CConstaterende datBarneveld
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Ontwerp-Omgevingsvisie Barneveld 2040 - Concept

Commissie Bestuur 4 maart 2025, gemeente BarneveldBij agendapunt: Consultatie Ontwerp-Omgevingsvisie40.091 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

O C

In de kernen en zeker bij ontwikkeling in of aan de kernen moeten de beken een rol spelen in de opvang van het water. Bij ontwikkelingen moet de gemeente steeds kijken of het mogelijk is de bekenstructuur te verbeteren, voor klimaatadaptatie, biodiversiteit en recreatief medegebruik. Daarbij onderzoeken we de mogelijkheden het bekenstelsel toekomstbestendig in te

Water wordt vastgehouden daar waar het kan. De gemeente helpt iedereen mee te doen om klimaatbestendig te worden en houdt rekening met de verschillende schaalniveaus: het gebied, het gebouw en de gebruiker. De gemeente Barneveld kiest waar mogelijk in eerste instantie voor natuurlijke, ruimtelijke oplossingen en daarna pas voor techniek.

38

Naast waterbeheer zet de gemeente andere middelen in voor klimaatadaptatie. Zo dragen vermindering van bodemverharding en toename van klimaatbestendig groen bij in de strijd tegen hittestress. De gemeente Barneveld verhardt alleen daar waar het moet, en vergroent waar mogelijk. Bovendien streven we ernaar dat regenwater niet meer via het riool wordt afgevoerd.

de gemiddelde levensduur van de bomen te verlengen. De gemeente werkt uit welke maatregelen hiervoor nodig zijn. Om de klimaatverandering tegen te gaan werken we aan vermindering van broeikasgasuitstoot. Deze uitstoot komt bijvoorbeeld van energieverbruik in onze gebouwen en woningen, door hoe we ons verplaatsen, en van bedrijfsprocessen in de industrie, landgebruik en landbouw. Ons streven is in 2050 een klimaatneutrale gemeente te zijn. Dat betekent vermindering van de CO2-uitstoot en van broeikasgassen die daarop lijken, met 55 procent in 2030 en met 100 procent in 2050 ten opzichte van de uitstoot in 1990.

T P E

Bij de inrichting van nieuwe wijken beoordeelt de gemeente of er voldoende aandacht is voor de groene inrichting. Bij beheer en herinrichting van bestaande wijken, zoeken we naar de mogelijkheden om de kwaliteit van de groene inrichting te behouden en waar mogelijk te verbeteren. Wij gaan dit vertalen naar een breed toepasbare maatlat gezond en toekomstbestendig, waarin ook het groenaspect wordt meegenomen. De regel 3-30-300 dient daarbij als inspiratie en richting. Deze regel gaat ervan uit dat vanuit een woning drie bomen zichtbaar zijn, 30 procent van de wijk schaduwwerking heeft van groen en bewoners op 300 meter afstand kunnen recreëren in het groen.

C N

O C

Bomen bieden natuurlijke oplossingen voor de klimaatuitdaging. Ze zorgen voor verkoeling, bufferen vocht, leggen CO2 vast en dragen bij aan de circulaire economie. Daarnaast dragen bomen actief bij aan de kwaliteit van de leefomgeving. Bij nieuwe projecten houden we rekening met de zichtbaarheid en de invloed van bomen op de beleving van de openbare ruimte. We hebben de ambitie het bomenbestand te behouden in de bestaande gebieden en

39

Energie Naast vermindering van uitstoot levert de gemeente Barneveld een bijdrage aan de klimaatadaptatie door zich te richten op een duurzame energievoorziening, die past bij de groei van onze gemeente. Dit doen we door:

bouwen en ontwikkelen centraal staat. Dit betekent dat we de energievraag en -opwekking slim combineren en afstemmen om pieken te verminderen. Denk hierbij aan lokale energienetwerken, opslag, bijvoorbeeld in batterijen, en aan oplossingen die flexibiliteit verhogen in energievraag en -aanbod.

- Energie besparen - Duurzame energie opwekken - Efficiënte omgang met fossiele brandstoffen.

De mogelijkheden van het energiesysteem wegen we mee bij de keuzes voor locaties voor toekomstige ontwikkelingen van woningbouw en bedrijventerreinen. Daarnaast weegt het energiegebruik mee bij het vestigingsbeleid voor bedrijven en voert de gemeente een energietoets uit voorafgaand aan besluitvorming.

T P E

We stimuleren het gebruik van zonnepanelen op gebouwen. In onze gemeente zien we ook een locatie voor windenergie bij Harselaar, zoals dat is vastgelegd in de gemeentelijke Structuurvisie Wind (2021). In die Structuurvisie ligt onze bijdrage vast voor de locatiekeuze voor grootschalige opwekking van windenergie (windturbines). Warmtenetten zijn geen haalbare oplossing voor Barneveld, maar we zien kansen in de ontwikkeling van een energiehub, waterstof in de bebouwde omgeving en hergebruik van het bestaande aardgasnetwerk.

C N

Natuur en biodiversiteit We hebben binnen de gemeente veel natuurlijke waarden. Deze hebben aandacht nodig voor verbetering van de biodiversiteit en een gezonde leefomgeving voor mens en dier, nu en in de toekomst. De opgave verschilt per gebied.

O C

Op de Veluwe, een Natura 2000-gebied, houden we rekening met de ambities omtrent natuurbehoud en –herstel van andere overheden en faciliteren wij daar waar nodig ook activiteiten op dat vlak. Het gebied bestaat uit bos en stuifzandgebieden en waardevolle cultuurlandschappen. We beschouwen het oppakken van kansen voor natuurherstel als speerpunt van ons beleid. We willen hier actief in faciliteren.

De landelijke problematiek van netcongestie speelt ook in Barneveld. We moeten hiermee rekening houden bij ruimtelijke ontwikkeling. Dit geldt niet alleen voor nieuwe ontwikkelingen, maar ook voor de verduurzaming van bestaande gebouwen en woningen. Om het elektriciteitsnetwerk niet verder te belasten mogen grote elektriciteitsgebruikers geen negatieve impact hebben op het netwerk. Voor nieuwe ontwikkeling geldt dat netbewust

Het Groene Valleilint, de verbindingszone tussen Veluwe en Utrechtse Heuvelrug, draagt bij aan het verbinden van bestaande

40

natuurkernen. Door ruimte te geven aan het Groene Valleilint en de robuuste beekdalen, versterken en behouden we de natuur en biodiversiteit. Daarnaast zetten we in op behoud en versterking van het waardevolle landschap.

levert vervanging van eindige en fossiele grondstoffen door biogrondstoffen een bijdrage aan een circulaire samenleving. De gemeente streeft naar biobased bouwen. Onze agrariërs kunnen gewassen verbouwen die als bouwmateriaal kunnen dienen. Biobased woningen hebben als voordeel dat ze beter geïsoleerd zijn dan reguliere woningen. Ze vragen daardoor om minder netcapaciteit en dragen bij aan een gezond leefklimaat, binnen en buiten. De bouwsnelheid kan omhoog omdat de woningen modulair gebouwd kunnen worden.

Deze groene verbindingen en beekzones zijn belangrijk voor de gezondheid van onze inwoners. De regio en de gemeente geven invulling aan de basiskwaliteit natuur (BKN) waar het bovenstaande verder in wordt uitgewerkt.

T P E

Circulariteit De gemeente Barneveld streeft naar een circulaire en duurzame samenleving. Dit betekent een vermindering van het gebruik van primaire grondstoffen en tegelijkertijd bevordering van hoogwaardig hergebruik van materialen. De gemeente Barneveld richt zich op efficiënte inzameling van herbruikbare stoffen en strategisch materiaalinkoop, met als doel duurzame materiaalstromen te bevorderen voor een positief effect op het milieu.

C N

O C

We stellen circulair ondernemen centraal. Voor onze bedrijven gaat het om gesloten kringlopen en hergebruik van grondstoffen. Voor agrarische bedrijven kunnen hulpbronnen efficiënt worden gebruikt, met een nadruk op hergebruik en duurzaamheid. De concrete invulling werken we uit in afstemming met de sector. Naast vermindering van het gebruik van primaire grondstoffen, bijvoorbeeld door verlenging van de levensduur en hergebruik van producten en materialen,

41

Gezond en toekomstbestendig Barneveld samengevat - We ontwikkelen een maatlat gezond en toekomstbestendig om te sturen op de bijdrage van ruimtelijke ontwikkelingen aan de doelstellingen op het gebied van een gezonde en toekomstbestendige leefomgeving. Rol gemeente: zelf doen - We realiseren meer levensloopbestendige wijken en woningen. Rol gemeente: regisseren - We realiseren een leefomgeving die uitnodigt tot gezond gedrag. Rol gemeente: zelf doen en faciliteren - We zetten in op woonvormen en wijken die sociaal contact en gemeenschapsgevoel bevorderen. Rol gemeente: stimuleren en regisseren. - We dragen bij aan verkleining van gezondheidsverschillen. Rol gemeente: zelf doen, stimuleren, faciliteren en regisseren, afhankelijk van de situatie in de wijk. - We behouden en versterken de sociale samenhang. Rol gemeente: zelf doen, faciliteren en regisseren - We zorgen voor meegroeiende voorzieningen in de buurt, zoals sport, cultuur en ontmoeten. Rol gemeente: zelf doen en faciliteren. - We willen inzetten op de zichtbaarheid, participatie en versterking van erfgoed als drager van identiteit en inspiratiebron bij

ontwikkelopgaven. Rol gemeente: regisseren. - We willen de kwaliteit van de openbare ruimte met cultuur versterken om bij te dragen aan het goed functioneren van de samenleving. Rol gemeente: zelf doen. - We verlagen de geluidsbelasting op gebouwen door autoverkeer te beperken en geluidsreducerend asfalt aan te leggen. Rol gemeente: regisseren en zelf doen. - We willen onze cultuurhistorische waarden beter zichtbaar maken. Rol gemeente: regisseren. - Bij nieuwe woningen wegen we kansen mee vanuit duurzaamheid, energietransitie, klimaatverandering en demografische ontwikkeling. Rol gemeente: regisseren en stimuleren. - Onze beken hebben een belangrijke functie voor waterberging, afvoer, verkoeling, biodiversiteit en recreatie. Rol gemeente: divers zie ook onder waardevol landschap. - We gebruiken zo min mogelijk verharding en zetten in op klimaatbestendig groen. Rol gemeente: zelf doen en regisseren. - We werken doelen, normen, leidende principes en maatregelen uit in een Klimaatadaptatieplan. Rol gemeente: zelf doen. - We stimuleren het gebruik van zonnepanelen op gebouwen. Rol gemeente: stimuleren. - We zien mogelijkheden voor windenergie aan de oostzijde van

T P E

C N

O C

42

Harselaar. Rol gemeente: faciliteren. - We versterken en behouden de natuur en biodiversiteit door ruimte te geven aan robuuste groene verbindingen en beken. Rol gemeente: divers zie ook onder waardevol landschap. - Bij de inrichting van wijken zorgen we voor voldoende groen. Rol gemeente: regisseren. - We dragen bij aan een circulaire en duurzame samenleving door efficiënt herbruikbare stoffen in te zamelen en strategisch materiaal in te kopen. Rol gemeente: zelf doen en stimuleren. - Voor bedrijven stellen we circulariteit centraal. Rol gemeente: stimuleren.

T P E

C N

O C

43

3.2 Prettig leven in vitale dorpen De gemeente Barneveld kent een aanzienlijke groeiopgave: de druk op de woningmarkt is groot door de stevig groeiende en veranderende bevolking. Dat heeft consequenties, zowel fysiek als sociaal. Want hoe gaan we die groei inbedden in onze samenleving? Hoe zorgen we dat de sociale samenhang blijft behouden ondanks de groei? En fysiek: hoe zorgen we voor voldoende woningen, die aansluiten bij een veranderende behoefte, met bijbehorende voorzieningen die nodig zijn voor de samenleving? In deze opgave gaat het om wonen, meegroeien van voorzieningen voor onderwijs, cultuur, sport, (eerstelijns)zorg, en daarmee ook om meegroeien van de openbare ruimte en de groene ruimte, waaronder de groene buffers

T P E

C N

Groei gaat niet alleen over een nieuwe leefomgeving, maar raakt ook de bestaande. Die kent zijn eigen opgave: hoe we onze kernen en wijken vitaal houden of hoe krijgen we deze vitaal en toekomstbestendig. Hier ligt een duidelijke relatie met de opgave Gezond en toekomstbestendig Barneveld. Met duidelijk ook een gebiedsgerichte component. De kleine kernen kennen bijvoorbeeld een andere opgaven voor voorzieningen dan de grote kernen Barneveld en Voorthuizen. In de ene wijk is meer te doen aan gezondheid dan in de andere. Demografische ontwikkelingen en sociale aspecten spelen hierin een belangrijke rol.

O C

Onze visie op prettig leven in vitale dorpen

meegroeien van infrastructuur, het tempo waarin nutsvoorzieningen kunnen worden aangelegd en voorzieningen kunnen worden gerealiseerd, en het aanpassingsvermogen van onze dorpse samenleving.

Voldoende woningen voor iedereen Tot 2040 streven we naar 8.000 extra woningen ten opzichte van 2021. Met deze doelstelling bouwen we voldoende om te voorzien in de natuurlijke groei van Barneveld en de groei als gevolg van migratie. Daarnaast sluiten we met deze keuze aan op de uitkomsten van het participatietraject. In de samenleving is enige terughoudendheid voor al te snelle groei en vrees voor verlies van het dorpskarakter. Aan dat laatste hecht men veel waarde. We hebben deze keuze verder gebaseerd op realiteitszin: capaciteit,

Deze groeiambitie geven we een plek door te spreiden over alle kernen, zodat ook de kleine kernen een toekomstbestendige omvang krijgen om basisvoorzieningen als een basisschool, huisarts, een gezond verenigingsleven en een beperkt winkelbestand te behouden.

Het uitgangspunt daarbij is dat we 70 procent van de opgave plaatsen in de grotere kernen Barneveld en Voorthuizen en 30 procent in de kleinere kernen. Wij kiezen hiervoor omdat wij vitale kernen willen houden met voldoende nabije voorzieningen. Daarvoor moeten de kernen voldoende omvang hebben. Die omvang is ook nodig om een gevarieerd woningaanbod voor de verschillende doelgroepen te kunnen realiseren. Wij kiezen hiervoor omdat wij vitale kernen willen houden met voldoende nabije voorzieningen. Daarvoor moeten de kernen voldoende omvang hebben. Die omvang is ook De verdeling van deze 30 procent over de kleine kernen is gebaseerd op de volgende uitgangspunten:

We geven invulling aan de woningbouwopgave in onze gemeente door gebruik te maken van inbreidingslocaties in de kernen en uitbreidingslocaties aan de randen ervan. We hechten veel waarde aan het bestaand groen in onze kernen. Inbreiding mag daarom niet ten koste gaan van bestaande bepalende groenstructuren, maar is bijvoorbeeld wel mogelijk door transformatie van bestaande bebouwde terreinen in de kern. We gaan zuinig om met de beschikbare ruimte in onze kernen, door hoger te bouwen. In kleinere kernen vinden we twee of drie lagen acceptabel en in de grotere kernen vijf tot zes. De grotere kernen bieden kansen voor hogere bouw zoals bij stations. We zoeken eerst naar de mogelijkheden voor inbreiding volgens de principes van gezond en toekomstbestendig. Inbreiding alleen is echter onvoldoende om de groei op een goede manier te kunnen accommoderen; daarvoor is ook uitbreiding noodzakelijk. Uitbreiding vindt plaats in aansluiting op de bestaande kernen, met aandacht voor een goede landschappelijke overgang naar het buitengebied. Dat doen we ook om het dorpse karakter te behouden.

T P E

C N

O C

- De bevolkingprognoses voor de gemeente Barneveld, wat optelt tot 8.000 woningen - Water- en bodemsturend, waarbij meer woningen zijn voorzien op hoger gelegen gebieden. - De verhouding tot het voorzieningenniveau: of de voorzieningen in stand kunnen blijven of kunnen worden toegevoegd. - Welke ontsluitingsmogelijkheden er zijn, zoals beschikbaar of ontwikkelbaar wegennet. - In hoeverre er beperkingen zijn, bijvoorbeeld vanuit natuur en landschap.

Voor een deel worden woningen in het buitengebied toegevoegd als gevolg van functieverandering. We gaan hier echter terughoudend mee om en wijzen locaties aan om woningbouw uit functieverandering te concentreren op een aantal plekken. In hoofdstuk 4 komen de uitbreidingsrichtingen per kern aan bod.

In hoofdstuk 4 gaan we in op de groeiopgaven per kern.

44

45

Een gevarieerd woonaanbod Met nieuwe woningen willen we voorzien in de grote vraag naar meer woningen, en willen we ook beter aansluiten op de kwalitatieve behoefte. Meer dan voorheen streeft de gemeente naar doorstroming, door een divers aanbod in levensloopbestendige wijken. Anders gezegd: we vinden dat onze inwoners in hun eigen leefomgeving met hun eigen sociale netwerk oud moeten kunnen worden in een woning die past bij de verschillende levensfasen.

kan meedoen. Dit ter bevordering van de zorg voor elkaar, de sociale samenhang in de wijken en het contact tussen de generaties. Het sociale netwerk van mensen is een belangrijk vangnet. Dat vergt een gerichte aanpak omdat wijken verschillend beginnen en er in de gemeente Barneveld wijken zijn waar de sociale samenhang en de gezondheid lager is en de eenzaamheid hoger. Deze verschillen tussen wijken willen wij kleiner maken. De omgevingsvisie richt zich op maatregelen in de fysieke leefomgeving die deze wijken helpen.

We zien een duidelijke kwalitatieve opgaaf voor de komende jaren: de samenstelling van onze bevolking verandert. De Barneveldse bevolking wordt ouder, vooral de groep van 75+ neemt fors toe. Daarnaast komen er meer mensen bij van buiten de gemeente, waaronder ook substantiële groepen arbeidsmigranten, statushouders of vluchtelingen.

Met de woningbouwopgave zetten we in op een meer divers woningaanbod. Er is naast traditionele eengezinswoningen ook behoefte aan kleinere woningen voor een- tot tweepersoonshuishoudens, zowel voor jongeren als ouderen, alsmede ook meer gemengde woonvormen. (meergeneratiewoningen).

T P E

C N

O C

Er is, net als in de rest van Nederland, ook in onze gemeente veel vraag naar betaalbare woningen. We streven ernaar het aanbod aan sociale woningen meer te spreiden over de gemeente, zodat bijvoorbeeld onze startende jongeren en andere aandachtsgroepen terecht kunnen in de eigen kern.

Naast deze demografische trend, zijn er andere ontwikkelingen die vragen om een nieuwe samenstelling van de woningvoorraad. Denk aan toename van het aantal kleinere persoonshuishoudens of aan veranderingen in de zorg, waardoor meer mensen met een zorgbehoefte in onze wijken wonen en daar hun zorg ontvangen. Dat alles heeft op diverse vlakken gevolgen, voor de inrichting van onze leefomgeving en meer concreet de benodigde woningvoorraad.

Het is belangrijk dat er binnen een kern variatie ontstaat aan woningtypen zowel in omvang als prijscategorie. Hiermee vergroten we de diversiteit van bewoners in de wijken en kernen, zorgen we voor voldoende draagkracht in de wijken, vergroten we het contact tussen generaties en maken we het mogelijk dat de bewoners meer omkijken naar elkaar.

De gemeente Barneveld blijft streven naar gemengde, diverse en inclusieve wijken, waar generaties met verschillende achtergronden elkaar vinden en iedereen

46

om elkaar te ontmoeten, eerstelijnszorg en commerciële functies als winkels. En naarmate de wijken groter zijn, moet het voorzieningenniveau evenredig groter zijn. De wijken in Barneveld en in mindere mate Voorthuizen willen we daarom verrijken met ruimtes voor passende kleinschalige werkgelegenheid en kwalitatieve winkelvoorzieningen, om ze levendiger en vitaler te maken. Met als randvoorwaarde dat het aanvullend is op bestaand aanbod en dus niet concurrerend met bedrijventerreinen of met het centrum van Barneveld of Voorthuizen.

We volgen daarbij het rijksbeleid. Bij ontwikkeling streven we naar 30 procent sociale woningen en tweederde betaalbare woningen. Er moet wel steeds een gebiedsgerichte afweging worden gemaakt op het moment dat er een locatie wordt ontwikkeld. Betreft het bijvoorbeeld een kleine ontwikkeling, dan is het niet altijd mogelijk een divers woningaanbod te realiseren.

T P E

Net als in veel andere gemeenten speelt ook in de gemeente Barneveld het vraagstuk van huisvesting van specifieke doelgroepen en arbeidsmigranten. Het uitgangspunt daarbij is dat specifieke doelgroepen en arbeidsmigranten in de woonkernen kunnen wonen. Verdere uitwerking voor de opvang van specifieke doelgroepen vindt plaats in een omgevingsprogramma en de woonzorgvisie.

Voor de kernen streven we ernaar het niveau van basisvoorzieningen gebiedsgericht te versterken. Onder basisvoorzieningen verstaan we bijvoorbeeld basisscholen, culturele voorzieningen en sportvoorzieningen, kinderopvang, eerstelijnszorg en een (buurt)supermarkt. Die versterking wordt ingezet in lijn met de behoefte van de lokale gemeenschap. In de kern Barneveld groeien de voorzieningen gepast, zonder overmatige uitbreiding. Wat betreft de kleinere kernen, richten we ons erop het basisvoorzieningenniveau te versterken, passend bij de omvang van elke kern. De keuze voor extra groei van het aantal inwoners dient ter versterking van de basisvoorzieningen. We brengen in beeld welke aanvullende voorzieningen we nodig hebben voor het groeiende aantal inwoners. Daarnaast bepalen we de wenselijke maximale afstand van inwoners tot deze voorzieningen. We laten ons hierbij ook inspireren door de Utrechts barcode. Met deze barcode kijkt de gemeente of de

C N

Werf

O C

gem. Barneveld

Vitale kernen met een passend voorzieningenaanbod In de kernen Barneveld en Voorthuizen streeft de gemeente ernaar te sturen vanuit het niveau van de wijk of buurt, omdat dat het niveau is waar zich het dagelijks leven van de samenleving afspeelt. Dat vergt dragers in de wijk of buurt, zeker ook als het gaat om de voorzieningen. Bijvoorbeeld maatschappelijke voorzieningen zoals scholen, een plaats

47

verhoudingen tussen het aantal huizen en de ruimte voor voorzieningen gelijk opgaat. De basisvoorzieningen in de kernen moeten passen bij de omvang van de kern. De bestaande voorzieningen willen we in elk geval op peil houden. En per kern bekijken we wat er nodig is. . Daarbij wordt ook bekeken in hoeverre voorzieningen kunnen worden ingezet voor meerdere functies, bijvoorbeeld een buurthuis dat ook kan dienen voor kinderopvang.

streven naar versterking van het bestaande aanbod en breder (multifunctioneel) gebruik van bestaande voorzieningen voor meerdere maatschappelijke doelen.

en klimaatadaptatie. We willen daarvoor meer ruimte en meer voorzieningen om te voorzien in de behoefte bij onze inwoners, en om ze te bewegen tot gezond gedrag.

Toekomstbestendige openbare ruimte Het openbaar gebied speelt een belangrijke rol in een goed functionerende samenleving. Het biedt ruimte te ontmoeten, voor sport, spel en cultuur in de buurt, en voor een groene klimaatbestendige en dorpse invulling. De openbare ruimte dient dan ook meerdere doelstellingen, die bijdragen aan de samenleving.

De gemeente Barneveld streeft daarom naar een andere ruimtelijke mix, met minder ruimte voor de auto, en meer voor andere wensen, zoals sport, bewegen, cultuur en ontmoeten. Waar nodig blijft de gemeente zorgen voor adequate parkeervoorzieningen in de openbare ruimte. Met name in de grotere kernen zien we kansen om de openbare ruimte te gebruiken voor zaken als groen, wateropvang, sport en spelen, ontmoeting. Daarnaast kan de openbare ruimte zo worden ingericht dat lopen en fietsen wordt gestimuleerd, met als resultaat minder autokilometers en een hogere milieukwaliteit.

T P E

Het voorzieningenniveau heeft een belangrijke rol voor onderwijs. Deze is grotendeels wettelijk bepaald, en de gemeente verzorgt toereikende huisvesting voor primair en voortgezet onderwijs. We kijken naar de mogelijkheden voor extra ruimte aan scholen om flexibel te kunnen omgaan met groei.

C N

De gemeente streeft ernaar de openbare ruimte toekomstbestendig en inclusief in te richten, voor de verduurzamingsopgave en de klimaatverandering, en om de sociale doelstellingen te halen, bijvoorbeeld op gebied van gezondheid en de toename van ouderen.

O C

We willen een lage drempel voor deelname aan en toegankelijkheid van voorzieningen om te sporten, bewegen, cultuur beleven en elkaar ontmoeten. Dit is ook belangrijk om jonge gezinnen en jongvolwassenen te behouden in de kleine kernen. Nabijheid en betaalbaarheid van dit soort voorzieningen in de kleine kernen helpen dan. Grotere en aanvullend werkende sport- en cultuurvoorzieningen concentreren we in het dorp Barneveld. Barneveld beschikt over een mooi geheel aan voorzieningen, zoals bijvoorbeeld de bibliotheek, het theater, de Veluwehal, de musea.

Deze opgave is van belang in de bestaande wijken, vooral de wijken met grotere gezondheidsverschillen. Een toekomstbestendige en inclusieve inrichting draagt bij aan het doel de verschillen tussen wijken kleiner te maken. Tegelijkertijd zijn de financiële mogelijkheden beperkt, zodat we bij een verdere uitwerking moeten afwegen waar we wel aan de slag gaan en waar niet. Dat vergt een gebiedsgerichte aanpak. Om buurten en wijken gezond en toekomstbestendig te maken, hebben we meer openbare ruimte nodig, zodat mensen elkaar kunnen ontmoeten, zodat mensen kunnen bewegen, of voor biodiversiteit

Met de maatschappelijke voorzieningen stimuleren we gezondheid, dragen we bij aan leefbaarheid en sociale cohesie. Deze horen dus passend mee te groeien. We

48

Prettig leven in vitale dorpen samengevat - We streven naar een spreiding van de woningbouwopgave over alle kernen. Rol van de gemeente: reguleren, faciliteren. - We richten ons op een divers woningaanbod per kern waarmee we de diversiteit in wijken en sociale samenhang versterken. Dit willen we bereiken door aan evenwichtig aanbod van woningtypen, in omvang en prijsklasse. Rol van de gemeente: reguleren. - We zetten in op levensloopbestendige zorgzame wijken. Rol van de gemeente: stimuleren en faciliteren. - We focussen op inbreiding, maar dit mag niet ten koste gaan van de bestaande omgevingskwaliteit. Rol van de gemeente: reguleren, faciliteren. - We gaan uit van uitbreiding in aansluiting op de bestaande kernen. Rol van de gemeente: reguleren. - Uitgangspunt bij de inrichting van de openbare ruimte is de gezonde wijk, bestaand of nieuw. Rol gemeente: zelf doen. - Bij ontwikkeling nemen we landschappelijke inpassing en het behoud van cultuurhistorische kwaliteiten als uitgangspunt. Rol gemeente: stimuleren en reguleren. - Het voorzieningenaanbod moet passend zijn bij de omvang en positie van de kern. Rol van de gemeente: stimuleren en zelf doen.

T P E

C N

O C

Voor de kwaliteit van de fysieke leefomgeving gebruikt de gemeente waarden als cultuurhistorie en landschapstype als inspiratiebron. Zo streven we naar een zorgvuldig behoud van monumenten en beeldbepalende panden of bomen. Groene elementen zorgen voor een prettige leefomgeving. Daarom behouden we bestaande open groene plekken in onze dorpen, streven we ernaar nieuwe groene plekken toe te voegen.

ÖÉãK=_~êåÉî Éä Ç

49

3.3 Ruimte voor ondernemerschap Barneveld is een ondernemende gemeente waar veel en hard gewerkt wordt. We leveren een grote bijdrage aan de regionale economie en herbergen ook bedrijven met een internationaal werkgebied. Onze ondernemerszin leidt tot een doorlopende behoefte aan plekken om een bedrijf te vestigen of uit te breiden, op verschillende schaalniveaus. Dit leidt tot meer banen en daarmee ook tot meer werkgelegenheid. Daarnaast ervaren we ook vraag van bedrijven buiten onze gemeente om zich hier te vestigen. Tegelijkertijd moeten we rekening houden met de gevolgen van meer bedrijven. Wat betekent het voor onze bereikbaarheid, voor geluidsoverlast of hoe onze omgeving er uit ziet? Ondernemen is belangrijk, maar met een gezond oog voor de leefomgeving.

T P E

C N

Een gunstig vestigingsklimaat voor bedrijven en een gezonde werkgelegenheid staan centraal in dit thema. Daarbij moet de gemeente keuzes maken vanwege de schaarse ruimte. Van belang is daarnaast aandacht en ruimte voor vestigingsen uitbreidingsbehoefte van onze ondernemers in en rond de kleine kernen.

winkels en horeca. En tot slot bespreekt dit thema de mogelijkheden bezoekers naar de centra te trekken, vooral de kernen Barneveld en Voorthuizen.

O C

De agrarische en recreatieve sector dragen voor een belangrijk deel bij aan de werkgelegenheid in onze gemeente. Deze bedrijvigheid komt vooral aan bod in 3.4, Waardevol landelijk gebied.

Dit thema gaat bovendien in op vitale dorpscentra waar ondernemerschap floreert en bezoekers genieten van cultuur,

Onze visie op ruimte voor ondernemerschap

Om duurzame economische groei te realiseren zet de gemeente Barneveld in op innovatie, circulariteit en samenwerking in regionale verbanden, zoals Regio Foodvalley. Door nauwe samenwerking tussen onderwijsinstellingen en bedrijven zorgen we dat lokaal talent aansluit

Hierna gaan we eerst in op de opgave die de gemeente Barneveld heeft voor bedrijvigheid. Daarna zoomen we in op de plekken waar de verschillende soorten bedrijven kunnen landen.

T P E

op de arbeidsmarktbehoefte. Dit biedt starters en kleinere bedrijven de kans te groeien in een klimaat van innovatie en duurzaamheid.

Werkgelegenheid gemeente Barneveld De gemeente Barneveld positioneert zich als een gemeente van innovatieve makers met sterke focus op sectoren als agrifood, bouw en metaal. Deze vormen het economische fundament en ze worden ondersteund door zakelijke dienstverlening en logistiek, zoals vastgelegd in onze economische visie Barneveld 2030.

C N

We willen dat het aantal arbeidsplaatsen passend meegroeit met de inwonersgroei. Op dit moment is het aantal banen grofweg in evenwicht met de omvang van de beroepsbevolking; een kleine 40.000 banen. Die balans willen we zo houden, waarbij het streven erop gericht is om het type werk zo goed als mogelijk te laten aansluiten op de beroepsbevolking. De nabijheid van werk werkt immers in veel opzichten positief, bijvoorbeeld ook als het gaat om het beperken van pendel. Om die balans te behouden betekent dat er ca. 13.000 arbeidsplaatsen erbij komen. . De economie van Barneveld is divers: een deel van onze mensen werkt in de zorg, detailhandel, onderwijs en dergelijke. Ongeveer 50% van onze werknemers werkt bij een bedrijf. In totaal zal er voor 6.500 arbeidsplaatsen op de bedrijventerreinen ruimte moeten zijn. Dit zal in zowel op de lokale bedrijventerreinen als ons regionale bedrijventerrein Harselaar moeten zijn. Uit het behoefteonderzoek van Arcadis (2023)

O C

De gemeente Barneveld wil meer werkgelegenheid scheppen, en daarxbij richten we ons op arbeidsintensieve bedrijven. Met andere woorden: veel medewerkers per oppervlak. Dit betekent dat we geen ruimte willen reserveren voor nieuwe arbeidsextensieve bedrijven.

Binnen onze gemeente zijn we goed in de maakindustrie. Deze willen we daarom versterken en ruimte geven. Voorheen boden deze bedrijven vooral werkgelegenheid aan mensen met een praktische opleiding. Vanwege de innovaties die plaatsvinden hebben deze bedrijven nu ook behoefte aan theoretisch opgeleide mensen.

50

51

De volgende stap en lokale bedrijven Mochten deze bedrijven het goed doen en behoefte hebben uit te breiden, zijn ze op den duur aangewezen op een bedrijventerrein. Ook startende ondernemers kunnen zich hier vestigen. Als ondernemers groeien of als het zwaardere bedrijven betreft die meer milieuhinder veroorzaken, zijn deze niet gewenst in of nabij de kernen. Dergelijke bedrijven hebben een negatieve invloed op de woonkwaliteit.

blijkt dat er behoefte is aan ongeveer 100 hectare netto (140 ha bruto) extra bedrijventerrein. Om die groei te accommoderen zetten we in op verdichting van bestaande bedrijventerreinen en op meer arbeidsintensieve bedrijvigheid om het extra ruimtebeslag zo veel als mogelijk te beperken. Desondanks zal er aanvullend ruimte nodig zijn voor nieuwe werklocaties. Met de uitbreiding van Harselaar Zuid, maar ook lokale bedrijventerreinen wordt daar deels in voorzien, maar blijft een deel van de behoefte nog bestaan. We gaan nader bezien hoe en in welke mate wij dit willen accommoderen. De gemeente Barneveld ziet logistiek als een belangrijke ondersteunende sector in haar kernsectoren agrifood, bouw en maakindustrie. Dankzij de centrale ligging binnen Nederland en Regio Foodvalley biedt Barneveld uitstekende mogelijkheden voor slimme en circulaire logistieke oplossingen die de efficiëntie en duurzaamheid verbeteren van goederenstromen.

T P E

Zwaardere bedrijven Voor grotere bedrijven met een grote impact op de omgeving en regionale bedrijven is er plaats in de gemeente. Hiervoor is ons regionale bedrijventerrein Harselaar geschikt. Op dit bedrijventerrein voorzien we een uitbreiding. De huidige uitbreiding van 40 hectare zal niet geheel in de behoefte voorzien. We zullen nader onderzoeken welke mogelijkheden er zijn voor verdere uitbreiding ook in relatie met de haalbaarheid, capaciteit en bereikbaarheid.

C N

O C

We hebben daarbij speciale aandacht voor innovatieve maakbedrijven en circulaire economie. Om te voorkomen dat er onvoldoende ruimte is voor de grotere en hinderlijke bedrijven, is het niet wenselijk dat de kleinere bedrijven en bedrijven die weinig hinder veroorzaken zich vestigen op bedrijventerrein Harselaar. Daarbij moeten er in vestigingsplannen oplossingen zijn opgenomen voor het energiegebruik, zodat grote gebruikers geen negatief effect hebben op het elektriciteitsnetwerk binnen de gemeente, zodanig dat

Ruimte voor starters en onze kleine ondernemer Kleine bedrijven en startende bedrijven die nauwelijks hinder veroorzaken willen we ruimte bieden in of nabij de kernen. Daarbij bekijken we of de bereikbaarheid volstaat. Kleine startende ondernemers kunnen buiten de bedrijvenlocaties ook terecht op erven van stoppende agrariërs. In ons functieveranderingsbeleid hebben we daarvoor de voorwaarden opgenomen.

52

het ten koste gaat van bijvoorbeeld woningbouwontwikkelingen.

Ruimte voor ondernemerschap samengevat

Toekomstbestendige bedrijventerreinen Professioneel parkmanagement wordt gestimuleerd om samenwerking te bevorderen en bedrijventerreinen aantrekkelijk te maken als werklocaties. Hiermee wordt Barneveld een voorbeeld van een toekomstbestendige werkomgeving waar ondernemerschap floreert.

- Kleine, niet-milieubelastende bedrijven en starters bieden we ruimte in of nabij de kernen en voormalige agrarische erven. Rol gemeente: faciliteren en reguleren. - Doorstarters en bedrijven van beperkte omvang faciliteren we op lokale bedrijventerreinen. Rol gemeente: faciliteren en reguleren. - Bedrijventerrein Harselaar reserveren we voor grotere, hinderveroorzakende en regionale bedrijven. Rol gemeente: zelf doen en reguleren. - We onderzoeken verdere uitbreidingsmogelijkheden van de Harselaar. Rol gemeente: regisseren. - We richten ons op professioneel parkmanagement om samenwerking te bevorderen en bedrijventerreinen aantrekkelijk te maken. Rol gemeente: stimuleren.

T P E

Bruisende kernen Naast de meer productiegerichte bedrijven vormen ook de detailhandel, horeca en de toeristische sector een belangrijke economische pijler binnen onze gemeente. Vooral in de zomer bezoeken toeristen de horeca en detailhandel in onze kernen graag. De aanwezige horeca, detailhandel en festiviteiten willen we behouden en uitbreiden binnen het centrum van de kern Barneveld. Bij de gebiedsbeschrijving in Hoofdstuk 4 gaan we in de op de mogelijkheden van alle kernen.

C N

O C

t Éê Ñ

ÖÉã ÉÉå í É=_ ~ê å Éî Ç Éä

53

3.4 Waardevol landelijk gebied Barneveldse ondernemers en hun innovatie hebben de agrarische sector en bedrijvigheid in ons buitengebied economisch gezien veel goeds gebracht. Zonder deze ondernemers was de gemeente Barneveld niet wat ze nu is. Om de vitaliteit van het landelijk gebied voor de toekomst te behouden ligt er een maatschappelijke opgave voor de verbetering van de leefomgeving waar we sociaaleconomisch niet omheen kunnen. De opgaven voor het buitengebied betreffen:

T P E

- Een toekomstbestendige landbouw en duurzaam bodembeheer - Natuurherstel en stikstofreductie - Robuust watersysteem dat tegen een stootje kan - Klimaatadaptatie

C N

O C

Een toekomstbestendige landbouw en duurzaam bodembeheer De Veluwe is geen plaats voor in uitbreiding of nieuwvestiging van de intensieve landbouw. De nadruk in dit gebied ligt op natuurherstel. Ook voor grootschalige teelt van vezelgewassen zien we hier geen plaats. De Veluwe is een belangrijk infiltratiegebied voor water. Dat maakt dat de Veluwe bij uitstek geschikt is voor het vasthouden water en het dienen als buffer voor droge tijden.

ze de emissies in voldoende mate gaan beperken. Door voortzetting van het interimbeleid veehouderij en gezondheid bewerkstelligen we dat vergunningen worden aangescherpt en voldoende emissiereductie realiseren. In het recreatiegebied Voorthuizen ligt de nadruk op de recreatie. Agrarische bedrijven kunnen hier hun activiteiten verbreden en multifunctioneel worden. Dat wil zeggen dat ze naast de landbouwactiviteiten ook andere activiteiten kunnen ontplooien. In dit gebied denken we dan vooral aan de combinatie met recreatie. Voor zover hier landbouw plaatsvindt zal deze natuurinclusief moeten zijn.

Het oostelijk buitengebied is belangrijk voor onze agrarische functie. Dit is in Barneveld de plaats voor de intensieve (niet grondgebonden veehouderij). Vanwege de ligging nabij de Veluwe is het wel belangrijk dat de bedrijven werken aan emissiereductie. Dat doen we door bedrijven te stimuleren een bedrijfsplan op te stellen waarin zij aangeven hoe

In de verstedelijkte as zien we geen ontwikkelruimte voor landbouw. Voor zover hier landbouw plaatsvindt zal dit

54

“stadslandbouw” moeten zijn. Dat is landbouw voor en door de inwoners van het omliggende stedelijke gebied.

beekdalen gebruiken voor het aanplanten van bos. Daarmee zijn de beekdalen ook belangrijk voor het vormgeven en herstel van het landschap. Bedrijven moeten hier ook hun emissies naar het water beperken om ervoor te zorgen dat we gaan voldoen aan de normen van de KRW in 2027.

In het westelijke buitengebied gaat het vooral om grondgebonden landbouw. Hier willen we ruimte behouden voor deze vorm van landbouw, waarbij we daarnaast een omslag willen maken naar natuurinclusieve landbouw.

T P E

In het recreatiegebied Voorthuizen gaat het om het veiligstellen van het brongebied en het beekdal van de Veldbeek als onderdeel van het Groene Valleilint GNN. Ook hier streven naar het bereiken van 10% groen-blauwe dooradering. De recreatie in dit gebied laat zich goed combineren met de beekdalen in dit gebied.

C N

Natuurherstel en stikstofreductie De tweede opgave is natuurherstel en stikstofreductie. Voor het gebied de Veluwe (ons Natura-2000 gebied) betekent dat dat we de stikstofemmissie zoveel mogelijk willen beperken. Dat betekent dat we geen stikstofemitterende bedrijvigheid toestaan op de Veluwe.

O C

In de verstedelijkte as is natuur niet de voornaamste functie. De natuur die hier aanwezig is heeft de functie van recreatief gebied, uitloopgebied en groene buffer. Belangrijk is hier de Esvelderbeekzone. De gemeente heeft het deel tussen de wijk Bloemendal en Harselaar aangekocht voor natuurontwikkeling. De komende jaren zal de gemeente dit gebied vormgeven waarmee het gebied kan dienen voor natuur, waterberging en recreatie.

Belangrijk voor natuurherstel is ook het watersysteem. De Veluwe, ook wel aangeduid als de wateraccu, is een belangrijke zoetwatervoorraad van Nederland. Als gemeente streven we ernaar om het water dat hier valt vast te houden en te gebruiken in tijden van droogte. Dit vereist een zorgvuldig beheer van het watersysteem en het sturen van de afstroom.

De natuur in het westelijk buitengebied is belangrijk. Hier spelen de beken een belangrijke rol en streven we naar het herstel van de beekdalen. Een belangrijk onderdeel van dit gebied zijn de natte natuurparels. Het is belangrijk dat we de waterhuishoudkundige voorwaarden voor het behouden van deze natte natuur in stand houden.

In het oostelijk buitengebied is water een belangrijke factor. Hier streven we naar het bereiken van een 10% groen-blauwe dooradering. Dat betekent dat we de beken in hun loop willen herstellen en de

55

Belangrijk is hier ook het Groene Valleilint, onderdeel van het Gelders Natuurnetwerk. Het Groene Valleilint is een regionaal project dat een ecologische verbinding nastreeft tussen de Veluwe en de Utrechtse Heuvelrug. De betrokken gemeenten en de provincie werken hier gezamenlijk aan versterking van natuur en landschap. Met een meer natuurinclusieve en extensieve vorm van landbouw als uitgangspunt. Initiatieven voor natuur- en landschapsontwikkeling, al dan niet in combinatie met een financiële drager zoals een landgoed, moedigt de gemeente Barneveld van harte aan. Landschappelijke kwaliteit is daarbij leidend en we hebben hier vooral aandacht voor het bijzondere gebied rond Veenhuizerveld. Subsidie biedt eigenaren kansen om landschapsstructuren in het gebied te versterken.

en het stimuleren van het langer vasthouden van water in de haarvaten van het oppervlakte watersysteem (de zogenaamde B en C watergangen op particulier terrein).

Waardevol landelijk gebied samengevat

In middenstrooms gebied van het watersysteem, het deelgebied van de verstedelijkte as met het beekdal van de Esvelderbeek gaan we uit van het principe van vertragend afvoeren van water en ruimte geven aan waterberging. Dit doen we in combinatie met de inrichting van de zogenaamde groene buffers als groen, blauw -recreatief uitloopgebied voor de inwoners in de verstedelijkte as. In dit gebied heeft water ook een belangrijke seizoensgebonden belevingswaarde.

T P E

C N

In het watersysteem benedenstrooms waar de Barneveldse beken samen komen, hebben we te maken met hogere grondwatertrappen. In het westelijk buitengebied gelden de principes van een integrale beekdal ontwikkeling en het vasthouden van (kwel)water ten behoeve van natte natuurontwikkeling in de natuurparels van het Groene Valleilint.

O C

Robuust watersysteem en klimaatadaptatie De opgave voor een toekomstbestendig en robuust watersysteem hangt samen met het natuurlijksysteem van oppervlakte water en grondwater en de samenhang tussen bodemtype en hoogte ligging. We maken hierbij onderscheid in een boven-, midden en benedenstrooms gebied.

- In het oostelijk buitengebied werken we mee aan doorontwikkeling van de bestaande agrarische bedrijven binnen de wettelijke mogelijkheden. Rol gemeente: faciliteren. - In de gebieden rond Voorthuizen, Kootwijk, Garderen en het westelijk buitengebied heeft natuurinclusieve landbouw de toekomst. Rol van de gemeente: regisseren. - Het Groene Valleilint wordt de ecologische verbinding tussen de Veluwe en Utrechtse Heuvelrug. Rol van de gemeente samen met regio en provincie: stimuleren, bijvoorbeeld met subsidie. - De groene buffers vormen de uitloopgebieden tussen de kernen. Beperkte recreatie is mogelijk. Rol van de gemeente: regisseren. - De essen willen we behouden en versterken. Bij ontwikkelingen stellen we eisen aan de landschappelijke inpassing. Rol van de gemeente: regisseren. - We zien geen ruimte voor uitbreiding van recreatieparken. Wel is voor een deel een kwaliteitsslag te maken. Rol van de gemeente: stimuleren.

T P E

C N

O C

We zien geen ruimte voor extra recreatieparken. Op sommige terreinen is de kwaliteit te verhogen, bijvoorbeeld met een revitalisatieronde. Daarnaast zetten we als gemeente in op voorkoming en bestrijding van ondermijning en criminaliteit als daar reden toe is. Dit streven helpt ook om een kwaliteitsverbetering te bereiken op verblijfsrecreatieterreinen. Voor dit onderwerp stelde de gemeente de Visie op verblijfsrecreatie vast, met een uitgebreide beschrijving van het thema.

In het bovenstroomsgebied van de Veluwe met de flanken met de deelgebieden Veluwe, Oostelijk buiten gebied en recreatiegebied Voorthuizen gaan we uit van het principe van zo veel mogelijk vasthouden van regenwater, het afkoppelen en infiltreren van regenwater, het zo min mogelijk onttrekken van grondwater voor (groot)verbruik. In het agrarisch gebied zetten we in op duurzaam bodemgebruik, het verhogen van het organisch stofgehalte

56

57

3.5 Bereikbaar nu en in de toekomst

Onze visie op bereikbaarheid

Een goede bereikbaarheid van wijken en kernen vinden wij essentieel voor een goed en prettig functionerende samenleving in de gemeente Barneveld. Belangrijk voor de vele werknemers waaronder zzp’ers om hun werkzaamheden te kunnen uitvoeren, belangrijk voor bewoners bij hun maatschappelijke activiteiten en belangrijk voor werkenden en toeristen om zich naar, van en binnen de gemeente Barneveld te kunnen verplaatsen.

Wij richten onze gemeente zo in dat iedereen zich veilig en gemakkelijk kan verplaatsen binnen, vanuit, naar of door de gemeente. Wij zorgen ervoor dat voorzieningen, arbeidsplaatsen en woningen zoveel mogelijk in elkaars nabijheid worden gerealiseerd omdat dit leidt tot korte verplaatsingen. We ontwikkelen bovendien woonwijken in de nabijheid van stationslocaties zodat de keuze voor het openbaar vervoer wordt gestimuleerd en geven in de

Onze visie op prettig leven in vitale dorpen

T P E

en de trein of de voorkeur heeft met het openbaar vervoer te reizen, vindt het fijn als de bestemming ook bereikt kan worden. Het gaat vooral om de bereikbaarheid van onze dorpen, de voorzieningen in de dorpen en het gemak waarmee we naar andere plekken in de regio en de rest van Nederland kunnen komen. Een goede toekomst van onze bereikbaarheid – fiets, ov en auto - heeft aandacht nodig.

C N

De auto speelt binnen onze gemeente een prominente rol. Dit heeft een keerzijde. Op meerdere plekken in onze gemeente leidt dit tot problemen op de wegen. Al onze dorpen ervaren in verschillende mate overlast door autoverkeer en dat neemt toe met de groei van onze gemeente. Die overlast varieert van filevorming tot geluidoverlast, waarbij wij aantekenen dat overlast vaak ook persoons- en situatieafhankelijk is. In de kleine kernen wordt verkeersdruk sneller als te hoog ervaren dan in de grotere kernen. Daarnaast leidt autobezit en autogebruik tot een forse ruimteclaim, hoog energiegebruik en uitstoot van fijnstof. Ook op fietspaden wordt het drukker. Bakfietsen van bezorgers en inwoners nemen steeds meer ruimte in op paden en bij stallingen.

O C

Een goede bereikbaarheid is een centraal thema voor de gemeente. En wel op een veilige manier, in het bijzonder voor de kwetsbare verkeersdeelnemer, de voetganger, de fietser en de mensen met een beperking. De gemeente richt zich daarnaast op de ontwikkelingen in mobiliteit in een breder perspectief en de gevolgen daarvan voor Barneveld. Dit betekent aandacht voor wensen en potenties van het openbaar vervoer in de stationsomgevingen van Barneveld. Een belangrijk aandachtspunt voor bereikbaarheid is voldoende capaciteit op autowegen en fietspaden voor de verwerking van het verkeer, gezien de groei van de gemeente Barneveld.

Dat brengt opgaven met zich mee, ook omdat we willen dat onze kinderen veilig fietsend naar school of naar een station kunnen. Wie afhankelijk is van de bus

58

uitwerking voorrang aan duurzame mobiliteitskeuzes volgens het STOMP-principe. Dit is een afkorting van stappen (lopen), trappen (fietsen), openbaar vervoer, mobility as a service en privéauto. Waarbij het van belang is dat de mogelijkheden voor lopen en fietsen voor de korte afstanden als eerste aandacht krijgen. Daarna het aanbod van openbaar vervoer en tenslotte het netwerk en de faciliteiten voor personenauto’s. Hieronder lichten we dit nader toe.

T P E

C N

O C

59

Stappen (lopen) Lopen is goed voor de gezondheid van de mens en van het milieu. Voor de meeste mensen is lopen een laagdrempelige manier om zich over korte afstanden te verplaatsen. Wij willen ervoor zorgen dat binnen wijken en naar voorzieningen voldoende mogelijkheden zijn om korte afstanden veilig te voet af te leggen. Dat betekent niet alleen een goed netwerk aan voetpaden maar ook een goede staat ervan zodat ook bijvoorbeeld inwoners in een rolstoel, ouderen of mensen met een kinderwagen veilig een ommetje kunnen maken of voorzieningen kunnen bereiken.

We willen vanuit meerdere kernen en wijken aantrekkelijke fietsverbindingen aanleggen naar station Barneveld-Noord. Dit betreft de wijk Bloemendal en de kernen Kootwijkerbroek en Stroe. We kijken niet alleen naar fietsroutes binnen de gemeente, maar regionaal zetten we in op uitbreiding of verbetering van fietsroutes naar buurgemeenten. Openbaar vervoer Wij willen dat er meer gebruik wordt gemaakt van het openbaar vervoer. Dit doen we door te lobbyen bij het Rijk voor stations op het spoor AmersfoortApeldoorn bij Barneveld-Noord en bij Stroe. We realiseren ons dat een nieuw station doorgaans vraagt om een grote hoeveelheid potentiële reizigers. Ondanks de beoogde groei van onze gemeente en de ontwikkelingen rondom Defensie is het onzeker of een station kansrijk is. Daarom onderzoeken wij ook andere vormen van hoogwaardig openbaar vervoer tussen Stroe en Amersfoort en Apeldoorn. Het gesprek hierover met het Rijk en de provincie blijven we voortzetten. Ook gaan wij met onze partners in de regio na wat het effect is van een frequentieverhoging van de Valleilijn tussen Barneveld-Zuid en Ede-Wageningen op het gebruik van het openbaar vervoer.

T P E

C N

Trappen (fietsen) We willen voor ritten over korte afstanden het fietsverkeer stimuleren. We zetten daarom in op veilige en comfortabele fietsroutes die bijdragen aan een goede bereikbaarheid per fiets. Door goede fietsverbindingen wordt het gebruik van elektrische fietsen gestimuleerd wat leidt tot minder autogebruik en daarmee minder druk op de autowegen.

O C

De onderlinge afstand tussen woningen, werklocaties, scholen, detailhandel, voorzieningen en ov-knooppunten is in de kern Barneveld het kleinst. Deze kern biedt dan ook de grootste kansen om mensen te stimuleren de auto te verruilen voor de fiets. Om het fietsgebruik aantrekkelijk te houden en te maken, zetten we daarom in op korte, veilige en comfortabele fietsverbindingen. Dat betekent soms nieuwe verbindingen en soms het verbreden of op andere wijze aanpassen van bestaande verbindingen.

Autobereikbaarheid De auto blijft voorlopig een belangrijk vervoermiddel. Dit vanwege het landelijke karakter van onze gemeente, het beperkte aanbod van openbaar vervoer en de aard van de beroepen van een groot deel van de inwoners. Ook de gezinsomvang speelt een rol. Veel jonge kinderen worden dagelijks met de auto naar de basisschool gebracht. Ook als we meer gaan fietsen zullen bestaande knelpunten op het autonetwerk niet verdwijnen.

Bij ov-knooppunten, voorzieningen en concentratie van detailhandel moeten voldoende mogelijkheden komen om fietsen te stallen en elektrische fietsen te laden. We zien geen opgave voor de recreatieve routes. Deze zijn op orde. Deelmobiliteit (Mobility as a service) In de kern Barneveld zijn enkele deelauto’s beschikbaar. Als zich aanbieders melden zullen we deze faciliteren waar mogelijk. Bij invulling van nieuwe wijken streven we ernaar de parkeervoorzieningen te clusteren aan de randen van de wijk, waardoor alternatieve mobiliteitsconcepten meer kans krijgen.

T P E

Door de ruimtelijke ontwikkelingen neemt de druk op het autonetwerk toe. Enige toename in verkeersdruk en in reistijd accepteert de gemeente, omdat het onwenselijk is op alle wegen te streven naar een minimaal reistijdverlies. Zouden we het wegennet moeten inrichten met dat uitgangspunt, brengt dat hoge investeringskosten met zich mee en de ingrepen hebben dan ook veel ruimtelijke impact. Verbreding van wegen gaat namelijk ten koste van bestaande groenen waterstructuren. Reistijdverlies voor de auto kan ook bijdragen aan andere mobiliteitskeuzes, bijvoorbeeld aan de toename van fietsgebruik.

C N

O C Werf

Op enkele wegen zijn de huidige en verwachte doorstromingsproblemen echter zo groot of onwenselijk dat wij hier maatregelen moeten treffen. Met name in de grotere kernen zijn de doorstromingsproblemen op enkele wegen zo hinderlijk dat we een verbetering nodig vinden van de structuur van het wegennet. Het gaat om bestaande knelpunten die met de toevoeging van woningen extra aandacht vragen.

gem. Barneveld

Voor de realisatie van stations en andere ov-voorzieningen zijn we afhankelijk van hogere overheden, concessieverleners en vervoerders. Het duurt soms decennia voordat een voorziening daadwerkelijk is gerealiseerd. Voor ruimtelijke ontwikkelingen rond de stations streven we naar lagere parkeernormen en stimuleren we het gebruik van openbaar vervoer en fiets.

60

61

Specifiek noemen wij de doorstromingsproblemen op de Lunterseweg, Van Zuijlen van Nieveltlaan en Thorbeckelaan. De aanleg van de oostelijke rondweg en westelijke randweg Barneveld moet ervoor zorgen dat deze routes worden ontlast van doorgaand verkeer, dat woonen werkgebieden beter worden verbonden met het buitengebied en de snelwegen en dat het verkeer beter omgeleid kan worden bij wegafsluitingen. Op de uitvalswegen aan de zuidoostzijde van Barneveld is sprake van fors oponthoud en aantasting van de leefbaarheid (geluid, luchtkwaliteit en verkeersveiligheid). Deze omstandigheden maken de aanleg van een oostelijke rondweg onvermijdelijk en een randvoorwaarde voor de verbetering van de leefbaarheid en de verdere groei van Barneveld. Deze oostelijke rondweg om Barneveld is al langere tijd in studie. In 2021 werd een milieueffectrapport (MER) opgesteld.

rondwegstructuur rond het zuidoosten van de kern Barneveld. Om tot een definitieve tracékeuze van deze rondweg te komen, voeren we een aanvullende studie uit, met een participatietraject met de omgeving. De westelijke rondweg bij de kern Barneveld zien wij op de langere termijn als een gebiedsontsluitingsweg binnen de kom die onderdeel is van een bredere ontwikkelopgave aan de westzijde van Barneveld.

T P E

Voor de bereikbaarheid van onze gemeente en de omliggende regio’s en om sluipverkeer door het buitengebied en de kleine kernen te beperken, is het van belang dat het knooppunt A1-A30 in combinatie met het knooppunt Hoevelaken volledig wordt aangepakt. Dit blijven we benadrukken bij het Rijk. Tot slot onderzoeken we nut, noodzaak, kansen en effecten van een nieuwe afslag voor de A1 aan de oostzijde van Harselaar.

C N

O C

Om een goede afweging te maken zijn ook de effecten onderzocht van het opwaarderen van de bestaande uitvalswegen. Uit het onderzoek komt dat opwaarderen een forse ruimtelijke impact heeft. Daarnaast voldoet het opwaarderen niet aan het uitgangspunt van een robuuste verkeersstructuur en leidt het tot een afname van de leefbaarheid in de kern. Daarom heeft de aanleg van een oostelijke rondweg de voorkeur boven het opwaarderen van de route door de kom.

Het sluipverkeer en ook ander doorgaand verkeer doet de leefbaarheid van de kernen geen goed. Om de leefbaarheid van de kernen te bevorderen, streven we ernaar te voorkomen dat het doorgaande regionale of bovenregionale verkeer door de kernen gaat. De hoeveelheid sluipverkeer is het meeste merkbaar in en rond Voorthuizen en Terschuur. Maar ook op wegen in en rond De Glind, Kootwijkerbroek en Stroe bevindt zich tijdens drukke momenten verkeer dat eigenlijk thuishoort op de snelweg.

De oostelijke rondweg zien wij dan ook als een gebiedsontsluitingsweg buiten de kom en als de ontbrekende schakel in een al grotendeels gerealiseerde

62

Omdat de volledige aanpak van de knooppunten Hoevelaken en A1-A30 waarschijnlijk nog lang duurt, onderzoekt de gemeente of we het aandeel sluipverkeer omlaag kunnen brengen met maatregelen op onze eigen wegen en die van de provincie. Bijvoorbeeld door alternatieve routes aan te bieden of de inrichting van een weg aan te passen.

en gebruikers van openbaar vervoer en de hulpdiensten. Ook houden we rekening met de eventuele nadelige effecten van snelheidremmende maatregelen op de omgeving. Veilige kernen We streven naar veilige kernen voor kwetsbare weggebruikers. Enkele aspecten om dit te bereiken zijn hiervoor aan bod gekomen, we zetten de uitgangspunten op een rij: - Waar mogelijk optimaliseert de gemeente fietsroutes naar voorzieningen. - Mogelijkheden tot stallen en opladen van fietsen bij voorzieningen. - Straten autoluw maken waar het kan en investeren in een completer en aantrekkelijker fietsnetwerk. - De snelheid van 50 km per uur in de bebouwde kom is alleen wenselijk als er vrijliggende fietspaden zijn met voldoende ruimte. Wijkontsluitingswegen waar fietsers een goed alternatief hebben krijgen mogelijk een uitzonderingspositie. - Het realiseren van enkele nieuwe wegverbindingen zoals beschreven onder autobereikbaarheid dragen ook bij aan het vergroten van de verkeersveiligheid in de kernen.

Over de doorgaande weg door Stroe gaat sluipverkeer en ander doorgaand verkeer zoals bijvoorbeeld naar Kootwijkerbroek. Deze weg willen we ontlasten en daarom richten wij ons erop het verkeer tussen de N800 en de N310/A1 een alternatieve route te bieden.

T P E

C N

Nieuwe verbindingen nabij de verschillende kernen kunnen niet los gezien worden van infrastructurele aanpassingen in de kern zelf. Door binnen de kernen wegen af te waarderen ontstaat in de kernen een veiliger en prettiger leefklimaat en worden automobilisten meer gestimuleerd gebruik te maken van de nieuwe verbindingen. Bij de kleinere kernen zoals bij De Glind en Kootwijk zetten we in op aanpassing van de inrichting van de weg, zodat deze aansluit bij het verblijfskarakter van de kern.

O C

Bij het ontwerp van nieuwe wegen en de reconstructie van bestaande wegen hebben we aandacht voor een veilige verkeersinrichting. Daarbij is er wel een grens aan wat redelijkerwijs mogelijk is aan snelheidremmende maatregelen. We houden rekening met de belangen van partijen voor wie snelheidremmende maatregelen juist een onevenredig nadeel hebben op aanrijdtijden zoals aanbieders

63

Bereikbaarheid samengevat - We passen het STOMP-principe toe. Rol van de gemeente: regisseren en reguleren. - Wij zorgen ervoor dat binnen wijken en naar voorzieningen voldoende mogelijkheden zijn om korte afstanden veilig te voet af te leggen met veilige en voor iedereen toegankelijke voetpaden. Rol gemeente: zelf uitvoeren. - Fietsroute langs Stationsweg Barneveld verbeteren Rol van de gemeente: zelf uitvoeren. - Fietsroutes aanleggen tussen Bloemendal, Kootwijkerbroek en Stroe naar station Barneveld-Noord. Rol van de gemeente: zelf uitvoeren - Fietsroutes naar Nijkerk Putten en Ede. Rol van de gemeente: samenwerken met andere overheden. - Fietsvoorzieningen zoals stalling- en oplaadmogelijkheden bij ovknooppunten verbeteren. Rol van de gemeente: lobbyen en regisseren. - Extra station Barneveld-Noord en Stroe of ander ov-verbinding van Stroe naar Amersfoort en Apeldoorn. Rol van de gemeente: lobbyen. - Parkeervoorzieningen clusteren. Rol gemeente: zelf uitvoeren en regisseren. - Ernaar streven dat de knooppunten A1-A30 en Hoevelaken volledig worden aangepakt. Rol van de gemeente: lobbyen.

- Verkeersveiligheid en leefbaarheid verbeteren en doorgaand keer in kernen beperken onder andere door: - Postweg De Glind herinrichten. Rol van de gemeente: zelf uitvoeren. - Alternatieve verbinding tussen de N800 en N310 ten zuiden van Stroe aanleggen Rol van de gemeente: zelf uitvoeren. - Alternatieve verbinding tussen de Garderbroekerweg en de Heuvelrandweg in Voorthuizen aanleggen. Rol van de gemeente: zelf uitvoeren. - Oostelijke rondweg Barneveld. Rol van de gemeente: zelf uitvoeren.

T P E

C N

O C

4. Visie op de deelgebieden Mede op basis van de lagenbenadering maken we in deze omgevingsvisie onderscheid in vijf deelgebieden. De grenzen tussen die gebieden zijn niet scherp en er kan wat overlap zijn, maar deze indeling helpt bij het bepalen van de ontwikkelingsrichting per gebied. Elk deelgebied heeft zijn eigen karakter en eigenschappen. Deze vormen de basis voor de koers en de keuzes die we maken voor toekomstige ontwikkelingen. In dit hoofdstuk beschrijven we de belangrijkste richtingen per gebied, waarbij we rekening houden met de natuurlijke systemen, cultuurhistorische waarden en de behoefte van de gemeenschappen. Van de stuwwallen en bossen van de Veluwe tot de natte beekdalen van het westelijk buitengebied: elk gebied draagt bij aan de diversiteit en vitaliteit van onze gemeente. Met een integrale benadering streven we naar een duurzame en veerkrachtige toekomst voor de gemeente Barneveld.

T P E

C N

O C

Deelgebied

Profiel

Dorpen/kernen

Veluwe

Natuur en waardevol landschap

Garderen en Kootwijk

Oostelijk buitengebied

Bedrijvenlandschap (agrarischniet-agrarisch)

Stroe en Kootwijkerbroek

Recreatiecluster Voorthuizen

Recreatie en multifunctionele landbouw

-

Verstedelijkt gebied

Verstedelijking (wonen en werken)

Barneveld, Harselaar en Voorthuizen

Westelijk buitengebied

Gemengd (landbouw en

De Glind, Terschuur en Zwartebroek

waardevolle landschappen)

64

65

We lopen in dit hoofdstuk de deelgebieden af van oost naar west, van hoog naar laag. Elk gebied heeft een primaire functie (profiel), waarmee we rekening houden bij de inpassing van andere functies. Binnen de gebieden krijgen de dorpen en grote objecten afzonderlijke aandacht.

Legenda

Deze deelgebieden worden verder uitgewerkt in de navolgende paragrafen.

1

De Veluwe, met Kootwijk en Garderen

2

Het oostelijk buitengebied, met Kootwijkerbroek en Stroe

3

Recreatiegebied Voorthuizen

4

De verstedelijkte as, met Barneveld, Harselaar en Voorthuizen

5

Het westelijk buitengebied, met Zwartebroek, Terschuur en De Glind

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Barneveld&id=b774e56e-1b12-4e0c-92d0-5bf398fd5173