CConstaterende datBarendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag van de openbare raadsvergadering van 4 november 2025

gemeenteraad 16 december 2025, gemeente BarendrechtBij agendapunt: Verslagen en Besluitenlijsten raadsvergaderingen 4 november 2025 en 11 november 2025 en overzichten moties 2020 t/m 202512.692 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Notulen openbare vergadering gemeenteraad Barendrecht Datum:

4 november 2025

Volgnummer: 2025/10 Aanwezig: Voorzitter:

de heer R.E. Schneider

Raadsleden: de dames N. Blankenstein-van Heugten (EVB), S.T. Jakoeb (PvdA), P.A. de KamBenard (CDA), M. Mes-le Feber (EVB), K.N. Örs-van der Worm (EVB), C.L.K. Rijsdijk (EVB), F.C.E. Schaap-Holsheimer (EVB), D.S. Soliana (EVB) en E. van Vilsteren-van Schaik (EVB); de heren J.M. Blok (SGP/CU), K. van Bommel (EVB), W. Booij (EVB), R.P. Carlebur (Barendrecht Belang), W. de Graaff (EVB), M. Hazebroek (EVB), J.J. Heiden (EVB), D. Heijboer (EVB), N. Jansen (EVB), A. Kooijman (GroenLinks), J. Lengkeek (CDA), J.B. Modderman (EVB), M.C. van Prehn (D66), C.D. Schaap (VVD), R. Schuurman (Barendrechts Belang), J.P. Smit (SGP/CU), M. Troost (EVB), P.A.H. de Visser (EVB) en J. Vrijman (EVB) Wethouders: mevrouw J.M.M. Stolk, de heren L.P. van der Linden, D. Vermaat en R. Bol. Griffier:

mevrouw C.M. Krouwel

Notulist:

mevrouw C. Peters

Met kennisgeving afwezig: Raadsleden: de heer J.L. Mijnders (SGP/CU)

1. Opening De voorzitter opent de raadsvergadering van 4 november 2025 om 20.02 uur en heet alle aanwezigen van harte welkom. De vergadering wordt in beeld- en geluid uitgezonden. De opname wordt na de vergadering opgeslagen voor eventuele raadpleging op een later moment. Met kennisgeving is afwezig: - de heer J.L. Mijnders.

pagina 1 van 33

2. Vaststelling agenda De agenda wordt conform voorstel vastgesteld.

3. Afscheid en installatie Kinderburgemeester De voorzitter spreekt kinderburgemeester Fleur Booij toe en dankt haar voor haar optimistische, positieve en zichtbare inzet sinds 5 november 2024. Fleur denkt verder dan haar eigen omgeving. De KidsArena is een project, dat Fleur helemaal zelf heeft bedacht. De voorzitter onderstreept de dank aan Fleur Booij met een fotoboek, een boeket en een oorkonde. Kinderburgemeester Fleur Booij neemt afscheid met een korte toespraak, waarin zij diverse feestelijke en indrukmakende gelegenheden memoreert, waarbij zij als kinderburgemeester is opgetreden. De KidsArena zal terugkomen in de agenda van haar opvolgers. Fleur Booij vraagt blijvende ondersteuning en begeleiding voor de kinderburgemeester. Zij dankt allen, die hebben bijgedragen aan haar taakvervulling en wenst haar opvolger veel succes en plezier. De voorzitter heet Amin Imsirovic en zijn familie en vrienden welkom en stelt hem voor. Hij spreekt zijn vertrouwen uit in deze nieuwe kinderburgemeester, die duidelijke plannen heeft voor het komende jaar en het belangrijk vindt om er voor alle kinderen in Barendrecht te zijn. Hij installeert Amin Imsirovic door hem de kinderburgemeestersketen om te hangen en feliciteert hem, met overhandiging van een boeket. Kinderburgemeester Amin Imsirovic vindt het belangrijk dat kinderen zich gezien en gehoord voelen in Barendrecht.

Zijn speerpunten zijn: armoede onder kinderen, eenzaamheid, buitensluiten en pesten. Voorbeeldprojecten zijn: samenbrengen van leenoma’s en leenkleinkinderen, ook ter bestrijding van eenzaamheid, gratis schoolfruit voor iedereen, zodat het niet opvalt als een kind geen eten bij zich heeft, gratis evenementen voor kinderen, alsmede een project tegen buitensluiten en pesten op basisscholen. De voorzitter schorst de vergadering kort. De voorzitter heropent de vergadering.

4. Vragenkwartier 4.a Raadslid de heer Schaap heeft zich aangemeld met het onderwerp 'Huisvesting pagina 2 van 33

Huisartsenpraktijken'. De heer Schaap brengt zijn vraag in mede namens de heer Smit van SGP/CU. Hij memoreert de bespreking van het raadsvoorstel om subsidie aan BVV te verlenen voor nieuwbouw van het clubhuis op 7 oktober jl. Een onderdeel daarvan was het realiseren van een huisartsenpraktijk en een fysiopraktijk. De gemeente zou een derde deel, zijnde € 2,83 mio, bijdragen. Volgens de VVD-fractie had deze uitgave eenvoudig voorkomen kunnen worden. Er werden beschikbare ruimtes voor de huisartsenpraktijk genoemd, die volgens de wethouder te koop staan, terwijl de huisartsen alleen maar wil huren. De ruimte aan de Lindenhoevelaan werd echter volgens Funda ook te huur aangeboden. De eigenaar van het pand werd door de toenmalige wethouder doorverwezen naar twee huisartsen. De locatie is geschikt voor twee grotere huisartsenpraktijken of voor twee kleinere met een fysiotherapiepraktijk. Met één huisarts is niet gesproken; voor de ander kwam het aanbod te vroeg. Er is contact geweest met de wijkcoördinator, die na een telefoongesprek met de eigenaar niet meer van zich heeft laten horen. Op 4 april 2025 moest de eigenaar via de krant vernemen, dat Barendrecht er in de toekomst drie huisartsenpraktijken bij krijgt. In dat artikel werd gezegd dat huisartsen de huisvesting als knelpunt zouden ervaren.

Naar aanleiding daarvan heeft de eigenaar van voornoemd pand op 7 april 2025 opnieuw met de gemeente gebeld. Op aanraden van “de assistent van de wethouder” heeft de eigenaar een e-mail gestuurd. Daarna heeft hij niets meer vernomen. Inmiddels is het pand definitief verkocht. De heer Schaap acht dit een gemiste kans, zowel voor de gemeente, als voor de huisartsen die het pand hadden kunnen huren en zich bij voorkeur in een woonwijk dicht bij de mensen huisvesten. De heer Schaap legt de volgende vragen voor: 1. Hoe heeft het kunnen gebeuren, dat een perfect passende ruimte voor de huisartsenpraktijen en een fysiotherapiepraktijk herhaaldelijk te huur wordt aangeboden, maar daarop door de gemeente structureel niet wordt gereageerd. 2. Is er sprake van bestuurlijke onmacht, onkunde of onwil? 3. Kan het zijn, dat er geen reactie is gekomen, omdat anders het plan van de huisarts en de fysiotherapie geen doorgang zou kunnen vinden? Wethouder Bol beaamt dat het tekort aan huisartsen in Barendrecht een zorgpunt is. Het structurele overleg met de huisartsen is dit jaar opnieuw opgestart. Daarin is nadrukkelijk gesproken over de huisvesting en mogelijke knelpunten. Hij heeft geen signaal gekregen over beschikbare ruimte die onbenut zou blijven. Hem is niet bekend dat er een pand beschikbaar zou zijn en aan de gemeente zou zijn aangeboden. Hij heeft dit op navraag niet pagina 3 van 33

boven tafel gekregen en zou het op prijs stellen, als hij genoemde mail alsnog zou ontvangen, om te kunnen nagaan, wat er is misgegaan. De wethouder wil faciliterend zijn in het oplossen van het tekort aan praktijkruimte. De drie in de krant genoemde huisartsenpraktijken hadden betrekking op de Stationstuinen. Wethouder Bol geeft aan, dat er bij hem geen sprake is van onmacht, noch van onwil. Het is een complex speelveld, waarin de gemeente geen directe zeggenschap heeft. De verantwoordelijkheid voor het openen of uitbreiden van praktijken ligt bij de huisartsen zelf, de zorgverzekeraars en de regionale organisatie Rijnmond Dokters. De gemeente ondersteunt dat met vergunningen, ruimtelijke afstemming, contacten. De voorgangster van wethouder Bol heeft dat een aantal keren gedaan. Wethouder Bol acht geen van de drie genoemde termen op hemzelf of zijn voorgangster van toepassing. Ten derde, is er geen enkel verband tussen mogelijke andere locaties en het plan van BVV. Dat initiatief staat daar volledig los van. Het uitgangspunt van wethouder Bol is, dat alle initiatieven, die bijdragen aan voldoende en toegankelijke zorg, welkom zijn in Barendrecht. Als er signalen zijn over geschikte panden, wordt hier constructief naar gekeken, ook samen met de betrokken zorgpartijen. De heer Schaap dankt de wethouder voor zijn antwoord.

Hij betreurt, dat signalen kennelijk niet op de goede plek terechtkomen of niet als zodanig worden opgepakt. Hij zal de wethouder voorzien van het zaaknummer en hoopt later te horen, wat er fout is gegaan. 4.b Raadslid mevrouw Schaap heeft zich aangemeld op het onderwerp 'Cultuur'. Mevrouw Schaap zegt, dat een rijk cultureel leven in Barendrecht een van de speerpunten van EVB is. De partij ‘Echt voor Barendrecht’ is in 2013 opgericht, onder andere omdat de bibliotheek naar De Baerne werd verplaatst, of, zoals zij het noemen, naar de “bezemkast”. De fractie heeft een eind gemaakt aan deze “cultuurbarbarij”, zoals wethouder Vermaat het noemde. Kunst en cultuur in de ruimste zin van het woord vormen mensen en verbinden mensen, brengen identiteit en helpt mensen het verleden te leren kennen om de toekomst in vertrouwen tegemoet te zien. In deze tijd van polarisatie is het belangrijk om de verbindende kracht te hebben in het dorp. Samen met D66 en de VVD was EVB in de periode van 2014 tot 2018 een van de architecten van het culturele centrum “Het Kruispunt”. Mevrouw Schaap spreekt haart trots uit op het gebouw en de partners, die daar activiteiten voor de inwoners organiseren, zoals de bibliotheek en het Kruispunt. Partners helpen elkaar, als het nodig is. Nu blijkt dat nodig te zijn en wordt de gemeente om hulp gevraagd.

Er wordt zelfs gesproken over een mogelijke sluiting van het theater. Dan moet er geholpen worden. De bibliotheek heeft reserves moeten aanspreken en zou op maandag moeten sluiten. In 2024 moest de pagina 4 van 33

gemeente flink bezuinigen en dit heeft offers van de samenleving gevraagd. De samenleving heeft vervolgens geleverd. Bij de cultuurpartners is echter het vet op de botten is verdwenen. De vragen van EVB zijn: 1. Welke bedragen vragen het theater en de bibliotheek aan de gemeente voor incidentele hulp en zorgen deze bijdragen er structureel voor zorgen dat betreffende instellingen open blijven. 2. Stichting De Kleine Duiker valt onder de cultuurnoemer, maar heeft tevens een grote recreatieve functie. Mevrouw Schaap vraagt, hoeveel De Kleine Duiker boven op de verzekeringsuitkering wil besteden aan de nieuwbouw, om het geheel die naar een hoger plan te tillen. 3. Hoever staat het College met het steunen van de plannen? 4. Bij nieuwbouwplannen kunnen sportverenigingen gebruik maken van de eenderderegeling als financiële ondersteuning. Mevrouw Schaap vraagt, of er voor De Kleine Duiker een soortgelijke regeling mogelijk is. Wethouder Stolk antwoordt, dat al langer duidelijk is, dat het theater steun nodig heeft om een financieel sluitende exploitatie te krijgen. Er was afgesproken om af te wachten, wat de effecten zijn van het zelf exploiteren van de horeca. Desondanks is verzocht om een incidentele ondersteuning van € 235.000. Over de bibliotheek is in een raadsinformatiebrief gemeld, dat er sinds 2018 sprake is van een negatieve reserve voor de Barendrechtse vestigingen.

Recent heeft wethouder Stolk met de bibliotheek afgesproken, dat de bibliotheek haar exploitatie structureel op orde brengt. De raad dient nog te kijken of het met de maatregelen kan instemmen. Dan wordt de reserve aangevuld met € 150.000. Wethouder Van der Linden antwoordt op de tweede vraag, dat De Kleine Duiker gelukkig een brandverzekering had en vanuit de dekking de herbouw kan realiseren. Hij heeft in gesprekken begrepen, dat De Kleine Duiker van de nood een deugd heeft gemaakt en probeert de nieuwbouw en het maatschappelijk gebruik daarvan duurzaam te verbeteren in vergelijking met de oude situatie. Dat vraagt een aanvullende investering van € 500.000. Daarvoor heeft De Kleine Duiker de gemeente met enige urgentie om hulp gevraagd bij het bereiken van het hoogte punt. Het College heeft dat besproken en hulp aangeboden in de vorm van een garantstelling voor een extra lening, die De Kleine Duiker wil aantrekken, en een beperkte eenmalige bijdrage van € 33.000, die nodig zou zijn voor de voorwaarde bij de lening. Dit besluit valt volgens het College binnen het mandaat van wethouder Van der Linden. Op de derde vraag antwoordt wethouder Van der Linden, dat de eenderderegelingpagina 5 van 33

technisch gezien - alleen voor sportverenigingen geldt. Het College acht het echter wel verdedigbaar om voor hoogte van de subsidie aansluiting te zoeken bij de eenderdesubsidieregeling voor sportverenigingen. De raad zou dit, op basis van de Algemene Wet Bestuursrecht, kunnen beschikken. Dan gaat het om een bedrag van € 165.000. Mevrouw Schaap dankt voor de antwoorden. De cultuurpartners stellen een reële vraag naar een eenmalige bijdrage. Zij begrijpt, dat de gemeente die bijdrage zou kunnen geven. Om dit duidelijk te maken, vraagt mevrouw Schaap, hoe de wethouder verwacht, dat de gemeente kalenderjaar 2025 financieel zal eindigen en wat de raad bij de slotwijziging kan verwachten. In de tussenrapportage was er een plus van vier miljoen euro. EVB vraagt, of de wethouder bereid is, in de slotwijziging een eenmalige steun te verwerken voor het theater, Het Kruispunt, de bibliotheek en De Kleine Duiker, zodat de gemeenteraad daarover in december vanuit een positieve grondhouding een besluit kan nemen. Wethouder Van der Linden antwoordt, dat het College het eerste concept van de slotwijziging vanmorgen heeft behandeld. Het is correct, dat het incidentele resultaat in de tussenrapportage was bijgesteld naar ongeveer vier miljoen euro. Naar verwachting zal dit stijgen naar zeven miljoen euro.

Een deel van het verschil is het gevolg van de septembercirculaire, waarin het Kabinet de bijdrage aan gemeenten naar boven heeft bijgesteld, hetgeen voor Barendrecht een extra bijdrage van 1,7 tot 1,8 miljoen euro betreft. Ook de laatste prognoses voor jeugdhulp zijn positief en zullen tot een bijraming van ongeveer een miljoen euro leiden. Op de vraag, of het College vanuit dat perspectief bereid is om de voorgestelde bedragen voor genoemde cultuurpartners en De Kleine Duiker vanuit een positieve grondhouding te verwerken, antwoordt wethouder Van der Linden, dat het College die suggestie zal meenemen bij de vaststelling van de slotwijziging over een week. Financieel is er ruimte, maar besluiten van een dergelijke omvang komen toe aan de gemeenteraad.

Bespreekstukken 5. Verordening Wmo 2026 (rechtstreeks op de raadsagenda) De voorzitter leest het geadviseerde besluit voor. Naar aanleiding van een uitspraak van de Centrale Raad van Beroep, CRvB, (30 september jl.) moest de verordening technisch worden aangepast. Vanavond ligt de aangepaste Wmo-Verordening 2026 voor. Mevrouw De Kam citeert de aanpassing - in het verlengde van de uitspraak van de CRvB pagina 6 van 33

inhoudende dat er geen verplichting is, om het PGB-tarief te baseren op de hoogste periodiek van de cao VVT. Het gelijktrekken van de tarieven voor de formele en de informele zorg leidt tot een eerlijk en beter betaalbaarder Wmo-stelsel en voor een doelmatige besteding van de Wmo-gelden. Het feit, dat er geen verplichting is, om het hoogste tarief te hanteren, betekent dat er sprake is van een zekere beleidsvrijheid. De CDA-fractie vraagt, of er, naast het gelijktrekken van de informele en de formele zorg en een doelmatige besteding van de Wmo-gelden, nog andere overwegingen zijn geweest voor het al dan niet aanpassen van de Verordening Wmo 2026. Een tweede punt is, dat de VNG nog geen standpunt heeft geformuleerd naar aanleiding van voornoemde uitspraak van de Centrale Raad van Beroep. Het huidige standpunt van de VNG, op basis van de uitspraak van 2023, dat een PGB voor informele zorg toereikend moet zijn voor het uurloon volgens de cao VVT, is, dat het doel van passende en toereikende tarieven voor informele hulp wordt onderschreven, maar dat de VNG kritisch is op praktische uitvoerbaarheid. Dit wordt volgens het CDA met de huidige wijziging niet minder. Mevrouw De Kam vraagt zich af, in hoeverre het hanteren van een lager tarief voor informele zorg consequenties heeft voor de wettelijke borging en uitvoerbaarheid van de zorg, in relatie tot het kwaliteitskader.

Met andere woorden: blijft de informele zorg veilig, doeltreffend en cliëntgericht. Mevrouw Soliana memoreert, dat de CRvB in augustus 2023 heeft bepaald, dat het PGB voor de informele zorg moet worden gebaseerd op de cao VVT. Eind september heeft de CRvB deze lijn losgelaten. De vergoeding voor informele zorg moet voortaan worden gebaseerd op het minimumloon inclusief acht procent vakantietoeslag. Het College heeft deze lijn overgenomen in artikel 31 van de Wmo-verordening. Daardoor dalen de Wmouitgaven, terwijl er nog steeds sprake is van een redelijke en eerlijke vergoeding voor de zorg, die inwoners krijgen. EVB vindt belangrijk, dat mantelzorgers gewaardeerd blijven, ook al verandert de wijze, waarop de vergoeding wordt berekend. Tegelijkertijd is het logisch, dat de gemeente de landelijke lijn volgt, dat de verordening aansluit bij de rechtspraak en de gemeente de middelen doelmatig en rechtmatig inzet. Gezien deze argumentatie, zal EVB voor de verordening stemmen. Wethouder Bol vindt de zorg van het CDA terecht. Het College heeft nog geen besluit genomen, maar het ligt voor de hand om de lijn te volgen dat de vergoeding voor informele zorg niet voldoet aan de cao VVT, maar aan het wettelijk minimumloon. Zo wordt voorkomen, dat informele zorgverleners uit het netwerk meer betaald krijgen dan professionele zorgverleners.

Het is belangrijk, dat de kwaliteit van zorg daarmee niet in het pagina 7 van 33

gedrang komt. De verordening blijft voorschrijven, dat alle ondersteuning – formeel en informeel - veilig, doelmatig en cliëntgericht moet zijn. Ook bij een lager tarief wordt getoetst, of de zorg passend is, of de doelen worden behaald en of de zorgverlener bekwaam is. Tweede termijn Mevrouw De Kam dankt voor de beantwoording. Een specifiek zorgpunt is, dat het aanvragen van een PGB een omvangrijke taak is, die de zorgvrager of de omgeving van de zorgvrager zelf moet oppakken. Mevrouw De Kam vraagt zich af, hoe dit zich verhoudt tot het bewaken van de kwaliteit. Als de cliënt zelf geen PGB kan aanvragen en de omgeving het niet doet, is alleen zorg in natura mogelijk. Hier wringt het, volgens de CDA-fractie. Wethouder Bol antwoordt, dat een PGB is bedoeld voor inwoners, die zelf of met behulp van een netwerk in staat zijn om de eigen administratie te voeren, zorg in te kopen en afspraken te maken met hulpverleners. Dat vergt wel bepaalde vaardigheden. Als iemand dat niet kan en er is niemand in het netwerk, die dat kan overnemen, wordt geen PGB verstrekt. In dat geval biedt de gemeente via een zorgaanbieder ondersteuning in natura. De inwoner krijgt dan dezelfde hulp, maar de gemeente regelt de uitvoering. Daarmee wil men ook voorkomen, dat mensen door de administratieve lasten in de problemen komen.

Er wordt altijd samen met de cliënt gekeken of er iemand in de omgeving is, die kan helpen met het beheer. Alleen als dit echt niet lukt, wordt er gekozen voor zorg in natura. Besluitvorming De voorzitter brengt het raadsbesluit ‘Verordening Wmo 2026’ in stemming en concludeert als volgt: de raad heeft, onder stemming en zonder stemverklaringen R049552 unaniem aangenomen.

6. Investeringssubsidie nieuwbouw BVV Barendrecht De voorzitter leest het geadviseerde besluit voor. De heer Lengkeek zegt, dat het CDA het belang inziet van herbouw van het vastgoed op de locatie van voetbalvereniging BVV. Het huidige vastgoed dateert uit 1976. De veiligheid van bezoekers en spelers, maar ook van iedereen die zich daaromheen beweegt, moet voorop staan. De fractie zal met het voorstel instemmen, maar wil enkele aandachtspunten meegeven. Zo valt het gemak op, waarmee in de raad over de met het voorstel gemoeide bedrag spreekt. Het proces bij De Kleine Duiker, waarmee veel minder geld is gemoeid, terwijl ook daar het belang groot is, heeft vele malen langer geduurd. Volgens de heer pagina 8 van 33

Lengkeek wordt het raadsvoorstel inzake BVV reeds na anderhalve maand aan de raad voorgelegd. Op het proces zal het CDA in de volgende raadsvergadering nogmaals terugkomen. De heer Carlebur brengt in, dat Barendrechts Belang de wens tot vernieuwing van het clubhuis en de kleedkamers van BVV steunt. De huidige accommodatie is verouderd. Een moderne voorziening past bij de betekenis en meerwaarde van de vereniging voor het dorp. De raad moet zorgvuldig omgaan met publiek geld en met het vertrouwen van de inwoners. Barendrechts Belang wijst op drie punten. 1.

De financiële houdbaarheid - De businesscase rust op een BOSA-subsidie, die niet is toegekend in 2025, noch wordt toegekend. In 2026 is de subsidiepot waarschijnlijk veel kleiner. Zonder subsidie is de financiering niet sluitend. Het overbruggingsgeld is er slechts tijdelijk.

2.

De juridische zorgvuldigheid - De buitenplanse omgevingsvergunning is nog niet verleend. Het is verstandig, daarover eerst zekerheid te krijgen, voordat verplichtingen worden aangegaan.

3.

Het belang van openheid en onafhankelijkheid; dit draagt bij Die dragen bij aan vertrouwen. De beantwoording van de schriftelijke vragen, zoals ingebracht door Barendrechts Belang, wekt de indruk, dat verwevenheid tussen bestuur en vereniging vanzelfsprekend is.

De voorzitter wijst op het voorstel. Barendrechts Belang heeft – legitieme – vragen gesteld over relaties. Als de heer Carlebur dit wil bespreken, moet hij hier een apart agendapunt van maken. Op dit moment betreft het de investeringssubsidie. Daarom beschouwt het College de vraag inzake relaties als niet gesteld. De heer Carlebur deelt deze visie niet, want de gestelde vraag hangt samen met de rechtmatigheid van het besluit. Hij vraagt of de wethouder kan toezeggen, dat de subsidie en garantstelling pas worden verleend, als de BOSA-duurzaamheidssubsidie is toegekend of als er een alternatief dekkingsplan beschikbaar is; dat wil zeggen: als BVV de totale financiering rond heeft, en wanneer de omgevingsvergunning voor de buitenplanse omgevingsplanactiviteit is verleend. Zekerheid op dit moment voorkomt vertraging en voorkomt geldzorgen op een later moment. Dat is in het belang van BVV, de politiek en vooral van Barendrecht. De heer Kooijman brengt in, dat de nieuwbouw nu noodzakelijk is vanwege de slechte staat pagina 9 van 33

van het gebouw. De wens, om aanpassingen aan het pand aan te brengen, dan wel nieuwbouw te plegen, bestaat al een jaar of tien. GroenLinks is door de aanvraag verrast. Het gaat om veel geld voor BVV en de gemeente, die het bedrag weliswaar niet in één keer op tafel hoeft te leggen, maar het vormt een aanslag op de financiële ruimte in de komende jaren. Naast BVV zijn er voor raadsleden ook andere zaken van belang, zoals cultuur, sociale zekerheid en wonen. Ook zijn er meer sportverenigingen met een eigen clubhuis, tribunes, kleedkamers, verlichting en andere voorzieningen. Ook zij moeten de accommodaties onderhouden en in stand houden. GroenLinks heeft geen inzicht, hoe het daarmee staat, en vraagt zich af, of er straks nog geld beschikbaar is als een vereniging met vragen komen. Uit de antwoorden op de vragen van GroenLinks daarover blijkt, dat het College de stand van zaken niet kent en dat er op dit moment geen aanvragen zijn. Sport en cultuur zijn belangrijk voor de samenhang binnen de samenleving in Barendrecht. Daarmee zou de gemeente planmatig moeten omgaan, zoals dat met scholen en vastgoed gebeurt. Wethouder Stolk heeft toegezegd, dat in het nieuwe subsidiebeleid regels voor sportverenigingen worden meegenomen.

Om duidelijk te maken hoe GroenLinks hierin staat, dient de fractie – samen met het CDA - volgende week een motie in, bedoeld als voorzet om aan te geven hoe de prioritering zou moeten zijn. Verenigingen hebben hun eigen verantwoordelijkheid. Dat mist GroenLinks in de vraag van BVV. Andere verenigingen investeren fors of hebben een eigen beheerstichting. BVV had meer zelf kunnen en moeten bijdragen. De fractie vraagt tevens aandacht voor de besluitvorming. Transparantie is belangrijk en dient ook het belang van BVV. De schijn van cliëntisme moet voorkomen worden. Dit aandachtspunt wordt op een ander moment nader besproken. GroenLinks steunt het voorstel, ervan uitgaande dat BVV de financiering zelf rond kan krijgen, hoe dan ook. Mevrouw Jakoeb zegt, dat het voorstel voor de PvdA aanvoelt als een financiële gijzeling. De raadsleden waren uitgenodigd door BVV Barendrecht en hebben daar een rondleiding gehad, waarbij zij de slechte staat van het gebouw met eigen ogen hebben kunnen zien. Het geheel voldoet niet meer aan de eisen van deze tijd. Dat laat niemand onberoerd. Het is overduidelijk, dat er iets moet gebeuren. De PvdA gunt BVV van harte dat dit wordt aangepakt. Juist daarom vindt de fractie, dat de gemeente het goed moet doen. Het College koppelt de oplossing van de bouwkundige problemen aan een compleet nieuwbouwproject voor 8,5 miljoen euro.

De financiering van dat project is nog niet sluitend. Het voorstel wekt de indruk dat een voorstander van veiligheid en vernieuwing moet instemmen met een financieel riskant plan. Dat voelt niet juist en hierbij wordt - aldus de PvdA - de verkeerde pagina 10 van 33

volgorde gehanteerd. De noodzaak van vernieuwing is duidelijk, maar dat mag niet betekenen, dat de gemeente de financiële zorgvuldigheid opzij zet. Veiligheid mag geen wisselgeld worden voor een onzekere businesscase en helemaal niet wanneer de gemeente op allerlei gebieden moet bezuinigen. De BOSA-subsidie is niet toegekend, waardoor er een feitelijk tekort bestaat voor uitvoering van het plan. Ook als deze subsidie in januari opnieuw wordt aangevraagd, is er nog geen zekerheid van toekenning. Het College stelt, dat het subsidie op maat betreft. De PvdA lijkt de verhouding niet billijk, want de gemeente neemt al via de garantstelling en de directe subsidie het overgrote deel van het financiële risico op zich. Dat staat in schril contract met de lage inbreng van BVV. De geringe inbreng in combinatie met het feit, dat BVV nog op zoek moet gaan naar overbruggingsmiddelen voor de exploitatie, toont aan, dat het project een te groot financieel risico vormt voor BVV en voor de gemeente. Mevrouw Jakoeb vraagt, waarom het besluit nù moet worden genomen, terwijl overduidelijk is, dat de businesscase op dit moment niet sluitend is. De heer Smit heeft tijdens de commissievergadering gezegd, dat BVV een mooie vereniging met veel vrijwilligers is. Hij dankt allen, die zich hier dagelijks voor inzetten.

SGP/CU onderkent de noodzaak van nieuwbouw van de accommodatie, die in eigendom is en blijft van BVV. De fractie heeft echter grote bedenkingen bij het proces, de financiering van plannen, de minimale reserveringen die de vereniging de afgelopen vijftig jaar zelf heeft gemaakt en de makkelijke wijze, waarop éérst naar gemeenschapsgeld wordt gekeken en pas later naar de club, leden, supporters en sponsoren. Als BVV actie voert en alle huishoudens in Barendrecht langsgaat, verwacht de heer Smit dat voetballers de statiegeldflessen komen ophalen, loten verkopen of collecteren voor een nieuw onderkomen. In plaats daarvan stelt wethouder Stolk elk huishouden verplicht om € 143,= bij te dragen aan de nieuwe accommodatie van BVV. Die bijdrage kan, door de risico’s rondom de leningen, oplopen tot € 333,=. Veel inwoners moeten bijdragen, terwijl zij de kantine van BVV nooit van binnen zullen zien en hun levensgeluk vinden in een kerkkoor, bij een andere sportclub of helemaal niets hebben met de voetbalwereld. Wat de SGP/CU-fractie betreft, hoeven deze inwoners niet bij te dragen aan een accommodatie, die eigendom is en blijft van BVV. De heer Smit vraagt, welke acties BVV de afgelopen vijf jaar heeft ondernomen om zelf middelen voor een toekomstige nieuwbouw bij elkaar te brengen. Iedereen die vastgoed bezit, weet dat hij op termijn onderhouds- en vervangingsreserveringen moet maken.

De fractie vraagt, hoe de wethouder ertegen aankijkt, dat zo veel mensen € 143,= tot € 333,= moeten bijdragen aan het eigendom van BVV, terwijl zij niets met voetbal hebben, elders sporten of zien dat hun pagina 11 van 33

accommodatie slecht wordt onderhouden. De heer Smit vraagt of er is overwogen, om alleen een lening te verstrekken voor het volledige bedrag en de subsidie achterwege te laten. Hij vraagt, hoe rechtmatig de wethouder het acht, dat de financiering voor 96 procent is gebaseerd op subsidies en leningen en slechts voor vier procent op de eigen inbreng van betreffende vereniging, hetgeen slechts € 155,= per lid is. De heer Smit vraagt, op grond van welke gronden de BOSA-subsidie is afgewezen, wat het back-up-plan is in geval de BOSA-subsidie ook in 2026 niet wordt toegekend. De vraag is of het verstandiger is, om de gemeentelijke subsidie pas toe te kennen, als de BOSA-subsidie is ontvangen. De laatste vraag is, of er een variant denkbaar is. Bijvoorbeeld kan worden gedacht aan een accommodatie zonder huisartsenpost, waarin de BOSA-subsidie niet of minder relevant is. De heer Schaap wijst op zijn schriftelijke vragen aan het College over de totstandkoming van voorliggend voorstel. Hij zal ontvangen antwoorden bestuderen. Deze zijn vanmiddag geleverd. Hij wil het belang van BVV lostrekken van de wijze van besluitvorming door het College, want daarvoor is het belang van BVV te groot.

Namens de VVD heeft de heer Schaap tijdens de commissievergadering ingestemd met het voorstel om voorwaardelijk een subsidie van 2,83 miljoen euro te verlenen voor de bouw van een nieuw clubhuis, alsmede een garantstelling van 3,75 miljoen euro, zijnde vijftig procent, en daarmee het maximaal mogelijke voor een garantstelling. De heer Schaap heeft zijn teleurstelling uitgesproken over de lage bijdrage van drie of vier ton euro, gezien het aantal leden van BVV, waardoor zij voor het overige afhankelijk is van de bijdrage van derden, waaronder de gemeente Barendrecht. Namens BVV zijn allerlei sponsoractiviteiten toegezegd. Inmiddels is duidelijk, dat de BOSA-subsidie is afgewezen. Bezwaar en beroep lijken zinloos aangezien de subsidiepot voor 2025 leeg is. De subsidiepot voor 2026 wordt gehalveerd in het kader van de afbouw van de regeling. De kans op het verkrijgen van de subsidie wordt daarmee ook gehalveerd. Volgens de VVD moet de businesscase opnieuw worden bezien. De gronden voor de afwijzing in 2025 kent de heer Schaap niet, maar zouden kunnen samenhangen met het feit, dat de aanvraag mede betrekking had op de commerciële ruimtes. De heer Schaap is van mening, dat BVV terug moet naar de tekentafel en de Raad nu niet over het voorstel moet besluiten. Hij stelt voor, de besluitvorming uit te stellen tot een latere datum in 2026.

In de tussentijd kan het College de afwijzing van de subsidieaanvraag bestuderen en samen met BVV een nieuwe aanvraag indienen. Tenslotte vindt de VVD-fractie opmerkelijk, dat de gevraagde banken geen waarborgstelling van SWS hebben geëist. De VVD heeft de definitieve schriftelijke toezegging van de twee banken niet gezien. pagina 12 van 33

De heer Schaap draagt de vereniging een warm hart toe, maar ervaart een dilemma. Immers, ongeacht de keuze zullen er altijd nieuwe problemen ontstaan. Hij denkt, dat men veel problemen kan voorkomen, als er een nieuw businessplan ligt, al dan niet met BOSAsubsidie inbegrepen. Tussen 2019 en 2025 zijn de bouwkosten die met 38,6 procent gestegen en deze kosten zullen in 2026 opnieuw stijgen. De heer Van Prehn zegt, dat er geen twijfel bestaat over het nut en de noodzaak van nieuwbouw voor BVV. Dat is in de commissievergadering ook duidelijk geworden. Een discussiepunt was, dat deze subsidie uitsluitend voor deze sportvereniging - niet voor andere sportverenigingen - wordt toepast, met als reden, dat het een grote vereniging is en deze vereniging derhalve een bijdrage levert aan de lichamelijke beweging en maatschappelijk impact op velen. Andere sportverenigingen zijn gelukkig over het algemeen tevreden over de gemeente, maar volgen dit proces wel met argusogen. De BOSA-subsidie is afgewezen. Volgens het raadsvoorstel is dat geen beletsel, omdat een voorwaarde voor de subsidie is, dat BVV de totale financiering rond krijgt. De businesscase is niet rond. Het kan dus zijn, dat de subsidie niet wordt verstrekt, wanneer het voorstel wel wordt goedgekeurd. De heer Van Prehn vraagt, wat de vraag aan de Stichting Waarborgfonds, om eventueel mede garant te staan, heeft opgeleverd.

Er is geen haast om zo snel mogelijk te besluiten. De kans op BOSA-subsidie in 2026 is gedaald, omdat het subsidievolume wordt gehalveerd. De heer Booij stelt dat de Raad vanavond niet spreekt over een gebouw van stenen en staal, maar over een maatschappelijke investering in gezondheid. BVV Barendrecht telt ongeveer 2.000 leden en 350 vrijwilligers en is daarmee een belangrijke speler in de Barendrechtse sport- en gezondsheidsarena. De huidige accommodatie is aan het einde van haar levensduur. Opknappen is technisch en maatschappelijk niet verantwoord. Dit kost de Barendrechter geld, net als investeringen, die de gemeente in een veelvoud van de bijdrage aan BVV doet in scholen De Rank en De Wijngaard, waarvan ook niet iedere Barendrechter gebruikmaakt. In de periode 2018 tot 2022 had de accommodatie voor BVV voor minder geld opgeknapt kunnen worden dan het prijskaartje dat er nu aan hangt. EVB is vanwege de noodzaak en met het oog op de veiligheid enthousiast over voorliggend voorstel. De Inspectie bevestigt de slechte staat van de huisvesting. Structurele vernieuwing is dringend. Renovatie leidt niet tot energiezuinigheid, verbetering van de toegankelijkheid noch tot een logische indeling. Nieuwbouw is rationeel en verstandig. Met het oog op kwaliteit en passendheid, zegt de heer Booij, dat het ontwerp is getoetst aan pagina 13 van 33

de KNVB-normen en een referentievergelijking is uitgevoerd. Het ontwerp is een toekomstbestendige en energiezuinige accommodatie. Ten derde bieden sport en zorg een meerwaarde. De combinatie met een huisarts- en een fysiotherapiepraktijk past precies bij de doelen “preventie, leefstijl, korte lijnen tussen sport en zorg in de tijd van huisartsenschaarste”. Ten vierde, ligt het beleid in de lijn met eerder beleid. Het plan sluit aan op het structuur- en gebiedsvisies en het meerjarenprogramma 2022-2026, waarin een derde aan bijdrage is vastgelegd. Het raadsvoorstel betreft dus de uitvoering van bestaand beleid. Ten aanzien van de financiën wijst EVB erop, dat de businesscase van 8,55 miljoen euro sluitend is met BOSA, BNG en de gemaximeerde een derde bijdrage. De gemeentelijke middelen worden onder die voorwaarde verstrekt en contractueel geborgd. Het is eerder voorgekomen, dat een BOSA-bijdrage wordt verrekend. EVB kiest in onderhavig geval bewust voor een uitzondering. Jaren vertraging door het publieke proces hebben geleid tot fors hogere bouwkosten. Strak vasthouden aan de eenderderegeling laat het proces stranden en zal leiden tot het wegvallen van een sportplek voor ongeveer 2.000 sporters. BOSA is incidenteel bedoeld voor de club.

EVB wil, dat dit geld volledig ten goede komt aan de club, niet als korting op de gemeentelijke bijdrage, die begrensd is en juridisch geborgd. Dat maakt een uitzondering verdedigbaar en voortgang mogelijk. Er zijn reacties die de integriteitskaart aanraken. Het is goed, dat de raad daar scherp op is. EVB ziet echter geen feiten die de integriteit en de zorgvuldigheid van het besluit aantasten. Er is unanimiteit in het College, transparantie over eventuele verbindingen en het handelen gebeurt binnen de wet en de gedragscode. EVB roept op, om op inhoud verder te gaan op sport, gezondheid, financiën en maatschappelijke waarde. EVB vraagt, of de wethouder wil toezeggen, dat het College de inzet van BVV voor het vinden van extra middelen monitort en de raad daarover periodiek informeert, conform de toezegging van BVV na de inspraak. Dit met als doel, om zo veel mogelijk van de extra middelen ten goede te laten komen aan een vermindering van de gemeentelijke exposure, en die - waar juridisch mogelijk en contractueel geborgd - te laten terugvloeien naar de gemeentelijke middelen. Concluderend, stelt de heer Booij, dat EVB het voorstel steurt, omdat het veilige, duurzame en toegankelijke vernieuwing betreft en de gemeentelijke beleidsdoelen concretiseert. Barendrecht krijgt hier een modern, zuinig sport- en gezondsheidsoord voor terug.

De heer Smit herinnert eraan, bij interruptie, dat de EVB-fractie bij de investering in de turnhal zich zeer kritisch opstelde ten aanzien van de financiële risico’s, terwijl de gemeente pagina 14 van 33

er op vooruitging. De financiële risico’s in onderhavig project zijn aanzienlijk groter, met name in verband met de onzekerheid over verstrekking van de BOSA-subsidie in 2026. De heer Smit vraagt EVB om hierop te reageren. De heer Booij heeft in het debat over de turnhal aangegeven, dat de zorg van EVB met name bij het bestaansrecht van betreffende vereniging zit en de bestuurlijke kwaliteit. Zijn fractie heeft alle vertrouwen in het bestuurlijke kwaliteiten van BVV. Wethouder Stolk begrijpt, dat er veel vragen zijn over het voorliggend voorstel. Naar haar mening is aan het besluit een lang traject voorafgegaan, dat zij bij haar aantreden heeft getracht vlot te trekken. Zij heeft beluisterd, dat niemand twijfelt aan nut en noodzaak van vernieuwing. Het voorstel ligt nu voor, omdat de onzekerheid al heel lang duurt. Als iedereen op elkaar blijft wachten, gebeurt er niets. Wethouder Stolk benadrukt, dat de financiering van het totaal randvoorwaardelijk is voor onderhavig besluit. De door Barendrechts Belang gevraagde toezegging dienaangaande, kan zij doen. Het verstrekken van de bijdrage gebeurt niet eerder door de gemeente dan als de financiering rond is. Iemand moet echter de eerste stap zetten. Wethouder Stolk onderschrijft, dat de vereniging meer had kunnen doen in het verleden. Daarover heeft zij met de vereniging gesproken. De acties gaan snel van start.

Wethouder Stolk zegt toe, dit actief te zullen monitoren en de raad over de voortgang te informeren. Er is veel onderzoek gedaan naar alternatieven, maar er zijn geen varianten gevonden, die minder zouden kosten. Wethouder Stolk pleit ervoor om vanavond wel een besluit te nemen, omwille van de voortgang. Er wordt een bezwaar voorbereid tegen de afwijzing van de BOSA-subsidie omdat de wethouder de afwijzingsgrond als vreemd ervaart. Er is namelijk aangegeven, dat er geen middelen meer zijn. Op 5 of 6 januari 2026 is er een nieuwe kans op toekenning. Het College vertrouwt erop, dat de subsidie dan wordt toegekend en de planning van BVV stand kan houden. De heer Carlebur vraagt een schorsing voor overleg tussen de oppositiepartijen. De voorzitter schorst de vergadering kort. De voorzitter heropent de vergadering voor de tweede termijn.

Tweede termijn pagina 15 van 33

De heer Carlebur meldt dat Barendrechts Belang geen amendementen of moties zal indienen. De heer Lengkeek voelt de behoefte om een aantal observaties te delen. Evenals veel andere raadsfracties heeft het CDA een mening over het proces en zal dit graag bij een volgende gelegenheid bespreken. Opvallend is dat de BOSA-subsidie in het debat veel aandacht krijgt. Feit is, dat dit geen beslispunt is dat bij de raad ligt. In beslispunt 1 is de garantie besloten dat de gemeente hier niet voor verantwoordelijk is, want er staat “onder voorwaarde dat BVV de totale financiering rond krijgt” hetgeen zonder genoemde subsidie waarschijnlijk niet het geval zal zijn. In reactie op de opmerking van de heer Schaap over mogelijk uitstel, stelt de heer Lengkeek dat dit niet relevant is. Immers, als de subsidie pas in 2026 wordt aangevraagd en toegekend, gaat voetbalvereniging BVV pas lopen om de financiering rond te krijgen. Aan de wethouder wordt gevraagd of de gefixeerde bedragen worden aangehouden, wanneer het proces pas over een jaar wordt vervolgd. Dit is relevant in verband met de prijsindexatie. De heer Carlebur dankt de wethouder voor de gedane toezeggingen op drie punten. Voor Barendrechts Belang blijft overeind dat het financieel risico fors is en dat er nog steeds twijfels bestaan over de rechtmatigheid. Daarnaast is het allerminst zeker dat de BOSAsubsidie in 2026 wél wordt toegekend.

Een plan B wordt gemist. Er zijn scenario’s genoemd die bij de raad niet bekend zijn en daarbij past een toelichting door de wethouder. De heer Kooijman merkt op dat het de vraag is bij projecten van een dergelijke omvang ‘Wie zet de eerste stap’. Het gaat om forse bedragen die een grote aanslag doen op de gemeentelijke begroting. De wethouder heeft gezegd dat het niet goedkoper kan, maar dat betwijfelt de fractie GroenLinks. In elk project is ergens wel ruimte om wat minder te doen, wat verder weg van het ideaalplaatje. Ook wat dit betreft, vraagt de fractie een reactie van de wethouder. Met betrekking tot de BOSA-subsidie zijn de signalen niet eenduidig. Aan de ene kant wordt gesteld dat de BOSA nodig is om de financiering rond te krijgen en aan de andere kant zegt de heer Booij dat wanneer de BOSA wordt toegekend, dat niet ten koste gaat van de BVV, maar deze subsidie naar de BVV toe gaat. Op dit punt wordt een uitleg gevraagd. Een dergelijk voorwaardelijk besluit van de raad kent ook een risico. Immers, als de financiering niet lukt, wordt er geen nieuwe accommodatie gerealiseerd. Afgevraagd mag worden hoe zeker de wethouder ervan is dat de BVV in staat is het benodigde geld bijeen te pagina 16 van 33

brengen dat nodig is om de totale financiering rond te krijgen. GroenLinks voelt niet voor uitstel en is voornemens vòòr te stemmen indien de wethouder nadrukkelijk de garantie geeft dat het hierbij wat de gemeente betreft over gefixeerde bedragen gaat en dat de verstrekking voorwaardelijk is aan de inspanningen van de BVV en de inkomsten vanuit subsidies, dus niet zijnde van de gemeente. Mevrouw Jakoeb heeft in de eerste termijn gevraagd of aanhouden een optie was. Zij hoort raadsleden informeren naar een plan B en hoort de gedachte dat vandaag voorwaardelijk wordt besloten. Zij vraagt zich af waarom er zoveel haast is om nu het besluit te nemen. De nieuwe aanvraag van de BOSA-subsidie gaat in januari 2026 lopen en parallel daaraan lopen de activiteiten van BVV om eigen middelen op te halen. De vraag is hoe de tijdlijn eruit ziet om dan te zeggen: er is al dan niet BOSA-subsidie beschikbaar en er zijn voldoende middelen opgehaald om door te gaan. Wanneer dat alles niet het geval is, kan ook over het vervolg worden gesproken. De vragen van de heer Smit sluiten aan bij de vragen van de heer Kooijman en mevrouw Jakoeb. De vraag is of er nog een andere variant mogelijk is. De heer Schaap sluit zich bij voorgaande sprekers aan. Hij informeert bij de wethouder naar de haalbaarheid wat betreft het realiseren van het totale financiële plaatje.

De BOSAsubsidie wordt geraamd op € 1,61 miljoen. Deze aanvraag is echter afgewezen. Volgend jaar wordt het subsidievolume gehalveerd waarmee de kans dat de aangevraagde subsidie wordt toegezegd, ook wordt gehalveerd. De BOSA geeft geen subsidie voor de huisartsenpraktijk en fysiopraktijk. De vraag is of het aangevraagde bedrag is gebaseerd op het totale bouwplan of alleen op het BVV-gedeelte. De VVD overweegt in te stemmen met het voorstel mits de wethouder de haalbaarheid van de financiën kan duiden. De heer Van Prehn merkt op dat over de noodzaak geen twijfel bestaat, maar stelt ook vast dat het proces niet verloopt zoals dit zou moeten. Hij wijst ten aanzien van het aanvragen van subsidies op het gelijkheidsbeginsel. Voorts verwijst hij naar de vraag van de heer Smit tijdens de commissiebehandeling waarom het voorstel meteen ter advisering wordt voorgelegd aan de raad en niet eerst een oriënterende commissiebepreking plaatsvindt. Het antwoord kwam in december 2024 in de vorm van een raadsbrief, wat ook niet de gebruikelijke werkwijze is in deze raad. Het betreft hier immers een plan met een grote financiële impact, wat volgens de wethouder niet goedkoper kan worden uitgevoerd. Dat impliceert dat er alternatieven zijn onderzocht; deze heeft de raad echter niet gezien. Aan het pagina 17 van 33

voorstel hangen wat vraagtekens. De vraag is of het hele voorstel van de baan is als de BOSA-subsidie niet doorgaat. Tot slot, wordt gevraagd of er wat over het waarborgfonds kan worden gezegd. De heer Booij refereert aan het feit dat EVB onder meer de partij voor sport, cultuur, gezondheid en preventie op gezondheid is. De standpunten van de EVB ten aanzien van het proces zijn duidelijk en de heer Booij wijst erop dat het proces ook al onder de vorige colleges liep. De heer Booij merkt op dat de heer Smit een gepassioneerd betoog hield, waarin hij liet merken het niet gepast te vinden dat Barendrechters, die geen gebruik maken van de faciliteiten van sportvereniging BVV, daaraan moeten meebetalen. De heer Booij is benieuwd naar het standpunt van de heer Smit die in de commissies altijd zeer gepassioneerd is over preventie in de zorg. Met name de sport werkt preventief ten aanzien van bepaalde gezondheidsissues en de heer Booij is benieuwd of de heer Smit in het kader van de opmerking die hij zojuist heeft gemaakt, duidelijk kan maken of de fractie SGP/CU ook voorstander is van investeringen in de sport en niet de mening is toegedaan dat Barendrechters niet moeten meebetalen aan deze investering terwijl alle Barendrechters ook bijdragen aan allerlei andere voorzieningen.

De heer Smit bevestigt dat de fractie SGP/CU zeker voorstander is van sport en preventie, maar het gaat in dit geval om een hele hoge bijdrage die elke Barendrechter zou moeten betalen voor de voetbalaccommodatie. Wethouder Stolk merkt dat er veel onzekerheden zijn, die de fracties graag vertaald in zekerheden van haar terug willen horen. Al eerder heeft zij gezegd dat het goed is om deze stap te zetten zodat de vereniging hiermee verder kan. Ten aanzien van de BOSA-subsidie heeft de heer Lengkeek gevraagd of het klopt dat als deze niet wordt toegekend, het financieringstekort dan op een andere manier opgelost moet worden door de vereniging. Dat is juist. Een sluitende financiële business case is als leidraad voor het besluit gehanteerd. Wanneer de vereniging erin slaagt om op een andere manier financiële middelen te vergaren, ontstaat er ook een sluitende business case. Er is gevraagd naar een plan B. Daarover heeft de wethouder gesproken met de vereniging. Het alternatief is geen structurele oplossing, maar een incidentele aanpak van de vloer omdat deze een groot risico vormt. Renoveren is inmiddels even duur als nieuwbouw. Met betrekking tot eventueel goedkopere oplossingen wijst de wethouder erop dat - zoals in de stukken staat - is gekeken naar de plannen, naar de KNVB-eisen en naar stichtingskosten bij andere sportaccommodaties in de regio.

Dat biedt - wat haar betreft -voldoende pagina 18 van 33

onderbouwing. Interruptie door mevrouw Jakoeb die aangeeft dat het haar bij de beantwoording van de vraag naar plan B niet helder is wat de wethouder zegt. De vraag is wat er gebeurt als de BOSA-subsidie is afgewezen en BVV er niet in slaagt om voldoende eigen middelen te genereren. Het gebouw staat op instorten. Wethouder Stolk antwoordt dat dan tijdelijke maatregelen worden getroffen omdat er een acute situatie is die niet veel langer kan voortduren. Er is dan geen structurele lange termijn oplossing mogelijk. De tijdelijke aanpak is het plan B. Mevrouw Jakoeb vraagt wat deze tijdelijke maatregelen betekenen voor de levensduur van de accommodatie. Dit antwoord heeft invloed op het besluit van de PvdA-fractie. Wethouder Stolk wijst erop dat er een plan voorligt voor nieuwbouw. Als die periode te lang gaat duren terwijl alles alleen maar duurder wordt, komt de kans dat er iets kan veranderen, alleen maar verder weg te liggen. Dan zullen er tijdelijke maatregelen getroffen moeten worden omdat die vloer zo ontzettend slecht is. Dat is het enige plan B dat er momenteel ligt. Interruptie door de heer Schaap die vraagt of er onderzoek is gedaan naar een tijdelijke, deugdelijke oplossing voor die vloer.

Wethouder Stolk antwoordt dat er dan zand in de kelder moet worden gestort en nieuwe opstallen moeten worden geplaatst om het materiaal dat nu in de kelder is opgeslagen een andere plek te geven. Interruptie door de heer Booij die vraagt aan de laatste sprekers of zij zich met inzet van tijdelijke maatregelen of uitstel bewust zijn van het feit dat dit niets afdoet aan het feit dat de BVV later alsnog aan de orde dient te komen en dat dan als gemeente nòg meer kosten gemaakt moeten worden. De heer Schaap antwoordt dat uitstel in ieder geval lucht geeft voor een paar jaar. In de tussentijd kunnen fondsen worden geworven en kan een sluitend businessplan worden gemaakt, hetgeen tot een andere discussie in de raad zal leiden. Wethouder Stolk hervat haar beantwoording. De vraag is hoe zeker de wethouder ervan is pagina 19 van 33

dat BVV de zaak financieel rond krijgt. Voor deze zekerheid is de BOSA-subsidie relevant en eventueel aanvullende eigen middelen die de vereniging gaat werven. Verder stelt de heer Schaap dat de BOSA-subsidie in 2026 wordt gehalveerd, maar dat zegt nog niets over wie de meeste kans maakt op toekenning. Interruptie door de heer Smit die informeert of er buiten de subsidies die de gemeente zal verstrekken en de leningen, nog aanvullende ruimte voor de gemeente is om bij te springen, mocht de BOSA-subsidie in 2026 niet worden toegekend. Wethouder Stolk antwoordt dat dit niet het voorstel is zoals dat nu voorligt. Er worden bedragen genoemd die de raad voteert indien de raad het voorstel goedkeurt. De wethouder hervat de beantwoording. Er zijn opmerkingen gemaakt over het proces rondom het voorstel. Volgens haar perceptie is het voorstel in de commissie behandeld en het voorstel ligt nu voor als een besluitrijp stuk. Het waarborgfonds is slechts een klein onderdeel, maar in het voorstel is vermeld dat ook daarmee aan de slag wordt gegaan. Mogelijkheden buiten de gemeentelijke financiën worden aangegrepen. Interruptie door de heer Lengkeek die verwijst naar de twee vragen die hij heeft gesteld. Het is gebleken dat de BOSA-subsidie voor het financieel risico van de gemeente irrelevant is voor het debat.

Maar hij heeft daaruit de vervolgvraag gesteld dat wanneer de raad positief besluit en de vereniging meer tijd nodig blijkt te hebben om de financiering rond te krijgen, wat de gemeente dan doet als de kosten inmiddels zijn geïndexeerd. Wethouder Stolk herhaalt dat het voorliggend voorstel een absoluut bedrag bevat. Mocht blijken dat het niet volstaat op het moment dat het zover is, dan kan later worden besloten of er dan nog een voorstel terugkomt naar de raad. Voor dit moment is voorliggend voorstel de richtingkeuze waarmee met de vereniging aan de slag wordt gegaan. Besluitvorming Er blijkt behoefte aan een aantal korte stemverklaringen. De heer Prehn heeft het gevoel dat er wat gehaast wordt. De BOSA-subsidie is afgewezen en de kans op toekenning voor 2026 is kleiner geworden. De BVV heeft de financiering nog niet rond, het gelijkheidsbeginsel en de subsidie staan onder druk. De BVV wordt een nieuwe moderne accommodatie gegund, maar er zijn nog te veel vraagtekens. Voor D66 maken de vele vraagtekens een besluit prematuur. De heer Schaap sluit zich hier met een stemverklaring bij aan. Er zijn te veel onzekerheden, pagina 20 van 33

er is geen concreet businessplan, het is onduidelijk hoe de eigen bijdrage door de BVV gevuld gaat worden. De heer Smit sluit zich met zijn stemverklaring aan bij de inbreng door de heer Prehn. De heer Kooijman merkt op dat soms een stap vooruit gezet moet worden om verder te komen en dat is in dezen ook het geval. De raad heeft voldoende garanties gekregen van de wethouder om voor het voorstel te kunnen stemmen. Mevrouw Jakoeb is niet overtuigd te zijn van hetgeen naar voor is gebracht. Er zijn te veel onduidelijkheden en te veel vragen. De PvdA zal tegen het voorstel; stemmen. De heer Booij wil de BVV Barendrecht veel succes wensen met het vervolgen van dit project en EVB is verheugd om met elkaar tot deze conclusie te zijn gekomen. De voorzitter gaat over tot het instemming brengen van het voorstel. Hij constateert dat het voorstel is aangenomen met 21 stemmen voor en zeven stemmen tegen.

7. Integraal Accommodatieplan Barendrecht 2025-2035 De voorzitter leest het adviesbesluit voor. De heer Smit stelt dat gemeentelijk vastgoed belangrijk is voor veel activiteiten in Barendrecht die de samenleving sterk, levendig en sociaal maken. De fractie SGP/CU is blij met het voorliggende Integraal Accommodatieplan en met initiatief dat de wethouder hiertoe heeft genomen. Het amendement van de SGP/CU ziet met name op de woning aan de 3e Barendrechtseweg 454 waarvan in het besluit wordt gevraagd deze woning af te stoten. Dit bevreemdt de fractie SGP/CU omdat deze woning ligt op het gedeelte van de Zuidpolder tussen het Barendbos en Begraafplaats Den Ouden Dijck, zijnde het gebied dat nu wordt ontwikkeld,. Door deze woning af te stoten, verdwijnt de mogelijkheid om betreffend kavel eventueel te betrekken bij de ontwikkeling van de Zuidpolder en een verbinding te leggen tussen het nieuwe en oude gedeelte van de Zuidpolder. Vandaar het pleidooi van de fractie SGP/CU om deze woning niet af te stoten. De heer Brooij onderstreept dat EVB waardering heeft voor het raadsvoorstel Integraal Accommodatieplan, een plan dat richting en grip geeft op de sociaalmaatschappelijke vastgoedportefeuille: het is koersvast, toekomstgericht en gericht op wat voor EVB altijd leidend is in de maatschappelijke waarden voor steden.

Tijdens de commissievergadering heeft EVB drie aandachtspunten ingebracht inzake de continuïteit van gebruikers bij mogelijke afstoot, wijkspreiding en betaalbaarheid. De beantwoording door de wethouder pagina 21 van 33

was geruststellend met als uitgangspunten helderheid, maatwerk, een tijdig gesprek met gebruikers en een zorgvuldig vervolg. De fractie EVB heeft het amendement naast de vigerende gebiedsvisie 3e Barendrechtseweg gelegd en de heer Brooij legt de vraag voor of de SGP/CU een maatschappelijk functie op betreffende locatie als een mogelijkheid ziet. Vooralsnog ziet de EVB geen aanleiding om het amendement te steunen omdat het niet in lijn ligt met de gebiedsvisie. EVB is benieuwd naar de reactie van het College. EVB steunt voorliggend raadsvoorstel waarin duurzaamheid concreet wordt verbonden met investeringskeuzes en de maatschappelijke functies geborgd blijven in Barendracht. Mevrouw Jakoeb geeft aan dat de PvdA voorliggend voorstel als een hamerstuk beschouwt. De fractie steunt het amendement van de fractie SGP/CU. Afstoten is immers onherroepelijk. De PvdA wil het pand behouden om het risico te vermijden dat in de toekomst de mogelijkheid verdwijnt om hier als gemeente zelf iets te kunnen ontwikkelen. De heer Kooijman zegt dat het voorstel ook voor GroenLinks een hamerstuk betreft. De bedragen zijn te overzien. GroenLinks ziet in het amendement van SGP/CU vooral het voordeel dat het behoud van de woning een mogelijkheid biedt om een betere verbinding te maken met de oude Zuidpolder en de nieuw te ontwikkelen Zuidpolder.

De wethouder wordt gevraagd naar diens visie wat dit betreft. De heer Van Prehn meldt dat de fractie van D66 positief is over het Integraal Accommodatieplan. Het biedt een goed overzicht van het maatschappelijk vastgoed en geeft een duidelijke koers naar kwaliteit, duurzaamheid en toekomstbestendigheid. Benadrukt worden de zorgvuldige uitvoering, de betrokkenheid van gebruikers en bewoners en de financiële beheersing en transparantie. De fractie D66 begrijpt dat het amendement erop wil toezien dat toekomstige ontwikkeling op die locatie mogelijk blijft door voorlopig de locatie te behouden. Mocht het door toekomstige ontwikkelingen overbodig blijken, dan is verkoop van genoemde woning altijd nog een mogelijke optie. Daar kan de fractie D66 zich in vinden en de fractie is benieuwd hoe de wethouder dit ziet. De heer Carlebur stemt in met het amendement van SGP/CU. Verder acht de fractie voorliggend voorstel een hamerstuk. De heer Schaap geeft aan, dat de wethouder de raad prima heeft meegenomen bij de pagina 22 van 33

totstandkoming van het plan. Aan de andere kant, is hij de fractie EVB het niet met alle punten helemaal eens; dat geldt dan met name voor punt 3. Punt 3 omvat een aantal panden, waaronder de watertoren, de oude school en de woning welke in gebruik bij Stichting De Toekomst. Deze panden zijn in het verleden zeer uitgebreid technisch onderzocht, maar bij het aantreden van het huidige College is de ontwikkeling stilgevallen. De heer Schaap wil wel instemmen met het plan. Het amendement beschouwt de heer Schaap als een zeer maatschappelijke gedachte om vooralsnog de mogelijkheid open te houden voor een eventuele verbinding tussen de oude en de nieuwe Zuidpolder. Mevrouw De Kam meldt dat de CDA-fractie zeer ingenomen is met het integrale beleid. Dat geldt dan met name voor het multifunctioneel gebruik, wat de CDA erg belangrijk vindt. Het multifunctioneel gebruik kan hierdoor versterkt worden. Wat betreft de gevoelswaarde van de accommodaties wijst mevrouw De Kam erop dat de wethouder tijdens de commissievergadering de toezegging heeft gedaan om te onderzoeken of het werkbaar is om bij maatschappelijk vastgoed met een monumentale waarde een andere benadering aan te houden. De CDA denkt hierbij aan erfgoedwaarde, bouwhistorisch onderzoek en herbestemming binnen monumentale kaders. De vraag aan de wethouder is op welke termijn hierover een update kan worden verwacht.

De CDA heeft sympathie voor het amendement, maar wil hier eerst van de wethouder een reactie op horen. Wethouder Stolk begrijpt dat de term ‘afstoten’ de suggestie heeft gewekt dat het plan is om de woning aan de 3e Barendrechtseweg 454 te verkopen. Dat is echter niet de bedoeling. De intentie is om deze woning uit de vastgoedportefeuille te halen, waarna het College gaat bekijken wat verstandig is om op betreffende plek te gaan doen. Verkoop van het pand is zeker niet opportuun. Wat betreft de vragen, met name over de ruimtelijke inpassing, geeft de wethouder aan dat dit niet de portefeuille betreft. Dat zal, in relatie tot wat ze zojuist heeft aangegeven over het pand, op een later moment met de raad worden besproken. Ten aanzien van de vraag van mevrouw De Kam over de termijn waarop de wethouder iets kan zeggen over monumentale waarden zal de wethouder eerst met de afdeling in gesprek gaan. De wethouder zegt toe later op deze vraag terug te zullen komen. (Toezegging)

Tweede termijn De heer Smit antwoordt op de vraag van de heer Booij hoe de SGP/CU tegenover een inpassing van maatschappelijk vastgoed staat. Als daar een goed plan voor is, is dat een pagina 23 van 33

goede optie. Verder geeft de heer Smit aan dat, wanneer de wethouder toezegt dat met de term ‘afstoten’ niet op ‘verkopen’ wordt gedoeld, het amendement feitelijk overbodig is en ingetrokken kan worden. De heer Kooijman vindt het jammer wanneer de heer Smit het amendement intrekt, want de mogelijkheid van een verbinding tussen de oude en de nieuwe Zuidpolder is juist een sterk element hierin. Door het amendement in te trekken, is dat ook dat van tafel. De heer Van Prehn ziet uit naar de verdere uitwerking en de terugkoppeling daarvan naar de raad. D66 stemt in met het voorliggende plan. Mevrouw De Kam sluit wat betreft het amendement aan bij de woorden van de heer Kooijman. Zij heeft nog niet gehoord wat de reden kan zijn om het amendement in te trekken. Verder begrijpt mevrouw De Kam dat de woning geen deel meer uitmaakt van de vastgoedportefeuille, maar dan heeft de gemeente er ook geen zeggenschap meer over en dan lijkt het behoud lastig te worden. Dit vraagt dus toch nog om een verdere verduidelijking. Wethouder Stolk zegt dat de woning niet per direct uit de vastgoedportefeuille zal verdwijnen. Momenteel is de woning ook nog bewoond en voor de huidige bewoners moet een oplossing gevonden worden. Als de denkrichting duidelijk is, worden vanuit een andere portefeuille plannen bedacht voor wat op die betreffende plek zou kunnen gebeuren.

De heer Smit vraagt of wethouder kan aangeven op welke termijn de plannen voor de betreffende plek terugkomen bij de raad. Wethouder Stolk herhaalt dat het niet haar portefeuille is en het daarom lastig om hier een toezegging op te doen. Wel kan zij toezeggen dat het pand niet verkocht wordt. De heer Smit wil het amendement op basis van de toezegging van de wethouder intrekken. Besluitvorming De voorzitter brengt het voorstel Integraal Accommodatieplan Barendrecht 2025-2035 in stemming en concludeert als volgt: de raad heeft, onder stemming en zonder stemverklaringen, het voorstel unaniem aangenomen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16325569/2