B20 Nota Beantwoording zienswijzen bestemmingsplan De Stationstuinen 2e fase DEF
Tekst van het document
de bouw wordt het bouwverkeer zoveel mogelijk over de rondweg ge-
wordt mogelijk gemaakt zodanig dat er geen
stuurd, Verenambachtseweg – Spoorlaan – Gebroken Meeldijk. Hierdoor
belemmering is voor derden, waarbij de ver-
wordt de overlast beperkt voor uw locatie.
keersveiligheid maximaal gegarandeerd is en
Geen gevolgen voor het bestemmingsplan.
de reeds bestaande grote stromen vrachtwa-
De ontwikkelaar zal verder de hinder voor omliggende bedrijven en wonin-
genverkeer zelfs niet in de buurt kunnen ko-
gen zoveel mogelijk beperken. In het structuurplan wordt ingegaan op de
men van onze woningen.
mobiliteit (zie hoofdstuk 7). Zuideinde blijft bestaan in die structuur. Er zijn geen maatregelen voorzien voor deze weg, zolang dat deel niet herontwikkeld is.
9e
Reclamant stelt dat er onvoldoende is onder-
In de ogen van de gemeente is er sprake van een goede ruimtelijke orde-
bouwd dat met dit aantal woningen en daarbij
ning en geen strijd met het evenredigheidsbeginsel. In het structuurplan
de overig mogelijk te maken functies (nog)
wordt duidelijk dat recht wordt gedaan aan de maatschappelijke doelstel-
sprake is van een goede ruimtelijke ordening
lingen en de drie thema’s.
Geen gevolgen voor het bestemmingsplan.
als bedoeld in artikel 3.1 van de Wro. 9f
Reclamant stelt dat niet, althans onvol-
De mobilityhub die mogelijk wordt gemaakt met dit bestemmingsplan komt
doende, (kenbaar) gemotiveerd rekening is
op circa 400 meter afstand van het woongebouw te liggen. In het beeld-
gehouden met de privacy van de bewoners
kwaliteitsplan (bijlage 3 bij de toelichting van het bestemmingsplan) gaat
m.b.t. de beoogde nieuwbouw.
nader in op deze parkeergebouwen (hoofdstuk 5). Deze gebouwen wor-
Geen gevolgen voor het bestemmingsplan.
den geïntegreerd in de straatwanden en voorzien van een kwalitatieve gevel. Aandacht wordt hierbij gevraagd voor geluidsoverlast naar de directe omgeving. Gevels zullen om die reden veelal gesloten moeten zijn. Hiermee ontstaat de kans om deze gevels sterk te vergroenen. De kwaliteitscommissie ziet toe dat aan deze uitgangspunten wordt voldaan. Gelet op het bovenstaande zal er geen sprake zijn van een onevenredige aantasting van privacy.
9f.
Reclamant stelt dat niet, althans onvol-
Er is geen sprake van wegdrukken van het gebouw, gelet op de afstand
doende, (kenbaar) gemotiveerd rekening is
van beide gebouwen van 25 meter en openbaar gebied, dat gelegen is
gehouden met de zichtbaarheid, woongenot
tussen beide gebouwen.
en waardedaling van Spring! Housing. Dit laatste doordat het gebouw wordt ingesloten
Voor belanghebbenden die vinden dat er sprake is van planschade be-
en weggedrukt.
staat de mogelijkheid tot het indienen van een verzoek tot tegemoetkoming van planschade op basis van art. 6.1 Wro. Dit verzoek kan worden ingediend na vaststelling van het bestemmingsplan.
Geen gevolgen voor het bestemmingsplan.
9g.
Reclamant stelt dat niet, althans onvol-
De gemeente heeft als exploitant optimaal grip op het dagelijkse beheer
doende, (kenbaar) gemotiveerd rekening is
en de veiligheid in de parkeervoorzieningen.
Geen gevolgen voor het bestemmingsplan.
gehouden met de angst voor onveiligheid m.b.t. de sociale veiligheid wanneer onduidelijkheid bestaat over het beheer, de eindgebruiker, de eigenaar en handhaving van de beoogde onbemande parkeergarages. 9h.
Reclamant stelt dat niet, althans onvol-
Dit is niet te geval omdat er voor ca 70% van het project een overeen-
doende, (kenbaar) gemotiveerd is dat het ont-
komst is gesloten inzake de uitvoering van het project en het verhaal van
werpbestemmingsplan financieel uitvoerbaar
de daarmee gepaard gaande kosten.
Geen gevolgen voor het bestemmingsplan.
is. Denk ook aan de gevolgen van de oorlog in Oekraïne, immer oplopende rente, de inflatie en de inzet van mensen en de oplopende bouwkosten 9i.
Reclamant stelt dat het ontwerpbestemmingsplan in strijd is met de goede ruimtelijke ordening en het evenredigheidsbeginsel. Door minder woningen mogelijk te maken kan de ontwikkelaar veel meer recht doen aan zijn eigen sociaal maatschappelijke doelstellingen en drie thema’s. Nu vererger je de parkeerproblematiek. En de ontwikkelaar spreekt van autoluw in plaats van autovrij. Het profileren van een autoarme woonwijk is de oplossing. Nu de mogelijkheid van parkeergarages aan de buitenkant van de woonwijk te realiseren verschuift het bestemmingsplan het probleem naar derden. In de eerste fase zou meer rekening gehouden moeten worden met de gehele ontwikkeling. Want dat garandeert de juiste verhouding
In de ogen van de gemeente is er sprake van een goede ruimtelijke ordening en geen strijd met het evenredigheidsbeginsel. In het structuurplan wordt duidelijk dat recht wordt gedaan aan de maatschappelijke doelstellingen en de drie thema’s. Wat betreft het parkeren wordt verwezen naar paragraaf 2.1.3. Middels nog nader uit te werken flankerend beleid zal uitwijkgedrag naar openbare (niet private) parkeerplaatsen worden tegen gegaan. Dit flankerend beleid is inmiddels vastgesteld op 1 oktober 2024. Ook in fase 1 wordt al een belangrijk deel van het groen gerealiseerd. Besloten is om deze groene plekken ook als zodanig te bestemmen. Dit is een wijziging van het ontwerpbestemmingsplan.
Geen gevolgen voor het bestemmingsplan.
tussen het aantal toekomstige bewoners en thema 2 (groenvoorzieningen).
9j
Zienswijzen 10 t/m 14
Verzocht wordt het definitieve bestemmingsplan zo vast te stellen dat op een andere manier in de – ook toekomstige – parkeerbehoefte wordt voorzien en al het overige wel in lijn is gebracht met de eigen 3 thema’s van de ontwikkeling.
De gemeente kiest bewust voor het STOMP-principe en denkt mede hier-
Geen gevolgen voor het bestemmingsplan.
door een kwalitatief hoogwaardig woon- en werkplek te creëren. Zie verder bovenstaande antwoorden.
Tumoba BeheerBV, Tumoba Holding BV en haar werkmaatschappijen Tumoba BV, Tumoba Vegetable Harvesters BV en Jabaay BV bij brief van 6 februari 2024 Reclamant heeft namens Tumoba BeheerBV, Tumoba Holding BV en haar werkmaatschappijen Tumoba BV, Tumoba Vegetable Harvesters BV en Jabaay BV zienswijzen naar voren gebracht. Gezien deze identiek zijn, worden deze hieronder in één zienswijze samengevat en beantwoord.
10 t/m 14 a
Reclamant stelt dat in het akoestisch onder-
Alle relevante bronnen zijn meegenomen. De locatie (het perceel) van re-
zoek horend bij het ontwerp en in de door An-
clamant is in het huidige bestemmingsplan categorie 4.1. Op basis van de
tea uitgevoerde quickscan milieuzonering en
bedrijveninventarisatie van de DCMR geldt dit alleen over een heel klein
in de beoordeling bedrijven en milieuzonering,
hoekje aan de zuidwestkant.
het bedrijf van reclamant ten onrechte niet is betrokken, terwijl het bedrijf wel een milieuca-
In de rapportage van 23 december 2024 is een beschouwing gegeven van
tegorie 4.1 omvat waarbij het plangebied bin-
het bedrijf van reclamant. Aan de voorzijde van het pand zitten kantoor-
nen onze milieucontour is gelegen. Hierbij is
ruimten en daarachter bevinden zich de productieruimten. Uit een locatie-
tevens ook van belang dat het bedrijf van re-
bezoek is geconstateerd dat er geen relevante geluidemissie vanuit de in-
clamant diverse activiteiten uitvoert die geluid-
richting is waar te nemen. Binnen de inrichting vinden de werkzaamheden
, geur-, en stofoverlast veroorzaken op wonin-
plaats en er zijn geen geluidrelevante installaties buiten opgesteld.
gen.
Geen gevolgen voor het bestemmingsplan.
10 t/m 14 b
De bedrijfsvoering van reclamant vereist be-
In de planuitwerking voor fase 2 zijn nog geen aanpassingen voorzien aan
reikbaarheid met grote vrachtwagens waaron-
de Gebroken Meeldijk. De kavels van reclamant blijven bereikbaar via de
der ook zeer lage diepladers met uitzonder-
Gebroken Meeldijk. De wijziging qua bereikbaarheid betreft het afsluiten
lijke transportbreedte en landbouwtractoren
van de rotonde Spoorlaan – Zuideinde. Vanaf de kavel van reclamant
met brede aangehangen of getrokken werktui-
wordt het daarmee onmogelijk om richting de Spoorlaan en Zuideinde te
gen of aanhangers. Zij vrezen dat de bereik-
rijden. Vanwege de afsluiting rijdt er echter ook geen doorgaand verkeer
baarheid van het bedrijf in gevaar komt omdat
meer over de Gebroken Meeldijk ter hoogte van de kavel van reclamant.
de Stationstuinen/ Fruitpacking District een
Hierdoor is het mogelijk voor vrachtwagens om (met begeleiding i.v.m.
autoluw gebied moet worden. De nieuwe ver-
kruisen fietspad) te keren ter hoogte van de aansluiting van de kavel van
keerssituatie zal aldus voor een verslechte-
reclamant.
Geen gevolgen voor het bestemmingsplan.
ring van de bereikbaarheid van de bedrijven zorgen. Zoals uit de toelichting bij het plan blijkt levert de ontwikkeling in beginsel in een `business as usual situatie tot een sterke toename van verkeer in en rond het plangebied. Dat is op zichzelf al een slechte zaak voor de bereikbaarheid van het bedrijf. Het idee is echter om het gebied door het volgen van het STOMP principe autoluw te maken. Precies die maatregelen zorgen voor een nog grotere verslechtering van de bereikbaarheid van het gebied. Voor de zeer grote en uitzonderlijk brede transporten van zware landbouwmachines alsmede het dagelijkse vracht en landbouwverkeer en overig bezoek van klanten leveranciers en personeel die het bedrijf moeten kunnen bereiken zal dit volgens reclamant problemen op gaan leveren. 10 t/m 14 c
Reclamant geeft aan dat in het ontwerp be-
De gemeente heeft met de ontwikkelaar een samenwerkingsovereen-
stemmingsplan wordt gesteld dat het plan
komst gesloten. In deze overeenkomst zijn bepalingen opgenomen die
Geen gevolgen voor het bestemmingsplan.
economisch uitvoerbaar is omdat er met de
moeten garanderen dat de ontwikkelende partij over voldoende financiële
ontwikkelende partij een anterieure exploita-
middelen beschikt. Daarnaast is bepaald dat de ontwikkelende partij niet
tieovereenkomst zou zijn gesloten. Daarmee
zonder toestemming van de gemeente haar verplichtingen kan overdragen
is echter het verhaal van kosten niet per se
aan een derde partij. Ten aanzien van planschade en nadeelcompensatie
verzekerd. Er wordt gesteld dat er niet onder-
zijn in de samenwerkingsovereenkomst ook afspraken gemaakt over wie
bouwd of toegelicht wordt dat die ontwikke-
welke kosten op zich neemt. De gemeente is van mening dat met het af-
lende partij over voldoende financiële midde-
sluiten van deze samenwerkingsovereenkomst tussen gemeente en ont-
len beschikt, terwijl dat wel moet worden ze-
wikkelaar de economische uitvoerbaarheid is gegarandeerd.
ker gesteld. Daarbij moet in het oog gehouden worden dat de mogelijkheid bestaat dat na vaststelling van het bestemmingsplan en het verlenen van de vergunning de initiatiefnemer het "project" verkoopt aan een derde partij. Aan reclamant kan niet blijken dat de afbouw van het project voldoende gegarandeerd in die anterieure overeenkomst en is het kostenverhaal ( w.o. eventueel planschade van omwonenden en aangrenzende bedrijven ) gegarandeerd? Zienswijze 15
Reclamant 2 bij brief van 3 januari 2024
15a
Reclamant maakt zich zorgen over de om-
De ontwikkeling van de Stationstuinen met 3.500 woningen maakt onder-
vang en hoeveelheid woningbouw zoals mo-
deel uit van de Regionale Realisatieagenda Wonen van de provincie Zuid-
menteel beoogd wordt in het bestemmings-
Holland. In dat kader zijn tussen het rijk, provincie en gemeenten afspra-
plan omdat hij van mening is dat dit ten koste
ken gemaakt over de locaties van en het aantal nieuw te bouwen wonin-
gaat van de leefbaarheid, veiligheid en toe-
gen.
komst van Barendrecht en alle Barendrechters.
Het is een bewuste keuze van de gemeente geweest om aan de oostelijke zijde van het spoor te bouwen aan “het nieuwe groene dorp van morgen. Een bruisende plek waar wonen, werken, leren en recreëren samenkomen. De nieuwe wijk biedt straks ruimte aan circa 3.500 nieuwe woningen
Geen gevolgen voor het bestemmingsplan.
met voorzieningen, bedrijven, onderwijs, horeca en recreatie op hoog niveau. De Stationstuinen levert een aanzienlijke bijdrage aan de toekomst van Barendrecht, maar ook aan de regio” (citaat uit de Woonvisie 2023 2027 van de gemeente. Gelet op deze doelstelling en de omvang van het te herontwikkelen gebied kan het niet anders dan dat er hoog gebouwd gaat worden om het beoogde programma daadwerkelijk te kunnen realiseren. De gemeente wil dit ook graag. Inderdaad zal de omgeving aanzienlijk veranderen. Maar naar de overtuiging van de gemeente: ten goede. En daarbij zijn alle belangen, dus ook die van de bewoners aan de westzijde van het spoor, zorgvuldig meegewogen. Zienswijze 16
Wouda vastgoed B.V. bij brief van 6 febru-
Zienswijze 17
Gemeente Ridderkerk
17a
Algemene opmerkingen
Om te voorkomen dat zaken dubbelop aan de orde komen is er voor geko-
De toelichting van het bestemmingsplan is
Het college van B&W stelt dat in de plantoe-
zen om in sommige gevallen rechtstreeks te verwijzen naar het onderzoek
naar aanleiding van de zienswijze verduide-
lichting vaak wordt verwezen naar bijlagen.
zelf.
lijkt.
Zienswijze is ingetrokken.
ari 2024
Opgenomen conclusies zijn een samenvatting, maar zonder context – die in de bijlagen
Indien de conclusie uit het onderzoek onvoldoende duidelijk / leesbaar is
is te lezen - niet altijd even begrijpelijk. Advies
hebben we de samenvatting in de toelichting aangevuld
is om een duidelijkere en leesbaardere conclusie op te nemen in de plantoelichting, waarbij men niet de bijlagen hoeft raad te plegen. 17b
De Gemeente Barendrecht heeft adviezen
De opmerkingen van de DCMR zijn uitgebreid besproken met de DCMR.
De toelichting van het bestemmingsplan is
van DCMR Milieudienst Rijnmond ontvangen
Waar nodig is het ontwerpbestemmingsplan en de onderzoeken aange-
naar aanleiding van de zienswijze verduide-
met aandachtpunten voor verbetering van het
past dan wel aangevuld.
lijkt. Ook zijn meerdere regels aangepast, evenals de verbeelding.
ontwerpbestemmingsplan en de MER. Ridderkerk onderschrijft het belang van advisering door DCMR op het ruimtelijk proces en de stukken. Het college van B&W gaat ervan uit dat de gemeente Barendrecht de stukken op basis van het advies van de DCMR aanpast. 17c
In de woningbehoefte wordt aangegeven
De ontwikkeling van de Stationstuinen met 3.500 woningen maakt onder-
3.500 woningen te willen realiseren in totaal.
deel uit van de Regionale Realisatieagenda Wonen van de provincie Zuid-
Dit plan ziet op de toevoeging van 815 wonin-
Holland. In dat kader zijn tussen het rijk, provincie en gemeenten afspra-
gen. Middels een onderbouwing is aangege-
ken gemaakt over de locaties van en het aantal nieuw te bouwen wonin-
ven dat het passend is binnen de behoefte die
gen. Ook over het aandeel sociale huur en betaalbare woningen zijn af-
er op dit moment is binnen de gemeente. Col-
spraken gemaakt. De woningverdeling van de Stationstuinen past binnen
lege van B&W merkt echter op dat een onder-
deze afspraken.
Geen gevolgen voor het bestemmingsplan.
bouwing voor deze behoefte ontbreekt voor de toekomstige fases. Er lijkt sprake te zijn
De regionale Realisatieagenda’s Wonen zijn door alle betrokken gemeen-
van een overcapaciteit: de gemeente wenst
ten ondertekend. Verder wordt verwezen naar pagina 224 van het MER
3.500 woningen te realiseren, daar waar tot
(bijlage 10), waarin ook kort wordt ingegaan op de woningmarktafspraken
2030 maar 1.959 woningen wenselijk zijn. Het
binnen de regio.
college van B&W ziet graag een onderbouwing voor het grotere plan opgenomen, aangezien dit ook van invloed kan zijn op Ridderkerkse woningbouw. 17d
Voor Ridderkerk is de economische bedrijvig-
Naar aanleiding van de zienswijze is door Antea een beschouwing ge-
heid op de bedrijventerrein Veren Ambachten
maakt van de genoemde bedrijventerrein. Op basis van deze beschou-
Nieuw Reijerwaard van belang. In het ont-
wing kan worden aangegeven dat het plangebied op ruime afstand is gele-
werpbestemmingsplan, de MER en de bijlage
gen tot het bedrijventerrein.
'Beoordeling en bedrijven & Milieuzonering' is gekeken naar de huidige bedrijven in de omgeving van het plangebied en daarbij naar de huidige activiteiten. Er is nu ook expliciet gekeken naar de activiteiten die planologisch
Geen gevolgen voor het bestemmingsplan
mogelijk zijn. Bedrijven kunnen op basis van de huidige bestemmingsplannen groeien en uitbreiden. Bij dit onderzoek ligt de focus op bedrijven dichtbij het ontwikkelgebied en is alleen gekeken naar bedrijven op Barendrechts grondgebied. Er is geen aandacht besteed aan bedrijven op Ridderkerks grondgebied. Graag ziet de gemeente Ridderkerk dit beter onderbouwd, waarbij u moet aangeven of Ridderkerkse bedrijven in hun belangen worden geschaad (uitgaande van de planologische mogelijkheden). Het toevoegen van woningen mag namelijk niet ten koste gaan van het economisch belang van Verenambachten Nieuw Reijerwaard. 17e
Als gemeente Ridderkerk vragen wij, gezien
In de Stationstuinen is niet specifiek ruimte gereserveerd of bestemd voor
de eerdere zienswijze op fase 1 van De Stati-
de huisvesting van arbeidsmigranten. De gemeente heeft hiervoor ook nog
onstuinen, nogmaals aandacht voor de huis-
geen specifiek beleid. De gemeente Ridderkerk heeft wel een Nota Ver-
vesting van arbeidsmigranten en om dit regio-
kenning huisvesting arbeidsmigranten Nieuw Reijerwaard/Dutch Fresh
naal of te stemmen. Op die manier weten we
Port opgesteld. Dit stuk is half september ter bespreking aan het college
met zijn allen waar we aan toe zijn. In uw on-
van Barendrecht voorgelegd. In de begeleidende memo (12 september
derbouwing is wel opgenomen minimaal 60%
2024) wordt voorgesteld om te kijken naar een geconcentreerde oplossing
betaalbaar to willen maken, maar onduidelijk
vanuit DFP in De Stationstuinen. De gemeente Barendrecht blijft hierover
is of u daar ook arbeidsmigranten onder ver-
in gesprek met de gemeente Ridderkerk.
staat. Arbeidsmigranten zijn uberhaupt niet benoemd in de plantoelichting. In uw beantwoording op onze ingediende zienswijze op fase 1 van De Stationstuinen. verwijst u zelfs naar een lopend onderzoek naar huisvesting op Nieuw Reijerwaard. Wij wijzen u er graag op dat dit op Ridderkerks grondgebied is en wij graag
Geen gevolgen voor het bestemmingsplan.
samen afspraken maken. De Stationstuinen is in de ogen van het college van Ridderkerk een uitstekende plek om arbeidsmigranten to huisvesten. Mede ook omdat er een compensatieplan is opgesteld om bedrijven van bedrijventerrein Barendrecht Oost uit te plaatsen naar Nieuw Reijerwaard. U wilt woningen realiseren, daar waar ook arbeidsmigranten een plek nodig hebben. U heeft de mogelijkheid die huisvesting te bieden op een plek waar bedrijvigheid en wonen samen gaan en een goede fysieke leefomgeving voor bewoners niet in het geding is. 17f
De aantallen woningen en de functies die er komen (waarvoor u meerdere keren naar de verdeling in het in februari 2022 door u vastgestelde ontwikkelkader verwijst ), bepalen namelijk ook de verkeersaantrekkende werking. En die neemt nog meer toe, met de komst van uw plannen, wat leidt tot opstoppingen op de IJsselmondse Knoop. Ridderkerk vreest daardoor voor sluipverkeer, door met name de wijken Rijsoord en West. Het valt in zijn algemeenheid op dat u nergens een maximum noemt. Niet alleen als het gaat om aantallen woningen, maar ook om toe to voegen andere functies, zoals voorzieningen. In paragraaf 3.1 van de MER beschrijft u dat er problemen te verwachten zijn op de IJsselmondse Knoop en de oprit van de A15 richting Nijmegen. Als oplossingsrichting geeft u
Zie de beantwoording onder 8e.
Geen gevolgen voor het bestemmingsplan.
aan dat binnen de MIRT-verkenning Oeververbinding Rotterdam onderzoek gedaan wordt naar maatregelen. Dit zijn maatregelen op een lange termijn, die binnen de realisatietermijn van de ontwikkellocatie mogelijk nog geen oplossing bieden. We vragen u daarom zelf actief met dit knelpunt aan de slag te gaan. Het college van de gemeente Ridderkerk verwacht dat het onderzoek en maatregelen worden uitgewerkt, voordat het vast te stellen bestemmingsplan ter inzage gaat. In paragraaf 3.2.2 benoemt u twee nieuwe locaties voor te compenseren bedrijventerrein, naast het restaurant de Beren. Die beide locaties liggen bij de IJsselmondse Knoop en betekenen wederom een extra verkeersaantrekkendewerking. De ervaring leert dat de Dierensteinweg een druk punt is richting de IJsselmondse Knoop. Bent u ook van plan om de Dierensteinweg aan te passen, ten behoeve van een goede doorstroming op de IJsselmondse Knoop? Vooral omdat blijkt uit paragraaf5.1 onder het kopje Verkeer, dat de capaciteit op de Dierensteinweg door De Stationstuinen al toeneemt. 17g
In Nieuw Reijerwaard ligt het Van der Valk
Bij de nadere uitwerking van het plan is geconstateerd dat binnen het
Artikel 4.1 sub d van de regels zal worden
Hotel Ridderkerk. Zij hebben uitbreidingswen-
plangebied van ‘De Stationstuinen 2e fase’ geen ruimte is voor een hotel.
verwijderd.
sen om 56 kamers toe te voegen aan het be-
Om die reden zal de mogelijkheid tot de vestiging van een hotel worden
staande hotel. De vraag is of het onderzoek
verwijderd uit het bestemmingsplan.
naar de behoefte van een hotel in de Stationstuinen ook uitgaat van de uitbreiding van
het Van der Valk Hotel Ridderkerk. Zo niet. dan zien we die uitbreiding graag toegevoegd aan het onderzoek naar de haalbaarheid van een hotel in de Stationstuinen.
Zienswijze 18
Berkman Beheer B.V.
18a
Op 18 april 2023 is door de gemeenteraad
In het voorbereidingsbesluit is aangegeven wat de doelstelling is van het
een voorbereidingsbesluit vastgesteld om te
voorbereidingsbesluit. Namelijk: het beperken van de vestigingsmogelijk-
voorkomen dat er zonder gedegen ruimtelijke
heden voor supermarkten tot enkel de centra en het stellen van nadere ei-
afweging nieuwe supermarkten gevestigd
sen voor nieuwbouw en uitbreiding hierbinnen. Hiermee wordt overlast be-
zouden worden op locaties met bestemming
perkt en streven we naar een toegankelijke en aantrekkelijke openbare
op het grondgebied van de gemeente Barend-
ruimte in de centra van de gemeente Barendrecht. Daarbij kan er een dui-
recht. Een dergelijk afwegingskader moest er
delijk beeld komen van de samenhang tussen de centra.
komen, om gedegen besluiten te kunnen nemen bij individuele verzoeken tot het realise-
Het voorbereidingsbesluit geldt voor het gehele grondgebied van de ge-
ren van nieuwe supermarkten.
meente Barendrecht. Dit betekent dat nergens in Barendrecht nieuwbouw
In het ontwerpbestemmingsplan ‘Stationstui-
en uitbreiding van supermarkten mogelijk is. In het voorbereidingsbesluit
nen, 2e fase’ wordt ruimte geboden voor het
zijn wel uitzonderingen gemaakt voor enkele gebieden, waaronder de Sta-
realiseren van een supermarkt tot 2.000 m²
tionstuinen:
bvo. Het hiervoor genoemde, noodzakelijk geachte afwegingskader is er echter niet. Bijlage 15 van de toelichting van het bestemmingsplan is de toets aan de ladder voor duurzame verstedelijking van de voorzieningen die in de 2e fase Stationstuinen komen. In die bijlage is op pagina 10 dit ook expliciet weergegeven: ‘Mede naar aanleiding hiervan is een voorbereidingsbesluit genomen om aan te geven dat
In aanvulling op de aanwezige dorps- en wijkcentra wordt het kerngebied van De Stationstuinen toegevoegd. Dit wordt een nieuw gemengd gebied met naast 3.000 tot 4.000 woningen ook tal van voorzieningen. En supermarkt hoort daarbij, maar wel op de juiste plek. Deze supermarkt is er enkel ten behoeve van deze wijk en wordt dus maar in een beperkt deel van De Stationstuinen toegestaan. In het Koersdocument De Stationstuinen is in 2019 de ambitie voor het gebied vastgelegd. In 2020 is het Koersdocument uitgewerkt naar de Gebiedsvisie voor De Stationstuinen, die in december 2020 unaniem door de gemeenteraad is vastgesteld. Als verdere uitwerking van de Gebiedsvisie
Geen gevolgen voor het bestemmingsplan.
de gemeente bezig gaat met een afwegings-
is het Ontwikkelkader opgesteld en vastgesteld (2022) door de gemeente-
kader voor supermarktinitiatieven.’
raad. In het Ontwikkelkader is aangegeven dat er ruimte is aan een supermarkt binnen het gebied van de Stationstuinen met daarbij diverse advie-
Wellicht is de gemeente aan de gang gegaan met zo’n afwegingskader, maar het is in ieder geval nog niet vastgesteld. En ook niet kenbaar voor reclamant. Het is van groot belang dat er eerst een breder afwegingskader wordt vastgesteld, waarin keuzes worden gemaakt inzake de boodschappenstructuur van Barendrecht. Gezien het voorbereidingsbesluit had dit ook wel verwacht mogen worden. In het afwegingskader moeten belangen van diverse partijen worden meegenomen. Al dan niet aanwezige marktruimte moet zorgvuldig onderbouwd worden aangewend. Er moeten vragen worden beantwoord als: Wordt in dat kader primaat gegeven aan versterking van bestaande locaties door uitbreiding of ingezet op nieuwvestiging? Waar in Barendrecht ligt de grootste behoefte aan uitbreiding? Welke locaties zijn toekomstbestendig en welke zijn kwetsbaar? Welk scenario biedt de meest gunstige effecten voor de volledige boodschappenstructuur? Het plan van de voorziene supermarktfunctie in De Stationstuinen is niet ingebed in een bredere visie, terwijl alle belanghebbenden binnen de boodschappenstructuur van Barendrecht dit wel verwachten. Binnen een breder afwegingskader zouden mogelijk andere
zen en aandachtspunten.
keuzes worden gemaakt. Nu er de ruimtelijke keuze wordt gemaakt tot het toestaan van een supermarkt, zonder gedegen afwegingskader, is er sprake van het ontbreken van een goede ruimtelijk ordening. Dit is uiterst onzorgvuldig en tast de rechtszekerheid van belanghebbenden aan. 18b
Op 15 december 2020 is de gebiedsvisie voor
De gemeente heeft altijd aangegeven een concreet voorstel van reclamant
De Stationstuinen vastgesteld. De bedrijfslo-
te willen beoordelen. De gemeente heeft echter geen concreet uitgewerkt
catie van reclamant vormt onderdeel van het
voorstel ontvangen. In het bestemmingsplan is onderzocht en verantwoord
plangebied van deze gebiedsvisie. Berkman
dat een supermarkt binnen de Stationstuinen op deze locatie haalbaar en
is daarna actief aan de gang gegaan met
wenselijk is.
planvorming van o.a. een supermarkt. Er is een distributieplanologisch onderzoek uitgevoerd en er is een schetsplan gemaakt. Er is contact gezocht met de gemeente hierover en reclamant heeft zich ook aangemeld als partij die betrokken zou willen worden bij de verdere ontwikkeling van de planvorming van de Stationstuinen en de daarin te realiseren voorzieningen. Er zijn weliswaar enkele gesprekken geweest met vertegenwoordigers van de gemeente, maar die hadden een afhoudend karakter. Er is ook verwezen naar het plan om eerst een ruimer afwegingskader te maken en pas daarna besluitvorming te plegen ten aanzien van o.a. een supermarkt. Het heeft reclament verrast dat er in het plangebied van Stationstuinen 2e fase nu toch al een supermarkt is opgenomen. Reclamant heeft het verloop van
Geen gevolgen voor het bestemmingsplan.
dit proces in een brief op schrift gesteld. Deze brief is als bijlage bij deze zienswijze gevoegd. In de ogen van reclamant is er op zijn minst onzorgvuldig gehandeld in diens richting. De huidige ontwikkelingen zijn voor Berkman teleurstellend, hij vertrouwde er op dat hij mede gesprekspartner was van de gemeente bij de ontwikkeling van voorzieningen. 18c
Belangrijk uitgangspunt is dat De Stationstui-
De locatie van de supermarkt is in het bestemmingsplan vastgesteld. Deze
nen autoluw moeten worden. Het realiseren
zal geconcentreerd worden op de locatie van een mobility hub. Door het
van een supermarktfunctie van 2.000 m² bvo
concentreren van deze functies wordt voorkomen dat de verkeersaantrek-
is in strijd met dit uitgangspunt. Een super-
kende werking van de supermarkt een negatief effect heeft op de overige
markt van deze schaalgrootte realiseert bijna
deelgebieden van de Stationstuinen.
per definitie een bovenlokaal verzorgingsbereik en heeft daarmee een verkeersaantrek-
Ten aanzien van de zienswijze op de bredere visie wordt verwezen naar
kende werking (onnodige
de beantwoording onder 18a.
mobiliteitsbewegingen). De supermarktlocatie zal autovriendelijk ontsloten moeten worden en er zal sprake moeten zijn van voldoende parkeerplaatsen. Niet gekeken is naar een bredere visie waarbij de behoefte aan volwaardig supermarktaanbod wordt opgevangen binnen de bestaande structuur en/of op een locatie die daartoe veel beter geoutilleerd is. Gelet op de aanwezige marktruimte voor supermarktaanbod liggen hier grote kansen. De
Geen gevolgen voor het bestemmingsplan.
voorziene supermarktfunctie in De Stationstuinen wordt daarmee wezenlijk (ruimtelijk functioneel) onderdeel van een bredere boodschappenstructuur. Dit draagt bij aan de toekomstbestendigheid van de winkelstructuur en zorgt voor een groter draagvlak voor de gebiedsontwikkeling van De Stationstuinen. In dit kader kan gedacht worden aan een ‘model’ waarbij in het plangebied van De Stationstuinen sprake is van een lokale supermarktfunctie (maximaal 1.250 m² bvo) met een sterke rol als mandjeswinkel (autogebruik laag) als ondersteuning van een grotere supermarkt (bestaand of nieuw) op een strategische locatie die van meerwaarde is voor de totale winkelstructuur. 18d
De al eerder gememoreerde bijlage 15 (BRO:
In de ladderonderbouwing voor de Stationstuinen 2e fase is inzichtelijk ge-
Ladder voorzieningen Stationstuinen, 2e fase)
maakt wat de marktbehoefte is voor detailhandel in de dagelijkse (en niet-
overschat de (toekomstige) marktruimte voor
dagelijkse) sector. Op basis van de verwachte bevolkingsgroei in het ge-
supermarktaanbod. Dit heeft dan weer tot ge-
bied en de (naar inkomen gewogen) gemiddelde bestedingen in de dage-
volg dat hierdoor mogelijke effecten voor be-
lijkse en niet-dagelijkse sector, betekent dit substantieel autonoom econo-
staande supermarktlocaties op diverse fron-
mische draagvlagvlak in De Stationstuinen. Appellant heeft verder ook niet
ten worden onderschat. Dit raakt direct de
onderbouwd op welke punten er sprake is van een overschatting van de
rechtszekerheid van belanghebbenden bin-
toekomstige marktruimte.
nen de boodschappenstructuur, des te meer, omdat de onderbouwing in een bredere con-
Ten aanzien van de zienswijzen op de ‘bredere context’ wordt verwezen
text (lees: een gedegen afwegingskader) ont-
naar de beantwoording onder 18a.
breekt of onvolledig is. En dit is dan weer in tegenspraak met de reden waarom indertijd het al genoemde voorbereidingsbesluit is
Geen gevolgen voor het bestemmingsplan.
vastgesteld. De gemeente straalt met het genomen voorbereidingsbesluit uit dat het zorgvuldig wil omgaan met supermarktvraagstukken, maar handelt in het geval van De Stationstuinen juist onzorgvuldig. Ter onderbouwing van de voorziene supermarkt in De Stationstuinen worden ruimtelijke kaders opgerekt waar deze beperkt worden elders in Barendrecht zonder onderbouwing.
2
Wijzigingen in ontwerpbestemmingsplan
2.1
Wijzigingen in de regels en de verbeelding
De zienswijzen en ambtshalve opmerkingen hebben geleid tot wijzigingen van de regels en de verbeelding van het bestemmingsplan. Het gaat om de volgende wijzigingen: 1.
2.
3.
4. 5. 6. 7. 8.
9.
De volgende begrippen zijn gewijzigd, aangevuld of toegevoegd: a. bedrijf; b. beroep aan huis; c. dove gevel; d. maatschappelijke voorziening; e. mobility hub. Lid 4.1 is op de volgende punten gewijzigd: a. het aantal woningen in sub a is gewijzigd naar maximaal 850 woningen; b. detailhandel in sub b is gewijzigd naar maximaal 1.350 m2 bvo en dat detailhandel uitsluitend is toegestaan binnen de aanduiding ‘specifieke vorm van gemengd – detailhandel’. Hierdoor is ook de bepaling dat detailhandel in de mobility hub is toegestaan niet meer relevant. Voor supermarkt is de omvang gewijzigd naar 2.000 m2 bvo. Hierdoor is de afwijkingsbevoegdheid opgenomen in lid 4.5 sub b niet meer noodzakelijk. Deze is om die reden verwijderd. Daarnaast is de omvang aan detailhandelsvoorzieningen tussen fase 1 en 2 geborgd; c. hotel is uit de bestemmingsomschrijving geschrapt; d. voor kantoren is een aanvulling gemaakt dat deze zijn toegestaan in een cluster van niet meer dan 5 vestigingen met een maximum omvang van 1.000 m2 per kantoorvestiging. Lid 4.2.1 is op de volgende punten gewijzigd: a. de regeling voor opbouwen is aangescherpt zodat deze consistent is met het beeldkwaliteitsplan; b. er is een extra regeling opgenomen dat een extra bouwlaag mag worden gerealiseerd, mits elders een lagere bouwhoogte wordt gerealiseerd; c.
de regeling voor balkons is aangescherpt zodat het verschil van balkons binnen en buiten het bouwvlak duidelijk is. Lid 4.2.2 is aangescherpt om de bouwhoogte van eventuele geluidschermen in lijn te brengen met het akoestisch onderzoek. Hierdoor is de afwijkingsbevoegdheid in lid 4.3 sub c eveneens aangepast. Lid 4.2.2 sub c is aangepast zodat het aantal grondgebonden woningen minimaal 10% bedraagt van het maximum toegestane aantal woningen. In lid 4.4.3 is opgenomen dat de regels voor niet-woonfuncties ook geldt voor bestaande bedrijven binnen het plangebied. Lid 4.4.5 is gewijzigd zodat de regeling aansluit op het nieuwe parkeerbeleid wat is vastgesteld voor de Stationstuinen. Lid 4.4.6 is ten behoeve van de leesbaarheid redactioneel gewijzigd. Naar aanleiding van de aanpassing van het akoestisch onderzoek zijn er extra regels opgenomen. In de lid is tevens een afwijkingsbevoegdheid opgenomen voor de situatie dat op de gevels van woningen en/of geluidgevoelige objecten een hogere geluidbelasting aanwezig is en dat er aanvullende akoestische maatregelen moet worden genomen. In lid 4.6 is een wijzigingsbevoegdheid opgenomen voor het realiseren van woningen en/of geluidgevoelige objecten binnen de aanduiding mobility hub – 2.
2.2
Wijzigingen in de toelichting
De zienswijzen en ambtshalve opmerkingen hebben ook geleid tot wijzigingen in de toelichting en de bijlagen behorende bij de toelichting van het bestemmingsplan. Het gaat om de volgende wijzigingen: 1. Redactionele wijzigingen in de toelichting. 2. Voor het onderdeel verkeer en parkeren zijn de teksten in de toelichting verduidelijkt en aangevuld. 3. De volgende bijlagen van de toelichting zijn aangepast c.q. updates: a. bijlage 10 akoestisch onderzoek; b. bijlage 13 stikstofonderzoek; c. bijlage 15 ladder voorzieningen; d. bijlage 16 ladder hotel is verwijderd; e. bijlage 17 (nieuw 16) aanvulling MER; f. bijlage 18 (nieuw 17) verkeersgeneratie. De toelichting is aangepast c.q. aangevuld naar aanleiding van deze gewijzigde rapporten. 4. Het toevoegen van de volgende bijlagen: a. bijlage 20 nota zienswijzen; b. bijlage 21 deelrapport parkeren; c. bijlage 22 parkeerbeleid de Stationstuinen. De toelichting is aangepast c.q. aangevuld naar aanleiding van deze nieuwe bijlagen