Bijlage 1 GRP Barneveld 2021-2026.pdf
Tekst van het document
30
4
Personele capaciteit en Financiën
4.1 Personeel Om te zorgen dat de prestaties in het beleidsveld riolering en water goed verlopen, zijn voldoende en goede mensen nodig. De werkzaamheden in de waterketen worden uitgevoerd door de binnendienst en de buitendienst. De binnendienst bestaat uit beleidsmedewerkers en beheerders. Zij werken aan en zijn verantwoordelijk voor beleid- en planvorming, afstemming met andere disciplines, samenwerken met andere overheden/partijen, waarborgen van de kwaliteit, coördinatie van het beheer van de voorzieningen, op orde brengen van de data, afwegen van de doelmatigheid van ingrepen en participatie van inwoners. Daarnaast zijn een aantal medewerkers verantwoordelijk voor het voorbereiden en uitvoeren van projecten op het gebied van aanpassing rioleringsstelsel en aanleg klimaatadaptieve maatregelen, zoals bijvoorbeeld infiltratieriolen en waterpasseerbare bestratingen. In totaal is 10,8 fte werkzaam aan de riolering in de binnendienst. De buitendienst zorgt ervoor dat de water- en rioleringsvoorzieningen goed functioneren. De buitendienst zorgt onder andere voor: · verhelpen van kleine calamiteiten; · het vegen van de straten; · reinigen van de kolken. In totaal is 7,4 fte werkzaam aan water en riolering in de buitendienst. Met een rekenmodel van de brancheorganisatie RIONED hebben we uitgerekend dat er voor de opgave waar Barneveld voor staat, 14,3 tot 23,0 fte nodig is.
In onderstaande tabel staan de uitkomsten. We hebben op dit moment 18,2 fte beschikbaar, wat betekent dat er voldoende personele capaciteit is om alle werkzaamheden uit te voeren, als een deel van de werkzaamheden wordt uitbesteed. In de begroting is hier ook rekening mee gehouden. Samenvatting tijdsbesteding
Planvorming, onderzoek en facilitair Onderhoud Maatregelen Totaal
Maximale uitbesteding tijdsbesteding dagen fte: (175 dag/jaar) 473 2,7 743 4,2 1.290 7,4 2.505 14,3
Minimaal uitbesteden tijdsbesteding dagen fte: (175 dag/jaar) 900 5,1 1.834 10,5 1.290 7,4 4.024 23,0
We streven naar een goede kwaliteit en een lage kwetsbaarheid. Daarvoor hebben we voldoende en goede mensen nodig. Met de huidige bezetting zijn we beter uitgerust dan tijdens de uitvoering van het vorige plan. Om te zorgen dat we de komende periode de geplande werkzaamheden volgens plan kunnen uitvoeren, zal een deel van de werkzaamheden moeten worden uitbesteed. De werkzaamheden die kennis van het gebied, de achtergrond en afstemming met andere disciplines vereisen, pakken we zelf intern op of sturen we aan. Voor werkzaamheden die specialistische kennis vereisen en wanneer we ondersteuning nodig hebben, huren we goede mensen in.
31
4.2 Kostendekking Het doel van de kostendekkingsberekening en hoe we ervoor zorgen dat we dit doel behalen, is in onderstaande tabel weergegeven. Doel
De rioolheffing heeft een kostendekkend tarief.
Functionele eis
1. 2.
Er is inzicht in de kosten, opbrengsten en financieringsmethoden. De kosten worden gedekt uit de rioolheffing.
Maatstaf
1. 2.
De kosten van riolering worden voor de lange termijn (planningshorizon) volledig gelijk aan de opbrengsten. De verhouding kosten en opbrengsten in de planperiode is in lijn daarmee.
1. 2.
Financieel uitvoeringsplan Terugkoppeling van financiën bij vaststelling jaarlijks heffingstarief.
Meetmethode
In de berekening van de rioolheffing nemen we alleen de kosten mee die vallen binnen de wettelijke zorgplichten van de gemeente. Het gaat dus om de kosten van de werkzaamheden die we hebben beschreven in hoofdstuk 3. De uitgangspunten van de kostendekkingsberekening zijn opgenomen in bijlage 3. 4.3 Uitgaven De werkzaamheden die we in hoofdstuk 3 hebben beschreven, bestaan uit jaarlijkse kosten en investeringen. De investeringen schrijven we over een langere periode af en komen in de jaarlijkse kosten terug als kapitaallasten. De jaarlijkse kosten bestaan uit (zie ook onderstaande figuur): · de exploitatie: ° beheer en Onderhoud: dagelijkse werkzaamheden die zorgen dat het systeem goed functioneert; ° personeelskosten. · onderzoekskosten en bijdragen samenwerkingsverbanden; · nieuwe kapitaallasten: de investeringen die we in de komende planperiode uitvoeren, komen in de jaarlijkse kosten terug als nieuwe kapitaallasten; · oude kapitaallasten: de investeringen die we in het verleden hebben gedaan, komen in de jaarlijkse kosten terug als oude kapitaallasten. Kapitaallasten investeringen t/m 2020 ; € 14.532.199; 23%
Exploitatie; Onderzoek; € 16.784.296; 27% € 960.000; 1%
Kapitaallasten nieuwe investeringen Grondwater;€ 3.513.619; 6% € maatregelen; 75.000; 0% Onderzoek Klimaat-maatregelen; € 7.200.000; 11% Vervanging en verbetering Grondwater-maatregelen
Vervanging en verbetering; Exploitatie € 19.968.319; 32% Klimaat-maatregelen Kapitaallasten nieuwe investeringen
Kapitaallasten investeringen t/m 2020
32
De investeringen bestaan uit grondwatermaatregelen, vervanging en verbetering en klimaatmaatregelen (zie ook onderstaande figuur). · Grondwatermaatregelen: ° installeren van apparatuur voor het meten en monitoren van de grondwaterstand; ° bij klachten en meldingen, onderzoek en eventuele maatregelen uitvoeren. · Vervanging en verbetering: ° vervanging: objecten die niet meer goed functioneren, worden vervangen; ° verbeteringen: aanpassingen aan het systeem die op basis van studies (zoals maatregelen uit SSW’s) worden ingepast. · Klimaatmaatregelen: klimaatadaptieve aanpassingen in de openbare ruimte. Bijvoorbeeld door bij lopende projecten (werk met werk maken) aanpassingen voor het veranderende klimaat direct mee te nemen.
In bijlage 4 zijn de beoogde werkzaamheden voor deze planperiode nader uitgewerkt. In onderstaande tabel zijn de jaarlijkse kosten en investeringen voor de komende planperiode en daarna weergegeven. Totaaloverzicht, exclusief BTW euro*1000 prijspeil 2020 Planperiode Jaarlijks Investeringen Onderzoek Exploitatie Vervanging en Klimaat- Grondwaterverbetering maatregelen maatregelen
investeringen lineair afgeschreven TOTAAL Kapitaallasten nieuwe Kapitaallasten investeringen investeringen t/m 2020
jaar
2021 2022 2023 2024 2025 2026 totaal planperiode Totaal 20212100
1
2
3
4
5
6
7
1+2+6+7
160 160 160 160 160 160
2.774 2.784 2.795 2.803 2.810 2.818
3.775 3.502 3.290 3.198 3.099 3.104
1.200 1.200 1.200 1.200 1.200 1.200
13 13 13 13 13 13
271 508 720 916 1.099
2.790 2.656 2.496 2.345 2.175 2.071
5.724 5.871 5.959 6.028 6.062 6.147
960
16.784
19.968
7.200
75
3.514
14.532
35.790
12.800
225.292
337.193
12.000
75
312.756
45.391
596.239
33
Op de lange termijn is de verdeling van de kosten als volgt: 10.000
EURO 1.000
8.000 6.000 4.000 2.000 -
2021 2026 2031 2036 2041 2046 2051 2056 2061 2066 2071 2076 2081 2086 2091 2096 onderzoek
exploitatie
jaar
kapitaallasten verleden
nieuwe kapitaallasten
Op de lange termijn (tot 2100) streven we naar een rioolheffing die 100% kostendekkend is. Dit betekent dat alle voorziene kosten tot en met 2100 gelijk zijn aan de geraamde opbrengsten tot en met 2100 en de voorziening opgeteld. 4.4 Rioolheffing De hoogte van de rioolheffing is afhankelijk van het aantal kubieke meters water dat vanuit het perceel wordt afgevoerd. Dit wordt gebaseerd op het drinkwaterverbruik en het opgepompte grondwater. De heffing is als volgt opgebouwd: · vast bedrag voor afvoer van 0 – 350 m3 afvalwater; · vermeerderd met € 0,50 voor elke m3 afvalwater boven de 350 m3 met een maximum van 25.000 m3. Klimaat Klimaatverandering zorgt voor een grote opgave op het gebied van water en riolering. De extra werkzaamheden die nodig zijn om onze gemeente voor 2050 klimaatadaptief te maken, kosten extra geld. Om deze werkzaamheden te borgen, stijgt de rioolheffing jaarlijks met 2,5%. Jaarlijkse stijging Met een jaarlijkse tariefverhoging van de rioolheffing van 1,5% (exclusief inflatie) en inzet van de voorziening, worden de lasten ook op langere termijn gedekt en worden grote schommelingen in het tarief voorkomen. Het vaste bedrag voor de afvoer van 0-350 m3 afvalwater in 2021 is € 186,00. Tot 2024 zijn de jaarlijkse kosten hoger dan de opbrengsten van de rioolheffing in dat jaar, daarom gebruiken we de voorziening om de totale kosten te dekken.
Vanaf 2024 zijn de opbrengsten hoger dan jaarlijkse kosten, waardoor we sparen voor uitgaven in de toekomst en de voorziening groeit.
34
250
10.000 9.000 8.000 7.000
150
6.000 5.000
100
4.000 3.000
50
Voorziening, euro*1000
Rioolheffingen, euro
200
2.000 1.000
0 2021
-
2022
2023
2024
2025
2026
jaar
te dekken per eenheid
rioolheffing
voorziening
4.5 Proces Elk jaar maken we een jaarrapportage waarin we terugkijken op het afgelopen jaar en vooruitkijken naar het komende jaar. We evalueren of we de onderzoeken en maatregelen volgens plan hebben uitgevoerd tegen de geraamde kosten. We kijken vooruit welke specifieke onderzoeken en maatregelen we komend jaar gaan uitvoeren. Deze jaarrapportage is de jaarlijkse rapportage van de tussenstand in de uitvoering van het beleid dat we met dit plan voor zes jaar vastleggen. Daarmee houden we grip op het realiseren van onze doelen, dan wel de noodzaak deze bij te stellen op het gebied van onze stedelijke watertaken, klimaatadaptatie, duurzaamheid, energietransitie en samenwerking.
35
Bijlage 1
Evaluatienotitie
Evaluatie In de evaluatie kijken we terug op de afgelopen periode. We kijken ook vooruit naar hoe we in het nieuwe GRP zaken juist wel willen oppakken. Het GRP Het huidige GRP (2016-2019) is een compact document dat goed leesbaar is. Werkzaamheden zijn concreet benoemd. Dit geeft een duidelijk beeld van wat er moet gebeuren, maar zorgt ook voor weinig flexibiliteit. In de uitvoering kunnen we, in goed overleg met betrokkenen, management en wethouder, budgetten en activiteiten aanpassen. De ambitie die we onszelf gesteld hebben met de benoemde werkzaamheden, was hoog en bleek niet uitvoerbaar gedurende de planperiode. Een reden hiervoor is dat er in gemeente Barneveld veel nieuwbouwprojecten voorbereid worden. Daarnaast vormt interne advisering in de vorm van wateradviezen en waterparagrafen voor bestemmingsplannen en bouwplannen een taak die veel tijd vraagt. Zowel vanuit beleid als vanuit beheer wordt meegewerkt aan deze projecten, waardoor andere werkzaamheden blijven liggen. Deze taken gaan vaak voor op de uitvoering van de ‘GRP-taken’. Dit heeft geleid tot onvoldoende sturing op wat wel en niet wordt opgepakt door het team riolering & water. Het nieuwe GRP wordt een strategischer plan. De visie en beleidskeuzes worden helder beschreven.
Voor de praktische uitwerkingen hiervan verwijzen we, wanneer mogelijk, naar de plannen waarin dit al beschreven staat, bijvoorbeeld het rioolbeheerplan en waterbeheerplan. Daarnaast bevat het nieuwe GRP de uit te voeren activiteiten, zoals verbeteringsmaatregelen, planvorming en onderzoeken, en de bijbehorende budgetten. Samenwerking Intern Er vindt wekelijks een technisch wateroverleg (TWO) tussen de beleid- en beheerafdelingen Water plaats. Dit overleg zorgt ervoor dat beide afdelingen op de hoogte zijn van de werkzaamheden. Binnen de Afdeling Beheer en Openbare Ruimte (BOR) is een start gemaakt met meer integraal werken. Vanuit wegenbeheer is een overzicht gemaakt van de projecten die de komende jaren gepland staan om mogelijkheden om werkzaamheden samen op te pakken, in beeld te brengen. Er wordt gezocht naar een integraal beheerder om dit verder op te pakken. Gemeente Barneveld is volop in ontwikkeling. Er worden veel plannen voor inbreiding en uitbreiding opgesteld. Het team water & riolering is hier nauw bij betrokken. Bij het opstellen van de plannen zitten de beheerders aan tafel om aan de voorkant van het proces beheerkennis in te brengen. Hiermee is de uitvoerbaarheid en beheerbaarheid van de plannen geborgd. De inzet van uren is hiervoor hoog, dat zorgt ervoor dat ‘eigen’ (beheer-)werkzaamheden blijven liggen.
Extern Gemeente Barneveld is deelnemer van Platform Water Vallei en Eem (PWVE). In dit samenwerkingsverband is het vergroten en delen van kennis belangrijk. De afgelopen periode is gezamenlijk een klimaatstresstest uitgevoerd. Daarnaast wordt het meten en monitoren van het grondwater en de rioolstelsels opgepakt door de gezamenlijke uitvoeringsorganisatie (UVO). Samen met de gemeenten Ede en Veenendaal en Waterschap Vallei en Veluwe vormt gemeente Barneveld een Afvalwaterteam (AWT). In het vorige GRP is aangegeven dat een gezamenlijk waterketenplan wordt opgesteld. Er is een gezamenlijke beleidssynchronisatie opgesteld, hierin zijn de eerste stappen opgenomen om met het AWT vanaf 2018 toe te werken naar gezamenlijk beleid. De samenwerking wordt echter meer beheersmatig opgepakt door bijvoorbeeld het opsporen van foutaansluitingen samen op te pakken. Er vindt één keer in de zes weken overleg plaats tussen het waterschap en gemeente Barneveld. Zo blijven de gemeente en het waterschap goed op de hoogte van elkaars ambities en projecten. Het waterschap is bij verschillende gemeenten betrokken om afkoppelen van particulier terrein te stimuleren, hierin is ervaring opgedaan met het betrekken van burgers en bedrijven. De toekomst van drukriolering is een onderwerp dat in samenwerking tussen het waterschap en de gemeente moet worden opgepakt.
Financiën De hoofdlijn in het werkproces zijn de jaarplannen. Deze vormen de basis voor uitvoering, vervolgens wordt in voortgangsrapportages bijgehouden wat er werkelijk is uitgevoerd en wat de werkelijke kosten zijn. De afgelopen planperiode (2016-2019) was er een investeringsopgave van € 15,6 miljoen. De werkzaamheden afkoppelen van recreatiegebied Kieftveen en decentrale afvalwaterzuivering in De Glind vervallen, dit betekent dat er een investeringsopgave van € 14,5 miljoen resteert. Van 2016-2019 heeft het college € 9,3 miljoen beschikbaar gesteld. Hiervan is € 9,2 miljoen besteed. De resterende investeringsopgave is € 5,3 miljoen, deze schuift door naar 2020 en de planperiode van het nieuwe GRP (2021-2026). Er is aansturing nodig om prioriteiten te stellen en keuzes te maken in wat wel en wat niet uit te voeren. Daarnaast is het van belang dat maatregelen en investeringen worden getoetst op haalbaarheid; vooral met het oog op financiën en personele bezetting. Beheer Aangezien Barneveld een groeigemeente is, zal op de langere termijn het beheer van aangelegde rioolstelsels en watervoorzieningen steeds belangrijker worden. De verschuiving van nieuwe aanleg naar beheer vraagt uiteindelijk een andere bedrijfsvoering. Er is aandacht nodig om de basis op orde te krijgen; zowel de beheergegevens en basisinformatie als ook inzicht in het functioneren en inzicht in knelpunten.
Hierin is een achterstand. De beheergegevens worden bijgehouden in GBI. De gegevens van het rioolsysteem zijn ingevoerd, maar er zijn nog verbeterslagen te maken. Afgelopen jaren zijn de bob’s en maaiveldhoogtes in de kernen nagemeten. Met nieuwe uitdagingen en denkwijzen, zoals risicogestuurdbeheer en klimaatsverandering, worden ook nieuwe vragen gesteld. Hiervoor zijn de huidige gegevens niet altijd direct toepasbaar.
Het beheer wordt meer risicogestuurd opgepakt. Met de analyse- en simulatietool Rasmariant zijn vervangingsplanningen op de korte en lange termijn gemaakt. Daarnaast geeft deze tool handvatten om rioolinspecties op de lange termijn risico- en kwaliteitsgestuurd op te pakken. In het rioolbeheerplan is opgenomen hoe het systeem wordt beheerd. In het huidige GRP is dit nu ook opgenomen. Er is de wens om het nieuwe GRP een meer strategisch plan te maken, dat duidelijke handvatten geeft (een middel om keuzes te kunnen maken) richting het operationeel beheer en niet vastlegt hoe de uitvoering van taken eruit ziet. Barneveld is een gemeente die werkzaamheden veelal zelf oppakt. Inmiddels zijn stappen gezet om de formatie op orde te krijgen. Hiermee worden dagelijkse taken meer binnen de planning opgepakt. Aandacht blijft echter nodig voor zaken die achter lopen. Voorbeelden hiervan zijn het op orde brengen van het databeheer, de hydraulische doorrekeningen van de rioolstelsels en het daarmee actualiseren van basisrioleringsplannen (BRP’n), en het opstellen van integrale planningen voor werken in de openbare ruimte. Mogelijk is hier een inhaalslag te plegen door toch werk op regie op de markt te zetten. Klimaatadaptatie Het klimaat verandert. De afgelopen periode is er steeds meer aandacht voor de gevolgen die klimaatsverandering heeft.
In samenwerking met Platform Water Vallei en Eem, Veluwe Noord en Veluwe Oost is een klimaatstresstest uitgevoerd. De stresstest geeft weer waar de knelpunten ontstaan voor de thema’s wateroverlast, hitte, droogte en waterveiligheid. Binnen deze samenwerking is ook het Regionaal Manifest Ruimtelijke Adaptatie ondertekend. Samen worden klimaattafels georganiseerd en wordt er gewerkt aan een Regionaal Adaptatie Plan (RAP). In gemeente Barneveld is een integrale werkgroep klimaatadaptatie opgezet. Deze werkgroep heeft een Plan van Aanpak klimaatadaptatie opgesteld en acties geformuleerd. Ook worden burgers en bedrijven benaderd over dit onderwerp, bijvoorbeeld door flyers en tijdens de dorpentoer. In het traject tot het opstellen van het nieuwe GRP discussiëren we welke maatregelen onder het GRP vallen en welke maatregelen vanuit andere financieringsbronnen bekostigd moeten worden. De thema’s wateroverlast en droogte zijn direct te relateren aan de gemeentelijke zorgplichten voor stedelijk water. Voor deze thema’s wordt in het nieuwe GRP aandacht besteed aan de omgang met extreme weersomstandigheden en wat er moet gebeuren om hierop voorbereid te zijn. Energietransitie Er wordt een regionale energie strategie (RES) opgesteld. In deze strategie wordt onderzocht vanuit welke hernieuwbare bronnen energie kan worden gewonnen voor verschillende gebieden binnen de regio.
De koppeling tussen de energietransitie en water is op verschillende manieren te maken: · Er zijn een aantal technieken waar warmte uit water kan worden teruggewonnen (thermische energie uit drinkwater (TED), thermische energie uit afvalwater (TEA), thermische energie uit oppervlaktewater (TEO);
·
Voor zowel de energietransitie als voor water (riolering en klimaatadaptatie) moet de straat open. Werkzaamheden kunnen samen worden opgepakt. Burgers worden in het proces betrokken. Om te voorkomen dat burgers te vaak vanuit verschillende vakgebieden worden benaderd, kan dit samen worden opgepakt. Dit is bijvoorbeeld gedaan in de dorpentoer. Aandachtspunt hierbij is dat wanneer één van de onderwerpen veel discussie oproept, er minder aandacht is voor de andere thema’s.
Omgevingswet Vooralsnog is de implementatie van de Omgevingswet een open proces waarbinnen vooral door middel van pilots en try-outs wordt gewerkt. Het nieuwe GRP is een bouwsteen voor de Omgevingsvisie, het Omgevingsprogramma en het Omgevingsplan. Het GRP wordt zo opgesteld dat deze onderdelen kunnen worden overgenomen in een gemeentebrede visie, programma en plan. In het GRP is er aandacht voor raakvlakken met andere vakgebieden, maar ook in de randen van het stedelijk watersysteem en de raakvlakken met het ‘buitenwater’.
Wordt niet uitgevoerd
Uitgesteld naar (jaar)
Deels uitgevoerd
Uitgevoerd
Projecten In het GRP 2016-2019 zijn een aantal doelstellingen en bijbehorende maatregelen benoemd. In onderstaande tabel is per doelstelling aangegeven of de maatregelen zijn uitgevoerd, deels uitgevoerd, uitgesteld of vervallen. Indien bekend, is het jaartal waarin de maatregel is uitgevoerd of gepland, aangegeven.
Doelstelling: Duurzaam handelen 1.1 Aanleg geïntegreerd rioolgemaal met bergbezinkbassin Garderen.
2019
1.2 Uitvoeren verbeteringsmaatregelen De Glind.
2018-2020
1.3 Optimalisatie rioolgemaal Harderwijkerkarweg.
2019
1.4 Dichtzetten nooduitlaat Garderbroekerweg, Wielweg, Versteeglaan, Roelenengweg.
Is geen actie
1.5 Stimuleren duurzame energiewinning uit afvalwater (douche warmtewisselaars, riothermie) en hergebruik hemelwater bij inen uitbreidingsplannen. 1.6 Opstellen calamiteitenplan. 1.7 Opruimen oude rioolvoorziening (versnijder) Kootwijk.
2020
Doelstelling: Geen schade op particulier terrein als gevolg van hevige neerslag
2.1 Uitvoeren maatregelen BRP Zwartebroek en Terschuur: Wielweg, Platanenstraat, Albert van Meerveldstraat).
2021-2022
2.2 Rioolverzwaring Putterweg, Speulderbosweg, Buurtstraat, Speulderweg.
Gewijzigd plan
2.3 Opstellen en start uitvoeren BRP Harselaar.
2020-2021
2.4 Opstellen en start uitvoeren BRP Barneveld.
2020-2021
2.5 Opstellen en start uitvoeren BRP Voorthuizen. 2.6 Afkoppelen recreatieterreinen Kieftveen. 2.7 Rioolvervanging en afkoppelen De Lors.
Geen noodzaak 2018
2.8 Afkoppelen 0,5 ha verhard oppervlak Garderbroekerweg.
2020-2021
2.9 Actualisatie Hemelwaterbeleidsplan (inclusief onderzoek naar gebruik theoretische buien, toetsingsnormen en invulling 2017 resterende afkoppelopgave Waterplan (3,1 ha)). 2.10 Onderzoek en uitvoeren maatregelen waterberging Harselaar.
2020-2021
2.11 Herijken rioolmodellen met meetgegevens. 2.12 Opstellen en start uitvoeren Waterbeheerplan.
2020
Doelstelling: Grondwater leidt niet tot structurele overlast 3.1 Uitvoeren maatregelen in openbare ruimte bij structurele grondwateroverlast.
2016-2020
Doelstelling: Bewoners en bedrijven stimuleren om op eigen terrein hemelwater af te koppelen 4.1 Stimuleringsregeling afkoppelen vastleggen in verordening.
2016
4.2 Toepassen stimuleringsregeling afkoppelen.
2016-2020
4.3 Onderzoek en uitvoeren maatregelen terugdringen verhard oppervlak particulier terrein (vorm van afkoppelen).
2016-2020
Doelstelling: Het rioolbeheer doelmatiger uitvoeren 5.1 Ontwikkelen en toepassen instrument voor risico-gestuurd beheer.
2018/2019
5.2 Optimaliseren rioolbeheersysteem.
doorlopend
Doelstelling: Samenwerkingsverband 6.1 Lokale zuivering afvalwater De Glind.
onderzoek
Geen uitvoering
6.2 Nieuwe sanitatie campings buitengebied (pilotproject met Ede).
onderzoek
Geen uitvoering
6.3 Uitwerken beleidssynchronisatie Ede-Barneveld-Veenendaal. 6.4 Deelname in werkgroepen.
Bijlage 2
Ons Stelsel
We hebben veel voorzieningen in beheer om het stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater te verwerken. Onderstaande gegevens komen uit het beheersysteem waarin onze voorzieningen opgenomen zijn. Voorziening
Type
Omvang
Vrijvervalriolering Gemengd
137 km
Gescheiden
253 km
· ·
RWA
126 km
DWA Huisaansluitingen
16.040 stuks
127 km
Kolken
17.340 stuks
Inspectieputten
10.159 stuks
Drainage
42 km
Duikers
32 km
Rioolvoorzieningen Septic-tank
11 stuks
Helofytenfilter
1 stuks
Riooloverstort met randvoorziening
6 stuks
Riooloverstort zonder randvoorziening
11 stuks
Riooloverstort naar oppervlaktewater
38 stuks
Bergbezinkvoorziening
4.326 m3
Infiltratievoorziening
597 m2
Hemelwatervoorzieningen Infiltratieriool Verticale infiltratievoorzieningen
10 km 100 stuks
Hemelwateruitlaat naar oppervlaktewater
462 stuks
Wadi’s
59.005 m2
Waterdoorlatendeverharding
6.595 m2
Retentievoorziening
1000 m2
B-watergang (afwateringsloten)
100 km
C-watergang
250 km
Druk- en persriolering Drukleiding
291 km
Drukrioolgemaal
1.446 stuks
Aansluitingen drukriolering
3.900 stuks
Persleidingen Gemalen
24 km 32 stuks
Riooloverstorten van het gemengd riool worden in twee categorieën verdeeld: overstorten die het (verdund) afvalwater direct op oppervlaktewater lozen, en overstorten met een randvoorziening om de vuilemissie naar het oppervlaktewater te beperken. In de volgende tabel de overstorten zonder een randvoorziening. Kern
Locatie
Barneveld
Stationsweg Burgemeester Kuntzelaan Van Zuijlen van Niveltlaan Van den Bogertlaan Valkseweg Van Schothorststraat Versteeglaan* Van den Berglaan Plaggenmeierslaan Appelseweg Overhorsterweg Apeldoornsestraat** Roelengweg*** Garderbroekerweg Wielweg*** Postweg
Voorthuizen
Kootwijkerbroek Zwartbroek De Glind
* Deze overstort loost op een spoorsloot, die alleen naar het gemengd riool kan afvoeren. ** Deze overstort loost op een droge sloot. *** Het betreft een kolk in een droge sloot.
In de volgende tabel de riooloverstorten met een randvoorziening in de vorm van een bergbezinkbassin (BBB) of -leiding (BBL). Kern
Locatie
Type
Barneveld
Nieuwe Markt Jacob Catsstraat Molenmakerslaan Drieënhuizerweg Putterweg Groene berging achter BBB** Platanenstraat Sandersstraat Droserastraat
BBB BBB BBB BBB BBB
Voorthuizen Kootwijkerbroek Garderen* Zwartebroek Terschuur Stroe
BBL BBL BBL
* Deze riooloverstort met randvoorziening loost op een vloeiveld. ** Totaal van BBB met 2 geschakelde groene berging/infiltratie velden.
Inhoud 1.500 m3 750 m3 475 m3 320 m3 1.000 m3 2.000 m3 95 m3 84 m3 102 m3
Bijlage 3
Uitgangspunten kostendekking
Uitgangspunten die gehanteerd zijn bij de berekening van de rioolheffing: 1. Berekeningsmethode De rioolheffingsberekening wordt uitgevoerd met behulp van de contantewaardemethode. Deze methode is geschikt om de effecten en de trend op langere termijn zichtbaar te maken. Met de contante-waardemethode is een vergelijking van uitgaven en inkomsten in verschillende jaren mogelijk. De toekomstige uitgaven en inkomsten van elk jaar in de beschouwde periode worden contant gemaakt naar 1 januari startjaar. In de te verwachten inkomsten zit één onbekende: de hoogte van de benodigde inkomsten per aansluiting. Door de contante waarde van de te verwachten inkomsten gelijk te stellen aan de contante waarde van de te verwachten uitgaven, worden de kosten per heffingseenheid berekend. Voor toekomstige investeringen wordt in de contante-waardebenadering geen specifieke wijze van afschrijving of financiering verondersteld. De diverse afschrijvingsmethoden (lineair, afschrijving op annuïteitsbasis) verschillen onderling wel door een andere (boekhoudkundige) verdeling van lasten in de tijd, maar de contante waarde van de jaarlijkse lasten is in deze methoden steeds gelijk aan de contante waarde van de investeringen. Het inflatie- en rentepercentage worden gebruikt voor het contant maken van de toekomstige uitgaven en inkomsten. Dit gebeurt op de volgende wijze:
CW x (U j ) = U j * (cwf ) waarbij: x Uj i r cwf CWx(Uj)
( j-x)
æ (1 + i ) ö ÷÷ = U j * çç ( 1 + r ) è ø
( j-x)
= startjaar berekening = uitgave in jaar (j) op prijspeil startjaar = inflatie (in decimalen, bijvoorbeeld 0,015) = rente (in decimalen, bijvoorbeeld 0,04) = contante-waardefactor { = (1+i) / (1+r) } = contante waarde in jaar x van investering U in het jaar
Het totaal aan uitgaven en inkomsten over de beschouwde periode is met elkaar in evenwicht. Het streven is dat de rioolheffing over de beschouwde periode 100 procent kostendekkend blijft. 2. Planningshorizon Bij de berekening van de rioolheffing is uitgegaan van een planningshorizon van 80 jaar: 2021 tot en met 2100. Deze termijn is gekoppeld aan de technische levensduur van de rioleringsobjecten in Barneveld. Binnen een periode van 80 jaar zijn alle objecten minimaal één maal vervangen.
3. Prijspeil Alle in het GRP genoemde uitgaven zijn op prijspeil 1 januari 2021. 4. Indexering rioolheffing Het in het GRP berekende tarief moet jaarlijks met de optredende inflatie worden geïndexeerd. Dit wordt jaarlijks bij de vaststelling van de begroting afgehandeld. 5. Inflatie De prijsindex is gebaseerd op de prijsontwikkeling van de lonen, materiaal en materieel, die nodig zijn voor het aanleggen van een riolering binnen de bebouwde kom. Voor de kostendekkingsberekening bij het GRP is uitgegaan van een langjarige inflatie van 1,5%. 6. Rentevoet Er is een rentevoet van 2,8% gehanteerd. Dit betreft de rente voor kapitaalleningen. 7. Eenheidsprijzen Voor de berekening van de investeringskosten van de rioleringsobjecten is gebruik gemaakt van de eenheidsprijzen uit de Kennisbank Stedelijk Water (voorheen Leidraad Riolering). 8. Staartkosten Voor de staartkosten zijn conform de Kennisbank Stedelijk Water de volgende waarden gehanteerd: uitvoeringskosten 10% (inrichting werkterrein, uitzetwerkzaamheden), algemene kosten, winst en risico 12%, voorbereiding, honorarium en toezicht 15%. 9. Afschrijvingsmethode Voor afschrijving wordt de lineaire methode toegepast, zoals dit voor het financieel beheer en voor de inrichting van de financiële organisatie van onze gemeente wordt gehanteerd. 10.
Afschrijvingstermijnen Onderscheid wordt gemaakt in de technische en de financiele afschrijvingstermijn. De technische afschrijvingstermijn (levensduur) heeft grote invloed op de hoogte van de rioolheffing, die bepaalt immers in welk jaar een object op de vervangingsplanning verschijnt. Het is daarom belangrijk de technische levensduur van de rioleringsobjecten zo goed mogelijk in te schatten. In de praktijk wordt hierbij gebruik gemaakt van inspectiegegevens. De financiele afschrijvingstermijn is van invloed op het verloop en de hoogte van de kapitaallasten in de tijd. De technische en financiele afschrijvingstermijnen mogen afwijken. Volgens de richtlijnen uit de BBV, moeten de afschrijving en de afschrijvingstermijn zo goed mogelijk aansluiten op de feitelijke waardedaling van de vrijvervalriolering. Het voorzichtigheidsbeginsel leidt ertoe dat, indien de economische levensduur korter is dan de technische levensduur, afgeschreven moet worden op basis van de economische levensduur. De in de berekening gehanteerde afschrijvingstermijnen zijn weergegeven in tabel B1.
Tabel B1 Overzicht gehanteerde afschrijvingstermijnen (jaar) Object
afschrijvingstermijn Technisch
economisch
vrijvervalriolen
80
50
gemalen – bouwkundig
60
50
gemalen – mechanisch / elektrisch
15
15
Persleidingen
60
50
drukriolering – bouwkundig
45
15
drukriolering – mechanisch / elektrisch
15
15
Milieumaatregelen
60
50
Grondwatermaatregelen
60
50
11. Egalisatievoorziening In onze gemeente wordt gebruik gemaakt van een egalisatievoorziening om ongewenste schommelingen in de rioolheffing te voorkomen (BBV art. 44, lid 2). Dit leidt tot een gelijkmatige verdeling van de lasten voor de burger over een aantal begrotingsjaren. Artikel 45 van het BBV (toelichting) bepaalt dat rentetoevoegingen aan voorzieningen zijn toegestaan, mits deze zijn gewaardeerd tegen contante waarde. In Barnveld rekenen we geen rente toe aan de tariefsegalisatievoorziening. 12. Doorlopende kapitaallasten ná afloop beschouwde periode De na de beschouwde periode doorlopende kapitaallasten zijn buiten beschouwing gelaten. 13. Rioolheffing en btw De geraamde btw op zowel goederen als diensten en investeringen mogen in het riooltarief worden meegenomen. Het product riolering is btw-compensabel, BTW kan volledig worden gecompenseerd. In dit GRP zijn alle bedragen exclusief btw weergegeven. Het uiteindelijke rioolheffingstarief is exclusief compensabele btw. 14. Toerekening overige kosten De kosten van straatvegen worden in gemeente Barnveld voor 50% toegerekend aan de rioolheffing. 15. Nieuwe investeringen voor nieuwbouw Nieuwe investeringen voor nieuwbouw worden niet verrekend via de rioolheffing maar via de grondexploitatie.
Bijlage 4
Overzicht werkzaamheden
Beheer
2021
2022
2023
2024
2025
2026
1
Vastgoed en infrastructuur
€413.300
€413.300
€413.300
€413.300
€413.300
€413.300
2 3 4 5
Rioolonderhoud Rioolaansluitingen Drukriolering Riolering algemeen, inclusief openbare toiletten Sloten, vijvers en watergangen Overhead (75%) BTW component Meetnetten waterketen kwijtschelding Groei inwoners – verhoogde exploitatielasten
€455.100 -€18.000 €618.700 €21.286
€455.100 -€18.000 €618.700 €21.286
€455.100 -€18.000 €618.700 €21.286
€455.100 -€18.000 €618.700 €21.286
€455.100 -€18.000 €618.700 €21.286
€455.100 -€18.000 €618.700 €21.286
€210.800 €669.200 €258.000 €31.000 €115.000
€210.800 €669.200 €258.000 €31.000 €115.000 €10.408
€210.800 €669.200 €258.000 €31.000 €115.000 €20.273
€210.800 €669.200 €258.000 €31.000 €115.000 €28.288
€210.800 €669.200 €258.000 €31.000 €115.000 €36.079
€210.800 €669.200 €258.000 €31.000 €115.000 €43.292
€2.774.386
€2.784.434
€2.794.659
€2.802.674
€2.810.465
€2.817.678
6 7 8 9 10 11
Totaal Onderzoek 1 2
2021
2022
2023
2024
2025
2026
Bijdragen samenwerkingsverbanden* Onderzoek, advieskosten en planvorming**
€60.000 €100.000
€60.000 €100.000
€60.000 €100.000
€60.000 €100.000
€60.000 €100.000
€60.000 €100.000
Totaal
€160.000
€160.000
€160.000
€160.000
€160.000
€160.000
*Opgebouwd uit: bijdrages aan regionaal adaptatieplan, platform water Vallei en Eem, onderhoud CR/UVO en centrumregeling UVO ** Onderzoek, advieskosten en planvorming betreffen bijvoorbeeld opstellen ssw’s, actualisatie ssw’s, actualisatie ssw-modellen diverse kernen, onderzoek wadi’s, onderzoek alternatieve sanitatie etc. Kapitaallasten
2021
2022
2023
2024
2025
2026
Kapitaallasten verleden Nieuwe kapitaallasten
€2.790.000
€2.656.000 €271.000
€2.496.000 €508.000
€2.345.000 €720.000
€2.175.000 €916.000
€2.071.000 €1.099.000
Totaal
€2.790.000
€2.926.000
€3.004.000
€3.065.000
€3.019.000
€3.170.000
Maatregelen
Budget vanuit vorig GRP
2021
2022
2023
2024
2025
2026
1
Vervanging hoofdpost van 2014 > 2021
€42.000
2
Vervangen handpeilbuizen door peilbuizen met diver
€12.500
€12.500
€12.500
€12.500
€12.500
€12.500
3
Stimuleringsregeling hemelwater
€100.000
€43.333
€43.333
€43.333
€43.333
€43.333
€43.333
4
Harselaar West en Oost (BRP)
€2.383.028
€2.900.000
5
Zwartebroek
€670.178
€1.400.000
6
Terschuur (BRP)
7
Kootwijkerbroek, Garderbroekerweg
8
Barneveld afvalwatertransportleiding Bloemendal
€2.000.000
9
Barneveld (SSW)
€2.000.000
10
Voorthuizen (SSW)
11
De Glind alternatieve sanitatie
12
Vervangen vrijvervalriolering
13 14
€240.000 €120.000
€250.000
€2.000.000 €100.000
€400.000 €438.292
€438.292
€438.292
€438.292
€438.292
€438.292
Onvoorzien
€40.000
€40.000
€40.000
€40.000
€40.000
€40.000
Gemalen
€308.000
€8.000
€17.000
€6.000
€82.000
€19.000
15
Drukriolering
€450.900
€477.900
€256.500
€175.500
16
Klimaat
€1.200.000
€1.200.000
€1.200.000
€1.200.000
€1.200.000
€1.200.000
€69.000
Toelichting maatregelen Omdat veel maatregelen een samenhang hebben met andere ontwikkelingen in Barneveld, is nu nog geen exact jaartal aan te geven. In de jaarlijkse rapportage aan het bestuur worden planning en opgeleverd werk gerapporteerd. 1 2 3 4 5
6 7 8
Vernieuwen van de hoofdpost (software en migratie) voor het monitoren, besturen en verkrijgen van onderhoud management informatie van rioolgemalen. In samenwerking met UVO worden peilbuizen voorzien van een datalogger, waardoor geautomatiseerd, hoger frequent, grondwaterstanden beschikbaar komen. Subsidieregeling gemeente voor vasthouden regenwater door particulieren Treffen maatregelen tegen wateroverlast in Harselaar West en in Harselaar Oost; deze laatste in samenhang met revitalisering, één en ander op basis van het BRP uit 2017 Vervanging riolering en afkoppelen regenwater in Wielweg, Eendrachtstraat, Platanenstraat en deel A. van Meerveldstraat in combinatie met wegonderhoud en verkeerskundige maatregelen. Voorbereiding 2021, uitvoering 2022 en verder. Op basis van BRP Terschuur treffen kleine maatregelen. Planning afhankelijk van combinatie met andere werkzaamheden in de openbare ruimte Aanpak riolering Garderbroekerweg. Uitvoering gepland in 2022 Afvalwatertransportleiding uit Kootwijkerbroek loopt door Bloemendal en wordt verlegd vanwege nieuwe woonwijk en gelijk vergroot ten behoeve van afvalwaterafvoer uit Harselaar. Dit afvalwater hoeft dan niet meer door kern Barneveld. Uitvoering gelijke tred met aanleg wijk Bloemendal.
9
10
11 12 13 14 15 16
SSW Barneveld wordt in 2021 opgesteld. Op basis van SSW worden maatregelen getroffen, waarbij combinatie wordt gezocht met wegonderhoud en verkeerskundige aanpassingen. Op basis van uitkomst SSW Voorthuizen is de verwachting dat ook in Barneveld investeringen in stelsel de komende planperiode noodzakelijk zijn. SSW Voorthuizen is in 2020 opgesteld. Komende planperiode worden knelpunten aangepakt, in combinatie met alle ontwikkelingen in Voorthuizen. Aanpak Apeldoornsestraat, Hoofdstraat (Centrumvisie) en Baron van Nagelstraat, Rembrandtstraat en Rubenstraat (noord-zuid verbinding). Onderzoek wordt weer opgestart in samenwerking met het waterschap op basis van Blauwe Omgevingsvisie om afvalwater uit De Glind ter plaatse te zuiveren in plaats van over lange afstand te transporteren Elk jaar wordt een deel van het vrijvervalriool vervangen. Planning op basis van uitkomsten Rasmariant en zoveel mogelijk in combinatie met andere werkzaamheden in de openbare ruimte. Jaarlijks worden er knelpunten in riolering geconstateerd die niet geraamd zijn en niet onder een bepaalde maatregel vallen. Met deze post kunnen deze adequaat worden aangepakt Planmatige renovatie van mechanische en elektrotechnische componenten van de rioolgemalen. Planmatige renovatie van mechanische en elektrotechnische componenten van de minigemalen.
De 2,5% toeslag, biedt jaarlijks een investeringsruimte van 1,2 miljoen euro, wordt aangewend voor projecten waar vanuit het SSW op korte termijn nog geen noodzaak is tot ingrijpen maar waar vanuit efficiency het wel verstandig is om nu mee te liften met andere ontwikkelingen onder het motto: ’werk met werk maken’. De komende jaren staan onderstaande projecten op de planning voor (groot) wegenonderhoud. We hebben deze toeslag tot en met 2030 opgenomen, vanaf 2030 verwachten we dat klimaatadaptief werken de ’normaal’ is in projecten. Per project wordt onderzocht in hoeverre klimaatadaptieve maatregelen gelijktijdig worden meegenomen. · Barneveld: Amersfoortsestraat, Churchillstraat, Bouwheerstraat, Gasthuisstraat, Koterweg, Pastoor Gowthorpestraat, Oldenbarnevelderweg, Thorbeckelaan (Schoutenstraat-Gasthuisstraat) en Wilhelminastraat; · Voorthuizen: Gerard Doustraat, Roelenengweg, Molenweg en Bakkersweg; · Terschuur: Eendrachtstraat en Hoevelakenseweg; · Barneveld: woonwijken Vogelbuurt en Oldenbarneveld (deel Brummelkamperweg-Rozenstraat).; · Voorthuizen: woonwijk Haarkamp. De SSW’s zijn ook hiervoor als onderbouwing een belangrijk instrument. In het SSW-proces worden klimaat stresstesten uitgevoerd als input voor klimaatdialogen waar gezamenlijk ambities worden bepaald voor waterveiligheid (wateroverlast).
Wat vindt de gemeente qua wateroverlast waar en wanneer wel en niet acceptabel. Daarna kan bepaald worden wat de benodigde klimaatmaatregelen zijn. Te denken valt dan aan: · aanleggen hemelwater(infiltratie)riool met afkoppelen weg en woningen; · toepassen waterpasseerbare bestrating; · toepassen infiltratievoorzieningen of wateropslag in weg en/of groenstroken langs wegen; · bovengrondse afvoer hemelwater naar watergang of wadi; · beperken verhard oppervlak; · realiseren extra groenvoorzieningen. In 2021 wordt een hemelwaterriool in de Bakkersweg en waterpasseerbare bestrating in de hofjes aangelegd ( € 350.000). In 2021 gaan tevens de volgende projecten in uitvoering waar een bijdrage voor klimaatadaptieve maatregelen wordt geleverd. Deze projecten zijn nog niet op geld geraamd, waardoor de bijdrage per project nog niet te kwantificeren is: · Churchillstraat en Rooseveltstraat: aanleg waterbergende wegfundering, plaatselijk leggen regenwaterriool, afkoppelen woningen en regenwaterinfiltratie in groenstroken; · Mercuriusweg: infiltratievoorziening regenwater; · Hoevelakenseweg/Stoutenburgerweg: aanleg regenwaterriool in verband met afkoppelen verharding; · aanleg/aanpassing parkeerplaatsen en wegen in bestaande wijken met waterpasseerbare bestrating en/of infiltratievoorzieningen, mogelijkheden worden onderzocht in bijvoorbeeld Ceram te Barneveld.
Bijlage 5
Kostendekkingsberekening