CConstaterende datBarendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarstukken 2020 BD aangepaste versie.pdf

gemeenteraad 6 juli 2021, gemeente BarendrechtBij agendapunt: Jaarstukken 202038.797 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 5

50%

1 keer per 2 – 5 jaar

3

Deze klasse hanteren we voor risico’s die zich in het komende jaar wel maar ook niet kunnen voordoen.

70%

1 keer per 1 – 2 jaar

4

Deze klasse wordt gehanteerd voor risico’s waarvan het waarschijnlijk is dat ze zich in het komende jaar zullen voordoen.

90%

1 keer per jaar of meer

5

Deze klasse wordt gehanteerd voor risico’s waarvan het zeer waarschijnlijk is dat ze zich in het komende jaar gaan voordoen.

Deze klasse wordt gehanteerd voor risico’s waarvan het onwaarschijnlijk is dat deze zich in de komende jaren voordoen.

Op basis van de ingevoerde risico's is een risicosimulatie uitgevoerd. De risicosimulatie wordt toegepast omdat het reserveren van het maximale bedrag (€ 12.095.000) ongewenst is. De risico's zullen immers niet allemaal tegelijk en in hun maximale omvang optreden. Benodigde weerstandscapaciteit bij verschillende zekerheidspercentages Percentage

Bedrag

5%

€ 1.700.270

25%

€ 2.698.258

50%

€ 3.466.707

75%

€ 4.335.332

90%

€ 5.307.687

95%

€ 5.931.163

Uit de grafiek en de bijbehorende tabel volgt dat 90% zeker is dat alle risico's kunnen worden afgedekt met een bedrag van € 5.307.687 (benodigde weerstandscapaciteit). Als we de meest recente corona risico-inventarisatie meenemen en ons baseren op enerzijds de ontwikkelingen over 2020 en het scenario waarin de coronacrisis tenminste tot in het vierde kwartaal van 2021 aanhoudt, levert dit na simulatie een bedrag op van € 2.736.772 (extra benodigde weerstandscapaciteit). 3. Beschikbare weerstandscapaciteit De beschikbare weerstandscapaciteit van de gemeente Barendrecht bestaat uit het geheel aan middelen dat de organisatie daadwerkelijk beschikbaar heeft om de risico's in financiële zin af te dekken.

Paragrafen

63

Jaarstukken 2020

Beschikbare weerstandscapaciteit Weerstand

Huidige capaciteit

Algemene reserve

€ 14.031.906

Totale weerstandscapaciteit

€ 14.031.906

4. Relatie benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit Om te bepalen of het weerstandsvermogen toereikend is, dient de relatie te worden gelegd tussen de financieel gekwantificeerde risico's en de daarbij gewenste weerstandscapaciteit en de beschikbare weerstandscapaciteit. De benodigde weerstandscapaciteit die uit de risicosimulatie voortvloeit kan worden afgezet tegen de beschikbare weerstandscapaciteit. De uitkomst van die berekening vormt het weerstandsvermogen. Ratio weerstandsvermogen (excl. corona risico's)

=

Beschikbare weerstandscapaciteit Benodigde weerstandscapaciteit

=

€ 14.031.906 € 5.307.687

=

2,6

Ratio weerstandsvermogen (incl. corona risico's)

=

Beschikbare weerstandscapaciteit Benodigde weerstandscapaciteit

=

€ 14.031.906 € 8.044.459

=

1,7

De normtabel biedt de landelijk geaccepteerde waardering van het berekende ratio. Het ratio weerstandsvermogen van de gemeente Barendrecht valt met 1,7 (inclusief de corona risico’s) binnen klasse B, wat staat voor ruim voldoende. Weerstandsnorm Klasse

Ratio

Betekenis

A

> 2,0

Uitstekend

B

1,4 – 2,0

Ruim voldoende

C

1,0 – 1,4

Voldoende

D

0,8 – 1,0

Matig

E

0,6 – 0,8

Onvoldoende

F

< 0,6

Ruim onvoldoende

5. Kengetallen In de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing in de begroting en het jaarverslag worden kengetallen opgenomen voor de netto schuldquote, de netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen, de schuldratio, de solvabiliteitsratio, de structurele exploitatieruimte, de grondexploitatie en de belastingcapaciteit. Deze kengetallen maken het gemakkelijker om inzicht te krijgen in de financiële positie van de gemeente. Rekening 2019

Begroting 2020

Rekening 2020

Netto schuldquote

Kengetallen

125%

121%

79%

Netto schuldquote gecorrigeerd

123%

120%

78%

Solvabiliteitsratio

19%

20%

27%

Structurele exploitatieruimte

-3%

-2%

1%

Grondexploitatie

8%

1%

4%

Belastingcapaciteit

104%

107%

107%

De waarden van de kengetallen op de hieronder afgebeelde kengetallenmonitor zijn ingedeeld in 3 categorieën. Deze categorieën sluiten aan bij de landelijk vastgestelde signaleringswaarden. Categorie A is het minst risicovol, categorie C het meest.

Paragrafen

64

Jaarstukken 2020

Kengetal

Categorie A

Categorie B

Categorie C

Netto schuldquote

<90%

90-130%

>130%

Netto schuldquote gecorrigeerd

<90%

90-130%

>130%

Solvabiliteitsratio

>50%

20-50%

<20%

Grondexploitatie

<20%

20-35%

>35%

Structurele exploitatieruimte begroting

>0%

0%

<0%

Belastingcapaciteit

<95%

95-105%

>105%

De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. Omdat bij leningen er onzekerheid kan bestaan of ze allemaal terug worden betaald, wordt bij de berekening van de netto schuldquote onderscheid gemaakt door het kengetal zowel inclusief als exclusief de doorgeleende gelden te berekenen. Op die manier wordt duidelijk wat het aandeel van de verstrekte leningen in de exploitatie is en ook wat dat betekent voor de schuldenlast. De berekening van de netto schuldquote ziet er als volgt uit: Omschrijving

rekening 2019

rekening 2020

Vaste schuld

127.848.016

117.558.587

Vlottende schuld

21.378.458

14.426.439

Overlopende passiva

7.632.662

9.934.272

Uitzettingen < 1 jaar en liquide middelen

-7.631.918

-11.055.113

Overlopende activa

-17.709.459

-13.584.697

Totaal

131.517.759

117.279.488

Baten exclusief mutaties reserves

105.256.733

147.748.760

125%

79%

Netto schuldquote

De schuldquote daalt van 125% (middel risico) in 2019 naar 80% (laag risico) in 2020. De afname van de schulden komt met name door de verkoop van de aandelen Eneco voor ruim € 18 miljoen, waardoor er geen nieuwe leningen aangetrokken hoefden te worden. Ook de gerealiseerde baten waren hierdoor in 2020 (incidenteel) flink hoger. De berekening van de netto schuldquote gecorrigeerd voor de verstrekte leningen is: Omschrijving

rekening 2019

rekening 2020

Vaste schuld

127.848.016

117.558.587

Vlottende schuld

21.378.458

14.426.439

Overlopende passiva

7.632.662

9.934.272

Uitzettingen < 1 jaar en liquide middelen

-7.631.918

-11.055.113

Overlopende activa

-17.709.459

-13.584.697

Verstrekte leningen

-2.037.443

-1.700.728

Totaal

129.480.316

115.578.760

Baten exclusief mutaties reserves

105.256.733

147.748.760

123%

78%

Netto schuldquote

In onderstaand overzicht is de berekening van de solvabiliteitsratio opgenomen. 27% van de bezittingen is gefinancierd met eigen vermogen. Dat is een verbetering van 8% ten opzichte van vorig jaar. Omschrijving

Rekening 2019

Rekening 2020

Eigen vermogen

40.742.624

59.669.335

Totaal

40.742.624

59.669.335

Balanstotaal

218.690.760

221.800.128

Solvabiliteit

19%

27%

Paragrafen

65

Jaarstukken 2020

De structurele exploitatieruimte is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte de gemeente heeft om de eigen lasten te dragen. Structurele baten zijn bijvoorbeeld de algemene uitkering en opbrengsten uit de onroerendezaakbelasting. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten (inclusief rente en aflossingen van leningen) te dekken. Voor 2020 is sprake van een overschot van ca 1% (laag risico). Het kengetal grondexploitatie geeft weer hoe de waarde van de grond zich verhoudt tot de totale (geraamde) baten. De boekwaarde van de voorraden grond is van belang, omdat deze waarde moet worden terugverdiend bij de verkoop. Hoe lager het percentage hoe beter. Bij de grondexploitaties is sprake van een laag risico. De belastingcapaciteit geeft inzicht hoe de belastingdruk in de gemeente zich verhoudt ten opzichte van het landelijke gemiddelde. Barendrecht zit iets boven het landelijk gemiddelde met 107%. 6. Ontwikkeling risicoprofiel Barendrecht Trends & ontwikkelingen risicoprofiel Barendrecht Waar staan we nu? Met de uitbraak van de coronacrisis in het voorjaar van 2020 is er een nieuwe factor opgetreden met grote impact op het risicoprofiel. Aan de ene kant krijgen gemeenten flink minder geld binnen langs de bekende inkomstenkanalen (bijv.

opgeschorte huren en belastingbetalingen), terwijl ze aan de andere kant bedrijfsmatig geconfronteerd worden met toenemende kans op langdurig hogere uitgaven (bijv. meer cliënten in de bijstand, toename in financiële ondersteuning aan ZZP’ers, meer verzoeken om bijzondere bijstand, schuldhulpverlening, het overeind houden van cultuur, sportclubs etc.). Het is aannemelijk dat dit, in de wetenschap dat veel gemeenten al interen op hun reserves door de tekorten op jeugdzorg en de WMO, over een langere periode gaat knellen. Het risico dat gemeenten moeten gaan snijden in hun begrotingen is reëel. Veel uitkomsten van de coronacrisis zijn onzeker en pandemie duurt inmiddels al zo lang, dat de gevolgen in alle facetten van de samenleving merkbaar en daarmee verweven zijn. De gevolgen van de coronacrisis kunnen daarom ook niet meer los van andere ontwikkelingen gezien worden en zijn hieronder met elkaar verbonden. Daarbij hebben we ook met ontwikkelingen te maken, waarvan de gevolgen en risico’s niet direct meetbaar zijn. Denk aan de negatieve effecten op het welzijn, in het bijzonder de generatie kinderen en jongeren, en de relatie tussen overheid en burgers. De stemming in de samenleving is explosiever geworden, maar hoe zich dit op lange termijn uitkristalliseert is onzeker.

Risico decentralisaties in het sociaal domein, Barendrecht in GR BAR Het geconsolideerde risico decentralisatie sociaal domein blijft onverminderd groot en is door de coronacrisis waarschijnlijk groter geworden door een verhoogde aanspraak op budgetten, zowel op korte als lange termijn. Eind 2020 publiceerde het SCP ‘sociaal domein op koers’ en concludeert daarin dat de verwachte effecten van de decentralisaties nog niet op orde zijn. De zelfredzaamheid is niet toegenomen en de kosten zijn niet verminderd. Vrijwel alle gemeenten in Nederland kampen met niet sluitende begrotingen, vaak als gevolg van grote overschrijdingen in het sociaal domein. Zo ook in Barendrecht. De coronacrisis versterkt de druk op het sociaal domein. Door de impact op de gezondheid, welzijn en bestaanszekerheid wordt een toename verwacht van het aantal inwoners, dat bij gemeenten gaat aankloppen voor zorg, hulp en ondersteuning. Daarbij is het onzeker hoe lang de Rijksoverheid de extra kosten nog blijft compenseren. Het ligt niet in de lijn van de verwachting dat het Rijk onbegrensd de kosten van de lokale overheid voor de coronacrisis volledig blijft compenseren. Bovendien is het maken van een goede verdeling daarbij zeer gecompliceerd. Naast de bestaande regelingen voor de bijstand, komt er -naast het werk met de TOZOsteunregeling voor zelfstandigen - veel instroom bij.

Het probleem is dat de bijstand nu wordt verdeeld op basis van een model dat per individuele gemeente berekent hoe groot de kans is dat een huishouden in de bijstand komt. Dit verandert enorm, als gevolg van de coronacrisis, waardoor het model feitelijk niet langer bruikbaar is en reële inschattingen daarom lastiger zijn. Risicocluster uitvoering Jeugdwet- tekorten die ontstaan in de uitvoering van de Jeugdwet De coronacrisis heeft een grote impact op (het welzijn van) de jeugd, waardoor een grote toename op aanspraak van Jeugdzorg zeer aannemelijk is. De eerste cijfers, op basis van verschillende onderzoeken (er is nog geen totaalbeeld mogelijk), laten in 2020 een grote stijging zien op het gebied van: - aanmeldingen bij de jeugdpsychiatrie (60-70%)

Paragrafen

66

Jaarstukken 2020

- toename dwangvoedingen (20 x meer) - meer crisismeldingen (5 x meer) - 2,6 x meer kindermishandeling. - kinderen hebben meer last van somberheid en angstklachten. Het aantal kinderen dat jeugdzorg nodig heeft kan ook verder gaan stijgen doordat meer mensen in financiële problemen komen (vanuit onderzoek jeugdzorg: meer dan 70% van de problemen van jeugd heeft met de financiële situatie van de ouders te maken). De daadwerkelijke gevolgen voor de lange termijn zijn lastig te voorspellen. Faillissement van derden of instellingen bij wie borgstellingen, garanties, leningen of vorderingen uitstaan kan leiden tot onvoorziene uitgaven Het aantal faillissementen is niet toegenomen, maar het hangt ervan af hoe lang de nationale overheid nog steun toe blijft kennen. Er is momenteel sprake van een kunstmatig in de lucht houden van veel bedrijven, waardoor het aantal faillissementen in 2020 artificieel heel laag was in vergelijking met 2019. Risico invoering regelgeving AVG, informatiebeveiliging, wet meldplicht datalekken Dit risico is verhoogd door toename van gebruik van digitale technologie, online informatie, thuiswerken, meer druk op medewerkers en daardoor eventueel minder scherpe inachtneming van de richtlijnen omtrent informatiebeveiliging. Door grotendeels thuiswerken is er meer gelegenheid tot problemen met of inbraak in de ICT-systemen. Financiële en imagorisico’s a.g.v.

disfunctioneren van door de gemeente gesubsidieerde instellingen Denk aan de samenwerking tussen overheid en samenleving. De coronacrisis heeft impact op (subsidie)relaties met maatschappelijke partners: bieden van ondersteuning (financieel en vrijstelling van afspraken, minder bijdrage aan maatschappelijke doelstellingen). De onzekerheid (risico) schuilt in de vraag hoe lang deze situatie aanhoudt. Cluster WMO gerelateerde risico's. Overschrijding van budget(ten) Het is aannemelijk dat de uitvoering van de WMO veel lastiger en duurder is vanwege de coronamaatregelen en -aanpassingen. Er wordt een toename verwacht van aanvragen door mensen die langdurig last hebben van gevolgen door coronabesmetting of door uitgestelde zorg. Ook wordt een toename verwacht van mensen met psychische problemen (grotere druk op ggz) plus de gevolgen van eenzaamheid op lange termijn. Er komt ook een grotere druk op mantelzorgers en er zullen meer mantelzorgers nodig zijn. Bedrijfsvoeringsrisico’s BAR-organisatie De risico’s die in dit specifieke bedrijfsvoeringsprofiel zijn opgenomen, zijn schattingen die zo nauwkeurig mogelijk zijn gemaakt op basis van lokale en landelijke ontwikkelingen en actuele inzichten in mogelijke scenario’s. De dalende positieve trend die was ingezet, is doorbroken door de coronacrisis.

Dit heeft tot gevolg dat er ten aanzien van het risicoprofiel van de BAR-organisatie sprake is van een licht stijgende trend in omvang en aantal risico’s. Verbonden partij heeft een financieel tekort welke niet kan worden gedekt vanuit het weerstandsvermogen van desbetreffende partij/regeling Het risico is vergroot. Het is moeilijk om op dit moment al aan te geven bij welke verbonden partijen er gevolgen zijn van de coronacrisis en welke (financiële) afspraken er zijn gemaakt. Het aantal uitkeringsgerechtigden (BUIG) stijgt sneller dan voorzien Dit is een ontwikkeling die door de coronacrisis versterkt wordt. Mensen die nu werkloos zijn geworden komen eerst bij het UWV en over twee jaar bij de gemeenten. Een bijkomende ontwikkeling is dat de uitstroom uit de Participatiewet a.g.v. de coronacrisis laag is en in tijden van hoge werkloosheid dat vermoedelijk zal blijven. Onderwijsbeleid Door de coronacrisis zien we een ontwrichting van het onderwijs. Er is een toenemende druk op het onderwijs (leraren & organisatie), de gedeeltelijke sluiting van scholen zorgt voor toenemende ongelijkheid. Aandachtspunt is de ondersteuning van gezinnen en leerlingen in het mogelijk maken van thuisonderwijs (materiaal etc.). Verder zijn er meer jongeren en studenten die psychische druk en stress ervaren, waardoor voortgang en betrokkenheid onder druk staan.

De verwachting is dat er meer jongeren hun schooldiploma niet halen, die

Paragrafen

67

Jaarstukken 2020

daardoor een ongunstige start op de arbeidsmarkt hebben. De eerste cijfers over 2020 laten zien dat er 20% minder vooruitgang op school wordt geboekt. Risico: Lagere Algemene Uitkering gemeentefonds door wijziging in herverdelingsmaatstaven en/of bezuinigingen van het Rijk De vraag is of dit een risico blijft omdat uit de huidige herijkingsvoorstellen voor het gemeentefonds blijkt dat Barendrecht erop vooruit zal gaan.

Paragrafen

68

Jaarstukken 2020

3. § Onderhoud kapitaalgoederen Algemeen De kapitaalgoederen zijn de voorzieningen in de openbare ruimte, zoals wegen, openbare verlichting, riolering, groen en gebouwen. Het beheer ervan is de verantwoordelijkheid van de gemeente. Om veilig gebruik van de voorzieningen en langjarige instandhouding te verzekeren is onderhoud nodig. Onderhoud betreft dagelijkse, planmatige en vervangingsactiviteiten. Voorkomen moet worden dat door achterstallig onderhoud het onderhoud op langere termijn duurder wordt dan noodzakelijk. Het onderhoud van kapitaalgoederen betreft circa 20% van de begroting. De onderhoudskosten per kapitaalgoed zijn in beheerplannen opgenomen. Onderstaande tabel laat u zien welke beheerplannen er zijn. Erachter staat het gemeentelijk beleid waar het beheer van uitgaat. Beheerplan

Jaar van vaststelling

Jaar van herziening

Financiële reserve/ voorziening

Wegen, fiets- en voetpaden

2020

2024

Nee

Civiele Kunstwerken

2020

2024

Nee

Groen en Recreatie

2020

2024

Nee

gebieden

Gemeentelijk beleid - Integrale Visie Openbare Ruimte (2008).

- Bomenverordening (2013). - Groenbeleidsplan 'Barendrecht ziet groen' (2008). - Integrale Visie Openbare Ruimte (2008).

Openbare verlichting

2020

2024

Nee

- Appendix duurzaamheid (2015). - Beleidsplan openbare verlichting (2004).

Speelvoorzieningen

2020

2024

Nee

- Speelruimteplan 2010-2020 (2009).

Straatmeubilair en

2015

2021

Nee

Riolering

2017

2023

Ja

- Het Gemeentelijk Rioleringsplan 2018-2022.

Waterhuishouding

2020

2024

Nee

- Nota bodembeheer en bodemkwaliteitskaart van gemeente Barendrecht.

Ja

- Kadernota Vastgoed (2014).

- Notitie schoolpleinen (2013).

Verkeersvoorzieningen

- Parkeernota Barendrecht (2008). - Algemene Plaatselijke Verordening (APV).

Accommodaties

- Integraal HuisvestingsPlan (IHP) 2016.

Wegen, fiets- en voetpaden (verhardingen) Beheer en terugblik 2020 Het beheer van gemeentelijke wegen, zoals rondwegen, wijkontsluitingswegen, straten, fiets- en voetpaden, richt zich niet alleen op de verhardingen, maar ook op de afvoer van hemelwater en de bestrijding van het onkruid op de verharding. Naast landelijk geldende uitgangspunten voor onderhoud is rekening gehouden met vastgestelde kwaliteitsniveaus. Met periodieke inspecties, lokale metingen en schouwen wordt informatie verkregen over de toestand van de wegverhardingen. Met een geautomatiseerd beheerprogramma wordt de verkregen informatie vertaald naar een meerjarenplanning voor het dagelijks en planmatig onderhoud. Na afstemming met andere werkzaamheden en planontwikkelingen in de openbare ruimte wordt deze meerjarenplanning opgenomen in het beheerplan. Asfaltverhardingen moeten voor een belangrijk deel preventief worden onderhouden. Gebeurt dat niet, dan zijn ingrijpende (en duurdere) onderhouds- en herstelmaatregelen noodzakelijk. Er is dan sprake van kapitaalvernietiging. Elementenverharding kent geen kapitaalvernietiging. Bij uitstel loopt enkel de beeldkwaliteit terug. In 2020 zijn zowel asfalt- als elementenverhardingen vervangen. Waar mogelijk is dit gecombineerd met rioleringswerkzaamheden en de renovatie van speelplekken.

Paragrafen

69

Jaarstukken 2020

Civiele kunstwerken Beheer en terugblik 2020 Bruggen, tunnels en grondkerende constructies zijn ingedeeld in categorieën. De A-categorie is maatschappelijk het meest belangrijk. Deze kunstwerken worden minimaal eens in de 3 jaar geïnspecteerd. De B -categorie eens per 5 jaar en de C-categorie wordt alleen 10-jaarlijks geschouwd. Deze volgorde wordt ook toegepast bij het vaststellen van onderhouds- en vervangingsmaatregelen. Bij 17 bruggen in Carnisselande is aan de onderkant een extra leuningregel geplaatst. Dit verkleint het risico dat kinderen er tussendoor kunnen glijden. Verder zijn damwanden, dekdelen en slijtlagen vervangen. Openbaar groen Beheer en terugblik 2020 In de Integrale Visie Openbare Ruimte (IVOR) is zowel de inrichting & structuur als de beheerkwaliteit van de openbare ruimte vastgelegd. Samen met het groenbeleidsplan ‘Barendrecht ziet groen’, waarin de doelen voor de groenstructuur, groeninrichting en groenbeheer zijn vastgelegd, vormt de integrale visie de kaders en richtlijnen voor het beheer en onderhoud van het groen in de openbare ruimte. Voor het beheer van het groen zijn beheerkwaliteiten vastgesteld. In tegenstelling tot voorgaande jaren, wordt vanaf 2019 het openbaar groen onderhouden op basis van frequentie (dus niet meer op basis van beeldkwaliteit).

Het voordeel hiervan is dat voor iedereen duidelijk is, wanneer welke werkzaamheden waar worden uitgevoerd. Dit bevordert de communicatie richting inwoners. De belangrijkste ambities zijn: -het beheer van de bomen is gericht op een optimale begeleiding en ontwikkeling van de bomen en het structureel uitvoeren van boomveiligheidscontroles (strategisch boombeheer); -beheerbewust ontwerpen en ontwerpbewust beheren (bij herinrichting van de openbare ruimte wordt het gewenste eindbeeld van het groen vastgelegd en het beheer is gericht op het bereiken van dit eindbeeld); -bewoners betrekken bij de inrichting en beheer van het groen in de openbare ruimte. De grote groengebieden (Zuidelijk Randpark, Zuidpolder, Oude Maas, Wevershoek) zijn niet in beheer bij de gemeente. Staatsbosbeheer is beheerder van deze groengebieden. In 2020 is, aanvullend op het dagelijks onderhoud, inboet en vervangingsonderhoud uitgevoerd. Openbare verlichting Beheer en terugblik 2020 Naast de gemeente zijn ook andere beheerders verantwoordelijk voor de openbare ruimte met openbare verlichting. Zoals bijvoorbeeld de wegen met verlichting in eigendom van het Waterschap Hollandse Delta. De lichtmasten worden gemiddeld elke vier jaar visueel geïnspecteerd tijdens de lampvervanging. Stabiliteits/sterktemetingen van lichtmasten vinden plaats wanneer lichtmasten 40 jaar oud zijn.

Onveilige situaties, vaak gemeld door burgers en bedrijven, worden vaak direct direct opgelost. Armaturen hebben een gemiddelde levensverwachting van 25 jaar. De Buitenlandsebaan en Ziedwijdsebaan zijn voorzien van nieuwe lichtmasten met slimme ledverlichting. Daarnaast is een groot gedeelte van Nieuweland voorzien van nieuwe (led) armaturen. Speelvoorzieningen Beheer en terugblik 2020 De gemiddelde levensduur van speeltoestellen bedraagt 12 jaar. Daarbij is geen rekening gehouden met vandalisme, wel met slijtage door intensief gebruik en speelschade. De speelvoorzieningen worden vervangen aan de hand van een flexibel vervangingsschema, waarbij de budgetten voor de vervanging vrijkomen in het theoretische vervangingsjaar. Het moment van de daadwerkelijke vervanging van een speeltoestel wordt mede bepaald door de technische staat van het toestel. Gestreefd wordt om speelplekken zo veel mogelijk in zijn geheel te renoveren. Dit biedt immers nieuwe kansen om de inrichting nog beter te laten aansluiten op de vraag en het gewenste gebruik. De daadwerkelijke gebruikers worden zoveel mogelijk bij de inrichting betrokken. Dit gaat via een enquête, waarin bewoners en in het bijzonder kinderen een voorkeur voor speeltoestellen en/of wensen voor de speelplek kunnen opgeven. Met deze gegevens maken we een nieuw ontwerp voor de speelplek.

In 2020 zijn 20 van de in totaal 275 speelplekken vernieuwd.

Paragrafen

70

Jaarstukken 2020

Straatmeubilair Beheer en terugblik 2020 Straatmeubilair is het meubilair in de openbare ruimte dat niet primair wordt aangebracht om het verkeer te geleiden, maar te voorzien in behoeften van allerlei aard. Voorbeelden zijn zitbanken, fietsenrekken, hekwerken, afvalbakken, enzovoorts. Verkeersvoorzieningen is een verzamelbegrip voor wegmeubilair, zoals verkeersborden, wegbebakening, bewegwijzering, enzovoorts. Deze voorzieningen worden aangebracht om de verkeersveiligheid te vergroten en een veilige en vlotte verkeersafwikkeling te bevorderen. Het onderhoud richt zich op het schoon, bruikbaar, heel en veilig houden. De onderhoudsstrategie bestaat uit vervangen wat niet meer te repareren is en/of vervangen nadat de technische levensduur is bereikt. Daarbij wordt ook bekeken of het nog functioneel is en of het nog aan de behoefte voldoet. Verzoeken van burgers en bedrijven hebben daar invloed op. Riolering Beheer en terugblik 2020 Riolering heeft tot doel het beschermen van: de volksgezondheid, de kwaliteit van de leefomgeving, de bodem, het grond- en oppervlaktewater. De gemeente is daarom verantwoordelijk voor de inzameling van het stedelijk afvalwater en hemelwater. Daarnaast probeert zij eventuele nadelige gevolgen van de grondwaterstand te beperken.

Het beleid ten aanzien van het beheer van riolering is verankerd in het Gemeentelijk Rioleringsplan 2018-2022 (GRP), dat in 2017 door de raad is vastgesteld. De kosten worden gedekt binnen de rioolheffing. Ook wordt een voorziening opgebouwd voor toekomstige vervangingsinvesteringen. De kosten zijn opgedeeld in twee stromen: 1. het beheer- en onderhoud, exploitatiekosten; 2. vervangingsinvesteringen, die betrekking hebben op alle onderdelen van de (afval)waterketen. Jaarlijks wordt de gemeenteraad geïnformeerd over de uitvoering van het GRP. Eind maart 2021 is de gemeenteraad per brief geïnformeerd. Waterhuishouding Beheer en terugblik 2020 Op basis van kwaliteits- en kwantiteitsmetingen van de baggeraanwas op de waterbodem wordt bepaald welke gemeentelijke watergangen worden gebaggerd. Het Waterschap baggert haar eigen watergangen, maar als de aanliggende grond van de gemeente is, heeft de gemeente een ontvangstplicht van deze bagger. De gemeente betaalt voor het transporteren en afvoeren van deze bagger. Beschoeiingen worden op basis van inspecties vervangen. Veiligheid is vaak doorslaggevend voor de vervanging van een oeverbeschoeiing.

Helaas is als gevolg van de coronamaatregelen en de beperkingen rondom baggerafzet als gevolg van het strengere overheidsbeleid voor stoffen zoals PFAS, fosfor en ijzer het nagenoeg complex en tijdrovend om bagger kwijt te raken bij de reguliere stortplaatsen. Hierdoor is het niet gelukt om alle werkzaamheden in 2020 af te ronden en zullen de resterende werkzaamheden (begin) 2021 worden uitgevoerd. Tevens is in 2020 het UAV-GC-contract voor de verbetering van de waterkwaliteit en de beleving van het gebied Gaatkensplas in Barendrecht (samen met het gebied Koedoodseplas en Noordrand in Albrandswaard) voor 10 jaar gegund aan aannemingsbedrijf GKB uit Barendrecht.

Paragrafen

71

Jaarstukken 2020

Onderhoud openbare ruimte De uitgaven voor het onderhoud van de openbare ruimte in 2020 zijn als volgt: uitgaven openbare ruimte

2020

groen

2.429.395

wegen

2.082.705

riolering

1.812.864

openbare verlichting

721.298

straatreiniging

549.464

water

599.093

kunstwerken

146.029

gladheidsbestrijding

15.971

totaal

8.356.820

Accommodaties Beheer en terugblik 2020 Uitgangspunt voor het beheer en het onderhoud van de gemeentelijke accommodaties is het (blijven) bieden van een hoogwaardig voorzieningenniveau, met kwalitatief goede accommodaties. Met deze accommodaties faciliteert de gemeente beleidsdoelstellingen op het gebied van onderwijs, sport, cultuur, welzijn, etc. Het onderhoud is verdeeld in planmatig, dagelijks en storingsonderhoud. Het planmatig onderhoud richt zich op het voldoen aan conditiescore 3 (redelijk/schoon heel en veilig) en uiteraard aan de vigerende wet- en regelgeving. Om schommelingen in uitgaven voor planmatig onderhoud te compenseren is er een reserve onderhoud gebouwen. Dagelijks onderhoud is onderhoud dat vooraf niet voorzien kan worden en meestal door gebruikers gemeld wordt, ook wel meldingenonderhoud genoemd. Onvoorziene kostbare storingen en of wijzigingen in bouwregelgeving kunnen grote invloed hebben op het budget dagelijks onderhoud. Voor ieder gemeentelijk gebouw is een meerjarenonderhoudsprognose (MJOP) opgesteld. met “Conditiescore 3” conform de NEN 2767. Conditiescore Omschrijving conditie

Toelichting

1

Uitstekend

Incidenteel geringe gebreken

2

Goed

Incidenteel beginnende veroudering

3

Redelijk

Plaatselijk zichtbare veroudering. Functievervulling van gebouw- en installatiedelen niet in gevaar

4

Matig

Functievervulling van bouw- en installatiedelen in gevaar

5

Slecht

De veroudering is onomkeerbaar

6

Zeer slecht

Technisch rijp voor sloop

De gemeente streeft ernaar een voorbeeldfunctie te vervullen als het gaat om duurzaamheid en energiebesparing. Ook vanuit de wet Milieubeheer (31-08-2017) dienen we duurzame maatregelen toe te passen. Toepassing van duurzame maatregelen combineren wij indien mogelijk met planmatig en dagelijks onderhoud. Wanneer vanuit (veranderde) wet- en regelgeving aanpassingen nodig zijn, treden wij in overleg met gebruikers en/of (mede)eigenaren. Op deze wijze geven wij invulling aan participatie. In dit jaar zijn wij verder gegaan met de integratie van beleid en uitvoering op het gebied van duurzaamheid en energiebesparing. Bij diverse accommodaties zijn hiervoor maatregelen getroffen. Daarnaast is gewerkt aan een plan voor het verduurzamen van het gemeentelijk vastgoed dat in 2021 aan het college zal worden gepresenteerd.

Paragrafen

72

Jaarstukken 2020 Kerncijfers paragraaf kapitaalgoederen Onderdeel

Omschrijving

Gemalen

Bergbezinkvoorziening

Aantal

Eenheid

Gemalen

CVK (centrale verdeelkast)

Gemalen

Drukriool

Gemalen

Groot gemaal (droog)

2 stuks

Gemalen

Groot gemaal (nat)

60 stuks

Gemalen

Oppervlaktewatergemaal

Groen

Boom

22.870 stuks

Groen

Cultuurbeplanting

330.594 vierkante meter

Groen

Gras

2.061.156 vierkante meter

Groen

Haag

51.622 vierkante meter

Groen

Natuurlijke beplanting

226.412 vierkante meter

Kunstwerken

Fiets-voetbruggen

101 stuks

Kunstwerken

Overige kunstwerken

200 stuks

Kunstwerken

Verkeersbruggen/viaducten

46 stuks

Openbare verlichting

Armatuur

13.163 stuks

Openbare verlichting

Lamp

13.370 stuks

Openbare verlichting

Lichtmast

12.834 stuks

Riolering

Drukriolering

60.826 strekkende meter

Riolering

Rioolput

8.767 stuks

Riolering

Rioolvoorziening

Riolering

Vrijvervalleiding

Spelen

Kunstmatige valondergrond

Spelen

Schoolpleinen

Spelen

Speel en sportplekken

Spelen

Speeltoestellen

Verkeer

Markering

Verkeer

Verkeersbord

5.171 stuks

Verkeer

Verkeersteken (paal/drager)

3.831 stuks

Water

Natuurlijke oever

29.700 strekkende meter

Water

Natuurvriendelijke oever

4.522 strekkende meter

Water

Oeverbeschoeiing

90.329 strekkende meter

Water

Watergang

718.525 vierkante meter

Wegen

Asfalt

Wegen

Bestrating

Wegen

Goot

4.148 strekkende meter

Wegen

Kolken

31.937 stuks

Wegen

Overige verharding

28.371 vierkante meter

1 stuks 9 stuks 223 stuks

3 stuks

2 stuks 338.884 strekkende meter 7.603 vierkante meter 19 stuks 275 stuks 1.564 stuks 3.028.800 vierkante meter

784.871 vierkante meter 1.846.061 vierkante meter

Peildatum 31 december 2020

Paragrafen

73

Jaarstukken 2020

4. § Financiering Algemeen In deze financieringsparagraaf beschrijven wij in hoeverre de plannen en acties, die wij in de begroting 2020 hebben beschreven, zijn uitgevoerd. Naast de onderwerpen welke verplicht deel uit maken van de financieringsparagraaf, nemen wij u mee in een aantal ontwikkelingen die van belang zijn voor een goede uitvoering van de treasuryfunctie. Treasurystatuut De wettelijke kaders rondom de financieringsfunctie zijn vastgelegd in de Wet Financiering Decentrale Overheden (Fido). Beheersing van de financiële risico’s speelt daarin een belangrijke rol. De uitwerking van deze kaders is vastgelegd in de financiële verordening 2018 en het treasurystatuut 2018. Renterisicobeheer Risicobeheersing vormt één van de pijlers van de Wet Fido. Voor de bepaling van de renterisico’s die verbonden zijn aan de uitvoering van de treasuryfunctie zijn twee normen verplicht gesteld: De rente-risiconorm heeft betrekking op leningen met een looptijd vanaf 1 jaar en de kasgeldlimiet op leningen met een looptijd tot maximaal 1 jaar. Het doel van deze normen is om de budgettaire risico’s als gevolg van rentestijging te beperken. Kasgeldlimiet Met de kasgeldlimiet heeft de wetgever een norm gesteld voor het maximumbedrag aan kortlopende middelen (looptijd tot maximaal een jaar) waarmee de gemeente haar activiteiten mag financieren.

Het doel van deze limiet is het risico te voorkomen dat fluctuaties van de korte rente direct grote impact hebben op de rentelasten tijdens het boekjaar. Wanneer in drie opeenvolgende kwartalen de kasgeldlimiet wordt overschreden, dient dit te worden gemeld bij de toezichthouder, de Provincie, inclusief een plan om weer te voldoen aan de kasgeldlimiet. Voor de rente op kortlopende geldleningen geldt dat er vrijwel het hele jaar sprake is geweest van een negatief rentepercentage. Hierdoor ontvingen wij rente over de afgesloten kortlopende leningen. Het is daardoor financieel aantrekkelijk zo lang mogelijk gebruik te maken van kortlopende financiering. In onderstaand overzicht is de toetsing van de kasgeldlimiet voor het jaar 2020 opgenomen. Alleen in het eerste kwartaal 2020 hebben wij de kasgeldlimiet overschreden. Kasgeldlimiet (bedragen x € 1.000 ) Omvang begroting per 1-1-2020

€ 121.362 8,50%

Kasgeldlimiet in bedrag

€ 10.316

Omschrijving

bedragen x 1.000 euro 1e kw.

2e kw.

3e kw.

4e kw.

Totaal vlottende schuld

18.833

9.667

0

6.333

Totaal vlottende middelen

3.565

6.311

3.586

2.514

Gemiddeld saldo schuld (+) of overschot (-)

15.268

3.356

-3.586

3.819

Kasgeldlimiet

10.316

10.316

10.316

10.316

0

6.960

13.902

6.497

Ruimte onder kasgeldlimiet

Renterisiconorm De renterisiconorm heeft als doel de risico’s te beperken van een toekomstig stijgende kapitaalmarktrente bij herfinanciering (van aflossingen op bestaande leningen) en renteherzieningen op bestaande langlopende leningen. Door toepassing van deze norm ontstaat een goede spreiding van de langlopende leningenpositie, waardoor dit

Paragrafen

74

Jaarstukken 2020

renterisico gelijkmatig over de jaren wordt verdeeld. Jaarlijks komt maximaal 20% van het begrotingstotaal in aanmerking voor herfinanciering en/of renteherziening. Van renteherziening is sprake als in de leningsovereenkomst is bepaald dat de rente gedurende de looptijd in een bepaald jaar wordt aangepast. Onder herfinanciering verstaan we het afsluiten van nieuwe leningen ter vervanging van bestaande financieringen en/of aflossingen op de bestaande leningenportefeuille. In het volgende overzicht geven wij u een beeld van de renterisico’s voor de vaste schuld, waarin zichtbaar is dat we ook dit jaar onder de renterisiconorm zijn gebleven. RENTERISICONORM EN RENTERISICO'S VAN DE VASTE SCHULD (bedragen x 1.000) Renterisico op vaste schuld

2020

1. Netto renteherziening op vaste schuld

0

2. Betaalde aflossingen

10.274

3. Renterisico op vaste schuld (1+ 2)

10.274

Renterisiconorm 4a. Begrotingstotaal 2020

121.362

4b. Het bij ministeriële regeling vastgestelde percentage

20%

4. Renterisiconorm

24.272

Toets Renterisiconorm 5a Ruimte onder renterisiconorm (4 - 3)

13.998

Renteontwikkeling Renteontwikkelingen op de kapitaalmarkt zijn belangrijk vanwege de risico’s die ze voor ons in kunnen houden. Wij volgen de renteontwikkelingen daarom ook nauwlettend. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van de informatie van geldverstrekkers, waarbij we dagelijks de ontwikkelingen volgen. Zowel de korte als de lange rente zijn het afgelopen jaar laag gebleven. In onderstaande tabel geven wij u inzicht in het renteverloop van lineaire leningen met een looptijd van 20 jaar in de jaren 2019 en 2020. Af te lezen is dat de rente in 2020 nog steeds een dalende trend laat zien.

Paragrafen

75

Jaarstukken 2020

Liquiditeitsplanning en financieringsbehoefte Algemeen De financieringsbehoefte van de gemeente is afhankelijk van diverse factoren welke de inkomende en uitgaande kasstromen beïnvloeden, zoals de investeringsplanning, de inkomsten en uitgaven van grondexploitaties en mutaties in de geldleningenportefeuille. We maken gebruik van een liquiditeitsplanning om zicht te krijgen en houden op de financieringsbehoefte. Leningenportefeuille Begin 2020 was er tijdelijk sprake van een liquiditeitstekort. Voordat wij een langlopende lening aantrekken benutten wij eerst de wettelijk toegestane ruimte binnen de kasgeldlimiet door optimaal gebruik te maken van kortlopende leningen. Eind maart 2020 ontvingen wij de verkoopopbrengst van de aandelen Eneco. Mede door deze inkomst van ca. €18,4 miljoen hebben wij in 2020 geen nieuwe langlopende geldleningen hoeven af te sluiten; (tijdelijke) liquiditeitstekorten zijn gedurende 2020 met kasgeldleningen gefinancierd. De totale omvang van onze leningenportefeuille is hierdoor in 2020 afgenomen. In onderstaand overzicht is het verloop van de opgenomen langlopende leningen zichtbaar. Het gemiddelde van de rente (op basis van de stand per 1 januari) op langlopende leningen is gedaald naar 1,811% in 2020 ten opzichte van 2,31% in 2019. Overzicht Langlopende Leningen (bedragen x 1.000)

1-1-2020

1-1-2021

1-1-2022

1-1-2023

1-1-2024

Stand leningen

127.833

117.559

107.697

97.835

87.973

Nieuwe lening Reguliere aflossingen

0

0

0

0

0

10.274

9.862

9.862

9.862

9.862

Verstrekte leningen In onderstaand overzicht hebben wij voor u de leningen die aan derden zijn verstrekt in beeld gebracht. In 2020 zijn geen nieuwe leningen verstrekt. Kredietrisico op verstrekte leningen Saldo Naam geldnemer

Saldo

uitzetting

Mutaties

uitzetting

31-12-2019

in 2020

31-12-2020

(bedragen x 1.000)

%

Onderwijsgroep Zuid-Hollandse Waarden OZHW

var.

139

-139

0

Stichting Sportief Barendrecht

3,00

8

-8

0

Spruit B.V.

3,00

6

-2

4

Particulier i.v.m. grondverkoop

3,00

3

-2

1

BAR-Organisatie

n.v.t.

73

-30

43

228

-180

48

Totaal verstrekte gelden

Liquiditeitsplanning Om de treasuryfunctie adequaat te kunnen invullen is de beschikbaarheid van juiste, tijdige en volledige financiële informatie van essentieel belang. Met behulp van een betrouwbare liquiditeitsplanning krijgen wij een beter beeld van de te verwachten inkomsten en uitgaven en de mogelijke financieringsbehoefte. Het verloop van de inkomsten en uitgaven van investeringen en grondexploitaties blijft echter lastig te voorspellen. Continue verbetering van de sturing op de uitgaven en inkomsten is daarom nog steeds een aandachtspunt. Bij de tussenrapportages houden we u op de hoogte van relevante ontwikkelingen op dit gebied. Renteomslag In de paragraaf financiering van de begroting 2020 heeft u inzicht gekregen in de rentelasten en het renteresultaat. Ook de manier waarop rente wordt toegerekend aan investeringen, programma’s en taakvelden hebben wij daarin beschreven. Bij de begroting 2020 is de omslagrente vastgesteld op 1,4% en gedurende 2020 aangepast naar 1,1%. Het werkelijke percentage voor 2020 is 1,11%, zoals in onderstaand overzicht te zien is.

Paragrafen

76

Jaarstukken 2020

Schema rentetoerekening a1.

Externe rentelasten over lange financiering

+/+

2.315.130

a2.

Externe rentelasten over korte financiering

+/+

-38.317

b1.

Externe rentebaten over lange financiering

-/-

2.645

b2.

Externe rentebaten over korte financiering

-/-

Saldo rentelasten en rentebaten

2.274.168

c1.

Rente die doorberekend wordt aan de grondexploitaties

-/-

c2.

Rentelast projectfinanciering die doorgerekend wordt aan betreffende taakveld

-/-

c3.

Rentebaat projectfinanciering die doorgerekend wordt aan betreffende taakveld

+/+

Aan taakvelden toe te rekenen externe rente

271.901

2.002.267

d1.

Rente over het eigen vermogen

+/+

d2.

Rente over voorzieningen

+/+

Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente

2.002.267

e.

Werkelijk aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)

f.

Renteresultaat op het taakveld treasury

2.002.267

Toe te rekenen rente

2.002.267

Boekwaarde per 1-1-2020

-/-

179.600.396

Gemiddelde rente

1,11%

Kas -en relatiebeheer Wat betreft het kasbeheer hanteren we al een aantal jaren de volgende uitgangspunten: • het aantal bankrelaties en bankrekeningen wordt zoveel mogelijk beperkt; • dagelijks worden de liquiditeitsoverzichten onderhouden. De Rabobank is onze huisbankier en de BNG is van overheidswege een relatie. In alle gevallen is sprake van een goede relatie, waarbij wederzijds vertrouwen een belangrijke rol speelt. Verschillende kredietverstrekkers geven regelmatig adviezen over het aantrekken en uitzetten van gelden. Ook in 2020 is regelmatig gebruik gemaakt van de verschillende adviserende instanties, om op die manier optimaal te kunnen profiteren van de beschikbare financiële instrumenten. In ons treasurystatuut hebben wij de administratieve organisatie, interne controle en informatievoorziening uitvoerig beschreven. Schuldpositie In 2020 zijn de langlopende leningen met € 10,3 miljoen en de kortlopende leningen met € 5,5 miljoen afgenomen, zoals in het kasstroomoverzicht hierna te zien is. De voornaamste reden voor de afname van de leningenportefeuille is de ontvangst van de verkoopopbrengst van de aandelen Eneco van ca. € 18,4 miljoen eind maart. Operationeel was er een overschot van € 15.804.295, waar een afname aan financiering van € 15.789.429 tegenover staat.

Paragrafen

77

Jaarstukken 2020

Kasstroomoverzicht Omschrijving

mutatie in 2020 +

-

Operationeel Financiële vaste activa

336.715

(Im)materiële vaste activa

4.455.273

Voorraden (grondexploitaties)

307.623

Uitzettingen looptijd korter dan 1 jaar

3.408.328

Overlopende activa

4.124.762

Eigen vermogen/resultaat voor bestemming

18.926.710

Voorzieningen

877.504

Nog te betalen bedragen

1.452.019

Overlopende passiva

2.301.609

1

Subtotaal operationeel

25.997.419

2

Saldo operationeel (overschot)

10.193.124 15.804.295

Financiering

3

4=3-2

Kortlopende leningen

5.500.000

Langlopende leningen

10.289.429

Saldo financiering (afname)

15.789.429

Saldo operationeel + financiering

14.866

Mutatie liquide middelen in 2020

14.866

EMU-saldo Het EMU-saldo is het saldo van inkomsten en uitgaven op transactiebasis in een bepaalde periode. Eenvoudig gezegd geeft het EMU-saldo aan of er in een bepaald jaar met reële transacties meer geld uitgegeven is dan er in dat jaar is binnengekomen. Het EMU-saldo is daarmee een indicatie voor de ontwikkeling van de liquiditeitsen financiële positie (eigen vermogen en schulden) van de gemeente(n). Het EMU-saldo van gemeenten draagt bij aan het totale saldo in Nederland. Om de afzonderlijke decentrale overheden een beeld te geven wat dit voor hen betekent, publiceert het Ministerie BZK in lijn met de Wet Houdbaarheid overheidsfinanciën (Wet Hof) individuele EMU-referentiewaarden. Een individuele EMUreferentiewaarde betreft geen norm, maar een indicatie van het aandeel dat een provincie of gemeente in de gezamenlijke tekortnorm heeft. Voor de gemeente Barendrecht is voor 2020 een referentiewaarde van € 4.426.000 als negatief EMU-saldo berekend. In 2020 heeft Barendrecht deze referentiewaarde iets overschreden. Hier zijn geen sancties aan verbonden. Hieronder is het overzicht van het EMU-saldo over 2020 opgenomen: Overzicht EMU-saldo

2020

(Im)materiële vaste activa

-4.455.273

Voorraden (grondexploitaties)

307.623

Eigen vermogen/resultaat voor bestemming

18.926.710

Voorzieningen

-877.504

Boekwinst verkoop financiële vast activa

-18.418.685

Totaal EMU-saldo

-4.517.129

- = tekort en + = overschot

Paragrafen

78

Jaarstukken 2020

5. § Bedrijfsvoering GR BAR-organisatie De bedrijfsvoering wordt vanaf 1 januari 2014 door de GR BAR-organisatie uitgevoerd. Voor een toelichting op de bedrijfsvoering verwijzen wij u naar de jaarstukken 2020 van de GR BAR-organisatie. Onderdeel van de paragraaf bedrijfsvoering is de rapportage over informatieveiligheid:

5.1 § informatieveiligheid

Paragrafen

79

Jaarstukken 2020

Paragrafen

80

Jaarstukken 2020

Paragrafen

81

Jaarstukken 2020

Paragrafen

82

Jaarstukken 2020

6. § Verbonden partijen Inleiding In deze paragraaf wordt eerst de gemeentelijke visie op verbonden partijen beschreven. Vervolgens wordt per verbonden partij specifieke informatie aangegeven. De verbonden partijen zijn daarbij gerangschikt naar de soorten: - gemeenschappelijke regelingen; - vennootschappen en coöperaties; - stichtingen en verenigingen; - overige verbonden partijen. Inhoudelijke beleidsontwikkelingen zijn opgenomen in de programma’s van deze begroting. De gemeente Barendrecht heeft de kadernota verbonden partijen vastgesteld voor de periode 2016 – 2020. Het doel van deze nota is een methodiek te ontwikkelen waarmee de bestaande verbonden partijen kunnen worden beoordeeld en aangestuurd. De nota sluit aan bij de nieuwe Wet gemeenschappelijke regelingen die per 1-12015 van kracht is en tot doel heeft de democratische legitimatie te versterken. Als de uitvoering van een publieke taak aan een verbonden partij is overgedragen, is het onvermijdelijk dat (volledige) directe invloed/sturing door de gemeente niet langer aan de orde is. Dit omdat de verbonden partij een eigen bestuur heeft waarin meerdere gemeenten zijn vertegenwoordigd. Om de invloed van de gemeente op verbonden partijen te optimaliseren is in de nota een methodiek opgenomen die deze optimalisatie van invloed moet bewerkstelligen.

De invloed van het gemeentebestuur op een verbonden partij is het grootst als deze zich richt op de voorkant van de processen van de verbonden partij. De methodiek die kan worden ingezet om de invloed passend te laten zijn bij de situatie bestaat uit: het proces van positiebepaling; een governance-scan, het bepalen van een passend aansturingsscenario en het daarbij passende instrumentarium.

Paragrafen

83

Jaarstukken 2020

Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond (VRR) Rechtsvorm

Gemeenschappelijke Regeling (openbaar lichaam)

Vestigingsplaats

Rotterdam

Doelstelling en openbaar belang

(Brand)veiligheid, vervoer van zieken en ongeval slachtoffers, geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen, rampenbestrijding en crisisbeheersing met inbegrip van de multidisciplinaire samenwerking en de Gemeenschappelijke meldkamer. De vorming van veiligheidsregio’s heeft als doelstelling de versterking van de bestuurlijke aansturing van de rampenbestrijding en crisisbeheersing op regionaal en nationaal niveau, alsmede de versterking van de geneeskundige hulpverlening en het regionale beheer van de brandweer.

Relatie met programma

1 Veilige, aantrekkelijke woonomgeving

Deelnemende partijen

15 gemeenten uit het Rijnmond gebied nemen deel aan de VRR

Bestuurlijk belang

Burgemeester Van Belzen is lid van het Algemeen Bestuur (+1 plaatsvervangend lid). Bij het nemen van besluiten door het algemeen bestuur brengen de leden voor de gemeente die zij vertegenwoordigen ieder één stem uit, met uitzondering van de leden die een gemeente vertegenwoordigen met een inwonertal boven 50.000. Zij brengen voor elk volgend 50.000tal, of gedeelte daarvan, één stem meer uit tot een maximum van elf stemmen per gemeente.

Financieel belang

De bijdrage van Barendrecht voor 2020 is: € 2.305.859

Eigen vermogen

01-01-2020: € 10.676.209 31-12-2020: € 13.067.221

Vreemd vermogen

01-01-2020: € 59.724.916 31-12-2020: € 70.887.141

Financieel resultaat

2020: € 1.958.000

Risico's

Vrijwaring van gemeenten voor aansprakelijkheid van niet verzekerbare risico's, actiecentra en overdracht (beheer) meldkamer aan LMS, wegvallen en niet toereikend zijn van LECgelden, inwerkingtreding Omgevingswet, spreiding en beschikbaarheid ambulancezorg, gevolgen van (veranderde) wet- en regelgeving niet tijdig op kunnen vangen, vertraagd tempo en of onvoldoende aanpassing bijdragen van stakeholders van de VRR t.b.v. kostenontwikkeling, deeltijdregeling brandweervrijwilligers, alarmering bevolking, personele capaciteit brandweer, bestaansrecht organisatie / ontwikkelagenda VRR, duurzame piketorganisatie, vakbekwaamheid, effecten en kosten als gevolg van grote crises.

Ontwikkelingen

Effect van corona, WNRA m.b.t. ontwikkelingen regelgeving vrijwilligers.

Paragrafen

84

Jaarstukken 2020

Gemeenschappelijke Regeling Samenwerking Vastgoedinformatie, Heffing en Waardebepaling (SVHW) Rechtsvorm

Gemeenschappelijke Regeling (openbaar lichaam)

Vestigingsplaats

Klaaswaal

Doelstelling en openbaar belang

Het SVHW houdt zich bezig met de heffing en invordering van gemeentelijke belastingen, de waardebepaling, in het kader van de wet WOZ.

Relatie met programma

Algemene Dekkingsmiddelen

Deelnemende partijen

Een Waterschap, RAD en 20 gemeenten

Bestuurlijk belang

Bevoegdheden van het College m.b.t. heffing en invordering belastingen, WOZ is overgedragen aan de VP. Het Algemeen Bestuur is het hoogste bestuursorgaan van het SVHW. De gemeente is vertegenwoordigd in de Ambtelijke Commissie: 1 lid (accounthouder VP), het Algemeen- en Dagelijks Bestuur: 1 lid (wethouder Bults).

Financieel belang

De bijdrage van Barendrecht voor 2020 is: € 370.450

Eigen vermogen

01-01-2020: € 1.440.000 31-12-2020: € 693.000

Vreemd vermogen

01-01-2020: € 1.710.000 31-12-2020: € 1.627.000

Financieel resultaat

2020: -/-€ 102.000

Risico's

Uittreding van deelnemers waardoor de kosten voor de overgebleven deelnemers gaan stijgen.

Ontwikkelingen

Door gemeentelijke herindelingen (fusies van gemeenten) bij de deelnemers van de GR SVHW neemt het aantal deelnemers af. Dit heeft echter geen nadelige financiële gevolgen.

Gemeenschappelijke Regeling DCMR Milieudienst Rijnmond (DCMR) Rechtsvorm

Gemeenschappelijke Regeling (openbaar lichaam)

Vestigingsplaats

Schiedam

Doelstelling en openbaar belang

Advisering en ondersteuning van gemeentelijke milieutaken. De DCMR heeft een algemene adviestaak met betrekking tot milieu, adviseert ten aanzien van vergunningverlening en handhaving in het kader van de wettelijke taken als gevolg van de Wet Milieubeheer en ondersteunt de gemeente t.a.v. de uitvoering van het Besluit Bodemkwaliteit.

Relatie met programma

3 Verduurzamen

Deelnemende partijen

15 Rijnmondgemeenten en de provincie Zuid-Holland

Bestuurlijk belang

1 lid Algemeen Bestuur (wethouder De Jonge).

Financieel belang

De bijdrage van Barendrecht voor 2020 is: € 590.683

Eigen vermogen

01-01-2020: € 4.545.000 31-12-2020: € 6.038.000

Vreemd vermogen

01-01-2020: € 10.246.000 31-12-2020: € 9.969.000

Financieel resultaat

2020: € 1.964.000

Risico's

De financiële positie van gemeentelijke participanten versus de budgetvraag voor nieuwe taken.

Ontwikkelingen

Met de prioriteiten zoals aangegeven in de begroting 2020 is gewerkt aan vergunningverlening, toezicht en handhaving en is geadviseerd over ruimtelijke plannen en duurzaamheid. De uitvoering van de DCMR-taken moest begin 2020 worden aangepast als gevolg van de coronamaatregelen. In korte tijd zijn nieuwe werkwijzen ontwikkeld, zoals

Paragrafen

85

Jaarstukken 2020

Gemeenschappelijke Regeling DCMR Milieudienst Rijnmond (DCMR) video-inspecties, toezicht-op-afstand en de inzet van drones. Het is gelukt om de uren-inzet en de productie zoveel mogelijk volgens planning uit te voeren.

Gemeenschappelijke Regeling Gezondheidsdienst Rotterdam-Rijnmond (GGD Rotterdam-Rijnmond) Rechtsvorm

Gemeenschappelijke Regeling (openbaar lichaam)

Vestigingsplaats

Rotterdam

Doelstelling en openbaar belang

Gezamenlijke uitvoering wettelijke verplichtingen van gemeenten in het kader van de Wet Publieke Gezondheid. De doelstelling: Een evenwichtig productenaanbod zoveel mogelijk gericht op lokale problematiek. In zijn algemeenheid het verbeteren van de volksgezondheid van de bevolking.

Relatie met programma

2 Zorgen voor elkaar

Deelnemende partijen

Gemeenten regio Rijnmond

Bestuurlijk belang

De gemeente heeft bestuurlijke inbreng als lid van het Algemeen Bestuur (wethouder Roopram).

Financieel belang

De bijdrage van Barendrecht voor 2020 is: €346.851

Eigen vermogen

01-01-2020: Niet van toepassing 31-12-2020: Niet van toepassing

Vreemd vermogen

01-01-2020: Niet van toepassing 31-12-2020: Niet van toepassing

Financieel resultaat

2020: Niet van toepassing

Risico's

De GGD-RR is onderdeel van het concern gemeente Rotterdam. Rotterdam is volledig risicodrager van de GGD-RR en de GR.

Ontwikkelingen

De coronacrisis.

Paragrafen

86

Jaarstukken 2020

Gemeenschappelijke Regeling voor het Natuur- en Recreatiegebied IJsselmonde (NRIJ) Rechtsvorm

Gemeenschappelijke Regeling (openbaar lichaam)

Vestigingsplaats

Schiedam

Doelstelling en openbaar belang

Beheer, ontwikkeling en onderhoud van recreatieve groengebieden in IJsselmonde.

Relatie met programma

1 Veilige, aantrekkelijke woonomgeving

Deelnemende partijen

Albrandswaard, Barendrecht, Hendrik-Ido Ambacht, Ridderkerk, Rotterdam, Zwijndrecht en provincie Zuid-Holland

Bestuurlijk belang

1 lid van het Algemeen Bestuur en Dagelijks Bestuur (wethouder Luijendijk).

Financieel belang

De bijdrage van Barendrecht voor 2020 is: € 349.648

Eigen vermogen

01-01-2020: € 4.263.344 31-12-2020: € 4.330.503

Vreemd vermogen

01-01-2020: € 0 31-12-2020: € 0

Financieel resultaat

2020: € 27.940

Risico's

Minder inkomsten, meer uitgaven.

Ontwikkelingen

Structurele tekorten middellange termijn.

Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond (GRJR) Rechtsvorm

Gemeenschappelijke Regeling (openbaar lichaam)

Vestigingsplaats

Rotterdam

Doelstelling en openbaar belang

Het beschikbaar houden van specialistische zorg en van 7/24 crisisopvang. Het realiseren van schaalvoordelen. Het delen van kennis en expertise. De GR heeft tot taak de gemeenschappelijke inkoop van jeugdhulp zodanig vorm te geven dat lokale ambities kunnen worden gerealiseerd. De visie en doelen van de GR zijn daarmee een optelsom van de beleidsvoornemens van de deelnemende gemeenten.

Relatie met programma

2 Zorgen voor elkaar

Deelnemende partijen

Albrandswaard, Barendrecht, Brielle, Capelle aan den IJssel, Goeree-Overflakkee, Hellevoetsluis, Krimpen aan den IJssel, Lansingerland, Maassluis, Nissewaard, Ridderkerk, Schiedam, Vlaardingen, Westvoorne en Rotterdam

Bestuurlijk belang

1 lid van het Algemeen Bestuur (wethouder Roopram)

Financieel belang

De bijdrage van Barendrecht voor 2020 is: € 6.435.821

Eigen vermogen

01-01-2020: € 0 31-12-2020: € 0

Vreemd vermogen

01-01-2020: € 0 31-12-2020: € 0

Financieel resultaat

2020: -/-€ 3.261.627

Risico's

Deelnemende gemeenten zijn alle 15 volledig risicodragend.

Ontwikkelingen

Vanuit de kwartaalcijfers constateren we dat de uitnutting van het budget vooralsnog conform begrotingswijziging 2020 verloopt. Wel zijn er knelpunten op het ambulante perceel E, de verwijzingen naar dit perceel lopen met name via de huisartsen. De wachttijden op perceel E zijn lang en inzet van extra budget heeft dit niet opgelost.

Paragrafen

87

Jaarstukken 2020

Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond (GRJR) Verbeteringen in de bedrijfsvoering en samenwerking van de verschillende zorgaanbieders hebben nu de focus.

Gemeenschappelijke Regeling Nieuw Reijerwaard (GRNR) Rechtsvorm

Gemeenschappelijke Regeling (openbaar lichaam)

Vestigingsplaats

Ridderkerk

Doelstelling en openbaar belang

De gemeenten Barendrecht, Ridderkerk en Rotterdam hebben gezamenlijk de ontwikkeling van Nieuw Reijerwaard op zich genomen. Hiertoe hebben zij per 1 januari 2012 de Gemeenschappelijke Regeling Nieuw Reijerwaard (GRNR) opgericht. De GRNR heeft de opdracht om een 96 hectare groot bedrijventerrein, de daarbij horende ontsluiting en de aanleg van een groene corridor te realiseren in Nieuw Reijerwaard in Ridderkerk.

Relatie met programma

1 Veilige, aantrekkelijke woonomgeving

Deelnemende partijen

Barendrecht, Ridderkerk, Rotterdam

Bestuurlijk belang

Het Algemeen Bestuur bestaat uit tien leden, de voorzitter inbegrepen. De raden van Barendrecht en Ridderkerk wijzen uit hun midden, de voorzitter van de raad inbegrepen, en uit de wethouders (De Jonge en Proos), elk vier leden en twee plaatsvervangend leden aan. Van deze vier leden respectievelijk twee plaatsvervangend leden dienen ten minste twee leden respectievelijk één plaatsvervangend lid deel uit te maken van het college van burgemeester en wethouders. De raad van Rotterdam wijst uit de voorzitter van de raad en uit de wethouders, twee leden en twee plaatsvervangende leden aan. Het voorzitterschap rouleert jaarlijks.

Financieel belang

De bijdrage van Barendrecht voor 2020 is: € 0

Eigen vermogen

01-01-2020: € 0 31-12-2020: € 0

Vreemd vermogen

01-01-2020: € 126.400.000 31-12-2020: € 71.200.000

Financieel resultaat

2020: € 0

Risico's

33,3%

Ontwikkelingen

De marktontwikkelingen zijn positief, ondanks corona, er is groeiende interesse.

Paragrafen

88

Jaarstukken 2020

Gemeenschappelijke Regeling BAR-Organisatie Rechtsvorm

Gemeenschappelijke Regeling (openbaar lichaam)

Vestigingsplaats

Barendrecht

Doelstelling en openbaar belang

Doel van de regeling is het bewerkstelligen van een kwalitatief hoogwaardige en een doelmatige uitvoering door het openbaar lichaam van de door de deelnemende gemeenten opgedragen taken. In samenwerking ten behoeve van de drie gemeenten het werkgeverschap en de inkoopfunctie uit te voeren. Het doel van de samenwerking is om door het samenvoegen van grote delen van de ambtelijke organisatie de burgers van de drie gemeenten kwalitatief hoogstaande dienstverlening te bieden. Er wordt invulling gegeven op zeven inhoudelijk verbindende thema's van de drie gemeenten. Deze thema's zijn: Duurzaamheid, Veiligheid, Economie, Maatschappij, Voorzieningen, Ruimte en Mobiliteit.

Relatie met programma

6 Bestuur en organisatie

Deelnemende partijen

Barendrecht, Albrandswaard en Ridderkerk

Bestuurlijk belang

Het Algemeen Bestuur is het hoogste bestuursorgaan van de BAR-organisatie en bestaat uit de drie colleges van de 3 BAR-gemeenten (Barendrecht, Albrandswaard en Ridderkerk). Dit bestuur vergadert vier keer per jaar. Het Dagelijks bestuur bestaat uit zes leden (van het algemeen bestuur), twee van elke deelnemende gemeente, te weten wethouder Schaap en burgemeester Van Belzen, de voorzitter meegerekend.

Financieel belang

De bijdrage van Barendrecht voor 2020 is: € 29.569.330

Eigen vermogen

01-01-2020: € 0 31-12-2020: € 0

Vreemd vermogen

01-01-2020: € 863.000 31-12-2020: € 424.800

Financieel resultaat

2020: € 2.209.307

Risico's

Juiste uitvoering van nieuwe wet- en regelgeving o.a. op het gebied van privacy en gegevensbeveiliging. Juiste uitvoering van Europese wet- en regelgeving.

Ontwikkelingen

Verdere uitvoering BAR 2020. Uitvoering ondersteuningsmaatregelen corona.

Paragrafen

89

Jaarstukken 2020

Gemeenschappelijke Regeling Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) Rechtsvorm

Gemeenschappelijke Regeling (openbaar lichaam)

Vestigingsplaats

Den Haag

Doelstelling en openbaar belang

Verbetering Economisch Vestigingsklimaat en Bereikbaarheid van de regio.

Relatie met programma

6 Bestuur en organisatie

Deelnemende partijen

23 gemeenten

Bestuurlijk belang

Vertegenwoordiging in het Algemeen Bestuur door burgemeester Van Belzen.

Financieel belang

De bijdrage van Barendrecht voor 2020 is: € 130.484

Eigen vermogen

01-01-2020: € 22.023.344 31-12-2020: € 30.206.237

Vreemd vermogen

01-01-2020: € 0 31-12-2020: €0

Financieel resultaat

2020: € 777.000

Risico's

Financiële problemen bij een vervoerbedrijf, financiële tegenvallers en vertraging bij grote infrastructurele projecten.

Ontwikkelingen

Corona zorgt voor wegvallen opbrengsten vervoerbedrijven uit kaartverkoop. Dit raakt de MRDH-exploitatie niet direct. Het Rijk heeft de vervoerbedrijven steunpakketten geboden.

Landschapstafel IJsselmonde Rechtsvorm

Bestuursovereenkomst

Vestigingsplaats

Rotterdam

Doelstelling en openbaar belang

1. Komen tot afstemming van beleid, uitvoering en monitoring ten aanzien van de groen- en recreatiegebieden op IJsselmonde ten einde de kwaliteit van het landschap in stand te houden c.q. te verbeteren; 2. Samen werken aan het Uitvoeringsprogramma ‘Groen IJsselmonde’ om een stimulans te geven aan en te komen tot een recreatief aantrekkelijk, toegankelijk en bruikbaar groen landschap, waardoor ook kan worden bijgedragen aan de economische ontwikkeling van IJsselmonde; 3. Inzetten op afstemming van het beheer van de groen- en recreatiegebieden op IJsselmonde, het stellen van kaders voor het beheer en streven naar een verbetering van de efficiëntie in beheer in overleg met de terrein beherende instanties.

Relatie met programma

6 Bestuur en organisatie

Deelnemende partijen

Gemeenten Barendrecht, Albrandswaard, Ridderkerk, Hendrik-Ido-Ambacht, Zwijndrecht en Rotterdam.

Bestuurlijk belang

1 lid in bestuur (wethouder Luijendijk)

Financieel belang

De bijdrage van Barendrecht voor 2020 is: € 24.357

Eigen vermogen

01-01-2020: Niet van toepassing 31-12-2020: Niet van toepassing

Vreemd vermogen

01-01-2020: Niet van toepassing 31-12-2020: Niet van toepassing

Financieel resultaat

2020: Niet van toepassing

Risico's

Geen

Ontwikkelingen

De Provincie Zuid Holland heeft haar deelname aan de Landschapstafel beëindigd en het budget cofinanciering is hierdoor automatisch gestopt.

Paragrafen

90

Jaarstukken 2020

Centrum Jeugd en Gezin Rijnmond Rechtsvorm

Stichting

Vestigingsplaats

Rotterdam

Doelstelling en openbaar belang

CJG Rijnmond treedt op als uitvoerder van de wettelijke gemeentelijke taken op het gebied van de jeugdgezondheidszorg. Het CJG is de plek waar ouders en verzorgers, kinderen, jongeren en professionals terecht kunnen voor ondersteuning en advies over opgroeien, opvoeden en gezondheid.

Relatie met programma

2 Zorgen voor elkaar

Deelnemende partijen

Albrandswaard, Barendrecht, Brielle, Goeree-Overflakkee, Hellevoetsluis, Krimpen aan den IJssel, Lansingerland, Maassluis, Nissewaard, Ridderkerk, Rotterdam, Schiedam, Vlaardingen en Westvoorne.

Bestuurlijk belang

Vertegenwoordiging in de Raad voor het Publiek Belang (wethouder Roopram).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10384202/1