CConstaterende datBarneveld
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage Jaarverslaggeving 2021.pdf

Gemeenteraad 6 juli 2022, gemeente BarneveldBij agendapunt: Jaarverslaggeving 2021 inclusief Meerjarenprognose grondexploitaties51.726 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 6 van 6

Paragraaf 7 Bedrijfsvoering 7.1. Inleiding

2021 was voor de bedrijfsvoering van de organisatie onder invloed van de voortdurende crisis opnieuw een jaar waarin een groot beroep gedaan werd op de wendbaarheid in handelen en denken. Tegelijkertijd zijn we begonnen aan de omschakeling naar de nieuwe manier van werken en organiseren, wetende dat 'vroeger' niet meer terugkomt en dat 'de toekomst' al is begonnen. In deze paragraaf komen we kort terug op de volgende aspecten: Organisatieontwikkeling Digitalisering en informatievoorziening Werken in de toekomst Financiële strategie en in control zijn

7.2. Organisatie-ontwikkeling

De gemeentelijke organisatie is er voor de Barneveldse samenleving. De samenleving verandert en wij veranderen mee. Wat dit betekent voor de komende jaren is vastgelegd in het Groeiplan 2021 – 2025. Dit visiedocument geeft een doorkijk naar wat de ambities van de organisatie zijn, in lijn met dat wat de samenleving van ons vraagt. Denken van buiten naar binnen, grote complexe afdelingsoverstijgende vraagstukken worden opgavegericht opgepakt met een concreet doel en resultaat. Dit vraagt een andere wijze van aansturing van de organisatie. De eerste stappen zijn gezet naar het wijzigen van de sturing door de vorming van een concerndirectie.

88

De gemeente Barneveld is een dynamische en ondernemende organisatie met veel opgaven en ambities. De ambtelijke organisatie moet voldoende uitgerust zijn, zowel kwalitatief als kwantitatief. De vlootschouw eind 2020 heeft geresulteerd in 2021 in een versterking van de capaciteit en kwaliteit van de ambtelijke organisatie. Dit heeft de nodige wervingsinspanning gevraagd in een arbeidsmarkt die steeds meer onder druk staat. Het is een steeds grotere uitdaging vacatures in te vullen. Dit brengt meer personele inzet en wervingskosten met zich mee. Landelijk is een groot tekort op de arbeidsmarkt waar alle gemeentes last van ondervinden. In 2021 een 0-meting voor de vlootschouw plaatsgevonden. In verlengde van de vlootschouw is veel inspanning verricht om de juiste capaciteit en expertise te werven. Echter, met name als gevolg van een steeds krapper worden arbeidsmarkt en ook als gevolg daarvan een grotere uitstroom, is in 2021 aanvullende relatief veel inhuur ingezet om de noodzakelijke opgaven te realiseren. De langetermijnontwikkelingen, de toekomst van de gemeente en de Barneveldse vloot is op hoofdlijnen uitgewerkt in het Groeiplan 2021-2025 en bekrachtigd door het college. De Ondernemingsraad is hierbij nauw betrokken.

Om de ontwikkelingen en groei van de gemeente te kunnen realiseren, vraagt dit naast een andere aansturing, ook andere competenties van de ambtelijke organisatie. Het opgavegericht werken, gebiedsgericht werken en ook het digitaal werken vraagt kennis, expertise en competenties van medewerkers. Met ondersteuning vanuit externe expertise is in 2021 een start gemaakt met het uitwerken van deze vraagstukken en wat dit betekent voor aansturing en (door-)ontwikkeling van medewerkers.

7.3. Digitalisering & informatievoorziening

Ook dit jaar zijn er weer aantal projecten gestart die leiden tot het in gebruik nemen en toepassen van nieuwe technische mogelijkheden, verbeteren van de dienstverlening aan de klanten en voldoen aan wettelijke vereisten. Concreet moet daarbij gedacht worden aan de aanbesteding en projectstart Kern van de Zaak, implementatie van de Omgevingswet, het onderzoek naar Datagedreven werken en de realisering van digitaal ondertekenen. Daarnaast is er een grote bijdrage geleverd aan de praktische invulling van de thuiswerkregeling in de vorm van verstrekking van laptops en schermen en ondersteuning van digitale raads- en commissievergaderingen. Ten behoeve van de inrichting van de I-governance is een start gemaakt met het optimaliseren van het inzicht in de lopende ICT-contracten en -projectportfolio. Deze optimalisatie zal in 2022 verder deel gaan uitmaken van de beweging naar een organisatiebreed georganiseerd portfolio- en contract- en leveranciersmanagement. De coronacrisis stelde ons ook in 2021 nog steeds voor uitdagingen op het gebied van informatiebeveiliging. Het is goed te zien dat medewerkers zich steeds bewuster worden van de risico's van bijvoorbeeld het werken vanuit huis. Bij nieuwe initiatieven of wijziging van bestaande informatiesystemen wordt er rekening gehouden met eventuele impact op informatiebeveiliging.

De gemeente Barneveld hanteert het principe security-by-design. Daarnaast voldeed de gemeente Barneveld ook in 2021 aan al haar verplichtingen met betrekking tot audits. Hierbij kan gedacht worden aan (bijvoorbeeld) DigiD, Suwinet, BRP, PNIK en ENSIA. Deze audits en andere doorlopende controles op verschillende vlakken, zowel technisch als organisatorisch, helpen ons op dit vlak om in control te blijven.

7.4 Werken in de toekomst

Door de coronamaatregelen en de groei van de organisatie is er een definitief veranderde werksituatie ontstaan die niet meer zal verdwijnen. In 2021 is naar aanleiding daarvan als overkoepelende visie gekozen voor ‘werken waar je nodig bent’. Dit houdt in dat iedere medewerker nadrukkelijker kiest voor een werklocatie en -ruimte die past bij zijn of haar specifieke opgave en werkzaamheden. Deze visie is ook in het groeiplan opgenomen als een van de belangrijkste veranderdoelen voor de komende jaren. Om het laaghangend fruit voor deze visie al te kunnen plukken is het actieplan ‘Werken in de Toekomst is nu!’ opgesteld en gestart. Met dit actieplan organiseren we een nieuwe basisuitrusting voor medewerkers (laptop en smartphone), passen we de werkplekken zo aan dat deze door alle medewerkers gebruikt kunnen worden (verstelbare meubels, docking), maken we plaats voor nieuwe typen werkplekken (videochat, concentratie, projectruimte) en doen we onderzoek naar benodigde basisfaciliteiten (lockers, reserveringssysteem). De daarmee samenhangende beperkte financiële middelen brengen het risico met zich mee dat niet alles optimaal ingericht kan worden. Ook het door elkaar heenlopen van de realisatie van dit actieplan en de uitwerking van de coronamaatregelen op de manier van werken is een risico voor de adoptie door medewerkers.

Tegelijkertijd is de werksituatie in de praktijk, los van het actieplan, al zo veranderd dat we niet anders kunnen dan het actieplan uitvoeren.

89

7.5. Financiële strategie en in control zijn

Financiële strategie Gemeente Barneveld staat in de komende decennia voor grote opgaven. Het werken aan deze opgaven vraagt om informatie op basis waarvan sturing kan plaatsvinden. Ook strategische (langetermijn) financiële informatie en planning draagt hieraan bij. Vanaf 2021 wordt gewerkt aan de financiële strategie,waarvan een langetermjninvesteringsplanning en liquiditeitsplanning ook onderdeel is. Ook is er naar aanleiding van het rapport van de raadsrapporteurs naar 'maandrapportages met een hogere informatiewaarde', de optimalisatie van de P&C-cyclus opgestart. In gesprek met de raad en ook met college en management wordt gekeken welke informatie nodig is ter ondersteuning van kaderstelling, besluitvorming en toezicht(governance). In het najaar 2021 is het groeiplan opgesteld, waarin een vijftal interne opgaven worden beschreven waarmee de organisatie haar externe opgaven kan realiseren. Door opgavegericht te werken, ons te voorzien in een krachtige bedrijfsvoering en het versterken van het strategisch vermogen, versterken we ook de financiële strategie. Met de Task Force bedrijfsvoering (ondergebracht in het groeiplan) geeft de organisatie een impuls aan de hiervoor beschreven noodzakelijke beweging.

In controle en rechtmatigheidsverantwoording In 2021 is mede naar aanleiding van de nulmeting van Baker Tilly een plan opgesteld hoe te komen tot een rechtmatigheidsverantwoording. In 2021 zijn meerdere acties uit dit plan uitgevoerd. Zo is er een normen- en toetsingskader opgesteld en door de auditcommissie vastgesteld, is er een intern controleplan opgesteld en zijn meerdere Interne controlewerkzaamheden uitgevoerd. Ook zijn de betreffende processen besproken met betrokkenen om te kijken hoe rechtmatigheid zichtbaar kan worden gemaakt zonder te veel afbreuk te doen aan de doelmatigheid en doeltreffendheid van deze processen. Het doel van deze interne controle is informatie te verzamelen die de rechtmatigheidsverantwoording ondersteunen. Een rechtmatigheidsverantwoording geeft antwoord op de vraag of de gelden binnen de vooraf gestelde kaders zijn uitgegeven. De hieruit voortkomende rechtmatigheidsverklaring zou door het college bij deze jaarrekening worden afgegeven, echter is deze wetgeving nog niet in werking getreden voor 2021, en ook voor 2022 is dit op dit moment nog niet zeker. Dit betekent dat de rechtmatigheidsverantwoording bij deze jaarrekening nog onderdeel is van de accountantsverklaring. 7.6. Overhead berekening bedragen x € 1.000 Primitieve Begroting

Actuele Begroting

Rekening 2021

Verschil

Rekening 2020

Organisatiekosten Directie, management (inclusief ondersteuning) Personeel & Organisatie Informatie & Automatisering Financieel economische dienstverlening Huisvesting Facilitaire diensten Overige organisatiekosten Totaal Organisatiekosten

- 7.522 - 1.836 - 5.174 - 1.362 - 1.531 - 2.139 - 792 - 20.356

- 7.914 - 2.001 - 5.542 - 1.664 - 1.435 - 2.200 - 851 - 21.607

- 7.843 - 1.508 - 5.450 - 2.299 - 1.480 - 2.085 - 710 - 21.377

71 V 493 V 92 V - 635 N - 45 N 115 V 141 V 230 V

- 7.811 - 1.642 - 5.219 - 1.454 - 1.498 - 2.031 - 727 - 20.382

Toerekening overhead Doorbelaste kosten naar grondexploitaties Doorbelaste kosten naar investeringsprojecten Totaal Toerekening overhead

579 363 942

579 322 901

671 322 993

92 V -0N 92 V

497 598 1.094

- 19.414

- 20.706

- 20.384

322 V

- 19.288

Overhead

Totaal overheadkosten

7.7. Corona

Ook in 2021 had Nederland te kampen met de gevolgen van het Covid-19-virus. Om het virus zo goed mogelijk in bedwang te houden, heeft de Nederlandse regering maatregelen getroffen. De effect van het virus en de daarop volgende beperkende maatregelen zijn ook in de gemeente Barneveld duidelijk merkbaar. Voor de aanpak van het coronavirus kijken we wat we, aanvullend op de landelijke maatregelen van het Rijk, kunnen doen. Dit raakt veel beleidsterreinen van onze organisatie. We streven naar een zo adequaat mogelijke uitvoering van de landelijke en lokale maatregelen en naar zoveel mogelijk continuïteit van de reguliere werkzaamheden en van de noodzakelijke (digitale) besluitvorming en hebben daarvoor de nodige interne maatregelen genomen. Om verdere verspreiding van het virus te voorkomen worden de landelijk maatregelen via de verschillende veiligheidsregio’s vertaald in een noodverordening. Om onze inwoners en bedrijven

90

op een adequate manier duidelijkheid te kunnen geven over de effecten van deze maatregelen op hun activiteiten, hebben wij onder leiding van de burgemeester een lokaal crisisberaad ingesteld. In dit beraad vindt de afstemming plaats tussen de betrokken ambtelijke disciplines over actuele lokale vraagstukken. Ook kunnen lokale vraagstukken via het crisisberaad voor de bestuurstafel van de veiligheidsregio geagendeerd worden. Op deze wijze ontstaat er een efficiënte balans tussen wat er mag en wat er kan. In 2021 is voor Nederland tweemaal een lockdownperiode afgekondigd welke met name gevolgen had voor detailhandel, horeca en cultuur- & leisuresector. Naast de crisisbeheersing hebben wij maatregelen getroffen om te komen tot passende ondersteuningsmaatregelen. Het Rijk heeft diverse steunmaatregelen ingesteld om de maatschappelijke en economische effecten van de crisis te nivelleren. Met de rijksmiddelen hebben we bijvoorbeeld subsidieregelingen ontworpen voor de lokale cultuursector. Hiermee werden cultuuraanbieders enerzijds gecompenseerd in hun coronagerelateerd verlies, en anderzijds ondersteund in innovaties. Aanvullend op de rijksmaatregelen hebben wij de ondersteuning vanuit de gemeentelijke coronadesk gecontinueerd. Naast de uitleg van de weten regelgeving is het infomeren van bedrijven over de verschillende ondersteuningspakketten de voornaamste taak van de coronadesk.

Vorig jaar heeft de coronadesk circa 1.500 vragen van ondernemers verwerkt. In een groot aantal gevallen leidde dit tot een aanvraag in het kader van de Tozo. Naast advies en afhandeling van de landelijke ondersteuningsmaatregelen hebben wij de verschillende Barneveldse sectoren ook ondersteund met acties. Voorbeelden van geslaagde acties voor ondersteuning van de middenstand en de horeca zijn Bordje Besteld Barneveld, de Barneveld cadeaukaart, uitstel van het betalen van gemeentelijke belastingen en de verruiming van de terrassen. Ook hebben het virus en de beperkende maatregelen effect gehad op onze ambtelijke organisatie. Voor heel 2021 gold voor de ambtelijke organisatie een thuiswerkprotocol. Veel overleggen vinden in digitale vorm plaats en de werkzaamheden zijn op een andere wijze georganiseerd. De ambtelijke organisatie heeft zich daarbij flexibel en wendbaar getoond. Als gevolg van de beperkende maatregelen is er gezocht naar andere (digitale) mogelijkheden om met onze inwoners in contact te komen. De digitale bijeenkomsten die in het kader van de centrumvisie voor Barneveld en Voorthuizen zijn georganiseerd, zijn daar een goed voorbeeld van. De eerste effecten van de crisis worden langzaam zichtbaar. Er is een zeer beperkte toename van de werkloosheid te zien en ook het aantal faillissementen is nauwelijks hoger dan in de periode voor corona.

Wel zijn er signalen bekend dat bedrijven vroegtijdig stoppen met hun bedrijfsvoering. Met name de detailhandel, de horeca, de cultuur- en de evenementensector lijken het hardst getroffen te worden door de crisis. In andere sectoren lijken de effecten vooralsnog enigszins mee te vallen. Om het coronavirus te bestrijden is in 2021 volop ingezet op fijnmazig voorlichten, testen en vaccineren. Daarnaast zijn zelftests en mondkapjes verspreid onder minima. De coronapandemie is begin 2022 in een andere fase gekomen. Samen met onze inwoners, maatschappelijke organisaties en ons bedrijfsleven verschuift het perspectief van crisisbestrijding naar “wederopbouw”. Wij voeren hiervoor in overleg met de genoemde partijen op dit moment verkenningen uit om te kijken welke maatregelen nodig zijn. Dit kan zowel betekenen dat reeds bestaand beleid versneld moet worden uitgevoerd, of dat nieuw of aangepast beleid noodzakelijk is. Wij kijken hierbij met name naar de sectoren detailhandel, horeca, evenementen, cultuur en recreatie & toerisme.

Jaarrekening Overzicht baten en lasten Toelichting baten en lasten

Conform de BBV (art. 24) is het verplicht een overzicht van de baten en lasten op te nemen in de jaarrekening. Het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening bevat onder andere per programma of per programmaonderdeel de gerealiseerde baten en lasten en het saldo daarvan. Daarnaast bevat het een overzicht van de gerealiseerde algemene dekkingsmiddelen, de gerealiseerde kosten van de overhead en het bedrag van de heffing voor de vennootschapsbelasting. Voor een toelichting op de belangrijkste (incidentele en structurele) afwijkingen wordt verwezen naar het hoofdstuk Financieel Resultaat en de bijlage 3 overzicht programma's en producten en bijlage 8 incidentele baten en lasten.

Begrotingsrechtmatigheid

In het kader van begrotingsrechtmatigheid moet conform de BBV voorschriften aangegeven worden in hoeverre overschrijdingen rechtmatig zijn. In de jaarstukken 2021 is slechts een

91

overschrijding zichtbaar op 1 programma: Woon- en leefomgeving (lasten). Deze overschrijding is het gevolg van het verplicht in een voorziening storten van het positieve resultaat op het product afvalstoffenheffing. Zie ook de verschillenanalyse onder het hoofdstuk Financieel Resultaat en bijlage 3 toelichting per programma/beleidsproduct.

bedragen x € 1.000 Rekening Verschil 2021

Rekening 2020

Primitieve Begroting

Actuele Begroting

- 92.960 - 48.891 - 63.624 14.733

- 94.167 - 51.079 - 62.101 11.022

- 98.798 - 57.704 - 67.988 10.283

- 85.885 - 54.785 - 66.993 12.208

12.913 V 2.920 V 995 V 1.925 V

2. Bedrijvigheid en bereikbaarheid Lasten Baten

- 9.256 - 16.450 7.194

- 4.307 - 5.233 925

- 2.559 - 4.562 2.003

498 - 3.692 4.190

3.057 V 870 V 2.186 V

3. Woon- en leefomgeving Lasten Baten

- 29.651 - 57.336 27.685

- 36.106 - 57.725 21.619

- 33.869 - 56.253 22.384

- 27.932 - 57.522 29.590

5.937 V - 1.269 N 7.206 V

4. Bestuur en interne dienstverlening Lasten Baten

- 5.162 - 9.084 3.922

- 2.675 - 6.118 3.442

- 4.666 - 8.599 3.933

- 3.666 - 8.587 4.920

999 V 12 V 987 V

86.829 107.102 3.056 104.046

87.228 106.878 3.799 103.079

90.716 113.974 3.270 110.704

94.570 116.196 3.260 112.936

3.854 V 2.222 V - 10 N 2.232 V

- 19.288 - 20.480 1.192

- 19.414 - 19.857 443

- 20.706 - 21.247 541

- 20.384 - 21.491 1.107

322 V - 244 N 566 V

- 985 - 985

-

- 2.450 - 2.450

- 1.242 - 1.242

1.208 V 1.208 V

-

- 237 - 237

- 102 - 102

-

102 V 102 V

Saldo van baten en lasten

- 6.131

- 6.940

- 8.082

8.684

16.767 V

Mutatie reserves Mutatie reserves Mutatie reserves Toevoegingen Onttrekkingen

7.645 7.645 - 11.612 19.257

7.005 7.005 - 375 7.380

8.685 8.685 - 3.313 11.998

6.217 6.217 - 7.306 13.523

- 2.468 N - 2.468 N - 3.993 N 1.525 V

Mutatie reserves

7.645

7.005

8.685

6.217

- 2.468 N

Gerealiseerd resultaat

1.514

65

603

14.901

14.298 V

Overzicht baten en lasten Saldo van baten en lasten Programma's 1. Participatie en ondersteuning Lasten Baten

Alg. dekkingsmiddelen, overhead, vpb en onvoorzien Algemene dekkingsmiddelen Lasten Baten Overhead Lasten Baten Vennootschapsbelasting Lasten Onvoorzien Lasten

Balans en toelichting Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling

Grondslagen voor waardering

Activa algemeen Voor zover niet anders vermeld, zijn de activa gewaardeerd tegen verkrijging- of vervaardigingsprijs. De verkrijgingsprijs omvat de inkoopprijs en de bijkomende kosten. De vervaardigingsprijs omvat de aanschaffingskosten van de gebruikte grond - en hulpstoffen. Daarnaast behoren hiertoe de overige kosten welke rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend. In de vervaardigingsprijs kunnen voorts worden opgenomen een redelijk deel van de indirecte kosten. Op vaste activa met een beperkte gebruiksduur wordt jaarlijks afgeschreven volgens een stelsel dat is afgestemd op de verwachte toekomstige gebruiksduur. Immateriële vaste activa Onder immateriële vaste activa worden opgenomen: - kosten verbonden aan het sluiten van geldleningen en disagio; - kosten van onderzoek en ontwikkeling. De afschrijvingstermijn op de kosten verbonden aan het sluiten van geldleningen en disagio, is maximaal gelijk aan de looptijd van de lening. De afschrijvingstermijn van kosten onderzoek en ontwikkeling bedraagt ten hoogste vijf jaar. Materiële vaste activa Materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs verminderd met de afschrijvingen en/of eventuele beschikkingen over reserves en/of ontvangen subsidies voor zover het

92

investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut betreft.

Financiële vaste activa Kapitaalverstrekkingen, leningen, overige langlopende leningen en overige uitzettingen worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs onder aftrek van eventuele aflossingen. Deelnemingen worden in afwijking hiervan gewaardeerd tegen marktwaarde indien deze waarde lager is dan de verkrijgingsprijs. De bijdrage aan activa in eigendom van derden wordt gewaardeerd tegen het bedrag van de verstrekte bijdrage, verminderd met afschrijvingen. Onder uitzettingen worden aandelen, obligaties, maar ook leningen en vorderingen verstaan. Uitzettingen met een looptijd korter dan een jaar worden opgenomen onder de vlottende activa. Uitzettingen met een oorspronkelijke looptijd van langer dan een jaar worden gedurende de gehele looptijd onder de financiële vaste activa opgenomen. Voorzieningen wegens oninbaarheid worden met de nominale waarde van leningen verrekend. Voorraden Voorraden worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs plus bijkomstige kosten, dan wel lagere marktwaarde. Vanaf 2012 is er een voorziening getroffen op de grondvoorraden. Deze voorziening is meegenomen in de optelling van de voorraden en niet als een reguliere voorziening. De verwerking is conform het BBV. Jaarlijks vindt een bijstelling van deze voorziening plaats op basis van de geactualiseerde grondexploitaties.

Het verloop van deze voorziening is terug te zien in de paragraaf Grondbeleid en in bijlage 2. Met het vaststellen van de jaarverslaggeving worden tevens deze actualisaties geaccordeerd. Vanaf 2016 is het verplicht om de POC-methode (percentage of completion) te hanteren om tussentijdse winstnemingen te bepalen. De gemeente Barneveld hanteert deze methode, in afwijking van de methode zoals die is vastgesteld in de nota 'Grondbeleid'. Passiva Voor zover niet anders vermeld, zijn passiva gewaardeerd tegen nominale waarde. Eigen vermogen Het eigen vermogen bestaat uit de reserves en het onverdeeld resultaat over het boekjaar. Voorzieningen Voorzieningen worden gevormd ter afdekking van: • Verliezen waarvan de omvang op de balansdatum onzeker is, doch redelijkerwijs is in te schatten. • Op balansdatum bestaande risico’s voor bepaalde te verwachten verplichtingen of verliezen, waarvan de omvang redelijkerwijs is in te schatten. • Kosten die in een volgend begrotingsjaar zullen worden gemaakt, mits het maken van die kosten zijn oorsprong mede vindt in het begrotingsjaar of in een voorafgaand begrotingsjaar en de voorziening strekt tot gelijkmatige verdeling van lasten over een aantal begrotingsjaren. • de bijdragen aan toekomstige vervangingsinvesteringen, waarvoor een heffing wordt geheven als bedoeld in artikel 35, eerste lid, onder b van het BBV.

Eigen bijdrage op grond van de Wmo Een aanvrager van een voorziening, hulp in de huishouding, beschermd wonen of een financiële tegemoetkoming (persoonsgebonden budget) is op grond van de Wmo een bijdrage verschuldigd. De wetgever heeft bepaald dat de berekening, oplegging en incasso van deze eigen bijdrage wordt uitgevoerd door het CAK. De informatie van het CAK (om privacyredenen beperkt) is ontoereikend om als gemeente de juistheid op persoonsniveau en volledigheid van de eigen bijdragen als geheel te kunnen vaststellen. Door deze systematiek te kiezen voor het vaststellen van de eigen bijdragen door het CAK, bepaalt de wetgever in feite, dat de verantwoordelijkheid voor de juistheid en volledigheid van de eigen bijdragen op grond van de Wmo geen gemeentelijke verantwoordelijkheid is. Dit betekent dat door de gemeenten geen zekerheden over omvang en hoogte van de eigen bijdragen kunnen worden verkregen. Grondslagen voor resultaatbepaling Onder baten worden verstaan de inkomsten die rechtstreeks aan het jaar zijn toe te rekenen en die in het jaar als gerealiseerd kunnen worden beschouwd (voorzichtigheidsbeginsel). De lasten worden bepaald met inachtneming van de hiervoor vermelde grondslagen voor waardering en toegerekend aan het verslagjaar waarop zij betrekking hebben. Verliezen worden in aanmerking genomen in het jaar waarin deze voorzienbaar zijn.

Rente Er wordt rente toegerekend aan vaste activa en aan BIE's. Afschrijvingen De afschrijvingen geschieden tijdsevenredig op basis van de verwachte economische levensduur en starten 1 januari volgend op het jaar van ingebruikname. Deze werkwijze hanteren wij vanaf begrotingsjaar 2013. Afschrijvingen geschieden onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar. Balansratio’s

93

In de jaarverslaggeving is een aantal kengetallen opgenomen ter beoordeling van onze schuldpositie. Deze zijn conform de BBV-regelgeving opgenomen in paragraaf 2. Een aantal van deze kengetallen heeft een direct verband met de balans van de gemeente. Correctie beginbalans algemene reserve In de afgelopen jaren is er voor de administratieve verwerking van de incidentele projectbudgetten een systematiek gehanteerd die niet in lijn is met de verslaggevingsregels. Hierdoor is er in de presentatie sprake geweest van een materiële fout in de balans per 31-122020, aangezien de nog niet bestede projectbudgetten onder de overlopende passiva waren gepresenteerd in plaats van onder het eigen vermogen. Deze projectbudgetten, bij de begroting geaccordeerd via de incidentele beleidstoevoegingen, werden in het betreffende jaar volledig gedekt via een onttrekking uit de algemene reserve. Indien het projectbudget nog niet helemaal was besteed werd het restant onder de passiva kant opgenomen ("nog te besteden") en in het volgende jaar weer beschikbaar gesteld. Feitelijk werd door deze methode de stand van de algemene reserve te laag weergegeven omdat er al meer was onttrokken dan feitelijk was besteed. Dit is bij deze jaarrekening 2021 in de presentatie aangepast.

De beginstand van de algemene reserve is per 1-1-2021 met 3,5 mln verhoogd (dit was het bedrag dat eind 2020 onder de passiva als nog te besteden' was opgenomen). Daarnaast is er in 2021 conform de verslaggevingsregels alleen dat bedrag onttrokken aan de algemene reserve dat ook daadwerkelijk besteed is op de lopende projecten. Dat resulteerde in 2021 tot een lagere onttrekking waardoor de eindstand van de algemene reserve met 0,6 mln is verhoogd tot 4,1 mln.

Balans bedragen x € 1.000 Activa Vaste activa Immateriële vaste activa Materiële vaste activa Financiële vaste activa

Totaal vaste activa Vlottende activa Voorraden Vorderingen Liquide middelen Overlopende activa Totaal vlottende activa Totaal activa Recht verliescompensatie Vpb

31-12-2020

31-12-2020

31-12-2021

635 268.952 14.879

Vaste passiva Eigen vermogen Reserves Onverdeeld resultaat

93.135 1.514

88.433 14.901

277.252

284.466

Vreemd vermogen Voorzieningen Langlopende schulden Totaal vaste passiva

17.097 206.046 317.792

19.530 207.624 330.487

62.182 9.522 -0 10.978 82.682

68.677 10.178 -0 13.061 91.916

20.775 1.920 19.447 42.142

20.690 7.104 18.100 45.894

359.933

376.381

359.933

376.381

-

-

75.851

75.926

390 262.984 13.878

31-12-2021

Passiva

Vlottende passiva Kortlopende schulden Liquide middelen Overlopende passiva Totaal vlottende passiva Totaal passiva Gewaarborgde leningen

In bovenstaande balans wordt een verkorte omschrijving gebruikt voor de diverse posten. De terminologie volgens BBV is als volgt: Balanspresentatie: Terminologie BBV: - Vorderingen (activa) - Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar - Langlopende schulden (passiva) - Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer - Kortlopende schulden (passiva) - Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar - Liquide middelen (passiva) - Banksaldi (deze zijn onderdeel van de netto-vlottende schulden)

Bezittingen en financiering

Bezittingen Op de activazijde van de balans staan de bezittingen van de gemeente benoemd, uitgedrukt in geld. Onderstaande grafiek geeft een beeld van de omvang van deze diverse bezittingen. Financiering De passivazijde van de balans geeft weer hoe de bezittingen zijn gefinancierd. Uit onderstaande grafiek is helder te zien dat dit voor circa 57% wordt gedaan met langlopende schulden.

94

Toelichting op de balans

Activa Vaste activa

Immateriële vaste activa Onder de immateriële vaste activa zijn met name kosten geactiveerd die gemaakt worden voor onderzoek en ontwikkeling. Het beleid is er op gericht om kosten voor onderzoek en ontwikkeling niet meer te activeren, maar zoveel mogelijk te dekken uit de exploitatiebegroting. Verder kunnen onder deze post voorbereidingskosten voor grondexploitaties worden opgenomen voor maximaal 5 jaar. Materiële vaste activa De materiële vaste activa zijn onder te verdelen in economisch nut, maatschappelijk nut en economisch nut met een dekking door heffing. Onder maatschappelijk nut vallen die investeringen die het algemeen belang dienen en welke uitsluitend door de gemeente uitgevoerd kunnen worden. Bij activa met een economisch nut gaat het om activa die verhandelbaar zijn en/of die opbrengsten voor de gemeente genereren. Onder de materiële vaste activa met een economisch nut ziet u onder andere de in erfpacht verstrekte gronden. Dit zijn gronden die middels een erfpachtovereenkomst verpacht zijn aan derden. Onder de activa met een economisch nut met een dekking door heffing, worden die activa opgenomen die nodig zijn voor bijvoorbeeld de afvalstoffen en riolering en waar tegenover onder andere de afschrijvingskosten een heffing staat als inkomsten. De toename van de materiële vaste activa bestaat uit diverse gedane investeringen in 2021.

Onderstaand is een tabel opgenomen van de investeringen waar in 2021 meer dan € 1 miljoen aan is besteed. Voor wat betreft de gronden die in erfpacht zijn uitgegeven, geldt dat deze op de balans verschoven zijn van de grondvoorraden naar de materiële vaste activa. De erfpachtcanon wordt vervolgens als een inkomst meegenomen in de meerjarige begroting. De materiële vaste activa worden afgeschreven overeenkomstig de bij de financiële verordening behorende tabel afschrijvingstermijnen. Afwijking van deze tabel is slechts mogelijk bij raadsbesluit. Activa met een verkrijgingsprijs van minder dan € 5.000 worden niet geactiveerd, uitgezonderd gronden en terreinen, tenzij zij behoren tot een groep van activa. Kosten voor onderzoek en ontwikkeling worden niet geactiveerd tenzij deze binnen afzienbare tijd gevolgd worden door een investering in materiële vaste activa. De kosten komen in dat geval ten laste van de investering en worden in maximaal vijf jaar lineair afgeschreven. In de andere gevallen worden de kosten in het betreffende jaar in één keer afgeboekt. Kosten voor het afsluiten van geldleningen worden direct ten laste van de exploitatie gebracht. Bij investeringen wordt begonnen met afschrijven in het jaar na ingebruikname van het activum.

Financiële vaste activa Bij de financiële vaste activa is onder meer de door de gemeente in 2013 verstrekte lening aan GBO BV (met een doorlening aan PPS De Burgt) opgenomen (leningen aan deelnemingen). De

95

stand van de lening is in 2021 onveranderd gebleven (€ 445.000). Onder de overige langlopende leningen zijn onder andere verstrekkingen hypotheken ambtenaren opgenomen (€ 5 miljoen begin van het jaar, € 3,6 miljoen einde van het jaar). Op deze verstrekte leningen is in 2021 circa € 1,4 miljoen afgelost. In 2021 is een aandeelhouderslening van € 2,4 miljoen gestort aan Alliander o.b.v. een raadsbesluit dd 10 november 2021. In onderstaand overzicht ziet u de mutaties per soort activa.

Vaste activa

BoekVermeer- Bijdragen waarde deringen derden 1-1-2021

Immateriële activa Materiële activa Financiële activa Totaal

390 262.984 13.878 277.252

334 16.209 2.726 19.269

Verminderingen

-1.636 - 1.636

-5 1.305 -1.705 - 406

AfschrijAfwaarvingen deringen -84 -9.992 -20 - 10.096

83 83

Boekwaarde 31-122021 635 268.952 14.879 284.466

BoekBoekwaarde Vermeer-Bijdragen Vermin-Afschrij- Afwaar-waarde Immateriële vaste activa 1-1- deringen derdenderingen vingenderingen 31-122021 2021 Kosten van onderzoek en ontwikkeling 391 334 -5 - 84 635 Bijdrage derden -0 0 Totaal 390 334 -5 - 84 635

Materiële vaste activa

BoekBoekwaarde Vermeer-Bijdrage Vermin-Afschrij- Afwaar- waarde 1-1- deringen derdenderingen vingenderingen 31-122021 2021

Maatschappelijk nut Grond-,weg- en waterbouwkundige werken Bedrijfsgebouwen Vervoermiddelen Machines, apparaten en installaties Overige Totaal Maatschappelijk nut

11.761 3 41 134 6.172 18.110

5.380 1.849 7.229

-

- 1.082 - 520 -3 -8 5 - 11 -1 - 686 - 1.078 - 1.228

- 15.538 33 128 7.334 - 23.033

Economisch nut Gronden en terreinen Grond-,weg- en waterbouwkundige werken Woonruimten Bedrijfsgebouwen Vervoermiddelen Machines, apparaten en installaties Gronden in erfpacht Overige Bouwgrond in exploitatie Voorzieningen gronden en terreinen Voorzieningen woonruimten Totaal Economisch nut

37.323 11.160 1.705 130.601 3.178 6.447 14.999 8.403 - 206 213.611

1.989 1.129 - 925 2.543 - 478 130 1.236 1.291 - 233 8.318 - 1.636

- 339 - 256 701 - 596 - 65 2.629 - 3.984 0 - 439 -5 - 634 - 606 - 1.389 2.380 - 7.362

- 38.717 - 11.469 1.640 - 131.310 2.869 7.044 - 14.999 7.467 - 36 - 36 119 - 87 83215.394

-

2 - 1.001 - 37 - 133 - 197 - 34 2 - 1.403

226 - 26.794 516 351 2.054 585 - 30.525

16.209 - 1.636

1.305 - 9.992

83268.952

Economisch nut, dekking door heffing Gronden en terreinen 226 Grond-,weg- en waterbouwkundige werken 27.212 Bedrijfsgebouwen 553 Vervoermiddelen 484 Machines, apparaten en installaties 2.251 Overige 537 Totaal Economisch nut, dekking door heffing 31.263 Totaal

262.984

580 82 662

96

BoekBoekwaarde Vermeer-Bijdrage Vermin-Afschrijv./ Afwaar-waarde Financiële vaste activa 1-1- deringen derdenderingen Aflossingderingen 31-122021 2021 Kapitaalverstrekking deelnemingen 87 87 Leningen aan deelnemingen 449 2.447 - 2.897 Overige langlopende leningen 13.341 278 - 1.705 - 20 - 11.894 Totaal 13.878 2.726 - - 1.705 - 20 - 14.879

Op de MVA (Economisch Nut) heeft een herrubricering plaatsgevonden op ‘Gronden en terreinen’ en ‘Bedrijfsgebouwen’ i.r.t. investeringen Kromme Akker Zuid. Deze herrubricering is per saldo neutraal binnen de vermeerderingen en verminderingen mutaties, maar loopt deels via de vermeerderingen (negatieve debet) en verminderingen (negatieve credit). De totale netto vermeerderingen en verminderingen (exclusief herrubricering) van MVA Economisch nut liggen zodoende € 2.026.900 hoger dan gepresenteerd in de tabel hierboven. De totale netto vermeerdering op MVA Economisch nut bedraagt € 10.358 en de totale netto vermindering op MVA Economisch nut bedraagt -/- € 1.283. Daarnaast is de voorziening afwaardering activa (woonruimten) cf. de BBV begrotings- en verslaggevingsvoorschriften gesaldeerd met de MVA. De begin balans is zodoende ook gewijzigd op dit punt. In de bovenstaande tabel is het verloop van de voorziening te zien.

bedragen x € 1.000 Belangrijkste investeringen (groter dan € 1.000.000)

investeringen 2021

Belangrijkste investeringen Gronden en terreinen Grondaankoop Terschuur Noord

1.816 1.816

Bedrijfsgebouwen OHP21 - Rehobothschool Kootwijkerbroek verv nwbouw

1.419 1.419

Grond-,weg- en waterbouwkundige werken Hoofdstructuur Bloemendal

1.259 1.259

Overige Uren investeringen 2021

1.737 1.737

Belangrijkste investeringen

6.231

Overige investeringen

9.289

Totaal

15.520

Vlottende activa Voorraden

Voor wat betreft de voorraden gronden wordt in het schema hieronder met name de mutatie getoond op balansniveau. De bedragen onder vermeerderingen betreffen veelal kosten voor aankoop, bouw- en woonrijp maken van gronden. Onder de verminderingen zijn de verkopen en erfpachten opgenomen alsmede grondmutaties tussen complexen onderling. Bij de resultaatnemingen gaat het om verlies- en winstnemingen in het boekjaar. Voor een nadere toelichting op de resultaten van de grondexploitaties wordt verwezen naar paragraaf 5 Grondbeleid. Voor te verwachten verliezen op grondexploitaties is een verliesvoorziening getroffen. In de jaarrekening van 2021 is een bijstelling van deze voorziening opgenomen. In bijlage 2 is een verloopoverzicht opgenomen van deze voorziening, gespecificeerd naar complex.

97

Tabel voorraadontwikkeling bedragen x € 1.000 BoekResultaatwaarde nemingen 31-12-2021

Boekwaarde 1-1-2021

Vermeerderingen

Verminderingen

Voorraden bouwgrond Voorraden: Bouwgrond in exploitatie Totaal voorraden bouwgrond

83.828 83.828

12.061 12.061

- 9.378 - 9.378

3.080 3.080

89.591 89.591

Voorziening bouwgrond Voorziening bouwgrond in exploitatie Totaal voorziening bouwgrond

- 21.645 - 21.645

-

731 731

-

- 20.914 - 20.914

62.182

12.061

- 8.647

3.080

68.677

Voorraden

Totaal

Bouwgronden in exploitatie (BIE)

Onderstaand vindt een nadere uitsplitsing plaats van voorraden bouwgronden in exploitatie (BIE). In de kolom ‘Resultaatneming t/m 2020’ zijn de resultaten weergegeven die reeds verwerkt zijn in de boekwaarden. Dit betreffen onder andere reeds geboekte afwaarderingen als ook voorlopige winstnemingen die in voorgaande jaren al in het resultaat verwerkt zijn. De boekwaarden van de grondvoorraden worden weergegeven per begin- en per einde van het boekjaar. Deze boekwaarde is het saldo van de kosten minus de opbrengsten die we in de betreffende grondcomplexen hebben gerealiseerd. Daar waar een complex een negatieve boekwaarde laat zien, hebben we reeds meer inkomsten gerealiseerd dan uitgaven. De kolom vermeerdering geeft het bedrag aan dat we in het afgelopen jaar hebben uitgegeven per complex. De kolom Vermindering geeft het bedrag weer van de inkomsten van het afgelopen jaar. In de kolom 'Resultaatneming 2021' staan de resultaten van de drie in 2021 afgesloten projecten vermeld, alsook de tussentijdse winstnemingen van 8 projecten en het terugdraaien van een tussentijdse winstneming op een project.

Bij de volgende projecten is een tussentijdse winst in 2021 genomen: Harselaar Zuid Fase 1A Harselaar Zuid Fase 1B en 2 Schoolterrein Hessenweg Holzenbosch I Holzenbosch II Bloemendal Oostbroek Holzenbosch III-Wikselaarse Eng Bij het volgende project is een tussentijdse winstneming terug gedraaid: Harselaar West West Afgesloten zijn de projecten: Veller II Herontwikkeling Iepenhof Herontwikkeling Putterweg In de kolommen ‘nog te maken kosten’ en ‘nog te ontvangen opbrengsten’ ziet u per complex wat we nog verwachten aan uitgaven en inkomsten. Deze totale bedragen zijn opgebouwd uit de achterliggende details uit de grondexploitaties. In de MPG (Meerjaren Prognose Grondexploitaties) zijn de details per complex inzichtelijk, per kosten- en opbrengstsoort.

98

bedragen x € 1.000 Voorraad bouwgrond in exploitatie Bedrijventerrein 800003 - Thorbeckelaan Zuid 800020 - Harselaar Centraal 800029 - Harselaar Zuid fase 1a 800031 - Harselaar West West 800044 - Thorbeckelaan Noord 800047 - Herontwikkeling Tolnegenweg 800069 - Harselaar Zuid fase 1b + 2 Totaal Bedrijventerrein

ResulBoek- Vermeertaatwaarde dering neming begin djr t/m 2020

Vermin-ResultaatBoekdering neming waarde in 2021 einde djr

Restant uitgeefbare grond

BW per restant uitgeefbare m2

Nog te maken kosten

Nog te Verwacht Getroffen Verwacht ontvaneind- voorzie- jaar van gen resultaat ning afronding opbreng- eind-waarde sten

7.371 - 15.060 12.386 1.407 877 - 346 1.271 1.704 5.632 13.263 32.100

190 - 480 242 - 348 1.503 38 25 - 18 266 - 1.448 378 - 32 2.642 - 2.325

7.081 4,32 ha - 14.954 467 3.377 2,16 ha - 11 - 319 1.278 0,81 ha 522 0,03 ha 8 5.987 8,81 ha 464 32.880 16,13 ha

164 0 156 0 158 1746 68

1.033 - 7.843 684 - 464 2.232 - 8.597 309 1.627 - 2.313 281 - 111 10.012 - 23.368 16.178 - 42.696

- 271 - 15.174 2.988 10 - 592 - 692 7.370 - 6.362

271 15.174 592 692 16.730

2024 2022 2022 2022 2026 2022 2030

Woningbouw 800006 - Schoolterrein Hessenweg (Meerwaarde) 101 800011 - Veller II 1.083 800024 - Holzenbosch I 3.944 1.297 800025 - Holzenbosch II 2.105 800043 - Bloemendal - 37.007 800045 - Verbindingsweg 5.669 800068 - Oostbroek fase 1 en 2 5.007 800073 - Herontwikkeling Iepenhof 29 679 - 463 800076 - Herontwikkeling Putterweg 1 282 800084 - Wikselaarse Eng 903 - 361 Totaal Woningbouw 5.526 51.728

8 144 - 313 926 - 2.892 347 6.396 - 3.096 748 -2 344 - 10 154 98 - 575 254 - 167 9.419 - 7.053

620 730 - 915 2.155 1.487 2,39 ha 2 2.454 2,06 ha 118 40.425 26,24 ha 6.415 1,72 ha 32 5.374 2,88 ha 309 194 100 - 174 2.616 56.711 35,28 ha

0 0 62 119 154 374 187 0 0 0

13 - 866 1.715 - 5.823 3.715 - 7.854 62.845 - 106.654 3.066 - 5.297 5.053 - 13.652 151 76.557- 140.145

123 2.621 1.685 3.384 - 4.184 3.225 23 6.877

4.184 4.184

2022 2021 2023 2025 2031 2025 2026 2021 2021 2022

18.789 83.828 12.061 - 9.378

3.080 89.591 51,41 ha

92.735- 182.841

515

20.914

Totaal voorraad bouwgrond in exploitatie

Vorderingen, liquide middelen en overlopende activa

Vorderingen De debiteuren belastingen is t.o.v. vorig jaar met een bedrag van € 3,1 miljoen toegenomen. Dit komt voornamelijk door het naar voren halen van het innen van de Precariobelasting 2021 (circa € 3 miljoen). Normaliter gebeurde dit in het begin van het volgend boekjaar, maar omdat 2021 het laatste jaar is dat dit geïnd mag worden hebben we dit in het huidige boekjaar laten vallen. De voorziening voor dubieuze debiteuren is ongeveer € 71.000 lager ten opzichte van voorgaand jaar. Dit komt vooral omdat gedurende het boekjaar 2021 bedragen zijn binnengekomen die reeds voorzien waren. Daarnaast wordt dor middel van een risico-inschatting van de openstaande vorderingen, de hoogte van de voorziening berekend en daarmee de jaarlijkse dotatie of vrijval. Via de statische methode wordt de lijst met openstaande vorderingen doorgenomen. De vorderingen waarvan verwacht wordt dat deze niet zullen worden betaald, worden opgenomen in de voorziening. De voorziening is een totaalpost voor debiteuren algemeen, debiteuren overheid en debiteuren belastingen. Liquide middelen De liquide middelen vertonen een stand van € 0. Zie ook paragraaf 4 – financiering. Overlopende activa Dit onderdeel bestaat uit een aantal balansposten welke periodiek muteren. De grootste post betreft de nog te ontvangen BTW/BCF gelden.

De aangifte voor het BTW compensatiefonds (BCF) wordt éénmaal per jaar ingediend, na afloop van het boekjaar. De beschikkingen van de BCFaangiften worden altijd in juni door de belastingdienst verzonden waarna uitbetaling volgt. Per kwartaal worden voorschotten door de belastingdienst uitgekeerd. Deze zijn opgenomen onder de debiteuren overheid. De post Vooruitbetaalde bedragen is hoger ten opzichte van vorig jaar. Dit komt door een gewijzigde werkwijze waardoor facturen die in het huidige boekjaar binnenkomen, maar waarvan de kosten in het volgende boekjaar systematisch bijgehouden worden, vervolgens transitorisch overgeboekt te worden.

bedragen x € 1.000 Vorderingen Debiteuren overheid Debiteuren belastingen Debiteuren WZI (WWB, WMO en andere regelingen) Debiteuren algemeen Voorziening debiteuren Vorderingen op GBO BV Nog te verrekenen BTW / BCF Totaal

31-dec-2020

31-dec-2021

1.645 981 346 5.029 - 556 2.077 9.522

1.793 1.162 430 5.144 - 485 2.132 2 10.178

99

bedragen x € 1.000 Liquide middelen Bank Nederlandse gemeenten Totaal

31-dec-2020

31-dec-2021

-0 -0

-

bedragen x € 1.000 Overlopende activa Nog te verrekenen BTW / BCF Nog te ontvangen bedragen Overige overlopende activa Overig Totaal

31-dec-2020

31-dec-2021

9.464 1.352 162 10.978

9.196 2.386 1.354 126 13.061

Passiva Eigen vermogen Reserves

In bijgaand overzicht vindt u het verloopoverzicht van de reserves over het afgelopen boekjaar. Reserves kunnen op verschillende manieren worden aangesproken. In het overzicht ziet u de stortingen en onttrekkingen ten laste en ten gunste van de exploitatie. De onttrekkingen uit de reserves zijn steeds gebaseerd op expliciet vastgesteld beleid, dan wel op separate raadsbesluiten. Dit geldt evenzo voor de toevoegingen aan de reserves. Doel reserves In de nota Reserves en Voorzieningen 2018 is de volgende toelichting per reserve opgenomen: Reserve Algemene reserve: De algemene reserve dient als weerstandsvermogen voor het opvangen van risico’s waarvoor geen bestemmingsreserve of voorziening is gevormd. Bestemmingsreserve Reserve flying bikes (nieuw): er is een bestemmingsreserve ingesteld waaruit de toekomstige lasten worden gedekt van de betreffende investering inzake Flying bikes. In de reserve is 1,82 mln gestort. Hiervoor is een ontrekking gedaan aan de algemene reserve. Hiermee is uitvoering gegeven aan het raadsbesluit flying bikes 7 juli 2021. Reserve Verkeersmaatregelen: Deze reserve voorziet onder andere in de behoefte om eenmalige studie- en onderzoekskosten te dekken ten aanzien van verkeersmaatregelen (waaronder parkeren). Reserve Bovenformatieven: Deze voorziening is voor het betalen van de salarissen van medewerkers die boven de reguliere formatie staan (bijv.

door arbeidsconflict, re-integratie, verschuiving van de functie). Reserve Bovenwijks: De bijdragen (baten) voor bovenwijkse investeringen worden administratief in een bestemmingsreserve geboekt en na verloop van tijd verrekend met de boekwaarden van de betreffende investeringen. Reserve Co-financiering Food Valley: De reserve is ingesteld met als doel om financiering beschikbaar te hebben voor de projecten waaraan de gemeente Barneveld deelneemt in regio FoodValley verband en waarbij de provincie Gelderland als cofinancier optreedt. Deze projecten maken deel uit van het vastgesteld Uitvoeringsprogramma van de Regio FoodValley. Reserve Ontw. platteland: In dit fonds storten initiatiefnemers van niet-agrarische nieuwbouw in het buitengebied een (verevenings)bijdrage. Dat gebeurt op basis van een door de raad vastgestelde regeling. Dezelfde regeling bepaalt dat deze gelden kunnen en moeten worden besteed aan projecten t.b.v. de ontwikkeling van het platteland in brede zin, zoals (verduurzaming van) de landbouw, recreatie, natuur en landschap, milieu en water. Omdat volgens de BBV-voorschriften de voorziening het karakter had van een reserve, is het eindsaldo overgebracht naar deze reserve. Doelstelling van de reserve blijft hetzelfde.

Reserve Evenementenhal: Deze reserve heeft als doel om de overgang naar de nieuwe evenementenhal te faciliteren, met als belangrijkste middel de bekostiging van de zogenaamde voucherregeling. Reserve Precariobelasting: De reserve Precariobelasting is per 1 januari 2014 ingesteld als inkomensfunctie en wordt overbodig als er voldoende zekerheid is dat de jaarlijkse opbrengst structureel kan worden toegevoegd aan de exploitatie. Reserve Sociaal Domein: De reserve is ingesteld met als doel om de invoering en transformatie van de drie decentralisaties te faciliteren en zo nodig en zo mogelijk ter afdekking van risico’s van drie decentralisaties. Res. Egalisatiefonds rente doorb. Grondexploitaties: Opvangen financiële effect van wijziging (lagere) rentetoerekening aan de grondexploitaties. Deze wijziging is het gevolg van gewijzigde BBV-voorschriften. Reserve Stamkapitaal: Betreft de reserve waar de ontvangen inkomsten van de verkochte aandelen NUON worden vastgehouden als stamkapitaal. Reserve Kapitaallasten: Reserve wordt aangewend als dekking van het afschrijvingsdeel van de investering.

100

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Barneveld&id=c8fae2c3-9735-4ba0-842a-9f093754a1ee