B-3.22 Besluit B&W inzake Notitie Lokaal Eigenaarschap (energieprojecten) d.d. 11-1-22.pdf
Tekst van het document
Samenvattend De juridische instrumenten voor de gemeente om lokaal eigenaarschap te verwezenlijken zijn beperkt. Het risico dat hierdoor duurzame elektriciteitsprojecten binnen de gemeente uit de markt worden geprezen is reëel. Op nationaal niveau is sprake van stimulering van lokale opwekking via de postcoderoosregeling, maar de woningvoorraad in Barneveld brengt met zich mee dat veel inwoners mogelijkheden hebben om op eigen dak zonnepanelen te plaatsen, zodat er minder behoefte is aan participatie in een coöperatie. Lokale gebondenheid is eerst en vooral grondgebondenheid, ingebed in de lokale economie waarbij een initiatief voor een zonnepark niet op zichzelf blijft staan 11
maar leidt tot diverse spinoffs, waarbij de ambitie is dat Barneveld via lokale, groen geproduceerde waterstof een bijdrage kan leveren aan de CO2 reductie. Door in te zetten op een bovengemiddelde basiskwaliteit van energieprojecten voor betere inpassing in de omgeving, een grotere bijdrage aan biodiversiteit en dubbel/meervoudig ruimtegebruik onder/tussen de panelen is de financiële ruimte beperkt om aanvullende maatregelen door te voeren in de vorm van fondsbijdragen of anderszins. Reactie Gemeente Barneveld De strikt juridische analyse klopt. Lokaal eigenaarschap is op gronden van ruimtelijke ordening momenteel niet afdwingbaar en bewoners kunnen niet gedwongen worden om mede eigenaar te worden van een energieproject. De impact van lokale energieprojecten op de omgeving overstijgt echter dat van andere ruimtelijke ontwikkelingen en energieprojecten bieden ook mogelijkheden voor lokaal eigenaarschap. Bovendien wordt zowel van Rijkswege, het klimaatakkoord, als vanuit Provincie en RES Foodvalley lokaal eigenaarschap sterk geadviseerd. De energietransitie is een grote maatschappelijke opgave. Landelijk zijn hier afspraken over gemaakt in onder andere de Klimaatwet. Daar is afgesproken dat deze transitie gedragen moet worden, onder andere door lokaal eigendom.
Dat gemeente Barneveld hier een zeer beperkte aanvullende ambitie in heeft (1%) leidt niet direct tot onsuccesvolle projecten. Via een maatschappelijke tender kunnen wel criteria voor een project worden gegeven op basis waarvan een initiatief kan worden geselecteerd. Vervolgens kan het initiatief aan een gebiedstafel met omwonenden en ondernemers tot een omgevingsovereenkomst komen waarin bindende afspraken worden gemaakt. De gemeente erkent dat de eis voor lokaal eigenaarschap voor veel andere ontwikkelingen niet gelden. De impact van lokale energieprojecten op de omgeving overstijgt echter dat van andere ruimtelijke ontwikkelingen en energieprojecten bieden ook mogelijkheden voor lokaal eigenaarschap. Bovendien wordt zowel van Rijkswege, het klimaatakkoord, als vanuit Provincie en RES Foodvalley lokaal eigenaarschap sterk geadviseerd. Lokaal eigenaarschap kan en mag geen belemmering vormen voor succesvolle projecten. Daarom zijn de tredes ingebouwd. Als het niet lukt om in de eerste cirkel of de gemeente voldoende investeerders te vinden kan via de Foodvalley in combinatie met een gebiedsfonds een project alsnog doorgang vinden. Worden in de Foodvalley geen of onvoldoende investeerders gevonden dan volstaat een gebiedsfonds. De gemeente erkent de kwaliteit van de Branderwal en juicht de samenwerking met de energiecoöperatie toe.
Ook zien wij de beperkingen ten aanzien van het potentieel aantal leden van de energiecoöperatie en de opnamecapaciteit. Tenslotte is er inderdaad sprake van veel, soms tegenstrijdige eisen die aan energieprojecten worden gesteld. Het is de kunst om daar een balans tussen te vinden bij het realiseren van projecten. Wij erkennen dat dat niet eenvoudig maar ook niet onmogelijk is, zoals de Branderwal in de praktijk heeft laten zien. Aanpassing De bezwaren en nuanceringen die in de reactie zijn opgenomen zullen worden 12
opgenomen in de tekst van de notitie Lokaal Eigenaarschap. Dit om te onderstrepen dat er veel haken en ogen zitten aan het begrip en dat het niet eenvoudig is om een balans te vinden tussen alle wensen en criteria die voor energie initiatieven worden opgesteld. Dat heeft deze reactie nog eens duidelijk bevestigd. De volgende tekst zal daarom op pagina 10 worden opgenomen: Balans 51% lokaal eigenaarschap is een wens om te voorkomen dat de lasten en de lusten van lokale energie opwekking evenwichtig worden verdeeld. Het is daarmee onderdeel van een pakket van maatregelen. Dat pakket is enerzijds bedoeld om de lasten te minimaliseren, anderzijds om de omgeving te compenseren voor de gevolgen van een project. Lokaal eigenaarschap is een derde element in dit pakket. Daarbij moeten we ons ervan bewust zijn dat dit laatste niet op basis van ruimtelijke ordening kan worden afgedwongen. Ook kan de wens voor goed renderend lokaal eigenaarschap op gespannen voet staan met versterkingsmaatregelen voor landschap en natuur, dubbel ruimtegebruik, een opruimplicht of omgevingscompensatie. Dit spanningsveld zal echter ook bij een andere vorm van eigenaarschap optreden. Eveneens kan betoogd worden dat juist lokale eigenaren een lager rendement accepteren als zij voordeel hebben van versterkingsmaatregelen of zeker weten dat na einde levensduur de installatie wordt opgeruimd.
Dit gaat ten koste van de financiële opbrengst voor lokale eigenaren. Lokaal eigenaarschap is onderdeel van een set aan criteria die de ruimtelijke en sociale impact van een energieproject voor de omgeving acceptabel maken. Dat pakket dient in samenhang te worden beschouwd met als doel tot de voor alle betrokkenen meest gebalanceerde uitkomst te komen. Die uitkomst wordt aan een omgevingstafel gerealiseerd en in een omgevingsovereenkomst vastgelegd.” Bij het realiseren van energieprojecten is er voortdurend sprake van het zoeken naar balans. Balans in het netwerk tussen energievraag en levering, tussen lusten en lasten, financiële opbrengst en wensen ten aanzien van compensatie, landschap en natuur. Voordat die balans gevonden wordt is er sprake van spanning tussen de wensen van verschillende partijen. Het is aan de omgevingstafel om die balans te vinden.
13