Ruimtelijke motivering Casa Limo
Tekst van het document
Ruimtelijke motivering Casa Limo (veld B1) Stationstuinen Gemeente Barendrecht Definitief 1.2
Ruimtelijke motivering Casa Limo (veld B1) Stationstuinen
1
colofon
projectnaam Ruimtelijke motivering Casa Limo (veld B1) Stationstuinen datum 2 februari 2026 projectnummer P08880 opdrachtgever Emborion BRO projectleider TAu projectteam GvdS bron kaft BRO review TAu
Willemsplein 2 5211 AK ‘s-Hertogenbosch +31 (0)73 208 91 55 Info.bro@movares.nl www.movares.com
Ruimtelijke motivering Casa Limo (veld B1) Stationstuinen
2
Inhoudsopgave 1
Inleiding
4
1.1 1.2 1.3 1.4
4 4 5
4.3
5 6 6
4.4
1.5 1.6
2
3
4.2.1 4.2.2 4.2.3
Aanleiding Beoogde afwijking Projectgebied Relatie met het ‘Omgevingsplan gemeente Barendrecht’ Buitenplanse omgevingsplanactiviteit Leeswijzer
Beschrijving planvoornemen
7
2.1 2.2
Beoogd programma Ruimtelijke inpassing
7 8
2.2.1 2.2.2
8 8
Passend binnen de huidige kaders Toelichting ruimtelijke inpassing Casa Limo
Beleidsmatige aspecten en regelgeving in de fysieke leefomgeving
9
3.1
Rijksbeleid en Rijksregels
9
3.1.1 3.1.2 3.1.3 3.1.5
9 9 10 11
3.2
3.3
Nationale Omgevingsvisie Instructieregels Rijk (AMvB’s) Ladder voor duurzame verstedelijking Conclusie
Provinciaal beleid en provinciale regels
11
3.2.1 3.2.2 3.2.3
11 11 12
Omgevingsvisie Zuid-Holland Omgevingsverordening Zuid-Holland Conclusie
Beleid gemeente Barendrecht
12
3.3.1 3.3.2 3.3.3 3.3.4
12 13 13 14
Gebiedsvisie De Stationstuinen Woonvisie 2023 - 2027 Goed wonen in Barendrecht Parkeerbeleid De Stationstuinen Conclusie
Geluid 4.3.1 4.3.2 4.3.3
4.5
4.6
4.7
4.9
17 Toetsingskader Onderzoek Conclusie
Milieuaspecten in de fysieke leefomgeving
15
4.1 4.2
15 15
Milieueffectrapportage Verkeersgeneratie, - afwikkeling en parkeren
4.4.1 4.4.2 4.4.3
18 18 19
Toetsingskader Onderzoek Conclusie
Activiteiten en milieuzonering
19
4.5.1 4.5.2 4.5.3
19 19 19
Toetsingskader Onderzoek Conclusie
Omgevingsveiligheid
19
4.6.1 4.6.2 4.6.3
19 20 20
Toetsingskader Onderzoek Conclusie
Trilling
21
4.8.1 4.8.2 4.8.3
21 22 23
Toetsingskader Onderzoek Conclusie
Bodem
23
4.9.1 4.9.2 4.9.3
23 23 23
4.11.1 4.11.2 4.11.3
Financiële en maatschappelijke uitvoerbaarheid
25
5.1 5.2
Financieel-economische haalbaarheid Maatschappelijke verantwoording
25 25
5.2.1 5.2.2 5.2.3
25 25 25
Participatie en omgevingsdialoog Vaststellingsprocedure Bezwaar en beroep
SEPARATE BIJLAGEN
20 20 21
Natuur en landschap
4.10.1 4.10.2 4.10.3
5
20 Toetsingskader Onderzoek Conclusie
Toetsingskader Onderzoek Conclusie
4.10 Weging van het waterbelang
Ruimtelijke motivering Casa Limo (veld B1) Stationstuinen
17 17 18
18
Toetsingskader Onderzoek Conclusie
4.11 Archeologie, cultuurhistorie en landschap
4
15 16 17
Luchtkwaliteit
4.7.1 4.7.2 4.7.3
4.8
Toetsingskader Onderzoek Conclusie
Toetsingskader Onderzoek Conclusie
23 23 23 23
24 24 24 24
3
1 1.1
Inleiding
Het woonconcept bevat een variatie aan woonunits, studio’s en apparte-
plangebied, naast de uitwerking van Casa Limo, voorzien in 575 woningen
menten met een variërend oppervlakte van circa 20m2 tot 75m2 in zowel
waardoor er binnen veld B1 nog ruimte is 240 woningen. Door de ge-
Aanleiding
het betaalbare als het vrije sector segment. Het gaat hierbij in totaal om
wenste ontwikkeling zal er een planologische toename zijn van 310 wonin-
550 woonunits, studio’s en appartementen.
gen ten opzichte van de regels van het vigerende bestemmingsplan, aan-
De gemeente Barendrecht heeft op 15 december 2020 de gebiedsvisie
gezien binnen het plangebied in totaal 1.125 woningen worden gereali-
voor De Stationstuinen vastgesteld. Deze visie gaat over de gebiedsontwikkeling die direct grenst aan de oostzijde van het treinstation Barend-
Per 1 januari 2024 maakt het bestemmingsplan ‘De Stationstuinen 1ste
seerd. Daarnaast is het de wens om voor Casa Limo af te wijken van de
recht. De Stationstuinen slaat een brug tussen het dorp Barendrecht, het
fase’ onderdeel uit van het tijdelijk deel van het omgevingsplan Barend-
parkeernormen zoals opgenomen in het Ontwikkelkader De Stationstui-
agrofood-bedrijventerrein Dutch Fresh Port, het stadse leven in Rotterdam
recht. De beoogde ontwikkeling en verdere uitwerking van Casa Limo is in
nen. Het huidige bestemmingsplan voor fase 1 verwijst voor de parkeer-
en het recreatielandschap van de Zuidpolder en rondom de Waal. Het
strijd met het tijdelijk deel van het omgevingsplan van de gemeente Ba-
normen naar het Ontwikkelkader. De koppeling met het ‘Parkeerbeleid De
heeft alle potentie om te transformeren naar een bruisende plek waar wo-
rendrecht, omdat door het beoogde woonconcept het maximum aantal wo-
Stationstuinen’ dat op 1 oktober 2024 is vastgesteld is in dit bestemmings-
nen, werken, leren en recreëren samenkomen. Met ruimte voor nieuwe
ningen wordt overschreden en van de parkeernormen wordt afgeweken.
plan nog niet gelegd. Er dient daarom ook voor dit onderdeel te worden afgeweken van het bestemmingsplan. Inhoudelijk wordt er niet afgeweken
woningen en een succesvol bedrijfsleven. De totale transformatie van bedrijventerrein Dutch Fresh Port naar Fruitpacking District voorziet in trans-
In de regels van het bestemmingsplan ‘De Stationstuinen 1ste fase’ is vast-
van het recente parkeerbeleid zoals opgenomen in het ‘Parkeerbeleid De
formatie naar ca. 4.500 duurzame koop- en huurappartementen en ge-
gelegd dat binnen de plangrenzen maximaal 815 woningen gerealiseerd
Stationstuinen, d.d. 1 oktober 2024).
zinswoningen. Binnen het plangebied van Fruitpacking District komt in to-
kunnen worden. Op basis van de huidige ontwerpen worden binnen het Dit kan middels een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omge-
taal zo’n 36.000m2 aan voorzieningen en kantoren.
vingsplanactiviteit (BOPA). Onderhavige ruimtelijke motivering is nodig voor het onderbouwen van deze afwijking.
Voor een deel van de ontwikkeling is het bestemmingsplan ‘De Stationstuinen 1ste fase’ vastgesteld op 19 december 2023 door de gemeenteraad van Barendrecht. Ook is het bestemmingsplan ‘De Stationstuinen 2e fase’
Voor de aanvraag omgevingsvergunning voor de omgevingsplanactiviteit
in voorbereiding als ontwerpbestemmingsplan.
bouwwerken (ruimtelijke bouwactiviteit) blijven de regels uit het bestem-
1.2
Veld B1
Beoogde afwijking
mingsplan ‘De Stationstuinen 1ste fase’ onverminderd van toepassing.
Casa Limo
Emborion wil verder met de uitwerking van één van de bouwblokken welke onderdeel uit maakt van het vastgestelde bestemmingsplan ‘De Stationstuinen 1ste fase’. Op veld B1 (hierna te noemen: Casa Limo) komt een woonconcept gericht op: studenten, kleine huishoudens, key workers, vakmensen en jonge werkenden (alleen of samenwonend), mensen die door een verbreking van een relatie dringend huisvesting nodig hebben en jonge gezinnen. Het woonconcept omvat naast woningen ook voorzieningen specifiek voor de bewoners en aanvullende - zoveel mogelijk openbaar toegankelijke - voorzieningen die bijdragen aan de kwaliteit van de fysieke en sociale leefomgeving in de wijk.
Figuur 1.1 : Globale begrenzing plangebied BP fase 1. Met in de gele contour de globale ligging van veld B1
Ruimtelijke motivering Casa Limo (veld B1) Stationstuinen
4
1.4 1.3
Projectgebied
Relatie met het ‘Omgevingsplan gemeente Barendrecht’
gebonden beroep. Daarnaast biedt het bestemmingsplan ruimte voor (commerciële voorzieningen).
Ter plaatse van het projectgebied aan de Spoorlaan te Barendrecht geldt
De projectlocatie bevindt zich ten noorden van de bestaande rotonde tus-
het bestemmingsplan ‘De Stationstuinen 1ste fase’, vastgesteld op 19 de-
sen de Zuideinde en de Spoorlaan. Het plangebied is in de huidige situatie
Strijdigheden met het omgevingsplan
cember 2023 door de gemeenteraad van Barendrecht, dat onderdeel is
grotendeels onbebouwd. De beoogde ontwikkeling is voorzien op het per-
Volgens de bestemmingsomschrijving (artikel 4.1 sub a) mogen maximaal
van het tijdelijk deel omgevingsplan van de gemeente Barendrecht.
815 wooneenheden worden gerealiseerd binnen de plangrenzen van het
ceel kadastraal bekend als gemeente Barendrecht sectie D, perceelnum-
bestemmingsplan ‘De Stationstuinen 1ste fase’. Met het planvoornemen
mers 1162, 1164, 1165 en een gedeelte van perceel 1163. In totaal heeft
Bestaande functie, bouw- en gebruiksmogelijkheden
veld B1 een oppervlakte van circa 7.200m2.
zullen er 310 wooneenheden worden toegevoegd welke bovenop de ge-
Op het perceel rust de functie ‘Gemengd’ met de ’Waarde – Archeologie
noemde 815 wooneenheden komen. In veld A zijn namelijk 575 wooneen-
2’. In figuur 2.4 is de uitsnede van het bestemmingsplan met het projectIn figuur 1.2 is een luchtfoto van de ligging van het projectgebied opgeno-
heden beoogd en bij de verdere uitwerking van Casa Limo zijn maximaal
gebied in rode omlijning weergegeven. De voor ‘Gemengd’ aangewezen
men.
550 woningen voorzien. Dit betekent dat binnen het plangebied in totaal
gronden zijn onder andere bestemd voor maximaal 815 woningen (waar-
1.125 woningen worden gerealiseerd.
onder woon-werkwoningen), al dan niet in combinatie met een aan-huis-
Figuur 1.2 Luchtfoto van het projectgebied (bron: PDOK viewer)
Figuur 2.4: uitsnede van het vigerend bestemmingsplan wat onderdeel is van het omgevingsplan van de gemeente Barendrecht. (bron: Regels op de kaart)
Ruimtelijke motivering Casa Limo (veld B1) Stationstuinen
5
Daarnaast is het de wens om voor de beoogde woningen af te wijken van
In onderhavige ruimtelijke motivering worden alle relevante gevolgen van
de geldende parkeernormen voor De Stationstuinen (opgenomen in artikel
de voorgenomen ontwikkeling voor de fysieke leefomgeving uiteengezet
4.4.4). Het huidige bestemmingsplan voor fase 1 verwijst voor de parkeer-
en wordt onderbouwd dat de ontwikkeling in overeenstemming is met ET-
normen naar het Ontwikkelkader. De koppeling met het Parkeerbeleid De
FAL en uitvoerbaar is.
Stationstuinen dat op 1 oktober 2024 is vastgesteld is in dit bestemmingsplan nog niet gelegd. Er dient daarom ook voor dit onderdeel te worden afgeweken van het bestemmingsplan. Inhoudelijk wordt er niet afgeweken van het recente parkeerbeleid zoals opgenomen in het ‘Parkeerbeleid De
1.6
Leeswijzer
Voorliggende ruimtelijke motivering bestaat uit verschillende onderdelen. Na dit inleidende hoofdstuk volgt in hoofdstuk 2 een beschrijving van het
Stationstuinen, d.d. 1 oktober 2024).
planvoornemen ter plaatse van het projectgebied. In hoofdstuk 3 wordt ge-
Deze ruimtelijke motivering voorziet in een onderbouwing waarom wordt
leidskaders, regelgeving en visie/doelen op Rijks-, provinciaal-, regionaal-
motiveerd op welke wijze de ontwikkeling past binnen de geldende be-
aangesloten op het geldende parkeerbeleid binnen de Stationstuinen.
waterschaps- en gemeentelijk niveau. Hierna volgt in hoofdstuk 4 een be-
1.5
tot de fysieke leefomgeving. In hoofdstuk 5 wordt ingegaan op de financi-
Buitenplanse omgevingsplanactiviteit
oordeling van het planvoornemen aan de milieuaspecten met betrekking
Om de beoogde ontwikkeling juridisch-planologisch te verankeren zijn er
ele en maatschappelijke uitvoerbaarheid van het initiatief. Tot slot wordt in
twee mogelijkheden:
hoofdstuk 6 afgesloten met een belangenafweging en korte conclusie
1. Wijziging omgevingsplan;
waarom de onderhavige ontwikkeling voldoet aan een evenwichtige toede-
2. Buitenplanse omgevingsplanactiviteit.
ling van functies en locaties.
Voor deze ontwikkeling is het wenselijk om de BOPA- procedure te doorlopen. Er is namelijk sprake van een concreet bouwplan (de realisatie van extra woningen) binnen de bestaande toegestane functies en activiteiten. Daarnaast geldt voor een BOPA geldt in beginsel de reguliere procedure, die daardoor ook sneller kan worden doorlopen dan de procedure voor het wijzigen van het omgevingsplan. Artikel 5.18 van de Omgevingswet bevat de grondslag voor de beoordelingsregels van omgevingsplanactiviteiten. Het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) bevat algemene beoordelingsregels voor de aanvraag van een omgevingsvergunning voor een BOPA. Hierin staat dat de vergunning enkel wordt verleend met het oog op een ‘evenwichtige toedeling van functies aan locaties’ (ETFAL) (artikel 8.0a, tweede lid).
Ruimtelijke motivering Casa Limo (veld B1) Stationstuinen
6
2
Beschrijving planvoornemen
2.1
Beoogd programma
Op Casa Limo komt een woonconcept gericht op: studenten, kleine huishoudens, key workers, vakmensen en jonge werkenden (alleen of samenwonend), mensen die door een verbreking van een relatie dringend huisvesting nodig hebben en jonge gezinnen. Het woonconcept omvat naast woningen ook voorzieningen specifiek voor de bewoners en aanvullende zoveel mogelijk openbaar toegankelijke - voorzieningen die bijdragen aan de kwaliteit van de fysieke en sociale leefomgeving in de wijk. Het nieuwe gebouw is een woonomgeving waarin wonen, voedsel verbouwen, koken en sociale interactie op een natuurlijke manier samenkomen. Het initiatief speelt in op de doelgroep die het meest wordt geraakt door het tekort op de woningmarkt. De startersdoelgroep voelt het tekort op de woningmarkt het meest. Volgens de gemeentelijke basisregistratie wonen er in 2025 binnen gemeente Barendrecht ca. 6.250 jongvolwassenen (leeftijd tussen de 18-30 jaar). Van deze jongvolwassenen wonen er circa 5.400 (nog) in het ouderlijk huis. Gekeken naar het landelijke gemiddelde bedraagt dit percentage circa 57%. Er is beweging op de woningmarkt nodig door het toevoegen van nieuw aanbod, waarin juist wordt ingezet op deze specifieke doelgroep. Starters zijn mensen in de leeftijd van 18 tot 30 die zelfstandig willen wonen en zijn één van of- tweepersoons huishoudens.
Het woonconcept bestaat uit maximaal 550 woonunits met een varierend oppervlak van circa 20m2 tot 75m2 in zowel het betaalbare als het vrije sector segment, waardoor wordt aangesloten op de grote vraag naar deze type woningen en het bestaande aanbod beperkt is. Onderdeel van het woonconcept zijn de gedeelde faciliteiten die worden gerealiseerd om gemeenschapsvorming te stimuleren. Dit zijn onder andere lobby’s met co-working spaces, keukens, ontmoetings- en ontspanningsruimten en buitenruimte voor zowel individuen als grote groepen. In Figuur 2.1 Modelstudie Veld B1 uit het structuurplan voor deelgebied B, aan de zuidzijde is deelgebied B1 weergegeven.
Ruimtelijke motivering Casa Limo (veld B1) Stationstuinen
7
totaal is er ruimte voor ca 1.100m2 bvo aan gemeenschappelijke en com-
Een doelgroepgericht woonconcept dat antwoord geeft op de groeiende
De meest intensieve plinten komen in het delgebied Spoorlaan. De plint is
merciële functies. Deze voorzieningen zijn en blijven uitsluitend beschik-
vraag naar een inclusief, kwalitatief en betaalbaar wonen in steden voor
transparant en heeft een sterke interactie met de openbare ruimte.
baar voor de bewoners van de woningen. In de plinten zal conform het
uiteenlopende doelgroepen. Dit scherpe woonprofiel helpt om een sterke
Kleinschalige stedelijke voorzieningen zoals winkels, dienstverlening,
plan ruimte bieden aan commerciële voorzieningen die passen binnen het
community op te bouwen die zich identificeert met een innovatieve, ge-
horeca onderwijs en werkruimte dragen bij aan een levendig straatbeeld.
bestemmingsplan. Het intensievere gebruik doet geen afbreuk aan de
zonde en ecologische leefstijl.
Verder zit er binnen het projectgebied één specifieke bouwaanduiding -
kwaliteit van de openbare ruimte en bij de aanvraag omgevingsvergunning zal uit de tekeningen en stukken blijken hoe het intensievere gebruik van de gronden overeenkomt met de beoogde kwaliteit van de openbare ruimte.
Mobiliteit
hoogteaccent 1 waarbij het mogelijk is om een bouwhoogte van 50 meter
In fruitpacking District krijgen voetgangers en fietsers voorrang. De wijk wordt autoluw. De voetanger en fietser kunnen op een ontspannen en veilige manier binnen het gebied vrij bewegen. Het autogebruik beperkt
2.2
Ruimtelijke inpassing
2.2.1
Passend binnen de huidige kaders
zich tot de randen.
Voor het gehele plangebied van ‘De Stationstuinen’ is een beeldkwaliteits-
In de openbare ruimte is een zeer beperkt aantal autoparkeren
plan opgesteld (op 19 december 2023) waarin de identiteit en de verdeling
opgenomen. Auto parkeren kan in een van de mobiliteitshubs aan de
in deelgebieden vorm heeft gekregen.
randen van Fruitpacking District. Zie de locaties van de verschillende mobiltiteitshubs in figuur 2.2.
Onderhavige ruimtelijke motivering voorziet niet in verdere een afwijking van de ruimtelijke inpassing en gebruiksmogelijkheden zoals geborgd in
Met minder auto’s op straat is er meer ruimte voor groen en buitenspelen.
het bestemmingsplan ‘De Stationstuinen 1ste fase’. De bouwmassa zal blij-
Zo geeft het autovrije karakter een boost aan duurzaamheid, veiligheid en
ven binnen de toegestane maximale bouwhoogten en bouwvlak. Het
gezondheid van mens en dier.
beeldkwaliteitsplan vormt eveneens het kader voor de verdere ruimtelijke inpassing bij de vergunningverlening waaraan wordt voldaan.
Beeldkwaliteitsplan In het beeldkwaliteitsplan is Fruitpacking District verdeeld in verschillende
2.2.2
Toelichting ruimtelijke inpassing Casa Limo
deelgebieden. Casa Limo valt onder het deelgebied ‘Spoorlaan’. De
De architectuur van het pand zal aansluiten bij het industriële verleden van
Spoorlaan heeft een cruciale functie in het gebied als verbindingsader
de locatie en tegelijkertijd wordt er ingezet op groene daken en natuur in-
tussen Dutch Fresh Port, de Stationstuinen en het NS-station.
clusief bouwen met energiezuinige technieken. De verschillende woonblokken zijn zo ontworpen dat de bewoners een gevoel van thuiskomen
Daarom komt hier een multifunctionele, stedelijke uitstraling met
hebben zodra ze de hoofdingang van het blok betreden. De identiteit van
voldoende massa om deze as te begeleiden.de plint heeft een actieve
het gebouw is opgebouwd uit diverse elementen: een levendige plint wo-
invulling en er is een sterke interactie tussen binnen en buiten. In het
ningen binnen een innovatief woon- en community concept, spannende
beeldkwaliteitsplan staat over het gebouw op het veld B1 het volgende ‘Dit
passages en een daklandschap vol groen en ontdekkingen.
gebouw zal als icoon in het gebied herkenbaar zijn.’
Ruimtelijke motivering Casa Limo (veld B1) Stationstuinen
Figuur 2.2 ligging mobiliteithubs in Fruitpacking District. (Bron: structuurplan)
toe te staan gerekend vanaf peil.
8
3
Beleidsmatige aspecten en regelgeving in de fysieke leefomgeving
2. duurzaam economisch groeipotentieel
het Bkl, de provinciale instructieregels en eventuele instructies het beoor-
3. sterke en gezonde steden en regio’s
delingskader vormen van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit.
De druk op de fysieke leefomgeving in Nederland is zo groot, dat belan-
gunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit geweigerd wordt
3.1
Rijksbeleid en Rijksregels
gen soms botsen. Het streven is om combinaties te maken en win-win si-
als:
3.1.1
Nationale Omgevingsvisie
tuaties te creëren, dit is echter niet altijd mogelijk. In die gevallen dienen
a. de activiteit zou leiden tot een situatie die niet is toegelaten op grond
4. toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied Uit het tweede lid van artikel 8.0b van het Bkl volgt dat de omgevingsver-
Met de Nationale omgevingsvisie (NOVI) geeft het Rijk een langetermijnvi-
belangen te worden afgewogen. Hiervoor gebruikt de NOVI drie afwe-
sie op de toekomst en de ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland.
gingsprincipes:
Uitgangspunt in de nieuwe aanpak is dat ingrepen in de leefomgeving niet
1. Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies: in het ver-
los van elkaar plaatsvinden, maar in samenhang. Om dit te kunnen be-
leden is scheiding van functies te vaak te rigide gehanteerd. Met de
werkstelligen laat het Rijk de inrichting van de fysieke leefomgeving meer
NOVI zoeken we naar maximale combinatiemogelijkheden tussen
over aan de decentrale overheden en komt de gebruiker centraal te staan.
functies, gericht op een efficiënt en zorgvuldig gebruik van onze
Het Rijk blijft verantwoordelijk voor het systeem de fysieke leefomgeving.
2. Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal: wat de opti-
ruimte.
van instructie(regel)s; b. de omgevingsplanactiviteit betrekking heeft op een voorbeschermingsregel in het omgevingsplan (opvolger van het voorbereidingsbesluit); c.
de omgevingsplanactiviteit het uitvoeren van een project waarvoor een projectbesluit is vastgesteld door provincie of Rijk, belemmert.
Het Bkl bevat instructieregels voor een evenwichtige toedeling van functies aan locaties voor onder andere de volgende hoofdonderwerpen:
Daarnaast kan een rijksverantwoordelijkheid aan de orde zijn indien:
male balans is tussen bescherming en ontwikkeling, tussen concur-
•
Algemene bepalingen (paragraaf 5.1.1 Bkl);
•
een onderwerp nationale baten en/of lasten heeft en de doorzettings-
rentiekracht en leefbaarheid, verschilt van gebied tot gebied. Sommige
•
Waarborgen van veiligheid (paragraaf 5.1.2 Bkl)
macht van provincies en gemeenten overstijgt, bijvoorbeeld het reser-
opgaven en belangen wegen in het ene gebied zwaarder dan in het
•
Beschermen van waterbelangen (paragraaf 5.1.3 Bkl)
veren van ruimte voor militaire activiteiten en het stellen van opgaven
andere.
•
Beschermen van gezondheid en milieu (paragraaf 5.1.4 Bkl), waaron-
in de stedelijke regio’s rondom de mainports, brainports, greenports •
3. Afwentelen wordt voorkomen: het is van belang dat onze samenleving
en valleys;
zoveel mogelijk voorziet in mogelijkheden en behoeften van de hui-
over een onderwerp internationale verplichtingen of afspraken zijn
dige generatie van inwoners zonder dat dit ten koste gaat van toekom-
aangegaan, bijvoorbeeld het stimuleren van biodiversiteit, duurzame
stige generaties.
der instructieregels voor de kwaliteit van de buitenlucht, trillingen, geluid en geur en bodemkwaliteit; •
cultureel erfgoed (paragraaf 5.1.5 Bkl), waaronder de ladder voor
energie, watersysteemherstel of het beschermen van werelderfgoed; •
Beschermen van landschappelijke of stedenbouwkundige waarden en duurzame verstedelijking;
een onderwerp provincie- of landsgrensoverschrijdend is een ofwel
Doorwerking projectgebied
een hoog afwentelrisico kent ofwel in beheer bij het Rijk is. Bij dit laat-
Hoewel de NOVI geldend is voor het gehele Nederlandse grondgebied, is
ste gaat het bijvoorbeeld om de hoofdnetten van weg, spoor, water en
er geen sprake van directe doorwerking in het projectgebied. Gelet op de
energie, maar ook de bescherming van gezondheid van inwoners is
aard en locatie van de ontwikkeling zijn er geen nationale belangen in het
gen voor nadelige gevolgen van activiteiten (paragraaf 5.1.7 Bkl),
op rijksniveau relevant.
geding. Afwegingen met betrekking tot ruimtelijke ontwikkelingen dienen in
waaronder landsverdediging en nationale veiligheid, elektriciteitsvoor-
dat geval te worden gemaakt op gemeentelijk niveau.
ziening, rijksvaarwegen en luchtvaart, fiets- en wandelroutes, aanwij-
•
het behoud van ruimte voor toekomstige functies (paragraaf 5.1.6 Bkl) voor autowegen, buisleidingen, natuur- en recreatiegebieden;
•
Aan de hand van een toekomstperspectief op 2050 brengt de NOVI de
het behoeden van de staat en werking van infrastructuur of voorzienin-
zing van woningbouwcategorieën;
langetermijnvisie in beeld. Op nationale belangen wil het Rijk sturen en
3.1.2
richting geven. Die komen samen in vier prioriteiten:
Artikel 8.0b, eerste lid, van het Bkl bepaalt dat bij een aanvraag om een
1. ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie
buitenplanse omgevingsvergunning de instructieregels in hoofdstuk 5 van
Ruimtelijke motivering Casa Limo (veld B1) Stationstuinen
Instructieregels Rijk (AMvB’s)
•
het bevorderen van de toegankelijkheid van de openbare buitenruimte voor personen (paragraaf 5.1.8 Bkl).
9
Voor de instructieregels voor bovenstaande thema’s is een toepassings-
Met de toevoeging van 815 woningen wordt dus voldaan aan het zorgvul-
Kwalitatieve behoefte
bereik bepaald. Het is mogelijk dat een thema niet van toepassing is op
dig ruimtegebruik.
Met de wooneenheden in het planvoornemen wordt specifiek rekening ge-
een specifieke activiteit.
houden met de doelgroepen starters, key workers en jonge gezinnen. Voor de extra 310 woningen die toegevoegd worden is gekeken of kan
Deze doelgroepen voelen het tekort op de woningmarkt het meest. Op ba-
Doorwerking projectgebied
worden voldaan aan de kwalitatieve en kwantitatieve behoefte ten aanzien
sis van leeftijdsopbouw en cijfers kan worden geconcludeerd dat de groep
In deze ruimtelijke motivering wordt in hoofdstuk 4 ‘Milieuaspecten in de
van de ladder. Het toevoegen van maximaal 310 wooneenheden kan ge-
starters (jonger dan 35 jaar) de komende 10 jaar sterk zal groeien in Ba-
fysieke leefomgeving’ gedetailleerd ingegaan op de doorwerking van het
zien worden als stedelijk ontwikkelingsproject op basis van artikel 5.129g.
rendrecht. De afmetingen van de woningen passen perfect bij de doel-
projectgebied. Het geeft een grondige bespreking van de bovenstaande
uit het Bkl. Hierdoor is de ladder voor duurzame verstedelijking van toe-
groep die het tekort naar passend woonruimte het meeste voelen. De af-
onderwerpen, waarbij wordt aangegeven in welke mate ze voldoen aan de
passing.
metingen van de wooneenheden gaan tot max. 75m2.
Kwantitatieve behoefte
Met het planvoornemen wordt een doelgroepgericht woonconcept gereali-
Uit recente cijfers van de gemeente Barendrecht blijkt dat tot 2040 een ex-
seerd dat antwoord geeft op de groeiende vraag naar inclusief, kwalitatief
tra behoefte is aan 3.245 woningen (Document veld B1, Fruitpacking Dis-
en betaalbaar wonen.
instructieregels van het Bkl. Hierdoor wordt een helder inzicht geboden in de naleving van deze regels binnen het projectgebied. 3.1.3
Ladder voor duurzame verstedelijking
Binnen het omgevingsplan is de beoogde ontwikkeling niet toegestaan.
trict, Emborion/Kraaijvanger). Daarnaast blijkt ook dat het aantal huishou-
Om de ontwikkeling formeel mogelijk te maken, is het noodzakelijk om af
dens toeneemt in de periode tussen 2024 en 2035 met 2.180 huishou-
Het is niet de verwachting dat er als gevolg van het realiseren van de wo-
te wijken van het omgevingsplan. Daarbij is het doorlopen van de Ladder
dens. Verder blijkt dat het aantal alleenstaande huishoudens de komende
ningbouw in de Stationstuinen onaanvaardbare leegstandseffecten zullen
voor duurzame verstedelijking verplicht voor iedere ‘nieuwe stedelijke ont-
jaren met meer dan 20% toeneemt, waardoor er dus ook meer woningen
optreden. De woningbehoefte is immers dusdanig groot dat ook na het re-
wikkeling’, op grond van artikel 5.129g lid 1 van het Bkl. De Ladder voor
nodig zijn met name in het kleinere segment. Het aanbod aan kleine wo-
aliseren van het planinitiatief behoefte blijft bestaan voor het realiseren
duurzame verstedelijking is een instructieregel voor zorgvuldig ruimtege-
ningen is relatief schaars, zie hiervoor onderstaande uitsnede:
van nieuwe woningen.
Hieruit kan worden geconcludeerd dat er een kwantitatieve behoefte is
De ontwikkeling voldoet aan de Ladder voor Duurzame Verstedelijking.
wanneer gemeente breed wordt gekeken.
•
Het initiatief voorziet in een kwantitatieve en kwalitatieve behoefte.
•
De locatie valt binnen de bestemmingen ‘Gemengd’ en ‘Bedrijventer-
bruik en het tegengaan van leegstand. Een stedelijke ontwikkeling is de ontwikkeling of uitbreiding van een bedrijventerrein, een zeehaventerrein, een woningbouwlocatie, kantoren, een detailhandel voorziening, of een andere stedelijke voorziening die vol-
rein’ en is daarmee onderdeel van het stedelijk gebied.
doende substantieel is. In artikel 5.129g Bkl staat geen ondergrens ge-
•
Het is niet de verwachting dat er als gevolg van het initiatief onaan-
noemd. Op basis van vaste jurisprudentie wordt gesteld dat bij woning-
vaardbare leegstandseffecten zullen optreden. De woningbehoefte is
bouw een plan vanaf 12 woningen een nieuw stedelijke ontwikkeling is.
dusdanig hoog, dat er ook na de realisatie ruimte behoefte blijft be-
Voor alle andere stedelijke functies wordt een oppervlakte van 500m2 BVO
staan aan woningen.
aangehouden als ondergrens. Doorwerking projectgebied Voor het vastgestelde bestemmingsplan voor fase 1 is geconstateerd dat
Geconcludeerd kan worden dat met de toevoeging van maximaal 310 Figuur 3.1 Aanbod kleine wooneenheden binnen de gemeente Barendrecht (bron: BAG)
het aantal van 815 woningen voldoet aan kwantitatieve en kwalitatieve behoefte volgens het principe van de ladder voor duurzame verstedelijking.
Ruimtelijke motivering Casa Limo (veld B1) Stationstuinen
wooneenheden voldaan kan worden aan de kwalitatieve en kwantitatieve behoefte en dat er hiermee sprake is van het principe zorgvuldig ruimtegebruik.
10
3.1.4
Nationaal Water Programma 2022-2027
De wateruitdagingen zijn aanzienlijk en zullen in de toekomst alleen maar toenemen en complexer worden als gevolg van klimaatverandering, bodemdaling, milieuverontreiniging, biodiversiteitsverlies en ruimtedruk. Om Nederland veilig, aantrekkelijk en leefbaar te houden voor de komende generaties, is het Nationaal Water Programma 2022-2027 (NWP) vastgesteld door de minister van Infrastructuur en Milieu en de staatssecretaris van Economische Zaken. Het NWP schetst de hoofdlijnen van het nationale waterbeleid en het beheer van Rijkswateren en Rijksvaarwegen, als uitwerking van de eerdergenoemde nationale omgevingsvisie. De hoofdambities van het NWP omvatten: •
een veilige en klimaatbestendige delta;
•
een concurrerende, duurzame en circulaire delta;
•
een schone en gezonde delta met hoogwaardige natuur.
Het NWP hanteert een integrale aanpak met andere opgaven in de fysieke leefomgeving, zoals de energietransitie, de woningbouw, natuurherstel en de landbouwtransitie. Om bovenstaande ambities te verwezenlijken, zijn inhoudelijke kaders nodig voor onder andere de ruimtelijke inrichting en bouwwijzen. In Nederland komen verschillende uitdagingen voor de leef-
3.1.5 Conclusie De activiteit past binnen de doelstellingen en het beleid van het Rijk.
dorp. De beoogde ontwikkeling past binnen de bepalingen van de kwali-
3.2
Provinciaal beleid en provinciale regels
stemming met de Omgevingsvisie.
3.2.1
Omgevingsvisie Zuid-Holland
Het provinciaal beleid is neergelegd in de Omgevingsvisie Zuid-Holland en de Omgevingsverordening Zuid-Holland. De visie is op 20 februari 2019 door de Provinciale Staten vastgesteld en op 1 april 2019 in werking getreden en volgt daarmee de Visie Ruimte en Mobiliteit uit 2014 op. De Omgevingsvisie Zuid-Holland is het provinciaal beleidsplan van de fysieke leefomgeving. Hoofddoel van de Omgevingsvisie Zuid-Holland is het scheppen van voorwaarden voor een economisch krachtige regio. Dat betekent: ruimte bieden om te ondernemen, het mobiliteitsnetwerk op orde en zorgen voor een aantrekkelijke leefomgeving. De sturingsfilosofie van de omgevingsvisie betreft: • ruimte bieden aan ontwikkelingen; • aansluiten bij de maatschappelijke vraag naar woningen, bedrijfsterreinen, kantoren, winkels en mobiliteit; • allianties aangaan met maatschappelijke partners; • minder toetsen op regels en meer sturen op doelen.
omgeving samen op een beperkt oppervlak, wat vaak vraagt om welover-
teitskaart en de Omgevingsvisie. De beoogde ontwikkeling is in overeen-
3.2.2
Omgevingsverordening Zuid-Holland
De Omgevingsverordening Zuid-Holland bevat concrete regels die bij de ruimtelijke ontwikkelingen in acht moeten worden genomen. In de Omgevingsverordening zijn de provinciale belangen uit de omgevingsvisie verder uitgewerkt in regels. Ladder voor duurzame verstedelijking Uitgangspunt van de strategie voor de bebouwde ruimte is betere benutting van het bestaand stads- en dorpsgebied (BSD). Stedelijke ontwikkeling vindt daarom primair plaats binnen BSD. Zie verder ook het Rijksbeleid onder het kopje ‘Ladder voor duurzame verstedelijking’. Ruimtelijke kwaliteit In de Omgevingsvisie en Omgevingsverordening is een van de speerpunten het verbeteren van de ruimtelijke kwaliteit. Doorwerking projectgebied
wogen keuzes. Het NWP bevat daarom een reeks afwegingsprincipes
Doorwerking projectgebied
In de Omgevingsverordening zijn voorwaarden opgenomen voor nieuwe
voor het waterbeleid en -beheer. Het beschrijft hoe deze uitdagingen moe-
Met dit plan worden woningen mogelijk gemaakt binnen het bestaand ste-
ruimtelijke ontwikkelingen ten aanzien van ruimtelijke kwaliteit. Binnen dit
ten worden aangepakt en hoe ervoor wordt gezorgd dat water een leidend
delijk gebied. Er is geen sprake van uitbreiding van een kern. Het plan is
kwaliteitsbeleid onderscheidt de provincie in de Omgevingsverordening
principe is in de ruimtelijke inrichting van Nederland.
lokaal van aard en is niet in strijd met de uitgangspunten van de Omge-
twee beschermingscategorieën. Hier zijn onder voorwaarden van ruimte-
vingsvisie. Op de kwaliteitskaart van de Omgevingsvisie is aan de hand
lijke kwaliteit ook ontwikkelingen mogelijk.
Doorwerking projectgebied
van kaartlagen gebied specifiek beleid weergegeven. De kwaliteitskaart is
Het planvoornemen houdt rekening met de gestelde ambities van het
opgebouwd uit vier lagen: de laag van de ondergrond, de laag van de cul-
Op grond van de ‘provinciale kwaliteitskaart’ is, naast de laag van de ste-
NWP. In deze ruimtelijke motivering wordt in paragraaf 4.12 ‘Weging van
tuur- en natuurlandschappen, de laag van de stedelijke occupatie en de
delijke occupatie, alleen ‘de laag van de ondergrond’, op het plangebied
het waterbelang’ Het geeft een grondige bespreking van in welke mate het
laag van de beleving. Voor alle vier de lagen zijn kenmerken benoemd en
van toepassing. Het plangebied ligt ook niet binnen een gebiedsprofiel.
planvoornemen voldoet aan het NWP op het gebied van waterhuishouding
uitgewerkt in richtpunten. Voor het plangebied is vanwege het stedelijke
Deze ‘laag van de ondergrond’ wordt in de verordening als volgt beschre-
en genomen klimaat adapterende maatregelen.
karakter alleen de laag van de stedelijke occupatie relevant. Het plange-
ven:
bied ligt in 'steden en dorpen'. Ontwikkelingen in 'steden en dorpen' moeten bijdragen aan de karakteristieke kenmerken/identiteit van stad, kern of
Ruimtelijke motivering Casa Limo (veld B1) Stationstuinen
11
“De gronden in het deltacomplex bestaan overwegend uit kleigronden. Dit
3.3
Beleid gemeente Barendrecht
zijn voedselrijke, draagkrachtige gronden. De deltawateren zijn onderdeel
3.3.1
Gebiedsvisie De Stationstuinen
van het deltacomplex. De estuariene dynamiek is een belangrijk natuurlijk
Het Koersdocument ten aanzien van De Stationstuinen is de aanleiding
gegeven. Nauw verbonden met de deltawateren zijn de niet ingepolderde,
van dit plan. In de daaropvolgende gebiedsvisie zijn de ambities en wen-
buitendijkse kleigronden. Dit betreft de slikken, (bekade) gorzen, grienden,
sen van De Stationstuinen beschreven, waarbinnen dit plangebied is gele-
Met dit plan wordt aangesloten bij deze ambitie. Er wordt invulling gege-
wilgenbossen en de uiterwaarden langs de rivieren. Het zijn natuurlijke
gen. In de gebiedsvisie wordt bij de ontwikkelstrategie het stationsgebied
ven aan woningen maar ook ‘voorzieningen en werken’.
landschappen waar ruimte is voor dynamische processen.
als stap 1 beschreven. Hier staat het volgende:
Richtpunt:
“Een gezonde leefomgeving, duurzame mobiliteit en de goede relatie met
van de Gebroken Meeldijk. Gezien de afstand tot de stationslocatie en
Ontwikkelingen dragen bij aan het behoud van ruimte voor dynamische
Dutch Fresh Port zijn belangrijke speerpunten bij de ontwikkeling van De
toekomstige voorzieningen en de nabijheid van bedrijven, zijn hier ont-
natuurlijke processen en zoet-zoutovergangen in de Deltawateren en na-
Stationstuinen. Deze komen samen bij de hoofdentree van het treinsta-
wikkelingen zonder wonen voorstelbaar;
tuurlijke buitendijkse gebieden.”
tion. Hier zijn de hindercontouren beperkt, zijn kavels bebouwbaar en kan
1) Doel is dat er sprake is van een gemengd gebied waarbij wonen een belangrijke functie is. Graag zien we hoe deze ambitie zich vertaald naar elke fase;
2) Uitzondering op dit eerste punt is de locatie bij de oostelijke entree
als eerste ‘smoel gemaakt’. Een logische eerste stap in de ontwikkeling.” Aangezien het plangebied niet valt binnen de ‘natuurlijke buitendijkse gebieden’, is de laag van de ondergrond hier niet op van toepassing. De
In het gehele plangebied is wonen gemengd met bepaalde voorzieningen toegestaan.
Ten aanzien van het programma wordt het volgende beschreven:
gronden waren in het voorgaande bestemmingsplan bovendien al be-
3) De regionale en lokale afspraken bepalen dat bij elke ontwikkeling
stemd als bedrijventerrein zodat het terrein grotendeels is verhard en be-
“Het gebied van stap 1, dicht bij de noordelijke stationstoegang is dé
30% sociale woningbouw en 20% betaalbare woningbouw gereali-
bouwd en thans bestemd voor woon-werkvoorzieningen.
nieuwe entree van Barendrecht. Dit wordt de nieuwe bruisende plek met
seerd moet worden. Initiatiefnemers kunnen hier alleen van afwijken
volop voorzieningen en stevige dichtheid van wonen. Op deze plekken is
als ze elders binnen het visiegebied compenseren;
Daarnaast wordt voldaan aan de richtpunten voor de ‘laag van stedelijke
hogere bebouwing ruimtelijk logisch in combinatie met voorzieningen in
occupatie’ zoals beschreven in de verordening. Voor de Stationstuinen is
een (meerlaagse) plint.”
o.a. een beeldkwaliteitsplan vastgesteld dat is opgenomen als bijlage bij
initiatief, waarbij 310 wooneenheden worden toegevoegd voorziet in een kwalitatieve behoefte. Er wordt in positieve zin afgeweken van de verde-
de plantoelichting van het bestemmingsplan 1e fase. In dit beeldkwaliteits-
De fasering en het verplaatsen van bedrijven is afhankelijk van de bereid-
ling in segmenten op basis van de tabel op pagina 15 van het ontwikkelka-
plan worden, om de dorpse identiteit van het gebied te waarborgen, eisen
heid van bedrijven om mee te werken en van ontwikkelende partijen om ri-
der stationstuinen. Met de toevoeging wordt namelijk een groter aandeel
gesteld aan de stedenbouwkundige opbouw van de bouwvolumes. Dit
sicodragend te investeren in dit gebied. Zo zal elke partij zijn eigen busi-
woningen in het gereguleerde segment mogelijk gemaakt. Het bijzondere
beeldkwaliteitsplan blijft onverminderd van kracht.
nesscase opstellen en beoordelen of er voldoende reden is om de ontwik-
woonconcept Casa Limo voorziet mogelijk in woningen met een huurprijs
keling mogelijk te maken.
onder de liberalisatiegrens als bedoeld in het geldende huurprijsregime.
3.2.3 Conclusie De activiteit past binnen de doelstellingen en het beleid van de provincie.
Deze woningen kwalificeren planologisch en beleidsmatig niet zonder Hierbij is er een aantal kwaliteitsprincipes leidend. Deze zijn hieronder be-
meer als sociale huurwoningen, nu zij niet noodzakelijkerwijs worden ge-
schreven. Daarnaast is per kwaliteitsprincipe beschreven wat de relatie is
realiseerd en geëxploiteerd door een toegelaten instelling. Indien en voor
met het plangebied.
zover deze woningen niet door een toegelaten instelling worden afgenomen en duurzaam als sociale huur worden geborgd, kunnen zij derhalve niet worden meegeteld binnen het gemeentelijk vereiste aandeel sociale
Ruimtelijke motivering Casa Limo (veld B1) Stationstuinen
12
woningbouw. In dat geval dient het ontbrekende sociale programma bin-
het belangrijk dat een fase zelfstandig functioneert, al dan niet samen
van Barendrecht goedgekeurd. De gemeente kiest dus voor circa 3.600
nen de Stationstuinen te worden gecompenseerd, zodanig dat alsnog
met voorgaande fasen.
woningen in 2021-2031, waarvan 30% sociaal. Met de 30% sociale huur
wordt voldaan aan het beleidsmatige uitgangspunt van minimaal 30% so-
wordt ook voldoen aan de doelstelling van het Rijk, waarbij gemeenten die
ciale woningbouw op gebiedsniveau. Borging van dit uitgangspunt heeft
De beoogde nieuwbouw kan zelfstandig functioneren en belemmert niet
nu nog niet over 30% sociale huurwoningen in de voorraad beschikken mi-
plaatsgevonden in de anterieure overeenkomst (met allonge).
de verdere ontwikkeling van De Stationstuinen. De bestaande bedrijven
nimaal 30% sociale huur in de nieuwbouw moeten realiseren. De ge-
kunnen ook hun activiteiten blijven voortzetten. Qua omvang en uitstraling
meente zal een en ander monitoren in de komende jaren en bijstellen in-
zal het plan aansluiten bij de schaal en karakter van de overige (te ontwik-
dien daar aanleiding voor is. Met de 30% middelduur ziet de gemeente
kelen) locaties binnen De Stationstuinen.
kansen om in de woningbehoefte voor middeninkomens te voorzien.
4) Er moet een gezond en prettig leefmilieu ontstaan. Dit betekent dat: Er geen hinder is van bestaande bedrijven. Ook geen hinder moet ontstaan vanuit wonen voor bestaande (en te behouden) bedrijven. Hier-
Waarbij naast huur ook kansen en markt gezien wordt voor goedkopere
toe dienen voldoende maatregelen genomen te worden;
3.3.2
Woonvisie 2023 - 2027 Goed wonen in Barendrecht
a. Er is geen hinder van werkverkeer. Hiertoe dient het mogelijk te
De gemeentelijke visie op het wonen wortelt in de grondgedachte dat een
en middeldure koop.
zijn werkverkeer (vrachtwagens) om te leiden zonder zittende be-
fijn huis in een veilige, groene wijk in belangrijke mate bijdraagt aan het
Nieuwe inzichten en ontwikkelingen hebben geleid tot herijking van de uit-
drijven te hinderen;
geluk van mensen, Het algemene doel is voor de huidige en toekomstige
gangspunten voor De Stationstuinen. Door de uitbreiding van het plange-
b. De uitgangspunten met betrekking tot het groene verblijfskarakter
inwoners veilige en groene buurten gecreëerd worden, waarin het fijn wo-
bied ontstaat er ruimte om het woningbouwprogramma van De Stationstui-
voor de openbare ruimte zijn onderdeel van de ontwikkeling;
nen is. Eén van de nieuwe buurten wordt de Stationstuinen. Hierover staat
nen uit te breiden naar ca. 4.500 woningen. De voornaamste aanleiding
Het gebied sluit aan op de duurzaamheidsambities van De Stati-
het volgende in de woonvisie:
voor de wijziging van uitgangspunten is het beschikbaar komen van twee
onstuinen op het gebied van klimaatbestendigheid, biodiversiteit
“In De Stationstuinen bouwen we aan het groene dorp van morgen. De
percelen binnen en direct grenzend aan het plangebied van De Stations-
en energie, warmte/koude.
Stationstuinen wordt ontwikkeld aan de oostzijde van NS-station Barend-
tuinen. Verder kiest de gemeente dus voor betaalbaar woningbouwpro-
recht. Een bruisende plek waar wonen, werken, leren en recreëren sa-
gramma: circa 30% in het sociale segment, 30% middelduur en 40% duur.
c.
In de hoofdstukken 3, 4 en 5 wordt hier verder op ingegaan. Er is sprake
menkomen. Deze wijk biedt straks ruimte aan circa 3.500 nieuwe wonin-
van een goed woon- en leefklimaat.
gen met voorzieningen, bedrijven, onderwijs, horeca en recreatie op hoog
Tenslotte kiest de gemeente voor meer variatie en innovatieve woonvor-
niveau. De Stationstuinen levert een aanzienlijke bijdrage aan de toe-
men. Het beoogd woonconcept levert hier een bijdrage aan, door juist op
komst van Barendrecht, maar ook aan de regio”.
een strategische locatie, nabij een OV-knooppunt, en toekomstige mo-
5) De Stationstuinen is autoluw. Daarom zetten we sterk in op deelmobiliteit en parkeren uit het zicht van het straatbeeld.
derne woon- en leefomgeving in te zetten op een specifieke doelgroep. Over de regionale behoefte versus de lokale behoefte in de periode 2021-
De parkeergarages (als onderdeel van een gesloten bouwblok) zorgen
2031 heeft uitgebreid overleg plaatsgevonden met de regio. Het is duide-
3.3.3
hier onder andere voor. Daarnaast wordt binnen de Stationstuinen ingezet
lijk dat het lokale belang en de lokale behoefte schuren met de regionale
In Barendrecht wordt De Stationstuinen ontwikkeld. Een nieuw gemengd
op een goede bereikbaarheid voor wat betreft het openbaar vervoer. De
belangen. In het licht daarvan heeft Barendrecht een realistisch bod aan
gebied binnen Barendrecht dat ruimte biedt voor een divers woningaan-
ligging nabij het station en de nabijheid van bushaltes zal hierbij helpen.
de regio uitgebracht. Het aanbod behelsde in de periode 2021-2031 circa
bod, maatschappelijke voorzieningen, onderwijsvoorzieningen, mogelijk-
Ook komen er twee mobility-hubs. Er wordt daarnaast voorzien in vol-
3.600 woningen te bouwen. Dat is een fors hoger aantal dan Barendrecht
heden voor agrofood gerelateerde bedrijfsfuncties, start-ups en ruimte
doende langzaamverkeersroutes door De Stationstuinen.
zelf nodig heeft. De Stationstuinen zorgen in deze periode voor het groot-
voor research, development en experience. Aan de ontwikkeling van dit
ste aanbod: daar liggen plannen voor circa 3.500 woningen (waarvan er
nieuwe gebied is een mobiliteits- en parkeervraagstuk verbonden. De toe-
tot 2031 circa 3.000 worden opgeleverd) – waarvan circa 30% in het soci-
komstige bewoners, werknemers en bezoekers aan De Stationstuinen
6) Om een samenhangend gebied te laten groeien moet elke fase goed aansluiten op zowel andere fasen als de directe omgeving. Daarbij is
Parkeerbeleid De Stationstuinen
ale segment, 30% middelduur en 40% duur. De Provincie heeft het bod
Ruimtelijke motivering Casa Limo (veld B1) Stationstuinen
13
moeten en willen zichzelf kunnen verplaatsen. Om in deze behoeften te voorzien worden passende mobiliteits- en parkeeroplossingen geboden. Voor De Stationstuinen is daarom nieuw parkeerbeleid vastgesteld. Hierin is het parkeerbeleid voor fietsen en auto’s uitgewerkt dat geldt voor De Stationstuinen en het gebied rondom de nieuwe wijk. Dit beleid staat niet op zichzelf en is een resultaat van een langer lopend proces. Het beleid is een nadere uitwerking van eerder bepaalde strategische richtingen zoals vastgelegd in het Ontwikkelkader, het Structuurplan Fruitpacking District en het besluit van de gemeenteraad om binnen De Stationstuinen te werken met gereguleerd- en betaald parkeren. In paragraaf 5.1 wordt ingegaan op de relatie van dit parkeerbeleid met dit project. 3.3.4
Conclusie
De activiteit past binnen de doelstellingen en het beleid van de gemeente.
Ruimtelijke motivering Casa Limo (veld B1) Stationstuinen
14
4
Milieuaspecten in de fysieke leefomgeving
In dit hoofdstuk wordt beschreven op welke wijze bij de activiteit rekening is gehouden met diverse aspecten van de fysieke leefomgeving en de evenwichtige toedeling van functies aan locaties. De aspecten sluiten aan op en dekken de onderdelen zoals genoemd in artikel 1.2 van de Omgevingswet. De ontwikkeling wordt als het ware getoetst aan de verschillende aspecten uit de fysieke leefomgeving. Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet is er een bredere kijk op de leefomgeving, onder meer vanuit het oogpunt van milieu, duurzaamheid en gezondheid. Op basis van het initiatief en de omgeving zijn de volgende milieuaspecten van belang:
4.1
Milieueffectrapportage
functies uit kan worden gegaan. Ook binnen de huidige planologische ka-
Voor de ontwikkeling van De Stationstuinen is de m.e.r.-procedure doorlo-
ders zijn woningen toegestaan. De afwijking voorziet in de realisatie van
pen en een MER opgesteld. Het MER is procedureel gekoppeld aan het
meer woningen dan is toegestaan binnen het plangebied, echter zal door
bestemmingsplan voor fase 1. Nieuwe ontwikkelingen en inzichten hebben
deze toevoeging geen dan wel beperkte toename ontstaan van verkeers-
geleid tot herijking van de uitgangspunten voor De Stationstuinen. Door de
bewegingen (zie hiervoor ook paragraaf 4.2 van deze motivering). Hoewel
uitbreiding van het plangebied ontstaat er ruimte om het woningbouwpro-
er feitelijk sprake is van een toename, zullen de woningen binnen de be-
gramma van De Stationstuinen uit te breiden naar ca. 4.500 woningen.
staande toegestane bebouwingsmassa worden gerealiseerd, zullen de
Voor dit onderdeel is een aanvulling gemaakt op de MER in de procedure
woningen beperkt van omvang zijn en de effecten ten opzichte van (gro-
voor het bestemmingsplan ‘De Stationstuinen 2e fase’.
tere woningen, minder aantallen) nagenoeg vergelijkbaar zijn. Voorts kan worden aangevoerd dat de ruimtelijke motivering niet voorziet in een afwij-
In hoeverre de toevoeging van extra woningen, binnen Casa Limo, binnen
king van de maximale bouwhoogtes en ruimtelijke inpassing. De woningen
de toegestane bouwmassa als een stedelijk ontwikkelingsproject in de zin
worden voorzien binnen het bestaande bouwvlak en beoogde bouw-
van categorie J11 te kwalificeren is, kan niet in algemene zin worden be-
massa.
antwoord. Of sprake is van een stedelijk ontwikkelingsproject (of de wijzi-
•
Milieueffectrapportage
•
ging daarvan) hangt af van de concrete omstandigheden van het geval.
Verkeersgeneratie, -afwikkeling en parkeren
Aangezien de afwijking in dit geval gering is en de milieueffecten naar ver-
•
Wel is van belang of er per saldo aanzienlijke negatieve gevolgen voor het
Geluid
wachting op voorhand aanvaardbaar zijn, is er om die reden geen sprake
•
milieu kunnen zijn. De Afdeling heeft in haar uitspraak van 18 juli 2018
Luchtkwaliteit
van een stedelijk ontwikkelingsproject als bedoeld in kolom J11, bijlage V
•
duidelijk gemaakt dat ook een behoorlijke functiewijziging niet gekwalifi-
Activiteiten en milieuzonering
Omgevingsbesluit.
•
ceerd hoeft te worden als een stedelijk ontwikkelingsproject
Geur
•
(ECLI:NL:RVS:2018:2414).
Omgevingsveiligheid
•
Kabels en leidingen
•
Het gaat daarbij vooral om de vraag of er sprake is voor belangrijke nade-
Elektromagnetische straling
•
lige gevolgen voor het milieu. Hierbij wordt – blijkens deze uitspraak – niet
Gezondheid
4.2
•
alleen gekeken naar de feitelijke gevolgen (op niveau van het plan/project)
Trilling
zoals dat bij de m.e.r.-(beoordelings)plicht gebeurt, maar ook naar de pla-
Verkeer maakt onderdeel uit van de evenwichtige functietoedeling aan lo-
•
Natuur en landschap (incl. stikstof)
nologische verschillen in effecten. Bij het antwoord op de vraag of sprake
caties. Naast parkeren voor zowel de auto als de fiets moet aandacht be-
•
Bodem
steed worden aan de verkeersgeneratie en -veiligheid. In deze paragraaf
•
is van een stedelijk ontwikkelingsproject vergelijkt de Afdeling de inge-
Weging van het waterbelang
wordt aangegeven hoe met het planvoornemen hier rekening mee wordt
•
volge het bestemmingsplan reeds toegestane functies met de te vergun-
Archeologie, cultuurhistorie en landschap
nen functie. De Afdeling kiest voor een planologische vergelijking.
gehouden.
Gezien de huidige bestemming ‘Gemengd’ (functie) van het gebied, kan
4.2.1
Een m.e.r-beoordeling is om die reden niet noodzakelijk. De effecten van de toevoeging van het aantal woningen wordt verder in dit hoofdstuk be-
worden gesteld dat bij invulling van de maximale planologische mogelijkheden er reeds een verkeersaantrekkende werking van de gemengde
Ruimtelijke motivering Casa Limo (veld B1) Stationstuinen
schouwd.
Verkeersgeneratie, - afwikkeling en parkeren
Toetsingskader
Een toevoeging of wijziging van functies op locaties zorgt vaak voor een verandering van de parkeerbehoefte en verkeersgeneratie van een ge-
15
bied. Bij het toelaten van een nieuwe functie moet daarom worden aange-
4. Mobility as a Service (deelmobiliteit)
Het parkeerconcept en bijbehorende parkeernorm zijn veranker in het be-
toond of er sprake is van een (extra) parkeerbehoefte voor auto’s en fiet-
5. Privé-auto
stemmingsplan ‘De Stationstuinen 1ste fase’. In artikel 4.4.4 van het be-
sen en wat het effect is op de bereikbaarheid en de verkeersafwikkeling.
stemmingsplan is het volgende opgenomen:
Er mag geen onaanvaardbaar effect op de omgeving optreden. Dit geldt
Op basis van het STOMP principe is een beperkt autogebruik en –bezit
ook bij omgevingsvergunningen voor buitenplanse omgevingsplanactivitei-
uitgangspunt in De Stationstuinen. Om een hoge kwaliteit te bieden aan
4.4.4 Voorwaardelijke verplichting parkeren
ten.
het openbaar gebied moet deze ruimte worden benut met groen, water en
a. De gebouwen binnen deze bestemming mogen slechts in gebruik wor-
ruimte voor wandelen en fietsen. Het Openbaar gebied moet dan zo be-
den genomen onder de voorwaarde, dat altijd in voldoende mate is
Om te bepalen wat de effecten van de activiteit op de verkeersaantrek-
perkt mogelijk worden gevuld met straatparkeren. Om dit te bereiken is
voorzien in ruimte voor het parkeren of stallen van auto's en fietsen.
kende werking van het projectgebied zijn, kan gebruik worden gemaakt
veel aandacht besteed aan het parkeerconcept voor De Stationstuinen.
b. Het benodigde aantal parkeerplaatsen voor auto's en fietsen wordt
van de kengetallen van het Centrum voor Regelgeving en Onderzoek in
vastgesteld aan de hand van de in het Ontwikkelkader vastgestelde
grond-, Water- en Wegenbouw en de Verkeerstechniek (CROW) (publica-
Het parkeerconcept is ook bedoeld om duurzame mobiliteit te stimuleren.
parkeernormen en bijbehorende toepassingsmethodiek, zoals opge-
tie 744 ‘Parkeerkencijfers, basis voor parkeernormering’). Deze kengetal-
Door het toepassen van strengere parkeernormen en het beschikbaar
nomen in Bijlage 3 Ontwikkelkader;
len zijn algemeen erkend en geven een indicatie van de ontwikkeling ge-
stellen van innovatieve mobiliteitsconcepten zoals deelauto’s kan de aan-
paard gaande extra verkeersgeneratie. Ook bieden ze richtlijnen voor het
wezigheid van de auto verminderd worden. De parkeernormen die toege-
niet openbaar gebruik moet worden voldaan aan de verhouding open-
aantal te realiseren parkeerplaatsen. De CROW-kengetallen zijn richtlijnen
past worden in De Stationstuinen moeten passen bij de mobiliteitsmaatre-
baar gebruik/niet-openbaar gebruik voor het plangebied zoals opgeno-
waarvan afgeweken kan worden. Gemeenten kunnen ervoor kiezen om
gelen van de ontwikkeling. Dit wordt daarom meegenomen in de keuzes
men in Bijlage 3 Ontwikkelkader. Het parkeren of stallen van auto's
zelf parkeerbeleid met parkeernormen vast te stellen waar nieuwe ontwik-
en afwegingen voor duurzame mobiliteit. Voor parkeren wordt in De Stati-
voor niet openbaar gebruik dient plaats te vinden in of onder het
kelingen aan moeten voldoen. De activiteit dient in dit geval aan het ge-
onstuinen ingezet op collectieve parkeervoorzieningen, buiten het straat-
hoofdgebouw (niet zijnde mobilityhub), dan wel op of onder het onbe-
meentelijk beleid te worden getoetst.
beeld.
bouwde terrein dat bij dat hoofdgebouw (niet zijnde mobilityhub) be-
c.
Ten aanzien van het aantal autoparkeerplaatsen dat bestemd is voor
hoort. Het overige deel van het autoparkeren zal moeten worden toeVerder bevatten omgevingsvisies van gemeenten een visie op verkeer op
Het uitgangspunt is dat deze parkeervoorzieningen voor bewoners binnen
gewezen aan een mobilityhub op afstand. Al het fietsparkeren voor
gemeentelijk niveau. Daarin worden vaak mobiliteit, bereikbaarheid en
100 meter beschikbaar zijn. Voor overige functies is 200 meter en 250 me-
bewoners dient inpandig te worden gerealiseerd in of bij het hoofdge-
verkeersveiligheid als belangrijk geacht. Planinitiatieven dienen daaraan te
ter het uitgangspunt.
bouw.
worden getoetst.
d. Het college van burgemeester en wethouders kan met een omgeDe parkeervoorzieningen worden deels bestemd voor niet openbaar ge-
4.2.2
Onderzoek
bruik en deels, om te voorkomen dat een onnodig grote capaciteit wordt
vingsvergunning afwijken van het bepaalde onder sub a: 1. als voldaan wordt aan de voorwaarden die daarvoor gelden
Parkeren
gerealiseerd, voor openbaar gebruik. De niet openbare parkeerplaatsen
De Stationstuinen moet een autoluw gebied worden. Uitgangspunt is het
zijn bestemd voor exclusief privaat gebruik door bepaalde bewoners waar-
STOMP principe. Dat betekent dat het verkeer binnen het gebied gestuurd
door bij de parkeerbehoefteberekening, geen rekening wordt gehouden
wordt op prioriteit voor langzaam verkeer. Het STOMP-principe komt met
met dubbelgebruik (aanwezigheid = permanent 100%). Overige bewoners,
een duidelijke hiërarchie tussen verschillende modaliteiten:
werkers en bezoekers van De Stationstuinen parkeren met de auto in
Het huidige bestemmingsplan voor fase 1 verwijst voor de parkeernormen
1. Stappen (voetgangers)
openbare parkeervoorzieningen, waaronder zogenaamde Mobilityhubs.
naar het Ontwikkelkader. De koppeling met het Parkeerbeleid De Stations-
2. Trappen (fietsers)
zoals opgenomen in Bijlage 3 Ontwikkelkader; of 2. als het voldoen aan de parkeernormen door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit.
tuinen dat op 1 oktober 2024 is vastgesteld is in dit bestemmingsplan niet
3. Openbaar vervoer
Ruimtelijke motivering Casa Limo (veld B1) Stationstuinen
16
gelegd. Voor de ontwikkeling Casa Limo zal worden aangesloten op het
den. Afhankelijk van de resultaten van deze monitoring, toekomstige ont-
4.2.3
Conclusie
meest recente parkeerbeleid voor de Stationstuinen.
wikkelingen en parkeerbehoefte, kan het overschat aan parkeerplaatsen
Gelet op het voorgaande, is er vanuit het aspect verkeersgeneratie, -af-
worden toegekend aan de andere functies binnen De Stationstuinen.
wikkeling en parkeren sprake van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.
Voor de uitwerking van de parkeerbehoefte van Casa Limo is door Goudappel een onderzoeksrapport opgesteld. Dit rapport is als bijlage toege-
Verkeer
voegd aan deze ruimtelijke motivering. Op basis van het rapport is er blij-
De Stationstuinen ligt op loopafstand vanaf het treinstation en centrum van
kens het nieuwe parkeerbeleid een parkeerbehoefte aan 233 parkeer-
Barendrecht. Gezien de ligging ten opzichte van het station is het een ide-
plaatsen voor Casa Limo. Dit parkeerbehoefte kan worden opgevangen in
ale knooppuntontwikkeling. Door het bundelen van ruimtelijke ontwikkelin-
de te realiseren parkeerplaatsen. Binnen het plangebied van De Stations-
gen nabij openbaar vervoersknooppunten vindt integrale gebiedsontwikke-
tuinen is daarvoor ruimte gereserveerd.
ling plaats waarin verschillende functies (wonen, winkels, werken) en modaliteiten (OV, lopen, fiets, auto) samenkomen. Het resultaat van een der-
Verder heeft Goudappel naar aanleiding van de uitwerking van Casa Limo
gelijke aanpak is een leefbare, duurzame en bereikbare omgeving. Door
geconstateerd dat voor de specifieke doelgroep en woonconcept een la-
het clusteren van verschillende functies, en het aanbieden van voldoende
gere parkeernorm kan worden gehanteerd. Bij specifieke woonconcepten
mobiliteitsalternatieven, is het mogelijk de auto nagenoeg uit het straat-
waarbij kleine huurwoningen worden gerealiseerd die specifiek gericht zijn
beeld te laten verdwijnen. De nabijheid van het centrum van Barendrecht
op studenten, jong professionals en short stay bewoners, en waarbij het
en haar voorzieningen heeft daarnaast ook een positief effect op de aan-
gebouw wordt ingericht als een community, zowel qua interactie als qua
trekkingskracht van De Stationstuinen als woongebied.
faciliteiten, biedt de mogelijkheid om met nog lagere parkeernormen te werken. Hierbij is ook een analyse gemaakt naar het gemiddelde autobezit
In het kader van de bestemmingsplanprocedure voor het bestemmings-
naar woongebieden rondom treinstations in de omgeving van Rotterdam.
plan ‘De Stationstuinen 1ste fase’ zijn de verkeerseffecten beschouwd. In
Op basis van dit onderzoek is een parkeernorm van 0,2 parkeerplaatsen
de motivering is beschouwd welke effecten het toevoegen van extra wo-
per woonunit te verantwoorden. Rekening houdende met deelmobiliteit zal
ningen voor de specifieke doelgroep leidt tot verkeerseffecten. Hierbij is er
blijkens dit onderzoek het woonconcept een parkeerbehoefte zijn van 102
een vergelijking gemaakt het programma zoals is beoogd in het bestem-
parkeerplaatsen. Vanuit de gemeente is het de wens dat bij deze ontwik-
mingsplan en het huidige woonconcept. Het resultaat van de berekening
keling wordt aangesloten op het geldende parkeerbeleid. Zoals hierboven
toont aan dat de verschillen qua verkeersgeneratie zeer beperkt zijn. Het
aangegeven wordt binnen het gebied voorzien in voldoende parkeerplaat-
programma conform het bestemmingsplan (voor de woningen) resulteerde
sen conform het geldende parkeerbeleid voor de Stationstuinen (233 par-
in een verkeersgeneratie van 774 mvt/per etmaal. Het nieuw programma
keerplaatsen).
resulteert in een verkeersgeneratie tussen 702 en 787 mvt/per etmaal. Gelet op deze beperkte wijzigingen kan er redelijkerwijs worden aangeno-
Echter, kan op basis van het onderzoek van Goudappel kan een situatie
men dat de ontwikkeling van Casa Limo niet leidt tot onaanvaardbare ver-
ontstaan waarbij sprake is van een overschot aan parkeerplaatsen. De
keerseffecten.
parkeerbehoefte van het woonconcept zal om die reden gemonitord wor-
Ruimtelijke motivering Casa Limo (veld B1) Stationstuinen
4.3
Geluid
4.3.1
Toetsingskader
Geluid door wegen, spoorwegen en industrieterreinen De aanvaardbaarheid van de geluidsbelasting onder de Omgevingswet is vooral een decentrale afweging. Gemeenten geven met het omgevingsplan voor elke locatie in de gemeente de gewenste geluidskwaliteit vorm. Geluid kan van grote invloed zijn op het woon- en leefklimaat van mensen en op hun gezondheid. De regels over geluid gaan over het beheersen van geluid door wegen, spoorwegen en industrieterreinen, en de bescherming van geluidgevoelige gebouwen en andere gebouwen en plekken. Het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) bevat geluidsregels die via het omgevingsplan zullen gelden voor individuele bedrijven die geluid voortbrengen. Voor de andere belangrijke geluidsbronnen zoals industrieterreinen, wegen en spoorwegen worden via de Aanvullingswet geluid en het Aanvullingsbesluit geluidsregels toegevoegd aan de Omgevingswet en het Bkl. De regels voor geluid hebben een tweezijdige werking om de bescherming tegen geluidsbelasting vorm te geven. Enerzijds bij de aanleg of aanpassing van spoorwegen of industrieterreinen en anderzijds bij het mogelijk maken van nieuwe geluidsgevoelige gebouwen en locaties nabij een geluidsbron. 4.3.2