A-2 Brief PS inzake vaststelling herindelingsadvies Barneveld Scherpenzeel d.d. 7-7-21.pdf
Tekst van het document
Er is een relatief groot deel van de bevolking lid van een kerkelijke gemeenschap, het merendeel protestantschristelijk. De gemeente Scherpenzeel onderneemt veel om het voorzieningenniveau op peil te houden. Dit gebeurt onder andere via het Kulturhus De Breehoek. Dat is een groot gemeenschapshuis in Scherpenzeel dat onderdak biedt aan verschillende verenigingen en organisaties. Met zijn grootschalige opzet biedt De Breehoek veel ruimte aan culturele, maatschappelijke en sportieve initiatieven. Er zijn onder andere een sporthal, een multifunctionele (theater)zaal, vergaderzalen en een bibliotheek. De gemeenteraadsvergaderingen vinden er eveneens plaats in De Breehoek. Daarnaast heeft de gemeente Scherpenzeel een aantal basisscholen, maar geen middelbare scholen. Het voorzieningenniveau van Scherpenzeel ligt iets boven het landelijk gemiddelde. Volgens het Planbureau voor de Leefomgeving ligt de toegang tot de voorzieningen echter lager dan in de omgeving. In bijlagenboek 1 is een Voorzieningenscan opgenomen die een totaaloverzicht biedt van de voorzieningen in Scherpenzeel (onderdeel D, brondocument bijlage 2).
Ruimtelijke en economische kenmerken In de gemeente Scherpenzeel zijn er per 1.000 inwoners tussen 15 - 64 jaar zo’n 818 banen beschikbaar. De grote economische sector van Scherpenzeel is de handel. 42% van de banen bevindt zich in die sector, de sector die daarna volgt met 23% van de banen is de industrie. Hiermee wijkt Scherpenzeel af van de landelijke verdeling van de sectoren. De beroepsbevolking bestaat in Scherpenzeel uit 701 personen per 1.000 inwoners, maar de beroepsbevolking is al jaren dalende binnen deze gemeente. Scherpenzeel ligt niet naast de snelweg, maar is via de N224 en de N802 met respectievelijk de A12 en de A30 verbonden. De N224 is belangrijk als regionale ontsluitingsweg en loopt van Zeist naar Arnhem. De afstand naar een oprit van de dichtstbijzijnde snelweg A12 is redelijk lang en voert onder meer over de rondweg van Woudenberg in het westen en Renswoude in het oosten. Voor de relatief talrijke bedrijven in de transport en logistiek in Scherpenzeel is de N224 en de N802 belangrijk voor 1 CBS, 2018
8
de bereikbaarheid van de bedrijven. De gemeente Scherpenzeel heeft twee bedrijventerreinen: ’t Zwarte land en Hogekamp Oost, van respectievelijk 35 en 6 ha. Daarnaast ontwikkelt de gemeente Scherpenzeel ‘t Zwarte Land II, een nieuw bedrijventerrein (ca. 7,5 ha).
Bestuur en organisatie In Scherpenzeel functioneert de gemeenteraad met 13 leden en sinds eind 2019 met een college van B&W met 1 fulltime en 2 parttime wethouders. De gemeenteraad in Scherpenzeel zal na de volgende verkiezingen mogelijk uit 15 raadsleden bestaan omdat Scherpenzeel op dit moment meer dan 10.000 inwoners heeft. De werkwijze van het bestuur is naar de aard van de gemeente kleinschalig met korte lijnen, ook tussen college en ambtelijke organisatie. De Commissie-de Graaf constateerde in 2015 kwetsbaarheden in het functioneren van de gemeente Scherpenzeel. In de Statennotitie Sterk Bestuur geeft de provincie aan het van belang te vinden dat de gemeente de bestuurskracht gaat versterken. De gemeente Scherpenzeel beschikte tot voor kort over een organisatie van ca. 71 fte. Hiervan is aangetoond en erkend dat deze organisatie niet toegesneden was op een adequate taakuitoefening in relatie tot de opgaven en eigen ambities uit de Toekomstvisie. Door gemeenteraad en B&W is daarom ingezet op een kwantitatieve en kwalitatieve uitbreiding. Concreet betekent dit een noodzakelijke uitbreiding van de organisatie met in ieder geval 14 fte (“basis op orde”) en aanvullend 6 fte voor de ambities op basis van de Toekomstvisie Scherpenzeel 2030. In de Kadernota 2021-2024 zijn hiervoor de noodzakelijke middelen vrijgemaakt.
De afgelopen periode zijn stappen gezet met deze versterking van de ambtelijke organisatie op onderdelen. De groei van ambities uit de Kadernota is met het oog op de komende verkiezingen bij vaststelling van de begroting 2021 getemporiseerd. In 2024 stond hiervoor oorspronkelijk een bedrag van 1,6 mln.; omwille van de bestuurlijke planning is dit verlaagd met € 150.000 en begroot op € 1,45 mln. in 2023 en 2024. De komende periode zal de versterking van de organisatie verder vorm moeten krijgen via het ingezette strategisch personeelsbeleid en de door de gemeenteraad in de begroting beschikbaar te stellen middelen. De gemeente verwacht in 2021 over een formatie van 83,70 fte te beschikken. In recent onderzoek wordt geconstateerd dat de organisatorische gezondheid toegenomen is vanaf oktober 2018 en kwantitatieve parameters (formatie, ziekteverzuim, uitstroom, externe inhuur) zich ongeveer bevinden op of bewegen naar het niveau van vergelijkbare gemeenten in deze grootteklasse. Ook zijn enkele kwalitatieve versterkingen in de organisatie aangebracht (sleutelfuncties, regionale samenwerking e.a.). De gemeente Scherpenzeel heeft per onderwerp vaak slechts één ambtenaar. Bijna de gehele organisatie is nodig voor de basisdienstverlening.
De actiegerichtheid van de organisatie komt onder meer tot uiting in focus op de dagelijkse dienstverlening en het beheer en onderhoud van de openbare ruimte. Inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties zijn positief over de toegankelijkheid van de gemeente. De gemeente Scherpenzeel maakt onderdeel uit van de Regio Food Valley (zie paragraaf 2.3). Op diverse taakvelden wordt Scherpenzeel ook ondersteund door verschillende gemeenten op basis van inhuur (o.a. gemeenten Veenendaal en Barneveld). Ook wordt op verschillende deelterreinen met andere bestuurlijke partners samengewerkt. Een overzicht van de samenwerkingsverbanden en constructies is opgenomen in bijlagenboek 1, onderdeel D (brondocument open overlegfase, bijlage 1.i (netwerkanalyse).
9
Toekomstvisie Scherpenzeel In 2018 is door de gemeente, in samenspraak met veel inwoners, gewerkt aan de Toekomstvisie 2030. Veel Scherpenzelers zijn tevreden en trots op hoe Scherpenzeel ervoor staat en in 2030 moet Scherpenzeel dus niet veel veranderd zijn. En juist dat doel vereist veranderingen omdat de omgeving waarbinnen Scherpenzeel opereert, verandert. Globalisering, technologische innovaties, veranderingen in de structuur van de economie, de werkgelegenheid, de individualisering en de veranderende rol van de overheid moeten in goede banen worden geleid om Scherpenzeel een aantrekkelijk dorp te laten blijven. Op basis van de trends en ontwikkelingen en de opinies binnen de gemeenschap van Scherpenzeel formuleert de Toekomstvisie 2030 drie inhoudelijke hoofdkeuzes. Deze zijn: •
•
•
Scherpe keuzes bij schaarse ruimte: er ontstaat een complex vraagstuk vanwege druk op de schaarse ruimte (kwaliteit groen, woningbouw, bedrijven die willen uitbreiden). Kijkend naar de kernkwaliteiten (kleinschalig, dorps, landschappelijk en groen) is de ruimte voor uitbreiding gering. Leeftijdsbestendig bouwen en wonen: prettig wonen met een adequaat basis-voorzieningenniveau wordt bijzonder belangrijk gevonden. Er is veel werk aan de winkel om het huizenaanbod beter in overeenstemming te brengen met de sterk veranderende opbouw van de bevolking. Gegeven de beperkte ruimte zijn opties als inbreiding (bouwen binnen de huidige bebouwde omgeving) en vernieuwbouw (herbestemming van bestaande panden) belangrijke pijlers van het nieuwe beleid. Vitaliteit en leefbaarheid: De gemeenschap, politiek en bestuur hechten primair en vooral aan het karakter van de Scherpenzeel. De dorpse en landschappelijke kwaliteit die hand in hand gaat met een goed voorzieningenniveau en een ondernemende geest.
2.2 Kenmerken gemeente Barneveld Historie en ligging Barneveld vervult van oudsher een belangrijke regiofunctie in de Gelderse Vallei en op de Veluwe. Al in de 13e eeuw gold Barneveld als een ‘aanzienlijk dorp’ en een voornaam handelscentrum. De naam van Jan van Schaffelaar is onverbrekelijk verbonden met de geschiedenis van Barneveld. Hij ging de geschiedenis in als held, die op 16 juli 1482 van de toren van de Oude Kerk sprong om het leven van zijn kameraden te redden. Tijdens de Tweede Wereldoorlog had deze gemeente, door haar ligging aan de Grebbelinie, vooral aan het begin en het einde van de oorlog fors te lijden onder het geweld. Na de bevrijding werden alle dorpskernen weer opgebouwd en ontwikkelde Barneveld zich als agrarische gemeente. De gemeente staat vanouds bekend om de hoge concentratie varkens- en pluimveehouderijen, en heeft inmiddels een breed sociaal-economisch profiel, waarin agrifood en agribusiness nog steeds een belangrijke rol spelen. De gemeente Barneveld is een gemeente in de provincie Gelderland met veel verschillende dorpskernen. Deze kernen zijn Barneveld, Voorthuizen, Kootwijkerbroek, Garderen, Stroe, Terschuur, Zwartebroek, De Glind, Kootwijk en Harselaar. De hoofdplaats van de gemeente is de gelijknamige kern Barneveld. De kern Barneveld en Voorthuizen zijn het dichtstbevolkt.
Ondanks de hoeveelheid kernen heeft de gemeente een landelijk karakter door haar grote oppervlakte. De gemeente Barneveld ligt grotendeels in de Gelderse Vallei. In het oosten en het noordoosten liggen de zandgronden met bossen en heidevelden. Bij Kootwijk ligt ook nog het natuurgebied het Kootwijkerzand. De gemeente wordt van oost naar west doorsneden door de Barneveldse Beek.
10
De gemeente maakt onderdeel uit van Regio Foodvalley, Regio Amersfoort en neemt deel in de samenwerking van 11 gemeenten en de provincie in het project Vitale Vakantieparken. De gemeente Barneveld grenst in Gelderland aan de buurgemeenten Scherpenzeel, Ede, Apeldoorn, Ermelo, Putten en Nijkerk en aan de Utrechtse gemeenten Leusden en Amersfoort.
Sociaal-maatschappelijke kenmerken Eind 2020 wonen er 59.960 mensen in Barneveld. De gemeente Barneveld kenmerkt zich door een relatief jonge bevolking en een sterke bevolkingsgroei. De verwachting is dat de gemeente in 2035 ongeveer 66.000 inwoners heeft, wat een groei van 13,3% betekent. De oorzaak van deze groei is de relatief hoge natuurlijke aanwas. De samenstelling van de bevolking is vergelijkbaar met de Regio Foodvalley. In Barneveld heeft 4,8% van de bevolking een niet-westerse migratieachtergrond. De gemeente is de op 4 na grootste gemeente van de provincie Gelderland. Er is een goed ontwikkeld verenigingsleven met veel vrijwilligers, zo’n 66% van de inwoners is actief in het verenigingsleven2. De sociale cohesie binnen verschillende groepen van de gemeente is sterk en er zijn veel instellingen actief om samen met de gemeente een vangnet te vormen. Voor de sociale cohesie speelt ook de kerk een belangrijke rol in Barneveld, waarbij 37% van de bevolking is aangesloten bij een religieuze gemeenschap. De gemeente Barneveld wordt ook gezien als onderdeel van de bijbelgordel, vanwege haar relatief hoge aandeel inwoners met een protestants-christelijke geloofsovertuiging. De voorzieningen in Barneveld zijn sterk, net iets boven het landelijk gemiddelde. De gemeente Barneveld heeft een actief beleid om de voorzieningen binnen alle kernen goed op peil te houden.
De dagelijkse boodschappen zijn in Barneveld op wijkniveau bereikbaar en daarnaast is er een aantal locaties waar geconcentreerd gewinkeld kan worden voor zogenaamde doelgerichte aankopen. Daarnaast zijn er veel sportverenigingen en scholen. Ook kent iedere kern in de gemeente een plek om elkaar als gemeenschap te ontmoeten. De gemeente heeft een uitgebreide infrastructuur van voorzieningen omtrent zorg, hulp en bijstand waar de bewoners gebruik van kunnen maken. In bijlagenboek 1 is een Voorzieningenscan opgenomen die een totaaloverzicht biedt van de voorzieningen in Barneveld (onderdeel D, brondocument bijlage 2).
Ruimtelijke en economische kenmerken In Barneveld zijn er per 1.000 inwoners tussen 15-64 jaar zo’n 958 banen beschikbaar. Barneveld lijkt veel op de landelijke verdeling van het aantal banen per sector. Daar is de grootste sector de zakelijke dienstverlening (26,9%), gevolgd door de collectieve dienstverlening (25,9%). Toch volgt de gemeente Barneveld niet altijd de landelijke trend in toe- en afname in de verschillende sectoren, zo is de werkgelegenheid binnen de industriesector al een aantal jaren dalende in Nederland, maar stijgt binnen deze sector in Barneveld. Daarnaast stijgt het aantal banen in Barneveld. De beroepsbevolking van Barneveld is groter dan het landelijk gemiddelde. In Barneveld zijn er 751 personen die tot de beroepsbevolking behoren per 1.000 inwoners. De beroepsbevolking is groeiende. Ook is de gemeente dit jaar voor de derde keer op een rij verkozen tot MKB-vriendelijkste gemeente van Gelderland. Barneveld ligt is goed bereikbaar via de A1, de A30 en de A12. Door Barneveld loopt de Valleilijn met drie stations (spoorweg). In de gemeente Barneveld wordt naast de bestaande bedrijventerreinen 2 www.waarstaatjegemeente.nl
11
nog een aantal nieuwe bedrijventerreinen gerealiseerd, te weten de Harselaar-Zuid (34 hectaren) en het Harselaar Centraal (direct aan de A1). Daarnaast heeft de gemeente Barneveld ook een aantal bestaande bedrijventerreinen zoals, de Harselaar, de Harselaar-Oost en de Valk. In het regionale programma werklocaties heeft Barneveld gepleit voor het bieden van ruimte voor de ontwikkeling van lokale bedrijventerreinen. Op dit moment wordt er, aanvullend op de ontwikkeling van Harselaar, gewerkt aan ontwikkeling van lokale bedrijventerreinen bij Stroe en Voorthuizen.
Bestuur en organisatie In Barneveld functioneert de gemeenteraad met 31 leden en een college van B&W met 4 fulltime wethouders. Na de volgende gemeenteraadsverkiezingen zal de gemeenteraad bestaan uit 33 raadsleden, als gevolg van het overschrijden van de 60.000 inwonersgrens. De werkwijze in het bestuurlijk domein is te beschouwen als benaderbaar, degelijk en zakelijk, met een bestuurlijke cultuur gericht op dynamiek, verbinding en resultaten. Het beleid van Barneveld is gebaseerd op de Strategische Visie 2030 (2016) en daarop gebaseerde documenten (o.a. Omgevingsvisie en diverse structuurvisies). Uit de rapportage van de Commissie-de Graaf (2015) blijkt dat de bestuurskracht van Barneveld goed op orde is en dat Barneveld daarmee in staat is niet alleen binnen de eigen gemeentegrenzen adequaat te opereren, maar ook een stevige regionaal (o.a. Regio Foodvalley) meer bepalende en trekkende rol kan vervullen. De gemeente Barneveld beschikt volgens recente gegevens over een organisatie met ca. 480 fte. Qua loonsom en formatie bevindt Barneveld daarmee zich op het niveau van vergelijkbare gemeenten in deze grootteklasse. In 2019 heeft de gemeente een nieuwe Organisatievisie gepresenteerd (“Blij met Barneveld”), die zich vooral richt op het scheppen van goede verbindingen tussen de gemeentelijke organisatie en steeds sneller veranderende lokale samenleving.
Het schetst een beeld van een zich vernieuwende organisatie die nieuwe organisatievormen en verbindingen zowel intern als extern wil aangaan. De basisdienstverlening vanuit de organisatie van Barneveld aan inwoners is goed op orde. Op bijna alle onderdelen scoort Barneveld in burgerpeiling bovengemiddeld. Vooral de inspanningen van de gemeente Barneveld om burgers volledig mee te doen aan de maatschappij worden goed gewaardeerd. De gemeente betrekt inwoners goed bij plannen, activiteiten en inspanningen. Ook qua directe dienstverlening scoort de gemeentelijke organisatie bovengemiddeld. Bij digitale dienstverlening is de waardering rond het gemiddelde. De gemeente Barneveld maakt deel uit van de Regio Foodvalley (zie ook paragraaf 2.3). Daarnaast is zij deelnemer in veel en uiteenlopende vormen van samenwerking. De gemeente biedt ook een ondersteunde rol aan bij gemeenten die enkele taken zelf niet kunnen vervullen. Hierbij kan gedacht worden aan de ondersteuning die geboden wordt aan de gemeente Scherpenzeel als het gaat om het handhaven van de leerplicht. Naast de gestructureerde ondersteuning is er ook de feitelijke, niet formeel vastgelegde inzet van de gemeente Barneveld op verschillende terreinen. Een overzicht van de samenwerkingsverbanden en constructies is opgenomen in bijlagenboek 1, onderdeel D (brondocument open overlegfase, bijlage 1.i (netwerkanalyse).
Strategische Visie Barneveld De gemeente Barneveld heeft in de Strategische Visie 2030 haar ambities geformuleerd in relatie tot de landelijke, regionale en lokale ontwikkelingen. Barneveld heeft vier centrale keuzes gemaakt voor haar toekomst en zet in op de volgende opgaven:
12
•
De netwerksamenleving. Barneveld werkt vanuit het principe Zelf-samen-gemeente: iedereen is in eerste instantie verantwoordelijkheid voor zichzelf; daarna is er een rol voor de omgeving en maatschappelijke verbanden; de gemeente zorgt voor een vangnet. Daarnaast sluit de gemeente aan op burgerinitiatieven en nieuwe netwerken. De gemeente wil tevens een sterke partner zijn in de Regio Foodvalley.
•
Veranderende demografie. Barneveld faciliteert de groei naar 65.000 – 70.000 inwoners in 2040, met daarbij passende werkgelegenheid en met behoud van leefbaarheid en eigen identiteit van de kernen. Meer variatie en flexibiliteit in woningen en voorzieningen worden gerealiseerd in wijken en dorpen. Barneveld werkt aan een optimale externe bereikbaarheid van de gemeente als geheel en aan individuele woon- en werklocaties. Tenslotte wordt een geïntegreerd digitaal platform ontwikkeld voor het verzamelen en delen van informatie en diensten.
•
Regionale positionering. Barneveld wil zich economisch profileren met de agro-food en logistieke waardeketens en bijzondere aandacht hebben voor groeisectoren zoals ICT. De gemeente werkt aan zowel een optimale externe bereikbaarheid van de gemeente als geheel als van de individuele woon- en werklocaties ten behoeve van een optimale mobiliteit. De kansen voor multimodaal transport van mensen en goederen wil Barneveld goed benutten en faciliteren. Barneveld wil variatie ontwikkelen in werklocaties: ruimte voor sectorale en thematische bundeling en voor slimme functiecombinaties. Barneveld wil het toeristisch potentieel en een aantrekkelijk landschap versterken. De gemeente wil de ruimte bieden aan duurzame groei van de primaire agrarische sector in combinatie met passende nieuwe functies.
•
Duurzaamheid. Barneveld wil een energie-neutrale en klimaatbestendige gemeente worden. De circulaire economie en bio-based kringlopen wil Barneveld leidende principes laten zijn bij nieuwe ontwikkelingen. Barneveld wil sterk inzetten op schone mobiliteit.
2.3 Samenwerking Regio Foodvalley De gemeenten Scherpenzeel en Barneveld maken onderdeel uit van de Regio Foodvalley. Deze regio ligt in de provincies Utrecht en Gelderland, tussen de Veluwe en de Randstad. De Regio Foodvalley is het epicentrum in Nederland van innovatie en kennis op het gebied over voedselgezondheid en voedselconsumptie en - productie. De bedrijven en onderwijsinstellingen in deze regio zijn toonaangevend met ontwikkelingen op het dit gebied van agrifood. De bestuurs- en samenwerkingskracht in de Regio Foodvalley is sterk opgavegericht. De gemeenten werken samen op het gebied van economie, wonen en bereikbaarheid. Deze strategische samenwerking in Foodvalley is solide verankerd. Vrijwel alle Foodvalley-gemeenten zijn sterk gericht op economische productie voor ‘food’ of kennisontwikkeling op dat terrein. Dit is niet alleen de verdienste van de overheid, maar ook van de ondernemers en onderwijsinstellingen. Door een clustering van bedrijven en instellingen in de Regio Foodvalley beïnvloeden zij elkaar positief. De overheid bevordert dit door het wegnemen van belemmeringen, bijvoorbeeld in de bereikbaarheid of op de woningmarkt. De gemeenten beseffen dat zij ook meeliften op het succes van ondernemers en (onderwijs)instellingen. De focus op voedsel zorgt voor een sterke uitstraling.
De kwaliteit en capaciteit van de Foodvalley-gemeenten is vrijwel overal op orde, concludeerde Commissie de Graaf in 2015. Kleinere gemeenten in de regio hebben wel te maken met kwalitatieve en kwantitatieve capaciteitsproblemen. Scherpenzeel maakt bijvoorbeeld ruim gebruik van diensten van de gemeenten Barneveld, maar de Commissie achtte dit destijds geen probleem zolang beide gemeenten menen dat de voordelen hiervan overheersen. Voor de samenwerking van de regiogemeenten op andere terreinen, bijvoorbeeld voor de decentralisaties in het sociaal domein, zijn coalities aangegaan; deels onderling en deels met de gemeenten in de regio Arnhem. Hierdoor hebben gemeenten verschillende samenwerkingspartners waarmee zij deze taken oppakken.
13
3. De bestuurskrachtopgave van Scherpenzeel Vragen van bestuurskracht en optimale schaal spelen voor Scherpenzeel al langere tijd. De bezinning hierop heeft in 2018 een nieuwe impuls gekregen. In dit hoofdstuk wordt beschreven op welke manier de gemeente een oplossing heeft proberen te vinden voor de zelf ervaren problematiek van bestuurskracht. Tevens wordt beschreven hoe de rol van de provincie hierin is ingevuld tot de uiteindelijke besluitvorming van GS over de start van een artikel 8 Wet arhi procedure in juli 2020. Vanuit het door de gemeente Scherpenzeel zelf ervaren gebrek aan bestuurskracht heeft het toenmalige gemeentebestuur in 2007 ingezet op een fusie met de (Utrechtse) buurgemeenten Renswoude en Woudenberg. Omdat voor deze gewenste herindeling een wijziging van de provinciegrens nodig was hebben de gemeenten Scherpenzeel en Woudenberg de provincie Utrecht en Gelderland gevraagd een herindelingsprocedure te starten om een RSW-gemeente te worden, als onderdeel van de provincie Utrecht. De beide provincies hebben daar toen in meegewerkt. In 2011 trok de minister van Binnenlandse Zaken het daartoe ingediende wetsvoorstel in. Na het afketsen van deze fusiepoging met Renswoude en Woudenberg ging Scherpenzeel zelfstandig verder. Er zijn sinds die tijd diverse onderzoeken en afwegingsprocessen geweest met betrekking tot bestuurskracht.
Op verschillende momenten is in bestuurlijk overleg met de provincie aan de orde geweest dat Scherpenzeel met name organisatorische problemen ervoer, maar dat dit via samenwerking (met name met de gemeente Barneveld) en andere maatregelen oplosbaar was met behoud van zelfstandigheid. Terwijl het takenpakket van de gemeente groeide (o.a. transities Sociaal Domein 2015), werd echter niet structureel geïnvesteerd in de eigen ambtelijke organisatie.
3.1 Toekomstvisie 2030 en onderzoek naar realisatiekracht Scherpenzeel (2018-2019) In 2018 gaf de provincie – mede als reactie op de rapportage van de Commissie- de Graaf (2015) – in de ‘Statennotitie Sterk Bestuur voor de opgaven van morgen’ aan kwetsbaarheden, met name op organisatorisch vlak, te zien bij een aantal gemeenten in de provincie Gelderland, waaronder de gemeente Scherpenzeel. In bestuurlijk overleg in 2018 is vervolgens afgesproken dat de gemeente in eigen beheer een traject zou opzetten om zich te bezinnen op de toekomst. De gemeente heeft – gefaciliteerd door de provincie - een interactief traject opgezet om in 2018 de Toekomstvisie 2030 op te kunnen stellen, die (ook) als basis zou kunnen dienen voor verdere bezinning op de bestuurlijke toekomst. Deze Toekomstvisie Scherpenzeel 2030 is begin 2019 voor de gemeenteraad – na een interactief traject met inwoners en stakeholders uit de gemeente - unaniem vastgesteld door de gemeenteraad. In een vertrouwelijke side letter ‘Beelden van bestuurskracht’ geven de onderzoekers van het ondersteunende advies bureau hun persoonlijke visie op de realisering van de toekomstvisie. Zij bevelen aan een onderzoek uit te voeren naar de bestuurskracht, omdat zij twijfelen aan de mogelijkheden van Scherpenzeel om zelfstandig te blijven. Het rapport Toekomstvisie 2030 is opgenomen in bijlagenboek 1 (onderdeel E).
De side letter uit 2019 is niet gepubliceerd door de gemeente; hij is wel vermeld in de rapportage van NSOB (RapportFrissen, 2020) over de politiek-bestuurlijke situatie in Scherpenzeel. Door de provincie is vervolgens bij de gemeente aangedrongen om goed zicht te krijgen op de eigen mogelijkheden om de doelen en opgaven uit de Toekomstvisie 2030 te realiseren. In 2019 is daartoe
14
in opdracht van de gemeente een onderzoek uitgevoerd naar de realisatiekracht van Scherpenzeel. Ook hierbij heeft de provincie op grond van de geldende subsidieregeling een financiële bijdrage verstrekt. Uit de rapportage van dit onderzoek “Zelfbewust Scherpenzeel” bleek dat in de gemeente Scherpenzeel sprake is van een kwantitatieve en kwalitatieve disbalans tussen de opgaven en ambities waar Scherpenzeel zich voor gesteld ziet en de realisatiekracht die zij daar tegenover kan stellen. De onderzoekers kwamen tot de volgende conclusies: • • • • •
Gemeentebestuur na onstabiele periode in rustiger vaarwater, maar zowel lokale als regionale visie, kracht, rolneming en positie blijft beperkt. Ambtelijke organisatie uiterst loyaal, maar kwantitatief én qua strategisch niveau onvoldoende toegerust op lokale en regionale opgaven en ambities. Scherpenzeel leunt op partners in de regio, waarin invloed beperkt is en zodoende kansen voor ondernemers en inwoners onbenut blijven. Scherpenzeel kent een hechte en vitale gemeenschap, waarvan kracht nog deels onbenut blijft door strategische beperkingen gemeentebestuur en organisatie. Realisatiekracht Scherpenzeel is in disbalans met opgaven en ambities.
De onderzoekers zagen vier denkbare oplossingsrichtingen hiervoor, waarvan een fusie met een sterke buurgemeente (i.c. Barneveld) werd geadviseerd als enige oplossing die voor de lange termijn tot een adequate realisatiekracht zou kunnen leiden. Andere opties (zelfstandigheid, ambtelijke fusie, regiegemeente) werden als niet duurzaam effectief beoordeeld. De rapportage “Zelfbewust Scherpenzeel” is opgenomen in het bijlagenboek 1 (onderdeel E).
3.2 Aanpak bestuurskrachtopgave door Scherpenzeel (2019-2020) Juli 2019 heeft de gemeenteraad van Scherpenzeel naar aanleiding van dit onderzoek ‘Zelfbewust Scherpenzeel’ unaniem uitgesproken dat er sprake is van een gebrek aan realisatiekracht en heeft besloten tot een traject tot versterking daarvan. Over de keuze voor een oplossingsscenario is op dat moment geen definitieve uitspraak gedaan door de gemeenteraad, wel is “zelfstandigheid (….) onderdeel van de praktische aanpak”. Daaropvolgend is door de gemeenteraad in samenspraak met de commissaris van de Koning besloten een afweging te maken tussen het scenario Zelfstandigheid en het scenario Fusie met de gemeente Barneveld. De analyse hiervoor heeft plaatsgevonden in het najaar van 2019 door een stuurgroep uit de gemeenteraad. Vanuit de provincie was hierop aangedrongen om het oplossingenrepertoire voor de versterking van de bestuurskracht zo breed mogelijk te houden op dat moment. Op 9 december 2019 heeft een meerderheid van de gemeenteraad (8 - 5) gekozen voor het scenario Zelfstandigheid. Kernargument in deze eindafweging kan worden samengevat onder het begrip “eigen regie”. Voorstanders van dit scenario meenden dat met het in stand houden van eigen regie via zelfstandigheid van het bestaande gemeentebestuur de belangen van de inwoners en gemeenschap van Scherpenzeel het beste gediend zijn.
De afweging over dit onderwerp heeft op die avond ook geleid tot de vorming van een nieuwe coalitie en een nieuwe samenstelling van het college van B&W. Het rapport “Regie op de toekomst” van de Stuurgroep is opgenomen in bijlagenboek 1 (onderdeel E).
Nadere uitwerking via Kadernota 2021 - 2024 Het in december 2019 nieuw gevormde college van B&W heeft aangegeven bij de opstelling van de Kadernota 2021-2024 concrete en structurele oplossingen te bieden voor het versterken en
15
toekomstbestendig maken van de bestuurskracht binnen het door de gemeenteraad in meerderheid gekozen scenario zelfstandigheid. Op 26 mei 2020 heeft het college van B&W de Kadernota 2021-2024 vastgesteld. Om de ambities op woningbouw, economie en voorzieningen te kunnen realiseren zet de gemeente Scherpenzeel in op het versterken van de ambtelijke organisatie met een structurele jaarlijkse investering tussen € 1,2 en € 1,6 miljoen per jaar. Daarbij wordt als optie ook uitbesteding van een aantal taken aan andere gemeenten genoemd. Op 9 juli 2020 heeft de gemeenteraad in meerderheid ingestemd met de voorstellen uit de Kadernota. Bij de op 10 november 2020 vastgestelde begroting 2021 zijn de versterkingsambities verminderd tot maximaal € 1,45 mln.
3.3 Rol provincie bij bestuurskrachtproblematiek Scherpenzeel (2011 – 2020) De provincie heeft na het afketsen van de fusie in 2011 van Scherpenzeel met Woudenberg en Renswoude regelmatig bestuurlijk overleg met Scherpenzeel gevoerd. In 2018 heeft de provincie in dat overleg aangedrongen op verdere acties om de bestuurskracht te versterken en de gemeente ruimte gegeven om dat op eigen gelegenheid vorm te geven in de Toekomstvisie 2030 (2018) en het onderzoek naar realisatiekracht (2019). De gemeenten hebben deze onderzoeken zelf uit laten voeren, met financiële ondersteuning van de provincie. De provincie heeft op basis van de rapportage “Zelfbewust Scherpenzeel” vastgesteld dat er in Scherpenzeel sprake is van een evident bestuurskrachtvraagstuk; het structureel onvermogen om de door de gemeente zelf in de Toekomstvisie 2030 vastgestelde doelen en opgaven te kunnen realiseren. Belangrijke aspecten daarin waren het gebrek aan ambtelijk-organisatorische kwantiteit en kwaliteit, de zwakke positie in de regio en richting bestuurlijke en maatschappelijke partners, en de kwetsbaarheid in het politiek-bestuurlijk samenspel en functioneren. Deze conclusies zijn door de gemeenteraad in juli 2019 ook unaniem onderschreven.
Na besluitvorming over de rapportage “Zelfbewust Scherpenzeel” in de gemeenteraad van juli 2019 heeft de provincie ruimte gegeven aan het onderzoek naar de door de gemeenteraad geformuleerde oplossingsrichtingen (zelfstandigheid en fusie met Barneveld), vanuit de overweging dat gemeenten zelf in staat moeten worden gesteld om hun bestuurskrachtopgaven op te lossen. Vanuit de provincie is daarbij wel aangegeven dat de beide te onderzoeken varianten gelijkwaardig zouden moeten worden onderzocht. Vanuit de provincie is het afwegingsproces in Scherpenzeel vervolgens op enige afstand gevolgd. GS hebben de gemeente in november 2019 een gespreksleidraad voor bestuurskracht aan Scherpenzeel toegezonden om aan de hand daarvan zelf te kunnen toetsen op welke punten noodzakelijke versterking van de bestuurskracht aan de orde zou kunnen zijn. In november 2019 heeft de provincie ook aangegeven dat in dit proces de balans werd gemist in de analyse tussen de beide door de stuurgroep onderzochte toekomstscenario’s. Dit op basis van de eerste resultaten van de werkzaamheden van de stuurgroep, die toen openbaar zijn gemaakt. GS kwamen tot die opvatting omdat relevante informatie vanuit de gemeente Barneveld niet was opgenomen en omdat in de afweging (zgn. Argumentenkaart) een subjectieve interpretatie van materiële en immateriële voor- en nadelen van fusie met Barneveld werd gepresenteerd.
GS hebben toen tevens aangegeven dat plannen van gemeenten voor duurzame bestuurskrachtversterking aan de volgende vijf randvoorwaarden moesten voldoen:
16
• • • • •
Strategische kracht van de gemeente. Goede werkende verbinding in het politiek-bestuurlijk samenspel. Visie op de regionale samenwerking. Versterkte ambtelijke organisatie. Solide financiële uitwerking van de te nemen maatregelen hiervoor.
Deze randvoorwaarden zijn gebaseerd op de in het kader van het Statennotitie Sterk Bestuur ontwikkelde parameters/toetsingspunten voor ontwikkeling van lokale bestuurskracht en op de resultaten van het door de gemeente zelf opgedragen onderzoek van Seinstra van de Laar (“Zelfbewust Scherpenzeel”, zie paragraaf 3.2). Na de besluitvorming in de gemeenteraad van Scherpenzeel van december 2019 hebben GS bij brief van 17 december 2019 aangegeven dat met deze besluitvorming de zorg over de toekomstbestendigheid van de gemeente Scherpenzeel niet was weggenomen. Dit omdat het onderzoek naar beide scenario’s niet gelijkwaardig had plaatsgevonden en omdat naar de mening van de provincie met de gegeven oplossing niet aan de vijf randvoorwaarden voor duurzame bestuurskrachtversterking kon worden voldaan. In februari 2020 hebben GS aangegeven dat ruimte zou worden geboden aan het voornemen van B&W om in de Kadernota (alsnog) de benodigde concrete en structurele oplossingen te bieden voor het versterken en toekomstbestendig maken van de bestuurskracht. Tevens is op dat moment aangegeven dat indien de in de Kadernota uit te werken oplossing niet zou kunnen voldoen aan de door GS aangegeven toetspunten GS zouden overwegen om een procedure conform artikel 8 Wet arhi te starten. Vanaf maart 2020 hebben GS via een maandelijks monitoringsoverleg met B&W de totstandkoming van de Kadernota gevolgd.
GS hebben in het monitoringsoverleg nogmaals aangedrongen op een evenwichtige en gelijkwaardige afweging van de beide eerder onderzochte scenario’s, hetgeen door B&W in dit overleg ook is toegezegd. De verslagen van dit monitoringsoverleg en de correspondentie tussen GS en de gemeente in de periode juli 2019 en juli 2020 zijn opgenomen in bijlagenboek 1 (onderdeel E).
3.4 Standpuntbepaling GS naar aanleiding van Kadernota (juni/juli 2020) In het monitoringsoverleg (maart/april 2020) wordt door het college van B&W aan GS verzocht om zo snel mogelijk duidelijkheid te willen geven over de reactie op het standpunt van B&W over de Kadernota 2021-2024. Dit met het oog op de voorbereiding van de besluitvorming in de gemeenteraad. Naar aanleiding van dit verzoek formuleren GS op 2 juni 2020 een voorlopig standpunt aan de hand van de besluitvorming in B&W over de Kadernota van 28 mei 2020. GS spraken waardering uit dat in de besluitvorming over de Kadernota de bestuurskrachtproblematiek expliciet wordt gemaakt. En dat de gemeente via een omvangrijk investeringspakket de bereidheid heeft getoond om daaraan te werken. Die investeringen betreffen primair de organisatie en deels een nieuwe huisvesting van het gemeentelijk apparaat. GS waren van mening dat de voorgestelde oplossingsrichting en uitwerking daarvan echter te weinig vertrouwen in een duurzaam bestuurskrachtig Scherpenzeel geeft, om de volgende redenen: • •
B&W schetst in de Kadernota geen geloofwaardig perspectief op veranderingen en verbeteringen in het politiekbestuurlijk samenspel. In de praktijk blijkt dat dit juist steeds problematischer en meer gepolariseerd verloopt. De strategische kracht van de gemeente en de positie in de regio wordt niet fundamenteel versterkt.
17
•
• •
Door te investeren in de eigen ambtelijke organisatie worden problemen van kwetsbaarheid en continuïteit niet structureel opgelost, omdat veelal gewerkt zal moeten blijven worden met eenpitters/parttimers op cruciale posten en er geen ruimte is in het loongebouw om voor de lange termijn ervaren professionals aan te trekken. Voor de dekking van de benodigde structurele investeringen in de ambtelijke organisatie wordt in de jaren 2021 – 2024 voor een deel een substantieel beroep gedaan op incidentele middelen; Scherpenzeel moet bijna de volledige financiële ruimte gebruiken om de Kadernota rond te krijgen. De ruimte om wendbaar te kunnen handelen op structurele tegenvallers en onvoorziene uitgaven is nog zeer beperkt. Het langere termijn financieel perspectief ontbreekt.
GS waren tevens van mening dat de kosten van de door B&W voorgestelde oplossingsrichting (incl. lastenverzwaring voor de inwoner) niet proportioneel zijn ten opzichte van het te bereiken resultaat en meenden dat het alternatief fusie met Barneveld niet open en evenwichtig was onderzocht. GS kwam tot de conclusie dat dit alternatief met aanzienlijk minder investering in de ambtelijke organisatie en gemeentelijke huisvesting en zonder lastenverzwaring tot mogelijk dezelfde of betere resultaten voor de inwoners van Scherpenzeel zou kunnen leiden. GS hebben ervaren dat B&W door de sterke oriëntatie op het begrip “eigen regie” uitgaat van het noodzakelijk moeten samen vallen van “dorp” en “gemeente” om de doelen voor inwoners het beste te kunnen realiseren. Vanuit die denkwijze werd zelfstandigheid een doel op zich. GS hebben in de voorlopige standpuntbepaling aangegeven dat – indien de gemeenteraad het standpunt over de Kadernota van B&W over zou nemen – GS voornemens waren een artikel 8 procedure Wet arhi te starten om samen met de betrokken gemeentebesturen, inwoners, maatschappelijke organisaties en bestuurlijke partners een optimale keuze te maken voor de oplossing van de bestuurskrachtproblematiek van Scherpenzeel. Bij brief van 4 juni 2020 hebben GS de minister van BZK op de hoogte gesteld van dit standpunt, conform het Beleidskader Herindelingen.
Op 8 juli heeft de minister van BZK overleg gevoerd met zowel B&W Scherpenzeel als met GS naar aanleiding van deze brief en heeft op 10 juli een antwoord gezonden op de brief van GS. In die brief aan GS is aangegeven dat de minister begrip heeft voor het voornemen van GS om regie te nemen in het gesprek over bestuurskrachtversterking. Er werden ook aandachtspunten aangegeven voor dat gesprek, onder meer dat er vanuit de opgaven moet worden geredeneerd en dat meerdere uitkomsten vanuit dat gesprek mogelijk dienen te zijn. De correspondentie tussen de GS en de minister van BZK is opgenomen in bijlagenboek 1 (onderdeel E).
3.5 Verkenning mogelijkheden versterking bestuurskracht Scherpenzeel (april/mei 2020) In verband met de aankondiging in februari dat een artikel 8 Wet arhi-procedure mogelijk was, heeft de provincie in april/mei 2020 een verkenning laten uitvoeren in de regio naar de mogelijkheden voor versterking van de bestuurskracht van Scherpenzeel. Er is daartoe overleg gevoerd met de buurgemeenten Renswoude, Woudenberg en Barneveld en met de regiogemeenten Ede en Veenendaal, met de Regio Foodvalley en met provincie Utrecht. Uit dit overleg kwamen de volgende conclusies: •
Snel duidelijkheid over oplossingen voor de bestuurskrachtopgave van Scherpenzeel is belangrijk.
•
Ede, Veenendaal en Barneveld staan open voor samenwerking met Scherpenzeel via dienstverleningsovereenkomsten.
•
Geen van de gemeenten heeft vanuit eigen wensen een fusieagenda en/of wens tot herindeling.
•
Barneveld is de enige realistische optie voor een eventuele herindeling met Scherpenzeel. De buurgemeenten in de provincie Utrecht Renswoude en Woudenberg geven aan geen bijdrage te kunnen leveren aan de versterking van de bestuurskracht van Scherpenzeel. GS Utrecht ondersteunt de opvatting van deze gemeenten.
18
•
Barneveld is in principe beschikbaar als fusiepartner voor Scherpenzeel als de provincie daartoe zou besluiten, met als uitgangspunt fusie per 1-1-2023.
•
Eventuele herindeling van Scherpenzeel met Barneveld heeft beperkte consequenties voor de andere gemeenten en kan positief uitwerken voor de samenwerking in de Regio.
•
Precair proces, wees zorgvuldig.
Deze conclusies gaven hiermee een helder beeld van de mogelijkheden voor versterking van de bestuurskracht van Scherpenzeel via constructies van bestuurlijke samenwerking en/of samenvoeging in de regio. Dit beeld heeft op een later moment geleid tot de inrichting van de open overlegfase in het kader van artikel 8 Wet arhi. Het verslag van deze verkenning is opgenomen in bijlagenboek 1 (onderdeel E). Uit deze verkenning werd duidelijk wat realistische alternatieven zouden kunnen zijn, indien B&W Scherpenzeel er niet in zou slagen om in de Kadernota de benodigde concrete en structurele oplossingen te bieden voor het versterken en toekomstbestendig te maken van de bestuurskracht van Scherpenzeel in het scenario zelfstandigheid. Op grond van deze gesprekken, op basis van door de gemeenten Scherpenzeel en Barneveld eerder gegenereerde informatie en ervaringsgegevens van andere fusieprocessen hebben GS zich tevens een tentatief beeld gevormd van de voor- en nadelen van een mogelijke fusie tussen Scherpenzeel en Barneveld.
3.6 Besluitvorming artikel 8 Wet arhi (juli 2020) Op 9 juli 2020 heeft de gemeenteraad van Scherpenzeel met de voorstellen van B&W inzake de Kadernota 2021-2024 ingestemd. Naar aanleiding hiervan hebben Gedeputeerde Staten op 14 juli 2020 besloten een open overleg – als bedoeld in artikel 8 Wet arhi – te starten om alle reële varianten nogmaals open te onderzoeken en naast elkaar af te wegen. Met als doel te komen tot een duurzame oplossing voor de bestuurskrachtopgave van de gemeente Scherpenzeel. De provincie baseert deze besluitvorming op de opvatting dat er op grond van de onderzoeken in 2019 sprake is van een evident bestuurskrachtprobleem, dat ook unaniem erkend is door de gemeenteraad van Scherpenzeel. De provincie is tevens van mening dat B&W en raad van Scherpenzeel in de periode medio 2019 – medio 2020 de ruimte hebben gekregen om met een adequate en duurzame oplossing hiervoor te komen, waarbij GS faciliterend en ondersteunend hebben opgetreden. GS menen dat de door de gemeenteraad in de Kadernota 2021-2024 vastgestelde maatregelen geen oplossing oplevert die kan voldoen aan de door de provincie gestelde randvoorwaarden voor duurzame bestuurskracht. Concreet betekent dit dat de voorgestelde maatregelen: •
Niet leiden tot een structurele en adequate versterking van de ambtelijke organisatie
•
Niet leiden tot verbetering van het bestuurlijk-ambtelijk samenspel
•
Niet leiden tot versterking van de positie in de regio en in het regionaal krachtenveld
•
Een structureel karakter hebben, maar deels incidenteel gefinancierd worden tot 2024 en dat voor de periode daarna geen zicht is op volledige structurele dekking van de extra organisatielasten.
Voor de provincie zijn de volgende overwegingen nog relevant, zij het niet doorslaggevend in de afweging:
19
•
Ten opzichte van de resultaten brengt de gekozen oplossing disproportionele kosten met zich mee, met daardoor onnodige lastenverzwaringen voor inwoners
•
Er heeft geen evenwichtige afweging plaatsgevonden met een of meerdere alternatieven (met name fusie met Barneveld) die – in ieder geval op het eerste gezicht – evidente voordelen bieden voor de belangen en verwachtingen van inwoners.
Door - via toepassing van het artikel 8 Wet arhi - regie te nemen in het onderzoek en de afweging van varianten willen GS op een onderbouwde en evenwichtige manier de dialoog over mogelijk duurzame oplossingen voor de bestuurskracht van Scherpenzeel voeren. Dit met als doel om te komen tot een – bij voorkeur door betrokken partijen gedeeld en gedragen - beeld hier over.
20
4. Open overleg op grond artikel 8 Wet arhi Op 14 juli 2020 hebben GS besloten om een overleg in het kader van artikel 8 Wet arhi te starten (zogenaamd “open overleg”). Dit hoofdstuk beschrijft de activiteiten die in deze open overlegfase onder regie van de provincie zijn uitgevoerd, welke resultaten dit heeft opgeleverd en welk standpunt naar aanleiding door het college van GS is ingenomen op 12 januari 2021. Voor de inrichting van het open overleg hebben GS op 14 juli 2020 een Startnotitie vastgesteld. Deze is op die datum aangeboden aan de gemeenten Barneveld en Scherpenzeel als gespreksnotitie om met hen te kunnen overleggen over de meest wenselijke inrichting van de open overlegfase. In de periode medio juli – september 2020 zijn er diverse bilaterale bestuurlijke overleggen gevoerd door GS met B&W Scherpenzeel en B&W Barneveld naar aanleiding van de Startnotitie. Van de zijde van zowel B&W Barneveld als Scherpenzeel zijn opvattingen en suggesties ingebracht voor de invulling van de fase van open overleg. Mede op grond van dit overleg is door het college van GS een plan van aanpak opgesteld voor de fase van open overleg met daarin een beschrijving van de activiteiten, de planning en de rollen van partijen daarin. In dit plan van aanpak zijn op onderdelen input en wensen van de beide gemeenten verwerkt.
Bij de start van de uitvoering van het plan van aanpak is in overleg tussen de betrokken partijen een zogenaamde Spiegelgroep ingesteld, die als externe blik heeft toegezien op met name het open karakter van het proces in deze fase. B&W Scherpenzeel hebben op 1 oktober 2020 medegedeeld niet deel te willen nemen aan het te voeren overleg in het kader van artikel 8 Wet arhi. Vanaf 1 december 2020 hebben B&W Scherpenzeel besloten wel deel te nemen. In paragraaf 4.5 (Bestuurlijk Overleg) wordt dit aspect nader beschreven. Op grond van het plan van aanpak hebben in de open overlegfase 4 (onderling samenhangende) activiteiten plaatsgevonden: A.
Bestuurlijke consultatie met de bestuurlijke partners in het gebied (Ede, Veenendaal, Renswoude, Woudenberg, GS Utrecht, Regio Foodvalley) over mogelijkheden voor de versterking van de bestuurskracht van Scherpenzeel;
B.
Participatietraject voor inwoners en stakeholders van Barneveld en Scherpenzeel, gericht op het zo goed mogelijk in beeld krijgen van hun verwachtingen en belangen bij de oplossing van de bestuurskrachtopgave van Scherpenzeel;
C.
Onderzoek 3 reële varianten voor bestuurskrachtversterking van Scherpenzeel, geselecteerd op basis van de voorverkenning van mogelijkheden in het voorjaar 2020;
D.
Bestuurlijk overleg met de gemeenten Barneveld en Scherpenzeel over de voortgang en resultaten van bestuurlijke consultatie, participatie en met name het variantenonderzoek zoals onder A, B en C. omschreven.
De Startnotitie, de gevoerde correspondentie over de Startnotitie en het open overleg alsmede het plan van aanpak zijn opgenomen in onderdeel C van bijlagenboek 1 .
4.1 Bestuurlijke consultatie GS hebben bestuurlijk overleg gevoerd met de buurgemeenten, enkele betrokken regiogemeenten, het bestuur van de Regio Foodvalley en GS Utrecht. Doel van deze gesprekken was om in het kader van de uitvoering van artikel 8 Wet arhi te onderzoeken welke mogelijkheden en varianten voor versterking van de bestuurskracht van Scherpenzeel realistisch zouden kunnen zijn. Dit was al eerder verkend (zie paragraaf 3.5); vanuit het oogpunt van volledigheid en zorgvuldigheid is deze
21
beoordeling in het kader van het open overleg opnieuw gemaakt. De resultaten van deze gesprekken waren samen gevat: •
De resultaten van de verkenning in april/mei 2020 worden bevestigd. Kort gezegd betekent dit dat de (Utrechtse) buurgemeenten Renswoude en Woudenberg voor zichzelf geen rol zien in de versterking van de bestuurskracht van Scherpenzeel en dat de gemeenten Veenendaal en Ede – onder condities – desgewenst als samenwerkingspartner voor Scherpenzeel willen en kunnen optreden. Wat betreft de mogelijke samenwerking wordt door Veenendaal en Ede geconstateerd dat Scherpenzeel nog geen duidelijkheid heeft gegeven om welke taken het dan zou gaan, onder welke voorwaarden die samenwerking dan zou moeten plaatsvinden en welke samenwerkingspartner ze daarbij zou willen kiezen. Ook zijn er (met name bij Veenendaal) recente negatieve ervaringen met de totstandkoming van belastingsamenwerking, die enige reserve geven in het verder aangaan van samenwerkingsrelaties. Beide gemeenten geven aan het gesprek met Scherpenzeel over samenwerking te willen aangaan, maar niet uitgespeeld te willen worden of mee te werken aan mogelijk “shopgedrag” van Scherpenzeel.
•
Er worden enkele aspecten van belang voor het onderzoek benoemd. Vanuit de bestuurlijke partners wordt aangegeven dat ze allen zien dat het van belang is dat er snel duidelijkheid komt in de bestuurlijke positie van Scherpenzeel voor de komende jaren. Vanuit Veenendaal wordt, in het geval wordt gekozen voor bestuurlijke fusie met Barneveld, aandacht gevraagd voor het mogelijk overgaan/ontvlechten van huidige samenwerkingstaken (o.a. ICT) vanuit de gemeenten Veenendaal naar een nieuw te vormen gemeente. Door alle gemeenten wordt erop gewezen dat goede maatschappelijke en bestuurlijke relaties in iedere variant waardevol worden gevonden. Vanuit GS Utrecht wordt dit ook onderschreven. Door de Regio Foodvalley wordt aangegeven dat de verwachting bestaat dat in alle varianten de goede samenwerking tussen de gemeenten in de Regio Foodvalley gestand kan worden gedaan. En dat de regionale samenwerking baat heeft bij bestuurlijke duidelijkheid en bestuurlijke continuïteit, in welke variant dan ook.
•
Betrokkenheid bij afwegingstraject adequaat. Alle gemeenten en de Regio Foodvalley geven aan zich goed en adequaat betrokken en geïnformeerd te voelen bij het proces dat door GS wordt uitgevoerd. Er is een blijvende behoefte aan goede en tijdige informatievoorziening. Dit geldt ook voor GS Utrecht.
De resultaten van deze gesprekken zijn onder andere betrokken bij het variantenonderzoek (paragraaf 4.4). De verslagen van de gevoerde gesprekken en een samenvatting daarvan zijn opgenomen in bijlagenboek 1 (onderdeel D).
4.2 Participatietraject inwoners en stakeholders (procesbeschrijving) Het doel van de participatie in de fase van open overleg was om een zo goed mogelijk beeld te krijgen van de verwachtingen en belangen van inwoners en stakeholders bij de versterking van de bestuurskracht in Scherpenzeel en specifieke aandachtspunten daarvoor. Dit om de opgaven centraal te kunnen stellen bij het maken van en keuze voor de varianten voor versterking van de bestuurskracht van Scherpenzeel. Er is — mede daarom — niet voor gekozen om aan inwoners en stakeholders een keuze voor een van de varianten voor te leggen, omdat die varianten nog niet voldoende inhoudelijk geladen en onderbouwd waren om een evenwichtige keuze op te kunnen baseren. De uitgevoerde activiteiten hadden dus vooral als bedoeling om de betekenis te kunnen geven en een inhoudelijk lading van de varianten voor de versterking van de bestuurskracht van Scherpenzeel. De vormgeving en uitvoering van deze participatie zijn op een manier opgezet waardoor inwoners zinvol en op hedendaagse wijze betrokken zijn. In de aanpak hiervan is gekozen voor een viertal stappen: 1.
De aftrap, vooral om informatie te brengen.
2.
Ontmoeten, bedoeld om informatie te halen.
22
3.
Samen aan het werk in themagerelateerde bijeenkomsten en op de website.
4.
Terugkoppeling van de resultaten.
De participatie heeft plaatsgevonden van oktober tot half november 2020. Inwoners van de gemeenten Scherpenzeel en Barneveld zijn op verschillende manieren geïnformeerd over het proces en de mogelijkheden om deel te nemen aan de participatie. De provincie heeft speciaal voor dit proces de website ‘Kijk op Scherpenzeel’ ingericht, waar inwoners een filmpje met toelichting, stellingen met mogelijkheden tot reageren, agenda en documentatie konden vinden. Hiernaast waren er ook paginagrote advertenties, flyers en posters verspreid door de dorpen en campagnes op Facebook en Twitter. Gekozen was om de participatie in te richten met een diversiteit aan bijeenkomsten, met verschillende doelen en doelgroepen, namelijk: • •
• •
Keukentafelgesprekken: individuen en groepen uit de gemeenten gingen in gesprek met de commissaris van de Koning en de verantwoordelijk gedeputeerde over hun wensen en aandachtspunten voor de gemeente Themabijeenkomsten: alle inwoners van Scherpenzeel en Barneveld waren uitgenodigd mee te denken over specifieke onderwerpen ter verdieping van het onderzoek. De themabijeenkomsten betroffen: Voorzieningen en vitaal dorp Gemeente Identiteit en zeggenschap Financiën Scherpenzeel in de regio Dorpsgesprek Barneveld Stakeholderbijeenkomsten met het Sociaal domein en Kulturhus de Breehoek.
Vanwege COVID-19 hebben alle bijeenkomsten digitaal plaatsgevonden. In december 2020 heeft de provincie een onderzoek onder de inwoners van Scherpenzeel en Barneveld laten uitvoeren door Kieskompas. Hierin zijn de inhoudelijke resultaten van de participatie getoetst. Op deze manier is nagegaan of de inhoudelijke uitkomsten van de bijeenkomsten representatief zijn. De opbrengsten van de participatie zijn verwerkt in een participatieverslag dat is gepresenteerd in het bestuurlijk overleg (zie paragraaf 4.4.) en als onderlegger heeft gediend voor de besluitvorming van GS. Dit verslag is opgenomen in bijlagenboek 1 (onderdeel D).
4.3 Participatietraject inwoners en stakeholders (inhoudelijke resultaten) In het participatietraject is een beeld gevormd van wat inwoners - van Scherpenzeel en Barneveld vanuit hun leefwereld formuleren als de belangrijkste verwachtingen en belangen die zij door middel van een bestuurskrachtige gemeente gerealiseerd willen zien; in welke variant dan ook. De inwoners van Scherpenzeel hebben daar een goed inhoudelijk beeld van. Dat is al eerder opgehaald in het proces van Toekomstvisie 2030. Het is bevestigd in het dialoogproces dat door de gemeente in 2019 is uitgevoerd en vervolgens ook in het participatieproces dat ten behoeve van dit variantenonderzoek is uitgevoerd. De belangen en wensen van de inwoners van Scherpenzeel richten zich in grote lijnen op: A.
De instandhouding en mogelijke versterking van belangrijke gemeenschapsvoorzieningen, zowel die gebouw- en grond gebonden zijn (Kulturhus De Breehoek, bibliotheek, zwembad) als die onderdeel uitmaken van de verenigingsstructuur (scouting, sportverenigingen e.a.)
B.
De borging en bevestiging van het karakter en identiteit van het dorp zowel in ruimtelijke zin (open, groen), als in maatschappelijke zin (sociale infrastructuur, zie boven) als de ondernemende en zelfredzame “mind set” van een groot deel van de inwoners
23
C.
Adequate dienstverlening en bestuur, voldoende nabij en tegelijk van een hoge kwaliteit
D.
De kosten van het gemeentebestuur moeten in proportie zijn met de kwaliteit; kwaliteit mag wel wat kosten.
De inwoners van Scherpenzeel willen aanmerkelijk invloed hebben op de voor A, B, C en D te nemen beslissingen; een adequate vorm van zelfbeschikking over zaken die voor het dorp en de gemeenschap van belang zijn. De inwoners van Scherpenzeel verwachten van hun gemeentebestuur dat ze zowel heel “nabij” opereert als tegelijk op andere relevante schaalniveaus dingen weet te realiseren voor de inwoners die hiervoor van belang zijn. De inwoners zijn veelal bereid om een “redelijke prijs” te betalen voor een goed gemeentebestuur en adequate dienstverlening. De wensen en belangen van inwoners van Barneveld zijn in de verschillende bijeenkomsten en activiteiten minder scherp en uitgebreid gearticuleerd. Uit de inhoudelijke reacties in het participatieproces valt af te leiden dat de inwoners van Barneveld vinden dat bestuurskrachtversterking van Scherpenzeel hun eigen belangen en ontwikkelingsmogelijkheden niet zou moeten aantasten en dat naar hun inschatting op basis van huidige (beperkte) informatie ook niet zal doen. GS hebben aangenomen dat ook zij hoge verwachtingen van hun gemeentebestuur zullen hebben wat betreft prestaties, doelbereiking en dienstverlening en verwachten dat bestuur en organisaties op meerdere schaalniveaus kunnen acteren in hun belang. Dit is getoetst in het door Kieskompas uitgevoerde onderzoek in november 2020.
In het door Kieskompas uitgevoerde onderzoek worden de beelden over verwachtingen en belangen van inwoners van Scherpenzeel bevestigd; tevens blijkt dat de inhoudelijke verwachtingen en belangen (zie onder A-D hierboven) tussen inwoners van Barneveld en Scherpenzeel ongeveer met elkaar overeen komen.
4.4 Variantenonderzoek Vanuit het participatietraject (paragraaf 4.3) is expliciet geworden welke verwachtingen en belangen de inwoners van Scherpenzeel en Barneveld hebben ten aanzien van het functioneren van hun gemeentebestuur. Dit is de input geweest voor het onderzoek naar de beste c.q. meest wenselijke variant voor de versterking van de bestuurskracht van Scherpenzeel. GS hebben daarbij een afweging gemaakt tussen de meest reële bestuurlijke varianten voor versterking van de bestuurskracht van Scherpenzeel. Daarbij is ook gebruik gemaakt van de resultaten van de verkenning zoals in paragraaf 3.5 beschreven. GS hebben de volgende 3 onderzoeksvarianten benoemd: 1.
Zelfstandig Scherpenzeel (met mogelijk verschillende samenwerkingspartners die operationele taken uitvoeren op basis van dienstverleningsovereenkomsten) en zelfstandig Barneveld.
2.
Duurzaam partnerschap tussen Scherpenzeel en Barneveld.
3.
Bestuurlijke fusie tussen Scherpenzeel en Barneveld per 1-1-2023.
Voor fusievarianten met andere gemeenten bleek ofwel geen meerwaarde ofwel geen draagvlak bij die andere gemeenten. Daarbij speelt de geografische positie van Scherpenzeel een belangrijke rol; Barneveld is de enige Gelderse buurgemeente, die ook bereid was om in een fusievariant mee te willen denken. De andere buurgemeenten (Renswoude en Woudenberg) liggen in provincie Utrecht. GS hebben de conclusie getrokken dat voor een interprovinciale herindeling met deze gemeenten geen enkel draagvlak aanwezig was bij deze gemeenten noch bij de provincie Utrecht. Daarnaast is
24
het de vraag welke inhoudelijke meerwaarde een dergelijke herindeling zou opleveren in relatie tot de extra complicatie van een interprovinciale herindeling. Samenwerkingsvarianten met diverse gemeenten zijn betrokken bij de beoordeling van Variant 1 (zelfstandig Scherpenzeel met samenwerkingsarrangementen). Daarnaast is een aparte variant (Variant 2) benoemd van duurzame samenwerking, die eventueel op den duur (al dan niet via een groeimodel) zou kunnen leiden tot een bestuurlijke fusie. Gezien de geografische ligging is Barneveld de enige partner die voor zo’n variant in aanmerking komt voor de versterking van de bestuurskracht van Scherpenzeel. Er is een Brondocument opgesteld met feitelijke informatie uit een groot aantal bronnen als onderbouwing voor de afweging van de varianten: •
Onderzoeks- en ervaringsgegeven over samenwerking en samenvoeging van gemeenten
•
Voorzieningenscan, met een overzicht van de voorzieningensituatie in Barneveld en Scherpenzeel
•
Een casestudy naar kernenbeleid en de positie van kern/dorpsgemeenschappen in verschillende bestuurlijke constellaties in Nederland
•
Inventarisatie naar manier waarop de 28 kleinste gemeenten van Nederland (tot 12.000 inwoners) omgaan met de schaal- en bestuurskracht vragen waar zij zich voor gesteld zien en welke strategieën zij daarvoor hanteren
•
Gegevens uit de programmabegrotingen 2021.
Om de varianten te kunnen beoordelen zijn zes criteria benoemd, die zijn ontleend aan de criteria die de gemeente Scherpenzeel eerder heeft gebruikt voor de eigen afweging rond zelfstandigheid en fusie in najaar 2019 en voorjaar 2020, te weten: -
Gemeenschap (voorzieningen, karakter en identiteit dorp)
-
Bestuur (incl. politiek- bestuurlijk samenspel)
-
Ambtelijke organisatie
-
Samenwerking en partnerschap
-
Financiën
-
Specifieke onderwerpen (Sociaal Domein & Breehoek).
In het brondocument is per variant een overzicht opgenomen van de kansen en risico’s van iedere variant op deze 6 criteria. Op basis van het geheel van de informatie is een afwegingsdocument opgesteld met daarin een expertmatig oordeel over de varianten op de zes criteria als input voor de bestuurlijke discussie in het bestuurlijk overleg (paragraaf 4.5). Het brondocument en het afwegingsdocument zijn opgenomen in bijlagenboek 1 (onderdeel D). Zeer compact geformuleerd leidt de variantenanalyse tot de volgende inhoudelijke conclusies: •
Variant 1 biedt geen duurzaam perspectief op bestuurskrachtversterking van Scherpenzeel, omdat het niet de structurele organisatorische en bestuurlijke problemen kan oplossen die onderliggend zijn aan het gebrek aan bestuurskracht. Er is vanuit de belangen van inwoners wel optimalisering van deze variant mogelijk met name ten aanzien van de samenwerking met andere gemeenten; daarbij is dan feitelijk sprake van Variant 2.
•
Variant 2 kan – in een geoptimaliseerde vorm – perspectief bieden op duurzame bestuurskrachtversterking van Scherpenzeel en ook (beperktere) voordelen bieden aan Barneveld. Essentieel is dat dan een vorm wordt gekozen waarin de samenwerking substantieel (ambtelijk en bestuurlijk), exclusief en onomkeerbaar is, zodat ook lange termijnperspectief geboden kan worden indien tot een bestuurlijke fusie zou moeten worden overgegaan. Ook moet rekening gehouden worden dat de “lusten en de lasten“ van deze variant niet congruent zijn tussen beide partners.
•
Variant 3 biedt zonder meer perspectief op duurzame bestuurskrachtversterking van Scherpenzeel en biedt ook voordelen aan Barneveld op zowel strategisch als meer operationeel vlak. Optimalisering van deze variant is nodig om