Bestemmingsplan Perceel Dudokdreef
Tekst van het document
10
1.49
Perceel
Een of meerdere aaneengesloten bij elkaar horende en in het gebruik een eenheid vormende grond cq. gronden. 1.50
Perceelsgrens
Een grens tussen twee percelen. 1.51
Productiegebonden detailhandel
Detailhandel in goederen die ter plaatse worden vervaardigd, geteeld, gerepareerd en/of toegepast in het productieproces, waarbij de detailhandelsfunctie ondergeschikt is aan de productiefunctie. 1.52
Prostitutie
Het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen voor of met een ander tegen vergoeding of betaling. 1.53
Seksinrichting
De voor het publiek toegankelijke besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in de omvang alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht, of vertoningen van erotisch/pornografische aard plaatsvinden. Onder seksinrichtingen wordt in ieder geval verstaan: een prostitutiebedrijf, een erotische massagesalon, een seksbioscoop, seksautomatenhal, sekswinkel, sekstheater of een parenclub, al dan niet in combinatie met elkaar. 1.54
Staat van Bedrijfsactiviteiten
Lijst met bedrijfsactiviteiten ingedeeld naar toelaatbaarheid in relatie tot de afstand tot al dan niet milieugevoelige locaties of gebieden, zoals opgenomen in bijlage 1. 1.55
Verbeelding
Analoge en/of digitale verbeelding (weergave) van het plangebied. 1.56
Verkeersvoorzieningen
Voorzieningen ten behoeve van verkeer, waaronder: (spoor)wegen, fiets- en wandelpaden, parkeervoorzieningen, verkeerslichten, verkeersregelinstallaties, halteplaatsen, openbaar vervoersvoorzieningen, oversteekplaatsen, praatpalen, straatmeubilair, trottoirs, groen en bermen, woonerven, duikers, kruisende infrastructuur, geluidswerende voorzieningen en overige vergelijkbare verkeersvoorzieningen. 1.57
Verkoopvloeroppervlak
De in een winkel voorkomende voor de uitstalling en de verkoop van detailhandelsartikelen bedoelde oppervlakte. Dit is in het algemeen de (inpandige) voor het publiek zichtbare en toegankelijke vloeroppervlakte inclusief die van de etalage, vitrine, toonbank- en kassaruimte (plus de loopruimte voor het personeel daarachter), schappen, paskamers, ruimten voor winkelwagentjes en lege dozen evenals de vloeroppervlakte van entresols (met voor klanten voldoende hoogte). Onder de WVO vallen (dus) niet de uitsluitend voor het personeel bedoelde ruimten en niet de ruimten betrekking hebbend op bedrijfskantoor, portiek, ambacht, reparatie, opslag, magazijn, sanitair en distributieruimten ten behoeve van de verwerking van bestellingen evenals van de door personeel bediende diepvries- en koelcellen.
Bestemmingsplan ‘Perceel Dudokdreef’ Regels Vaststelling d.d. 11 mei 2021
11
1.58
Voorgevel
De gevel van het hoofdgebouw die door zijn aard, functie, constructie of uitstraling als belangrijkste gevel kan worden aangemerkt. 1.59
Voorkant
De voorkant van een gebouw is de zijde van het gebouw die achter en evenwijdig of nagenoeg evenwijdig aan de voorgevel ligt. 1.60
Woning
Een gebouw of een gedeelte van een gebouw dat geschikt en bestemd is voor huisvesting van niet meer dan één huishouden in continue samenstelling, waarin geen kamerverhuur wordt bedreven en dat niet is gelegen in logiesgebouwen, zoals pensions en hotels. 1.61
Woonfunctie
Gebruiksfunctie voor wonen betrekking hebbend op een gebouw of een gedeelte van een gebouw dat de gebruiksfunctie “wonen” heeft.
Bestemmingsplan ‘Perceel Dudokdreef’ Regels Vaststelling d.d. 11 mei 2021
12
Artikel 2 2.1
Wijze van meten
Afstand
Afstanden tussen bouwwerken onderling alsmede afstanden van bouwwerken tot perceelsgrenzen worden daar gemeten waar deze afstanden het kleinst zijn. 2.2
Bouwhoogte van een bouwwerk
Vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. 2.3
Dakhelling
Langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak. 2.4
Goothoogte van een bouwwerk
Vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel. 2.5
Hoogte van een windturbine
Vanaf het peil tot aan de (wieken)as van de windturbine 2.6
Hoogte van een bouwlaag
Verticale maat tussen de bovenzijde van de vloeren van geheel of gedeeltelijk onder elkaar gelegen bouwlagen. 2.7
Inhoud van een bouwwerk
Tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen. 2.8
Oppervlakte van een bouwwerk
Tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk. 2.9
Peil
a. voor gebouwen die onmiddellijk aan de as van de weg grenzen of waarvan de hoofdtoegang minder dan 1 m van de weg ligt: de hoogte van de bovenkant van die weg; b. in andere gevallen en voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde: de gemiddelde hoogte van het aansluitende afgewerkte maaiveld ter plaatse van de hoofdtoegang; c. indien wordt gebouwd in of aan een dijk, waterkering of in gebieden waar het peil op een perceel een verhang kent van meer dan 1 m: 1. voor gebouwen voor zover gelegen binnen een zone van ten hoogste 12 m uit de grens van een hoofdbestemming Verkeer: de hoogte van bovenkant van die weg; 2. voor gebouwen en andere bouwwerken buiten deze zone: de gemiddelde hoogte van het aansluitende afgewerkte terrein.
Bestemmingsplan ‘Perceel Dudokdreef’ Regels Vaststelling d.d. 11 mei 2021
13
Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels Artikel 3
Groen
3.1
Bestemmingsomschrijving
3.1.1
Algemeen
De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. groenvoorzieningen, bermen en beplanting; b. parken en plantsoenen; met daaraan ondergeschikt: c. bij de bestemming behorende bouwwerken en voorzieningen; d. nutsvoorzieningen. 3.1.2
Specifiek
Ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van groen - groenstrook' zijn de gronden uitsluitend bestemd voor een groenstrook, ter afscheiding dienende tussen het plangebied en de omliggende percelen. 3.2
Bouwregels
Op de in lid 3.1 bedoelde gronden mogen uitsluitend bouwwerken ten dienste van de bestemming worden gebouwd, waarbij de volgende regels gelden: 3.2.1
Gebouwen
Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende bouwregels: a. uitsluitend nutsvoorzieningen mogen worden gebouwd, waarbij: 1. de oppervlakte niet meer mag bedragen dan 25 m²; 2. de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan 5 m. 3.2.2
Andere bouwwerken
Voor het bouwen van andere bouwwerken gelden de volgende regels: a. andere bouwwerken mogen zowel binnen als buiten het bouwvlak worden gebouwd; b. de bouwhoogte van andere bouwwerken mag niet meer bedragen dan: 1. 8 meter voor lichtmasten; 2. 6 meter voor bruggen, verkeersborden en speelvoorzieningen; 3. 5 meter voor voorwerpen van beeldende kunst; 4. 4 meter voor overige andere bouwwerken. c. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van groen - groenstrook' mogen geen andere bouwwerken worden gebouwd. 3.3
Afwijken van de bouwregels
Burgemeester en wethouders kunnen bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde aangaande: 3.3.1
Afwijken ten behoeve van masten voor cameratoezicht
Burgemeester en wethouders kunnen bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 3.2.2 voor het realiseren van een mast voor cameratoezicht ten behoeve van de openbare orde en veiligheid, mits:
Bestemmingsplan ‘Perceel Dudokdreef’ Regels Vaststelling d.d. 11 mei 2021
14
a. de belangen van de eigenaren en/of gebruikers van betrokken en nabijgelegen gronden niet onevenredig worden geschaad; b. het straat- en bebouwingsbeeld en de verkeersveiligheidsbelangen niet onevenredig worden geschaad; c. de afwijking voorzien wordt van een ruimtelijke motivatie. 3.4
Specifieke gebruiksregels
3.4.1
Specifieke vorm van groen - groenstrook
Onder strijdig gebruik met dit bestemmingsplan wordt begrepen het gebruik van de gronden voor de doeleinden zoals genoemd in lid 3.1, zonder dat ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van groen - groenstrook' wordt voorzien in de realisatie en instandhouding van een groenstrook ter afscherming tussen het plangebied en de omliggende percelen c.q. openbare ruimte, overeenkomstig het beplantingsplan zoals opgenomen in Bijlage 2. Het is in elk geval niet toegestaan deze gronden te betrekken bij en in gebruik te hebben als een tuin.
Bestemmingsplan ‘Perceel Dudokdreef’ Regels Vaststelling d.d. 11 mei 2021
15
Artikel 4 4.1
Tuin
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Tuin' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. tuinen; b. parkeervoorzieningen ten behoeve van aangrenzende (woon)bestemmingen; met daaraan ondergeschikt: c. groen; d. nutsvoorzieningen; 4.2
Bouwregels
Op de in lid 4.1 bedoelde gronden mogen uitsluitend bouwwerken ten dienste van de bestemming worden gebouwd, waarbij de volgende regels gelden: 4.2.1
Gebouwen
Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a. binnen de bestemming mogen geen gebouwen worden gebouwd. 4.2.2
Bijbehorende bouwwerken
Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken gelden de volgende regels: a. binnen de bestemming mogen geen bijbehorende bouwwerken worden gebouwd; overschrijding van de bestemmingsvlakken is uitsluitend toegestaan voor dakoverstekken en luifels van gebouwen uit een andere bestemming tot een maximum van 1 meter. 4.2.3
Andere bouwwerken
Voor het bouwen van andere bouwwerken gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte van andere bouwwerken bedraagt maximaal: 1. 2,5 meter voor pergola's, tuimeubilair, speeltoestellen; 2. 4 meter voor vlaggenmasten (maximaal 1 per perceel); 3. 1 meter voor overige andere bouwwerken 1 meter. 4.3
Afwijken van de bouwregels
Burgemeester en wethouders kunnen bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 4.2 voor het realiseren van erkers, mits: a. de diepte maximaal 1 meter van de voorgevel van het hoofdgebouw bedraagt; b. de hoogte maximaal 1 bouwlaag direct boven het maaiveld bedraagt; c. de erker maximaal de helft van de oorspronkelijke gevelbreedte met een maximum van 3,5 meter beslaat. 4.4
Specifieke gebruiksregels
Voor de bestemming 'Tuin' zijn de volgende specifieke gebruiksregels van toepassing: a. watergangen zijn niet toegestaan.
Bestemmingsplan ‘Perceel Dudokdreef’ Regels Vaststelling d.d. 11 mei 2021
16
Artikel 5 5.1
Verkeer - Verblijfsgebied
Bestemmingsomschrijving
De voor Verkeer - Verblijfsgebied' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. verkeersvoorzieningen gericht op verblijf, zoals woonerven, wijkontsluitingswegen (30 km/u) en pleinen; b. parkeervoorzieningen; c. voet- en fietspaden; met daaraan ondergeschikt: d. e. f. g.
bij de bestemming behorende bouwwerken en voorzieningen; groen- en speelvoorzieningen; nutsvoorzieningen; water en waterhuishoudkundige voorzieningen;
5.2
Bouwregels
Op de in lid 5.1 bedoelde gronden mogen uitsluitend bouwwerken ten dienste van de bestemming worden gebouwd, waarbij de volgende regels gelden. 5.2.1
Gebouwen
Voor het bouwen van gebouwen geldt dat uitsluitend nutsvoorzieningen mogen worden gebouwd, waarbij: a. de oppervlakte niet meer mag bedragen dan 25 m2; b. de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan 3 m. 5.2.2
Andere bouwwerken
a. Voor het bouwen van andere bouwwerken geldt dat de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan: 1. 8 meter voor lichtmasten; 2. 4 meter voor overige andere bouwwerken. 5.3
Afwijken van de bouwregels
Burgemeester en wethouders kunnen bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 5.2.2 voor het realiseren van een mast voor cameratoezicht ten behoeve van de openbare orde en veiligheid, mits: a. de belangen van de eigenaren en/of gebruikers van betrokken en nabijgelegen gronden niet onevenredig worden geschaad; b. het straat- en bebouwingsbeeld en de verkeersveiligheidsbelangen niet onevenredig worden geschaad; c. de afwijking voorzien wordt van een ruimtelijke motivatie.
Bestemmingsplan ‘Perceel Dudokdreef’ Regels Vaststelling d.d. 11 mei 2021
17
Artikel 6 6.1
Wonen
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. het wonen in de vorm van grondgebonden woningen; met daaraan ondergeschikt: b. c. d. e. f. g.
beroep aan huis; parkeervoorzieningen; nutsvoorzieningen; water en waterhuishoudkundige voorzieningen; erven; erftoegangswegen.
6.2
Bouwregels
Op de in lid 6.1 bedoelde gronden mogen uitsluitend bouwwerken ten dienste van de bestemming worden gebouwd, waarbij de volgende regels gelden: 6.2.1
Hoofdgebouwen
Voor het bouwen van hoofdgebouwen gelden de volgende regels: a. als hoofdgebouw mogen uitsluitend de volgende typen worden gebouwd; 1. vrijstaande hoofdgebouwen of twee-aaneengebouwde hoofdgebouwen ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - vrijstaand of twee-aaneen'; b. hoofdgebouwen mogen uitsluitend in en/of achter de gevellijn worden gebouwd waarbij de voorkant van het hoofdgebouw minimaal voor 50% in de gevellijn moet worden gebouwd welke gerelateerd is aan de voorkant van het hoofdgebouw; c. De afstand van hoofdgebouwen tot aan de zijdelingse perceelsgrens bedraagt minimaal 3 meter, behalve aan de zijde van een aangebouwd hoofdgebouw in het geval van twee-aaneengebouwde hoofdgebouwen; d. de goothoogte respectievelijk bouwhoogte van hoofdgebouwen bedraagt ten hoogste de waarde zoals aangegeven ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)'; e. ter plaatse van de aanduiding 'aantal wooneenheden' mag het aantal woningen niet meer bedragen dan zoals is aangegeven; f. de dakhelling bedraagt maximaal 60 graden dan wel de ten tijde van terinzagelegging van het ontwerp bestemmingsplan bestaande grotere dakhelling, met dien verstande dat bestaande dakhellingen niet mogen worden gewijzigd; g. de goothoogte van hoofdgebouwen mag worden overschreden door dakkapellen, indien: 1.
de afstand tot de nok en de zijkanten van het dakvlak ten minste 0,5 meter bedraagt; 2. de afstand van de onderzijde van de dakkapellen tot het snijpunt gevel-dakvlak ten minste 0,5 en ten hoogste 1 meter bedraagt; 3. de bouwhoogte van de dakkapel, gemeten vanaf de voet van de dakkapel, ten hoogste 1,75 meter bedraagt; 4. de breedte van dakkapellen aan de voor- of naar openbaar toegankelijke gebied gekeerde zijkant van het hoofdgebouw ten hoogste 50% van het dakvlak bedraagt; h. uitbreiding van bestaande hoofdgebouwen mag uitsluitend plaatsvinden in de vorm van bijbehorende bouwwerken; i. overschrijding van de bestemmingsvlakken is uitsluitend toegestaan voor dakoverstekken en luifels tot een maximum van 1 meter; Bestemmingsplan ‘Perceel Dudokdreef’ Regels Vaststelling d.d. 11 mei 2021
18
j.
dakoverstekken van dakkapellen en dakopbouwen mogen maximaal 0,2 meter bedragen;
6.2.2
Bijbehorende bouwwerken
Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken gelden de volgende regels: a. bijbehorende bouwwerken worden gebouwd binnen het bestemmingsvlak; b. de afstand van bijbehorende bouwwerken tot de voorgevel van het hoofdgebouw, of het verlengde daarvan, bedraagt ten minste 2 meter bij hoekwoningen en 1 meter bij tussenwoningen; c. de goothoogte van bijbehorende bouwwerken die tegen het hoofdgebouw worden aangebouwd bedraagt ten hoogste 4 meter, maar is niet hoger dan het hoofdgebouw en niet meer dan 0,30 meter boven de vloer van de 1e verdieping van het hoofdgebouw; d. de nokhoogte van bijbehorende bouwwerken die tegen het hoofdgebouw worden aangebouwd mag niet hoger zijn dan de nokhoogte van het hoofdgebouw; e. de goothoogte van bijbehorende bouwwerken die niet tegen het hoofdgebouw worden aangebouwd bedraagt ten hoogste 3,5 meter; f. bijgebouwen die tegen het hoofdgebouw worden aangebouwd zijn voorzien van een plat dak of de dakhelling is gelijk aan de hellingshoek van het hoofdgebouw; g. de nokhoogte van bijgebouwen die niet tegen het hoofdgebouw worden aangebouwd bedraagt ten hoogste 4,5 meter; h. het gezamenlijk oppervlak aan bijbehorende bouwwerken bedraagt ten hoogste 50% van het bebouwbaar erf, met een maximum van 60 m².
Bij een bebouwbaar erf, met een oppervlak groter dan 120 m² mag het gezamenlijk oppervlak aan bijbehorende bouwwerken maximaal 60 m² vermeerderd met 10% van het bebouwbaar erf, bedragen, tot een maximum van 150 m²; i. overschrijding van de bestemmingsvlakken is uitsluitend toegestaan voor dakoverstekken en luifels tot een maximum van 1 meter; 6.2.3
Andere bouwwerken
Voor het bouwen andere bouwwerken gelden de volgende regels: a. andere bouwwerken mogen zowel binnen als buiten het bouwvlak worden gebouwd; b. bouwhoogte van andere bouwwerken mag niet meer bedragen dan: 1. 2 meter voor erf- en terreinafscheidingen; 2. 2 meter voor tuinmeubilair; 3. 2,5 meter voor overige andere bouwwerken. 6.3
Specifieke gebruiksregels
a. Het is toegestaan om een deel van de wooneenheid of bijbehorend bouwwerk bij een wooneenheid als afhankelijke woonruimte (inwoning) te gebruiken, met dien verstande dat: 1. een dergelijke bewoning noodzakelijk is vanuit het oogpunt van mantelzorg; 2. op het perceel al een wooneenheid aanwezig is; 3. er geen onevenredige aantasting plaatsvindt van in het geding zijnde belangen waaronder die van omwonenden en bedrijven; 4. per wooneenheid maximaal één situatie van inwoning ten behoeve van mantelzorg is toegestaan; 5. inwoning in beginsel dient plaats te vinden bij, in of direct aansluitend aan de wooneenheid, waarbij de afhankelijke woonruimte een onderlinge verbinding met de wooneenheid dient te hebben; het gebruik van een bijbehorend bouwwerk als afhankelijke woonruimte is uitsluitend toegestaan indien realisering van de inwoning in of aan het wooneenheid voor de inwoner of andere bewoner(s) onredelijk bezwarend is; 6. maximaal 75 m2 van het hoofdgebouw en/of bijbehorend bouwwerk mag worden gebruikt ten behoeve van de inwoning. Bestemmingsplan ‘Perceel Dudokdreef’ Regels Vaststelling d.d. 11 mei 2021
19
b. een beroep aan huis is toegestaan mits: 1. de vloeroppervlakte van de activiteiten ten hoogste 30% van het betrokken hoofdgebouw en bijbehorende bouwwerken bedraagt, met een maximum van 40 m²; 2. geen onevenredige verkeersaantrekkende werking ontstaat; 3. het beroep door de bewoner wordt uitgeoefend; 6.4
Afwijken van de gebruiksregels
Burgemeester en wethouders kunnen bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 6.1 teneinde: a. een bedrijf aan huis toe te staan, waarbij geldt dat: 1. de vloeroppervlakte ten hoogste 30% van de vloeroppervlakte van het betrokken hoofdgebouw en bijbehorende bouwwerken bedraagt, met een maximum van 40 m 2; 2. geen onevenredige verkeersaantrekkende werking ontstaat; 3. de bedrijfsactiviteiten door de bewoner worden uitgeoefend. b. handel in en verkoop van goederen en diensten via internet toe te staan, waarbij geldt dat: 1. de vloeroppervlakte ten hoogste 20% van de vloeroppervlakte van het betrokken hoofdgebouw en bijbehorende bouwwerken bedraagt, met een maximum van 25 m 2; 2. geen onevenredige verkeersaantrekkende werking ontstaat; 3. het uiterlijk van de woning niet mag worden gewijzigd, anders dan een bord met een omvang van maximaal 0,5 m²; 4. de bedrijfsactiviteiten door de bewoner worden uitgeoefend.
Bestemmingsplan ‘Perceel Dudokdreef’ Regels Vaststelling d.d. 11 mei 2021
20
Artikel 7 7.1
Waarde - Archeologie - 3
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Waarde - Archeologie - 3' aangewezen gronden zijn, behalve voor andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor behoud van de aan de gronden eigen zijnde archeologische waarden. 7.1.1
Prioriteitenstelling
Indien er strijd ontstaat tussen het bepaalde in de bestemming Waarde - Archeologie - 3 en het bepaalde in de overige daar voorkomende bestemmingen, prevaleert het bepaalde in de bestemming Waarde - Archeologie - 3. 7.2
Bouwregels
7.2.1
Rapport archeologisch deskundige
In het belang van de archeologische monumentenzorg dient de aanvrager van een omgevingsvergunning voor het bouwen een rapport aan burgemeester en wethouders te overleggen van een archeologisch deskundige waarin de archeologische waarde van het terrein dat blijkens de aanvraag zal worden verstoord, naar het oordeel van burgemeester en wethouders in voldoende mate is vastgesteld. Deze bepaling heeft uitsluitend betrekking op aanvragen om een omgevingsvergunning voor het bouwen van bouwwerken (waaronder begrepen het heien van heipalen en het slaan van damwanden) welke voldoen aan de oppervlakte- en dieptematen welke genoemd zijn in 7.3.1. 7.2.2
Mogelijke voorwaarden te verbinden aan omgevingsvergunning voor het bouwen
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd in het belang van de archeologische monumentenzorg aan een omgevingsvergunning voor het bouwen de volgende regels verbinden: a. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor archeologische monumenten in de bodem kunnen worden behouden; b. de verplichting tot het doen van archeologisch onderzoek; c. de verplichting de activiteit die tot bodemverstoring leidt, te laten begeleiden door een archeologisch deskundige. 7.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 7.3.1
Aanlegverbod zonder omgevingsvergunning
In het belang van de archeologische monumentenzorg is het verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden van burgemeester en wethouders de hierna onder 7.3.2 genoemde werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren of te doen, dan wel te laten uitvoeren die dieper reiken dan 80 cm beneden maaiveld en die tevens een terreinoppervlakte groter dan 200 m² beslaan. 7.3.2 a. b. c. d.
Het vergunningvereiste betreft de volgende werken dan wel werkzaamheden
grondbewerkingen (van welke aard dan ook); het aanbrengen van diepwortelende beplantingen en/of bomen; het indrijven van voorwerpen in de bodem; het wijzigen van het maaiveldniveau door ontginnen, bodemverlagen, afgraven;
Bestemmingsplan ‘Perceel Dudokdreef’ Regels Vaststelling d.d. 11 mei 2021
21
e. het ingraven van ondergrondse kabels en leidingen en daarmee verband houdende constructies e.d.; f. het aanleggen van waterlopen of het vergraven van bestaande waterlopen. 7.3.3
Uitgezonderde werkzaamheden
Het vergunningvereiste geldt niet voor werken (geen bouwwerken zijnde) of voor werkzaamheden gericht op het normale onderhoud en beheer van de betreffende gronden, niet voor bedoelde activiteiten welke in uitvoering waren ten tijde van inwerkingtreding van dit bestemmingsplan en evenmin voor bestaande weg- en leidingcunetten. 7.3.4
Toelaatbaarheid
Vergunning wordt verleend nadat de aanvrager een rapport aan burgemeester en wethouders heeft overgelegd van een archeologisch deskundige waarin de archeologische waarde van het terrein dat blijkens de aanvraag zal worden verstoord, naar het oordeel van burgemeester en wethouders in voldoende mate is vastgesteld. 7.3.5
Mogelijke voorwaarden te verbinden aan vergunning
Aan een vergunning kunnen de volgende regels worden verbonden: a. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor archeologische monumenten in de bodem kunnen worden behouden; b. de verplichting tot het doen van archeologisch onderzoek; c. de verplichting de activiteit die tot bodemverstoring leidt te laten begeleiden door een archeologisch deskundige.
Bestemmingsplan ‘Perceel Dudokdreef’ Regels Vaststelling d.d. 11 mei 2021
22
Hoofdstuk 3 Algemene regels Artikel 8
Anti-dubbeltelregel
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
Bestemmingsplan ‘Perceel Dudokdreef’ Regels Vaststelling d.d. 11 mei 2021
23
Artikel 9 9.1
Algemene bouwregels
Overschrijding bouwgrenzen
De bouwgrenzen, niet zijnde bestemmingsgrenzen, mogen in afwijking van aanduidingsgrenzen, aanduidingen en bestemmingsregels worden overschreden door: a. tot gebouwen behorende stoepen, stoeptreden, trappen(huizen), galerijen, hellingbanen, funderingen, balkons, entreeportalen, veranda's en afdaken, mits de overschrijding ten hoogste 2,5 m bedraagt; b. andere ondergeschikte onderdelen van gebouwen, mits de overschrijding ten hoogste 1,5 m bedraagt. 9.2
Toegelaten bouwwerken met afwijkende maten
a. voor een bouwwerk, dat krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden en dat in het plan ingevolge de bestemming is toegelaten, maar waarvan de bestaande afstands-, hoogte-, inhouds- en oppervlaktematen afwijken van de maatvoeringsbepalingen in de bouwregels van de betreffende bestemming, geldt dat: 1. bestaande maten, die meer bedragen dan in hoofdstuk 2 is voorgeschreven, mogen als ten hoogste toelaatbaar worden aangehouden; 2. bestaande maten, die minder bedragen dan in hoofdstuk 2 is voorgeschreven, mogen als ten minste toelaatbaar worden aangehouden; b. in geval van herbouw is lid a onder 1 en 2 uitsluitend van toepassing, indien de herbouw op dezelfde plaats plaatsvindt. 9.3
Maximale bouwhoogte
Voor zover in de bouwregels in hoofdstuk 2 Bestemmingsregels van deze regels geen maximale bouwhoogte is bepaald geldt de bestaande bouwhoogte als maximaal toegestane bouwhoogte. 9.4
Maximale goothoogte
Voor zover in de bouwregels in hoofdstuk 2 Bestemmingsregels van deze regels geen maximale goothoogte is bepaald geldt de bestaande goothoogte als maximaal toegestane goothoogte. 9.5
Grotere hoogte
In die gevallen dat de bestaande goothoogte, bouwhoogte, oppervlakte en/of inhoud van bouwwerken, die in overeenstemming met het bepaalde in de Woningwet tot stand zijn gekomen meer bedraagt dan in de bouwregels in hoofdstuk 2 Bestemmingsregels van deze regels is toegestaan, geldt die goothoogte, bouwhoogte, oppervlakte en/of inhoud in afwijking daarvan als maximaal toelaatbaar. 9.6
Kleinere hoogte
In die gevallen dat de bestaande goothoogte van aaneengesloten woningen, niet zijnde twee-aaneengesloten woningen, die in overeenstemming met het bepaalde in de Woningwet tot stand is gekomen minder bedraagt dan in de bouwregels in hoofdstuk 2 Bestemmingsregels van deze regels is toegestaan, geldt die goothoogte in afwijking daarvan als maximaal toelaatbaar.
Bestemmingsplan ‘Perceel Dudokdreef’ Regels Vaststelling d.d. 11 mei 2021
24
9.7
Kleinere afstand
In die gevallen dat de bestaande afstand tot enige op de verbeelding aangegeven lijn van bouwwerken, die in overeenstemming met het bepaalde in de Woningwet tot stand zijn gekomen minder bedraagt dan in de bouwregels in hoofdstuk 2 Bestemmingsregels van deze regels is voorgeschreven, geldt die afstand in afwijking daarvan als minimaal toegestaan. 9.8
Hoger bebouwingspercentage
In die gevallen dat een bestaand bebouwingspercentage, dat in overeenstemming met het bepaalde in de Woningwet tot stand is gekomen, meer bedraagt dan in de bouwregels in hoofdstuk 2 Bestemmingsregels van deze regels is voorgeschreven, geldt dat bebouwingspercentage in afwijking daarvan als maximaal toegestaan.
Bestemmingsplan ‘Perceel Dudokdreef’ Regels Vaststelling d.d. 11 mei 2021
25
Artikel 10 10.1
Algemene gebruiksregels
Gebruik van onbebouwde gronden
10.1.1 Verboden gebruik van onbebouwde gronden Onder verboden gebruik van onbebouwde gronden wordt in ieder geval verstaan: a. het storten of lozen van puin, vuil of andere vaste of vloeibare afvalstoffen; b. het opslaan van goederen, zoals vaten, kisten, bouwmaterialen, werktuigen, machines of onderdelen hiervan; c. het opslaan van onklare voer- en vaartuigen of onderdelen hiervan; d. het plaatsen of geplaatst houden van onderkomens; e. prostitutie; f. seksinrichtingen; g. het opslaan van vuurwerk en/of andere gevaarlijke stoffen als bedoeld in het Besluit externe veiligheid inrichtingen (artikel 1 onder g). 10.1.2 Uitzonderingen Het bepaalde in lid 10.1.1 is niet van toepassing op: a. vormen van gebruik als bedoeld in lid 10.2, die verenigbaar zijn met het doel waarvoor de grond ingevolge de bestemming, de bestemmingsomschrijving en/of de overige regels mag worden gebruikt; b. het opslaan van bouwmaterialen, puin en specie in verband met normaal onderhoud, dan wel ter verwezenlijking van de bestemming. 10.2
Gebruik van bouwwerken
10.2.1 Verboden gebruik van bouwwerken Onder verboden gebruik van bouwwerken wordt in ieder geval verstaan: a. b. c. d.
vrijstaande bijbehorende bouwwerken voor bewoning; prostitutie; seksinrichtingen; het opslaan van vuurwerk en/of andere gevaarlijke stoffen als bedoeld in het Besluit externe veiligheid inrichtingen (artikel 1 onder g).
10.2.2 Beroep aan huis Binnen de in dit plan gelegen gronden is de uitoefening van een beroep aan huis toegestaan als ondergeschikte activiteit bij de woonfunctie, waarbij de volgende regels gelden: a. de omvang van de activiteit mag niet meer bedragen dan 30% van de gezamenlijke vloeroppervlakte van de (woon)bebouwing tot een maximum van 40 m2; b. het gebruik mag geen nadelige invloed hebben op de normale afwikkeling van het verkeer en mag geen onevenredige toename van de parkeerbehoefte veroorzaken; c. detailhandel is niet toegestaan, behoudens productiegebonden detailhandel; d. de activiteit wordt uitgeoefend door de bewoner. 10.3
Afwijken van de gebruiksregels
Burgemeester en wethouders kunnen met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde onder lid 10.2.2 ten behoeve van het gebruik van ruimten binnen een woning en bijbehorende bouwwerken voor een bedrijf aan huis als ondergeschikte activiteit bij de woonfunctie, waarbij de volgende regels van toepassing zijn: Bestemmingsplan ‘Perceel Dudokdreef’ Regels Vaststelling d.d. 11 mei 2021
26
a. er worden uitsluitend activiteiten uitgevoerd als bedoeld in categorie 1 en 2 van de bijlage "Staat van Bedrijfsactiviteiten", dan wel activiteiten die naar hun aard en omvang gelijk zijn te stellen aan de genoemde categorieën; b. de omvang van de activiteit mag niet meer bedragen dan 30% van de gezamenlijke vloeroppervlakte van de (woon)bebouwing tot een maximum van 40 m2; c. het gebruik mag geen nadelige invloed hebben op de normale afwikkeling van het verkeer en mag geen onevenredige toename van de parkeerbehoefte veroorzaken; d. detailhandel, anders dan productiegebonden detailhandel, is niet toegestaan; e. de activiteit wordt uitgeoefend door de bewoner. 10.4
Verbod
Tot een gebruik dat strijdig is met de in Hoofdstuk 2 gegeven bestemmingen, wordt in ieder geval gerekend het gebruik van gronden of bouwwerken waarbij niet wordt voorzien in de aanleg en instandhouding van voldoende parkeergelegenheid overeenkomstig de nota 'Parkeernormen gemeente Barendrecht 2018', of de rechtsopvolger(s) daarvan, tenzij de aard en omvang van het gebruik niet leidt tot significante verkeerstoename. 10.5
Uitzondering
Het verbod als bedoeld in lid 10.4 geldt niet voor bestaand legaal gebruik van gronden en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan. 10.6
Voorwaardelijke verplichting parkeren
a. Een omgevingsvergunning voor het bouwen, het uitbreiden of het wijzigen van de functie van gebouwen en gronden, zoals toegestaan op grond van de bestemmingen zoals bedoeld in Hoofdstuk 2, wordt slechts verleend indien wordt voorzien in de aanleg en instandhouding van voldoende parkeergelegenheid overeenkomstig de nota 'Parkeernormen gemeente Barendrecht 2018', of de rechtsopvolger(s) daarvan, tenzij de aard en omvang van de omgevingsvergunning voor het bouwwerk en/of de uitbreiding en/of de wijziging van het gebruik van bouwwerken en/of gronden niet leidt tot extra parkeerbehoefte; b. Het bepaalde onder a is niet van toepassing indien op basis van het advies van een verkeerskundige blijkt dat er op andere wijze is/wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid, of het voldoen aan het geldende gemeentelijke parkeerbeleid door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit; c. Parkeergelegenheid die is gerealiseerd om te voorzien in voldoende parkeergelegenheid dient in stand te worden gehouden. 10.7
Voorwaardelijke verplichting ecologie
Het gebruik van de gronden conform de bestemmingen uit Hoofdstuk 2 is slechts toegestaan indien voldaan wordt aan de volgende voorwaarden:
Tijdens de werkzaamheden moet voorzichtig worden gehandeld met alle voorkomende flora en fauna; Wanneer ondanks zorgvuldig handelen, onderzoek en advies schade lijkt te ontstaan voor beschermde flora en fauna, dient direct contact opgenomen te worden met een ter zake deskundige; Alle aanwezige vegetatie of bodemmateriaal (takken, stronken) dient gefaseerd verwijderd te worden; Er wordt gelegenheid gegeven aan dieren, die tijdens de werkzaamheden worden gevonden, te vluchten of zich te verplaatsen naar een schuilplaats buiten het bereik van de werkzaamheden;
Bestemmingsplan ‘Perceel Dudokdreef’ Regels Vaststelling d.d. 11 mei 2021
27
De planlocatie tijdens de werkzaamheden en in de nieuwe situatie bij voorkeur minimaal verlichten en hierbij een vleermuisvriendelijke verlichtingswijze toepassen (amberkleurig licht, lichtbundel nederwaarts richten, toepassen geconvergeerde lichtbundel) en de werkzaamheden in de periode april-oktober tussen zonsopgang en zonsondergang uitvoeren (buiten schemerperiodes); De werkzaamheden opstarten/uitvoeren buiten het broedseizoen van vogels (medio maart t/m medio juli). Indien de werkzaamheden in het broedseizoen worden uitgevoerd dient voor de aanvang door een ter zake deskundig gecontroleerd te worden of er broedvogels aanwezig zijn. E.e.a. op aanwijzing van deskundige. Indien dit niet mogelijk is dienen de potentiële nestlocaties buiten het broedseizoen ongeschikt gemaakt te worden.
Bestemmingsplan ‘Perceel Dudokdreef’ Regels Vaststelling d.d. 11 mei 2021
28
Artikel 11 11.1
Algemene afwijkingsregels
Bevoegdheid
Burgemeester en wethouders kunnen bij een omgevingsvergunning afwijken van: a. in het plan genoemde goothoogten, bouwhoogten, oppervlakte- en inhoudsmaten, percentages en afstandseisen, waarbij een overschrijding is toegestaan tot maximaal 10% van de goothoogten, bouwhoogten, oppervlakte- en inhoudsmaten, percentages en afstandseisen; b. de regels en toestaan dat bouwgrenzen worden overschreden, waarbij een overschrijding is toegestaan tot maximaal 2,5 meter, en deze noodzakelijk is in verband met de uitmeting van het terrein of uit een oogpunt van doelmatig gebruik van de gronden en/of de bebouwing; c. de regels en toestaan dat de bouwhoogte van bouwwerken geen gebouwen zijnde wordt vergroot tot maximaal 10 meter. d. de regels en toestaan dat de afstand van hoofdgebouwen tot aan de zijdelingse perceelsgrens minder bedraagt dan 3 meter. 11.2
Voorwaarden
Een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 11.1 kan slechts worden verleend, mits: a. de belangen van de eigenaren en/of gebruikers van betrokken en nabijgelegen gronden niet onevenredig worden geschaad; b. het straat- en bebouwingsbeeld en de verkeersveiligheidsbelangen niet onevenredig worden geschaad.
Bestemmingsplan ‘Perceel Dudokdreef’ Regels Vaststelling d.d. 11 mei 2021
29
Artikel 12 12.1
Algemene wijzigingsregels
Algemene wijzigingsbevoegdheid
Burgemeester en wethouders kunnen het plan wijzigen in de vorm van het aanbrengen van geringe veranderingen in de plaats, ligging en/of afmetingen van bestemmingsgrenzen, met inachtneming van de volgende voorwaarden: a. bestemmingsgrenzen mogen met niet meer dan 5 meter worden verschoven; b. de belangen van de eigenaren en/of gebruikers van betrokken en nabijgelegen gronden mogen niet onevenredig worden geschaad; c. het straat- en bebouwingsbeeld en de verkeersveiligheidsbelangen mogen niet onevenredig worden geschaad.
Bestemmingsplan ‘Perceel Dudokdreef’ Regels Vaststelling d.d. 11 mei 2021
30
Artikel 13
Algemene procedureregels
Op de voorbereiding van een besluit tot afwijking is de volgende procedure van toepassing: a. een ontwerp van het besluit ligt met de bijbehorende stukken gedurende 6 weken op het gemeentehuis ter inzage; b. burgemeester en wethouders maken de terinzagelegging vooraf bekend in één of meer dag- of nieuwsbladen, die in de gemeente worden verspreid, en voorts op de gebruikelijke wijze; c. de bekendmaking houdt de mededeling in van de bevoegdheid tot het indienen van zienswijzen; d. gedurende de onder a genoemde termijn kunnen belanghebbenden bij burgemeester en wethouders schriftelijk zienswijzen indienen omtrent het ontwerp van het besluit.
Bestemmingsplan ‘Perceel Dudokdreef’ Regels Vaststelling d.d. 11 mei 2021
31
Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels Artikel 14 14.1
Overgangsrecht
Overgangsrecht bouwwerken
14.1.1 Algemeen Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, a. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; b. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. 14.1.2 Afwijken Burgemeester en wethouders kunnen eenmalig in afwijking van lid 14.1.1 een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in lid 14.1.1 met maximaal 10 %. 14.1.3 Uitzondering Lid 14.1.1 is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 14.2
Overgangsrecht gebruik
14.2.1 Algemeen Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. 14.2.2 Veranderen strijdig gebruik Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in lid 14.2.1, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. 14.2.3 Onderbreken strijdig gebruik Indien het gebruik, bedoeld in het lid 14.2.1 na de inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. 14.2.4 Uitzondering Lid 14.2.1 is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.
Bestemmingsplan ‘Perceel Dudokdreef’ Regels Vaststelling d.d. 11 mei 2021
32
Artikel 15
Slotregel
Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan Perceel Dudokdreef.
Bestemmingsplan ‘Perceel Dudokdreef’ Regels Vaststelling d.d. 11 mei 2021
Verbeelding
Plangebied Plangrens
Bouwvlakken
Enkelbestemmingen G
Groen
T
Tuin
Bouwaanduidingen
V-VB
Verkeer - Verblijfsgebied
[sba-vrij/tae]
W
Wonen
Maatvoeringen
bouwvlak
Dubbelbestemmingen Waarde - Archeologie 3
WR-A3
T (sg-gs)
G WR-A3
8
maximum aantal wooneenheden
6
maximum goothoogte (m) maximum bouwhoogte (m)
12
Functieaanduidingen specifieke vorm van groen - groenstrook
(sg-gs) 6
specifieke bouwaanduiding vrijstaand of twee-aaneen
T V-VB
12
[sba-vrij/tae]
VERKLARINGEN
8
bestaande bebouwing, kadastrale- en topografische gegevens
W (sg-gs)
Vaststelling
BGT/BRK 4 december 2019
.
OVERLEG
Gemeente Barendrecht
G T
.
TERINZAGELEGGING ONTWERP
Bestemmingsplan
6 12 *
VASTGESTELD
Perceel Dudokdreef IDN
GEWIJZIGD
NL.IMRO.0489.BPWGO2020034-VI01
WERKNR.
619.150.70
SCHAAL
1:1000
DATUM
N
J:\619\150\70\3 Projectresultaat\verbeelding\dwg
BESTAND RO-BP-61915070-VB-VA1.dwg
gj/ak
BLAD
KuiperCompagnons Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw, Architectuur, Landschap BV City & Regional Planning, Urban Design, Architecture, Landscape
Postadres: Postbus 13042 3004 HA Rotterdam Bezoekadres: Van Nelleweg 3042 3044 BC Rotterdam Telefoon: 010 433 00 99 DATUM PLOT USER
16-3-2021 GJacobson
A3
PROJECTMAP
11 mei 2021
GETEKEND
FORMAAT
E-mail: kuiper@kuiper.nl Internet: www.kuiper.nl
e-mail: kuiper@kuiper.nl www.kuiper.nl Van Nelle Ontwerpfabriek Gebouw Thee 0, ingang 4 Van Nelleweg 3042 3044 BC Rotterdam T 010 433 00 99 F 010 404 56 69