Stuifzandheiden met struikhei in het Natura 2000-gebied Veluwe is uitbreiding van de omvang en verbetering van de kwaliteit. De kwaliteit is door gebrek aan instandhoudingsbeheer in de afgelopen decennia achteruitgegaan. Vanaf ca. 1995 is de kwaliteit door uitvoering van beheer ongeveer gelijk gebleven, maar diverse (typische) soorten staan nog steeds onder druk. Volgens de PAS-gebiedsanalyse is sprake van een gelijkblijvende trend in oppervlak en in kwaliteit. Het is in verband met behoud en verbetering wel noodzakelijk om passende
11
maatregelen te treffen voor dit habitattype. Periodiek biomassa verwijderen en afvoeren is daarbij de sleutelmaatregel om de effecten van stikstofdepositie en door stikstof versnelde successie en de uitbreiding van de exoot grijs kronkelsteeltje te verminderen. Daarnaast worden maatregelen genomen ter bevordering van de windwerking in de open stuifzandgebieden, wat bijdraagt aan het verminderen van de knelpunten. Het reguliere beheer bestaat voor dit habitattype uit periodiek toegepaste maatregelen zoals plaggen en afvoeren, maaien en afvoeren en branden. Continuering van de inzet van deze maatregelen blijft nodig om de normale successie en ontwikkelingsprocessen te kunnen sturen. Als gevolg van het voorgenomen plan is alleen tijdelijk gedurende de aanlegfase sprake van een zeer beperkte toename aan stikstofdepositie op slechts 1,36 ha aan H2310. Een dergelijke tijdelijke en beperkte toename aan stikstofdepositie (0,01 mol N/ha/jr) leidt op zichzelf niet tot een merkbare verandering van de kwaliteit van het habitattype. Er vindt bij een dergelijke tijdelijke en kleine stikstoftoename geen zodanige vergrassing of verruiging op dat dit van invloed kan zijn op de kwaliteit van het habitattype. Het voorgenomen plan staat er ook niet aan in de weg dat kwaliteitsverbetering kan worden gerealiseerd door uitvoering van de in de PAS-gebiedsanalyse aangegeven herstelmaatregelen.
Geconcludeerd wordt dat een tijdelijke, verwaarloosbaar kleine toename aan stikstofdepositie (0,01 mol N/ha/jr) op een heel klein deel van het totaal aan oppervlakte van H2310 in het Natura 2000-gebied Veluwe met zekerheid niet leidt tot significante gevolgen voor het betreffende habitattype. 4.2.5 H4010A Vochtige heiden (hogere zandgronden) Voor de aanlegfase is een beperkte tijdelijke toename aan stikstof berekend van maximaal 0,01 mol N/ha/jr op 0,59 ha aan H4010A Vochtige heiden (hogere zandgronden). Het instandhoudingsdoel voor het habitattype H4010A Vochtige heiden (hogere zandgronden) in het Natura 2000-gebied Veluwe is uitbreiding van de omvang en verbetering van de kwaliteit. Stikstofdepositie kan leiden tot verzuring, ammoniumtoxiciteit, vermesting en dominantie van snelgroeiende soorten. Volgens de PAS-gebiedsanalyse is sprake van een gelijkblijvende trend in oppervlak en in kwaliteit. Voor het behoud is het wel noodzakelijk om maatregelen te treffen voor dit habitattype. Periodiek biomassa verwijderen en afvoeren is daarbij de sleutelmaatregel om de effecten van stikstofdepositie en de door stikstof versnelde successie te verminderen. Het reguliere beheer is daar specifiek op ingericht. Als gevolg van het voorgenomen plan is alleen tijdelijk gedurende de aanlegfase sprake van een zeer beperkte toename aan stikstofdepositie op slechts 0,59 ha aan H4010A.
Een dergelijke tijdelijke en beperkte toename aan stikstofdepositie (0,01 mol N/ha/jr) leidt op zichzelf niet tot een merkbare verandering van de kwaliteit van het habitattype. Er vindt bij een dergelijke tijdelijke en kleine stikstoftoename geen zodanige vergrassing of verruiging op dat dit van invloed kan zijn op de kwaliteit van het habitattype. Het voorgenomen plan staat er ook niet aan in de weg dat kwaliteitsverbetering kan worden gerealiseerd door uitvoering van de in de PAS-gebiedsanalyse aangegeven herstelmaatregelen. Geconcludeerd wordt dat een tijdelijke, verwaarloosbaar kleine toename aan stikstofdepositie (0,01 mol N/ha/jr) op een heel klein deel van het totaal aan oppervlakte van H4010A in het Natura 2000-gebied Veluwe met zekerheid niet leidt tot significante gevolgen voor het betreffende habitattype.
4.2.6
ZGLg09 Droog struisgrasland
12
Voor de aanlegfase is een beperkte tijdelijke toename aan stikstof berekend van maximaal 0,01 mol N/ha/jr op 0,19 ha aan zoekgebied voor Lg09 Droog struisgrasland. Lg09 vormt leefgebied voor de stikstofgevoelige kwalificerende broedvogelsoorten boomleeuwerik en tapuit. Alleen voor de tapuit geldt een uitbreidingsopgave voor de omvang van het leefgebied, waarvoor zoekgebieden relevant zijn. Uit de PAS-gebiedsanalyse blijkt dat een overmaat aan stikstofdepositie kan leiden tot een koeler en vochtiger microklimaat en een afname van de prooibeschikbaarheid door vergrassing en verruiging. Als gevolg van het voorgenomen plan is alleen tijdelijk gedurende de aanlegfase sprake van een zeer beperkte toename aan stikstofdepositie op slechts 0,19 ha van het totaal aan aangewezen zoekgebied voor uitbreiding van het leefgebied van de tapuit. Een dergelijke beperkte toename aan stikstofdepositie leidt op zichzelf niet tot een merkbare verandering van de kwaliteit van het leefgebied van de tapuit. Er vindt geen zodanige vergrassing of verruiging plaats dat dit van invloed kan zijn op het microklimaat van het leefgebied of op de voedselbeschikbaarheid. Voor Lg09 geldt dat in de praktijk in het veld al diverse maatregelen worden uitgevoerd, die samenhangen met het reguliere beheer en de PAS-maatregelen die al plaatsvinden in de habitattypen die daarmee in verband staan (H6230 resp. H4030).
Uit de PAS-gebiedsanalyse blijkt dat er geen aanvullende maatregelen zoals meer hectares, andere plekken, frequentie opvoeren om overmaat N af te voeren, etc. niet nodig zijn. Bovendien vindt in het overgrote deel van het zoekgebied voor uitbreiding van het leefgebied van de tapuit geen stikstoftoename plaats en kan de geformuleerde uitbreidingsopgave in het Natura 2000-gebied Veluwe ondanks het voorgenomen plan worden gehaald. Geconcludeerd wordt dat een tijdelijke, verwaarloosbaar kleine toename aan stikstofdepositie (0,01 mol N/ha/jr) op een heel klein deel van het totaal aan oppervlakte van ZGLg09 in het Natura 2000-gebied Veluwe met zekerheid niet leidt tot significante gevolgen voor de tapuit. 4.3 Cumulatie Uit de effectbeoordeling blijkt dat een tijdelijke, verwaarloosbaar kleine toename aan stikstofdepositie (0,01 mol N/ha/jr) op een heel klein deel van het totaal aan oppervlakte van de relevante habitattype/leefgebieden van soorten met zekerheid niet leidt tot significante gevolgen voor het Natura 2000-gebied Veluwe. Door de tijdelijkheid, de beperkte toename en het beperkte oppervlakte waarop de toename zich voordoet is geen sprake van een merkbare verslechtering van de kwaliteit van de betreffende habitattypen/leefgebieden van soorten.
Dat betekent dat het voorgenomen plan ook in combinatie met andere reeds vergunde maar nog niet uitgevoerde plannen of projecten nooit een significant effect kan hebben. Bovendien is het beïnvloedingsgebied van het voorgenomen plan klein en bevindt zich dit langs de rand van het Natura 2000-gebied Veluwe. Er zijn geen reeds vergunde maar nog niet uitgevoerde projecten of andere relevante plannen bekend die een ruimtelijke overlap hebben met het beperkte beïnvloedingsgebied. Van een significant effect door cumulatie met eventuele andere projecten of relevante plannen is dan ook geen sprake.
13
5 Conclusie Uit voorliggende gebiedspecifieke ecologische beoordeling blijkt dat het voorgenomen plan niet leidt tot significante gevolgen voor het Natura 2000-gebied Veluwe. Er is geen sprake van een permanente stikstoftoename tijdens de gebruiksfase. Alleen tijdens de aanlegfase is sprake van een zeer beperkte tijdelijke toename aan stikstofdepositie van maximaal 0,01 mol N/ha/jr op een beperkt deel van de Natura 2000-gebied Veluwe. Uit de ecologische beoordeling blijkt dat bij een zodanig kleine tijdelijke toename op een heel klein deel van het Natura 2000-gebied geen sprake is van een merkbare verandering van de kwaliteit van de betreffende habitattypen/leefgebieden van soorten. Geconcludeerd wordt dat significante gevolgen op voorhand met zekerheid kunnen worden uitgesloten, ook in combinatie met eventuele andere reeds vergunde maar nog niet gerealiseerde projecten (cumulatie). Het voorgenomen plan staat niet aan het behalen van de instandhoudingsdoelstellingen van het Natura 2000-gebied Veluwe in de weg.
14
Literatuur §
Craeft Advies B.V. 2023. Passende Beoordeling Wnb – Hulstweg III, partiële herziening Buitengebied 2012.
§
Provincie Gelderland 2017. PAS-gebiedsanalyse Veluwe.
§
Provincie Gelderland 2017. Natura 2000 Beheerplan Veluwe.
•
https://www.calculator.aerius.nl/calculator
•
https://www.natura2000.nl/gebieden/gelderland
•
https://www.sovon.nl/nl/gebieden
15
Bijlage 4
weoseiseweg ö^-ö4, uarneveid.
\
)
Ministerie van Volkshuisvesting, o Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer
Kennisgevingsformulier Besluit melkrundveehouderijen Hinderwet
A
Aaa. lu
GPÉïepËrÊ'Krf^ul&^i^ÉWiltb
4
2 0 JULI 1992
vr C: _ Streepje is: hier invullen wat gevraagd wordt □ Aankruisen wat van toepassing is 1 Naam -J? Adres en telefoonnummer
N:
l^p.sseise^t^
Postcode en plaats 2. Geeft kennis van het
(3..
2.-(^4
^ Uj □ oprichten van een hnelkrundveehouderij*) voorgenomen tijdstip van inwerkingtreding van de melkrundveehouderij:
^IaT
□ uitbreiden of wijzigen van een melkrundveehouderij*), dan wel het veranderen van de gebezigde werkwijze voorgenomen tijdstip waarop de uitbreiding, wijziging of verandering van de werkwijze tot stand komt: [ van toepassing worden van het Besluit melkrundveehouderijen Hinderwet op een reeds opgerichte melkrundveehouderij* 3 Plaats waar de melkrundveehouderij is of zal worden gevestigd Adres en telefoonnummer Postcode en gemeente
- )
Zi£
B öw&'-w
4 Gegevens met betrekking tot het van toepassing zijn van het besluit (lees eerst de toelichting bij deze rubriek) Ja
Nee
4.1
Worden meer dan 50 mestvarkeneenheden gehouden, 50 schapen gedurende de aflamperiode niet meegerekend
4.2
Worden meer dan 50 geiten gehouden?
4.3
Worden pelsdieren bedrijfsmatig gehouden?
4.4
Worden meer dan 50 konijnenvoedsters gehouden?
4.5
Worden meer dan 100 stuks melkrundvee gehouden?
4.6
4.7
Wordt dunne mest opgeslagen in: a. bassins met een groter oppervlak dan 750 m32 b. bassins met een grotere inhoud dan 2500 m c. bassins waarin wordt belucht of geforceerd gegist Zijn andere nitraathoudende kunstmeststoffen aanwezig dan die van de klasse C?
4.8
Zijn meer dan 400 kg bestrijdingsmiddelen aanwezig?
4.9
Wordt elektriciteit voor elektrische installaties betrokken van andere bronnen dan het openbare elektriciteitsnet?
r
4.10
Wordt in de inrichting een andere brandstof dan gas, gasolie, of lichte stookolie voor ruimteverwarming of warmwatervoorziening gebruikt? Is propaan aanwezig in een stationair reservoir waarop het Besluit opslag propaan Hinderwet NIET van toepassing is?
x
4.11 4.12
r
*
□ □ □
x □ □ □
4.13
a. Is een ondergrondse tank voor de opslag van gasolie en lichte stookolie van een ander materiaal dan staal gemaakt? b. Is een ondergrondse tank voor de opslag van gasolie en lichte stookolie onder een gebouw gelegen? c. Bedraagt de ondergrondse opslag van gasolie en lichte stookolie meer dan 20.000 liter? Worden K1- of K2-vloeistoffen in ondergrondse of bovengrondse tanks opgeslagen?
4.14
Bedraagt de bovengrondse opslag van gasolie en lichte stookolie meer dan 5000 liter?
X
4.15
Worden motorbrandstoffen aan derden afgeleverd?
r
4.16
Is i.v.m. de ligging van een mestbassirTeen vergunning vereist? (zie toelichting)
4.17
Is i.v.m. de ligging van de inrichting ten opzichte van stankgevoelige objecten een vergunning vereist? (zie toelichting)
5Ï
X
Is i.v.m. de ligging vanüe inrichting ten opzichte van voor verzuring gevoelige gebieden een verguning vereist? (zie toelichting) Indien één van de bovenstaande vragen met JA is beantwoord, is voor de melkrundveehouderij een vergunning vereist. Indien u nog geen vergunning heeft, dient u deze zo snel mogelijk aan te vragen. 5. Nadere gegevens 4.18
Ja
Nee w
5.1
Ligt een bestaande opslag voor vaste dierlijke mest op minder dan 50 m van woningen?
5.2
Ligt een bestaande kuilvoeropslag voor gras of snijmais op minder dan 25 m van woningen?
r
5.3
Is een mestsilo, gebouwd voor 1 juni 1987, aanwezig^.
w
5.4
Is een foliebassin, gebouwd voor 1 juni 1987/aanwezig?
x
Datum
Handtekenini
*) Voor een melkrundveehouderij geldt ondermeeryat dez voor het bedrijfsmatig houden van melkrundvee.
het Hinderbesluit aangewezen categorie behoort en uitsluitend of in hoofdzaak bestemd is
Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer
Kennisgevingsformulier Besluit Melkrundveehouderijen Hinderwet
Toelichting bij kennisgevingsformulier Besluit melkrundveehouderijen Hinderwet
Algemeen Op grond van het Besluit melkrundveehouderijen Hinderwet is voor veel melkrundveehouderijen de plicht om een hinderwetvergunning te hebben komen te vervallen. In plaats daarvan kan men volstaan met een eenvoudige melding wanneer een melkrundveehouderij wordt opgericht of uitgebreid, of wanneer de werkzaamheden worden gewijzigd. Ook een bestaande melkrundveehouderij waarvoor in het verleden verzuimd is een hinderwetvergunning te vragen, moet alsnog worden gemeld. In de brochure "melkrundveehouderijen Hinderwet” is uiteengezet wanneer een melding moet worden gedaan. Indien deze brochure niet in uw bezit is kunt u deze opvragen bij uw gemeente, uw districtskantoor van de Dienst Landbouwvoorlichting of het Consulentschap voor de Landbouw in uw provincie. Invulling van dit formulier maakt vanzelf duidelijk of de AMvB inderdaad van toepassing is op de melkrundveehouderij. Is dit niet het geval, dan is voor de melkrundveehouderij een hinderwetvergunning nodig. Gemeenten zijn in het algemeen behulpzaam bij het invullen van dit formulier. Bij de kennisgeving moet een plattegrond van de melkrundveehouderij worden overgelegd met een schaal van ten minste 1 : 250. De schaal mag dus bijvoorbeeld ook 1 :100 of 1 : 200 zijn. Voor het maken van deze tekening kan gebruik worden gemaakt van een tekening die is gebruikt bij de aanvraag van de bouwvergunning.
De te overleggen plattegrond mag eenvoudig zijn en kan in principe zelf worden vervaardigd. Op de tekening moet ten minste zijn aangegeven: - de grenzen van de inrichting; - de ligging en omvang van de opslagen van mest en kuilvoer; - de bestemming van de aangrenzende percelen; - de ligging en de indeling van de gebouwen; - de bestemming van de werkruimten; - de bestemming van de tot de inrichting behorende terreinen; - de ligging van de brandstoftanks.
het oprichten, uitbreiden of wijzigen zal zijn gerealiseerd. De gemeente kan dan voor dit tijdstip controleren of aan de voorschriften van het besluit kan worden voldaan. Rubriek 3 In deze rubriek moet u het adres invullen, waar de melkrundveehouderij is of zal worden gevestigd. Rubriek 4 De vragen 4.1 t/m 4.18 hebben betrekking op onderwerpen die bepalend zijn voor het al dan niet van toepassing zijn van het besluit. Indien één of meer van deze vragen met ja wordt beantwoord, is het besluit niet van toepassing. In dat geval is voor de melkrundveehouderij een hinderwetvergunning vereist. Vraag 4.1 Tijdens de aflamperiode mogen naast het aantal mestvarkeneenheden nog maximaal 50 schapen worden gehouden. Blijkens de omrekeningsfactor voor schapen (zie bijlage IV van het Besluit) komen 100 schapen overeen met 50 mestvarkeneenheden. Gedurende de aflamperiode mogen dus maximaal 150 schapen in de inrichting worden gehouden. Vraag 4.4 Voor wat betreft het houden van konijnen valt een aantal, dat behoort bij maximaal 50 voedsters binnen de werkingssfeer van de AMvB. Hiermee wordt bedoeld dat naast de 50 voedsters ook de bijbehorende rammen, jonge konijnen, opfokvoedsters of slachtkonijnen mogen worden gehouden. Vraag 4.5 Het besluit is van toepassing zolang niet meer dan 100 stuks melkrundvee aanwezig zijn.
Wat onder melkrundvee dient te worden verstaan, kunt u lezen in de brochure "melkrundveehouderijen Hinderwet”.
Het kennisgevingsformulier met de plattegrond moeten worden toegezonden aan uw gemeente, de regionale inspecteur voor de milieuhygiëne en het districtshoofd van de Arbeidsinspectie. De adressen van de regionale inspecteurs Vraag 4.6 Dunne mest is verpompbaar en bestaat uit faeces of urine van en de districtshoofden staan op de achterzijde van dit blad. landbouwhuisdieren, al dan niet vermengd met mors-, spoel-, reinigings- of regenwater. Het formulier is onderverdeeld in rubrieken. Per rubriek wordt hieronder een Een bassin is een reservoir, bestemd en geschikt voor het bewaren van dunne nadere toelichting gegeven. mest, dat niet geheel of gedeeltelijk is gelegen onder een stal. Rubriek 1 Hier moet u de naam en het adres invullen van degene die de Vraag 4.10 melkrundveehouderij drijft. Dit is degene die verantwoordelijk is voor de feitelijke Onder gas wordt zowel aardgas, butaan als propaan verstaan. bedrijfsvoering. Vraag 4.11 Rubriek 2 Heeft u bij uw bedrijf een propaantank die niet onder de werking van het besluit In de brochure is uiteengezet wanneer melding moet worden gedaan van het opslag propaan Hinderwet valt, dan moet u de vraag met ”ja” beantwoorden. oprichten of uitbreiden van de melkrundveehouderij of het wijzigen van de werkwijze en wanneer een bestaande inrichting moet worden gemeld.
Indien de Vraag 4.12 kennisgeving wordt gedaan voor het oprichten of uitbreiden van de inrichting of De aanwezigheid van een kunststof ondergrondse tank voor deze vloeistoffen het wijzigen van de werkwijze, moet u het voorgenomen tijdstip invullen, waarop leidt tot vergunningpiicht.
Vraag 4.16 Deze vraag kunt u beantwoorden aan de hand van het onderstaande schema.
nee Onder woning wordt verstaan een woning van derden. Afstanden moeten worden gemeten vanaf het bedrijfsmatige onderdeel van de melkrundveehouderij, dat het dichts bij een woning is gelegen.
Vraag 4.17 Deze vraag kunt u beantwoorden aan de hand van het onderstaande schema
Onder woning wordt verstaan een woning van derden. Afstanden moeten worden gemeten vanaf het bedri|fsmatige onderdeel van de melkrundveehouderij, dat het dichtst bij een woning is gelegen (geldt dus ook voor een mestbassin ouder dan 1-6-'87). Vraag 4.18 Deze vraag kunt u beantwoorden aan de hand van het onderstaande schema.
Onder hervestiging wordt verstaan verplaatsing van de melkrundveehouderij als gevolg van landinrichtingsprojecten, stadsuitbreiding, bosaanleg of natuurontwikkeling. Rubriek 5 In deze rubriek moet u een aantal gegevens vermelden op basis waarvan de gemeente zich een oordeel kan vormen over de aard en de omvang van het melkrundveehouderijbedrijf en van de ligging ten opzichte van de omgeving. Deze gegevens zijn van belang voor het eventueel stellen van nadere eisen.
ARCHIEF
Adressen Arbeidsinspectie Arbeidsinspectie district Maastricht Postbus 3000, 6200 AH Maastricht Arbeidsinspectie district Breda, Postbus 90109, 4800 RA Breda Arbeidsinspectie district Rotterdam, Van Vollenhovenstraat 12, 3016 BH Rotterdam Arbeidsinspectie district Utrecht, Postbus 7001,3430 JA Nieuwegein Arbeidsinspectie district Amsterdam Leeuwendalersweg 21. 1055 JE Amsterdam Arbeidsinspectie district Deventer, Postbus 5011, 7400 GC Deventer Arbeidsinspectie district Groningen, Postbus 30016, 9700 RM Groningen Arbeidsinspectie district ZoetermëerT Postbus 3013, 2700 KN Zoetermeer
Adressen Regionale inspecties van de Volksgezondheid voor de Milieuhygiëne 1. Insp. Groningen, Friesland en Drenthe 4. Insp. Noord-Hollancf Postbus 30020 Postbus 1182 9700 RM Groningen 2001 BD Haarlem 27lnsp. Overijssel en Flevoland Postbus 10057 8000 GB Zwolle
5. Insp. Zeeland Postbus 7073 4330 GB Middelburg
3. Insp. Gelderland Postbus 9013 6800 DR Arnhem
6. Insp. Limburg Huskensweg 17b 6412 SB Heerlen
7. Insp. Zuid-Holland Postbus 5312 2280 HH Rijswijk SHmsp. Utrecht Postbus 13154 3507 LD Utrecht 9. Insp. Noord-Brabant Postbus 90134 5200 MA ’s-Hertogenbosch
CENTRAAL bureau VOOR DE STATISTIEK Hoofdafd. El, Landbouwstatistieken, Voorburg
Ministerie van Landbouw en Visserij, 's-Gravenhage
BESTEMD VOOR STULM GELDERLAND
Landbouwtelling 1986 'tlST i I_ Beschrijvingsbiljet vastgesteld door de Minister van Landbouw en Visserij (art. 25 van de Landbouwwet) A Gegevens bedrijfshoofdZ-leider Geboortejaar (oudste) bedrijfshoofdZ-leider.... Hoofdberoep agrariër zonder nevenberoep (excl. rechtspersonen) landbouwer/veehouder = 1 betreffende tuinder/kweker =2 champignonteler = 9 } code invullen Hoofdberoep agrariër met nevenberoep, hoofdberoep niet-agrariër met agrarisch nevenberoep en rechtspersonen:. I , , hoofdberoep: \JyLVo\Aèhci^ 4èÉn nevenberoep: 1/® Wdvtd W m
rubr. 001
geboortejaar
005
0 1 ;
slachtkuikens moederdieren van slachtrassen: jonger dan 5 maanden 5 maanden en ouder leghennen: jonger dan 18 weken (incl. kuikens) 18 weken tot 20 maanden 20 maanden en ouder Totaal kippen (rubr. 269 t/m 278). . . totale hokcapaciteit: slachtkuikens moederdieren: jonger dan 5 maanden 5 maanden en ouder . leghennen: jonger dan 18 weken . . . 18 weken en ouder . . . .
.
. .
.
. .
1510-4326-0
I'nch. TI *^ O
.Vf J -.J S k«
//I rj
l. .—T• 1 v:
niet invullen 004
B Arbeidskrachten voor land- en tuinbouwwerkzaamheden (periode april '85 t/m maart '861 gemiddelde arbeidstijd per week 20 uur of meer minder dan 20 uur rubr. rubr. M V Gezinsarbeidskrachten: bedrüfshoofden: regelmatig . . . 011 2, 033 niet-regelmatig 035 013 037 (^tjenoten: regelmatig . . . 015 017 niet-regelmatig 039 kinderen (in- en uitwonende): 041 019 regelmatig . . . niet-regelmatig 043 021 overige inwonende familieleden: 023 045 regelmatig . . . 025 047 niet-regelmatig Niet-gezinsarbeidskrachten: 049 regelmatig . . . 029 niet-regelmatig' 031 051 Z 010 020 Totaal arbeidskrachten C Veestapel Paarden en pony's paarden jonger dan 3 jaar paarden 3 jaar en ouder pony's jonger dan 3 jaar pony's 3 jaar en ouder kaarden en pony's (rubr. 260 t/m 2631
Binnen 5 dagen inleveren bij de districtsbureauhouder.
rubr. 260 261 262 263 264
aantal
269 271 273 275 276 278 277 279 285 281 286 283
Slachteenden en kalkoenen jonge eenden voor de slacht 287 jonge kalkoenen voor de slacht 291 kalkoenen bestemd voor broedeierenproduktie: jonger dan 7 maanden 293 7 maanden en ouder 295 Totaal eenden en kalkoenen (rubr. 287 t/m 295) 297 ’ alleen die personen die op de laatste werkdag voor de telling werkzaam waren.
Rundvee (geen mest- of weidevee) jongvee: jonger dan 1 jaar: vrouwelijk mannelijk 1 tot 2 jaar: vrouwelijk mannelijk 2 jaar en ouder: vrouwelijk (nog nooit gekalfd) melk- en kalfkoeien stieren voor de fokkerij, 2 jaar en ouder Rundvee (mest- of weidevee) mestkalveren ander jongvee voor de mesterij: jonger dan 1 jaar: vrouwelijk mannelijk (incl. ossen) 1 tot 2 jaax^ vrouwelijk mannelijk (incl. ossen) 2 jaar en ouder: vrouwelijk mannelijk (incl. ossen) mest- en weidekoeien, zoogkoeien (2 jaar en ouder) Totaal rundvee (rubr. 201 t/m 229) Totale hokcapaciteit mestkalveren
rubr. 201 203 205 207 209 211 213
217 219 221 223 225 227 229 230 231 265 266 268
Geiten meikgeiten overige geiten Totaal schapen en geiten (rubr. 265 t/m 284)
282 284 280
D Champignonteelt aantal cellen totale teeltoppervlakte waarvan met doorgroeide compost
4H Q Z
215
Schapen lammeren overige schapen: vrouwelijk mannelijk
Varkens fei^gen tot 20 kg: nog bij de zeug niet meer bij de zeug mestvarkens: 20 tot 50 kg 50 kg en meer fokvarkens: opfokzeugjes en -beertjes 20 tot 50 kg opfokzeugen 50 kg en meer (niet gedekt) . . . . gedekte zeugen (al dan niet drachtig) zeugen bij de biggen overige fokzeugen (gust) opfokberen 50 kg en meer (nog niet dekrijp) . . dekrijpe beren Totaal varkens (rubr. 235 t/m 255) Totale hokcapaciteit mestvarkens 20 kg en meer.
aantal
tit 2H
124.
235 237 239 241 243 245 247 249 251 253 255 256 257 rubr. 801 805 807
rr
st m! mJ
H Akkerbouw (gemeten maat) rubr. 301 wintertarwe 303 zomertarwe 305 wintergerst zomergerst • 307 ; rogge (geen snijrogge) .... 309 haver 311 groene erwten (droog te oogsten) 317 319 schokkers kapucijners en grauwe erwten 321 323 bruine bonen 325 veldbonen 327 koolzaad karwijzaad, oogst 1986 . . . . 329 331 blauwmaanzaad vlas (incl. zaaiklaar VERhuurd excl. zaaiklaar GEhuurd) . . . 335 341 graszaad pootaardappelen (N.A.K. aangegeven): op zand-of veengrond . . . 347 349 op kleigrond consumptie-aardappelen: op zand- of veengrond . . . 351 353 op kleigrond 355 fabrieksaardappelen suikerbieten (geen pootbieten) 357 voederbieten (geen poot359 bieten) 369 luzerne 373 snijmais groenbemestingsgewassen . 377 erwten (groen te oogsten) . . 381 383 poot- en plantuien zaai-uien . . 385 387 zilveruitjes overige akkerbouwgewassen: naam gewas bestemming
E Tuinbouw open grond (gemeten maat) rubr. ha Groenten 407 aardbeien 473 andijvie 409 asperges augurken 433 bewaarkool 446 435 bloemkool herfst- en vroege sluitkool . . 444 437 knolselderij 465 kropsla 443 prei 481 schorseneren 475 spinazie 447 spruitkool stambonen (groen te oogsten) 449 453 stokbonen 417 tuinbonen 439 waspeen en bospeen 441 winterpeen 451 witlofwortel 483 overige groenten Pit- en steenvruchten appelen aangeplant: 501 in seizoen 1985/'86 vóór seizoen 1985/'86 . . . 503 peren aangeplant: 505 in seizoen 1985/’86 vóór seizoen 1985/'86 . . . 507 overige pit- en steenvruchten . 515 Klein fruit frambozen 521 523 zwarte bessen 525 rode bessen 526 blauwe bessen 527 bramen overig klein fruit 529 531 Tuinbouwzaden Bloemkwekerijgewassen . . . 541 Bloembollen en -knollen hyacinten 571 tulpen 573 narcissen 575 gladiolen 577 579 lelies 580 irissen overig bijgoed 581 Boomkwekerijgewassen bos- en haagplantsoen .... 551 laan- en parkbomen 552 vruchtbomen 554 rozestruiken 555 sierconiferen 557 overige sierheesters en klimplanten 559 Vaste planten2 561 Tofaa/(naar I rubr. 721) . . . . a
G Tuinbouw onder glas (gemeten maat) rubr. Groenten 601 tomaten verwarmd 603 koud . . . 605 komkommers verwarmd 607 koud . . . 609 aardbeien verwarmd 611 koud . . . 613 paprika verwarmd 615 koud . . 617 augurken verwarmd 619 koud . . . overige groenten (incl. 621 meloenen): verwarmd 623 koud ... 625 opkweekmateriaal groenten 635 Fruit Bloemkwekerijgewassen 641 rozen 643 anjers: grootbloemig 645 tros chrysanten (snijbloemen) . . . 647 649 fresia's 650 orchideeën 651 gerbera's 653 alstroemeria 655 lelies (snijbloemen) amaryllis (incl. voor de bol). . 656 657 overige snijbloemen potplanten: voor de bloei . . 660 bladplanten . . . 662 663 perkplanten overige bloemkw. gewassen (incl. aqoffriumplanten) .... 665 opkweekmat. snijbloemen . . 666 Boomkwekerijgewassen en 667 vaste planten ä Totaal in m2 ha Totaal in ha en a naar I rubr. 725 waarvan: 671 plat glas 675 staand glas verwarmd 679 staand glas koud . . .
F Diverse bedrijfsgegevens rubr. Hoeveel stuks tulpen heeft u het afgelopen seizoen gebroeid? 911 Hoeveel kg narcissen heeft u het afgelopen seizoen gebroeid? 913 Van welke oppervlakte witlofwortelen geteeld in 1985 heeft u in het seizoen 1985/'86 witlof getrokken? 583
aantal x 1000
Aantekeningen Districtsbureauhouder Registratienummer in 1985 (indien gewijzigd)
kg x1000
Cultuurgrond mei 1985 (gemeten maat K, rubr. 735) Teelt u dit jaar groenten in de open grond? ja = 1; nee = 2
Vaste planten in containers (zie ook E. rubr. 561)
701 703 715 721 725 731 735
iTT 2j
vervolg
rubr.
cultuurgrond (kad. maat) . natuurlijke graslanden . . . overige gronden Totale bedrijfsoppervlakte.
737 754 781 791
■o kad. maat ha kL '_o_
^ü_
12:
Opmerkingen: ha
aantal x 1000 563
akkerbouw (zie H, tylhr a) . . blijvend grasland tijdelijk grasland tuinbouw: open grond (zie E, rubr. a). onder glas (zie G, rubr. b) . braakland cultuurgrond (gemeten maat)
gern, maat ha a
a
Totaal (naar I rubr. 701)
Bedrijfsindeling rubr.
ha
Dit,beschrijvingsbiljet naar waarheid ingevuld: iSo T vi (LJe ty l<^_ O U - 1986 /plaatsnaam) (datum)
(handtekening bedrijfshoofd of diens gemachtigde)
I
GEMEENTE
afschrift verzonden aan gemeentewerken, arbeidsinspectie en regionale inspectie milieuhygiëne
BARNEVELD
Aan'de heer Wesselseweg 84 3771 PD
UW KENMERK:
UW BRIEF VAN:
ONDERWERP bewijs van ontvangst.
BARNEVELD
BEHANDELD DOOR: E. de Ruiter NR.ks^g AFD.: I BARNEVELD, ^ 1 j uli 1992 DATUM VERZENDING 3 1 JULI 1392
BIJL.:
Geachte heer Hierbij bevestigen wij de ontvangst op 20 juli 1992 van uw kennisgeving ingevol ge het Besluit melkrundveehouderijen Hinderwet van een reeds opgerichte melkrundveehouderij aan de Wesselseweg 82-84 te Barneveld.
Hoogachtend, burgemeester en wethouders van Barneveld, namens dezen, het hoofd van de afdeling algemene zaken,
IA HUISMAN, pN. j.w.
ADRES: RAADHUISPLEIN 2 - POSTBUS 63 - 3770 AB BARNEVELD - TELEFOON 03420-95911 TELEFAX 95376 - POSTGIRO: 868629 BIJ BEANTWOORDING S.V.P. DATUM, NR„ EN AFD. VERMELDEN.
Ministerie van Volksnuisvestmg. fluimteii|Ke Oraenmg en Miheuceneer
Kennisqevtnqsformunef :-Uy-ZT. CiCfataal. GEMEENTE ÖARNEVELD .10 J) 'V
0:
-04i'J^
=
7«
tß_
LQg,SS cJ -S
Posicsae en .voonoiaais 2 GeeO kennis van net
13
-w
Sl.'eeoie is: nier invullen «ai gevraaqa worai □ AanKfjisen "eioeen wal van loepassinn s 1 Naam Aares en leieioonnummer
—1 779
- ! . I■•! =__i C Ocricmén Jan een inneming, voor :over on oonemen oeireKkmg neelt oo *ei oeware" van orooaan. voorgenomen nidstip van inwerkingtreding van ce inncntmg: □ Uiicreiden ol wiiaigen van een inneming dan .vei van nel veranderen van een daarin gscezigoe werkwn« voor zover net uitdreioen wiizigen ol veranderen van werkwiize oetrekkmg -ee:t oo rei oewaren van orooaa Voorgenomen ii|dsno waaroo de uitoreiding. wnziging ol verandering van .ver vwiize iet siand komt: jjvan toeoassmg worden van net Besiuit oosiag orooaan Hmoerwet oo een -eecs occer ente inneming .vaar orooaan wordt oewaard
3 Plaats waar de inneming is ol zal worden gevestigd Adres en leieioonnummer
■i-l L v
7
Posiccoe en gemeente
4 Gegevens met Betrekking tot net van toepassing zijn van net oesluit 4 1 wordt prooaan oewaard in meer dan iwee reservoirs? 4 2 Wordt orooaan oewaard in een ondergronds reservoir
1
C.a
Ijf Nee
C.a
■J^Nee
4 3 Wordt orooaan oewaard in een mei-stationair reservoir ’
Nee J
4 4 worot orooaan oewaaro in een reservoir met een mnoud kleiner dan ol geii|k aan 0. i S m ol groter oan 5 m-’’
^Nee
4 S Worot orooaan m de vioeisioliase aan een reservoir onttrokken’ 4 6 worot orooaan onttrokken aan een reservoir voor andere doeleinden aan ruimteverwarming, warmwatervoorziening, nel oereioen .an
C -a
4 7 is een reservoir oo een oouwoiaats oogesteid’
Nee Nee
4 8 is een reservoir oogesieio n een mncnting .vaar andere stationaire reservoirs voor oe ocwanng van :ot vioeisiot verdiente gasser aan'.vez’O znn’ Vraag 4 9 aneen ceantwooroen mdien prooaan worot oewaaro in een reservoir met een mnoud van len noogste 3 m- en dat voor I iuii ’984 .s oocencnt. 4 9 Becaagt ae aistano van een reservoir tot een woning van derden ol een ooiect categorie I ol II. met zunce een woning ol een oc.ez: caiegor e i ol H weme zeil tiesenikt over een orooaanreservoir mmqer dan 15 m’ Vraag a g a'.een ceantwooroen .noien orooaan worot oewaaro a. in een reservoir met een mnoud van ten noogste 3 m* oat s ol wordt oogenent na i juii 1984 0. in een reservoir met een mnoud van meer dan 3 m- en ten noogsffe 5 mJ 4 :0 Bedraagt enige aistano van een reservoir, net vuicunt van een reservoir ol oe oosteioiaats van ce tankwagen tot een woning van de'cen o: een ooiect categorie I of il. niet zunce een wonmg ol een cciec: categorie I ol H welke zeil tesc.n-kt over een orooaanrese'-.: r mmcer zan ce m oe onderstaanoe taoei vermeide waarcen’ Gfiiect categorie i')
Wonmg van oeroen ’
Oosteiotaats tankauto/vuiount
15 m
20 m
woonwi|krociect cateoone tl') 60 m*!
Reserve.rs 0.15 :c: en met 1 m-
20 m
25 m
25 m
Resen/oirs 1 tot en met 2 m'
20 m
30 m
30 m
Reservoirs 3 tot en met 4 rm
20 m
35 m
35 m
Reservoirs 4 tot en met 5 mJ
20 m
40 m
40 m
C .a"
C .a
lT73
') Niet zimoe een woning van derden ol een ooiect categorie I ol II, welke zeil Oescnikt over een orooaanreservoir. Aan ae gevraagoe alstand wordt voldaan mdien omnen een aistano van 60 m mei meer dan 10 woningen van derden, niet ziinoe woningen van derden die zeil Descmkken over een orooaan-reservoir. aanwezig zi|n en er omnen oeze afstand ook geen ooiect categorie II. niet ziinoe een ooiect categorie II dat zeil Oescnikt over een propaan-reservoir. aanwezig is. Indien een o< meer van de bovenstaande vragen 4.t t/m 4.10 met |a is beantwoord Is het Besluit opslag propaan Hinderwet met van toepassing, hetgeen inhoudt dat voor het bewaren van propaan een hinderwetvergunning Is vereist. ! ARCHIEF )M - ? - ',^2 .
_
,
jSj^Nee
jjNee
Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer
0^ 5^
Kennisgevingsformulier Besluit opslag propaan Hinderwet
Toelichting on Kennisgevingsicrmuiier >
Algemeen
De in vraag 4,9 en 4.10 genoemde oBiecten Betreffen oBiecten categorie I en II die niet Benoren tot de inrichting, waar propaan wordt Bewaard. Zo moet een restaurant dat Beschikt over een propaan-reservoir met worden oeschouwd als Op grond van net Besluit opslag propaan Hinderwet is voor de meeste houders van een propaantank de plicht om voor deze tank een hinderwetvergunning te een obiect categorie I of II. Onder oBiecten categorie I zi|n onder meer genoemd neooen komen te vervallen. In piaats daarvan kan men volstaan met een eenincidentele dienst- en Bedrijfswoningen die op industrieterreinen voorkomen voudige melding wanneer een propaantank m gePruik wordt genomen of wanneer Hierbij moet worden gedacht aan industrieterreinen, waarBi| sommige oedri|ven een opslag van propaan wordt uitgeoreid ot gewiizigd. Ook een bestaande opslag zijn voorzien van een dienst- of Bedrijfswoning. Het gaat echter dan hooguit om van propaan, waarvoor in het verleden verzuimd is een hinderwetvergunning aan een dichtheid aan dienst- of Bedrijfswoningen, die biivooroeeld voorkomen m een lintbebouwing waar naBi| de weg woningen zi|n gelegen en achter die woningen te vragen, moet alsnog gemeld worden Als de propaantank onderdeel van een pedri|f is. Dli|ft voor andere hmderwetplichtige aktiviteiten Binnen dit Bedrijf een een eigen Bedrt|f wordt uitgeoefend. nmoerwetvergunning vereist.
In de Brochure opslag propaan Hinderwet is uiteengezet wanneer melding moet worden gedaan. Indien deze Brochure niet in uw OBiecten categorie I: 1’ sporthallen en zwembaden; oezit is kunt u deze opvragen 6i| de gemeente of de Kamer van Koophandel, invulling van net formulier maakt vanzelf duidelijk of het Besluit inderdaad van 2' winkels, voor zover zi| met onder categorie II vallen; toepassing is op de propaantank. Is dit met het geval dan moet u een hinderwet- 3* hotels, restaurants en kantoorgebouwen, voor zover zij met onoer categorie II vergunning neooen voor de propaantank. Gemeenten en de meeste gasleveran- vallen; 4* Bedri|fsgebouwen. voor zover zi| met onder categorie II vallen, alsmede inciciers zi|n in net algemeen Behulpzaam Bi| het invullen van dit formulier. dentele dienst- en Bedri|fswomngen die op industrieterreinen voorkomen, met een gemiddelde dichtheid aan dienst- of Bedrijfswoningen van ten hoogste eèn Het kenmsgevingsformuiier moet worden toegezonden aan de gemeente, de regionale inspecteur voor de milieuhygiëne en net districtshoofd van de ArBeids- per hectare; mspectie. Van de regionale inspecteurs en de districtshoofden is een adressen- 5‘ speeltuinen, sportvelden, openluchtzwembaden en andere recreateterremen, H^^ievoegd. voorzover deze recreatieterreinen met onder categorie II vallen.
Objecten categorie II: 1’ Beiaardenoorden, verpleeginrichtingen, ziekenhuizen en sanatoria, zwakzinnigeninrichtingen en psychiatrische ziekenhuizen, gezinsvervangende tehuizen; Rubriek 1 2’ scholen; Hier moet u de naam en het adres invullen van degene die de inrichting waar pro- 3' complexen, waarin meer dan 5 winkels3 zijn gevestigd en waarvan het gezapaan wordt oewaard. drijft. In net geval dat de propaantank is gehuurd van de menlijk vloeroppervlak meer dan 1000 m Bedraagt, en winkels met een totaal gasleverende maatschappi), is dit meestal de huurder. vloeroppervlak van meer dan 2000 m3 per obiect; 4* hotels, restaurants en kantoorgebouwen, bestemd voor meer dan 50 personen Rubriek 2 per obiect; in de Brochure is uiteengezet wanneer melding moet worden gedaan van het op- 5’ telefooncentrales, gebouwen met vluchtleidingsapparatuur en andere kwetsnchten, uitBreiden of wiizigen en wanneer Bestaande propaantanks gemeld moe- bare oBiecten met een noge infrastructurele waarde; ten worden. Indien de kennisgeving wordt gedaan voor het oprichten, uitbreiden 6' installaties en bovengrondse opslagtanks voor Brandbare, explosieve of giftige of wiizigen, moet u het voorgenomen tijdstip invullen, waarop net oprichten. uit- stoffen en andere oBiecten die door secundaire effecten een verhoogd risico met öreiden of wijzigen zal zi|n gerealiseerd.
De gemeente kan dan vóór dit ti|dstip zich meebrengen; controleren of aan de voorschriften van het Besluit kan worden voldaan. 7’ campings, bestemd voor het verblijf van meer dan 50 personen, volkstuincomplexen, waarop meer dan 25 tumhuisies, mede Bestemd voor het verBli|f van Rubriek 3 personen, aanwezig zi|n en andere recreatieterreinen, bestemd voor het verbli|f in deze rubriek moet u net adres invullen, waar de opslag van propaan is of zal gedurende meerdere aaneengesloten dagen van het iaar van meer dan 50 perworden gevestigd. sonen. Het formulier is onderverdeeld in ruBneken. Per ruBriek wordt nieronder een nadere toelichting gegeven.
Rubriek 4 De vragen 4.1 t/m 4.10 hebben Betrekking op onderwerpen die Bepalend zijn voor net al dan met van toepassing zi|n van net besluit. Indien één of meer van cez^kgen met 'ja' wordt Beantwoord, is net besluit met van toepassing. In dat gevSWvoor de opslag van propaan een hinderwetvergunning vereist. Vraag 4.7 Indien net reservoir op een Bouwplaats is opgesteld, is het Besluit opslag propaan Hinderwet met van toepassing. In dat geval moet worden nagegaan of net Besluit propaan in de Bouw Hinderwet van toepassing is. Vraag 4.9 en 4.10 Vraag 4.9 moet u alleen beantwoorden Indien propaan wordt Bewaard in een reservoir waarvan de mhoud met meer Bedraagt dan 3 m3 en dat vóór 1 juli 1984 is geplaatst. Vraag 4.10 moet u alleen Beantwoorden indien propaan wordt bewaard in een reservoir waarvoor dit met geldt. Voor een inrichting waar twee reservoirs aanwezig zi|n is het mogeli|k dat u zowel vraag 4.9 als vraag 4.10 Beantwoorden moet. Iedere afzonderlijke vraag wordt dan alleen Beantwoord voor net reservoir waarvoor de vraag Bedoeld is.
AhoniEF
Adressen:
Adressen Arbeidsinspectie Arbeidsinspectie district Maastncbt. Postbus 300. Ö20Q AH Maastricht oXoXöTS Arbeiosinsoectie district Breda. Q°o°o°c Postbus 90109. A800 RA Breda Arbeidsinspectie district flotterdam, Van Vollenhovenstraat 12. 3016 BH Rotterdam Arbeidsinspectie district Utrecht. Postbus 7001. 3430 JA Nieuwegem > Arbeidsinspectie district Amsterdam, WesterdoKsdiik 24. 1013 AE Amsterdam Arbeidsinspectie district Haarlem Postbus 173. 2000 AD Haarlem Arbeidsinspectie district Arnhem. Postbus 9036. 6800 EV Arnhem Arbeidsinspectie district Deventer, Postbus 5011, 7400 GC Deventer Arbeidsinspectie district Groningen. Postbus 30016. 9700 RM Groningen Arbeidsinspectie district Zoetermeer, Boernaavelaan 3. 2713 HA Zoetermeer
Adressen Regionale Inspecties van de Volksgezondheid voor de Milieuhygiëne 1 insp. Groningen. Friesland en Drenthe 4, Insp. Noord-Holland Postbus 30020 Postbus 5088 9700 RM Groningen 2000 GB Haarlem
7. Insp. Zuid-Holland Postbus 5312 2280 HH Ri|Swt|k
2. insp. Ovenisse! en Flevoland Postbus 10057 8000 GB Zwolle
5. Insp. Zeeland Postbus 7073 4330 GB Middelburg
8. Insp. Utrecht Postbus 129 3600 AC Maarssen
3. Insp. Gelderland Postbus 9013 6800 DR Arnhem
6. insp. Limburg Oude Lindestraat 1 6411 EH Heerlen
9. insp. Noord-Brabant Postbus 90134 5200 MA 's-Henogenbosch
^ / / \
ARCHIEF
GEMEENTE BARNEVaD
afschrift aan gemeentewerken
Aan de heer Wesselseweg 84 3771 PD
UW KENMERK:
UW BRIEF VAN:
ONDERWERP Besluit opslag propaan Hinderwet.
Geachte heer
BARNEVELD
behandeld door: E. de Ruiter AFD.: I NR. 60)^ barneveld. 3^ september 1992 DATUM VERZENDING 7 OKT. 1992
BIJL.:
t,
Hierbij bevestigen wij de ontvangst op 20 juli 1992 van uw kennisgeving ingevolge het Besluit opslag propaan Hinderwet van een reeds geplaatste propaantank aan de Wesselseweg 82-84 te Barneveld.
Hoogachtend, burgemeester en wethouders van Barneveld, namens dezen, het hoofd van de afdeling algemene zaken,
J.W. HUISMAN, PLV.
ARCHIEF ADRES: RAADHUISPLEIN 2 - POSTBUS 63 - 3770 AB BARNEVELD - TELEFOON 03420-95911 - TELEFAX 95376 - POSTGIRO: 868629 - BANKRWWWW 4 ‘ ”°L29°:9.1/22 BIJ BEANTWOORDING S.V.P. DATUM. NR.. EN AFD. VERMELDEN.
Bijlage 5
Ingevulde gegevens Gecombineerde opgave 2023 Naam
Bronkhorst - van de Munt V.O.F.
KVK
54330386
Relatienummer
060353539
Formuliernummer
9314627
Ontvangstdatum
03-03-2023 om 10:48 uur
Wat u nog moet doen na uw opgave Definitieve aanvraag doen U heeft zich aangemeld voor de basispremie, eco-regeling, extra betaling jonge landbouwers en/of behoud van zeldzame landbouwhuisdierrassen. U moet hiervoor nog een definitieve aanvraag doen. Deze doet u vanaf 15 oktober 2023 tot en met 30 november 2023.
Tussentijdse controles Wij helpen u tot de definitieve aanvraag om deze aanvraag kloppend te krijgen. Dit doen wij door bijvoorbeeld percelen en gewassen tussentijds te controleren. U ontvangt bericht van ons over de uitkomsten van deze controles. Houd deze goed in de gaten. En doe aanpassingen zo snel mogelijk.
Aanpassingen direct doorgeven Geef veranderingen in uw opgave direct aan ons door. Dit doet u door het formulier opnieuw te openen en de gegevens aan te passen. Verstuur daarna de opgave nog een keer. Houd er rekening mee dat uw aanpassingen mogelijk gevolgen hebben voor uw GLB-regelingen.
Pagina 1 van 40
Uw gegevens
Controleer uw gegevens Kloppen uw gegevens niet? U leest in de toelichting hoe u deze aanpast.
Naam
Bronkhorst - van de Munt V.O.F.
Adres
Wesselseweg 82
Woonplaats
3771 PD BARNEVELD
Rechtsvorm
VENNOOTSCHAP_ONDER_FIRMA
KVK-nummer
54330386
Hoofdvestiging: SBI-code hoofdactiviteit
01411
Hoofdvestiging: SBI-code nevenactiviteit(en) Nevenvestiging(en): SBI-codes hoofd- en nevenactiviteiten IBAN
NL07 RABO 0153 5048 54
Telefoonnummer
0342412325
E-mailadres
rbronkhorst@solcon.nl
Wat is uw situatie? Weet u niet zeker of u dit jaar de Gecombineerde opgave moet doen? Kijk dan op Moet ik nog opgave doen? Ik doe de Gecombineerde opgave. Ik ben helemaal gestopt. Ik houd op 1 april 2023 geen dieren (bedrijfs- en hobbymatig). En ik heb op 15 mei 2023 geen landbouwgrond in gebruik. Ook heb ik in 2023 geen tuinbouw onder glas (ook bollenbroei) of een daglichtloze teelt (zoals paddenstoelen of witloftrek). Ik ben tijdelijk niet actief. Ik houd op 1 april 2023 geen dieren (bedrijfs- en hobbymatig). En ik heb op 15 mei 2023 geen landbouwgrond in gebruik. Ook heb ik in 2023 geen tuinbouw onder glas (ook bollenbroei) of een daglichtloze teelt (zoals paddenstoelen of witloftrek). Ik ben wel van plan om een van deze activiteiten weer op te starten.
Controleer uw e-mailadres of vul deze in. Wij vullen het e-mailadres in dat bij ons bekend is. Aanpassen mag, maar geldt dan alleen voor deze opgave. Lees in de toelichting waarvoor wij dit e-mailadres gebruiken. Wilt u voor al onze diensten uw e-mailadres aanpassen? Dit doet u in Mijn dossier op mijn.rvo.nl. E-mailadres
rbronkhorst@solcon.nl
E-mailadres bevestigen
rbronkhorst@solcon.nl
E-mailadres adviseur of gemachtigde E-mailadres adviseur of gemachtigde bevestigen
Gecombineerde opgave 2023
03-03-2023 om 10:48 uur
Pagina 2 van 40
Bedrijfsvorm en bedrijfsleiding Is uw bedrijf een rechtspersoon? Ja, bijvoorbeeld een BV, NV, stichting, vereniging, coöperatie, gemeente, provincie of kerkgenootschap Nee, het is een natuurlijk persoon, eenmanszaak, maatschap, VOF of CV Bedrijfshoofd/bedrijfsleider Geboortejaar
1966
Geslacht
Man Vrouw
Gemiddelde werktijd per week Het gaat om de periode van april 2022 tot en met maart 2023.
38 uur of meer
Opvolging Heeft u een bedrijfsopvolger van 16 jaar of ouder?
Gecombineerde opgave 2023
03-03-2023 om 10:48 uur
Ja Nee
Pagina 3 van 40
Dagelijkse leiding Wie is voor het grootste deel verantwoordelijk voor de dagelijkse leiding op uw bedrijf?
Het bedrijfshoofd Iemand anders
Heeft het bedrijfshoofd ander betaald werk?
Nee Ja, als hoofdactiviteit Ja, als nevenactiviteit
In welk jaar is deze persoon begonnen met leiding geven?
1992
Opleiding Heeft de persoon met de dagelijkse leiding een agrarische opleiding gevolgd?
Ja Nee
Welke agrarische opleiding heeft deze persoon gevolgd? Een basis landbouwopleiding Een volledige landbouwopleiding op MBO niveau Een volledige landbouwopleiding op HBO/Universitair niveau Heeft deze persoon het afgelopen jaar een agrarische cursus of opleiding gevolgd of afgerond? Het gaat om de periode van april 2022 tot en met maart 2023.
Gecombineerde opgave 2023
03-03-2023 om 10:48 uur
Ja Nee
Pagina 4 van 40
Meewerkende familie Vul het aantal familieleden in dat op dit bedrijf werkte van april 2022 tot en met maart 2023 Het gaat om: • ouders en kinderen (1e graads familie van 16 jaar of ouder); • broers, zussen, grootouders en kleinkinderen (2e graads familie van 16 jaar of ouder); • uw levenspartner (als u getrouwd bent, een samenlevingscontract heeft of een geregistreerd partnerschap). Tel alleen de familieleden mee die uren hebben besteed aan landbouwactiviteiten. Activiteiten voor verbrede landbouw telt u alleen mee als u deze niet kunt scheiden van de landbouwactiviteiten. Het bedrijfshoofd of de bedrijfsleider die u eerder heeft opgegeven telt u niet mee. Gemiddelde werktijd per week 38 uur of meer
30 tot 38 uur
20 tot 30 uur
10 tot 20 uur
minder dan 10 uur
Aantal mannen Aantal vrouwen
1
Geef op hoeveel van deze familieleden ander betaald werk hebben. Geef aan of dit om een hoofd- of nevenactiviteit gaat. Ander betaald werk als: hoofdactiviteit Aantal personen
Gecombineerde opgave 2023
nevenactiviteit 1
03-03-2023 om 10:48 uur
Pagina 5 van 40
Regelmatig werkende personen Vul het aantal personen in dat wekelijks werkte op dit bedrijf van april 2022 tot en met maart 2023 Het gaat om personen van 16 jaar en ouder die een vergoeding krijgen voor dit werk. Dit kan ook een betaling zijn met producten of diensten. Werkt een persoon normaal wel wekelijks, maar in deze periode niet? Lees in de toelichting wanneer u deze persoon opgeeft. Werkten er seizoenarbeiders bij u? Dan geeft u deze op bij Niet-regelmatig werkende personen.
Tel alleen de personen mee die uren hebben besteed aan landbouwactiviteiten. Activiteiten voor verbrede landbouw telt u alleen mee als u deze niet kunt scheiden van de landbouwactiviteiten. Gemiddelde werktijd per week 38 uur of meer
30 tot 38 uur
20 tot 30 uur
10 tot 20 uur
minder dan 10 uur
Aantal mannen Aantal vrouwen
Gecombineerde opgave 2023
03-03-2023 om 10:48 uur
Pagina 6 van 40
Niet-regelmatig werkende personen Vul het aantal werkdagen in van de personen die niet regelmatig op het bedrijf werkten Het gaat om de periode april 2022 tot en met maart 2023. En om personen van 16 jaar of ouder. Personen die direct voor het bedrijf werkten Bijvoorbeeld medewerkers voor bepaald werk of gelegenheidswerk, zoals seizoenarbeiders.
volledige werkdagen
Personen die via een andere organisatie voor het bedrijf werkten Bijvoorbeeld loonwerkers of medewerkers van agrarische bedrijfsverzorging.
volledige werkdagen
Gecombineerde opgave 2023
03-03-2023 om 10:48 uur
Pagina 7 van 40
Managementsysteem en veiligheidsplan Heeft u internet op uw bedrijf?
Ja Nee
Gebruikt u een bedrijfsmanagementsysteem? Bijvoorbeeld voor registratie van uw teelten of dieren.
Ja Nee
Heeft uw bedrijf een veiligheidsplan?
Ja Nee
Gecombineerde opgave 2023
03-03-2023 om 10:48 uur
Pagina 8 van 40
Verbrede landbouw Welke verbrede landbouwactiviteiten voert u uit? Het gaat om de periode van april 2022 tot en met maart 2023. Agrarisch natuur- en landschapsbeheer met een beheerovereenkomst Agrarisch loonwerk voor derden Niet-agrarisch loonwerk voor derden Stalling van goederen of dieren van anderen. Bijvoorbeeld caravans, boten of een dierenpension Toerisme, accommodatie of vrijetijdsbesteding Energieproductie door opwekking van hernieuwbare energie voor levering aan derden Boerderij educatie Verwerken landbouwproducten Zorglandbouw Kinderopvang Aquacultuur Ik heb geen verbrede landbouwactiviteiten uitgevoerd
Verkoop aan consumenten Verkoopt u rechtstreeks producten aan consumenten? Het gaat om producten die op uw bedrijf zijn geproduceerd of verwerkt.
Ja Nee
Verkoopt u via één tussenschakel producten aan consumenten? Het gaat om producten die op uw bedrijf zijn geproduceerd of verwerkt.
Ja Nee Niet bekend
Gecombineerde opgave 2023
03-03-2023 om 10:48 uur
Pagina 9 van 40
Opslagruimte landbouwproducten Had u in 2022 opslagruimte voor landbouwproducten? Het gaat ook om de opslag van aangevoerde producten.
Ja Nee
Had u een of meer opslagsilo's voor bijvoorbeeld veevoer, graan, oliehoudende zaden of peulvruchten? Het gaat ook om graanreinigers en drogers.
Ja Nee
Wat was de inhoud van de opslagsilo's?
33 m³
Had u een geventileerde opslagloods voor bijvoorbeeld aardappelen, uien of bloembollen?
Ja Nee
Had u droge opslagruimte voor groenten en fruit? Gekoelde opslag telt niet mee.
Ja Nee
Had u gekoelde opslagruimte? Het gaat om gekoelde opslag voor allerlei producten, zoals groenten, fruit, bloemen, vlees(producten), melk(producten) en eieren.
Ja Nee
Gecombineerde opgave 2023
03-03-2023 om 10:48 uur
Pagina 10 van 40
Geproduceerde energie in 2022
Hoe heeft u in 2022 energie geproduceerd? Windturbines Biomassa Biogas uit biomassa Zonnepanelen Zonnecollectoren Hydro-elektriciteit (energie opgewekt uit stromend water) Op een andere manier Ik heb op mijn bedrijf geen energie geproduceerd
Gecombineerde opgave 2023
03-03-2023 om 10:48 uur
Pagina 11 van 40
Biologische landbouw Is uw bedrijf in 2023 (voor een deel) biologisch of in omschakeling naar biologisch? Skal controleert of u zich houdt aan de regels voor biologische landbouw.
Gecombineerde opgave 2023
03-03-2023 om 10:48 uur
Ja Nee
Pagina 12 van 40
Dieren
Welke dieren houdt u op 1 april 2023? Soms vullen wij een diersoort al voor u in. Controleer deze en pas deze aan als dit nodig is. Ziet u een diersoort niet staan? Dan hebben wij de gegevens al of hebben wij deze niet nodig. Geen van de dieren die hieronder staan Rundvee (exclusief waterbuffels) Waterbuffels Varkens Schapen Geiten Ganzen, emoes, fazanten, helmparelhoenders, nandoes, patrijzen, struisvogels en/of vleesduiven Geef deze alleen op als u bedrijfsmatig in totaal meer dan 25 van deze dieren houdt. Paarden, pony's en/of ezels Konijnen Geef deze alleen op als u bedrijfsmatig meer dan 25 gespeende vleeskonijnen en/of voedsters houdt. Damherten, Midden-Europese edelherten en/of knaagdieren Geef deze alleen op als u bedrijfsmatig één of meer van deze dieren houdt.
Voor welke dieren heeft u huisvesting in Nederland op 1 april 2023? Vink deze alleen aan als u hiervoor op 1 april 2023 een UBN heeft. Dit geldt niet voor konijnen. Geef gehuurde stallen ook op. Geen huisvesting voor dieren die hieronder staan Rundvee (exclusief waterbuffels) Waterbuffels Varkens Geiten (2022 gemiddeld meer dan 25) Kippen Eenden Kalkoenen Konijnen
Gecombineerde opgave 2023
03-03-2023 om 10:48 uur
Pagina 13 van 40
Rundvee: UBN en productiedoel Controleer deze gegevens en pas deze aan als dit nodig is Dit zijn de UBN's voor rundvee die bij uw relatienummer in het I&R-systeem staan.
UBN
Productiedoel
1044395
Melkvee
Hoort dit UBN bij uw relatienummer?
Ja Nee
Heeft dit UBN huisvesting voor rundvee? Ja Nee
UBN's die u na 1 april registreert of overneemt, hoeft u hier niet toe te voegen.
Melkproductie Wat was de totale melkproductie op uw bedrijf in 2022? Tel ook de melk mee die u niet geleverd heeft aan de melkfabriek. Heeft u in 2022 op uw bedrijf melk verwerkt tot een eindproduct (verzuivelen)?
Gecombineerde opgave 2023
03-03-2023 om 10:48 uur
12000 kg
Ja Nee
Pagina 14 van 40
Rundvee: huisvesting UBN 1044395 op 1 april 2023
Geef de huisvesting op van het rundvee dat u houdt op UBN 1044395 Voor iedere diercategorie geeft u het soort huisvesting op waarin u de dieren houdt. Gebruik de knop Staltype toevoegen om een extra diercategorie op te geven. Heeft u één diercategorie in verschillende staltypes? Geef deze staltypes apart op met de knop Staltype toevoegen. Houdt u een diercategorie meer dan één keer in hetzelfde staltype? Bijvoorbeeld in verschillende stallen? Geef dan deze gegevens in één keer op en dus niet per stal.
Gemiddeld aantal runderen in 2022 op UBN 1044395
58
Gegevens huisvesting Naam stal(len) (niet verplicht) Deel 82-84 Kies de diercategorie waarvoor u de huisvesting opgeeft Melkkoeien, kalfkoeien en jongvee gehouden in A1-stallen Kies het soort huisvesting waarin u de dieren houdt Grupstal met drijfmest, emitterend mestoppervlak van grup en kelder maximaal 1,2 m² per koe (A1.1) Jaar ingebruikname 1974
Gemiddeld aantal dieren 2022 32
Hoeveel van het gemiddelde aantal dieren in 2022 zijn: Melkkoeien (inclusief droge koeien)
28
Jongvee
4
Naam stal(len) (niet verplicht) Hok E Kampert Kies de diercategorie waarvoor u de huisvesting opgeeft Vrouwelijk jongvee voor de melkveehouderij (A3) Kies het soort huisvesting waarin u de dieren houdt Overige huisvestingssystemen (A3.100) Jaar ingebruikname 1976
Gecombineerde opgave 2023
Gemiddeld aantal dieren 2022 10
03-03-2023 om 10:48 uur
Pagina 15 van 40
Naam stal(len) (niet verplicht) Deel bart Kies de diercategorie waarvoor u de huisvesting opgeeft Vrouwelijk jongvee voor de melkveehouderij (A3) Kies het soort huisvesting waarin u de dieren houdt Overige huisvestingssystemen (A3.100) Jaar ingebruikname 1930
Gemiddeld aantal dieren 2022 4
Naam stal(len) (niet verplicht) Stiereschuur Kies de diercategorie waarvoor u de huisvesting opgeeft Melkkoeien, kalfkoeien en jongvee gehouden in A1-stallen Kies het soort huisvesting waarin u de dieren houdt Grupstal met drijfmest, emitterend mestoppervlak van grup en kelder maximaal 1,2 m² per koe (A1.1) Jaar ingebruikname 1930
Gemiddeld aantal dieren 2022 10
Hoeveel van het gemiddelde aantal dieren in 2022 zijn: Melkkoeien (inclusief droge koeien) Jongvee
Gecombineerde opgave 2023
03-03-2023 om 10:48 uur
Pagina 16 van 40
Machines verzorgen veestapel in 2022
Welke technieken en machines gebruikte u bij de verzorging van uw veestapel? Technieken voor de bewaking van het welzijn en de gezondheid van uw dieren Voermengwagen Automatische voedersystemen Automatische regeling van het stalklimaat Melkrobot Geen van deze
Gecombineerde opgave 2023
03-03-2023 om 10:48 uur
Pagina 17 van 40
Diergezondheidsfonds Wilt u recht hebben op een vergoeding uit het Diergezondheidsfonds? U kunt een vergoeding krijgen uit dit fonds als er een besmettelijke dierziekte uitbreekt. Of voor preventieve maatregelen. Ja, ik wil recht hebben op een vergoeding uit het Diergezondheidsfonds. Nee, ik wil geen vergoeding uit het Diergezondheidsfonds. Ook niet als bijvoorbeeld mijn bedrijf wordt geruimd bij een besmettelijke dierziekte. Nee, want ik houd geen dieren.
Hoeveel personen werkten op uw bedrijf? Het gaat om de periode van april 2022 tot en met maart 2023
1
Is de jaaromzet van uw bedrijf meer dan € 50 miljoen?
Ja Nee
Is het jaarlijkse balanstotaal van uw bedrijf meer dan € 43 miljoen?
Ja Nee
Gecombineerde opgave 2023
03-03-2023 om 10:48 uur
Pagina 18 van 40
Regelingen GLB Voor welke regelingen van het GLB wilt u zich aanmelden of een aanvraag doen? Informatie over de voorwaarden van een regeling leest u op Gemeenschappelijk landbouwbeleid.
Basispremie U meldt zich met de basispremie ook direct aan voor de extra betaling eerste 40 hectare.
Ja Nee
Eco-regeling
Ja Nee
Extra betaling jonge landbouwers Dit kan alleen als u eerder een extra betaling jonge landbouwer heeft gekregen.
Ja Nee
Behoud van zeldzame landbouwhuisdierrassen Dit kan alleen als u zeldzame runderen, geiten en/of schapen heeft.
Ja Nee
Brede weersverzekering Dit kan alleen als u een brede weersverzekering heeft voor gewassen die u in de open grond teelt.
Ja Nee
Btw-nummer en moedermaatschappij U heeft zich voor een GLB-regeling aangemeld en/of een regeling aangevraagd. Voor het uitbetalen van de premie of subsidie hebben wij aanvullende gegevens nodig over uw bedrijf. Heeft uw bedrijf een btw-nummer?
Ja Nee
Vul hier uw btw-nummer in
NL851261693B01
Hoort bij uw bedrijf een moedermaatschappij die overwegend zeggenschap heeft?
Ja Nee
Heeft uw bedrijf overwegend zeggenschap over een dochteronderneming?
Ja Nee
Gecombineerde opgave 2023
03-03-2023 om 10:48 uur
Pagina 19 van 40
Grond 15 mei 2023
Grond in gebruik Bijvoorbeeld grasland, bouwland, tuinbouw open grond, fruitteelt en landschapselementen. Heeft u op 15 mei 2023 grond in Nederland in gebruik?
Ja Nee
Heeft u op 15 mei 2023 grond in België en/of Duitsland in gebruik? Voor België geldt maximaal 25 kilometer van de Nederlandse grens. Voor Duitsland geldt maximaal 20 kilometer van de Nederlandse grens.
Ja Nee
Natuurgrond en primaire waterkeringen Heeft u op 15 mei 2023 natuurgrond in gebruik?
Ja Nee
Heeft u op 15 mei 2023 een primaire waterkering in gebruik waar u niet de feitelijke beschikkingsmacht over heeft?
Ja Nee
Andere grond Hoeveel andere grond heeft u op 15 mei 2023 bij uw bedrijf? Grond wel geschikt voor landbouw, maar niet zo in gebruik Bijvoorbeeld een kampeerterrein.
ha
Overige grond Bijvoorbeeld erf, gebouwen, gesteente, groeven, onvruchtbare grond, sloten, vijvers en wegen.
0,90 ha
Gecombineerde opgave 2023
03-03-2023 om 10:48 uur
Pagina 20 van 40
Overzicht GLB regelingen In dit overzicht ziet u voor welke GLB-regelingen u zich heeft aangemeld of een aanvraag heeft gedaan. Wij controleren nog of de percelen die u wilt laten meetellen voor een regeling voldoen aan de voorwaarden.
Biologische landbouw U heeft opgegeven dat uw percelen op 15 mei 2023 niet (in omschakeling naar) biologisch zijn.
Basispremie
U meldt zich aan voor de basispremie. Hiermee meldt u zich ook direct aan voor de extra betaling eerste 40 hectare.
Totale opgegeven subsidiabele oppervlakte 21,3352 ha
Ga naar Details voor meer informatie. Er zijn meldingen. Ga naar Details voor een uitleg.
Details
Door u opgegeven
Oppervlakte
Aantal percelen
Subsidiabele landbouwgrond
21,3352 ha
8
Subsidiabele landschapselementen
0,0000 ha
0
Totaal opgegeven subsidiabele oppervlakte
21,3352 ha
8
Maximaal op te geven
Oppervlakte
Aantal percelen
Subsidiabele landbouwgrond
21,3352 ha
8
Subsidiabele landschapselementen
0,0000 ha
0
Totale op te geven subsidiabele oppervlakte
21,3352 ha
8
Niet-subsidiabel
Oppervlakte
Aantal percelen
Tijdelijk niet in gebruik als landbouwgrond
0,0000 ha
0
U heeft bij 1 of meer percelen mogelijk een onjuist gewas opgegeven of (een deel van) een perceel niet goed ingetekend. U heeft in het onderdeel Regelingen per perceel hierover een melding (KI12051) gekregen. Daarna heeft u deze percelen niet (voldoende) aangepast. Het gaat om perceelsnummer: 6.
Eco-regeling
Gecombineerde opgave 2023
03-03-2023 om 10:48 uur
Pagina 21 van 40
U meldt zich niet aan voor de eco-regeling.
Extra betaling jonge landbouwers
U meldt zich niet aan voor de extra betaling jonge landbouwers.
Behoud van zeldzame landbouwhuisdierrassen
U meldt zich niet aan voor behoud van zeldzame landbouwhuisdierrassen.
Brede weersverzekering
U vraagt geen brede weersverzekering aan.
Conditionaliteit: niet-productieve grond Wij kunnen met de informatie uit uw opgave niet aangeven of u voldoet aan alle conditionaliteiten. Meer informatie vindt u op Conditionaliteiten GLB 2023.
U moet op minimaal 4% van uw bouwland een ander gewas telen dan mais en soja. Uit de door u ingevulde gegevens blijkt dat u hieraan voldoet.
Andere conditionaliteiten Met de door u ingevulde gegevens hebben wij geen meldingen. Wij kunnen met de informatie uit uw opgave niet aangeven of u voldoet aan alle conditionaliteiten. Meer informatie vindt u op Conditionaliteiten GLB 2023.
Gecombineerde opgave 2023
03-03-2023 om 10:48 uur
Pagina 22 van 40
Overzicht Mest en grond In dit overzicht ziet u welke grond u heeft opgegeven voor de Mestverwerkingsplicht, de Verantwoorde groei Melkveehouderij (VGM) en de Gebruiksnormen. Wij controleren nog of deze percelen voldoen aan de voorwaarden. Dit kan betekenen dat deze oppervlakte nog verandert. Wij hebben de berekeningen in dit overzicht met zorg gemaakt. Maar er kunnen verschillen zijn met de werkelijke situatie. Lees meer op Mest.