Bloemendal IIb_Toelichting_Bijlage 5 Beeldkwaliteitsplan (2024)
Tekst van het document
Maak gebruik van de natuurlijke kleur van de materialen. • Kleuren en materialen worden in overleg tussen gemeente en ontwikkelaars bepaald zodat er samenhang komt tussen de woningen onderling en tussen delen van het plan en het grotere geheel. 54
Overigen - Handreikingen • Bij de ontwikkeling van de afzonderlijke gebouwen dient er dan ook afstemming te zijn met de andere (al dan niet reeds gerealiseerde) spiekers zodat er ruimtelijkje samenhang ontstaat. • Buitenruimten van appartementen op bagengrond: Oplossen in de vorm van loggia’s en een meeontworpen afscherming in de vorm van metselwerk danwel hekwerk. Geen afgebakende ruimten toegestaan buitende gevellijn. • Buitenruimten van appartmenten op verdiepingen: Bij voorkeur oplossen in loggia’s. Indien balkons worden toegepast dan dient het hekwerk zodanig te worden vormgegeven dat deze én voldoende privacy voor de bewoners geven én voldoende doorzicht naar buiten. (Een geheel glazen balkonafscheiding heeft als nadeel dat mensen zich op het balkon ‘bekeken’ voelen en daarom vaak zelf een afscherming gaan maken. Dit ziet er vaak erg desolaat uit en doet veelal afbreuk aan de ruimtelijke kwaliteit van de architectuur). • Een mooie meerwaarde aan een woongebouw zou een gemeenschappelijk dakterras c.q. daktuin kunnen zijn. Dit geeft niet alleen cachet aan het gebouw als geheel maar ook aan de woonkwaliteit van de bewoners als een ontmoetingsplek (‘buurtgevoel creëren’).
55
terpad
laa ndaal e m e Blo
n
rs Koerie
Groenstructuur Bloemendal fase 2B Hoofdstructuur Nevenstructuur Groen-blauwe velden
56
Buurtweg
Laag
te
Laan van Verzet
E
OPENBARE RUIMTE
E1.
Inleiding
Binnen fase twee A van Bloemendal zijn een aantal bestaande (groen)structuren aanwezig. Deze worden structuren worden versterkt en aangevuld. Hierin wordt deels onderscheid gemaakt in belangrijke groene dragers gekoppeld aan verkeersstromen en een groenblauw netwerk voor recreatief gebruik/verbinding met omliggende landschap. De belangrijkste bestaande verkeersader is de Nijkerkerweg die van noord naar zuid loopt en het gebied aan de westzijde afsluit. Een nieuwe belangrijke verkeersader is de wijkontsluitingsweg die aan de noordzijde, die de richting volgt van de kavelstructuur. Daarnaast vormt de zijtak van de Trammelant beek (De Laagte) een karakteristieke doorsnijding in het landschap. Deze lijn wordt verlengd naar het zuiden waardoor er een groenblauwe verbinding ontstaat tussen het zuidelijk gelegen Oosterbos en de noordelijk gelegen Esvelderbeekzone.
E2.
Hoofdstructuur
Deze nieuwe verkeersader door het gebied loopt van west naar oost. Deze hoofdontsluitingsweg wordt gekenmerkt door een forse bomenlaan bestaande uit diverse lindes. De linde is eveneens een landschappelijk waardevolle boom, en is tevens zeer geschikt om in stedelijk gebied toe te passen. Daarnaast fungeert de lindeboom als drachtboom voor de bijen. In de zomermaanden, wanneer ze bloeit, verspreidt ze een aangename geur en in de herfst kleurt het blad oranje geel. In de hete zomer zorgt de linde met haar dichte en volle bladerdek voor verkoeling. Doordat zij haar blad verliest in de winter kan de warmte van de zon weer doordringen tot aan de woningen. De laan bestaat uit een selectie van verschillende soorten lindes, hierdoor versterken we de biodiversiteit en rekken we de bloeitijd, zonder in te boeten op het statige laanbeeld. Binnen de lindelaan vindt een verbijzondering plaats, door het inpassen van de huidige bestaande bomenrij. Deze karakteristieke houtopstand, krijgt hier op deze manier extra aandacht en zorgt ervoor dat het oorspronkelijke landschap leesbaar blijft. Daarnaast bevordert dit ook de biodiversiteit in de wijk.
57
De laagte krijgt meerdere functies, naast de heel belangrijke waterbergende functie, kan de recreant hier ook wandelen en fietsen op de paden, maar ook struinen en/of spelen door de grasruigte. Daarnaast is het een belangrijke groene verbinding tussen het Oosterbos en de Esvelderbeek zone. Flora en fauna staan hier voorop. Hierdoor zal vooral worden gewerkt met inheemse bomen, struiken en kruidenvegetatie. Deze dragen bij aan een natuurlijk, robuust en biodivers netwerk in de bebouwde omgeving. De bestaande groen- en waterstructuur wordt zoveel mogelijk behouden en ingezet bij de uitwerking. Solitaire bomen, boomgroepen en hier en daar korte rijtjes van bomen en/of solitaire struiken zetten hier de toon.
58
E3.
Nevenstructuur
De buurtontsluitingswegen worden begeleid met een boomstructuur. De bomen onderbreken de langsparkeervakken die tussen het voetpad en de rijweg zijn gepositioneerd. Bij de soortkeuze van de bomen is er rekening mee gehouden dat deze goed in de verharding kunnen staan. Dat de boomkronen transparant zijn, dat ze een hoogte hebben van minimaal tien meter en maximaal vijftien meter, zodat een goede verhouding ontstaat met de bouwvolumes. Tevens zullen de meeste bomen een voedselbron zijn voor bijen, vlinders en vogels. Iedere buurtonsluitingsweg kent zijn eigen diverse aanplant, hierdoor wordt de biodiversiteit vergroot en ontstaat eigenheid.
E4.
Groen blauwe velden
De sloten en of perceelgrenzen worden ingezet als groen blauwe velden, waarin (regen)water kan worden begeleid naar de aanwezige laagte in het oosten en wadi’s in het westen. Bestaande bomen en houtopstanden worden zoveel mogelijk behouden in deze zone. In de groen blauwe velden kan volop gespeeld en gerecreëerd worden. Een informele padenstructuur nodigt bewoners uit tot het maken van verschillende ommetjes door de wijk. Verder dagen verschillende speelaanleidingen kinderen en eenieder die wil uit. Zodat naast het rennen, struinen en plukken van bloemen ze ook op een andere manier fysiek bezig kunnen zijn. De beplanting in deze zone draagt bij aan de biodiversiteit. Bij de soortkeuze is voornamelijk gekozen voor inheems materiaal. Waarbij een afwisseling te zien is in grootte, vorm en kleur, hiermee wordt het geheel speels en aantrekkelijk aangekleed. Naast de boomlaag worden er op enkele plekken ook struikvormers toegevoegd, die ondermeer meer gelaagdheid in de ruimtes brengen. De derde laag bestaat uit verschillende plekspecifieke bloemrijke kruidenmengsels, hierdoor ontstaat een afwisselend beeld in vorm, kleuren, maar ook in hoogte en textuur.
59
terpad
laa ndaal e m e Blo
n
rs Koerie
Buurtweg
Laan van Verzet
Bomenkaart
60
E7.
Welke boom waar
De voorgaand genoemde groenstructuren in de wijk worden voornamelijk gevormd door de bomen. Hier wordt een impressie geschetst van welke (type) bomen in welke structuren toegepast zullen worden. In de wijk zullen nog meer bomen toegepast worden zoals ondermeer in sommige parkeerhoven maar deze blijven hier buiten beschouwing. De symbolen op de bomenkaart geven slechts een impressie van de structuren en geven niet de exacte locatie van de toekomstige bomen weer. Deze zullen later in het civieltechnisch (voor)ontwerp (CVO) exact terug te vinden zijn.
E7.1. Laan van Verzet Zoals eerder genoemd bestaat deze uit verschillende lindes die samen zorgen voor een langdurig aanbod van nectar.
Tilia americana “Redmond”
Tilia cordata “Savaria”
Tilia mongolica “Buda”
Tilia platyphyllos “Naarden”
Tilia tomentosa “Doornik” 61
E7.2. Buurtweg
E8.3. Koeriersterpad
Elke buurtweg, krijgt zijn eigen diverse aanplant, hierdoor wordt de biodiversiteit vergroot en ontstaat eigenheid. Onderstaand een greep uit de te gebruiken bomen
Het doorgaande fietspad bestaat voornamelijk uit meerstammige elzen (Alnus glutinosa) met hier en daar een meerstammige wilg (Salix alba). Geplant in een onregelmatige rij verwijzend naar de oorspronkelijke landschappelijke lijn.
Acer rubrum “Brandywine”
Sorbus latifolia “Henk Vink”
Malus Professor “Sprenger”
Prunus sargentii “Rancho” Alnus glutinosa
Gleditsia triacanthos “Street Keeper” 62
Sophora japonica “Regent”
Liriodendron tulipifera “Fastigiatum”
Salix alba
E7.3. Groen blauwe velden De laagte en de groen blauwe velden bestaan voornamelijk uit inheemse bomen aangevuld met hier en daar een gecultiveerde eyecatcher. In de totaliteit worden over deze zone’s meer dan 25 verschillende bomen en heesters gebruikt. Elke veld krijgt zijn eigen specifieke mix en ontleed hier ondermeer zijn toekomstige identiteit aan. Onderstaand een greep uit de te gebruiken bomen.
Fraxinus pennsylvanica
Alnus incana
Salix viminalis
Euonymus europaeus ‘Red Cascade’
Corylus avellana
Cornus mas
Sorbus aucuparia
63
Hagen op de erfgrenzen Begroeid hekwerk(al dan niet gecombineerd met pergola of tuinmuur) Beukenhaag Ligusterhaag Gemengde haag 64
Haagbeukhaag Veldesdoornhaag
E8.
Hagen
Zoals aangegeven in Hoofdstuk C14. wordt het merendeel van de erfafscheidingen gevormd door hagen. Dit geldt sowieso voor alle erfafscheidingen die grenzen aan de openbare ruimte van zowel de voor- als achtertuinen. Bij de overige erfafscheidingen, die niet genoemd zijn in paragraaf.C14, is de keuze vrij. Echter hagen hebben de voorkeur. Een uitzondering hierop is een begroeide geluidswerende voorziening. Om aan de geldende geluidsnormen te voldoen moet de afscheiding in het planprocces worden getoetst. Hiervoor kan bijvoorbeeld de greenwall compact begroeid met een Hedera helix “Hibernica” (klimop) worden ingezet. Op een enkele kavel is niet genoeg ruimte om een haag tot volledige wasdom te laten uitgroeien, Hier wordt een begroeid dubbelstaafshekwerk voorgeschreven. Het gebruik van deze hagen sluit aan op de randvoorwaarden die gesteld zijn om de wijk natuurinclusief te bouwen (paragraaf. C15). Naast het bieden van nestgelegenheid in de bebouwing is het verder noodzakelijk om ook foerageer- en schuilvoorzieningen op te nemen in de buitenruimte. De hagen voorzien hier ondermeer in.
E8.1. Hagen op de erfgrenzen Omdat binnen Bloemendal gestreefd wordt naar een hoge biodiversiteit is er voor gekozen om zes verschillende soorten hagen voor te schrijven, zoals aangeduid op de nevenstaande kaart. • beukenhaag (Fagus sylvatica) • rode beukenhaag (Fagus sylvatica atropunicea) • haagbeukhaag (Carpinus betulus) • veldesdoornhaag (Acer campestre) • ligusterhaag (Ligustrum vulgare Atrovirens) • hulsthaag (in de mix 1 staat tot 5 Ilex meserveae ‘Blue Prince’ & Ilex meserveae ‘Blue Princess’) Hagen in de voortuin hebben maximum een hoogte van één meter en maximaal twee meter in de achtertuin. Bij hoekpercelen geldt een tweedeling in de hoogte van de haag die op de erfgrens van de zijtuin staat. Ter hoogte van de voortuin en 2/3 van de zijgevel van de woning komt een lage haag en bij maximaal 1/3 van de zijgevel en de volledige achtertuin een hoge haag. Voor de hagen grenzend aan de achterpaden worden in verband met de privacy hoge hagen toegestaan tot max. twee meter. De hoge hagen zijn bij aanleg zo ingeplant dat privacy in de achtertuin onmiddellijk gegarandeerd kan worden en het plaatsen van schuttingen wordt tegengegaan. In de haag kan een gecombineerde toegang naar de kavel voor voetganger en/of auto worden opgenomen.
65
Hagen in de openbare ruimte Ligusterhaag Veldesdoornhaag Beukenhaag Meidoornhaag 66
E8.2. Hagen in de openbare ruimte De diverse hagen moeten bij oplevering van de woning(en) zijn aangeplant met een daarbij horende geschikte groeiplaats(verbetering).
Naast erfafscheidingen op de perceelgrenzen zijn er ook hagen te vinden in de openbare ruimte. Bijvoorbeeld bij diverse parkeerkoffers en bij de speelplekken.
In uitzonderlijke gevallen kan in overleg met de projectgroep, de landschapsontwerper van de gemeente Barneveld, afgeweken worden van de voorgeschreven haag soort. De vervangende soort is ten alle tijden 1 van de 6 voorgeschreven soorten zoals aangeven in paragraaf E8.1 Hagen op de erfgrenzen.
Aanvullend op de eerder voorgeschreven hagen werken we in de openbare ruimte, waar mogelijk, ook met meidoornhagen. Een van oudsher veel gebruikte haag in het landschap, waar vogels en andere dieren zich graag in ophouden.
• • • •
veldesdoornhaag (Acer campestre) ligusterhaag (Ligustrum vulgare Atrovirens) rode beukenhaag (Fagus sylvatica “Atropunicea”) meidoornhaag (Crataegus monogyna)
67
Kruidenvegetatie
68
E9.
Kruidenvegetatie
Naast een boom- en hagenstructuur krijgt de wijk extra kleur door het gebruik van diverse kruidenmengsels. Deze kruidenlaag draagt verder bij aan een biodiverse natuurinclusieve wijk waar het goed toeven is voor mens, dier en plant. Hier profiteren met name (wilde) bijen, vlinders en diverse vogels nog het meest van. Door de wijk heen worden in de buitenruimte verschillende kruidenmengsels ingezaaid passend bij de functie en de plek. Daarnaast willen we, waar mogelijk, gebruik maken van de aanwezige zaadbank. De verschillende kruidenvegetaties worden op verschillende momenten gefaseerd gemaaid. Dit type onderhoud versterkt de diversiteit doordat verschillende kruiden op verschillende momenten groeien en bloeien.
We onderschrijven verschillende zones in de wijk, elk met hun eigen maaibeheer. -aangegeven hoogtes zijn indicatief -
• • • •
(speel)gazon 5 tot 10 cm laag kruidenmengsel voor lagere delen, wadi’s en de velden (B116 wadimengsel) 20 tot 50 cm middelhoog kruidenmengsel langs beek (B115 Oeverplantenmengsel) 20 tot 120 cm middelhoog kruidenmengsel langs hoofdas (100% Margriet - zonder grassen) 20 tot 100 cm
Meerjarige kruidenmengsels hebben enkele jaren nodig om zich te ontwikkelen. Daarom worden ze hier en daar aangevuld met wortelstekken en/of plantgoed. Deze planten zorgen in de eerste jaren alvast voor extra bloei en structuur. Langs de hoofdontsluitingsweg wordt de kruidenvegetatie aangevuld met voorjaarsbollen. De hoofdonsluitingsweg krijgt een wit bloeiend bollenmengsel met sneeuwklokken, crocussen, narcissen.en wilde tulpen
69
Spelen
70
E13. Spelen Een centrale zacht glooiende groene speelheuvel verbijzonderd het kruispunt van de groen blauwe structuur. De centrale ligging van deze groene speelheuvel wordt gemarkeerd door fruitbomen. Bovenop de heuvel komt een speelwaterpomp. Het water uit deze pomp kan uitstromen in de watergoot die rondom deze heuvel ligt. Deze watergoot staat in verbinding met de laagte. Deze centrale speelplek is een centrale sport- en speelplek met een uitdagende en gevarieerde inrichting, zodat er altijd wat te doen is. Op de centrale speelplek spreken niet alleen kinderen met elkaar af maar ontmoeten ook (groot)ouders elkaar. De steunplekken worden afhankelijk van het karakter van de wijk en het aantal kinderen ingericht. In een kinderrijke buurt wordt bijvoorbeeld gekozen voor speeltoestellen voor jonge kinderen of een trapveldje voor basisschoolkinderen. Als in de wijk weinig kinderen komen te wonen worden informele speelplekken gemaakt. Dit zijn veilige speelplekken zonder speeltoestellen. Nemen de kinderaantallen alsnog toe rondom deze informele plek dan kunnen makkelijk speeltoestellen worden geplaatst. Neemt het aantal kinderen in de buurt af af dan verdwijnen de speeltoestellen ook weer.
Wat verder niet wil zeggen dat op andere plekken in de wijk niet gespeeld kan worden. Door de hele wijk, in de groen blauwe zones, is er volop ruimte voor kinderen voor het informele spel. Verder bieden de formele speelplekken een uitdagende speelruimte met ruimte voor natuurlijk spelen en eigen initiatieven. Waarbij de toestellen voornamelijk zullen bestaan uit natuurlijke materialen. Alle speelplekken worden conform het beleid: ruimte voor spelen, speelruimteplan 2016-2025, samen met de toekomstige bewoners vormgegeven. De speelplekken passen binnen een groter geheel van speelvoorzieningen. Zo is er in de volgende fase ook een bovenwijkse speelplek voorzien. Op de bovenwijkse plek kunnen jeugd, jongeren en overige bewoners sporten en ontmoeten. De bovenwijkse plekken krijgen een multifunctionele inrichting met ruimte voor specifieke sporten zoals skaten, voetbal of free running al naar gelang de behoefte.
71
Verlichting Focus lighting type Nyx 330 antraciet Setga type Essenze Focus lighting type Nyx 33- zonder coating Focus lighting meervoudige Nyx 330 corten brown Focus lighting type Nyx 330 corten brown 72
E14. Verlichting Volgens de nieuwe uitgangspuntennotitie “Licht in de openbare ruimte gemeente Barneveld 2019-2025” wordt een lichtplan opgesteld. Dit houdt onder meer in dat er terughoudend wordt omgegaan met verlichting in de wijk. Waarbij de verkeersveiligheid nog steeds gegarandeerd is, een goede sociale veiligheid voorop staat en verlichting geen schijnveiligheid geeft. Er een sfeervolle leefomgeving gecreëerd wordt en de flora en fauna zo min mogelijk worden verstoord. De verlichtingsarmaturen hebben een tijdloze vormgeving, passend in schaal en maat bij het ontwerp van de buitenruimte. Duurzaam in uitvoering en gebruik. Langs de hoofdontsluitingsweg resulteert dit in een functioneel armatuur: de Setga type Essenze in een ongecoate uitvoering. In de woonstraten is gekozen voor de Focus Lighting type Nyx 330 in een Corten Brown uitvoering en langs het doorlopend fietspad en voorzover nodig langs het recreatief pad in de laagte maken we ook gebruik van Focus Lighting type Nyx 330, maar dan in een antraciet uitvoering. De kaart hiernaast geeft slechts een indruk van het type verlichting en nog niet van de uiteindelijke locaties. De locaties van de masten is in uitwerking in het lichtplan.6
73
Bijzondere elementen
74
F
BIJZONDERE ELEMENTEN
F1.
Inleiding
Binnen de scope van Bloemendal fase 2B hebben ook in dit deel van de wijk te maken met enkele bijzondere elementen. Het grootste bijzondere element vormt het hart van de wijk, voorzieningenplein. Op deze locatie staat ontmoeten centraal binnen een groen dorpse centrumsfeer. Zo is er een voetgangersbrugje over de Zijtak trammalantbeek, die 2 parkeerhoven met elkaar verbind en het mogelijk moet maken informele rondjes te wandelen doorheen de groene blauwe zones. Op de parkeerhoven zijn omdat de ruimte hier beperkt is om bomen te planten begroeide pergolas ontworpen om zo de parkeerplaatsen groen aan te kleden en van schaduw te voorzien. Ook zijn er enkele vlonder-bruggen die van de Bloemendallaan naar enkele woningen leidt.Verder is in de erven een kleinschalige halfstamboomgaard voorzien. Als laatste zijn in verschillende parkeerhoven fietsparkeerplaatsen opgenomen net als in de eerdere fases Al deze elementen hebben gemeen dat ze een strakke, eenvoudige, slanke en ranke vormgeving behoren te krijgen. Mede vanuit het duurzaamheidsoogpunt bestaan de bijzondere elementen zo mogelijk uit circulaire materialen.
F2. Voorzieningenplein Op het voorzieningenplein staat zoals net genoemd ontmoeten centraal. Je komt hier niet enkel naar toe om je boodschappen bij de buurtsuper te halen of om snel naar het zorgcentrum door te steken, en daarna weer snel naar huis toe te gaan. Hier kom je om je buurtgenoten te ontmoeten. Even te zitten, rond te kijken en gezellig te kletsen met een bekende of nieuw gezicht. Er is keuze op het plein om lekker in het zonnetje te zitten maar ook is er altijd een plekje in de schaduw te vinden. Naast dat er diverse bomen staan op het plein bloeien hier ook veel (vaste) planten van vroeg in het voorjaar tot laat in de herfst. Het plein is uitnodigende voor zowel jong als oud. Het plein is net als de rest van Bloemndal Klimaatadaptief ingericht.
F3
Boomgaard
In de Erven is tussen de verandawoningen een kleine buurt-fruitboomgaard ingeplant, met oude lokale fruitrassen, passend bij het erftype van deze woonsfeer. Op deze plek ontmoet je ook mensen uit de buurt. Door als bewoners mede met de gemeente zorg te dragen voor de bomen en de oogst, creëeren we een gezellige plek die uitnodigt tot samenwerking en ontmoeting. Zo leer je op een leuke manier nieuwe mensen kennen. Want in een buurtboomgaard, onder de appelbloesem of bij het kersenrood is iedereen welkom.
75
referentiebeeld voorzieningenplein met veel groen en diverse ontmoetingsruimten.
76
F4.
Vlonder-brug
Enkele woningen worden via twee vlonderbruggen of duikers met de Bloemendaallaan verbonden. Dit op zo’n manier dat de bomen van de Bloemendaallaan hier zo min als mogelijk onder te lijden hebben. De meest noordelijke overgang wordt een fiets-, voetovergang en de meestzuidelijke een gecombineerde overgang voor 2 kavels ook geschikt voor auto’s. De technische uitwerking moet nog verder onderzocht worden. Wel is duidelijk dat ze sober en doelmatig vormgegeven worden Als de overgangen als vlonder worden vormgegeven, zullen deze aansluiten bij de eerder uitgevoerde vlonders in fase 1 en 2A. Indien nodig wordt één zijde van het vlonderbruggetje van een leuning vorrzien. Deze leuning dient weer slank, rank en doelmatig te zijn, conform fase 1 en 2A
F5.
Pergola boven parkeerplaatsen
F6.
Fietsparkeren
Tussen de woningblokken worden sommige parkeerhoven voorzien van formele fietsparkeerplekken in combinatie met de geplande bomen. Voor de fietsenstandaard geldt dat ze eenvoudig robuust zijn. Ze fungeren eerder als een vlag van hier kun je je fiets plaatsen. Voor deze uitvoering is gekozen om te zorgen dat iedere fietsgebruiker, klein, groot, met of zonder mand, brede of smalle wielen hier haar fiets kan plaatsen en veilig op slot kan doen. Ze zullen worden uitgevoerd in antracietcoating, zo vallen ze wat weg en worden zo makkelijk opgenomen in de openbare ruimte.
Twee gemeenschappelijke parkeerhoven tussen gebouwen in de Spiekers worden verbijzonderd door middel van een pergola. Op deze locatie is de ruimte beperkt om bomen aan te planten. Om alsnog de plek groen aan te kleden is gekozen om een pergola over de middenstrook van de parkeerplaatsen ana te bregen
• • • • •
De vormgeving van de pergola dient vanuit een T model ontworpen te worden De pergola moet open zijn. (Geen gebouwd dak om een desolate, donkere, sociaal onveilige ruimte te voorkomen!). Het laten begroeïen van de staanders en liggers met diverse soorten klimmers is een voorwaarde. Hiermee ontstaat een groen transparant bladerdak. Het verdere ontwerp vandeze is onderdeel voor nadere studie. De pergola moet voldoende hoog zijn voor vrachtwagens.
77
Beeldkwaliteitsplan Bloemendal Fase IIB Woonmilieus: Spiekers, Voorzieningenplein & Erven Opgesteld door de projectgroep Bloemendal 9 juli 2024 https://www.barneveld.nl/over-barneveld/projecten/bloemendal Gemeente Barneveld Telefoon: T 14 0342 E-mail: info@barneveld.nl Gemeentehuis Raadhuisplein 2 3771 ER Barneveld