Bijlage D1 OER Omgevingsvisie Barneveld 2040
Tekst van het document
Figuur 3.33: Rijksmonumenten (bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)
62
datum 12 maart 2025 projectnummer 0478907.100 betreft OER Omgevingsvisie Barneveld
Archeologie In het gebied ten oosten van de provinciale weg (N310) en ten noorden van de Apeldoornsestraat (N344) ligt de archeologische verwachting hoger dan in de rest van de gemeente. In dit gebied liggen ook verschillende archeologische rijksmonumenten. De archeologische verwachting is in deze regio middel tot hoog. In het westen van de gemeente is de archeologische verwachtingswaarde over het algemeen laag tot middel. Al liggen in dit gebied verspreid veel kleine gebieden met een hoge archeologische verwachting.
Figuur 3.34: Archeologische waarden- en verwachtingenkaart (bron: gemeente Barneveld, 2018)
Naast archeologische waarden zijn er ook aardkundige waarden in de gemeente aanwezig. Archeologische waarden komen voort uit menselijke sporen uit het verre verleden, zoals de aanwezigheid van gebruiksvoorwerpen. Aardkundige waarden zijn sporen in het landschap van hoe het landschap zich gevormd heeft door natuurlijke processen (zoals wind, water en ijs). Het oostelijk deel van de gemeente behoort tot een gebied dat van internationale waarde is door de aanwezige aardkundige waarden. Ten westen van de kern Voorthuizen ligt een aardkundig waardevol gebied dat van regionaal belang is. Rondom de kern Kootwijk is de aardkundige waarde van provinciaal belang. Het gaat hier om een stuwwalopduiking, omringd door stuifzand en grotendeels met dekzand bedekt.
Figuur 3.35: Aardkundige waarden in de gemeente Barneveld
63
datum 12 maart 2025 projectnummer 0478907.100 betreft OER Omgevingsvisie Barneveld
3.4.3
Trends en ontwikkelingen In de gemeente Barneveld spelen verschillende ontwikkelingen die een invloed hebben op het thema ‘Ruimtelijke kwaliteit’. De volgende ontwikkelingen spelen:
3.4.4
-
Ontwikkeling ruimtelijke kwaliteit De landschappelijke en cultuurhistorische waarden kunnen onder druk komen te staan door ontwikkelingen. Denk bijvoorbeeld aan stedelijke vernieuwing, nieuwe woonlocaties en de groei van (het aantal) vakantieparken. Tegelijkertijd staan landschap en cultuurhistorie steeds meer in de aandacht en, is er juist meer behoefte aan de beleving van het landschap en worden landschappelijke en cultuurhistorische waarden steeds meer als meerwaarde gezien voor ontwikkelingen.
-
Verduurzaming van het landschap Duurzaamheid speelt een prominente rol, met bijvoorbeeld de opkomst van zonneparken, windturbines en windwokkels als hernieuwbare energiebronnen. Deze ontwikkelingen hebben een impact op het landschap.
Beoordeling Kijkend naar landschap, cultuurhistorie en archeologie heeft de gemeente Barneveld een rijke ruimtelijke kwaliteit. Over tijd zijn bestaande cultuurhistorische waarden aangetast en nieuwe waarden geïntroduceerd. De groei van Barneveld in de twintigste eeuw en de daarbij horende nieuwe infrastructuur zijn ontwikkelingen die hun sporen in het landschap hebben nagelaten. In de gemeente Barneveld bestaan verschillende opgaven die om ruimte vragen, zoals de woningbouwopgave en de energietransitie. Dit kan er in theorie voor zorgen dat landschappelijke waarden verloren gaan. De manier waarop de opgaven worden ingevuld beïnvloeden de mate waarin nieuwe kwaliteiten aan het landschap worden toegevoegd of juist verloren gaan. Zonder duidelijke kaders en visie kan de ruimtelijke kwaliteit in de gemeente afnemen. Echter, het behoud van ruimtelijke kwaliteit staat op de Barneveldse agenda. Archeologie en cultuurhistorie zijn verankerd in bestemmingsplannen (gebaseerd op beleid en gemeentelijk kaartmateriaal). Op die manier wordt aan de bescherming van deze aspecten gewerkt. Bovendien wordt er gekeken op welke manier het beleid aanpassing behoeft in het kader van de aanstaande Omgevingswet.
64
datum 12 maart 2025 projectnummer 0478907.100 betreft OER Omgevingsvisie Barneveld
3.5
Energie en grondstoffen
3.5.1
Inleiding, beoordelingskader en beleid ‘Energie en grondstoffen’ is een breed thema. Het gaat om de omgang met verschillende bronnen. Zo is er naar het gebruik en de opwekking van energie gekeken, naar de uitstoot van CO2 en naar de mate waarin grondstoffen hergebruikt worden. Dat maakt het thema relevant met het oog op klimaat en duurzaamheid. Beoordelingskader Aspect Energie en grondstoffen
Criterium Energiegebruik
Streefwaarde Energieneutraal in 2050.
Duurzame energieopwekking
0,214 TWh opwekking gerealiseerd in 2030. Klimaatneutraal in 2050. 55% broeikasgasreductie in 2030 (t.o.v. 1990). Barneveld als ‘afvalloze’, circulaire gemeente.
CO2-uitstoot
Circulariteit
Gewenste beweging Beperking en verduurzaming energiegebruik. Toename zonneen windenergieopwekking. Afname CO2-uitstoot.
Het gebruik van primaire grondstoffen moet in 2030 met 50 procent zijn teruggebracht.
Beleid Kader
Belangrijkste uitgangspunten
De Nationale Omgevingsvisie (NOVI)
De NOVI is de langetermijnvisie van het Rijk op de ontwikkeling van de Nederlandse leefomgeving, tot 2050. Ruimte voor de energietransitie wordt een prioriteit van nationaal belang genoemd. Het Rijk, de provincies en de gemeenten zijn samen verantwoordelijk voor de invulling hiervan.
Provinciale Omgevingsvisie (POVI) Gelderland
Gelderland stelt klimaatdoelen in de POVI. De provincie streeft naar volledige klimaatneutraliteit in 2050. Voor 2030 heeft de provincie een tussendoel: de realisatie van 55 procent broeikasgasreductie (ten opzichte van 1990). Dat betekent dat Gelderland in 2030 verder wil zijn dan landelijk is afgesproken (reductie van 49 procent). De provincie wil dit bereiken door grootschalige energiebesparing en energieopwekking uit verschillende duurzame bronnen, zoals wind, zon, waterkracht, biomassa en bodemenergie. Daarnaast wil Gelderland de eerste afvalloze provincie van Nederland zijn. Het is daarvoor van belang dat grondstoffen blijvend hun waarde behouden in de Gelderse industrie. Het gebruik van primaire grondstoffen moet in 2030 met 50 procent zijn teruggebracht.
Regionale Energiestrategie (RES) 1.0 Foodvalley
De gemeente Barneveld is één van de acht gemeenten in Regio Foodvalley. In dit regionale visiedocument is gesteld dat de Regio Foodvalley in 2050 energieneutraal moet zijn. Dat betekent dat er evenveel energie opgewekt als gebruikt wordt. Energiebesparing is ook in de RES 1.0 als eerste belangrijke stap genoemd. Regio Foodvalley streeft ieder jaar naar minimaal 1,5 procent meer energiebesparing. Daarnaast stelt de regio zich maximaal in te spannen om in 2030 voor 0,75 TWh aan duurzame opwekking van elektriciteit te realiseren. Dan draagt Regio Foodvalley naar vermogen bij aan het landelijke doel van 35 TWh. Echter, de ambitie in de RES gaat een stap verder: 1 TWh in Regio Foodvalley in 2030. Samenvattend zijn dit de uitgangspunten voor de uitwerking van de strategie tot 2030: Energieclusters: • Duurzame opwekking zoveel mogelijk concentreren in energieclusters. • Bij voorkeur nabij infrastructuur en/of bedrijventerreinen. • Daken en restgronden in nabijheid van clusters maximaal benutten voor zon. Landelijk gebied: • Restgronden en daken waar mogelijk maximaal benutten voor zon. • Bestaand beleid zon op land is vertrekpunt. • Zon op agrarische grond regionaal begrenzen. • Voorkeur voor minder waardevolle landbouwgrond. • Natuurwaarden en -gebieden beschermen. Gebouwde omgeving:
65
datum 12 maart 2025 projectnummer 0478907.100 betreft OER Omgevingsvisie Barneveld
• • • •
1,5 procent energiebesparing per jaar. Zon op geschikte daken, investeren in netcapaciteit. Warmtetransitie in RES 2.0 verder uitwerken op basis van transitievisies warmte. Bedrijventerreinen: kansen op daken benutten en evt. kleine windmolens.
De totale nog te realiseren duurzame opwekkingsopgave in Barneveld bedraagt 0,214 TWh. Deze opgave moet in 2030 zijn behaald. In de Structuurvisie Wind en de Barneveldse Zonneladder zet de gemeente Barneveld uiteen hoe zij omgaat met het ontwikkelen van wind- en zonenergie in de gemeente.
3.5.2
Structuurvisie Wind (2021)
Deze visie is gericht op nieuwe windturbines. De ‘windopgave’ is op 0,038 TWh per jaar gesteld. Deze opgave moet in 2030 zijn behaald. Dit zijn de uitgangspunten: Tijdig en voldoende windenergie. Omgevingseffecten minimaliseren en goede landschappelijke inpassing. Proces met ruimte voor (financiële) participatie.
De Barneveldse Zonneladder (2021)
Algemene doelstelling is dat er in 2030 650.000 zonnepanelen in Barneveld liggen (12 tot 15 procent van de energiebehoefte). Met name zon op dak wordt door de gemeente actief gestimuleerd.
Strategische Visie Barneveld 2030
De gemeente Barneveld voelt de urgentie om een bijdrage te leveren aan een schone, betrouwbare en betaalbare energievoorziening en heeft een besparingsdoel vastgesteld dat hoger ligt dan het landelijke doel/RES-doel: 2 procent energiebesparing per jaar (in plaats van 1,5).
Concept: Programmaplan Duurzaamheid: Duurzaam Barneveld
In dit beleidsdocument uit 2022 kiest de gemeente er onder andere voor om de circulaire economie en bio based kringlopen leidend te laten zijn bij nieuwe ontwikkelingen. Dat betekent dat het gebruik van nieuwe grondstoffen minimaal is en dat Barneveld maximaal inzet op (waardevast) hergebruik.
Warmtevisie Barneveld (2021)
De gemeente vindt het belangrijk dat de nieuwe warmte-/energievoorziening betrouwbaar, veilig, betaalbaar en duurzaam is. Barneveld zet eerst in op isoleren en energie besparen. In verkenningsgebieden gaat de gemeente kijken of en hoe het gebied van het gas af kan. Vanaf 2030 gaan gebieden van het gas af.
Strategieplan Grondstoffen 2020-2024
Barneveld streeft naar maximaal 70 kilo restafval per inwoner in 2024. Daarnaast stelt Barneveld de ambitie om de kwaliteit van grondstoffen te verbeteren naar minder dan 5 procent vervuiling. De gemeente zet daarvoor in op afval voorkomen en afvalscheiding.
Huidige situatie Energiegebruik Het gemiddeld gasverbruik van woningen is de afgelopen jaren afgenomen. Die trend is zowel in Nederland in zijn geheel als in Barneveld te zien (Figuur 3.36). Wel lag het gemiddeld gasverbruik van woningen in Barneveld boven het nationaal gemiddelde.
66
datum 12 maart 2025 projectnummer 0478907.100 betreft OER Omgevingsvisie Barneveld
Figuur 3.36: Gemiddeld gasverbruik woningen (donkerblauw: Barneveld, lichtblauw: Nederland) (bron: CBS)
Kijkend naar de gegevens van heel Nederland, zijn de energielabels in Barneveld over het algemeen vrij gunstig (Figuur 3.37). De woningvoorraad is namelijk relatief jong. Het gemiddelde bouwjaar is namelijk 1984, t.o.v. 1970 gemiddeld in Nederland. Het hoge gemiddelde gasverbruik kan veroorzaakt worden door het feit dat de woningen in Barneveld relatief groot zijn: gemiddeld 133 m2 t.o.v. 116 m2 gemiddeld in Nederland.
Figuur 3.37: Energielabel woningen (bron: Rijksdienst voor Ondernemend Nederland)
Duurzame energieopwekking Figuur 3.38 toont het percentage bekende hernieuwbare elektriciteit in Barneveld ten opzichte van Nederland. In Barneveld lag het percentage in 2019 met 8,5 relatief laag. Wel is er de afgelopen jaren een groei zichtbaar.
67
datum 12 maart 2025 projectnummer 0478907.100 betreft OER Omgevingsvisie Barneveld
Figuur 3.38: Percentage bekende hernieuwbare elektriciteit (Klimaatmonitor, 2019)
De tabel hierboven toont de percentages tot en met 2019. De Barneveldse data over 2020 zijn echter al bekend. Het percentage hernieuwbare elektriciteit in de gemeente bedroeg toen 14,6%. De stijgende lijn is dus verder ingezet. Het aandeel woningen met zonnepanelen stijgt en ligt relatief hoog in Barneveld. In 2020 was ongeveer één op vijf woningen bedekt met zonnepanelen (Figuur 3.39). Mede daardoor ligt de hoeveelheid opgewekte zonneenergie in kWh per inwoner in Barneveld hoger dan gemiddeld (Figuur 3.40).
Figuur 3.39: Woningen met zonnepanelen (bron: CBS - Zonnestroom)
68
datum 12 maart 2025 projectnummer 0478907.100 betreft OER Omgevingsvisie Barneveld
Figuur 3.40: Opgewekte zonne-energie in kWh per inwoner (bron: NetAnders)
CO2-uitstoot In Figuur 3.41 is te zien dat de totale CO2-uitstoot in Nederland en in Barneveld de afgelopen jaren is afgenomen. De afname die in Barneveld te zien is, volgt de nationale trend.
Figuur 3.41: CO2-uitstoot in tonnen (blauw: Barneveld, rood: Nederland) (bron: Klimaatmonitor)
Figuur 3.42 toont de CO2-uitstoot uitgesplitst naar hoofdsectoren. Hier is te zien dat het deel dat door de sector ‘verkeer en vervoer’ uitgestoten wordt, in Barneveld relatief groot is. De sector ‘bedrijven en instellingen’ stoot ten opzichte van het Nederlands gemiddelde weinig uit.
69
datum 12 maart 2025 projectnummer 0478907.100 betreft OER Omgevingsvisie Barneveld
Figuur 3.42: Verdeling CO2-uitstoot per hoofdsector (2019) (bron: Klimaatmonitor)
Bureau Over Morgen heeft de broeikasgas-voetafdruk van Barneveld inzichtelijk gemaakt (Figuur 3.43). Te zien is dat 45 procent van de emissies energetisch zijn. Dat betekent dat 55 procent niet energetisch is. Niet-energetische uitstoot is uitstoot als gevolg van grondstofgebruik – en niet van energiegebruik. Het aandeel niet-energetische emissies is in heel Nederland is slechts 17 procent. Het grootste deel van de niet-energetische uitstoot in Barneveld is afkomstig van de landbouw en de afvalverwerking.
Figuur 3.43: Broeikasgas-voetafdruk Barneveld (bron: Over Morgen)
70
datum 12 maart 2025 projectnummer 0478907.100 betreft OER Omgevingsvisie Barneveld
Circulariteit Om het doel van 70 kg restafval per jaar in 2024 te bereiken, moet het gemiddelde omlaag. In 2020 lag het totale restafval per persoon gemiddeld op 125,4 kg (Figuur 3.44). Dit is wel lager dan het Nederlands gemiddelde. In 2018 is namelijk een forse daling ingezet. De afvalscheidingsdoelstelling van 75 procent (2016-2020) is namelijk gehaald, blijkt uit de Evaluatie Strategienota Huishoudelijk Afval.
Figuur 3.44: Totaal huishoudelijk restafval (bron: CBS) (rood: NL, blauw: Barneveld. De CBS-cijfers vanaf 2017 zijn ‘voorlopig’)
Momenteel staat er één windturbine in Barneveld. Het gaat om een kleine windturbine (ashoogte < 50 m) ten zuidwesten van bedrijventerrein Harselaar. Sinds 2021 lopen er onderzoeken en gesprekken, met het doel om meer windenergie rondom bedrijventerrein Harselaar te realiseren.
3.5.3
Trends en ontwikkelingen In de gemeente Barneveld spelen verschillende ontwikkelingen die een invloed hebben op het thema ‘Energie en grondstoffen’. De volgende ontwikkelingen spelen: -
Opwekking van duurzame energie en besparing Er zijn nationale en internationale klimaatdoelen gesteld en er is een sterke trend van verduurzaming zichtbaar. In het kader hiervan daalde de totale CO2-uitstoot de afgelopen jaren – die trend wordt naar verwachting voortgezet. Voor de productie van elektriciteit worden bijvoorbeeld meer duurzame bronnen en minder fossiele brandstof verbruikt. Hiervoor dient overal op een besparing van het energiegebruik ingezet te worden. Ook groeit het aandeel duurzaam opgewekte energie. Die energie wordt voor een groot deel opgewekt door zonnepanelen en windturbines. Maar ook andere duurzame vormen van opwekking zijn in opkomst, zoals waterkracht en bodemenergie.
-
Verduurzaming mobiliteit Het gebruik van duurzame mobiliteitsvormen neemt toe. Vanaf 2030 worden in Nederland alleen nog maar emissieloze nieuwe personenauto’s verkocht. Ook op het vlak van openbaar vervoer en vrachtwagens worden stappen gezet naar verduurzaming. De groei van het aantal elektrische voertuigen vraagt om een passende laadinfrastructuur. Daarnaast is het belangrijk om andere opties te blijven verkennen, zoals (vracht)verkeer op waterstof.
71
datum 12 maart 2025 projectnummer 0478907.100 betreft OER Omgevingsvisie Barneveld
3.5.4
-
Warmtetransitie De warmtetransitie houdt in dat de afhankelijkheid van aardgas wordt afgebouwd. In 2050 moeten alle woningen en andere gebouwen aardgasloos zijn. Het doel is dat voor het verwarmen van gebouwen dan gebruikt wordt van duurzame warmtebronnen, zoals groene stroom en duurzaam gas. In aanloop naar een aardgasvrije bebouwde omgeving is er een trend van isolatie en energiebesparing zichtbaar.
-
Netcongestie Netcongestie vormt ook in de gemeente Barneveld een probleem. Hiermee wordt bedoeld dat het elektriciteitsnet vol is. Het brengt uitdagingen met zich mee om nieuwe projecten die duurzame energie opwekken aan te sluiten, maar bijvoorbeeld ook grote energievragers van voldoende energie te voorzien. Voor aansluiting (invoeding) is er binnen de hele gemeente sprake van (aangekondigde) structurele congestie. Met name rond Kootwijkerbroek zit het elektriciteitsnet nu al structureel vol. Kijkend naar de afname van elektriciteit, is er ten noorden en oosten van de kern Barneveld sprake van congestie. Voor de rest van de gemeente dreigt transportschaarste.
Beoordeling Ook in Barneveld is de energietransitie inmiddels ingezet. Het gasverbruik daalt, er wordt meer duurzame energie opgewekt en de CO2-uitstoot neemt af. De situatie omtrent energie verbetert dus. Het is de verwachting dat deze positieve trend doorgezet wordt. Dat moet ook, om de gestelde energie- en klimaatdoelen te behalen. Er blijft de komende jaren veel werk aan de winkel op dit thema. In de toekomst komt ook circulariteit meer centraal te staan. Hoewel de hoeveelheid restafval in Barneveld krimpt, liggen er nog uitdagingen in bijvoorbeeld circulair bouwen. Circulaire materialen moeten meer en meer beschikbaar worden en worden toegepast. Ook het isoleren van (verouderde) woningen vormt een uitdaging in de komende jaren. Netcongestie is op verschillende plekken al een belemmerende factor, en kan dat in het komende decennium nog meer worden. Hoewel de trendgrafiek voor de afgelopen jaren een stijgende lijn toont, is de huidige situatie vrij negatief beoordeeld. De reden daarvoor is de grote en urgente energieopgave die in de komende decennia volbracht moet worden. Er is wereldwijd nog onvoldoende gedaan om een duurzame toekomst veilig te stellen. Er zullen de komende jaren forse stappen gezet moeten worden om blijvende negatieve effecten van klimaatverandering zoveel mogelijk in te perken.
De lijn in de trendgrafiek heeft betrekking op Barneveld, maar komt sterk overeen met de nationale trend.
72
datum 12 maart 2025 projectnummer 0478907.100 betreft OER Omgevingsvisie Barneveld
3.6
Gezonde leefomgeving
3.6.1
Inleiding, beoordelingskader en beleid Het milieu is van grote invloed op de gezondheid van mensen. Gezondheidsbescherming is relevant omdat de gezondheid van de mens onder druk staat door de aantasting van de milieukwaliteit. Blootstelling aan verschillende milieufactoren veroorzaakt naar schatting zo'n twee tot vijf procent van de totale ziektelast in Nederland. Beoordelingskader Aspect Gezonde leefomgeving
Criterium Luchtkwaliteit Geluid
Geur Omgevingsveiligheid
Streefwaarde WHO-advieswaarde fijnstof en stikstofdioxide. WHO-advieswaarde geluidsniveau.
Afwezigheid van klachten van geurhinder. Aanvaardbaar veiligheidsrisico.
Gewenste beweging Afname concentraties van fijnstof en stikstofdioxide. Afname geluidsniveau op plekken met (hoge) geluidsbelasting; terugdringen van ernstige hinder en slaapverstoring. Verminderen van bronnen van geurhinder. Terugdringen van fysieke veiligheidsrisico’s.
Beleid Kader Schone Akkoord
3.6.2
Belangrijkste uitgangspunten Lucht
Barneveld heeft in januari 2021 het nationale Schone Lucht Akkoord ondertekend. Het akkoord beoogt door een schonere lucht in 2030 een gezondheidswinst van 50 procent te bereiken in vergelijking met 2016. Een belangrijk deel van het akkoord voert Barneveld samen met de regio en de regiogemeenten uit.
Strategische Visie Barneveld 2030
Barneveld gaat meer sturen op het behoud van aanvaardbare achtergrondconcentraties van geur en fijnstof en verlaging waar deze concentraties nu (te) hoog zijn. Dit kan invloed hebben op keuzes voor de ontwikkeling van bestaande en nieuwe functies. Samen met de buurgemeenten, neemt Barneveld initiatief voor een plan van aanpak met betrekking tot het beheersen van achtergrondconcentraties van geur en fijnstof. Bij het opstellen en uitvoeren van het plan van aanpak hebben de agrarische belangenorganisaties ook een rol.
Hoofdlijnennotitie Barneveld 2040
Waar mogelijk, verbetert de gemeente de luchtkwaliteit. De gemeente pakt dit aan via het Manifest Gezonde Leefomgeving Veehouderij, met de oprichting van het Praktijkcentrum Emissiereductie en de toepassing van het Interimbeleid vergunningverlening (extra emissiereductie). Daarnaast houdt Barneveld rekening met een verdergaande emissiereductie van ammoniak/stikstof.
Coalitieakkoord Gemeente Barneveld 20222026
Barneveld wil voorkomen dat nieuwe veel fijnstof uitstotende bedrijven van buiten de gemeente Barneveld zich vestigen in de gemeente. De gemeente actualiseert het geurbeleid en onderzoekt daarbij aanvullende maatregelen op het gebied van geur, inclusief de financierbaarheid daarvan.
Huidige situatie Luchtkwaliteit Luchtvervuiling is een grensoverschrijdend probleem. Gezondheidsverlies door luchtkwaliteit komt voor 40 procent door bronnen uit Nederland, terwijl 36 procent van over de grens komt. Binnen Nederland veroorzaakt de landbouw 11 procent van het gezondheidsverlies (oftewel afname van levensverwachting) door luchtverontreiniging (Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, 2020). Deze percentages kunnen niet direct overgenomen worden voor de gemeente Barneveld, omdat luchtverontreiniging sterk beïnvloed is door de ligging van een gebied (bijvoorbeeld: de NO2-emmissie is door verkeer sterk verhoogd naast snelwegen).
73
datum 12 maart 2025 projectnummer 0478907.100 betreft OER Omgevingsvisie Barneveld
Er bestaan verschillende bronnen voor de emissie van fijnstof en stikstofdioxide. Met fijnstof worden alle stofdeeltjes in de lucht bedoeld. Het is een verzamelnaam van deeltjes van verschillende grootte. De twee belangrijkste ‘maten’ voor fijnstof zijn PM10 (Particulate Matter met een grootte tot 10 micrometer) en PM2,5. Figuur 3.45 toont een overzicht van de bronnen van deze stoffen voor de gemeente Barneveld. Voor fijnstof (PM10) is de landbouw is verantwoordelijk voor ongeveer twee derde van de uitstoot; de industrie is verantwoordelijk voor een zesde van de uitstoot. Daarnaast dragen verkeer/vervoer en consumenten bij aan de emissie van PM10. De grootste emissie van NO2 gebeurt door de sector ‘verkeer en vervoer’. Daarna draagt de landbouwsector het meest bij aan de emissie van NO2. Voor de uitstoot van PM2,5 zijn consumenten, de industrie, verkeer en vervoer en de landbouw verantwoordelijk. Tussen de verschillende luchtvervuilende stoffen is ook verschil in de bron binnen de landbouwsector. Fijnstof (PM10 en PM2,5) wordt voor een groot deel gegenereerd door het houden van pluimvee of varkens. De uitstoot van NO2 gebeurt met name door de aanwending van mest en compost, gevolgd door aardgasverbranding om te voldoen in het energiegebruik.
Figuur 3.45: Bronnen NO2, PM2,5 en PM10 in de gemeente Barneveld (bron: Emissieregistratie).
Blootstelling aan stikstofdioxide is nadelig voor de volksgezondheid. Voor fijnstof en stikstofdioxide zijn de grenswaarden van de EU en de World Health Organization (WHO) van toepassing. Deze zijn in Tabel 3.3 opgenomen. De afgelopen jaren zijn de gemiddelde concentraties fijnstof en stikstofdioxide gedaald in Nederland. Tabel 3.3: Normen voor luchtverontreinigende stoffen (jaargemiddelden) Stof
EU-grenswaarde
WHO-advieswaarde
PM2,5
25 µg/m3
5 µg/m3
PM10
40 µg/m3
15 µg/m3
NO2
40 µg/m3
10 µg/m3
Concentraties fijnstof zorgen ook voor gezondheidsschade. Er is geen bekende volledig veilige grenswaarde voor de hoeveelheid fijnstof in de lucht. In figuur 3.20 is de concentratie PM2,5 in Barneveld weergegeven. In de gehele gemeente ligt de waarde tussen 7 en 10 µg/m3. Ver onder de EU-grenswaarde van 25 µg/m3 dus. Richting de Veluwe is de concentratie het laagst. Wel ligt de concentratie PM2,5 overal boven de WHO-advieswaarde. Echter, de WHO-advieswaarde is op geen enkele plek in Nederland gehaald (RIVM, 2020).
74
datum 12 maart 2025 projectnummer 0478907.100 betreft OER Omgevingsvisie Barneveld
Figuur 3.46: Concentratie PM2,5 (bron: RIVM, 2020)
De concentratie PM10 ligt in de gemeente Barneveld op een paar plekken hoger dan 20 µg/m3 (figuur 3.21). Op de meeste plekken ligt de concentratie echter tussen 15 en 20 µg/m3. Overal wordt ruimschoots aan de EUgrenswaarde voldaan (40 µg/m3). In het uiterste oosten van de gemeente, op de Veluwe, wordt zelfs aan de WHOadvieswaarde voldaan. De concentratie ligt daar lager dan 15 µg/m3.
Figuur 3.47: Concentratie PM10 (bron: RIVM, 2020)
Ook de score van de NO2-concentratie in Barneveld is over het algemeen goed. Een groot deel van de gemeente heeft een waarde tussen 14 en 10 µg/m3. Rondom de snelwegen (met name de A1 in het westen van de gemeente) is de concentratie verhoogd – zeer lokaal met gemiddelden van ongeveer 25 µg/m3. In het oosten van de gemeenten scoort een flink stuk van de gemeente zeer goed. Daar wordt aan de WHO-advieswaarde voldaan.
75
datum 12 maart 2025 projectnummer 0478907.100 betreft OER Omgevingsvisie Barneveld
Figuur 3.48: Concentratie NO2 (bron: RIVM, 2020)
Houtstook vormt een bron van luchtverontreiniging en is schadelijk voor de gezondheid. De uitstoot van fijnstof door houtstook is bijna half zo groot als die van wegverkeer. De impact van houtkachels en barbecues in Barneveld is niet goed generiek inzichtelijk te maken. Ongeveer 14% van de Nederlandse huishoudens bezit een met hout gestookte installatie, maar het is aannemelijk dat het percentage in Barneveld, gezien het landelijke karakter van de gemeente, hoger ligt. Geluid Het geluidsniveau is een belangrijke factor in de kwaliteit van de leefomgeving. Geluidhinder kan niet alleen zorgen voor overlast, maar kan ook leiden tot een negatieve impact op de volksgezondheid. Het gaat daarbij om stress, concentratieproblemen, slaapverstoring en daardoor zelfs hart- en vaatziekten. In Nederland zijn wegverkeer en buren de belangrijkste bronnen van geluidhinder. De Wet geluidhinder (Wgh)12 hanteert een voorkeurswaarde en een maximale ontheffingswaarde. Toetsing vindt alleen plaats op het moment van aanbouw of wijziging van geluidgevoelige bestemmingen, (spoor)wegen en industrieterreinen. Latere groei van bijvoorbeeld verkeersbewegingen kan ervoor zorgen dat deze waarden alsnog overschreden worden. De voorkeurs- en maximale ontheffingswaarden zijn weergegeven in Tabel 3.4. Deze waarden worden uitgedrukt in Lden. Dit is het tijdgewogen jaargemiddelde geluidsniveau in een etmaal.
De WHO-advieswaarden voor maximaal geluidniveau voor het hele etmaal en ’s nachts (Lnight) zijn gegeven in Tabel 3.5. Tabel 3.4: Voorkeurswaarde en maximale ontheffingswaarde Wgh (Lden) Bron
Voorkeurswaarde
Maximale ontheffingswaarde
Weg > 70km/u
48 dB
53 dB
Weg, overig
48 dB
63 dB
Rail
55 dB
68 dB
Tabel 3.5: WHO-advieswaarden geluidniveau Bron
Lden
Lnight
Weg
53 dB
45 dB
Rail
54 dB
44 dB
Vliegtuigen
45 dB
40 dB
Windturbines
45 dB
-
12
Na de introductie van de Omgevingswet (1 januari 2024) zijn waarden voor geluidhinder opgenomen in het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl).
76
datum 12 maart 2025 projectnummer 0478907.100 betreft OER Omgevingsvisie Barneveld
In de tabellen hierboven zijn de voorkeurs- en maximale ontheffingswaarde per bron uiteengezet. Om een compleet beeld te tonen, is op Figuur 3.49 het cumulatieve jaargeluidsniveau van wegverkeer, treinverkeer, vliegtuigen, industrie en windturbines te zien. Om de geluidsbelasting te berekenen zijn gegevens van de volgende geluidsbronnen gebruikt: • rijkswegen, gemeentelijke wegen en provinciale wegen (gegevens uit 2019-2021); • railverkeer (gegevens uit 2019); • luchtvaart (gegevens uit 2016); • industrie (kentalraming uit 2008); • windturbines (gegevens uit 2021). Voor ieder van deze bronnen is eerst een aparte geluidskaart gemaakt. Die zijn daarna gecombineerd tot Figuur 3.49. De figuur geeft een globaal beeld van de hoeveelheid geluid op een bepaalde plek. Hieruit blijkt dat er vooral sprake is van omgevingsgeluid op en nabij de snelwegen A1 en A30. Wegverkeer veroorzaakt het grootste deel van het geluid. Ook op bedrijventerrein Harselaar West is het geluidsniveau hoog; de beoordeling is ‘zeer slecht’. Verder is het geluidsniveau in de kern Barneveld op enkele plekken verhoogd en bevindt zich een cluster dat ‘slecht’ beoordeeld wordt aan de Wesselseweg, ten westen van Kootwijkerbroek. De maximale ontheffingswaarde van wegverkeerslawaai wordt op de doorgaande wegen overschreden.
De kern Barneveld voldoet enkel op sommige plekken in de wijken aan de WHO-advieswaarde voor wegverkeerslawaai. De geluidsbelasting is het laagst rondom het dorp Kootwijk.
Figuur 3.49: Omgevingsgeluid (bron: RIVM)
Geur Matige tot ernstige geurhinder kan op verschillende manieren ontstaan. Veelgenoemde bronnen zijn de BBQ/vuurkorf (20 procent), open haard/allesbrander (18 procent), landbouw/veeteelt (11 procent), Riolering/zuivering (9 procent), bedrijven/industrie (6 procent) en vliegverkeer (2 procent) (GGD Monitor Midden-Gelderland). Lokaal kan de achtergrondbelasting van geur leiden tot (ernstige) hinder of misselijkheid, hoofdpijn, prikkeling van slijmvliezen, irritatie van ogen en neus, verstoring van dagelijkse activiteiten en slaapproblemen. In de gemeente Barneveld liggen meerdere niet-agrarische bedrijven die bijdragen aan een geurbelasting van de omgeving: Givaudan Nederland B.V., Afvalverwerking Vink B.V. en PFW Aroma Chemicals B.V. Deze bedrijven zijn
77
datum 12 maart 2025 projectnummer 0478907.100 betreft OER Omgevingsvisie Barneveld
overwegend op bedrijventerrein Harselaar gelegen, maar ook in de nabijheid van de kern van Barneveld. De contouren om deze bedrijven zijn op Figuur 3.50 weergegeven.
Figuur 3.50: Geurcontouren bedrijven en inrichtingen (toegestane belasting) (bron: provincie Gelderland)
In de gemeente Barneveld zijn daarnaast veel agrarische bedrijven (voornamelijk in de intensieve veehouderij) gevestigd. Deze agrarische bedrijven dragen bij aan de geurbelasting in het buitengebied. De gemeente Barneveld heeft een geurverordening vastgesteld die in bepaalde gebieden een aanmerkelijk hogere geurbelasting toelaat dan de 3 ouE/m3 die de Wet geurhinder en veehouderijen als grenswaarde voor woonkernen aangeeft. Figuur 3.51 geeft aan wat de Verordening aan geur toelaat in de verschillende gebieden van Barneveld. Hierbij is naar de voorgrondnorm gekeken: de geur die één bron mag veroorzaken. Op de figuur is de vergunde situatie uit 2021 zichtbaar. Omdat niet ieder bedrijf per definitie maximaal geur uitstoot, is het aannemelijk dat de werkelijke situatie van de vergunde situatie afwijkt. Het algemeen beeld is dat de gemeente Barneveld relatief veel geuremissie toelaat.
78
datum 12 maart 2025 projectnummer 0478907.100 betreft OER Omgevingsvisie Barneveld
Figuur 3.51: Voorgrondnormen geurbelasting (bron: gemeente Barneveld)
Op Figuur 3.52 is de indicatieve achtergrondbelasting van geurhinder weergegeven. De achtergrondbelasting is de geur van alle bronnen samen. Op de kaart is de geurbelasting (vooral) afkomstig van veehouderijen te zien. Kijkend naar beide figuren, is te zien dat de hoogste achtergrondbelasting gemeten wordt in het gebied met de hoogste voorgrondnorm (ten oosten/noordoosten van de kern Barneveld). De agrarische bedrijven (intensieve veehouderijen) zijn voornamelijk hier gelegen. Ook in het gebied ten zuidwesten van de kern Barneveld zijn clusters met een relatief hoge geurbelasting te verwachten.
79
datum 12 maart 2025 projectnummer 0478907.100 betreft OER Omgevingsvisie Barneveld
Figuur 3.52: Indicatieve achtergrondbelasting geurhinder (bron: Pouderoyen Tonnaer, Gemeente Barneveld)
Omgevingsveiligheid Omgevingsveiligheid gaat over de risico’s van het gebruik en transport van gevaarlijke stoffen, de veiligheid van inrichtingen en de veiligheid van nieuwe, zich snel ontwikkelende technologieën. In de Omgevingswet worden in het kader van omgevingsveiligheid (dat onder huidige wetgeving nog externe veiligheid heet) drie aandachtsgebieden onderscheiden: brandaandachtsgebied (BAG) van circa 30 meter bij een weg of spoorlijn; explosieaandachtsgebied (EAG) van circa 200 meter bij een weg of spoorlijn;13 gifwolkaandachtsgebied (GAG) van mogelijke enkele kilometers. Voor het gifwolkaandachtsgebied geldt eigenlijk dat mensen in een goed geïsoleerd huis (en zeker bij nieuwbouw) waar de ventilatie uitgezet kan worden, voldoende veilig zijn. Bovendien zijn de meeste inrichtingen die werken met giftige stoffen waar een dergelijke calamiteit zich voor kan doen, gevestigd op grote afstand van woongebieden. Het brandaandachtsgebied geldt dat dit een beperkte zone is rondom met name de A30 en A1. Hier liggen nagenoeg geen woningen en zijn nieuwe activiteiten ook niet toegestaan zonder maatregelen. Blijft over het explosieaandachtsgebied. Dit speelt bijvoorbeeld langs de A1 en A30 en bij LPG-tankstations. Over de A1 en A30 rijden in redelijk grote hoeveelheden tankauto’s met onder andere LPG, die bij een ongeval kunnen exploderen.
In de gemeente Barneveld zijn bronnen aanwezig waar al deze drie typen effecten kunnen optreden. Vanuit het oogpunt van omgevingsveiligheid bezien is afstand houden het beste. Bij vrijwel alle stationaire bronnen is dit afstand houden geen probleem. Dit komt omdat vrijwel alle bedrijven die met gevaarlijke stoffen werken of deze opslaan buiten de kernen gelegen zijn. Zo bevindt bedrijvigheid die met gevaarlijke stoffen werkt zich overwegend 13
Bij inrichtingen hangt dit af van hoeveel brandbare gassen in welke omstandigheden worden opgeslagen. Voor bijvoorbeeld LPGtankstations geldt een explosie-aandachtsgebied van 160 meter.
80
datum 12 maart 2025 projectnummer 0478907.100 betreft OER Omgevingsvisie Barneveld
op bedrijventerrein Harselaar. In het buitengebied zijn verschillende inrichtingen aanwezig die geclassificeerd zijn als Overig. Dit betreft voor een groot deel propaangastanks. Aandachtspunten met betrekking tot omgevingsveiligheid vormen met name de transportassen, bijvoorbeeld de A30 en A1 of de buisleidingen met gevaarlijke stoffen. Er zijn in de huidige situatie geen noemenswaardige aandachtspunten bekend binnen de gemeente op het vlak van omgevingsveiligheid. Woningbouwplannen in de nabijheid van risicobronnen dienen getoetst te worden op het aspect Omgevingsveiligheid.
3.6.3
Trends en ontwikkelingen In de gemeente Barneveld spelen verschillende ontwikkelingen die een invloed hebben op het thema Gezonde leefomgeving. De volgende ontwikkelingen spelen:
3.6.4
-
Verbetering luchtkwaliteit De luchtkwaliteit verbetert door Europees en landelijk beleid ter verduurzaming van bronnen van luchtvervuiling en vermindering van uitstoot. Dit betekent dat de energie-, industrie-, en verkeerssector minder stikstofdioxide en fijnstof uitstoten. Zo stoten elektrische voertuigen bijvoorbeeld geen luchtverontreinigende gassen meer uit. Binnen de agrarische sector worden stappen gezet om de uitstoot van luchtverontreinigende stoffen te verminderen. Ook houtstook is een aandachtspunt.
-
Toename geluidsoverlast De groei van het aantal woningen in de gemeente Barneveld betekent dat het aantal geluidsgevoelige bestemmingen, en daarmee de mogelijke geluidshinder, toeneemt. Ook ontstaat door de groei van het aantal inwoners een toename in mobiliteit, en daarmee verkeersgeluid. Elektrische voertuigen zorgen daarnaast voor een lichte toename in verkeersgeluid bij hogere snelheden. Op hogere snelheden is bandgeluid de grootste oorzaak van geluid. Omdat elektrische voertuigen over het algemeen zwaarder zijn, zorgt dit op snelwegen voor meer verkeersgeluid. In de kernen, waar langzamer wordt gereden, neemt het geluidsniveau hierdoor juist af. De energietransitie en de aanpassing aan het veranderende klimaat gaan verder ook gepaard met een toename in geluidsemissies in de directe woonomgeving, zoals warmtepompen en airco’s.
-
Geur en veehouderijen De ontwikkelingen op het vlak van veehouderijen wijzen erop dat het aantal gehouden dieren in de toekomst afneemt (naar verwachting met 20 tot 40 procent in 2040). Dit zou betekenen dat ook de geuremissie van veehouderijen afneemt. De woningbouwontwikkeling in Barneveld betekent ook echter dat er richting het buitengebied wordt uitgebreid. Hierdoor kan er juist meer overlast van geur door veehouderijen ontstaan.
-
Nieuwe veiligheidsrisico’s Door de energietransitie ontstaan er nieuwe bronnen van veiligheidsrisico’s in de woonomgeving. Hierbij kan gedacht worden aan waterstoftankstations en windturbines. Ook zorgt klimaatverandering voor versterking van bestaande risico’s, zoals natuurbranden of overstromingen.
Beoordeling In de gemeente Barneveld bestaan verschillende milieufactoren die een impact hebben op de omgeving. De luchtkwaliteit in de gehele gemeente Barneveld voldoet aan de Europese grenswaarden. Op de Veluwe wordt aan de WHO-advieswaarden voor PM10 en NO2 voldaan. De luchtkwaliteit is de laatste jaren verbeterd in Nederland. Omgevingsgeluid speelt vooral bij de snelwegen in de gemeente en op de bedrijventerreinen in de gemeente. Geurbelasting kan op verschillende manieren ontstaan. In de gemeente liggen verschillende bedrijven met geurcontouren. Ook agrarische bedrijven zorgen voor geurbelasting. In de afgelopen jaren zijn meerdere agrarische bedrijven gestopt, maar de bedrijven die overbleven zijn groter geworden. De impact op de geurbelasting is daardoor niet eenduidig. In de gemeente bestaan geen grote aandachtspunten op het vlak van omgevingsveiligheid.
81
datum 12 maart 2025 projectnummer 0478907.100 betreft OER Omgevingsvisie Barneveld
Naar de toekomst toe is het de verwachting dat de luchtkwaliteit verder verbetert door onder andere verduurzaming van de energie-, industrie-, verkeers- en agrarische sector. De geluidsoverlast kan toenemen in de gemeente om verschillende redenen. Woningbouw zorgt ervoor dat er meer geluidsgevoelige bestemmingen ontstaan en door de energietransitie en aanpassing aan het warme klimaat komen meer geluidsbronnen in de directe woonomgeving te staan, zoals warmtepompen en airco’s. De ontwikkelingen op het vlak van geuroverlast zijn tweeledig. Enerzijds kan de geuroverlast verminderen door een mogelijke vermindering van het aantal dieren. Anderzijds betekent de uitbreiding (van woningen) in het buitengebied dat geuroverlast een grotere impact kan gaan hebben. De energietransitie en klimaatverandering zorgen ervoor dat er nieuwe veiligheidsrisico’s ontstaan, zoals risico’s van waterstoftanks, of een hoger natuurbrandrisico. Al met al laten de ontwikkelingen op het vlak van verschillende milieuaspecten zien dat ontwikkelingen zowel positief als negatief kunnen zijn. Dit maakt dat het aspect Gezonde leefomgeving als volgt wordt beoordeeld:
82
datum 12 maart 2025 projectnummer 0478907.100 betreft OER Omgevingsvisie Barneveld
3.7
Gezondheid en welzijn
3.7.1
Inleiding, beoordelingskader en beleid Gezondheid en welzijn heeft betrekking op verschillende zaken. Zo is sociale kracht belangrijk. Daarbij is onder andere gekeken naar de sociale samenhang tussen inwoners en het sociaal netwerk waarop ze kunnen terugvallen. Daarnaast is de vraag gesteld in hoeverre iedereen ‘erbij hoort’ en veilig is/zich veilig voelt. Verder is er aandacht voor de fysieke gezondheid, in de vorm van gezondheidsbevordering. Er zijn vijf aspecten behandeld. Beoordelingskader Aspect Gezondheid en welzijn
Criterium Sociale cohesie
Streefwaarde Alle inwoners hebben een sociaal netwerk waarop ze kunnen terugvallen (sociale basis, sociaal wijkteam). Alle inwoners van Barneveld hebben gelijke kansen om deel te nemen aan de maatschappij. Hoog niveau van (het gevoel van) de bescherming tegen misdrijven (in de openbare ruimte). Inwoners van Barneveld bewegen voldoende. Alle inwoners van Barneveld hebben een gezonde levensstijl.
Sociale inclusiviteit
Sociale veiligheid
Sport en bewegen Gezonde levensstijl
Gewenste beweging Versterking van de sociale cohesie.
Versterking van kansen voor inwoners met beperkte kansen. Versterking van (het gevoel van) sociale veiligheid.
De omgeving nodigt meer uit tot bewegen. Inwoners van Barneveld leven gezonder.
Beleid Kader
Belangrijkste uitgangspunten
Beleidsplan Sociaal Domein ‘Mensen voorop’
Barneveld streeft naar een samenleving waarin iedere inwoner naar vermogen meedoet, waarin mensen zich met elkaar verbonden voelen en samen redzaam zijn en zorgt voor een professioneel vangnet. Barneveld hanteert hierbij de volgende acht uitgangspunten: 1. We sluiten aan op initiatieven en de eigen kracht van inwoners. 2. We werken met elkaar en integraal. 3. We spelen in op wat er nodig is. 4. We werken (be)doel(ings)gericht. 5. We bieden waar nodig maatwerk. 6. We geven deskundigen handelingsruimte. 7. We doen zo veel mogelijk lokaal, dichtbij mensen. 8. We houden rekening met de identiteit van inwoners.
Sport- en Beweegakkoord II: 2023 t/m 2026
De gemeente zet zich in voor deze vier punten: 1. vitale sport- en beweegaanbieders; 2. sport en bewegen voor kwetsbare groepen; 3. jeugd vaardig in beweging; 4. sport en bewegen in de openbare ruimte.
Masterplan Buitensport 20182028
Barneveld ziet zich als ‘zelf-samen-gemeente’. Die opvatting is leidend in de positie van de buitensport: Eigen verantwoordelijkheid en zelfredzaamheid (zelf). Omzien naar elkaar en onderlinge zorgzaamheid zijn van groot belang (samen). Zo nodig draagt de gemeente zorg voor een vangnet van ondersteunende voorzieningen (gemeente). Voor de buitensportcomplexen betekent dit dat de gemeente, in samenspraak met de verenigingen, particulier initiatief stimuleert. De verwachte groei van het inwoneraantal van Barneveld, zal in de toekomst tot een grotere vraag naar buitensporten leiden.
83
datum 12 maart 2025 projectnummer 0478907.100 betreft OER Omgevingsvisie Barneveld
Coalitieakkoord Gemeente Barneveld 20222026
Door roken, overgewicht en problematisch alcoholgebruik aan te pakken, kan de gezondheid van veel inwoners verbeteren. In navolging op het Nationaal Preventieakkoord sluiten we lokaal met maatschappelijke partners het Gezonde Leefstijlakkoord Barneveld. Ook maakt Barneveld zich zorgen om drugsgebruik. Daarom wil de coalitie geen ruimte bieden aan coffeeshops in de gemeente. Barneveld draagt zorg voor een toegankelijke samenleving die inclusief is voor mensen met een beperking. Het gaat dan om toegankelijkheid in de zin van fysieke toegankelijkheid en inclusie, maar ook om toegankelijkheid op het vlak van gelijke kansen voor iedereen (betaalbaarheid, onderwijs, woningmarkt).
Regionale visie Publieke Gezondheid Gelderland Midden 20212025
Hierin zijn de landelijke ambities op het gebied van gezondheid op regionaal niveau vertaald: gezondheid in de fysieke en sociale leefomgeving; verkleinen gezondheidsachterstanden; omgaan met de druk op het dagelijks leven van jeugdigen en jong volwassenen; vitaal ouder worden. De regio stelt dat gezondheid vanaf 2024 een vast onderdeel is in de belangenafweging in ruimtelijk beleid. De regio faciliteert culturele ontmoeting als versterking van een positieve sociale leefomgeving. Op het gebied van gezondheid is er extra aandacht voor mensen met meerdere chronische aandoeningen en laaggeletterden. Voor de meest kwetsbare groepen mensen blijft de regio een sociaal vangnet houden.
3.7.2
Hoofdlijnennotitie Barneveld 2040
Barneveld zet in op gezonde voeding voor iedereen. Om de gezonde levensstijl van inwoners te bevorderen, verbetert Barneveld de fiets- en wandelvoorzieningen in de gemeente.
Beleidskader inclusie, Gezonde Leefstijlakkoord gemeente Barneveld en Regioplan Integraal Zorgakkoord
Deze beleidsstukken zijn na de totstandkoming van de dit hoofdstuk aan deze tabel toegevoegd, maar sluiten inhoudelijk aan bij de criteria van dit aspect.
Huidige situatie Sociale cohesie Bij sociale cohesie gaat het om de mate waarin mensen zich met elkaar en met de maatschappij verbonden voelen. Een indicator die hier iets over zegt, is het aandeel mantelzorgers. Dat aandeel ligt in Barneveld hoger dan in Nederland in zijn geheel. In Barneveld verleent namelijk 15,2 procent mantelzorg. In Nederland gaat het om 13,6 procent (Gezondheidsmonitor volwassenen (en ouderen), 2020). Figuur 3.53 en Figuur 3.54 tonen de sociale samenhang per kern of buurt, bepaald door het ministerie van BZK. Hieruit blijkt dat de sociale samenhang gemiddeld tot positief beoordeeld kan worden.
84
datum 12 maart 2025 projectnummer 0478907.100 betreft OER Omgevingsvisie Barneveld
Figuur 3.53: Sociale samenhang (bron: Ministerie van BZK, 2020)
Figuur 3.54: Sociale samenhang kernen Barneveld en Voorthuizen (bron: Ministerie van BZK, 2020)
Sociale inclusiviteit Bij inclusiviteit kan er gekeken worden in hoeverre bepaalde doelgroepen/personen ‘erbij horen’ in de samenleving. Een indicator die bij dit aspect past is eenzaamheid. In Barneveld ligt het aandeel eenzame personen onder het Nederlands gemiddelde: 37 procent ten opzichte van 44 procent. Ook de zeer ernstige eenzaamheid is in Barneveld beperkter dan in Nederland in z’n geheel. 14 Barneveld scoort gemiddeld goed, maar onderling verschillen de wijken op dit punt van elkaar.
14
In de omgevingsvisie zijn kaarten over eenzaamheid per buurt, moeite met rondkomen per buurt, ervaren gezondheid per buurt en beweegvriendelijke omgeving per buurt opgenomen.
85
datum 12 maart 2025 projectnummer 0478907.100 betreft OER Omgevingsvisie Barneveld
Figuur 3.55: Eenzaamheid (bron: gemeente Barneveld)
De coronacrisis heeft in de GGD-Gelderland Midden geleid tot onder andere een toename in eenzaamheid. Dit geldt voor alle leeftijdscategorieën. Binnen jongeren (18 tot 34 jaar) was het aandeel mensen die zich eenzamer voelde t.o.v. voorgaande perioden het sterkst. Meer dan 30 procent van deze groep voelde zich eenzamer. Voor de rest van de leeftijdsgroepen ervaarde 10 tot 20 procent van de mensen meer eenzaamheid in vergelijking met voor de coronacrisis.
Figuur 3.56: Toename van eenzaamheid door de coronacrisis per leeftijdscategorie (bron: GGD Monitor Gezondheid)
4 procent van de inwoners van de GGD-regio Gelderland-Midden tussen de 19 en 64 jaar voelt zich matig of sterk sociaal uitgesloten. Van de vijfenzestigplussers voelt 2 procent zich sociaal uitgesloten. Grote verschillen bestaan tussen groepen met een lage en hoge sociaaleconomische status. Waar 2 procent van de bevolking met een hoge sociaaleconomische status zich sociaal uitgesloten voelt, voelt 6 procent van de bevolking met een lage sociaaleconomische status zich uitgesloten. Ten opzichte van de vorige meting (2016) is het aandeel mensen dat zich sociaal uitgesloten voelt binnen elke groep licht afgenomen.
86
datum 12 maart 2025 projectnummer 0478907.100 betreft OER Omgevingsvisie Barneveld
Figuur 3.57: Aandeel inwoners GGD-regio Gelderland midden dat zich matig of sterk sociaal uitgesloten voelt (bron: GGD Monitor Gezondheid)
Sociale veiligheid In de CBS Veiligheidsmonitor omvat sociale veiligheid drie zaken: criminaliteit, ondervonden overlast en onveiligheidsbeleving. Van alle drie deze indicatoren zijn er openbare indexcijfers (2014 = 100). Op het gebied van criminaliteit scoort Barneveld veiliger dan gemiddeld (72 t.o.v. 76 gemiddeld in NL). Ook op het gebied van overlast wordt Barneveld beter beoordeeld (94 t.o.v. 98 gemiddeld in NL). De gegevens van de onveiligheidsbeleving zijn in figuur 3.16 weergegeven. Er zijn drie aspecten bekeken: Onveiligheidsgevoelens: hoe onveilig men zich in de buurt voelt. Onveiligheidsperceptie: de ervaren omvang van criminaliteit in de buurt. Vermijdingsgedrag: hoe vaak men het eigen gedrag aanpast aan situaties in de buurt in verband met onveiligheid.
Figuur 3.58: Sociale veiligheid: onveiligheidsbeleving index (2014 = 100) (bron: CBS Veiligheidsmonitor, 2021)
87
datum 12 maart 2025 projectnummer 0478907.100 betreft OER Omgevingsvisie Barneveld
Uit Figuur 3.58 blijkt dat het gevoel van onveiligheid relatief klein is in Barneveld. Wel speelt het idee dat er sprake is van onveiligheid en is er relatief veel sprake van vermijdingsgedrag. Het totaal aantal misdrijven ligt relatief laag in Barneveld: 80 per 10.000 inwoners ten opzichte van een Nederlands gemiddelde van 111 per 10.000 (Dataportaal politie, Q4 2021). Ook kijkend naar Figuur 3.59, is het relatief goed gesteld met de veiligheid in Barneveld.
Figuur 3.59: Geregistreerde misdrijven (per 1.000 inwoners) (bron: gemeente Barneveld)
Sport en bewegen Het aantal mensen dat wekelijks sport in Barneveld is 50 procent (t.o.v. 51,3 procent landelijk). 22 procent van de inwoners is lid van een sportvereniging, landelijk ligt dit percentage op 25,3 (Gemeente Barneveld, 2020). Landelijk voldoet 51,7 procent van de Nederlanders aan de beweegrichtlijn, Barneveld scoort daar iets onder met 50 procent (bron: Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen 2016 GGD’en, CBS en RIVM). Het gaat bij de beweegrichtlijn om minstens 150 minuten matig intensieve spanning per week en minstens tweemaal per week spier- en botversterkende activiteiten. In de afgelopen jaren heeft Barneveld samen met de verenigingen veel tijd en geld geïnvesteerd om de capaciteit en kwaliteit van de sportcomplexen in overeenstemming te brengen met de behoeften. De afstemming tussen vraag en aanbod is momenteel nagenoeg in evenwicht. Dit met uitzondering van de tenniscomplexen waar in de loop der jaren een overcapaciteit is ontstaan. Over het algemeen kan gesteld worden dat de complexen up-todate en van een goede kwaliteit zijn of binnen afzienbare tijd op een goed kwaliteitsniveau worden gebracht (Synarchis/Gemeente Barneveld, 2018). De beweegvriendelijkheid van de omgeving is door het Mulier Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu in kaart gebracht.
Deze indicator laat zien hoe de fysieke omgeving in de openbare ruimte scoort op de mogelijkheid voor mensen om te sporten en te bewegen. De veronderstelling is dat een meer beweegvriendelijke omgeving bijdraagt aan meer sporten en bewegen (Mulier Instituut, 2021). Op afbeelding 3.17 is te zien dat de kernen binnen de gemeente goed scoren. De gemeente als geheel scoort 58, net onder het Nederlands gemiddelde van 60. De indicator is opgebouwd uit vier deelindicatoren: voorzieningen, sportaccommodaties, groenblauwe recreatie en speelplekken. Barneveld scoort op speelplekken zeer goed (88); op voorzieningen aanmerkelijk minder (30).
88
datum 12 maart 2025 projectnummer 0478907.100 betreft OER Omgevingsvisie Barneveld
Figuur 3.60: Beweegvriendelijke omgeving (bron: Mulier instituut, 2021)
Gezonde levensstijl Er zijn in Barneveld gemiddeld gezien net iets minder mensen met overgewicht dan in Nederland als geheel: 49 om 50 procent. Het aandeel met ernstig overgewicht (obesitas) is ongeveer gelijk: 15 procent.
Percentages overgewicht en obesitas
% mensen dat gezondheid als zeer goed ervaart
50% 49%
80% 15% 15%
Overgewicht
Obesitas
Nederland
gem. Barneveld
Figuur 3.61: Overgewicht (bron: gemeente Barneveld)
75%
Zeer goed ervaren gezondheid Nederland
gem. Barneveld
Figuur 3.62: Ervaring gezondheid (bron: gemeente Barneveld)
Het aandeel rokers in Barneveld lag in 2020 op 15,7 procent (Gezondheidsmonitor volwassenen (en ouderen), 2020). In Nederland rookte toen 17,9 procent van de volwassenen (19+). Opvallend is dat er in Barneveld in 2016 nog 15,2 procent rookte. Van een daling is tussen die jaren dus geen sprake geweest. In het beeld van Nederland als geheel is wel een dalende trend zichtbaar. Er gaan in Barneveld iets meer kinderen (2-17) naar de tandarts dan gemiddeld in Nederland: 78,7 t.o.v. 76,7 procent.15
3.7.3
Trends en ontwikkelingen In de gemeente Barneveld spelen verschillende ontwikkelingen die een invloed hebben op het thema ‘Gezondheid en Welzijn’. De volgende ontwikkelingen spelen:
15
Vektis, 2020
89
datum 12 maart 2025 projectnummer 0478907.100 betreft OER Omgevingsvisie Barneveld
3.7.4
-
Groei aantal inwoners en sociale cohesie Barneveld is de afgelopen jaren sterk gegroeid. De verwachting is dat het aantal inwoners in de gemeente de komende jaren verder zal groeien. Een belangrijk aandachtspunt is de invloed van de instroom van nieuwe inwoners op de bestaande sociale netwerken in de gemeente.
-
Meer aandacht voor preventie Er bestaat meer en meer aandacht voor preventie. Het stimuleren van een gezonde leefstijl, bijvoorbeeld op het vlak van voeding, beweging, alcoholgebruik en roken, zorgt ervoor dat mensen gezonder oud worden.
-
Toenemende vergrijzing De bevolking vergrijst en dat heeft invloed op de zorg. Ouderen hebben vaker gezondheidsproblemen. Zo komen onder ouderen chronische aandoeningen vaker voor. Ook is eenzaamheid onder ouderen een belangrijk aandachtspunt. Een gezonde leefstijl en een seniorvriendelijke woonomgeving zijn manieren waarop inwoners gezond(er) oud kunnen worden.
-
Toename overgewicht Het aantal volwassenen en kinderen met overgewicht neemt landelijk toe. Dit komt onder andere door een makkelijker en/of betaalbaarder aanbod aan ongezond eten (vergeleken met gezond eten). Onder meer door deze reden treedt overgewicht (nationaal gezien) vaker op bij individuen/in wijken met een lagere sociaaleconomische status.
Beoordeling Barnevelders hebben over het algemeen een vergelijkbare levensstijl ten opzichte van de gemiddelde Nederlander. In Barneveld komen overgewicht en obesitas (bijna) evenveel voor als in de rest van Nederland. Het aandeel Barnevelders dat voldoende beweegt ligt licht onder het Nederlands gemiddelde. In de gemeente Barneveld is het aandeel rokers lager dan in de rest van Nederland. De gemeente Barneveld scoort op sociaal vlak ook sterk. De sociale samenhang in de gemeente draagt over het algemeen positief bij aan de leefbaarheid. Minder mensen dan gemiddeld hebben te maken met eenzaamheid of zeer ernstige eenzaamheid. Ook zijn er juist meer mantelzorgers dan gemiddeld. In de gemeente Barneveld is over het algemeen relatief weinig sprake van criminaliteit. Barnevelders ervaren wel meer dan gemiddeld criminaliteit in de buurt en passen hun gedrag daarop aan. Naar de toekomst toe bestaan er verschillende trends die zowel een positieve als negatieve impact op de gezondheid en het welzijn van Barneveld kunnen hebben. Een positieve ontwikkeling is de aandacht voor preventie. Door maatregelen in het heden te nemen, kunnen gezondheidsproblemen in de toekomst voorkomen of verminderd worden. Een aandachtspunt is (de toename van) overgewicht. Zo’n 50 procent van de Barnevelders is namelijk te zwaar. Het aantal mensen met overgewicht neemt landelijk gezien steeds verder toe.
Op langere termijn heeft dit een negatief effect hebben op de gezondheid. De vergrijzing heeft ook een impact op de zorg. Ouderen hebben vaker gezondheidsproblemen en krijgen ook vaker te maken met eenzaamheid. De groei van de gemeente kan een druk leggen op de bestaande sociale netwerken in de gemeente. Al met al kan de gezondheid in de toekomst verbeteren als preventie aanslaat, maar er bestaan ook verschillende factoren die druk leggen op de gezondheidszorg.
90
datum 12 maart 2025 projectnummer 0478907.100 betreft OER Omgevingsvisie Barneveld
91
datum 12 maart 2025 projectnummer 0478907.100 betreft OER Omgevingsvisie Barneveld
3.8
Vitale woonomgeving
3.8.1
Inleiding, beoordelingskader en beleid Een vitale woonomgeving is van groot belang. De afgelopen jaren heeft de woningmarkt grote veranderingen doorgemaakt. Van de crisis waar de huizenmarkt zich tien jaar geleden in bevond, is al lang geen sprake meer. Woningprijzen zijn hoog en nieuwbouwprojecten raken snel verkocht. De vraag naar woningen is zeer groot; zelfs zodanig dat het woningaanbod in de bestaande voorraad sterk is afgenomen. Ook andere aspecten zijn van belang in de woonomgeving. Zo komt een passend voorzieningenniveau de woonomgeving ten goede en zijn de inwoners gebaat bij een omgeving dat hun gezondheid en welzijn stimuleert. Beoordelingskader Aspect Vitale woonomgeving
Criterium Woningvoorraad
Voorzieningenniveau
Leefbaarheid
Streefwaarde Voorzien in de (lokale) woningbehoefte met aandacht voor specifieke doelgroepen. Aanwezigheid, kwaliteit en nabijheid van voorzieningen.
In de hele gemeente minimaal een voldoende leefbaarheidsscore.
Gewenste beweging Meer betaalbare en passende woningen. Behoud/versterking van aanwezigheid, kwaliteit en nabijheid van voorzieningen. Een verbetering van de leefbaarheidsscore.
Beleid Kader
Belangrijkste uitgangspunten
Woonvisie Barneveld 20212025
Deze woonvisie is voornamelijk gericht op de periode 2021-2025, maar kijkt ook verder vooruit (2030/2040 en nog verder). De gemeente zet zich in om aan de woonwensen van de huidige en toekomstige inwoners van Barneveld te voldoen, zodat mensen hier naar volle tevredenheid kunnen blijven en komen wonen. In deze visie streeft Barneveld vier ambities na: 1.
We houden ons woningbouwtempo hoog. Barneveld blijft woningen bouwen voor inwoners die tegen de problemen op de woningmarkt aanlopen. De gemeente streeft naar een jaarlijkse toevoeging van gemiddeld 450 tot 500 woningen. Barneveld continueert het woningbouwtempo tot (tenminste) 2025.
2.
Extra aandacht voor jongeren/starters en ouderen in de woningdifferentiatie. De toevoeging van betaalbare huur- en koopwoningen is van groot belang voor verschillende doelgroepen, zoals starters, ouderen, statushouders, arbeidsmigranten en spoedzoekers. De gemeente staat open voor creatieve woonoplossingen, zoals flexibele/tijdelijke woningen of tiny houses.
3.
We werken aan vitale en gedifferentieerde buurten en kernen. De toevoeging van starterswoningen in de huursector wordt vooral in de kernen Barneveld, Voorthuizen, Garderen, Terschuur en Zwartebroek en de Glind gevraagd. De toevoeging van starterswoningen in de koopsector is naast deze kernen vooral een onderwerp in Kootwijkerbroek. Seniorenwoningen (in allerlei verschijningsvormen) zijn in vrijwel alle kernen gewenst. Gezinswoningen worden vooral in Barneveld, Voorthuizen en Kootwijkerbroek gevraagd.
4.
We werken aan een duurzame en klimaatbestendige woningvoorraad en woonomgeving. We zetten de energietransitie in, waarbij ons uitgangspunt een betaalbare, betrouwbare en duurzame energievoorziening voor iedereen is. We verleiden, faciliteren en stimuleren particuliere woningeigenaren tot het nemen van duurzaamheidsmaatregelen.
92
datum 12 maart 2025 projectnummer 0478907.100 betreft OER Omgevingsvisie Barneveld
-
Nieuwbouw volgens geldende duurzaamheidsnormen. Vanaf 1 januari 2021 bouwt Barneveld Bijna Energieneutrale Gebouwen (BENG), en uiteraard aardgasvrij. Prettig, veilig en gezond binnenklimaat van gebouwen en woningen. Aandacht voor een klimaatadaptieve woning en woonomgeving is onderdeel van de beoordeling van al onze woningbouwprojecten.
Al met al wordt een programmering met minimaal 40 procent sociale woningbouw als uitgangspunt opgenomen, waarvan 20 procent sociale huur, 10 procent sociale koop laag en tenminste 10 procent sociale koop hoog.
3.8.2
Provinciale Omgevingsvisie (POVI)
Gelderland heeft een aanbod aan woningtypen en woonmilieus passend bij de diversiteit aan woningvraag: voor ieder een passende, duurzame woning. Alle nieuwbouw wordt aardgasloos gerealiseerd en zoveel mogelijk circulair gebouwd. Woningen in Gelderland zijn in 2050 klimaatneutraal.
Hoofdlijnennotitie Barneveld 2040
De gemeente Barneveld kiest vanuit haar maatschappelijke opgave voor het faciliteren van de verdere groei van het inwonertal naar zo’n 80.000 à 85.000 inwoners in 2040. Woningbouw vindt niet alleen in Barneveld en Voorthuizen plaats, maar in alle kernen.
Kaderstellende Notitie Masterplan Onderwijs 20172032
Onderwijs is een van de belangrijkste voorzieningen in de gemeente. Het doel van dit masterplan is het opstellen van een visie op onderwijshuisvesting voor de komende 4 jaar, met een doorkijk naar de jaren daarna.
Strategische Visie Barneveld 2030
Barneveld streeft naar een sociaal en betaalbaar gevarieerd voorzieningenaanbod (onderwijs, sport, cultuur en hulp & ondersteuning), dat meebeweegt met de behoeften en de mogelijkheden van de inwoners, waarbij de specifieke situatie per dorp, wijk of buurt kan verschillen. De gemeente zet in op passend en goed bereikbaar voorschools, primair en voortgezet onderwijs voor alle kinderen en jongeren. De gemeente werkt aan aantrekkelijke geconcentreerde winkelcentra in Barneveld en Voorthuizen. Voorzieningen zijn gevarieerd en afgestemd op bijzondere doelgroepen. De gemeente is sturend op bundeling van detailhandel binnen het kernwinkelgebied.
Huidige situatie Woningvoorraad De gemeente Barneveld telt 60.699 inwoners, verspreid over 23.379 woningen (2022). Meer dan de helft van de inwoners woont in hoofdplaats Barneveld (ruim 35.000). Kijkend naar het inwonertal, zijn Voorthuizen (ruim 11.000) en Kootwijkerbroek (5.000 à 6.000) de tweede en derde plaats. 67,5 procent van de woningen in Barneveld is een koopwoning. Dat aandeel ligt relatief hoog. In Nederland in zijn geheel is namelijk 57,1 procent van de woningen een koopwoning. Met name het deel sociale huur ligt in Barneveld laag: 19,2 procent van de woningvoorraad ten opzichte van 28,8 procent in heel Nederland. Figuur 3.63 en Figuur 3.64 geven de verspreiding van koop- en huurwoningen in Barneveld en de omliggende kernen weer. Hierbij is gekeken naar verblijfsobjecten met een woonfunctie. De Glind is een zorgdorp met veel eigendom in handen van de Rudolphstichting die dat verhuurt. Achterveld is geen kern, maar een stuk buitengebied.