Bijlage_Def Ontwerp-Programmabegroting 2023.pdf
Tekst van het document
Inhoudsopgave
Raadsbesluit
1
1. Aanbieding
2
2. Inleiding, financieel beeld en beslispunten Inleiding Financieel beeld Beslispunten
5
3. Financiële begroting Inleiding Begroting 2023 Meerjarenraming 2024-2026
8 8 9
4. Programma’s 1. Participatie en ondersteuning 2. Bedrijvigheid en bereikbaarheid 3. Woon- en leefomgeving 4. Samenwerken, dienstverlenen en besturen
13 22 30 41
5. Paragrafen 1. Lokale heffingen 2. Weerstandsvermogen 3. Onderhoud kapitaalgoederen 4. Financiering 5. Grondbeleid 6. Verbonden partijen 7. Bedrijfsvoering
48 53 60 64 68 72 85
6. Bijlagen 1. Reserves en voorzieningen 2. a. Beleidstoevoegingen 2023 – 2026 b. Meerjaren Investeringsplan (MIP) 3. Berekening EMU-saldo 4. Overzicht programma’s en taakvelden 5. Kerngegevens & indicatoren 6. Incidentele baten en lasten
88 90 92 94 95 97 97
Aanbieding
Aanbiedingsbrief Programmabegroting 2023
Scherp aan de wind varen Hierbij bieden wij u de ontwerp-Programmabegroting 2023 aan. Het eerste jaar van een nieuwe collegeperiode met een sluitende meerjarenbegroting. We gaan door turbulente tijden. Dit begon al met de coronacrisis. Sindsdien zien we wereldwijd een toenemende schaarste. Van grondstoffen tot en met arbeidskrachten. De oorlog in de Oekraïne heeft deze situatie verder verscherpt. Dit alles heeft een energiecrisis en een bijbehorende hoge inflatie tot gevolg. Daarnaast zijn er dit jaar grote opgaven gepresenteerd door het nieuw aangetreden kabinet. Opgaven met betrekking tot: het behalen van aangescherpte klimaatdoelen; het versneld bouwen van woningen; de aanpak van de stikstofcrisis. Grote opgaven, die onverminderd doorgaan en eerder nog intensiever zullen worden. Daarbij is er de opvang van vluchtelingen waaraan de gemeente Barneveld haar bijdrage levert. Dit alles heeft directe gevolgen voor onze inwoners en geeft onzekerheid. Inwoners komen in de knel door een hoge energierekening en bedrijven worden in hun voortbestaan bedreigd. Juist dan willen wij er als gemeente zijn voor onze inwoners, maatschappelijke organisaties en ondernemers. Daarom zullen we scherp aan de wind moeten varen en voortdurend keuzes moeten maken en bijstellen. Om zo mee te bewegen met de snel wisselende omstandigheden.
We doen dit zonder daarbij de doelen van het coalitieakkoord 2022-2026 uit het oog te verliezen. Integendeel, die houden we onveranderd in het vizier, waarbij we, gelet op de omstandigheden, investeren in: een ondernemende en bloeiende gemeente; een betrouwbare en dienstbare gemeente; een zorgzame gemeente. Een ondernemende en bloeiende gemeente Barneveld is een bloeiende gemeente. De groei van Barneveld zet zich de komende jaren door naar circa 85.000 inwoners. Dat brengt vele uitdagingen met zich mee. We investeren in onze buurten, wijken en dorpen. We bouwen voldoende betaalbare woningen en ontwikkelen bedrijventerreinen. We zorgen ervoor dat de benodigde maatschappelijke voorzieningen en infrastructuur passend meegroeien. Daarbij leggen we niet alleen het accent op nieuwe zaken. We hebben ook aandacht voor het onderhoud en behoud van de huidige zaken. We willen een gemeente zijn die een passend antwoord heeft op de verstedelijkingsopgave. Want deze brengt druk met zich mee. Hetzelfde geldt voor onze inzet op een transitie van het landelijk gebied. Met perspectief voor landbouw en natuur. We willen een gemeente zijn waarin het fijn is om te wonen, te werken en te recreëren. Dat alles in een gezonde, duurzame, en veilige leefomgeving. Met aandacht voor natuurherstel en vergroening van de woonomgeving.
Om dit te bereiken leggen wij u in 2023 de omgevingsvisie voor ter vaststelling. Dit is een visie op het mogelijk maken van toekomstige ontwikkelingen en investeringen. In wijken, dorpen en landelijk gebied. Een betrouwbare en dienstbare gemeente De gemeente Barneveld kent een sterke samenleving. Met inwoners die veel initiatieven nemen en bij wie zelfredzaamheid voorop staat. We willen daarop aansluiten, hen steunen en stimuleren waar dat moet. Dat vraagt om een sterke basis, een betrouwbare gemeente, die helder is en duidelijk communiceert. Een gemeente die bovenal ook dienstverlenend, transparant en actief communicerend is. Met aandacht voor bereikbaarheid en een snelle afhandeling. Persoonlijk waar het moet en digitaal waar het kan. We gaan door met onze verandering naar een toekomstbestendige organisatie. Een organisatie die zich aanpast op de groei van Barneveld en vroegtijdig aanhaakt bij de gebiedsontwikkelingen. We werken samen met inwoners, organisaties en ondernemers aan het opstellen van gebiedsagenda’s. Dit doen we voor wijken, dorpen en werkterreinen. We versterken de
2
gebiedsregie en participatie bij de start van belangrijke ontwikkelingen. Daarbij hebben we oog voor de omgeving om ons heen en versterken onze positie in de regio en daarbuiten.
Een zorgzame gemeente In sociaal opzicht staat de gemeente Barneveld er goed voor. Op verschillende terreinen doen we het beter dan het landelijke gemiddelde. Hierbij valt te denken aan: levensverwachting; sociale samenhang; gebruik van sociale vangnetvoorzieningen. Wel zien we aandachtspunten. Zo is er de nasleep van de coronacrisis. Die heeft voor onderwijsachterstanden gezorgd. Daarnaast staat de mentale gezondheid van met name jongeren onder druk. Het komende jaar willen we ons hier verder op toeleggen. We gaan aan de slag met de uitvoering van het lokale 'gezonde leefstijl-akkoord'. Om zo onder andere een halt toe te roepen aan het overmatige alcohol- en drugsgebruik. Voor een toenemend aantal huishoudens in Barneveld staat de bestaanszekerheid onder druk. Dit heeft te maken met de inflatie en gestegen woon- en energielasten. Armoedebeleid is voor ons het komend jaar een speerpunt. We zorgen voor het tijdig verstrekken van energietoeslagen. We gaan aan de slag met het zo vroeg mogelijk signaleren en aanpakken van schulden. We bieden hulp waar nodig bij de primaire levensbehoeften. Bij dit alles vinden we het belangrijk dat iedereen mee kan doen. Ook de nieuwkomers in onze Barneveldse samenleving en mensen met een beperking. Daarbij zetten we in op voldoende voorzieningen voor kwetsbare ouderen.
Meerjarenperspectief en beleidstoevoegingen solide meerjarenperspectief Om onze doelen waar te kunnen maken zijn voldoende middelen nodig. Niet alleen in financiële, maar ook in personele zin. De ontwerp-Programmabegroting 2023 inclusief meerjarenperspectief tot en met 2026 vormt daarvoor een solide basis en biedt een stevig financieel perspectief. Het structureel beschikbare budget in 2026 is voor ons leidend bij het aangaan van structurele verplichtingen. 2026 is het laagste jaar als het gaat om de rijksinkomsten. De regering heeft namelijk nog geen keuzes gemaakt over een structurele bijdrage aan gemeenten vanaf 2026. We zien dat er tot 2025 meer ruimte is, met name voor het aangaan van incidentele verplichtingen. Dit komt onder meer door een ruimer budget vanuit het gemeentefonds voor de gemeente Barneveld tot en met 2025. We hebben daarnaast een aantal organisatorische bezuinigingen heroverwogen. Met de kennis van nu past het niet meer om deze maatregelen door te voeren. Enerzijds gezien de huidige situatie van toenemende taken, een overspannen arbeidsmarkt en hogere (inhuur)kosten en anderzijds omdat we juist willen investeren in de realisatiekracht van de organisatie en de dienstverlening willen waarborgen. Tegelijkertijd hebben wij de ontwikkeling van een Meerjaren Investeringsplan (MIP) in gang gezet. Dit plan bouwen we verder uit.
Het helpt ons om de benodigde en gewenste investeringen de komende jaren inzichtelijk te maken. Hierbij valt te denken aan investeringen in wegen, sport en onderwijs. Daarbij gaan we ervan uit dat alle investeringsvoorstellen zijn gebaseerd op een visie, besluit of beheerplan. De planning moet realistisch en haalbaar zijn. De afgelopen jaren hebben we gemerkt dat we in de praktijk meer willen dan kan. Dit heeft te maken met uitvoeringskracht en andere onvoorzienbare omstandigheden. Samen met de organisatie hebben we een meer realistisch uitvoeringsniveau vastgesteld. Dat is vervolgens vertaald naar een investeringsplafond. Hoe we dit gaan doen, is te lezen in de financiële begroting en de bijlage 'Meerjaren Investeringsplan'. Beleidstoevoegingen Aanvullend op reeds in gang gezet beleid, wordt voor 2023 en daarna een aantal beleidstoevoegingen voorgesteld. Al dan niet met structureel karakter. Deze zien vooral toe op het versterken van de realisatiekracht op korte termijn en het verminderen van kwetsbaarheid en dragen direct bij aan de inzet voor hierboven beschreven thema's. Ook al kunnen we die op deze plaats niet allemaal benoemen, ter illustratie toch een paar belangrijke zaken per thema. Ondernemende en Bloeiende gemeente meer realisatiekracht om woningbouw aan te jagen, de verduurzaming en vergroening; 3
impuls geven aan opstellen en uitvoeren plan van aanpak landbouwtransitie en vitaal platteland; meer ecologisch groenbeheer uitbreiden, meer onderhoud bestaande bomen en onderhoud wegen; versterking van cultuurvoorzieningen; versterken van accountfunctie richting ondernemers, detailhandel en evenementen; coronaherstelfonds. Betrouwbare en Dienstbare gemeente meer realisatiekracht inzetten om zo de gemeentelijke dienstverlening sneller en transparanter te maken waar dat kan en persoonlijk te houden, waar dat moet; borgen van de communicatie over beleidsvoornemens en projecten en de gevolgen daarvan voor inwoners, organisaties en ondernemers; meer inzet geven aan vroegtijdige participatie en de borging daarvan in de handelswijze van de gemeente; een volgende slag maken met betrekking tot de ondersteunende informatiehuishouding en ICT-systemen om zo toekomstbestendig te zijn. Zorgzame gemeente vroegsignalering bij schuldhulpverlening uitbreiden en intensiveren; impuls geven aan uitbreiding van gemeentelijk armoedebeleid; ervoor zorgen dat de subsidies ten behoeve van de dienstverleners in het sociale domein zijn geïndexeerd ; uitvoering geven aan de acties vanuit de Barneveldse aanpak gezonde leefstijl en middelengebruik; aanpak van ondermijningsprocessen continueren en waar nodig uitbreiden en het bieden van een veilige leef- en werkomgeving.
Bij een aantal beleidstoevoegingen hebben wij in eerste instantie gekozen voor tijdelijke oplossingen. Waar we onvoldoende capaciteit hebben en die ook niet makkelijk vanuit de markt kunnen krijgen, temporiseren we. Ten slotte zien wij kans om zaken anders en efficiënter uit te voeren. In eerste instantie gaat daar de aandacht naartoe. We leggen daarom meer het accent op het incidenteel mogelijk maken van de gewenste ontwikkelingen. Dit doen we voor de korte termijn. Op basis van onze bevindingen kijken we in 2024 opnieuw naar de nodige structurele inzet.
Tot slot In deze aanbiedingsbrief hebben wij onze ambitie en doelen opgeschreven voor het komende jaar. Dit met een doorkijk naar 2026. De doelen en aangekondigde acties vanuit het coalitieakkoord zijn onze uitgangspunten. Deze werken wij trouwens niet uit in een apart programma. Zij maken nu al onderdeel uit van de speerpunten voor 2023 en bijbehorende investeringen. Niet alle acties kunnen in 2023 worden uitgevoerd. Deze zullen de komende jaren verder in bijbehorende begrotingen worden ondergebracht. Er is veel werk te doen. Daarbij weten we ons gesteund door een actieve en betrokken Barneveldse samenleving. Met deze (meerjaren)begroting hebben we een realistische ambitie neergelegd. We willen de goede dingen voor de gemeente Barneveld doen. Dit samen met onze inwoners, maatschappelijke organisaties en ondernemers. Om zo een passende ontwikkeling mogelijk te maken voor onze gemeente. Een gemeente Barneveld met voldoende toekomstperspectief waarin iedereen zich thuis voelt en zich met elkaar verbonden voelt. Burgemeester en wethouders van Barneveld, 11 oktober 2022
4
Inleiding, financieel beeld en beslispunten Inleiding
Met de Kaderbrief 2023-2026 heeft de gemeente Barneveld naast de inhoudelijke hoofdlijnen het geactualiseerde financieel meerjarenperspectief 2023-2026 kunnen presenteren, inclusief de meest recente informatie over de uitkering uit het gemeentefonds. De Kaderbrief bevatte nog geen beleidstoevoegingen, waardoor we nu in deze Programmabegroting 2023 een duidelijk ander perspectief zien. Het coalitieakkoord is inhoudelijk en financieel uitgewerkt, onder andere via beleidstoevoegingen. We presenteren een meerjarige, structureel sluitende Programmabegroting 2023 en meerjarenraming 2024-2026.
Financieel beeld
Financiële positie De Programmabegroting 2023 inclusief meerjarenperspectief tot en met 2026 vormt een solide basis en biedt een stevig financieel perspectief. We presenteren een meerjarige, structureel sluitende begroting. Hierbij is het jaar 2026 leidend voor het aangaan van structurele verplichtingen. In dat jaar hebben we de minste speelruimte, veroorzaakt door een lagere algemene uitkering uit het Gemeentefonds. Het kabinet heeft in de meicirculaire 2022 gecommuniceerd dat zij na de regeringsperiode niet, zoals gebruikelijk, de reguliere verhoging van het Gemeentefonds van de jaren erna laten doorwerken. Incidenteel zijn in de jaren 20232025 wel extra middelen beschikbaar gesteld. Onderstaand treft u een resumerend overzicht aan van de uitkomsten van de meerjarenraming. De uitkomsten zijn afgezet tegen de meerjarenraming zoals die bij de Kaderbrief 2023-2026 is vastgesteld. In de financiële begroting vindt u een toelichting op de belangrijkste afwijkingen, waarvan de belangrijkste de beleidstoevoegingen betreffen. Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen komt uit op een factor van 1,36. Dit is binnen de optimale bandbreedte (1,2 - 1,6) en gelijk aan het niveau van de jaarverslaggeving 2021. Daarbij is ten opzichte van de jaarverslaggeving 2021 zowel de algemene reserve toegenomen met 3,7 miljoen euro maar ook de risico's met 2,7 miljoen euro.
Het weerstandsvermogen moet mede worden beoordeeld in het licht van de solvabiliteit. De beschikbare weerstandscapaciteit maakt hier onderdeel van uit. Meerjarenbalans prognose en financiële ratio's Wij beoordelen de financiële positie van de gemeente Barneveld niet alleen op basis van het weerstandsvermogen en het begrotingsresultaat, maar ook op basis van de solvabiliteit en de netto-schuldquote gebaseerd op een meerjarenbalans prognose. In paragraaf 2.6 is een meerjarenbalans prognose opgenomen. Graag verwijzen wij u hiernaar. In deze begroting zien we dat de solvabiliteit, ten opzichte van de jaarverslaggeving 2021, daalt, maar boven de drempelwaarde van 20% blijft (R2021 incl. resultaat 27%; B2023 23%). De netto schuldquote ontwikkelt zich nadelig ten opzichte van de jaarverslaggeving 2021 (R 2021 132%; B2023 185%). Dit heeft vooral te maken met het investeringsvolume en gronduitgifte. Een belangrijk deel van het investeringsvolume moet gefinancierd worden met vreemd vermogen. Voor een nadere toelichting, aanvullende kengetallen en definities van deze financiële kengetallen verwijzen wij u graag naar paragraaf 2. De komende jaren blijven de financiële kengetallen de aandacht vragen. Onze ambities gaan namelijk gepaard met investeringen. Hierdoor zal bijvoorbeeld de netto schuldquote de komende jaren hoog blijven.
Beleidstoevoegingen Voor het uitvoeren van verschillende beleidsambities is ook voor 2023 voorzien in een aantal 5
beleidstoevoegingen. Die zetten extra in op de maatschappij, maar ook op de interne organisatie. De voorgestelde beleidstoevoegingen zien vooral toe op het versterken van de realisatiekracht op korte termijn en het verminderen van kwetsbaarheid. Daarnaast hebben we bij een aantal beleidstoevoegingen gekozen voor tijdelijke oplossingen. Waar we niet over voldoende uitvoeringskracht kunnen beschikken en die ook niet makkelijk vanuit de markt kunnen krijgen, temporiseren wij. Ten slotte zien wij kans om zaken anders en meer efficiënt uit te voeren. Daar besteden we in eerste instantie tijd en energie aan. We leggen daarom voor de korte termijn meer het accent op het incidenteel mogelijk maken van de gewenste ontwikkelingen. Op basis van onze bevindingen kijken we in 2024 opnieuw naar de benodigde structurele inzet. Zie voor een verdere toelichting op de beleidstoevoegingen de inhoudelijke programma's. Als beleidstoevoegingen te maken hebben met een speerpunt, worden deze daarbij benoemd in het onderdeel 'financiën'. In bijlage 2a treft u de volledige lijst aan met voorstellen voor beleidstoevoegingen. Hierbij is onderscheid gemaakt tussen voorstellen met structurele en incidentele lasten. In eerdere jaren werden hier ook beleidstoevoegingen opgenomen met een investeringskarakter. Deze nieuwe investeringen zijn vanaf nu opgenomen in het Meerjaren Investeringsplan, in bijlage 2b.
Tarieven In het financieel meerjarenperspectief bij de kaderbrief voor de begroting 2023 zijn geen nieuwe autonome belastingontwikkelingen voorzien buiten de jaarlijkse aanpassing aan de inflatieontwikkeling. In afwijking van voorgaande jaren zal in deze bestuursperiode gewerkt worden met een driejaarsgemiddelde in plaats van het vijfjaarsgemiddelde. Hiermee volgen de inkomsten beter en sneller de werkelijke ontwikkeling van de inflatie (al is er nog steeds een vertraging van circa 2 jaar), waardoor we het huidige voorzieningenniveau kunnen behouden zonder grote ombuigingen. Voor 2023 is het percentage voor de inflatieontwikkeling vastgesteld op 3,25%. Dit geldt voor alle belastingen (met uitzondering van de reclamebelasting), heffingen en leges tenzij er vanwege maximale kostendekkendheid of wettelijke maximumtarieven aanpassingen noodzakelijk zijn. Bij tarieven streven wij naar een kostendekkend tarief, waarbij wij zonodig een geleidelijke tariefontwikkeling voorstaan. Voor de rioolheffing is er sprake van een tariefsverhoging met 4% op basis van het in mei 2021 vastgestelde GRP. De tarieven van de grafrechten verhogen we vanaf 2019 jaarlijks met 7% (conform de notitie "kostendekkendheid grafrechten", raad van juli 2018). Op basis van de geactualiseerde kostenonderbouwing afvalstoffenheffing is er geen tariefsverhoging in 2023 noodzakelijk.
De kostenontwikkelingen worden binnen de scope van de heffing in voldoende mate gecompenseerd door de baten van gescheiden inzameling. Programma's: doelstellingen en speerpunten De raad bepaalt de programma-indeling van de begroting en stelt deze vast met betrekking tot de doelstellingen en speerpunten. Deze zijn op basis van het coalitieakkoord tegen het licht gehouden en geactualiseerd. Daarbij zijn speerpunten vervallen, toegevoegd en/of geclusterd. Het onderdeel 'Wat gaan we ervoor doen' is volledig ondergebracht onder de speerpunten, om meer eenduidigheid te creëren en dubbelingen te voorkomen. In de programma’s is zo realistisch mogelijk aangegeven wat we in 2023 gaan doen. De huidige programma-indeling past niet meer bij het nieuwe coalitieakkoord en de doelstellingen voor de komende jaren. In 2023 maken we in samenwerking met de raad verdere stappen om de programma-indeling te verbeteren.
Beslispunten
Wij stellen u voor de Programmabegroting 2023 vast te stellen en daarmee: 1. opdracht te verlenen aan ons college tot uitvoering van de programma’s en de bijbehorende doelstellingen en speerpunten vast te stellen; 2. de bijbehorende budgetten per programma voor 2023 te autoriseren; 3. de voorgestelde aanwendingen en stortingen in de reserves en voorzieningen te autoriseren; 4. de belastingen, uitgezonderd de reclamebelasting, voor het jaar 2023 te verhogen met een inflatiecorrectie van 3,25%
6
5. de rioolheffing te verhogen met 4%, conform het in mei 2021 vastgestelde GRP; 6. de tarieven van de grafrechten te verhogen met 7%, conform Programmabegroting 2019; 7. de leges burgerzaken (binnen het kader van de landelijke maximumtarieven) te verhogen met een inflatiecorrectie van 3,25%; 8. akkoord te gaan met de uitvoering van de beleidstoevoegingen 2023 en de daarbij behorende lasten; 9. in te stemmen met het Meerjaren Investeringsplan, waaronder het investeringsplafond van € 42 miljoen voor de komende 3 jaar waarvoor jaarlijks een uitvoeringsplan zal worden opgesteld. In het uitvoeringsplan zal jaarlijks minimaal € 5,1 mln worden opgenomen voor de uitvoering van het wegenbeheerplan. Zie hiervoor bijlage 2b; 10. de geactualiseerde meerjarenraming 2024-2026 vast te stellen; 11. de mandaten op het gebied van strategische grondaankopen en instellen van voorbereidingskredieten ten behoeve van de grondexploitatie aan het college toe te kennen (zie hiervoor paragraaf 5); 12. in te stemmen met het voornemen om bij de jaarverslaggeving 2023 het incidentele begrotingstekort ad € 2,551 miljoen te onttrekken aan de algemene reserve.
7
Financiële begroting Inleiding
De begroting 2023 is opgesteld volgens de reguliere richtlijnen en uitgangspunten. Die zijn opgenomen in de Kaderbrief 2023-2026. De belangrijkste uitgangspunten zijn: Prijs- en loonontwikkeling op basis van een 3-jaarsgemiddelde; Voor de loonontwikkeling gebruiken we een percentage van 4,3%, en voor de prijs- en loonontwikkeling derden een percentage van 4,75%; Voor het jaar 2026 is een extra aanname gedaan van 50% van het verschil tussen de accresbedragen 2025 en 2026 (bovenop het bedrag op basis van de meicirculaire voor 2026). Dit naast het opnemen van een behoedzaamheidsstelpost van 15% van dit accresbedrag voor dat jaar; Voor de lokale heffingen is een indexering van 3,25% opgenomen. In de financiële begroting worden weergegeven: - een overzicht van baten en lasten per programma, voor en na resultaatbepaling, inclusief inzicht in kosten van overhead, algemene dekkingsmiddelen en de incidentele begrotingsruimte; - de meerjarenraming 2024-2026 en een toelichting hierop. Nieuw in deze programmabegroting is het Meerjaren Investeringsplan. In bijlage 2b vindt u het overzicht van alle investeringen, een toelichting en de status van het MIP.
Begroting 2023 Ontwikkelingen
Een groot deel van de gemeentelijke inkomsten komen van het Rijk via de algemene uitkering uit het gemeentefonds. Het Rijk actualiseert het gemeentefonds drie keer per jaar en communiceert dit via circulaires. De uitkomsten van de meicirculaire 2022 zijn verwerkt in deze programmabegroting. Uit die circulaire volgde een hoger positief beeld voor de jaren 2023 tot en met 2025 (zie ook Kaderbrief 2023-2026). Dit heeft als voornaamste oorzaak dat het Rijk meer uitgaf (vanwege de oorlog in de Oekraïne en het verhogen van het wettelijk minimumloon en de AOW). Als het Rijk meer uitgeeft, ontvangen gemeenten ook meer. Deze verhoging van inkomsten blijft echter beperkt tot en met 2025. Vanaf 2026 valt de algemene uitkering drastisch terug. Normaal gesproken stijgen de inkomsten structureel alle jaren, maar nu zijn de jaren vanaf 2026 vastgezet op een vast bedrag. Dat leidt ertoe dat we zorgvuldig met structurele uitgaven moeten omgaan, omdat die doorwerken in latere jaren. Het is nog onzeker hoe er in de toekomst met deze methodiek wordt omgegaan. Naast deze onzekerheid is er nog onduidelijkheid over de bezuiniging van het Rijk op het onderdeel jeugdzorg. Het kabinet heeft besloten om landelijk € 511 miljoen aan extra besparing op de jeugdzorg voor zijn rekening te nemen.
De besparing is een rijksverantwoordelijkheid en het Rijk is aan zet om de besparing in te vullen met (wettelijke) maatregelen. Voor de gemeente Barneveld gaat het om een bedrag van zo'n € 300.000, oplopend naar € 1,3 miljoen. In deze Programmabegroting is deze taakstelling neutraal opgenomen, omdat de verantwoordelijkheid bij het Rijk ligt. We zien als gemeente veel ontwikkelingen en extra maatschappelijke taken op ons af komen. Denk hierbij aan de Energietoeslag, de vluchtelingenopvang (uit Oekraïne, maar ook uit andere landen) en de woningbouwopgaven. Ook de komende periode zal dit invloed hebben op onze gemeente, samen met de bestaande krapte op de arbeidsmarkt. We presenteren een meerjarige, structureel sluitende begroting. Dit is van belang voor het toetsingskader van de provincie, waarbij wordt bepaald of er een repressief of preventief toezicht 8
wordt ingesteld. Daarnaast is er sprake van een reëel evenwicht, de ramingen zijn volledig, realistisch en haalbaar omdat loon- en prijsstijgingen en de algemene uitkering zijn verwerkt.
Overzicht baten en lasten per programma bedragen x € 1.000 Begroting 2023
Overzicht baten en lasten
Lasten
Baten
Saldo
- 130.031 - 60.056 - 5.298 - 58.048 - 6.629
39.445 10.752 924 23.869 3.900
- 90.587 - 49.304 - 4.374 - 34.179 - 2.729
- 29.054 - 1.631 - 27.323 - 100
113.437 113.008 429
84.383 111.377 - 26.894 - 100
- 159.085
152.882
- 6.204
Mutatie reserves Mutatie reserves
- 6.209
9.861
3.652
Mutatie reserves
- 6.209
9.861
3.652
- 165.294
162.743
- 2.551
Saldo van baten en lasten Programma's 1. Participatie en ondersteuning 2. Bedrijvigheid en bereikbaarheid 3. Woon- en leefomgeving 4. Bestuur en interne dienstverlening Alg. dekkingsmiddelen, overhead, vpb en onvoorzien Algemene dekkingsmiddelen Overhead Onvoorzien Saldo van baten en lasten
Totaal
Meerjarenraming 2023-2026 Meerjarenraming bedragen x € 1.000 Begroting 2023
MJR 2024
MJR 2025
MJR 2026
52
3
386
386
Totaal mutaties Kaderbrief 2023 per jaar (incl. 1e Tussenrapp.)
5.839
7.680
8.162
2.090
Prognose resultaat per begrotingsjaar bij Kaderbrief 2023
5.891
7.683
8.548
2.476
- 112 - 365 - 950 600 -8.129 - 276
- 112 - 365 - 950 600 - 39 -7.538 - 404
- 112 - 365 - 950 600 598 -4.421 -617
- 112 - 365 - 950 600 1.069 -3.587 -617
- 9.232
- 8.808
- 5.267
- 3.962
585
205
878 875 - 300 300 150
989 806 -1.300 1.300 150
556 -1.300 1.300 150
790
1.903
1.945
706
Meerjarenraming
Begrotingsresultaat Programmabegroting 2022
Mutaties t.o.v. voorgaand jaar Mutaties lasten 1. Autonome ontwikkelingen 2. Bijdrage VGGM 3. Heroverweging bezuinigingsmaatregelen 4. Nieuwe methodiek rente 5. Meerjaren Investerings Plan 6. Beleidstoevoegingen (lasten) 7. Financiële basis verder op orde Totaal mutaties lasten Mutaties baten 8. Stelpost accres algemene uitkering 9. Extra middelen jeugdzorg 100% 10.a. Stelpost bezuiniging jeugdzorg door Rijk 10.b. Stelpost bezuiniging jeugdzorg door Rijk - compensatie 11. Beleidstoevoegingen (baten) Totaal mutaties baten
9
Totaal mutaties
- 8.442
- 6.905
- 3.322
- 3.256
Prognose resultaat per begrotingsjaar
- 2.551
778
5.226
- 780
Waarvan incidenteel
- 4.910
- 1.052
4.128
- 786
Totaal Structureel resultaat
2.359
1.830
1.098
6
Toelichting meerjarenraming
1. Autonome ontwikkelingen Een aantal budgetten binnen het sociaal domein is bijgesteld. Dit hebben we zowel voor- als nadelig gedaan op basis van de laatste inzichten. Voor een deel zijn deze al incidenteel verwerkt in de eerste en tweede tussenrapportage van 2022. Het betreft hier de structurele doorwerking van onder andere het budget bijstandsverlening, leerlingenvervoer en de kosten jeugd (inclusief loon- en prijsbijstelling). 2. Bijdrage VGGM Dit is een extra bijdrage, op basis van de in juli vastgestelde begroting van de Veiligheids- en Gezondheidsregio Gelderland-Midden (VGGM). Het gaat hier vooral om: reguliere loon- en prijsbijstellingen; het actualiseren van wet- en regelgeving; ICT-veiligheid. 3. Heroverweging bezuinigingsmaatregelen Bij de programmabegrotingen van 2021 en 2022 zijn een aantal structurele maatregelen opgevoerd. Deze maatregelen zijn heroverwogen en met de kennis van nu past het niet meer om deze maatregelen door te voeren. In de tussenrapportages 2022 hebben we hierover gerapporteerd. Voor twee taakstellingen vinden we het prematuur om deze structureel te blijven verwerken. Het gaat hier om de maatregelen organisatie (nog € 700.000 openstaand van de totale maatregel € 1,4 miljoen) en de taakstelling Out-of-pocket (€ 250.000). Dit komt omdat we veel ontwikkelingen op ons af zien komen waar we op moeten reageren.
Denk hierbij aan de krapte op de arbeidsmarkt en extra werkzaamheden die we als gemeente moeten verrichten, zoals de energietoeslag en de vluchtelingenopvang. Tegelijkertijd willen we extra inzetten op het versterken van de realisatiekracht op korte termijn en zetten we in op het verminderen van kwetsbaarheid. Dit neemt niet weg dat we blijven inzetten op het maken van keuzes, efficiëntere werkprocessen en eerder opgenomen maatregelen. De voorgestelde beleidstoevoegingen zien hierop toe. Zie ook de paragraaf Bedrijfsvoering. 4. Nieuwe methodiek rente De methodiek van renteverantwoording en doorbelasting aan taakvelden en grondexploitatie hebben we vernieuwd. Voor 2023 hebben we deze opgebouwd op basis van de BBV-adviezen (Besluit Begroting en Verantwoording) en dwingende regelgeving. De belangrijkste wijziging is het niet meer berekenen van 'bespaarde rente' over het eigen vermogen (reserves en voorzieningen). Het BBV laat dit wel toe maar adviseert om dit niet meer te doen. Dit advies komt voort uit het oogpunt van transparantie en eenvoud. Het gevolg is dat de rente vanaf 2023 alleen bestaat uit het saldo van de rentelasten over externe financiering minus de rentebaten wegens verstrekte geldleningen en doorbelasting van rente aan de grondexploitatie. Dit saldo van rentelasten en -baten is aan de taakvelden toe te rekenen op basis van de boekwaarde van activa.
Deze toerekening is een neutraal proces omdat tegenover de lasten op de taakvelden bij Treasury een even grote opbrengst staat. Omdat in de gewijzigde methodiek geen 'bespaarde rente' meer ontstaat kan deze ook niet meer worden toegevoegd aan de Algemene Reserve. Hierdoor ontstaat het genoemde voordeel. 5. Meerjaren Investeringsplan Bij de Kaderbrief 2023-2026 werd op basis van een nog niet volledige inventarisatie uitgegaan van een oplopende kapitaallast door nieuwe en vervangingsinvesteringen tot een niveau van € 3,1 miljoen in 2026. Tegelijkertijd hebben wij de ontwikkeling van een Meerjaren Investeringsplan (MIP) in gang gezet. Dit plan bouwen we verder uit. Het helpt ons om de benodigde en gewenste investeringen de komende jaren inzichtelijk te maken. Hierbij valt te denken aan investeringen in
10
wegen, sport en onderwijs. Daarbij gaan we ervan uit dat alle investeringsvoorstellen zijn gebaseerd op een visie, besluit of beheerplan. De planning moet realistisch en haalbaar zijn. De afgelopen jaren hebben we gemerkt dat we in de praktijk meer willen dan we aankunnen. Dit heeft te maken met uitvoeringskracht en andere onvoorzienbare omstandigheden. Samen met de organisatie hebben we een meer realistisch uitvoeringsniveau vastgesteld. Dat is vervolgens vertaald naar een investeringsplafond. Voor de komende drie jaar gaan we uit van € 42 miljoen met een bijbehorende kapitaallast van € 2 miljoen in 2026. Hoe we dit gaan doen, is te lezen in de bijlage 'Meerjaren Investeringsplan'. Het investeringsplafond biedt ook de mogelijkheid om de onzekerheid over de inkomsten via de algemene uitkering vanaf 2026 op te vangen. Door het instellen van dit plafond dalen de kapitaallasten ten opzichte van de stand in de Kaderbrief. 6. en 11. Beleidstoevoegingen We hebben nieuwe beleidstoevoegingen voorgesteld. Deze zien vooral toe op het versterken van de realisatiekracht op korte termijn en het verminderen van kwetsbaarheid. Er zijn ook (landelijke) ontwikkelingen waar we als gemeente op inspelen en een rol in vervullen. Ze worden beschreven in de verschillende programma's en speerpunten, en ze zijn verzameld in bijlage 2. In de aanbieding is al een aantal voorbeelden gegeven per thema. 7.
Financiële basis verder op orde In 2023 geven we verder uitvoering aan het plan 'Barneveld Groeit!', waarbij ook aandacht is voor het strategischer maken van de bedrijfsvoering. In de begroting hebben we weer een slag gemaakt door de financiële basis op een aantal punten te verbeteren. Zoals vermeld onder nr 4 is de methodiek van de renteverantwoording en doorbelasting aan taakvelden en grondexploitatie vernieuwd. Hiermee vervalt ook de maatregel (“lagere rentetoevoeging” Algemene reserve) zoals opgenomen in de programmabegroting ’21. Daarnaast was in de meerjarenbegroting een maatregel opgenomen vanuit de kadernota ’22 waarbij een deel van de incidentele begrotingsruimte werd ingezet als dekking. Bij een nadere analyse van de reserves en voorzieningen blijkt nu dat hier ook een onttrekking tegenover stond vanuit de algemene reserve. Deze maatregel hebben we gecorrigeerd. 8. Stelpost accres algemene uitkering In de Kaderbrief 2023-2026 is een behoedzaamheidsstelpost opgenomen van 15% van de accresbedragen. Deze was gebaseerd op de accresstijging van dat moment. In juni 2022 is bekend geworden dat het Ministerie van BZK (Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties) een deel van dit accres (het volumedeel) bevriest. Dit gaat zij doen voor een periode van vier jaar (2022-2025) op de stand van de Voorjaarsnota.
Hierdoor verbetert de stabiliteit van het geraamde accres en kan de behoedzaamheidsstelpost naar beneden worden bijgesteld. 9. Extra middelen jeugdzorg 100% De VNG (Vereniging van Nederlandse Gemeenten) heeft op 9 augustus de 'Afspraken jeugdmiddelen in meerjarenraming' gepubliceerd. Hierin is te lezen dat het Rijk, de VNG en het IPO (Interprovinciaal Overleg) hebben afgesproken dat gemeenten de extra rijksbijdragen voor de jeugdzorg mogen opnemen. Dit mogen zij doen voor de jaren 2024, 2025 en 2026. In de begroting 2022 mochten de gemeenten nog 75% opnemen. Voor de jaren na 2026 blijft onduidelijk of gemeenten 100% mogen ramen of 75%. Deze jaren zijn nog niet opgenomen in de richtlijnen van de provinciaal toezichthouder. 10. a. en b. Stelpost bezuiniging jeugdzorg door Rijk Het kabinet heeft besloten om € 511 miljoen aan extra besparing op de jeugdzorg voor haar rekening te nemen. Het gaat hier om een extra besparing in het jeugddomein van € 100 miljoen in 2024. In 2025 en 2026 zal dit oplopen naar € 500 miljoen. Vanaf 2027 zal dit structureel € 511 miljoen zijn. De besparing is een rijksverantwoordelijkheid. Het Rijk is aan zet om de besparing in te vullen met (wettelijke) maatregelen. Dit gaat zij doen als aanvulling op de beoogde Hervormingsagenda. Voor de gemeente Barneveld gaat het om een bedrag van zo'n € 300.000, oplopend naar € 1,3 miljoen.
Omdat we hierop gekort worden in het gemeentefonds, laten we deze korting hier zien. We verwerken deze neutraal omdat de verantwoordelijkheid bij het Rijk ligt.
11
Incidentele baten en lasten en structureel evenwicht bedragen x € 1.000 Begroting 2023
MJR 2024
MJR 2025
MJR 2026
- 159.085 152.882 - 6.204
- 157.740 156.154 - 1.586
- 154.467 159.056 4.589
- 154.475 153.058 - 1.416
Mutatie reserves Stortingen reserves Onttrekkingen reserves Mutatie reserves
- 6.209 9.861 3.652
- 5.527 7.891 2.364
- 2.555 3.192 638
- 1.496 2.133 638
Resultaat
- 2.551
778
5.226
- 779
Af: incidentele baten en lasten Incidentele lasten Incidentele baten Incidentele stortingen Incidentele onttrekkingen Af: incidentele baten en lasten
- 9.913 2.015 - 5.275 8.263 - 4.910
- 6.824 4.078 - 4.600 6.293 - 1.053
- 1.808 5.989 - 1.819 1.766 4.128
- 733 - 760 707 - 786
2.359
1.830
1.099
7
Structureel resultaat Saldo van baten en lasten Programma lasten Programma baten Saldo van baten en lasten
Totaal structureel resultaat
12
Programma's 1. Participatie & Ondersteuning
Inleiding Op sociaal gebied staat de gemeente Barneveld er goed voor. We doen het vergelijkbaar of beter dan het landelijke gemiddelde. Dit geldt voor de gemiddelde levensverwachting van inwoners, de sociale samenhang en het gebruik van sociale vangnetvoorzieningen. Toch zijn er ook aandachtspunten. Naast het sociaal domein, waar het draait om mensen, is het fysieke domein belangrijk: de leefomgeving van mensen. Er is een integrale aanpak nodig, waarin onder andere gekeken wordt naar veiligheid, luchtkwaliteit, duurzaamheid en wonen. Ontwikkelingen Groeien naar Zelfstandigheid De nasleep van de coronacrisis vraagt aandacht. Er zijn onderwijsachterstanden en de mentale gezondheid van jongeren staat onder druk. Onder andere met het Nationaal Programma Onderwijs wordt hier in samenwerking met scholen aan gewerkt. Ook het (overmatig) alcohol- en drugsgebruik onder jongeren en opgroeien in armoede vragen aandacht. Er wordt gewerkt aan een lokaal 'Gezonde Leefstijl'-akkoord. Het financiële risico voor de gemeente Barneveld is gedaald. Dit komt door de wijziging van het zogenoemde woonplaatsbeginsel in de jeugdzorg. Tegelijkertijd blijft de financiële beheersbaarheid van de uitgaven voor jeugdhulp een uitdaging; inhoudelijke verandering blijft nodig. Landelijk is een hervorming van de jeugdzorg aangekondigd.
Meedoen naar Vermogen Door inflatie en stijgende woonlasten neemt de financiële problematiek in huishoudens toe; bestaanszekerheid staat onder druk. Het Rijk heeft tijdens Prinsjesdag koopkrachtmaatregelen aangekondigd. Het is belangrijk dat schulden zo vroeg mogelijk worden gesignaleerd en hulp wordt verleend. Dit geldt ook voor laaggeletterdheid. Veel mensen hebben moeite met lezen, schrijven, rekenen of computervaardigheden. Dat zijn er meer dan op het eerste gezicht lijkt. Er is krapte op de arbeidsmarkt. Ook binnen het bijstandsbestand zien we deze ontwikkeling. Er zijn minder mensen die een uitkering aanvragen. Mensen die arbeidspotentieel hebben, stromen relatief snel en makkelijk uit richting een baan. Een groot deel van de uitkeringsgerechtigden is een langere tijd afhankelijk van ondersteuning, omdat zij een grotere afstand tot de arbeidsmarkt hebben. Deze tijd wordt gebruikt om betaald werk of een andere vorm van meedoen te vinden en behouden. We werken als gemeente aan een goede relatie tussen overheid en inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties. Iedereen telt mee, hoort erbij en moet mee kunnen doen. Ook nieuwkomers in de Barneveldse samenleving en mensen met een beperking. Belangrijk is dat bevolkingsgroepen niet tegenover elkaar komen te staan en criminaliteit zo weinig mogelijk kans krijgt.
Samenredzaamheid is een groot goed in de gemeente Barneveld. Voorzieningen voor onderwijs, cultuur en sport dragen hieraan bij. Tegelijkertijd bevorderen we door middel van maatschappelijk werk en bemoeizorg de zelfredzaamheid van mensen die dit nodig hebben.
Samen Oud Worden Het aantal huishoudens met 75-plussers zal de komende twintig jaar ruim verdubbelen. Gelukkig blijven mensen over het algemeen langer vitaal. Toch zal het aantal kwetsbare ouderen in absolute zin toenemen. Ook deze inwoners willen over het algemeen zo lang mogelijk zelfstandig thuis blijven wonen. De vraag is in hoeverre de gemeentelijke uitgaven voor ondersteunende voorzieningen mee kunnen groeien. De eigen bijdrage voor huishoudelijke ondersteuning wordt weer inkomensafhankelijk. Dit heeft het Rijk aangekondigd en gaat in vanaf 2025. We verwachten dat hierdoor de instroom van cliënten zal verminderen. Ook in de zorg en ondersteuning zijn er personeelstekorten. Meer en efficiëntere samenwerking is nodig en er zal minder sprake kunnen zijn van keuzevrijheid. Mantelzorg en andere vormen van
13
omzien naar elkaar en onderlinge zorgzaamheid worden nog belangrijker. De gemeente blijft dit ondersteunen. Ook omdat een toename van eenzaamheid in de samenleving een risico is. Onder de noemer 'Aandacht voor elkaar' blijft Welzijn Barneveld hier aandacht aan besteden.
Opvang en ondersteuning Oekraïense vluchtelingen We verwachten dat we het komende jaar opvang moeten blijven organiseren voor Oekraïense vluchtelingen. Dit gaat gepaard met alle overige ondersteuning die daarbij hoort. Het Rijk geeft aan dat dit voor gemeenten budgetneutraal moet gebeuren. Deze werkzaamheden behoren normaal niet tot onze basistaken. Het bieden van ondersteuning vraagt veel van onze organisatie. We hebben voor de opvanglocaties een locatiemanager aangenomen en hij blijft zolang als dat nodig is. Gezien de langdurige ondersteuning en inzet die dit vraagt van gemeenten, proberen we in 2023 de ondersteuningstaken zoveel mogelijk te integreren in ons reguliere werk.
Wat willen we bereiken? De gemeente Barneveld wil dat inwoners voldoende kansen krijgen om deel te nemen aan de samenleving. Dit doen we door zelfstandigheid te ontwikkelen en te bevorderen. We streven naar een samenleving waarin iedere inwoner naar vermogen meedoet. Dit is een samenleving waarin mensen zich met elkaar verbonden weten. En we zorgen voor een professioneel vangnet. Eigen verantwoordelijkheid en zelfredzaamheid vormen hierbij het uitgangspunt. Omzien naar elkaar en onderlinge zorgzaamheid zijn van groot belang. Hierin zit de drieslag zelf – samen – gemeente. Voor beleid en uitvoering binnen het sociaal domein geldt ons motto: op eigen kracht waar mogelijk, ondersteuning en hulp indien nodig. Om de samenredzame samenleving verder vorm te geven zetten we in op: mogelijkheden voor zelfontplooiing en talentontwikkeling; versterken van de sociale cohesie tussen groepen en individuen in de samenleving; signaleren van hulpvragen in de samenleving; zorgvuldig omgaan met onze vrijwilligers en mantelzorgers; ervoor zorgen dat iedere inwoner de benodigde hulp en ondersteuning daadwerkelijk en tijdig krijgt. De gemeente streeft daarbij naar een sociaal en betaalbaar gevarieerd voorzieningenaanbod. Dit aanbod bestaat uit onderwijs, sport, cultuur en hulp & ondersteuning. Een aanbod dat meebeweegt met de behoeften en de mogelijkheden van de inwoners.
Waarbij de situatie, specifiek per dorp, wijk of buurt, kan verschillen. De behoefte aan voorzieningen bepalen we aan de hand van demografische gegevens en kengetallen. Daarbij gaan we ook in overleg met de samenleving. Om zo een passend en gevarieerd aanbod te borgen. Als gemeente staan we open voor burgerinitiatieven.
Wat gaan we daarvoor doen? 1.1 Zelfredzame inwoners 113 Maatschappelijke zorg Speerpunt Iedereen kan meedoen
Doel (lange Meer (kwetsbare) inwoners kunnen meedoen aan de samenleving termijn)
14
Inclusieagenda We dragen zorg voor een toegankelijke samenleving die voor iedereen inclusief is. Bij inclusie gaat het om fysieke én sociale toegankelijkheid. Het gaat er dan om dat iedereen gelijke kansen heeft en volwaardig kan meedoen aan de samenleving. Los van beperking, gender, geaardheid of levensovertuiging. Door het opstellen van de Lokale Inclusie Agenda voldoen we aan de ratificatie van het VN-verdrag (wettelijke verplichting). In deze agenda worden doelstellingen en activiteiten opgenomen. We inventariseren en prioriteren deze thema's. Dit doen we samen met de Gehandicaptenraad en Adviesraad Sociaal Domein.
Impuls armoedebeleid Meedoen is belangrijk en moet ook voor inwoners met een kleine beurs mogelijk zijn. We zetten in op: het verder tegengaan van armoede en schuldenproblematiek; het halveren van het percentage kinderen dat opgroeit in armoede. Hiermee delen we de landelijke ambitie en we sluiten hierbij aan op lokale initiatieven.
Inhoud
We willen inwoners met betalingsachterstanden eerder in beeld krijgen. Door dit vroeg te signaleren kunnen we problematische schulden voorkomen. Gespreksvoerders schuldhulpverlening en maatschappelijk werkers benaderen inwoners op 'outreachende' wijze. Dit doen zij via gezamenlijke huisbezoeken. Wij investeren hierin met extra capaciteit. Daarnaast gaan we investeren in meer preventieactiviteiten. Eén op de elf inwoners heeft moeite met lezen, schrijven, rekenen en/of digitale vaardigheden. Hierdoor lopen zij een verhoogd risico op schulden. Daarnaast zijn er minder mogelijkheden tot het verbeteren van de inkomenspositie en hebben zij ook vaker te maken met gezondheidsproblemen. Het is gebleken dat het moeilijk is om deze mensen te bereiken. Vaak schamen zij zich en hebben zij een manier ontwikkeld om hun moeilijkheden te verbergen. Deze schaamte willen we doorbreken. Dit willen we bereiken door extra in te zetten op het beter herkennen en signaleren van laaggeletterdheid. Zo kunnen we het gesprek aangaan. De extra inzet is bijvoorbeeld het aanbieden van een training hierover aan medewerkers. Het Taalhuis en de daarin werkzame coördinator en docent spelen daarin een belangrijke rol.
Inburgering In het kader van de Wet inburgering 2021 voeren we regie op de inburgering van nieuwkomers in onze gemeente. We willen nieuwkomers zo snel mogelijk laten meedoen in de maatschappij. Het liefst via betaald werk. Dit willen we bereiken met een persoonlijk leertraject. We zetten in op duale trajecten (werken en leren). Daarnaast besteden we aandacht aan het vergroten van zelfredzaamheid en digitale vaardigheden.
Financiën
Voor de uitvoering van de Lokale Inclusie Agenda is € 25.000 extra budget opgenomen per jaar voor de jaren 2023, 2024 en 2025. (beleidstoevoeging) Voor de impuls in de aanpak van armoede en schulden is € 80.000 extra budget opgenomen in 2023 en 2024. Voor optimalisatie en intensivering van vroegsignalering en preventie van armoede en schulden is structureel extra budget opgenomen voor extra formatie schuldhulpverlening (€ 78.000) en maatschappelijk werk (€ 17.500). (beleidstoevoeging) De komende jaren kan extra ingezet worden op het bereiken van laaggeletterden en op het herkennen en signaleren van de moeilijkheden waarmee zij te maken hebben. Dit kunnen we doen met een jaarlijkse impuls van € 20.000 over de jaren 2023 en 2024 en € 10.000 over de jaren 2025 en 2026. Deze kosten kunnen gedekt worden vanuit de beschikbare rijksmiddelen. Deze mogen ingezet worden voor onderwijsachterstanden. Wij ontvangen voor de uitvoering van de Wet inburgering 2021 geld vanuit het Rijk.
15
Planning
Heel 2023 Zonder duidelijke inkadering en prioritering worden onderwerpen als inclusie en armoede breed en moeilijk concreet.
Risico’s
Realisatie van activiteiten of taken kan meer tijd kosten dan gedacht. Afhankelijk van de leerbaarheid en zelfredzaamheid van de deelnemers zal moeten blijken of de rijksmiddelen voor inburgering toereikend zijn.
1.2 Sociale en vitale samenleving 122 Sociaal-cultureel werk Speerpunt Cultuur- en Sportstimulering
Doel (lange Stimuleren van deelname aan en optimaliseren van de maatschappelijke slagkracht termijn) van sport en cultuur. Stimuleren culturele infrastructuur Cultuur verbindt, verrijkt en verwondert. We vinden het belangrijk dat cultuur toegankelijk is voor al onze inwoners. Ook voor wie dat minder vanzelfsprekend is. In Barneveld hebben we verschillende culturele organisaties en verenigingen. Zij vormen samen de culturele infrastructuur. Deze infrastructuur verzorgt het aanbod voor onze inwoners. In 2023 gaan we door met het versterken van deze infrastructuur. Dit doen we samen met de combinatiefunctionarissen cultuur van Be Active & Creative. We hebben als doel dat alle inwoners worden gestimuleerd om deel te nemen aan cultuur. Dit doen we op verschillende manieren: we financieren via het maatschappelijk cultuurfonds verschillende cultureelmaatschappelijke projecten en initiatieven; we zetten ons samen met basisscholen en cultuuraanbieders in om iedere leerling cultuureducatie te kunnen bieden. Via het convenant cultuureducatie stimuleren we scholen om cultuureducatie structureel op te nemen in hun onderwijsprogramma; we moedigen cultuuraanbieders aan om zich verder te ontwikkelen op het gebied van samenwerking, innovatie en cultureel ondernemerschap. Hiernaast zetten we ons vanaf 2023 aanvullend in om de toekomstbestendigheid van het Museum Nairac te borgen.
Het museum is een belangrijke gemeentelijke cultuurpartner en drager van ons cultureel erfgoed. Daarnaast ontvangt de Muziekschool aanvullende middelen om het lesaanbod in de kernen te borgen en de samenwerking met andere culturele en maatschappelijke partners te verstevigen. Ook stimuleren we meer amateurverenigingen en maatschappelijke organisaties om laagdrempelig te kunnen optreden in het Schaffelaartheater. Hiermee verhogen we de maatschappelijke bezetting van het pand. Tot slot verkennen we de samenwerkingsmogelijkheden tussen volksuniversiteit Barnevue en de bibliotheek.
Inhoud
Op het moment is cultuur qua beleid onderdeel van het beleidsplan Sociaal Domein. We richten ons hierin vooral op cultuureducatie en -participatie. Maar ook buiten het sociaal domein is veel cultuur, denk bijvoorbeeld aan: kunst in de openbare ruimte; erfgoed en monumenten; cultuur en toerisme; cultuur en ruimtelijke kwaliteit. Een integrale cultuurvisie, waarin al die cultuuraspecten aan bod komen, is daarom van belang. In deze integrale visie spelen de gemeentelijke doelstellingen en prioriteiten een bepalende rol en is er aandacht voor de verschillende waarden van cultuur: maatschappelijk, artistiek, economisch, ruimtelijk en historisch. Hiervoor is het nodig om de lokale culturele infrastructuur zo goed mogelijk in kaart te brengen. Een integrale cultuurvisie biedt inwoners, cultuuraanbieders en de gemeente handvatten om samen verder te kunnen bouwen. Zo kunnen we in Barneveld een bloeiende culturele infrastructuur realiseren.
16
Sportinfrastructuur behouden en versterken waar mogelijk Het sport- en beweegakkoord is een mooi vliegwiel geweest om nieuwe sportieve initiatieven te ontplooien. Vanuit het Rijk is dit ook gezien. Daarom komt er een vervolg op de regeling Sportakkoord van 2023 tot en met 2026. Ook de Brede Regeling Combinatiefuncties zet het Rijk, in een andere vorm, voort. Dat betekent dat we met de inzet van de buurtsportcoaches blijven werken aan de volgende ambities. Vitale sport- en beweegaanbieders: om via sterke verenigingen het sportplezier te verhogen wordt ook, in de vorm van een pilot en met medefinanciering van een sportbond, een clubcoach ingezet; Inclusief sporten en bewegen: sport en bewegen moet voor iedereen toegankelijk zijn. We houden rekening met beperkingen op bijvoorbeeld het fysieke en mentale vlak. Maar ook financieel gezien moeten sport en bewegen toegankelijk zijn en blijven; Jeugd vaardig in beweging: de lijn doorzetten waarin jongeren op vroege leeftijd via school kennismaken met een divers sport- en beweegaanbod. Zo kunnen mensen plezier in sport en bewegen ervaren en dit een leven lang blijven doen; Sport en bewegen in de openbare ruimte: mogelijkheden voor sport en bewegen meer integreren in het dagelijkse leven, waarbij de leefomgeving uitnodigt tot sport en bewegen.
Be Active & Creative Het college heeft in principe besloten tot verzelfstandiging van Be Active & Creative. Dit betekent dat zij dan als zelfstandige stichting opereert en daarmee ook zelf verantwoordelijk is voor de bedrijfsvoering. Het is niet realistisch te verwachten dat er vanuit de bestaande budgetten nieuwe bedrijfsvoerings- en oprichtingskosten kunnen worden gedekt. Hierbij valt te denken aan de profilering van de nieuwe organisatie in de vorm van pr, communicatie en huisstijl. Maar ook aan het voeren van een eigen administratie, accountantskosten en oprichtingskosten. Daarbij is uit de verrichte onderzoeken uit 2021 geconcludeerd dat er nog verder in het team geïnvesteerd moet worden. Om deze verandering, gelijk vanaf de start, vorm te kunnen geven, is het noodzakelijk dat er een extra scholingsbudget wordt vrijgemaakt. De nieuwe directeur-bestuurder krijgt een opdracht mee. Deze wordt gevraagd om in de jaren 2023-2024 een visie te ontwikkelen om de genoemde zaken structureel op te zetten en te borgen.
17
Financiën
Cultuur Voor cultuureducatie en -participatie is structureel budget aanwezig in de begroting. Voor het borgen van de toekomstbestendigheid van Museum Nairac is aanvullend structureel € 45.000 vanaf 2023 opgenomen. (beleidstoevoeging, onder programma 3) Voor de impuls Muziekschool ten behoeve van het lesaanbod in de kernen en de maatschappelijke samenwerking, is aanvullend structureel € 20.000 vanaf 2023 en € 50.000 vanaf 2024 opgenomen. (beleidstoevoeging, onder programma 3) Voor het uitbreiden van de voucherregeling Schaffelaartheater is structureel € 10.000 vanaf 2023 en € 20.000 vanaf 2024 opgenomen. (beleidstoevoeging, onder programma 3) Voor het ontwikkelen van de integrale cultuurvisie is incidenteel € 60.000 benodigd, verdeeld over 2023 en 2024. Daarvan kan € 20.000 worden gedekt uit al aanwezig budget in de begroting. Aanvullend budget van € 40.000 is opgenomen, verdeeld over 2023 en 2024. (beleidstoevoeging) Sport en bewegen Voor de uitvoering van het sport- en beweegakkoord is de verwachting dat we incidenteel middelen ontvangen van het Rijk. De voortzetting van de inzet van buurtsportcoaches wordt gefinancierd vanuit Rijksmiddelen en bestaande eigen middelen.
Planning Risico’s
Be Active & Creative Voor de inrichting van het verzelfstandigde Be Active & Creative is incidenteel extra budget van € 50.000 in 2023 en 2024 opgenomen. (beleidstoevoeging) Heel 2023 Sinds de coronacrisis hebben culturele voorzieningen te maken met minder leden, vrijwilligers en/of bezoekers. Of en wanneer we op het oude niveau terugkeren, is op dit moment nog onduidelijk. Het is de vraag in hoeverre sportverenigingen ervoor openstaan om een meer maatschappelijke rol te vervullen.
123 Volksgezondheid en preventie Speerpunt Veilig en gezond opgroeien en samenleven
Doel (lange termijn)
Meer veiligheid, gezondheid en welzijn voor jong en oud
Procesregie zorg & veiligheid en aanpak ondermijning Misstanden zoals arbeidsuitbuiting en mensenhandel kennen een juridische/strafrechtelijke en sociale kant. Bij dergelijke misstanden is een verbinding tussen zorg- en veiligheidsaanpak en adequate (casus)regie van belang. Daarom gaan we niet alleen het veiligheids- en handelingsbewustzijn en de zelfredzaamheid van onze inwoners versterken, maar ook de gemeentelijke informatiepositie versterken. Dit doen we door middel van: coördinatie van diverse taakgebieden in onze organisatie; voorbereiding op integrale controles; verrijking van binnenkomende meldingen; opvolging van aanbevelingen uit de weerbaarheidsscan, zoals een boa (buitengewoon opsporingsambtenaar) met taakaccent ondermijning; uitvoering van het beleidsplan mensenhandel. Samen met alle veiligheidspartners willen we ook een veiligheidsdag organiseren. Dit willen we doen voor alle inwoners van de gemeente met verschillende demonstraties en een grote veiligheidsmarkt. Aanpak gezonde leefstijl en middelengebruik
18
Roken, overgewicht en probleemdrinken zijn samen de grootste oorzaak van ziekte in Nederland. Daarom werd in 2018 een Nationaal Preventieakkoord gesloten. In het verlengde van dit akkoord sluiten we met lokale organisaties het Gezonde Leefstijlakkoord Barneveld af. De uitvoering gaat in 2023 van start. Het Gezonde Leefstijlakkoord Barneveld is geen gemeentelijk beleidsplan, maar een akkoord met lokale maatschappelijke organisaties. De gemeente is hierin één van de partners. In het akkoord wordt dan ook samen met lokale partners besloten aan welke activiteiten het budget wordt besteed. Voor de preventie van middelengebruik – in brede zin – ontwikkelen we een plan van aanpak. Hierin is ook aandacht voor de mentale gesteldheid van jongeren. Bij de ontwikkeling van het plan van aanpak maken we de koppeling met het ketenbeleid en het Gezonde Leefstijlakkoord. Daarnaast geven we in dit plan van aanpak een vervolg aan het Actieplan alcohol in het verkeer. Het huidige plan loopt eind 2022 af. Met incidentele middelen vanuit het Rijk vanwege de coronacrisis is een extra jongerenwerker aangesteld. Uit onderzoeken blijkt dat de coronalockdowns vooral impact hebben gehad op de ontwikkeling van jongeren. De mentale gezondheid en weerbaarheid van jongeren vragen blijvende aandacht.
Lokale ontwikkel- en werkagenda met scholen Samen met scholen en maatschappelijke partners gaan we werken vanuit één lokale ontwikkel- en werkagenda. Er is geld om deze samenwerking vorm te geven en de ambities uit te voeren. Dit geld is afkomstig van het Nationaal Programma Onderwijs (NPO). De samenwerking zal plaatsvinden vanuit het gezamenlijke 'platform jeugd & onderwijs'. Dit platform wordt in 2023 uitgebreid met meer preventieve partners. Zo kan in brede allianties worden gewerkt aan de uitdagingen uit de ontwikkelagenda. Inhoud
Jeugdhulp en jeugdbescherming De coronacrisis heeft een enorme impact gehad op de ontwikkelingen binnen de jeugdhulp. Daarnaast is er vanaf 2022 geanticipeerd op een aantal veranderingen binnen het jeugdhulpveld. Er is een interne taskforce ingesteld om te komen tot een vervolgaanpak, met als gevolg een analyse op inhoud met een duiding van de kostenontwikkeling (inclusief een vergelijking met landelijke en regionale trends) en een herijking van het werkprogramma Jeugd. Op basis van de analyse zijn zorginhoudelijke prioriteiten binnen de specialistische jeugdhulp bepaald. De interne analyse heeft uitgewezen dat de thema’s ambulant (begeleiding en behandeling) en Jeugd-GGZ de grootste uitdagingen vormen binnen de specialistische jeugdhulp van Barneveld. Binnen deze thema’s zijn transformatieacties uitgewerkt voor 2023 en verder. Naast deze inhoudelijke prioriteiten binnen de specialistische jeugdhulp zijn diverse onderdelen van de jeugdhulp in kaart gebracht om zo keuzes uit het verleden weer opnieuw te waarderen. Door in te zoomen op onderdelen die relevant zijn in het jeugdhulpveld is een evaluatiebehoefte ontstaan met betrekking tot de: reikwijdte en effectiviteit van het ondersteuningsaanbod; inrichting van het preventief veld; toegang, regievoering en toewijzingsvariant. Het evaluatieonderzoek is inmiddels uitgezet bij een onafhankelijk bureau.
Op basis van de uitkomsten wordt een herijkt werkprogramma voor 2023 en de jaren daarna opgesteld. Verder zijn er ook verbeteringen nodig binnen de jeugdbescherming. De huidige jeugdbescherming is complex en knelt omdat er meerdere organisaties bij betrokken zijn die opeenvolgend (als estafette) en overlappend werken. Dit is belemmerend voor kinderen, ouders en professionals. Als gemeente Barneveld zijn we (samen met de regio Foodvalley) gestart met een ‘proeftuin’. Dit doen we om tot een eenvoudigere jeugdbescherming te komen. Bescherming die dichter bij het gezin is georganiseerd en leidt tot een betere hulpverlening aan de meest kwetsbare gezinnen waar 19
onveiligheid speelt.
Extra inzet ouderenwerk Met incidentele middelen vanuit het Rijk (vanwege de coronacrisis) is een welzijnsconsulent aangesteld. Deze leidt ouderen toe naar passende welzijnsactiviteiten. Dit gebeurt volgens de succesvolle methodiek ‘Welzijn op recept’. Hiermee wordt tevens de benodigde samenwerking tussen het medische en het sociale domein gerealiseerd. Dierenwelzijn De gemeente heeft een wettelijke taak om zorg te dragen voor het ophalen, vervoeren en opvangen van vermiste en gevonden zwerfdieren. De daadwerkelijke kosten voor de gemeente voor het opvangen van dieren in het dierenasiel, het vogelopvangcentrum, de kinderboerderij en de dierenarts zijn fors hoger dan tot nu toe betaald wordt. Blijvende extra inzet procesregie zorg & veiligheid en aanpak ondermijning vraagt € 170.000 in 2023, 2024 en 2025 en € 56.000 structureel voor een boa, waarvan € 40.000 gedekt wordt door rijksmiddelen voor ondermijning. De veiligheidsdag vraagt incidenteel extra budget van € 40.000. (beleidstoevoeging) Voor de uitvoering van het Gezonde Leefstijlakkoord is extra budget opgenomen van € 60.000 structureel, waarvan € 30.000 (incidenteel) wordt gedekt vanuit rijksmiddelen. Deze rijksmiddelen zijn vanaf 2024 een onzekere factor. Hierover vindt landelijk nog besluitvorming plaats. Als de rijksmiddelen vanaf 2024 niet beschikbaar zijn, zullen ambities en plannen moeten worden bijgesteld.
Voor het ontwikkelen en uitvoeren van een plan van aanpak rondom middelengebruik is een structurele beleidstoevoeging van € 60.000 opgenomen. Voor de vooralsnog tijdelijke impuls aan het jongerenwerk is een beleidstoevoeging van € 75.000 opgenomen voor 2023 en 2024. (beleidstoevoeging) Vanaf 2022 zijn de financiële situatie en uitgangspunten in het jeugdhulpveld Financiën veranderd. Gemeenten ontvangen inmiddels extra rijksmiddelen. Ook is het woonplaatsbeginsel aangepast. Hierdoor blijven de herkomstgemeenten van jongeren zelf verantwoordelijk voor de jeugdhulp en ontstaat er een nieuw kostenniveau. In 2023 en verder zal de relatie moeten blijken tussen de uitgaven en rijksmiddelen. In het regeerakkoord is daarnaast een extra besparing in het jeugddomein opgenomen met een omvang van € 100 miljoen in 2024, oplopend naar € 500 miljoen in 2025 en 2026, en structureel € 511 miljoen vanaf 2027. Het kabinet heeft besloten dat deze besparing een verantwoordelijkheid van het Rijk is. De extra impuls aan het ouderenwerk vraagt € 75.000 in 2023 en 2024. Hiervan wordt € 50.000 gedekt door de stelpost nieuw beleid voor ‘Waardig Ouder Worden’. Per saldo is een beleidstoevoeging opgenomen van € 25.000, vooralsnog voor twee jaar. (beleidstoevoeging) Voor de uitbreiding van ondersteuning voor dierenopvang is extra budget van € 23.000 structureel opgenomen.