B-3.17 Besluit B&W over de regiovisie ‘Samen de cirkel van geweld doorbreken’, d.d. 10 juni 2025
Tekst van het document
Aandachtsgebied: Samenleving Team Jeugd & Veiligheid Behandelaar: Brigitte van Elburg Telefoonnummer: 0651616536
Voorstelnr. 4139 Barneveld, 3 juni 2025 Portefeuillehouder: J. de Heer-Verheij
Onderwerp: Regiovisie Samen de cirkel van Geweld doorbreken 2025-2029
Gevraagde beslissing: 1. De regiovisie 'Samen de Cirkel van Geweld Doorbreken 2025-2029' vast te stellen. 2. Deze regiovisie ter informatie toe te sturen naar de Raad.
1. Inleiding Huiselijk geweld is een ernstig maatschappelijk probleem en komt voor in alle lagen van de bevolking, binnen alle culturen, opleidingsniveaus en leeftijden. De persoonlijke, maar ook de maatschappelijke gevolgen zijn groot. Blijvende aandacht voor de aanpak tegen huiselijk geweld is daarom van groot belang. Gemeenten hebben een wettelijke taak als het gaat om het stoppen en voorkomen van huiselijk geweld. Deze taken vloeien voort uit de Wmo, de Jeugdwet, de wet Tijdelijk Huisverbod en het Besluit Verplichte Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling. Voor een effectieve een efficiënte aanpak tegen huiselijk geweld is regionale samenwerking noodzakelijk. De vijf gemeenten in de regio West Veluwe Vallei (Ede, Barneveld, Nijkerk, Scherpenzeel en Wageningen) werken daarom samen. De gemeente Ede is centrumgemeente en coördineert het beleid en de financiering van (boven) regionale voorzieningen. Deze regiovisie ‘Samen de cirkel van geweld doorbreken 2025-2029’geeft richting aan het lokale en regionale beleid. De huidige regiovisie ‘Geweld in afhankelijkheidsrelaties’ loopt binnenkort af. Daarnaast is de visie toe aan herziening vanwege nieuwe wetenschappelijke inzichten en landelijke ontwikkelingen, zoals het Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming en de Hervormingsagenda jeugd.
Deze visie benadrukt het belang van een gezamenlijke aanpak, waarbij niet alleen de overheid, maar ook familie, vrienden, buren, scholen, werkplekken, vrijwilligers en professionals een cruciale rol spelen. Het doel is om duurzame veiligheid te creëren door geweldspatronen te doorbreken en de intergenerationele overdracht van geweld te stoppen. Dit wordt bereikt door hulp op maat te bieden, expertise in te zetten om huiselijk geweld en kindermishandeling te signaleren en bespreekbaar te maken en door samen te werken. .2. Beoogd effect We willen een toekomst zonder huiselijk geweld, zodat iedereen in veiligheid kan leven en meedoen. Dit willen we bereiken aan de hand van acht speerpunten die aansluiten op landelijke ontwikkelingen en wetenschappelijke inzichten. Deze speerpunten zijn: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8.
De aanpak tegen huiselijk geweld is een gezamenlijke verantwoordelijkheid; We werken volgens de visie gefaseerd samenwerken aan veiligheid; Lokale teams zijn de basis; We werken aan een sterke keten als fundament van de aanpak; We werken systeemgericht; We hebben meer aandacht voor verschillende doelgroepen en vormen van geweld; We werken gendersensitief; We zetten in op het leren met en van elkaar.
-2-
3. Argumenten 1.1. De regiovisie biedt een structuur en onderbouwing van waaruit lokaal en regionaal acties kunnen worden ondernomen om huiselijk geweld aan te pakken en te verminderen. 1.2. We laten hiermee zien dat we als regio West-Veluwe-Vallei samenwerken in de aanpak tegen huiselijk geweld, samen met onze belangrijke partners. 1.3. Het vaststellen van de kaders van de regiovisie is een verplichting voor de centrumgemeente Ede. Dit omdat zij de Decentralisatie Uitkering Vrouwenopvang (DU VO) ontvangen, om zo uitvoering te kunnen geven aan de gestelde ambities. Omdat de raad van de gemeente Ede besluit over de inzet van deze DU VO, wordt de regiovisie op 17 juli 2025 aan haar ter besluitvorming voorgelegd. Deze bevoegdheid over de inzet van financiële middelen hebben de regiogemeenten niet. Omdat deze visie gezamenlijk tot stand is gekomen, wordt ook om een vaststelling van het college van de regiogemeenten gevraagd. 2.1 Vanwege bovengenoemd argument (1.3) worden de overige raden in de West-Veluwe-Vallei uitsluitend geïnformeerd over de instemming van de nieuwe regiovisie door hun college.
4. Kanttekeningen 1.1 De ambities van de regiovisie zijn groot, maar de middelen zijn beperkt. Zo is de landelijke impuls ‘Geweld hoort nergens thuis’ gestopt in 2024 en zijn de lokale budgetten voor de aanpak huiselijk geweld niet groot. Er moet zorgvuldig worden gekeken hoe en met welke urgentie bepaalde maatregelen worden opgepakt. 1.2 De visie legt een grote verantwoordelijkheid bij lokale teams (sociaal team, team veiligheid). Het is essentieel dat deze teams voldoende capaciteit en deskundigheid hebben om de taken effectief uit te voeren. Dit vraagt om voortdurende scholing en ondersteuning van de professionals. 1.3 De visie benadrukt de noodzaak van nauwe samenwerking tussen verschillende ketenpartners. In de praktijk kan dit uitdagend zijn vanwege verschillen in werkwijzen, prioriteiten en cultuur tussen organisaties. Het is belangrijk om duidelijke samenwerkingsafspraken te maken en te zorgen voor goede communicatie en coördinatie.
5. Financiën De kosten van de regiovisie kunnen worden gedekt uit het reguliere budget voor de aanpak van huiselijk geweld.
6. Participatie en communicatie a) Participatie Op donderdag 3 oktober 2024 heeft een stakeholderbijeenkomst plaatsgevonden waar zowel samenwerkende partners, lokale teams, aandachtsfunctionarissen huiselijk geweld, ervaringsdeskundigen als adviesraden en raadsleden bij aanwezig waren.
b) Communicatie Na vaststelling door alle colleges van de Regio West Veluwe Vallei wordt de regiovisie ter informatie toegestuurd naar de gemeenteraad en de betrokken stakeholder geïnformeerd.
7. Vervolgstap Na vaststelling van de regiovisie worden de acties die per speerpunt in de visie staan vermeld, uitgewerkt naar concrete maatregelen. Deze maatregelen worden zowel lokaal als regionaal uitgevoerd. Er wordt jaarlijks een lokaal plan opgesteld voor de uitvoering van de lokale activiteiten.
8. Bijlagen 1. 2.
Regiovisie ‘Samen de Cirkel van Geweld Doorbreken 2025-2029’. Raadsmemo regiovisie ‘Samen de Cirkel van Geweld Doorbreken 2025-2029’.
-3-
Raadsmemo Regiovisie Samen de cirkel van geweld doorbreken 2025-2029
Datum: Onderwerp: Ter attentie van: Afzender:
Juni 2025
Regiovisie Samen de cirkel van geweld doorbreken 2025-2029 De Raad College van Burgemeester en Wethouders
Portefeuillehouder
J. de Heer-Verheij
Mail behandelaar
bvanelburg@barneveld.nl Samenvatting Huiselijk geweld is een ernstig maatschappelijk probleem en komt voor in alle lagen van de bevolking, binnen alle culturen, opleidingsniveaus en leeftijden. De persoonlijke, maar ook de maatschappelijke gevolgen zijn groot. Blijvende aandacht voor de aanpak tegen huiselijk geweld is daarom van groot belang. Gemeenten hebben een wettelijke taak als het gaat om het stoppen en voorkomen van huiselijk geweld. Deze taken vloeien voort uit de Wmo, de Jeugdwet, de wet Tijdelijk Huisverbod en het Besluit Verplichte Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling. Voor een effectieve een efficiënte aanpak tegen huiselijk geweld is regionale samenwerking noodzakelijk. De vijf gemeenten in de regio West Veluwe Vallei (Ede, Barneveld, Nijkerk, Scherpenzeel en Wageningen) werken daarom samen. De gemeente Ede is centrumgemeente en coördineert het beleid en de financiering van (boven) regionale voorzieningen. Deze regiovisie ‘Samen de cirkel van geweld doorbreken 2025-2029’ geeft richting aan het lokale en regionale beleid. Deze visie benadrukt het belang van een gezamenlijke aanpak, waarbij niet alleen de overheid, maar ook familie, vrienden, buren, scholen, werkplekken, vrijwilligers en professionals een cruciale rol spelen.
Het doel is om duurzame veiligheid te creëren door geweldspatronen te doorbreken en de intergenerationele overdracht van geweld te stoppen. Dit wordt bereikt door hulp op maat te bieden, expertise in te zetten om huiselijk geweld en kindermishandeling te signaleren en bespreekbaar te maken en door samen te werken.
Het vaststellen van de kaders van de regiovisie is een verplichting voor de centrumgemeente Ede, omdat zij de Decentralisatie Uitkering Vrouwenopvang (DU VO) ontvangt. De raad van de gemeente Ede besluit om die reden over de inzet van deze DU VO (op 17 juli 2025). Deze bevoegdheid over de inzet van financiële middelen hebben de regiogemeenten niet. Omdat de visie gezamenlijk tot stand is gekomen, wordt deze ook vastgesteld door het college van de gemeente Barneveld. En ontvangt u de vastgestelde regiovisie ter informatie. Doel We willen een toekomst zonder huiselijk geweld, zodat iedereen in veiligheid kan leven en meedoen. Dit willen we bereiken aan de hand van acht speerpunten die aansluiten op landelijke ontwikkelingen en wetenschappelijke inzichten. Deze speerpunten zijn: 1. De aanpak tegen huiselijk geweld is een gezamenlijke verantwoordelijkheid; 2. We werken volgens de visie gefaseerd samenwerken aan veiligheid; 3. Lokale teams zijn de basis; 4. We werken aan een sterke keten als fundament van de aanpak; 5. We werken systeemgericht; 6. We hebben meer aandacht voor verschillende doelgroepen en vormen van geweld; 7. We werken gendersensitief; 8. We zetten in op het leren met en van elkaar. Vervolg Na vaststelling van de regiovisie worden de acties die per speerpunt in de visie staan vermeld, uitgewerkt naar concrete maatregelen.
Deze maatregelen worden zowel lokaal als regionaal uitgevoerd. Bijlage 1. Regiovisie Samen de cirkel van geweld doorbreken 2025-2029.
Samen de cirkel van geweld doorbreken
Regiovisie aanpak huiselijk geweld 2025-2029 West-Veluwe Vallei: Ede, Barneveld, Nijkerk, Scherpenzeel en Wageningen
Inhoud Voorwoord
4. Wat gaan we in de komende vier jaar doen?
Regiovisie ‘Samen de cirkel van geweld doorbreken’ in een notendop
5. Monitoring
1.
6. Financieel kader
Inleiding
1.1 Wat is huiselijk geweld? 1.2 Wat is de omvang van huiselijk geweld? Landelijke cijfers Regionale cijfers West-Veluwe Vallei over 2023 1.3 Wat is de rol van de gemeente? 1.4 Met wie werkt de gemeente samen? Samenhang met andere ontwikkelingen en beleidsterreinen
2.
Terugblik regiovisie 2020-2024
3.
Wat willen we bereiken?
Bijlagen Bijlage 1. Wettelijk kader Bijlage 2. Landelijke ontwikkelingen 1. Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming 2. Hervormingsagenda Jeugd (2023-2028) 3. Ontwikkelagenda Veiligheid Voorop 4. Landelijk Kader Nederlandse Zorg- en Veiligheidshuizen 5. Ontwikkelagenda Vrouwenopvang 6. Nationaal Actieprogramma Aanpak Seksueel grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld (2023-2026) 7. Actieagenda Schadelijke Praktijken 8. Actieplan Samen tegen mensenhandel 9. Plan van aanpak ‘Stop Femicide!’
2.1 Eerder en beter in beeld 2.2 Stoppen en duurzaam oplossen 2.3 Specifieke doelgroepen
3.1 Onze missie 3.2 Onze visie 3.3 Onze speerpunten
Bijlage 3. Begrippenlijst Bijlage 4. Partners betrokken bij totstandkoming visie
Inhoud
Terug naar start
2
Nijkerk
Voorwoord
Barneveld
Voor u ligt de regiovisie ‘Samen de cirkel van geweld doorbreken 2025-2029’. Iedereen moet in veiligheid kunnen leven en meedoen in onze samenleving. Dat begint met een thuis waar het veilig is. Helaas is dit voor teveel mensen niet vanzelfsprekend. De kans dat iemand te maken krijgt met huiselijk geweld is groter dan de kans op welke andere vorm van geweld dan ook. Het komt voor in alle lagen van de bevolking, binnen alle culturen, opleidingsniveaus en leeftijden. De persoonlijke, maar ook de maatschappelijke gevolgen zijn groot. Huiselijk geweld kan leiden tot (blijvende) psychische en lichamelijke gezondheidsklachten. Daarnaast krijgen veel slachtoffers van huiselijk geweld ook andere problemen, zoals problemen op het werk, met huisvesting en financieel. Blijvende aandacht voor de aanpak tegen huiselijk geweld is daarom van groot belang. De cirkel van geweld doorbreken kan alleen als we het samen doen. Het is niet alleen een verantwoordelijkheid van de overheid, maar van ons allemaal: familie, vrienden, buren, scholen/werk, vrijwilligers, professionals en de rest van de gemeenschap.
De visie geeft richting aan het lokale en regionale beleid. Als regiogemeenten willen we ieder vanuit onze eigen gemeentelijke verantwoordelijkheid, maar bovenal gezamenlijk, werken aan de aanpak tegen huiselijk geweld. Scherpenzeel Voor de totstandkoming van deze visie is een groot aantal betrokkenen geraadpleegd. Zo zijn er interviews gehouden met belangrijke organisaties en is er een stakeholderbijeenkomst geweest waar professionals uit verschillende beroepsgroepen bij aanwezig waren. Wij danken iedereen die een bijdrage heeft geleverd. De komende vier jaar zullen we ons samen met deze partners en onze inwoners in blijven zetten voor een toekomst zonder huiselijk geweld.
Gemeente Barneveld, wethouder Jolanda de Heer Gemeente Ede, wethouder Bram van der Beek Gemeente Nijkerk, wethouder Audrey Rohen Gemeente Scherpenzeel, wethouder Henk Vlastuin
Met deze regiovisie bouwen we verder op de fundamenten van de vorige twee regiovisies.
Voorwoord
Gemeente Wageningen, wethouder Guido van Vulpen
Terug naar inhoud
Ede
Wageningen
De cirkel van geweld doorbreken kan alleen als we het samen doen. Het is niet alleen een verantwoordelijkheid van de overheid, maar van ons allemaal: familie, vrienden, buren, scholen/werk, vrijwilligers, professionals en de rest van de gemeenschap.
3
Regiovisie
‘Samen de cirkel van geweld doorbreken’ in een notendop Missie
Speerpunten en wat gaan we hier de komende vier jaar voor doen?
Een toekomst zonder huiselijk geweld, zodat iedereen in veiligheid kan leven en meedoen.
2. We werken volgens de ‘Visie gefaseerd samenwerken aan veiligheid’ We implementeren de ‘Visie gefaseerd samenwerken aan veiligheid’. Voor de implemen tatie zijn scholing, versterkte samenwerking, langdurige betrokkenheid en aandacht voor herstel nodig.
Visie • We zetten in op duurzame veiligheid. • Daarvoor is het nodig geweldspatronen te doorbreken en intergenerationele overdracht te stoppen. • We bieden hulp op maat voor alle betrokkenen bij het geweld en zetten onze expertise in om huiselijk geweld en kinder mishandeling te signaleren en bespreekbaar te maken. • We werken altijd (gefaseerd) samen waar dat nodig is.
4. We werken aan een sterke keten als fundament van de aanpak Het moet duidelijk zijn wie de regie heeft en welke hulp beschikbaar is. We zetten in op het verbeteren van de sociale kaart voor huiselijk geweld, verkennen van mogelijkheden ‘Samen op in acuut’, inrichting van het regionale veiligheids team, samenwerking in de zorg- en veiligheidsketen op alle niveaus en een voldoende dekkend hulplandschap.
1. De aanpak tegen huiselijk geweld is een gezamenlijke verantwoordelijkheid We organiseren campagnes, ondersteunen initiatieven voor omstanders, bevorderen bewustwording en deskundig heid, bieden trainingen aan, en stimuleren het gebruik van de meldcode en het aanstellen aandachtsfunctionarissen huiselijk geweld.
3. Lokale teams zijn de basis RE Lokale teams blijven het GI E vaste aanspreekpunt, ook bij onveilige situaties. Ze signaleren problemen, motiveren, werken outreachend en systeemgericht en passen de meldcode toe. Heldere afspraken met keten partners zijn essentieel. De focus ligt op de implemen tatie van de leidraad ‘Werken aan veiligheid’, het uitvoeren van een zelfscan per team en het versterken van kennis en expertise op basis van de zelfscan.
N
Regiovisie in een notendop
Terug naar inhoud
E
TW
ER
H
K
UL
TE
6. We hebben meer aandacht voor verschillende doelgroepen en vormen van geweld Inzicht in de vorm van geweld en context is cruciaal voor de juiste interventie. De focus ligt op het vergroten van kennis, bekendheid van hulpaanbod, voorlichting en training van professionals, interculturele benadering en ondersteuning van kwetsbare groepen.
8. We zetten in op het leren met en van elkaar Voor een effectieve aanpak blijven we van elkaar leren, lokaal en regionaal. We bouwen een kennis- en leerinfrastruc tuur, gebruiken expertise van partners, stimuleren dat aan dachtsfunctionarissen hun kennis bijhouden en zetten ervaringsdeskundigheid in.
P
5. We werken systeemgericht Door het hele systeem te betrekken, kunnen we onder liggende problemen beter identificeren en aanpakken. De focus ligt op trauma-sensitief werken, traumabehandeling voor slachtoffers, verklarende analyse, hulpaanbod voor plegers, training van professionals en expertise op armoede en schulden.
7. We werken gendersensitief In lijn met het Verdrag van Istanbul willen we gender aspecten integreren in onze aanpak van huiselijk geweld. De focus ligt op gendersensitief handelen, vergroten van kennis en bewustwording over gendergerelateerd geweld, en het verbeteren van de expertise van professionals om signalen van intiem terreur beter te herkennen en aan te pakken.
AM
4
Leeswijzer Eerst wordt geschetst wat huiselijk geweld is en de omvang ervan, welke rol de gemeente hierbij heeft en wie verder betrokken zijn bij de aanpak tegen huiselijk geweld (hoofdstuk 1). In hoofdstuk 2 volgt een terugblik op de vorige regiovisie en de behaalde resultaten en wat we hiervan meenemen in de huidige visie. Hoofdstuk 3 en 4 zijn de kern van deze regiovisie: wat willen we bereiken en wat gaan we hier in de komende vier jaar op hoofdlijnen voor doen? Daarna volgt in hoofdstuk 5 hoe we willen monitoren of we op de goede weg zijn. Tot slot beschrijft hoofdstuk 6 het financiële kader.
Leeswijzer
Terug naar inhoud
5
Hoofdstuk 1
Inleiding In dit hoofdstuk wordt ingegaan op wat huiselijk geweld is en de omvang ervan, welke rol de gemeente heeft en wie betrokken zijn bij de aanpak tegen huiselijk geweld. 1.1 Wat is huiselijk geweld? Huiselijk geweld is geweld dat zich afspeelt binnen de huiselijke sfeer en niet altijd direct zichtbaar is voor de omgeving. De term ‘huiselijk’ verwijst naar de relatie tussen betrokkenen. Het kan bijvoorbeeld gaan om geweld tussen (ex-)partners, tussen ouder en kind of overige familieleden of vrienden. Huiselijk geweld kan op veel verschillende manieren plaatsvinden, zoals fysieke of psychische mishandeling, seksueel geweld, verwaarlozing, vernedering of overmatige controle. Huiselijk geweld kan ook voortkomen uit schadelijke traditionele praktijken, zoals meisjesbesnijdenis, kindhuwelijken en huwelijksdwang. Kindermishandeling is ook een vorm van huiselijk geweld. Het gaat om elke vorm van mishandeling die voor een kind bedreigend of gewelddadig is. Er wordt ook vaak gesproken over geweld in afhankelijkheidsrelaties. Maar die term is breder dan de reikwijdte van onze aanpak, omdat het bij geweld in afhankelijkheidsrelaties bijvoorbeeld ook kan gaan om de relatie arts-patiënt of docent-leerling.
Hoofdstuk 1. Inleiding
1.2 Wat is de omvang van huiselijk geweld? Landelijke cijfers 1 1.300.000 slachtoffers
12% van de scholieren
• 9 procent van de bevolking van 16 jaar of ouder geeft in 2024 aan in de afgelopen 12 maanden slachtoffer te zijn geweest van huiselijk geweld. Dit komt neer op 1,3 miljoen Nederlanders (Derksen, Kennis, Kloosterman, Moons, & Peters, 2024).
• 12% van scholieren in de eerste vier jaar van het voortgezet onderwijs geeft zelf aan in het voorgaande jaar slachtoffer te zijn geworden van kindermishandeling (Schellingerhout & Ramakers, 2017).
84.000 registraties • De politie registreert jaarlijks ongeveer 84.000 incidenten van huiselijk geweld. In werkelijkheid ligt het aantal slachtoffers veel hoger (Politie, sd).
6.700 slachtoffers in vrouwenopvang • Ieder jaar maken 6.700 slachtoffers in Nederland gebruik van de vrouwen opvang (Valente, 2023).
Terug naar inhoud
89.000-127.000 kinderen • Bij 89.000 tot 127.000 kinderen van 0 tot 18 jaar is door professionals een vorm van kindermishandeling vastgesteld (Alink, et al., 2018).
50 overleden kinderen • Per jaar overlijden er naar schatting 50 kinderen aan de gevolgen van kindermishandeling (Kinderombudsman, sd).
6
Regionale cijfers West-Veluwe Vallei over 2023 Moviera Moviera is de organisatie die in onze regio hulp en opvang biedt bij slachtoffers van huiselijk geweld en mensenhandel.
16 vrouwen in nood- en crisisopvang
23
17
23 kinderen in crisisopvang en 17 op een noodbed
5 gezinnen in vervolgopvang
Veilig Thuis Gelderland-Midden
Centrum Seksueel Geweld
Veilig Thuis Gelderland-Midden is het advies- en meldpunt bij huiselijk geweld en kindermishandeling. Daarnaast kan Veilig Thuis ook onderzoek uitvoeren om te beoordelen of er sprake is van huiselijk geweld en/of veiligheidsvoorwaarden opstellen. Bij een Tijdelijk Huisverbod voert Veilig Thuis het casemanagement uit.
Bij het Centrum Seksueel Geweld kunnen slachtoffers van een nare seksuele ervaring (online of offline) forensische, medische en/of psychische hulp, krijgen.
1.189 adviezen gegeven
Hiervan zijn er 21 acuut (minder dan 7 dagen geleden) en 57 niet-acuut (langer dan 7 dagen geleden)
1.080 meldingen ontvangen
1.3 Wat is de rol van de gemeente?
54 onderzoeken uitgevoerd
64 ambulante hulptrajecten
58x dienst ‘Voorwaarden en vervolg’ ingezet
130 unieke cliënten in begeleiding
21x Casemanagement Tijdelijk Huisverbod ingezet
Hoofdstuk 1. Inleiding
78 slachtoffers meldden zich
Terug naar inhoud
Wettelijke taken Gemeenten hebben een wettelijke opdracht als het gaat om het voorkomen en stoppen van huiselijk geweld. Deze taken vloeien onder andere voort uit de Wmo 2015, de Jeugdwet, de wet Tijdelijk Huisverbod en het Besluit Verplichte Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling. Het gaat hierbij om:
• Het organiseren van opvang en ondersteuning voor slachtoffers en hulp aan betrokkenen; • het voorkomen en bestrijden van huiselijk geweld; • maatregelen nemen om kindermishandeling te bestrijden; • het inrichten van een Veilig Thuis-organisatie; • het uitvoeren van de wet Tijdelijk Huisverbod; • het uitvoeren en toezicht houden op naleving van het besluit Meldcode; • regie op de samenwerking.
7
Naast de genoemde Nederlandse wetten werkt een aantal geratificeerde verdragen door in ons rechtstelsel: het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind, het Verdrag inzake het voorkomen en bestrijden van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld (Verdrag van Istanbul), het Europese Verdrag voor de Rechten van de Mens en het VN Vrouwenverdrag.
Zorgaanbieders
Regionaal veiligheidsteam
1.4 Met wie werkt de gemeente samen?
Hoofdstuk 1. Inleiding
Kinderopvang en onderwijs
Verenigingen
Ervaringsdeskundige
Politie en handhaving
Centrum Seksueel Geweld
Openbaar Ministerie en rechtbank
Kerken en moskeeën Spoedeisende hulp
Samenhang met andere ontwikkelingen en beleidsterreinen De aanpak van huiselijk geweld staat niet op zichzelf maar is verbonden met andere ontwikkelingen, zoals het Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming, de Ontwikkelagenda Veiligheid Voorop! en de Hervormingsagenda Jeugd (zie bijlage 2 voor een overzicht van de belangrijkste landelijke ontwikkelingen). Daarnaast hebben gemeenten vanuit hun eigen lokale verantwoordelijkheid ook een belangrijke rol bij het voorkomen van huiselijk geweld door in te zetten op het voorkomen of verminderen van risicofactoren en het versterken van beschermende factoren. Het gaat hier onder andere om bestaanszekerheid, mentaal welbevinden, wonen en kansrijk opgroeien. Dit is buiten de scope van deze regiovisie, maar daar waar nodig trekken we gezamenlijk op.
Veilig Thuis
Sociaal netwerk
Zie bijlage 1 voor een toelichting op de wettelijke taken.
In naastgelegen plaatje zijn personen of organisaties weergegeven die belangrijk zijn in de aanpak tegen huiselijk geweld. Het onderstaande plaatje is niet uitputtend. In iedere lokale situatie kunnen er ook andere belangrijke partijen zijn.
Beschermingstafel
Lokaal team
Gezin Contactberoepen
GGD
(Jeugd)reclassering
Maatschappelijk werk
Huisarts
CJG
Moviera
Jeugd en jongerenwerk
Raad voor de Kinderbescherming
Jeugdbescherming
Zorg- en veiligheidshuis
Terug naar inhoud
8
Hoofdstuk 2
Terugblik regiovisie 2020-2024 De regiovisie 2020-2024 vormde grotendeels een uitwerking van het nationale meerjarenprogramma Geweld Hoort Nergens Thuis (2018-2021). Dit programma, in opdracht van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, het Ministerie van Justitie en Veiligheid en de VNG, had tot doel om een doorbraak te realiseren in de aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling. In het programma stonden drie actielijnen centraal:
1. Eerder en beter in beeld 2. Stoppen en duurzaam oplossen 3. Specifieke groepen
In de vorige regiovisie zijn deze drie actielijnen vertaald naar regionale ambities. Er is de afgelopen jaren zowel lokaal als regionaal hard gewerkt. Echter, zonder de incidentele extra (financiële) middelen vanuit het programma ‘Geweld hoort nergens thuis’ was dit allemaal niet mogelijk geweest. De uitdaging voor de komende jaren gaat zijn hoe we de aandacht kunnen blijven vasthouden en de werkzame elementen kunnen borgen, in tijden van grote financiële onzekerheid en het ontbreken van extra incidentele middelen. Want één ding is zeker, de aanpak tegen huiselijk geweld vraagt om blijvende aandacht en is een kwestie van een lange adem. Hierna volgt een overzicht van uitgevoerde activiteiten per actielijn en het behaalde resultaat. Dit dient ook als input voor de huidige regiovisie.
1. Eerder en beter in beeld
2. Stoppen en duurzaam oplossen
3. Specifieke doelgroepen
Door huiselijk geweld en kindermishandeling eerder en beter in beeld te hebben, kan eerder worden gehandeld waardoor de duur van het geweld wordt verkort en erger kan worden voorkomen.
In gezinnen waar sprake is van geweld, willen we dat de veiligheid duurzaam geborgd wordt, er passende hulp is, en het welbevinden van deze gezinnen toeneemt.
Voor een aantal doelgroepen met specifieke problemen is om verschillende redenen extra aandacht nodig. Duurzaam oplossen of stoppen vraagt soms om een andere aanpak met specifieke expertise of er moeten specifieke organisaties bij worden betrokken.
Klik door en lees waar we ons op gericht hebben
Klik door en lees waar we ons op gericht hebben
Klik door en lees waar we ons op gericht hebben
Hoofdstuk 2. Terugblik regiovisie 2020-2024
Terug naar inhoud
9
2.1. Eerder en beter in beeld Door huiselijk geweld en kindermishandeling eerder en beter in beeld te hebben, kan eerder worden gehandeld waardoor de duur van het geweld wordt verkort en erger kan worden voorkomen. Hieronder volgt een overzicht van uitgevoerde activiteiten. Het bespreekbaar maken van huiselijk geweld • Publiciteit in regionale en lokale bladen rondom projecten in de regio als Handle with Care, Kinderrechten op scholen, Week tegen kindermishandeling, internationale dag tegen ouderenmishandeling, etc. • Deelname Orange the World • Organiseren van exposities zoals Wij… doorbreken de cirkel van geweld en Femicide Het gebruik van de Meldcode • Jaarlijkse voorlichtingen, bijenkomsten en trainingen georganiseerd voor professionals en vrijwilligers rondom de Meldcode • Meldcodetour vanuit VNG en Veilig Thuis voor professionals in de kinderopvang, BSO en gastouders Signalering binnen het onderwijs • Project Meldcode in het Primair onderwijs • Handle with care: snelle steun voor kinderen in het onderwijs na een huiselijk geweld incident
Hoofdstuk 2. Terugblik regiovisie 2020-2024
Resultaat: Er is de afgelopen jaren succesvol geïnvesteerd in het vergroten van de kennis en vaardigheden om huiselijk geweld en kindermishandeling sneller te herkennen en bespreekbaar te maken. De signalering binnen het onderwijs blijft echter een aandachts punt. Bij het project Meldcode in het Primair Onderwijs bleef het aantal deelnemers ondanks diverse pogingen achter. Het project Handle with Care heeft ook niet het beoogde resultaat behaald, doordat politie niet meer rechtstreeks aan leerplicht mag melden. Hierdoor werd de beoogde snelheid niet gehaald. Voor de nieuwe regiovisie willen we onderzoeken hoe we steun beter vorm kunnen geven.
Terug naar inhoud
10
2.2. Stoppen en duurzaam oplossen In gezinnen waar sprake is van geweld, willen we dat de veiligheid duurzaam geborgd wordt, er passende hulp is en het welbevinden van deze gezinnen toeneemt. Hieronder volgt een overzicht van uitgevoerde activiteiten. Opvang voor slachtoffers van huiselijk geweld verbeteren • Project Sneller Thuis: onderzoek naar hoe cliënten vanuit de opvang sneller kunnen uitstromen in de Gelderse gemeenten • Extra aandacht voor kinderen in de vrouwenopvang door uitbreiding van de uren voor gezinsbegeleider, psycholoog en hulpverlener • Project Integrale hulp aan bij Moviera opgevangen gezinnen in crisissituaties Aanbod voor plegers • Project ‘de pleger in ons’ vanuit Moviera • Spoedaanbod voor hulp aan plegers via Kairos Inzet van ervaringsdeskundigheid • Project Maatje achter de voordeur Werken volgens de visie gefaseerd samenwerken aan veiligheid • Trainingen Top 3-methodiek zijn uitgevoerd Versterken van lokale teams • Ieder lokaal team heeft een zelfscan Kwaliteitskader ‘Werken aan veiligheid voor lokale teams en gemeenten’ uitgevoerd • Samenwerkingsafspraken tussen Veilig Thuis en lokale teams zijn geëvalueerd en geactualiseerd
Hoofdstuk 2. Terugblik regiovisie 2020-2024
Resultaat: Van de drie projecten in de vrouwenopvang zijn de eerste twee projecten inmiddels structureel aanbod geworden. Alle hulpverleners in de opvang die met kinderen werken zijn getraind in de vernieuw de methode ‘Veerkracht’. Het derde project is nog in uitvoering en moet nog worden geëvalueerd. Het plegeraanbod blijkt ingewikkelder om vorm te geven. Het aanbod leverde in eerste instantie nog niet het gewenste resultaat op, en is in 2024 doorontwikkeld. Er heerst een groot taboe op hulp voor plegers. We blijven hierop inzetten, omdat alle betrokkenen nodig zijn om de situatie weer stabiel veilig te maken. Om effectief te kunnen zijn is de plegeraanpak en het plegeraanbod onderdeel van de gehele integrale aanpak. Het project ‘Maatje achter de Voordeur’, waarbij ervaringsdeskundigen worden getraind en ingezet als maatje, loopt nog tot maart 2026. We hebben wel geleerd dat schuld en schaamte een grote rol spelen, en dat het daardoor in onze regio ingewikkeld is om maatjes te werven. Een besluit over continuering volgt. Tot slot zijn de eerste stappen gezet om te gaan werken volgens de ‘Visie gefaseerd samenwerken aan veiligheid’. De betrokkenen bij het regionale veiligheidsteam zijn allen getraind in dezelfde werkwijze. De imple mentatie van de visie vraagt voor de komende jaren nog wel verdere inzet, uitwerking en borging.
Terug naar inhoud
11
2.3. Specifieke doelgroepen Voor een aantal doelgroepen met specifieke problemen is om verschillende redenen extra aandacht nodig. Duurzaam oplossen of stoppen vraagt soms om een andere aanpak met specifieke expertise of er moeten specifieke organisaties bij worden betrokken. We hebben ons gericht op: Slachtoffers van seksueel geweld • Over de aanpak seksueel geweld zijn er afspraken met het CSG over hun inzet • Voorlichting op thema’s als loverboys, mensenhandel (seksuele uitbuiting), sexting Slachtoffers van schadelijke traditionele praktijken • Project ‘Schadelijke Traditionele Praktijken’, met o.a. voorlichting en trainingen over eergerelateerd geweld, huwelijksdwang en achterlating • Trainingen cultuursensitief werken
Hoofdstuk 2. Terugblik regiovisie 2020-2024
Ouderen • In iedere gemeente is een lokale alliantie ouderenmishandeling opgezet Slachtoffers van mensenhandel • 4 van de 5 gemeenten hebben een lokaal beleidsplan mensenhandel 4
Resultaat: Er is de afgelopen jaren meer aan dacht gekomen voor bovenstaande specifieke groepen. De kennis en bewustwording onder professionals is vergroot.
Terug naar inhoud
12
Hoofdstuk 3
Wat willen we bereiken? 3.1. Onze missie We willen een toekomst zonder huiselijk geweld, zodat iedereen in veiligheid kan leven en meedoen.
3.2. Onze visie • We zetten in op duurzame veiligheid. • Daarvoor is het nodig geweldspatronen te doorbreken en intergenerationele overdracht te stoppen. • We bieden hulp op maat voor alle betrokkenen bij het geweld en zetten onze expertise in om huiselijk geweld en kindermishandeling te signaleren en bespreekbaar te maken. • We werken altijd (gefaseerd) samen waar dat nodig is.
3.3. Onze speerpunten In de vorige regiovisie was het programma Geweld hoort nergens thuis de basis. De focus lag daarom ook op de bijbehorende actielijnen. Inmiddels is dit programma opgegaan in het Toekomstscenario Kind – en Gezinsbescherming (hierna: Toekomstscenario). Daarnaast zijn er verschillende andere landelijke programma’s, zoals de Hervormingsagenda Jeugd en de aanpak Veiligheid Voorop, die een belangrijke rol spelen bij de visievorming rondom de aanpak tegen huiselijk geweld. Ook zijn er nieuwe wetenschappelijke inzichten, zoals bijvoorbeeld kennis over de rode vlaggen bij femicide en het belang van een contextafhankelijke aanpak. We hebben ervoor gekozen om de visie vorm te geven aan de hand van acht speerpunten die aansluiten op de diverse (landelijke) ontwikkelingen en wetenschappelijke inzichten. Hiermee geven we de aanpak integraal vorm en brengen we focus aan voor de komende vier jaar.
1. De aanpak tegen huiselijk geweld is een gezamenlijke verantwoordelijkheid Het signaleren van onveiligheid en de zorgen of vermoedens bespreken is een verantwoordelijk
Hoofdstuk 3. Wat willen we bereiken?
Terug naar inhoud
heid van iedereen. Die verantwoordelijkheid geldt niet alleen voor de overheid en professionals. Omstanders en professionals spelen daarbij een belangrijke rol. Uit onderzoek blijkt dat 70 tot 80 procent van slachtoffers van huiselijk geweld met iemand praat over hun ervaringen. Het meest wordt gesproken met personen uit het eigen informele netwerk, zoals familie of vrienden (Derksen, Kennis, Kloosterman, Moons, & Peters, 2024). Het is daarom belangrijk dat omstanders voldoende worden toegerust, zodat het voor hen makkelijker wordt om zorgen bespreekbaar te maken en om in actie te komen. Professionele hulpverleners zoals (huis)artsen, psychologen en maatschappelijk werkers worden ook relatief vaak benaderd. Deze professionals zijn verplicht om te werken met de meldcode. Uit onderzoek is gebleken dat professionals die met een meldcode werken drie keer vaker ingrijpen dan professionals die geen meldcode gebruiken. Als gemeenten willen wij daarom het gebruik van de meldcode stimuleren. Bovenstaande is des te belangrijker, omdat uit onderzoek blijkt dat met Veilig Thuis en de politie naar verhouding weinig contact wordt opgenomen. Er zijn vaak al tientallen tot meer dan honderd incidenten in het jaar voorafgaand aan de melding bij Veilig Thuis geweest. We willen dat eerder de juiste hulp wordt ingezet.
13
2. We werken volgens de ‘Visie gefaseerd samenwerken aan veiligheid’ Vaak gebeurt er zoveel binnen een gezin waar de veiligheid in het geding is, dat een professional dat niet allemaal kan overzien. De situatie is ingewikkeld en de kans is groot dat meerdere professionals uit verschillende organisaties betrokken zijn. Daarom is het nodig dat problemen gezamenlijk worden geordend, geconcretiseerd, geprioriteerd en vervolgens aangepakt, in de juiste volgorde. De visie gefaseerd samenwerken aan veiligheid gaat uit van de volgende drie stappen: • Stap 1: Verbeteren van de directe veiligheid met veiligheidsvoorwaarden en een veiligheidsplan. Doel: het geweld stopt. • Stap 2: Inzetten van risicogestuurde zorg om de risicofactoren voor herhaling van geweld en onveiligheid aan te pakken. Doel: stabiele veiligheid. • Stap 3: Bieden van ondersteuning en behandeling voor herstel. Doel: de negatieve gevolgen van geweld/ onveiligheid herstellen of beperken.
Stap 1: Directe veiligheid organiseren
Veiligheidsplan
De ‘Visie gefaseerd samenwerken aan veiligheid’ gaat ervan uit dat alle betrokken professionals samen met het gezin/huishouden, eerst directe veiligheid creëren en daarna werken aan stabiele veiligheid. 3. Lokale teams zijn de basis Het lokale team vervult een centrale rol in de aanpak tegen huiselijk geweld als laagdrempelige organisatie waar inwoners eenvoudig advies, hulp en ondersteuning kunnen krijgen. Het Toekomstscenario zet de rol van lokale teams nog sterker aan: Voor inwoners die hulp en ondersteuning krijgen is én blijft het lokale team het vaste aanspreekpunt, ook als er sprake is van onveilige situaties. Het gaat om teams die zelf hulp kunnen verlenen, die werken met een brede blik (domein overstijgend), die oog hebben voor alle leden van het gezin/huishouden en letten op onderliggende oorzaken en patronen. De lokale teams bieden vrijwillige hulp en ondersteuning en hebben geen bevoegdheden om zich met inwoners te bemoeien zonder diens toestemming. Vrijwillige hulp bieden betekent
Stap 2: Stabiele veiligheid creëren
Risicogestuurd
Herstelgericht
De VNG besloot in september 2022 om het kwaliteitskader voor lokale teams aan te passen, onder meer vanwege de aansluiting bij het Toekomstscenario. In 2024 verscheen de nieuwe leidraad ‘Werken aan Veiligheid’. Anders dan het ‘oude’ kwaliteitskader is deze nieuwe leidraad niet vrijblijvend.
4. We werken aan een sterke keten als fundament van de aanpak Om huiselijk geweld, kindermishandeling en seksueel geweld effectief te bestrijden is een goede samenwerking nodig in de zorg- en veiligheidsketen op alle niveaus, zowel in de uitvoering als op tactisch en bestuurlijk niveau. Elkaar kennen en met elkaar leren zorgt voor betere hulp aan betrokkenen. We zorgen er samen met de ketenpartners voor dat we elkaar goed kunnen vinden. Hiertoe willen we ook de samenwerking met strafrechtketenpartners intensiveren. Zij werken samen bij de aanpak tegen huiselijk geweld in de landelijke aanpak Veiligheid voorop. Als gemeente zijn wij geen directe partner binnen dit netwerk,
Figuur 1: Visie gefaseerd samenwerken voor veiligheid
Hoofdstuk 3. Wat willen we bereiken?
Stap 3: Herstel bevorderen
echter niet, dat je alleen hulp biedt als de cliënt zelf in staat is om de hulpvraag te formuleren en intrinsiek gemotiveerd is voor hulp. Juist bij huiselijk geweld of ontwikkelingsbedreiging is het nodig om te motiveren en outreachend te werken. Deze intensieve vrijwillige hulp vraagt van het lokale team vaardigheden en expertise om verbinding en vertrouwen tot stand te brengen, om transparant te maken waar zorgen over zijn, om inwoners te motiveren hulp te accepteren en om gezamenlijk een plan te maken en uit te voeren.
Terug naar inhoud
14
maar wij willen wel aansturen op een goede verbinding van de acties uit dit programma met het gemeentelijke beleid. Hiervoor stemmen we af met onze strafrechtketenpartners. 5. We werken systeemgericht Systeemgericht werken houdt in dat we niet alleen naar het individu kijken, maar ook naar de omgeving waarin diegene zich bevindt. Dit betekent dat we niet alleen met het slachtoffer samenwerken, maar ook met de mensen om hen heen, zoals partners, familie, vrienden, werkgevers, maatschappelijk werkers en andere hulpverleners. Door het hele systeem te betrekken, kunnen we de onderliggende problemen beter identificeren en aanpakken. Om het geweld duurzaam te stoppen is oog voor de geweldsdynamiek tussen pleger en slachtoffer nodig. Meer en gerichte aandacht voor plegers is nodig om de kans op herhaling van geweld te verkleinen en de stabiele veiligheid te vergroten.
Ook zijn er vormen van geweld en doelgroepen waar specialistische kennis voor nodig is om het geweld te herkennen en hulp te bieden (zoals bij schadelijke traditionele praktijken en intieme terreur). Daar hebben we een aanpak op maat voor. Daarnaast is het in tijden van vergrijzing belangrijk om extra aandacht te hebben voor ouderenmishandeling. De overheid doet een steeds groter appèl op het sociale netwerk. Dit is een ontwikkeling die wij omarmen, maar
we zijn extra alert op signalen van ontspoorde mantelzorg en misbruik of uitbuiting door eigen kinderen. Tot slot maakt de geopolitieke situatie dat we extra aandacht hebben voor nieuwkomers. Bij deze groep speelt trauma en onzekerheid over een eventuele verblijfstatus. Daarnaast is een ondersteunend sociaal netwerk niet altijd aanwezig. Dit verhoogt het risico op huiselijk geweld en vraagt daarom specifieke aandacht en kennis.
6. We hebben meer aandacht voor verschillende doelgroepen en vormen van geweld De meerjarige onderzoeken van het VerweyJonker Instituut tonen aan dat huiselijk geweld een complex en hardnekkig probleem is. Inzicht in de vorm van geweld die wordt gebruikt én de context waarin het voorkomt is cruciaal om de juiste interventie in te kunnen zetten. Zo vraagt partnergeweld waarbij sprake is van ‘controle en dwang’ om een andere aanpak dan een overbelast gezin waar veel conflicten met geweld plaatsvinden. Bij een overbelast gezin is men gebaat bij een systemische aanpak waarbij alle personen tegelijkertijd aan tafel zitten. Bij situaties van partnergeweld werkt dit eerder averechts en is bescherming en veiligheid van het slachtoffer belangrijk (Steketee, van Loon-Dikkers, Lünnemann, Dusault, & Tierolf, 2023).
Hoofdstuk 3. Wat willen we bereiken?
Terug naar inhoud
15
7. We werken gendersensitief Stereotype denkbeelden over gender kunnen een rol spelen bij huiselijk geweld. Dit zijn maatschappelijke ideeën over wie welke rol heeft in de samenleving en in relaties. Mensen die niet voldoen aan de stereotype rollen, kunnen kwetsbaarder zijn voor huiselijk geweld. Ook kunnen deze ideeën een rol spelen in het huiselijk geweld zelf, bijvoorbeeld als de ene partner de andere partner aanspreekt op deze rolpatronen of op het niet voldoen daar aan. Daarnaast kunnen deze rolpatronen leiden tot verschillen in macht en afhankelijkheid. Wanneer bepaalde afhankelijkheden het moeilijk maken om afstand te nemen, kan dit leiden tot het langer duren van
het geweld. Gendergerelateerd geweld kan zowel mannelijke als vrouwelijke plegers en slachtoffers betreffen. Het is dus niet uitsluitend geweld van de man naar de vrouw, maar dit kan ook andersom plaatsvinden, of in LHBTIQA+ relaties. De gendersensitieve aanpak is een verplichting op grond van het Verdrag van Istanbul.
Uit onderzoek komt naar voren dat bi+2 vrouwen het vaakst te maken krijgen met huiselijk geweld (17 procent). Ook mensen die zichzelf identifice ren als non-binair 3 geven met 26 procent relatief vaak aan slachtoffer te zijn van huiselijk geweld (Derksen, Kennis, Kloosterman, Moons, & Peters, 2024).
8. We zetten in op het leren met en van elkaar Leren vraagt om ruimte voor deskundigheids bevordering en vooral ook om ruimte voor gezamenlijke reflectie op handelen en het implementeren van de leeropbrengsten in de reguliere werkzaamheden. In het Toekomstscenario wordt ‘lerend’ als volgt omschreven: het continu (reflectief) leren om steeds beter te worden, is onderdeel van het dagelijks werk voor alle betrokkenen in het werkveld. Daarbij hoort ook ruimte voor innovatie en doorontwikkeling van het vak, bijvoorbeeld in pilots en proeftuinen. Het leren doen wij gezamenlijk, hierin nemen we ook het perspectief van ervaringsdeskundigen mee. We zien een rol voor ervaringsdeskundigen in het contact met cliënten, het meedenken in casuïstiek, bij de scholing en voorlichting voor professionals, de informatie aan bewoners en het meedenken over het beleid.
We hebben de volgende uitgangspunten voor de inzet van ervaringsdeskundigen: • De inzet van ervaringsdeskundigen komt ten goede aan de cliënt. • Ervaringsdeskundigen hebben een passende opleiding tot ervaringsdeskundige gevolgd. • Er zijn duidelijke afspraken over de rol- en taakverdeling tussen de ervaringsdeskundigen en professionals. • Ervaringsdeskundigen ontvangen een passende beloning. • Ervaringsdeskundigen krijgen begeleiding bij hun werkzaamheden en in hun ontwikkeling.
Hoofdstuk 3. Wat willen we bereiken?
Terug naar inhoud
16
Hoofdstuk 4
Wat gaan we in de komende vier jaar doen? Iedere gemeente gaat op eigen wijze aan de slag met deze visie, de geformuleerde speerpunten en daarbij behorende acties. Veelal gebeurt dit door het opstellen van 1-2-jaarlijkse uitvoeringsplannen. Deze kortdurende uitvoeringsplannen bieden de mogelijkheid om bij te sturen als een behoefte verandert of als professionals of wij als regio een trend signaleren waar wij op aan willen sluiten. 1. De aanpak tegen huiselijk geweld is een gezamenlijke verantwoordelijkheid Om de cyclus van huiselijk geweld te doorbreken, is het belangrijk om eerder in te grijpen. We zetten daarom in op het eerder signaleren en bespreekbaar maken van vermoedens van huiselijk geweld. Om standers spelen hierbij een essentiële rol. Daarnaast
We gaan inzetten op: • Het organiseren van lokale campagnes en het aansluiten bij landelijke en internationale campagnes om huiselijk geweld bespreekbaar te maken • Het ondersteunen/opzetten van initiatieven gericht op omstanders en steunfiguren • Bewustwording en deskundigheidsbevordering bij professionals en vrijwilligers die niet onder de meldcode vallen (vb. baliemedewerkers, kappers, (sport) verenigingen, scouting, kerken, moskeeën)
Hoofdstuk 4. Wat gaan we in de komende vier jaar doen?
kunnen naasten een belangrijke steun zijn voor een gezin. Deze willen wij actiever betrekken in de aanpak. Tot slot zien we dat er in de prak tijk nog veel handelingsverlegenheid onder professionals is om vermoedelijke signalen van onveiligheid concreet te bespreken en de nodige vervolgstappen te zetten.
• Training gericht op het bespreekbaar maken van huiselijk geweld om handelingsverlegenheid te doorbreken • Stimuleren dat organisaties die vallen onder de meldcode een aandachtsfunctionaris huiselijk geweld hebben • Stimuleren van het gebruik van de meldcode
Terug naar inhoud
2. We werken volgens de ‘Visie gefaseerd samenwerken aan veiligheid’ De ‘Visie gefaseerd samenwerken aan veiligheid’ wordt breed onderschreven door gemeenten en ketenpartners. Dit wil niet zeggen dat deze ook al volledig geïmplementeerd is in het werkveld. Als gemeenten focussen we in eerste instantie op onze eigen organisaties: wat vraagt het van ons om de visie te implementeren in beleid en uitvoering, waarbij zowel naar kwaliteit (deskundigheid) als kwantiteit (capaciteit) gekeken wordt. Ook evalueren we de samenwerkingsafspraken met partners.
Implementatie van de visie vraagt om: • Scholing van professionals met betrekking tot kennis en houding • Versterking van de samenwerking tussen de betrokken organisaties, dezelfde taal spreken en sturing op het proces • Ruimte voor langdurige betrokkenheid (minimaal tot structurele veiligheid is bereikt) • Aandacht voor herstel
17
3. Lokale teams zijn de basis Om de nieuwe rol zoals beschreven in het Toekomstscenario op zich te nemen moeten medewerkers van lokale teams in staat zijn om problemen te signaleren, te motiveren en outreachend te werken, de meldcode toe te passen, integraal en systeemgericht te werken en zolang betrokken te zijn als nodig. Daarnaast is het belangrijk dat er heldere afspraken zijn met ketenpartners en andere netwerksamenwerkingen zoals het regionale veiligheidsteam.
We gaan inzetten op: • Implementatie van de leidraad ‘Werken aan veiligheid’ • Het uitvoeren van de zelfscan ‘Werken aan veiligheid’ per lokaal team • Verstevigen van de kennis en expertise van lokale teams op basis van de uitkomsten uit de zelfscan
4. We werken aan een sterke keten als fundament van de aanpak In de aanpak moet continu helder zijn wie de regie heeft over het vraagstuk van de cliënt en welke hulp hiervoor beschikbaar is. Samenwerking tussen de betrokken partijen is essentieel, maar in de praktijk zeer weerbarstig. Veel mensen hebben te maken met een opeenstapeling van persoonlijke problemen zoals psychische klachten, (licht) verstandelijke beperking, verslaving of schulden. Daderschap en slachtofferschap kunnen door elkaar lopen, net als oorzaken en gevolgen. Zorg en straf komen samen: we willen handhaven of straffen, maar tegelijkertijd ook inzetten op verbetering (toekomstperspectief). Onze hulpverlening en -aanbod moet een samenhangend geheel zijn, met oog voor zowel de zorg als het strafrecht.
We gaan inzetten op: • Het verbeteren of in beeld brengen van de sociale kaart gericht op de aanpak huiselijk geweld • Samenwerkingsafspraken tussen lokale teams en andere domeinen (zoals veiligheid) en partners (zoals Veilig Thuis, jeugdbescherming en de Raad voor de Kinderbescherming), zodat inzet elkaar versterkt • Het onderzoeken of ‘Samen op in acuut’ geïmplementeerd kan worden in de West-Veluwe Vallei • Inrichting van het regionale veiligheidsteam als onderdeel van het Toekomstscenario • Het actiever aansturen op verbinding tussen de acties vanuit de aanpak ‘Veiligheid voorop’ en het gemeentelijk beleid • Een dekkend hulplandschap (incl. voldoende opvangplekken 5)
Hoofdstuk 4. Wat gaan we in de komende vier jaar doen?
Terug naar inhoud
5. We werken systeemgericht Huiselijk geweld komt vaak voort uit problemen binnen de relaties van het slachtoffer. Denk aan slechte communicatie, onvervulde behoeften, ongelijke machtsverhoudingen, psychologische problemen of traumatische ervaringen. Door het hele systeem te betrekken, kunnen we deze onderliggende problemen beter identificeren en aanpakken. Wanneer we de bredere context van het probleem begrijpen, kunnen we beter inspelen op de behoeften van het slachtoffer en de pleger 6.
We gaan inzetten op: • Implementatie van een verklarende analyse • Het trainen van professionals om met een brede blik naar casussen waar sprake is van huiselijk geweld te kijken en om andere professionals (bv. schuldhulpverlening) alert te laten zijn op signalen van huiselijk geweld • Aandacht voor trauma-sensitief werken • Stimuleren van traumabehandeling voor slachtoffers van huiselijk geweld • Het beschikbaar hebben van een hulpaanbod voor plegers • Expertise gericht op armoede en schulden en de impact hiervan op huiselijk geweld
18
6. We hebben meer aandacht voor verschillende doelgroepen en vormen van geweld Er is veel onderzoek gedaan naar de context waarbinnen huiselijk geweld ontstaat en de aanpak die dit vraagt. Daarnaast zijn er verschillende doelgroepen die de komende jaren extra aandacht behoeven.
Gezinsprofielen
1. Intieme terreur
Bij intieme terreur is er sprake van een machtsverschil tussen de partners. Eén partner, meestal de man, oefent dwang en controle uit op zijn partner. Door haar vrijheid te beperken, haar te isoleren en door het gebruik van, vaak ernstig, geweld, ook seksueel. Het slachtoffer en de kinderen voelen zich continu bedreigd en onveilig. Insteek hulp: Er is altijd zowel bescherming als specialistische hulp nodig (zoals (ambulante) hulp vanuit de vrouwenopvang of de gespecialiseerde GGZ voor plegers). Daarnaast is gespecialiseerde samenwerking, bijvoorbeeld via het Zorg- en Veiligheidshuis, belangrijk. De hulp aan beide partners is gescheiden.
We gaan inzetten op: • Vergroten van kennis over de gezinsprofielen en de bijbehorende aanpak (zie hieronder) • Werken aan de bekendheid van het Centrum Seksueel Geweld bij doorverwijzers en slachtoffers • Voorlichting geven over ontspoorde mantelzorg en wijzen op hulp en ondersteuning • Trainen van thuiszorgmedewerkers zodat zij
2. Gezin in de stress
Bij het profiel gezin in de stress staat centraal dat er een hoge mate van stress is door een opeenstapeling van factoren. Dit leidt herhaaldelijk tot conflicten waarbij het (ernstige) geweld ook van twee kanten kan komen. Regelmatig gaat dit samen met alcoholmisbruik bij een van de partners. De kinderen kunnen slachtoffer zijn en getuige. Insteek hulp: Als professional zoek je altijd naar de balans tussen hulp en bescherming. Je brengt de belangrijkste stress factoren in kaart en zet hier hulp op in. Denk aan verslavingszorg of schuldhulp. Maatregelen neem je verder voornamelijk vanuit het veiligheidsdomein (denk aan een tijdelijk huisverbod).
Hoofdstuk 4. Wat gaan we in de komende vier jaar doen?
3. Langdurige zorg
In het profiel langdurige zorg staat op de voorgrond dat één (of beide) partners vanwege een beperking of psychische problemen langdurige zorg nodig heeft. In deze gezinnen kan ook geweld tussen partners een rol spelen. Daarnaast is er door de problematiek van ouders vaak een onveilige opvoed situatie voor de kinderen en komt verwaarlozing vaak voor. Insteek hulp: Als professional breng je eerst in kaart of en welke beperking of psychische problematiek speelt. Screeningsinstrumenten helpen hierbij. Om de balans tussen draag kracht en draaglast te herstellen zet je in eerste instantie voornamelijk (vrijwillige) hulp vanuit het zorgdomein in, zoals opvoedingsondersteuning. Richt je hierbij ook op andere risico factoren, zoals financiële problemen of een gebrek aan een sociaal netwerk.
Terug naar inhoud
beter invulling kunnen geven aan hun signaalfunctie • Doorontwikkeling van de lokale allianties Ouderenmishandeling (o.a. bestrijden van financieel misbruik) • Stimuleren van initiatieven rondom voorlichting over huiselijk geweld en seksueel geweld binnen verschillende culturen • Scholing rondom intercultureel werken / cultuur sensitieve benadering
4 Kindgedrag en opvoedstress
In het vierde profiel gaat het vooral om kindgedrag en opvoedstress. De (ernstige) gedragsproblemen van kinderen kunnen een reactie zijn op het geweld in huis of komen voort uit aangeboren problematiek. Het gedrag kan ook conflicten en geweld veroorzaken tussen beide ouders onderling, of tussen ouder en kind. Er is veel opvoedstress en onveiligheid voor de gezinsleden. Insteek hulp: Hulp bieden doe je voornamelijk vanuit het zorgdomein door het versterken van oudercompetenties en hulp aan het kind. Het jeugdteam of het CJG kunnen bijvoorbeeld opvoedondersteuning bieden. Bij ernstige gedragsproblematiek kan je denken aan systeemgerichte interventies zoals Multisysteem Therapie of Functional Family Therapy.
5. Complexe conflictscheidingen
Het kenmerk van het profiel complexe conflictscheiding is dat de problemen vooral rond de omgang spelen na echtscheiding. Na de scheiding is er met name psychisch geweld en een juridisch gevecht om de kinderen. Kinderen hebben last van conflicten van ouders. Insteek hulp: Recht en zorg gaan altijd samen in deze hulpaanpak. Gesprekken voer je met beide ouders afzonderlijk en het kind. Het is belangrijk om interventies of deskundigen in te zetten op het moment dat het conflict nog niet te groot is. Screeningsinstrumenten kunnen helpen bij het in kaart brengen van vroege signalen van een mogelijk problematische scheiding.
(Augeo, 2024)
19
7. We werken gendersensitief We willen in lijn met het Verdrag van Istanbul het aspect gender bij huiselijk geweld verweven in alle onderdelen van onze aanpak.
We zetten in op: • Het onder de aandacht brengen van de handreiking Gendersensitief handelen bij huiselijk geweld 7 • Het vergroten van de kennis en bewustwording over gender en de invloed hiervan op het ontstaan en voortduren van huiselijk geweld • Meer inwoners en professionals kennis laten nemen van gendergerelateerd geweld en de samenhang van de verschillende vormen van geweld tegen vrouwen: partnergeweld, intiem terreur, stalking, complexe scheidingen en femicide • Werken aan het vergroten van de expertise en deskundigheid van professionals zodat zij signalen die kunnen duiden op intiem terreur eerder en beter kunnen oppikken en adequaat kunnen handelen (o.a. Regionale vakgroep Stalking)
8. We zetten in op het leren met en van elkaar Voor een effectieve aanpak is het belangrijk dat we met en van elkaar blijven leren. Per thema onderzoeken we of het leren het beste lokaal of regionaal georganiseerd kan worden en welke partners daarbij aansluiten. Wanneer het passend is, stellen we lokale scholingsinitiatieven open voor deelnemers uit andere gemeenten. We delen het lokale aanbod in de regio met elkaar.
Hoofdstuk 4. Wat gaan we in de komende vier jaar doen?
We zetten in op: • De opbouw van een kennis- en leerinfrastructuur op regionaal en lokaal niveau • Gebruik en inzet van expertise van onze partnerorganisaties • Stimuleren en faciliteren dat aandachtsfunctionarissen hun kennis op peil houden • (Stimuleren van) inzet ervaringsdeskundigheid
Terug naar inhoud
20
Hoofdstuk 5
Monitoring Overkoepelende doelen voor de hele aanpak zijn: • huiselijk geweld wordt eerder gesignaleerd en opgepakt • de zorg- en strafketen werken nog effectiever samen, zodat geweld blijvend stopt
Of we op de goede weg zijn monitoren wij met de volgende effectindicatoren: • daling van het percentage hermeldingen bij Veilig Thuis Gelderland-Midden • stijging van het aantal meldingen waarbij de duur van het geweld bij een eerste melding korter is dan een jaar • stijging van het aantal adviesvragen bij Veilig Thuis Gelderland-Midden
Hoofdstuk 5. Monitoring
De volgende beeldindicatoren monitoren we: • het aantal meldingen bij Veilig Thuis Gelderland-Midden • het aantal diensten ‘ondersteuning’, ‘voorwaarden en vervolg’, ‘onderzoek’ en ‘tijdelijk huisverboden’ • het aantal cliënten in de vrouwenopvang (inclusief plaatsingen in bv. hotels of vakantieparken) • het aantal ambulante trajecten uitgevoerd door Moviera • het aantal casussen (acuut en niet-acuut) bij het Centrum Seksueel Geweld • het aantal (voorlopige) ondertoezichtstellingen en de gemiddelde duur
Terug naar inhoud
Daarnaast is er nog een aantal indicatoren waar we actief naar vragen in de reguliere gesprekken met onze ketenpartners. Het gaat dan om: • We zien dat Veilig Thuis en de Raad voor de Kinderbescherming in het onderzoek zich ook richten op financiële problemen en de impact hiervan op andere leefgebieden, zodat advies beter aansluit bij wat nodig is • We zien dat in het plan van aanpak ook gekeken wordt naar de inzet van GGZ en verslavingszorg. • We zien dat het informele netwerk betrokken wordt bij het opstellen en het uitvoeren van het plan van aanpak. • We zien dat lokale teams zelf hulp kunnen verlenen, werken met een brede blik (domein overstijgend), oog hebben voor alle leden van het gezin/huishouden en letten op onderliggende oorzaken en patronen • De visie gefaseerd samenwerken aan veiligheid is breed geïmplementeerd • De wachtlijst neemt af bij lokale teams en veiligheidspartners (Veilig Thuis en Jeugdbescherming)
21
Hoofdstuk 6
Financieel kader Dit hoofdstuk geeft inzicht in het financiële kader van de aanpak huiselijk geweld. Om een goed beeld te geven wordt ingegaan op de verantwoordelijkheden van centrumgemeente en regiogemeenten, de verschillende rijksuitkeringen voor de aanpak en wat dit betekent voor de bekostiging van de regionale en lokale voorzieningen. Sinds de invoering van de Wmo 2015 is iedere gemeente verantwoordelijk voor het bieden van opvang en hulp aan slachtoffers van huiselijk geweld. De landelijke overheid en de VNG hebben ten aanzien van de vrouwenopvang en (vanaf 2018) ook het CSG met elkaar afgesproken dat met 35 centrumgemeenten wordt gewerkt. De centrumgemeenten zijn opdracht gever. Het onderscheid tussen centrumgemeenten en regiogemeenten wordt in de wet niet gemaakt. Decentralisatie uitkering Vrouwenopvang De gemeente Ede ontvangt als centrumgemeente vanuit het Rijk jaarlijks financiële middelen via de Decentralisatie uitkering Vrouwenopvang (DU VO). De DU VO is een financiële bijdrage voor de bekostiging van de regionale voorzieningen (vrouwenopvang, Centrum Seksueel Geweld en deels Veilig Thuis), maar is niet toereikend. De DU VO bedraagt circa 2,8 miljoen euro. Indexering van deze DU VO is, via het accres, verwerkt in de Algemene
Hoofdstuk 6. Financieel kader
Uitkering (AU). Dat betekent dat alle gemeenten in de regio deze indexering ontvangen, en niet alleen de centrumgemeente. De middelen in de AU zijn niet gelabeld. Op basis van het accrespercentage en de hoogte van de DU VO van de afgelopen jaren is wel een schatting te maken hoeveel geld er in de AU van alle gemeenten samen zit. Het gaat in 2025 om een bedrag van circa 1,1 miljoen euro.
Algemene Uitkering Naast de indexering van de DU VO ontvangen alle gemeenten in de Algemene Uitkering (AU) ook middelen voor de uitvoering van de Jeugdwet en de Wmo. De middelen vanuit de Jeugdwet worden deels ingezet voor de bekostiging van Veilig Thuis. Daarnaast zijn deze middelen voor het uitvoeren van lokale voorzieningen, zoals de uitvoering door lokale teams, het stimuleren van het gebruik van de meldcode, maatregelen nemen om kindermishandeling te bestrijden en hulp en nazorg bieden bij huiselijk geweld. In onderstaande tabel is kort weergegeven hoe de bekostiging van de regionale en lokale voorzieningen is georganiseerd.