CConstaterende datBarneveld
Koppel je AI →
Document · PDF

B-1.1 Besluit B&W inzake Plan van aanpak laaggeletterdheid 2023-2026 d.d. 18-4-23.pdf

Gemeenteraad 31 mei 2023, gemeente BarneveldBij agendapunt: Ingekomen en uitgaande stukken9.363 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Organisatieonderdeel: Samenleving Behandelaar: L.H. Franken Telefoonnummer: 0342495221

Voorstelnr. 2741 Barneveld, Portefeuillehouder: J. de Heer-Verheij

Ter kennisname naar de raad Nummer beleidsproduct: 111

Onderwerp:

Op overzicht Bestaand beleid (website)

Plan van aanpak laaggeletterdheid 2023-2026

Gevraagde beslissing: 1. In te stemmen met het plan van aanpak laaggeletterdheid 2023-2026 zoals opgenomen in bijlage 1 2. Deze aanpak ter kennisname aan te bieden aan de raad via rubriek B

1. Inleiding 11% van de inwoners van Barneveld heeft moeite met lezen, schrijven en/of rekenen (basisvaardigheden). Daardoor hebben zij vaak ook beperkte digitale vaardigheden. In een maatschappij die snel verandert en op grote schaal digitaliseert, is het daarom nog belangrijker om te beschikken over voldoende basisvaardigheden om mee te kunnen doen in de samenleving. Het raakt de bestaanszekerheid van inwoners als ze niet over deze basisvaardigheden beschikken. Dit vraagt ook om verdere uitwerking van het in 2018 vastgestelde plan van aanpak laaggeletterdheid. Een uitwerking waarin de focus wordt gelegd op die thema’s die nu prioriteit vragen. Met het bijgevoegde “Plan van aanpak laaggeletterdheid 2023-2026” (hierna: PVA 2023-2026) bouwen wij voort op de basis die gelegd is het met plan van aanpak uit 2018 (bijlage 2). Wij zetten extra in op het herkennen en signaleren van laaggeletterdheid, het doorbreken van het taboe rondom laaggeletterdheid en het vinden en bereiken van de zogenaamde NT1-doelgroep (Nederlands als eerste taal).

2. Beoogd effect a) Meetbaar effect Wij monitoren de uitkomst van activiteiten en onderzoeken om meer inzicht te krijgen in de kenmerken van de groep inwoners die moeite heeft met basisvaardigheden. Door te investeren in het herkennen en signaleren van laaggeletterdheid, het doorbreken van het taboe en de schaamte rondom laaggeletterdheid en het bieden van aanbod op maat, bereiken we meer inwoners die moeite hebben met basisvaardigheden. b) Maatschappelijk effect Door het taboe en de schaamte rondom laaggeletterdheid te doorbreken met gerichte communicatiecampagnes en partners in staat te stellen laaggeletterdheid te herkennen, wordt het onderwerp laaggeletterdheid bespreekbaar gemaakt en worden meer inwoners in staat gesteld om mee te doen in de samenleving.

3. Argumenten 1.1 Bespreekbaar maken van laaggeletterdheid Moeite hebben met basisvaardigheden gaat vaak gepaard met schaamte. Veel inwoners die moeite hebben met basisvaardigheden, hebben hier al langer mee te maken. Zij hebben een manier gevonden om hiermee om te gaan en het niet zichtbaar te laten zijn naar de buitenwereld. Pas wanneer er iets verandert in hun leefwereld, zoals bijvoorbeeld het krijgen van kinderen of het verliezen van een baan, worden zij geconfronteerd met de gevolgen van het moeite hebben met de

-2-

basisvaardigheden. Het is dan moeilijk om dit bespreekbaar te maken. Door maatschappelijke partners te trainen in het herkennen en bespreekbaar maken van laaggeletterdheid, worden zij in staat gesteld met deze inwoners in gesprek te gaan. Hierdoor ontstaat een eerste opening. 1.2 inwoners in staat stellen mee te doen in de samenleving Basisvaardigheden zijn belangrijk om mee te kunnen doen in de samenleving. Zij stellen inwoners in staat om op de hoogte te zijn van wat er speelt in de wereld, kennis over te dragen aan kinderen door bijvoorbeeld voor te lezen en een stabiele financiële situatie te realiseren door aanspraak te maken op diverse regelingen. Doordat inwoners hier moeite mee hebben, kunnen zij niet volledig deelnemen aan de samenleving. Hierdoor kan isolatie ontstaan, wat vervolgens leidt tot verdere vereenzaming en achterstand. Door inwoners in staat te stellen aan hun basisvaardigheden te werken, kunnen zij meedoen in de samenleving. 1.3 inwoners in staat stellen hun bestaanszekerheid te vergroten Inwoners die moeite hebben met basisvaardigheden, hebben meer kans om schulden te krijgen en zijn vaak niet of moeilijk in staat om een betere inkomenssituatie te verkrijgen. Door hen in staat te stellen aan hun basisvaardigheden te werken, wordt de kans op schulden verkleind en de inkomenspositie verbeterd. Hierdoor kunnen zij beter voorzien in hun bestaanszekerheid.

2.1 Informeren van de raad. Het toezenden van de stukken naar de raad via rubriek B is de gebruikelijke wijze. 4. Kanttekeningen Door schaamte en taboe wordt de doelgroep moeilijk bereikt. Hierdoor kunnen de daadwerkelijke doorverwijzingen naar het Taalhuis achterblijven. Door de verschillende activiteiten goed te monitoren en te evalueren, wordt het effect van de activiteiten gemeten zonder dat dit hoeft te resulteren in een doorverwijzing naar het Taalhuis. 5. Financiën Om de activiteiten zoals opgenomen in het PVA 2023-2026 te kunnen uitvoeren is een bedrag van € 85.000,- nodig. Dit wordt gedekt uit het gemeentelijke Onderwijsachterstandenbeleid (OAB).

6. Participatie en communicatie a) Participatie Het onderwerp laaggeletterdheid is omgeven door taboe en schaamte. Hierdoor is het moeilijk om in gesprek te komen met de doelgroep. Met de in dit plan van aanpak opgenomen acties willen wij meer inwoners die moeite hebben met één of meer basisvaardigheden bereiken. We hebben de ambitie ervaringsdeskundigen in te zetten, maar zijn ons bewust dat het lastig kan zijn lokale ervaringsdeskundigen vanuit de doelgroep in te zetten. Vooruitlopend op het betrekken van lokale ervaringsdeskundigen is het huidige plan van aanpak ontwikkeld in samenspraak met de leden van de stuurgroep. Zij staan vanuit hun maatschappelijke functie dicht bij de inwoners die moeite hebben met de basisvaardigheden en kunnen vanuit deze ervaring meepraten over wat voor hen helpend kan zijn.

b) Communicatie Het bereiken van de doelgroep vraagt een gerichte aanpak. Hier wordt aandacht aan besteed bij het opstellen van een communicatiestrategie.

-3-

7. Uitvoering Planning: In het PVA 2023-2026 is onder bijlage 2 de voorlopige uitvoeringsagenda 2023 opgenomen. Na vaststelling van het PVA 2023-2026, zal hier verdere uitvoering aangegeven worden door het Taalhuis samen met de stuurgroep leden. Evaluatie/controle Jaarlijks wordt de acties opgenomen in de uitvoeringsagenda van het voorgaande jaar geëvalueerd en wordt er een nieuwe uitvoeringsagenda voor het daarop volgende jaar vastgesteld. 8. Bijlagen 1. Plan van aanpak laaggeletterdheid 2023-2026 2. voorstel 1069733 - bijlage plan van aanpak laaggeletterdheid

GELETTERDHEID ALS BASISVOORWAARDE VOOR IEDEREEN PLAN VAN AANPAK LAAGGELETTERDHEID 2023-2026

INHOUDSOPGAVE Samenvatting ..............................................3 1. Laaggeletterdheid in Barneveld ...........4 1.1 Wat is laaggeletterdheid? ................4 1.2 Doelgroepen laaggeletterdheid .......4 1.3 Laaggeletterdheid in de gemeente Barneveld ..............................................4 2. De gevolgen van laaggeletterdheid op verschillende leefgebieden .........................5 Wat levert het verbeteren van basisvaardigheden op? .........................6 3. Bestuurlijke afspraken op het gebied van laaggeletterdheid..................................7 3.1 Landelijk ..........................................7 3.2 Arbeidsmarktregio Foodvalley .........7 3.3 Lokale aanpak .................................8 4. plan van aanpak

2023-2026 ............10

4.1 Missie en visie ...............................10 4.2 Ambities/actiepunten .....................10 4.3 Uitvoeringsagenda.........................12 4.4 Resultaten meten ..........................12 5. Samenwerken in aanpak ......................13 5.1 Stuurgroep.....................................13 5.2 Participatietraject ...........................13 6. Financiën ..............................................14 Bijlage 1. overzicht huidig aanbod voor inwoners van 18 jaar en ouder en die moeite hebben met één of meer basisvaardigheden....................................15 Bijlage 2. UITVOERINGSAGENDA 2023 .17 Bijlage 3. begroting 2023 ..........................19

ii

SAMENVATTING

Plan van aanpak laaggeletterdheid 2023-2026

pag. 3

1.LAAGGELETTERDHEID IN BARNEVELD 1.1 Wat is laaggeletterdheid? Je bent als volwassene laaggeletterd, als je moeite hebt met één of meer basisvaardigheden zoals lezen, schrijven en/of rekenen. Doordat mensen moeite hebben met lezen, schrijven of rekenen, hebben zij vaak ook moeite met het gebruik van een computer of een smartphone. Om die reden spreken wij bij laaggeletterdheid ook over het moeite hebben met digitale vaardigheden. Bij jongeren tot en met 18 jaar is de taal nog in ontwikkeling. Daarom spreken we bij jongeren niet van laaggeletterdheid maar van een taalachterstand. Een volwassene die laaggeletterd is, is geen analfabeet. Een laaggeletterde kan wel lezen en schrijven, alleen niet goed genoeg om mee te doen in de samenleving. In dit stuk wordt over laaggeletterden gesproken wanneer het landelijke cijfers of informatie betreft. De reden daarvoor is dat dit de landelijk gehanteerde term is voor mensen die laaggeletterd zijn. Waar mogelijk wordt verder zoveel mogelijk gesproken over inwoners die moeite hebben met één of meer basisvaardigheden. Laaggeletterdheid is niet wat de inwoner definieert, het is enkel iets waarmee men wordt geconfronteerd.

1.2 Doelgroepen laaggeletterdheid Binnen de aanpak van laaggeletterdheid gaan we uit van 2 doelgroepen die moeite hebben met één van de basisvaardigheden. Dit zijn de doelgroepen ‘NT1’ en ‘NT2’. Bij de groep NT1 gaat het om mensen die Nederlands als moedertaal hebben. NT2 gaat over inwoners die het Nederlands als 2e (of 3e of 4e) hebben. Binnen de aanpak van laaggeletterdheid richten wij ons op iedereen vanaf 18 jaar. Jongeren tot 18 jaar met een taalachterstand worden ondersteund vanuit het onderwijsachterstandenbeleid (OAB). Per 1 januari 2022 is de Wet Inburgering 2021 inwerking getreden. De inburgeraars horen, zolang zij onder deze wet vallen, niet tot de groep laaggeletterden. Daarmee vallen ze niet onder de Wet Educatie Beroepsonderwijs (WEB). Na afloop van het inburgeringstraject kunnen zij wel deelnemen aan trajecten vanuit de WEB.

1.3 Laaggeletterdheid in de gemeente Barneveld In de gemeente Barneveld heeft 11% van de inwoners moeite met lezen, schrijven en/of rekenen. 1

Hoeveel mensen zijn laaggeletterd? In Nederland zijn er 2,5 miljoen laaggeletterden. Daarvan hebben bijna 1,8 miljoen mensen van 16 tot 65 jaar moeite met taal en / of rekenen. En bijna 740.00065-plussers hebben moeite met taal en / of rekenen. 4 miljoen inwoners hebben onvoldoende digitale vaardigheden.

•

•

Meer dan de helft van de laaggeletterden van 16 tot 65 jaar heeft Nederlands als moedertaal. Laaggeletterden hebben niet het taal- of rekenniveau dat je aan het eind van een vmbo-, mbo 2- of mbo 3-opleiding zou moeten hebben.

Plan van aanpak laaggeletterdheid 2023-2026

1 Geletterdheid in zicht, www.geletterdheidinzicht.nl

pag. 4

2.

DE GEVOLGEN VAN LAAGGELETTERDHEID OP VERSCHILLENDE LEEFGEBIEDEN Niet goed kunnen lezen, schrijven, rekenen en/of digitaal vaardig zijn, heeft gevolgen op verschillende leefgebieden. Uit onderzoek blijkt dat ruim 50% van de mensen die problematische schulden hebben, moeite hebben met één van deze basisvaardigheden. Dit geldt ook voor de gezondheid. Laaggeletterde mensen voelen zich vaak een stuk minder gezond en zij maken meer gebruik van huisarts en ziekenhuis. Omdat het moeite hebben met één of meer van de basisvaardigheden zoveel impact heeft op het leven van onze inwoners, is het belangrijk dat we als gemeente hier aandacht voor hebben.

Armoede en schulden Voor mensen die moeite hebben met lezen en schrijven, is het een extra grote uitdaging om rekeningen te begrijpen, toeslagen aan te vragen en de administratie bij te houden. Naar schatting leven 100.000 mensen in armoede door laaggeletterdheid. Vergeleken met niet- laaggeletterden zijn zij vaker minder zelfredzaam. Hierdoor hebben zij vaker financiële problemen en leven zij langer in armoede. De kosten die hiermee gemoeid zijn bedragen € 95 miljoen per jaar.

Participatie en werk/integratie Meer dan de helft (57%) van de laaggeletterden in Nederland werkt. Zij zijn vooral werkzaam als schoonmaker (40%) of als hulpkracht in de bouw of productiemedewerker (37%). 58.000 mensen hebben geen betaalde baan omdat zij moeite hebben met taal en/of rekenen. Een betere taal- en rekenvaardigheid versterkt iemands arbeidsmarktpositie en zelfstandigheid.

Gezin en preventie Hoe is het als je je eigen kind niet kan voorlezen? Of niet naar ouderavonden kunt, omdat je niet weet hoe het aanmelden via internet werkt? Vergeleken met kinderen van niet-laaggeletterde ouders geldt dat kinderen met laaggeletterde ouders: • •

minder goed presteren op school en thuis minder in taal worden gestimuleerd.

Plan van aanpak laaggeletterdheid 2023-2026

Verder geldt dat kinderen: • •

met zeer betrokken ouders gemotiveerder zijn en een beter zelfbeeld hebben van een taalachterstand op jonge leeftijd last houden tijdens hun schoolloopbaan.

Gezondheid Laaggeletterden zijn vaker minder gezond en voelen zich ook minder gezond. Zij maken minder gebruik van preventieve zorg en nazorg, maar maken wel meer gebruik van de zorg wanneer er klachten zijn. Dit kost de maatschappij naar verwachting € 257 miljoen aan extra gezondheidzorg per jaar.

Integraal werken Om ervoor te zorgen dat we laaggeletterdheid in al deze domeinen herkennen, en aanpakken is integraal werken binnen de gemeente van groot belang. De helft van de mensen die moeite hebben met lezen en schrijven loopt het risico op het krijgen van problematische schulden. Dit raakt aan de bestaanszekerheid van de inwoner. Bestaanszekerheid is een abstract begrip, maar wordt in de praktijk concreet beleefd door inwoners die geen zekerheid van bestaan ervaren. Het dagelijks bestaan draait om het (gebrek aan) geld en daarmee overleven. Bijvoorbeeld door zorgen over het betalen van de huur of hypotheek of het hebben van passende woonruimte. Beperkte financiële middelen staan een gezonde levensstijl in de weg en het ontbreken van bestaanszekerheid kan gezondheidsproblemen vergroten. Inwoners met een laag inkomen ervaren jarenlang een minder goede gezondheid en leven gemiddeld 4,5 jaar korter. Het hebben van voldoende basisvaardigheden is van belang om volwaardig mee te kunnen doen in onze samenleving. Het is daarom van belang dat inwoners hun basisvaardigheden kunnen vergroten. Onderwijsachterstandenbeleid (OAB) Vanuit het onderwijsachterstandenbeleid (OAB) zetten we in op het vergroten van taalvaardigheden onder kinderen en het voorkomen van verdere achterstanden. Een voorbeeld hiervan is het afgeven van een pag. 5

voorschoolse educatie (VE)-indicatie aan gezinnen waar de kans op achterstand groter is. Hiermee kunnen kinderen meer uren gebruik maken van de peuteropvang. Deze extra uren worden door de gemeente betaald. Ook worden gezinnen met kinderen, door de inzet van Boekstart en de Voorleesexpress, gestimuleerd om voor te lezen. Dit vergroot de taalvaardigheid van de kinderen.

•

Voor werkgevers •

Begrijpelijke taal In de manier waarop wij communiceren met onze inwoners besteden wij aandacht aan begrijpelijk communiceren. Dit doen wij o.a. door onze communicatie te schrijven op taalniveau B1. Dit vragen wij ook van onze gecontracteerde partijen in het sociaal domein. Daarnaast maken wij de regelingen die wij aanbieden zo begrijpelijk mogelijk voor laaggeletterde inwoners.

begrijpen, meer zelfvertrouwen hebben en digitaal goed mee kunnen doen. Minder werkloosheid. Meer mensen kunnen werken door verbeterde taal- en rekenvaardigheden.

• •

Minder kosten doordat medewerkers: minder ziekteverzuim hebben, minder fouten op het werk maken, sneller certificaten halen. Meer tevredenheid bij medewerkers en klanten. Meer inkomsten door een hogere productiviteit.

Wat levert het verbeteren van basisvaardigheden op? Het volgen van een cursus levert veel op. Een deelnemer1:

74% van de laaggeletterden is - met de juiste aanpak binnen 6 maanden taalvaardiger. Dit blijkt uit de evaluatie van het programma Taal voor het Leven (2018-2020). Voor de samenleving •

•

Lagere maatschappelijke kosten dankzij: minder armoede, lagere zorgkosten, meer inkomsten uit werk. Een rapport van PricewaterhouseCoopers2 schat de maatschappelijke kosten van laaggeletterdheid op 1,13 miljard euro per jaar. Meer Nederlanders doen mee in de samenleving. Doordat zij brieven beter

Kennisblad laaggeletterdheid 2021, Stichting L&S

Plan van aanpak laaggeletterdheid 2023-2026

pag. 6

3.

BESTUURLIJKE AFSPRAKEN OP HET GEBIED VAN LAAGGELETTERDHEID 3.1 Landelijk Het Ministerie van Onderwijs heeft, in samenwerking met de VNG, onder de titel “samen aan de slag voor een vaardig Nederland 2020 tot en met 20241” bestuurlijke afspraken gemaakt. Het doel van deze afspraken is: “het realiseren van een merkbare verbetering in het bereiken van verschillende groepen die moeite hebben met de basisvaardigheden, met een kwalitatief aanbod op maat”. Om dit te realiseren moeten gemeenten per 2024 een effectieve aanpak van laaggeletterdheid opgesteld hebben: • • •

3.

4.

5.

6.

zelfredzaamheid, met speciale aandacht voor de doelgroep NT1. We zorgen voor netwerk-regie en samenhang. Gemeenten hebben gezamenlijk en individueel regie op de aanpak. Er is aandacht voor het bevorderen van samenhang tussen de beleidsterreinen. We leveren kwaliteit en expertise. Er wordt een regionaal kwaliteitskader opgesteld. We monitoren de prestaties. Aan de hand van het kwaliteitskader kan de kwaliteit van de inzet gemonitord worden (zowel formeel als non-formeel aanbod). We vereenvoudigen regionale communicatie.

waarin de doelgroep centraal staat, verbinding wordt gezocht met andere terreinen een netwerkstructuur is ontstaan voor signaleren, werven en kwaliteit.

Dit alles moet geborgd worden door een structurele wijze van monitoring.

3.2 Arbeidsmarktregio Foodvalley Onderdeel van bovengenoemde bestuurlijke afspraken was het maken van een regionaal programma basisvaardigheden. In het “Regionaal programma basisvaardigheden Arbeidsmarktregio FoodValley 2020-2024” (vastgesteld juli 2020 door centrumgemeente Ede) staat beschreven hoe we de bovenstaande doelstellingen binnen de arbeidsmarktregio FoodValley gaan behalen. Daar waar regionale samenwerking op een doelstelling gewenst is, gaan we deze doelstelling regionaal vormgeven. Hiervoor is een regionale taalhuiscoördinator aangesteld. Overige doelstellingen pakken we lokaal op. In het regioplan zijn de onderstaande doelstellingen vastgelegd: 1. We vergroten het bereiken onder de NT1 doelgroep. Specifieke aandacht voor de NT1 doelgroep. 2. We bieden aanbod op maat. Voldoende en een compleet aanbod gericht op het verhogen van de basisvaardigheden en

3.3 Lokale aanpak In 2018 is er al een lokaal plan van aanpak opgesteld voor de aanpak van laaggeletterdheid. Aan de hand van de hieronder genoemde bouwstenen is een start gemaakt met de aanpak van laaggeletterdheid in de gemeente Barneveld.

Plan van aanpak laaggeletterdheid 2023-2026

pag. 7

Samenwerking – “samen

Kennis – “twee weten meer dan één” Het bereiken van laaggeletterden is een uitdaging, met name onder mensen met Nederlands als moedertaal. Daarom is het belangrijk dat kennis op dit gebied onder betrokkenen wordt vergroot en behouden. Partijen leveren een bijdrage aan het netwerk door middel van kennisdeling.

Communicatie – “kijk eens door een andere bril” Partijen zorgen voor een communicatiecampagne die past bij de behoeften van de doelgroep. Partijen communiceren waar mogelijk zelf op B1 niveau binnen en buiten de organisatie.

Voorzieningen – “een palet aan smaken” Partijen hebben aandacht voor een goede verbinding tussen formeel en non-formeel aanbod en doorstroom van cursisten. Het aanbod is flexibel en voldoet aan een veranderende vraag van deelnemers. Er wordt aangesloten op de praktische vraag van de cursist en gebruikgemaakt van lokale ontmoetingsplaatsen.

Coalitieakkoord gemeente Barneveld 2022-2026 We vinden het belangrijk om inwoners die moeite hebben met basisvaardigheden te ondersteunen. Daarom is dit ook specifiek opgenomen in het coalitieakkoord en ondersteund vanuit de Gemeenteraad: ‘We intensiveren daarom de aanpak van laaggeletterdheid en borgen de aanpak in

Plan van aanpak laaggeletterdheid 2023-2026

pag. 8

Toegankelijkheid –

samenwerking met maatschappelijke partners en vindplaatsen van deze doelgroep (werkgevers, huisartsen, etcetera).’

Beleidsplan ‘Mensen voorop’ In het in december 2018 vastgestelde beleidsplan ‘Mensen voorop’, is een visie opgenomen voor het hele sociale domein. Die visie luidt: “We streven naar een samenleving waarin iedere inwoner naar vermogen meedoet, waarin mensen zich met elkaar verbonden weten en samen redzaam zijn. En we zorgen voor een professioneel vangnet. Eigen verantwoordelijkheid en samenredzaamheid van inwoners staan hierbij voorop. Zo nodig draagt de gemeente zorg voor een vangnet van ondersteunende voorzieningen (zelf-samen-gemeente)”.

Plan van aanpak laaggeletterdheid 2023-2026

pag. 9

4. PLAN VAN AANPAK 2023-2026 4.1 Missie en visie De visie is met het plan van aanpak laaggeletterdheid (1069733) in 2018 vastgesteld. Deze is tot op de dag van vandaag actueel en blijft ongewijzigd. Binnen de visie op laaggeletterdheid wordt onderscheid gemaakt tussen een visie, koers en missie. Deze worden hieronder verder toegelicht.

inwoners als ze niet over deze basisvaardigheden beschikken. Het bekijken van de aanpak van laaggeletterdheid vraagt daarom om een integrale benadering. Dit vraagt ook om verdere uitwerking van het in 2018 vastgestelde plan van aanpak laaggeletterdheid. Een uitwerking waarin de focus wordt gelegd op die thema’s die nu prioriteit vragen. De focus in de lokale aanpak voor de aankomende jaren (2023-2026) hebben we opgesteld aan de hand van de eerder omschreven bouwstenen. De concrete acties worden opgenomen in een jaarlijkse uitvoeringsagenda (bijlage 2).

Kennis

De visie van de gemeente Barneveld

Wat:

Geletterdheid in de brede zin van het woord, is een basisvoorwaarde voor elk individu. Geletterdheid stimuleert een gezonde en duurzame samenleving met zelfredzame burgers.

het herkennen en signaleren van laaggeletterdheid.

Waarom:

inwoners die moeite hebben met één of meer van de basisvaardigheden vinden het moeilijk om dit bespreekbaar te maken en schamen zich vaak. Om dit bespreekbaar te maken is het belangrijk om de signalen waaruit deze moeilijkheden blijken, te herkennen. Hierdoor kan een inwoner beter ondersteund worden in zijn of haar hulpvraag en stijgt de kans van slagen.

De koers hierbij is: We streven ernaar om inwoners die moeite hebben met één of meer basisvaardigheden de kans te geven zich te ontwikkelen door middel van een toegankelijke aanpak die meebeweegt met hun behoefte(n) en mogelijkheden, waarbij de specifieke aanpak per individu kan verschillen. De missie van de gemeente Barneveld is dan ook om:

In 2021 is een start gemaakt met het herkennen, signaleren en doorverwijzen van inwoners die moeite hebben met één of meer basisvaardigheden bij het Centrum voor Jeugd& Gezin (CJG). Het moeite hebben met één of meer van de basisvaardigheden heeft gevolgen op alle leefgebieden. Daarom is het belangrijk dat ook andere maatschappelijke organisaties hun medewerkers hierin trainen. Dit is een proces dat continu aandacht vraagt en wat geborgd dient te worden in de ontwikkeling van medewerkers.

Inwoners die moeite hebben met één of meer basisvaardigheden te stimuleren zich te ontwikkelen en actief te laten deelnemen aan een duurzame, gezonde en zelfredzame samenleving. En daarnaast de samenleving te stimuleren de aanpak van laaggeletterdheid als vanzelfsprekend te beschouwen en deze op duurzame wijze te verankeren.

4.2 Ambities/actiepunten We beginnen niet op nul. De gemeente zet zich, samen met de in de stuurgroep vertegenwoordigde partners, al enkele jaren in voor de aanpak van laaggeletterdheid. Zo is er een fysiek punt voor alle vragen rondom taal en digitaal meedoen: het Taalhuis. Hier zijn een coördinator Taalhuis en een taalhuisdocent werkzaam. Ook zijn er diverse activiteiten en cursussen voor inwoners die moeite hebben met één of meer basisvaardigheden. Deze worden gecoördineerd vanuit het Taalhuis. Een overzicht van het huidige aanbod gericht op inwoners die moeite hebben met één of meer basisvaardigheden van 18 jaar en ouder is te vinden in bijlage 1.

Hoe:

het opleiden van medewerkers in het herkennen, signaleren en doorverwijzen van laaggeletterdheid. Dit doen wij in de gemeentelijke organisatie, maar ook bij de in de stuurgroep vertegenwoordigde maatschappelijke partners. We onderzoeken daarbij wat de meest gepaste methode van herkennen, signaleren en doorverwijzen is.

Tegelijkertijd is te zien dat de maatschappij snel verandert en dat het hebben van voldoende basisvaardigheden een nog belangrijkere voorwaarde is geworden om mee te kunnen doen in de samenleving. Het raakt de bestaanszekerheid van

Plan van aanpak laaggeletterdheid 2023-2026

pag. 10

Toegankelijkheid

Voorzieningen

Wat:

het vergroten van het bereik van de NT1 doelgroep.

Wat:

Waarom:

de doelgroep met Nederlands als moedertaal (NT1) is moeilijk te bereiken, terwijl uit cijfers blijkt dat onder deze doelgroep veel mensen moeite hebben met één van de basisvaardigheden. Het bereiken van deze doelgroep vraagt om een op maat gemaakte aanpak.

het borgen van de kwaliteit van de aanpak laaggeletterdheid en het Taalhuis.

Waarom:

het Taalhuis Barneveld speelt, in samenwerking met de in de stuurgroep vertegenwoordigde partners, een belangrijke rol in het herkennen van laaggeletterdheid en het vergroten van de basisvaardigheden. Het is daarom belangrijk dat de kwaliteit van het Taalhuis op orde is. Door het Taalhuis te certificeren worden de sterke en minder sterke kanten van het Taalhuis en haar dienstverlening in beeld gebracht. Bij deze certificering wordt onder andere gekeken naar het functioneren van het samenwerkingsverband, het opgestelde beleid, het aanbod en de kwaliteit daarvan en de werving van deelnemers en vrijwilligers. In september 2021 is in Barneveld gestart met de eerste stappen in het proces rondom de certificering van het Taalhuis. Het streven is dat het Taalhuis voor 2024 is gecertificeerd.

Hoe:

het certificeren van het Taalhuis aan de hand van het landelijke certificeringsprogramma van het CBCT. Ieder stuurgroep lid neemt vanuit zijn eigen rol deel aan de certificering.

Hoe:

1) het doen van onderzoek naar waar de NT1doelgroep zich bevindt en wat werkt om hen te bereiken. 2) Het inzetten van zogenaamd camouflage-aanbod om de doelgroep te bereiken. Camouflage-aanbod zijn activiteiten of cursussen die op het eerste gezicht niets met leren te maken hebben. Ze zijn laagdrempelig en aantrekkelijk voor deelnemers. Indirect oefenen deelnemers toch hun basisvaardigheden en/of worden zij gestimuleerd om door te stromen naar vervolgaanbod op dit gebied.

Communicatie Wat:

het aanbod voor inwoners die moeite hebben met één of meer basisvaardigheden onder de aandacht brengen.

Waarom:

mensen die moeite hebben met de basisvaardigheden lezen minder vaak de krant of vinden het moeilijk om een website te bekijken. Om het voor hen beschikbare aanbod bij hen onder de aandacht te brengen, maken wij gebruik van communicatiemiddelen die aansluiten bij hun behoefte. Daarnaast is schaamte en taboe belemmerend om de doelgroep te bereiken. Door dit te doorbreken wordt laaggeletterdheid bespreekbaar gemaakt.

Hoe:

1) het inzetten van ervaringsdeskundigen bij het bereiken van de doelgroep. 2) Het voeren van communicatiecampagnes die gericht zijn op het doorbreken van taboe en schaamte om laaggeletterdheid te normaliseren.

Plan van aanpak laaggeletterdheid 2023-2026

Samenwerking Wat:

het behouden en uitbreiden van een sterk netwerk van partners die betrokken zijn bij de aanpak van laaggeletterdheid.

Waarom:

moeite hebben met basisvaardigheden heeft gevolgen voor alle leefgebieden van inwoners. Door samen met partners in de verschillende leefgebieden hier aandacht voor te hebben en bewustwording te vergroten, wordt het moeite hebben met de basisvaardigheden eerder herkend en bespreekbaar gemaakt.

pag. 11

Hoe:

1) door te investeren in de bestaande stuurgroep en de mogelijkheid van nieuwe partners te onderzoeken. 2) door een werkgeversaanpak te ontwikkelen waarbij werkgevers, door in te zetten op bewustwording, werknemers ondersteunen in het vergroten van hun basisvaardigheden.

Werkgeversaanpak laaggeletterdheid Het beheersen van goede basisvaardigheden vergroot de kansen van werkzoekenden en werknemers. Het is voor mensen die goed kunnen lezen en schrijven bijvoorbeeld makkelijker om op internet te zoeken naar vacatures en om sollicitatiebrieven te schrijven. Maar ook op het werk zelf is lezen en schrijven onmisbaar, bijvoorbeeld om werkinstructies en veiligheidsvoorschriften te lezen of werkbriefjes in te vullen.

4.4 Resultaten meten De onder paragraaf 4.2 genoteerde actiepunten zijn voor het grootste deel gericht op het bereiken van de NT1-doelgroep. Het resultaat van de ingezette activiteiten zal blijken uit: - het aantal laaggeletterde NT1’ers die herkend worden door de professional, maar die de stap nog niet willen maken naar het Taalhuis of; - door een hoger aantal NT1’ers die zich meldt bij het Taalhuis. Om dit goed in beeld te krijgen, is het noodzakelijk om de activiteiten te evalueren op effectiviteit. Daarnaast zal de toestroom naar het Taalhuis gemonitord worden. Hierbij is aandacht voor de wijze waarop de inwoner naar het Taalhuis is doorverwezen om vindplaatsen van NT1’ers in kaart te brengen. De uitkomsten worden gedeeld met het college.

Het voorkomen en verminderen van laaggeletterdheid levert ook werkgevers veel op. Werknemers die over goede basisvaardigheden beschikken zijn minder vaak ziek, maken minder fouten en zijn productiever. Verschillende werkgevers hebben al aandacht voor de basisvaardigheden van hun werknemers door bijvoorbeeld taaltrainingen aan te bieden aan werknemers Bij het ontwikkelen van de werkgeversaanpak sluiten wij aan bij wat al door werkgevers wordt gedaan. Ook leggen we bij het ontwikkelen van de werkgeversaanpak de verbinding met afdelingen zoals Economische Zaken en het Werkgeversservicepunt.

4.3 Uitvoeringsagenda De in paragraaf 4.2 omschreven acties nemen we op in een uitvoeringsagenda voor dat betreffende jaar. Dit is aanvullend op het al bestaande aanbod. Aan het einde van ieder jaar bekijken we de inzet van bestaande activiteiten en beoordelen we of voortzetting daarvan gewenst is. We voegen nieuwe activiteiten, gedurende het jaar, toe aan de uitvoeringsagenda. Hierdoor ontstaat een compleet beeld van het huidige aanbod. In bijlage 2 is de uitvoeringsagenda 2023 opgenomen naar de stand van 1 april 2023.

Plan van aanpak laaggeletterdheid 2023-2026

pag. 12

5. SAMENWERKEN IN AANPAK 5.1 Stuurgroep Om de aanpak van laaggeletterdheid zo effectief mogelijk te maken is het nodig om samen te werken met de verschillende partners. Hiertoe is in 2019 een stuurgroep gestart waarin de volgende partners momenteel vertegenwoordigd zijn: • • • • • • • •

Bibliotheek Barneveld CJG OBS de Lijster Stichting Lezen en Schrijven Taalhuis NLtraining Welzijn Barneveld de gemeente

De leden van de stuurgroep zetten zich gezamenlijk in voor de aanpak van laaggeletterdheid. De focus in de huidige stuurgroep richt zich, door zijn huidige samenstelling, op dit moment voornamelijk op de ouders van kinderen met een taalachterstand. Om een bredere doelgroep te vertegenwoordigen in de stuurgroep, wordt in de toekomst onderzocht of aanvullende partners zoals Elan, de voedselbank en een werkgeversvertegenwoordiging aan kunnen sluiten.

Het Taalhuis Het Taalhuis bestaat uit een coördinator Taalhuis en een taalhuisdocent. De coördinator is het eerste aanspreekpunt voor maatschappelijke partners. Vanuit deze functie worden verbindingen gelegd naar de aanpak van laaggeletterdheid en worden nieuwe initiatieven geïnitieerd. Hiervoor is een bestaande formatie van 24 uur beschikbaar. De inzet van de Taalhuisdocent is 12 uur per week en richt zich op het begeleiden van vrijwilligers, het voeren van intakegesprekken en het geven van nonformele bijeenkomsten gericht op taal, rekenen of digitale vaardigheden. Ook dit betreft vaste formatie. Aanmelding bij het Taalhuis is laagdrempelig en start met een kennismakingsgesprek waarbij gekeken wordt naar de basisvaardigheden om een aanpak te realiseren die goed aansluit bij de behoefte van de deelnemer of een gezin. Inwoners van Barneveld die 18 jaar of ouder zijn, kunnen bij het Taalhuis

Plan van aanpak laaggeletterdheid 2023-2026

Barneveld terecht voor hulp bij basisvaardigheden. Inburgeringsplichtigen zijn hiervan uitgesloten omdat zij taalondersteuning vanuit de inburgering krijgen. Wanneer zij dat hebben afgerond kunnen zij hun taalvaardigheden verder ontwikkelingen via het aanbod van het Taalhuis. Tijdens een intake tussen de taalhuisdocent en de inwoner brengen we in kaart wat hij/zij/hen wil/kan leren. Daarna verwijzen we naar passend formeel of non-formeel taalaanbod. Bij verwijzing naar formeel aanbod is NLtraining de aanbieder. Bij verwijzing naar non-formeel aanbod maken we gebruik van het aanbod dat er beschikbaar is onder de samenwerkende partners. De taalhuisdocent volgt de voortgang van de inwoners door na 3 maanden opnieuw contact op te nemen. In dit gesprek wordt beoordeeld of de verwijzing die heeft plaatsgevonden juist was. Na 12 maanden vindt nogmaals een contactmoment plaats om de voortgang te bespreken en vast te stellen of het traject moet worden voortgezet of aangepast.

5.2 Participatietraject Het bereiken van met name de doelgroep NT1 gaat moeilijk. Men schaamt zich vaak dat zij moeite hebben met één of meer basisvaardigheden en probeert dit zoveel mogelijk te verbloemen. Hierdoor is het ook moeilijk gebleken om met deze doelgroep in gesprek te gaan over wat zij nodig hebben om hun basisvaardigheden te verbeteren. Vanuit het Taalhuis wordt momenteel één groep NT1’ers begeleid. Zij zijn benaderd om mee te denken over wat er nodig is om hen te ondersteunen. Zij hebben aangegeven hier niet aan te willen deelnemen. De partners die actief zijn in de stuurgroep staan in direct contact met de inwoners die moeite hebben met één of meer basisvaardigheden. Vanuit de ervaringen die zij hebben opgedaan met de doelgroep, hebben zij een beeld van waar de doelgroep tegenaan loopt en wat deze mensen nodig hebben om hun basisvaardigheden te vergroten. Vanuit verschillende dromensessies met deze partners hebbe we opgehaald wat er momenteel al wordt gedaan voor deze inwoners, waar de uitdagingen liggen en welke doelen in de aankomende periode behaald moeten worden. Deze input is vertaald in de ambities en acties zoals omschreven in hoofdstuk 4.

pag. 13

Plan van aanpak laaggeletterdheid gemeente Barneveld 2023-2026

6. FINANCIËN Voor de aanpak van laaggeletterdheid zijn rijksmiddelen beschikbaar gesteld. Deze zogenaamde WEB-middelen (Wet Educatie Beroepsonderwijs) worden uitgekeerd aan gemeente Ede als centrumgemeente. 60% van deze rijksmiddelen wordt regionaal ingezet voor het aanbieden van formele taaltrajecten. De resterende 40% wordt ingezet voor lokale doeleinden. Deze middelen zijn onvoldoende om een stevige aanpak uit te voeren. We vinden het belangrijk om inwoners in staat te stellen om hun basisvaardigheden te vergroten. Om dit te kunnen bereiken is er, aanvullend op de genoemde WEB-middelen , structureel geld opgenomen in de begroting van de gemeente Barneveld. Tot en met 2022 bedroeg dit € 65.000,-. De komende coalitieperiode 2022-2026 wordt de aanpak van laaggeletterdheid, conform de opdracht uit het coalitieakkoord, geïntensiveerd. Een concrete vertaling daarvan zijn de in hoofdstuk 4 genoemde ambities en actiepunten. Om die reden is met ingang van 2023 een bedrag van € 85.000,- beschikbaar vanuit de post Onderwijsachterstandenbeleid. In bijlage 2 is een begroting bijgevoegd.

14

Plan van aanpak laaggeletterdheid gemeente Barneveld 2023-2026

BIJLAGE 1. OVERZICHT HUIDIG AANBOD VOOR INWONERS VAN 18 JAAR EN OUDER EN DIE MOEITE HEBBEN MET ÉÉN OF MEER BASISVAARDIGHEDEN • • • • • • • • • • • • •

NL training – formeel aanbod. Taalhuis Taalcafé Welzijn Barneveld Taal en kennis-maatjes Welzijn Barneveld Taal en Thema NT1-groep Taalhuis Camouflageaanbod afhankelijk van behoefte Cursus Klik en Tik Digisterker Digivitaler Voorleesexpress Boekstart Menukaart LEA

15

Plan van aanpak laaggeletterdheid gemeente Barneveld 2023-2026

BIJLAGE 2. UITVOERINGSAGENDA 2023

Uitvoeringsagenda 2023 ‘Aanpak laaggeletterdheid’

Kennis Activiteit

Uitvoerende partner

Planning

Onderzoeken inzet herkennen en signaleren laaggeletterdheid in gemeentelijke uitvoering

Gemeente Barneveld

2e kwartaal 2023

Toegankelijkheid Onderzoek vindplaatsen NT1-er in project ‘Leren wat je wilt’

Taalhuis in samenwerking met gemeente Barneveld

Afsluiting uitwerkingsfase september 2023

Voorstelling LTTRS voor leerlingen en hun ouders

Taalhuis in samenwerking met verschillende basisscholen

Maart 2023

Communicatie Communicatiecampagne ‘Doorbreken van taboe’

Taalhuis

3e kwartaal 2023

Week van Lezen en Schrijven

Taalhuis in samenwerking met stuurgroep leden

September 2023

Informatiebijeenkomst Basisvaardigheden

Bibliotheek Barneveld in samenwerking met het Taalhuis

September 2023

16

Plan van aanpak laaggeletterdheid gemeente Barneveld 2023-2026

Voorzieningen Voorbereidende activiteiten certificering Taalhuis

Taalhuis in samenwerking met de leden uit de stuurgroep

Juni 2023

Informatiepunt Digitale Overheid

Taalhuis in samenwerking met Bibliotheek Barneveld

Gedurende het hele jaar 2023

NT1 groep Taalhuis

Taalhuis

Gedurende het hele jaar 2023

Taal & Thema

Taalhuis in samenwerking met Welzijn Barneveld

Start maart 2023. Pilot voor de duur van 1 jaar.

Taalcafé Veluwehal

Welzijn Barneveld

Gedurende het hele jaar 2023

Boekstart

Bibliotheek Barneveld

Gedurende het hele jaar 2023

VoorleesExpress

Bibliotheek Barneveld

Gedurende het hele jaar 2023

Cursus Klik en tik

Bibliotheek Barneveld

Gedurende het hele jaar 2023

Cursus Digisterker

Bibliotheek Barneveld

Gedurende het hele jaar 2023

Cursus DigiVitaler

Bibliotheek Barneveld

Gedurende het hele jaar

Samenwerking Onderzoeken mogelijkheden voor uitbreiding stuurgroep

stuurgroep

Q4 2023

17

Plan van aanpak laaggeletterdheid gemeente Barneveld 2023-2026

BIJLAGE 3. BEGROTING 2023 Inkomstenbron

Hoogte inkomsten

Uitgavenpost

WEB formeel WEB non-formeel

€ 95.810 € 82.366

Nltraining Loonkosten Taalhuis

€ 95.810 € 84.476

Communicatiekosten Taalhuis

€ 8.502

Webteam onderhoud website Inventaris Taalhuis NT1-groep

€ 6.500 € 2.205 € 2.635

structureel budget voor training herkennen en signaleren per jaar

€ 30.000

Lokale middelen

€ 85.000

Projectenbudget Totaal

€ 263.176

18

Hoogte uitgaven

€ 33.048 € 263.176

Plan van aanpak van laaggeletterdheid in gemeente Barneveld Inleiding In de gemeente Barneveld is 11% van de inwoners laaggeletterd. Dit komt overeen met het landelijk gemiddelde. Dit betekent dat 1 op de 9 Barnevelders moeite heeft met lezen of schrijven. Het beheersen van de Nederlandse taal is van groot belang om volwaardig deel te kunnen nemen aan de samenleving. Daarnaast kan laaggeletterdheid zorgen voor problemen binnen het gezin of op het werk. Ook kan dit een slechtere kennis over de gezondheid in de hand werken. Naast voldoende kennis van taal in woord en geschrift doet de hedendaagse samenleving in toenemende mate een beroep op digitale vaardigheden van inwoners. Het terugdringen van laaggeletterdheid richt zich daarom niet enkel op het vergroten van het taalniveau, maar omvat ook andere basisvaardigheden als rekenen en digitale vaardigheden.

Visie In de gemeente

zijn

diverse

organisaties

betrokken

bij taalniveauverhoging

en

andere

basisvaardigheden. Daarnaast zijn er verschillende organisaties die bij het signaleren van laaggeletterdheid een rol kunnen spelen. In 2017 is daarom in samenwerking met diverse organisaties een visie op de aanpak van laaggeletterdheid opgesteld. Deze visie bestaat uit een aantal

bouwstenen . 1

Deze worden

door

de

ketenpartners

gezien

als voorwaarden

om

laaggeletterdheid succesvol aan te kunnen pakken. In de opgestelde visie zijn verschillende doelstellingen uitgesproken. Hier zijn nog geen concrete acties, prioritering van doelgroepen en taakverdelingen aan verbonden. Wel zijn voorwaarden genoemd die worden gezien als noodzakelijk om de uitgesproken doelstellingen te behalen. Om concrete acties te verbinden aan de opgestelde visie is een kwartiermaker aangesteld. Deze kwartiermaker is in gesprek gegaan met relevante lokale partners en heeft hen bevraagd op partnerschap inbreng. In dit plan van aanpak worden de bevindingen van de kwartiermaker beschreven. Aanbod In de gemeente Barneveld is er sprake van een breed aanbod op het gebied van basisvaardigheden. Hiervan is eerder een overzicht gedeeld met de gemeenteraad . In de bijlagen staat een recent 2

overzicht van het huidige aanbod in de gemeente. Het opgenomen aanbod en de genoemde organisaties kunnen wijzigen, aangezien het aanbod aan dient te sluiten op de behoefte. In het overzicht is zowel formeel als non-formeel onderwijs opgenomen. Daarnaast wordt in het 3

overzicht en onderstaand plan van aanpak gesproken over 'NT1' en 'NT2'. Bij NT1 wordt de doelgroep cursisten bedoeld waarvan Nederlands de moedertaal is. De benaming NT2 doelt op de doelgroep cursisten waarvan Nederlands als tweede taal wordt gezien.

De bouwstenen zijn: Samenwerking, Toegankelijkheid, Communicatie, Voorzieningen en Kennis. Voorstel betreffende memo overzicht taalaanbod gemeente Barneveld met nummer: 1022048 Formeel onderwijs wordt aangeboden door reguliere onderwijsinstellingen en afgesloten met een diploma. Non-formeel onderwijs is een vorm van leren in een niet-schoolse setting. Bij non-formele educatie staan vooral vorming en ontwikkeling centraal en wordt vaak gewerkt met getrainde vrijwilligers. 1

2

3

1

Aan de hand van de eerder afgesproken bouwstenen worden de bevindingen en adviezen van de kwartiermaker besproken.

"Samen staan we sterker."

Samenwerking

In de opgestelde visie op de aanpak van laaggeletterdheid komt als eerste de bouwsteen samenwerking naar voren. Het versterken van samenwerkingsverbanden leidt tot een betere afstemming van vraag en aanbod. Hierbij kan iedere betrokken partner zich focussen op het eigen specialisme en wordt dubbel werk voorkomen. Voor dit plan van aanpak is gesproken met partijen die actief zijn of willen zijn in de aanpak van laaggeletterdheid. Denk hierbij aan de Bibliotheek Barneveld en Welzijn Bameveld, diverse taaiaanbieders en organisaties die contact hebben met de doelgroep (o.a. Centrum voor Jeugd en Gezin, Diaconaal Netwerk en Sociaal Juridisch Steunpunt). Vanuit het onderwijs (LEA ) is een werkgroep laaggeletterdheid gestart die onderzoekt hoe vanuit de 4

doorlopende leerlijn (2,5 tot 18 jaar) kan worden bijdragen aan het voorkomen van laaggeletterdheid onder kinderen. Dit kan onder andere door in te spelen op ouderbetrokkenheid. Wanneer ouders betrokken zijn bij de ontwikkeling van hun kinderen draagt dat bij aan het zelfvertrouwen en de motivatie van de kinderen. Ook biedt dit scholen de mogelijkheid om ouders te vinden die zelf moeite hebben met basisvaardigheden als lezen en schrijven. Acties: 1) Aanstellen coördinator Diverse lokale partners willen een rol spelen bij het vinden van en waar mogelijk het zelf opleiden van laaggeletterden. Daarvoor is iemand nodig die het overzicht houdt en ontwikkelingen en knelpunten signaleert en agendeert. Voor het verbinden van de betrokken partijen is een coördinator nodig die: •

vanuit de behoefte van de deelnemer het formele met het non-formele met elkaar verbindt;

•

zorgt voor de werving en selectie van vrijwilligers, de matches maakt tussen vrijwilliger en deelnemer en aanspreekpunt voor vrijwilligers op organisatorisch gebied is;

•

afspraken maakt met betrokken organisaties omtrent het vinden of opleiden van de doelgroep.

De Lokale Educatieve Agenda (LEA) is een instrument om met de gemeente, schoolbesturen en overige partners tot gezamenlijke afspraken te komen over het lokaal onderwijsbeleid. Het gaat om voorschoolse en vroegschoolse educatie (VVE), primair onderwijs en voortgezet onderwijs.

4

Hiervoor is ten minste 20 uur per week nodig . De coördinator komt in dienst bij Bibliotheek 5

Barneveld. De bibliotheek heeft ruime ervaring, kennis van de doelgroep en mogelijkheden in de aanpak van laaggeletterdheid. Het is de missie van de bibliotheek om alle inwoners van Barneveld, in de leeftijd van 0 tot 100 jaar, in hun ontwikkeling te stimuleren, ondersteunen en faciliteren. De bibliotheek werkt met de programmalijnen 'Jeugd en Onderwijs', 'Participatie en Zelfredzaamheid' en 'Een leven lang leren' samen met andere (maatschappelijke) organisaties. Ook onder de lokale partners is er sterk draagvlak om de coördinatie onder te brengen bij Bibliotheek Barneveld. 2) Aanstellen taalprofessional Naast de coördinator is een taalprofessional nodig die: •

vrijwilligers ondersteunt bij het lesgeven aan laaggeletterden NT1 en NT2 ;

•

kennis heeft van didactiek, onderwijsleermiddelen en taalassessments;

•

adviseert in het bepalen van het taalniveau en het opstellen van leerroutes.

6

7

Voor constante afstemming en een geborgde gezamenlijke aanpak van laaggeletterdheid worden diverse overlegstructuren opgezet: 3) Taalaanbiedersoverleg In de gemeente Barneveld is al een aantal partijen actief op het gebied van taalniveauverbetering. Op initiatief van de kwartiermaker start een taalaanbiedersoverleg met formele en non-formele aanbieders op het gebied van volwasseneneducatie. Doel hiervan is het inzichtelijk maken van het totaalaanbod omtrent basisvaardigheden. Ook vindt hier afstemming plaats, worden trends en nieuwe behoeftes besproken en overlap voorkomen. 4) Werkgroep 0 tot 18 Veel kinderen verlaten het basis- of voortgezet onderwijs met een te laag taalniveau om optimaal in de maatschappij en op de arbeidsmarkt te kunnen functioneren. Naast het aanpakken van laaggeletterdheid (curatief) wil de gemeente Barneveld voorkomen dat kinderen met taalachterstand de laaggeletterden van de toekomst worden. Er start een werkgroep met organisaties die werken met de doelgroep van 0 tot 18 jaar (o.a. GG, JGZ, onderwijs). De werkgroep onderzoekt hoe samenwerkingsprojecten gericht op leesbevordering onder kinderen (bijvoorbeeld Boekstart en de Bibliotheek op School) beter op elkaar kunnen aansluiten. 5) Bondgenootschap Het is van belang de gezamenlijke verantwoordelijkheden en doelstellingen vast te leggen.

Hiervoor wordt met betrokken partners een bondgenootschap opgericht. In een convenant wordt vastgelegd hoe elke partner bijdraagt aan de gezamenlijk gestelde doelen. Bijvoorbeeld het integreren van de aanpak van laaggeletterdheid in de werkprocessen van organisaties, het volgen van workshops om De coördinatie en ondersteuning van vrijwilligers en deelnemers (inclusief spreekuren Taaihuis) kost ongeveer 12 uur per week. Het onderhouden van het lokale netwerk kost zo'n 6 uur week. En de overleggen met de diverse samenwerkingsverbanden kost gemiddeld 2 uur per week. Vrijwilligers volgen voordat ze met deelnemers gaan werken een training waarin ze onder andere leren hoe ze deze specifieke doelgroep kunnen begeleiden. Nederlands als moedertaal (NT1) en Nederlands als tweede taal (NT2)

5

6

7

laaggeletterdheid te herkennen of het creëren van eigen taalaanbod aansluitend op het werkgebied van de organisatie (bijvoorbeeld schuldhulpverlening of opvoedondersteuning).

6) Instellen stuurgroep In een stuurgroep die bestaat uit kernpartners staan het evalueren van voortgang, de samenwerking en mogelijke aanpassingen centraal. Partners in deze stuurgroep zijn de gemeente Barneveld, Bibliotheek Barneveld, Welzijn Barneveld, een afvaardiging vanuit het LEA en vanuit de werkgroep 018 (om de preventieve aanpak te kunnen waarborgen), een afvaardiging vanuit de taaiaanbieders. De coördinator van het Taaihuis neemt hier ook aan deel. Daarnaast kan er vanuit de Stichting Lezen & Schrijven

een

extern

adviseur

bondgenootschap geïnformeerd.

aanschuiven.

Overige

lokale

partners

worden

via

het

Toegankelijk-

"ledereen kan meedoen."

De tweede bouwsteen uit de eerder opgestelde visie betreft toegankelijkheid, ledereen moet de mogelijkheid hebben iets aan zijn basisvaardigheden te doen. In de aanpak van laaggeletterdheid mogen dan ook geen fysieke of financiële drempels zijn. Ook is behoefte aan een fysiek herkenbare plaats waar vraag en aanbod samenkomen. Vanuit deze plek worden deelnemers, vrijwilligers en professionals ondersteund en gefaciliteerd. Naast een centrale plek is er aandacht voor diverse laagdrempelige locaties binnen de diverse dorpskernen. Acties: 1) Inrichten fysieke plek De herkenbare, fysieke plek wordt ondergebracht bij Bibliotheek Barneveld. Hier komen alle vraag en aanbod op het gebied van basisvaardigheden samen. Ontmoeting en werken aan persoonlijke ontwikkeling staan er centraal, waarbij ook ruimte is voor zelfstudie, 1-op-l begeleiding en groepsbijeenkomsten. De bibliotheek ontwikkelt zich reeds naar een bredere maatschappelijke functie en timmert aan de weg om leesbevordering onder kinderen te vergroten in samenhang met de aanpak van laaggeletterdheid onder volwassenen. Lokale organisaties waarderen de nieuwe ontwikkelingen en de ervaren inzet binnen Bibliotheek Barneveld. Begin 2018 is Bibliotheek Barneveld een samenwerking met Ons Bedrijf gestart.

Naast de inhuizing van een toeristisch informatiepunt met verkoop van streekproducten gaan mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt onder begeleiding van medewerkers van Ons Bedrijf invulling geven aan leerwerktrajecten. Deze samenwerking biedt op termijn ook mogelijkheden om de openingstijden van de bibliotheek te verruimen. 2) Passende benaming Deze fysieke plek heeft een passende benaming nodig. De gebruikelijke naam 'Taaihuis' dekt de lading niet volledig, omdat ook rekenen en digitale vaardigheden onder basisvaardigheden vallen. Benamingen als Leerhuis of Participatiepunt zijn toepasselijker, maar klinken formeel en zijn hiermee niet laagdrempelig. De inwoners van de gemeente Barneveld moeten zich aangesproken voelen door de naam, waarin ook trots weerklinkt omtrent de Barneveldse achtergrond . De werktitel is 8

vooralsnog 'Taaihuis'.

De stuurgroep van kernpartners kan een wedstrijd uitschrijven onder de inwoners van gemeente Barneveld, zodat de naam van en voor de inwoners is.

8

3) Drempels wegnemen De doelgroep geeft aan dat er een drempel is om naar de bibliotheek of Taaihuis te gaan. Ze hebben ideeën om deze drempel te verlagen: •

De doelgroep NT2 wil graag een plek waar met andere mensen Nederlands kan worden geoefend. Barnevelders met Nederlands als moedertaal willen 's avonds ook terecht kunnen, omdat overdag vaak gewerkt wordt. Aansprekende workshops of activiteiten van andere maatschappelijke organisaties kunnen plaats vinden in het Taaihuis om vertrouwd te raken met de plek . Deelnemers aan taallessen een gratis lidmaatschap van de bibliotheek aanbieden.

• •

9

•

Bibliotheek Barneveld denkt na over aanpassingen van het gebouw om de toegankelijkheid en uitstraling te bevorderen. Hierbij wordt rekening gehouden met de monumentale aspecten van het pand . 10

Voorbeelden zijn initiatieven als een Taaicafé, taalgroepen, spreekuren van GG, Vluchtelingenwerk Barneveld en Welzijn Barneveld of een (diaconaal) inloophuis. De erkerramen kunnen ingericht worden als etalages op basis van specifieke thema's, betrokken organisatie, nieuwe activiteiten etc. Tevens zijn er mogelijkheden om op de muren naast de hoofdingang de verschillende vormen van dienstverlening en organisaties te presenteren op informatieborden. 9

10

"Kijk eens door een andere bril."

Communicatie

De derde bouwsteen die in de visie wordt omschreven betreft communicatie. Naast het bouwen en behouden van de infrastructuur omtrent de aanpak van laaggeletterdheid is het essentieel om de doelgroep te begrijpen en te bereiken. Met

name onder de groep met

Nederlands als moedertaal

heerst een taboe

omtrent

laaggeletterdheid. Het gebrek aan basisvaardigheden wordt onder andere veroorzaakt door onvoldoende aandacht en begeleiding op school, het opgroeien in een taalarme omgeving of algemene leer- en gedragsproblemen. Gevolgen zijn minder zelfvertrouwen, schaamte en minder zelfredzaamheid. Laaggeletterden gebruiken vaak slimme strategieën om maar niet te hoeven lezen of schrijven. Acties: 1) Opzetten campagne Er wordt een campagne opgezet om het taboe op laaggeletterdheid te doorbreken en aandacht te vragen voor het thema. Zowel de doelgroep en organisaties als het brede publiek worden aangesproken. De campagne moet aanspreken en verbinden . Een gezamenlijk gedragen huisstijl, 11

die herkenbaar en aansprekend is voor alle betrokkenen draagt hier aan bij. Het onderkennen en normaliseren van de problematiek helpt het taboe te doorbreken. Bijvoorbeeld door te vertellen dat veel mensen moeite hebben met lezen en schrijven en toe te geven dat brieven van de overheid en de Belastingdienst ingewikkeld zijn. En door aan te geven dat er mogelijkheden zijn om basisvaardigheden te verbeteren. De doelgroep heeft een voorkeur voor simpele, aantrekkelijke flyers en posters op straat, gecombineerd met berichten in de media. Op die manier lezen en praten mensen in hun omgeving er ook over. De doelgroep geeft aan er veel baat bij gehad te hebben dat iemand uit hun omgeving hen kon wijzen op mogelijke hulp. De toon van de boodschap dient altijd positief te zijn. 'Wilt u kunnen voorlezen aan uw kinderen?' of 'Vindt u die brieven van de Belasting ook altijd zo lastig?'. In plaats van 'Heeft u moeite met lezen en schrijven?'. Zo is de confrontatie minder direct en wordt de praktische behoefte aangesproken; dat Met de juiste uitleg en bijbehorende activiteiten, kan bijvoorbeeld #eitje gebruikt worden: 'Voorlezen aan je kinderen ?' Heitje 'Helpen met huiswerk?' Heitje

11

De doelgroep wordt betrokken om de uiteindelijke boodschap (en keuze voor de hashtag) te formuleren, om te voorkomen dat mensen zich juist niet aangesproken voelen of de communicatie anders interpreteren dan beoogd.

wat iemand graag wil kunnen. 2) Inzetten taaiambassadeurs Door (taal)ambassadeurs in te zetten sluit de aanpak van laaggeletterdheid aan op de wensen, behoeften en beleving van de doelgroep. De ervaring leert dat

het verhaal van een

ervaringsdeskundige veel effect heeft. Communicatie-uitingen zijn sterker met de verhalen of live onderbouwing van ambassadeurs. Er wordt een klankbordgroep samengesteld met ambassadeurs vanuit verschillende achtergronden . Het vinden van ambassadeurs is echter een uitdaging, met 12

name onder de doelgroep met Nederlands als moedertaal. De coördinator speelt hier in samenspraak met taaiaanbieders en partners een verbindende rol bij. 3) Zelf helder communiceren Van betrokken organisaties en de gemeente Barneveld zelf wordt verwacht dat laagdrempelig met inwoners wordt gecommuniceerd (op zogeheten B-l niveau). Het checken en aanpassen van schriftelijke communicatie kan een afspraak zijn in het te sluiten convenant. Binnen de gemeente is een werkgroep Eenvoudig communiceren actief die kijkt naar de leesbaarheid en moeilijkheidsgraad van brieven, folders, websites en formulieren . 13

Er zijn tal van checklists en adviesrapporten beschikbaar om te controleren of teksten op B-l niveau zijn geschreven. Ambassadeurs kunnen vanuit de praktijk en de doelgroep aangeven

of

communicatie-uitingen duidelijk zijn en het gewenste resultaat hebben.

Uit de literatuurstudie van het project 'Zilveren Taaicompetenties' blijkt bijvoorbeeld dat het voor laaggeletterde ouderen cruciaal is om maatwerk te bieden door samen met hen doelen te formuleren en ze mee te laten denken in het te ontwerpen taalaanbod. Een voorbeeld is de poster die de gemeente inzet voor de minimaregelingen in gemeente Barneveld, waarin gebruik wordt gemaakt van korte zinnen, een heldere opbouw en icoontjes. En bij de vernieuwing van de website en de inrichting van de informatiezuil bij het gemeentehuis, is aan inwoners gevraagd de gebruiksvriendelijkheid te testen. 8 12

13

"Een palet aan smaken."

Voorzieningen

Een vierde bouwsteen heeft betrekking op voorzieningen. In een taalaanbiedersoverleg is aandacht voor het aansluiten van aanbod op behoeften van de doelgroep en het verbeteren van doorstroom. Belangrijk hierbij is dat het aanbod flexibel genoeg is om te voldoen aan (een veranderende) vraag.

Acties: 1) Inspelen op lokale ontmoetingsplekken Naast het Taaihuis als centrale plek, kan ook op andere plekken aanbod ontstaan. Mensen zoeken vaak graag iets in een voor hen vertrouwde omgeving of dicht bij huis. In samenwerking met informele (buurt)netwerken en lokale ontmoetingsplekken zoals een multifunctionele accommodatie of wijkgebouw in de dorpskernen komt aanvullend aanbod tot stand. Zo sluiten nieuwe activiteiten aan op de identiteit van de dorpskernen en op de reeds aanwezige voorzieningen en activiteiten. Om overzicht te houden en waar nodig (professionele) ondersteuning en kwaliteitsbewaking te bieden is er altijd verbinding met het Taaihuis. 2) Combineren formeel en non-formeel onderwijs Elke deelnemer heeft een andere taalvraag en leerperspectief, variërend van het puur verhogen van het taalniveau tot het kunnen invullen van een formulier. Het taalaanbod wordt daar steeds op aangepast. Het combineren van formeel en non-formeel onderwijs kan de ontwikkeling van een deelnemer versterken en versnellen. Bijvoorbeeld wanneer een deelnemer moeite heeft met bepaalde lesstof en met een vrijwilliger extra kan oefenen. Of wanneer een deelnemer door omstandigheden liever begint in een laagdrempelige, niet-schoolse setting, maar na verloop door kan stromen naar regulier onderwijs. De coördinator heeft hierin met de taalprofessional een ondersteunende en verbindende rol.

3) Aansluiten op praktische vragen Educatie is gebaat bij aanbod dat is gericht op de concrete leerwensen en leerbehoeften van de deelnemers. Dit kan door het verbeteren van de basisvaardigheden te koppelen aan contextgerichte, thematische trajecten zoals Werk, Inkomen, Gezondheid, Gezin of Schulden. Zo worden meerdere doelen tegelijk bereikt en werken mensen voornamelijk aan hun meest urgente behoefte (het vinden van

een

baan,

minder

medicatie

gebruiken,

financieel

zelfredzaam

worden).

Mogelijkheden in gemeente Barneveld •

Voor laaggeletterden is het een extra grote uitdaging om rekeningen te begrijpen, toeslagen aan te vragen en de administratie bij te houden. Voldoende kunnen lezen, schrijven en rekenen is een randvoorwaarde om een stabiele financiële situatie te krijgen en te behouden. Organisaties die hier ondersteuning bij bieden, zoals het Sociaal Juridisch Steunpunt en Diaconaal Netwerk, kunnen verkennen of zij specifieke vragen kunnen opnemen in hun werkproces om laaggeletterdheid te herkennen.

•

Er zijn in gemeente Barneveld reeds taaiaanbieders actief om laaggeletterdheid op de werkvloer aan te pakken in samenwerking met bedrijven.

•

Omtrent gezin en opvoedondersteuning kan bij bestaande activiteiten worden aangesloten, zoals de ouderochtend in de Valkhof of het mamacafé in de Bloemenbuurt. Maar ook projecten als de VoorleesExpress waar vrijwilligers al bij de gezinnen thuis komen bieden kansen.

4) Aanbod creëren bij partners De thematische en praktische benadering biedt ook mogelijkheden om in samenwerking met en bij lokale partners aanbod te creëren. Het kan voor deelnemers drempelverlagend werken om juist op een andere plek dan via het Taaihuis aan hun problemen en vaardigheden te werken. Voorbeelden in gemeente Barneveld •

•

•

•

Door het Diaconaal Netwerk wordt geïnventariseerd of er kerken zijn die vrijwilligers willen laten opleiden voor de begeleiding van hun mede-gemeenteleden. Ook wordt verkend of ze vrijwilligers thuisadministratie kunnen trainen op een programma dat gericht is op het verbeteren van de financiële zelfredzaamheid in combinatie met beter leren lezen, schrijven en rekenen. Het GG kijkt naar de mogelijkheid om specifieke vragen omtrent laaggeletterdheid op te nemen in de vragenlijst die met ouders wordt doorgenomen tijdens het huisbezoek na de geboorte van een kind. De uitkomsten worden dan standaard bij een volgend bezoek aan het consultatiebureau aan de orde gesteld. De coördinator gaat nader verkennen of het GG zelf aan ouders een traject omtrent opvoedondersteuning kan aanbieden gecombineerd met beter leren lezen en schrijven. De Eben Haëzerschool heeft met het GG een taal- en opvoedingsondersteunend programma op maat ontwikkeld voor kinderen van laag opgeleide ouders, met name voor moeders. Opstapje is gericht op gezinnen met een kind in de leeftijd van twee tot vier jaar, in aanloop naar de basisschool. De werkgroep laaggeletterdheid vanuit het LEA maakt inzichtelijk wat er aan aanbod is om het leesplezier onder kinderen te bevorderen, waarbij ze de link wordt gelegd om via ouderbetrokkenheid ouders met een laag taalniveau te bereiken.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Barneveld&id=34a1049d-665b-4e6d-a109-1be9fc25c84d