B-3.15 Memo B&W Consultatie Omgevingsvisie Barneveld 2040 d.d. 18-2-25
Tekst van het document
Dat brengt opgaven met zich mee, ook omdat we willen dat onze kinderen veilig fietsend naar school of naar een station kunnen. Wie afhankelijk is van de bus
58
uitwerking voorrang aan duurzame mobiliteitskeuzes volgens het STOMP-principe. Dit is een afkorting van stappen (lopen), trappen (fietsen), openbaar vervoer, mobility as a service en privéauto. Waarbij het van belang is dat de mogelijkheden voor lopen en fietsen voor de korte afstanden als eerste aandacht krijgen. Daarna het aanbod van openbaar vervoer en tenslotte het netwerk en de faciliteiten voor personenauto’s. Hieronder lichten we dit nader toe.
T P E
C N
O C
59
Stappen (lopen) Lopen is goed voor de gezondheid van de mens en van het milieu. Voor de meeste mensen is lopen een laagdrempelige manier om zich over korte afstanden te verplaatsen. Wij willen ervoor zorgen dat binnen wijken en naar voorzieningen voldoende mogelijkheden zijn om korte afstanden veilig te voet af te leggen. Dat betekent niet alleen een goed netwerk aan voetpaden maar ook een goede staat ervan zodat ook bijvoorbeeld inwoners in een rolstoel, ouderen of mensen met een kinderwagen veilig een ommetje kunnen maken of voorzieningen kunnen bereiken.
We willen vanuit meerdere kernen en wijken aantrekkelijke fietsverbindingen aanleggen naar station Barneveld-Noord. Dit betreft de wijk Bloemendal en de kernen Kootwijkerbroek en Stroe. We kijken niet alleen naar fietsroutes binnen de gemeente, maar regionaal zetten we in op uitbreiding of verbetering van fietsroutes naar buurgemeenten. Openbaar vervoer Wij willen dat er meer gebruik wordt gemaakt van het openbaar vervoer. Dit doen we door te lobbyen bij het Rijk voor stations op het spoor AmersfoortApeldoorn bij Barneveld-Noord en bij Stroe. We realiseren ons dat een nieuw station doorgaans vraagt om een grote hoeveelheid potentiële reizigers. Ondanks de beoogde groei van onze gemeente en de ontwikkelingen rondom Defensie is het onzeker of een station kansrijk is. Daarom onderzoeken wij ook andere vormen van hoogwaardig openbaar vervoer tussen Stroe en Amersfoort en Apeldoorn. Het gesprek hierover met het Rijk en de provincie blijven we voortzetten. Ook gaan wij met onze partners in de regio na wat het effect is van een frequentieverhoging van de Valleilijn tussen Barneveld-Zuid en Ede-Wageningen op het gebruik van het openbaar vervoer.
T P E
C N
Trappen (fietsen) We willen voor ritten over korte afstanden het fietsverkeer stimuleren. We zetten daarom in op veilige en comfortabele fietsroutes die bijdragen aan een goede bereikbaarheid per fiets. Door goede fietsverbindingen wordt het gebruik van elektrische fietsen gestimuleerd wat leidt tot minder autogebruik en daarmee minder druk op de autowegen.
O C
De onderlinge afstand tussen woningen, werklocaties, scholen, detailhandel, voorzieningen en ov-knooppunten is in de kern Barneveld het kleinst. Deze kern biedt dan ook de grootste kansen om mensen te stimuleren de auto te verruilen voor de fiets. Om het fietsgebruik aantrekkelijk te houden en te maken, zetten we daarom in op korte, veilige en comfortabele fietsverbindingen. Dat betekent soms nieuwe verbindingen en soms het verbreden of op andere wijze aanpassen van bestaande verbindingen.
Autobereikbaarheid De auto blijft voorlopig een belangrijk vervoermiddel. Dit vanwege het landelijke karakter van onze gemeente, het beperkte aanbod van openbaar vervoer en de aard van de beroepen van een groot deel van de inwoners. Ook de gezinsomvang speelt een rol. Veel jonge kinderen worden dagelijks met de auto naar de basisschool gebracht. Ook als we meer gaan fietsen zullen bestaande knelpunten op het autonetwerk niet verdwijnen.
Bij ov-knooppunten, voorzieningen en concentratie van detailhandel moeten voldoende mogelijkheden komen om fietsen te stallen en elektrische fietsen te laden. We zien geen opgave voor de recreatieve routes. Deze zijn op orde. Deelmobiliteit (Mobility as a service) In de kern Barneveld zijn enkele deelauto’s beschikbaar. Als zich aanbieders melden zullen we deze faciliteren waar mogelijk. Bij invulling van nieuwe wijken streven we ernaar de parkeervoorzieningen te clusteren aan de randen van de wijk, waardoor alternatieve mobiliteitsconcepten meer kans krijgen.
T P E
Door de ruimtelijke ontwikkelingen neemt de druk op het autonetwerk toe. Enige toename in verkeersdruk en in reistijd accepteert de gemeente, omdat het onwenselijk is op alle wegen te streven naar een minimaal reistijdverlies. Zouden we het wegennet moeten inrichten met dat uitgangspunt, brengt dat hoge investeringskosten met zich mee en de ingrepen hebben dan ook veel ruimtelijke impact. Verbreding van wegen gaat namelijk ten koste van bestaande groenen waterstructuren. Reistijdverlies voor de auto kan ook bijdragen aan andere mobiliteitskeuzes, bijvoorbeeld aan de toename van fietsgebruik.
C N
O C Werf
Op enkele wegen zijn de huidige en verwachte doorstromingsproblemen echter zo groot of onwenselijk dat wij hier maatregelen moeten treffen. Met name in de grotere kernen zijn de doorstromingsproblemen op enkele wegen zo hinderlijk dat we een verbetering nodig vinden van de structuur van het wegennet. Het gaat om bestaande knelpunten die met de toevoeging van woningen extra aandacht vragen.
gem. Barneveld
Voor de realisatie van stations en andere ov-voorzieningen zijn we afhankelijk van hogere overheden, concessieverleners en vervoerders. Het duurt soms decennia voordat een voorziening daadwerkelijk is gerealiseerd. Voor ruimtelijke ontwikkelingen rond de stations streven we naar lagere parkeernormen en stimuleren we het gebruik van openbaar vervoer en fiets.
60
61
Specifiek noemen wij de doorstromingsproblemen op de Lunterseweg, Van Zuijlen van Nieveltlaan en Thorbeckelaan. De aanleg van de oostelijke rondweg en westelijke randweg Barneveld moet ervoor zorgen dat deze routes worden ontlast van doorgaand verkeer, dat woonen werkgebieden beter worden verbonden met het buitengebied en de snelwegen en dat het verkeer beter omgeleid kan worden bij wegafsluitingen. Op de uitvalswegen aan de zuidoostzijde van Barneveld is sprake van fors oponthoud en aantasting van de leefbaarheid (geluid, luchtkwaliteit en verkeersveiligheid). Deze omstandigheden maken de aanleg van een oostelijke rondweg onvermijdelijk en een randvoorwaarde voor de verbetering van de leefbaarheid en de verdere groei van Barneveld. Deze oostelijke rondweg om Barneveld is al langere tijd in studie. In 2021 werd een milieueffectrapport (MER) opgesteld.
rondwegstructuur rond het zuidoosten van de kern Barneveld. Om tot een definitieve tracékeuze van deze rondweg te komen, voeren we een aanvullende studie uit, met een participatietraject met de omgeving. De westelijke rondweg bij de kern Barneveld zien wij op de langere termijn als een gebiedsontsluitingsweg binnen de kom die onderdeel is van een bredere ontwikkelopgave aan de westzijde van Barneveld.
T P E
Voor de bereikbaarheid van onze gemeente en de omliggende regio’s en om sluipverkeer door het buitengebied en de kleine kernen te beperken, is het van belang dat het knooppunt A1-A30 in combinatie met het knooppunt Hoevelaken volledig wordt aangepakt. Dit blijven we benadrukken bij het Rijk. Tot slot onderzoeken we nut, noodzaak, kansen en effecten van een nieuwe afslag voor de A1 aan de oostzijde van Harselaar.
C N
O C
Om een goede afweging te maken zijn ook de effecten onderzocht van het opwaarderen van de bestaande uitvalswegen. Uit het onderzoek komt dat opwaarderen een forse ruimtelijke impact heeft. Daarnaast voldoet het opwaarderen niet aan het uitgangspunt van een robuuste verkeersstructuur en leidt het tot een afname van de leefbaarheid in de kern. Daarom heeft de aanleg van een oostelijke rondweg de voorkeur boven het opwaarderen van de route door de kom.
Het sluipverkeer en ook ander doorgaand verkeer doet de leefbaarheid van de kernen geen goed. Om de leefbaarheid van de kernen te bevorderen, streven we ernaar te voorkomen dat het doorgaande regionale of bovenregionale verkeer door de kernen gaat. De hoeveelheid sluipverkeer is het meeste merkbaar in en rond Voorthuizen en Terschuur. Maar ook op wegen in en rond De Glind, Kootwijkerbroek en Stroe bevindt zich tijdens drukke momenten verkeer dat eigenlijk thuishoort op de snelweg.
De oostelijke rondweg zien wij dan ook als een gebiedsontsluitingsweg buiten de kom en als de ontbrekende schakel in een al grotendeels gerealiseerde
62
Omdat de volledige aanpak van de knooppunten Hoevelaken en A1-A30 waarschijnlijk nog lang duurt, onderzoekt de gemeente of we het aandeel sluipverkeer omlaag kunnen brengen met maatregelen op onze eigen wegen en die van de provincie. Bijvoorbeeld door alternatieve routes aan te bieden of de inrichting van een weg aan te passen.
en gebruikers van openbaar vervoer en de hulpdiensten. Ook houden we rekening met de eventuele nadelige effecten van snelheidremmende maatregelen op de omgeving. Veilige kernen We streven naar veilige kernen voor kwetsbare weggebruikers. Enkele aspecten om dit te bereiken zijn hiervoor aan bod gekomen, we zetten de uitgangspunten op een rij: - Waar mogelijk optimaliseert de gemeente fietsroutes naar voorzieningen. - Mogelijkheden tot stallen en opladen van fietsen bij voorzieningen. - Straten autoluw maken waar het kan en investeren in een completer en aantrekkelijker fietsnetwerk. - De snelheid van 50 km per uur in de bebouwde kom is alleen wenselijk als er vrijliggende fietspaden zijn met voldoende ruimte. Wijkontsluitingswegen waar fietsers een goed alternatief hebben krijgen mogelijk een uitzonderingspositie. - Het realiseren van enkele nieuwe wegverbindingen zoals beschreven onder autobereikbaarheid dragen ook bij aan het vergroten van de verkeersveiligheid in de kernen.
Over de doorgaande weg door Stroe gaat sluipverkeer en ander doorgaand verkeer zoals bijvoorbeeld naar Kootwijkerbroek. Deze weg willen we ontlasten en daarom richten wij ons erop het verkeer tussen de N800 en de N310/A1 een alternatieve route te bieden.
T P E
C N
Nieuwe verbindingen nabij de verschillende kernen kunnen niet los gezien worden van infrastructurele aanpassingen in de kern zelf. Door binnen de kernen wegen af te waarderen ontstaat in de kernen een veiliger en prettiger leefklimaat en worden automobilisten meer gestimuleerd gebruik te maken van de nieuwe verbindingen. Bij de kleinere kernen zoals bij De Glind en Kootwijk zetten we in op aanpassing van de inrichting van de weg, zodat deze aansluit bij het verblijfskarakter van de kern.
O C
Bij het ontwerp van nieuwe wegen en de reconstructie van bestaande wegen hebben we aandacht voor een veilige verkeersinrichting. Daarbij is er wel een grens aan wat redelijkerwijs mogelijk is aan snelheidremmende maatregelen. We houden rekening met de belangen van partijen voor wie snelheidremmende maatregelen juist een onevenredig nadeel hebben op aanrijdtijden zoals aanbieders
63
Bereikbaarheid samengevat - We passen het STOMP-principe toe. Rol van de gemeente: regisseren en reguleren. - Wij zorgen ervoor dat binnen wijken en naar voorzieningen voldoende mogelijkheden zijn om korte afstanden veilig te voet af te leggen met veilige en voor iedereen toegankelijke voetpaden. Rol gemeente: zelf uitvoeren. - Fietsroute langs Stationsweg Barneveld verbeteren Rol van de gemeente: zelf uitvoeren. - Fietsroutes aanleggen tussen Bloemendal, Kootwijkerbroek en Stroe naar station Barneveld-Noord. Rol van de gemeente: zelf uitvoeren - Fietsroutes naar Nijkerk Putten en Ede. Rol van de gemeente: samenwerken met andere overheden. - Fietsvoorzieningen zoals stalling- en oplaadmogelijkheden bij ovknooppunten verbeteren. Rol van de gemeente: lobbyen en regisseren. - Extra station Barneveld-Noord en Stroe of ander ov-verbinding van Stroe naar Amersfoort en Apeldoorn. Rol van de gemeente: lobbyen. - Parkeervoorzieningen clusteren. Rol gemeente: zelf uitvoeren en regisseren. - Ernaar streven dat de knooppunten A1-A30 en Hoevelaken volledig worden aangepakt. Rol van de gemeente: lobbyen.
- Verkeersveiligheid en leefbaarheid verbeteren en doorgaand keer in kernen beperken onder andere door: - Postweg De Glind herinrichten. Rol van de gemeente: zelf uitvoeren. - Alternatieve verbinding tussen de N800 en N310 ten zuiden van Stroe aanleggen Rol van de gemeente: zelf uitvoeren. - Alternatieve verbinding tussen de Garderbroekerweg en de Heuvelrandweg in Voorthuizen aanleggen. Rol van de gemeente: zelf uitvoeren. - Oostelijke rondweg Barneveld. Rol van de gemeente: zelf uitvoeren.
T P E
C N
O C
4. Visie op de deelgebieden Mede op basis van de lagenbenadering maken we in deze omgevingsvisie onderscheid in vijf deelgebieden. De grenzen tussen die gebieden zijn niet scherp en er kan wat overlap zijn, maar deze indeling helpt bij het bepalen van de ontwikkelingsrichting per gebied. Elk deelgebied heeft zijn eigen karakter en eigenschappen. Deze vormen de basis voor de koers en de keuzes die we maken voor toekomstige ontwikkelingen. In dit hoofdstuk beschrijven we de belangrijkste richtingen per gebied, waarbij we rekening houden met de natuurlijke systemen, cultuurhistorische waarden en de behoefte van de gemeenschappen. Van de stuwwallen en bossen van de Veluwe tot de natte beekdalen van het westelijk buitengebied: elk gebied draagt bij aan de diversiteit en vitaliteit van onze gemeente. Met een integrale benadering streven we naar een duurzame en veerkrachtige toekomst voor de gemeente Barneveld.
T P E
C N
O C
Deelgebied
Profiel
Dorpen/kernen
Veluwe
Natuur en waardevol landschap
Garderen en Kootwijk
Oostelijk buitengebied
Bedrijvenlandschap (agrarischniet-agrarisch)
Stroe en Kootwijkerbroek
Recreatiecluster Voorthuizen
Recreatie en multifunctionele landbouw
-
Verstedelijkt gebied
Verstedelijking (wonen en werken)
Barneveld, Harselaar en Voorthuizen
Westelijk buitengebied
Gemengd (landbouw en
De Glind, Terschuur en Zwartebroek
waardevolle landschappen)
64
65
We lopen in dit hoofdstuk de deelgebieden af van oost naar west, van hoog naar laag. Elk gebied heeft een primaire functie (profiel), waarmee we rekening houden bij de inpassing van andere functies. Binnen de gebieden krijgen de dorpen en grote objecten afzonderlijke aandacht.
Legenda
Deze deelgebieden worden verder uitgewerkt in de navolgende paragrafen.
1
De Veluwe, met Kootwijk en Garderen
2
Het oostelijk buitengebied, met Kootwijkerbroek en Stroe
3
Recreatiegebied Voorthuizen
4
De verstedelijkte as, met Barneveld, Harselaar en Voorthuizen
5
Het westelijk buitengebied, met Zwartebroek, Terschuur en De Glind
T P E
C N
O C
4 5
5
1
3
2
C N
O C
De vijf deelgebieden van Barneveld
66
T P E
67
4.1 De Veluwe De Veluwe is een geliefd recreatiegebied, mede door het reliëf, de heidevelden en uitgestrekte bossen. Het is een hooggelegen en uitgestrekt dekzandgebied, met grootschalige natuur en het typische Veluwelandschap. Het reliëf is ontstaan in de voorlaatste ijstijd, doordat rivierafzettingen werden opgestuwd tot stuwwallen. De Veluwe wordt gezien als de groene long van Gelderland, en zelfs van Nederland. Het is een waardevol cultuurhistorisch landschap met esdorpen en opene enclaves in bebost gebied.
en besloten bossen is typerend voor dit gebied.
Het deel van de Veluwe dat zich in de gemeente Barneveld bevindt, loopt geleidelijk af naar het westen. De flank van de stuwwal ligt aan de westkant van het deelgebied. Karakteristiek is de afwisseling van bossen, heidevelden, stuifzandgebieden en landbouwenclaves met es-complexen rondom de dorpen Garderen en Kootwijk. Deze dorpen zijn authentiek en kleinschalig. De overgang van de dorpen naar open agrarisch gebied
Onderdeel van het gebied is het defensieterrein Stroe met de twee kazernes. Een groot deel daarvan bestaat uit bos. Daarnaast ligt een zandverstuiving op het oefenterrein. Vanwege de hoge ligging op de flank van de stuwwal en de waterdoorlatende zandgrond zijn er geen beken of watergangen, zoals in de andere deelgebieden. Daarom kunnen de gevolgen van droogte hier groot zijn. Een groot deel van het gebied valt onder Natura 2000 en Gelders Natuurnetwerk (GNN).
Kenmerkend voor deze landbouwenclaves zijn de hoger in het landschap gelegen es-complexen. Tegenwoordig zijn die hoogteverschillen nog goed herkenbaar. Vanwege deze karakteristieken en de goede bereikbaarheid van de Veluwe, is het gebied erg in trek bij recreanten en toeristen. In de zomer kan het daarom behoorlijk druk zijn in de kernen en in het
T P E
bos.
C N
O C
Bodem en water De Veluwe is de blauwe motor met de landelijke grondwatervoorraad en de grondwaterstromen naar het westen. Structurele aanvulling van de grondwatervoorraad is daarom essentieel. De zandige bodem en de hogere ligging maken het gebied kwetsbaarder voor de gevolgen van droogte. Droogte heeft vooral schade van de natuur en een afname van biodiversiteit tot gevolg. Daarnaast heeft droogte ook gevolgen voor landbouwgewassen en beplanting op erven, en is de kans op bosbranden groter. Het is dan ook belangrijk dat het watersysteem optimaal wordt ingericht, zodat de gevolgen van droogte zoveel mogelijk beperkt worden. Dat kan door water zo lang mogelijk vast te houden of vertraagd af te voeren. Het risico op bodemdaling is in dit gebied op sommige plekken aanwezig, bijvoorbeeld ten zuiden van de A1. Afhankelijk van de locatie zijn extra maatregelen nodig op dit vlak. Het gebied is niet gevoelig voor overstroming.
T P E
C N
O C
Uitsnede kaartbeeld rond 1900
Uitsnede kaartbeeld rond 1950
Uitsnede kaartbeeld rond 1980
Uitsnede kaartbeeld rond 2024
- De Veluwe bestond grotendeels uit uitgestrekte heidevelden.
- De heide maakte plaats voor naaldbos.
- Naast de spoorlijn doorkruist nu ook de snelweg De Veluwe.
- Het Kootwijkse Veld is als heidegebied bewaard gebleven.
68
Kernkwaliteiten - Het aanwezige reliëf en de geleidelijke overgang naar het lagergelegen buitengebied. - De afwisseling tussen bos, heidevelden en zandverstuivingen. - De karakteristieke overgang van de dorpen, naar open gebied, naar besloten bosgebied. - De landbouwenclaves Garderen en Kootwijk, met rondom het dorp kenmerkende es-complexen. - De herkenningspunten, zoals molen De Hoop in Garderen en de uitkijktoren Kootwijk. - Veel mogelijkheden voor recreatie, bijvoorbeeld vanwege de aanwezigheid van fietspaden, campings, en overige voorzieningen.
Fietsen op de Veluwe
69
Ambities voor de Veluwe
landbouw waarbij grondwateronttrekking beperkt wordt toegepast. We zien in dit gebied geen mogelijkheden voor windenergie of grootschalige zonnevelden. Kleine initiatieven voor zonnevelden zijn mogelijk, op voorwaarde dat het landschappelijk goed kan worden ingepast.
De hoofdfunctie van het gebied is natuur. Onze koers is vo volop het behoud, herstel en versterking hiervan. Activiteiten en grondgebruik stemmen we af op de bestaande waarden en herstel van het systeem (natuurherstel). De natuur en de dorpen Kootwijk en Garderen hebben tegelijkertijd een grote aantrekkingskracht op de recreant. Dit waarderen we, maar we streven daarbij naar het juiste evenwicht, om overbelasting te voorkomen van de draagkracht van de natuur en de dorpen. Met een goede recreatiezonering zorgen we voor de juiste balans in dit gebied, zodat de natuurwaarden behouden blijven en kunnen worden versterkt.
Voor de bestaande vakantieparken zijn er ontwikkelkansen, daarbij leggen we de nadruk op verbetering van de kwaliteit van de parken.
Werklocaties Het aantal niet-agrarische werkfuncties is beperkt aanwezig in het gebied. We behouden bestaande bedrijven, maar bieden geen verdere groeiruimte, om de balans richting de Veluwe te behouden. In het functieveranderingsbeleid bieden we stoppende agrariërs de mogelijkheid hun erf in te zetten voor niet-agrarische bedrijvigheid.
T P E
C N
Gezondheid en welzijn van onze inwoners Bewoners van de Veluwe hebben de bossen als achtertuin, een heel gezonde en groene leefomgeving, die we behouden en versterken. Mensen voelen zich relatief vaak gezond en de sociale samenhang is hoger dan gemiddeld. De gemiddelde leeftijd van de bewoners ligt hier hoger dan in de andere gebieden, en voorzieningen zijn niet altijd binnen handbereik. We streven daarom naar een demografie die beter in balans is. Voldoende plekken die bijdragen aan bewegen, sporten, cultuur en ontmoeten zijn dan ook extra van belang.
Toerisme en recreatie In dit gebied is onze toeristische en recreatieve sector goed vertegenwoordigd. We zien echter dat de draagkracht van het gebied en de dorpen in het hoogseizoen in het geding komt. We beogen het behoud van onze toeristische toppositie, door consolidatie en optimalisatie. We willen dus niet dat de druk in het hoogseizoen nog groter wordt, wel zien we mogelijkheden voor bijvoorbeeld nieuwe doelgroepen of seizoensverlenging. Ook stimuleert de gemeente initiatieven die spreiding nastreven van toeristen en recreanten naar andere deelgebieden, of initiatieven die tot een verschuiving van toeristen en recreanten buiten het hoogseizoen kunnen leiden. Voor nieuwe vakantieparken of andere nieuwe grootschalige recreatievoorzieningen is in beginsel geen plaats. We volgen de recreatiezonering vanuit de provincie om zo de gasten in het natuurgebied op een goede manier te spreiden.
O C
Duurzame en klimaatbestendige omgeving Door de hogere ligging en de zandgrond is het gebied gevoelig voor droogte. Een van de maatregelen om droogte te verminderen, is bijvoorbeeld de omvorming van naald- naar loofbos, want loofbos onttrekt minder vocht aan de bodem. Initiatieven voor omvorming omarmen we, bijvoorbeeld ook voor vormen van
70
T P E
C N
O C
Visiekaart Veluwe
0
71
0,5
1,0
1,5
2,0
2,5km
Robuust landschap en natuur De hoofdfunctie van dit gebied is natuur als Natura 2000-gebied. In de keuzes die we maken is behoud en zo mogelijk verbetering van de natuurwaarden een belangrijk uitgangspunt. De gemeente gaat uit van een goede basiskwaliteit natuur. De uitgestrekte bossen, heidevelden en zandverstuivingen zijn van grote waarde. We hechten veel waarde aan behoud, herstel en versterking van deze natuurwaarden, zodat er een robuust landschap blijft bestaan. We zien daarom in dit gebied noodzaak voor maatregelen die de kwaliteit van de natuur versterken.
Landbouw De agrarische sector is relatief klein in dit gebied en voegt zich naar andere doelstellingen, zoals het streven naar een duurzame natuur. We zien hier dan ook geen ontwikkelingsruimte voor intensieve veehouderij. Wel juicht de gemeente Barneveld de overgang toe naar natuurinclusieve en extensieve grondgebonden vormen van landbouw. We omarmen initiatieven die uitgaan van innovatie, extensivering of multifunctionele landbouw. Agrariërs die willen stoppen, krijgen volgens het functieveranderingsbeleid de mogelijkheid de erven in te zetten voor niet-agrarische bedrijvigheid of kleinschalige woningbouw. Bij doorontwikkeling of functieverandering geldt een goede landschappelijke inpassing van het erf als voorwaarde.
T P E
C N
Passend bij de doelstelling voor een duurzame en klimaatbestendige omgeving streeft de gemeente Barneveld bijvoorbeeld de omvorming na van naald- naar loofbos. Daarnaast ziet de gemeente kansen om kleinschalige landschapselementen terug te brengen in het landschap, bijvoorbeeld bij de overgang van landbouwenclaves naar bossen of bij ontwikkelingen op erven. Tot slot kent dit gebied nog gave es-complexen die we willen behouden en versterken.
O C
Wonen In dit gebied concentreren we woningbouw in de kernen. Vanuit het oogpunt van natuur en landschap is er buiten de kernen alleen ruimte voor kleinschalige woningbouw bij transformatie van erven. Om een meer evenwichtige demografische opbouw te bereiken zetten we daar waar mogelijk extra in op het bouwen voor de juiste doelgroepen, zodat de jongere doelgroep meer kansen krijgt.
Aan de rand van de Veluwe werken we toe naar een overgangsgebied, waarbij de gemeente zowel ruimtelijk als functioneel streeft naar een zachte en geleidelijke overgang tussen het landelijk gebied en de Veluwe.
Veluwe op 1 werken we aan stroomlijning van bezoekersstromen op de Veluwe. Hierbij inventariseren we onder andere of een ontvangstlocatie in de gemeente Barneveld haalbaar is binnen de kaders van Veluwe-op-1. Garderen is per fiets goed bereikbaar, met vrijliggende fietspaden langs meerdere radialen. Rond Kootwijk liggen vooral recreatieve fietspaden. Gelet op de geringe hoeveelheid dagelijks fietsverkeer zijn hier geen opgaven voor nieuwe fietspaden.
T P E
C N
O C
Bereikbaarheid Met de auto is de Veluwe goed bereikbaar via verschillende provinciale wegen. We zullen het gesprek aangaan met vervoersaanbieders om na te gaan op welke wijze vervoersarmoede kan worden voorkomen in dit gebied. Samen met de provincie en het samenwerkingsverband
Met alle bossen op de Veluwe kent het gebied een risico op bosbranden. Het is een opgave voor de gemeente om dit risico zo klein mogelijk te houden.
72
73
Garderen Garderen is een prachtige agrarische enclave op de Veluwe met een grote recreatieve aantrekkingskracht. Door de sterke toeristische en recreatieve sector in en rond Garderen is het een levendige kern. Bewoners wonen er met veel plezier en zijn trots op de landschaps- en natuurwaarden. Het dorp is gegroeid rondom een knooppunt van wegen. Het ligt in een afwisselende omgeving, met gesloten bosgebieden en meer open agrarische es-complexen. Hoogteverschillen tonen de es-complexen in het landschap, die ook aan de randen van het dorp goed te zien zijn. Molen De Hoop is een herkenbaar oriëntatiepunt in Garderen en deel van de identiteit van het dorp.
Kernkwaliteiten - Bijzondere ligging in waardevol natuurgebied. - Ligging in het Veluwse landschap, waardoor het dorp in trek is bij recreanten. - Een afwisselende omgeving, met gesloten bosgebieden en meer open agrarische es-complexen. - Radiale wegenstructuur, kenmerkend voor een esdorp, met lintbebouwing daarlangs. - Molen en de kerk vormen lokale bakens in het dorp en functioneren als oriëntatiepunt. - Oude bomen en landschapselementen die het dorp karakter geven. - Grote sociale samenhang onder de inwoners.
T P E
C N
O C
De vitaliteit van Garderen staat echter onder druk. Het dorp vergrijst, en het huidige woningbestand versterkt dit. Vanwege het beperkte woningaanbod gaan jongeren en jonge gezinnen op zoek naar een betaalbare woning buiten Garderen. Daardoor kan het verenigingsleven onder druk komen te staan en wordt het moeilijker voorzieningen te behouden.
Ambities
aanpakt in het gebied. Het gaat hier om leefbaarheid, natuur en water, landbouw, landbouw en recreatie. Inwoners en ondernemers in het gebied formuleerden samen voostellen op deze thema’s. Voor Garderen gaat het vooral om vergroting van de leefbaarheid en de ontwikkeling van het gebied de Hoge Gronden.
Om de vitaliteit van het dorp te behouden en versterken streeft de gemeente Barneveld naar een woningaanbod voor alle doelgroepen in Garderen en hebben we speciale aandacht voor betaalbaarheid. Met de groei van de kern is er ook ruimte om het voorzieningenniveau op peil te houden. De groei pakken we zorgvuldig aan door zo veel mogelijk kansen in de kern zelf te benutten en aan de randen te bouwen op de plekken waar dat kan, gelet op de cultuurlandschappelijke waarden.
Duurzame en klimaatbestendige omgeving Garderen kenmerkt zich door relatief veel groen, waardoor er weinig hittestress is en wat bijdraagt aan een goede gezondheid. Dat willen we zo houden. Er is geen ruimte voor grootschalige zonne-energie in Garderen. Daarom is het noodzakelijk per locatie en huishouden te werken aan duurzame energieopwekking. Garderen heeft een gemengd rioolstelsel. We streven ernaar een gescheiden rioolstelsel te realiseren voor heel Garderen, zodat het rioolstelsel minder wordt belast. Gelet op de hoge en droge ligging van Garderen is het tot slot van belang water hier zo lang mogelijk vast te houden.
T P E
Gezondheid en welzijn van onze inwoners De vitaliteit van het dorp is erg belangrijk voor het welzijn van de inwoners van Garderen. Mensen in Garderen voelen zich relatief vaak gezond en de sociale samenhang is hoog. De bevolking is echter relatief oud en voorzieningen zijn niet altijd binnen handbereik. We streven naar behoud en aantrekken van jonge mensen, om tot een meer evenwichtige bevolkingsopbouw te komen. Bij de openbare ruimte houden we expliciet rekening met een openbare ruimte die passend is bij een ouder wordende bevolking. Ook kijken we bij de groei van de kern naar mogelijkheden om groene recreatieve beweegmogelijkheden een plek te geven en de kern goed in verbinding te brengen met het omliggende landschap.
C N
O C
Wonen Met de Deelvisie woningbouw en supermarkten heeft Garderen richting gegeven aan de woningbouwopgave. Voor Garderen geldt een woningbouwopgave van zo’n 300 woningen tot 2040. We hebben de ambitie ongeveer de helft te realiseren binnen de bestaande kern. De gemeente gaat uit van een gefaseerde en gedoseerde groei om in ieder geval te voldoen aan de behoefte van de inwoners, met bijzondere aandacht voor betaalbaarheid en levensloopbestendigheid. Daarmee vergroten we het woningaanbod voor jongere en oudere inwoners van Garderen.
Sinds 2023 participeert Barneveld in het gebiedsproces GEUS, waarbij GEUS staat voor Garderen, Elspeet, Uddel en Speuld. Dit gebied wordt ook wel aangeduid als de enclave. Het gebiedsproces leverde een plan op dat maatschappelijke opgaven
74
75
Voorzieningen De groei van Garderen heeft een positief effect op het gebruik van het voorzieningenaanbod. Tegelijkertijd zorgt de groei ook voor een aanvullende vraag naar sport, onderwijs, kinderopvang, cultuur en eerstelijnszorg. We streven daarom naar behoud en uitbouw van bestaande voorzieningen. Extra inzet op nieuwe voorzieningen is niet nodig. De gemeente streeft daarnaast het behoud na van een toekomstbestendig en aantrekkelijk centrumgebied. De Deelvisie woningbouw en supermarkten bevat een afwegingskader voor de supermarktstructuur van de kern. Kwaliteit van de leefomgeving Garderen is omgeven door waardevol landschappelijk gebied en natuur, dat we koesteren. We richten ons op behoud en versterking van deze waarden en streven ernaar dat de ontwikkeling van het dorp passend blijft bij deze waarden.
Bereikbaarheid De radialenstructuur, spakenstructuur, van Garderen zorgt dat het dorp goed bereikbaar is, maar leidt ook tot een concentratie van gemotoriseerd verkeer in de kern. Een deel van dit verkeer is doorgaand en heeft Garderen dus niet als bestemming. We streven dan ook maatregelen na op netwerkniveau om dit type verkeer te verminderen. Zo willen we de toegangswegen naar de kern afwaarderen naar 60-km-wegen. In de kern gaan we uit van 30-km per uur waar nu nog 50 km per uur geldt en verbeteren we de oversteekbaarheid voor voetgangers. Zo wordt het minder aantrekkelijk door de kern te rijden. Dit komt de leefbaarheid en verblijfskwaliteit ten goede en geeft hier meer ruimte voor fietsers en voetgangers.
T P E
C N
O C
C N
Visiekaart Garderen
Werklocaties Garderen kent geen specifieke opgave voor een lokaal bedrijventerrein. De gemeente Barneveld staat echter wel open voor initiatieven op dat gebied, zolang ze verplaatsing beogen van lokale bedrijven op locaties waar inbreiding mogelijk is, of waar kwaliteitsverbetering mogelijk is. Behoud en versterking van de vitaliteit van Garderen en een goede balans met natuuren landschapskwaliteiten is daarbij een belangrijk uitgangspunt.
76
T P E
O C
0
77
0,25
0,5
0,75
1km
Kootwijk
Ambities
Kootwijk ligt op de westflank van de Veluwe, bij het Kootwijkerzand. Vanwege de bijzondere ligging is het dorp in trek bij recreanten en toeristen. Rondom het dorp liggen heidevelden, bossen, akkers en zandverstuivingen met de uitkijktoren. Het dorp is van oorsprong een agrarische enclave. De Brink is het hart van de kern heeft een belangrijke ontmoetingsfunctie voor de inwoners. De Brink vormt samen met de oude Hervormde Kerk de identiteitsdrager van Kootwijk.
De bewoners van Kootwijk zijn erg betrokken bij hun leefomgeving en hebben zelf ook veel ideeën ter verbetering. Om de vitaliteit van het dorp te versterken, streven we naar extra woningen, met name voor starters en jonge gezinnen. We moeten daarbij op zoek naar de juiste balans tussen de cultuurlandschappelijke en natuurlijke waarden.
grondwater wordt aangevuld. De riolering van Kootwijk heeft een beperkte capaciteit en wordt aangepakt bij grootschalige werkzaamheden.
T P E
Gezondheid en welzijn van onze inwoners Kootwijk heeft een relatief oude bevolkingssamenstelling, maar men voelt zich relatief vaak gezond. Met weinig voorzieningen zorgt de sterke onderlinge sociale cohesie ervoor dat bewoners voor elkaar klaarstaan en elkaar helpen. Om tot een evenwichtige bevolkingsopbouw te komen is het belangrijk woningen voor starters toe te voegen bij woningbouw in de kern.
Kootwijk is qua omvang de kleinste kern van de gemeente Barneveld en kenmerkt zich dan ook als intiem waarbij rust en de natuur centraal staan. Het bestaat uit vele historische boerderijen die beeld- en sfeerbepalend zijn. In de loop der jaren zijn er verspreid in de kern nieuwe woningen toegevoegd waarbij het kleinschalige karakter altijd is behouden. Er zijn naast enkele horecafuncties geen andere voorzieningen. In de directe omgeving zijn verschillende recreatieparken en de vele routes nodigen uit om te wandelen, te fietsen of paard te rijden.
C N
O C
Kernkwaliteiten - Agrarische enclave in het Veluwse landschap, waardoor het dorp in trek is bij toeristen. - Historisch karakter, met onder andere de centrale Brink, de oude Hervormde Kerk en oude boerderijen. - Sterke relatie met omliggend landschap. - Groene karakter van het dorp, met laanbeplanting en oude bomen. - De inwoners zijn betrokken bij hun leefomgeving.
Duurzame en klimaatbestendige omgeving Kootwijk kenmerkt zich door relatief veel groen, waardoor er weinig hittestress is en wat een positieve bijdrage levert aan het welbevinden van de inwoners. Dat willen we zo houden.
T P E
C N
Visiekaart Kootwijk
O C
0
Bewoners in Kootwijk staan voor een duurzame omgeving en waarderen de natuur. Dat blijkt uit het dorpsplan en uit het bewonerscollectief dat zich richt op verduurzaming van de leefomgeving. De gemeente Barneveld ondersteunt dit en ziet dit als een voorbeeld voor andere dorpen en kernen. Zo kunnen bewoners zelf de regie nemen over de verduurzaming van hun leefomgeving. Daarnaast richt de gemeente zich op regenwaterinfiltratie waarmee het
78
79
0,25
0,5
0,75
1km
Wonen Kootwijk heeft geen grote woningbouwopgave, maar we zien kansen voor de bouw van 10 tot 20 woningen tot 2040. Samen met de bewoners van Kootwijk onderzoeken we de locatie voor deze woningen, waarbij we rekening houden met de bijzondere natuur- en landschapswaarden in en rondom de kern. Verder zijn er kansen woningen te bouwen via kavelsplitsing of een extra woning op eigen perceel. We richten ons daarbij op betaalbare woningen, voor starters of jonge gezinnen.
Bereikbaarheid Kootwijk is goed bereikbaar met de auto. Per fiets is Kootwijk ook goed te bereiken. Niet via losliggende fietspaden naast de wegen, maar via de rijbanen en regionale recreatieve fietsroutes. Kootwijk ervaart enig sluipverkeer. Op de hele doorgaande weg in de bebouwde kom van Kootwijk geldt een maximumsnelheid van 30 km per uur. Dit snelheidsregime kan worden ondersteund in afstemming met het dorp. Binnen Kootwijk geldt de wens om het weggedeelte in het hart van het dorp integraal aan te pakken waarbij de weg meer een uitstraling krijgt van een verblijfsgebied. Het parkeeraanbod in de kern moet in overeenstemming zijn met de recreatieve voorzieningen, waarbij ook uitgeweken kan worden naar parkeergelegenheden buiten de kern, bijvoorbeeld de P-Veluwe Kootwijkerduin.
T P E
Voorzieningen Kootwijk heeft geen voorzieningen in het dorp, op horeca na. Op deze plekken ontmoet men elkaar. De inwoners zijn hieraan gewend en staan voor elkaar klaar. Vanwege de kleine omvang van het dorp, gaat de gemeente niet uit van extra voorzieningen, maar we staan open voor optimalisatie van bestaande voorzieningen. Bijvoorbeeld behoud en versterking van de sociale cohesie via een dorpshuisfunctie of een goede aansluiting op voorzieningen in naburige kernen, als die op aanvaardbare afstand kunnen worden aangeboden.
C N
O C
T P E
C N
O C
Kwaliteit van de leefomgeving Kootwijk is omgeven door waardevol agrarisch gebied en natuurgebieden. Dit koesteren we en houden we in de gaten bij ontwikkelingen in en rondom de kern. In het dorp en rondom De Brink zijn kansen op een openbare ruimte met een sterkere verblijfsfunctie. Een sterke verblijfsfunctie kan bijdragen aan meer leefbaarheid en verkeersveiligheid.
80
81
Militair terrein Stroe Tussen Stroe en Garderen ligt een militair terrein, geïsoleerd tussen de A1, N310 en N344. Het bestaat uit een westelijk deel met kazernes en bijbehorende bebouwing (zo’n 11,5 hectare bebouwing) en het oostelijk deel dat oefenterrein is en vooral een bosachtig karakter heeft. Voor de lange termijn onderzoekt het Ministerie van Defensie onder meer in het kader van het Nationaal Programma Ruimte voor Defensie (NPRD) waar defensieactiviteiten kunnen worden uitgebreid om de slagkracht van defensie te vergroten. Stroe is in beeld voor huisvesting van ondersteunende eenheden.
T P E
C N
De gemeente Barneveld staat open voor uitbreiding van deze activiteiten, mits de randvoorwaarden passend worden ingevuld, zoals de ontsluiting van het terrein, de capaciteit van nutsvoorzieningen, en woningbouw. Verder streven we naar meerwaarde door bijvoorbeeld gebruik van gezamenlijke voorzieningen of toevoeging van natuur op daarvoor geschikte locaties.
O C
T P E
C N
O C
Visiekaart militair oefenterrein Stroe
82
0
83
0,25
0,5
0,75
1km
4.2 Het oostelijk buitengebied Van oorsprong bestaat het oostelijk buitengebied uit een gevarieerd landschap van beekdalen, broek- en heideontginningen en es-complexen aan de oostkant van het gebied. De karakteristieke beken van de gemeente Barneveld droegen bij aan dit kleinschalige landschap. In het gebied liggen de kernen Kootwijkerbroek en Stroe. De buurtschappen Essen en Esveld behoren tot Kootwijkerbroek.
Bij de ontwikkeling van het landbouwgebied verdwenen veel landschapselementen zoals houtsingels en lanen, en is ook de waterhuishouding aangepast. Het onderscheid tussen de verschillende landschapstypen is daarmee in de loop der tijd minder zichtbaar geworden. Alleen ten oosten van Kootwijkerbroek is het oorspronkelijk engen- en kampenlandschap nog deels herkenbaar. Hier zijn het wegenpatroon, landschapselementen en een open es nog te beleven.
T P E
Na de Tweede Wereldoorlog ontwikkelde dit gebied zich tot een intensief landbouwgebied en het hart van de pluimveesector. De aanwezigheid van arme gronden en de signatuur in dit gebied leidde tot veel kleinschalige agrarische bedrijvigheid, nu nog herkenbaar aan veel erven met een divers gebruik.
Bodem en water De overgangszone van de Veluwe naar lagergelegen gebied is kwetsbaar bij langdurige neerslag en droogte. Bij langdurige neerslag kan het regenwater moeilijk wegstromen. Daarom vraagt deze zone extra aandacht op gebied van klimaatadaptatie, zeker wanneer het gaat om nieuwe functies in deze overgangszone. Het risico op bodemdaling is beperkt in dit gebied. Bij ontwikkeling zijn geen extra maatregelen nodig op dit vlak.
C N
O C
O C
Uitsnede kaartbeeld rond 1950
Uitsnede kaartbeeld rond 1980
Uitsnede kaartbeeld rond 2024
- Afwisselend broek- en heidegebied, gedeeltelijk ontgonnen
- Kleinschalige met groen omzoomde percelen
- De landbouw intensiveert, landschapselementen verdwijnen
- Grootschalige agrarische bedrijfsbebouwing in het landschap.
84
T P E
C N
Uitsnede kaartbeeld rond 1900
Kernkwaliteiten - Open en grootschalig agrarisch gebied, bestaande uit heideontginning en broekontginning. - Weidse vergezichten over de percelen. - De boerenbedrijven en het ondernemende karakter van de inwoners, dat deel uitmaakt van de identiteit van de gemeente Barneveld. - De bovenstroomse loop van de beken van de gemeente Barneveld is karakteristiek in het landschap; - Het gedeeltelijk bewaard gebleven essen- en kampenlandschap aan de oostkant, bijvoorbeeld rondom Stroe. - De Puurveense Molen, als baken in het landschap.
Het weidse oostelijk buitengebied, met agrarische bedrijven
85
Ambities
Duurzame en klimaatbestendige omgeving Vanuit de Veluwe ontspringen beken die door dit gebied lopen. De beken van de hoge zandgronden vormen een belangrijk gegeven in duurzaam en klimaatbestendig maken van Nederland. Het is wenselijk de beken robuuster te maken en het water zo lang mogelijk vast te houden, zodat de kans op wateroverlast wordt beperkt in de lagere delen van het bekenstelsel. In dit gebied benutten we dan ook de kans het bekenstelsel toekomstbestendig te maken. We zien daarbij perspectieven voor natuur en recreatie. Als zich initiatieven voordoen in de nabijheid van de beken, onderzoeken we de mogelijkheden in overleg met het waterschap.
Het oostelijk buitengebied kenmerkt zich door een ondernemend karakter. In dit deel van gemeente Barneveld komt ondernemerschap in al haar facetten het meest tot uiting. Het ondernemerschap bepaalt hier in belangrijke mate de identiteit van het gebied. Deze dynamiek in het gebied willen we behouden voor de toekomst. Daarom ondersteunen we hier het agrarisch ondernemerschap waar mogelijk. Daarbij houdt de gemeente Barneveld oog voor behoud en versterking van de dragers van het cultuurlandschap, zoals de beken die dit gebied doorstromen. Bij dit gebied hoort bovendien een forse woonambitie voor de kernen.
T P E
C N
Werklocaties Het landelijk gebied kenmerkt zich hier als een woon-werklandschap, waarbij agrarische en niet-agrarische bedrijvigheid naast elkaar voorkomen. Deze menging en dynamiek willen we behouden. Met het functieveranderingsbeleid biedt gemeente Barneveld stoppende agrariërs de mogelijkheid hun erf in te zetten voor niet-agrarische bedrijvigheid. De gemeente geeft zo ruimte aan kleinschalige bedrijvigheid voor startende en kleine ondernemers. Ondernemers die doorgroeien of meer ruimte nodig hebben, kunnen terecht op het bedrijventerrein.
Gezondheid en welzijn van onze inwoners Inwoners van dit gebied voelen zich relatief vaak gezond en voelen zich met elkaar verbonden. De sociale cohesie is hoog. Daarbij komt dat dit gebied zich kenmerkt door een relatief jonge bevolking. De inwoners weten elkaar hier goed te vinden en te helpen. Beroep op hulp en ondersteuning vanuit de gemeente en de mate van eenzaamheid zijn hier relatief laag.
O C
De bedrijvigheid van vooral veel intensieve veehouderijen veroorzaakt een relatief hoge blootstelling aan geur en fijnstof. De gemeente streeft naar beperking van deze uitstoot door innovatie te stimuleren en minder ruim te vergunnen.
T P E
C N
O C Visiekaart Oostelijk buitengebied
0
Toerisme en recreatie Het oostelijk buitengebied is momenteel niet de plek waar onze toeristische en recreatieve sector sterk is vertegenwoordigd. We gaan terughoudend om met nieuwe ontwikkelingen op gebied van toerisme en recreatie. Wel willen we
86
87
0,5
1,0
1,5
2km
via recreatieve nevenactiviteiten meer mogelijkheden bieden aan agrariërs, en geven we de kans nieuwe verdienmodellen te onderzoeken en eventueel te ontwikkelen in de richting van een meer multifunctioneel landbouwbedrijf. Daarnaast staat de gemeente ervoor open het recreatieve routenetwerk te versterken rondom de dorpen en in verbinding naar de Veluwe. Zo kunnen ook de perspectieven worden onderzocht die eventuele ontwikkeling in de beekzones met zich meebrengen, zodat er aantrekkelijke recreatieve routes ontstaan om te ontspannen en recreëren, met name voor onze eigen inwoners.
mogelijk faciliteren. Binnen de grenzen van wat is toegestaan voor de gezondheid van de bevolking. Er is ruimte voor agrarische ondernemers in het gebied. We staan hier terughoudend tegenover functies die belemmerend werken voor onze ondernemers, zoals nieuwe woonfuncties in de nabijheid van agrarische erven. Met het gemeentelijk beleid voor functieverandering en nevenactiviteiten geven we ondernemers bovendien nieuwe kansen, als ze willen stoppen of zich willen richten op extensieve of multifunctionele vormen van landbouw. Bij doorontwikkeling of functieverandering geldt in ieder geval de voorwaarde van een goede landschappelijke inpassing van het erf.
T P E
C N
Robuust landschap en natuur De beken vormen belangrijke structuurdragers van het landschap in dit gebied. Voor een duurzame en klimaatbestendige omgeving streeft de gemeente Barneveld naar versterking van dit bekenstelsel. Verder heeft het gebied een essenlandschap dat we verder willen versterken. Voor een eigentijds agrarisch landschap is het belangrijk de erven goed landschappelijk in te passen. Bij nieuwe ruimtelijke ontwikkeling let de gemeente Barneveld hier dan ook goed op. Ook heeft de gemeente speciale aandacht voor ontwikkelingen aan de rand van onze kernen.
O C
Wonen De afgelopen jaren is dit stukje landelijk gebied steeds meer woongebied geworden. Stapsgewijs werden voormalige agrarische erven getransformeerd tot woonerven. Voor dit gebied bestaat een groot woonprogramma dat vooral terechtkomt in de beide kernen, maar deels ook aan de randen ervan. Om zo veel mogelijk ruimte te blijven bieden aan agrarische ondernemers in dit gebied kiezen we er namelijk voor functieverandering naar wonen te clusteren aan de rand van bestaande kernen. En de ruimte voor woonclusters van 10 tot 15 woningen aan de randen van de kernen is er op basis van ons functieveranderingsbeleid.
Landbouw De agrarische sector is sterk vertegenwoordigd en vervult een belangrijke economische rol in het oostelijk buitengebied. Agrariërs geven we ondernemersruimte, waarbij we innovaties en doorontwikkeling in de sector zo veel
88
Bereikbaarheid Het oostelijk buitengebied is goed bereikbaar via de provinciale wegen in het gebied. Het autogebruik is relatief hoog en de vraag naar openbaar vervoer klein. Met de groei van de kernen neemt de vraag naar openbaar vervoer mogelijk toe. De gemeente gaat hierover het gesprek aan met de vervoersaanbieders. Op kernniveau hebben Kootwijkerbroek en Stroe enkele bereikbaarheidsvraagstukken die we hierna verder bespreken.
T P E
C N
O C
89
Kootwijkerbroek
Ambities
Kootwijkerbroek is gelegen in de Gelderse Vallei in een gebied met een belangrijke agrarische functie. Garderbroek (met onder andere de korfbalvelden van DWS) behoort tot de kern Kootwijkerbroek. Het dorp is nog niet zo oud, en is ontstaan toen de drassige gronden ontgonnen werden. Bebouwing ontstond in eerste instantie langs de wegen, als lintbebouwing. Het ondernemerschap dat kenmerkend is voor het dorp, heeft ertoe geleid dat wonen en werken sterk met elkaar verweven zijn in de kern en op korte afstand van elkaar liggen.
Kootwijkerbroek kenmerkt zich als jonge, hechte en ondernemende kern. De gemeente streeft naar stevige groei van de kern, voor wonen en voor werken. Met deze groei blijven de voorzieningen toekomstbestendig en kunnen we het ondernemerschap faciliteren. Binnen de groei voor wonen streven we naar een diverse woningvoorraad en zorgen we voor nieuwe toekomstbestendige dorpsranden, waar wonen en landschap zijn gecombineerd.
T P E
Gezondheid en welzijn van onze inwoners Een hechte en jonge gemeenschap typeert Kootwijkerbroek. Er bestaat een grote mate van zelfredzaamheid en er wordt weinig gebruik gemaakt van gemeentelijke voorzieningen voor hulp- en ondersteuning. De grote zelfredzaamheid en sociale samenhang willen we graag behouden. Vanwege de relatief jonge bevolking houden we er rekening mee dat er voldoende speel- en beweegmogelijkheden zijn en blijven. Ook als de bevolking verder groeit. De grote woonopgave van onze gemeente betekent voor de groei van Kootwijkerbroek dat meer inwoners van buiten de kern hier komen wonen. We streven naar een diverse woningvoorraad en een gemeenschap met een meer divers karakter.
C N
In het dorp staat de herbouwde Puurveense molen, van oorsprong het beeldbepalende gebouw van Kootwijkerbroek. Een belangrijke voorziening voor het dorp is dorpshuis De Essenburcht, waar bewoners samenkomen en activiteiten worden georganiseerd.
O C
Kernkwaliteiten - Sterke relatie met het agrarisch gebied. - Een ondernemende en daadkrachtige kern met veel zzp’ers. - Verwevenheid van wonen en werken op korte afstand van elkaar. - Puurveense molen als beeldbepalend gebouw. - Dorpshuis de Essenburcht als ontmoetingsplek en locatie voor activiteiten.
T P E
C N
Visiekaart Kootwijkerbroek
O C
0
Duurzame en klimaatbestendige omgeving De inwoners van Kootwijkerbroek denken graag mee over duurzame energievoorziening in het dorp en hebben zich verenigd in de Coöperatie Duurzaam Kootwijkerbroek. Dit initiatief ondersteunen we van harte en we helpen Kootwijkerbroek de woon- en leefomgeving te verduurzamen.
90
91
0,25
0,5
0,75
1km
Kootwijkerbroek kenmerkt zich door buurten met een relatief laag percentage groen. Door verharding in openbare ruimte te verminderen en meer groen te realiseren, wordt de kern klimaatbestendiger. Daarnaast vergroot dit het bewustzijn op het gebied van klimaatadaptatie van de inwoners, waarmee we inwoners stimuleren de verharding te verminderen op het eigen terrein. Ook bebouwing afkoppelen van het hemelwater kan een mooie bijdrage leveren aan een klimaatbestendig Kootwijkerbroek. Wanneer de gemeente aan de slag gaat in Kootwijkerbroek, bijvoorbeeld bij een herinrichting van de openbare ruimte, benutten we kansen om de kern klimaatbestendiger te maken.
kijken we naar nieuwe dorpsranden voor functieveranderingswoningen, waarbij wonen en landschap meer hand en hand gaan. Denk daarbij aan grotere erfontwikkeling voor een kwalitatieve woonbehoefte, waar tegelijk ruimte is voor natuur- en landschapsontwikkeling, met kansen voor klimaatadaptatie en recreatief medegebruik. Voorzieningen De groei van Kootwijkerbroek heeft een positief effect op het behoud van het huidige voorzieningenaanbod. Voor een prachtige voorziening en ontmoetingsplek als de Essenburcht is dat een goede ontwikkeling. Tegelijkertijd veroorzaakt de groei een groeiende vraag naar sport, onderwijs, eerstelijnszorgvoorzieningen, cultuur en ontmoeten. In beginsel zet de gemeente Barneveld in op extra onderwijsaccommodatie en overdekte sportaccommodatie, dat laatste ook om de vraag in Stroe te bedienen. We zoeken ook naar mogelijkheden ter versterking van de voorzieningen in de openbare ruimte. In het integraal huisvestingsplan van maatschappelijk vastgoed onderzoekt de gemeente in hoeverre de bestaande voorzieningen aanvulling nodig hebben.
T P E
C N
Wonen De evenwichtige spreiding van onze gemeentelijke woonopgave betekent voor Kootwijkerbroek een opgave om zo’n 800 woningen erbij te hebben in 2040. Met als prioriteit een meer gevarieerd woningaanbod, met meer woningen voor starters,mensen met een kleinere portemonnee en levensloopbestendige woningen en appartementen.
O C
De ontwikkelingen in Oostbroek en het Puurveenseveld leveren al de eerste 300 woningen op. Dat betekent een resterende opgave van zo’n 500 woningen. PM: invulling resterende deel woning op basis van lagenbenadering
Kwaliteit van de leefomgeving De Kootwijkerbroeker zorgt in de regel voor goed onderhouden percelen. Wel zijn er kansen verharding in te wisselen voor een meer groene invulling. Voor de klimaatopgave gaat de gemeente hierover het gesprek aan met de inwoners, om de kennis en bewustzijn te vergroten. Ook zien we kansen de dorpsentrees aantrekkelijker te maken. Dit nemen we mee bij de verdere groei van de kern.
Bij nieuwbouw voor ouderen kijken we naar een goede bereikbaarheid ten opzichte van de Essenburcht als belangrijke ontmoetingsplek. Verder
92
Werklocaties Al langere tijd bestaat er behoefte aan meer ruimte om te ondernemen in Kootwijkerbroek. Op weg naar 2040 zoeken we ruimte voor zo’n 6 hectare om lokale bedrijven welkom te heten. PM: invulling uitbreiding op basis van lagenbenadering
Een deel van de Veluweweg dat door de oostzijde van de kern loopt, ligt weliswaar binnen de bebouwde kom, maar oogt als buiten de bebouwde kom door de vormgeving van de weg en de bebouwing aan een zijde van de weg. Wij vinden het gewenst vormgeving van de weg hier in lijn te brengen met de functie. Dan is er ook nog het deel van de Wesselseweg en Veluweweg dat door het hart van de kern loopt. Daar ontstaat meer aandacht voor de verblijfsfunctie, wanneer de maximumsnelheid en inrichting worden aangepast. De Veluweweg en Wesselseweg zijn in beheer bij de provincie Gelderland.
Bereikbaarheid De kern Kootwijkerbroek is vanuit het oosten en westen goed bereikbaar via de provinciale N800. Met de beoogde oostelijke rondweg om Barneveld ontstaat een betere verbinding naar de A30. De groei van Kootwijkerbroek van de afgelopen jaren heeft gevolgen voor het verkeer. In diverse woonstraten in het oudste deel van de kern werd het drukker, en inwoners ervaren dit soms als onprettig en onwenselijk.
T P E
C N
O C
Bij de verdere groei van de kern onderzoekt de gemeente in hoeverre het bestaande wegennet nog extra verkeer kan opvangen en waar nieuwe woonwijken het beste kunnen worden gepland. Afgezien van de wegen binnen de wijken, wil de gemeente extra infrastructuur rond Kootwijkerbroek voorkomen.
Wij streven naar een betere fietsverbinding tussen Kootwijkerbroek, bedrijventerrein Harselaar en station Barneveld-Noord, waarmee we verder gebruik stimuleren van fiets en ov. Voor de veiligheid van fietsers en de leefbaarheid van de kern kijken we naar mogelijkheden de toegestane snelheid op enkele 50-km-wegen af te waarderen naar 30 km per uur. Deze snelheid biedt kansen fietsers en voetgangers meer ruimte te geven, en tegelijkertijd te komen tot een meer klimaatadaptieve inrichting.
93
Stroe
Ambities
Stroe is een van de oudste nederzettingen in Nederland. Rond 1900 bestond het uit enkele boerderijen in een kleinschalig kampenlandschap, met daaromheen heide. Stroe ligt aan de spoorlijn AmersfoortApeldoorn. De bedrijvigheid in Stroe is ontstaan langs de spoorlijn. Het dorp is goed ontsloten, vanwege de ligging nabij de oprit van de A1, maar er ligt wel een opgave voor bereikbaarheid.
Stroe is een van de kleine kernen van de gemeente Barneveld, met zelfstandige voorzieningen. Het dorp ligt hoog, direct aan de rand van de Veluwe en in de directe omgeving van provinciale en rijkswegen. Deze omstandigheden maken dat een relatief groter deel van de groeiopgave van de gemeente in Stroe terecht kan komen.
Kernkwaliteiten - Bijzondere ligging, op overgang van besloten naar open landschap en van hoog naar laag. - Veel doorzichten naar het achterland. - Goede bereikbaarheid nabij de snelweg. - Enkele historische gebouwen, waaronder rijksmonumenten. - Ligging nabij de Stroese Heide.
T P E
Zo ontstaan hier kansen. In de eerste plaats voor meer diversiteit in het woningaanbod. Daarnaast om de voorzieningen te behouden en zo mogelijk uit te breiden. En tot slot om een dorpshart te stimuleren met verblijfskwaliteit. Het is daarvoor van belang de hoeveelheid sluipverkeer en de kwetsbare spoorwegovergang aan te pakken en in te zetten op een nieuwe oostelijke verbinding. Daarbij heeft de gemeente Barneveld aandacht voor een goede overgang naar de nabijgelegen Veluwe, ook gelet op de natuurherstelopgaven die er voor dit gebied liggen. Dat is een complexe puzzel, die wij met een gebiedsprogramma willen aanpakken. Op deze manier gaat Stroe de groeiopgave op een verantwoorde manier tegemoet.
C N
O C
T P E
C N
Visiekaart Stroe
O C
0
Gezondheid en welzijn van onze inwoners Stroe staat er qua gezondheid en welzijn heel gemiddeld voor in vergelijking met de andere kernen. Ook wat betreft bevolkingsopbouw is Stroe een gemiddeld dorp. De groeiopgave gaat dan ook uit van diverse groei, bijvoorbeeld meer woonruimte voor jongeren en ouderen.
94
De groei die de kern te wachten staat de komende jaren vraagt aandacht voor het behoud van de sociale cohesie. Daarnaast is het belangrijk te blijven streven naar voldoende mogelijkheden om te ontmoeten en te bewegen.
95
0,25
0,5
0,75
1km
Duurzame en klimaatbestendige omgeving De hogere ligging van Stroe maakt het noodzakelijk het water zo lang mogelijk vast te houden. Daarvoor biedt het dorp genoeg kansen om hemelwater af te koppelen van bebouwing en openbare ruimte, een bijdrage aan de klimaatbestendige toekomst van Stroe. Voor de groei is de beperkte capaciteit van de waterzuivering in Harderwijk een aandachtspunt. Een decentrale zuivering nabij Stroe zou kunnen helpen meerdere problemen op te lossen. Dit moet nader worden onderzocht. Eventuele ontwikkelingen op het defensieterrein nabij Stroe kunnen daarbij kansen bieden.
Waar de overige uitbreidingsruimte gevonden kan worden zullen we in een gebiedsprogramma nader onderzoeken. Een woningbouwlocatie. Waar de overige uitbreidingsruimte gevonden kan worden zullen we in een gebiedsprogramma nader onderzoeken. Voorzieningen De groei van Stroe geeft de basis om het huidige voorzieningenaanbod overeind te houden, te verbeteren en en verder aan te vullen, zodat er meer perspectief komt voor het huidige dorpshart. Tegelijkertijd zorgt de groei voor aanvullende vraag naar onderwijs, sport en cultuur. Voorzieningen moeten worden uitgebreid, zeker voor onderwijs en sport. Het integraal huisvestingsplan van de gemeente zorgt voor een verdere uitwerking van het vraagstuk. De forse groei van het dorp vraagt in ieder geval uitbreiding van eerstelijnszorgvoorzieningen. Hiervoor is afstemming nodig met de lokale partners in de zorg.
T P E
C N
Wonen We kiezen ervoor Stroe relatief meer te laten groeien dan andere kleine kernen. Dat heeft meerdere redenen. Ten eerste zorgt de groei voor een duurzame vitaliteit van de kern. Met meer groei ontstaat daarnaast een stevige basis voor voorzieningen en tot slot geeft groei perspectief op een breder en divers woningaanbod.
O C
Kwaliteit van de leefomgeving Stroe heeft op diverse plekken een mooie wisselwerking tussen de dorpskern en het omliggende landschap, bijvoorbeeld via doorzichten.
Vanaf 2021 gerekend heeft Stroe er in 2040 in totaal zo’n 500 woningen bij. Daarmee verdubbelt de kern min of meer. Met de ontwikkeling van het Wulperveld en andere reeds gerealiseerde woningen zijn de eerste 150 woningen een feit. Dat maakt een resterende opgave van zo’n 350 woningen. De verhuizing van bestaande bedrijven in de kern naar het nieuwe bedrijventerrein aan de Tolnegenweg of andere geschikte locaties biedt de kans een relatief groot deel van de woningen te bouwen op inbreidingslocaties. PM: invulling resterende deel woning op basis van lagenbenadering.
96
Werklocaties Aan de Tolnegenweg gaat de gemeente uit van een kleinschalig lokaal bedrijventerrein, voornamelijk bedoeld voor bestaande kleinschalige bedrijven uit de woonkern. In de kern ontstaat zo ruimte voor een nieuwe invulling. Aan de oostzijde van Stroe bevinden zich enkele zwaardere bedrijven, een situatie die minder gewenst is gezien de korte afstand tot omliggende woningen en de beperking die de bedrijvigheid oplegt aan de ontwikkeling van een prettig dorpshart. Uitbreiding van deze bedrijvigheid is niet aan de orde. In het kader van het gebiedsprogramma bezien we de noodzaak en mogelijkheden voor eventuele aanvullende werklocaties.
groei van Stroe en de ontwikkelingen rondom Defensie is het niet zeker in hoeverre een station kansrijk is. Om die reden onderzoeken wij andere vormen van hoogwaardig openbaar vervoer tussen Stroe en Amersfoort en Apeldoorn. De gemeente Barneveld blijft daarover in gesprek met het Rijk en de provincie.
T P E
C N
Bereikbaarheid Stroe kampt met relatief veel doorgaand verkeer door de kern, vanwege het ontbreken van een aantrekkelijke alternatieve route tussen Kootwijkerbroek en de N310/A1. Met de groei van Stroe is het dan ook wenselijk ten zuiden van Stroe een nieuwe verbinding te maken tussen de Wolweg (N800) en de provinciale weg N310. Daardoor ontstaan kansen op een groter verblijfskarakter en een centrumfunctie passend bij de groei van de kern. Ook de situatie van het landbouwverkeer wordt hierin meegenomen. De fietsverbindingen van en naar Stroe zijn relatief beperkt. We streven dan ook naar verbetering van de bestaande fietspaden en -verbindingen, bijvoorbeeld naar station Barneveld-Noord. Al langere tijd wordt gesproken over de terugkeer van een station in Stroe. De investering in nieuw station eist een grote hoeveelheid potentiële reizigers om rendabel te zijn. Ondanks de geplande
O C
97
4.3 Recreatiegebied Voorthuizen Het gebied ten noorden van de N344 is onderdeel van het Veenhuizerveld en Groene Valleilint en waardevol vanwege zijn landschappelijke en ecologische waarden. Voor het gemeente-overstijgende gebied is een gebiedsproces gaande om de landschappelijke kwaliteiten te versterken.